Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

2.1 Overzicht belangrijkste suppletoire mutaties 2017 (Eerste suppletoire begroting)(bedragen x € 1.000)

Suppletoire mutaties 2017 (Eerste suppletoire begroting) (in € mln.)
   

Artikel

Uitgaven

Ontvangsten

Stand ontwerpbegroting

 

7.994,4

246,8

Stand vastgestelde begroting 2017

 

7.994,4

246,8

         

Kaderrelevante mutaties

       

1.

Hydrologische maatregelen

13

5,0

5,0

2.

Ontvangst grondverkoop EZ

13

– 5,9

 

3.

NS Sociale Veiligheid

16

5,7

 

4.

Eindafrekening NS ERTMS pilot

16

2,7

2,7

5.

HGIS

19

1,1

3,9

6.

NaNoReg

22

1,8

1,8

7.

Overboekingen IF/DF naar PF/GF/BCF

26

– 70,1

 

8.

Generale kasschuif IF/DF

26

– 300,0

 

10.

Regeringsvliegtuig

97

90,0

 

11.

Surplus eigen vermogen agentschappen

98

5,4

5,4

12.

Surplus eigen vermogen RVB

98

3,4

 

13.

Ontvangsten bedrijfsvoering agentschappen

98

5,9

5,9

14.

PBL – opdrachten derden

98

2,0

2,0

15.

Eindejaarsmarge

99

17,8

 

16.

Nominaal en onvoorzien

     
 

– Compensatie herstelopslag ABP

99

8,4

 
 

– Loon- en prijsbijstelling

99

113,5

 

17.

Overige mutaties

div.

– 9,2

2,5

Stand 1e suppletoire begroting

 

7.871,7

276,0

Toelichting
1. Hydrologische maatregelen

Conform bestuurlijke afspraken uit het Begrotingsakkoord 2013 wordt in totaal € 30 miljoen vrijgemaakt vanuit de opbrengsten van grondverkopen door de RVO (Economische Zaken) voor het uitvoeren van hydrologische maatregelen door de provincies. De ontvangsten bedragen in 2017 € 5 miljoen. Deze opbrengsten worden via het Provinciefonds ingezet ten behoeve van hydrologische maatregelen. Zie ook de toelichting bij ad 2.

2. Ontvangst grondverkoop EZ

Vanaf 2016 worden de opbrengsten uit de grondverkoop door EZ (RVO) in relatie tot de bufferzones via artikel 13 Ruimtelijke ontwikkeling overgeboekt naar het Provinciefonds, waarbij de middelen worden ingezet ten behoeve van hydrologische maatregelen (zie ook de toelichting bij ad 1). Bij deze Eerste suppletoire wet wordt daarom € 5,9 miljoen overgeboekt naar het Provinciefonds.

3. NS Sociale Veiligheid

Op de begroting Hoofdstuk XII worden uitgaven verantwoord om de sociale veiligheid op en rond het spoor van zowel NS-personeel als reizigers te vergroten. Hiertoe wordt in de jaren 2017 en 2018 in totaal € 9,3 miljoen overgeheveld vanuit het Infrastructuurfonds naar de begroting Hoofdstuk XII. Voor 2017 wordt bij deze Eerste suppletoire wet wordt € 5,7 miljoen overgeboekt.

4. Eindafrekening NS ERTM pilot

Voor de inmiddels afgeronde pilot ERTMS Amsterdam-Utrecht heeft de NS de afgelopen jaren en in 2017 een bijdrage van totaal € 30,0 miljoen ontvangen van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Deze bijdrage is gefinancierd uit het Infrastructuurfonds. De pilot is inmiddels afgerond en vanwege de afrekening zal het Ministerie van Infrastructuur en Milieu een bijdrage ontvangen van de NS (€ 2,7 miljoen). Na de verwerking van deze eindafrekening zal het restant worden teruggeboekt naar de investeringsruimte Spoor op het Infrastructuurfonds.

5. Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS)

IenM droeg tot en met 2014 bij aan het Clean Development Mechanism (CDM)-programma. Dit programma beoogde een bijdrage te leveren aan het realiseren van de Kyoto-doelstellingen door middel van het ontwikkelen en onderling verbinden van CO2– markten. Na afronding van het CDM-programma is nog € 8,4 miljoen beschikbaar, waarvan € 5,9 miljoen in 2016 en € 2,5 miljoen in 2017. Deze middelen worden ingezet voor de programma’s Partnership for Market Readiness (PMR) en Carbon Pricing Leadership Coalition (CPLC). Van de aanvankelijk voor 2016 geraamde ontvangst van € 5,9 miljoen is in 2016 € 2 miljoen ontvangen. De resterende € 3,9 miljoen zal in 2017 worden ontvangen.

De uitgaven (€ 1,1 miljoen) hebben met name betrekking op het programma Partners voor Water. De beschikbare middelen worden onder andere ingezet voor de doelstelling om het handelsklimaat en het internationaal ondernemen te stimuleren in een aantal partnerlanden, de bouw van het Galileo Reference Centre (GRC) en een bijdrage aan Indonesië voor het opzetten en uitvoeren van een systeem van emissieregistratie.

6. NaNoReg

Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu ontvangt een bijdrage van de Europese Commissie voor het programma NaNoReg. Het NANoREG-programma levert kennis op omtrent de veiligheid van nanomaterialen.

7. Overboekingen IF/DF naar PF/GF/BCF

Dit betreft met name overboekingen naar het Provinciefonds, Gemeentefonds en het BTW-compensatiefonds vanuit het Infrastructuurfonds voor het programma Beter Benutten (€ 47,4 miljoen), Regionet (€ 5,5 miljoen) en de A58 Aansluiting Goed (€ 4,5 miljoen). Daarnaast zijn er overboekingen vanuit het Deltafonds voor de projecten Vismigratie (€ 3,5 miljoen) en IJsseldelta fase 2 (€ 6,1 miljoen).

8. Generale kasschuif IF/DF

Dit betreft een kasschuif via de het generale beeld om € 250 miljoen op het Infrastructuurfonds van 2017 naar 2018 (€ 60 miljoen) en 2019 (190 miljoen) te schuiven en € 50 miljoen op het Deltafonds van 2017 naar 2019. Aangezien de voeding van het Infrastructuurfonds en het Deltafonds via artikel 26 loopt, wordt deze kasschuif ook op Hoofdstuk XII zichtbaar. Zie voor meer toelichting de Eerste suppletoire wet 2017 van het Infrastructuurfonds en het Deltafonds.

9. BDU regionet

Dit betreft een overboeking in verband met een bijdrage aan de Metropoolregio Amsterdam voor het maatregelenpakket Regionet (Cuyperstrap en PEAT) (€ 5,5 miljoen).

10. Regeringsvliegtuig

Op de begroting van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu is er in totaal € 90 miljoen gereserveerd voor de aanschaf van het nieuwe regeringsvliegtuig. Hiervan wordt € 50 miljoen bij de Eerste suppletoire wet 2017 toegevoegd aan Hoofdstuk XII en komt € 40 miljoen uit de niet bestede reservering van 2016.

11. Surplus eigen vermogen agentschappen

Het eigen vermogen van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en de Nederlandse Emissie Autoriteit (NEa) was in 2016 groter dan het maximum van 5 procent van de jaaromzet zoals vastgesteld in de Regeling agentschappen. Het surplus aan eigen vermogen van de ILT (€ 4,8 miljoen) en de NEa (€ 0,6 miljoen) is afgeroomd en toegevoegd aan de begroting van IenM.

12. Surplus eigen vermogen Rijksvastgoedbedrijf (RVB)

Het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) heeft een positief saldo behaald. Het netto surplus aan vermogen van oud-RGD wordt terug gegeven aan de opdrachtgevers/departementen. Het aandeel van IenM bedraagt € 3,4 miljoen.

13. Ontvangsten bedrijfsvoering agentschappen

IenM ontvangt € 5,9 miljoen van de agentschappen (met name RWS en ILT) voor centraal betaalde uitgaven voor ICT en facilitaire dienstverlening. De interne verrekening hiervan vindt plaats door middel van facturering.

14. Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) – opdrachten derden

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) verwacht meer ontvangsten in 2017. Het betreft onder andere de financiering van diverse EU-onderzoeksprojecten (€ 1,7 miljoen). Daarnaast betreft het een bijdrage van de United Nations Environment Programme (UNEP) aan het onderzoek TSU-IPBES (€ 0,3 miljoen).

15. Eindejaarsmarge

Bij de Eerste suppletoire wet 2017 wordt de eindejaarsmarge van 2016 toegevoegd aan de begroting voor 2017. Voor IenM bedraagt deze € 17,8 miljoen.

16. Nominaal en onvoorzien

Dit betreft de compensatie voor de pensioenpremiestijging van het ABP en de toegekende loon- en prijsbijstelling tranche 2017. Deze middelen worden toegevoegd aan artikel 99 Nominaal en onvoorzien van de begroting van Infrastructuur en Milieu en worden bij Ontwerpbegroting 2018 nader toegedeeld binnen de begrotingen Hoofdstuk XII en het Infrastructuurfonds en het Deltafonds.

Licence