Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

2. Deltafondsagenda

Werken aan waterveiligheid, zoetwatervoorziening en waterkwaliteit vraagt continu inspanningen en investeringen. Deze worden verantwoord in het Deltafonds. Het aantal mensen en de waarde van het te beschermen goed veranderen onder invloed van economische en demografische ontwikkelingen. Ook water en bodem veranderen in de loop van de tijd; de zeespiegel stijgt en de bodem daalt. Door de klimaatverandering wordt het warmer en zullen rivierafvoeren en regenval grotere extremen vertonen.

Het Deltaprogramma is het nationale programma waarin Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen samenwerken om Nederland veilig en aantrekkelijk te houden en goed te blijven voorzien van zoetwater. Zo kan onze economie blijven profiteren van de gunstige ligging in de delta.

Het Deltaprogramma heeft als doel ons land nu en in de toekomst te beschermen tegen hoogwater en de zoetwatervoorziening op orde te houden.

Mijlpalen en resultaten 2022

Hieronder wordt ingegaan op de mijlpalen in het lopende programma. Hiermee wordt inzichtelijk gemaakt welke projecten in 2022 worden opgeleverd en bij welke projecten de uitvoering in 2022 start.

Beheer, onderhoud en vervanging

Voor het beheer en onderhoud zijn afspraken over prestaties gemaakt voor het watermanagement en beheer en onderhoud, waaronder kustlijnhandhaving met zandsuppleties, stormvloedkeringen en rijkswaterkeringen zoals dijken, dammen en duinen. Deze afspraken over prestaties zijn nader toegelicht in artikel 3 Beheer, Onderhoud en Vervanging van het Deltafonds. In 2022 wil IenW onder meer de volgende activiteiten in het kader van beheer, onderhoud en vervanging uitvoeren:

Tabel 1 Beheer, onderhoud en vervanging

Hoofdwatersystemen

- Zandsuppleties basiskustlijn

 

- Planfase Maas: vervanging, bediening en besturing

Voor een nadere toelichting op de stand van zaken van beheer, onderhoud en vervanging wordt verwezen naar bijlage 4 Instandhouding van deze begroting.

Aanleg

In 2022 wordt voortvarend gewerkt aan het verbeteren van de waterveiligheid, onder andere door het uitvoeren van het tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma, het Hoogwaterbeschermingsprogramma en Maaswerken. Hieronder volgen de mijlpalen die IenW bij deze programma’s in 2022 wil behalen:

Tabel 2

Programma

Mijlpaal

Project

HWBP-2

Start realisatie

Oplevering

Dijkversterking Eemdijk en Zuidelijke randmeren

HWBP

Start realisatie

Noordzeekanaal (D31 t/m D37)SalmstekeIKJsseldijk Goud (VIJG) spoor 2Krachtige IJsseldijkenKrimpenerwaard (KIJK)Vecht - Stenedijk HasseltStandsdijken Zwolle (15E)Zettingvloeiing V3TSteyl-Maashoek (19D)Buggenum (19O)Lauwersmeer/VierhuizergatIndustrieterrein Grutbroek

 

Oplevering

Aanpak KunstwerkenIJsselpaviljoen ZutphenNoordelijke Randmeerdijk (incl WDOD

Maaswerken

 

Voor de Maaswerken worden in 2022 geen nieuwe prjecten opgestart of bestaande projecten afgerond.

Voor een nadere toelichting over de stand van zaken voor de lopende programma’s wordt verwezen naar de toelichting op de productartikelen, de voortgangsrapportages aan de Tweede Kamer, het Deltaprogramma 2022 en het MIRT Overzicht 2022. Het Deltaprogramma is te vinden op de website1

Begroting op hoofdlijnen

Verlenging looptijd investeringsfondsen tot en met 2035

Bij de begroting 2022 wordt de looptijd van het Deltafonds met een jaar verlengd tot en met 2035. Het niveau van extrapolatie is gelijk aan het jaar 2034 stand begroting 2021 na verwerking van structurele begrotingsmutaties. Daarnaast zijn de structurele bijdragen van derden doorgetrokken. Met de verlenging tot en met 2035 komt in totaal – inclusief structurele ontvangsten – een ruimte van circa € 1,4 miljard beschikbaar op het Deltafonds. Deze ruimte wordt bij voorrang ingezet voor het dekken van de doorlopende verplichtingen, zoals de uitgaven die zijn benodigd voor de instandhouding van het huidige areaal. Hiervoor is in 2035 circa € 1,1 miljard benodigd. De ruimte die in 2035 resteert na aftrek van de doorlopende verplichtingen bedraagt circa € 0,3 miljard en wordt toegevoegd aan de investeringsruimte.

Tabel 3 Belangrijkste beleidsmatige uitgavenmutaties t.o.v. vorig jaar (bedragen x € 1.000)
  

art

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027-2034

2035

Stand ontwerpbegroting 2021

  

1.218.675

1.271.760

1.511.471

1.429.791

1.570.620

1.337.511

10.260.957

 

Mutaties 1e suppletoire begroting 2021

  

154.580

21.244

173.491

23.439

‒ 271.000

0

‒ 70.000

 

Stand 1e suppletoire begroting 2021

  

1.373.255

1.293.004

1.684.962

1.453.230

1.299.620

1.337.511

10.190.957

 

Belangrijkste mutaties

          
           

Kaderrelevante mutaties Deltafonds

          

Extrapolatie 2035

 

Div

       

1.385.472

Loon- en prijsbijstelling 2021

 

Div

23.474

23.264

35.072

33.119

57.615

31.071

248.568

30.541

Desalderingen

 

Div

1.302

11.582

‒ 9.380

‒ 3.598

‒ 2.512

3.535

58.760

5.079

Overboekingen andere begrotingen

 

Div

7.547

575

1.275

1.835

1.835

1.835

1.180

‒ 165

           

Mutaties binnen kaders Deltafonds

          

Impuls zoetwater

 

5.03

   

‒ 10.000

‒ 25.000

‒ 25.000

‒ 40.000

 
  

5.04

   

10.000

25.000

25.000

40.000

 
           

Stand ontwerpbegroting 2022

  

1.405.578

1.328.425

1.711.929

1.484.586

1.356.558

1.373.952

10.499.465

1.420.927

Toelichting

  • Bij de begroting 2022 wordt de looptijd van het Deltafonds met een jaar verlengd tot en met 2035. Het niveau van extrapolatie is gelijk aan het jaar 2034 stand begroting 2021 na verwerking van structurele begrotingsmutaties. Daarnaast zijn de structurele bijdragen van derden doorgetrokken.

  • Loon- en prijsbijstelling 2021: Jaarlijks wordt besloten of de overheidsuitgaven van de Rijksbegroting gecorrigeerd worden voor loon- en prijsontwikkelingen. Dit betreft de toegekende loonbijstelling en prijsbijstelling tranche 2021 die vanuit Hoofdstuk XII wordt overgeheveld naar het Deltafonds.

  • Desalderingen: Deze mutatie betreft een aanpassing van de ontvangsten. De aanpassing betreft met name een actualisatie van de bijdragen derden die gerelateerd zijn aan het hoogwaterbeschermingprogramma.

  • Overboekingen van en naar andere ministeries: de omvangrijkste is; Voor de financiering voor het thema Landbouw Wateren en Voedsel binnen de Missiegedreven Topsectoren en Innovatiebeleid en het project Water4all wordt € 11 miljoen vanuit hoofdstuk XII artikel 11 Integraal waterbeleid overgeheveld naar artikel 1.01.03 Studiekosten.

  • Vanuit de investeringsruimte wordt een impuls € 100 miljoen in de jaren 2024 tot en met 2028 overgeboekt naar de beleidsreservering Zoetwater.

Overprogrammering

Het instrument overprogrammering is door het kabinet ingezet om te zorgen dat de budgetten voor aanleg van infrastructuur zo veel mogelijk tot besteding komen in de jaren waarin deze beschikbaar zijn gesteld. De ervaring leert namelijk dat infrastructuurprojecten kunnen vertragen ten opzichte van de planning, bijvoorbeeld door complexiteit, onvoorziene omstandigheden of een hoog ambitieniveau in de afgegeven mijlpalen. Doordat met overprogrammering wordt gewerkt leiden vertragingen bij individuele projecten niet automatisch tot onderbesteding van het beschikbare budget. Het instrument overprogrammering heeft enkel betrekking op reguliere ramingsonzekerheden binnen projectgrenzen. Onzekerheden van exogene aard kunnen slecht in beperkte mate worden opgevangen met het instrument overprogrammering.

In reactie op moties Kröger en van Eijs (kamerstuk 35 300 XII nr.6) wordt het instrument overprogrammering zoveel mogelijk ingezet en wordt de informatievoorziening uitgebreid. Over de begrotingsperiode tot en met 2026 is per saldo sprake van een overprogrammering van circa € 485 miljoen op het DF. De totale overprogrammering over beide fondsen is circa € 3,9 miljard.

Tabel 4 Totale overprogrammering fondsen (bedragen x € 1.000)

Fonds

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2021-2026

2027-2035

Mobiliteitsfonds

‒ 282

‒ 712

‒ 562

‒ 909

‒ 513

‒ 423

‒ 3.401

3.401

Deltafonds

‒ 51

‒ 37

‒ 65

11

‒ 312

‒ 30

‒ 485

485

Totale overprogrammering

‒ 333

‒ 749

‒ 627

‒ 898

‒ 825

‒ 453

‒ 3.885

3.885

Flexnorm

In de begroting 2018 is de flexnorm geïntroduceerd, waarmee het inzicht in de meerjarige hardheid van de bestuurlijke afspraken is aangescherpt. De flexnorm is een percentage dat aangeeft welk aandeel van de aanlegbudgetten (inclusief investeringsruimte) naar mening van het kabinet flexibel is om bij nieuwe planvorming te betrekken. Het betreft de ruimte binnen de begroting waar nog geen definitieve oplossing is bepaald en gekozen kan worden voor een alternatieve aanwending of oplossing. Overigens geldt ook dat waar wél bestuurlijke afspraken zijn gemaakt, maar er nog geen juridische verplichtingen zijn aangegaan, de budgetten nog altijd onverminderd door de Tweede Kamer te amenderen zijn.

In onderstaande tabel is weergegeven welke budgetten in de begroting 2022 conform hierboven geschetste flexnorm flexibel zijn om bij nieuwe planvorming te betrekken.

Tabel 5 Flexibele budgetten conform flexnorm

Artikelonderdeel

Omschrijving

Budgetten t/m 2035x € 1 miljoen

1.03

Studiekosten

137

2.03

Studiekosten

27

5.03

Investeringsruimte

1.057

5.04

Reserveringen

2.066

7.03

Studiekosten

58

Totaal

 

3.346

Als percentage van de budgetten (inclusief investeringsruimte)

16%

Licence