Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

7.3 Saldibalans per 31 december 2015 van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (XII) en bij die saldibalans behorende toelichting (x € 1.000).

Activa:

 

2015

 

2014

 

Passiva:

 

2015

 

2014

Begrotingsuitgaven

8.702.560

9.899.481

 

Begrotingsontvangsten

305.703

214.963

Liquide middelen

– 

0

– 

0

 

Rekening-courant RHB

– 

8.127.467

– 

9.666.685

Intra-comptabele vorderingen

– 

2.909

– 

5.901

 

Intra-comptabele schulden

– 

5.309

– 

37.511

Extra-comptabele vorderingen

– 

32.158

– 

6.003

 

Tegenrek. extra-comptabele vorderingen

– 

32.158

– 

6.003

Deelnemingen

– 

0

– 

0

 

Tegenrekening deelnemingen

– 

0

– 

0

Leningen u/g

– 

6.646

– 

6.646

 

Tegenrekening leningen u/g

– 

6.646

– 

6.646

Voorschotten

– 

8.205.788

– 

6.793.260

 

Tegenrekening voorschotten

– 

8.205.788

– 

6.793.260

Tegenrek. openstaande verplichtingen

– 

1.587.892

– 

2.626.236

 

Openstaande verplichtingen

– 

1.587.892

– 

2.626.236

Tegenrek. openstaande garantieverplichtingen

– 

120.161

– 

117.526

 

Openstaande garantieverplichtingen

– 

120.161

– 

117.526

Sluitrekening Infrastructuurfonds

– 

0

– 

0

 

Sluitrekening Infrastructuurfonds

– 

207.606

– 

24.166

Sluitrekening Deltafonds

– 

0

– 

37.943

 

Sluitrekening Deltafonds

– 

59.384

– 

0

Totaal-activa

18.658.114

19.492.996

 

Totaal-passiva

18.658.114

19.492.996

7.3.1 Inleiding

Samenstelling

Als een Minister meer dan één begroting beheert, in dit geval Infrastructuur en Milieu (XII), het Infrastructuurfonds en het Deltafonds, wordt per begroting een saldibalans opgesteld. Daarom zijn er drie overzichten opgesteld. Hierbij is gebruik gemaakt van de in de begrotingsadministratie van het SAP vastgelegde gegevensstructuur, waarin voor iedere begroting afzonderlijk een hoofdstuknummer is opgenomen.

Voor de begroting van Hoofdstuk XII, het Infrastructuurfonds en het Deltafonds worden geen gescheiden administraties gevoerd waardoor posten die niet zonder meer toewijsbaar zijn aan een bepaalde begroting, zijn opgenomen in de saldibalans van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (XII).

Daarmee is de saldibalans volgens het gestelde in de RDB samengesteld.

Uitzonderingen daarop zijn de leningen u/g en de openstaande garantieverplichtingen. Hoewel deze een onderdeel vormen van de extra-comptabele vorderingen respectievelijk de openstaande verplichtingen zijn deze omwille van de inzichtelijkheid afzonderlijk gepresenteerd.

7.3.2 Activa
7.3.2.1 Begrotingsuitgaven € 8.702.560

Grondslag

De begrotingsuitgaven van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (XII) sluiten aan op de Rekening. Ze zijn artikelsgewijs verdeeld in kolom 2 (realisatie) van de Rekening van het ministerie welke Rekening als verantwoordingsstaat bij de financiële verantwoording behoort.

7.3.2.2 Intra-comptabele vorderingen € 2.909

De cijfers

Tabel 1 geeft een nadere detaillering in aantallen en openstaande bedragen per 31 december 2015 verdeeld naar ouderdom. Daarnaast is een meerjarig historisch perspectief gegeven door de jaren 2013 en 2014 te vermelden.

Tabel 2: Intra-comptabele vorderingen (bedragen x € 1.000)

Openstaand

2015

 

2014

 

2013

 
 

aantal

bedrag

aantal

bedrag

aantal

bedrag

posten ≤ 1 jaar

55

2.517

90

4.349

115

2.461

posten > 1 jaar

5

392

45

1.552

210

936

Totaal

60

2.909

135

5.901

325

3.397

Toelichting

Alle intra-comptabele vorderingen zijn als direct opeisbaar beschouwd.

7.3.2.3 Extra-comptabele vorderingen € 32.158

De cijfers

Tabel 2 geeft een nadere detaillering in aantallen en openstaande bedragen per 31 december 2015 verdeeld naar ouderdom. Daarnaast is een meerjarig historisch perspectief gegeven door de jaren 2013 en 2014 te vermelden.

Tabel 2: Extra-comptabele vorderingen (bedragen x € 1.000)

Openstaand

2015

 

2014

 

2013

 
 

aantal

bedrag

aantal

bedrag

aantal

bedrag

posten ≤ 1 jaar

85

31.189

30

1.025

75

3.230

posten > 1 jaar

10

969

25

4.978

100

7.799

Totaal

95

32.158

55

6.003

175

11.029

Toelichting

De extra-comptabele vorderingen zijn deels direct opeisbaar. Daar waar sprake is van dubieuze vorderingen of op termijn opeisbare vorderingen, is dat expliciet vermeld.

Toelichting

Artikel 13 Ruimtelijke ontwikkeling

Een vordering op het Ministerie van Economische Zaken van € 30 miljoen staat open met betrekking tot de overdracht van opbrengsten uit de verkoop van BBL-bezit (Bureau Beheer Landbouwgronden) in de voormalige Rijksbufferzones. Ontvangst zal in 2016 plaatsvinden.

7.3.2.4 Deelnemingen € 0

Grondslag

De verworven aandelen door de Staat der Nederlanden in privaatrechtelijke ondernemingen en nationale instellingen zijn, conform de RDB, tegen de oorspronkelijke aankoopprijs extra-comptabel vastgelegd.

De cijfers

Tabel 3 geeft de deelnemingen weer per privaatrechtelijke onderneming of nationale instelling.

Tabel 3: Deelnemingen (x € 1.000)

Naam

Bedrag

NAATC NV

0

Winair NV St. Maarten

0

Totaal

0

Toelichting

Bij het opheffen van het land Nederlandse Antillen zijn middels het Rijksbesluit rechtsopvolging burgerlijke rechten en verplichtingen Nederlandse Antillen afspraken gemaakt over de overgang van de aandelen naar de rechtsopvolger(s).

De Nederlandse Staat heeft een belang verkregen in een drietal deelnemingen. Voor de deelnemingen in Netherlands Antilles Air Traffic Control (NAATC) NV en Winair NV St. Maarten is het Ministerie van IenM beleidsverantwoordelijk.

Het aandelenkapitaal van Winair NV St. Maarten bedraagt 560.000 US dollar en van Netherlands Antilles Air Traffic Control (NAATC) NV 100 Antilliaanse guldens. Het deelnemingspercentage in beide ondernemingen bedragen 7,95 en zijn «om niet» verkregen.

7.3.2.5 Leningen u/g € 6.646

Grondslag

De door IenM verstrekte geldleningen (niet zijnde voorschotten) zijn afzonderlijk weergegeven. Deze leningen worden, gezien het specifieke karakter, zowel op korte termijn opeisbare vorderingen, als op lange termijn opeisbare vorderingen beschouwd.

De cijfers

Tabel 4 geeft de openstaande bedragen van de verstrekte geldleningen per geldnemer weer.

Tabel 4: Leningen u/g (x € 1.000)

Naam

Bedrag

Luchtverkeersleiding Nederland

6.646

Totaal

6.646

Toelichting

Bij de verzelfstandiging per 1 januari 1993 van de directie Luchtverkeersbeveiliging, vanaf 2000 LVNL geheten, is onder meer afgesproken, dat het saldo van de over te dragen activa en passiva wordt gefinancierd door een door de Staat der Nederlanden aan de LVNL te verstrekken lening. Deze lening was opgebouwd uit drie onderdelen. Echter met het oog op een maximale kostenbesparing voor de LVNL is in 1998 overgegaan tot een vervroegde aflossing van twee van de drie onderdelen. Nu resteert nog slechts het derde onderdeel met een bedrag van circa € 7 miljoen. Dit onderdeel is niet rentedragend, niet aflosbaar en direct opeisbaar bij een voorgenomen opheffing, overname of fusie van de LVNL.

7.3.2.6 Voorschotten € 8.205.788

Grondslag

De voorschotten betreffen betalingen waarvan nog niet is vastgesteld dat aan alle relevante voorwaarden is voldaan en gaat voornamelijk om subsidies en bijdragen.

De cijfers

Tabel 5 geeft een nadere detaillering in aantallen en openstaande bedragen per 31 december 2015 verdeeld naar ouderdom. Daarnaast is een meerjarig historisch perspectief gegeven door de jaren 2013 en 2014 te vermelden.

Tabel 5: Voorschotten (bedragen x € 1.000)

Openstaand

2015

2014

2013

 

aantal

bedrag

aantal

bedrag

aantal

bedrag

posten ≤ 1 jaar

160

2.210.148

205

2.378.422

305

4.772.263

posten > 1 jaar

245

5.995.640

310

4.414.838

355

3.664.452

Totaal

405

8.205.788

515

6.793.260

660

8.436.715

Tabel 6 verstrekt informatie over de in 2015 afgerekende voorschotten.

Tabel 6: Afgerekende voorschotten (x € 1.000)

Stand per 1 januari 2015

 

6.793.260

Overname voorschotten ANVS 20151

 

8.782

   

6.802.042

In 2015 vastgelegde voorschotten

 

2.243.719

   

9.045.761

In 2015 afgerekende voorschotten

 

– 839.973

     

Verdeeld naar ontstaansjaar:

   

• 2013 en eerder

– 732.380

 

• 2014

– 85.620

 

• 2015

– 21.973

 
     

Openstaand per 31 december 2015

 

8.205.788

1

vanaf 1 januari 2015 is de ANVS vanuit het ministerie van Economische Zaken overgegaan naar dit departement.

Artikel 11 Waterkwantiteit

Toelichting

In het kader van integraal waterbeleid staan voorschotten open van circa € 14 miljoen om de doeltreffendheid en doelmatigheid van de bestuurlijke organisatie en het instrumentarium van het waterbeleid te verbeteren. Zo is aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) voor het programma Partners voor Water ruim € 8 miljoen en in 2011 aan het Waterschap Brabantse Delta ruim € 5 miljoen verstrekt. De afrekeningen worden in 2016 verwacht.

Artikel 13 Ruimtelijke ontwikkeling

In het kader van de Nota Ruimte staan voorschotten open op diverse gemeenten van ruim € 367 miljoen ten behoeve van het project Budget Investeringen Ruimtelijke Kwaliteit (BIRK) ter versterking van de ruimtelijke kwaliteit in de stedelijke gebieden en het project Nieuwe Sleutel Projecten (NSP) ter ontwikkeling en versterking van centra’s in nationale stedelijke netwerken door de (her)ontwikkeling van Hogesnelheidslijnstations en omgeving. Afwikkeling wordt verwacht in de jaren 2016/2022.

In het kader van het meerjarenplan Wet Bodembescherming staat een bedrag aan voorschotten open van circa € 12 miljoen. Zo is voor de aanleg van een rioolwaterzuiveringsinstallatie en rioolaansluitingen op Bonaire door de Uitvoeringsorganisatie Stichting Ontwikkeling Nederlandse Antillen(USONA) een voorschot verstrekt van € 10 miljoen.

Voor het realiseren van een duurzaam gebruik van bodem, ondergrond en grondwater zijn op grond van de Wet Bodemsanering voorschotten verstrekt. Het openstaande bedrag is ruim € 60 miljoen. Zo zijn voorschotten verstrekt aan de Stichting Bosatex, gespecialiseerd in saneringen op verontreinigingen in de textielverzorgingsbranche, van ruim € 27 miljoen en aan de Stichting Bodemcentrum van circa € 20 miljoen. Verwacht wordt dat de afwikkeling in de jaren 2016/2018 zal plaatsvinden.

Het openstaande bedrag aan voorschotten verstrekt aan het landelijk samenwerkingsverband Grootschalige Basiskaart Nederland (GBKN) en aan de Stichting SVB-BGT bedraagt circa € 23 miljoen ten behoeve van de vorming van een nieuwe basisregistratie voor grootschalige topografie.

Artikel 14 Wegen en verkeersveiligheid

In het kader van de reductie van verkeersslachtoffers staat ter verbetering van de verkeersveiligheid een gezamenlijk voorschotbedrag open van ruim € 12 miljoen bij onder andere het CBR, de SWOV, VVN en Team Alert.

Artikel 16 Spoor

In 2015 is aan de Stichting Bodemsanering NS voor de lopende maatregelen een voorschot verstrekt van ruim € 9 miljoen waarvan de afwikkeling in 2016 zal plaatsvinden.

Artikel 17 Luchtvaart

In 2005 en 2006 is voor een gezamenlijk bedrag van circa € 42 miljoen aan afkoopsommen verstrekt aan de regionale luchthavens Maastricht Aachen Airport, Enschede Airport Twente en Groningen Airport Eelde ter beëindiging van de subsidierelatie. Deze afkoopsommen hebben het karakter van een voorschot totdat aan de voorwaarden van de afkoopsommen is voldaan. Deze afkoopsommen hebben betrekking op investeringen en om de tekorten op te vangen in de exploitatiebegroting. Afwikkeling vindt vermoedelijk plaats in 2016.

Artikel 19 Klimaat

Door de ontwikkeling naar kerndepartementen is de beleidsuitvoering uitbesteed aan de externe uitvoeringsorganisatie RIVM waarop voorschotten open staan van ruim € 196 miljoen. Daarnaast staat op het RVO een voorschot open van circa € 11 miljoen ten behoeve van onder andere het uitvoeren van het Werkplan 2015. Voor de uitvoering van het Clean Development Mechanism (CDM) staan voorschotten open van circa € 22 miljoen. De afwikkeling van deze voorschotten vindt vermoedelijk plaats in de jaren 2016/2018.

Artikel 20 Lucht en geluid

Aan provincies en gemeenten zijn in het kader van het Nationaal Samenwerkingsverband Luchtkwaliteit (NSL) in de jaren 2000/2015 voorschotten betaald ter verbetering van de lokale luchtkwaliteit waarvan ultimo 2015 ruim € 312 miljoen openstaat.

In het kader van de sanering van geluidslawaai staan op het Bureau Sanering Verkeerslawaai voorschotten open van circa € 100 miljoen om de geluidsbelasting veroorzaakt door verkeer (waaronder ook luchtvaart) en bedrijvigheid te verminderen. Afwikkeling zal plaatsvinden in de jaren 2016/2020.

Artikel 21 Duurzaamheid

Ten laste van dit artikel staan verstrekte voorschotten open uit de jaren 2008 tot en met 2015 aan de Stichting Afvalfonds voor de aanpak van verpakkings- en zwerfafval van ruim € 499 miljoen. Afwikkeling wordt in 2016/2017 verwacht.

Artikel 22 Externe veiligheid en risico’s

In het kader van externe veiligheid, inrichtingen en transport zijn voorschotbedragen verstrekt. Hiervan staat ultimo 2015 circa € 89 miljoen open. Zo is aan DSM Agro als voortvloeisel van het gesloten Amoniak convenant voor de beeindiging van de amoniaktransporten een schadevergoeding verstrekt van circa € 48 miljoen. Aan de regionale brandweer Zuid-Holland Zuid is ruim € 15 miljoen verstrekt voor de spoorzone Drechtsteden. Hiermee worden maatregelen op het gebied van veiligheid, zoals calamiteitenbestrijdings-, waarschuwings- en communicatiesystemen, gerealiseerd.

Aan het RIVM zijn voorschotten van ruim € 10 miljoen verstrekt, zoals voor het project NanoReg, welke in 2013 van start is gegaan. Binnen dit project wordt de veiligheid van Nanomaterialen getest.

Verder zijn er voorschotten verstrekt aan de GGD Nederland van circa € 6 miljoen in het kader van bewustwording binnenmilieu basisscholen.

Tot slot staat een voorschot open van ruim € 6 miljoen bij de Sociale verzekeringsbank ten behoeve van de uitvoering van de Regeling tegemoetkoming niet-loondienst gerelateerde slachtoffers van mesothelioom (TNS). Afwikkeling van deze voorschotten zal tussen 2016 en 2019 plaatsvinden.

Artikel 25 Brede Doeluitkering

Op grond van de Wet Brede Doeluitkering Verkeer en Vervoer, die als doel heeft om op decentraal niveau maatwerk oplossingen mogelijk te maken voor verkeer- en vervoervraagstukken, zijn in 2013/2015 voorschotten verstrekt.

De openstaande voorschotten van circa € 6.338 miljoen hebben betrekking op onder andere de provincies (€ 2.665 miljoen), Stadsregio Amsterdam voorheen Regionaal Orgaan Amsterdam (ROA) (€ 1.288 miljoen), de Stadsregio Rotterdam (€ 963 miljoen), het Stadsgewest Haaglanden (€ 516 miljoen), het Bestuur Regio Utrecht (€ 313 miljoen), het samenwerkingsverband KAN (€ 290 miljoen), de regio Twente (€ 166 miljoen) en de regio Eindhoven (€ 125 miljoen).

Aan de CROW zijn voorschotten van ruim € 11 miljoen verstrekt met betrekking tot werkzaamheden op het gebied van kennisplatform Verkeer en Vervoer.

Afwikkeling van deze voorschotten vindt in de jaren 2016/2018 plaats nadat de goedkeurende controleverklaringen zijn ontvangen.

Artikel 97 Algemeen Departement

Er zijn voorschotten verstrekt in de periode 2009 en 2015 ten behoeve van IenM brede programmamiddelen waarvan circa € 16 miljoen nog open staat. Noemenswaardig zijn de voorschotten aan de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (StAB) voor circa € 11 miljoen. Afwikkeling vindt plaats in de jaren 2016/2022.

Artikel 98 Apparaatuitgaven kerndepartement

Voor diverse wachtgelduitkeringen zijn aan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) en aan het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) in 2012 tot en met 2015 aan voorschotten verstrekt. Hiervan staat ruim € 38 miljoen open en wordt nadat de goedkeurende controleverklaringen zijn ontvangen afgewikkeld.

7.3.2.7 Tegenrekeningen € 1.708.053

Grondslag

Voor de extra-comptabele rekeningen aan de passiva-zijde worden uit het oogpunt van het evenwichtsverband verscheidene tegenrekeningen gebruikt. Deze tegenrekeningen hoeven geen nadere toelichting.

7.3.3 Passiva
7.3.3.1 Begrotingsontvangsten € 305.703

Grondslag

De begrotingsontvangsten van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (XII) sluiten aan op de Rekening. Deze zijn artikelsgewijs verdeeld in kolom 2 (realisatie) van de Rekening van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (XII), welke Rekening als verantwoordingsstaat bij de financiële verantwoording behoort.

7.3.3.2 Rekening-courantverhouding RHB € 8.127.467

Grondslag

Deze rekening geeft de vordering-/schuldverhouding weer tussen de ministeries van Financiën en IenM. Het saldo is gelijk aan het Saldobiljet per 31 december 2015, welke door het Ministerie van Financiën beschikbaar is gesteld via de internetfaciliteit Schatkistbankieren.

7.3.3.3 Intra-comptabele schulden € 5.309

De cijfers

Tabel 7 geeft een nadere detaillering in aantallen en openstaande bedragen per 31 december 2015 verdeeld naar ouderdom. Daarnaast is een meerjarig historisch perspectief gegeven door de jaren 2013 en 2014 te vermelden.

Tabel 7: Intra-comptabele schulden (bedragen x € 1.000)

Openstaand

2015

2014

2013

 

aantal

bedrag

aantal

bedrag

aantal

bedrag

posten ≤ 1 jaar

45

4.554

20

37.002

35

41.311

posten > 1 jaar

5

755

5

509

5

513

Totaal

50

5.309

25

37.511

40

41.824

Toelichting

Indien niet expliciet vermeld, zijn de intra-comptabele schulden als op korte termijn opeisbare schulden beschouwd.

7.3.3.4 Openstaande verplichtingen € 1.587.892

Grondslag

Het saldo openstaande verplichtingen per 31 december 2015 is opgebouwd uit de in het dienstjaar 2015 aangegane verplichtingen en de in voorgaande jaren aangegane en nu nog lopende verplichtingen, welke niet tot een kaseffect in het dienstjaar 2015 hebben geleid.

De cijfers

Tabel 8 geeft de samenstelling van de openstaande betalingsverplichtingen weer.

Tabel 8: Openstaande verplichtingen (x € 1.000)

Stand per 1 januari 2015

2.626.236

Overname verplichtingen ANVS1

7.799

Aangegaan in 2015

7.656.417

 

10.290.452

Tot betaling gekomen in 2015

– 8.702.560

Openstaand per 31 december 2015

1.587.892

1

Vanaf 1 januari 2015 is de ANVS vanuit het Ministerie van Economische Zaken overgegaan naar dit departement.

In de Rijksbegrotingsvoorschriften wordt ingegaan op de zogenoemde «Niet uit de saldibalans blijkende bestuurlijke verplichtingen» (NUBBBV), bijvoorbeeld in geval van door het Rijk gesloten bestuursovereenkomsten of – convenanten met decentrale overheden. Dergelijke bestuurlijke verplichtingen kunnen niet altijd als juridische verplichtingen worden aangemerkt en maken daardoor geen deel uit van de openstaande verplichtingen, zoals opgenomen in de saldibalans.

Dit is ook bij IenM het geval. Vooral in het kader van infrastructurele werken op het terrein van regionale en lokale infrastructuur, maar ook op het terrein van het waterbeheer, het hoofdwegen- en spoorwegennet worden bestuurlijke afspraken gemaakt. Deze afspraken staan in het MIRT Projectenboek, welke jaarlijks als bijlage bij de begroting Infrastructuurfonds wordt uitgebracht.

In het kader van de NUBBBV zijn de bestuurlijke afspraken geïnventariseerd voor zover al niet deel uitmakend van de juridische verplichtingen, zoals opgenomen in de financiële administratie. Deze bestuurlijke afspraken zijn zeer divers in aard en omvang. Soms zijn bestuurlijke afspraken enkel samenwerkingsafspraken, soms in meer of mindere mate concrete afspraken over te realiseren projecten of beleidsdoelstellingen, waarvoor het financieel belang nog niet is gekwantificeerd, ofwel sprake is van een raming, dan wel een maximum of van een zeker bedrag. Gezien de bestuurlijke toezeggingen in financiële termen in hardheid verschillen zijn deze niet optelbaar. Hierdoor is geen totaalbedrag aan bestuurlijke toezeggingen te geven. Indien sprake is van een zekere hardheid – en bovendien juridisch gebonden – worden deze toezeggingen als aangegane verplichting in de financiële administratie opgenomen.

7.3.3.5 Openstaande garantieverplichtingen € 120.161

Grondslag

In situaties waarbij geen bijdrage wordt verleend voor ondersteuning van op zichzelf wel wenselijk geachte activiteiten, verleent het ministerie garanties aan instellingen of particulieren. Met deze staatsgarantie achter zich, zijn deze in staat leningen af te sluiten en kunnen bepaalde zaken worden gefinancierd.

Toelichting

Ten opzichte van de saldibalans 2014 heeft een aantal wijzigingen plaatsgevonden.

Zo is het rekening-courantkrediet aan de Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL) van € 17,5 miljoen, welke voor bepaalde tijd was afgesloten, komen te vervallen terwijl het rekening-courantkrediet van € 10 miljoen, welke voor onbepaalde tijd was afgesloten, is vervangen door een nieuw krediet van € 25 miljoen voor onbepaalde tijd.

Daarnaast is het saldo van de rekening-courantkrediet aan het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) in 2015 verhoogd met € 2,5 miljoen naar € 12,5 miljoen en is door het Ministerie van Financiën in 2015 aan het CBR een lening onder garantstelling verstrekt van € 2,674 miljoen.

Tenslotte is het garantiebedrag, zijnde 90% van de verstrekt leningen conform het Besluit Borgstelling Midden en Klein Bedrijfskredieten (MKB), door aflossingen van leningen verlaagd met € 0,04 miljoen. Deze garantiestelling is niet verstrekt in het kader van schatkistbankieren/leenfaciliteit.

De cijfers

Tabel 9 geeft de samenstelling van het uiteindelijke risico weer, op grond van de uitstaande garantieverplichtingen per 31 december 2015.

Tabel 9: Garantieverplichtingen (x € 1.000)

Jaar

Looptijd

Organisatie

Aard garantstelling

Bedrag

2009

n.n.b.

MKB

Lening

437

2009

n.n.b.

Kadaster

RC krediet

25.000

2010

n.n.b.

Dienst Zuid-As

Lening

2.547

2010

2028

LVNL

Lening

29.000

2011

2018

RDW

RC krediet

5.000

2013

2021

LVNL

Lening

5.000

2014

2039

LVNL

Lening

2.215

2014

2019

LVNL

Lening

462

2014

2020

CBR

Lening

10.326

2015

n.n.b.

CBR

RC krediet

12.500

2015

2020

CBR

Lening

2.674

2015

n.n.b.

LVNL

RC krediet

25.000

   

Openstaand per 31 december 2015

120.161

Tabel 10 geeft de mutaties in het verantwoordingsjaar weer.

Tabel 10: Mutaties Garantieverplichtingen (x € 1.000)

Stand per 1 januari 2015

117.526

Nieuw verstrekt in 2015

30.174

 

147.700

Afname van het risico in 2015

– 27.539

Openstaand per 31 december 2015

120.161

7.3.3.6 Tegenrekeningen € 8.244.592

Grondslag

Voor extra-comptabele rekeningen aan de activa-zijde worden uit het oogpunt van het evenwichtsverband verscheidene tegenrekeningen gebruikt. Deze tegenrekeningen hoeven geen nadere toelichting.

7.3.3.7 Sluitrekening Infrastructuurfonds € 207.606

Grondslag

Deze rekening dient als sluitrekening met de saldibalans, behorend tot de begroting van het Infrastructuurfonds, omdat voor dit fonds géén gescheiden administratie wordt gevoerd.

7.3.3.8 Sluitrekening Deltafonds € 59.384

Grondslag

Deze rekening dient als sluitrekening met de saldibalans, behorend tot de begroting van het Deltafonds, omdat voor dit fonds géén gescheiden administratie wordt gevoerd.

Licence