Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

ART. NR. 91 NOG ONVERDEELD

Budgettaire gevolgen van beleid

Budgettaire gevolgen van beleid, artikel 91 (Eerste suppletoire begroting) (Bedragen x € 1.000)

Ontwerpbegroting 2019 (1)

Mutaties via NvW, motie en amendementen (2)

Vastgestelde begroting 2019 (3)=(1+2)

Mutaties 1e suppletoire begroting 2019 (4)

Stand 1e suppletoire begroting 2019 (5)=(3+4)

Mutatie 2020

Mutatie 2021

Mutatie 2022

Mutatie 2023

Verplichtingen

0

0

0

0

0

155.415

179.558

192.968

198.598

Uitgaven

0

0

0

0

0

155.415

179.558

192.968

198.598

Loonbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

-

waarvan programma

-

waarvan apparaat

Prijsbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

-

waarvan programma

-

waarvan apparaat

Onvoorzien

0

0

0

0

155.415

179.558

192.968

198.598

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Verdeling loon- en prijsbijstelling (Eerste suppletoire begroting 2019) (Bedragen x € 1.000)

Art.

Omschrijving

Loonbijstelling

Prijsbijstelling

1

Primair onderwijs

293.157

19.265

3

Voortgezet onderwijs

225.112

4

Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie

95.227

6

Hoger onderwijs

75.183

7

Wetenschappelijk onderwijs

100.510

3

8

Internationaal beleid

100

42

9

Arbeidsmarkt- en personeelsbeleid

1.041

29

11

Studiefinanciering

1.258

28.305

12

Tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten

205

1.774

13

Lesgelden

86

14

Cultuur

14.797

10.927

15

Media

19

18.568

16

Onderzoek en wetenschapsbeleid

1.779

1.368

25

Emancipatie

381

59

95

Apparaat Kerndepartement

5.879

Niet-verplichte LPO

-

Totaal niet-verplichte LPO

62.049

83.234

Totaal

876.783

163.574

In de kolom "Mutaties 1e suppletoire begroting 2019" worden de mutaties ten opzichte van de «Stand vastgestelde begroting 2019» weergegeven. Hieronder worden de belangrijkste mutaties toegelicht.

Toelichting mutaties:

Uitgaven

Toelichting per instrument:

Loonbijstelling

Het budget voor 2019 blijft per saldo ongewijzigd. De toegevoegde loonbijstelling tranche 2019 die verplicht is, is direct structureel verdeeld over de artikelen. De niet-verplichte loonbijstelling is ingezet voor de openstaande taakstelling op artikel 91 (Nog onverdeeld).

Prijsbijstelling

Het budget voor 2019 blijft per saldo ongewijzigd. De toegevoegde prijsbijstelling tranche 2019 die verplicht is, is direct structureel verdeeld over de artikelen. De niet-verplichte prijsbijstelling is ingezet voor de openstaande taakstelling op artikel 91 (Nog onverdeeld).

Onvoorzien

Het budget voor de post Nader te verdelen wordt vanaf 2020 per saldo verhoogd met € 155,4 miljoen in 2020 oplopend naar € 198,6 miljoen in 2023. De belangrijkste verklaringen hiervoor zijn:

  • een verhoging van € 41 miljoen structureel voor het stimuleren van bèta- en techniekopleidingen in het ho. Deze staat tijdelijk op artikel 91; mede op basis van de uitkomsten van de commissie Van Rijn zullen deze middelen worden verdeeld over de betreffende beleidsartikelen.

  • een verhoging van € 114,4 miljoen in 2020 oplopend tot € 148,3 miljoen in 2023 door de inzet van niet verplichte loon- en prijsbijstelling voor de openstaande taakstelling op dit artikel en de tegenvaller DUO (zie ook paragraaf 2.1).

Licence