Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

5.2 Reactie minister voor Wonen en Rijksdienst

Compacte rijksdienst

Naar aanleiding van onze conclusie dat de haalbaarheid van de door het kabinet Rutte/Verhagen beoogde besparingen van het programma Compacte Rijksdienst nog niet overtuigend is aangetoond merkt de minister voor Wonen en Rijksdienst (WenR) onder meer op dat er zich bij sommige projecten substantiële baten voordoen, zonder dat daaraan een formeel vastgestelde business case ten grondslag ligt. Als voorbeelden noemt de minister de besparing van € 44 miljoen door de vereenvoudiging van de administratieve processen bij het UWV en de besparing van € 12,5 miljoen in de sfeer van de facilitaire dienstverlening. Verder geeft hij aan dat in de komende maanden alsnog een aantal business cases wordt afgerond.

De minister geeft ons in overweging om ook aan te geven welke besparingen op een andere wijze dan door middel van een business case zijn onderbouwd.

In tegenstelling tot de Algemene Rekenkamer is de minister voor WenR optimistisch over de realisatie van de aanvullende besparingen die het kabinet Rutte/Asscher beoogt te realiseren door intensivering van het programma Compacte Rijksdienst. De minister gaat er vooralsnog van uit dat de aanvullende besparingen zich gewoon voor zullen doen. Ook gaat hij ervan uit dat in een aantal projecten een groter besparingspotentieel zit.

Naar aanleiding van het pleidooi van de Algemene Rekenkamer om een samenhangende visie op de Rijksdienst van de toekomst te ontwikkelen verwijst de minister naar de Hervormingsagenda Rijksdienst die hij in mei aan de Tweede Kamer verwacht aan te bieden. In deze Hervormingsagenda zal ook de governance van de bedrijfsvoering aan de orde komen.

Systeemverantwoordelijkheid rijksbrede bedrijfsvoering

De minister geeft aan dat zijn systeemverantwoordelijkheid op het terrein van personeel, informatie- en communicatietechnologie (ICT), Organisatie, huisvesting, inkoop, facilitaire dienstverlening en beveiliging drie componenten kent:

  • kaderstelling door het vastleggen van normen of standaarden;

  • monitoring door het volgen van de uitvoering in de praktijk, en;

  • het plegen van interventies door het aanspreken van betrokkenen op de naleving van normen en standaarden of het aanpassen van de kaders aan geconstateerde tekortkomingen.

Deze functies van het inrichten en beheren van een goed functionerend systeem en het monitoren en indien nodig bijsturen in dit systeem zijn toevertrouwd aan de Interdepartementale Commissie Bedrijfsvoering Rijksdienst en de onderliggende Interdepartementale Commissies. De kaderstelling op de terreinen van de bedrijfsvoering waarvoor de minister voor WenR verantwoordelijk is, vindt plaats op basis van rijksbrede afspraken zonder wettelijke grondslag. Een uitzondering geldt voor de kaders die de minister voor WenR op grond van een aan hem gegeven bevoegdheid wil baseren op het Coördinatiebesluit organisatie en bedrijfsvoering 2011. Op deze basis zijn twee kaders vastgesteld op het terrein van het Organisatie- en personeelsbeleid. Dit zijn het Functiegebouw Rijk en het Kader Topstructuur en Topfuncties Rijk 2007.

Het stelsel van rijksbrede bedrijfsvoering is van recente datum en nog volop in ontwikkeling. De reikwijdte, invulling en verdeling van de (systeem)verantwoordelijkheden verschilt voor de diverse onderdelen van de rijksbrede bedrijfsvoering al naar gelang de aard en het ontwikkelstadium van het betreffende bedrijfsvoeringsdomein en de risico's die hieraan zijn verbonden voor de rijksdienst. In de loop van 2013 wordt volgens de minister verder invulling gegeven aan de systeem-verantwoordelijkheid voor de rijksbrede bedrijfsvoering, met name aan het monitoren van de rijksbrede bedrijfsvoering en het zo nodig bijsturen daarvan.

Systeemverantwoordelijkheid inkoopbeheer

De minister geeft aan dat gewerkt wordt aan structurele oplossingen voor de geconstateerde onvolkomenheden in het inkoopbeheer door onder meer:

  • het aantal inkooppunten te verminderen;

  • verdere professionalisering via gerichte bijeenkomsten en opleidingen;

  • verdere invoering van categoriemanagement;

  • de rol van de departementale Coördinerend Directeuren Inkoop te versterken;

  • elektronisch contractbeheer bij het Rijk, DigiInkoop en het elektronisch factureren in te voeren.

Ondanks de bovengenoemde oplossingen sluit de minister als gevolg van de complexiteit van de aanbestedingsregels niet uit dat bij aanbestedingen fouten blijven optreden. Hij wijst er wel op dat uit een nalevingsmeting van het Ministerie van Economische Zaken blijkt dat van alle aanbestedingsplichtige organisaties de kerndepartementen relatief hoog scoren op een correcte toepassing van de aanbestedingsregels. Dit laat volgens hem zien dat het omgaan met Europese aanbestedingsregels het Rijk ernst is.

Ten slotte wijst de minister op de commissie van aanbestedingsexperts die door de minister van EZ is ingesteld. Deze commissie behandelt klachten van ondernemers en aanbestedende diensten. Hierdoor krijgen ondernemers een aanvullende laagdrempelige mogelijkheid om vermeende onregelmatigheden in een vroegtijdig stadium van de aanbesteding aan te geven.

Systeemverantwoordelijkheid informatiebeveiliging

Op grond van zijn systeemverantwoordelijkheid zal de minister bij zijn collega’s aandacht vragen voor het oplossen van de geconstateerde onvolkomenheden. De minister geeft verder aan dat in 2013 alle ministers de Baseline Informatiebeveiliging Rijksdienst zullen implementeren. Dit moet bijdragen aan een rijksbrede invulling van gezamenlijke kaders voor de informatiebeveiliging. Daarnaast is per 1 januari 2013 de Rijks-BVA (Beveiligingsambtenaar) aangesteld. Hij zal samen met de CIO Rijk toezien op de naleving van afspraken en kaders.

Systeemverantwoordelijkheid veiligheidsonderzoeken

De ministers van BZK en WenR hebben beiden een systeemverantwoordelijkheid voor de Wet veiligheidsonderzoeken. De ministers hebben hun reactie op dit punt onderling afgestemd. Voor hun reactie en ons nawoord daarop verwijzen wij hier naar de reactie van de minister van BZK.

Nawoord Algemene Rekenkamer bij reactie minister van WR

Systeemverantwoordelijkheid rijksbrede bedrijfsvoering

De minister erkent dat het van belang is aan de systeemverantwoordelijkheid voor de bedrijfsvoering een nadere invulling te geven. We vragen de minister deze verantwoordelijkheid voor de verschillende bedrijfsvoeringsdomeinen zo concreet mogelijk uit te werken zodat er duidelijkheid gaat ontstaan over de verdeling van verantwoordelijkheden tussen hem en de andere ministers. Daarboven op wijzen wij op het belang van transparante informatievoorziening over het systeem en het handelen van de systeemverantwoordelijk minister naar aanleiding van die informatie.

Compacte rijksdienst

Met betrekking tot de door het kabinet Rutte/Verhagen beoogde besparingen hebben wij onderzocht in hoeverre is voldaan aan de door het kabinet zelf gestelde eis dat de haalbaarheid van deze besparingen moet zijn aangetoond door middel van een business case alvorens deze projecten in aanvang te nemen. Getoetst aan deze eis is onze conclusie dat slechts € 171 miljoen is onderbouwd door middel van een business case. Daarnaast hebben we vastgesteld dat in totaal € 193 miljoen op een andere wijze is onderbouwd. Wij verbinden hieraan de conclusie dat van de totaal beoogde bezuinigingen ad € 788 miljoen nog tenminste € 426 miljoen moet worden onderbouwd.

De overige besparingen die de minister noemt hebben geen bij ons bekende onderbouwing. Om die reden hebben wij deze in ons overzicht buiten beschouwing gelaten.

De minister schrijft dat hij ervan uitgaat dat de extra besparingen die het kabinet Rutte/Asscher wil realiseren door intensivering van het programma Compacte Rijksdienst «zich gewoon zullen voordoen». Gelet op onze hiervoor genoemde conclusies inzake de beperkte onderbouwing van de besparingen en de bandbreedte van het ambitieniveau wijzen wij op het risico van «wens-denken».

Met belangstelling kijken wij uit naar de Hervormingsagenda Rijksdienst waarin de minister onder andere ingaat op zijn visie op de Rijksdienst van de toekomst. We waarderen het dat de minister aangeeft in deze agenda ook in te gaan op de governance van de bedrijfsvoering binnen de Rijksdienst. Hierdoor wordt duidelijker dan nu het geval is hoe de verantwoordelijkheden zijn verdeeld tussen de minister van WR en de andere ministers.

Systeemverantwoordelijkheid inkoopbeheer

De minister wijst, net als in 2011, op een aantal verbeteringen op het gebied van het inkoopbeheer. Wij hebben vastgesteld dat deze maatregelen in 2012 nog niet hebben geleid tot het terugdringen van het aantal onvolkomenheden in het beheer van inkopen. Wij vragen daarom de ingezette maatregelen te intensiveren en te versnellen.

Licence