Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

3.5.4 Focusonderwerp toetsbare beleidsplannen

De Tweede Kamer heeft, op voordracht van de vaste Kamercommissie voor Financiën, voor de verantwoording over 2017 het onderwerp «toetsbare beleidsplannen» aangemerkt als het tweede focusonderwerp.56 De Tweede Kamer geeft aan dat «het» evalueren van beleid makkelijker (wordt) als daarmee al rekening wordt gehouden bij het maken van nieuwe beleidsplannen. Het moet duidelijk zijn welke doelen met het beleid worden nagestreefd, wat de financiële gevolgen zijn, en, waarom verwacht mag worden dat het beleid doeltreffend en doelmatig zal zijn57.

Toetsbare beleidsplannen

Departementen zijn gevraagd om in de bijlage «afgerond evaluatie- en overig onderzoek» van hun jaarverslag de beleidsvoorstellen te noemen, waarvan op voorhand inzicht bestond in doelen, financiële consequenties, doeltreffendheid en doelmatigheid. Hieruit blijkt dat dit het geval was bij een klein aantal beleidsvoorstellen. Dit komt onder andere doordat 2017 een beleidsarm jaar was. Door de verkiezingen en de looptijd van de formatie had het kabinet een groot deel van het jaar een demissionaire status en werden er in 2017 relatief weinig beleidsvoorstellen voorbereid. Tegelijkertijd laat deze inventarisatie zien dat blijvende aandacht voor dit onderwerp gewenst is.

Twee ontwikkelingen op het vlak van toetsbare beleidsplannen

Het onderwerp toetsbare beleidsplannen sluit aan bij de toenemende aandacht voor elementen als doelstellingen, doeltreffendheid en doelmatigheid in de beleidsvoorbereidende fase. Het is om de volgende redenen belangrijk om in de beleidsvoorbereiding stil te staan bij deze onderwerpen:

  • Ten eerste helpt het bij het maken van een goede beleidsafweging.

  • Ten tweede helpt het om inzicht te krijgen in de gegevens die verzameld moeten worden voor tussentijdse monitoring. Tussentijdse monitoring kan helpen bij eventuele bijsturing.

  • Tot slot vormt het inzicht in de werking van beleid in de beleidsvoorbereiding de basis voor een ex post evaluatie. Het verkregen inzicht in de beleidsvoorbereidende fase, kan in een ex post evaluatie getoetst worden.

Meer aandacht voor toetsbare beleidsplannen verstevigt de evaluatiecyclus en versterkt het lerend vermogen van de overheid. Voor de toetsbare beleidsplannen zijn de volgende twee ontwikkelingen relevant. Voor beide onderwerpen zijn er in 2017 relevante stappen gezet voor de verantwoording.

Figuur 3.5.2 Twee relevante ontwikkelingen toetsbare beleidsplannen

Figuur 3.5.2 Twee relevante ontwikkelingen toetsbare beleidsplannen

1. Aanvullende post

Zoals opgemerkt in de brief van de Tweede Kamer58 brengt een nieuw kabinet nieuwe plannen voor Nederland met zich mee en vormt dat een goed moment om expliciet stil te staan te staan bij doelen, doeltreffendheid, doelmatigheid en financiële consequenties van die plannen.

Het regeerakkoord «Vertrouwen in de toekomst» geeft hier invulling aan. In de bijlage «Budgettair overzicht» gaat het regeerakkoord in op de verwerking van mutaties in de financiële bijlage ten opzichte van de stand van de Miljoenennota 2018. Ombuigingen59 zijn direct verwerkt in de departementale (meerjaren)begroting. Intensiveringen60 die een nadere uitwerking behoeven, zijn geboekt op de aanvullende post van het Ministerie van Financiën. Deze middelen worden jaarlijks tranchegewijs uitgekeerd, onder de voorwaarde van een doelmatig bestedingsplan, waarin onder andere wordt ingegaan op de evaluatie van het beleid.

Een deel van de middelen op de aanvullende post is eind 2017 toebedeeld aan departementen via nota’s van wijziging. Dit is gebeurd nadat het Ministerie van Financiën en het betreffende departement overeenstemming hadden bereikt over een bestedingsplan.

2. Artikel 3.1 Comptabiliteitswet 2016

De voorbereiding van de handreiking bij artikel 3.1 van de CW 2016 sluit ook aan bij het onderwerp toetsbare beleidsplannen. Dit artikel vraagt, met ingang van 1 januari 2018, bij alle voorstellen die ter tafel komen in de Kamers der Staten Generaal een toelichting op doelstellingen, doeltreffendheid, doelmatigheid, beleidsinstrumentarium en financiële gevolgen.

In de brief61 van 13 december 2017 geeft de Minister van Financiën aan op welke manier hij invulling geeft aan deze handreiking bij artikel 3.1. De eerste stap in dit kader is in 2017 gezet met de publicatie van een tijdelijke schrijfwijzer.62 Deze is opgesteld om departementen te ondersteunen bij het formuleren van de toelichting conform artikel 3.1.

Deze tijdelijke schrijfwijzer is een tussenstap naar een rijksbrede werkwijze die in 2018 verder wordt uitgewerkt, in samenwerking met toekomstige gebruikers63. Deze uitwerking zal plaatsvinden door het Integraal afwegingskader voor beleid en regelgeving (IAK) aan te vullen met elementen uit artikel 3.1 van de CW 2016. Het IAK is een instrument dat rijksbreed veel wordt geraadpleegd in de beleidsvoorbereidende fase.64 Door de zeven IAK-vragen te beantwoorden, komt alle relevante beslisinformatie in beeld, die nodig is om een goede afweging te maken. Uit de toelichting op het focusonderwerp «toetsbare beleidsplannen» dat meerdere departementen hebben opgenomen in de bijlage «afgerond en overig evaluatieonderzoek», blijkt dat veelal gebruik wordt gemaakt van het IAK in de beleidsvoorbereiding.

Tot slot zal het vraagstuk van toetsbare beleidsplannen een belangrijk onderdeel worden van de operatie «Inzicht in kwaliteit». Deze operatie is, in navolging van de aangenomen motie-Operatie inzicht in kwaliteit65, als opdracht opgenomen in het regeerakkoord «Vertrouwen in de toekomst». In 2017 is gestart met de voorbereiding van deze operatie. Hierover heeft de Minister van Financiën de Tweede Kamer per brief geïnformeerd66.

Acties voor verbeteren kwaliteit evaluaties

Om de kwaliteit van evaluaties te verbeteren, is al een aantal zaken in gang gezet. Hiermee wordt invulling gegeven aan de no-regret-adviezen van de 15e Studiegroep Begrotingsruimte en aanbevelingen van de Algemene Rekenkamer:

  • Er is een maatwerkopleiding gestart aan de Rijksacademie voor Financiën, Economie en Bedrijfsvoering (RAFEB). De ervaringen hiermee zijn positief en de opleiding wordt daarom gecontinueerd als reguliere opleiding binnen het aanbod van de RAFEB. De departementen Buitenlandse Zaken en Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking zijn in samenwerking met de Academie voor Internationale Betrekkingen gestart met een leertraject «Beleid en uitvoering voor startende beleidsmedewerkers».

  • Ook is een experiment gestart om meer onafhankelijke leden zitting te laten nemen in de begeleidingscommissies van beleidsdoorlichtingen. Directeuren van het ene departement kijken mee met de beleidsdoorlichting van een ander departement, om van elkaar te kunnen leren. De evaluatie van dit experiment is voorzien in 2018.

  • Aan beleidsdoorlichtingen wordt sinds 2017 een verbeterparagraaf toegevoegd. Deze verbeterparagraaf bevat aanbevelingen om het inzicht in de doeltreffendheid en doelmatigheid in de toekomst te vergroten. Dit zodat in een volgende beleidsdoorlichting beter onderbouwde uitspraken over de doeltreffendheid en doelmatigheid gedaan kunnen worden. Het Ministerie van Financiën heeft expliciet toegezien op de toevoeging van deze paragraaf, en zal de komende jaren monitoren in hoeverre de aanbevelingen in de verbeterparagraaf ook daadwerkelijk worden uitgevoerd.

Licence