Incidentele suppletoire begroting inzake extra maatregelen Caribisch Nederland i.v.m. COVID-19 | 15-05-2020
A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL
Wetsartikel 1
De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2020 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van Infrastructuur en Waterstaat.
De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.
Wetsartikel 2
Dit artikel regelt de inwerkingtreding van deze wet.
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga
A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL
Wetsartikel 1
De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2020 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van Infrastructuur en Waterstaat.
Op 29april 2020 is de eerste suppletoire begroting naar de Tweede Kamer verzonden. De behandeling in de Staten-Generaal heeft nog niet plaatsgevonden. Om deze reden is de in de begrotingsstaat opgenomen stand nog niet door de beide Kamers bekrachtigd. Vanwege de snelle opeenvolging van begrotingswetsvoorstellen bevat de kolom mutaties suppletoire begrotingen zowel de eerste suppletoire begroting als de mutaties die in de eerste incidentele suppletoire begroting zijn opgenomen. Dit om het budgetrecht van de Staten-Generaal te waarborgen.
Normaliter wordt nieuw beleid in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. Aangezien uitvoering van de spoedeisende maatregelen die in deze vijfde incidentele suppletoire begroting zijn opgenomen in het belang van het Rijk zijn, niet kan wachten tot formele autorisatie van beide Kamers der Staten-Generaal, zal het kabinet de uitvoering van de maatregelen starten. Hiermee wordt gehandeld conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016.
De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.
Wetsartikel 2
Dit artikel regelt de inwerkingtreding van deze wet.
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga
B. BEGROTINGSTOELICHTING
B. BEGROTINGSTOELICHTING
a. Inhoudelijke toelichting
Zoals reeds aan uw Kamer gemeld (Kamerstukken 20192020, 35420, nr.25) heeft het kabinet besloten extra middelen (9,8 miljoen) beschikbaar te stellen voor extra maatregelen Caribisch Nederland i.v.m. COVID-19. In onderstaande overzichtstabel is de verdeling van het budget over de verschillende departementen opgenomen.
| Departement | 2020 |
|---|---|
| Infrastructuur en Waterstaat (XII) | 2,7 |
| Economische Zaken en Klimaat (XIII) | 7,1 |
| Totaal | 9,8 |
Met de incidentele suppletoire begrotingen worden de bedragen voor het jaar 2020 budgettair verwerkt. De begroting van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat wordt verhoogd met een bedrag van in totaal 2,73 miljoen in 2020. Deze middelen worden als volgt verdeeld over de volgende beleidsartikelen: Artikel 11 integraal waterbeleid met 0,73 miljoen en Artikel 18 Scheepvaart en Havens met 2,0 miljoen. Onderstaand treft u voor de begrotingsstaten van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat per begrotingsartikel een toelichting aan bij de financile instrumenten. De stand vastgestelde begroting 2020 is inclusief de nota van wijziging (NvW)2 en de stand 1e suppletoire begroting 2020.
Artikel 11 Integraal Waterbeleid
11.01.02 algemeen waterbeleid
Subsidies
De uitgaven voor het subsidiebudget op dit artikelonderdeel worden verhoogd met 0,73 miljoen in 2020. De middelen voor dit artikel worden ingezet om voor alle gebruikers in Caribisch Nederland een aftrekpost op de rekening te verlenen ter hoogte van het vaste aansluittarief water. Deze maatregel geldt vanaf 1mei tot het eind van dit jaar. Voor Saba is er geen vastrecht en gaat het om vergroting van de opslagcapaciteit van water (cisterne) om op die wijze in kostenreductie te voorzien.
Artikel 18 Scheepvaart en Havens
18.01.04 scheepvaart en havens
Bijdrage aan medeoverheden
De uitgaven voor de bijdrage aan medeoverheden worden verhoogd met 2 miljoen in 2020. De middelen worden ingezet voor een pilot om de ferryverbinding tussen Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten te verbeteren. De eilanden zijn voor een groot deel afhankelijk van toerisme en door de crisis zwaar geraakt. Met een goede en betaalbare ferry wordt verwacht dat na de lockdown toeristen uit de regio de eilanden vaker zullen aandoen en bewoners zich vaker en goedkoper verplaatsen.
a. Inhoudelijke toelichting
Toelichting
Met de brief van 5juni 2020, Kamerstuknummer 2020Z10292, bent u genformeerd over het besluit tot een beschikbaarheidsvergoeding voor het openbaar vervoer. De kern is dat bij het verzoek van het kabinet om een volwaardige dienstregeling aan te bieden, terwijl de reizigersaantallen en dus de inkomsten nog beperkt zijn, een vergoeding hoort.
| begroting | Uitgaven | Ontv. |
|---|---|---|
| HXII | ||
| 16.02 Beschikbaarheidsvergoeding OV | 1.488 | |
| 26 Bijdrage Infrafonds | 167 | |
| INFRASTRUCTUURFONDS | ||
| 13.03.01 Inpassing aandeel IenW beschikbaarheidsvergoeding OV | 167 | |
| 19 Bijdrage HXII | 167 |
De vergoeding is bestemd voor al het openbaar vervoer onder een concessie (gebiedsconcessies, lijnconcessies en lijnovereenkomsten) in Nederland en beoogt te komen tot een kostendekkingsgraad van 93% voor de periode 1maart 31december 2020 bij de vervoerders. Een vervoerder kan verzoeken om een verhoging van maximaal 2%-punt als overtuigend kan worden aangetoond dat er bedrijfseconomisch geen andere mogelijkheid is dan de dienstverlening af te schalen om continuteit te borgen. De regeling kost naar verwachting circa 1,5 miljard euro en loopt tot het einde van 2020.
In lijn met het doorbetalen door de decentrale overheden van de vergoedingen voor regionale concessies, draagt het Ministerie van IenW 167 mln. euro bij door de concessievergoeding die zij ontvangt van NS in te zetten voor de beschikbaarheidsvergoeding. De overige 1,3 miljard euro wordt door het kabinet additioneel beschikbaar gesteld. De vergoeding wordt ingericht op basis van nacalculatie. Dat betekent dat bij niet-volledige besteding van het overgehevelde budget het resterend deel terugvloeit naar generale middelen. Voor de OV-studentenkaart geldt dat het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap conform de reguliere systematiek blijft betalen.
In deze incidentele suppletoire begroting wordt het aandeel van IenW in de beschikbaarheidsvergoeding OV ten laste van het spoorprogramma gebracht. Bij het eerstvolgende begrotingsstuk (de Ontwerpbegroting 2021) zal de samenhang met de reeds begrote uitgaven in 2020 inzichtelijk gemaakt worden.
Artikel 16 Openbaarvervoer en Spoor
De verhoging van subsidies op artikel 16.02 met 1.488 miljoen is het gevolg van een generale toevoeging van 1.321 miljoen voor de beschikbaarheidsvergoeding en 167 miljoen veroorzaakt door de overboekingen van het aandeel IenW in de beschikbaarheidsvergoeding vanuit het infrastructuurfonds.
Artikel 26 Bijdrage Investeringsfondsen
De neerwaartse bijstelling van de uitgaven wordt veroorzaakt door de overboekingen van het aandeel IenW in de beschikbaarheidsvergoeding vanuit het infrastructuurfonds.
b. Budgettaire gevolgen van beleid
Beleidsartikel 11
| Stand Ontwerpbegroting 2020, incl. NvW | Stand 1e suppletoire begroting | Mutaties incidentele suppletoire begroting | Stand incidentele suppletoire begroting | Mutatie 2021 | Mutatie 2022 | Mutatie 2023 | Mutatie 2024 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Verplichtingen: | 33.376 | 38.771 | 730 | 39.501 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Uitgaven: | 53.480 | 59.404 | 730 | 60.134 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Waarvan juridisch verplicht | 74% | 74% | |||||||
| 11.01 | Algemeen waterbeleid | 41.429 | 46.358 | 730 | 47.088 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 11.01.01 | Opdrachten | 9.124 | 9.373 | 9.373 | |||||
| 11.01.02 | Subsidies | 14.282 | 17.891 | 730 | 18.621 | ||||
| Incidentele Subsidie WKB | 1.220 | 1.220 | 1.220 | ||||||
| Blue Deal (HGIS) | 1.400 | 2.900 | 2.900 | ||||||
| Partners voor Water (HGIS) | 1.602 | 13.706 | 13.706 | ||||||
| Overige Subsidies | 60 | 65 | 65 | ||||||
| Incidentele subsidie coronamaatregelen Caribisch Nederland | 0 | 0 | 730 | 730 | |||||
| 11.01.03 | Bijdrage aan agentschappen | 14.006 | 14.977 | 0 | 14.977 | ||||
| Waarvan bijdrage aan agentschap KNMI | 514 | 612 | 612 | ||||||
| Waarvan bijdrage aan agentschap RWS | 13.492 | 14.365 | 14.365 | ||||||
| 11.01.04 | Bijdrage aan medeoverheden | 4.017 | 4.117 | 4.117 | |||||
| 11.02 | Waterveiligheid | 3.444 | 3.404 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Opdrachten | 3.444 | 3.404 | |||||||
| 11.03 | Grote oppervlaktewateren | 1.615 | 1.749 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Opdrachten | 1.615 | 1.749 | |||||||
| 11.04 | Waterkwaliteit | 6.992 | 7.893 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 11.04.01 | Opdrachten | 4.302 | 5.378 | ||||||
| 11.04.02 | Subsidies | 400 | 400 | ||||||
| 11.04.04 | Bijdrage aan medeoverheden | 500 | 500 | ||||||
| 11.04.05 | Bijdrage aan internationale organisaties | 1.790 | 1.615 | ||||||
| Ontvangsten | 0 | 434 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
Beleidsartikel 18
| Stand Ontwerpbegroting 2020, incl. NvW | Stand 1e suppletoire begroting | Mutaties incidentele suppletoire begroting | Stand incidentele suppletoire begroting | Mutatie 2021 | Mutatie 2022 | Mutatie 2023 | Mutatie 2024 | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Verplichtingen: | 21.714 | 26.808 | 2.000 | 28.808 | 0 | 0 | |||
| Uitgaven: | 39.881 | 42.794 | 2.000 | 44.794 | 0 | 0 | |||
| Waarvan juridisch verplicht | 53% | 49% | 49% | ||||||
| 18.01 | Scheepvaart en Havens | 39.881 | 42.794 | 2.000 | 44.794 | 0 | 0 | ||
| 18.01.01 | Opdrachten | 35.139 | 25.232 | 25.232 | |||||
| Topsector logistiek | 13.994 | 15.804 | 15.804 | ||||||
| Caribisch Nederland | 12.500 | 165 | 165 | ||||||
| Overige opdrachten | 8.645 | 9.263 | 9.263 | ||||||
| 18.01.02 | Subsidies | 1.764 | 1.795 | 0 | 1.795 | ||||
| Topsector logistiek | 1.764 | 1.795 | 1.795 | ||||||
| 18.01.03 | Bijdrage aan agentschappen | 1.405 | 1.704 | 1.704 | |||||
| Waarvan bijdrage aan agentschap RWS | 1.405 | 1.454 | 1.454 | ||||||
| Waarvan bijdrage aan agentschap RVO | 250 | 250 | |||||||
| 18.01.04 | Bijdrage aan medeoverheden | 12.500 | 2.000 | 14.500 | |||||
| Bijdrage aan medeoverheden Caribisch Nederland | 12.500 | 2.000 | 14.500 | ||||||
| 18.01.05 | Bijdrage aan internationale organisaties | 1.573 | 1.563 | 1.563 | |||||
| Ontvangsten | 784 | 884 | 0 | 884 |
b. Budgettaire gevolgen van beleid
Artikel 16
| 16 | Spoor | Stand ontwerpbegroting 2020 incl. NvW en amendementen | Stand na 1e suppletoire begroting | Mutaties tweede incidentele suppletoire begroting | Stand tweede incidentele suppletoire begroting |
|---|---|---|---|---|---|
| Verplichtingen | 23.353 | 30.575 | 1.488.000 | 1.518.575 | |
| waarvan juridisch verplicht | 100% | ||||
| Uitgaven | 28.508 | 35.530 | 1.488.000 | 1.523.530 | |
| 16.01 | Spoor | 28.508 | 35.530 | 35.530 | |
| 16.01.01 | Opdrachten | 6.399 | 7.298 | 7.298 | |
| Overige Opdrachten | 3.743 | 6.200 | 6.200 | ||
| 16.01.01.01 | OV & Stations (S) | 2.656 | 1.098 | 1.098 | |
| 16.01.02 | Subsidies | 18.719 | 20.780 | 20.780 | |
| Overige Subsidies | 1.119 | 2.824 | 2.824 | ||
| 16.01.02.07 | 3e spoor Duitsland | 3.000 | 3.000 | 3.000 | |
| 16.01.02.15 | Maatreg Spoorgoeder | 14.600 | 14.956 | 14.956 | |
| 16.01.03 | Bijdragen aan agentschappen | 940 | 921 | 921 | |
| 16.01.03.02 | Waarvan bijdrage aan agentschap KNMI | 45 | 46 | 46 | |
| 16.01.03.04 | Waarvan bijdrage aan agentschap RWS | 895 | 875 | 875 | |
| 16.01.04 | Bijdragen aan medeoverheden | 2.350 | 2.429 | 2.429 | |
| 16.01.04.01 | CLU Betuwe en HSL | 2.350 | 2.429 | 2.429 | |
| 16.01.05 | Bijdragen aan (inter-)nationale organisaties | 100 | 102 | 102 | |
| Overige Bijdr (inter)nat.org | 100 | 102 | 102 | ||
| 16.01.10 | Leningen | 4.000 | 4.000 | ||
| Overige Leningen | 4.000 | 4.000 | |||
| 16.02 | Beschikbaarheidsvergoeding OV | 1.488.000 | 1.488.000 | ||
| Ontvangsten | 4.750 | ||||
Artikel 26
| 26 | Bijdrage investeringsfondsen | Stand ontwerpbegroting 2020 incl. NvW en amendementen | Stand na 1e suppletoire begroting | Mutaties tweede incidentele suppletoire begroting | Stand tweede incidentele suppletoire begroting |
|---|---|---|---|---|---|
| Verplichtingen | 6.981.233 | 6.510.846 | 166.876 | 6.343.970 | |
| Uitgaven | 6.979.233 | 6.509.997 | 166.876 | 6.343.121 | |
| 26.01 | Bijdrage Investeringsfondsen | 6.046.994 | 5.683.446 | 166.876 | 5.516.570 |
| 26.01.01 | Bijdrage aan het Infrastructuurfonds | 6.046.994 | 5.683.446 | 166.876 | 5.516.570 |
| 26.01.01.01 | Bijdrage IF | 6.046.994 | 5.683.446 | 166.876 | 5.516.570 |
| 26.02 | Bijdrage Investeringsfondsen | 932.239 | 826.551 | 826.551 | |
| 26.02.01 | Bijdrage aan het Deltafonds | 932.239 | 826.551 | 826.551 | |
| 26.02.01.01 | Bijdrage DF | 932.239 | 826.551 | 826.551 | |
| Ontvangsten | |||||