Base description which applies to whole site

Vierde incidentele suppletoire begroting inzake Kwijtschelding private schulden Toeslagengedupeerden | 23-06-2021

A ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 tot en met 3

Wetsartikelen 1 en 2

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2021 wijzigingen aan te brengen in:

de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Financin.

De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Op 8april 2021 is de tweede incidentele suppletoire begroting inzake kwijtschelding publieke schulden toeslagengedupeerden naar de Tweede Kamer verzonden. Op 20april 2021 is de derde incidentele suppletoire begroting inzake de kwijtschelding private schulden Toeslagengedupeerden in WSNP/MSNP-trajecten naar de Tweede Kamer verzonden. Op 31mei 2021 is de eerste suppletoire begroting van Financin (IX) naar de Tweede Kamer verzonden. De behandeling in de Staten-Generaal van deze begrotingswetsvoorstellen heeft nog niet plaatsgevonden. Om deze reden is de in de begrotingsstaat opgenomen stand nog niet door de beide Kamers bekrachtigd. Vanwege de snelle opeenvolging van begrotingswetsvoorstellen en om het informatie- en budgetrecht van de Staten-Generaal te waarborgen, bevatten de kolommen Vastgestelde Begroting en Stand na suppletoire begrotingen 2021 (inclusief ISB's) zowel de vastgestelde stand bij ontwerpbegroting 2021 en de eerste incidentele suppletoire begroting, als de mutaties die bij de tweede en derde incidentele suppletoire begroting en de eerste suppletoire begroting zijn opgenomen.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet hebben geautoriseerd. In dit geval acht ik het wenselijk en in het belang van het Rijk om vooruitlopend op formele autorisatie door beide Kamers uitvoering te geven aan het besluit tot het kwijtschelden van private schulden. Over de beleidsmatige inhoud van deze incidentele suppletoire begroting en de afwegingen ten aanzien van de noodzaak tot spoedig handelen zijn de Staten-Generaal genformeerd in de zevende Voortgangsrapportage KOT en de daarbij horende Kamerbrief. Met het voorgaande wordt gehandeld conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van de wet.

De Minister van Financin, W.B. Hoekstra

A. ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 tot en met 3

Wetsartikelen 1 en 2

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2021 wijzigingen aan te brengen in:

de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Financin.

De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Op 8april 2021 is de tweede incidentele suppletoire begroting naar de Tweede Kamer verzonden. De behandeling in de Staten-Generaal heeft nog niet plaatsgevonden. Om deze reden is de in de begrotingsstaat opgenomen stand nog niet door de beide Kamers bekrachtigd. Vanwege de snelle opeenvolging van begrotingswetsvoorstellen, om het informatie- en budgetrecht van de Staten-Generaal te waarborgen, bevat de kolom Vastgestelde Begroting zowel de vastgestelde stand bij ontwerpbegroting 2021, als de mutaties die bij de eerste en tweede incidentele suppletoire begroting zijn opgenomen.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. In dit geval acht het kabinet het wenselijk en in het belang van het Rijk om vooruitlopend op formele autorisatie door beide Kamers uitvoering te geven aan het besluit tot het volledig overnemen van alle bestaande private schulden van deze toeslagengedupeerden of hun partners in MSNP- of WSNP-trajecten. Over de beleidsmatige inhoud van deze incidentele suppletoire begroting en de afwegingen ten aanzien van de noodzaak tot spoedig handelen zijn de Staten-Generaal eerder genformeerd in de Kamerbrief Uitbetaling en overnemen schulden voor ouders in de MSNP en WSNP. Met het voorgaande wordt gehandeld conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van de wet.

De Minister van Financin, W.B. Hoekstra

A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 en 2

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2021 wijzigingen aan te brengen in:

  • de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Financin.

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. Aangezien uitvoering van de spoedeisende maatregelen die in deze eerste incidentele suppletoire begroting zijn opgenomen in het belang van het Rijk zijn en niet kunnen wachten tot formele autorisatie van beide Kamers, zal het kabinet de uitvoering van de maatregelen spoedig (vanaf eind januari 2021) starten. Hiermee wordt gehandeld conform lid 2 van artikel 2.27 van de Comptabiliteitswet 2016. Over de inhoud van deze incidentele suppletoire begroting wordt uw Kamer parallel genformeerd in de Kabinetsreactie rapport Ongekend Onrecht d.d. 15januari 2021. Zoals in deze Kabinetsreactie toegelicht wordt hebben de voorgenomen maatregelen een spoedeisend karakter, omdat we de gedupeerde ouders van de kinderopvangtoeslag zo snel mogelijk willen compenseren.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van de wet.

De Minister van Financin, W.B. Hoekstra

A ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 tot en met 3

Wetsartikelen 1 en 2

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2021 wijzigingen aan te brengen in:

  • de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Financin.

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. Omdat het kabinet, als onderdeel van de Toeslagenherstelactie, de publieke schulden van de gedupeerden zo snel mogelijk wil kwijtschelden, zodat gedupeerden met een schone lei verder kunnen, acht de regering het wenselijk en in het belang van het Rijk om vooruitlopend op formele autorisatie door beide Kamers uitvoering te geven aan de in deze tweede incidentele suppletoire begroting opgenomen maatregelen. Over de beleidsmatige inhoud van deze incidentele suppletoire begroting zijn de Staten-Generaal eerder genformeerd in de Kamerbrief Budgettaire aspecten kwijtschelden van publieke schulden van 8april. Met het voorgaande wordt gehandeld conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van de wet.

De Minister van Financin, W.B. Hoekstra

B. ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ DE BEGROTINGSARTIKELEN

B ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ DE BEGROTINGSARTIKELEN

B. BEGROTINGSTOELICHTING

Inleiding

De budgettaire middelen zoals opgenomen in deze ISB zijn additioneel aan de reeds bij Voorjaarsnota 2020, Ontwerpbegroting 2021 en Najaarsnota 2020 beschikbaar gestelde middelen. Daarnaast is in de Veegbrief 2020 nog een mutatie aangekondigd. Het in totaal reeds beschikbare budget komt daarmee uit op 537 mln. cumulatief voor de jaren 2020 t/m 2022 (onderverdeeld 416 mln. programmabudget en 121 mln. uitvoeringsbudget).

Met deze ISB wordt in totaal 1,229 mld. cumulatief additioneel beschikbaar gesteld voor de beleidswijzigingen die benoemd worden in de kabinetsreactie op het rapport Ongekend Onrecht. Dit is opgebouwd uit:

  • cumulatief 824 mln. programmauitgaven voor de forfaitaire 30.000-regeling, de verbreding van de compensatieregeling naar alle gedupeerden die voorheen aanspraak maakten op de hardheidstegemoetkoming en bijstellingen o.b.v. de ervaringen en realisaties van het afgelopen jaar;

  • cumulatief 155 mln. apparaatsuitgaven, verdeeld over artikel 1 en 13, voor extra capaciteit voor de uitvoering van de beleidswijzigingen zoals benoemd in de kabinetsreactie op het rapport Ongekend Onrecht (in het bijzonder de uitvoering van de forfaitaire 30.000-regeling voor gedupeerden);

  • een reservering van 250 mln. in 2021 (op artikel 10) voor onder andere de uitwerking van een regeling om, in de overleg met het Kindpanel, recht te doen aan het leed dat gedupeerde kinderen is aangedaan.

Dit betekent dat het totale en cumulatieve budget voor de herstelactie voor gedupeerden uitkomt op 1,766 mld. Hiervan is in 2020 ongeveer reeds 70 mln. gerealiseerd aan programma- en apparaatsuitgaven (in het jaarverslag 2020 van Financin zal dit nader worden toegelicht). Dit betekent dat per saldo voor 2021 en 2022 in totaal cumulatief 1,696 mld. beschikbaar is, opgebouwd uit 1,466 mld. programmabudget en 230 mln. uitvoeringsbudget.

In de 5e Voortgangsrapportage Kinderopvangtoeslag die uiterlijk 1februari aan het parlement verzonden zal worden, zal een uitgebreid en aanvullend budgettair overzicht worden gegeven. Dit in lijn met de financile overzichten en toelichtingen die in de 4e Voortgangsrapportage van 4december jl. is opgenomen.

Budgettaire consequenties beleidsartikelen

Artikel 1 Belastingen (bedragen x 1.000)

Stand ontwerpbegroting 2021 incl. NvW

Mutatie 1e ISB 2021

Stand na 1e ISB

Mutatie 2022

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Verplichtingen

2.987.107

14.000

3.001.107

21.000

waarvan betalingsverplichtingen

2.986.707

waarvan garantieverplichtingen

400

Garantie procesrisico's

400

Uitgaven (1) + (2)

3.108.560

14.000

3.122.560

21.000

(1) Apparaatsuitgaven

2.642.216

14.000

2.656.216

21.000

waarvan: Uitvoering fiscale wet- en regelgeving en douanetaken Caribisch Nederland

14.000

Personele uitgaven

2.213.751

4.000

2.217.751

10.000

Eigen personeel

1.886.602

1.000

1.887.602

4.000

Inhuur externen

318.167

3.000

321.167

6.000

Overig personeel

8.982

0

8.982

Materile uitgaven

428.465

10.000

438.465

11.000

ICT

25.928

Bijdrage aan SSO's

279.116

10.000

289.116

11.000

Overige

123.421

0

123.421

(2) Programma-uitgaven

466.344

waarvan juridisch verplicht

66,6%

Bekostiging

6.290

Vergoeding proceskosten

6.273

Overige programma-uitgaven

17

Garanties

245

Garantie procesrisico's

245

Bijdragen aan ZBO's en RWT's

15.780

Waarderingskamer

1.987

Kadaster

2.006

Kamer van Koophandel

4.345

Overige bijdrage ZBO's/RWT's

7.442

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

445

Internationale Douaneraad

175

Overige internationale organisaties

270

Opdrachten

340.377

ICT opdrachten

288.654

Overige opdrachten

51.723

Bijdrage agentschappen

89.574

Bijdrage Logius

86.381

Bijdrage CIBG

193

Bijdrage overige agentschappen

3.000

Rente

85.000

Belasting-en invorderingsrente

85.000

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

71.367

Toerekening uitgaven aan Douane

71.367

Ontvangsten (3) + (4)

150.945.690

Programma-ontvangsten (3)

150.889.259

waarvan: Belastingontvangsten

150.164.278

Bekostiging

181.827

Kosten vervolging

181.827

Rente

350.377

Belasting- en invorderingsrente

350.377

Boetes en schikkingen

192.777

Ontvangsten boetes en schikkingen

192.777

Apparaatsontvangsten (4)

56.431

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Personele uitgaven (+ 4 mln.)

Verschillende dienstonderdelen van de Belastingdienst zijn betrokken bij de uitvoering van het Toeslagenherstel, bijvoorbeeld de Belastingtelefoon in de communicatie met gedupeerden. De beleidswijzigingen die benoemd worden in de kabinetsreactie op het rapport Ongekend Onrecht zorgen voor extra personele uitgaven bij verschillende betrokken dienstonderdelen.

Materile uitgaven (+ 10 mln.)

De stijging in personele kosten gaat samen met een stijging van de overheadkosten, zoals opleiding, kantoorautomatisering en huisvesting. Deze overheadkosten hangen zowel samen met de extra inzet van personeel binnen DG Belastingdienst (verantwoord op artikel 1), als met de extra inzet van personeel binnen DG Toeslagen (verantwoord op artikel 13). Op termijn zullen deze kosten, samen met andere indirecte kosten van het nieuwe DG Toeslagen, worden ontvlochten en worden opgenomen onder artikel 13.

Artikel 10 Nog onverdeeld (bedragen x 1.000)

Stand ontwerpbegroting 2021 incl. NvW

Mutatie 1e ISB 2021

Stand na 1e ISB

Mutatie 2022

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Verplichtingen

264.052

250.000

514.052

Uitgaven

264.094

250.000

514.094

Nog te verdelen

264.094

250.000

514.094

Loonbijstelling

3.103

3.103

Prijsbijstelling

9.713

9.713

Programma onvoorzien

216.756

250.000

466.756

Apparaat onvoorzien

34.522

34.522

Ontvangsten

0

0

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Programma onvoorzien (+ 250 mln.)

Het kabinet reserveert een bedrag van 250 mln. voor de nadere invulling van enkele onderdelen uit de kabinetsreactie. Zo is in de kabinetsreactie op het rapport Ongekend Onrecht aangekondigd dat, in overleg met het Kindpanel, gekeken zal worden op welke wijze recht kan worden gedaan aan het leed dat gedupeerde kinderen is aangedaan. De volledige budgettaire verwerking van de uiteindelijke regeling volgt als onderdeel van de reguliere budgettaire besluitvormingscyclus.

Artikel 13 Toeslagen (bedragen x 1.000)

Stand ontwerpbegroting 2021 incl. NvW

Mutatie 1e ISB 2021

Stand na 1e ISB

Mutatie 2022

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Verplichtingen

118.125

612.000

730.125

332.000

Uitgaven (1) + (2)

118.125

612.000

730.125

332.000

(1) Apparaatsuitgaven

118.000

49.000

167.000

71.000

Personele uitgaven

115.040

49.000

164.040

69.000

Eigen personeel

84.402

9.000

93.402

24.000

Inhuur externen

30.638

40.000

70.638

45.000

Materile uitgaven

2.960

0

2.960

2.000

Overige materile uitgaven

2.960

0

2.960

2.000

(2) Programma-uitgaven

125

563.000

563.125

261.000

waarvan juridisch verplicht

100%

Bijdragen aan ZBO's en RWT's

100

100

Overige bijdrage ZBO's/RWT's

100

100

Opdrachten

25

25

ICT opdrachten

25

25

(Schade)vergoedingen

0

563.000

563.000

261.000

Compensatie toeslagengedupeerden

0

563.000

563.000

261.000

Overige (schade)vergoedingen

0

0

Ontvangsten

0

0

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Personele uitgaven (+ 49 mln.)

Voor de uitvoering van de beleidswijzigingen die in de kabinetsreactie op het rapport Ongekend Onrecht benoemd worden, is additionele uitvoeringscapaciteit nodig. In het bijzonder vergt de uitvoering van de forfaitaire 30.000-regeling voor gedupeerden extra capaciteit om de vele beoordelingen en betalingen in de komende maanden uit te voeren. Tegelijkertijd blijft het voor gedupeerden mogelijk om hun dossiers integraal te laten beoordelen, bijvoorbeeld in het geval dat de gedupeerde recht heeft op meer dan de forfaitaire 30.000 aan compensatie. De verwachting is dat het integraal beoordelen van deze dossiers meer personele capaciteit zal kosten dan in eerdere instanties werd verwacht. Om er zeker van te zijn dat alle gedupeerden die dat wensen hun dossier zo snel mogelijk integraal kunnen laten beoordelen, neemt het kabinet vooralsnog aan dat het aanbieden van de forfaitaire 30.000 niet tot minder verzoeken om een integrale beoordeling zal leiden. Dit alles vertaalt zich naar verwachting in additionele personele uitgaven ten hoogte van 49 mln. in 2021.

(Schade)vergoedingen (+ 563 mln.)

In de kabinetsreactie op het rapport Ongekend Onrecht worden maatregelen benoemd die eraan moeten bijdragen dat gedupeerden sneller en ruimhartiger recht wordt gedaan. Dit zijn onder meer de forfaitaire 30.000-regeling en de verbreding van de compensatieregeling naar alle gedupeerden die voorheen aanspraak maakten op de hardheidstegemoetkoming. Daarnaast zijn, op basis van de ervaringen en realisaties van het afgelopen jaar, de verwachtingen rond de totale programma-uitgaven bijgesteld. In totaal leidt dit naar verwachting tot 563 mln. aan additionele programma-uitgaven in 2021.

B ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ DE BEGROTINGSARTIKELEN

1. Leeswijzer

De voorliggende incidentiele suppletoire begroting bevat de voorgestelde wijzigingen ten opzichte van de begroting 2021 van het Ministerie van Financin (IXB).

Omvang begrotingsartikel (stand ontwerpbegroting) in miljoen

Beleidsmatige mutaties (ondergrens in miljoen)

Technische mutaties (ondergrens in miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1000

5

10

=> 1000

10

20

1. Leeswijzer

De voorliggende incidentele suppletoire begroting bevat de voorgestelde wijzigingen ten opzichte van de begroting 2021 van het Ministerie van Financin (IXB).

Omvang begrotingsartikel (stand ontwerpbegroting) in miljoen

Beleidsmatige mutaties (ondergrens in miljoen)

Technische mutaties (ondergrens in miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1.000

5

10

=> 1.000

10

20

1. Leeswijzer

De voorliggende incidentiele suppletoire begroting bevat de voorgestelde wijzigingen ten opzichte van de begroting 2021 van het Ministerie van Financin (IXB)

2. Beleidsartikelen

2. Beleidsartikelen

2. Beleidsartikelen

2.1 Artikel 13 Toeslagen

Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid incidentele suppletoire begroting (ISB) (bedragen x 1.000)

Stand na suppletoire begrotingen 2021 (inclusief ISB's)

Mutatie 4e ISB 2021

Stand na 4e ISB 2021

Mutatie 2022

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Verplichtingen

1.004.215

99.000

1.103.215

270.600

37.000

0

0

Uitgaven (1) + (2)

1.004.215

99.000

1.103.215

270.600

37.000

0

0

(1) Apparaatsuitgaven

184.652

19.000

203.652

37.000

37.000

0

0

Personele uitgaven

180.936

18.300

199.236

36.300

36.300

0

0

Eigen personeel

97.618

0

97.618

0

0

0

0

Inhuur externen

83.318

18.300

101.618

36.300

36.300

0

0

Materile uitgaven

3.716

700

4.416

700

700

0

0

Overige materile uitgaven

3.716

700

4.416

700

700

0

0

(2) Programma-uitgaven

819.563

80.000

899.563

233.600

0

0

0

waarvan juridisch verplicht

100%

100%

100%

Bijdragen aan ZBO's en RWT's

100

0

100

0

0

0

0

Overige bijdrage ZBO's/RWT's

100

0

100

0

0

0

0

Opdrachten

25

10.600

10.625

19.400

0

0

0

ICT opdrachten

25

0

25

0

0

0

0

Overige opdrachten

0

10.600

10.600

19.400

0

0

0

Bijdrage aan medeoverheden

1.695

0

1.695

0

0

0

0

Bijdrage aan medeoverheden

1.695

0

1.695

0

0

0

0

(Schade)vergoedingen

817.743

69.400

887.143

214.200

0

0

0

Compensatie toeslagengedupeerden

817.743

55.800

761.943

0

0

0

0

Kwijtschelden private schulden

0

125.200

125.200

214.200

0

0

0

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Verplichtingen en Uitgaven (+ 99 mln.)

Apparaat

Inhuur externen (+ 18,3 mln.)

Sinds februari 2021 is het aantal verzoeken aan en beroepen op de Commissie Werkelijke Schade en de Bezwaarschriftenadvies Commissie (beiden Toeslagenherstel) sterk toegenomen. Daarom vindt opschaling plaats van de personele ondersteuning van deze commissies. Op deze wijze kunnen beide commissies verzoeken en bezwaren sneller beoordelen, waardoor gedupeerden sneller volledig geholpen zijn.

Programma

Opdrachten (+ 10,6 mln.)

Het uitvoeringsontwerp van de brede private schuldenoplossing wordt op het moment van indienen van deze begrotingswet afgerond. Naar alle waarschijnlijkheid zal deze regeling voor een belangrijk deel worden uitgevoerd door een aantal maatschappelijke derde partijen. Het Ministerie van Financin is voornemens de hiermee gemoeide uitvoeringskosten, inclusief de uitvoeringslasten van bewindsvoerders van Toeslagengedupeerden in de WSNP/MSNP-trajecten, te compenseren. Middels deze begrotingswet worden alle middelen ter compensatie van dergelijke uitvoeringslasten voor de totale private schuldenoplossing onder het juiste subartikelonderdeel (Overige opdrachten) ondergebracht. In totaal is hiervoor meerjarig 30 mln. beschikbaar gesteld.

(Schade)vergoedingen (+ 69,4 mln.)

Ten behoeve van de voorgenomen kwijtschelding van private schulden van toeslagengedupeerden wordt additioneel cumulatief 283,6 mln. beschikbaar gesteld. In totaal is voor de compensatie van private schulden nu 339,4 mln. beschikbaar gesteld. Bij de derde ISB inzake Kwijtschelding private schulden Toeslagengedupeerden in WSNP/MSNP-trajecten is voor de compensatie van WSNP- en MSNP-schulden namelijk reeds 55,8 mln. beschikbaar gesteld. Om de overzichtelijkheid van de middelen te vergroten wordt dit bedrag in de voorliggende ISB afgeboekt van het subartikelonderdeel Compensatie toeslagengedupeerden en toegevoegd aan het nieuwe subartikelonderdeel Kwijtschelden private schulden en het subartikelonderdeel Overige opdrachten.

2.1 Artikel 1 Belastingen

Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid incidentele suppletoire begroting (ISB) (bedragen x 1.000)

Stand ontwerpbegroting 2021 incl. NvW

Stand na suppletoire begrotingen 2021 (inclusief ISB's)

Mutatie 2e ISB 2021

Stand na 2e ISB

Mutatie 2022

Verplichtingen

2.987.107

3.001.107

2.376

3.003.483

594

waarvan betalingsverplichtingen

2.986.707

3.000.707

2.376

3.003.083

594

waarvan garantieverplichtingen

400

400

0

400

0

Garantie procesrisico's

400

400

0

400

0

Uitgaven (1) + (2)

3.108.560

3.122.560

2.376

3.124.936

594

(1) Apparaatsuitgaven

2.642.216

2.656.216

2.376

2.658.592

594

waarvan: Uitvoering fiscale wet- en regelgeving en douanetaken Caribisch Nederland

14.000

14.000

0

14.000

0

Personele uitgaven

2.213.751

2.217.751

2.376

2.220.127

594

Eigen personeel

1.886.602

1.887.602

1.887.602

0

Inhuur externen

318.167

321.167

2.376

323.543

594

Overig personeel

8.982

8.982

8.982

0

Materile uitgaven

428.465

438.465

0

438.465

0

ICT

25.928

25.928

0

25.928

0

Bijdrage aan SSO's

279.116

289.116

0

289.116

0

Overige

123.421

123.421

0

123.421

0

(2) Programma-uitgaven

466.344

466.344

0

466.344

0

waarvan juridisch verplicht

66,6%

Bekostiging

6.290

6.290

0

6.290

0

Vergoeding proceskosten

6.273

6.273

0

6.273

0

Overige programma-uitgaven

17

17

0

17

0

Garanties

245

245

0

245

0

Garantie procesrisico's

245

245

0

245

0

Bijdragen aan ZBO's en RWT's

15.780

15.780

0

15.780

0

Waarderingskamer

1.987

1.987

0

1.987

0

Kadaster

2.006

2.006

0

2.006

0

Kamer van Koophandel

4.345

4.345

0

4.345

0

Overige bijdrage ZBO's/RWT's

7.442

7.442

0

7.442

0

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

445

445

0

445

0

Internationale Douaneraad

175

175

0

175

0

Overige internationale organisaties

270

270

0

270

0

Opdrachten

340.377

340.377

0

340.377

0

ICT opdrachten

288.654

288.654

0

288.654

0

Overige opdrachten

51.723

51.723

0

51.723

0

Bijdrage agentschappen

89.574

89.574

0

89.574

0

Bijdrage Logius

86.381

86.381

0

86.381

0

Bijdrage CIBG

193

193

0

193

0

Bijdrage overige agentschappen

3.000

3.000

0

3.000

0

Rente

85.000

85.000

0

85.000

0

Belasting-en invorderingsrente

85.000

85.000

0

85.000

0

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

71.367

71.367

0

71.367

0

Toerekening uitgaven aan Douane

71.367

71.367

0

71.367

0

Ontvangsten (3) + (4)

150.945.690

150.945.690

52.870

150.892.820

52.870

Programma-ontvangsten (3)

150.889.259

150.889.259

52.870

150.836.389

52.870

waarvan: Belastingontvangsten

150.164.278

150.164.278

41.733

150.122.545

41.733

Bekostiging

181.827

181.827

9.356

172.472

9.356

Kosten vervolging

181.827

181.827

9.356

172.472

9.356

Rente

350.377

350.377

594

349.783

594

Belasting- en invorderingsrente

350.377

350.377

594

349.783

594

Boetes en schikkingen

192.777

192.777

1.188

191.589

1.188

Ontvangsten boetes en schikkingen

192.777

192.777

1.188

191.589

1.188

Apparaatsontvangsten (4)

56.431

56.431

0

56.431

0

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Personele uitgaven (+ 2,4 mln.)

Het kwijtscheldingsproces van de belastingschulden van KOT-gedupeerden resulteert in een onvoorziene uitvoeringslast voor de Belastingdienst. Hier is additioneel uitvoeringsbudget voor vereist.

Ontvangsten

Belastingontvangsten ( 41,7 mln.)

Het kwijtschelden van de relevante belastingschulden van KOT-gedupeerden resulteert in een inkomstenderving op de Financin begroting van cumulatief 83,5 mln. in 2021 en 2022. In 2021 wordt als gevolg van de kwijtschelding 41,7 mln. minder aan belastingontvangsten verwacht. In 2021 wordt daarom een kadercorrectie binnen het inkomstenkader toegepast.

Bekostiging, Rente, Boetes en schikkingen ( 11,2 mln.)

Naast een verwachte directe derving van belastingontvangsten van 41,7 mln. wordt eveneens een ontvangstenderving op de aan deze schulden gerelateerde niet-belastingontvangsten, bestaande uit kosten vervolging, belastingrente en boetes verwacht. De ontvangstenraming wordt hierop aangepast.

2.3 Artikel 13 Toeslagen

Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid incidentele suppletoire begroting (ISB) (bedragenx1.000)

Stand ontwerpbegroting 2021 incl. NvW en ISB's1

Mutatie 3e ISB 2021

Stand na 3e ISB 2021

Mutatie 2022

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Verplichtingen

691.534

56.400

747.934

0

0

0

0

Uitgaven (1) + (2)

691.534

56.400

747.934

0

0

0

0

(1) Apparaatsuitgaven

167.000

600

167.600

0

0

0

0

Personele uitgaven

164.040

600

164.640

0

0

0

0

Eigen personeel

93.402

0

93.402

0

0

0

0

Inhuur externen

70.638

600

71.238

0

0

0

0

Materile uitgaven

2.960

0

2.960

0

0

0

0

Overige materile uitgaven

2.960

0

2.960

0

0

0

0

(2) Programma-uitgaven

524.534

55.800

580.334

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht

100%

100%

Bijdragen aan ZBO's en RWT's

100

0

100

0

0

0

0

Overige bijdrage ZBO's/RWT's

100

0

100

0

0

0

0

Opdrachten

25

0

25

0

0

0

0

ICT opdrachten

25

0

25

0

0

0

0

(Schade)vergoedingen

524.409

55.800

580.209

0

0

0

0

Compensatie toeslagengedupeerden

524.409

55.800

580.209

0

0

0

0

Overige (schade)vergoedingen

0

0

0

0

0

0

0

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

1

KamerstukkenII 20202021, 35 799 nr.1 en 2 en KamerstukkenII 20202021, 35 704, nr.1 en 2.

Toelichting

Verplichtingen en Uitgaven (+ 56,4mln.)

Gedupeerden in het kader van de herstelactie Toeslagen hebben in veel gevallen recht op een compensatie van ten minste 30.000. Een gedeelte van de compensatiegerechtigde gedupeerden zit op dit moment in een minnelijke schuldregeling (Msnp) of een schuldregeling in het kader van de Wet Schuldsanering Natuurlijk Personen (Wsnp). Deze regelingen schrijven voor dat compensatiebetalingen aan deze personen geheel of gedeeltelijk in de boedel zouden worden opgenomen ten behoeve van het schuldhulpverleningstraject. Het kabinet acht het onwenselijk dat deze compensatiebetalingen daarmee niet tot beschikking komen aan de gedupeerden. Om deze reden is het kabinet voornemens om naast de eerder aangekondigde kwijtschelding van publieke schulden, alle bestaande resterende (private) schulden van gedupeerden in Wsnp-en Msnp-trajecten te compenseren.

De programmakosten van het compenseren van deze schulden worden op dit moment op basis van de best mogelijke schatting geraamd op ca. 55,8mln. Een klein deel van dit bedrag (ca. 0,6mln.) zal worden gebruikt om additionele uitvoeringslasten van bewindvoerders te compenseren. Daarnaast zijn met het compenseren van deze schulden naar verwachting ca. 0,6mln. aan uitvoeringskosten voor Toeslagen gemoeid (voor het starten en begeleiden van gedupeerden in het schuldencompensatieproces).

2.2 Artikel 13 Toeslagen

Tabel 2 Budgettaire gevolgen van beleid incidentele suppletoire begroting (ISB) (bedragen x 1.000)

Stand ontwerpbegroting 2021 incl. NvW

Stand na suppletoire begrotingen 2021 (inclusief ISB's)

Mutatie 2e ISB 2021

Stand na 2e ISB

Mutatie 2022

Verplichtingen

118.125

730.125

38.591

691.534

19.295

Uitgaven (1) + (2)

118.125

730.125

38.591

691.534

19.295

(1) Apparaatsuitgaven

118.000

167.000

0

167.000

0

Personele uitgaven

115.040

164.040

0

164.040

0

Eigen personeel

84.402

93.402

0

93.402

0

Inhuur externen

30.638

70.638

0

70.638

0

Materile uitgaven

2.960

2.960

0

2.960

0

Overige materile uitgaven

2.960

2.960

0

2.960

0

(2) Programma-uitgaven

125

563.125

38.591

524.534

19.295

waarvan juridisch verplicht

100%

100%

100%

Bijdragen aan ZBO's en RWT's

100

100

0

100

0

Overige bijdrage ZBO's/RWT's

100

100

0

100

0

Opdrachten

25

25

0

25

0

ICT opdrachten

25

25

0

25

0

(Schade)vergoedingen

0

563.000

38.591

524.409

19.295

Compensatie toeslagengedupeerden

0

563.000

38.591

524.409

19.295

Overige (schade)vergoedingen

0

0

0

0

0

Ontvangsten

0

0

0

0

0

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

(Schade)vergoedingen ( 38,6 mln.)

Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) scheldt, als onderdeel van het kwijtschelden van publieke schulden, de openstaande Kinderopvangtoeslag- en Kindgebonden budgetschulden van KOT-gedupeerden kwijt. Dit resulteert in een derving voor de SZW-begroting. De eerder beschikbaar gestelde middelen voor de Toeslagenherstelactie bevatten reeds cumulatief 57,9 mln. ter dekking van dervingen op openstaande Toeslagenvorderingen. Deze middelen staan nog op de begroting van Financin en worden nu ingezet ter compensatie van een deel van de verwachte dervingen van het Ministerie van SZW. De daadwerkelijk verwachte dervingen van het Ministerie van SZW liggen hoger dan deze 57,9 mln. De totaal verwachte derving evenals het nadere ritme over de tijd verwerkt het Ministerie van SZW in haar eigen incidentele suppletoire begroting.

Licence