Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

5.1 Apparaat kerndepartement

A. Apparaat kerndepartement
Beleidsartikel 8 Apparaat Kerndepartement (bedragen x € 1.000)
 

Realisatie

Vastgestelde begroting

Verschil

 

2011

2012

2013

2014

2015

2015

2015

Verplichtingen

195.796

182.512

198.523

205.091

231.903

236.162

– 4.259

               

Uitgaven

195.796

189.009

198.490

202.238

229.684

236.162

– 6.478

             

Personeel Kerndepartement

 

123.624

136.284

140.023

152.171

145.996

6.175

waarvan eigen personeel

 

118.331

126.960

130.878

141.261

142.206

– 945

waarvan externe inhuur

 

4.990

9.127

8.844

10.399

2.981

7.418

waarvan overige personele uitgaven

 

303

197

301

511

809

– 298

               

Materieel Kerndepartement

 

65.385

62.206

62.215

77.513

90.166

– 12.653

waarvan ICT

 

10.321

9.756

7.714

6.245

13.168

– 6.923

waarvan bijdrage aan SSO's

 

27.716

30.699

38.790

44.910

36.285

8.625

waarvan overige materiële uitgaven

 

27.348

21.751

15.711

26.358

40.713

– 14.355

               

Ontvangsten

30.793

36.539

36.211

38.909

69.490

55.903

13.587

Uitgaven

Personeel kerndepartement (+ € 6,2 miljoen)

Bij de categorie Eigen personeel is vooruitgelopen op de taakstelling, waardoor minder is uitgegeven dan geraamd. Bij de externe inhuur is meer uitgegeven dan geraamd. Bij het ramen is de scheidslijn tussen de categorieën Externe inhuur en ICT soms moeilijk te maken, waardoor achteraf bezien de raming op externe inhuur te laag is en de raming van de uitgaven aan ICT juist te hoog.

Daarnaast is bij de AuditDienst Rijk (ADR) extra inhuur geweest als gevolg van vraag naar controlecapaciteit voor Europese middelen, waaronder voor de Eurogroep. Dit laatste wordt doorbelast (zie ook de hogere ontvangsten van de ADR).

Per saldo is een overschrijding van de personele uitgaven van het kerndepartement gerealiseerd.

Materieel kerndepartement (– € 12,7 miljoen)

Bij ICT zijn uitgaven begroot, die op de post Externe inhuur hadden moeten staan (zie ook het onderdeel Personeel kerndepartement). Daardoor vallen de uitgaven op de post ICT lager uit dan wat daarvoor is begroot. Tevens is er sprake van vertraging van ICT-projecten naar 2016. Dit heeft een technische oorzaak, zoals bij de digitale documenthuishouding. De bijdrage aan SSO’s (Shared ServicesOrganisaties) is hoger dan geraamd vanwege de overgang van dienstverlening naar SSO’s. Dit heeft geleid tot hogere uitgaven voor SSO’s en lagere uitgaven voor de post Overig materieel, omdat voorheen de dienstverlening op de post Overig materieel werd geraamd. Per saldo zijn er minder uitgaven aan materieel dan geraamd. Vooruitlopend op de taakstellingen is alvast minder uitgegeven aan onder andere communicatie.

Ontvangsten

Ontvangsten (+ € 13,6 miljoen)

De ontvangsten zijn hoger door extra ontvangsten van de ADR (zie onder Personeel kerndepartement). Daarnaast zijn de ontvangsten hoger door het afromen van het (surplus aan) eigen vermogen van DRZ en door opheffing van de agentschapsstatus van DRZ.

B. Totaaloverzicht apparaat Financiën

Vanaf 2015 is DRZ geen baten-lastendienst meer, maar een directie onder het Ministerie van Financiën. De uitsplitsing in onderstaande tabel komt daarmee vanaf 2015 te vervallen.

Voor de AFM, DNB en de Waarderingskamer wordt de volledige overheidsbijdrage gebruikt voor het apparaat. De onderstaande tabel geeft de totale apparaatuitgaven voor Financiën weer. Hierbij zijn de apparaatuitgaven (realisaties) voor het kerndepartement, de Belastingdienst en de ZBO’s bij elkaar opgeteld.

Totale apparaatsuitgaven en -kosten Financiën (bedragen x € 1.000)
 

2011

2012

2013

2014

2015

Totaal apparaat Financiën IX

3.070.653

3.093.674

3.212.145

3.266.228

3.253.309

           

Departement

2.998.170

3.012.807

3.143.630

3.182.954

3.220.090

Kerndepartement

195.796

189.009

198.490

202.238

229.684

Belastingdienst

2.802.374

2.823.798

2.945.140

2.980.716

2.990.406

           

Baten-lasten agentschap1

14.083

17.631

18.099

19.998

N.v.t.

DRZ

14.083

17.631

18.099

19.998

N.v.t.

           

ZBO’s en RWT’s

58.400

63.236

50.416

63.276

30.976

AFM2

30.505

29.721

20.500

24.552

181

DNB

25.800

27.710

23.701

20.443

2.125

Waarderingskamer

667

555

1.196

1.181

1.250

NLFI3

1.428

5.250

5.019

17.100

27.420

Bron: financiële administratie.

1

Per 1 januari 2015 is DRZ een directie van het Ministerie van Financiën. De tabel is overeenkomstig gewijzigd.

2

Vanaf 2015 is bij AFM en DNB de overheidsbijdrage afgeschaft, conform kabinetsbesluit.

3

De jaren 2011 tot en met 2013 zijn gecorrigeerd voor het NLFI (NL Financial Investments).

In onderstaande tabel worden de apparaatuitgaven per Directoraat-Generaal (DG) van het kerndepartement vermeld.

Apparaatsuitgaven en -kosten per DG (bedragen x € 1.000)
 

2011

2012

2013

2014

2015

Kerndepartement

195.796

189.009

198.490

202.238

229.684

           

GT

27.757

23.985

23.051

24.552

23.772

DGRB

20.949

22.390

20.384

20.443

20.954

SG-cluster

132.884

128.294

141.251

143.618

171.900

DGFZ

14.206

14.340

13.804

13.625

13.058

Bron: financiële administratie.

C. Taakstelling

De taakstelling die het kerndepartement opgelegd heeft gekregen voor de apparaatuitgaven, liep in 2015 volgens schema. De besparing door een verdichting van de huisvesting bij het kerndepartement is in 2015 gerealiseerd door verhuur aan derden.

Voor de Belastingdienst geldt de volgende tabel.

Taakstelling Belastingdienst vanaf Rutte I (bedragen x € 1.000)
 

2014

2015

Coalitieakkoord 2010 (Rutte I)

– 124.275

– 165.459

Coalitieakkoord 2012 (Rutte II)

   
     

Versterking toezicht en invordering

   

Intensiveringsmiddelen

169.000

157.000

Opbrengstentaakstelling

533.000

533.000

Invulling taakstelling Rutte II (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

Structureel

Departementale taakstelling

50

112

136

136

Kerndepartement

3,5

7,7

9,4

9,4

Belastingdienst

46,2

103,6

125,7

125,7

Agentschap

0

0

0

0

ZBO’s

0

0

0

0

In bovenstaande tabellen zijn alleen de taakstellingreeksen uit de regeerakkoorden Rutte I en II opgenomen. De totale taakstelling op het budget van de Belastingdienst ligt fors hoger. Dit komt doordat aan Rutte I voorafgaande kabinetten ook taakstellingen hebben opgelegd en daarnaast zijn (onder andere) een aantal keren de loon- en prijscompensatie niet uitgekeerd, wat als een taakstelling wordt beschouwd. De totale taakstelling bij de Belastingdienst loopt dan op tot structureel € 543 miljoen vanaf 201826.

De Belastingdienst heeft zijn deel bijgedragen aan de realisatie van de rijksbrede taakstellingen. Zoals met de Tweede Kamer afgesproken worden de taakstellingen vanuit Rutte I (en voorgaande kabinetten) en Rutte II – oplopend tot € 543 miljoen vanaf 2018 – langs twee sporen ingevuld. Spoor 1 betreft efficiency/versobering waarmee € 370 miljoen wordt ingevuld. Spoor 2 betreft een aanpassing van de (fiscale) wetgeving die leidt tot vereenvoudiging in de uitvoering of taakvermindering bij de Belastingdienst. Spoor 2 draagt € 173 miljoen bij aan de invulling. De afgesproken efficiency en versobering is meerjarig ingevuld en belegd met maatregelen op het terrein van staf/overhead, procesverbeteringen en versoberingen op het gebied van huisvesting. Ten aanzien van Spoor 2 is inmiddels ook een belangrijk deel van de afgesproken besparingen gerealiseerd (€ 129 miljoen). Wat betreft de besparingen vanuit een vereenvoudiging van fiscale wet- en regelgeving waren deze in 2015 onvoldoende om het deel van de taakstelling dat de Belastingdienst daarmee invult (spoor 2), te realiseren. Het betrof € 67 miljoen. De ambitie blijft voor de komende jaren om de noodzakelijke vereenvoudigingen alsnog te realiseren.

ITI

Met het Coalitieakkoord Rutte II, heeft de Belastingdienst extra apparaatbudget (vanaf 2015 structureel € 157 miljoen) ontvangen voor het aantrekken en inzetten van gekwalificeerde medewerkers voor de versterking op Toezicht en invordering. Met deze extra personele capaciteit heeft de Belastingdienst de taak gekregen om extra belastingontvangsten te realiseren27. De meeropbrengsten over 2015 van deze ontvangstentaakstelling werden geraamd op € 533 miljoen. De realisatie in 2015 bedroeg circa € 430 miljoen.

26

Kamerstukken II 2011–2012 31 066, nr. 117.

27

Kamerstukken II 2012–2013 31 066, nr. 149.

Licence