Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

Artikel 20 Lucht en geluid

Tweede nota van wijziging

Conform het koninklijk besluit (no. 20170001809) houdende herindeling met betrekking tot klimaat is de Minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK) belast met de behartiging van de aangelegenheden op de terreinen van klimaat, met inbegrip van klimaatverandering, emissierechten, de Nederlandse emissierautorieit en luchtemissie industrie. De hiermee samenhangende budgetten op dit artikel zijn overgegaan naar de begroting van EZK. Dit betreft budgetten voor het klimaatdeel van het Milieu Onderzoeksprogramma van Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) te Petten.

Algemene Doelstelling

Bevorderen van een solide en gezonde leefomgeving door de luchtkwaliteit te verbeteren en door geluidhinder te voorkomen of te beperken.

Regisseren

Rollen en Verantwoordelijkheden

Om qua luchtkwaliteit en geluid een solide en gezonde leefomgeving te bereiken, regisseert de Minister van IenW de inhoudelijke lijn voor de nationale inbreng in de ontwikkeling van het Europese luchtkwaliteits- en geluidbeleid. Meer specifiek is de Minister van IenW verantwoordelijk voor:

  • De coördinatie van de Nederlandse inzet in internationaal kader bij de vaststelling van grenswaarden en plafonds voor emissies van luchtverontreinigende stoffen, de vertaling daarvan naar Nederlandse wet- en regelgeving en de verdeling van doelstellingen over sectoren en milieuthema’s. De doelen, grenswaarden en normen hebben betrekking op verbetering van de luchtkwaliteit, op bronbeleid voor geluid- en industriële emissies en op bronbeleid om geluidemissies en schadelijke uitlaatgasemissies door de verkeerssector (motorvoertuigen, mobiele machines, lucht- en scheepvaart) tegen te gaan;

  • De ondersteuning van gemeenten en provincies bij het opstellen van algemene regels en bij de vergunningverlening ter vermindering van luchtemissies bij de industrie en bij een juiste toepassing van de geluidregelgeving;

  • De implementatie van de geluidregelgeving (wet SWUNG34) waarmee een optimale gezondheidsbescherming van burgers en flexibiliteit voor de beheerders van rijkswegen en hoofdspoorwegen wordt beoogd. SWUNG-2 zal de aanpak van geluidhinder op gemeentelijk en provinciaal niveau beter uitvoerbaar maken. Deze nieuwe geluidregels worden ondergebracht in de Omgevingswet. Aan lagere overheden worden subsidiemiddelen ter beschikking gesteld om aan de voorschriften van deze regelgeving te kunnen voldoen en geluidsgevoelige locaties langs infrastructuur aan te pakken.

Stimuleren

Om de milieudoelen op het gebied van luchtkwaliteit en geluid te behalen, is het belangrijk deze op een proactieve wijze met maatschappelijke partners te delen. Daarom stimuleert de Minister van IenW:

  • Het aangaan en organiseren van allianties met en tussen bedrijven, branches, overheden en kennisorganisaties om de doelen uit het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) en SWUNG (geluid) tot een succesvolle uitvoering te brengen;

  • Schonere, zuiniger en stillere voertuigen. Door voorlopers in de sector te stimuleren en samen met de decentrale overheden en de sectorpartijen, slimme logistieke concepten te ontwikkelen voor stedelijke distributie, en voor ontwikkeling van diverse alternatieve voertuigen en brandstoffen een kansrijke omgeving te creëren;

  • Medeoverheden tot uitvoering van maatregelpakketten in het NSL om daarmee de Europese normen voor luchtkwaliteit (voor fijnstof vanaf 2011 en voor NO2vanaf 2015) te halen. Dit is belangrijk voor de gezondheid van burgers en hiermee schept de Minister tevens ruimte voor nieuwe infrastructuur, woningbouw en bedrijvigheid.

Tenslotte is de Minister verantwoordelijk voor het toezicht op en de handhaving van (een deel van) de wet- en regelgeving door de ILT op dit beleidsterrein (zie beleidsartikel 24 Handhaving en toezicht).

Kengetallen en indicatoren

Algemeen

Jaarlijks ontvangt de Tweede Kamer de monitoringsrapportage over de voortgang van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). De monitoring dient om de voortgang van de uitvoering van het NSL te volgen en biedt een basis om het programma waar nodig bij te sturen. De monitoring betreft de ontwikkeling van de luchtkwaliteit en de uitvoering van projecten en maatregelen. De negende rapportage is op 19 december 2018 aan de Kamer verzonden (Kamerstukken II 2018–2019, 30 175, nr. 325).

In 2018 is uitvoering gegeven aan de beleidsdoorlichting van artikel 20 Lucht en Geluid, voor zover het luchtkwaliteit betreft. De hoofdvraag van de doorlichting is in hoeverre het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) (2009–2017) op doeltreffende en doelmatige wijze heeft bijgedragen aan de doelstellingen van het NSL: de verbetering van de luchtkwaliteit en het mogelijk maken van ruimtelijke projecten. Het onderzoek wordt in 2019 afgerond en zal tezamen met het oordeel van een onafhankelijke deskundige en het Kabinetsstandpunt voor Prinsjesdag 2019 aan de Tweede Kamer worden aangeboden.

Kengetallen sanering verkeerslawaai
 

t.g.v. Rijksinfrastructuur

t.g.v. andere infrastructuur

Totaal

Aantal woningen

Rijkswegen inclusief betreffende A-lijst woningen

Spoorwegen

A-lijst

Overig

 

Totaal

109.800

70.650

77.355

335.800

593.605

Uitgevoerd 1980–1990 (schatting)

40.000

7.450

0

40.000

87.450

Uitgevoerd 1990–2011

58.302

16.238

48.650

36.721

159.911

Uitgevoerd 2012

0

549

3.031

1.125

4.705

Uitgevoerd 2013

0

831

3.000

2.784

6.615

Uitgevoerd 2014

56

704

3.000

397

4.157

Uitgevoerd 2015

22

2.311

2.000

434

4.767

Uitgevoerd 2016

0

740

1.600

1.832

4.172

Uitgevoerd 2017

0

1.067

200

1.253

2.520

Planning 2018

0

83

400

3.508

3.991

Uitgevoerd 2018

0

83

300

2.500

2.883

Resultaat opschonen saneringsvoorraad

0

0

2.225

48.275

50.500

Planning 2019

0

675

400

3.000

4.075

Gepland restant per eind 2019

11.420

40.002

12.949

197.479

261.850

Bron: Bureau Sanering Verkeerslawaai (BSV) (https://www.bureausaneringverkeerslawaai.nl/)

Deze cijfers hebben betrekking op de sanering verkeerslawaai die onder regime van de Wet Geluidhinder wordt afgehandeld. Deze sanering kent een ander normenkader dan de sanering vanwege rijksinfrastructuur die nu door RWS en ProRail wordt uitgevoerd onder de Wet milieubeheer. Deze sanering is opgenomen onder beleidsartikel 14.

In 2018 zijn minder woningen gesaneerd dan gepland. De oorzaak daarvoor ligt met name in de krappe bouwmarkt, waardoor bouwplanningen zijn uitgelopen. Daar staat tegenover dat gemeenten op verzoek van de Minister in 2018 hun saneringsvoorraad nader hebben onderzocht. De woningen die niet langer voor sanering in aanmerking komen of die al eerder zijn gesaneerd zonder dat deze sanering is gerapporteerd, zijn door de gemeenten (alsnog) afgemeld. De saneringsvoorraad is als gevolg daarvan met ruim 50.000 woningen afgenomen.

Kengetal: Emissies luchtverontreinigende stoffen 1990, 2000, 2005, 2010 en 2015 en 2016, doelstellingen en prognoses 2020 en 2030 in kton/jr.1
 

1990

2000

2005

2010

2010

2015

2016

2020

20202

2030

2030

         

NEC- Richtlijn

Realisatie

Realisatie

Raming

Herziene NEC-Richtlijn

Raming

Herziene NEC-Richtlijn

SO2

197

78

67

35

50

31

28

30

48

31

31

NOx

607

424

372

303

260

235

221

173

205

127

145

NH3

350

175

153

133

128

126

127

115

133

107

121

NM VOS3

498

252

190

174

185

149

141

144

167

146

162

PM2,5

52

29

22

17

 

13

13

10,9

14

9,9

12

Toelichting;

In december 2016 zijn de nieuwe doelstellingen voor luchtverontreinigende stoffen vastgesteld. Het betreft aanpassing van de National Emission Ceilings (NEC) (richtlijn (EU) 2016/2284). In bovenstaande tabel zijn de reductiepercentages uit de richtlijn omgerekend naar vrachten. Elk jaar wordt een nieuwe analyse uitgevoerd en door nieuwe kennis kan dat betekenen dat ook eerdere cijfers soms nog enigszins worden aangepast doordat deze nieuwe inzichten met terugwerkende kracht ook worden meegenomen in de emissiecijfers van voorgaande jaren.

Kengetal: Emissies luchtverontreinigende stoffen en broeikasgas door verkeer en vervoer 1. Betreft mobiele bronnen totaal, dus transportmiddelen en mobiele werktuigen, exclusief zeevaart. in kton/jr.
 

1990

2000

2005

2010

2014

2015

2016

2020

2030

 

Realisatie

Realisatie

Realisatie

Realisatie

Realisatie

Realisatie

Realisatie

Raming

Raming

NOx

371

315

277

238

195

148

139

92,7

55,9

SO2

25

25

15

9

3

1

0

0,5

0,6

PM2,5

25

20

15

11

8

4

4

3,1

2,1

NH3

1

2

4

5

5

4

4

3,8

4,1

NMVOS1

200

132

78

49

39

29

29

28,2

25,2

Bronnen:

De realisaties tot en met 2016 komen uit het RIVM rapport: «Informative Inventory Report 2018 Emissions of transboundary air pollutants in the Netherlands 1990–2016» (https://www.rivm.nl/publicaties/informative-inventory-report-2018-emissions-of-transboundary-air-pollutants-in).

De ramingen voor 2020 en 2030 met uitzondering van NMVOS uit het RIVM rapport: «Grootschalige concentratie- en depositiekaarten Nederland Rapportage 2018» (https://www.rivm.nl/publicaties/grootschalige-concentratie-en-depositiekaarten-nederland-rapportage-2018).

De ramingen voor NMVOS uit de PBL notitie: «EMISSIERAMINGEN LUCHTVERONTREINIGENDE STOFFEN NEDERLAND- RAPPORTAGE 2017» (https://www.pbl.nl/sites/default/files/cms/publicaties/pbl-2017-emissieramingen-luchtverontreinigende-stoffen-nederland-rapportage-2017–2946.pdf).

1

NMVOS: Vluchtige organische stoffen, exclusief methaan.

Toelichting

In december 2016 zijn de nieuwe doelstellingen voor luchtverontreinigende stoffen vastgesteld voor de periodes 2020 -2029 en de periode 2030 en verder. Het betreft aanpassing van de oude Europese richtlijn voor National Emission Ceilings (NEC) voor 2010–2019, in een nieuwe NEC-richtlijn (EU2016/2284). In bovenstaande tabel zijn de reductiepercentages uit de richtlijn omgerekend naar vrachten. Elk jaar wordt een nieuwe analyse uitgevoerd en door nieuwe kennis kan dat betekenen dat ook eerdere cijfers soms nog enigszins worden aangepast doordat deze nieuwe inzichten met terugwerkende kracht ook worden meegenomen in de emissiecijfers van voorgaande jaren.

Luchtkwaliteit

Beleidsconclusies

Jaarlijkse monitoring van de luchtkwaliteit laat zien dat de luchtkwaliteit in Nederland ieder jaar verbetert. De normen worden bijna overal gehaald. Er resteren alleen nog enkele hardnekkige knelpunten in gebieden met intensieve veehouderij (fijnstof) en langs drukke binnenstedelijke wegen (Stikstofdioxide). In 2018 is op basis hiervan de Aanpassing NSL 2018 naar de Tweede Kamer gezonden en in de Staatscourant gepubliceerd (Strct. 2018, nr. 53862). Deze Aanpassing NSL 2018 betreft een pakket van maatregelen om de resterende luchtkwaliteitsknelpunten versneld op te lossen en zodoende de termijn van overschrijding van de grenswaarden voor luchtkwaliteit zo kort mogelijk te houden.

De voorbereidingen voor het Schone Lucht Akkoord zijn conform planning in 2018 begonnen. Samen met gemeenten, provincies en andere stakeholders is gezocht naar maatregelen en acties die de luchtkwaliteit kunnen verbeteren. Centraal staat daarbij de gezondheidswinst die gerealiseerd wordt met die acties en maatregelen. Om die gezondheidswinst in beeld te krijgen wordt onderzocht of een gezondheidsindicator kan worden ontwikkeld die de impact van maatregelen op lokale, regionale en nationale schaal uitdrukt.

CO2-reductie

In mei 2018 presenteerde de Europese Commissie haar voorstel voor nieuwe CO2-normen voor zware bedrijfsvoertuigen (vrachtwagens en bussen). Het voorstel behelst een reductiepercentage van minus 15% in 2025 en minus 30% in 2030, met 2019 als referentiejaar.

Op 20 december tijdens de Milieuraad bereikte de milieuministers van de EU een algemene oriëntatie over de verordening inzake CO2-emissienormen voor zware bedrijfsvoertuigen. Er was onvoldoende steun om de reductiedoelen in 2025 en 2030 te verhogen. Nederland zal zich daar in het vervolg van de onderhandelingen met het Europese Parlement voor blijven inzetten.

In het regeerakkoord is vastgelegd dat uiterlijk in 2030 alle nieuwe en nieuwkoop auto’s emissieloos zijn. Nederland neemt het voortouw in een Europees project met 16 landen voor toegankelijke informatie over o.a. locatie, beschikbaarheid en prijzen van het laden van elektrische auto’s. Er is een flinke stijging van het aantal volledig elektrische auto’s in Nederland: van 13.000 begin 2016 naar 35.000 in 2018. In totaal zijn er momenteel ca 135.000 elektrische auto’s (volledig EV + plug-in). Het aantal (semi-)publieke laadpalen is toegenomen van 26.000 in 2017 naar 37.000 in 2018. Het aantal snellaadpunten groeide in diezelfde periode van 600 naar 967.

Geluid

De Aanvullingswet Omgevingswet is in 2018 ter behandeling aan de Kamer aangeboden (Kamerstukken II, 2018–2019, 35 054, nr. 2). Hiermee wordt op wetsniveau de basis voor uitwerking van de nieuwe geluidregels vormgegeven. Daarnaast heeft in 2018 de uitwerking van de uitvoeringsregelgeving (Aanvullingsbesluit geluid) plaatsgevonden. Aan de uitwerking van maatregelen in het kader van het Meerjarenprogramma Geluidsanering is in 2018 verder invulling gegeven; dit loopt nog door in 2019.

Budgettaire gevolgen van beleid

Overzicht van de budgettaire gevolgen van beleid artikel 20 Lucht en Geluid (x € 1.000)
         

Realisatie

Begroting

Verschil

 
 

2014

2015

2016

2017

2018

2018

2018

 

Verplichtingen

36.076

31.227

16.205

17

17.407

20.374

– 2.967

1

Uitgaven

47.294

31.867

28.869

20.563

23.627

34.374

– 10.747

 

20.01 Gezonde lucht en tegengaan geluidhinder

47.294

31.867

28.869

20.563

23.627

34.374

– 10.747

 

20.01.01 Opdrachten

6.195

6.431

7.231

6.507

6.080

4.453

1.627

2

– Verkeersemissies

2.218

3.061

3.163

2.446

2.001

197

1.804

 

– Geluid- en Luchtsanering

3.977

3.370

4.068

3.725

3.938

4.256

– 318

 

– Overige opdrachten

0

0

0

336

141

0

141

 

20.01.02 Subsidies

11.661

3.544

50

0

0

0

0

 

– Euro 6 en Euro-VI

11.661

3.544

0

0

0

0

0

 

– Overige Subsidies

0

0

50

0

0

0

0

 

20.01.03 Bijdragen aan agentschappen

1.028

2.477

2.315

1.722

921

804

117

 

– Waarvan bijdrage aan agentschap RWS

1.028

2.477

2.315

1.722

921

804

117

 

20.01.04 Bijdragen aan medeoverheden

27.517

18.095

18.010

11.213

16.124

28.719

– 12.595

3

– NSL

0

0

0

0

5

11.239

– 11.234

 

– Wegverkeerlawaai

27.385

18.074

18.010

11.213

16.119

17.480

– 1.361

 

– Overige bijdrage medeoverheden

132

21

0

0

0

0

0

 

20.01.07 Bekostiging

893

1.320

1.263

1.121

502

398

104

 

Ontvangsten

427

0

236

179

342

0

342

 

Financiële Toelichting

Onderstaand wordt op het niveau van financieel instrument een toelichting gegeven op de verschillen (de mutaties) tussen de begroting en de realisatie, zie voor de gehanteerde norm de toelichting «normering jaarverslag» zoals opgenomen in de leeswijzer.

  • De lagere verplichtingenrealisatie van € 3,0 miljoen heeft voornamelijk te maken met het in de Staatscourant gepubliceerde budget sanering verkeerslawaai 2017 waarmee verplichtingen al in 2017 zijn aangegaan in plaats van 2018 (€ 4 miljoen). Tegenover deze verlaging staat een ophoging van het verplichtingenbudget in verband met een opdracht aan RWS voor transitiegericht inkopen en voor het project emissiereducties als gevolg van maatregelen in het Schone Lucht Akkoord (€ 1 miljoen). Beide mutaties zijn in de suppletoire begrotingen 2018 opgenomen.

  • De hogere uitgaven van € 1,6 miljoen wordt met name veroorzaakt doordat vanuit artikel 21.07 niet gerealiseerde middelen (€ 1,5 miljoen) voor de Demonstratieregeling Klimaattechnologieën en -innovaties in transport (DKTI-transport) zijn overgeboekt. Deze middelen zijn ingezet voor diverse opdrachten op het terrein van gezonde lucht en geluid- en verkeersemissies.

  • De lagere realisatie van € 12,6 miljoen heeft met name te maken met de overboekingen bij tweede suppletoire begroting naar het gemeente- en btw-compensatiefonds in het kader van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) 2018 (€ 11,2 miljoen). Verder is de lagere realisatie op dit artikelonderdeel te verklaren door vertraging bij saneringsmaatregelen in het kader van geluidshinder (€ 1,4 miljoen).

20.01 Luchtkwaliteit en tegengaan geluidshinder

Toelichting op de financiële instrumenten

Zowel op Hoofdstuk XII als op het Infrastructuurfonds vinden uitgaven plaats voor de aanpak van luchtkwaliteit en geluidshinder. Bij de behandeling van het Jaarverslag 2015 op 30 juni 2016 is de motie Van Veldhoven aangenomen (Kamerstukken II 2015–2016 34 475, nr. 10). In de motie wordt verzocht de uitgaven voor de aanpak van luchtkwaliteit en geluidshinder beter inzichtelijk te maken. Om de Tweede Kamer inzicht te verschaffen in de gerealiseerde uitgaven voor de aanpak van luchtkwaliteit en geluidshinder is onderstaande extracomptabele tabel opgenomen.

Extracomptabele tabel uitgaven voor de aanpak van luchtkwaliteit en geluidshinder (bedragen x € 1.000)
   

2013

2014

2015

2016

2017

2018

Hoofdstuk XII

 

90.946

47.294

31.867

28.870

20.563

23.625

Luchtkwaliteit

Artikelonderdeel 20.01

65.276

15.754

10.046

7.250

5.988

4.215

Waarvan NSL

 

42.000

0

0

0

0

0

Geluidshinder

Artikelonderdeel 20.01

25.670

31.540

21.821

21.620

14.575

19.410

               

Infrastructuurfonds

 

21.693

19.746

24.387

13.098

20.842

31.424

Luchtkwaliteit

Artikelonderdeel 12.03

4.929

82

334

0

0

0

Waarvan NSL1

 

4.929

82

334

0

0

0

Geluidshinder

Artikelonderdeel 12.03

8.011

11.778

20.758

5.503

7.364

6.952

 

Artikelonderdeel 13.03

8.753

7.886

3.295

7.595

13.478

24.472

1

Doordat de verantwoording van de uitgaven van NSL voornamelijk op de begroting Hoofdstuk XII plaatsvindt, zijn de uitgaven op het Infrastructuurfonds in de periode 2013 tot en met 2017 gering.

20.01.01 Opdrachten

In 2018 zijn opdrachten verstrekt en betalingen van lopende opdrachten gedaan in het kader van zowel beleidsonderbouwend onderzoek als uitvoeringswerkzaamheden op onderstaande beleidsterreinen:

  • Verkeersemissies (onder andere de steekproefcontrolepropgramma’s door TNO);

  • Geluid- en luchtsanering (onder andere de opdracht aan BSV (Bureau Sanering Verkeerslawaai) voor de uitvoering van het subsidieprogramma Sanering Wegverkeerslawaai en opdrachten samenhangend met het programma Slimme en Gezonde Stad).

20.01.03 Bijdrage aan agentschappen

Rijkswaterstaat, Unit Leefomgeving voert in opdracht van het Ministerie IenW werkzaamheden voor de uitvoering van de onderdelen Luchtkwaliteit/Monitoring NSL en Geluid van Infomil (centraal punt voor bundeling en verspreiding van milieu wet- en regelgeving), alsmede voor het programma Stiller op weg en het Expertisecentrum Milieuzones uit.

20.01.04 Bijdrage aan medeoverheden

In 2018 zijn in het kader van de eindafrekening NSL geen betalingen aan provincies gedaan omdat de afrekeningen van de derde en vierde tranches in 2019 plaatsvinden. In het kader van de bestrijding van geluidhinder zijn in 2018 bijdragen aan provincies en gemeenten verstrekt voor de kosten van geluidwerende maatregelen tegen wegverkeerslawaai aan woningen. Het gaat hierbij om de uitvoering van de Subsidieregeling sanering verkeerslawaai en de Tijdelijke overgangsregeling Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing (ISV) geluid.

Het verschil tussen de begroting en de realisatie is het gevolg van bij 1e en 2e suppletoire verantwoorde vertragingen bij het uitvoeren van saneringsmaatregelen in het kader van geluidhinder. Het vrijvallende budget is bij 1e suppletoire ingezet voor de uitvoering van de Duurzame Brandstofvisie en bij 2e suppletoire onder meer voor activiteiten bij Uitvoering Lucht en Uitvoering Duurzame Productketens op Artikel 21. De realisatie bij Overige Bijdragen Medeoverheden is grotendeels het gevolg van het niet betalen van de eindafrekeningen NSL aan provincies in 2018. In plaats hiervan zijn de beschikbare budgetten grotendeels besteed aan ondersteuning van het maatregelenpakket van het NSL 2018 voor gemeenten. Dit betrof een overboeking bij 2e suppletoire begroting naar het gemeentefonds en is daarom niet zichtbaar in de realisatie.

20.01.07 Bekostiging

In 2018 zijn in het kader van de bekostiging van het jaarlijkse programma van milieu gerelateerd onderzoek, bijdragen verstrekt aan het Energie Onderzoek Centrum Nederland (ECN).

34

SWUNG: Samen Werken aan de Uitvoering van Nieuw Geluidbeleid

Licence