Base description which applies to whole site

A Infrastructuurfonds

A. ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET BEGROTINGSWETSVOORSTEL

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 1, derde lid, van de Comptabiliteitswet 2001 elk jaar afzonderlijk bij de wet vastgesteld. Het wetsvoorstel strekt ertoe om de onderhavige begrotingsstaat voor het aangegeven jaar vast te stellen.

Alle voor dit jaar vastgestelde begrotingswetten tezamen vormen de Rijksbegroting voor dat jaar. Een toelichting bij de Rijksbegroting als geheel is opgenomen in de Miljoenennota.

Met de vaststelling van dit wetsartikel worden de uitgaven, verplichtingen en ontvangsten vastgesteld. De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).

De Minister van Infrastructuur en Milieu,

M. H. Schultz van Haegen

A. ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikel 1 (uitgaven/verplichtingen en ontvangsten)

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 1, derde lid, van de Comptabiliteitswet 2001 elk afzonderlijk bij de wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2012 wijzigingen aan te brengen in de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds.

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).

De minister van Infrastructuur en Milieu, M. H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus

A. ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikel 1 (uitgaven/verplichtingen en ontvangsten)

De begrotingsstaten die onderdeel uitmaken van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 1, derde lid, van de Comptabiliteitswet 2001 elk afzonderlijk bij de wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd.

Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2012 wijzigingen aan te brengen in:

  • a. de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds.

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze Memorie van Toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).

De minister van Infrastructuur en Milieu, M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus

A. ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel uitmaken van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 1, derde lid, van de Comptabiliteitswet elk afzonderlijk bij de wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2012 te wijzigen.

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).

De minister van Infrastructuur en Milieu, M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus

B. BEGROTINGSTOELICHTING

In dit wetsvoorstel zijn alleen technische uitvoeringsmutaties, mutaties van boekhoudkundige aard of mutaties voortvloeiend uit controlebevindingen opgenomen.

De mutaties zijn hieronder in tabelvorm weergegeven en toegelicht.

De budgettaire gevolgen van de begrotingsmutaties zijn verder op de productartikelen zichtbaar gemaakt.

Naar aanleiding van de aanbeveling uit het rapport van de Tijdelijke commissie onderhoud en innovatie spoor (Kamerstukken II, 2011–2012, 32 707, nr. 9, blz. 22), is de normering gehanteerd waarbij geldt dat begrotingsbedragen boven de € 50 mln. met een afwijking van meer dan € 5 mln. ook worden toegelicht.

Het bovenstaande heeft er toe geleid dat aan de hand van onderstaande norm is bepaald of een verschil wordt toegelicht:

Begrotingsbedrag

Verschil

< € 4,5 mln.

> 50%

€ 4,5 – € 22,5 mln.

> € 2,5 mln.

> € 22,5 mln.

> 10%

> € 50 mln.

> € 5 mln.

Dit houdt in dat die (hoofd)producten, waarbij het verschil kleiner is dan de aangegeven norm niet worden toegelicht.

De meerjarige doorwerking van de slotwetmutaties is in tabellen, waarbij inzicht wordt geboden in de begrotingsmutaties per artikelonderdeel tot en met 2028, aan het eind van elk artikel inzichtelijk gemaakt. De meerjarige doorwerking is nu echter geen onderwerp van besluitvorming. Zo wordt het saldo 2012 per definitie doorgeboekt naar 2013 en is daarmee een budgettair neutrale inter-temporele verschuiving. De meerjarige doorwerking van de slotwetmutaties wordt ter besluitvorming in de Voorjaarsnota 2013 opgenomen.

In de kolom Toelichting van deze tabellen is een nummering opgenomen die verwijst naar de toelichtingen bij het hieronder opgenomen «Overzicht uitgaven- en ontvangsten mutaties».

Overzicht uitgaven- en ontvangstenmutaties

Suppletoire mutaties 2012 (slotwet) (in € mln.)
   

Art.

Uitgaven

Ontvangsten

Stand ontwerpbegroting 2012

 

7.986,7

7.986,7

Stand 1e suppletoire begroting 2012

 

8.042,7

8.042,7

Stand 2e suppletoire begroting 2012

 

7.618,2

7.782,0

         

– mutaties Slotwet:

     
         

1.

Voordelig/nadelig saldo 2012

alle

27,6

11,2

2.

Desaldering

13

0,6

0,6

3.

Overboekingen naar Provincie- en Gemeentefonds

11,15,19

-47,4

-47,4

4.

Overboekingen van andere departementen

11,19

0,1

0,1

5.

Overboekingen van HXII

15,19

0,2

0,2

6.

Diversen

11,12,13

0,0

 
 

Afronding

 

– 0,1

– 0,2

Realisatie 2012

 

7.599,2

7.746,5

Ad 1. De in dit wetsvoorstel opgenomen mutaties laten ten opzichte van de stand tweede suppletoire begroting een nadelig saldo zien van € 16,4 mln., dat bestaat uit € 27,6 mln. hogere uitgaven en € 11,2 mln. aan hogere ontvangsten.

Gesaldeerd met het reeds in de tweede suppletoire begroting over 2012 (Kamerstukken II, 2012/2013, 33 480 A) opgenomen voordelig saldo van € 163,8 mln., bedraagt het uiteindelijke totale voordelig saldo van het fonds over 2012 € 147,4 mln.

Het saldo over 2012 zal aan latere jaren worden toegevoegd om de betreffende projecten te kunnen bekostigen. Voor een nadere (projectgewijze) toelichting wordt verwezen naar de toelichtingen bij de afzonderlijke begrotingsartikelen.

Ad 2. Deze desaldering heeft betrekking op niet in de begroting geraamde inkomsten op het project «perronverbreding Traject Oost» in Utrecht.

Ad 3. Een bedrag van ca. € 47,4 mln. wordt overgeboekt naar het Provinciefonds. Deze overboeking houdt verband met de decentralisatie van KRW-synergieprojecten (Kaderrichtlijn Water) en de daarvoor nog aan provincies toekomende middelen.

Verder wordt nog € 14.000 overgeboekt naar het Gemeentefonds als aanvulling op de in de tweede suppletoire begroting over 2012 (Najaarsnota) opgenomen overboeking van € 10 mln. inzake aanvragen voor de Decentralisatie Uitkering Binnenhavens (DUB) van de gemeenten Venray, Oss, Tiel en Bergen op Zoom.

4. Door het ministerie van Economische Zaken wordt bijna € 0,1 mln. overgeboekt als bijdrage over 2012 en verrekening over 2011 voor het Uitvoerend Secretariaat van de Vlaams Nederlandse Scheldecommissie (US-VNSC) conform de begrotingscontrole van 8 november 2012 van het US-VNSC.

5.Ten behoeve van de realisatie van een testbed voor E-navigation (EU project ACCSEAS -Accessibility for Shipping, Efficiency Advantages and Sustainability) wordt ca. € 0,2 mln. uit de begroting van hoofdstuk XII (artikel 5) overgeboekt.

6. Deze mutatie is een saldering van interne (budgettair neutrale) overboekingen binnen de artikelen 11, 12 en 13, waarvan de belangrijkste een verschuiving is van € 18 mln. naar het realisatieonderdeel binnen begrotingartikel 12 Hoofdwegennet ten behoeve van de projecten Oost-Nederland (N35 Zwolle – Almelo) (zie ook de toelichting onder 12.03.01 ad 5.)

11 Hoofdwatersystemen

Budgettaire gevolgen van beleid: Slotwet 2012 (Bedragen in EUR 1.000)

11 Hoofwatersystemen

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutaties 3e suppletoire begroting

Stand 3e suppletoire begroting

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(3+4)

Verplichtingen

588.136

563.676

697.499

– 179.219

518.280

Uitgaven

617.781

795.073

606.984

– 23.714

583.270

11.01 Watermanagement

13.114

13.114

12.700

0

12.700

11.01.01 Basispakket watermanagement

13.114

13.114

12.700

0

12.700

11.02 Beheer en Onderhoud

149.119

150.699

155.139

– 746

154.393

11.02.01 Basispakket B&O waterkeren

107.299

62.888

121.428

0

121.428

11.02.05 Basispakket B&O integraal waterbeheren

25.538

25.538

25.267

0

25.267

11.02.08 Groot variabel onderh.waterbeheer

16.282

62.273

8.444

– 746

7.698

11.03 Aanleg

194.271

365.521

178.645

– 19.673

158.972

11.03.01 Real.programma waterkeren

106.667

168.634

94.159

– 3.938

90.221

11.03.02 Real.programma waterbeheren

87.604

196.887

84.486

– 15.735

68.751

11.05 Verkenning en planstudie

28.669

32.306

23.873

– 2.483

21.390

11.05.01 Verkenn.progr.hoofdwatersystemen

22.094

25.548

14.883

– 2.005

12.878

11.05.02 Planstudieprogr.waterkeren

3.256

2.959

5.616

– 201

5.415

11.05.03 Planstudieprogr.waterbeheer

3.319

3.799

3.374

– 277

3.097

11.06 Staf Deltacommissaris

2.375

3.171

2.822

– 843

1.979

11.06.01 Staf Deltacommissaris

2.375

3.171

2.822

– 843

1.979

11.07 Netwerkgebonden kosten HWS

230.233

230.262

233.805

31

233.836

11.07.01 Apparaatskosten RWS

183.903

184.132

185.002

31

185.033

11.07.02 Overige netwerkgebonden kosten

46.330

46.130

48.803

0

48.803

11.09 Ontvangsten

16.632

104.660

32.096

7.078

39.174

11.03 Aanleg

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatieprojecten Waterkeren (11.03.01)

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutatie Slotwet

Realisatie

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

   
 

Uitgaven

107

169

94

– 4

90

   

1

Deltaplan grote rivieren

0

0

0

1

1

   
 

Maatregelen i.r.t. rivierruiming

9

28

2

0

2

   
 

Dijkversterking en Herstelsteenbekleding

57

69

53

1

54

   

2

Hoogwaterbeschermingsprogramma 3

4

4

2

1

3

   
 

Deltares Deltafaciliteit

0

1

6

– 1

5

   
 

IJsselsrpong Zutphen (smalle geul)

0

0

0

0

0

   
 

IJsseldelta Kampen (hoogwatergeul)

0

0

0

0

0

   
 

Plot Zandmotor

10

16

5

0

5

   

3

Overige onderzoeken en kleine projecten

26

49

25

– 5

20

   
 

Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma

0

0

0

0

     
 

Afsluitdijk kunstwerken

0

1

0

0

     
 

Afronding

1

1

1

– 1

     
  • 1. Alle projecten die zijn uitgevoerd in het kader van het Deltaplan Grote Rivieren zijn opgeleverd. De in het jaar 2012 gerealiseerde uitgaven hebben betrekking op de financiële afwikkeling van de opgeleverde projecten.

  • 2. De hogere uitgaven zijn met name het gevolg van het uitvoeren van het pilotproject « Dijkversterking Borssele».

  • 3. De mutatie wordt veroorzaakt door het saldo van een viertal projecten te weten:

    • Onderzoek Veiligheid Nederland in Kaart (VNK 2; het project heeft een positief gunningresultaat en is afgerond);

    • Project Versterking Delflandse Kust (project is nagenoeg afgerond met een mogelijke meevaller);

    • Het project Sterkte & Belastingen Waterkeringen • Wettelijk Toetsinstrumentarium (SBW/WTI) is later in de markt gezet dan was voorzien;

    • Minder uitgaven op het project Innovatie Delta technologie.

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatieprojecten Waterkeren (11.03.02)

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutatie Slotwet

Realisatie

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

   
 

Uitgaven

88

197

85

– 16

69

   

1

Subsidie baggeren bebouwd gebied (SUBBIED)

0

4

0

1

1

   
 

Verbeterprogramma Waterkwaliteit Rijkswateren

17

68

34

– 2

32

   
 

Tijdelijke regeling bestrijding regionale wateroverlast

0

31

8

0

8

   
 

Natte natuurprojecten IJsselmeergebied

0

11

1

0

1

   
 

Natuurlijker Markermeer/IJmeer

8

15

3

0

3

   
 

Natuurcompensatie Perkpolder

9

9

1

0

1

   
 

Verruiming vaargeul Westerschelde

4

13

1

0

1

   
 

Integrale inrichting Veluwe randmeer (IIVR)

7

5

1

0

1

   
 

Innovatie KRW/WB

26

24

19

1

20

   

2

Synergie KRW/WB

16

16

16

– 15

1

   
 

Afronding

1

1

1

– 1

     
  • 1. De uitgaven betreffen een nabetaling van BTW op dit reeds afgeronde project.

  • 2. Deze mutatie bestaat enerzijds uit een overboeking van ca. € 47,4 mln. naar het Provinciefonds in verband met de decentralisatie van KRW-synergieprojecten (Kaderrichtlijn Water) en de daarvoor nog aan provincies toekomende middelen.

Anderzijds moet naar aanleiding van deze overboeking, waardoor een negatief budget ontstaat, een kasschuif uit latere jaren van ca. € 32,6 mln. worden aangebracht.

11.05 Verkenning en planstudie

De lagere uitgaven op het verkenning- en planstudiebudget hebben met name betrekking op de deelprogramma's van het Deltaprogramma en zijn het gevolg van vertraagde oplevering van onderzoeken en betalingen.

Anderzijds wordt door het ministerie van Economische Zaken bijna € 0,1 mln. overgeboekt als bijdrage over 2012 en verrekening over 2011 voor het Uitvoerend Secretariaat van de Vlaams Nederlandse Scheldecommissie (US-VNSC) conform de begrotingscontrole van 8 november 2012 van het US-VNSC.

Verplichtingen

De afwijking op het verplichtingenbudget is het gevolg van:

  • negatieve bijstellingen (afboekingen) van in een eerder stadium aangegane betalingsverplichtingen (o.a. projecten Nationaal Bestuursakkoord Water, Haringvliet De Kier en Natuurcompensatie Perkpolder);

  • een afboeking van een bij nader inzien ten onrechte aangebrachte mutatie;

  • minder betalingsverplichtingen op de diverse onderliggende projecten van Herstel en Inrichting (o.a. de afmeer voorziening van de Sophiapolder, NVO Maas en Inrichting IJssel);

  • de overboeking van uitgaven en verplichtingen naar het Provinciefonds (zie ook ad 4 onder 11.03.02);

  • het nog niet kunnen vastleggen van een verplichting voor het project Stroomlijn. De opdracht voor de verkenning van de vegetatiekansen is in november 2012 verstrekt.

11.09 Ontvangsten

In voorgaande jaren zijn voorschotten verstrekt aan de provincie Zuid-Holland ten behoeve van het project «De Kier». Door temporisering van dit project zijn de werkzaamheden gestaakt en zijn de voorschotten door de provincie terugbetaald.

Artikel 11 Hoofdwatersystemen

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.01 Watermgmt.

   

13.114

12.529

13.393

13.436

13.361

53.438

111.456

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.01 Watermgmt.

   

13.114

12.529

13.393

13.436

13.361

53.438

111.456

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 414

– 12.529

– 13.393

– 13.436

– 13.361

– 53.438

– 111.456

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.01 Watermgmt.

   

12.700

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.01 Watermgmt.

   

12.700

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 11.01 Watermgmt.

   

12.700

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.02 BenO

   

149.119

133.034

138.611

134.944

128.801

509.051

1.888.136

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

1.580

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.02 BenO

   

150.699

133.034

138.611

134.944

128.801

509.051

1.888.136

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 7.947

– 133.034

– 138.611

– 134.944

– 128.801

– 509.051

– 1.888.136

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.02 BenO

   

142.752

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

12.387

– 12.419

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.02 BenO

   

155.139

– 12.419

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 747

747

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 747

747

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 11.02 BenO

   

154.392

– 11.672

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.03 Aanleg

   

194.271

164.400

184.641

194.196

159.892

726.821

3.636.750

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

171.250

36.488

34.504

13.121

– 12.055

– 13.829

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.03 Aanleg

   

365.521

200.888

219.145

207.317

147.837

712.992

3.636.750

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 130.624

– 200.888

– 219.145

– 207.317

– 147.837

– 712.992

– 3.636.750

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.03 Aanleg

   

234.897

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 56.251

56.251

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.03 Aanleg

   

178.646

56.251

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

27.738

– 27.738

     

0

0

1

Overboeking naar Provinciefonds

Intensivering/Extensivering

– 47.410

– 47.410

       

0

0

3

Mutaties slotwet 2012

 

– 47.410

– 19.672

– 27.738

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 11.03 Aanleg

   

158.974

28.513

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.05 Verk.& Planst.

   

28.668

31.587

61.039

46.242

193.904

209.901

1.848.294

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

3.637

– 789

– 3.176

– 2.600

– 56.018

– 20.613

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.05 Verk.& Planst.

   

32.305

30.798

57.863

43.642

137.886

189.288

1.848.294

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 7.302

– 30.798

– 57.863

– 43.642

– 137.886

– 189.288

– 1.848.294

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.05 Verk.& Planst.

   

25.003

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 1.131

1.221

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.05 Verk.& Planst.

   

23.872

1.221

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 2.613

2.613

     

0

0

1

Overboeking van EL&I

Intensivering/Extensivering

95

95

       

0

0

4

Overboeking binnen artikel 11

Neutraal

25

25

       

0

0

6

Mutaties slotwet 2012

 

120

– 2.493

2.613

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 11.05 Verk.& Planst.

   

21.379

3.834

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.06 Staf Deltacomm.

   

2.375

1.925

1.925

1.925

1.925

7.700

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

796

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.06 Staf Deltacomm.

   

3.171

1.925

1.925

1.925

1.925

7.700

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 339

– 1.925

– 1.925

– 1.925

– 1.925

– 7.700

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.06 Staf Deltacomm.

   

2.832

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 10

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.06 Staf Deltacomm.

   

2.822

0

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 787

787

     

0

0

1

Overboeking binnen artikel 11

Neutraal

– 56

– 56

       

0

0

6

Mutaties slotwet 2012

 

– 56

– 843

787

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 11.06 Staf Deltacomm.

   

1.979

787

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.07 Netwerk HWS

   

230.233

219.754

204.372

195.255

193.623

765.333

1.583.104

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

29

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.07 Netwerk HWS

   

230.262

219.754

204.372

195.255

193.623

765.333

1.583.104

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

3.543

– 219.754

– 204.372

– 195.255

– 193.623

– 765.333

– 1.583.104

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.07 Netwerk HWS

   

233.805

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.07 Netwerk HWS

   

233.805

0

0

0

0

0

0

 

Overboeking binnen artikel 11

Neutraal

31

31

       

0

0

6

Mutaties slotwet 2012

 

31

31

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 11.07 Netwerk HWS

   

233.836

0

0

0

0

0

0

 
                     

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 HWS

   

795.072

598.928

635.309

596.519

623.433

2.237.802

9.067.740

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 HWS

   

651.989

0

0

0

0

0

0

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 HWS

   

606.984

45.053

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 HWS

   

583.260

21.462

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.09 Ontvangsten

   

16.632

5.150

2.650

3.150

25.150

243.472

1.448.000

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

88.028

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.09 Ontvangsten

   

104.660

5.150

2.650

3.150

25.150

243.472

1.448.000

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 63.914

– 5.150

– 2.650

– 3.150

– 25.150

– 243.472

– 1.448.000

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.09 Ontvangsten

   

40.746

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 8.650

8.650

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.09 Ontvangsten

   

32.096

8.650

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

7.077

– 7.077

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

0

7.077

– 7.077

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 11.09 Ontvangsten

39.173

1.573

0

0

0

0

0

 

12 Hoofdwegennet

Budgettaire gevolgen van beleid: Slotwet 2012 (Bedragen in EUR 1.000)

12 Hoofdwegennet

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutaties 3e suppletoire begroting

Stand 3e suppletoire begroting

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(3+4)

Verplichtingen

2.451.568

2.437.153

3.641.765

577.627

4.219.392

Uitgaven

2.457.595

2.330.370

2.650.634

9.139

2.659.773

12.01 Verkeersmanagement

43.993

43.993

30.768

0

30.768

12.01.01 Basispakket verkeersmanagement

43.993

43.993

30.768

0

30.768

12.01.02 Servicepakket verkeersmanagement

0

0

0

0

0

12.02 Beheer en onderhoud

343.137

275.748

569.681

– 2.373

567.308

12.02.01 Basispakket B&O

267.409

208.972

474.771

151

474.922

12.02.02 Servicepakket B&O

59.194

59.293

56.993

0

56.993

12.02.04 Groot variabel onderhoud

16.534

7.483

37.917

– 2.524

35.393

12.03 Aanleg en planst.na tracébesluit

1.512.384

1.256.516

1.217.677

36.352

1.254.029

12.03.01 Realisatieprogramma

1.512.384

1.256.516

1.217.677

36.344

1.254.021

12.03.02 Planstudie na tracébesluit

0

0

0

8

8

12.04.01 GIV/PPS

354.075

375.671

325.771

10.001

335.772

12.05 Verk.en planst.voor tracébesluit

– 233.744

– 59.308

67.895

– 34.841

33.054

12.05.01 Verkenningen

13.661

24.067

16.678

– 14.225

2.453

12.05.02 Planstudie voor tracébesluit

2.595

83.343

51.217

– 20.616

30.601

Overprogrammering

– 250.000

– 166.718

0

0

0

12.06 Netwerkgebonden kosten HWN

437.750

437.750

438.842

0

438.842

12.06.01 Apparaatskosten RWS

381.498

381.498

383.570

0

383.570

12.06.02 Overige netwerkgebonden kosten

56.252

56.252

55.272

0

55.272

12.09 Ontvangsten

232.114

250.867

154.437

11.263

165.700

12.03 Aanleg

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Realisatieprojecten hoofdwegennet (12.03.01)

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutatie slotwet

Realisatie

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

   
 

Uitgaven

1.512

1.256

1.217

36

1.253

   
 

A10 Amsterdam praktijkproef FES

9

11

3

0

3

   

1

A9 Alkmaar Uitgeest

10

6

– 1

2

1

   

2

N9 Koedijk-De Stolpen

14

14

7

– 3

4

   
 

N50 Ramspol-Ens

31

5

40

1

41

   
 

A28 Utrecht-Amersfoort

53

82

75

1

76

   
 

A2 Holendrecht-Oudenrijn

59

34

66

2

68

   
 

A2 Oudenrijn-Everdingen

5

8

4

1

5

   
 

A4 Burgerveen-Leiden

81

77

80

3

83

   

3

A4 Delft-Schiedam

120

107

110

– 18

92

   
 

A15 Maasvlakte Vaanplein

239

0

0

0

0

   
 

A12 Zoetermeer-Zoetermeer Centrum

0

1

0

0

0

   

4

N57 Veersedam-Middelburg

8

– 4

3

2

5

   
 

A2 Everdingen-Deil-Zaltbommel-Empel

21

18

2

0

2

   
 

N34 omleiding Ommen

3

2

0

0

0

   

5

N35 Zwolle-Almelo (traverse Nijverdal)

65

55

51

24

75

92,4

 
 

N50 Viaduct Hanzelijn Toekomstvast

0

0

0

0

0

   

6

A50 Ewijk-Valburg

130

120

109

20

129

   
 

A4 Dinteloord-Bergen op Zoom

40

34

49

2

51

   
 

N2 Meerenakkerweg (A2 zone)

6

6

0

0

0

   
 

A2 Maasbracht-Geleen, 1e fase

61

45

48

2

50

   
 

A74 Venlo

22

– 1

12

0

12

   
 

A2 Passage Maastricht

79

57

116

4

120

   
 

A2/A76 Maatregelenpakket Limburg

0

52

0

0

0

   

7

N31 Leeuwarden (De Haak)

39

37

33

7

40

   
 

ZSM 1+2 (spoedwetwegverbreding)

258

217

188

– 5

183

   
 

Dynamisch verkeersmanagement

37

56

17

0

17

   

8

Kleine projecten / Afronding projecten

59

104

25

4

29

   
 

Programma aansluitingen

37

35

1

0

1

   

9

Quick Wins Wegen

15

17

2

– 1

1

   

10

Realisatieuitg.op IF 12.03.01 mbt planstudieuitg.

11

61

162

– 9

153

   

11

Programma 130 km

   

15

– 3

12

   
 

Afronding

0

0

0

0

     
  • 1. Aanvullend op het project A9 Alkmaar Uitgeest is nog een calamiteitentoerit gerealiseerd. Tevens is in de afgelopen zomer scheurvorming op de A9 geconstateerd, die in oktober 2012 is gerepareerd. Hierdoor is meer uitgegeven dan bij het opstellen van de Najaarsnota werd voorzien.

  • 2. Het project N9 Koedijk de Stolpen is gereed en opgeleverd. De verwachte eindafrekening van ca. € 3 mln. is niet meer in 2012 betaald, omdat de rekening niet op tijd is ontvangen. De eindafrekening zal derhalve 2013 worden betaald.

  • 3. De rekening van het designteam van het project A4 Delft Schiedam kon niet tijdig in 2013 worden betaald, omdat deze niet in dat jaar is ingediend. Hierdoor schuift de betaling door naar 2013.

  • 4. De realisatie van het project N57 Veersedam – Middelburg is sneller verlopen dan bij het opstellen van de Najaarsnota was voorzien. Daarnaast is de afrekening van de kabels en leidingen hoger uitgevallen dan gepland.

  • 5. Ten opzichte van de raming in de Najaarsnota is op het project N35 Zwolle – Almelo € 24 mln. meer gerealiseerd dan toen werd geraamd. Dit is mede veroorzaakt doordat de kosten van het project voor de Tunnel (Tunnel technische installaties) zijn toegenomen. De totale projectkosten zijn hierdoor gestegen met € 92,4 mln. ten opzichte van het MIRT budget van € 212 mln.

  • 6. Het project A50 Ewijk – Valburg wordt versneld uitgevoerd, waardoor in 2012 meer uitgaven zijn gerealiseerd dan eerder werd verwacht.

  • 7. In tegenstelling tot de verwachting is de 13e termijn voor het project N31 Leeuwarden (de Haak) toch in 2012 betaald.

  • 8. De hogere uitgaven zijn zichtbaar op de projecten Tangent Eindhoven (€ 1 mln.), RW 73 (€ 1 mln.) en Convenant Vathorst (€ 2 mln.) Bij de projecten Tangent Eindhoven en RW 73 is de termijnstaat van de aannemer na het opstellen van de Najaarsnota 2012 aangepast, waardoor iets meer ten laste van het budget in 2012 is betaald dan bij de Najaarsnota werd geprognosticeerd. Bij het project Convenant Vathorst heeft een correctie plaats gevonden voor grondaankopen Corlear. Deze grondaankopen waren ten laste van het project knooppunt Hoevelaken betaald. (zie ook toelichting bij A28/A1 knooppunt Hoevelaken, ad 10).

  • 9. Bij Quick Wins Wegen is een verwachte factuur niet meer in 2012 ontvangen, waardoor de betaling van het geleverde werk doorschuift naar 2013.

  • 10. De per saldo lagere uitgavenrealisatie is zichtbaar op de volgende projecten:

    • Schiphol – Amsterdam – Almere: Door meer vastgoed aankoop (A10-Oost en Spieringbrug (A1/A6)) is € 14 mln. meer aan uitgaven gerealiseerd;

    • N61 Hoek – Schoondijk: In verband met een dispuut met de aannemer inzake het Digitale Terrein Model (DTM), is het werk vertraagd. Hierdoor is € 3 mln. niet besteed;

    • Geluidsaneringprogramma weg: De oplevering van de schermen langs de A12 bij Voorburg is vertraagd door technische problemen met de fundering, waardoor plaatselijk versterkingen moeten worden aangebracht. Hierdoor verschuift de oplevering naar 2013 en zal de eerder verwachte betaling van € 3 mln. in 2013 worden verricht;

    • A27/A1 Utrecht – Eemnes – Amersfoort: Voor dit project zijn minder voorbereidende werkzaamheden uitgevoerd dan bij Najaarsnota was geraamd. Hierdoor zijn de betalingen € 1 mln. achter gebleven;

    • A28/A1 Knooppunt Hoevelaken: In het verleden is dit project ten onrechte belast voor de realisatie van de grondaankoop Corlear (€ 1,6 mln.). Dit is in 2012 gecorrigeerd;

    • A7 Zuidelijke ringweg Groningen 2e fase: Voor dit project zijn minder voorbereidende werkzaamheden uitgevoerd dan bij Najaarsnota was geraamd. Analoog daaraan zijn de uitgaven € 2 mln. achter gebleven bij de raming;

    • Zwolle – Wythmen: Ten opzicht van de raming in de Najaarsnota is € 1 mln. lagere uitgaven gerealiseerd omdat voor dit project minder voorbereidende werkzaamheden zijn uitgevoerd;

    • Benutting: Het programma Benutting is in oktober van start gegaan. Eerder werd verwacht dat in 2012 al voor € 3 mln. geproduceerd zou worden, hetgeen te optimistisch is gebleken.

  • 11. Een aantal rekeningen met betrekking tot het programma 130 km. zijn niet op tijd ontvangen om nog in 2012 betaald te kunnen worden. Deze rekeningen worden nu in 2013 verwacht.

12.04 Geïntegreerde contractvormen/PPS

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Geintegreerde contractvormen (12.04)

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutatie slotwet

Realisatie

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

   
 

Uitgaven

354

376

326

10

336

   
 

Aflossing tunnels

52

56

48

0

48

   

1

A10 2e Coentunnel

160

104

131

14

145

   
 

A12 Lunetten Veenendaal

122

109

105

3

108

   

2

A15 Maasvlakte Vaanplein

0

195

31

– 6

25

   
 

A59 Rosmalen-Geffen, PPS

14

– 93

6

– 1

5

   
 

N31 Leeuwarden-Drachten

6

5

5

1

6

   
 

Afronding

0

0

0

– 1

– 1

   
  • 1. De hogere uitgaven op het project A10 2e Coentunnel wordt voornamelijk veroorzaakt door de meer uitgaven bij het project Tweede Coentunnel. Dit betreffen rekeningen die gepland waren om in 2013 te worden betaald, maar uiteindelijk toch in 2012 zijn betaald.

  • 2. Door vertraging op de deelprojecten Reconstructie Plaatweg, Groene gordel Hoogvliet en werkzaamheden aan de Kabels en Leidingen strook, is op het project Maasvlakte Vaanplein in totaal € 6 mln. minder betaald dan verwacht.

12.05 Verkenningen en planstudie voor tracébesluit

De lagere realisatie van de uitgavenraming wordt veroorzaakt door de verkenning Zuid-as. De budgetreservering in het jaar 2012 is aangehouden en is betrokken in de BDU-beschikking 2013.

Verder is, zoals vermeld in de begroting van HXII over 2013 (Kamerstukken II, 2012–2013, 33 400 XII, nr. 2, blz. 10 en 11), het Geluidssaneringsprogramma Wegen een van de projecten die in het kader van het begrotingsakkoord zijn getemporiseerd. In 2012 speelde daarbij ook een rol dat de Wet milieubeheer later is gewijzigd dan gepland.

Verplichtingen

De hogere realisatie ten opzichte van het beschikbare verplichtingenbudget wordt vrijwel geheel veroorzaakt door de DBFM (Design Build Finance Maintain – ontwerp, bouw, financiering en onderhoud) contracten van N33 Assen – Zuidbroek en de A1-A6, gedeelte van het project Schiphol – Amsterdam – Almere. In de Najaarsnota 2012 is voor deze projecten alleen het aanleg deel gemuteerd en niet het Beheer en Onderhoud, omdat dat deel van de contracten toen nog niet bekend was.

Ontvangsten

De hogere ontvangsten betreffen hoofdzakelijk de bijdrage van de regio aan het project N33 Assen Zuidbroek. De partners hebben een deel van hun bijdrage, die voor 2013/2014 staat geraamd, alvast betaald.

Artikel 12 Hoofdwegennet

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.01 Verkeersmgmt.

   

43.993

27.340

23.304

23.273

23.228

92.897

205.659

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.01 Verkeersmgmt.

   

43.993

27.340

23.304

23.273

23.228

92.897

205.659

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 13.225

– 5.268

– 4.571

– 2.734

– 2.816

– 14.096

– 35.106

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.01 Verkeersmgmt.

   

30.768

22.072

18.733

20.539

20.412

78.801

170.553

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.01 Verkeersmgmt.

   

30.768

22.072

18.733

20.539

20.412

78.801

170.553

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.02 BenO

   

343.137

549.956

471.665

331.765

419.595

2.142.822

3.235.578

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 67.389

– 6.337

– 11.636

– 30.050

– 31.687

– 126.748

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.02 BenO

   

275.748

543.619

460.029

301.715

387.908

2.016.074

3.235.578

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

73.734

– 130.235

34.508

48.701

– 26.207

– 128.078

875.184

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.02 BenO

   

349.482

413.384

494.537

350.416

361.701

1.887.996

4.110.762

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

220.199

– 220.199

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.02 BenO

   

569.681

193.185

494.537

350.416

361.701

1.887.996

4.110.762

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 2.373

2.373

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 2.373

2.373

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 12.02 BenO

   

567.308

195.558

494.537

350.416

361.701

1.887.996

4.110.762

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.03 Aanleg

   

1.512.384

1.189.519

938.480

542.241

145.746

18.226

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 255.868

– 229.340

– 287.370

– 172.847

0

0

64.000

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.03 Aanleg

   

1.256.516

960.179

651.110

369.394

145.746

18.226

64.000

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 134.701

490.956

944.359

525.851

1.712.802

6.711.528

4.491.717

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.03 Aanleg

   

1.121.815

1.451.135

1.595.469

895.245

1.858.548

6.729.754

4.555.717

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

95.862

– 79.081

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.03 Aanleg

   

1.217.677

1.372.054

1.595.469

895.245

1.858.548

6.729.754

4.555.717

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

18.352

– 18.352

     

0

0

1

Overboeking binnen artikel 12

Neutraal

18.000

18.000

       

0

0

6

Mutaties slotwet 2012

 

18.000

36.352

– 18.352

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 12.03 Aanleg

   

1.254.029

1.353.702

1.595.469

895.245

1.858.548

6.729.754

4.555.717

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.04 GIV/PPS

   

354.075

384.106

171.962

145.777

147.252

564.632

908.172

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

21.596

56.352

344.482

363.949

54.184

177.903

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.04 GIV/PPS

   

375.671

440.458

516.444

509.726

201.436

742.535

908.172

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 69.165

– 20.202

50.293

– 746

49.954

– 22.070

363.604

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.04 GIV/PPS

   

306.506

420.256

566.737

508.980

251.390

720.465

1.271.776

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

19.265

– 19.265

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.04 GIV/PPS

   

325.771

400.991

566.737

508.980

251.390

720.465

1.271.776

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

10.001

– 10.001

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

10.001

– 10.001

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 12.04 GIV/PPS

   

335.772

390.990

566.737

508.980

251.390

720.465

1.271.776

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.05 Verk.& Planst.

   

– 233.744

122.507

1.203.572

753.818

2.328.262

8.514.667

3.996.765

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

174.436

100.493

0

– 77.954

0

– 33.000

– 64.000

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.05 Verk.& Planst.

   

– 59.308

223.000

1.203.572

675.864

2.328.262

8.481.667

3.932.765

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

361.553

– 223.000

– 1.203.572

– 675.864

– 2.328.262

– 8.481.667

– 3.932.765

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.05 Verk.& Planst.

   

302.245

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 234.350

220.121

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.05 Verk.& Planst.

   

67.895

220.121

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 16.841

16.841

     

0

0

1

Overboeking binnen artikel 12

Neutraal

– 18.000

– 18.000

       

0

0

6

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 34.841

16.841

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 12.05 Verk.& Planst.

   

33.054

236.962

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.06 Netwerk HWN

   

437.750

418.860

391.966

378.394

375.060

1.481.297

3.007.912

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.06 Netwerk HWN

   

437.750

418.860

391.966

378.394

375.060

1.481.297

3.007.912

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

1.962

3.156

4.693

4.031

4.312

17.433

– 8.182

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.06 Netwerk HWN

   

439.712

422.016

396.659

382.425

379.372

1.498.730

2.999.730

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 870

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.06 Netwerk HWN

   

438.842

422.016

396.659

382.425

379.372

1.498.730

2.999.730

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 12.06 Netwerk HWN

   

438.842

422.016

396.659

382.425

379.372

1.498.730

2.999.730

 
                     

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 HWN

   

2.330.370

2.613.456

3.246.425

2.258.366

3.461.640

12.832.696

11.354.086

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 HWN

   

2.550.528

2.728.863

3.072.135

2.157.605

2.871.423

10.915.746

13.108.538

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 HWN

   

2.650.634

2.630.439

3.072.135

2.157.605

2.871.423

10.915.746

13.108.538

 

Realisatie 2012 HWN

   

2.659.773

2.621.300

3.072.135

2.157.605

2.871.423

10.915.746

13.108.538

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.09 Ontvangsten

   

232.114

263.591

205.850

107.337

505.954

618.298

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

18.753

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.09 Ontvangsten

   

250.867

263.591

205.850

107.337

505.954

618.298

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

22.950

– 1.486

– 23.829

– 49.760

– 15.625

– 439.500

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.09 Ontvangsten

   

273.817

262.105

182.021

57.577

490.329

178.798

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 119.380

119.380

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.09 Ontvangsten

   

154.437

381.485

182.021

57.577

490.329

178.798

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

11.264

– 11.264

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

11.264

– 11.264

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 12.09 Ontvangsten

   

165.701

370.221

182.021

57.577

490.329

178.798

0

 

13 Spoorwegen

Budgettaire gevolgen van beleid: Slotwet 2012 (Bedragen in EUR 1.000)

13 Spoorwegen

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutaties 3e suppletoire begroting

Stand 3e suppletoire begroting

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(3+4)

Verplichtingen

2.032.613

2.032.613

2.692.380

– 641.944

2.050.436

Uitgaven

2.445.684

2.473.051

2.206.264

– 21.044

2.185.220

13.02 Onderhoud en vervanging

1.510.623

1.509.600

1.480.321

– 16.726

1.463.595

13.02.01 Regulier onderhoud

671.520

681.104

777.035

– 1.254

775.781

13.02.02 Grote onderhoudsprojecten

455.699

404.600

404.600

– 16.778

387.822

13.02.03 Rentelasten

37.919

37.919

37.919

906

38.825

13.02.04 Betuweroute

55.600

54.149

54.149

– 2.090

52.059

13.02.05 Kleine infra en overige projecten

289.885

331.828

206.618

2.490

209.108

13.02.06 Aandeel ProRail in taakst. IenM

0

0

0

0

0

13.03 Aanleg

675.852

656.069

544.935

– 4.327

540.608

13.03.01 Real.progr.personenvervoer

630.772

611.681

533.433

– 5.455

527.978

13.03.02 Real.progr.goederenvervoer

45.080

44.388

11.502

1.128

12.630

13.03.03 Uitgaven leenfaciliteit versnelde aanleg

0

0

0

0

0

13.04 Geintegreerde contractvormen/PPS

151.489

162.854

129.000

943

129.943

13.05 Verkenningen en planstudies

107.720

144.528

52.008

– 934

51.074

13.05.01 Planstudieprogr. personenvervoer

73.572

103.941

44.671

– 946

43.725

13.05.02 Planstudieprogr. goederenvervoer

34.148

40.587

7.337

12

7.349

13.09 Ontvangsten

93.136

71.952

90.729

– 18.203

72.526

13.02 Onderhoud en vervanging

Bij de initiële subsidieverlening 2012 aan ProRail is een forfaitaire korting van € 19 mln. toegepast in verband met de nog niet bestede subsidie per eind 2011. Gedachte hierbij was dat deze bij de wijzigingsbeschikking 2012 weer teruggedraaid zou worden wanneer ProRail de productie weer zou zijn ingelopen. Uit de derde kwartaalrapportage 2012 van ProRail blijkt echter dat ook in 2012 sprake is van onderbesteding. Hierdoor is in de wijzigingsbeschikking van december 2012 aan ProRail de (initiële) forfaitaire aftrek gehandhaafd. Daarnaast is in de wijzigingsbeschikking van december 2012 rekening gehouden met extra kosten van ProRail in 2012, onder andere in verband met het tijdelijk beheer Hofpleinlijn, overdracht van werkzaamheden door RWS en de regeling keuring spoorvoertuigen van € 3 mln. Tenslotte valt de gebruiksvergoeding iets lager uit waardoor ook de compensatie van BTW op de gebruiksvergoeding lager uitvalt (€ 1 mln.).

13.03 Aanleg

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Realisatieprojecten Personenvervoer (13.03.01)

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutatie slotwet

Realisatie

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

   
 

Uitgaven

631

612

533

– 5

528

   
 

BB21 (ontw. Bev21, VPT+,VPT2)

0

3

0

0

     

1

ERTMS pilot Amsterdam-Utrecht en ERTMS exp.centr.

19

24

4

– 3

1

   
 

Geluidsanering Spoorwegen

7

12

0

0

     
 

Geluid (empl. en innovatieve ontwikkelingen)

0

0

0

0

     
 

Integrale spooruitbreiding Amsterdam – Utrecht

4

4

0

0

     
 

Vervanging Dieze brug Den Bosch

0

0

0

0

     
 

Kleine stations

9

12

16

0

16

   
 

Afdekking risico's spoorprogramma's

0

39

0

0

     
 

AKI-plan en veiligheidsknelpunten

23

24

7

– 1

6

   
 

Intensivering Spoor in steden (I)

10

20

11

0

11

   
 

Nazorg gereedgekomen lijnen/halten

5

9

5

0

5

   
 

Ontsnippering

14

15

8

– 1

7

   
 

OV SAAL korte termijn

49

46

36

– 2

34

   
 

Amsterdam Centraal spoor 10/15

0

0

0

0

     
 

Amsterdam Centraal Cuyperhal

13

15

1

0

1

   
 

Fietsenstalling Amsterdam Centraal

2

2

1

0

1

   
 

Regionet (inclusief verkeersmaatregelen Schiphol)

35

41

21

2

23

   
 

Vleuten – Geldermalsen 4/6 sp. (incl. RSS)

64

11

81

– 1

80

   
 

OV-terminal stationsgebied Utrecht (VINEX/NSP)

66

84

50

0

50

   
 

Spoorwegovergang Soestdijkseweg te Bilthoven

12

18

0

0

     
 

Den Haag Centraal (t.b.v. NSP)

34

28

38

1

39

   
 

Den Haag CS: terugbouwen sporen 11/12

9

12

0

0

0

   
 

Rotterdam Centraal (t.b.v. NSP)

48

27

40

1

41

   
 

Rijswijk – Schiedam incl. spoorcorridor Delft

48

28

77

– 2

75

   
 

Breda Centraal (t.b.v. NSP)

9

10

5

0

5

   
 

Arnhem Centraal (t.b.v. NSP)

21

17

8

0

8

   
 

Spoorzone Ede

0

0

0

0

     
 

Sporen in Arnhem

15

10

28

0

28

   
 

Traject Oost (perronverbredingen)

2

2

0

0

     

2

Traject Oost uitv. convenant DMB

11

12

4

– 2

2

   
 

Hanzelijn

81

66

79

0

79

   
 

Sporendriehoek Noord Nederland

21

22

12

1

13

   
 

Partiele spooruitbreiding spoor Groningen Leeuwarden

2

2

0

0

     
 

Regionale lijnen Gelderland

0

0

2

0

2

   
 

Afronding

– 2

– 3

– 1

2

1

  • 1. In de tweede suppletoire begroting over 2012 (Najaarsnota) is de raming ten behoeve van de ERMTS pilot Amsterdam-Utrecht reeds neerwaarts bijgesteld, omdat de inbouw van ERMTS in een aantal treinen meer tijd kost dan verwacht en doordat in dat jaar een beperkter aantal testritten is uitgevoerd. Thans blijkt dat de raming voor de ERTMS-pilot in 2012 verder neerwaarts kan worden bijgesteld, omdat er een groter deel van de uitgaven binnen hoofdstuk XII is gefinancierd dan eerder was aangenomen. De totale raming is niet aangepast.

  • 2. De aanvraag voor een beschikking voor het project Bunnik is later ingediend dan verwacht, waardoor nog geen verrekening heeft kunnen plaatsvinden.

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatieprojecten Goederenvervoer (13.03.02)

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutatie slotwet

Realisatie

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

   

Uitgaven

45

44

11

2

13

   

PAGE risico reductie

4

1

1

0

1

   

Geluidspilot Goederenvervoer

0

0

0

0

     

Optimalisering Goederencorridor Rotterdam-Genua

20

21

4

0

4

   

Uitv.progr.Goed.route Elst-Deventer-Twente (NaNov)

19

21

7

1

8

   

Sloelijn/geluidmaatregelen Zeeuwselijn

1

1

0

0

     

Kleine projecten

0

0

0

0

     

Nazorg gereedgekomen lijnen-halten

2

1

0

0

     

Afronding

– 1

– 1

– 1

1

Verplichtingen

Naar aanleiding van de taakstelling uit het regeerakkoord Rutte II is eind 2012 een aantal beschikkingen vertraagd om te bezien op welke wijze deze kunnen worden ingepast binnen de bijgestelde budgetten (Toegankelijkheid, Fietsparkeren, OV SAAL). Hierdoor is in 2012 een overschot aan verplichtingenruimte ontstaan. Begin 2013 zullen de beschikkingen worden afgegeven passend binnen het bijgestelde budgettaire kader.

Ontvangsten

De bijdragen van lagere overheden ad € 14 mln. en afrekeningen met ProRail (aanlegprojecten) ad € 9 mln. zijn doorgeschoven naar 2013. Daarnaast is de betaling van HSA € 5 mln. hoger uitgevallen dan begroot, omdat HSA de volledige concessievergoeding (HSL-heffing € 35 mln. en gebruiksvergoeding € 5 mln.) heeft betaald. De € 5 mln. gebruiksvergoeding moet nog met ProRail worden verrekend.

Artikel 13 Spoorwegen

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.02 Onderh.& Verv.

   

1.510.623

1.567.862

1.360.564

1.472.331

1.271.147

5.187.548

11.463.248

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.02 Onderh.& Verv.

   

1.509.600

1.524.988

1.321.305

1.359.072

1.157.888

4.870.070

10.602.964

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 29.279

– 200.472

– 84.920

– 122.272

– 46.140

– 23.283

– 1.269.555

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.02 Onderh.& Verv.

   

1.480.321

1.324.516

1.236.385

1.236.800

1.111.748

4.846.787

9.333.409

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.02 Onderh.& Verv.

   

1.480.321

1.324.516

1.236.385

1.236.800

1.111.748

4.846.787

9.333.409

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 16.726

16.726

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 16.726

16.726

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 13.02 Onderh.& Verv.

   

1.463.595

1.341.242

1.236.385

1.236.800

1.111.748

4.846.787

9.333.409

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.03 Aanleg

   

675.852

645.858

561.017

507.963

414.632

721.006

72.748

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 19.783

0

0

0

0

– 15.000

15.000

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.03 Aanleg

   

656.069

645.858

561.017

507.963

414.632

706.006

87.748

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 134.119

60.453

425.365

673.092

757.919

2.965.744

1.560.301

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.03 Aanleg

   

521.950

706.311

986.382

1.181.055

1.172.551

3.671.750

1.648.049

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

22.985

– 20.929

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.03 Aanleg

   

544.935

685.382

986.382

1.181.055

1.172.551

3.671.750

1.648.049

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 4.493

4.493

     

0

0

1

Desaldering

Intensivering/Extensivering

565

565

       

0

0

2

Overboeking binnen artikel 13

Neutraal

– 399

– 399

       

0

0

6

Mutaties slotwet 2012

 

166

– 4.327

4.493

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 13.03 Aanleg

   

540.608

689.875

986.382

1.181.055

1.172.551

3.671.750

1.648.049

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.04 GIV/PPS

   

151.489

143.776

145.040

146.099

147.580

612.144

1.294.257

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

11.365

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.04 GIV/PPS

   

162.854

143.776

145.040

146.099

147.580

612.144

1.294.257

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 26.000

5.000

3.000

2.000

1.000

0

15.000

,

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.04 GIV/PPS

   

136.854

148.776

148.040

148.099

148.580

612.144

1.309.257

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 7.854

7.854

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.04 GIV/PPS

   

129.000

156.630

148.040

148.099

148.580

612.144

1.159.210

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

943

-943

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

943

– 943

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 13.04 GIV/PPS

   

129.943

155.687

148.040

148.099

148.580

612.144

1.159.210

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.05 Verk.& Planst.

   

107.720

211.006

325.314

449.299

566.454

3.300.504

959.816

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

36.808

0

– 60.000

– 24.000

– 34.000

– 297.000

149.000

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.05 Verk.& Planst.

   

144.528

211.006

265.314

425.299

532.454

3.003.504

1.108.816

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 88.990

– 211.006

– 265.314

– 425.299

– 532.454

– 3.003.504

– 1.108.816

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.05 Verk.& Planst.

   

55.538

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 3.530

1.593

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.05 Verk.& Planst.

   

52.008

1.593

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 1.333

1.333

     

0

0

1

Overboeking binnen artikel 13

Neutraal

399

399

       

0

0

6

Mutaties slotwet 2012

 

399

– 934

1.333

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 13.05 Verk.& Planst.

   

51.074

2.926

0

0

0

0

– 1

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.07 Rente & afl.

             

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.07 Rente & afl.

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

18.150

18.150

18.150

18.150

72.600

145.200

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.07 Rente & afl.

   

0

18.150

18.150

18.150

18.150

72.600

145.200

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.07 Rente & afl.

   

0

18.150

18.150

18.150

18.150

72.600

145.200

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 13.07 Rente & afl.

   

0

18.150

18.150

18.150

18.150

72.600

145.200

 
                     

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 Spoorwegen

2.473.051

2.525.628

2.292.676

2.438.433

2.252.554

9.191.724

13.093.785

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 Spoorwegen

2.194.663

2.197.753

2.388.957

2.584.104

2.451.029

9.203.281

12.435.914

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 Spoorwegen

2.206.264

2.186.271

2.388.957

2.584.104

2.451.029

9.203.281

12.285.867

 

Realisatie 2012 Spoorwegen

2.185.220

2.207.880

2.388.957

2.584.104

2.451.029

9.203.281

12.285.867

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.09 Ontvangsten

93.136

174.105

186.489

346.489

346.489

1.385.957

2.307.128

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

– 21.184

– 114.105

– 126.490

– 164.490

– 164.490

– 598.401

– 765.206

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.09 Ontvangsten

71.952

60.000

59.999

181.999

181.999

787.556

1.541.922

 

Mutaties Miljoenennota 2013

18.777

0

0

56.000

0

5.000

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.09 Ontvangsten

90.729

60.000

59.999

237.999

181.999

792.556

1.541.922

 

Mutaties Najaarsnota 2012

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.09 Ontvangsten

90.729

60.000

59.999

237.999

181.999

792.556

1.541.922

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 18.798

18.798

     

0

0

1

Desaldering

Intensivering/Extensivering

595

595

       

0

0

2

Mutaties slotwet 2012

595

– 18.203

18.798

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 13.09 Ontvangsten

72.526

78.798

59.999

237.999

181.999

792.556

1.541.922

 

14 Regionale, lokale infrastructuur

Budgettaire gevolgen van beleid: Slotwet 2012 (Bedragen in EUR 1.000)

14 Regionaal/lokale infra.

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutaties 3e suppletoire begroting

Stand 3e suppletoire begroting

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(3+4)

Verplichtingen

215.471

215.471

172.525

– 107.463

65.062

Uitgaven

329.348

224.088

222.535

16.317

238.852

14.01 Grote regionaal/lokale projecten

187.266

236.496

124.201

17.832

142.033

14.01.01 Verkenningen

0

0

0

0

0

14.01.02 Planstudieprogr.reg./lok

888

8.397

99

– 99

0

14.01.03 Real.progr.reg./lok.

186.378

228.099

124.102

17.931

142.033

14.02 Regionale Mob. Fondsen

41.291

36.658

41.580

0

41.580

14.03 RSP – ZZL: Pakket Bereikbaarheid

100.791

– 49.066

56.754

– 1.515

55.239

14.03.01 RSP – ZZL: RB projecten

31.182

41.155

4.054

– 1.515

2.539

14.03.02 RSP – ZZL: RB mob.fondsen

51.968

– 108.032

52.700

0

52.700

14.03.03 RSP – ZZL: REP

17.641

17.811

0

0

0

14.09 Ontvangsten

0

0

0

0

0

14.01 Grote regionaal/lokale projecten

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Real.progr.reg.lok. (14.01.03)

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutatie slotwet

Realisatie

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

   
 

Uitgaven

186

228

124

18

142

   

1

Noord/Zuidlijn Noord-WTC

44

56

56

21

77

   
 

N201

18

32

12

0

12

   
 

Rijn Gouwelijn Oost

42

73

0

0

     
 

Scheveningen Boulevard

0

0

0

0

     
 

Randstadrail (incl. voorbereidingskosten

             
 

en aanlanding)

52

34

0

0

     
 

Beneluxmetro (excl.Bodemsanering)

0

2

2

0

2

   
 

Tilburg Noordwesttangent

0

0

0

0

     
 

Startstation Erasmuslijn

 

2

0

       
 

Nijmegen 2e stadsbrug

31

31

55

– 4

51

   
 

Afronding

– 1

– 2

– 1

1

  • 1. Voor de Noord/Zuidlijn WTC is in 2012 meer uitgegeven omdat door het voorspoedig verlopen van het boren enkele mijlpalen, die voor 2013 stonden gepland, al in 2012 zijn gerealiseerd en derhalve in dat jaar konden worden betaald.

Verplichtingen

De lagere realisatie op het verplichtingenbudget wordt voor een deel veroorzaakt doordat de betalingsverplichtingen voor het project de Parallelstructuur A12 Gouwe knoop nog niet in 2012 zijn aangegaan. De reden daarvoor is dat de provincie nog geen volledige aanvraag heeft ingediend, deze wordt nu in 2013 verwacht.

Hetzelfde geldt voor de RijnGouwelijn-oost die door de nieuwe plannen van de provincie Zuid-Holland nu samen met de RijnGouwelijn-west onderdeel is geworden van het Hoogwaardig Openbaar Vervoer Zuid-Holland noord. Voor dat totale netwerk is nog geen aanvraag ingediend.

Voor een ander deel wordt het overschot op het budget veroorzaakt doordat reeds in een voorgaande jaar verplichtingen zijn vastgelegd die nog in deze begroting staan geraamd.

Artikel 14 Regionaal/lokale infra.

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.01 Reg./lok.

   

187.266

140.607

120.653

61.919

34.235

697.433

450.000

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

49.230

– 72.500

0

50.954

0

100.000

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.01 Reg./lok.

   

236.496

68.107

120.653

112.873

34.235

797.433

450.000

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

40.802

– 7.336

– 15.823

– 13.530

9.921

– 187.274

– 19.455

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 14.01 Reg./lok.

   

277.298

60.771

104.830

99.343

44.156

610.159

430.545

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 153.097

153.097

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.01 Reg./lok.

   

124.201

213.868

104.830

99.343

44.156

610.159

430.545

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

17.832

– 17.832

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

17.832

– 17.832

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 14.01 Reg./lok.

   

142.033

196.036

104.830

99.343

44.156

610.159

430.545

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.02 Reg.Mob.fonds.

   

41.291

30.257

12.750

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 4.633

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.02 Reg.Mob.fonds.

   

36.658

30.257

12.750

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 14.02 Reg.Mob.fonds.

   

36.658

30.257

12.750

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

4.922

– 4.922

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.02 Reg.Mob.fonds.

   

41.580

25.335

12.750

0

0

0

0

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 14.02 Reg.Mob.fonds.

   

41.580

25.335

12.750

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.03 RSP/ZZL

   

100.791

97.434

196.544

107.624

214.366

461.414

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 149.857

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.03 RSP/ZZL

   

– 49.066

97.434

196.544

107.624

214.366

461.414

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

157.839

– 52.479

– 52.395

– 53.615

– 1.916

– 5.173

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 14.03 RSP/ZZL

   

108.773

44.955

144.149

54.009

212.450

456.241

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 52.019

– 5.798

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.03 RSP/ZZL

   

56.754

39.157

144.149

54.009

212.450

456.241

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 1.515

1.515

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 1.515

1.515

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 14.03 RSP/ZZL

   

55.239

40.672

144.149

54.009

212.450

456.241

0

 
                     

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 Reg./Lok.infra.

   

224.088

195.798

329.947

220.497

248.601

1.258.847

450.000

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 Reg./Lok.infra.

   

422.729

135.983

261.729

153.352

256.606

1.066.400

430.545

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 Reg./Lok.infra.

   

222.535

278.360

261.729

153.352

256.606

1.066.400

430.545

 

Realisatie 2012 Reg./Lok.infra.

   

238.852

262.043

261.729

153.352

256.606

1.066.400

430.545

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 14.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 14.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

15 Hoofdvaarwegennet

Budgettaire gevolgen van beleid: Slotwet 2012 (Bedragen in EUR 1.000)

15 Hoofdvaarwegennet

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutaties 3e suppletoire begroting

Stand 3e suppletoire begroting

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(3+4)

Verplichtingen

1.015.926

1.075.321

881.847

– 201.915

679.932

Uitgaven

843.656

836.032

840.709

– 17.683

823.026

15.01 Verkeersmanagement

23.552

23.552

19.525

0

19.525

15.01.01 Basispakket verkeersmanagement

23.552

23.552

19.525

0

19.525

15.01.02 Servicepakket verkeersmanagement

0

0

0

0

0

15.02 Beheer en onderhoud

199.385

172.054

320.700

– 11.849

308.851

15.02.01 Basispakket B&O hoofdvaarwegen

125.947

125.946

136.650

0

136.650

15.02.02 Servicepakket B&O hoofdvaarwegen

23.176

– 4.422

112.110

– 1.263

110.847

15.02.04 Groot var.onderhoud hoofdvaarwegen

50.262

50.530

71.940

– 10.586

61.354

15.03 Aanleg en planstudie na tracébesluit

343.610

366.105

232.003

– 5.049

226.954

15.03.01 Realisatieprogr. hoofdvaarwegen

334.891

356.417

232.003

– 5.049

226.954

15.03.02 Planstudieprogr. na tracébesluit

8.719

9.688

0

0

0

15.05 Verk. en planstudies voor tracébesluit

21.287

18.499

11.721

– 785

10.936

15.05.01 Verkenningen

0

0

0

0

0

15.05.02 Planstudieprogramma voor tracébesluit

21.287

18.499

11.721

– 785

10.936

15.06 Netwerkgebonden kosten HVWN

255.822

255.822

256.760

0

256.760

15.06.01 Apparaatskosten RWS

243.456

243.456

244.421

0

244.421

15.06.02 Overige netwerkgebonden kosten

12.366

12.366

12.339

0

12.339

15.09 Ontvangsten

68.687

85.218

46.884

4.820

51.704

15.02 Beheer en onderhoud

De lagere realisatie op het hoofdproduct Groot Variabel Onderhoud is het gevolg van een vertraging in de voorbereiding van de Modernisering van de Object-bediening Zeeland (MOBZ). De vaststelling van het ontwerp MOBZ duurde langer dan voorzien waardoor de uitvoering van de maatregelen is vertraagd.

15.03 Aanleg en planstudie na tracébesluit

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Realisatieprojecten hoofdvaarwegen (15.03.01)

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutatie slotwet

Realisatie

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

   
 

Uitgaven

335

356

232

– 5

227

   

1

Quick Wins binnenhavens

15

14

0

2

2

   

2

Impuls Dynamisch verkeersmanagement

35

43

25

– 4

21

   
 

Verbeteren vaargeul IJsselmeer (Amsterdam-Lemmer)

0

3

0

0

     

3

Amsterdam-Rijnkanaal, verwijderen keersluis Zeeburg

   

1

– 1

     
 

Walradar Noordzeekanaal

4

10

5

0

5

   
 

De Zaan (Wilhelminasluis)

0

0

0

0

     
 

Lekkanaal, verbreding kanaalzijde en uitbreiding ligpl.

0

0

0

0

     
 

Verbreding Maasgeul

   

2

0

2

   
 

Capaciteit Julianasluis Gouda

0

0

0

0

     
 

Zuid-Willemsvaart; renovatie middendeel klasse II

4

4

2

0

2

   
 

Zuid-Willemsvaart, oml. en opwaarderen (Maas-Veghel)

70

64

73

0

73

   

4

Wilhelminakaanl Tilburg

2

2

1

1

2

   

5

Zuid-Willemsvaart; vervanging sluizen 4, 5 en 6

25

25

0

1

1

   
 

Maasroute, modernisering fase 2

111

111

104

– 2

102

   
 

Bouw 4e sluiskolk Ternaaien

0

0

0

0

     
 

Vaarweg Meppel-Ramspol (keersluis Zwartsluis)

7

7

3

1

4

   
 

Vaarweg Lemmer-Delfzijl fase 1

23

24

7

0

7

   
 

Verruiming vaarweg Eemshaven Noordzee

26

26

0

0

     

6

Walradarsystemen

9

11

2

– 1

1

   
 

Kleine projecten

1

1

0

0

     
 

Ligplaatsvoorzieningen

0

0

0

0

     
 

Subsidieprogr.ZeehaveninnovatieProject voor

             
 

duurzaamheid (ZIP)

2

2

1

0

1

   
 

Amendement ligplaatsen

 

6

1

0

1

   
 

Realisatieuitgaven op IF 15.03.01 mbt planuitw.projecten

   

5

– 1

4

   
 

Afronding

1

3

0

– 1

– 1

   
  • 1. Voor de uitvoering van de 69 beschikkingen uit de 1e en 2e tranche zijn meer uitgaven verricht dan bij Najaarsnota was geraamd.

    Verder wordt uit dit project € 14.000 naar het Gemeentefonds overgeboekt als aanvulling op de in de tweede suppletoire begroting over 2012 (Najaarsnota) opgenomen overboeking van € 10 mln. inzake aanvragen voor de Decentralisatie Uitkering Binnenhavens (DUB) van de gemeenten Venray, Oss, Tiel en Bergen op Zoom (3e tranche).

  • 2. Voor enkele deelprojecten is de realisatie met in totaal € 4 mln. achtergebleven bij de in de Najaarsnota geprognostiseerde uitgaven (o.a. Informatiediensten op Schepen IDoS).

  • 3. Er zijn in 2012 geringe uitgaven gedaan ten behoeve van de voorbereiding van de realisatie (door afronding niet zichtbaar in tabel). De daadwerkelijke realisatie start begin 2013.

  • 4. Voor de voorbereiding van de realisatie zijn in 2012 in geringe mate meer uitgaven verricht dan eerder werd geraamd.

  • 5. Dit betreffen uitgaven ten behoeve van de financiële afwikkeling van het project.

  • 6. In 2012 zijn beperkte uitgaven gedaan (niet zichtbaar in tabel als gevolg van afronding) ten behoeve van de voorbereiding van de bouw van de Schelderadarketenpost Noord. De in 2012 onbesteed gebleven gelden schuiven door naar 2013.

15.05 Verkenningen en planstudies voor tracébesluit

Uit de begroting van Hoofdstuk XII wordt ca. € 0,2 mln. naar dit artikelonderdeel overgeboekt ten behoeve van de ontwikkeling van een testbed voor E-navigation (EU project ACCSEAS -Accessibility for Shipping, Efficiency Advantages and Sustainability).

Verplichtingen

De lagere verplichtingenmutatie betreft het saldo van hogere en lagere vastlegging van verplichtingen ten opzichte van het Najaarsnota budget.

De belangrijkste projecten die hier aan ten grondslag liggen zijn de Fries – Groningse kanalen, Modernisering Maasroute en de Zuid-Willemsvaart, ged. Maas – Veghel.

Ontvangsten

De meerontvangst betreft in hoofdzaak de vervroeging van de ontvangst van een TEN-subsidie voor de Maasroute op basis van het EC-besluit.

Artikel 15 Hoofdvaarwegennet

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.01 Verkeersmgmt.

   

23.552

14.856

12.496

12.487

12.464

49.852

104.296

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.01 Verkeersmgmt.

   

23.552

14.856

12.496

12.487

12.464

49.852

104.296

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 4.027

– 2.086

840

– 684

188

752

– 2.983

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.01 Verkeersmgmt.

   

19.525

12.770

13.336

11.803

12.652

50.604

101.313

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.01 Verkeersmgmt.

   

19.525

12.770

13.336

11.803

12.652

50.604

101.313

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 15.01 Verkeersmgmt.

   

19.525

12.770

13.336

11.803

12.652

50.604

101.313

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.02 BenO

   

199.385

268.583

261.747

252.623

344.678

993.452

636.744

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 27.331

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.02 BenO

   

172.054

268.583

261.747

252.623

344.678

993.452

636.744

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

195.393

30.301

23.015

8.004

– 68.780

– 196.793

1.473.537

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.02 BenO

   

367.447

298.884

284.762

260.627

275.898

796.659

2.110.281

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 46.747

18.847

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.02 BenO

   

320.700

317.731

284.762

260.627

275.898

796.659

2.110.281

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 11.849

11.849

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 11.849

11.849

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 15.02 BenO

   

308.851

329.580

284.762

260.627

275.898

796.659

2.110.281

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.03 Aanleg

   

343.610

346.247

272.298

201.043

40.444

5.529

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

22.495

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.03 Aanleg

   

366.105

346.247

272.298

201.043

40.444

5.529

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 78.514

– 61.506

67.370

88.908

178.210

721.232

1.300.597

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.03 Aanleg

   

287.591

284.741

339.668

289.951

218.654

726.761

1.300.597

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 55.588

45.054

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.03 Aanleg

   

232.003

329.795

339.668

289.951

218.654

726.761

1.300.597

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 5.035

5.035

     

0

0

1

Overboeking naar Gemeentefonds

Intensivering/Extensivering

– 14

– 14

       

0

0

3

Mutaties slotwet 2012

 

– 14

– 5.049

5.035

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 15.03 Aanleg

   

226.954

334.830

339.668

289.951

218.654

726.761

1.300.597

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.05 Verk.& Planst.

   

21.287

30.171

104.736

180.681

155.643

555.485

1.222.100

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 2.788

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.05 Verk.& Planst.

   

18.499

30.171

104.736

180.681

155.643

555.485

1.222.100

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 6.778

– 30.171

– 104.736

– 180.681

– 155.643

– 555.485

– 1.222.100

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.05 Verk.& Planst.

   

11.721

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.05 Verk.& Planst.

   

11.721

0

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 942

942

     

0

0

1

Overboeking uit Hoofdstuk XII

Intensivering/Extensivering

157

157

       

0

0

5

Mutaties slotwet 2012

 

157

– 785

942

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 15.05 Verk.& Planst.

   

10.936

942

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.06 Netwerk HVWN

   

255.822

248.238

232.802

224.302

222.198

876.659

1.779.008

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.06 Netwerk HVWN

   

255.822

248.238

232.802

224.302

222.198

876.659

1.779.008

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

984

– 515

1.234

545

624

2.303

– 5.917

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.06 Netwerk HVWN

   

256.806

247.723

234.036

224.847

222.822

878.962

1.773.091

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 46

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.06 Netwerk HVWN

   

256.760

247.723

234.036

224.847

222.822

878.962

1.773.091

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 15.06 Netwerk HVWN

   

256.760

247.723

234.036

224.847

222.822

878.962

1.773.091

 
                     

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 HVWN

   

836.032

908.095

884.079

871.136

775.427

2.480.977

3.742.148

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 HVWN

   

943.090

844.118

871.802

787.228

730.026

2.452.986

5.285.282

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 HVWN

   

840.709

908.019

871.802

787.228

730.026

2.452.986

5.285.282

 

Realisatie 2012 HVWN

   

823.026

925.845

871.802

787.228

730.026

2.452.986

5.285.282

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.09 Ontvangsten

   

68.687

29.703

22.155

3.042

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

16.531

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.09 Ontvangsten

   

85.218

29.703

22.155

3.042

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 1.746

333

0

1.402

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.09 Ontvangsten

   

83.472

30.036

22.155

4.444

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 36.588

36.588

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.09 Ontvangsten

   

46.884

66.624

22.155

4.444

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

4.820

– 4.820

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

4.820

– 4.820

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 15.09 Ontvangsten

   

51.704

61.804

22.155

4.444

0

0

0

 

16 Megaprojecten niet-Verkeer en Vervoer

Budgettaire gevolgen van beleid: Slotwet 2012 (Bedragen in EUR 1.000)

16 Megaproj.niet Verkeer en Vervoer

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutaties 3e suppletoire begroting

Stand 3e suppletoire begroting

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(3+4)

Verplichtingen

674.428

748.995

668.079

79.184

747.263

Uitgaven

861.154

891.751

755.959

34.738

790.697

16.01 Project Mainportontwikkeling R'dam

437.934

455.591

440.637

– 2.664

437.973

16.01.01 Planstudie PMR

0

0

0

0

0

16.01.02 Realisatieprogramma PMR

437.934

455.591

440.637

– 2.664

437.973

16.02 Ruimte voor de Rivier

154.610

111.714

155.000

19.834

174.834

16.03 Maaswerken

34.769

67.931

52.427

210

52.637

16.04 Netwerkgebonden kosten

         

megaproj. niet VenV

18.324

18.324

18.388

0

18.388

16.04.01 Apparaatskosten RWS

18.324

18.324

18.388

0

18.388

16.04.02 Overige netwerkgebonden kosten

0

0

0

0

0

16.05 Hoogwaterbeschermingsprogramma 2

215.517

238.191

89.507

17.358

106.865

16.09 Ontvangsten

80.193

79.129

146.408

2.901

149.309

16.09.01 PMR

1.193

1.193

1.193

– 1.193

0

16.09.02 Ruimte voor de Rivier

0

– 944

511

1.848

2.359

16.09.03 Maaswerken

0

– 120

1.790

362

2.152

16.09.04 Ontvangsten HWBP 2

79.000

79.000

142.914

1.884

144.798

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Realisatie Megaprojecten niet VenV (16)

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutatie slotwet

Realisatie

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

   
 

Uitgaven

862

892

756

35

791

   
 

Project Mainportontwikkeling Rotterdam

438

455

440

– 2

438

   
 

Uitvoeringsorganisatie

2

5

1

– 1

     
 

750 ha

0

0

0

0

     
 

Groene verbinding

0

0

0

0

     
 

Bestaand Rotterdams Gebied (BRG)

0

0

0

0

     
 

Natuurcompensatie

6

13

4

0

4

   
 

Landaanwinning

356

356

363

0

363

   
 

BTW Buitencontour

68

68

69

0

69

   
 

Onvoorzien

6

13

3

– 1

2

   

1

Ruimte voor de rivier

155

112

155

20

175

   
 

Projectbudget

155

112

155

20

175

   
 

Maaswerken

35

68

53

0

53

   
 

Zandmaas

32

30

15

0

15

   
 

Grensmaas

3

38

38

0

38

   
 

Apparaatskosten RWS

18

18

18

0

18

   

2

Hoogwaterbeschermingsprogramma 2

216

239

90

17

107

   
 

HWBP 2 Waterschapsprojecten

206

230

81

26

107

   
 

HWBP 2 Rijksprojecten

4

4

4

– 4

     
 

Overige projectkosten

6

5

5

– 5

     

1. Ruimte voor de rivier

De hogere uitgaven zijn ontstaan als gevolg van een toename van gegunde contracten door een efficiëntere marktbenadering. Met name daardoor is het kasritme van het project Lent versneld.

2. Hoogwaterbeschermingsprogramma 2

In de laatste maanden van het voorgaande jaar konden alsnog bij diverse projecten nieuwe beschikkingen worden afgesloten. Dit heeft geleid tot een gewenste start van de projecten Enkhuizen-Hoorn, Dijkversterking Krimpen en Eiland van Dordrecht. Verder zijn door meerwerkkosten voor dijkversterking Enkhuizen hogere uitgaven verricht.

Daartegenover staan enkele aanbestedingsmeevallers bij onder andere de afgeronde projecten zwakke schakels Scheveningen en de Delflandsekust.

Verplichtingen

De mutatie op het verplichtingenbudget is het directe gevolg van de versnellingen bij Ruimte voor de rivier alsmede de vastlegging van nieuwe beschikkingen en meerkosten op het hoogwaterbeschermingsprogramma.

Ontvangsten

In de begroting is voor PMR natuurcompensatie een ontvangstenraming van bijna € 1,2 mln. opgenomen. Deze raming betreft een in een eerder jaar aangebrachte desaldering die ten onrechte is aangebracht en derhalve niet zal worden gerealiseerd. Deze raming schuift nu via het voordelig saldo door naar 2013 en zal in dat jaar worden gecorrigeerd.

De hogere ontvangst op het onderdeel Ruimte voor de rivier betreft de ontvangen EU-subsidie op het project Lent. Met het daadwerkelijk ontvangen van deze subsidie in 2012 werd bij het opstellen van de Najaarsnota geen rekening gehouden.

Artikel 16 Megaproj. Niet Verkeer en Vervoer

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.01 PMR

   

437.934

50.644

18.615

5.345

3.777

– 2.468

10.611

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

17.657

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.01 PMR

   

455.591

50.644

18.615

5.345

3.777

– 2.468

10.611

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 11.755

– 50.644

– 18.615

– 5.345

– 3.777

2.468

– 10.611

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.01 PMR

   

443.836

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 3.199

3.199

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.01 PMR

   

440.637

3.199

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 2.664

2.664

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 2.664

2.664

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 16.01 PMR

   

437.973

5.863

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.02 RvdR

   

154.610

292.036

341.925

349.884

191.854

184.788

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 42.896

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.02 RvdR

   

111.714

292.036

341.925

349.884

191.854

184.788

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

43.300

– 292.036

– 341.925

– 349.884

– 191.854

– 184.788

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.02 RvdR

   

155.014

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 14

14

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.02 RvdR

   

155.000

14

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

19.834

– 19.834

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

19.834

– 19.834

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 16.02 RvdR

   

174.834

– 19.820

0

0

0

– 1

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.03 Maaswerken

   

34.769

39.614

30.402

29.323

26.075

35.092

6.639

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

33.162

700

3.195

9.195

12.670

34.740

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.03 Maaswerken

   

67.931

40.314

33.597

38.518

38.745

69.832

6.639

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 15.504

– 40.314

– 33.597

– 38.518

– 38.745

– 69.832

– 6.639

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.03 Maaswerken

   

52.427

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.03 Maaswerken

   

52.427

0

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

210

– 210

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

210

– 210

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 16.03 Maaswerken

   

52.637

– 210

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.04 Netwerk mega niet VenV

   

18.324

18.627

18.093

16.272

12.963

70.800

145.320

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.04 Netwerk mega niet VenV

   

18.324

18.627

18.093

16.272

12.963

70.800

145.320

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

64

– 18.627

– 18.093

– 16.272

– 12.963

– 70.800

– 145.320

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.04 Netwerk mega niet VenV

   

18.388

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.04 Netwerk mega niet VenV

   

18.388

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 16.04 Netwerk mega niet VenV

   

18.388

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.05 HWBP2

   

215.517

437.347

356.709

346.194

358.917

823.375

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

22.674

– 123.399

– 34.523

71.284

55.403

32.702

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.05 HWBP2

   

238.191

313.948

322.186

417.478

414.320

856.077

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 113.994

– 313.948

– 322.186

– 417.478

– 414.320

– 856.077

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.05 HWBP2

   

124.197

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 34.690

34.690

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.05 HWBP2

   

89.507

34.690

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

17.359

– 17.359

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

17.359

– 17.359

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 16.05 HWBP2

   

106.866

17.331

0

0

0

0

0

 
                     

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 Mega niet VenV

   

891.751

715.569

734.416

827.497

661.659

1.179.029

162.570

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 Mega niet VenV

   

793.862

0

0

0

0

0

0

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 Mega niet VenV

   

755.959

37.903

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 Mega niet VenV

   

790.698

3.164

0

0

0

– 1

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.09 Ontvangsten

   

80.193

88.039

139.589

195.411

155.850

480.528

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 1.064

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.09 Ontvangsten

   

79.129

88.039

139.589

195.411

155.850

480.528

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

63.914

– 88.039

– 139.589

– 195.411

– 155.850

– 480.528

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.09 Ontvangsten

   

143.043

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

3.365

– 3.365

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.09 Ontvangsten

   

146.408

– 3.365

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

2.900

– 2.900

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

2.900

– 2.900

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 16.09 Ontvangsten

   

149.308

– 6.265

0

0

0

0

0

 

17 Megaprojecten Verkeer en vervoer

Budgettaire gevolgen van beleid: Slotwet 2012 (Bedragen in EUR 1.000)

17 Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutaties 3e suppletoire begroting

Stand 3e suppletoire begroting

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(3+4)

Verplichtingen

0

0

0

10.446

10.446

Uitgaven

10.000

56.296

42.362

– 16.596

25.766

17.01 Westerscheldetunnel

0

5.094

5.094

– 4.804

290

17.02 Betuweroute

10.000

28.145

12.645

– 3.498

9.147

17.03 Hoge snelheidslijn

0

23.033

24.623

– 8.294

16.329

17.03.01 Realisatie HSL-zuid

0

23.033

24.623

– 8.294

16.329

17.03.02 Realisatie HSL-zuid spoorwegen

0

0

0

0

0

17.03.03 Realisatie HSL-zuid hoofdwegen

0

0

0

0

0

17.04 Anders betalen voor mobiliteit

0

24

0

0

0

17.05 Zuiderzeelijn

0

0

0

0

0

17.09 Ontvangsten

0

– 1.590

0

1.901

1.901

17.01 Westerscheldetunnel

Het in de begroting opgenomen budget betreft een reservering voor schadeclaims. Op deze gelden is slechts in beperkte mate een beroep gedaan. Het restant van de reservering schuift door naar 2013 ten behoeve van eventuele latere schadeclaims.

17.02 Betuweroute

Dit artikelonderdeel gaat over nazorg Betuweroute. Dit betreft een verzameling van nog af te handelen (rest)werkzaamheden, waarvan het lastig is te plannen wanneer de uitgaven precies zullen vallen. De € 3,5 miljoen heeft betrekking op het doorschuiven van activiteiten in het kader van de verbetering van tunneltechnische installaties en de upgrade van ERTMS.

17.03 Hoge snelheidslijn

De uitgaven voor de Electro Magnetische Comptabiliteit zijn ruim € 8 mln. minder dan oorspronkelijk werd verwacht bij het opstellen van de Najaarsnota 2012 en schuiven derhalve door naar 2013. De betalingsverplichtingen hiervoor zijn wel vastgelegd.

Verplichtingen

De verplichtingen mutatie betreft een technische mutatie om de verplichtingen in lijn te brengen met de uitgaven. Tot en met de Najaarsnota was voor dit artikel nog geen verplichtingenbudget opgenomen.

Ontvangsten

De hogere ontvangsten betreffen BTW teruggaven op het project HSL over de jaren 2008 en 2009.

Artikel 17 Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.01 W'scheldetunnel

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

5.094

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.01 W'scheldetunnel

   

5.094

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.01 W'scheldetunnel

   

5.094

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.01 W'scheldetunnel

   

5.094

0

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 4.804

4.804

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 4.804

4.804

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 17.01 W'scheldetunnel

   

290

4.804

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.02 Betuweroute

   

10.000

2.235

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

18.145

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.02 Betuweroute

   

28.145

2.235

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 14.500

2.464

6.000

6.000

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.02 Betuweroute

   

13.645

4.699

6.000

6.000

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 1.000

1.000

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.02 Betuweroute

   

12.645

5.699

6.000

6.000

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 3.498

3.498

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 3.498

3.498

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 17.02 Betuweroute

   

9.147

9.197

6.000

6.000

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.03 HSL

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

23.033

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.03 HSL

   

23.033

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

1.590

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.03 HSL

   

24.623

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.03 HSL

   

24.623

0

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 8.294

8.294

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 8.294

8.294

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 17.03 HSL

   

16.329

8.294

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.04 ABvM

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

24

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.04 ABvM

   

24

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 24

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.04 ABvM

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.04 ABvM

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 17.04 ABvM

   

0

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.05 ZZL

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.05 ZZL

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.05 ZZL

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.05 ZZL

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 17.05 ZZL

   

0

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.06 PMR

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.06 PMR

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

49.458

17.407

5.139

3.953

9.374

11.518

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.06 PMR

   

0

49.458

17.407

5.139

3.953

9.374

11.518

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.05 PMR

   

0

49.458

17.407

5.139

3.953

9.374

11.518

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 17.05 PMR

   

0

49.458

17.407

5.139

3.953

9.374

11.518

 
                     

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 Mega VenV

   

56.296

2.235

0

0

0

0

0

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 Mega VenV

   

43.362

54.157

23.407

11.139

3.953

9.374

11.518

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 Mega VenV

   

42.362

55.157

23.407

11.139

3.953

9.374

11.518

 

Realisatie 2012 Mega VenV

   

25.766

71.753

23.407

11.139

3.953

9.374

11.518

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 1.590

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.09 Ontvangsten

   

– 1.590

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

1.590

3.000

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.09 Ontvangsten

   

0

3.000

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.09 Ontvangsten

   

0

3.000

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

1.901

– 1.901

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

1.901

– 1.901

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 17.09 Ontvangsten

   

1.901

1.099

0

0

0

0

0

 

Artikel 18 Overige uitgaven

Budgettaire gevolgen van beleid: Slotwet 2012 (Bedragen in EUR 1.000)

18 Overige uitgaven en ontvangsten

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutaties 3e suppletoire begroting

Stand 3e suppletoire begroting

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(3+4)

Verplichtingen

403.504

403.504

278.421

13.442

291.863

Uitgaven

421.460

435.999

292.730

– 118

292.612

18.01 Saldo van de afgesloten rekeningen

0

0

0

0

0

18.03 Intermodaal vervoer

4.574

13.099

2.580

– 268

2.312

18.04 Gebiedsgerichte aanpak (UPR)

213

5.492

3.143

19

3.162

18.05 Railinfrabeheer

119.541

119.541

1

– 1

0

18.06 Externe veiligheid

13.382

13.504

704

354

1.058

18.07 Mobiliteitsonafhankelijke kennis en expert.

42

607

222

– 222

0

18.07.01 Natl.basisinfo.voorziening en ov.uitgaven

42

469

84

– 84

0

18.07.02 Subsidies algemeen

0

138

138

– 138

0

18.08 Netwerkoverstijgende kosten

283.708

283.756

286.080

0

286.080

18.08.01 Apparaatskosten RWS

224.545

224.545

225.938

0

225.938

18.08.02 Overige netwerkoverstijgende kosten

59.163

59.211

60.142

0

60.142

18.09 Ontvangsten

119.603

119.496

0

0

0

18.10 Saldo van de afgesloten rekeningen

0

103.183

103.183

5

103.188

18.06 Externe veiligheid

In de Najaarsnota werd verwacht dat van het programmabudget voor het saneren van alle kwetsbare objecten in de veiligheidszone (basisnet weg en spoor) dit jaar € 12,8 mln. aan kas-  en € 12,6 aan verplichtingenbudget niet zou worden gerealiseerd, waardoor deze via het voordelig saldo kon worden overgeboekt naar 2013. Deze overboeking blijkt te optimistisch te zijn geweest waardoor ca. € 0,4 mln. aan kas- en € 12,6 mln. aan verplichtingenbudget weer moet worden terug geboekt.

18.07 Mobiliteitsonafhankelijke kennis en expertise

Het onder deze operationele doelstelling opgenomen budget is bestemd voor incidentele opdrachten op het terrein van nationale basisinformatievoorziening en overige uitgaven.

In 2012 zijn hiertoe geen opdrachten verstrekt.

Artikel 18 Overige uitgaven en ontvangsten

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.01 Saldo afgesl.rekg.

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.01 Saldo afgesl.rekg.

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.01 Saldo afgesl.rekg.

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.01 Saldo afgesl.rekg.

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.01 Saldo afgesl.rekg.

   

0

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.03 Intermod.verv.

   

4.574

1.202

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

8.525

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.03 Intermod.verv.

   

13.099

1.202

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 7.500

1.994

2.000

3.000

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.03 Intermod.verv.

   

5.599

3.196

2.000

3.000

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 3.019

3.019

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.03 Intermod.verv.

   

2.580

6.215

2.000

3.000

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 268

268

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 268

268

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.03 Intermod.verv.

   

2.312

6.483

2.000

3.000

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.04 Geb. aanpak

   

213

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

5.279

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.04 Geb. aanpak

   

5.492

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

44

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.04 Geb. aanpak

   

5.536

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 2.393

2.393

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.04 Geb. aanpak

   

3.143

2.393

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

19

– 19

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

19

– 19

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.04 Geb. aanpak

   

3.162

2.374

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.05 Railinfrabeh.

   

119.541

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.05 Railinfrabeh.

   

119.541

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 119.540

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.05 Railinfrabeh.

   

1

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.05 Railinfrabeh.

   

1

0

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 1

1

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 1

1

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.05 Railinfrabeh.

   

0

1

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.06 Ext.veiligheid

   

13.382

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

122

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.06 Ext.veiligheid

   

13.504

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.06 Ext.veiligheid

   

13.504

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 12.800

12.800

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.06 Ext.veiligheid

   

704

12.800

0

0

0

0

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

354

– 354

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

354

– 354

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.06 Ext.veiligheid

   

1.058

12.446

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.07 Mob.onafh. Kennis/Exp.

   

42

42

42

42

42

168

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

565

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.07 Mob.onafh. Kennis/Exp.

   

607

42

42

42

42

168

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 385

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.07 Mob.onafh. Kennis/Exp.

   

222

42

42

42

42

168

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.07 Mob.onafh. Kennis/Exp.

   

222

42

42

42

42

168

0

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

– 222

222

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

0

– 222

222

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.07 Mob.onafh. Kennis/Exp.

   

0

264

42

42

42

168

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.08 Netwerkoverst.kosten

   

283.708

270.654

255.468

249.445

240.994

954.662

1.939.944

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

48

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.08 Netwerkoverst.kosten

   

283.756

270.654

255.468

249.445

240.994

954.662

1.939.944

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

857

– 278

– 3.009

– 4.958

– 3.993

– 14.400

– 72.676

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.08 Netwerkoverst.kosten

   

284.613

270.376

252.459

244.487

237.001

940.262

1.867.268

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

1.467

534

184

184

184

736

1.472

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.08 Netwerkoverst.kosten

   

286.080

270.910

252.643

244.671

237.185

940.998

1.868.740

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.08 Netwerkoverst.kosten

   

286.080

270.910

252.643

244.671

237.185

940.998

1.868.740

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.11 Invest.ruimte

   

0

0

0

0

0

0

11.260.746

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.11 Invest.ruimte

   

0

0

0

0

0

0

11.260.746

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

372.158

– 1.897.366

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.11 Invest.ruimte

   

0

0

0

0

0

372.158

9.363.380

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.11 Invest.ruimte

   

0

0

0

0

0

372.158

9.363.380

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.11 Invest.ruimte

   

0

0

0

0

0

372.158

9.363.380

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.12 Nader toe te wijzen B&O&V

   

0

0

0

0

0

0

6.842.944

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.12 Nader toe te wijzen B&O&V

   

0

0

0

0

0

0

6.842.944

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

– 2.886.200

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.12 Nader toe te wijzen B&O&V

   

0

0

0

0

0

0

3.956.744

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.12 Nader toe te wijzen B&O&V

   

0

0

0

0

0

0

3.956.744

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.12 Nader toe te wijzen B&O&V

   

0

0

0

0

0

0

3.956.744

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.13 Tol gefinanc.uitgaven

   

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.13 Tol gefinanc.uitgaven

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

36.166

303.222

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.13 Tol gefinanc.uitgaven

   

0

0

0

0

0

36.166

303.222

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.13 Tol gefinanc.uitgaven

   

0

0

0

0

0

36.166

303.222

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.13 Tol gefinanc.uitgaven

   

0

0

0

0

0

36.166

303.222

 
                     

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 Overige U en O

   

435.999

271.898

255.510

249.487

241.036

954.830

20.043.634

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 Overige U en O

   

309.475

273.614

254.501

247.529

237.043

1.348.754

15.490.614

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 Overige U en O

   

292.730

292.360

254.685

247.713

237.227

1.349.490

15.492.086

 

Realisatie 2012 Overige U en O

   

292.612

292.478

254.685

247.713

237.227

1.349.490

15.492.086

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.09 Ontvangsten

   

119.603

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 107

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.09 Ontvangsten

   

119.496

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 119.496

0

0

0

0

36.166

303.222

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

36.166

303.222

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

36.166

303.222

 

Mutaties slotwet 2012

 

0

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

36.166

303.222

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.10 Voordelig saldo

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

103.183

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.10 Voordelig saldo

   

103.183

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.10 Voordelig saldo

   

103.183

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

163.812

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.10 Voordelig saldo

   

103.183

163.812

0

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

– 16.483

 

– 16.483

     

0

0

1

Mutaties slotwet 2012

 

– 16.483

0

– 16.483

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 18.10 Voordelig saldo

   

103.183

147.329

0

0

0

0

0

 
                     

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012 Ontvangsten

   

222.679

0

0

0

0

0

0

 

Totaal ontvangsten stand Miljoenennota 2013 Ontvangsten

   

103.183

0

0

0

0

36.166

303.222

 

Totaal ontvangsten stand tweede suppletoire wet 2012 Ontvangsten

   

103.183

163.812

0

0

0

36.166

303.222

 

Realisatie 2012 Ontvangsten

   

103.183

147.329

0

0

0

36.166

303.222

 

19 Bijdragen andere begrotingen Rijk

Budgettaire gevolgen van beleid: Slotwet 2012 (Bedragen in EUR 1.000)

19 Bijdragen andere begrotingen Rijk

Stand ontwerp begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Mutaties 3e suppletoire begroting

Stand 3e suppletoire begroting

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(3+4)

Ontvangsten

7.376.313

7.229.745

7.208.252

– 45.222

7.163.030

19.09 Ten laste van begroting IenM

7.376.313

7.229.745

7.208.252

– 45.222

7.163.030

19.10 Ten laste van het FES

0

0

0

0

0

19.09 Bijdragen andere begroting Rijk

De bijstelling van de inkomstenraming met ruim € 45,2 kan als volgt worden gespecificeerd:

  • Een overboeking van € 47,4 mln. naar het Provinciefonds in verband met de decentralisatie van KRWsynergieprojecten (Kaderrichtlijn Water) en de daarvoor nog aan provincies toekomende middelen (zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 11.03).

  • Een overboeking van € 14.000 naar het Gemeentefonds als aanvulling op de in de tweede suppletoire begroting over 2012 (Najaarsnota) opgenomen overboeking van € 10 mln. inzake aanvragen voor de Decentralisatie Uitkering Binnenhavens (DUB) van de gemeenten Venray, Oss, Tiel en Bergen op Zoom (zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 15.03).

  • Een overboeking door het ministerie van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie (EL&I) van bijna € 0,1 mln. als bijdrage over 2012 en verrekening over 2011 voor het Uitvoerend Secretariaat van de Vlaams Nederlandse Scheldecommissie (US-VNSC) conform de begrotingscontrole van 8 november 2012 van het US-VNSC (zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 11.05).

  • Een overboeking van ca. € 0,2 mln. uit de begroting van hoofdstuk XII (artikel 5) ten behoeve van de realisatie van een testbed voor E-navigation (EU project ACCSEAS -Accessibility for Shipping, Efficiency Advantages and Sustainability) (zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 15.05).

Artikel 19 Bijdragen andere begrotingen Rijk

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 19.09 Tlv begr.IenM

   

7.376.313

7.552.230

7.875.414

6.718.707

7.332.672

27.643.977

54.855.096

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 19.09 Tlv begr.IenM

   

7.229.745

7.385.129

7.948.121

6.970.990

7.372.400

27.764.055

54.924.018

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 55.036

– 1.127.483

– 1.193.046

– 1.260.241

– 1.580.742

– 4.201.030

– 9.687.034

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 19.09 Tlv begr.IenM

   

7.174.709

6.257.646

6.755.075

5.710.749

5.791.658

23.563.025

45.236.984

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

33.543

– 125.990

184

184

184

736

1.472

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 19.09 Tlv begr.IenM

   

7.208.252

6.131.656

6.755.259

5.710.933

5.791.842

23.563.761

45.238.456

 

Voordelig saldo 2012

Intertemporeel

0

1.950

– 1.950

     

0

0

1

Overboeking naar Provinciefonds

Intensivering/Extensivering

– 47.410

– 47.410

       

0

0

3

Overboeking naar Gemeentefonds

Intensivering/Extensivering

– 14

– 14

       

0

0

3

Overboeking van EL&I

Intensivering/Extensivering

95

95

       

0

0

4

Overboeking van Hoofdstuk XII

Intensivering/Extensivering

157

157

       

0

0

5

Mutaties slotwet 2012

 

– 47.172

– 45.222

– 1.950

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 19.09 Tlv begr.IenM

   

7.163.030

6.129.706

6.755.259

5.710.933

5.791.842

23.563.761

45.238.456

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 19.10 Tlv begr. FES

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 19.10 Tlv begr. FES

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 19.10 Tlv begr. FES

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 19.10 Tlv begr. FES

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties slotwet 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Realisatie 2012 artikelonderdeel 19.10

   

0

0

0

0

0

0

0

 
                     

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012 Bijdr.andere begr.Rijk

   

7.229.745

7.385.129

7.948.121

6.970.990

7.372.400

27.764.055

54.924.018

 

Totaal ontvangsten stand Miljoenennota 2013 Bijdr.andere begr.Rijk

   

7.174.709

6.257.646

6.755.075

5.710.749

5.791.658

23.563.025

45.236.984

 

Totaal ontvangsten stand tweede suppletoire wet 2012 Bijdr.andere begr.Rijk

   

7.208.252

6.131.656

6.755.259

5.710.933

5.791.842

23.563.761

45.238.456

 

Realisatie 2012 Bijdr.andere begr.Rijk

   

7.163.030

6.129.706

6.755.259

5.710.933

5.791.842

23.563.761

45.238.456

 

B. BEGROTINGSTOELICHTING

B. BEGROTINGSTOELICHTING

Inhoudsopgave

   

Blz.

     

1.

Leeswijzer

2

     

2.

De producten

2

     

2.1

Overzicht belangrijkste uitgaven- en ontvangstenmutaties

2

2.2

De productartikelen

6

B. BEGROTINGSTOELICHTING

1.

Leeswijzer

2

     

2.

De producten

3

     

2.1

Overzicht belangrijkste uitgaven- en ontvangstenmutaties

3

2.2

De productartikelen

4

1. LEESWIJZER

Allereerst is de begrotingsstaat voor het Infrastructuurfonds voor het jaar 2012 opgenomen. Hierbij wordt inzicht verstrekt in de mutaties die op artikelniveau in de verplichtingen-, de uitgaven- en de ontvangstenramingen worden voorgesteld.

Daarna is onder 2.1 in een overzicht met de uitgaven- en ontvangstenmutaties de aansluiting gemaakt met de budgettaire nota (Najaarsnota) van het ministerie van Financiën.

Onder 2.2 De productartikelen wordt inzicht verstrekt in de mutaties op financieel instrumentniveau, waarvan de belangrijkste worden toegelicht.

Verder zijn projecttabellen met de realisatieprojecten alsmede de Planuitwerkingsprogramma’s voor- en na tracé-/projectbesluit opgenomen waarin de begrotingsmutaties op projectniveau zichtbaar zijn gemaakt en waarvan de belangrijkste mutaties eveneens zijn voorzien van een toelichting.

Naar aanleiding van de aanbeveling uit het rapport van de Tijdelijke commissie onderhoud en innovatie spoor (Kamerstukken II, 2011–2012, 32 707, nr. 9, blz. 22) is de normering gehanteerd waarbij geldt dat begrotingsbedragen boven de € 50 mln. met een afwijking van meer dan € 5 mln. ook worden toegelicht.

Het bovenstaande heeft er toe geleid dat aan de hand van onderstaande norm is bepaald of een verschil wordt toegelicht:

Begrotingsbedrag

Verschil

< € 4,5 mln.

> 50%

€ 4,5 – € 22,5 mln.

> € 2,5 mln.

> € 22,5 mln.

> 10%

> € 50 mln.

> € 5 mln.

Dit houdt in dat die (hoofd)producten, waarbij het verschil kleiner is dan de aangegeven norm niet worden toegelicht. Een uitzondering hierop wordt gemaakt voor beleidsmatige relevante mutaties; deze worden ongeacht bovenstaande normering wel toegelicht.

Wat betreft de mutaties die zijn opgenomen in de Miljoenennota 2013 (Vermoedelijke Uitkomsten 2012), wordt opgemerkt dat deze op dezelfde wijze als de voorgestelde Najaarsnotamutaties in de onder 2.2 opgenomen opbouw van de productartikelen per financieel instrument en per realisatieproject inzichtelijk zijn gemaakt.

Deze mutaties zijn toegelicht in de begroting 2013 en daarmee reeds aan de Kamer voorgelegd.

Om de transparantie te vergroten is de meerjarige doorwerking van de Najaarsnotamutaties in de onderliggende tabellen inzichtelijk gemaakt. De meerjarige doorwerking is nu echter geen onderwerp van besluitvorming. Zo wordt het saldo 2012 per definitie door geschoven naar 2013 en is daarmee een budgettair neutrale inter-temporele verschuiving. De meerjarige doorwerking van de Najaarsnotamutaties worden ter besluitvorming in de Voorjaarsnota 2013 opgenomen.

In de meerjarige tabellen aan het eind van elk artikel in paragraaf 2.2, waarbij inzicht wordt geboden in de begrotingsmutaties per artikelonderdeel tot en met 2028, is qua toelichting een nummering opgenomen die verwijst naar de toelichtingen bij het overzicht uitgaven- en ontvangsten mutaties (zie paragraaf 2.1).

1. Leeswijzer

Allereerst is de begrotingsstaat voor het Infrastructuurfonds voor het jaar 2012 opgenomen. Hierbij wordt inzicht gegeven in de mutaties die op artikelniveau in de verplichtingen-, de uitgaven- en de ontvangstenramingen worden voorgesteld.

Daarna is onder 2.1 in een overzicht met de belangrijkste uitgaven- en ontvangstenmutaties de aansluiting gemaakt met de budgettaire nota (Voorjaarsnota) van het ministerie van Financiën. Vervolgens worden de belangrijkste begrotingsmutaties in dit wetsvoorstel gespecificeerd en toegelicht.

Tenslotte wordt onder 2.2 De productartikelen inzicht verstrekt in de mutaties op financieel instrumentniveau alsmede de gevolgen voor de (meerjarige) MIRT-tabellen.

1. LEESWIJZER

Naast de beleidsbegroting van IenM, hoofdstuk XII van de rijksbegroting, kent IenM ook het Infrastructuurfonds. Door een apart fonds voor infrastructuur kan beter invulling worden gegeven aan de doelstellingen zoals genoemd in de wet op het Infrastructuurfonds, te weten het bevorderen van een integrale afweging van prioriteiten en het bevorderen van continuïteit van middelen voor infrastructuur. Zo mag het fonds jaarlijkse saldi («meer of minder uitgaven in enig jaar») overhevelen – in tegenstelling tot de beleidsbegroting van IenM – waardoor (kasmatige) vertragingen en versnellingen van projecten niet hoeven te leiden tot budgettaire knelpunten.

Het Infrastructuurfonds wordt voor het grootste deel gevoed door een bijdrage uit de begroting van IenM (artikelonderdeel 39.01) . Deze bijdragen worden ondermeer ontvangen voor de investeringsimpuls in het kader van het regeerakkoord 1998, de Betuweroute, de HSL-Zuid, het Bereikbaarheidsoffensief Randstad (BOR), prijsbeleid en Zuidas. Tenslotte wordt voor een aantal projecten de uitgaven doorberekend aan derden, zoals andere departementen, lagere overheden, buitenlandse overheidsinstanties en de Europese Unie.

IenM maakt bij de rijksinfrastructuur onderscheid tussen transportinfrastructuur (hoofdwegennet, spoorwegen en hoofdvaarwegennet) en hoofdwatersystemen, aansluitend bij de indeling van het Infrastructuurfonds. Daarnaast worden de in de Nota Mobiliteit benoemde sectoren (hoofdwegennet, spoorwegen, hoofdwatersystemen en hoofdvaarwegen) ook afzonderlijk zichtbaar. Bij transportinfrastructuur is het doel om de bereikbaarheid te verbeteren binnen (wettelijke) kaders van verkeersveiligheid en kwaliteit van de leefomgeving. Voor hoofdwatersystemen (waterbeheren- en waterkeringsprojecten) staat allereerst het hebben en houden van een veilig en bewoonbaar land centraal. Daarbij wordt gewerkt aan gezonde en veerkrachtige watersystemen als basis voor een duurzame samenleving. IenM financiert niet alleen rijksinfrastructuur, maar geeft ook financiële bijdragen aan grote regionale/lokale infrastructuurprojecten.

De indeling van de begroting 2012 komt grotendeels overeen met die van 2011. Net als het afgelopen jaar, beperkt de infrastructuuragenda zich tot het presenteren van de agenda op projectniveau, met aandacht voor de mijlpalen in het lopende infrastructuurprogramma. Zo wordt inzichtelijk gemaakt welke projecten in 2012 worden opgeleverd en bij welke projecten de uitvoering in 2012 begint. Belangrijkste wijziging is dat het project HWBP vanaf deze begroting wordt verantwoord op artikel 16 Megaprojecten niet-Verkeer en Vervoer. Daarnaast is in lijn met de VJN 2011 de bekostiging van RWS ook doorvertaald in deze begroting.

Een nadere toelichting op deze en alle overige infrastructuurprojecten is te vinden in het MIRT (Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport) Projectenboek 2012. Bij de realisatie van het MIRT moeten rijkspartijen onderling en het Rijk en de decentrale overheden intensiever samenwerken en de besluitvorming over (rijks)infrastructuur en ruimtelijke ontwikkelingen beter op elkaar afstemmen. Daarom is gekozen voor een integrale gebiedsgerichte benadering waarbij het Rijk, regionale partners en andere partijen worden betrokken. Daarom is sinds 1 januari 2009 het MIRT Spelregelkader van kracht en worden onder andere de gebiedsagenda’s opgesteld.

Vervolgens worden de productartikelen behandeld. De projectoverzichten zijn achter de producten opgenomen. Mutaties in de projectsfeer worden in deze begroting toegelicht als deze financieel groter zijn dan tien procent van het projectbudget of in absolute zin meer bedragen dan € 10 mln. of meer dan een jaar afwijken van de eerder afgesproken oplevering 1. De begroting kent verder een verdiepingshoofdstuk, waarin de overzichten met de opbouw van de beschikbare bedragen zijn opgenomen. Mits politiek relevant is er een ondergrens van € 2 mln. gehanteerd voor het toelichten van begrotingsmutaties.

Het verkeersmanagement en beheer en onderhoud van het hoofdwatersystemen (artikel 11), het hoofdwegennet (artikel 12) en de hoofdvaarwegen (artikel 15) wordt door Rijkswaterstaat gedaan op basis van prestatieafspraken met de beleidsdiensten. Deze prestatieafspraken geven aan op welk kwaliteitsniveau het beheer en onderhoud zich moet bevinden. De bekostiging van de prestatieafspraken vindt in principe plaats op basis van een tarief (P) per eenheid areaal (Q).

Ten behoeve van de inzichtelijkheid ten aanzien van de gerealiseerde uitgaven en beschikbare budgetten op de afzonderlijke artikelonderdelen versus de programmering van de aanleg programma’s, is in de betreffende projectoverzichten een analyse opgenomen. In deze analyse wordt inzichtelijk gemaakt op welke artikelonderdelen de gerealiseerde programma-uitgaven zijn verantwoord.

De begrotingen van IenM zijn ook digitaal beschikbaar op www.rijksbegroting.nl/.

Als bijstuk bij de begroting van het IF wordt ook jaarlijks het MIRT-projectenboek (www.mirtprojectenboek.nl/) meegestuurd.

Toezegging Minister (AO MIRT 29 juni 2011): meebetalen door regio’s

Uitgangspunt is dat het Rijk verantwoordelijk is voor de rijksinfrastructuur, te weten het hoofdwegennet, -spoornet, -vaarwegen en -watersysteem. Dit betekent dat kosten voor aanleg, beheer en onderhoud aan deze systemen in beginsel voor rekening van het Rijk komen. In de volgende gevallen wordt derde partijen, veelal provincies en gemeenten, gevraagd bij te dragen (meebetalen) aan de bekostiging van rijksprojecten:

  • Bovenwettelijke inpassing: wanneer er op verzoek van de regio inpassingsmaatregelen in projecten worden opgenomen die niet wettelijk verplicht zijn dan dient de regio deze meerkosten te betalen. Hiervan is sprake bij bijvoorbeeld de projecten A13/16/20 Rotterdam, de spoorwegovergang Soestdijkseweg Bilthoven en Spoorbrug Zuidhorn.

  • Werk met werk/ extra functionaliteit: het kan efficiënt zijn dat wanneer er ergens een schop de grond in gaat andere, door de regio geplande, werken in de planning en uitvoering door het Rijk worden meegenomen. Te denken valt aan de verbreding van een rijksweg in combinatie met de aanleg van een busbaan of parallelstructuur voor langzaam verkeer of het onderhoud aan een spoorweg in combinatie met de aanleg van een fietstunnel. De kosten voor dergelijke additionele werkzaamheden zijn voor rekening van de regio. Hiervan is sprake bij bijvoorbeeld de projecten A9 Omleiding Badhoevedorp, de grote stationsprojecten in bijvoorbeeld Den Haag en Rotterdam, de spoortunnel in Delft en de Meppelerdiep Keersluis te Zwartsluis.

  • Kosten versus baten: in sommige situaties wegen in de landelijke prioritering van het rijk de kosten van een project niet op tegen de beoogde baten. Echter voor een regio kan de problematiek dermate groot zijn dat zij bereid is financieel bij te dragen om het project toch mogelijk te maken. Hiervan is sprake bij bijvoorbeeld het knooppunt Joure, het Programma Kleine Stations, de Wilhelminasluis in de Zaan en sluizen 4, 5 en 6 in de Zuidwillemsvaart.

Daarnaast bestaat de situatie van voorfinanciering door een regio. Hiervan is sprake wanneer op verzoek van de regio een project eerder wordt uitgevoerd dan wanneer de rijksmiddelen hiervoor beschikbaar zijn. De regio schiet feitelijk het benodigde budget voor aan het Rijk. De bijbehorende rentekosten zijn voor rekening van de regio.

2. DE PRODUCTEN

Dit wetsvoorstel sluit aan bij de Najaarsnota 2012 van het ministerie van Financiën en bevat alleen begrotingsmutaties die betrekking hebben op de uitvoering van reeds ingezet beleid.

De mutaties zijn hieronder in tabelvorm weergegeven en toegelicht.

De budgettaire gevolgen van de begrotingsmutaties zijn verder onder 2.2 op de productartikelen zichtbaar gemaakt.

2. INFRASTRUCTUURAGENDA

De infrastructuuragenda beperkt zich tot het presenteren van de agenda op projectniveau, met aandacht voor de mijlpalen in het lopende infrastructuurprogramma. Zo wordt inzichtelijk gemaakt welke projecten in 2012 worden opgeleverd en bij welke projecten de uitvoering in 2012 begint.

2. De producten

Dit wetsvoorstel sluit aan bij de Voorjaarsnota 2012 van het Ministerie van Financiën en bevat alleen begrotingsmutaties die betrekking hebben op de uitvoering van reeds ingezet beleid.

De mutaties zijn hieronder in tabelvorm weergegeven en toegelicht.

De budgettaire gevolgen van de begrotingsmutaties zijn verder onder 2.2 op de productartikelen zichtbaar gemaakt.

2.1 Overzicht uitgaven- en ontvangsten mutaties

   

Art.nr.

Uitgaven

Ontvangsten

Stand ontwerpbegroting 2012

 

7 986,7

7 986,7

         

Amendement van het lid Dijkgraaf,

     

Kamerstukken II, 2011–2012, 33 000 A, nr. 9.

 

0,0

 

Amendement van de leden Dijkgraaf en de Rouwe,

   

Kamerstukken II, 2011–2012, 33 000 A, nr. 10.

 

0,0

 
         

Stand vastgestelde begroting 2012

 

7 986,7

7 986,7

         

Stand 1e suppletoire begroting 2012

 

8 042,7

8 042,7

         

– mutaties Miljoenennota 2013 (uitkomst 2012)

 

– 133,0

– 133,0

– mutaties Najaarsnota 2012

     
         

1.

Voordelig saldo 2012

alle

– 198,5

– 34,7

2.

Overboekingen naar Gemeente, Provincie en BTW-compensatiefonds

12, 14 en 15

– 97,6

– 97,6

3.

Overboekingen van/naar andere departementen

11, 12 13 en 18

3,6

3,6

4.

Overboekingen van/naar HXII

11, 12, 15 en 18

1,0

1,0

Stand 2e suppletoire begroting 2012

 

7 618,2

7 782,0

Ad 1. De Najaarsnota 2012 laat een voordelig saldo van € 164 mln. zien; € 199 mln. lagere uitgaven en € 35 mln. aan ontvangsten die niet in 2012 worden gerealiseerd. Van het voordelig saldo heeft € 126 mln. betrekking op de prijscompensatie. Het saldo 2012 zal aan latere jaren worden toegevoegd, om de betreffende projecten blijvend te kunnen financieren. Voor een nadere (projectgewijze) toelichting wordt verwezen naar de hierna volgende toelichtingen bij de afzonderlijke begrotingsartikelen.

Ad 2. Een bedrag van € 97,6 mln. wordt overgeboekt naar het Gemeente-, Provincie- en BTW-compensatiefonds. De overboeking betreft de projecten benutting, RSP-ZZL: Regionale Bereikbaarheid-projecten, Fries-Groningse kanalen en Quick wins binnenhavens. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar de respectievelijke artikelonderdelen 12.05, 14.03, 15.02 en 15.03.

Ad 3. Deze mutatie heeft met name betrekking op overboekingen vanuit het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie in verband met onderzoeksopdrachten aan Deltares.

Ad 4. De overboeking van hoofdstuk XII naar het Infrastructuurfonds betreft met name de projecten Benutting en het programma 130 km. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar de artikelonderdelen 11.05, 12.03, 12.05, 13.03 en 18.08.

A. Mijlpalen en resultaten 2012

Beheer en onderhoud

In 2012 wil IenM onder meer de volgende maatregelen uit de plannen van aanpak voor beheer en onderhoud uitvoeren:

Mijlpaal

Project

Hoofdwegen

Verhardingsonderhoud

 

Levensduurproblematiek stalen bruggen aanpakken.

 

Aanleggen van ecoducten en uitvoeren andere ontsnipperingsmaatregelen rondom het hoofdwegennet

 

Uitvoeren maatregelen in het kader van de impuls verkeersveiligheid autosnelwegen

   

Hoofdwatersystemen

Zandsuppleties basiskustlijn

 

Opstellen leggers waterwet (afronding eind 2012)

 

Levensduur verlengend onderhoud aan stuwen Lek.

 

Programma stroomlijn ten behoeve van de beheersing van de hoogwaterveiligheid in het rivierengebied.

   

Hoofdvaarwegen

Onderhoud damwanden en vaarwegen Zeeland

 

Oevers Amsterdam-Rijnkanaal (damwanden en meerplaatsen)

 

Renovatie Havenhoofdden Ijmuiden

 

Achterstallig basisonderhoud diverse regio’s

 

Onderhoud oevers en bodems Brabantse kanalen

 

Onderhoud Oevers en bodems vaarwegen Zuid Holland

 

Renovatie kunstwerken Limburg en IJsselmeergebied

 

Onderhoud Oevers en bodems Maasroute

 

Aanpassing bodembescherming, sluizen en bruggen en overige kunstwerken i.v.m. hogere belasting Noord-Holland

 

Onderhoud vaargeulen NederRijn, IJssel, Twentekanalen/Meppelerdiep en Zwarte Water

 

Renovatie sluizen en in- en aflaatwerken Twentekanalen Delden/Hengelo en Spooldersluis

 

Renovatie stalen boogbruggen Utrecht

 

Afronden project «Amsterdam–Lemmer/Ijsselmeer»

 

Afronden project «Kanaal Gent–Terneuzen, baggeren en oevers»

 

Afronden project «Maas: baggeren en kunstwerken»

 

Afronden project «Rotterdam–België/ Zeeland: renovatie o.a. Volkeraksluizen en baggeren»

 

Baggeren zeetoegangen

 

Bediening op afstand in Zeeland

Voor een nadere toelichting op de stand van zaken van beheer en onderhoud wordt verwezen naar de toelichting op de productartikelen en naar het MIRT Projectenboek 2012.

Aanleg en benutting

Hieronder volgen de mijlpalen die IenM in 2012 wil halen binnen de sectoren van het Infrastructuurfonds.

Hoofdwatersystemen

Mijlpaal

Project

Oplevering

Integrale Inrichting Veluwerandmeren (IIVR)

 

Innovatie Delta Technologie

 

Innovatieprogramma Kaderrichtlijn Water

   

Start realisatie

Delen van NURG (w.o. Afferdense en Deelse waarden)

Naast deze mijlpalen wordt in 2012 voortvarend gewerkt aan Ruimte voor de Rivier, het HWBP, Maaswerken en het Deltaprogramma.

Hoofdwegennet

Mijlpaal

Project

Oplevering

N2 Meerenakkerweg–Noord Brabantlaan

 

A12 Zoetermeer–Zoetermeer centrum

 

A74 Venlo

 

A9 Alkmaar–Uitgeest

   

Start realisatie

A4 Delft–Schiedam

 

A1/A27 Utrecht–Hilversum–Amersfoort

 

A7/6 Knooppunt Joure

 

A12 Bypass Nootdorp

 

N31 Traverse Harlingen

 

N61 Hoek–Schoonedijke

 

N33 Assen–Zuidbroek

 

A9 Omlegging Badhoevedorp

Spoorwegen

Mijlpaal

Project

Oplevering

Hanzelijn (incl. stations Dronten en Kampen Zuid)

 

Groningen Europapark

 

Regionet (Station Halfweg, Station Almere Poort)

Vleuten-Geldermalsen div. onderdelen)

 

Hanzelijn (incl. stations Dronten en Kampen Zuid)

   

Start realisatie

Station Nijmegen Lent

 

OV SAAL KT cluster a (Flevolijn)

 

Versnelling emplacement Zwolle (PHS Sporendriehoek/Motie Koopmans

 

Uitbreiding emplacement Maasvlakte West

 

Herinrichting emplacement Waalhaven Zuid

 

Station Nijmegen Lent

 

OV SAAL KT cluster a (Flevolijn)

 

Versnelling emplacement Zwolle (PHS Sporendriehoek/Motie Koopmans

Hoofdvaarwegennet

Mijlpaal

Project

Oplevering

Walradar Noordzeekanaal

   

Start realisatie

Vaarweg Meppel–Ramspol (keersluis Zwartsluis)

 

Verdieping vaarweg Harlingen–Kornwerderzand (Boontjes)

 

Wilhelminakanaal Tilburg

 

Capaciteit Julianasluis Gouda

 

De Zaan (Wilhelminasluis)

 

Verbreding Maasgeul

Voor een nadere toelichting over de stand van zaken voor het lopende programma wordt verwezen naar de toelichting op de productartikelen en naar het MIRT/SNIP Projectenboek 2011.

Regionale/lokale infrastructuur (> 112,5/225 miljoen euro)

Voor de grote regionale en lokale infrastructuurprojecten (kosten van de meest kosteneffectieve oplossing hoger dan € 112,5 resp. € 225 mln.) ligt de verantwoordelijkheid voor voorbereiding, aanleg, beheer en onderhoud en exploitatie bij de betreffende regionale of lokale overheid. IenM kan een bijdrage leveren in de aanlegkosten van zo’n project als nut en noodzaak zijn aangetoond en het project van (boven)regionaal belang is. Voorbeelden van grote regionale/lokale infrastructuurprojecten zijn projecten zoals de N201, de Noord-Zuidlijn en de Rijn-Gouwe lijn. In artikel 14.01 van het Infrastructuurfonds van de Rijksbegroting zijn de grote regionale /lokale projecten nader aangeduid.

2.1 Overzicht uitgaven- en ontvangsten mutaties

Suppletore mutaties 2012 (Voorjaarsnota) ( x EUR 1 mln.)
   

Art.nr.

Uitgaven

Ontvangsten

Stand ontwerpbegroting 2012

 

7 986,7

7 986,7

         

Amendement van het lid Dijkgraaf,

     

Kamerstukken II, 2011–2012, 33 000 A, nr. 9.

 

0,0

0,0

Amendement van de leden Dijkgraaf en de Rouwe,

     

Kamerstukken II, 2011–2012, 33 000 A, nr. 10.

 

0,0

0,0

         

Stand vastgestelde begroting 2012

 

7 986,7

7 986,7

         

– Suppletore mutaties:

     
         

1.

Voordelig saldo 2011

18.10

 

103,2

 

Toevoeging voordelig saldo 2011 aan artikelen

div.

233,6

130,4

2.

a. Water (HWBP-2, Waterkwaliteits en Waterveiligh.proj.)

11/16

– 37,0

 
 

b. Beter Benutten

12

74,5

 
 

c. Kasschuif wegenen Reg./Lokaal

12/14

– 37,5

 

3.

HSA / HRN en taakstelling efficiency spoorsector

div.

– 43,9

– 43,9

4.

Overboeking Gemeentefonds

12/19.09

– 9,7

– 9,7

5.

Overboeking BTW Compensatiefonds

15/19.09

54,6

54,6

6.

DBFM A15 Maasvlakte – Vaanplein

12/19.09

– 178,6

– 178,6

7.

Diversen

14/19.09

– 0,1

– 0,1

Stand 1e suppletore begroting 2012

 

8 042,6

8 042,6

2.2 De productartikelen

Artikel 11 Hoofdwatersystemen

Budgettaire gevolgen van beleid: Najaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1000)

11 Hoofwatersystemen

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Milj.nota

Najaarsnota

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

Verplichtingen

588 136

563 676

160 463

– 26 640

697 499

Uitgaven

617 781

795 073

– 143 084

– 45 005

606 984

11.01 Watermanagement

13 114

13 114

– 414

0

12 700

11.01.01 Basispakket watermanagement

13 114

13 114

– 414

0

12 700

11.02 Beheer en Onderhoud

149 119

150 699

– 7 947

12 387

155 139

11.02.01 Basispakket B&O waterkeren

107 299

62 888

44 932

13 608

121 428

11.02.05 Basispakket B&O integraal waterbeheren

25 538

25 538

– 239

– 32

25 267

11.02.08 Groot variabel onderh.waterbeheer

16 282

62 273

– 52 640

– 1 189

8 444

11.03 Aanleg

194 271

365 521

– 130 625

– 56 251

178 645

11.03.01 Real.programma waterkeren

106 667

168 634

– 54 529

– 19 946

94 159

11.03.02 Real.programma waterbeheren

87 604

196 887

– 76 096

– 36 305

84 486

11.05 Verkenning en planstudie

28 669

32 306

– 7 302

– 1 131

23 873

11.05.01 Verkenn.progr.hoofdwatersystemen

22 094

25 548

– 10 518

– 147

14 883

11.05.02 Planstudieprogr.waterkeren

3 256

2 959

3 641

– 984

5 616

11.05.03 Planstudieprogr.waterbeheer

3 319

3 799

– 425

0

3 374

11.06 Staf Deltacommissaris

2 375

3 171

– 339

– 10

2 822

11.06.01 Staf Deltacommissaris

2 375

3 171

– 339

– 10

2 822

11.07 Netwerkgebonden kosten HWS

230 233

230 262

3 543

0

233 805

11.07.01 Apparaatskosten RWS

183 903

184 132

870

0

185 002

11.07.02 Overige netwerkgebonden kosten

46 330

46 130

2 673

0

48 803

11.09 Ontvangsten

16 632

104 660

– 63 914

– 8 650

32 096

Operationele doelstelling 11.02

Met de voorgestelde mutatie van ca € 14 mln. wordt het benodigde budget in lijn gebracht met de onderhoudsplanning. Dit is conform de begroting 2012 (bijlage 4.2). Het betreft onderuitputting op aanleg die wordt ingezet voor Beheer en Onderhoud. Het budget BenO, om terug te betalen aan aanleg, staat nu na 2020. De tegenboeking van deze kasschuif wordt bij begrotingsvoorbereiding 2014 verwerkt.

De lagere uitgaven op 11.02.08 van per saldo ca. € 1,2 worden verklaard door:

  • Stuwen lek: Hogere uitgaven van ca. € 1,3 mln. als gevolg van versnelde uitvoering van de werkzaamheden op het deelproject Levensduurverlengend Variabel onderhoud (LVO) op basis van de planning van de aannemer;

  • Stroomlijn; De verwachting was dat er € 4 mln. zou worden betaald in het kader van de inhaalslag van de vegetatie in de uiterwaarden. Deze uitgaven zullen zich voordoen in 2013;

  • Vervanging; Een toevoeging van € 1,5 mln. aan het budget ten behoeve van werkzaamheden die betrekking hebben op een eerste tranche Vervanging en Renovatie projecten.

Operationele doelstelling 11.03

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Realisatieprojecten Waterkeren (11.03.01)

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Gevolgen MIRT

Milj.nota

Najaarsnota

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

   
 

Uitgaven

107

169

– 55

– 20

94

   
 

Deltaplan grote rivieren

0

0

1

– 1

0

   

1

Maatregelen i.r.t. rivierverruiming

9

28

– 21

– 5

2

   

2

Dijkversterking en Herstel steenbekleding

57

69

– 9

– 7

53

   
 

Hoogwaterbeschermingsprogramma 3

4

4

– 2

 

2

   
 

Deltares Deltafaciliteit

0

1

5

 

6

   
 

IJsselsprong Zutphen (smalle geul)

0

0

   

0

   
 

IJsseldelta Kampen (hoogwatergeul)

0

0

   

0

   

3

Pilot Zandmotor

10

16

– 13

2

5

   

4

Overige onderzoeken en kleine projecten

26

49

– 21

– 3

25

   
 

Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma

0

0

   

0

   

5

Afsluitdijk kunstwerken

0

1

5

– 6

0

   
 

Afronding

1

1

 

 

1

   
  • 1. Deze mutatie is het gevolg van een bijstelling van de projectplanning, met name bij de Afferdense en Deestse Waarden waarbij werkzaamheden worden doorgeschoven naar 2013 (o.a. de aanleg van het kwelsysteem).

  • 2. De lagere uitgaven worden voor een deel veroorzaakt op het onderdeel Steenbekleding Oosterschelde/Westerschelde door uitstel bij de Schorerpolder (ontpolderingsdiscussie).

    Voor een ander deel ontstaan lagere uitgaven in 2012 op Steenbestortingen, hetgeen wordt verklaard door de financiële consequenties van opgetreden ontgrondingen en discussie over het voldoen aan contract/ontwerp.

  • 3. De verklaring voor de hogere raming is tweeledig. Enerzijds is er sprake van een iets lagere prognose van de uitgaven voor de monitoring. Anderzijds vindt er nog een betaling plaats ten behoeve van het project en een terugbetaling (afkoop) aan het Hoogheemraadschap Delfland.

  • 4. Door een andere opzet van Nederland Leeft Met Water (kleinschaliger) wordt verwacht dat ca. € 3 mln. minder zal worden besteed.

  • 5. De regionale partijen zijn bezig met het in kaart brengen van de ambities. Op dit moment zijn er nog geen voorstellen ontvangen.

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Realisatieprojecten Waterbeheren (11.03.02)

Stand ontwerpbegrotring

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Gevolgen MIRT

Milj.nota

Najaarsnota

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

   
 

Uitgaven

88

197

– 76

– 36

85

   

1

Subsidie baggeren bebouwd gebied (SUBBIED)

0

4

 

– 4

0

– 4

 

2

Verbeterprogramma Waterkwaliteit Rijkswateren

17

68

– 29

– 5

34

   

3

Tijdelijke regeling bestrijding regionale wateroverlast

0

31

 

– 23

8

– 23

 
 

Natte natuurprojecten IJsselmeergebied

0

11

– 10

 

1

   
 

Natuurlijker Markermeer/IJmeer

8

15

– 13

1

3

   
 

Natuurcompensatie Perkpolder

9

9

– 9

 

0

   
 

Verruiming vaargeul Westerschelde

4

13

– 11

 

2

   
 

Integrale inrichting Veluwe randmeer (IIVR)

7

5

– 4

 

1

   

4

Innovatie KRW/WB

26

24

 

– 5

19

   
 

Synergie KRW/WB

16

16

   

16

   
 

Afronding

1

1

   

1

   
  • 1. Subsidie baggeren bebouwd gebied (SUBBIED) is in 2011 geëindigd. Een bedrag van € 3,9 mln. schuift vooralsnog door naar 2013.

  • 2. De verwachte lagere uitgaven ontstaan op de volgende deelprojecten:

    • sanering Ketelmeer (temporisering deel van de werkzaamheden);

    • sanering waterbodems Kanaal door Walcheren (project stilgelegd vanwege vondst explosieven);

    • sanering Dordrechtse Biesbosch fase 1+2 (gewijzigde uitvoeringsplanning opdrachtnemer en daarmee betalingsritme);

    • herstel en Inrichting Sophiapolder, Inrichting IJssel en Uiterwaardvergraving stadsweide (de planuitwerking is later opgeleverd en het afwikkelen van de bestuurlijke afspraken verloopt trager dan oorspronkelijk gepland).

  • 3. Met de eindafrekening van de subsidieregeling zijn de laatste subsidies vastgesteld en de kosten in rekening gebracht. Uiteindelijk valt de regeling ca. € 28 mln. lager uit, waarvan in 2010 al € 5 mln. is afgeboekt.

  • 4. Deze subsidieregeling wordt in 2012 afgerond. Er vinden echter meer eindbetalingen in 2013 plaats dan verwacht.

Operationele doelstelling 11.05

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Projectenoverzicht behorende bij 11.05.02

Planuitwerkingsprogramma waterkeren

Projectomschrijving

Stand projectbudget MIRT 2012

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand projectbudget 2e suppl. begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

Extra spuicapaciteit Afsluitdijk

203

203

   

203

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Projectenoverzicht behorende bij 11.05.02

Planuitwerkingsprogramma waterkeren

Projectomschrijving

Stand projectbudget MIRT 2012

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand projectbudget 2e suppl. begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

Volkerak Zoommeer

210

210

   

210

Op deze in de begroting opgenomen projecten worden in dit wetsvoorstel geen budgettaire aanpassingen voorgesteld.

Ontvangsten

Een deel (€ 9,5 mln.) van de geraamde ontvangst van het Hoogheemraadschap Delfland voor de versterking van de Delflandse kust zal dit jaar niet worden ontvangen en schuift derhalve door naar 2013.

Hetzelfde is het geval met ontvangsten Perkpolder en Sanering Waterbodems. Van de totale begrote ontvangsten schuift hiervan bijna € 10 mln. door naar latere jaren (2013 t/m 2015).

Anderzijds wordt verwacht dat ca. € 1,2 mln. meer zal worden ontvangen dan begroot op het project Zandmotor. Verder worden nog hogere ontvangsten geraamd op de NURG projecten Heesseltsche Uiterwaarden, Lexkesveer en Participatie (€ 1,1 mln.) en de Herstel steenbekledingprojecten Citterspolder (financiering Waterschap) en bijdrage Natuurmonumenten Veiligheidsbuffer Oesterdam (€ 2,9 mln.).

Per saldo kan de raming dan ook met ca. € 8,7 mln. neerwaarts worden bijgesteld.

Verplichtingen

De lagere raming van het verplichtingenbudget is een saldo van mutaties op vrijwel alle projecten en staat vrijwel geheel in relatie tot de voorgestelde mutaties op de uitgavenbudgetten.

Artikel 11 Hoofdwatersystemen
 

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.01 Watermgmt.

   

13 114

12 529

13 393

13 436

13 361

53 438

111 456

Toelichting

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.01 Watermgmt.

   

13 114

12 529

13 393

13 436

13 361

53 438

111 456

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 414

– 12 529

– 13 393

– 13 436

– 13 361

– 53 438

– 111 456

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.01 Watermgmt.

   

12 700

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.01 Watermgmt.

   

12 700

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.02 BenO

   

149 119

133 034

138 611

134 944

128 801

509 051

1 888 136

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

1 580

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.02 BenO

   

150 699

133 034

138 611

134 944

128 801

509 051

1 888 136

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 7 947

– 133 034

– 138 611

– 134 944

– 128 801

– 509 051

– 1 888 136

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.02 BenO

   

142 752

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

12 419

– 12 419

         

1

Overboeking van/naar andere departementen

Intensivering/Extensivering

– 32

– 32

           

3

Mutaties Najaarsnota 2012

   

12 387

– 12 419

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.02 BenO

   

155 139

– 12 419

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.03 Aanleg

   

194 271

164 400

184 641

194 196

159 892

726 821

3 636 750

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

171 250

36 488

34 504

13 121

– 12 055

– 13 829

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.03 Aanleg

   

365 521

200 888

219 145

207 317

147 837

712 992

3 636 750

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 130 624

– 200 888

– 219 145

– 207 317

– 147 837

– 712 992

– 3 636 750

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.03 Aanleg

   

234 897

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 56 251

56 251

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 56 251

56 251

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.03 Aanleg

   

178 646

56 251

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.05 Verk.& Planst.

   

28 668

31 587

61 039

46 242

193 904

209 901

1 848 294

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

3 637

– 789

– 3 176

– 2 600

– 56 018

– 20 613

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.05 Verk.& Planst.

   

32 305

30 798

57 863

43 642

137 886

189 288

1 848 294

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 7 302

– 30 798

– 57 863

– 43 642

– 137 886

– 189 288

– 1 848 294

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.05 Verk.& Planst.

   

25 003

0

0

0

0

0

0

 

saldo 2012

Intertemporeel

0

– 1 221

1 221

         

1

Overboeking van/naar HXII

Intensivering/Extensivering

80

80

           

4

Overboeking binnen artikel 11

Neutraal

10

10

             

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 1 131

1 221

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.05 Verk.& Planst.

   

23 872

1 221

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.06 Staf Deltacomm.

   

2 375

1 925

1 925

1 925

1 925

7 700

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

796

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.06 Staf Deltacomm.

   

3 171

1 925

1 925

1 925

1 925

7 700

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 339

– 1 925

– 1 925

– 1 925

– 1 925

– 7 700

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.06 Staf Deltacomm.

   

2 832

0

0

0

0

0

0

 

Overboeking binnen artikel 11

Neutraal

– 10

– 10

             

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 10

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.06 Staf Deltacomm.

   

2 822

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.07 Netwerk HWS

   

230 233

219 754

204 372

195 255

193 623

765 333

1 583 104

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

29

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.07 Netwerk HWS

   

230 262

219 754

204 372

195 255

193 623

765 333

1 583 104

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

3 543

– 219 754

– 204 372

– 195 255

– 193 623

– 765 333

– 1 583 104

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.07 Netwerk HWS

   

233 805

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.07 Netwerk HWS

   

233 805

0

0

0

0

0

0

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 HWS

   

795 072

598 928

635 309

596 519

623 433

2 237 802

9 067 740

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 HWS

   

651 989

0

0

0

0

0

0

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 HWS

   

606 984

45 053

0

0

0

0

0

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.09 Ontvangsten

   

16 632

5 150

2 650

3 150

25 150

243 472

1 448 000

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

88 028

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.09 Ontvangsten

   

104 660

5 150

2 650

3 150

25 150

243 472

1 448 000

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 63 914

– 5 150

– 2 650

– 3 150

– 25 150

– 243 472

– 1 448 000

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 11.09 Ontvangsten

   

40 746

0

0

0

0

0

0

 

saldo 2012

Intertemporeel

0

– 8 650

8 650

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 8 650

8 650

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 11.09 Ontvangsten

   

32 096

8 650

0

0

0

0

0

 

Artikel 12 Hoofdwegennet

Budgettaire gevolgen van beleid: Najaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1000)

12 Hoofdwegennet

Stand ontwerpbegroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Milj.nota

Najaarsnota

 

(1)

(2)

(3)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

Verplichtingen

2 451 568

– 4 750

– 9 665

2 437 153

1 719 537

– 514 925

3 641 765

Uitgaven

2 457 595

– 4 750

– 122 475

2 330 370

220 159

100 105

2 650 634

12.01 Verkeersmanagement

43 993

0

0

43 993

– 13 225

0

30 768

12.01.01 Basispakket verkeersmanagement

43 993

0

0

43 993

– 13 225

0

30 768

12.01.02 Servicepakket verkeersmanagement

0

0

0

0

0

0

0

12.02 Beheer en onderhoud

343 137

0

– 67 389

275 748

73 734

220 199

569 681

12.02.01 Basispakket B&O

267 409

0

– 58 437

208 972

61 384

204 415

474 771

12.02.02 Servicepakket B&O

59 194

0

99

59 293

– 2 300

0

56 993

12.02.04 Groot variabel onderhoud

16 534

0

– 9 051

7 483

14 650

15 784

37 917

12.03 Aanleg en planst.na tracébesluit

1 512 384

0

– 255 868

1 256 516

– 134 701

95 862

1 217 677

12.03.01 Realisatieprogramma

1 512 384

0

– 255 868

1 256 516

– 134 701

95 862

1 217 677

12.03.02 Planstudie na tracébesluit

0

0

0

0

0

0

0

12.04.01 GIV/PPS

354 075

0

21 596

375 671

– 69 165

19 265

325 771

12.05 Verk.en planst.voor tracébesluit

– 233 744

– 4 750

179 186

– 59 308

361 554

– 234 351

67 895

12.05.01 Verkenningen

13 661

0

10 406

24 067

– 7 389

0

16 678

12.05.02 Planstudie voor tracébesluit

2 595

– 4 750

85 498

83 343

360 223

– 392 349

51 217

Overprogrammering

– 250 000

0

83 282

– 166 718

8 720

157 998

0

12.06 Netwerkgebonden kosten HWN

437 750

0

0

437 750

1 962

– 870

438 842

12.06.01 Apparaatskosten RWS

381 498

0

0

381 498

2 072

0

383 570

12.06.02 Overige netwerkgebonden kosten

56 252

0

0

56 252

– 110

– 870

55 272

12.09 Ontvangsten

232 114

0

18 753

250 867

22 950

– 119 380

154 437

Operationele doelstelling 12.02

Met de voorgestelde mutatie van ca € 204 mln. wordt het benodigde budget in lijn gebracht met de onderhoudsplanning. Dit is conform de begroting 2012 (bijlage 4.2). Het betreft onderuitputting op aanleg die wordt ingezet voor Beheer en Onderhoud. Het budget BenO, om terug te betalen aan aanleg, staat nu na 2020. De tegenboeking van deze kasschuif wordt bij begrotingsvoorbereiding 2014 verwerkt.

De mutatie op 12.02.04 van ca. € 15,8 mln. wordt verklaard door:

  • Stalen Kunstwerken: Een verhoging van het budget met ca. € 5 mln. ten behoeve van de levensduurproblematiek van de stalen kunstwerken. Het huidige beschikbare budget voor 2012 voor groot variabel onderhoud ten behoeve van stalen kunstwerken is gebaseerd op globale ramingen van het totale project. Inmiddels is er meer inzicht in de daadwerkelijke planning;

  • Vervanging: Een verhoging van het budget van ca. € 13,4 mln. ten behoeve van werkzaamheden die betrekken hebben op de eerste tranche Vervanging en Renovatie projecten;

  • RW32 deklaag: Een verlaging van het budget ten behoeve van het project Rw32 Deklaag met ca. € 2,6 mln., dat vooralsnog aan 2013 wordt toegevoegd.

Operationele doelstelling 12.03

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Realisatieprojecten hoofdwegennet (12.03.01)

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Gevolgen MIRT

Milj.nota

Najaarsnota

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

   
 

Uitgaven

1 512

1 256

– 135

96

1 217

   

1

A10 Amsterdam praktijkproef FES

9

11

– 3

– 5

3

   
 

A9 Alkmaar Uitgeest

10

6

– 7

 

– 1

   

2

N9 Koedijk-De Stolpen

14

14

– 9

2

7

   
 

N50 Ramspol-Ens

31

5

34

1

40

   

3

A28 Utrecht-Amersfoort

53

82

– 19

12

75

   
 

A2 Holendrecht-Oudenrijn

59

34

32

 

66

   
 

A2 Oudenrijn-Everdingen

5

8

– 5

1

4

   

4

A4 Burgerveen-Leiden

81

77

8

– 5

80

   

5

A4 Delft-Schiedam

120

107

– 20

23

110

   
 

A15 Maasvlakte Vaanplein

239

0

 

 

0

   
 

A12 Zoetermeer-Zoetermeer Centrum

0

1

– 1

 

0

   
 

N57 Veersedam-Middelburg

8

– 4

9

– 2

3

   
 

A2 Everdingen-Deil-Zaltbommel-Empel

21

18

– 17

1

2

   
 

N34 omleiding Ommen

3

2

– 2

 

0

   
 

N35 Zwolle-Almelo (traverse Nijverdal)

65

55

– 4

 

51

   
 

N50 Viaduct Hanzelijn Toekomstvast

0

0

 

 

0

   

6

A50 Ewijk-Valburg

130

120

– 37

26

109

   

7

A4 Dinteloord-Bergen op Zoom

40

34

26

– 11

49

 

2015

8

N2 Meerenakkerweg (A2 zone)

6

6

– 2

– 4

0

   

9

A2 Maasbracht-Geleen, 1e fase

61

45

– 7

10

48

   
 

A74 Venlo

22

– 1

11

2

12

   

10

A2 Passage Maastricht

79

57

30

29

116

   
 

A2/A76 Maatregelenpakket Limburg

0

52

– 52

 

0

   

11

N31 Leeuwarden (De Haak)

39

37

3

– 7

33

   

12

ZSM 1+2 (spoedwetwegverbreding)

258

217

– 69

40

188

   

13

Dynamisch verkeersmanagement

37

56

– 35

– 4

17

   

14

Kleine projecten / Afronding projecten

59

104

– 84

5

25

1

 
 

Programma aansluitingen

37

35

– 33

– 1

1

   

15

Quick Wins Wegen

15

17

12

– 27

2

   

16

Realisatieuitg.op IF 12.03.01 mbt planstudieuitg.

11

61

83

18

162

   

17

Programma 130 km

   

23

– 8

15

   
 

Afronding

0

0

 

 

0

   
  • 1. Het oorspronkelijke plan van dit project is bijgesteld waarbij gekozen wordt voor minder systemen langs de weg en incar-informatie wordt meegenomen. Voor deze planwijziging was akkoord nodig van de regionale partners waardoor het project is vertraagd.

  • 2. De realisatie op dit project valt dit jaar hoger uit. De reden hiervoor is de nog dit jaar verwachte eindafrekening met de provincie Noord-Holland.

  • 3. De financiële prognose van dit project is aangepast aan de termijnplanning behorend bij het contract en de in dit trimester gesloten wijzigingsovereenkomsten.

  • 4. De prognose 2012 is verlaagd in verband met een gewijzigde planning van de aannemer.

  • 5. De realisatie 2012 valt hoger uit. Een belangrijke oorzaak hiervan is dat de vergoeding voor het designteam voor een groot deel dit jaar betaald zal worden. Het werk loopt voorspoedig.

  • 6. Deze hogere uitgaven worden veroorzaakt doordat de opdrachtnemer de wegenactiviteiten naar voren heeft gehaald en daarbij versnelt.

  • 7. Door de opgelopen vertraging in de tracéwetprocedure is de contractuele mijlpaal ingebruikname-A4 niet langer haalbaar. De afgelopen periode zijn door middel van een gezamenlijk opererende taskforce vier mogelijke planningsscenario's inzichtelijk gemaakt. In juli is besloten om niet te investeren in versnellingsmaatregelen. Daarmee is de keuze gemaakt voor openstelling in maart 2015.

  • 8. Dit project is vertraagd vanwege nog af te ronden bestuurlijke afspraken.

  • 9. De mutatie is het gevolg van een herziene kasplanning van de uitvoering.

  • 10. Omdat de omgevingsvergunningen versneld zijn verkregen, verlopen de betalingen aan de opdrachtnemer sneller dan voorzien ten tijde van het tot stand komen van de begroting 2012.

  • 11. Als gevolg van de uitspraak van de Raad van State met betrekking tot de ontheffing voor de flora en fauna, is een groot deel van de werkzaamheden een aantal weken stil komen te liggen aangezien er geen sloten gedempt mogen worden.

  • 12. Deze mutatie betreft een kasschuif van ca. € 39,8 mln. uit 2013 naar 2012 ten behoeve van met name het project A2-Den Bosch-Eindhoven.

    Verder wordt € 0,2 mln. overgeboekt naar het project A12-Den-Haag-Gouda ten behoeve van kosten die verband houden met de snelheidsverhoging naar 120 km per uur.

  • 13. Betreft een kasschuif als gevolg van het bijstellen van de kasplanning bij diverse Mobiliteitsaanpak-pakketten.

  • 14. Deze mutatie heeft betrekking op een saldering van mutaties op de volgende kleine/afgeronde projecten:

    • A 2 Tangenten Eindhoven, aanpassing van de kasplanning met ca. € 1,2 mln. wat betreft de afronding van dit project;

    • dekking EBA’s, bij begrotingsvoorbereiding 2013 is een kasschuif van € 3 mln. voorgesteld. Deze kasschuif moet echter worden teruggedraaid om te voorkomen dat het budget in 2012 negatief wordt;

    • Afronding projecten in Noord-Holland, Rw11 Leiden-Alphen en KT-maatregel Gouda, betreft een bijstelling van de planning;

    • tegenvaller van ca. € 1,3 mln. door de betaling van het Convenant Vathorst waarvoor geen budget geraamd is;

    • Rondweg Sneek; de werkzaamheden aan de Woudvaartbrug schuiven door naar 2013 omdat het onderzoek naar de draagkracht van de brug enigszins is vertraagd.

  • 15. Dit betreft een pakket aan maatregelen gericht op de aanpak van knooppunten. Vanwege het naar achteren schuiven van deze maatregelen (als gevolg van capaciteitsgebrek) en de samenhang hiervan met het aanlegpakket (spitsstroken e.d.), is een deel van dit pakket achterhaald.

  • 16. De hogere raming is voornamelijk te vinden op de volgende projecten:

    • Rw33 Assen-Zuidbroek in verband met een fasewissel waarbij budget is overgeheveld van planuitwerking naar realisatie. Het uitvoeringsbesluit is genomen op 28 augustus jl.;

    • Rw18 Varsseveld-Enschede, uitgaven voor voorbereiding en grondaankopen;

    • Rw2 Maasbracht-Geleen, herziene kasplanning van de uitvoering en

    • Rw61 Hoek-Schoondijke, herziene kasplanning van de uitvoering van de aannemer.

  • 17. Dit betreft enerzijds een kasschuif naar 2013 van ca. € 9,6 mln. die betrekking heeft op met name het opstarten van de AKOE-maatregelen (Aanpak Kritische Ontwerp Elementen) en anderzijds wordt uit de begroting van hoofdstuk XII een bedrag van € 2 mln. teruggeboekt naar het project Dynamax.

Operationele doelstelling 12.04

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Geintegreerde contractvormen (12.04)

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Gevolgen MIRT

Milj.nota

Najaarsnota

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

   
 

Uitgaven

354

376

– 69

19

326

   

1

Aflossing tunnels

52

56

– 4

– 4

48

   

2

A10 2e Coentunnel

160

104

– 8

35

131

   

3

A12 Lunetten Veenendaal

122

109

– 17

13

105

   

4

A15 Maasvlakte Vaanplein

0

195

– 133

– 31

31

   

5

A59 Rosmalen-Geffen, PPS

14

– 93

93

6

6

6

 
 

N31 Leeuwarden-Drachten

6

5

 

 

5

   
 

Afronding

0

0

 

 

0

 

 

  • 1. In het budget is rekening gehouden met een jaarlijks groeipercentage van de verkeerscijfers van 2,3%. De realisatie valt naar verwachting lager uit.

  • 2. De hogere uitgaven worden met name veroorzaakt door de gerealiseerde versnelling van een deel van het project (onder andere Westrandweg) in 2011.

  • 3. Dit project is afgesplitst van het ZSM-programma als DBFM-project (artikel 12.04 Geïntegreerde Contractvormen (GCV)). Bij de conversie van de realisatie- naar het GCV-artikel is echter voor 2011 een te laag budget overgeboekt. Dit wordt door middel van deze mutatie gecorrigeerd.

  • 4. Eén van de redenen voor de lagere prognose is dat de opdrachtnemer achterloopt met het factureren van de beschikbaarheidsvergoedingen (nog niet geheel op orde zijn van het prestatiemeetsysteem in relatie tot rechtmatige facturering). Daarnaast wordt de post onvoorzien naar 2013 doorgeschoven.

  • 5. Door het uitvoeren van het project A59-Rosmalen-Geffen is er schade ontstaan bij een bedrijf vanwege inkomstenderving. Op basis van de laatste inzichten zou ca. € 6,5 mln. aan schadevergoeding moeten worden betaald. De schadeafwikkeling wordt in overleg met de provincie Noord Brabant en de gemeente Maasdonk uitgevoerd. De gemeenteraad van Maasdonk bespreekt dit punt eind van dit jaar, waardoor het risico bestaat dat een eventuele betaling niet meer in 2012 zal kunnen plaatsvinden.

Operationele doelstelling 12.05

Najaarsnotamutatie (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Projectenoverzicht behorende bij 12.03.02 en 12.05.02:

Planuitwerking hoofdwegennet

Projectomschrijving

Stand projectbudget MIRT 2012

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand projectbudget 2e suppl.begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

1

A1/A6/A9 Schiphol-Amsterdam-Almere

4 094

4 094

– 140

 

4 094

1

N61 Hoek-Schoondijke

115

115

– 27

 

115

1

A9 Omlegging Badhoevedorp

318

318

– 13

 

318

 

A27/A1 Utrecht Noord-knooppunt Eemnes-Aansluiting Bunschoten

252

252

– 3

 

252

 

A12 Bypass Nootdorp

0

0

   

0

 

A1 Beekbergen – Apeldoorn Zuid

35

35

1

 

35

1

A12 Ede-Grijsoord

107

107

– 5

 

107

1

N18 Varsseveld-Enschede

303

303

– 40

 

303

 

N35 Zwolle-Wythmen

45

45

– 2

 

45

 

A6/A7 Knooppunt Joure

76

76

   

76

 

N31 Harlingen (traverse Harlingen)

143

143

   

143

 

N33 Assen-Zuidbroek

190

190

– 2

 

190

 

A10 Zuidas (hoofdweggedeelte)

301

301

1

 

301

 

A28/A1 Knooppunt Hoevelaken

676

676

   

676

 

A2/A12/A27 Ring Utrecht

1 065

1 065

1

 

1 065

 

A27 Utrecht-Lunetten-Hooipolder

0

0

1

 

0

 

A13/A16/A20 Rotterdam

0

0

   

0

 

A12/A15 Bereikbaarheid regio Arnhem-Nijmegen

800

800

   

800

1

A7 Zuidelijke Ringweg Groningen, fase 2

575

575

– 5

 

575

 

A2 Maasbracht-Geleen 2e fase

0

0

   

0

2

Benutting

37

37

– 112

 

37

3

Overprogrammering

– 250

– 167

167

 

0

  • 1. Dit betreffen mutaties die reeds in de Miljoenennota 2013 zijn opgenomen en daar zijn toegelicht.

  • 2. Naast een mutatie van bijna € 45 mln. die in de Miljoenennota is opgenomen en toegelicht, wordt thans een aanvullende uitgavenverlaging voorgesteld van bijna € 65 mln.

    Dit betreft een verwacht overschot van ruim € 62 mln. In de goedgekeurde plannen van aanpak van de regio's wordt vaak aangegeven dat de stads-regio's als trekker (en ook wat betreft de financiële stromen) voor de maatregelen fungeren en niet de provincies. IenM heeft slechts één mogelijkheid om de kaderwetgebieden van middelen te voorzien, namelijk via de BDU. De BDU beschikking wordt altijd in het jaar T min een opgesteld en uitbetaald in het jaar T. Tussentijdse betalingen in 2012 zijn niet mogelijk. De eerste mogelijkheid om de kaderwetgebieden een bijdrage te geven doet zich voor bij de BDU 2013. In de goedgekeurde plannen van aanpak is een kasraming opgenomen waarin aangegeven wordt in welke jaren de uitgaven zich daadwerkelijk in de regio's voordoen. Het beeld dat hierbij naar voren komt is dat de uitgaven zich voornamelijk concentreren in 2013 en 2014 met als gevolg minder behoefte in 2012.

    Verder wordt vanuit het project benutting naar het Provinciefonds met betrekking tot de regio’s Groningen-Assen en Kampen-Zwolle een bedrag van € 1,270 mln. overgeboekt.

    Voorts wordt ca. € 3 mln. overgeboekt naar realisatie in verband met een fasewisseling doordat opdrachten voor Beter Benutten via opdrachtbrieven in gang zijn gezet. Tenslotte wordt vanuit hoofdstuk XII een bedrag van € 0,9 mln. teruggeboekt naar het project Benutting.

  • 3. De eerder opgelegde kasschuif ten behoeve van het rijksbrede financiële beeld is gerealiseerd op de projecten en kan daarom hier worden tegengeboekt.

Ontvangsten

De huidige verwachting is dat ca. € 119 mln. van de ontvangstenraming dit jaar niet zal worden gerealiseerd. Dit bedrag, wat een saldering is van hogere en lagere ontvangsten, doet zich met name voor op de volgende projecten:

  • Rw2 Holendrecht-Ouderijn (€ 10 mln.); In het verleden is voor dit project een bedrag van € 20 mln. van de provincie Utrecht ontvangen. De ontvangstenraming is hiervoor destijds niet aangepast. Daarom worden de taakstellende bedragen voor dit project in 2012 en 2013 met € 10 mln. verhoogd;

  • Rw9 Badhoevedorp (-€ 18 mln.); In verband met vertraging op het project is met de bestuurlijke partners overeengekomen dat de ontvangsten later gerealiseerd worden;

  • Rw4 Delft-Schiedam (- € 30 mln.); De afspraken met betrekking tot de ontvangsten IODS (Integrale Ontwikkeling Delft-Schiedam) worden in lijn gebracht met de planning;

  • N33 Assen-Zuidbroek (-€ 24 mln.); De provincie Groningen betaald haar bijdrage niet zoals is begroot in 2012 maar in 2014;

  • Rw20/12 aansluiting Moordrecht (-Є 10 mln.); Doordat de bijdrage van de provincie pas na oplevering van het project is te bepalen, verschuift een deel van de begrote bijdrage naar latere jaren;

  • A1/A6/A9 SAA (-€ 6 mln.); Betreft bijstelling van de ontvangstenplanning waarbij ontvangsten naar latere jaren doorschuiven;

  • Programma aansluitingen(-€ 20 mln.); De ontvangstenraming kent een wisselend verloop omdat er sprake is van een veelvoud aan bestuurlijke overeenkomsten met complexe voorwaarden;

  • N35 Zwolle-Wijthmen (-€ 15 mln.); Door dat de start van het project vertraagd is met 1 jaar, worden de ontvangen ook later gerealiseerd.

De meerjarige ontvangstenraming voor deze projecten zal in de Voorjaarsnota 2013 worden aangepast.

Verplichtingen

De lagere raming van het verplichtingenbudget is een saldo van mutaties op vrijwel alle projecten en staat voor een deel in relatie tot de voorgestelde mutaties op de uitgavenbudgetten.

De belangrijkste zijn hieronder weergegeven:

  • Stalen kunstwerken en Vervanging en renovatie;

  • N33 Assen-Zuidbroek;

  • ZSM Spoedwet Wegverbreding;

  • A1/6/9 Schiphol/Adam-Almere;

  • A4 Delft-Schiedam;

  • N61 Hoek-Schoondijke;

  • A4/9 Badhoevedorp;

  • N31 Leeuwarden en Leeuwarden (De Haak);

  • A15 Maasvlakte Vaanplein;

  • Benutting;

  • Lucht – weg (NSL);

  • N23 Alkmaar-Zwolle;

  • Overprogrammering.

Artikel 12 Hoofdwegennet

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.01 Verkeersmgmt.

   

43 993

27 340

23 304

23 273

23 228

92 897

205 659

Toelichting

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.01 Verkeersmgmt.

   

43 993

27 340

23 304

23 273

23 228

92 897

205 659

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 13 225

– 5 268

– 4 571

– 2 734

– 2 816

– 14 096

– 35 106

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.01 Verkeersmgmt.

   

30 768

22 072

18 733

20 539

20 412

78 801

170 553

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.01 Verkeersmgmt.

   

30 768

22 072

18 733

20 539

20 412

78 801

170 553

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.02 BenO

   

343 137

549 956

471 665

331 765

419 595

2 142 822

3 235 578

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 67 389

– 6 337

– 11 636

– 30 050

– 31 687

– 126 748

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.02 BenO

   

275 748

543 619

460 029

301 715

387 908

2 016 074

3 235 578

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

73 734

– 130 235

34 508

48 701

– 26 207

– 128 078

875 184

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.02 BenO

   

349 482

413 384

494 537

350 416

361 701

1 887 996

4 110 762

 

saldo 2012

Intertemporeel

0

220 199

– 220 199

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

220 199

– 220 199

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.02 BenO

   

569 681

193 185

494 537

350 416

361 701

1 887 996

4 110 762

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.03 Aanleg

   

1 512 384

1 189 519

938 480

542 241

145 746

18 226

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 255 868

– 229 340

– 287 370

– 172 847

0

0

64 000

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.03 Aanleg

   

1 256 516

960 179

651 110

369 394

145 746

18 226

64 000

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 134 701

490 956

944 359

525 851

1 712 802

6 711 528

4 491 717

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.03 Aanleg

   

1 121 815

1 451 135

1 595 469

895 245

1 858 548

6 729 754

4 555 717

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

79 081

– 79 081

         

1

Overboeking binnen artikel 12

Neutraal

14 781

14 781

             

Overboeking met HXII

Intensivering/Extensivering

2 000

2 000

           

4

Mutaties Najaarsnota 2012

   

95 862

– 79 081

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.03 Aanleg

   

1 217 677

1 372 054

1 595 469

895 245

1 858 548

6 729 754

4 555 717

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.04 GIV/PPS

   

354 075

384 106

171 962

145 777

147 252

564 632

908 172

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

21 596

56 352

344 482

363 949

54 184

177 903

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.04 GIV/PPS

   

375 671

440 458

516 444

509 726

201 436

742 535

908 172

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 69 165

– 20 202

50 293

– 746

49 954

– 22 070

363 604

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.04 GIV/PPS

   

306 506

420 256

566 737

508 980

251 390

720 465

1 271 776

 

saldo 2012

Intertemporeel

0

19 265

– 19 265

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

19 265

– 19 265

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.04 GIV/PPS

   

325 771

400 991

566 737

508 980

251 390

720 465

1 271 776

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.05 Verk.& Planst.

   

– 233 744

122 507

1 203 572

753 818

2 328 262

8 514 667

3 996 765

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

174 436

100 493

0

– 77 954

0

– 33 000

– 64 000

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.05 Verk.& Planst.

   

– 59 308

223 000

1 203 572

675 864

2 328 262

8 481 667

3 932 765

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

361 553

– 223 000

– 1 203 572

– 675 864

– 2 328 262

– 8 481 667

– 3 932 765

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.05 Verk.& Planst.

   

302 245

0

0

0

0

0

0

 

saldo 2012

Intertemporeel

0

– 220 121

220 121

         

1

Overboeking binnen artikel 12

Neutraal

– 13 781

– 13 781

             

Overboeking van/naar andere departementen

Intensivering/Extensivering

– 1 372

– 1 372

           

3

Overboeking van/naar HXII

Intensivering/Extensivering

994

994

           

4

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 234 280

220 121

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.05 Verk.& Planst.

   

67 965

220 121

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.06 Netwerk HWN

   

437 750

418 860

391 966

378 394

375 060

1 481 297

3 007 912

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.06 Netwerk HWN

   

437 750

418 860

391 966

378 394

375 060

1 481 297

3 007 912

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

1 962

3 156

4 693

4 031

4 312

17 433

– 8 182

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.06 Netwerk HWN

   

439 712

422 016

396 659

382 425

379 372

1 498 730

2 999 730

 

Overboeking van/naar andere departementen

Intensivering/Extensivering

130

130

           

3

Overboeking binnen artikel 12

Neutraal

– 1 000

– 1 000

             

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 870

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.06 Netwerk HWN

   

438 842

422 016

396 659

382 425

379 372

1 498 730

2 999 730

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 HWN

   

2 330 370

2 613 456

3 246 425

2 258 366

3 461 640

12 832 696

11 354 086

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 HWN

   

2 550 528

2 728 863

3 072 135

2 157 605

2 871 423

10 915 746

13 108 538

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 HWN

   

2 650 704

2 630 439

3 072 135

2 157 605

2 871 423

10 915 746

13 108 538

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.09 Ontvangsten

   

232 114

263 591

205 850

107 337

505 954

618 298

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

18 753

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.09 Ontvangsten

   

250 867

263 591

205 850

107 337

505 954

618 298

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

22 950

– 1 486

– 23 829

– 49 760

– 15 625

– 439 500

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 12.09 Ontvangsten

   

273 817

262 105

182 021

57 577

490 329

178 798

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 119 380

119 380

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 119 380

119 380

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 12.09 Ontvangsten

   

154 437

381 485

182 021

57 577

490 329

178 798

0

 

Artikel 13 Spoorwegen

Budgettaire gevolgen van beleid: Najaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

13 Spoorwegen

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Milj.nota

Najaarsnota

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

Verplichtingen

2 032 613

2 032 613

888 378

– 228 611

2 692 380

Uitgaven

2 445 684

2 473 051

– 278 388

11 601

2 206 264

13.02 Onderhoud en vervanging

1 510 623

1 509 600

– 29 279

0

1 480 321

13.02.01 Regulier onderhoud

671 520

681 104

95 931

0

777 035

13.02.02 Grote onderhoudsprojecten

455 699

404 600

0

0

404 600

13.02.03 Rentelasten

37 919

37 919

0

0

37 919

13.02.04 Betuweroute

55 600

54 149

0

0

54 149

13.02.05 Kleine infra en overige projecten

289 885

331 828

– 125 210

0

206 618

13.02.06 Aandeel ProRail in taakst. IenM

0

0

0

0

0

13.03 Aanleg

675 852

656 069

– 134 119

22 985

544 935

13.03.01 Real.progr.personenvervoer

630 772

611 681

– 102 180

23 932

533 433

13.03.02 Real.progr.goederenvervoer

45 080

44 388

– 31 939

– 947

11 502

13.03.03 Uitgaven leenfaciliteit versnelde aanleg

0

0

0

0

0

13.04 Geintegreerde contractvormen/PPS

151 489

162 854

– 26 000

– 7 854

129 000

13.05 Verkenningen en planstudies

107 720

144 528

– 88 990

– 3 530

52 008

13.05.01 Planstudieprogr. personenvervoer

73 572

103 941

– 56 967

– 2 303

44 671

13.05.02 Planstudieprogr. goederenvervoer

34 148

40 587

– 32 023

– 1 227

7 337

13.09 Ontvangsten

93 136

71 952

18 777

0

90 729

Operationele doelstelling 13.03

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Realisatieprojecten Personenvervoer (13.03.01)

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Gevolgen MIRT

Milj.nota

Najaarsnota

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

   
 

Uitgaven

631

612

– 102

24

534

   
 

BB21 (ontw. Bev21, VPT+,VPT2)

0

3

– 3

 

0

   

1

ERTMS pilot Amsterdam-Utrecht en ERTMS exp.centr.

19

24

– 15

– 5

4

   

2

Geluidsanering Spoorwegen

7

12

– 10

– 2

0

   
 

Geluid (empl. en innovatieve ontwikkelingen)

0

0

   

0

   
 

Integrale spooruitbreiding Amsterdam – Utrecht

4

4

– 4

 

0

   
 

Vervanging Dieze brug Den Bosch

0

0

   

0

   
 

Kleine stations

9

12

3

1

16

   

3

Afdekking risico's spoorprogramma's

0

39

– 34

– 5

0

   
 

AKI-plan en veiligheidsknelpunten

23

24

– 16

– 1

7

   
 

Intensivering Spoor in steden (I)

10

20

– 9

 

11

   
 

Nazorg gereedgekomen lijnen/halten

5

9

– 2

– 2

5

   
 

Ontsnippering

14

15

– 6

– 1

8

   
 

OV SAAL korte termijn

49

46

– 14

4

36

   
 

Amsterdam Centraal spoor 10/15

0

0

   

0

   
 

Amsterdam Centraal Cuyperhal

13

15

– 13

 

2

   
 

Fietsenstalling Amsterdam Centraal

2

2

– 1

 

1

   
 

Regionet (inclusief verkeersmaatregelen Schiphol)

35

41

– 20

 

21

   

4

Vleuten – Geldermalsen 4/6 sp. (incl. RSS)

64

11

60

10

81

   
 

OV-terminal stationsgebied Utrecht (VINEX/NSP)

66

84

– 34

 

50

   
 

Spoorwegovergang Soestdijkseweg te Bilthoven

12

18

– 15

– 3

0

   

5

Den Haag Centraal (t.b.v. NSP)

34

28

1

9

38

   
 

Den Haag CS: terugbouwen sporen 11/12

9

12

– 12

 

0

   
 

Rotterdam Centraal (t.b.v. NSP)

48

27

13

 

40

   

6

Rijswijk – Schiedam incl. spoorcorridor Delft

48

28

30

19

77

   

7

Breda Centraal (t.b.v. NSP)

9

10

– 2

– 4

4

   

8

Arnhem Centraal (t.b.v. NSP)

21

17

– 4

– 5

8

   
 

Spoorzone Ede

0

0

   

0

   
 

Sporen in Arnhem

15

10

16

2

28

   
 

Traject Oost (perronverbredingen)

2

2

– 2

 

0

   
 

Traject Oost uitv. convenant DMB

11

12

– 8

 

4

   

9

Hanzelijn

81

66

8

5

79

   
 

Sporendriehoek Noord Nederland

21

22

– 11

1

12

   
 

Partiele spooruitbreiding spoor Groningen Leeuwarden

2

2

– 2

 

0

   
 

Regionale lijnen Gelderland

   

2

 

2

   
 

Afronding

– 2

– 3

2

1

0

   
  • 1. De lagere realisatie betreft de pilot Amsterdam-Utrecht. De reden voor de lagere relatie is dat de inbouw van ERMTS in een aantal treinen meer tijd kost dan verwacht. Daarnaast is in verband met schaarse beschikbaarheid van personele capaciteit voor de ERMTS beveiligingstechniek, in 2012 een beperkter aantal testritten uitgevoerd.

  • 2. Het project Traject oost Maarsbergen wordt naar verwachting medio 2013 afgerond. Raildempers (geluidsanering) maken onderdeel uit van deze afronding. Er schuift een bedrag van ca. € 2 mln. door naar 2013. Voor de reizigers heeft dit geen gevolgen en voor een klein geografisch deel van het scopegebied betekent het dat enigszins later dan gepland het lagere geluidniveau wordt bereikt.

  • 3. Doordat er in 2012 geen aanspraak op de risicoreservering spoorprogramma is gedaan blijft een bedrag van € 5 mln. onbesteed.

  • 4. Op het project Vleuten-Geldermalsen is de zogenaamde forfaitaire aftrek voor een bedrag van € 20 mln. toegedeeld. Thans blijkt deze aftrek € 10 mln. te hoog te zijn ingeschat. Indien deze korting niet was verwerkt op dit project zou er ten opzichte van de planning een onderbesteding zijn van € 10 mln. Deze onderbesteding is voornamelijk het gevolg van te optimistische uitgavenprognose bij het projectonderdeel Utrecht Lunetten. De lagere realisatie heeft geen invloed op de indienststellingsdatum en daarmee zijn er ook geen consequenties voor reizigers/vervoerders.

  • 5. Door onder het nieuw te bouwen dak een werkplatform aan te leggen, dat naast werkvloer tevens als tijdelijk dak in de stationshal fungeert, is het mogelijk gebleken om permanent te kunnen werken waardoor een versnelling van de werkzaamheden wordt bereikt. De verwachte oplevering van de OV-terminal is hierdoor met ruim een half jaar vervroegd.

  • 6. Een aantal contractueel vastgelegde werkzaamheden is versneld opgepakt en uitgevoerd (o.a. voorbereidende werkzaamheden met betrekking tot de tunneltechnische installaties en uitvoerende werkzaamheden door de aannemerscombinatie CCL). Als gevolg van optredende risico’s is in 2012 een groter deel van het projectbudget onvoorzien aangesproken dan was gepland.

  • 7. De lagere uitgavenprognose 2012 is het gevolg van het stilleggen van de werkzaamheden vanwege klachten door omwonenden over geluidsoverlast. Momenteel bekijkt ProRail of en hoe de opgelopen vertraging ingelopen kan worden en wat de gevolgen zijn voor de indienststellingsdatum. Een eventuele vertraging heeft geen gevolgen voor de treinbediening van het station omdat de sporenlayout in 2008 reeds is aangepast. Daarnaast is de oplevering van het 1e deel van de geluidschermen vertraagd omdat de aannemer nog niet aan alle eisen van het bouwmanagement heeft kunnen voldoen. Daardoor is ook de realisatie van het volgende deel van de geluidschermen vertraagd.

  • 8. De lagere realisatie is het gevolg van het niet goedkeuren door Prorail van het termijnschema van de aannemer met betrekking tot fase 2 van de OV-terminal.

  • 9. Op dit project is de zogenaamde forfaitaire aftrek voor een bedrag van € 10 mln. toegedeeld. Indien deze korting niet was verwerkt op dit project zou er ten opzichte van de planning een onderbesteding zijn van € 5 mln. Het streven is om dit project met ingang van 1 januari 2013 over te laten gaan naar de nazorgfase. De aannemerscontracten worden zoveel als mogelijk nog in 2012 afgedaan. Opgenomen reserveringen voor nog voorziene contractmutaties zijn geactualiseerd en kunnen voor een deel vrijvallen. Het risico voor het mogelijk moeten aanpassen van ERMTS is niet langer opportuun gezien de hiervoor benodigde certificaten inmiddels zijn ontvangen. Op basis van het voorgaande is de uitgavenprognose 2012 naar beneden bijgesteld.

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatieprojecten Goederenvervoer (13.03.02)

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Gevolgen MIRT

Milj.nota

Najaarsnota

Budget

Oplevering

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

   

Uitgaven

45

44

– 32

– 1

11

   

PAGE risico reductie

4

1

 

 

1

   

Geluidspilot Goederenvervoer

0

0

 

 

0

   

Optimalisering Goederencorridor Rotterdam-Genua

20

21

– 17

 

4

   

Uitv.progr.Goed.route Elst-Deventer-Twente (NaNov)

19

21

– 14

 

7

   

Sloelijn/geluidmaatregelen Zeeuwselijn

1

1

– 1

 

0

   

Kleine projecten

0

0

 

 

0

   

Nazorg gereedgekomen lijnen-halten

2

1

 

– 1

0

   

Afronding

– 1

– 1

 

 

– 1

 

 

Operationele doelstelling 13.04

De lagere uitgaven op dit artikelonderdeel worden veroorzaakt door een rentemeevaller van € 8 mln. Deze meevaller wordt toegevoegd aan 2013 en later aangewend ter dekking van het onderhoud dat samenhangt met de uitgevoerde aanpassingen aan de HSL-Zuid infrastructuur.

Operationele doelstelling 13.05

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Projectenoverzicht behorende bij 13.05.01

Spoorwegen personenvervoer; planuitwerking

Projectomschrijving

Stand projectbudget MIRT 2012

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand projectbudget suppl.begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

1

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer

2 841

2 841

– 35

 

2 841

 

Amsterdam Zuidas: deel station (tbv NSP)

231

231

– 1

 

231

 

Amsterdam Zuidas WTC 4-sp + keersporen

95

95

– 2

 

95

1

OV Schiphol-Amsterdam-Almere-Lelystad

989

989

– 9

 

989

1

Quick-scan Decentraal Spoor Gelderland

31

31

– 4

 

31

 

Traject Oost

8

8

   

8

1

Grensoverschrijdend Spoorvervoer

43

43

– 2

 

43

2

Kleine projecten

5

5

– 1

 

5

 

Diversen

 

3

 

 

3

  • 1. Dit betreffen mutaties die reeds in de Miljoenennota 2013 zijn opgenomen en daar zijn toegelicht.

  • 2. Deze post betreft een reservering voor kleinere uitgaven gerelateerd aan personenvervoer. In 2012 is minder beslag gelegd op de reservering dan waarmee rekening was gehouden.

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Projectenoverzicht behorende bij 13.05.02

Spoorwegen goederenvervoer; planuitwerking

Projectomschrijving

Stand projectbudget MIRT 2012

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand projectbudget 2e suppl.begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

 

Aslasten Cluster III

38

38

   

38

1

Optimalisering Goederencorridor R'dam-Genua

28

28

3

 

28

1

ERTMS Amsterdamse haven-Betuweroute

3

3

– 3

 

3

 

ERTMS Rotterdam-Antwerpen

3

3

   

3

 

Spooraansluiting 2e Maasvlakte achterlandverb.

212

212

   

212

 

Goederenverbinding Antwerpen-Roergebied (IJzeren Rijn)

0

0

   

0

 

Goederenroute Elst-Deventer-Twente (NaNOV)

5

5

   

5

1

2e fase Maasvlakte

30

32

– 31

 

32

 

Kleine projecten/studies

5

5

– 1

 

5

  • 1. Dit betreffen mutaties die reeds in de Miljoenennota 2013 zijn opgenomen en daar zijn toegelicht.

Verplichtingen

De verplichtingenverlaging heeft met name betrekking op PHS (-€ 262 mln.). De verwachting is dat de beschikkingsaanvraag DSSU (DoorStroomStationUtrecht) in december door ProRail bij IenM wordt ingediend. Gelet op dit tijdstip is het de verwachting dat het afgeven van de subsidiebeschikking niet meer in 2012 zal plaatsvinden maar doorschuift naar januari 2013. Er zijn geen inhoudelijke discussiepunten met betrekking tot dit project te melden, de uitvoering en oplevering van dit project lopen geen vertraging op.

Artikel 13 Spoorwegen

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.02 Onderh.& Verv.

   

1 510 623

1 567 862

1 360 564

1 472 331

1 271 147

5 187 548

11 463 248

Toelichting

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.02 Onderh.& Verv.

   

1 509 600

1 524 988

1 321 305

1 359 072

1 157 888

4 870 070

10 602 964

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 29 279

– 200 472

– 84 920

– 122 272

– 46 140

– 23 283

– 1 269 555

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.02 Onderh.& Verv.

   

1 480 321

1 324 516

1 236 385

1 236 800

1 111 748

4 846 787

9 333 409

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.02 Onderh.& Verv.

   

1 480 321

1 324 516

1 236 385

1 236 800

1 111 748

4 846 787

9 333 409

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.03 Aanleg

   

675 852

645 858

561 017

507 963

414 632

721 006

72 748

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 19 783

0

0

0

0

– 15 000

15 000

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.03 Aanleg

   

656 069

645 858

561 017

507 963

414 632

706 006

87 748

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 134 119

60 453

425 365

673 092

757 919

2 965 744

1 560 301

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.03 Aanleg

   

521 950

706 311

986 382

1 181 055

1 172 551

3 671 750

1 648 049

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

20 929

– 20 929

         

1

Overboeking binnen artikel 13

Neutraal

1 937

1 937

             

Overboeking met HXII

Intensivering/Extensivering

119

119

           

4

Mutaties Najaarsnota 2012

   

22 985

– 20 929

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.03 Aanleg

   

544 935

685 382

986 382

1 181 055

1 172 551

3 671 750

1 648 049

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.04 GIV/PPS

   

151 489

143 776

145 040

146 099

147 580

612 144

1 294 257

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

11 365

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.04 GIV/PPS

   

162 854

143 776

145 040

146 099

147 580

612 144

1 294 257

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 26 000

5 000

3 000

2 000

1 000

0

15 000

,

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.04 GIV/PPS

   

136 854

148 776

148 040

148 099

148 580

612 144

1 309 257

 

saldo 2012

Intertemporeel

0

– 7 854

7 854

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 7 854

7 854

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.04 GIV/PPS

   

129 000

156 630

148 040

148 099

148 580

612 144

1 159 210

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.05 Verk.& Planst.

   

107 720

211 006

325 314

449 299

566 454

3 300 504

959 816

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

36 808

0

– 60 000

– 24 000

– 34 000

– 297 000

149 000

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.05 Verk.& Planst.

   

144 528

211 006

265 314

425 299

532 454

3 003 504

1 108 816

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 88 990

– 211 006

– 265 314

– 425 299

– 532 454

– 3 003 504

– 1 108 816

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.05 Verk.& Planst.

   

55 538

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 1 593

1 593

         

1

Overboeking binnen artikel 13

Neutraal

– 1 937

– 1 937

             

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 3 530

1 593

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.05 Verk.& Planst.

   

52 008

1 593

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.07 Rente & afl.

   

 

 

 

 

 

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.07 Rente & afl.

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

18 150

18 150

18 150

18 150

72 600

145 200

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.07 Rente & afl.

   

0

18 150

18 150

18 150

18 150

72 600

145 200

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.07 Rente & afl.

   

0

18 150

18 150

18 150

18 150

72 600

145 200

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 Spoorwegen

   

2 473 051

2 525 628

2 292 676

2 438 433

2 252 554

9 191 724

13 093 785

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 Spoorwegen

   

2 194 663

2 197 753

2 388 957

2 584 104

2 451 029

9 203 281

12 435 914

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 Spoorwegen

   

2 206 264

2 186 271

2 388 957

2 584 104

2 451 029

9 203 281

12 285 867

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.09 Ontvangsten

   

93 136

174 105

186 489

346 489

346 489

1 385 957

2 307 128

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 21 184

– 114 105

– 126 490

– 164 490

– 164 490

– 598 401

– 765 206

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.09 Ontvangsten

   

71 952

60 000

59 999

181 999

181 999

787 556

1 541 922

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

18 777

0

0

56 000

0

5 000

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 13.09 Ontvangsten

   

90 729

60 000

59 999

237 999

181 999

792 556

1 541 922

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 13.09 Ontvangsten

   

90 729

60 000

59 999

237 999

181 999

792 556

1 541 922

 

Artikel 14 Regionale, lokale infrastructuur

Budgettaire gevolgen van beleid: Najaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

14 Regionaal/lokale infra.

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Milj.nota

Najaarsnota

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

Verplichtingen

215 471

215 471

398

– 43 344

172 525

Uitgaven

329 348

224 088

198 641

– 200 194

222 535

14.01 Grote regionaal/lokale projecten

187 266

236 496

40 802

– 153 097

124 201

14.01.01 Verkenningen

0

0

0

0

0

14.01.02 Planstudieprogr.reg./lok

888

8 397

40 779

– 49 077

99

14.01.03 Real.progr.reg./lok.

186 378

228 099

23

– 104 020

124 102

14.02 Regionale Mob. Fondsen

41 291

36 658

0

4 922

41 580

14.03 RSP – ZZL: Pakket Bereikbaarheid

100 791

– 49 066

157 839

– 52 019

56 754

14.03.01 RSP – ZZL: RB projecten

31 182

41 155

984

– 38 085

4 054

14.03.02 RSP – ZZL: RB mob.fondsen

51 968

– 108 032

160 000

732

52 700

14.03.03 RSP – ZZL: REP

17 641

17 811

– 3 145

– 14 666

0

14.09 Ontvangsten

0

0

0

0

0

Operationele doelstelling 14.01.02

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

14.01.02 Regionale/lokale infrastructuur; planuitwerking

Projectomschrijving

Stand projectbudget MIRT 2012

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand projectbudget 2e suppl.begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

 

Haaglanden/Den Haag, R'damsebaan

         
 

(vh. Trekvliettrace)

228

228

   

228

1

A12/A20 Parallelstructuur Gouweknoop

109

109

– 32

 

109

 

Rijn Gouwelijn West

46

46

   

46

 

Utrecht Tram-CS-De Uithof

110

110

   

110

 

Eindhoven Helmond, voltooiing verkeersruit (T-str.)

259

259

   

259

  • 1. In 2012 wordt ca € 32 mln. minder gerealiseerd dan geraamd. Dit komt door een vertraging bij de afgifte van de beschikking voor de Parallelstructuur A12/Gouwe omdat de provincie de noodzakelijke informatie niet tijdig heeft geleverd.

Operationele doelstelling 14.01.03

 

Real.progr.reg.lok. (14.01.03)

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Gevolgen MIRT

Milj.nota

Najaarsnota

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

   
 

Uitgaven

186

228

0

– 104

124

   
 

Noord/Zuidlijn Noord-WTC

44

56

 

 

56

   

1

N201

18

32

 

– 20

12

   

2

Rijn Gouwelijn Oost

42

73

 

– 73

0

   
 

Scheveningen Boulevard

0

0

   

0

   
 

Randstadrail (incl. voorbereidingskosten

             

3

en aanlanding)

52

34

 

– 34

0

   
 

Beneluxmetro (excl.Bodemsanering)

0

2

   

2

   
 

Tilburg Noordwesttangent

0

0

   

0

   

4

Startstation Erasmuslijn

 

2

 

– 2

0

   

5

Nijmegen 2e stadsbrug

31

31

 

24

55

   
 

Afronding

– 1

– 2

 

1

– 1

 

 

  • 1. Door een wijziging in de planning schuift € 14 mln. door naar 2013 als laatste jaar van betaling (in plaats van 2012). Dit komt doordat de grond van Chipshol via een onteigeningsprocedure moet worden verkregen (Boerenlandvariant). Op basis van de laatste voortgangsberichten vanuit de provincie Noord-Holland over de aanleg van de parallelstructuren langs de A4 is bovendien de verwachting dat de subsidiemijlpalen (3 mijlpalen, tezamen € 5 mln.) niet in 2012 worden opgeleverd. Hierdoor schuift in totaal € 19 mln. door naar 2013.

  • 2. De lagere uitgaven worden vooral veroorzaakt door de herziene plannen voor de Rijngouwelijn, waardoor de besluitvorming en daarmee ook de uitvoering vertraging heeft opgelopen.

  • 3. Er kunnen nog geen betalingen worden verricht omdat de gemeente Den Haag eerst een besluit moet nemen of de aansluiting op Den-Haag-Centraal nodig is.

  • 4. Door uitstel van de planaanpak worden dit jaar geen uitgaven verwacht.

  • 5. Door de snellere realisatie van het project Nijmegen 2e stadbrug is het mogelijk de voor 2013 geraamde betalingen reeds in 2012 te voldoen.

Operationele doelstelling 14.03.01

De verlaging van dit artikelonderdeel betreft met name een overboeking van € 24,1 mln. naar het provinciefonds voor dat deel van de concrete bereikbaarheidsprojecten waarvoor de regio verantwoordelijk is. Het betreft de provincies Friesland, Groningen, Drenthe en Flevoland. Daarnaast vindt een overboeking van bijna € 16,5 mln. plaats naar het gemeentefonds voor dat deel van de concrete bereikbaarheidsprojecten waarvoor de gemeente Assen verantwoordelijk is. Ten slotte wordt er een bedrag van ca. € 2,8 mln. naar het BTW-compensatiefonds overgeboekt met betrekking tot de overboekingen naar het provincie en gemeentefonds van RSP-middelen.

Operationele doelstelling 14.03.03

De verlaging betreft met name een overboeking van bijna € 14,5 mln. naar het Provinciefonds van dat deel van de REP-middelen, waarvoor de regio verantwoordelijk is. Het betreft de provincies Friesland, Groningen, Drenthe en Flevoland.

Verplichtingen

De mutatie op de verplichtingenraming staat in relatie met de overboeking van budgetten naar het Gemeente-, Provincie- en BTW compensatiefonds.

Artikel 14 Regionaal/lokale infra.

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.01 Reg./lok.

   

187 266

140 607

120 653

61 919

34 235

697 433

450 000

Toelichting

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

49 230

– 72 500

0

50 954

0

100 000

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.01 Reg./lok.

   

236 496

68 107

120 653

112 873

34 235

797 433

450 000

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

40 802

– 7 336

– 15 823

– 13 530

9 921

– 187 274

– 19 455

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 14.01 Reg./lok.

   

277 298

60 771

104 830

99 343

44 156

610 159

430 545

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 153 097

153 097

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 153 097

153 097

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.01 Reg./lok.

   

124 201

213 868

104 830

99 343

44 156

610 159

430 545

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.02 Reg.Mob.fonds.

   

41 291

30 257

12 750

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 4 633

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.02 Reg.Mob.fonds.

   

36 658

30 257

12 750

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 14.02 Reg.Mob.fonds.

   

36 658

30 257

12 750

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

4 922

– 4 922

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

4 922

– 4 922

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.02 Reg.Mob.fonds.

   

41 580

25 335

12 750

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.03 RSP/ZZL

   

100 791

97 434

196 544

107 624

214 366

461 414

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 149 857

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.03 RSP/ZZL

   

– 49 066

97 434

196 544

107 624

214 366

461 414

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

157 839

– 52 479

– 52 395

– 53 615

– 1 916

– 5 173

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 14.03 RSP/ZZL

   

108 773

44 955

144 149

54 009

212 450

456 241

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

5 798

– 5 798

         

1

Overboeking naar Gemeente-, Provincie- en BTW-compensatiefonds

Intensivering/Extensivering

– 57 817

– 57 817

           

2

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 52 019

– 5 798

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.03 RSP/ZZL

   

56 754

39 157

144 149

54 009

212 450

456 241

0

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 Reg./Lok.infra.

   

224 088

195 798

329 947

220 497

248 601

1 258 847

450 000

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 Reg./Lok.infra.

   

422 729

135 983

261 729

153 352

256 606

1 066 400

430 545

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 Reg./Lok.infra.

   

222 535

278 360

261 729

153 352

256 606

1 066 400

430 545

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 14.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 14.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Artikel 15 Hoofdvaarwegennet

15 Hoofdvaarwegennet

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Milj.nota

Najaarsnota

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

Verplichtingen

1 015 926

1 075 321

1 070

– 194 544

881 847

Uitgaven

843 656

836 032

107 058

– 102 381

840 709

15.01 Verkeersmanagement

23 552

23 552

– 4 027

0

19 525

15.01.01 Basispakket verkeersmanagement

23 552

23 552

– 4 027

0

19 525

15.01.02 Servicepakket verkeersmanagement

0

0

0

0

0

15.02 Beheer en onderhoud

199 385

172 054

195 393

– 46 747

320 700

15.02.01 Basispakket B&O hoofdvaarwegen

125 947

125 946

10 704

0

136 650

15.02.02 Servicepakket B&O hoofdvaarwegen

23 176

– 4 422

172 073

– 55 541

112 110

15.02.04 Groot var.onderhoud hoofdvaarwegen

50 262

50 530

12 616

8 794

71 940

15.03 Aanleg en planstudie na tracébesluit

343 610

366 105

– 78 514

– 55 588

232 003

15.03.01 Realisatieprogr. hoofdvaarwegen

334 891

356 417

– 68 826

– 55 588

232 003

15.03.02 Planstudieprogr. na tracébesluit

8 719

9 688

– 9 688

0

0

15.05 Verk. en planstudies voor tracébesluit

21 287

18 499

– 6 778

0

11 721

15.05.01 Verkenningen

0

0

0

0

0

15.05.02 Planstudieprogramma voor tracébesluit

21 287

18 499

– 6 778

0

11 721

15.06 Netwerkgebonden kosten HVWN

255 822

255 822

984

– 46

256 760

15.06.01 Apparaatskosten RWS

243 456

243 456

1 011

– 46

244 421

15.06.02 Overige netwerkgebonden kosten

12 366

12 366

– 27

0

12 339

15.09 Ontvangsten

68 687

85 218

– 1 746

– 36 588

46 884

Operationele doelstelling 15.02

Bij Voorjaarsnota 2012 is met betrekking tot een convenant, gesloten met de provincies Friesland en Groningen waarbij RWS de hoofdvaarweg Lemmer-Delfzijl in beheer en eigendom krijgt en de zijtakken bij de provincies blijven, een bedrag van ca € 55 mln. vanuit het BTW-compensatiefonds aan dit artikelonderdeel toegevoegd.

Het eind 2011 gesloten convenant luidt in bedragen inclusief BTW. Naar nu blijkt is dit niet terecht. Op basis van een controle van de ramingen is geconstateerd dat alle in het convenant opgenomen bedragen exclusief BTW zijn. Dit betekent dat:

  • 1. Het convenant wordt aangepast, waarbij de passage «inclusief BTW» wordt gewijzigd in «exclusief BTW»;

  • 2. IenM alsnog de verschuldigde BTW over de zijtakken terugstort in het BCF. Het gaat om een bedrag van € 27,9 mln.

Het resterende bedrag komt niet in 2012 tot betaling en zal in de komende Voorjaarsnota/ begrotingsvoorbereiding in de meerjarige programmering worden verwerkt.

Voorts wordt, doordat de planning van de renovatie van de kleine sluis van de Willem-I-sluizen door de provincie naar later is verschoven, de in de begroting voor 2012 geplande bijdrage doorgeschoven naar 2013.

De mutatie op 15.02.04 van ca. € 8,8 miljoen wordt verklaard door:

  • Een verhoging van het budget met € 9,1 mln. ten behoeve van werkzaamheden die betrekken hebben op de eerste tranche Vervanging en Renovatie projecten;

  • Maas: Een verlaging van het budget ten behoeve van het project Maas, baggeren en kunstwerken met ca. € 0,3 mln., dat vooralsnog aan 2013 zal worden toegevoegd.

Operationele doelstelling 15.03

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Realisatieprojecten hoofdvaarwegen (15.03.01)

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Gevolgen MIRT

Milj.nota

Najaarsnota

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

   
 

Uitgaven

335

356

– 68

– 56

232

   

1

Quick Wins binnenhavens

15

14

9

– 23

0

   

2

Impuls Dynamisch verkeersmanagement

35

43

– 15

– 3

25

   
 

Verbeteren vaargeul IJsselmeer (Amsterdam-Lemmer)

0

3

– 3

 

0

   

3

Amsterdam-Rijnkanaal, verwijderen keersluis Zeeburg

   

2

– 1

1

   

4

Walradar Noordzeekanaal

4

10

– 3

– 2

5

 

2014

 

De Zaan (Wilhelminasluis)

0

0

   

0

   
 

Lekkanaal, verbreding kanaalzijde en uitbreiding ligpl.

0

0

   

0

   
 

Verbreding Maasgeul

   

2

 

2

   
 

Capaciteit Julianasluis Gouda

0

0

   

0

   

5

Zuid-Willemsvaart; renovatie middendeel klasse II

4

4

– 3

1

2

1

 

6

Zuid-Willemsvaart, oml. en opwaarderen (Maas-Veghel)

70

64

26

– 17

73

   
 

Wilhelminakaanl Tilburg

2

2

– 1

 

1

   
 

Zuid-Willemsvaart; vervanging sluizen 4, 5 en 6

25

25

– 25

 

0

   
 

Maasroute, modernisering fase 2

111

111

– 7

 

104

   
 

Bouw 4e sluiskolk Ternaaien

0

0

   

0

   
 

Vaarweg Meppel-Ramspol (keersluis Zwartsluis)

7

7

– 4

 

3

   

7

Vaarweg Lemmer-Delfzijl fase 1

23

24

– 14

– 3

7

   
 

Verruiming vaarweg Eemshaven Noordzee

26

26

– 26

 

0

   
 

Walradarsystemen

9

11

– 9

 

2

   
 

Kleine projecten

1

1

– 1

 

0

   
 

Ligplaatsvoorzieningen

0

0

   

0

   
 

Subsidieprogr.ZeehaveninnovatieProject voor

             

8

duurzaamheid (ZIP)

2

2

 

– 1

1

   

9

Amendement ligplaatsen

 

6

 

– 5

1

   

10

Realisatieuitgaven op IF 15.03.01 mbt planuitw.projecten

   

4

1

5

   
 

Afronding

1

3

 

– 3

0

 

 

  • 1. De vermindering van de uitgavenraming bij dit project betreft enerzijds een overboeking van:

    • € 10 mln. naar het Gemeentefonds van het ministerie van Binnenlandse Zaken, inzake aanvragen voor een Decentralisatie Uitkering Binnenhavens (DUB) van de gemeenten Venray, Oss, Tiel en Bergen op Zoom. Het ministerie van BZK zal zorgdragen voor vermelding van de toekenning in de septembercirculaire Gemeentefonds 2012, waarna de middelen nog dit jaar via het Gemeentefonds aan de betreffende gemeenten zullen worden overgemaakt.

    • ca. € 0,5 mln. als afdracht aan het BTW-Compensatiefonds in het kader van de overboeking naar het Gemeentefonds voor de 3e tranche Quick Wins binnenhavens.

Anderzijds is op de uitvoering van de 1e tot en met de 3e tranche een kasvertraging van in totaal ca. € 12,5 mln. ontstaan, waardoor deze gelden doorschuiven naar 2013.

  • 2. Voor enkele deelprojecten, waaronder Verkeersmanagement Ondersteuning Scheepvaart (VOS) en Informatiediensten op schepen, is dit jaar minder kasbudget nodig dan waarop eerder was gerekend. Ook hier wordt het budget doorgeschoven naar 2013.

  • 3. De daadwerkelijke uitvoering van dit project start begin 2013. Dit is enigszins later dan waarop was gerekend (eind september 2012). Hierdoor verschuiven kasuitgaven van dit uitvoeringsjaar naar volgend jaar. De mijlpaal voor oplevering blijft gehandhaafd.

  • 4. Als gevolg van de bijstelling van het pakket van eisen worden enkele onderdelen volgend jaar opgeleverd. Daarnaast wordt door de verbouw en de inrichting van de verkeerspost Schellingwoude de oplevering begin 2014 verwacht. De kasuitgaven en -ontvangsten schuiven hierdoor mee naar 2013 en 2014.

  • 5. Bij dit project is asbest aangetroffen bij het amoveren van de brughoofden bij zowel sluis 10 als sluis 12. Dit brengt meerkosten met zich mee ter grootte van ca. € 0,5 mln. die niet zijn op te vangen binnen de reservering onvoorzien.

  • 6. Vanwege o.a. bestuurlijke afstemming met de regio is er dit jaar sprake van lagere kasuitgaven. Deze kasuitgaven schuiven door naar 2013. Dit heeft geen gevolgen voor de afgesproken mijlpalen.

  • 7. Er is vertraging ontstaan met betrekking tot de spoorbrug Zuidhorn als gevolg van de heroverweging enkel/dubbelspoorvarianten. Inmiddels heeft de provincie Groningen aangegeven de aanvraag subsidiebeschikking voor enkelspoor naar verwachting in december 2012 te kunnen afgeven. De hierdoor niet in 2012 te realiseren kasuitgaven schuiven door naar 2013.

  • 8. Deze mutatie wordt veroorzaakt door een kasvertraging op de uitvoering van het Innovatiefonds Zuid-Holland.

  • 9. De bij amendement van de leden Dijkgraaf en de Rouwe aan de begroting 2012 toegevoegde middelen voor realisering van eenvoudige ligplaatsen bedragen € 6 mln. (Kamerstukken II, 33 000 A, nr. 10). De voorbereiding hiervan vraagt de nodige tijd waardoor het grootste deel van het budget zal worden doorgeschoven naar 2013 en verder.

  • 10. Met betrekking tot het project «Verdieping vaargeul de Boontjes» is met de provincie Friesland afgesproken dat nog dit jaar de drempel in de vaargeul zal worden verwijderd. De daarvoor in de begroting voor 2013 geplande uitgaven worden als gevolg daarvan verschoven naar 2012.

Operationele doelstelling 15.05

Najaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

15.03.02/15.05.02 Planuitwerkingsprogramma

Projectomschrijving

Stand projectbudget MIRT 2012

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand projectbudget 2e suppl.begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

1

Maasroute, modern.fase 2, verbr.Julianakanaal (aanvulling III)

65

65

– 8

 

65

1

Verbreding Maasgeul

3

3

– 2

 

3

1

Amsterdam-Rijnkanaal, verwijderen keersluis Zeeburg

14

14

– 4

 

14

 

Lichteren Buitenhaven IJmuiden

63

63

   

63

 

Vaarweg IJsselmeer-Meppel

35

35

   

35

 

Capaciteitsuitbreiding ligplaatsen Amsterdam-Lemmer

6

6

   

6

 

Zeetoegang IJmond

0

0

   

0

 

Lekkanaal/3e kolk Beatrixsluis

177

177

1

 

177

 

Cap.uitbreiding overnachtingsplaatsen Merwedes

28

28

   

28

 

Uitbreiding ligplaatscapaciteit Beneden Lek

3

3

   

3

 

Verkeerssituatie Splitsing Hollandsch Diep-Dordtsche Kil

9

9

   

9

 

Bovenloop IJssel (IJsselkop tot Zutphen)

36

36

   

36

 

Capaciteitsuitbreiding ligplaatsen IJssel

27

27

   

27

 

Toekomstvisie Waal

142

142

– 2

 

142

 

Verruiming Twentekanalen (fase 2) en capaciteitsuitbreiding sluis Eefde

         
 

capaciteitsuitbreiding sluis Eefde

95

95

   

95

 

Vaarweg Lemmer-Delfzijl fase 2

0

0

   

0

1

Verdieping vaarweg Harlingen – Kornwerderzand (Boontjes)

5

5

– 5

 

5

  • 1. Dit betreffen mutaties die in de Miljoenennota 2013 zijn opgenomen en daar zijn toegelicht. In dit wetsvoorstel worden op deze projecten geen nieuwe mutaties voorgesteld.

Ontvangsten

De verwachting is dat ca. € 37 mln. van de ontvangstenraming dit jaar niet zal worden gerealiseerd.

Dit bedrag, wat een saldering is van hogere en lagere ontvangsten, doet zich voor op de volgende projecten:

  • Zuid Willemsvaart, Maas-Berlicum: Hogere ontvangsten in 2012 van ca. € 15,2 mln. omdat de in 2011 gesloten bestuursovereenkomsten betreffende de N279 (toekomstvaste verbreding van de brug over de ZW-vaart) zijn verwerkt;

  • Investeringen in de Schelderadarketen (SRK): De aanbesteding van het project SRK radarpost Noord zal nog dit jaar plaatsvinden. De oplevering is voorzien begin 2015. De bijdragen door derden is gekoppeld aan deze uitvoeringsplanning. Vanwege de opstart van het werk is dit jaar een geringe bijdrage voorzien, waardoor ca. € 1 mln. zal doorschuiven naar later;

  • Overige aanleg ontvangsten: Van deze moeilijk te ramen ontvangsten wordt thans verwacht dat ca. € 14,1 mln. zal doorschuiven naar later;

  • Ontvangsten verbreding Wilhelminakanaal Tilburg: De regio levert een bijdrage aan de realisatie van het project. Het kasritme van deze bijdragen is in lijn gebracht met de gemaakte afspraken met als gevolg dat € 19,6 mln. dit jaar niet zal worden ontvangen;

  • Zuid Willemsvaart, sluis 4, 5 en 6: Het MIRT-project is in 2010 opgeleverd. Dit jaar wordt nog ca. € 0,8 mln. als laatste regiobijdrage verwacht. De resterende regiobijdrage van € 13,5 mln. zal als desaldering op de resterende uitgaven van het project worden verwerkt bij begrotingsvoorbereiding 2014 en het project wordt daarmee afgesloten;

  • Walradar Noordzeekanaal: Vanwege een bijstelling van de eisen, worden enkele onderdelen volgend jaar opgeleverd. Daarnaast wordt door de verbouw en de inrichting van de verkeerspost Schellingwoude de oplevering begin 2014 verwacht. De kasuitgaven en de regiobijdragen van ca. € 3,6 mln. schuiven door naar 2013 en 2014.

Verplichtingen

De neerwaartse bijstelling van de verplichtingenraming staat voor een deel in relatie tot de hierboven genoemde lagere uitgaven.

Daarnaast worden nog enkele verschuivingen in de projectramingen uit/naar 2012 aangebracht voornamelijk door bijstellingen van de planning en het doorschuiven van gunningen na 2012. Dit doet zich voornamelijk voor op de projecten Groot Variabel Onderhoud (Impuls Groot Onderhoud) en het Wilhelminakanaal Tilburg.

Artikel 15 Hoofdvaarwegennet

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.01 Verkeersmgmt.

   

23 552

14 856

12 496

12 487

12 464

49 852

104 296

Toelichting

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.01 Verkeersmgmt.

   

23 552

14 856

12 496

12 487

12 464

49 852

104 296

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 4 027

– 2 086

840

– 684

188

752

– 2 983

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.01 Verkeersmgmt.

   

19 525

12 770

13 336

11 803

12 652

50 604

101 313

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.01 Verkeersmgmt.

   

19 525

12 770

13 336

11 803

12 652

50 604

101 313

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.02 BenO

   

199 385

268 583

261 747

252 623

344 678

993 452

636 744

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 27 331

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.02 BenO

   

172 054

268 583

261 747

252 623

344 678

993 452

636 744

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

195 393

30 301

23 015

8 004

– 68 780

– 196 793

1 473 537

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.02 BenO

   

367 447

298 884

284 762

260 627

275 898

796 659

2 110 281

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 18 847

18 847

         

1

Overboeking naar Gemeente-, Provincie- en BTW-compensatiefonds

Intensivering/Extensivering

– 27 900

– 27 900

           

2

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 46 747

18 847

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.02 BenO

   

320 700

317 731

284 762

260 627

275 898

796 659

2 110 281

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.03 Aanleg

   

343 610

346 247

272 298

201 043

40 444

5 529

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

22 495

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.03 Aanleg

   

366 105

346 247

272 298

201 043

40 444

5 529

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 78 514

– 61 506

67 370

88 908

178 210

721 232

1 300 597

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.03 Aanleg

   

287 591

284 741

339 668

289 951

218 654

726 761

1 300 597

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 45 054

45 054

         

1

Overboeking naar Gemeente-, Provincie- en BTW-compensatiefonds

Intensivering/Extensivering

– 10 534

– 10 534

           

2

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 55 588

45 054

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.03 Aanleg

   

232 003

329 795

339 668

289 951

218 654

726 761

1 300 597

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.05 Verk.& Planst.

   

21 287

30 171

104 736

180 681

155 643

555 485

1 222 100

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 2 788

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.05 Verk.& Planst.

   

18 499

30 171

104 736

180 681

155 643

555 485

1 222 100

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 6 778

– 30 171

– 104 736

– 180 681

– 155 643

– 555 485

– 1 222 100

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.05 Verk.& Planst.

   

11 721

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.05 Verk.& Planst.

   

11 721

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.06 Netwerk HVWN

   

255 822

248 238

232 802

224 302

222 198

876 659

1 779 008

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.06 Netwerk HVWN

   

255 822

248 238

232 802

224 302

222 198

876 659

1 779 008

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

984

– 515

1 234

545

624

2 303

– 5 917

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.06 Netwerk HVWN

   

256 806

247 723

234 036

224 847

222 822

878 962

1 773 091

 

Overboeking van/naar andere departementen

Intensivering/Extensivering

– 46

– 46

           

3

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 46

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.06 Netwerk HVWN

   

256 760

247 723

234 036

224 847

222 822

878 962

1 773 091

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 HVWN

   

836 032

908 095

884 079

871 136

775 427

2 480 977

3 742 148

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 HVWN

   

943 090

844 118

871 802

787 228

730 026

2 452 986

5 285 282

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 HVWN

   

840 709

908 019

871 802

787 228

730 026

2 452 986

5 285 282

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.09 Ontvangsten

   

68 687

29 703

22 155

3 042

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

16 531

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.09 Ontvangsten

   

85 218

29 703

22 155

3 042

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 1 746

333

0

1 402

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 15.09 Ontvangsten

   

83 472

30 036

22 155

4 444

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 36 588

36 588

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 36 588

36 588

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 15.09 Ontvangsten

   

46 884

66 624

22 155

4 444

0

0

0

 

Artikel 16 Megaprojecten niet verkeer en Vervoer

16 Megaproj.niet Verkeer en Vervoer

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Milj.nota

Najaarsnota

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

Verplichtingen

674 428

748 995

262 321

– 343 237

668 079

Uitgaven

861 154

891 751

– 97 889

– 37 903

755 959

16.01 Project Mainportontwikkeling R'dam

437 934

455 591

– 11 755

– 3 199

440 637

16.01.01 Planstudie PMR

0

0

0

0

0

16.01.02 Realisatieprogramma PMR

437 934

455 591

– 11 755

– 3 199

440 637

16.02 Ruimte voor de Rivier

154 610

111 714

43 300

– 14

155 000

16.03 Maaswerken

34 769

67 931

– 15 504

0

52 427

16.04 Netwerkgebonden kosten megaproj. niet VenV

18 324

18 324

64

0

18 388

16.04.01 Apparaatskosten RWS

18 324

18 324

64

0

18 388

16.04.02 Overige netwerkgebonden kosten

0

0

0

0

0

16.05 Hoogwaterbeschermingsprogramma 2

215 517

238 191

– 113 994

– 34 690

89 507

16.09 Ontvangsten

80 193

79 129

63 914

3 365

146 408

16.09.01 PMR

1 193

1 193

0

0

1 193

16.09.02 Ruimte voor de Rivier

0

– 944

0

1 455

511

16.09.03 Maaswerken

0

– 120

0

1 910

1 790

16.09.04 Ontvangsten HWBP 2

79 000

79 000

63 914

0

142 914

 

Realisatie Megaprojecten niet VenV (16)

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Gevolgen MIRT

Milj.nota

Najaarsnota

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

   
 

Uitgaven

862

892

– 98

– 38

756

   
 

Project Mainportontwikkeling Rotterdam

438

455

– 12

– 3

440

   
 

Uitvoeringsorganisatie

2

5

– 4

 

1

   
 

750 ha

0

0

   

0

   
 

Groene verbinding

0

0

   

0

   
 

Bestaand Rotterdams Gebied (BRG)

0

0

   

0

   
 

Natuurcompensatie

6

13

– 8

– 1

4

   

1

Landaanwinning

356

356

 

7

363

   
 

BTW Buitencontour

68

68

 

1

69

   

2

Onvoorzien

6

13

 

– 10

3

   
 

Ruimte voor de rivier

155

112

43

0

155

   
 

Projectbudget

155

112

43

 

155

   
 

Maaswerken

35

68

– 15

0

53

   
 

Zandmaas

32

30

– 15

 

15

   
 

Grensmaas

3

38

   

38

   
 

Apparaatskosten RWS

18

18

   

18

   
 

Hoogwaterbeschermingsprogramma 2

216

239

– 114

– 35

90

   

3

HWBP 2 Waterschapsprojecten

206

230

– 114

– 35

81

   
 

HWBP 2 Rijksprojecten

4

4

   

4

   
 

Overige projectkosten

6

5

   

5

   
  • 1. Deze verhoging van de uitgavenraming betreft de contractueel verplichte prijsbijstelling, die reeds dit jaar moet worden betaald, maar pas volgend jaar via de Voorjaarsnota aan dit deelproject wordt toegevoegd.

  • 2. De reden van de onderuitputting is gelegen in het feit dat de (on)voorziene risico’s zich tot op heden slechts op zeer beperkte mate hebben voorgedaan.

  • 3. Dit door vertragingen ontstane kasoverschot is zichtbaar op de (deel)projecten;

    • Markermeerdijk (Hoorn-Edam-Amsterdam): In samenspraak met de beheerder is besloten meer tijd te nemen voor de vaststelling van het voorkeursalternatief voor dit traject;

    • West Zeeuws Vlaanderen ZSK: Het budget voor Zwakke schakels West Zeeuws Vlaanderen en een aantal kleine projecten is nader afgestemd op de uitvoeringsplanning van de beheerders. Voor deze projecten geldt dat de oplevering volgens de beheerders binnen de afgesproken termijn plaatsvindt;

    • Enkhuizen-Hoorn: Vertraging in verband met onderzoek naar de extra kosten en de afhankelijkheid van de resultaten veenproef.

Ontvangsten

De hogere ontvangsten hebben betrekking op niet geraamde EU-subsidies voor het project Lent (Ruimte voor de Rivier) en ontvangsten voor het project Maaswerken in verband met de verkoop van ruilgronden en ontvangsten die te maken hebben met activiteiten op het gebied van grondverwerving voor derden (bijvoorbeeld onteigening). Deze ontvangsten zijn incidenteel en niet te plannen in de tijd.

Verplichtingen

De verlaging van de verplichtingenraming betreft met name:

  • Bij de zwakke schakels Noord Holland is vanuit efficiencyoverwegingen gekozen voor een innovatieve marktbenadering voor de aanbesteding, waardoor de daadwerkelijke beschikking op een later moment plaatsvindt. Eerder werd uitgegaan van een meer traditionele aanbesteding waarbij al in 2012 tot beschikking zou zijn overgegaan. Van daadwerkelijke vertraging van het project is op dit moment geen sprake.

  • Daarnaast is gebleken dat er voor de zwakke schakels Delfland en Scheveningen de beschikkingen al zijn afgegeven. Het verplichtingenbudget wordt nu hiervoor naar beneden bijgesteld.

  • Verder is het verplichtingenbudget voor een aantal kleinere projecten, zoals de zwakke schakels West Zeeuws Vlaanderen en de dijkversteking Nederlek en de Waddenzeekering Ameland nader afgestemd op de uitvoeringsplanning van de beheerders. Dit betekent dat de beschikking voor deze projecten op een later moment zal worden afgegeven. Voor deze projecten geldt dat de oplevering volgens de beheerders op dit moment binnen de afgesproken termijn plaatsvindt

  • Ten slotte dienen er voor de vaststelling van het project Enkhuizen-Hoorn en Nieuwe Maasijk meer verplichtingen te worden aangegaan in verband met de vaststelling van de beschikking als gevolg van de eindafrekening van deze projecten in 2012.

Artikel 16 Megaproj. Niet Verkeer en Vervoer

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.01 PMR

   

437 934

50 644

18 615

5 345

3 777

– 2 468

10 611

Toelichting

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

17 657

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.01 PMR

   

455 591

50 644

18 615

5 345

3 777

– 2 468

10 611

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 11 755

– 50 644

– 18 615

– 5 345

– 3 777

2 468

– 10 611

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.01 PMR

   

443 836

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 3 199

3 199

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 3 199

3 199

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.01 PMR

   

440 637

3 199

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.02 RvdR

   

154 610

292 036

341 925

349 884

191 854

184 788

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 42 896

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.02 RvdR

   

111 714

292 036

341 925

349 884

191 854

184 788

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

43 300

– 292 036

– 341 925

– 349 884

– 191 854

– 184 788

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.02 RvdR

   

155 014

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 14

14

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 14

14

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.02 RvdR

   

155 000

14

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.03 Maaswerken

   

34 769

39 614

30 402

29 323

26 075

35 092

6 639

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

33 162

700

3 195

9 195

12 670

34 740

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.03 Maaswerken

   

67 931

40 314

33 597

38 518

38 745

69 832

6 639

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 15 504

– 40 314

– 33 597

– 38 518

– 38 745

– 69 832

– 6 639

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.03 Maaswerken

   

52 427

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.03 Maaswerken

   

52 427

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.04 Netwerk mega niet VenV

   

18 324

18 627

18 093

16 272

12 963

70 800

145 320

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.04 Netwerk mega niet VenV

   

18 324

18 627

18 093

16 272

12 963

70 800

145 320

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

64

– 18 627

– 18 093

– 16 272

– 12 963

– 70 800

– 145 320

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.04 Netwerk mega niet VenV

   

18 388

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.04 Netwerk mega niet VenV

   

18 388

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.05 HWBP2

   

215 517

437 347

356 709

346 194

358 917

823 375

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

22 674

– 123 399

– 34 523

71 284

55 403

32 702

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.05 HWBP2

   

238 191

313 948

322 186

417 478

414 320

856 077

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 113 994

– 313 948

– 322 186

– 417 478

– 414 320

– 856 077

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.05 HWBP2

   

124 197

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 34 690

34 690

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 34 690

34 690

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.05 HWBP2

   

89 507

34 690

0

0

0

0

0

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 Mega niet VenV

   

891 751

715 569

734 416

827 497

661 659

1 179 029

162 570

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 Mega niet VenV

   

793 862

0

0

0

0

0

0

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 Mega niet VenV

   

755 959

37 903

0

0

0

0

0

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.09 Ontvangsten

   

80 193

88 039

139 589

195 411

155 850

480 528

0

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 1 064

0

0

0

0

0

0

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.09 Ontvangsten

   

79 129

88 039

139 589

195 411

155 850

480 528

0

Mutaties Miljoenennota 2013

   

63 914

– 88 039

– 139 589

– 195 411

– 155 850

– 480 528

0

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 16.09 Ontvangsten

   

143 043

0

0

0

0

0

0

Saldo 2012

Intertemporeel

0

3 365

– 3 365

         

Mutaties Najaarsnota 2012

   

3 365

– 3 365

0

0

0

0

0

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 16.09 Ontvangsten

   

146 408

– 3 365

0

0

0

0

0

Artikel 17 Megaprojecten verkeer en Vervoer

17 Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Milj.nota

Najaarsnota

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

Verplichtingen

0

0

0

0

0

Uitgaven

10 000

56 296

– 12 934

– 1 000

42 362

17.01 Westerscheldetunnel

0

5 094

0

0

5 094

17.02 Betuweroute

10 000

28 145

– 14 500

– 1 000

12 645

17.03 Hoge snelheidslijn

0

23 033

1 590

0

24 623

17.03.01 Realisatie HSL-zuid

0

23 033

1 590

0

24 623

17.03.02 Realisatie HSL-zuid spoorwegen

0

0

0

0

0

17.03.03 Realisatie HSL-zuid hoofdwegen

0

0

0

0

0

17.04 Anders betalen voor mobiliteit

0

24

– 24

0

0

17.05 Zuiderzeelijn

0

0

0

0

0

17.09 Ontvangsten

0

– 1 590

1 590

0

0

Operationele doelstelling 17.02

Om een deel van het project Betuweroute te realiseren is de installatie van ERTMS nodig. Hiervoor is een ERTMS upgrade nodig die pas in 2013 kan worden gerealiseerd. Daarom zal € 1 mln. niet in 2012 tot betaling komen.

Artikel 17 Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.01 W'scheldetunnel

   

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

5 094

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.01 W'scheldetunnel

   

5 094

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.01 W'scheldetunnel

   

5 094

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.01 W'scheldetunnel

   

5 094

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.02 Betuweroute

   

10 000

2 235

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

18 145

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.02 Betuweroute

   

28 145

2 235

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 14 500

2 464

6 000

6 000

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.02 Betuweroute

   

13 645

4 699

6 000

6 000

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 1 000

1 000

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 1 000

1 000

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.02 Betuweroute

   

12 645

5 699

6 000

6 000

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.03 HSL

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

23 033

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.03 HSL

   

23 033

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

1 590

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.03 HSL

 

 

24 623

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.03 HSL

   

24 623

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.04 ABvM

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

24

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.04 ABvM

   

24

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 24

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.04 ABvM

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.04 ABvM

   

0

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.05 ZZL

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.05 ZZL

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.05 ZZL

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.05 ZZL

   

0

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.06 PMR

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.06 PMR

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

49 458

17 407

5 139

3 953

9 374

11 518

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.06 PMR

   

0

49 458

17 407

5 139

3 953

9 374

11 518

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.05 PMR

   

0

49 458

17 407

5 139

3 953

9 374

11 518

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 Mega VenV

   

56 296

2 235

0

0

0

0

0

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 mega VenV

   

43 362

54 157

23 407

11 139

3 953

9 374

11 518

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 mega VenV

   

42 362

55 157

23 407

11 139

3 953

9 374

11 518

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 1 590

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.09 Ontvangsten

   

– 1 590

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

1 590

3 000

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 17.09 Ontvangsten

   

0

3 000

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 17.09 Ontvangsten

   

0

3 000

0

0

0

0

0

 

Artikel 18 Overige uitgaven en ontvangsten

18 Overige uitgaven en ontvangsten

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Milj.nota

Najaarsnota

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

Verplichtingen

403 504

403 504

– 114 383

– 10 700

278 421

Uitgaven

421 460

435 999

– 126 524

– 16 745

292 730

18.01 Saldo van de afgesloten rekeningen

0

0

0

0

0

18.03 Intermodaal vervoer

4 574

13 099

– 7 500

– 3 019

2 580

18.04 Gebiedsgerichte aanpak (UPR)

213

5 492

44

– 2 393

3 143

18.05 Railinfrabeheer

119 541

119 541

– 119 540

0

1

18.06 Externe veiligheid

13 382

13 504

0

– 12 800

704

18.07 Mobiliteitsonafhankelijke kennis en expert.

42

607

– 385

0

222

18.07.01 Natl.basisinfo.voorziening en ov.uitgaven

42

469

– 385

0

84

18.07.02 Subsidies algemeen

0

138

0

0

138

18.08 Netwerkoverstijgende kosten

283 708

283 756

857

1 467

286 080

18.08.01 Apparaatskosten RWS

224 545

224 545

1 041

352

225 938

18.08.02 Overige netwerkoverstijgende kosten

59 163

59 211

– 184

1 115

60 142

18.09 Ontvangsten

119 603

119 496

– 119 496

0

0

18.10 Saldo van de afgesloten rekeningen

0

103 183

0

0

103 183

Operationele doelstelling 18.03

De verwachte lagere kasuitgaven in 2012 van ca. € 3 mln. worden veroorzaakt door vertragingen bij de totstandkoming van het project Container transferium Alblasserdam als gevolg van onvoorziene vertragende factoren tijdens de realisatie met betrekking tot de bodemgesteldheid. Deze gelden zijn reeds verplicht en in latere jaren weer nodig.

Operationele doelstelling 18.04

Eind 2012 moet de Rijksstructuurvisie RRAAM (Rijk-regioprogramma Amsterdam- Almere-Markermeer) klaar zijn. Er vinden echter meer eindbetalingen in 2013 plaats dan verwacht waardoor een bedrag van ca. € 2,4 mln. eerst in 2013 tot betaling zal komen.

Operationele doelstelling 18.06

Naar verwachting zal in 2012 voor € 12,6 mln. aan verplichtingen- en € 12,8 mln. aan kasbudget niet worden aangewend. Het betreft hier programmabudget voor het saneren van alle kwetsbare objecten in de veiligheidszone (basisnet weg en spoor) voor de periode tot en met 2020.

Operationele doelstelling 18.08

Door het ministerie van EL&I wordt een bedrag van bijna € 1 mln. overgeboekt naar de begroting van IenM. Het betreft een bijdrage aan Deltares voor onderzoek «Buitendijkse maatregelen in de WS» en «Deltaprogramma Wadden en ZW-delta».

Artikel 18 Overige uitgaven en ontvangsten

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.01 Saldo afgesl.rekg.

   

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.01 Saldo afgesl.rekg.

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.01 Saldo afgesl.rekg.

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.01 Saldo afgesl.rekg.

   

0

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.03 Intermod.verv.

   

4 574

1 202

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

8 525

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.03 Intermod.verv.

   

13 099

1 202

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 7 500

1 994

2 000

3 000

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.03 Intermod.verv.

   

5 599

3 196

2 000

3 000

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 3 019

3 019

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 3 019

3 019

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.03 Intermod.verv.

   

2 580

6 215

2 000

3 000

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.04 Geb. aanpak

   

213

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

5 279

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.04 Geb. aanpak

   

5 492

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

44

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.04 Geb. aanpak

   

5 536

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 2 393

2 393

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 2 393

2 393

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.04 Geb. aanpak

   

3 143

2 393

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.05 Railinfrabeh.

   

119 541

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.05 Railinfrabeh.

   

119 541

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 119 540

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.05 Railinfrabeh.

   

1

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.05 Railinfrabeh.

   

1

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.06 Ext.veiligheid

   

13 382

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

122

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.06 Ext.veiligheid

   

13 504

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.06 Ext.veiligheid

   

13 504

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

– 12 800

12 800

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

– 12 800

12 800

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.06 Ext.veiligheid

   

704

12 800

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.07 Mob.onafh. Kennis/Exp.

   

42

42

42

42

42

168

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

565

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.07 Mob.onafh. Kennis/Exp.

   

607

42

42

42

42

168

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 385

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.07 Mob.onafh. Kennis/Exp.

   

222

42

42

42

42

168

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.07 Mob.onafh. Kennis/Exp.

   

222

42

42

42

42

168

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.08 Netwerkoverst.kosten

   

283 708

270 654

255 468

249 445

240 994

954 662

1 939 944

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

48

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.08 Netwerkoverst.kosten

   

283 756

270 654

255 468

249 445

240 994

954 662

1 939 944

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

857

– 278

– 3 009

– 4 958

– 3 993

– 14 400

– 72 676

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.08 Netwerkoverst.kosten

   

284 613

270 376

252 459

244 487

237 001

940 262

1 867 268

 

Overboeking van/naar andere departementen

Intensivering/Extensivering

3 713

484

469

184

184

184

736

1 472

3

Overboeking van/naar HXII

Intensivering/Extensivering

1 048

983

65

         

4

Mutaties Najaarsnota 2012

   

1 467

534

184

184

184

736

1 472

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.08 Netwerkoverst.kosten

   

286 080

270 910

252 643

244 671

237 185

940 998

1 868 740

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.11 Invest.ruimte

   

0

0

0

0

0

0

11 260 746

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.11 Invest.ruimte

   

0

0

0

0

0

0

11 260 746

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

372 158

– 1 897 366

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.11 Invest.ruimte

   

0

0

0

0

0

372 158

9 363 380

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.11 Invest.ruimte

   

0

0

0

0

0

372 158

9 363 380

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.12 Nader toe te wijzen B&O&V

   

0

0

0

0

0

0

6 842 944

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.12 Nader toe te wijzen B&O&V

   

0

0

0

0

0

0

6 842 944

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

– 2 886 200

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.12 Nader toe te wijzen B&O&V

   

0

0

0

0

0

0

3 956 744

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.12 Nader toe te wijzen B&O&V

   

0

0

0

0

0

0

3 956 744

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.13 Tol gefinanc.uitgaven

   

 

 

 

 

 

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.13 Tol gefinanc.uitgaven

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

36 166

303 222

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.13 Tol gefinanc.uitgaven

   

0

0

0

0

0

36 166

303 222

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.13 Tol gefinanc.uitgaven

   

0

0

0

0

0

36 166

303 222

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012 Overige U en O

   

435 999

271 898

255 510

249 487

241 036

954 830

20 043 634

 

Totaal uitgaven stand Miljoenennota 2013 Overige U en O

   

309 475

273 614

254 501

247 529

237 043

1 348 754

15 490 614

 

Totaal uitgaven stand tweede suppletoire wet 2012 Overige U en O

   

292 730

292 360

254 685

247 713

237 227

1 349 490

15 492 086

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.09 Ontvangsten

   

119 603

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 107

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.09 Ontvangsten

   

119 496

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 119 496

0

0

0

0

36 166

303 222

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

36 166

303 222

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.09 Ontvangsten

   

0

0

0

0

0

36 166

303 222

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.10 Voordelig saldo

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

103 183

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.10 Voordelig saldo

   

103 183

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 18.10 Voordelig saldo

   

103 183

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2012

Intertemporeel

163 812

 

163 812

         

1

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

163 812

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 18.10 Voordelig saldo

   

103 183

163 812

0

0

0

0

0

 
                     

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012 Ontvangsten

   

222 679

0

0

0

0

0

0

 

Totaal ontvangsten stand Miljoenennota 2013 Ontvangsten

   

103 183

0

0

0

0

36 166

303 222

 

Totaal ontvangsten stand tweede suppletoire wet 2012 Ontvangsten

   

103 183

163 812

0

0

0

36 166

303 222

 

Artikel 19 Bijdragen andere begrotingen Rijk

19 Bijdragen andere begrotingen Rijk

Stand ontwerpbegroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Stand 2e suppletoire begroting

Milj.nota

Najaarsnota

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)=(2)+(3)+(4)

Ontvangsten

7 376 313

7 229 745

– 55 036

33 543

7 208 252

19.09 Ten laste van begroting IenM

7 376 313

7 229 745

– 55 036

33 543

7 208 252

19.10 Ten laste van het FES

0

0

0

0

0

Operationele doelstelling 19.09

De bijstelling van de inkomstenraming betreft met name:

  • Een bedrag van € 27,9 mln. wordt terugbetaald aan het BTW-compensatiefonds in verband met de overdracht van de hoofdvaarweg Lemmer-Delfzijl (Zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 15.02).

  • Overboeking naar het Provinciefonds van dat deel van de REP-middelen (€ 14,473 mln.) en de Concrete bereikbaarheidsprojecten (€ 24,109 mln.) waarvoor de regio verantwoordelijk is. Het betreft de provincies Friesland, Groningen, Drenthe en Flevoland (Zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 14.03).

  • Een overboeking van € 16,482 mln. naar het Gemeentefonds van dat deel van de Concrete bereikbaarheidsprojecten waarvoor de gemeente Assen verantwoordelijk is (Zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 14.03).

  • Vanuit het project Beter Benutten wordt naar het Provinciefonds met betrekking tot de regio’s Groningen-Assen en Kampen-Zwolle een bedrag van € 1,270 mln. overgeboekt (Zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 12.05).

  • Een bedrag ad € 2,753 mln. betreft de afdracht aan het BCF voor de overboekingen naar het Provincie en Gemeentefonds van RSP-middelen (Zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 14.03).

  • € 0,534 mln. wordt overgeboekt als afdracht aan het BTW-Compensatiefonds in het kader van de overboeking naar het Gemeentefonds voor de 3e tranche Quick Wins binnenhavens (Zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 15.03).

  • Een overboeking van € 10 mln. van de 3e tranche uit het budget voor Quick Wins Binnenhavens naar het Gemeentefonds van het ministerie van Binnenlandse Zaken, inzake aanvragen voor een Decentralisatie Uitkering Binnenhavens (DUB) van de gemeenten Venray, Oss, Tiel en Bergen op Zoom. Het ministerie van BZK zal zorg dragen voor vermelding van de toekenning in de septembercirculaire Gemeentefonds 2012, waarna de middelen nog dit jaar via het Gemeentefonds aan de betreffende gemeenten zullen worden overgemaakt (Zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 15.03).

  • Vanuit hoofdstuk XII wordt € 126,524 mln. overgeboekt met betrekking tot het aandeel Infrastructuurfonds in de prijscompensatie 2012. Dit bedrag wordt toegevoegd aan het voordelig saldo van het fonds over 2012.

  • Door het ministerie van EL&I wordt een bedrag van € 0,983 mln. overgeboekt naar de begroting IenM. Het betreft een bijdrage aan Deltares voor onderzoek «Buitendijkse maatregelen in de WS» en «Deltaprogramma Wadden en ZW-delta» (Zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 18.08)

  • Vanuit hoofdstuk XII wordt een bedrag van € 2 mln. teruggeboekt naar het project Dynamax met betrekking tot snelheidsverhoging A2 verkeersborden (Zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 12.03).

  • Vanuit hoofdstuk XII wordt een bedrag van € 0,9 mln. teruggeboekt naar het project Beter Benutten (Zie ook de toelichting bij artikelonderdeel 12.05).

Artikel 19 Bijdragen andere begrotingen Rijk

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 19.09 Tlv begr.IenM

   

7 376 313

7 552 230

7 875 414

6 718 707

7 332 672

27 643 977

54 855 096

Toelichting

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 19.09 Tlv begr.IenM

   

7 229 745

7 385 129

7 948 121

6 970 990

7 372 400

27 764 055

54 924 018

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

– 55 036

– 1 127 483

– 1 193 046

– 1 260 241

– 1 580 742

– 4 201 030

– 9 687 034

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 19.09 Tlv begr.IenM

   

7 174 709

6 257 646

6 755 075

5 710 749

5 791 658

23 563 025

45 236 984

 

Saldo 2012

Intertemporeel

0

126 524

– 126 524

         

1

Overboeking naar Gemeente-, Provincie- en BTW-compensatiefonds

Intensivering/Extensivering

– 97 623

– 97 623

           

2

Overboeking van/naar andere departementen

Intensivering/Extensivering

3 672

3 607

65

         

3

Overboeking met HXII

Intensivering/Extensivering

4 264

1 035

469

184

184

184

736

1 472

4

Mutaties Najaarsnota 2012

   

33 543

– 125 990

184

184

184

736

1 472

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 19.09 Tlv begr.IenM

   

7 208 252

6 131 656

6 755 259

5 710 933

5 791 842

23 563 761

45 238 456

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 19.10 Tlv begr. FES

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 19.10 Tlv begr. FES

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Miljoenennota 2013

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2013 artikelonderdeel 19.10 Tlv begr. FES

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties Najaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand tweede suppletoire wet 2012 artikelonderdeel 19.10 Tlv begr. FES

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012 Bijdr.andere begr.Rijk

   

7 229 745

7 385 129

7 948 121

6 970 990

7 372 400

27 764 055

54 924 018

 

Totaal ontvangsten stand Miljoenennota 2013 Bijdr.andere begr.Rijk

   

7 174 709

6 257 646

6 755 075

5 710 749

5 791 658

23 563 025

45 236 984

 

Totaal ontvangsten stand tweede suppletoire wet 2012 Bijdr.andere begr.Rijk

   

7 208 252

6 131 656

6 755 259

5 710 933

5 791 842

23 563 761

45 238 456

 

B. Begroting op hoofdlijnen

De onderstaande tabel geeft de belangrijkste wijzigingen in de uitgaven en inkomsten aan ten opzichte van de eerste suppletoire begroting 2011.

   

art

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Stand ontwerp-begroting 2011

 

8 321 857

8 203 477

7 995 536

8 541 553

7 598 464

8 165 966

Amendementen

 

21 600

         

Nota's van Wijziging 2011

 

61 413

28 518

6 877

– 40 000

– 50 000

– 50 000

Mutaties 1e suppletoire wet 2011

 

– 103 265

– 354 161

– 15 021

– 70 402

– 344 324

– 73 789

Stand Voorjaarsnota 2011

 

8 301 605

7 877 834

7 987 392

8 431 151

7 204 140

8 042 177

I Belangrijkste mutaties Infrastructuurfonds

 

– 49 946

109 931

133 995

10 600

174 570

345 872

1.

Desalderingen

Div.

– 8 119

15 360

53 227

4 242

– 32 728

67 000

2.

Tolinkomsten

12

   

– 51 000

– 51 000

– 119 000

– 119 000

3.

Aanvullende post: extra wegen

12/13

   

100 000

200 000

500 000

500 000

4.

Van hfdst XII: NSP

13

   

135 000

     

5.

Van/naar BDU

Div.

– 24 211

– 61 919

– 39 505

– 19 000

– 36 000

– 26 499

6.

Kasschuiven

Div.

– 99 977

124 346

– 33 791

– 54 766

– 27 170

9 860

7.

Amendement

19

– 21 600

         

8.

Naar EL&I: diversen

Div.

– 3 711

– 3 962

– 4 604

– 2 797

– 3 456

– 3 597

9.

Van hfdst XII: BES

Div.

740

700

770

770

820

770

10.

Van vhVROM: deltaporgramma

11

   

2 975

3 020

   

11.

Naar hfdst XII: ikv centraal artikel apparaat

Div.

 

– 7 573

– 6 356

– 5 056

– 4 596

– 4 596

12.

naar hfdst XII: HRN

13

– 4 250

– 2 000

– 2 000

– 2 000

– 2 000

– 2 000

13.

naar hfdst XII: Taakuitvoering overbelading

12

– 2 027

– 2 540

– 2 588

– 2 598

   

14.

Prijs- en loonbijstelling

Div.

114 462

75 484

54 814

77 205

73 307

98 958

15.

Rentevrijval verkoop Structon

13

 

– 8 610

– 8 610

– 8 610

– 8 610

– 8 610

16.

Taakstelling apparaat

Div.

– 1 253

– 14 987

– 56 572

– 121 550

– 158 716

– 166 414

17.

Naar GF: Den Haag World Forum

14.

   

– 7 259

– 7 260

– 7 281

 

18.

Naar PF: Den Haag World Forum

14.

 

– 4 368

– 506

     

II Diversen

 

– 1 898

– 1 087

– 8 569

– 9 604

– 4 574

1 066

Totale mutaties

 

– 51 844

108 844

125 426

996

169 996

346 938

Stand ontwerp-begroting 2012

 

8 249 761

7 986 678

8 112 818

8 432 147

7 374 136

8 389 115

Een volledig overzicht van de mutaties is terug te vinden in het verdiepingshoofdstuk.

Ad 1. Dit bestaat enerzijds uit de verwerking van bijdragen van derden op de verschillende aanlegprojecten, met name op hoofdwegen- en hoofdvaarwegenprogramma. Anderzijds betreft dit het afboeken van de tolopbrengsten op het project A27 Lunetten-Hooipolder (153 mln.); dit project bestaat uit het verbreden van bestaande infrastructuur en komt dus niet in aanmerking voor tolfinanciering. Door aanpassingen binnen het project kan het taakstellende budget worden verlaagd. Deze verlaging wordt benut voor het afboeken van de tolfinanciering op dit project.

Ad 2. Ten behoeve van de financiële dekking van het aanlegprogramma uit de Nota Mobiliteit is destijds afgesproken dat € 1 mld. gefinancierd zou worden door middel van tolopbrengsten bij een aantal Infrastructuurprojecten. In het Regeerakkoord is opgenomen dat alleen de aanleg van additionele infrastructuur, zoals supersnelwegen, gefinancierd kan worden door tolheffing. Het gewone wegennet komt niet in aanmerking voor tolheffing. Dit is in overeenstemming met de huidige wetgeving die alleen op nieuwe infrastructuur/doorsnijdingen tolheffing mogelijk maakt. Dit betekent dat de ingeboekte tolinkomsten als dekking van het Infrastructuurfonds deels niet zullen worden gegenereerd. De resterende tolinkomsten (€ 507 mln.) zijn niet meer gekoppeld aan concrete projecten. Deze tolinkomsten worden hierom afgeboekt.

Ad 3. In het Regeerakkoord is voor IenM een stevige beleidsambitie geformuleerd. Met name het belang van een goede infrastructuur is onderstreept. Daarom is het jaarlijkse budget voor aanleg van wegen en spoor vanaf 2015 structureel met € 500 mln. verhoogd.

Met deze begroting worden de betreffende middelen grotendeels toegevoegd. De projectmatige invulling sluit aan bij de Structuurvisie, de beleidsbrief Investeringen en het plan Beter Benutten.

Ad 4. Met de samenvoeging van VROM en VenW zijn ook de departementale begrotingen samengevoegd. In dat kader wordt nu de bijdrage van VROM aan de Zuidas toegevoegd aan het spoorbudget. Ad 5.

Het gaat om de overboeking van verschillende projecten, waarvan de betaalbaarstelling via de BDU

zal verlopen. Met betrekking tot het wegenprogramma betreft dit de aansluiting A13/N209 Doenkadeviaduct, ruimtelijke mobiliteitsaanpak Maastricht-Noord, N62 Sloe- en tractaatweg, A58 Reconstructie kruispunt. Anderzijds verloopt het project A12 pilot spitsmijden niet meer via de BDU. Deze BDU reservering wordt teruggeboekt naar artikel IF/12 het project spitsmijden A12 corridor. Met betrekking tot het spoorprogramma worden met name projecten in het kader van het actieplan overgeboekt naar de BDU.

Ad 6. Met deze kasschuif wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de actuele inzichten in de programmering.

Ad 7. In december 2010 is door de Tweede Kamer een amendement van de heer De Rouwe aangenomen dat € 21,6 mln. toewijst aan de N23 (32 500 XII, nr. 12). Deze bijdrage is deels bestemd voor medefinanciering van een nieuwe oeververbinding bij de Roggebotsluis (Flevoland–Overijssel, € 10 mln.), deels voor de verbinding Hoorn–Enkhuizen (Noord-Holland, € 11,6 mln.). Amendement 32 500 A, nr. 13, waarin de dekking hiervan wordt geregeld, is echter door de Tweede Kamer verworpen. De programmering is nu in een latere fase voorzien.

Ad 8. De overboeking naar het ministerie EL&I betreft met name een bijdragen in de jaren 2011 t/m 2013 van € 3,6 mln. per jaar ten behoeve van het verdrogingsprogramma. Daarnaast wordt een bedrag oplopende naar ca € 3 mln. in 2016 overgeboekt in verband met het aandeel van IenM uit hoofde van het opdrachtgeverschap in de taakstelling Rutte van EL&I. Het gaat dan vooral om de baten-lastendiensten van EL&I: AGNL (SenterNovem, Economische voorlichtingsdienst), Dienst Landelijk gebied en Agentschap Telecom en Dienst Regelingen. Vervolgens wordt een bedrag van € 0,6 mln. vanaf 2014 overgeboekt als bijdrage in de huisvestingskosten van de GTI NLR.

Ad 9. Deze mutatie betreft de overboeking vanuit Hoofdstuk XII van de BES-budgetten welke aangewend worden voor activiteiten op het gebied van watermanagement en vaarwegen.

Ad 10. Deze overboeking betreft de bijdrage van voorheen VROM in de kosten van het deltaprogramma.

Ad 11. Deze mutatie heeft betrekking op de centralisatie van de apparaatbudgetten naar artikel 98 «Apparaatuitgaven van het Kerndepartement».

Ad 12. Dit betreft met name de overboeking naar Hoofdstuk XII artikel 34 voor spoorse problematiek.

Ad 13. Dit betreft een overboeking naar Hoofdstuk XII artikel 32 voor de inspectie van de taakuitvoering overbelading.

Ad 14. Dit betreft de toevoeging van de loon- en prijsbijstelling 2011.

Ad 15. Deze mutatie betreft de rente vrijval als gevolg van de verkoop van Structon.

Ad 16. Dit betreft de toedeling van de taakstelling «Rijk, Agentschappen en uitvoerende ZBO’s uit het Kabinet Rutte» en de toedeling van de taakstellingen «bedrijfsvoering» en «augustusbrief 2010» van het kabinet Balkende IV.

Ad 17. Dit betreft de decentralisatie van het project Den Haag Internationale Stad: World forum naar het Gemeentefonds (GF).

Ad 18. Dit betreft de decentralisatie van een deel van het project Den Haag Internationale Stad: Scheveningen Boulevard naar het Provinciefonds (PF).

Toelichting

Algemeen

In dit wetsvoorstel is de aanbeveling uit het rapport van de Tijdelijke commissie onderhoud en innovatie spoor (Kamerstukken II, 2011–2012, 32 707, nr. 9, blz. 22) verwerkt om dezelfde normering te hanteren als bij de jaarverantwoording en waarbij geldt dat afwijkingen van meer dan € 5 mln. bij begrotingsbedragen boven € 50 mln. ook worden toegelicht.

De norm van te verklaren verschillen is hieronder in tabelvorm opgenomen:

Begrotingsbedrag

Verschil

< € 4,5 mln.

> 50%

€ 4,5 – € 22,5 mln.

> € 2,5 mln.

> € 22,5 mln.

> 10%

> € 50 mln.

> € 5 mln.

Het bovenstaande houdt in dat die (hoofd)producten, waarbij het verschil kleiner is dan de aangegeven norm niet worden toegelicht. Een uitzondering hierop wordt gemaakt voor beleidsmatige relevante mutaties; deze worden ongeacht bovenstaande normering wel toegelicht.

Alle productartikelen van het Infrastructuurfonds zijn in navolging van het jaarverslag voorzien van een toelichtende tabel die inzichtelijk maakt welke mutaties vanaf de ontwerpbegroting hebben plaatsgevonden. Bij alle mutaties is aangegeven of de mutatie een inter-temporele kasschuif betreft of dat er sprake is van in- of extensiveringen of een technische boeking, zoals de verwerking van het voordelig saldo 2011 van het fonds.

Bij inter-temporele kasschuiven worden er, over de jaren heen bezien, geen gelden aan het betreffende artikel onttrokken, maar is er slechts sprake van een aanpassing van het kasritme.

3. DE PRODUCTARTIKELEN

1. Voordelig saldo

De begroting van het Infrastructuurfonds vertoont over het jaar 2011 een voordelig saldo van ca. € 103,2 mln. Dit saldo wordt gevormd door de saldering van de in dat jaar gerealiseerde uitgaven en ontvangsten.

Het voordelig saldo is ten gunste van ontvangstenartikel 18.10 (Saldo van de afgesloten rekeningen) gebracht. In dit wetsvoorstel is echter naast deze ontvangstenverhoging ook het volledige voordelig saldo op de juiste uitgaven- en ontvangstenartikelen (producten) verwerkt. Het betreft hier de alleen de begrotingtechnische verwerking van het saldo 2011.

2.

Artikel 11 Hoofdwatersystemen

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Op dit artikel worden de producten op het gebied van hoofdwatersystemen verantwoord. Dit betreft de onderdelen watermanagement, beheer en onderhoud, aanleg, verkenning en planstudie, staf deltacommissaris en netwerkgebonden kosten. Het watersysteem omvat het geheel van oppervlaktewater, waterbodems, oevers, etc.

Het artikel hoofdwatersystemen op het infrastructuurfonds is gerelateerd aan het beleidsartikel 31 (integraal waterbeleid) op de IenM begroting (XII). De doelstelling van dit beleidsartikel is het op orde krijgen en houden van een duurzaam watersysteem tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten.

Overzicht budgettaire gevolgen van beleid (in € 1 000)

11 Hoofdwatersystemen

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Verplichtingen

719 027

983 799

588 136

597 387

528 757

557 365

568 203

Uitgaven

805 124

1 085 263

617 781

563 231

603 980

585 999

691 505

11.01 Watermanagement

87 132

14 803

13 114

12 529

13 393

13 436

13 361

11.01.01 Basispakket watermanagement

87 132

14 803

13 114

12 529

13 393

13 436

13 361

11.02 Beheer en onderhoud

278 610

144 990

149 119

133 034

138 610

134 943

128 801

11.02.01 Basispakket B&O waterkeren

168 899

64 052

107 299

109 817

118 942

115 279

109 172

11.02.05 Basispakket B&O integraal waterbeheren

95 000

27 045

25 538

23 217

19 668

19 664

19 629

11.02.08 Groot variabel onderhoud waterbeheer

14 711

53 893

16 282

       

11.03 Aanleg

425 097

638 254

194 271

164 398

184 641

194 196

159 892

11.03.01 Realisatieprogramma waterkeren

322 921

362 906

106 668

97 702

129 834

145 576

143 576

11.03.02 Realisatieprogramma waterbeheren

102 176

275 348

87 604

66 696

54 807

48 620

16 316

11.05 Verkenning en planstudie

11 988

43 361

28 669

31 590

61 039

46 242

193 903

11.05.01 Verkenningenprogramma hoofdwatersystemen

7 007

21 898

22 094

27 849

16 504

 400

 400

11.05.02 Planstudieprogramma waterkeren

 585

7 703

3 256

1 344

39 439

40 746

191 360

11.05.03 Planstudieprogramma waterbeheer

4 396

13 760

3 319

2 397

5 096

5 096

2 143

11.06 Staf Deltacommisaris

2 297

5 226

2 375

1 925

1 925

1 925

1 925

11.06.01 Staf Deltacommisaris

2 297

5 226

2 375

1 925

1 925

1 925

1 925

11.07 Netwerkgebonden kosten HWS

 0

238 629

230 233

219 755

204 372

195 257

193 623

11.07.01 Apparaatskosten RWS

 

189 350

183 903

176 689

165 402

158 884

157 320

11.07.02 Overige netwerkgebonden kosten

49 279

46 330

43 066

38 970

36 373

36 302

11.09 Ontvangsten

60 067

127 791

16 632

5 150

2 650

3 150

25 150

Budgetflexibiliteit

Deze tabel geeft voor het jaar 2012 per artikelonderdeel de programmamiddelen weer en maakt de mate van budgetflexibiliteit inzichtelijk door middel van vijf categorieën. De verhoudingen binnen de artikelonderdelen worden zowel procentueel als nominaal gepresenteerd.

Toelichting:

11.01 en 11.02 Watermanagement en Beheer en Onderhoud

De voor beheer en onderhoud opgenomen bedragen zijn volledig beleidsmatig verplicht. Het gaat hier om de verwachte uitgaven voor het project Stuwen in de Lek.

11.03 Aanleg

Het artikelonderdeel Waterbeheer is voor 53% juridisch verplicht. Het beleidsmatig verplichte gedeelte betreft hoofdzakelijk de nog niet afgegeven beschikkingen op het Hoogwaterbeschermingsprogramma, alsmede de beleidsmatig afgesproken projecten SBW (Sterkte Belasting Waterkeren) en WTI (Wettelijk Toetsingsinstrumentarium).

11.05 Verkenning en planstudie

De verkenningen en planstudies zijn grotendeels juridisch verplicht. De bestuurlijk gebonden uitgaven hebben betrekking op de Vlaams–Nederlandse Scheldecommissie. Het overige deel is beleidsmatig verplicht.

11.06 Staf Deltacommissaris

De programmauitgaven van de staf Deltacommissaris zijn grotendeels beleidsmatig verplicht. Het deel bestuurlijk gebonden betreft de inzet van gemeenteambassadeurs. Per gebiedsgericht deelprogramma is er één gemeenteambassadeur (afspraak is gemaakt met de VNG).

11.01 Watermanagement

Motivering

Met Watermanagement streeft IenM naar:

  • het waarborgen van de bescherming tegen de gevolgen van zowel extreem hoog als laag water.

  • het reguleren van de hoeveelheid water in het hoofdwatersysteem.

  • een duurzaam watersysteem, dat voorziet in de beschikbaarheid van voldoende water van goede kwaliteit voor de gebruiker.

Basispakket Watermanagement

Producten

Binnen het basispakket watermanagement worden de volgende activiteiten uitgevoerd:

  • peilbeheer en bediening van objecten.

  • monitoring en informatieverstrekking.

  • crisisbeheersing en -preventie.

De operationele doelstellingen voor het waterkwantiteitsbeheer van de rijkswateren zijn:

  • Het op orde brengen en houden van de samenhang tussen het regionaal- en het hoofdwatersysteem in 2015. Hiermee wordt zowel wateroverlast als watertekort bestreden.

  • Het kunnen beschikken over voldoende water in de rijkswateren, zodat kan worden voldaan aan de behoeften die voortvloeien uit de gebruiksfuncties. Om dit te realiseren worden peilbesluiten nageleefd, worden de waterakkoorden geactualiseerd en uiteraard nageleefd. Het waterpeil is zoveel mogelijk afgestemd op de gebruiksfuncties.

Daarnaast wordt zorggedragen voor een adequate informatievoorziening over de reguliere waterkwantiteit en waterkwaliteit. Dit houdt de vergaring en beschikbaarstelling in van interne- en externe informatie over het watersysteem. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om berichtgeving over hoog en laagwater, naderende stormen, verontreinigingen en ijsvorming.

Meetbare gegevens bij watermanagement

Omvang areaal

Basispakket

Areaaleenheid

omvang 2010

2011

2012

Watermanagement

Km2 water

65 250

90 042

90 042

Toelichting

In 2010 zijn de Caribische eilanden Bonaire, St. Eustatius en Saba als gemeenten bij Nederland gevoegd. De bij deze eilanden behorende kuststrook valt daarmee onder de (beheers)verantwoordelijkheid van IenM. Deze beheerstaak is belegd bij Rijkswaterstaat. De omvang van het areaal neemt hierdoor toe met circa 25 131 km2 (6 271 km2 territoriale zee en 18 860 km2 exclusieve economische zone).

Indicatoren

Basispakket

Indicator

Eenheid

realisatie 2010

streefwaarde 2011

streefwaarde 2012

Watermanagement

RWS participeert minimaal tien keer per jaar in een multidisciplinaire oefening, evalueert opgetreden grote calamiteiten en oefeningen en voert afgesproken verbeteracties uit op het gebied van waterkwaliteit, -overlast en -tekort.

%

90%

80%

80%

           
 

RWS verstrekt informatie binnen afgesproken termijn en van voldoende kwaliteit bij maatschappelijk vitale processen.

%

100%

90%

90%

Toelichting

Om te weten of Rijkswaterstaat haar taken op het gebied van watermanagement goed uitvoert, zijn de indicatoren geënt op het optreden van bijzondere omstandigheden. Het op orde hebben van de calamiteitenorganisatie en de informatievoorziening voor maatschappelijk vitale processen ten tijde van hoogwater, laagwater, ijsgang of calamiteuze lozingen zijn zaken die gemeten worden. Dit betekent dat Rijkswaterstaat minimaal tien keer per jaar deelneemt aan multidisciplinaire oefeningen, opgetreden grote calamiteiten evalueert en de afgesproken verbeteracties uitvoert. De streefwaarden zijn berekend op basis van de scores op drie prestatiekenmerken (participatie, afhandeling en verbeteracties). De waarde wordt dus niet alleen bepaald door de score op participatie maar ook door de scores op de onderdelen afhandeling en verbeteracties. Ook verstrekt Rijkswaterstaat informatie binnen de afgesproken termijn en van voldoende kwaliteit bij maatschappelijk vitale processen (m.n. ijsberichtgeving, berichtgeving over hoogwater en stormvloed).

11.02 Beheer en onderhoud

Motivering

Het zodanig in conditie houden van het hoofdwatersysteem dat de primaire functie van zowel het waterkeren als het waterbeheren vervuld kan worden.

Producten

In de begroting 2010 en 2011 is opgemerkt dat de kosten van beheer en onderhoud toenemen en dat de budgetten onder druk komen te staan. In het afgelopen jaar is deze spanning tussen ambities en budgettaire mogelijkheden in kaart gebracht en zijn oplossingsmogelijkheden verkend, dit mede op basis van de uitgevoerde audits op de netwerken. Dit heeft in deze begroting geresulteerd in een oplossing van de problematiek door een structurele verhoging van het budget, aanvullende efficiencymaatregelen en versoberingen van het onderhoudsniveau. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar bijlage 4.2.

Basispakket Beheer en Onderhoud waterkeren

Het basispakket Beheer en Onderhoud waterkeren bevat:

  • 1. Kustlijnhandhaving (conform de basiskustlijn zandige kust niveau 1990).

  • 2. Beheer en Onderhoud rijkswaterkeringen en stormvloedkeringen (conform de Wet op de waterkering).

ad 1. Kustlijnhandhaving

Het handhaven van de kustlijn wordt gerealiseerd door het suppleren van zand op het strand of in de vooroever (onder water). Het Nederlandse kustsysteem kent een continu verlies aan zand dat jaarlijks gecompenseerd moet worden. Vanaf 2001 wordt er ook zand gesuppleerd om de zandverliezen op dieper water te compenseren. Daarmee wordt de zandhoeveelheid in het kustfundament op peil gehouden en wordt het effect van de zeespiegelstijging tenietgedaan. Ook zijn er lokale activiteiten zoals onderhoud van dammen en strandhoofden, eveneens met het doel om structurele kusterosie te bestrijden.

ad 2. Beheer en Onderhoud Rijkswaterkeringen en stormvloedkeringen

• Rijkswaterkeringen

Rijkswaterstaat beheert en onderhoudt ongeveer 249,3 km primaire waterkeringen. Er wordt vast onderhoud gepleegd, bijvoorbeeld maaien van dijken. Daarnaast wordt er variabel onderhoud gepleegd. Dat betekent dat de waterkeringen periodiek worden geïnspecteerd en dat zo nodig tekortkomingen worden verholpen. Primaire waterkeringen zijn waterkeringen die onder de Waterwet vallen omdat ze bescherming bieden tegen het buitenwater. Het gaat met name om enkele zeedijken op de Waddeneilanden, de Afsluitdijk, de Houtribdijk, de dijk van Marken en dammen in Zeeland. Naast deze primaire waterkeringen beheert en onderhoudt Rijkswaterstaat ook 829 km niet-primaire waterkeringen. Deze vallen niet onder de Waterwet omdat ze geen bescherming hoeven te bieden tegen het buitenwater. Ze bieden bescherming tegen het binnenwater.

• Stormvloedkeringen

Om ons land tegen de zee te beveiligen is een aantal stormvloedkeringen aangelegd, die bij hoogwater gesloten kunnen worden. Ook de stormvloedkeringen zijn primaire waterkeringen (welke vallen onder de Wet op de waterkering). Het Rijk heeft vier stormvloedkeringen in beheer: de Oosterscheldekering, de Maeslantkering, de Hartelkering en de Hollandsche IJsselkering. Het onderhoud aan de keringen betreft voornamelijk het conserveren van de schuiven, het onderhoud aan werktuigbouwkundige en elektronische onderdelen en het onderhoud aan het besturingssysteem. Naast deze onderhoudsactiviteiten vindt de bediening van deze objecten plaats en worden er periodiek inspecties uitgevoerd.

Basispakket Beheer en Onderhoud integraal waterbeheren

Onder dit programma vallen alle activiteiten die noodzakelijk zijn om het hoofdwatersysteem op een zodanig kwaliteitsniveau te houden dat dit voldoet aan de vigerende regelgeving. Hierbij valt te denken aan beheer en onderhoud van:

  • rijkswateren ten behoeve van maatgevend hoogwater (MHW).

  • stuwende en spuiende kunstwerken.

  • rijkswateren ten behoeve van waterkwaliteit.

  • oevers en bodems.

  • vergunningverlening en handhaving.

Onder het basispakket valt ook de voorbereiding van respectievelijk WB21, de implementatie van de Kader Richtlijn Water (KRW) en de Waterwet, alsmede de activiteiten in het kader van Natura 2000. Zowel de KRW als Natura 2000 streven naar het beschermen van gezonde watersystemen die een duurzaam gebruik mogelijk maken. Voor de KRW zijn stroomgebiedbeheersplannen opgesteld. Die bepalen welke maatregelen op het terrein van beheer en onderhoud genomen worden om aan de KRW te blijven voldoen. Tevens vallen onder het basispakket beheer en onderhoud waterbeheren de maatregelen gericht op het op orde krijgen en houden van de vegetatie in de uiterwaarden.

Groot variabel onderhoud waterbeheren

Het betreft beheer en onderhoudsactiviteiten die per project groter zijn dan € 30 mln. (vervangingen, mid-life onderhoud, etc.).

Meetbare gegevens bij Beheer en Onderhoud

In de kabinetsreactie op het IBO Beleid en Onderhoud (Kamerstukken 2006–2007, 30 800 XII, nr. 57) is toegezegd om extracomptabele informatie te verstrekken over de wijze waarop de middelen voor beheer en onderhoud worden aangewend. Ter invulling daarvan is hieronder een verdeling gegeven van de beheer- en onderhoudskosten over dijken, dammen en duinen, over stormvloedkeringen, over kunstwerken, over kustlijnzorg en over vergunningen. Deze percentages zijn gebaseerd op een meerjarig gemiddelde: van jaar tot jaar kan het actueel uitgegeven percentage fluctueren.

• Waterkeren

Omvang Areaal
 

Areaal

Eenheid

Omvang 2012

Budget 2012

B&O waterkeren

Kustlijnzorg

Mln. m3

11 190 000

55,9

 

Stormvloedkeringen

stuks

4

43,9

 

Dammen, dijken en duinen w.o.:

   

7,5

 

– dijken primaire waterkeringen

km

249,3

 
 

– niet primaire waterkeringen

km

829

 

Totaal

   

107,3

Toelichting

  • 1. Ten opzichte van de begroting 2011 is de areaalomvang met 18 km afgenomen. Deze daling is veroorzaakt doordat er keringen in Zeeland zijn overgedragen aan de waterschappen.

  • 2. Vanwege de gewenste normering van niet-primaire waterkeringen is in 2010 het areaal opnieuw in kaart gebracht. Met de daaruit voortgekomen inzichten is ook de areaalomvang opnieuw vastgesteld. Het in eerdere begrotingen gepresenteerde areaal (396 km) had alleen betrekking op de lengte van dijken langs vaarwegen met tevens een waterkerende functie. Met de herijking van het areaal is inzicht verkregen in de totale omvang van niet primaire waterkeringen (829 km). Deze waarde wordt met ingang van de begroting 2012 dan ook opgenomen

Indicatoren
 

Indicator

Eenheid

2010

2011

2012

B&O Waterkeren

De primaire rijkswaterkeringen (dijken, duinen, stormvloedkeringen, etc) en andere werken die direct buitenwater keren voldoen aan de veiligheidsnormen uit de Wet op de waterkering.

%

62%

62%

62%

           
 

Het jaarlijks suppleren van gemiddeld 12 miljoen m3 zand conform een jaarlijks vastgesteld suppletieprogramma om de basiskustlijn te handhaven.

m3 per jaar

8 206 000

10 399 000

11 190 000

Toelichting:

  • 1. De eerste indicator is gericht op het voldoen van de primaire rijkswaterkeringen aan de Waterwet of, indien de kering niet aan die wet voldoet, het in technische staat houden van de situatie 2006. Uit die zogenaamde «tweede toetsing» is gebleken dat 62% van de primaire waterkeringen in beheer bij het Rijk voldoet aan de WOW-eisen. Het beheer en onderhoud programma is er vooralsnog op gericht dit percentage vast te houden. Het verbeteren van dit percentage richting 100% moet worden gerealiseerd via het aanlegprogramma.

  • 2. De tweede indicator geeft de gerealiseerde en verwachte jaarlijkse hoeveelheid zand aan die RWS suppleert voor de Nederlandse kust volgens een vastgesteld suppletieprogramma om de basiskustlijn en het kustfundament op orde te houden.

  • 3. De opgenomen waarde voor het jaar 2012 (11 190 000) is het verwachte minimale suppletievolume gebaseerd op het totaal van het verwachte suppletievolume uit de lopende suppleties van het programma 2011 (3 190) en de benodigde suppletie om de basiskustlijn in stand te houden uit de programmering 2012–2015 (8 000). Daar bovenop kan nog een deel van het flexibele deel in 2012 gesuppleerd worden.

Suppleren voor kustlijnzorg

Om de Basiskustlijn en het kustfundament te kunnen handhaven dient jaarlijks gemiddeld 12 miljoen m3 te worden gesuppleerd. Hiertoe wordt jaarlijks een suppletieprogramma vastgesteld. Inhoud en omvang van dit programma kan jaarlijks variëren naargelang specifieke behoefte en budgettaire mogelijkheden. Bij de aanbesteding van de suppletieprogramma’s hebben de aannemers de vrijheid om de suppletiewerkzaamheden over meerdere jaren te spreiden. De afgelopen jaren is steeds gewerkt met tweejaarlijkse uitvoeringstermijnen voor de aannemers. Met ingang van 2012 wordt overgegaan op vierjarige contracten (voor de periode 2012–2015).

Verwachte realisatie lopende programma's (t/m 2011) (x 1 000 m3)
 

2010

2011

2012

Onderwater

4 340

5 499

1 800

strand

3 866

4 900

1 390

totaal

8 206

10 399

3 190

* de gepresenteerde verwachte realisatie 2012 is nog exclusief het deel van het programma 2012 dat door de aannemer gespreid over de jaren 2012 en 2013 zal worden gesuppleerd.

Toelichting

In bovenstaande tabel zijn de suppleties opgenomen van de programma’s 2009 t/m 2011. Hierbij moet worden opgemerkt dat er tussen het jaar 2011 en 2012 nog verschuivingen kunnen plaatsvinden in verband met de vrijheid van de aannemer om de suppleties binnen twee jaar uit te voeren.

Programmering 2012–2015 (x 1 000 m3)

 

2012

2013

2014

2015

Basiskustlijn (BKL)

8 000

8 000

8 000

8 000

Kustfundament en BKL correcties

16 000

Totaal

48 000

Toelichting

Om te bereiken dat voor het beschikbare budget de maximale hoeveelheid zand wordt gesuppleerd is een innovatieve benadering gekozen.

Het nieuwe programma 2012–2015 zal bestaan uit een basis van (gemiddeld) 8 mln. m3 per jaar ten behoeven van het in stand houden van de Basiskustlijn (BKL) en een meer flexibele hoeveelheid van 16 mln. m3 (of gemiddeld 4 mln. per jaar) dat wordt ingezet voor BKL onderhoud ten gevolge van niet voorspelde erosie en ten behoeve van het kustfundament. Hiermee zal het gemiddelde suppletievolume over de periode 2012–2015 rond de 12 mln. m3 per jaar bedragen. Het is de intentie om voor de basis van 8 mln. Per jaar (32 mln. m3) vierjarige contracten af te sluiten. Het meer flexibele deel zal daarnaast aanvullend in de markt worden gezet.

• Waterbeheren

Omvang Areaal
 

Areaal

Eenheid

Omvang 2012

Budget 2012

B&O waterbeheren

Spuiende en stuwende kunstwerken

aantal

98

25 538

Indicatoren:

Indicatoren
 

Indicator

Eenheid

realisatie 2010

streefwaarde 2011

streefwaarde 2012

B&O Waterbeheren

De spuiende kunstwerken en stuwen kunnen te allen tijde worden geopend.

%

100%

100%

100%

           
 

Het percentage van de door Rijkswaterstaat verleende vergunningen in voldoet aan de wettelijke termijnen.

%

86%

90%

95%

Toelichting:

  • 1. Altijd werkende spuiende kunstwerken, stuwen en gemalen is een noodzakelijke voorwaarde om de water af- en aanvoer goed te kunnen reguleren en een adequaat peilbeheer uit te voeren.

  • 2. Vergunningverlening en handhaving zijn belangrijke wettelijke instrumenten om de kwaliteit van het hoofdwatersysteem te beïnvloeden. Het betreft hier alle wetten, dus zowel de milieu- als niet-milieu wetten. Het streven is erop gericht om uiterlijk in 2012 aan de gestelde norm (in minimaal 95% van de gevallen voldaan aan de wettelijke termijnen) te voldoen.

• Groot variabel onderhoud

Het betreft beheer en onderhoudsactiviteiten die voortvloeien uit het Plan van Aanpak achterstallig onderhoud 2003, welke was bijgevoegd bij de begroting 2004. In het kader van dit plan is een aantal projecten gedefinieerd.

Groot variabel onderhoud

Projecten

Uitvoeringsperiode

Stuwen lek

2010–2016

Toelichting:

Na de afgebroken aanbesteding bij het project Stuwen Lek (biedingen hoger dan het beschikbare budget, zie Begroting IF 2010, pag. 33) is dit project in 2009 doorgestart. De renovatie wordt nu in twee fases uitgevoerd. In 2010 is met de uitvoering van de urgente maatregelen en de voorbereiding van fase 2 gestart. Het project zal uiterlijk doorlopen t/m 2016.

11.03 Aanleg

Motivering

Om een bijdrage te leveren aan het voldoen aan de wettelijke normen van de primaire waterkeringen in beheer bij het rijk én een bijdrage te leveren aan het beheer van de rijkswateren.

Realisatieprogramma waterkeren

Producten

Rivierverruiming, niet zijnde Ruimte voor de Rivier

Langs de Maas, de Rijn, de Waal en de Lek worden rivierverruimingsprojecten uitgevoerd om een grotere waterafvoer te kunnen opvangen, de zogeheten NURG (Nadere Uitwerking Rivieren Gebied) projecten. De realisatie moet uiterlijk 2015 afgerond zijn. Voorbeelden van projecten die worden uitgevoerd zijn de projecten Afferdense en Deetse waarden, Heesseltsche uiterwaarden en Rijnwaardense uiterwaarden.

Dijkversterking en herstel en onderzoek steenbekleding

Verbetering van dijken bestaat uit verhoging en/of versterking van de dijk of uit vervanging van de bestaande steenbekleding. Het herstel van de steenbekledingen in Zeeland wordt in 2015 opgeleverd. In totaal zal dan langs de Wester- en Oosterschelde 321 kilometer steenbekleding zijn vervangen.

2e Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP)

De procedureregeling grote projecten is in 22 maart 2011 op (Kamerstukken 2010–2011, 32 698, nr. 1) op het HWBP2 van toepassing verklaard. Dit betekent dat dit project onder artikelonderdeel 16.05 is opgenomen.

3e Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP)

Vanaf 2012 wordt gestart met de voorbereiding van een volgende hoogwaterbeschermingsprogramma voortvloeiende uit de resultaten van de 3e toetsing. Daarbij zullen ook de aanbevelingen van de Taskforce Ten Heuvelhof worden benut.

Zandmotor

In het kader van de Pilot Zandmotor wordt een grote hoeveelheid zand aangebracht voor de Delflandse kust. Door wind, golven en zeestroming verspreidt het zand zich en groeit de kust op natuurlijke wijze aan. Zo levert de Zandmotor een bijdrage aan de kustveiligheid op langere termijn. De Pilot Zandmotor Delflandese Kust is een gezamenlijk project van IenM en de provincie Zuid-Holland. De Zandmotor, als object, komt ten noorden van de plaats Ter Heijde te liggen, ter hoogte van natuurgebied Solleveld. De functie zal natuur en recreatie zijn, zolang de Zandmotor bestaat. De natuurlijke afbraak is voorzien. De Zandmotor gaat er uitzien als een haak die 1,5 kilometer de zee in steekt. Op het strand ligt dan een basis van twee kilometer breed welke aansluit op het natuurgebied Solleveld. In het kader van het project Pilot Zandmotor Delflandse Kust wordt circa 20 miljoen m3 zand gesuppleerd. De uitvoering van het project is begin 2011 gestart. De kosten voor IenM zijn begroot op € 69 mln. De provincie Zuid-Holland draagt € 14 mln. bij. De uitvoering loopt zeer spoedig, oplevering is voorzien in de tweede helft van 2011.

De belangrijkste mutaties in het realisatieprogramma waterkeren zijn:

  • Over het Hoogwaterbeschermingsprogramma zijn in het Bestuursakkoord Waterafspraken gemaakt over de financiering: met ingang van 2014 betalen Rijk en waterschappen ieder de helft van de kosten van het programma. Uit hoofde van de Spoedwet en het Bestuursakkoord Water wordt van de Waterschappen een bijdrage ontvangen van € 81 mln. oplopend tot € 131 mln. in 2014 en vanaf 2015 structureel € 181 mln. Voor de Rijksmiddelen is met een kasschuif € 1,2 mld. uit het Deltafonds naar voren gehaald.

  • Het HWBP-2 is op 22 maart door de Tweede Kamer als Groot Project aangemerkt (Kamerstukken 2010–2011, 32 698, nr. 1). Dit betekent dat dit project wordt verantwoord op artikelonderdeel 16.05.

  • Om een representatief beeld te krijgen van de waterveiligheidssituatie in Nederland moeten nog een aantal dijkringen, bijv. langs de Waddenzee en het IJsselmeer worden onderzocht. Daarom is voor de verdere ontwikkeling van VNK-2 (MIRT –project «kleine projecten») € 8 mln. toegevoegd.

  • Op basis van het Regeerakkoord is een taakstelling Vereenvoudiging omgevingsrecht verwerkt op het Hoogwaterbeschermingsprogramma (bijna € 3,4 mln.) en de uitvoeringskosten van de Afsluitdijk (€ 0,4 mln.).

  • De in het Regeerakkoord opgenomen taakstelling subsidies op het gebied van water is groter dan de daadwerkelijke subsidies in de afgelopen jaren. Deze taakstelling wordt deels op het IF ingevuld op het innovatieprogramma Delta Technologie (€ 5,2 mln.) en (vanwege het karakter van het programma) ook deels op het HWBP(€ 30,1 mln).

  • De taakstelling PPS uit het regeerakkoord is voor € 3,3 mln. verwerkt op het project Afsluitdijk.

  • Het taakstellend budget voor de steenbekledingen Ooster- en Westerschelde is met € 48,5 mln. neerwaarts bijgesteld vanwege te verwachten lagere kosten in de uitvoering.

  • Daarnaast zijn de projectbudgetten geschoond voor de agentschapbijdragen in verband met de nieuwe bekostigingswijze van Rijkswaterstaat.

Realisatieprogramma waterbeheren

Tijdelijke regeling eenmalige uitkering bestrijding regionale wateroverlast

De nadruk in de projecten ligt op het vasthouden en bergen van overtollig water. De projecten moesten uiterlijk op 1 juli 2010 zijn afgerond. Een beperkt aantal projecten bleek op die datum nog niet te zijn voltooid. De verwachting is dat eind 2011 de laatste vaststellingen kunnen plaatsvinden.

Innovatie KRW

Er is € 75 miljoen beschikbaar voor de bevordering van innovaties bij de uitvoering van de Kaderrichtlijn Water. Dit geld is verdeeld over twee tenderregelingen. Van de ruim 160 ingediende innovatievoorstellen krijgen er circa 65 een financiële bijdrage. De regelingen worden in 2012 geëvalueerd.

Synergie KRW/WB21

In 2009 zijn de eerste subsidiemiddelen uitgegeven. Het merendeel van de middelen is in het ILG opgenomen en is, overeenkomstig het afgesproken kasritme, aan de provincies verstrekt. De overige middelen zijn op grond van een specifieke uitkeringsregeling aan gemeenten en waterschappen beschikt (voorschot). De projecten moeten uiterlijk op 31 december 2012 zijn gestart en uiterlijk op 31 december 2015 zijn afgerond.

Verruiming vaargeul Westerschelde inclusief natuurcompensatie Perkpolder

De verruiming van de vaargeul (zowel op Vlaams als Nederlands grondgebied) wordt uitgevoerd en gefinancierd door Vlaanderen. Nederland financiert maximaal € 30 mln. op Nederlands grondgebied voor wrakkenberging, kabels- en leidingbescherming en vaargeulwandverdediging. Daarnaast wordt in verband met EU-verplichtingen natuurcompensatie uitgevoerd bij Perkpolder op basis van de vorige (2e) verdieping van de Westerschelde.

Natuurlijker Markermeer/IJmeer

Het water in het Markermeer en het IJmeer is door de Houtribdijk afgesloten van het IJsselmeer. Het kan niet meer vrij stromen en bij harde wind wordt er veel slib van de bodem losgemaakt. Dat maakt het water troebel waardoor waterplanten niet goed aanslaan. Door het gebrek aan voedingsstoffen neemt ook het aantal dieren af. De waterkwaliteit voldoet dan ook niet meer aan de Europese normen. In een voortraject heeft een inventarisatie plaatsgevonden waaruit meerdere maatregelen naar voren zijn gekomen die de waterkwaliteit kunnen verbeteren. De pilot dient ertoe om die maatregelen in het klein uit te proberen door middel van verschillende experimenten. De resultaten zullen in 2015 leiden tot een advies aan het Kabinet over welke mogelijke maatregelen in de toekomst nodig zijn voor het op peil brengen en houden van de waterkwaliteit van het Markermeer en IJmeer.

Belangrijkste mutaties in het Realisatieprogramma Waterbeheren zijn:

  • Op het verbeterprogramma Waterkwaliteit Rijkswateren is op basis van het Regeerakkoord een taakstelling verwerkt van € 20 mln. per jaar vanaf 2011 oplopend tot structureel € 50 mln. per jaar vanaf 2015. Hierdoor worden KRW-maatregelen getemporiseerd. Voor de uitvoering van het bijgestelde pakket aan lopende KRW-maatregelen is het noodzakelijk om de middelen conform de uitvoeringsplanning van RWS beschikbaar te stellen. Hiervoor is een kasschuif uitgevoerd.

  • Daarnaast is op het Verbeterprogramma Waterkwaliteit Rijkswateren, op basis van het Regeerakkoord, een taakstelling Vereenvoudiging omgevingsrecht verwerkt van bijna € 0,5 mln.

  • Verder zijn vanuit het Verbeterprogramma Waterkwaliteit Rijkswateren de KRW-maatregelen Lent (€ 5 mln.), Nederrijn (€ 2,5 mln.) en Hengforderwaarden (€ 0,5 mln.) overgeheveld naar het project Ruimte voor de Rivier, vanwege de synergie tussen de waterveiligheid- en waterkwaliteitmaatregelen.

  • Daarnaast zijn de projectbudgetten geschoond voor de agentschapbijdragen in verband met de nieuwe bekostigingswijze van Rijkswaterstaat.

Projectoverzicht behorende bij 11.03.01: Realisatieprogramma Waterkeren

 

Totaal

Budget in € mln

Openstelling

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

       

Projecten Nationaal

                       

Deltaplan grote rivieren

679

667

676

3

           

2010

2010

Maatregelen i.r.t. rivierverruiming

187

202

120

24

9

5

17

12

   

2015

2015

Dijkversterking en Herstel steenbekleding

1 011

1 105

654

62

57

54

63

77

44

 

2015

2015

Hoogwaterbeschermingsprogramma 3

558

     

4

5

5

6

50

457

   

Deltares Deltafaciliteit

26

25

9

9

 

7

       

2013

2013

IJsselsprong Zutphen (smalle geul)

30

30

0

   

16

4

5

5

 

2015

2015

IJsseldelta Kampen (Hoogwatergeul)

51

50

0

     

31

20

   

2015

2015

Pilot Zandmotor

82

69

2

68

10

       

1

2011

2012

Overige onderzoeken en kleine projecten

337

369

183

72

26

9

9

9

9

20

2020

2020

Afrondingen

     

1

1

2

 

2

1

     

Sub-totaal categorie 0

2 961

 

1 644

239

107

98

130

146

144

478

   

Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma

   

524

124

               

Totaal categorie 0

   

2 168

363

107

98

130

146

144

478

   

Begroting (IF 11.03.01)

     

363

107

98

130

146

144

     

Projectoverzicht behorende bij 11.03.02: Realisatieprogramma Waterbeheren

 

Totaal

Budget in € mln

Openstelling

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

       
                         

Projecten Nationaal

                       

Subsidie baggeren bebouwd gebied (SUBBIED)

97

107

86

11

           

2011

2011

Verbeterprogramma Waterkwaliteit Rijkswateren

491

1 012

234

119

17

37

33

34

15

2

divers

divers

Tijdelijke regeling bestrijding regionale wateroverlast

95

100

58

37

           

2011

2011

Projecten Noordwest-Nederland

                       

Natte natuurprojecten IJsselmeergebied

35

47

24

11

           

2011

2011

Natuurlijker Markermeer/IJmeer

22

26

2

10

8

3

       

2015

2015

Projecten Zuidwestelijke Delta

                       

Natuurcompensatie Perkpolder

32

32

11

5

9

2

4

     

2015

2014

Verruiming vaargeul Westerschelde

28

31

1

9

4

4

6

4

   

2010/2011

2011

Projecten Oost-Nederland

                       

Integrale inrichting Veluwe randmeer (IIVR)

43

49

15

21

7

         

2012

2012

Overige projecten

                       

Innovatie KRW/WB

76

76

16

33

26

         

2012

2012

Synergie KRW/WB

117

117

38

19

16

21

12

10

1

 

2015

2015

Afrondingen

       

1

   

1

       

Totaal categorie 0

1 036

 

485

275

88

67

55

49

16

2

   

Begroting (IF 11.03.02)

     

275

88

67

55

49

16

     
Art 11.04 Geïntegreerde contractvormen

Bij infraprojecten waarbij sprake is van publiek-private samenwerking bestaat de betaling uit een geïntegreerd bedrag voor aanleg, onderhoud én financiering gedurende een langdurige periode. De meest toegepaste vorm is Design, Build, Finance, Maintain (DBFM) waarbij de overheid betaalt voor een dienst (beschikbaarheid) in plaats van een product. Deze contractvorm garandeert een efficiënte en effectieve beschikbaarheid van de noodzakelijke capaciteit om, rekening houdend met de aspecten veiligheid en leefomgeving, een betrouwbaar netwerk te realiseren.

Op dit moment zijn er nog geen geïntegreerd projecten bij de hoofdwatersystemen afgerond zodat er op dit artikel nog geen uitgaven hoeven te wroden verantwoord. De PCC-meerwaardetoets voor het project «Zwakke Schakels (NH)» is inmiddels afgerond. De keuze voor de contractvorm zal binnenkort worden genomen.

Geplande PPC's (2011–2012):

  • Capaciteitsuitbreiding Volkeraksluizen;

  • Volkerak Zoommeer;

  • Verkenning Grevelingen;

  • Toekomst Afsluitdijk;

  • Zwakke Schakels (NH).

11.05 Verkenning en planstudie

Motivering

Om een probleem of een initiatief met een maatschappelijke meerwaarde op het gebied van Waterbeheer te verkennen en om daarna, indien nodig, uit alternatieven de beste oplossing voor het probleem te zoeken en voor te bereiden voor de uitvoering.

Producten

Op dit artikelonderdeel worden diverse projecten en programma’s uitgevoerd. Deze projecten en programma’s hebben betrekking op MIRT-onderzoeken, MIRT-verkenningen en planstudies.

De MIRT-onderzoeken op dit artikelonderdeel zijn:

  • 1. Deltaprogramma: het deltaprogramma is een programma van maatregelen en voorzieningen, gericht op de lange termijn veiligheid en zoetwatervoorziening van Nederland. Vooruitlopend op het van kracht worden van de Deltawet, wordt gewerkt met negen deelprogramma’s. De drie generieke en zes regionale deelprogramma’s zijn in onderstaande tabel weergegeven:

Deelprogramma's deltaprogramma

programma

Verantwoordelijkheid

Generiek

 

– Veiligheid

IenM

– Zoetwatervoorziening

IenM

– Nieuwbouw en herstructurering

IenM

Regionaal

 

– IJsselmeer

IenM

– Rivieren

IenM

– Rijnmond

IenM

– Kust

IenM

– Zuidwestelijke Delta

EL&I en IenM

– Wadden

EL&I

De deelprogramma’s Zuidwestelijke Delta en Wadden worden verantwoord op de begroting van het ministerie van EL&I.

Voor ieder deelprogramma is een plan van aanpak gemaakt in 2010, dat in 2011 ter hand is genomen. In het Deltaprogramma 2012 staan de verdere analyses en toekomstige opgaven per deelprogramma centraal. Het betreft onderzoeken en studies, gericht op de volgende vragen:

  • Veiligheid: actualisering nieuwe normen voor waterveiligheid, buitendijks beleid, deltadijken en gebiedspilots; mogelijke oplossingsstrategieën.

  • Zoetwatervoorziening: In verband met klimaatverandering en de ontwikkeling in de zoetwatervraag ontwikkelen van een lange termijn strategie voor de beschikbaarheid van zoetwater; mogelijke oplossingsstrategieën.

  • Nieuwbouw en Herstructurering: Het ontwikkelen van een lange termijn visie en een nationaal beleidskader voor de ontwikkeling van bebouwd gebied met condities voor tenminste binnendijks, buitendijks, en in, op en rond waterkerings- en reserveringszones vanuit waterveiligheid en wateroverlast.

  • IJsselmeergebied: In verband met klimaatverandering en een veranderende zoetwatervraag ontwikkelen van een integrale korte- en lange termijn strategie voor het peilbeheer van het IJsselmeer. In 2013 wordt geen peilbesluit voor het IJsselmeergebied genomen voor de korte termijn tot 2035, zoals in het NWP was aangekondigd.

  • Rivieren: In verband met verwachte hogere rivierafvoeren van Maas en Rijntakken zal voor het rivierengebied een integrale lange termijn opgave worden geformuleerd en een strategie wordt uitgewerkt vanuit veiligheid, natuurdoelen, ruimtelijke kwaliteit en ruimtelijke ontwikkelingen.

  • Rijnmond-Drechtsteden: In verband met de verwachting van hogere zeespiegel en toenemende extreme rivierafvoeren ontwikkelen lange termijn oplossingsrichtingen voor waterveiligheid en zoetwatervoorziening in synergie met een duurzame en vitale ruimtelijke ontwikkeling van het gebied.

  • Kust: Onderzoek naar een duurzame veiligheidsstrategie voor de kust voortbouwend op het Nationaal kader kust.

  • Zuidwestelijke Delta: In verband met verwachting van hogere zeespiegel en toenemende extremen (hoog en laag) in rivierafvoeren ontwikkelen van een lange termijn strategie voor de Zuidwestelijke Delta om een veilig, veerkrachtig en vitaal gebied te blijven ontwikkelen.

  • Wadden: Een onderzoek naar de veiligheid op lange termijn van het Waddengebied en het opstellen van een monitoringsplan om de gevolgen van klimaatverandering op de Waddenzee vast te stellen.

De deelprogramma's van het Deltaprogramma zijn bedoeld om Nederland op het gebied van waterveiligheid en zoetwatervoorziening op de toekomst voor te bereiden. Daarnaast blijft het van belang de huidige veiligheid op orde te krijgen en te houden. Dat gebeurt via lopende uitvoeringsprogramma's, zoals het HWBP, RVR, MW. Daarom maken deze uitvoeringsprogramma's onderdeel uit van het Deltaprogramma.

  • 2. Ontwikkelingsschets 2010 Schelde-estuarium:

Het betreft hier de uitvoering van het Scheldeverdrag Ontwikkelingsschets 2010 Schelde-estuarium. Hierin zijn de projecten opgenomen waarmee het Vlaams Gewest en Nederland de toegankelijkheid (3e vaargeulverruiming; afgerond in 2010), natuurlijkheid (natuurherstel i.k.v. Vogel- en Habitatrichtlijn) en veiligheid van het Schelde-estuarium bevorderen.

  • 3. Innovatie Haaglanden:

Er worden studies verricht naar de wateropgave in de glastuinbouw via zogenaamde proeftuinen en in nieuwbouwwijken (Rijswijk-Zuid) en bestaand stedelijk gebied. Verder wordt gekeken naar de bestuurlijke en participatieprocessen, communicatie en visualisatie en alternatieve financiele constructies t.a.v. de wateropgave in Haaglanden. Naar verwachting vindt eind 2011 de afronding plaats.

  • 4. Deltamodel:

Het Deltamodel wordt in opdracht van IenM ontwikkeld door Rijkswaterstaat en Deltares tezamen met andere kennisinstituten en adviesbureaus in samenwerking met andere departementen. Het Deltamodel heeft als doel om de waterhuishoudkundige onderbouwing van het Deltaprogramma te leveren. Het is een modelinstrumentarium, dat wordt ontwikkeld voor de beleidsanalyse (opgave, maatregelen, effecten) met lange(re) tijdshorizon voor de besluitvorming in het Deltaprogramma. Het Deltamodel wordt gebruikt door deelprogramma’s van het Deltaprogramma bij het uitvoeren van hun onderzoeken. Het Deltamodel berekent daarbij onder meer de effecten van maatregelen in het ene deelprogramma op de opgave en maatregelen van andere deelprogramma’s. Het zorgt er tevens voor dat de effecten van maatregelen op een vergelijkbare manier worden bepaald, waardoor een integrale afweging binnen het deltaprogramma mogelijk is. Het definitieve modelinstrumentarium zal eind 2012 gereed zijn.

  • 5. TBES-Markermeer:

Het Integraal Afspraken Kader (IAK) bevat de wederzijdse werkafspraken tussen het Rijk, de gemeente Almere en provincie Flevoland voor de Schaalsprong Almere. In het IAK is de oprichting van een drietal werkmaatschappijen geregeld die de gebiedsontwikkelingen zullen operationaliseren. Een van de kernwerkzaamheden is het komen tot een ToekomstBestendig Ecologisch Systeem (TBES); conform de besluiten in de RRAAM-brief. In de RRAAM-brief is nadere besluitvorming in 2012 aangekondigd onder meer over de rijkstructuurvisie.

De verkenningen op dit artikelonderdeel zijn:

  • 1. Toekomst Afsluitdijk.

  • 2. Grevelingen.

  • 3. Zandhonger Oosterschelde.

  • 4. Integrale verkenning Legger Vlieland en Terschelling.

De planstudies op dit artikelonderdeel zijn:

  • 1. Extra spuicapaciteit Afsluitdijk.

  • 2. Volkerak-Zoommeer.

De MIRT-verkenningen en planstudies zijn opgenomen in het MIRT-projectenboek.

Verkenningen waterkeren en beheren

Wijzigingen in de verkenningentabel zijn:

  • Voor de uitvoering van de plannen van aanpak van de deelprogramma’s van het Deltaprogramma is een kasschuif uit latere jaren verwerkt.

  • Voor de uitvoering van het Deltamodel zijn structureel middelen (in totaal ruim € 4 mln.) overgeheveld vanuit de reservering Deltaprogramma.

  • Voor de bijdrage van IenM aan het deelprogramma Zuid Westelijke Delta heeft een budgetoverheveling naar EL&I van bijna € 1 mln. plaatsgevonden.

  • Voor het deelprogramma Wadden heeft IenM een voorfinanciering aan EL&I verstrekt van € 2 mln. in de jaren 2011 en 2012. De middelen worden in de jaren 2013 en 2014 terugbetaald.

  • Door DG-Ruimte (vmVROM) is een bijdrage geleverd voor de deelprogramma’s Kust (€ 3 mln.) en Rijnmond en Drechtsteden € 3,1 mln.).

  • De verkenning Grevelingen is met een jaar vertraagd, omdat de voorkeursbeslissing is gekoppeld aan de integrale besluitvorming in 2012 over de toekomst van Grevelingen en Volkerak Zoommeer.

Planstudieprogramma waterkeren

De belangrijkste mutaties in de planstudietabel waterkeren zijn:

  • Het project Extra Spuicapaciteit Afsluitdijk (ESA) zal naar verwachting in de periode 2014–2017 worden uitgevoerd. Het Projectbesluit/Uitvoeringsbesluit zal hierdoor verschuiven naar 2013. Daarnaast is het budget aangepast als gevolg van de bekostiging van RWS en de taakstelling PPS uit het Regeerakkoord.

  • Uit het planstudiebudget worden middelen ingezet voor VNK-2 en de pilot Oesterdam. Het is de intentie om de overige steenzettingen mee te nemen in de toetsronden van het Hoogwaterbeschermingsprogramma.

Planstudieprogramma waterbeheren

De belangrijkste mutaties in de planstudietabel waterbeheren zijn:

  • Volkerak Zoommeer (VZM): de kostenschatting voor het maken van doorlaatmiddelen en aanpassingen van sluizen bedraagt € 70 miljoen. De bijkomende maatregelen ten behoeve van zoetwatervoorziening € 95 à € 140 miljoen. Dit uitgaande van een situatie waarin het lukt om met innovatieve maatregelen de zoutlek door Volkeraksluizen naar het Haringvliet–Hollandsch Diep afdoende terug te dringen. Hiertoe is in 2010 een pilot uitgevoerd.

  • Het project Ecologisch Herstel Eem- en Gooimeer maakt onderdeel uit van het Verbeterprogramma Waterkwaliteit Rijkswateren en vervalt als aparte planstudie.

Projectoverzicht behorende bij 11.05.01: Verkenningenprogramma hoofdwatersystemen

Gebied

Probleem

Indicatie modaliteit

Referentiekader

Gereed

Projecten Noordwest-Nederland

       

Toekomst Afsluitdijk

Veiligheid

Waterkeren

Waterwet

2011

Projecten Zuidwestelijke Delta

       

Grevelingen

Ecologische waarden in combinatie met gebruiksfuncties

Waterbeheren

Watervisie

2012

Zandhonger Oosterschelde

Veiligheid en waterkwaliteit

Waterkeren

Waterwet en Natura 2000

2013

Integrale verkenning Legger Vlieland en Terschelling

Veiligheid

Waterkeren

Waterwet

2012

Projectoverzicht behorende bij 11.05.02: Planstudieprogramma waterkeren

Bedrag in € mln

Raming kosten

Budget

Planning

Uitvoering

Projectomschrijving

min.

max.

taakstel lend

2011

2012

2013

2014

2015

2016

periode

CATEGORIE 1

                   

Projecten Noordwest-Nederland

                   

Extra spuicapaciteit Afsluitdijk

   

203

   

pb/uo

     

2014–2017

Totaal categorie 1

   

203

             

Legenda

pb projectbesluit

uo uitvoeringsopdracht (beschikking)

Projectoverzicht behorende bij 11.05.03: Planstudieprogramma waterbeheren

Bedrag in € mln

Raming kosten

Budget

Planning

Uitvoering

Projectomschrijving

min.

max.

taakstellend

2011

2012

2013

2014

2015

2016

periode

CATEGORIE 1

                   

Projecten Zuidwestelijke Delta

                   

Volkerak Zoommeer

165

210

   

pb/uo

       

2012–2017

Totaal categorie 1

 

210

               

Legenda

pb projectbesluit

uo uitvoeringsopdracht (beschikking)

11.06 Staf Deltacommissaris

Motivering

De staf deltacommissaris ondersteunt de deltacommissaris in zijn taak om, via de coördinerend bewindspersoon, het Kabinet te adviseren over het Deltaprogramma en in zijn taak om te sturen op samenhang en integraliteit, op voortgang en op draagvlak voor maatregelen en het Deltaprogramma als geheel.

Producten

Om deze doelstelling te bereiken worden door de staf DC de volgende hoofdtaken verricht:

  • 1. Jaarlijks voorbereiden en herzien van het Deltaprogramma, inclusief de financiële consequenties en zorgen voor de planning voor het maken en begeleiden van de jaarlijkse herziening.

  • 2. Rapporteren over de voortgang in uitvoering van het Deltaprogramma.

  • 3. Bewaken van de samenhang van de voorstellen; en beoordelen wat nodig is om de samenhang en consistentie te waarborgen.

  • 4. Bevorderen van draagvlak via contacten met overheden en maatschappelijke organisaties.

  • 5. Signaleren en oplossen van eventuele knelpunten en aandragen van oplossingsrichtingen.

De belangrijkste mutatie is de centralisatie van de apparaatbudgetten naar artikel 98 «Apparaatuitgaven van het Kerndepartement».

11.07 Netwerkgebonden kosten Hoofdwatersystemen

Motivering

Op dit artikelonderdeel worden de aan het netwerk te relateren apparaatskosten van Rijkswaterstaat en de overige netwerkgebonden kosten geraamd. Dit artikelonderdeel is in de Voorjaarsnota 2011 ingesteld als gevolg van de herstructurering van de bekostiging van Rijkswaterstaat per 1 januari 2011. De Tweede kamer is op 10 januari 2011 en 3 maart 2011 over de herstructurering van de bekostiging nader geïnformeerd (Kamerstukken II, 30 119, nrs. 4 en 5).

a. Water (HWBP-2, Waterkwaliteits- en Waterveiligheidsprojecten)

  • Voor het HWBP-2 is in de basisrapportage als groot project de raming geactualiseerd en met deze kasschuif wordt de begroting hierop beter aangesloten. Over het HWBP-2 bent u geïnformeerd via de basisrapportage groot project (26 september 2011).

  • Het verbeterprogramma waterkwaliteit is enigszins vertraagd als gevolg van het besluit in het Regeerakkoord om het programma te versoberen en te temporiseren. De beschikbare budgetten van het verbeterprogramma en een aantal overige waterkwaliteitsprogramma's zijn beter in overeenstemming gebracht met de actuele projectramingen.

  • Met het sluiten van de Bestuursovereenkomst Waterveiligheid Maas is een bijdrage geleverd aan het oplossen van de problematiek ten aanzien van het consortium Grensmaas. Over de uitkomsten van de Bestuursovereenkomst Waterveiligheid Maas heb ik u door middel van mijn brief van 10 november 2011 geïnformeerd. Hiertoe zijn budgetten overgeheveld vanuit artikel 11 naar artikel 16.

Het kasritme is aanwend om de budgetten voor het programma Beter Benutten in de juiste kas jaren te krijgen.  Dit betekent dat vanuit de waterbegroting in 2012 en 2013 € 124 mln. wordt geleend aan «Beter Benutten». Deze lening wordt vanaf 2015 terugbetaald aan de waterbegroting (zie punt 2.b.).

Artikel 12 Hoofdwegennet

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Op dit artikel worden de producten op het gebied van Rijkswegen verantwoord. Dit betreft de onderdelen verkeersmanagement, beheer en onderhoud, aanleg en verkenning, planstudie en netwerkgebonden kosten. De doelstellingen van het onderliggende beleid zijn terug te vinden in de beleidsbegroting 2011 (XII). Het Infrastructuurfondsartikel hoofdwegen is gerelateerd aan de beleidsartikelen 32 (bereiken van een optimale veiligheid in of als gevolg van mobiliteit), 34 (betrouwbare netwerken en voorspelbare reistijd) en 36 (bewaken, waarborgen en verbeteren van kwaliteit leefomgeving).

Tabel budgettaire gevolgen van de uitvoering

Overzicht van de budgettaire gevolgen van de uitvoering (x € 1 000)
 

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Verplichtingen

5 072 103

3 706 181

2 451 568

4 325 854

2 104 593

2 849 221

2 566 125

Uitgaven

3 269 934

2 590 360

2 457 595

2 692 288

3 200 950

2 175 266

3 439 143

12.01 Verkeersmanagement

57 150

50 137

43 993

27 340

23 304

23 273

23 228

12.01.01 Basispakket verkeersmanagement

57 150

50 137

43 993

27 340

23 304

23 273

23 228

12.01.02 Servicepakket verkeersmanagement

             

12.02 Beheer en onderhoud

1 209 404

275 325

343 137

549 956

471 665

331 765

419 595

12.02.01 Basispakket B&O

1 031 823

139 882

267 409

342 029

340 025

310 381

402 462

12.02.02 Servicepakket B&O

80 592

72 115

59 194

32 787

2 991

21 384

17 050

12.02.04 Groot variabel onderhoud

96 989

63 328

16 534

175 139

128 750

0

83

12.03 Aanleg en planstudie na tracebesluit

1 709 262

1 517 133

1 512 384

1 189 519

938 479

542 239

145 746

12.03.01 Realisatieprogramma

1 699 800

1 517 133

1 512 384

1 189 519

938 479

542 239

145 746

12.03.02 Planstudie na tracèbesluit

9 462

           

12.04.01 GIV/PPS

225 341

166 897

354 075

384 106

171 962

145 777

147 252

12.05 Verkenningen en planstudie voor tracèbesluit

68 777

133 997

– 233 744

122 506

1 203 574

753 818

2 328 262

12.05.01 Verkenningen

4 371

21 164

13 661

11 700

0

0

0

12.05.02 Planstudie voor tracèbesluit

64 406

12 833

2 595

185 806

1 128 574

603 818

2 328 262

 

Overprogrammering*

 

100 000

– 250 000

– 75 000

75 000

150 000

 

12.06 Netwerkgebonden kosten HWN

0

446 871

437 750

418 861

391 966

378 394

375 060

12.06.01 Apparaatskosten RWS

 

387 074

381 498

365 999

342 619

329 117

325 878

12.06.02 Overige netwerkgebonden kosten

 

59 797

56 252

52 862

49 347

49 277

49 182

12.09 Ontvangsten

217 125

112 569

232 114

263 591

205 850

107 337

505 954

Budgetflexibliteit

Deze tabel geeft voor het jaar 2012 per artikelonderdeel de programmamiddelen weer en maakt de mate van budgetflexibiliteit inzichtelijk door middel van vijf categorieën. De verhoudingen binnen de artikelonderdelen worden zowel procentueel als nominaal gepresenteerd.

Toelichting:

12.01 en 12.02 Verkeersmanagement en Beheer en Onderhoud

De onder beheer en onderhoud opgenomen bedragen hebben betrekking op het groot variabel onderhoud en zijn volledig beleidsmatig verplicht. De middelen zijn noodzakelijk om de renovatie van de stalenbruggen uit te kunnen voeren.

12.03 en 12.05 Aanleg en planstudie na tracébesluit en verkenning en planstudie voor tracébesluit

De categorie bestuurlijk gebonden houdt dat gedeelte in dat in afspraken met de regio aan planstudies wordt uitgevoerd. De categorie beleidsmatig verplicht betreft lopende c.q. te starten projecten die nog niet volledig tot juridische verplichten hebben geleid.

12.04 Geïntegreerde contractvormen/PPS

Het hiervoor geraamde budget is juridisch verplicht.

12.01 Verkeersmanagement

Motivering

Met verkeersmanagement streeft IenM naar optimaal gebruik van en informatie over de beschikbare infrastructuur en draagt bij aan het bereiken van een voorspelbare en betrouwbare reistijd van deur tot deur. Met verkeersmanagement draagt IenM concreet bij aan de bereikbaarheid en verkeersveiligheid in Nederland, binnen de randvoorwaarden van duurzaamheid

Basispakket Verkeersmanagement

Producten

Bij verkeersmanagement wordt onderscheid gemaakt in de volgende maatregelcategorieën:

  • Verkeersgeleiding bij grote drukte, inclusief crisissituaties (o.a. weeralarm).

  • Hulpverlening ten behoeve van doorstroming en informatievoorziening bij pech en ongevallen (incidentmanagement).

  • Reistijd- en route-informatie, zowel voorafgaand als tijdens de rit.

  • Maatregelen ter bevordering van gedisciplineerd en sociaal weggedrag, zoals bumperkleven en negeren van rode kruizen.

  • Voorlichting over rijkswegen, zoals voorlichting over de gevolgen van wegwerkzaamheden.

De meeste van deze maatregelen worden ingezet vanuit vijf regionale verkeerscentrales en een landelijke verkeerscentrale. Hierbij wordt het rijkswegennet steeds vaker in samenhang met het regionale wegennet beschouwd door gebiedsgericht verkeersmanagement waarbij wordt ingezet op regionale samenwerking. Goed voorbeeld hiervan is de Mobiliteitsaanpak waarmee in de periode 2010–2012 in totaal 17 pakketten met regionale benuttingsmaatregelen worden gerealiseerd met de intentie om ook na 2012 deze vorm van regionale samenwerking structureel voort te zetten. Naast deze 17 regionale pakketten wordt vanuit dezelfde mobiliteitsaanpak een extra impuls gegeven aan Incident Management waarbij het gehele netwerk in beschouwing wordt genomen. Dit geldt ook voor het beschikbaar krijgen van de data om betrouwbare reis- en route-informatie te verstrekken en het tonen van de vertraging uitgedrukt in minuten in plaats van in kilometers. De mobiliteitsaanpak maakt onderdeel uit van het realisatieprogramma wegen. Dat geldt ook voor de Praktijkproef Amsterdam, waarbij door middel van het gecoördineerd netwerkbreed inzetten van maatregelen een bijdrage wordt geleverd aan de beleidsdoelen zoals reistijd en bereikbaarheid in de regio Amsterdam. In deze proef zullen zowel wegkantsystemen als dynamische navigatiesystemen worden ingezet op het hoofd – en onderliggend wegennet in de regio Amsterdam.

Zeventien publieke wegbeheerders (landelijk, provinciaal, regionaal en lokaal) hebben in de Nationale Databank Wegverkeersgegevens (NDW) de krachten gebundeld om verkeersgegevens van goede kwaliteit te verzamelen en te distribueren. In 2012 zullen de actuele verkeersgegevens van de belangrijkste stroomwegen van het Hoofdwegennet en het Onderliggend wegennet in Nederland in de databank zijn opgenomen. In totaal is dit meer dan 5 850 strekkende km wegen van de 10 000 km wegen die hiervoor in aanmerking komen.

Meetbare gegevens bij Verkeersmanagement

Specificatie bedieningsareaal:

Omvang areaal

Areaalomschrijving

Eenheid

omvang 2010

2011

2012

Verkeerssignalering op rijbanen1

km

2 587

2 613

2 645

Verkeerscentrales

aantal

6

6

6

Spits- en plusstroken

km

192

322

319

1

de presentatie van het areaal verkeerssignalering is aangepast t.o.v. de voorgaande begroting. Met ingang van deze begroting wordt aangesloten bij de gehanteerde definitie bij de presentatie van de areaalomvang.

Toelichting

Binnen het totale aanlegpakket is een belangrijke rol weggelegd voor de uitbreiding van spits- en plusstroken. Dit verklaart dan ook de forse toename van het aantal km in de periode 2009 t/m 2011. De toename van 2009 naar 2011 wordt met name verklaard door de afronding van een groot aantal Spoedwet wegaanpassingen.

Indicatoren:

Indicatoren

Basispakket

Indicator

Eenheid

realisatie 2010

streefwaarde 2011

streefwaarde 2012

 

Op minimaal 95% van de bemeten wegvakken levert RWS betrouwbare reis en route-informatie

% van bemeten rij baanlengte

96%

95%

95%

           
 

Op de drukste trajecten van het rijkswegennet bedraagt de aanrijtijd bij incidenten in de spits ten hoogste 15 minuten.

% van de gevallen

79%

80%

80%

           
 

Op de overige rijkswegen bedraagt de aanrijtijd bij incidenten in de spits ten hoogste 30 minuten.

% van de gevallen

92%

80%

80%

Toelichting

Voor verkeersmanagement wordt gebruik gemaakt van een indicator die een duiding geeft van de effecten van het uitgevoerde programma. Deze indicator geeft aan in welke mate Rijkswaterstaat betrouwbare reis- en route-informatie op de Dynamische Route-Informatie Panelen (DRIP’s) zet en die informatie beschikbaar stelt voor serviceproviders. Daarnaast is er een indicator, die aangeeft hoe snel Rijkswaterstaat na een ongeval ter plekke is om de weg zo snel mogelijk weer vrij te kunnen geven voor het verkeer. Op de drukste trajecten wordt het ieder jaar moeilijker om de streefwaarde van 80% te halen, dit heeft met name te maken met de toename van het verkeer en het «inleveren» van de vluchtstrook voor spitsstroken.

12.02 Beheer en onderhoud

Motivering

Het rijkswegennet (en de onmiddellijke omgeving daarvan) in een dusdanige staat houden dat het vervullen van de primaire functie gewaarborgd is (het faciliteren van vlot en veilig vervoer van personen en goederen onder de randvoorwaarde van een kwalitatief hoogwaardig milieu.

Producten

Het beheer en onderhoud van rijkswegen omvat maatregelen aan verhardingen, bruggen, tunnels en viaducten, verkeersvoorzieningen, landschap en milieu en exploitatie.

In de begroting 2010 en 2011 is opgemerkt dat de kosten van beheer en onderhoud toenemen en dat de budgetten onder druk komen te staan. In het afgelopen jaar is deze spanning tussen ambities en budgettaire mogelijkheden in kaart gebracht en zijn oplossingsmogelijkheden verkend, dit mede op basis van de uitgevoerde audits op de netwerken. Dit heeft in deze begroting geresulteerd in een oplossing van de problematiek door een structurele verhoging van het budget, aanvullende efficiencymaatregelen en versoberingen van het onderhoudsniveau. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar bijlage 4.2.

Basispakket beheer en onderhoud

Een voorwaarde voor optimaal gebruik van het wegennet is beschikbaarheid, betrouwbaarheid en veiligheid van de infrastructuur van wegen, bruggen, viaducten, tunnels, aquaducten, matrixborden, verkeerscentrales, verkeersvoorzieningen. Daarbij gelden de eisen ten aanzien van het landschap en het milieu rond de rijkswegen als randvoorwaarden. Deze kunnen het best worden gegarandeerd indien de infrastructuur zoveel mogelijk preventief beheerd en onderhouden wordt. Dit in tegenstelling tot correctief onderhoud, waarbij de beheerder geconfronteerd wordt met functieverlies en de gebruiker ongewild voor onaangename verrassingen wordt geplaatst. Zowel het preventief als het correctief onderhoud vallen onder het basispakket.

De uitgaven voor het basispakket beheer en onderhoud bestaan in hoofdlijn uit:

  • Uitgaven voor onderhoud van verhardingen waaronder het herstel van vorstschade en het zoveel mogelijk voorkomen daarvan.

  • Uitgaven voor onderhoud van kunstwerken.

  • Uitgaven voor onderhoud aan DVM-systemen.

  • Klein variabel en vast onderhoud zoals onderhoud aan bermen, geleiderail, bewegwijzering, geluidsschermen en verlichting.

Servicepakket Beheer en Onderhoud

• Servicepakket Meer veilig-2

Er is gestart met de uitvoering van een nieuw pakket verkeersveiligheidsmaatregelen op rijkswegen. Daar waar het eerdere pakket Meer Veilig-1 zich richtte op rijks-N-wegen, heeft deze nieuwe impuls betrekking op het gehele rijkswegennet. Met dit pakket wordt een bijdrage geleverd aan het verder terugdringen van het aantal verkeersslachtoffers en files door incidenten. Uitvoering van de maatregelen is gepland tot en met 2014.

Voor 2012 is uitvoering van onder meer de volgende maatregelen gepland:

  • aanleggen rotondes op aansluitingen met het onderliggend wegennet (A2, A28 en A59);

  • reconstructie van aansluitingen (A27), kruispunten (N9) en wegvakken (A35);

  • bermverharding (N35 en A50) en obstakelbeveiliging (A2).

• Servicepakket Meer Kwaliteit Leefomgeving

Binnen dit servicepakket worden bijdragen geleverd aan het meerjarenprogramma Ontsnippering en het meerjarenprogramma Bodemsanering. De geplande werkzaamheden binnen het ontsnipperingsprogramma lopen door tot 2018. Een voorbeeld van een ontsnipperingsproject is het plaatsen van een ecoduct of een dassentunnel. Hierdoor worden twee gescheiden natuurgebieden met elkaar verbonden. In 2012 zullen de volgende ecoducten worden opgeleverd: de A12 bij de Zuid Veluwe (oplevering eind 2011/begin 2012), A35 bij Nijverdal, A28 bij Huis ter Heide en bij Hulshorst en de A50 bij Heerde. Tevens zal de passage over de A2 bij het Geuldal in 2012 worden opgeleverd. In 2012 zal naar verwachting worden begonnen met de aanleg van een extra Natuurbrug (ecoduct) over de A50 bij Oss (valt formeel echter niet onder ontsnipperingsprogramma maar de uitgaven worden wel ten laste van het servicepakket gebracht) en wordt tevens begonnen met de aanleg van het ecoduct over de A28 bij Dwingelo.

Met het meerjarenprogramma Bodemsanering wordt sinds 2005 uitvoering gegeven aan de in 2009 herziene gedragslijnen inzake bodemverontreiniging in Staatseigendommen. In 2012 zijn er werkzaamheden gepland voor een drietal bodemonderzoeken, 14 saneringen en een viertal monitoring of nazorgwerkzaamheden. Verwacht wordt dat in 2015/16 de saneringswerkzaamheden grotendeels afgerond zullen zijn.

Groot Variabel onderhoud

De werkzaamheden in verband met de levensduurproblematiek van de stalen kunstwerken wordt ook in 2012 voortgezet. Van de 274 bruggen met een stalen rijdek in het hoofdwegennet is bij vooral oudere exemplaren in toenemende mate sprake van ernstige scheurvorming in de stalen rijdekken. Deze scheurvorming wordt veroorzaakt door een aanzienlijk hogere belasting met zwaar vrachtverkeer dan indertijd bij het ontwerp kon worden voorzien.

De volgende stalen bruggen worden aangepakt:

Groot variabel onderhoud – stalen bruggen

In de programmering t/m 2014

   

Vaste bruggen

Beweegbare bruggen

Afgerond

Geprogrammeerd na 2014

Scharberg (Elsloo)

Gideonbrug

Scharsterrijnbrug

Brienenoordbrug (westelijke boog)

Galecopperbrug

Ketelbrug

Muiderbrug

Suurhoffbrug

Beek (Geleen)

Kruiswaterbrug

 

Wantybrug

 

Calandbrug

   

Ewijk

     

Kreekrak

     

Meetbare gegevens

In de kabinetsreactie op het IBO Beleid en Onderhoud (Kamerstukken 2006–2007, 30 800 XII, nr. 57) is toegezegd om extracomptabele informatie te verstrekken over de wijze waarop de middelen voor beheer en onderhoud worden aangewend. Ter invulling daarvan is hieronder een verdeling gegeven van de beheer- en onderhoudskosten voor verhardingen, bruggen en viaducten (kunstwerken), systemen voor DVM, verkeersvoorzieningen, arealen voor landschap en milieu en exploitatie. Deze percentages zijn gebaseerd op een meerjarig gemiddelde: van jaar tot jaar kan het actueel uitgegeven percentage fluctueren.

• Basispakket Beheer en Onderhoud

Areaal rijkswegen
   

Eenheid

2010

2011

2012

Rijbaanlengte

Hoofdrijbaan

km

5 695

5 698

5 721

Rijbaanlengte

Verbindingswegen en op- en afritten

km

1 408

1 427

1 451

Areaal asfalt

Hoofdrijbaan

km2

74

74

75

Areaal asfalt

Verbindingswegen en op- en afritten

km2

12

12

12

Groen areaal

stuks

km2

204

204

204

Omvang Areaal
 

Areaal

Eenheid

 

Omvang 2012

Budget 2012

B&O

Oppervlakte wegdek

km2

 

87

259 180

Indicatoren
 

Indicator

Norm

Realisatie 2010

Streefwaarde 2011

streefwaarde 2012

B&O

Voldoen van wegen aan de normen

95%

97%

95%

95%

           

B&O

Voldoen van buggen en viaducten aan de normen

90%

85%

84%

82%

Toelichting

Voor het jaar 2012 hanteert IenM dezelfde twee indicatoren als in de begroting 2011, namelijk een indicator die de conditie van de wegen aangeeft en één die de kwaliteit van bruggen en viaducten in het rijkswegennet weergeeft. Hiermee wordt inzicht geboden in de prestaties op het gebied van beheer en onderhoud.

• Servicepakket Beheer en onderhoud

De bekostiging van het servicepakket is hieronder weergegeven.

Specificatie servicepakket (x € 1 000,–)
   

2012

Servicepakket

   
 

Meer veilig-2

20 217

 

Meer kwaliteit leefomgeving

38 977

 

Totaal

59 194

– Groot variabel onderhoud

Groot variabel onderhoud (x € 1 000,–)

Projecten

2012

Kunstwerken

16 534

12.03 Aanleg, benutting en planstudie na tracébesluit

Motivering

Door middel van voorbereiding en uitvoering van infrastructuurprojecten wordt bereikt dat de noodzakelijke capaciteit beschikbaar is en komt om de verwachte verkeersgroei te faciliteren en een betrouwbaar netwerk te realiseren met voorspelbare reistijden. Daarbij wordt rekening gehouden met de kaders van veiligheid en leefbaarheid.

Dynamisch Verkeersmanagement

Producten

In 2007 heeft voormalig VenW een start gemaakt met een investeringsprogramma voor DVM. In de periode 2009–2012 wordt een bedrag van € 200 mln. geïnvesteerd. Het gaat daarbij met name om een betere benutting van de wegen, vooral op de file top-50 en om het verbeteren van aansluitingen tussen de snelweg en regionale wegen. Bij dit investeringsprogramma houdt IenM ook rekening met het groot onderhoud om de hinder voor de weggebruiker te beperken.

Daarnaast voert IenM met het oog op de langere termijn een aantal proeven uit die het effect van meer innovatieve verkeersmaatregelen moeten aantonen. Zo wordt vanaf 2012 op de ring Amsterdam een proef met sturend verkeersmanagement opgezet gericht op een meer gecoördineerde inzet van maatregelen op het gebied van regionaal verkeersmanagement. Hiervoor is € 50 mln. uitgetrokken.

In 2012 experimenteert IenM met de mogelijkheden van coöperatieve systemen van in-car technologie en wegkant. Een nieuwe generatie wegkantsystemen wordt voorbereid. Nederland levert hiermee een bijdrage aan proeven die in Europees verband zijn gestart.

De proeven met dynamische snelheden op de A1, A12 (Den Haag), A58 en A12 (Woerden) zijn afgerond en geëvalueerd. De resultaten van deze proeven zijn in februari 2011 aan de Tweede Kamer verzonden. In 2011 is een experiment met een (dynamische) maximumsnelheid van 130 km/h gestart op acht trajecten. Daarnaast is een proef gestart waarbij de snelheid in de 80 km zone op de A20 Noordbaan wordt verhoogd naar 100 Km/h aan de randen van de spits en in de avond en nacht. De resultaten van alle proeven worden gebruikt om uitwerking te geven aan het kabinetsvoornemen om dynamische snelheden in te voeren en de maximumsnelheid te verhogen naar maximaal 130 Km/h. De Kamer wordt hierover in het najaar geïnformeerd.

Op acht trajecten is bij wijze van experiment de maximumsnelheid (dynamisch) verhoogd naar 130 kilometer per uur. Dit najaar laten we weten hoe dat heeft uitgepakt en waar en wanneer we maximumsnelheden verhogen. De bedoeling is dat we gedurende deze kabinetsperiode op ten minste een derde van de autosnelwegen de snelheid naar 130 km/uur verhogen. Aankomend jaar willen we de snelheidsverhoging op de acht proeftrajecten definitief maken en ook elders toepassen.

Uiteraard wordt een snelheidsverhoging alleen doorgevoerd waar dat volgens milieu- en veiligheidsnormen mogelijk is, dan wel door maatregelen te nemen zodat aan de eisen kan worden voldaan.

Spoedaanpak Wegen/Fileplan ZSM

De wet Versnelling Besluitvorming Wegprojecten (Kamerstukken II, 2008–2009, 31 721, nr. A) maakt het mogelijk dertig wegprojecten met spoed op te pakken. Samen vormen deze projecten de Spoedaanpak Wegen. Doel van de spoedaanpak was om uiterlijk in mei 2011 bij 30 spoedaanpakprojecten de schop in de grond te hebben en er 10 te hebben opengesteld.

Naast de wetswijziging is ook de interne werkwijze geïntensiveerd en er zijn afspraken gemaakt met de GWW-sector om tot een snelle aanbesteding en realisatie van de projecten te komen.

Inmiddels is duidelijk dat er per mei 2011 28 schoppen de grond in zijn gegaan en er lintjes zijn doorgeknipt. De weggebruiker profiteert nu dus reeds maximaal van de extra wegcapaciteit op deze 16 trajecten.

Overige realisatieprojecten

De volgende projecten zijn opengesteld en worden opgenomen onder de kleine projecten/afronding projecten:

  • A12 Den Haag–Gouda benutting;

  • A73 Venlo–Maasbracht ism A74, N68 en OTR;

  • A2 Everdingen–Deil en Zaltbommel–Empel;

  • A7 Rondweg Sneek.

Daarnaast zijn de volgende projecten overgegaan naar het realisatieprogramma:

  • A9 Alkmaar–Uitgeest.

  • A12 Zoetermeer–Zoetermeer Centrum.

  • N31 Haak om Leeuwarden.

  • A50 Ewijk–Valburg.

  • A74 Venlo.

  • A4 Dinteloord–Bergen op Zoom.

  • A2 Passage Maastricht.

  • A4 Delft–Schiedam.

  • Innovatieprogramma Geluid en Lucht.

De belangrijkste budgettaire aanpassingen betreffen de volgende projecten:

  • Algemeen: Door de nieuwe bekostigingsystematiek vervalt in de taakstellende budgetten de generieke opslag voor de apparaatskosten van Rijkswaterstaat. Hierdoor zal het weergegeven taakstellend budget in de begroting en het MIRT louter bestaan uit de programmagelden voor de specifieke projecten.

  • A2 Holendrecht–Oudenrijn: toevoeging van regiobijdragen aan het taakstellend budget (+ € 26 mln.).

  • A4 Delft–Schiedam: overheveling kosten TTI naar B&O (– € 6 mln.) en toevoegen van extra budget t.b.v. uitbreiding scope t.b.v. geluidsschermen (+ € 2 mln.).

  • A73 Venlo–Maasbracht: verhoging taakstellend budget in verband met de tunnelproblematiek (+ € 15,5 mln., ook toegelicht in brief van 15 maart 2011, TK 29 296, nr. 20).

  • N35 Zwolle–Almelo (traverse Nijverdal): verhoging taakstellend budget met bijdrage derden t.b.v. de stationsverplaatsing (+ € 8,5 mln.).

  • ZSM 1+2 (spoedwet wegverbreding): verlaging taakstellend budget in verband met overheveling budget t.b.v. A12 Lunetten–Veenendaal naar geïntegreerde contractvormen (– € 395,2 mln.).

  • A 15 Maasvlakte–Vaanplein: in het kader van de Rijksbrede PPS taakstelling is het budget verlaagd met € 125 mln.

  • A28 Utrecht–Amersfoort (spoedaanpak): het taakstellend budget wordt met € 33,9 mln. verlaagd vanwege een bijstelling van de totale projectraming.

  • A9 Alkmaar–Uitgeest (spoedaanpak): het taakstellend budget is met € 28,6 mln. verhoogd in verband met een bijstelling van de projectraming.

Planstudieprogramma na tracébesluit

Er zijn de volgende mutaties in de tabel planstudie na TB:

  • Nationaal Samenwerkingsverband Luchtkwaliteit (NSL): beschikbaar budget is met € 190 mln. verlaagd in verband met de taakstelling omgevingsrecht.

  • A1/A6/A9 Schiphol–Amsterdam–Almere: verhoging taakstellend budget met € 190 mln. vanwege wijzigingen tussen OTB en TB en prijsontwikkelingen in de GWW-sector (ook toegelicht in brief aan Tweede Kamer met kenmerk TK 31 089, nr. 82).

  • A50 Ewijk–Valburg: project is over gegaan naar de realisatietabel.

  • N 31 Leeuwarden (Haak om Leeuwarden): project is overgegaan naar de realisatietabel.

  • A1/A6/A9 Schiphol–Amsterdam–Almere: project is overgegaan naar categorie 1 (planstudie na tracébesluit).

  • A9 Alkmaar–Uitgeest: project is overgegaan naar de realisatietabel.

In 2012 wil IenM de volgende mijlpalen realiseren:

Mijlpaal

Project

Oplevering

N2 Meerenakkerweg–Noord Brabantlaan

 

A12 Zoetermeer–Zoetermeer centrum

 

A74 Venlo

 

A9 Alkmaar–Uitgeest

Start realisatie

A4 Delft–Schiedam

 

A1/A27 Utrecht–Hilversum–Amersfoort

 

A7/6 Knooppunt Joure

 

A12 Bypass Nootdorp

 

N31 Traverse Harlingen

 

N61 Hoek–Schoonedijke

 

N33 Assen–Zuidbroek

 

A9 Omlegging Badhoevedorp

Tabel Projectoverzicht behorende bij 12.03.01: Realisatieprogramma Hoofdwegennet

 

Totaal

Budget in € mln

Openstelling

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

       

Projecten Noordwest-Nederland

                       

A10 Amsterdam praktijkproef FES

46

51

3

2

9

17

16

     

2011

2011

A9 Alkmaar Uitgeest

53

 

3

39

10

         

2012

 

N9 Koedijk–De Stolpen

66

78

34

9

14

8

       

2011

2011

N50 Ramspol–Ens

126

134

31

22

31

21

21

     

2013

2013

Projecten Utrecht

                       

A28 Utrecht–Amersfoort

191

258

24

68

53

46

       

2013

2012

A2 Holendrecht–Oudenrijn

1 199

1 366

1 015

73

59

45

8

     

2012

2012

A2 Oudenrijn–Everdingen

103

123

5

63

5

30

       

2012

Projecten Zuidvleugel

                       

A4 Burgerveen–Leiden

588

687

258

70

81

75

38

54

7

6

2014

2014

A4 Delft–Schiedam

869

 

15

13

120

163

260

240

46

12

2015

 

A15 Maasvlakte Vaanplein1

1 185

1 428

129

191

239

229

287

109

0

 

2015

2015

A12 Zoetermeer–Zoetermeer centrum

24

 

5

20

           

2011

 

Projecten Zuidwestelijke Delta

                       

N57 Veersedam–Middelburg

202

215

173

20

8

         

2010/

2011

2011

Projecten Oost-Nederland

                       

A2 Everdingen–Deil en Zaltbommel–Empel2

424

512

398

6

21

         

2010

2010/

2011

N34 Omleiding Ommen

42

48

33

4

3

3

       

2011

2011

N35 Zwolle–Almelo (traverse Nijverdal)

212

245

90

40

65

18

0

0

   

2014

2013

N50 Viaduct Hanzelijn Toekomstvast

5

 

5

0

               

A50 Ewijk–Valburg

268

 

28

50

130

54

6

     

2014

 

Projecten Brabant

                       

A4 Dinteloord–Bergen op Zoom

269

 

49

22

40

46

44

45

22

 

2013

 

N2 Meerenakkerweg (A2 zone)

6

     

6

         

2012

 

Projecten Limburg

                       

A2 Maasbracht–Geleen, 1e fase

169

185

21

64

61

23

       

2011/

2013

A74 Venlo

130

 

17

44

22

44

3

     

2012

 

A2 Passage Maastricht

565

 

160

49

79

95

98

48

36

 

2016

 

A2/A76 Maatregelenpakket Limburg3

108

114

34

54

0

1

5

 

13

 

2010/

2015

2011

Projecten Noord-Nederland

                       

N31 Leeuwarden (De Haak)

179

 

1

14

39

35

62

28

   

2014

 

Projecten Nationaal

                       

ZSM 1+2 (spoedwet wegverbreding)

1 647

2 441

883

220

258

164

84

17

21

 

2014

2014

Dynamisch verkeersmanagement

165

212

74

53

37

1

       

2012

2012

Kleine projecten/Afronding projecten

173

227

 

96

59

13

5

 

0

0

   

Programma aansluitingen

96

102

0

20

37

39

       

nvt

nvt

Quick Wins Wegen

45

51

1

10

15

19

       

2011

2011

Totaal uitvoeringsprogramma

9 156

 

3 489

1 337

1 501

1 188

937

541

146

18

   

Realisatieuitgaven op IF 12.03.01 mbt planstudieprojecten

     

180

11

2

1

2

       

Begroting (IF 12.03.01)

     

1 517

1 512

1 190

938

542

146

     
1

Inclusief aan- en ontsluitende infrastructuur mainport Rotterdam.

2

Oplevering 2x3 in 2010; oplevering 2x4 Everdingen–Deil in 2011.

3

Betreft amendement Van Hijum (29 800 A, nr. 8); aanleg spitsstrook A2 St.Joost–Urmond wordt opgeleverd in 2010 en aanpassing aansluiting Nuth op A76 wordt opgeleverd in 2015.

Tabel Projectoverzicht behorende bij 12.03.02 en 12.05.02: Planstudie hoofdwegennet voor en na tracébesluit

Bedrag in € mln

Raming kosten

Budget

Planning

Uitvoering

Projectomschrijving

min.

max.

taakstellend

2011

2012

2013

2014

2015

2016

periode

CATEGORIE 1 (na tracébesluit)

                   

Projecten Noordwest-Nederland

                   

A1/A6/A9 Schiphol–Amsterdam–Almere1

   

4 094

tb

         

2011–2020

Projecten Zuidwestelijke delta

                   

N61 Hoek–Schoondijke2

   

115

tb

         

2012–2014

                     

CATEGORIE 1 (voor tracébesluit)

                   

Tracé/-projectbesluit t/m 2012

                   

Projecten Noordwest-Nederland

                   

A9 Omlegging Badhoevedorp

   

318

 

tb

       

2013–2017

Projecten Utrecht

                   

A27/A1 Utrecht Noord-knooppunt Eemnes-Aansluiting Bunschoten

   

252

 

tb

       

2013–2015

Projecten Zuidvleugel

                   

A12 Bypass Nootdorp

       

tb

       

2012–2014

Projecten Oost-Nederland

                   

A1 Beekbergen–Apeldoorn Zuid

   

35

 

tb

       

2013–2014

A12 Ede–Grijsoord

   

107

tb

         

2014–2015

N18 Varsseveld–Enschede

   

303

 

tb

       

2014–2016

N35 Zwolle–Wythmen

   

45

 

tb

       

2013–2014

Projecten Noord-Nederland

                   

A6/A7 Knooppunt Joure3

   

76

 

tb

       

2012–2015

N31 Harlingen (traverse Harlingen)3

   

143

 

tb

       

2012–2017

N33 Assen-Zuidbroek3

   

190

 

tb

       

2013–2015

                     

Tracé-/projectbesluit na 2012

                   

Projecten Noordwest-Nederland

                   

A10 Zuidas (hoofdweggedeelte)

   

301

 

tb

       

vanaf 2013

Projecten Utrecht

                   

A28/A1 Knooppunt Hoevelaken

   

676

   

tb

     

2016–2020

A2/A12/A27 Ring Utrecht

   

1 065

   

tb

     

2016–2020

Projecten Brabant

                   

A27 Utrecht–Lunetten–Hooipolder

                   

Projecten Zuidvleugel

                   

A13/A16/A20 Rotterdam

                   

Projecten Oost-Nederland

                   

A12/A15 Bereikbaarheid regio Arnhem–Nijmegen

   

800

   

tb

       

Projecten Noord-Nederland

                   

A7 Zuidelijke Ringweg Groningen, fase 24

   

575

   

tb

     

2014–2019

                     

Totaal categorie 1

   

9 095

             
                     

CATEGORIE 2

                   

Projecten Limburg

                   

A2 Maasbracht-Geleen 2e fase

         

tb

     

2016–2018

                     

Totaal uitvoeringsprogramma

     

13

3

186

1 129

604

2 328

 

Overprogrammering

     

100

– 250

– 75

75

150

   

Begroting (IF 12.03.02/12.05.02)

     

113

– 247

111

1 204

754

2 328

 

Legenda

tb = tracébesluit

wab=wegaanpassingsbesluit

1

Hierin is opgenomen A6/A9, kruising natte as A1 en groene uitweg.

2

Waarvan 4 mln grondbank.

3

Budget en financiering van deze projecten aan rijksinfrastructuur vinden gedeeltelijk plaats vanuit art. 14.03.

4

Exclusief 13% voorbereidingskosten.

12.04 Geïntegreerde contractvormen

Motivering

Bij infrastructuurprojecten waarbij sprake is van publiek-private samenwerking bestaat de betaling uit een geïntegreerd bedrag voor aanleg, onderhoud én financiering gedurende een langdurige periode. De meest toegepaste vorm is Design, Build, Finance, Maintain (DBFM) waarbij de overheid betaalt voor een dienst (beschikbaarheid) in plaats van een product. Deze contractvorm garandeert een efficiënte en effectieve beschikbaarheid van de noodzakelijke capaciteit om, rekening houdend met de aspecten veiligheid en leefomgeving, een betrouwbaar netwerk te realiseren met voorspelbare reistijden.

Producten

Eind 2010 zijn twee projecten via DBFM aanbesteed: A15 Maasvlakte Vaanplein en A12 Lunetten Veenendaal. Het budget voor het project A12 Lunetten Veenendaal is bij miljoenennota reeds omgezet in beschikbaarheidsvergoedingen en in deze begroting overgeheveld naar het artikel geïntegreerde contractvormen.

Het project N33 Assen–Zuidbroek wordt naar verwachting in 2011 via DBFM aanbesteed. De N33 is tevens een pilot project voor Index Linked financiering (inflatiegerelateerde vergoedingen voor verschaffers van vreemd vermogen zoals pensioenfondsen).

Het Project Schiphol–Amsterdam–Almere zal in 2011 een DB en een van de vier DBFM contracten op de markt zetten.

De budgetten voor deze projecten worden naar dit artikel overgeheveld vanuit de artikelen voor aanleg en onderhoud nadat de contracten zijn afgesloten

De voorbereiding van de aanbesteding van het project Schiphol–Amsterdam–Almere (opgeknipt in vier DBFM-deelcontracten en één DB-contract) is gestart.

Geplande PPC's (2011–2012)

  • Driehoek A1–A28–A27.

  • A7 Zuidelijke Ringweg Groningen.

  • Ring Utrecht.

  • Nieuwe Westelijke Oververbinding.

  • Amsterdam Zuidas.

  • A2 Maasbracht–Geleen.

  • N35 – Nijverdal–Wierden.

  • A28/A1 Knooppunt Hoevelaken

  • A27 Lunetten Hooipolder

Afgeronde PPC's – Aanbesteding na 2011

  • N18 – Varsseveld–Enschede2 .

  • A13/A16 Rotterdam2.

  • ViA15.

  • A12 Ede–Grijsoord.

  • A27/A1 Utrecht Noord–Knp Eemnes–Bunschoten2*.

Tabel Projectoverzicht behorende bij 12.04 geïntegreerde contractvormen Hoofdwegennet

 

Totaal

Budgetten in € mln

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

                       

Projecten Noordwest-Nederland

                       

Aflossing tunnels1

1 194

845

286

51

52

53

54

56

57

586

   

A10 Tweede Coentunnel2

2 016

2 173

337

88

160

224

78

51

51

1 028

2013

2012

Projecten Utrecht

                       

A12 Lunetten–Veenendaal

603

 

22

7

122

87

19

19

19

308

   

Projecten Brabant

                       

A59 Rosmalen–Geffen, PPS

283

288

139

15

14

14

14

14

14

57

2005

2005

Projecten Noord-Nederland

                       

N31 Leeuwarden–Drachten

146

127

90

5

6

6

5

6

6

22

2007

2007

Afrondingen

     

1

   

2

         

Totaal categorie 0

4 241

 

874

166

354

384

170

146

147

     
1

Aflossing tunnels: verplichting loopt t/m 2026.

2

Verplichting loopt t/m 2037 en is incl. Westrandweg.

12.05 Verkenning en planstudie voor tracébesluit

Motivering

Om een probleem of een initiatief met een maatschappelijke meerwaarde te verkennen en daarna, indien nodig, uit alternatieven de beste oplossing voor het probleem te zoeken en voor te bereiden voor de uitvoering (planstudie voor tracébesluit).

Verkenningen

Producten

Wijziging in de verkenningentabel:

  • As Leiden–Katwijk, in het BO MIRT voorjaar 2011 is besloten dat het rijk onder voorwaarden één gebiedsbudget van € 722 miljoen aan de regio beschikbaar stelt, teneinde een integrale oplossing voor de RijnlandRoute en de RijnGouwelijn te realiseren.

  • De verkenning Rotterdam Vooruit wordt voor de zomer afgerond. De resultaten van de drie projecten Herontwerp Brienenoord–AlgeraCorridor, kwaliteitsprong OV Rotterdam zuid en A20 nieuwerkerk aan de IJssel worden niet voor 2024 gerealiseerd. Voor de eerste twee projecten wordt gekeken naar eventuele aanloopinvesteringen die passen binnen het programma Beter Benutten. Hierover maken rijk en regio in het BO MIRT najaar afspraken. Voor de NWO wordt najaar 2011 een voorkeursbeslissing genomen op basis van ontwerp-Rijksstructuurvisie.

  • A58 Sint Annabosch–Galder: In het bestuurlijk overleg MIRT najaar 2010 is de startbeslissing vastgesteld. In het najaar van 2011 volgt een go/no-go besluit over de start van de planuitwerking.

  • Voor de A1-zone is een gezamenlijke gebiedsgerichte verkenning uitgevoerd. Tijdens BO MIRT voorjaar 2011 hebben Rijk en regio een principeafspraak gemaakt over de gezamenlijke bekostiging van de capaciteitsuitbreiding A1 Apeldoorn–Azelo. Najaar 2011 is definitieve besluitvorming gepland.

  • N50 Ens–Emmeloord is toegevoegd aan de tabel.

Planstudieprogramma vóór tracébesluit 2012

  • A1/A27 Utrecht–Eemnes–Bunschoten: beschikbaar budget is met € 50 mln. verlaagd in verband met de taakstelling bovenwettelijke inpassing.

  • A13/A16/A20 Rotterdam: beschikbaar budget is met € 45 mln. verlaagd in verband met de rijksbrede PPS taakstelling.

  • A27 Lunetten–Hooipolder: beschikbaar budget is met € 30 mln. verlaagd in verband met de rijksbrede PPS taakstelling.

  • A1/27 Utrecht–Eemnes–Bunschoten: beschikbaar budget is met € 15 mln. verlaagd in verband met de rijksbrede PPS taakstelling.

  • N18 Varsseveld–Enschede: beschikbaar budget is met € 10 mln. verlaagd in verband met de rijksbrede PPS taakstelling.

  • A9 Omlegging Badhoevedorp is het budget met € 10 miljoen verhoogd (€ 4 mln. rijk, € 6 mln. regio).

  • A6/A7 knooppunt Joure is het budget met € 4,05 mln. verhoogd, in verband met scopewijziging, het knooppunt wordt geschikt gemaakt voor 130 km/uur.

  • A12/A15 Bereikbaarheid regio Arnhem–Nijmegen is het budget met € 305 mln. verhoogd (€ 45 mln. Rijk, € 260 mln. regio).

In 2012 staan 2 grote projecten rondom Utrecht in de planning:

  • A28/A1 Knooppunt Hoevelaken;

  • A2/A12/A27 Ring Utrecht.

Daarnaast staat het Ontwerp Tracébesluit voor de A12/A15 bereikbaarheid regio Arnhem op de planning.

Projectoverzicht behorende bij 12.05.02 Verkenning en planstudie voor tracébesluit

De planstudies voor tracébesluit zijn opgenomen onder 12.03.

Projectoverzicht behorende bij 12.05.01 Verkenningen

Verkenningenprogramma 2010–2020
A. Lopende verkenningen

Gebied

Probleem

Referentiekader

Gereed

Projecten Noordwest-Nederland

     

N50 Ens–Emmeloord

aantasting van afwikkelingskwaliteit, rijcomfort en trajectsnelheid.

Bestuurlijk overleg MIRT najaar 2010

2011

Projecten Zuidvleugel

     

As Leiden–Katwijk (Integrale Benadering Holland Rijnland)

Bereikbaarheid en ruimtelijke opgaven

Notaoverleg MIRT december 2007, Bestuurlijk Overleg MIRT voorjaar 2011

2011

Verkenning Haaglanden

Bereikbaarheid in samenhang met ruimtelijke opgaven, openbaar vervoer, functioneren toeleidende wegen en onderliggend (stedelijk) hoofdwegennet

LMCA Hoofdwegen, Bestuurlijk Overleg MIRT voorjaar 2011

2012

Verkenning Rotterdam vooruit

Bereikbaarheid in relatie tot ruimtelijke ordening, economie, verkeer en vervoer, landschap en natuur

LMCA hoofdwegen, Bestuurlijk Overleg MIRT voorjaar 2011

2012

Projecten Brabant

     

A58 Sint Annabosch–Galder

Bereikbaarheid

Startbeslissing Bestuurlijk Overleg MIRT najaar 2010

2011

Projecten Oost-Nederland

     

A1-zone, Gebiedsgerichte verkenning (inclusief corridor Apeldoorn–Deventer–Azelo)

Bereikbaarheid

Bestuurlijk Overleg MIRT voorjaar 2011

2012

N35 Wierden–Nijverdal

Bereikbaarheid

Bestuurlijk Overleg MIRT najaar 2010

2012

12.06 Netwerkgebonden kosten Hoofdwegennet

Motivering

Op dit artikelonderdeel worden de aan het netwerk te relateren apparaatskosten van Rijkswaterstaat en de overige netwerkgebonden kosten geraamd. Dit artikelonderdeel is in de Voorjaarsnota 2011 ingesteld als gevolg van de herstructurering van de bekostiging van Rijkswaterstaat per 1 januari 2011. De Tweede kamer is op 10 januari 2011 en 3 maart 2011 over de herstructurering van de bekostiging nader geïnformeerd (Kamerstukken II, 30 119, nrs. 4 en 5).

b. Beter Benutten

Om de doelstellingen van het programma Beter Benutten nog in deze kabinetsperiode te behalen, is de afgelopen periode gezocht naar mogelijkheden om binnen het MIRT-programma budgetten in de juiste kasjaren beschikbaar te krijgen.

Op een aantal projecten zijn namelijk bedragen gereserveerd waarvan de verwachting is dat die niet volledig in deze kabinetsperiode besteed zullen worden, waardoor deze kasmiddelen voor de prioriteit Beter Benutten kunnen worden ingezet.

Deze gelden vloeien in latere jaren weer terug naar de projecten waaruit deze oorspronkelijk afkomstig zijn.

Zie ook mijn brief van 1 december 2011 aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal (Kamerstukken II, 2011–2012, 33 000 A, nr. 21).

Artikel 13 Spoorwegen

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Op dit artikel worden de producten op het gebied van Spoorwegen verantwoord.

Het productartikel Spoorwegen is gerelateerd aan de beleidsdoelstellingen en beleidsinstrumenten zoals beschreven in de begroting 2009 van Verkeer en Waterstaat (XII) bij beleidsartikelen:

  • Artikel 32: Bereiken van een optimale veiligheid in of als gevolg van mobiliteit.

  • Artikel 34: Betrouwbare netwerken en voorspelbare reistijd.

  • Artikel 35: Mainports en logistiek.

  • Artikel 36: Bewaken, waarborgen en verbeteren van kwaliteit leefomgeving.

Tabel budgettaire gevolgen van de uitvoering

Overzicht van de budgettaire gevolgen van uitvoering (x € 1 000)

13 Spoorwegen

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Verplichtingen

2 538 710

2 245 364

2 032 613

2 850 388

1 989 762

1 885 305

2 018 825

Uitgaven

2 645 273

2 433 672

2 445 684

2 568 502

2 391 935

2 575 692

2 399 814

13.02 Onderhoud en vervanging

1 689 994

1 536 401

1 510 623

1 567 862

1 360 564

1 472 331

1 271 147

13.02.01 Regulier onderhoud

894 536

788 481

671 520

687 236

608 760

556 930

570 588

13.02.02 Grote onderhoudsprojecten

490 667

382 117

455 699

477 593

383 747

571 233

405 282

13.02.03 Rentelasten

70 210

62 910

37 919

39 109

40 299

40 299

40 299

13.02.04 Betuweroute

77 565

57 811

55 600

54 479

34 967

32 458

37 479

13.02.05 Kleine infra en overige proj.

157 016

245 082

289 885

309 445

292 791

271 411

217 499

13.02.06 Aandeel ProRail in taakst I&M

 

0

0

       

13.03 Aanleg

794 285

696 774

675 852

645 858

561 017

507 963

414 633

13.03.01 Realisatieprogramma personenvervoer

772 350

677 065

630 772

593 382

508 546

477 121

383 073

13.03.02 Realisatieprogramma goederenvervoer

21 935

19 709

45 080

52 476

52 471

30 842

31 560

13.03.03 Uitgaven leenfaciliteit versnelde aanleg

             

13.04 Geintegreerde contractvormen/PPS

121 510

137 133

151 489

143 776

145 040

146 099

147 580

13.05 Verkenningen en planstudies

39 484

63 364

107 720

211 006

325 314

449 299

566 454

13.05.01 Planstudieprogramma personenvervoer

28 462

57 030

73 572

171 846

271 858

372 333

499 188

13.05.02 Planstudieprogramma goederenvervoer

11 022

6 334

34 148

39 160

53 456

76 966

67 266

13.09 Ontvangsten

15 848

43 682

93 136

174 105

186 489

346 489

346 489

Budgetflexibiliteit

Deze tabel geeft voor het jaar 2012 per artikelonderdeel de programmamiddelen weer en maakt de mate van budgetflexibiliteit inzichtelijk door middel van vijf categorieën. De verhoudingen binnen de artikelonderdelen worden zowel procentueel als nominaal gepresenteerd.

Toelichting

13.02 Onderhoud en vervanging

Dit betreft de jaarlijkse beschikking aan ProRail voor beheer en onderhoud spoor.

13.03 Aanleg

Dit betreft de realisatie van aanlegprojecten personen- en goederenvervoer. Voor het bestuurlijk gebonden gedeelte worden beschikkingen afgegeven aan ProRail.

13.04 Geïntegreerde contractvormen/PPS

Het betreft het contract met HSA.

13.02 Beheer en instandhouding

Motivering

IenM is verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud (inclusief vervangingen) van de hoofdspoorweginfrastructuur. Het bestaande spoornet vertegenwoordigt een groot maatschappelijk geïnvesteerd kapitaal. Instandhouding van dit goed is de eerste prioriteit. Beheer en instandhouding zijn noodzakelijk om de kwaliteit van het spoor verder te verbeteren.

Producten

De Beheer- en instandhoudingsactiviteiten zijn gericht op het realiseren van de in het Beheerplan opgenomen prestaties betreffende de in de beheerconcessie vastgelegde zorgtaken van ProRail. Onderdeel hiervan zijn de activiteiten van ProRail die samenhangen met spoor-verkeersleiding en activiteiten op het gebied van capaciteitsmanagement en capaciteitsstudies.

ProRail ontvangt voor de uit te voeren taken van het Rijk een bijdrage. Bij de vaststelling van de rijksbijdrage voor het onderhoud spoor wordt rekening gehouden met de inkomsten van de gebruiksvergoeding. De door ProRail te ontvangen gebruiksvergoeding wordt in mindering gebracht op de door het Rijk te subsidiëren uitgaven. In het onderhoudsbudget wordt een onderscheid gemaakt tussen

  • Regulier onderhoud (waaronder beheer).

  • Grote onderhoudsprojecten (waaronder vervangingen).

  • Rentelasten.

  • Exploitatie Betuweroute.

  • Kleine infra en overige projecten.

Voor Beheer en Instandhouding is in de periode 2014–2016 nog sprake van een tijdelijke spanning tussen beschikbaar en benodigd budget, na 2016 is er sprake van overschotten.

Actieplan Groei op het spoor

Het Actieplan «Groei op het Spoor» is opgesteld in 2007 als uitwerking van het regeerakkoord Balkenende IV en heeft een looptijd van 2008–2012 en zet in den brede in op het aantrekkelijker maken van de trein voor meer reizigers. Het Actieplan «Groei op het spoor» had als ambitie een jaarlijkse groei van 5% van het aantal reizigerskilometers per trein. De groeiambitie is niet in het huidige regeerakkoord opgenomen.

Bijna alle acties van het actieplan «Groei op het spoor» (TK 2007–2008, 29 644, nr. 85 en TK 2009–2010, 29 984, nr. 216) zijn in uitvoering. Op 11 maart 2011 is de Tweede Kamer door middel van de vijfde voortgangsrapportage Actieplan/PHS/OV SAAL geïnformeerd over de uitvoering van het actieplan Groei op het Spoor. De maatregelen zijn ondergebracht in vijf clusters: voor- en natransport, informatievoorziening, kaartjes en kennismaking, treinaanbod en spreiding van mobiliteit.

Het regeerakkoord bevat een subsidietaakstelling. Er is voor gekozen om de uitvoering van de maatregel Kaartsoorten en Kennismakingsacties te stoppen.

Daarnaast is tijdens de uitvoering gebleken dat de maatregel »Stimuleren van shuttleservices tussen stations en bedrijfslocaties» niet zal leiden tot een rendabele service na de looptijd van het Actieplan. Deze maatregel zal daarom worden gestopt. Van de maatregel «Pilots met dynamische reisinformatie» is gebleken dat deze niet binnen de looptijd van het Actieplan zal kunnen worden uitgevoerd. Het voor deze maatregel beschikbare budget zal op het Actieplanbudget in mindering worden gebracht.

Het aantal reizigerskilometers per spoor op het hoofdrailnet is in 2010 hetzelfde gebleven als in 2009.

Toegankelijkheid Spoor

NS en ProRail liggen op schema met het toegankelijk maken van het spoorsysteem voor mensen met een functiebeperking. In 2009 is begonnen met de versnelde uitvoering van het Implementatieplan Toegankelijkheid Spoor (TK 2006–2007, 23 645, nr. 144), zodat de doelstellingen uit het implementatieplan zo veel als mogelijk voor 2020 gerealiseerd worden. Het door NS en ProRail gezamenlijk opgestelde Actualisatieplan Toegankelijkheid Spoor is in mei 2011 aan de Tweede Kamer aangeboden. Het rapport geeft inzicht in de stand van zaken van het programma, in de mogelijkheden tot versnelling van de aanpassingen voor toegankelijkheid conform de ambitie uit het regeerakkoord 2010, alsmede in de mogelijkheid en de gevolgen van de moties Roemer – De krom 25 847, nrs. 64 en 66.

13.03 Aanleg Spoorwegen

Motivering

IenM is verantwoordelijk voor de uitbreiding van de hoofdspoorweginfrastructuur. Deze wordt in belangrijke mate gefinancierd met middelen uit de Rijksbegroting. Op dit hoofdproduct worden alle uitgaven begroot die noodzakelijk zijn voor:

  • De uitvoering van nieuwbouwprojecten spoor.

  • De voorbereiding van de uitvoering van deze projecten.

Realisatie programma aanleg personenvervoer

Producten

Taakstellingen Regeerakkoord

In het regeerakkoord zijn taakstellingen afgesproken voor bovenwettelijke inpassing, aanpassing omgevingsrecht en toepassing PPS. Voor het project PHS betreft het een bedrag van € 194 mln., voor OV SAAL € 45 mln. en voor GoeNoord € 6 mln. De intentie is dat de taakstellingen op deze projecten worden gerealiseerd.

Aanbestedingsresultaten

ProRail heeft aangegeven voor € 238 mln. aan aanbestedingsresultaat op aanleg spoor te verwachten in de periode 2005–2012. Dit bedrag is toentertijd vooruitlopend op daadwerkelijk realisatie in mindering gebracht op de beschikbare jaarbudgetten en technisch verwerkt op het project 2e fase betrouwbaar Benutten. Tot het voorjaar 2011 was van de verwachte 238 mln. reeds € 209 mln. gerealiseerd. In aanvulling op deze al gerealiseerde aanbestedingsmeevallers worden de onderstaande aanbestedingsmeevallers verwerkt:

  • Vleuten–Geldermalsen (€ 9 mln.).

  • Hanzelijn (€ 17 mln.).

  • Knelpunt Baarn (€ 2 mln.).

  • Elektr. empl. Maasvlakte West (€ 1 mln.).

Hiermee heeft ProRail het verwachte aanbestedingsresultaat ad € 238 mln. volledig gerealiseerd.

Nieuw opgenomen in het realisatieprogramma

ERTMS pilot A’dam–Utrecht en ERTMS expertisecentrum

In het kader van het project «Integrale spooruitbreiding Amsterdam–Utrecht» is op dit traject het treinbeveiligingssysteem ERTMS aangelegd. Over de te volgen aanpak bij de verdere implementatie van ERTMS op de landelijke hoofdspoorweginfrastructuur bestaat nog geen eensluidende visie. Op basis van een maatschappelijke kosten/baten-analyse van verschillende ERTMS-implementatiestrategieën is gebleken dat het wenselijk is om meer praktijkervaring op te doen met ERTMS, alvorens een besluit te nemen over de te volgen ERTMS-implementatiestrategie. Het ERTMS-traject Amsterdam–Utrecht lijkt hiervoor het meest geëigend.

Een aantal treinen zal voorzien worden van ERTMS. Door uitvoering van baan-trein-integratie-testen zullen hiervoor «Vergunningen Voor Indienststelling» worden verkregen. Vervolgens zullen deze treinen op het traject Amsterdam–Utrecht onder ERTMS gaan rijden met maximumsnelheden van 160 km/uur. De praktijkervaring en expertise op het gebied van ERTMS die hiermee wordt opgedaan zal gebruikt worden om verschillende ERTMS-implementatiestrategieën te beoordelen op kosten en baten. Op basis hiervan zal worden bezien of en zo ja op welke wijze ERTMS zal worden geïmplementeerd op het nationale net.

PHS Diezebrug

In het Herstelplan Spoor project «Sporen in Den Bosch» is de aanleg van een nieuwe extra brug voorzien. Vervanging van de huidige brug was niet voorzien. In het kader van het OTB kwam de wens van de gemeente naar voren voor vervanging van de huidige stalen brug door een betonnen brug, ingegeven door het aspect ruimtelijke kwaliteit. ProRail heeft met IenM, gemeente en provincie de mogelijkheid tot realisatie hiervan onderzocht. Realisatie blijkt mogelijk via dekking uit het Beheer en Instandhoudingsbudget (eerdere vervanging oude brug) en bijdragen van gemeente en provincie. Ook IenM zal bijdragen aan dit project waarbij de hoogte van de bijdrage is gebaseerd op berekeningen inzake verwachte besparingen voor geluidsmaatregelen die in het kader van PHS alsnog zouden moeten worden getroffen voor de huidige brug.

Sporendriehoek Noord Nederland (nav Motie Koopmans)

Conform de Motie Koopmans (TK 2007–2008 27 658, nr. 41) is vanuit het budget voor Programma Hoofdfrequent Spoorvervoer € 164 miljoen beschikbaar gesteld om in Noord Nederland intensivering van de treindienst mogelijk te maken en kosteneffectieve maatregelen te treffen om de rijtijden tussen Noord Nederland en de Randstad te verbeteren.

Het project Zwolle Transfer-Rijtijdverkorting wordt momenteel door ProRail uitgevoerd en zal eind 2012 gereed zijn, het moment dat ook de Hanzelijn in bedrijf komt.

Verder worden de volgende projecten bestudeerd:

  • Het vervangen van een overweg te Wolvega door de spoortunnel «Om den Noort».

  • Aanpassen van de boog te Hoogeveen en Herfte ten behoeve van een hogere snelheid.

  • Seinaanpassing Zwolle–Meppel.

  • Aanpassing seinplaatsing bij overwegen.

  • 4sporen Groningen–Groningen losplaats inclusief Groningen Europapark.

De dan nog resterende middelen zijn gereserveerd voor overwegveiligheid Zwolle–Leeuwarden en versnelling bediening brug over het Van Harinxmakanaal. Andere mogelijk te treffen maatregelen, afhankelijk van de uiteindelijke dienstregeling, hebben betrekking op capaciteitsverruiming van het baanvak Zwolle–Herfte, aanpassingen te Assen, Meppel en Groningen en overige brugopeningen te Fryslan.

Partiële spooruitbreiding spoor Groningen–Leeuwarden

De huidige capaciteit van de spoorlijn Groningen–Leeuwarden is onvoldoende om het aantal reizigers en de toekomstige groei te faciliteren. Er rijden nu twee stoptreinen en één sneltrein per uur. Om aan de vraag te kunnen voldoen zouden er twee stop- en twee sneltreinen per uur moeten gaan rijden. De huidige infrastructuur heeft hiervoor onvoldoende capaciteit. Daarom worden de volgende maatregelen voorgesteld:

  • Dubbelspoor Zuidhorn–Hoogkerk.

  • Snelheidsverhoging Leeuwarden–Veenwouden.

  • Snelheidsverhoging Zuidhorn–Groningen.

Verder wordt de mogelijkheid voor een nieuw station Hoogkerk en de overwegveiligheid op het hele traject onderzocht. Het taakstellend budget op basis van Convenant regiospecifiek Pakket RSP Zuiderzeelijn bedraagt € 125 mln. (pp 2010, TK vergaderjaar 2008–2009, 31 700 A, nr. 19).

Vooralsnog is een bedrag van € 4,6 mln. toegevoegd aan 13.03.01 ten behoeve van de lopende planstudie. De resterende gelden voor dit project zijn geraamd op IF 14.03.01.

Overige toelichtingen

Kleine projecten

In de begroting 2011 was nog sprake van de post kleine projecten. Dit betrof slechts het project Knelpunt Baarn. Dit project is afgerond en de resterende werkzaamheden zijn toegevoegd aan de post Nazorg gereed gekomen lijnen/halten.

Kleine Stations

De verlaging van het programmabudget met € 1 mln. wordt veroorzaakt door het niet meer opnemen van gerealiseerde en formeel vastgestelde planstudieuitgaven.

Nazorg gereedgekomen lijnen/halten

Met ingang van deze begroting worden slechts de gerealiseerde uitgaven over het afgelopen jaar alsmede de geprognosticeerde uitgaven over het lopende en de komende jaren gepresenteerd. Daarnaast bleek het, gelet op de resterende werkzaamheden van de in deze post ondergebrachte werkzaamheden, mogelijk het projectbudget te verlagen met € 3,6 mln. en zijn de restwerkzaamheden van het project Knelpunt Baarn ondergebracht bij deze post. Genoemde aanpassingen hebben geleid tot een neerwaartse bijstelling van het projectbudget met € 31,5 mln.

Ontsnippering

De verlaging van het programmabudget wordt veroorzaakt door het niet meer opnemen van gerealiseerde en formeel vastgestelde planstudieuitgaven.

OV SAAL

In het OTB voor het project OV SAAL KT cluster a (Flevolijn) en in het TB SAA is hetzelfde geluidscherm langs de spoorlijn bij Muiderberg opgenomen. Dit geluidscherm dient de geluidhinder van én de spoorlijn én de A6 bij Muiderberg te verminderen. De plaatsing van het scherm langs het spoor is het meest effectief en een gezamenlijk scherm is ook beduidend goedkoper dan twee schermen. Het projectbudget is derhalve opgehoogd met de bijdrage vanuit het wegenbudget ad € 2,6 mln. ten behoeve van het geluidscherm.

Amsterdam Cuypershal

Er is besloten tot gefaseerde aanleg. Restauratie Cuypersgebouw 2012 -2013; verplaatsen van de theatertrappen van de Middentunnel naar de Oosttunnel en verbreden Oosttunnel wordt in samenhang bezien met benodigde uitbreiding transfercapaciteit Oosttunnel in kader Programma Hoogfrequent Spoorvervoer. De planning is om medio 2013 met de uitvoering van de Oosttunnel te starten.

Fietsenstalling Amsterdam CS

Er worden drie stallingen gerealiseerd op het stationseiland. Deze stallingen worden gebouwd in een gebied met weinig ruimte, waar al vele projecten in uitvoering zijn. Er is daarom gestudeerd op diverse varianten om uiteindelijk één haalbare variant te kunnen vaststellen. In maart 2011 is de projectbeslissing genomen en is de voorkeursvariant vastgesteld. De noordwestelijke stalling zal als eerste (start in 2012/2013) gerealiseerd worden, zodra in opdracht van de gemeente Amsterdam een nieuwe fietspassage onder de sporen door is gerealiseerd. De grootste stalling (zuidwest met 7 000 plaatsen) zal gedeeltelijk onder de westelijke tramlus worden gebouwd (start 2014/2015). De stalling in het Postzakkengebouw (2000 plaatsen) zal tenslotte vanaf 2015 worden afgebouwd.

Regionet

Het projectbudget is verhoogd met € 0,7 mln. als bijdrage in de vervanging van de gelijkvloerse spoorwegovergang Aagtenpoort door een ongelijkvloerse kruising (maatregelen Beverwijk). Daarnaast is het projectbudget verlaagd met € 2,5 mln. als gevolg van het niet meer opnemen van gerealiseerde en formeel vastgestelde planstudieuitgaven.

Vleuten–Geldermalsen

Het projectbudget is verlaagd met € 31 mln. als gevolg van het verwerken van de aanbestedingsmeevaller 2011, behaald voordeel uit combinaties van werk en het inleveren van niet benodigd onvoorzien.

OV-terminal stationsgebied Utrecht

Verlaging van het programmabudget met € 10 mln. wordt veroorzaakt door het niet meer opnemen van gerealiseerde en formeel vastgestelde planstudieuitgaven.

Den Haag perronsporen 11/12

De stijging van de geraamde investeringskosten met € 7 mln. is het gevolg van gewijzigde uitgangspunten en nadere uitwerking. Zo kende in 2004 het voorlopig ontwerp, waar de initiële projectraming op was gebaseerd, geen raakvlakken met de realisatie van de definitieve aanlanding van RandstadRail. Ook was in het functioneel programma geen rekening gehouden met inkorting van perronsporen aan de halzijde.

NSP Rotterdam

Verlaging van het projectbudget met € 8 mln. wordt veroorzaakt door het niet meer opnemen van gerealiseerde en formeel vastgestelde planstudieuitgaven.

Rijswijk–Schiedam

De indienststelling van de 2-sporige tunnel is verschoven van 2014 naar 2015 als gevolg van vertraging in de voorbereidingsfase en optredende risico’s in het project. Het huidige beschikbare budget volstaat niet om deze risico’s te dekken. In 2012 worden afspraken gemaakt tussen de betrokken partijen over de financiële consequenties.

Traject Oost

Optimalisering van de planuitwerking heeft geleid tot € 2 mln. hogere planstudiekosten. Deze zijn gedekt uit het realisatiebudget Traject Oost.

Sporen in Arnhem

De wijziging in het projectbudget wordt veroorzaakt door een toename met € 34,5 mln. als gevolg van een tegenvallende aanbesteding op het hoofdcontract, meerwerk aannemers door tegenvallende conditionering, complexe stedelijke omgeving en risicomitigatie om geplande buitendienststellingen te halen en substantieel hogere vertragingskostente vermijden.

Arnhem Centraal t.b.v. NSP

Ter voorbereiding op de aanbesteding van de afbouw van het OV-terminalcomplex (fase 2 van het realisatieproject) is de business case herijkt en een analyse opgesteld van de kosten voor voorbereiding, engineering administratie en toezicht. Voor het sluitend maken van de businesscase is vanuit het Rijk een extra bijdrage van € 7,5 miljoen toegezegd. Verder is het projectbudget verlaagd met € 2,2 mln. veroorzaakt door het niet meer opnemen van gerealiseerde en formeel vastgestelde planstudieuitgaven.

Hanzelijn

Het projectbudget is verlaagd met € 47,6 mln. als gevolg van gerealiseerde aanbestedingsmeevallers.

Realisatieprogramma aanleg goederenvervoer

Nieuw opgenomen in het realisatieprogramma

Optimalisering Goederencorridor Rotterdam-Genua

Zevenaar

Voor het derde spoor tussen Zevenaar en grens is de noordelijke ligging als voorlopige voorkeursvariant vastgesteld door IenM in februari 2011. Aan de MER commissie is (vrijwillig) advies gevraagd en deze bevestigt dat de studies van najaar 2010 voldoende basis bieden voor de keuze.

ProRail werkt nu de detailengineering uit en het tracébesluit en de definitieve mer worden eind 2011 verwacht. Oplevering van het derde spoor is voorzien in 2017 en zal tegelijkertijd plaatsvinden met de ingebruikname van het derde spoor aan de Duitse kant van de grens.

De systeemwijziging naar ERTMS en 25 kV op de bestaande twee sporen vindt voor 2016 plaats. De keuze voor ERTMS is gevallen op level-1, vanwege beperking van kosten en risico’s. De nationale beveiliging ATB wordt verwijderd. Van de optie op PZB (onder ERTMS) wordt afgezien. Dit betekent dat na oplevering van ERTMS in 2014 alleen nog maar treinen met ERTMS boordapparatuur de grens bij Zevenaar kunnen passeren en dus voor die tijd de ICE treinstellen omgebouwd moeten zijn. Na verwijdering van de ATB kan de nieuwe 25 kV Voltage in 2015 aangebracht worden op de portalen.

Kijfhoek

Op de doorgaande sporen wordt een overlay van ERTMS level-1 aangelegd, die qua software versie overeenkomst met de huidige level-1 op de havenspoorlijn. De ATB blijft liggen op het gemengde spoor en maakt de noord-zuid bewegingen voor personentreinen onder ATB mogelijk. De goederentreinen rijden onder ERTMS en kunnen zonder transitie afslaan naar de Betuweroute. ERTMS is ook voorzien op het emplacement Kijfhoek zelf. De uitvoering ervan verdient nadere analyse om alle rangeer bewegingen mogelijk te maken. De in bedrijf name van ERTMS te Kijfhoek zal samenvallen met die te Zevenaar en is voorzien in 2014.

Spooraansluiting 2e Maasvlakte achterlandverbinding

In 2009 hebben ProRail en het Havenbedrijf Rotterdam de Integrale Verkenning Rotterdams Havengebied aangeboden aan het ministerie van IenM. Aanleiding voor de verkenning was de aanleg van de Tweede Maasvlakte. In het rapport staat beschreven welke maatregelen er getroffen moeten worden in en nabij het havengebied om de groeiende stroom goederen per spoor op een logistiek efficiënte en betrouwbare wijze te kunnen blijven aan- en afvoeren. De maatregelen omvatten zowel aanleg en aanpassingen van de spoorinfrastructuur als de verbetering van het gebruik ervan via zogenaamde procesverbeteringen. Horizon is 2020 met een doorkijk naar 2035.

De infrastructurele maatregelen betreffen de uitbreiding en/of herinrichting van de emplacementen Maasvlakte West (op de 1e Maasvlakte), Waalhaven Zuid (langs de Havenspoorlijn) en Kijfhoek (net buiten het havengebied), de nieuwbouw van het emplacement Maasvlakte Zuid (op de 2e Maasvlakte) en aanpassingen van een aantal kleinere emplacementen. De aanleg van emplacement Maasvlakte Zuid is voor rekening en risico van het Havenbedrijf Rotterdam conform de bestuurlijke overeenkomst in het kader van het Project Mainport Rotterdam.

De procesverbeteringen moeten ervoor zorgen dat de operationele capaciteit van de spoorinfrastructuur in het havengebied groeit én optimaal wordt benut zonder dat er (tot 2020) meer moet worden bijgebouwd dan staat beschreven in de verkenning waarin procesverbeteringen al zijn verdisconteerd. Dat is niet alleen sowieso financieel aantrekkelijk, maar ook noodzakelijk gegeven de beperkte fysieke ruimte in het havengebied. Voorbeelden: verkorting van de verblijftijd van treinen op emplacementen, verbetering van het openingsregime van de Calandbrug en spreiden van treinen over de dag (reductie piekfactor).

In 2011 is via de Aanvullende Post een bedrag van € 170 mln. beschikbaar gekomen voor dit project dat opgeteld met de reeds beschikbare € 43 mln. zorgt voor dekking van de in de Verkenning en in een nadere beschouwing van Maasvlakte West geraamde kosten. In 2011 wordt gestart met de planstudie voor emplacement Maasvlakte West en de realisatie van een aantal procesverbeteringen. Deze trajecten waren al in gang gezet uitgaande van de beschikbare € 43 mln.

Daarnaast is € 2.7 mln. overgeboekt naar artikel 13.02.05 in verband met het uitvoeren door Keyrail van een vijftal uitgewerkte procesmaatregelen in het Rotterdamse Havengebied

Overige toelichtingen

Elektrificatie emplacement Maasvlakte/passeerspoor Botlek

Het project is in dienstgesteld en de resterende werkzaamheden zijn overgeboekt naar de post Nazorg gereedgekomen projecten.

Sloelijn

De verlaging van het projectbudget met € 65 mln. wordt verklaard door het feit dat het project Sloelijn in dienst is gesteld. De resterende werkzaamheden zijn overgeboekt naar het project Nazorg gereedgekomen projecten. Het separaat beschikte onderdeel geluidmaatregelen maakt nog wel onderdeel uit van het realisatieprogramma.

Nazorg gereedgekomen projecten

Met ingang van deze begroting worden alleen de gerealiseerde uitgaven over het afgelopen jaar alsmede de geprognosticeerde uitgaven over het lopende en de komende jaren gepresenteerd. Daarnaast zijn ten opzichte van de vorige begroting de restwerkzaamheden van de projecten Sloelijn (onderdeel optimalisatie railontsluiting) en Elektrificatie emplacement Maasvlakte West ondergebracht bij deze post. Per saldo hebben bovenstaande aanpassingen geleid tot een ophoging van het projectbudget met € 6 mln.

In 2012 wil IenM de volgende mijlpalen realiseren:

Mijlpaal

Project

Oplevering

Hanzelijn (incl. stations Dronten en Kampen Zuid)

Groningen Europapark

Regionet (Station Halfweg, Station Almere Poort)

Vleuten-Geldermalsen div. onderdelen)

 

Start realisatie

Station Nijmegen Lent

OV SAAL KT cluster a (Flevolijn)

Versnelling emplacement Zwolle (PHS Sporendriehoek/Motie Koopmans

Uitbreiding emplacement Maasvlakte West

Herinrichting emplacement Waalhaven Zuid

Projectoverzicht behorende bij 13.03.01: Spoorwegen personenvervoer; realisatie

Bedragen in € mln incl. btw

Totaal MIRT

Budget

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

                       

Projecten nationaal

                       

Benutten

                       

BB21 (ontw. Bev21, VPT+,VPT2)

158

158

153

5

           

divers

divers

ERTMS-pilot A'dam–Utrecht en ERTMS expertisecentrum

47

   

5

19

23

       

2013

 

Geluidsanering Spoorwegen

417

415

18

2

7

4

17

44

56

269

divers

divers

Geluid (empl. en innovatieve ontwikkelingen)

7

7

7

0

               

Amsterdam–Utrecht–Maastricht/Heerlen

                       

Integrale spooruitbreiding Amsterdam–Utrecht

986

986

971

3

4

2

6

     

2006/07

2006/07

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer

                       

Vervanging Dieze brug Den Bosch

2

       

1

1

     

2014

 

Stations en stationsaanpassingen

                       

Kleine stations1

80

81

6

10

9

10

9

9

9

19

divers

divers

Overige projecten/lijndelen enz.

                       

Afdekking risico's spoorprogramma's

39

76

 

39

           

n.v.t.

n.v.t.

AKI-plan en veiligheidsknelpunten

366

365

289

12

23

17

17

8

   

divers

divers

Intensivering Spoor in steden (I)

245

244

173

10

10

10

10

10

10

11

divers

divers

Nazorg gereedgekomen lijnen/halten

24

55

2

5

5

5

5

2

   

divers

divers

Ontsnippering

82

84

3

8

14

12

14

12

13

6

divers

divers

Projecten Noordwest Nederland

                       

Amsterdam–Almere–Lelystad

                       

OV SAAL korte termijn

634

629

7

18

49

59

82

114

111

195

2016

2016

Stations en stationsaanpassingen

                       

Amsterdam CS spoor 10/15

77

77

72

0

 

2

2

2

   

2004/pm

2004/pm

Amsterdam Centraal Cuyperhal

37

37

 

5

13

11

6

2

1

 

2013/2015

2011

Fietsenstalling Amsterdam CS

34

34

1

1

2

3

7

8

8

4

2013/17

2009/15

Overige projecten/lijndelen enz.

                       

Regionet (inclusief verkeersmaatregelen Schiphol)

182

184

86

21

35

22

10

7

1

 

divers

divers

Projecten Utrecht

                       

Vleuten–Geldermalsen 4/6 sp. (incl. RSS)

963

992

431

55

64

66

74

66

63

144

2005 e.v.

2005 e.v.

Stations en stationsaanpassingen

                       

OV-terminal stationsgebied Utrecht (VINEX/NSP)

322

332

57

53

66

62

46

17

12

9

2016

2015

Overige projecten/lijndelen enz.

                       

Spoorwegovergang Soestdijkseweg te Bilthoven

29

29

5

12

12

         

2013

2013

Projecten Zuidvleugel

                       

Den Haag Centraal (t.b.v. NSP)

115

115

19

21

34

34

6

     

2014

2013

Den Haag CS: terugbouwen sporen 11/12

37

30

3

3

9

10

6

1

3

2

2013

2013

Rotterdam Centraal (t.b.v. NSP)

260

267

124

35

48

31

22

     

2013

2012

Overige projecten/lijndelen enz.

                       

Rijswijk–Schiedam incl. spoorcorridor Delft

453

452

187

76

48

42

24

43

18

16

2015

2014

Projecten Brabant

                       

Stations en stationsaanpassingen

                       

Breda Centraal (t.b.v. NSP)

59

59

19

3

9

13

10

5

1

 

2015

2014

Projecten Oost Nederland

                       

Utrecht–Arnhem–Zevenaar

                       

Arnhem Centraal (t.b.v. NSP)

106

101

51

18

21

13

4

     

2011/2013

2011/2014

Spoorzone Ede

41

41

2

     

19

13

8

 

n.v.t

n.v.t

Sporen in Arnhem

275

248

158

91

15

11

       

2011

2012

Traject Oost (perronverbredingen)

21

21

18

 

2

0

0

     

2006/

08/12

2006/

08/11

Traject Oost uitv. convenant DMB

205

206

 

1

11

38

33

40

36

46

div. tot 2019

div. tot 2019

Overige projecten/lijndelen enz.

                       

Hanzelijn

1 080

1 128

690

151

81

77

48

30

4

 

2012

2012

Projecten Noord Nederland

                       

Sporendriehoek Noord Nederland

170

   

12

21

16

32

45

29

15

div

div

Partiele spooruitbreiding spoor Groningen Leeuwarden

5

   

2

2

0

1

         

afronding

     

1

       

-1

     

Totaal categorie 0

7 557

 

3 551

677

631

593

509

477

383

736

   

Begroting (IF 13.03.01)

     

677

631

593

509

477

383

     
1

Ten laste van het programma is een beschikking afgegeven voor de stations Tilburg Reeshof, Almere Oostvaarders, Arnhem Zuid, Ypenburg Haaglanden, Helmond Brandevoort en Sassenheim en Groningen Europapark.

Projectoverzicht behorende bij 13.03.02: Spoorwegen goederenvervoer; realisatie

Bedragen in € mln

Totaal MIRT

Budget

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

                       

Projecten nationaal

                       

PAGE risico reductie

18

18

3

2

4

1

1

3

3

2

divers

2009/div.

Geluidspilot Goederenvervoer

6

6

5

0

           

2011

2010

Optimalisering Goederencorridor Rotterdam–Genua

127

   

1

20

35

32

10

15

15

2013 e.v.

 

Projecten Oost Nederland

                       

Uitv.progr Goederenroute Elst–Deventer–Twente (NaNov)

146

146

17

14

19

11

15

17

13

40

divers

2015

Projecten Zuidwestelijke delta

                       

Sloelijn/geluidmaatregelen Zeeuwselijn

18

83

9

0

1

4

3

1

   

2011/pm

2009/11

Overige projecten

                       

Kleine Projecten

4

3

3

1

           

divers

 

Nazorg gereedgekomen Lijnen-halten

9

3

0

2

2

2

2

1

1

 

divers

 

afronding

     

1

– 1

             

Totaal categorie 0

327

259

38

20

45

52

52

31

32

57

   

Begroting (IF 13.03.02)

     

20

45

52

52

31

32

     
13.04 Geintegreerde contractvormen/PPS

Motivering

De Staat betaalt voor de beschikbaarheid van de HSL-infrastructuur, zoals deze door het consortium Infraspeed is ontworpen, gebouwd (enkel de bovenbouw) en wordt onderhouden (onder- én bovenbouw), conform de contractuele overeenkomst tussen beide partijen.

Producten

Het kabinet heeft in januari 1999 ingestemd met het model voor privatisering van de HSL-Zuid. De publiekprivate samenwerking komt bij de onderdelen Infraprovider, vervoer en stations elk op afzonderlijke wijze tot stand. Eind 2001 zijn de contracten met de Infraprovider en de Vervoerder getekend. Vanaf augustus 2004 is de Infraprovider begonnen met het werk aan de bovenbouw. Voor de onderbouw geldt dat de HSL-zuid-onderdelen gefaseerd worden opgeleverd voor de start van de werkzaamheden van de Infraprovider. Op het zuidelijke deel was de eerste oplevering augustus 2004. De laatste oplevering in het noordelijke deel was december 2005.

De bovenbouw van het zuidelijk deel is opgeleverd in juli 2006 en het noordelijk deel in december 2006.

De komende periode (2011) is voor de volgende projecten een PPC in uitvoering of wordt een PPC gepland:

  • ProRail voert – onder regie van IenM – de PPC uit voor OV SAAL (traject Almere–Lelystad).

Projectoverzicht behorende bij 13.04.01: Geïntegreerde contractvormen spoor

 

Totaal MIRT

Budget in € mln

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

Reeks Infraprovider (IP): beschikbaarheidsvergoeding (13.04)

3 563

3 563

594

137

151

144

145

146

147

2 099

2007

2007

                         

Totaal categorie 0 (incl. reeks Infraprovider)

3 563

 

594

137

151

144

145

146

147

2 099

   

Begroting (IF 13.04)

     

137

151

144

145

146

147

     
13.05 Verkenningen en planstudies

Motivering

Het Rijk verkent en studeert op verbeteringen of uitbreiding van de vervoersmodaliteiten per spoor. Op dit artikelonderdeel worden uitgaven geraamd

  • Voor door ProRail uit te voeren planstudies en de voor de planstudieprojecten gereserveerde middelen.

  • Voor zelf uit te voeren studies.

Planstudie spoor personen

Voor de korte termijn gaat het om uitvoering van de maatregelen uit het actieplan Groei op het spoor; dit wordt afgerond. Voor de middellange termijn is uitvoering van het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer opgenomen in het Regeerakkoord Rutte-Verhagen, rekening houdend met de woon- en leefomgeving.

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer

Op 4 juni 2010 is een voorkeursbeslissing genomen over de invulling van PHS (zie brief met kenmerk IenM/DGMo-2010/5651). Het betreft een besluit over de 4 planstudies PHS, exclusief het genoemde deel voor Noord Nederland en OV SAAL.

Wat betreft de ambitie van spoorboekloos reizen in de brede Randstad is een zogeheten «maatwerk 6/6» variant de voorkeursbeslissing van het kabinet voor de PHS-corridors «Utrecht–Den Bosch», «Utrecht–Arnhem», «Den Haag–Rotterdam»:

  • Op de Zaanlijn 6 Intercity’s en 6 sprinters per uur.

  • Rond Utrecht 6 Intercity’s en 6 Sprinters per uur (6 sprinters Geldermalsen–Utrecht en 6 sprinters Breukelen–Driebergen/Zeist).

  • Op de corridor Den Haag–Rotterdam 8 Intercity’s (inclusief de HSA) en 6 Sprinters per uur.

  • Op de Brabantroute een 3e en 4e Intercity per uur. Om dit mogelijk te maken wordt het goederenvervoer dat nu nog door Brabant rijdt, grotendeels gerouteerd via de Betuweroute.

  • Er is gekozen voor spreiden van het spoorgoederen-vervoer over meerdere routes volgens de variant 2/2/2.

Het besluit behelst een maatregelpakket van in totaal ca. € 3 mld tot en met 2020; hiervan is de helft infrastructuur en de helft overige maatregelen (zoals overwegen, extra onderhoud in de periode tot en met 2020, emplacementen, transfer, fietsenstallingen, externe veiligheid). Uitvoering van maatregelen kan starten in 2012/2013. Bezien wordt of enkele PHS maatregelen versneld uitgevoerd kunnen worden in het kader van het programma Beter Benutten.

De uitwerkingsfase van PHS is in januari 2011 van start gegaan en het overleg met provincies en alle betrokken gemeenten is begin 2011 gestart. Bij deze uitwerkingsfase wordt naar aanleiding van het Kamerdebat en de aangenomen moties, ook een aantal nadere studies gedaan met het oog op het goederenvervoer om te komen tot een nog intensiever gebruik van de Betuweroute dan al is voorzien in de voorkeursbeslissing. Dit zal in overleg met de Kamer medio 2012 tot een besluit leiden t.a.v. de exacte routeringskeuzes in Oost Nederland.

Er wordt gestreefd om op zo snel mogelijk de eerste beschikkingen af te geven voor onderdelen van PHS, zoals fietsenstallingen en het Doorstroomstation Utrecht. Ten aanzien van PHS maatregelen die samenhangen met de goederenroutering in Oost Nederland of de aangenomen moties zullen voor de besluitvorming medio 2012 geen onomkeerbare stappen worden gezet.

Bij de verdere uitwerking zal de onderlinge samenhang van maatregelen en corridors en het houden van enige flexibiliteit van belang zijn. Er is daarom ook in deze fase voor gekozen het PHS budget nog niet verder onder te verdelen naar de betreffende corridors, deelprogramma’s e.d.

De Tweede Kamer wordt elk half jaar op de hoogte gehouden van de voortgang van PHS en OV SAAL.

In het regeerakkoord zijn taakstellingen afgesproken voor bovenwettelijke inpassing, aanpassing omgevingsrecht en toepassing PPS. Voor het project PHS betreft het een bedrag van € 194 mln. De intentie is dat deze taakstellingen op PHS worden gerealiseerd.

Voor de periode 2012–2020 is totaal € 4,1 mln. overgeboekt naar HXII omdat vanaf 2012 materiële- en personele uitgaven worden verantwoord op HXII.

Zuidas

De ruimtelijke ontwikkelingen in de corridor Haarlemmermeer–Almere en de Zuidas zelf versterken de toename van reizigers en verkeer. Door opening van de Utrechtboog, HSL-Zuid, Noord-Zuidlijn en Hanzelijn neemt het railverkeer toe. Uitbreiding van de railinfrastructuur op de Zuidas naar viersporigheid is nodig. In het project Zuidas wordt de uitbreiding van de railinfrastructuur gecombineerd met de uitbreiding van de weginfrastructuur (A10), de uitbreiding van het station Amsterdam Zuid tot een volwaardige OV-terminal en de stedelijke ontwikkeling van dit deel van Amsterdam. De doelstelling is het ondergronds brengen van bepaalde delen van de infrastructuur om bovengronds tot een kwalitatieve stedelijke ontwikkeling te komen. Omdat de viersporige railinfrastructuur op de corridor Schiphol–Lelystad op korte termijn noodzakelijk is, en er nog geen duidelijkheid bestaat over de haalbaarheid van de Zuidasambities ten aanzien van het ondergronds brengen van alle infrastructuur is besloten om de viersporigheid op de Zuidas bovengronds aan te laten leggen in het kader van het project OV SAAL korte termijn (cluster c). Het benodigde budget (€ 233 mln.) is daarom overgeheveld van Zuidas naar OV SAAL korte termijn.

De geplande bijdrage van vm Vrom ad € 135 mln. aan dit project is toegevoegd aan het Zuidasbudget (deel Station).

OV SAAL (Schiphol–Amsterdam–Almere–Lelystad)

Korte termijn

Het OTB voor OV SAAL KT cluster a betreft het tracé vanaf Weesp tot Lelystad. Dit betreft geluidsmaatregelen in Weesp, Muiderberg en Almere, keersporen in Almere Centrum en Oostvaarders en diverse kleinere maatregelen. Dit OTB is op 14 april 2011 gepubliceerd. Gestreefd wordt het Tracébesluit in oktober 2011 vast te stellen, dit met het oog op de ingebruikname van de Hanzelijn per december 2012. De investering betreft € 210 mln.

Deze investering is exclusief maatregelen «kort volgen». In het najaar is een spoorontwerp beschikbaar, inclusief een kostenraming van de benodigde maatregelen.

In het project GoeNoord is rekening gehouden met een bijdrage aan het project OV SAAL voor de geluidsmaatregelen in het kader van dit OTB. Een deel van de maatregelen – de kostenraming voor alle geluidsmaatregelen op het traject Weesp – Lelystad bedraagt in totaal € 135 mln. – is immers nodig om de effecten van de toename van het goederenverkeer in Weesp en het rijden met goederentreinen op de Flevolijn na de ingebruikname van de Hanzelijn te mitigeren. De bijdrage is € 20 mln.

In totaal is voor het project OV SAAL (exclusief overhevelingen uit andere projecten) een budget van € 1.5 mrd gereserveerd. Dit wordt deels ingezet voor de korte termijn (cluster C in realisatie en cluster A in planstudie)

OV SAAL middellange termijn

Voor de middellange termijn is besloten de invulling van het middellange termijn pakket eind 2012 te koppelen aan de uitwerking van alternatieven voor de lange termijn in het kader van RRAAM. Eind 2012 zal worden bezien welke van de twee varianten voor de middellange termijn (variant C of variant E») het beste aansluit bij het beeld voor de lange termijn.

Het hiervoor benodigde budget zal tot en met de besluitvorming eind 2012 gereserveerd blijven. Deze werkwijze sluit aan bij de gewenste planning om de maatregelen voor de middellange termijn in 2020 op te kunnen leveren.

In het regeerakkoord zijn taakstellingen afgesproken voor bovenwettelijke inpassing, aanpassing omgevingsrecht en toepassing PPS. Intentie is dat deze taakstellingen voor een bedrag van € 45 mln. op OV SAAL worden gerealiseerd.

Voor de periode 2012–2020 is totaal € 2,2 mln. overgeboekt naar HXII omdat vanaf 2012 materiële- en personele uitgaven worden verantwoord op HXII.

Quickscan decentraal Spoor Gelderland

Het projectbudget is opgehoogd met € 12 mln. naar aanleiding van de financiële bijdragen van de Stadsregio Arnhem–Nijmegen en de provincie Gelderland. Dit is conform de afspraken die zijn gemaakt in de BO’s MIRT in 2009 en 2010, waarbij is afgesproken dat de quick scan maatregelen decentraal spoor 50/50 gefinancierd worden door rijk en regio.

Grensoverschrijdend Spoorvervoer

Het projectbudget is verlaagd als gevolg van de overboeking naar HXII (BDU) ten behoeve van de pilot Heerlen–Bad Bentheim.

Planstudie spoor goederen

Nieuw opgenomen projecten

ERTMS Amsterdamse haven–Betuweroute en ERTMS Rotterdam–Antwerpen

Het internationale goederenverkeer per spoor ondervindt belemmeringen bij grensovergangen vanwege de specifieke technische systemen die de verschillende Europese lidstaten gebruiken. Om deze belemmeringen zo veel mogelijk op te heffen heeft de Europese Commissie technische specificaties voor interoperabiliteit (TSI) vastgesteld.

De verschillende Europese lidstaten hebben nationale plannen voor de tenuitvoerlegging van de TSI «besturing en seingeving» ingediend bij de Europese Commissie. Mede op basis daarvan heeft de Europese Commissie door middel van beschikking 2009/561/EG het Europees implementatieplan voor ERTMS vastgesteld. Hierin is beschreven welke goederencorridors uitgerust dienen te worden met ERTMS en welke havens, rangeerterreinen, goederenterminals en goederenzones door middel van ERTMS aangesloten dienen te worden op minstens één van deze corridors. In dat kader dient de Amsterdamse haven door middel van ERTMS verbonden te worden met de Betuweroute. Het daarvoor te volgen tracé loopt vanaf Amsterdam via Utrecht naar de aansluiting op de Betuweroute bij Meteren. De Rotterdamse haven dient door middel van ERTMS verbonden te worden met de Antwerpse haven.

Overige Toelichtingen

Goederenroute Rotterdam–Noord Nederland

In de voorgaande jaren zijn in het kader van diverse projecten de benodigde voorzieningen voor het goederenvervoer op de GoeNoord-route getroffen. Deze maatregelen zijn gefinancierd uit andere budgetten dan het GoeNoord budget. Thans zijn alleen nog benodigde

geluidsmaatregelen in Weesp en op de Flevolijn voorzien. Het hierbij behorende budget ad € 20 mln. is overgeheveld naar het project OV SAAL KT cluster a. Een zelfstandige planstudie voor GoeNoord is niet meer benodigd.

Van de resterende gelden is o.a. € 6 mln. ingezet ten behoeve van de in het regeerakkoord afgesproken taakstelling voor bovenwettelijke inpassing. aanpassing.omgevingsrecht en toepassing PPS.

Optimalisering Goederencorridor Rotterdam–Genua

De verlaging van het projectbudget wordt veroorzaakt door het opnemen in de realisatietabel van de projectonderdelen Rotterdam–Genua Kijfhoek fase 1 ERTMS L1 doorgaand spoor (21 mln.) en Rotterdam–Genua opheffen 1500V en ATB inclusief aanleg 3e-spoor (105 mln.) alsmede door het niet meer opnemen van gerealiseerde en formeel vastgestelde planstudieuitgaven (2 mln.).

Projectoverzicht bij 13.05.01 Spoorwegen personenvervoer; planstudie

Bedragen in € mln incl. btw

Budget

planning

 

Uitvoering

Projectomschrijving

Taakstellend

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Later

periode

CATEGORIE 1

                 

Projecten nationaal

                 

Programma Hoogfequent Spoorvervoer

2 841

 

tb1

         

vanaf 2012

Grensoverschrijdend Spoorvervoer

43

               

Kleine projecten

5

               

Projecten Noordwest Nederland

                 

A'dam Zuidas: deel station (tbv NSP)2

231

             

vanaf 2012

A'dam Zuidas WTC 4-sp + keersporen

95

 

tb

         

vanaf 2013

OV Schiphol-Amsterdam-Almere-Lelystad

989

tb3

             

Projecten Oost-Nederland

                 

Regionale Lijnen Gelderland

31

pb/uo4

pb/uo4

         

2011–2014

Traject Oost

8

               

Totaal categorie 1

                 

Begroting (IF 13.05.01)

 

57

74

172

272

372

499

   
1

Meerdere te nemen tb's vanaf 2012 en verder

2

inclusief bijdrage vm VROM ad € 135 mln

3

Tracedeel Flevolijn. Zie MIRT blad voor uitgebreide toelichting

4

Arnhem–Doetinchem en Barneveld Noord (2011) Zutphen–Winterswijk (2012)

Projectoverzicht bij 13.05.02 Spoorwegen goederenvervoer; planstudie

Bedragen in € mln incl. btw

Budget

planning

Uitvoeringsperiode

Projectomschrijving

Taakstellend

2011

2012

2013

2014

2015

2016

CATEGORIE 1

               

Projecten nationaal

               

Aslasten Cluster III

38

 

uo

       

Divers t/m 2016

Optimalisering Goederencorridor R'dam–Genua

28

 

uo1

       

2011–2012

Europese ERTMS Goederenverbindingen

               

ERTMS Amsterdamse haven–Betuweroute

3

           

2012

ERTMS Rotterdam–Antwerpen

3

           

2012

Projecten Oost-Nederland

               

Goederenroute Elst-Deventer–Twente (NaNOV)

5

             

Projecten Zuidwestelijke delta

               

Spooraansluiting 2e Maasvlakte achterlandverbinding

212

 

uo

         

Projecten Limburg

               

Goederenverbinding Antwerpen–Roergebied (IJzeren Rijn)1

pm

           

pm

Overige projecten

               

Kleine projecten/studies

5

             

 

               

Totaal categorie 1

               

Begroting (IF 13.05.02)

 

6

34

37

53

77

67

 

Legenda

uo uitvoeringsopdracht

1

een deel van het project is reeds in uitvoering en opgenomen in het realisatieprogramma

c. Kasschuif wegen, Reg./Lokaal

De ramingen op de projecten A1/6/9 Schiphol/A’dam-Almere, A10 Zuidas (Knopen) en Eindhoven-Helmond zijn later in de tijd nodig dan in de meerjarenbegroting is geraamd. Het gewijzigde kasritme kan hierdoor worden aangewend om de budgetten voor het programma Beter Benutten in de juiste kas jaren te krijgen. Deze gelden worden vanaf 2015 weer aan de oorspronkelijke projecten toegevoegd.

Omschrijving

2012

2013

2014

2015

2016

2017 e.v.

Totaal

a. Waterdomein

– 37 000

– 87 000

0

91 000

0

33 000

0

b. Versnelling Beter Benutten

74 461

100 493

69 837

57 170

0

– 301 961

0

c. Kasschuif wegen

   

– 69 837

– 199 124

0

268 961

0

c. Kaschuif Reg./Lokaal

– 37 461

– 13 493

 

50 954

   

0

TOTAAL

0

0

0

0

0

0

0

Artikel 14 Regionaal, lokale infrastructuur

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Op dit artikel worden de producten op het gebied van regionale/lokale infrastructuur, de impulsen inzake de Regionale Mobiliteitsfondsen en het Regiospecifiek Pakket Zuiderzeelijn (RSP-ZZL) toegelicht.

De producten van dit artikel zijn gerelateerd aan de beleidsdoelstellingen en beleidsinstrumenten zoals beschreven in de Begroting 2012 van Infrastructuur en Milieu (XII) bij beleidsartikelen 32 «Het bereiken van optimale veiligheid in of als gevolg van mobiliteit» en 34 «Sterke netwerken, voorspelbare reistijden en een goede bereikbaarheid».

Tabel budgettaire gevolgen van de uitvoering

Overzicht van de budgettaire gevolgen van uitvoering (x € 1 000)

14. Regionaal/lokale infra

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Verplichtingen

98 661

385 712

215 471

236 088

234 120

98 701

214 923

Uitgaven

266 337

311 857

329 348

268 298

329 946

169 543

248 602

14.01 Grote regionaal/lokale projecten

156 053

266 252

187 266

140 607

120 653

61 919

34 235

14.01.01 Verkenningen

             

14.01.02 Planst. Progr. Reg/lok

668

45 430

888

48 700

35 890

1 000

0

14.01.03 Realistieprogr reg/lok

155 385

220 822

186 377

91 907

84 763

60 919

34 235

14.02 Regionale Mob. Fondsen

50 576

25 959

41 291

30 257

12 749

   

14.03 RSP – ZZL: Pakket Bereikbaarheid

59 708

19 646

100 791

97 434

196 544

107 624

214 367

14.03.01 RSP – ZZL: RB projecten

7 885

19 612

31 182

28 591

127 644

38 801

136 392

14.03.02 RSP – ZZL: RB mob fondsen

51 823

0

51 968

51 968

51 968

51 968

59 043

14.03.03 RSP – ZZL: REP

0

34

17 641

16 875

16 932

16 855

18 932

Ontvangsten

             

14.09 Ontv. Reg./lokale infra

0

0

0

0

0

0

0

Budgetflexibiliteit

Deze tabel geeft voor het jaar 2012 per artikelonderdeel de programmamiddelen weer en maakt de mate van budgetflexibiliteit inzichtelijk door middel van vijf categorieën. De verhoudingen binnen de artikelonderdelen worden zowel procentueel als nominaal gepresenteerd.

Toelichting:

14.01 Grote regionale/lokale projecten.

Dit betreft bijdragen tbv grote regionale/lokale projecten waarvoor overeenkomsten met lagere overheden zijn afgesloten. Deze bedragen zijn grotendeels al juridisch verplicht.

14.02 Regionale Mobiliteitsfondsen

Dit betreft bijdragen aan regionale mobiliteitsfondsen waarvoor overeenkomsten met lagere overheden zijn afgesloten.

14.03 RSP-ZZL: Rijksbijdrage.

Voor de inzet van deze middelen is een convenant met het Noorden afgesloten en derhalve zijn deze middelen bestuurlijk gebonden, voor zover nog niet juridisch verplicht.

14.01 Grote regionale/lokale projecten

Motivering

Binnen dit artikel zijn de budgetten opgenomen voor de aanlegprojecten waarvoor een aparte projectsubsidie wordt of is verleend. Om in aanmerking te komen voor een aparte projectsubsidie moeten de kosten van de meest kosteneffectieve oplossing hoger zijn dan de grenswaarden in de BDU (respectievelijk € 112,5 mln. en € 225 mln.) en moet het project passen binnen de beleidsdoelstellingen voor regionale bereikbaarheid zoals verwoord onder de begroting 2012 van Infrastructuur en Milieu (XII) bij beleidsartikel 34.

Verkenningen

Producten

Voor regionale/lokale infrastructuurprojecten wordt geen apart verkenningenprogramma opgenomen in het MIRT. In de begroting zijn dan ook geen middelen voor dit product opgenomen. De verkenningen worden onder verantwoordelijkheid van de regionale overheid uitgevoerd en pas na toetsing al dan niet opgenomen in het planstudieprogramma.

Planstudieprogramma regionaal/lokaal

Van een project dat in de planstudietabel is opgenomen worden de kosten van de meest kosteneffectieve variant als basis voor de rijksbijdrage aangemerkt (onder aftrek van de eigen bijdrage van € 112,5 mln. resp. € 225 mln.).

Wijzigingen in het planstudieprogramma:

  • Rijngouwelijn West van planstudie naar realisatieprogramma.

Nieuw in het planstudieprogramma:

  • Tram Utrecht Centraal – de Uithof. Voor deze tram is door de minister een bijdrage van € 110 mln. gereserveerd. Er moet nog wel aan een aantal voorwaarden worden voldaan. De uitvoering loopt van 2012 t/m 2015.

Realisatieprogramma regionaal/lokaal

Hieronder vallen de uitgaven (subsidies) voor de realisatie van grote infrastructuurprojecten die door derden worden aangelegd.

Wijzigingen in het realisatieprogramma:

Tilburg Noordwesttangent wordt in 2011 opgeleverd i.p.v. 2010. Oorzaak is de latere oplevering van de kruising met het kanaal.

Projectoverzicht bij 14.01.02 Regionale/lokale infrastructuur; planstudie

Bedrag in € mln

Raming kosten

Budget

Planning

Uitvoering

Projectomschrijving

min.

max.

taakstellend

2011

2012

2013

2014

2015

2016

periode

CATEGORIE 1 (voor tracébesluit)

                   

Projecten Zuidvleugel

                   

Haaglanden/Den Haag, R'damsebaan (vh. Trekvliettracé)

 

450

228

pb

uo

       

2014–2018

A12/A20 Parallelstructuur Gouweknoop

   

109

pb

uo

       

2011–2015

RijnGouwelijn West

   

46

           

2012–2015

Projecten Utrecht

                   

Utrecht Tram CS–De Uithof

   

110

           

2013–2018

Projecten Brabant

                   

Eindhoven Helmond, voltooiing verkeersruit (T-str.)

 

815

259

pb

uo

       

2015–2018

                     

CATEGORIE 2

                   

Projecten Nationaal

                   

Projecten in voorbereiding

   

variabel

           

2010 ev

Legenda

Pb projectbesluit

Uo uitvoeringsopdracht

Projectoverzicht bij 14.01.03 Regionale/lokale infrastructuur; realisatie

 

Totaal

Budget in € mln

         

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

                       

Projecten Noordwest-Nederland

                       

Noord/Zuidlijn Noord-WTC1

1 173

1 168

799

93

44

37

85

61

34

20

2017

2017

N201

178

178

128

32

18

         

2012

2012

Projecten Zuidvleugel

                       

Rijn Gouwelijn Oost

151

149

0

72

42

31

     

6

2015

2015

Den Haag Internationale stad, Scheveningen Boulevard

6

11

2

4

           

2013

 

Randstadrail (incl. voorbereidingskosten

                       

en aanlanding)2

890

888

836

2

52

         

2006,

2010/13

2006,

2009/12

Beneluxmetro (excl. Bodemsanering)3

660

660

658

2

               

Projecten Brabant

                       

Tilburg Noordwesttangent

0

5

               

2012

2010

Projecten Oost-Nederland

                       

Nijmegen 2e stadsbrug

71

71

0

16

31

24

       

2013

2013

Totaal categorie 0

3 129

3 131

 2 423

222

186

92

85

61

34

26

   

Begroting (IF 14.01.03 )

     

222

186

92

85

61

34

     
1

Deels investeringsimpuls 1998

2

Mijlpaal 2013 betreft aanlanding metro Den Haag CS

3

Deels investeringsimpuls 1994

14.02 Regionale mobiliteitsfondsen

Motivering

Over heel Nederland worden verschillende Regionale Mobiliteitsfondsen (RMf) gebruikt. Deze fondsen zijn gevoed op basis van de volgende impulsen:

  • Bereikbaarheidsoffensief Randstad.

  • Amendement Dijsselbloem.

  • Amendement Van der Staaij.

  • Regionale bereikbaarheid (Kwartje van Kok).

  • Amendement Van Hijum.

  • Quick wins NWA eerste en tweede tranche.

  • Tunnel Sluiskil.

Rijksbijdrage

Producten

De rijksmiddelen in het kader van het Bereikbaarheidsoffensief Randstad (BOR; inclusief de terugsluisopbrengsten), de amendementen Dijsselbloem, Van der Staaij en Van Hijum, Regionale bereikbaarheid en Quick wins NWA zijn volledig uitgekeerd. In het kader van Tunnel Sluiskil worden ook in 2012 rijksmiddelen beschikbaar gesteld.

Tunnel Sluiskil

Op 18 mei 2009 is de bestuursovereenkomst inzake een tunnel bij Sluiskil getekend. In overleg met de provincie Zeeland is besloten om de IenM-bijdrage via het (her)opgerichte Regionaal Mobiliteitsfonds Zeeland te laten verlopen. Het totaal van € 135 mln komt beschikbaar in 2010–2014.

14.03 RSP Zuiderzeelijn, pakket Regionale Bereikbaarheid

Motivering

Betreft het RSP-convenant Rijk–regio (TK 2007–2008, 27 658, nr. 43)

Het pakket omvat een ruimtelijk-economisch programma (REP) en projecten ter verbetering van de regionale bereikbaarheid (concrete bereikbaarheidsprojecten en regionaal mobiliteitsfonds).

Producten

In totaal gaat het om vijf concrete bereikbaarheidsprojecten. De rijksbijdrage voor de A7 Zuidelijke Ringweg Groningen fase 2 is inclusief € 200 mln. uit het MIRT.

In 2009 is het Regionaal Mobiliteitsfonds Regiospecifiek Pakket (RMf RSP) opgericht voor Noord-Nederland. De instelling van het RMf RSP volgt uit het Convenant RSP Zuiderzeelijn d.d. 23 juni 2008. Het totale budget RMf RSP is € 970 miljoen3. Dit bestaat uit € 500 miljoen bijdrage van het rijk en € 470 miljoen bijdrage van de regio. Binnen het RMf RSP is € 100 miljoen gereserveerd als bijdrage aan de concrete projecten. Deze bijdrage vervalt, indien na realisatie van de concrete projecten is gebleken dat deze bijdrage niet nodig is. De inzet van middelen uit het RMf RSP is een decentrale verantwoordelijkheid. Het RMf RSP is beschikbaar voor projecten, die in principe kunnen worden gerealiseerd vóór 2020.

Binnen het REP wordt onderscheid gemaakt tussen een rijksdeel en een regionaal deel. Voor het rijksdeel, onder regie van EL&I, wordt € 150 mln. van de rijksbijdrage ingezet. In 2009 is dit deel van het budget overgeheveld naar de begroting van EL&I i.v.m. het ontbreken van een deugdelijke betaaltitel bij IenM. Voor het regionaal deel, onder regie van de regio, wordt € 250 mln. ingezet (€ 150 mln. Rijk + € 100 mln. regio).

De voorwaarden voor het RSP zijn beschreven in het op 23 juni 2008 ondertekende convenant Rijk-regio (TK 2008–2009, 31 700 A, nr. 19).

Over de voortgang wordt de Tweede Kamer jaarlijks geïnformeerd met een voortgangsrapportage (in het najaar).

Project overzicht Regiospecifiek Pakket Zuiderzeelijn
 

Totaal

Budget in € mln

Projectomschrijving

Kosten

Totaal rijk

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016–2020

Totaal regio1

Projecten Noord-Nederland

                   

14.03.01 Concrete bereikbaarheidsprojecten2 3

1 415

572

8

19

31

28

128

39

319

200

14.03.02 Regionaal Mobiliteitsfonds

 

524

52

0

52

52

52

52

264

370

14.03.03 Ruimtelijk economisch programma

 

162

0

0

18

17

17

17

93

100

Begroting (IF 14.03)

 

1 258

60

19

101

97

197

108

676

670

Overige afspraken

                   

LMCA Spoor: spoordriehoek4

 

166

           

166

 

Totaal rijksbijdrage Noord-Nederland

 

1 423

60

19

101

97

197

108

842

 
1

Bijdrage regio zijn op prijspeil 2007.

2

Het betreft de volgende projecten: A7 Zuidelijke Ringweg Groningen (ZRG) fase 2; Bereikbaarheid Leeuwarden; Bereikbaarheid Assen; N50 Ramspol–Ens en Openbaar vervoer/spoor. De totale rijksbijdrage is inclusief € 200 mln. uit het MIRT t.b.v de A7 ZRG fase 2.

3

Uit het regionaal mobiliteitsfonds wordt een bijdrage van € 100 mln. (prijspeil 2007) geleverd aan de concrete projecten. Deze bijdrage vervalt, indien na realisatie van de concrete projecten is gebleken dat deze bijdrage niet nodig is.

4

Betreft Pakket Noorden, hetgeen op artikel 13 is opgenomen.

Artikel 15 Hoofdvaarwegennet

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Op dit artikel worden de producten op het gebied van Rijksvaarwegen verantwoord. Dit betreffen de onderdelen verkeersmanagement, beheer en onderhoud, aanleg, verkenningen en planstudie en netwerkgebonden kosten. De doelstellingen van het onderliggende beleid zijn terug te vinden in de beleidsbegroting 2010 (XII) en vinden hun oorsprong in de Nota Mobiliteit (Kamerstukken II, 2004–2005, 29 644, nr. 6).

Het productartikel Hoofdvaarwegennet is gerelateerd aan de volgende beleidsartikelen:

  • Artikel 33: Veiligheid gericht op de beheersing van veiligheidsrisico’s;

  • Artikel 34: Betrouwbare netwerken, voorspelbare reistijden en een goede bereikbaarheid;

  • Artikel 35: Mainports en logistiek;

  • Artikel 36: Bewaken, waarborgen en verbeteren van kwaliteit leefomgeving, gegeven de toename van mobiliteit.

Tabel budgettaire gevolgen van de uitvoering

Overzicht budgettaire gevolgen van de uitvoering (x € 1 000)

15. Hoofdvaarwegennet

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Verplichtingen

963 376

988 805

1 015 926

834 447

747 294

576 511

582 201

Uitgaven

848 903

764 385

843 656

908 096

884 078

871 135

775 429

15.01 Verkeersmanagement

85 811

23 366

23 552

14 856

12 495

12 487

12 464

15.01.01 Basispakket Verkeersmanagement

84 762

23 366

23 552

14 856

12 495

12 487

12 464

15.01.02 Servicepakket Verkeersmanagement

1 049

 0

 0

 0

 0

 0

 0

15.02 Beheer en onderhoud

543 934

261 263

199 385

268 584

261 747

252 622

344 678

15.02.01 Basispakket B&O hoofdvaarwegen

374 741

202 584

125 947

195 439

191 791

181 625

254 204

15.02.02 Servicepakket B&O hoofdvaarwegen

29 250

22 783

23 176

23 130

23 143

23 157

23 172

15.02.04 Groot var. onderh.hoofdvaarwegen

139 943

35 896

50 262

50 015

46 813

47 840

67 302

15.03 Aanleg en planstudie na tracébesluit

211 124

210 988

343 610

346 248

272 298

201 043

40 446

15.03.01 Realisatieprogramma Hoofdvaarwegen

211 097

210 019

334 891

330 510

264 103

172 216

39 623

15.03.02 Planstudieprogramma na tracébesluit

 27

 969

8 719

15 738

8 195

28 827

 823

15.05 Verkenning en planstudie voor tracébesluit

8 034

8 549

21 287

30 171

104 736

180 681

155 642

15.05.01 Verkenningen

7 995

 0

 0

 0

 0

 0

 0

15.05.02 Planstudieprogramma voor tracébesluit

 39

8 549

21 287

30 171

104 736

180 681

155 642

15.06 Netwerkgebonden kosten HVWN

 0

260 219

255 822

248 237

232 802

224 302

222 199

15.06.01 Apparaatskosten RWS

 0

247 354

243 456

234 731

219 585

211 104

209 026

15.06.02 Overige netwerkgebonden kosten

 0

12 865

12 366

13 506

13 217

13 198

13 172

15.09 Ontvangsten

49 647

48 376

68 687

29 703

22 155

3 042

 0

Budgetflexibiliteit

Deze tabel geeft voor het jaar 2012 per artikelonderdeel de programmamiddelen weer en maakt de mate van budgetflexibiliteit inzichtelijk door middel van vijf categorieën. De verhoudingen binnen de artikelonderdelen worden zowel procentueel als nominaal gepresenteerd.

15.01 en 15.02 Verkeersmanagement en Beheer en Onderhoud

De voor beheer en onderhoud opgenomen bedragen zijn volledig beleidsmatig verplicht en betreffen in hoofdzaak het groot variabel onderhoud aan vaarwegen.

15.03 Aanleg en planstudie na tracébesluit

Het beschikbare begrotingsbedrag is grotendeels juridisch verplicht. Voor het overige deel is het budget bestuurlijk gebonden.

15.05 Verkenning en planstudie voor tracébesluit

Alle verkenningen en planstudies zijn beleidsmatig verplicht.

15.01 Verkeersmanagement

Motivering

De activiteiten binnen het basispakket verkeersmanagement worden uitgevoerd om een vlotter en veiliger scheepvaartverkeer op het hoofdvaarwegennet te realiseren.

Basispakket Verkeersmanagement Hoofdvaarwegen

Producten

Bij verkeersmanagement gaat het met name om de volgende activiteiten:

  • Verkeersbegeleiding, bediening van objecten en vaarwegmarkering.

  • Monitoring en informatieverstrekking.

  • Vergunningverlening en handhaving.

  • Crisisbeheersing en preventie.

In het goederenvervoer over water is een groei voorzien die deels met verkeersmanagement wordt gefaciliteerd. Daarnaast moet de betrouwbaarheid en reistijd op orde worden gebracht. Operationele beleidsdoelstellingen op het gebied van verkeersmanagement zijn:

  • Het zoveel mogelijk beperken van de gemiddelde structurele wachttijd bij sluizen in de hoofdvaarwegen;

  • Het afstemmen van de bediening van bruggen en sluizen op de vraag vanuit de markt.

De bediening van sluizen en beweegbare bruggen zal conform het vigerende Beheerplan Rijkswateren (2010–2015) worden uitgevoerd. Waar mogelijk en zinvol wordt samen met de andere overheden naar centrale bediening op vaarroutes overgeschakeld. Vanzelfsprekend wordt getracht de bediening zodanig in te richten dat wachttijden en stremmingen zo veel mogelijk worden beperkt. Een goede informatievoorziening hierover aan gebruikers is daarbij van groot belang. Met het toezicht op het water dat door RWS (o.a. samen met KLPD) wordt uitgevoerd, wordt beoogd de veiligheid voor de gebruikers te borgen. Dit toezicht heeft ook een preventieve werking. Met de inwerkingtreding van de nieuwe Binnenvaartwet komt er meer nadruk op bestuursrechtelijke handhaving door IenM te liggen (i.p.v. strafrechtelijke handhaving door de KLPD). In geval van calamiteiten, zoals schade en verontreinigingen, wordt hierover bericht en adequaat opgetreden. Hiervoor is een calamiteitenorganisatie operationeel.

Servicepakket Verkeersmanagement Hoofdvaarwegen

De invoering van AIS (Automatic Identification System) transponders maakt deel uit van de implementatie van River Information Services (RIS) in Nederland. De invoering van RIS vloeit voort uit de EU RIS richtlijn (2005/44).

Schepen uitgerust met AIS-transponders worden automatisch aangemeld bij en kunnen gevolgd worden door de bedien- en verkeerscentrales van RWS. Dit maakt het mogelijk om:

  • De veiligheid van het scheepvaartverkeer te verhogen.

  • De bestaande infrastructuur beter te benutten en daarmee de komende jaren de groei van het scheepvaartverkeer beter op te vangen.

  • Efficiencywinst te realiseren bij de verkeersposten en bedieningscentrales van RWS.

In november 2006 heeft de minister van VenW een convenant afgesloten met vier brancheorganisaties uit de binnenvaart. In dit convenant is afgesproken dat de Staat bereid is om, gedurende de periode van vrijwillige invoering, een deel van de kosten van de aanschaf en installatie van AIS aan boord van binnenvaartschepen voor haar rekening te nemen. De uitvoering van de regeling vindt plaats tussen eind 2009 en eind 2012

Meetbare gegevens basispakket verkeersmanagement

Specificatie areaal:

Omvang areaal

Areaalomschrijving

Eenheid

omvang 2010

2011

2012

Begeleide vaarweg in km

km

608

608

608

Bediende objecten in aantallen

aantal

214

214

214

Toelichting

Alleen de vaarweg die vanuit vaste verkeersposten wordt begeleid is in het hierboven opgenomen areaal meegeteld. De vaarwegen in beheer bij RWS die met patrouille vaartuigen worden bestreken, zijn niet meegerekend.

Indicatoren

Basispakket

Indicator

Eenheid

realisatie 2010

streefwaarde 2011

streefwaarde 2012

 

De passeertijd betreft de tijd die het kost voor schepen om sluizen en bruggen te passeren. Het IVS (Informatie en volgsysteem voor de Scheepvaart) registreert deze tijd. De norm voor de passeertijd betreft een vastgesteld aantal minuten per sluis of brug dat moet worden gerealiseerd. De eenheid wordt weergegeven als het % waarop de passeertijd wordt gerealiseerd

Hoofd-transportas

68%

80%

85%

           
   

Hoofd-vaarweg

81%

75%

75%

           
   

Overige vaarweg

88%

70%

70%

Toelichting

Bovenstaande indicatoren zijn gericht op de gebruiker en geven een indicatie van de passeertijden en dus ook over de wachttijden als gevolg van onderhoud. De norm voor de passeertijd wordt per object vastgesteld op basis van wachttijd en schuttijd. Gestreefd wordt naar een gemiddelde wachttijd van maximaal 30 minuten. Door het bij de sluizen aanwezige achterstallig onderhoud worden de prestaties t.a.v. de passeertijden bij de hoofdvaarwegen en de overige vaarwegen, de komende paar jaren vooralsnog negatief beïnvloed. Enerzijds door het frequenter optreden van storingen, anderzijds door de tijdelijke stremmingen die noodzakelijk zijn voor de werkzaamheden om deze achterstanden in te lopen. In de periode tot en met 2016 worden de bekende achterstanden weggewerkt en zullen de prestaties verbeteren. Daarnaast kan de passeertijd ook negatief beïnvloed worden door een capaciteitstekort van een sluizencomplex, zoals het geval is bij de sluizen op de Zeeuwse corridor. Via het aanlegprogramma wordt daaraan gewerkt met studies naar de capaciteit van de Volkeraksluizen en de sluis bij Terneuzen. Dit wordt ook zichtbaar als de realisatiecijfers 2010 worden gedifferentieerd naar corridors; Amsterdam-Rijnkanaal 86%, Rijn-Scheldeverbinding 66%, Westerschelde 58%.

15.02 Beheer en Onderhoud

Motivering

Beheer en onderhoud wordt uitgevoerd om het hoofdvaarwegennet in een staat te houden die noodzakelijk is voor het faciliteren van vlot, veilig, duurzaam en comfortabel vervoer van goederen.

Producten

In de begroting 2010 en 2011 is opgemerkt dat de kosten van beheer en onderhoud toenemen en dat de budgetten onder druk komen te staan. In het afgelopen jaar is deze spanning tussen ambities en budgettaire mogelijkheden in kaart gebracht en zijn oplossingsmogelijkheden verkend, dit mede op basis van de uitgevoerde audits op de netwerken. Dit heeft in deze begroting geresulteerd in een oplossing van de problematiek door een structurele verhoging van het budget, aanvullende efficiencymaatregelen en versoberingen van het onderhoudsniveau. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar bijlage 4.2.

Basispakket Beheer en Onderhoud Hoofdvaarwegen

Een voorwaarde voor het optimaal gebruiken van het vaarwegennet is de bedrijfszekerheid van de infrastructuur van de vaarwegen. Deze kan alleen worden gegarandeerd indien de infrastructuur preventief beheerd en onderhouden wordt. Daarnaast vindt correctief onderhoud plaats, waarbij de beheerder geconfronteerd kan worden met onverwacht functieverlies en de gebruiker ongewild minder service kan worden geboden (stremmingen, beperkingen). Zowel het preventief als het correctief onderhoud valt onder het basispakket.

De activiteiten zijn erop gericht om de scheepvaart (beroeps- en recreatievaart) zo goed als mogelijk te faciliteren. Het betreft maatregelen om de breedte en diepte van de vaarweg te handhaven. Daarnaast betreft het maatregelen om de kunstwerken (sluizen en bruggen) en verkeersvoorzieningen te laten functioneren. Om verkeersoverlast tot een minimum te beperken, worden de werkzaamheden goed afgestemd, zowel onderling als met werkzaamheden die voortkomen uit het aanlegprogramma alsmede met werkzaamheden vanuit hoofdwatersystemen.

Rijksrederij

De Rijksbrede Civiele Rijksrederij is een organisatie die nautische diensten levert aan andere overheden zoals LNV, Financiën (Douane), IenM en de Kustwacht. De Rijksrederij valt onder de verantwoordelijkheid van RWS. De kerntaken van de Rijksrederij zijn:

  • Het ter beschikking stellen van vaartuigen voor een bepaalde tijdsduur (al dan niet met nautische bemanning) met een door de opdrachtgever gespecificeerd dienstverleningsniveau.

  • Het leveren van kennisintensief advies aan overheidsinstellingen bij beheer, ontwerp en aanbesteding van vaartuigen.

  • Het leveren van kennisintensief advies op het gebied van eisen aan bemanningen, veiligheidsmanagement en scheepsuitrustingen.

Kustwacht

De Kustwacht Nederland is een organisatie met eigen taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden. De directeur Kustwacht maakt jaarlijks een Activiteitenplan en Begroting (APB) en legt dit voor aan de raad voor de kustwacht. De ministerraad stelt het APB vervolgens vast.

De directeur Kustwacht heeft onvoorwaardelijke zeggenschap over vier schepen die (vrijwel) full time kustwachttaken uitvoeren. Daarnaast heeft hij trekkingsrechten voor een aantal dagen per jaar op schepen van de Rijksrederij en schepen, vliegtuigen en helikopters van het ministerie van Defensie.

De minister van IenM is als coördinerend minister voor Noordzee aangelegenheden verantwoordelijk voor het proces van totstandkoming van geïntegreerd beleid en het activiteitenplan en begroting voor de Noordzee. De overzichtsconstructie Kustwacht nieuwe stijl is als bijlage aan deze begroting toegevoegd.

Servicepakket Beheer en Onderhoud Hoofdvaarwegen

Overdracht Brokx-Nat

De nog over te dragen vaarwegen in het kader van Brokx-nat zijn in beeld gebracht in een eindbalans op basis waarvan de Tweede Kamer in 2002 is geïnformeerd (Kamerstukken II, 2002–2003, 28 600 XII, nr. 17). Behoudens de Fries-Groningse kanalen resteren er nog slechts enkele kleinschalige verplichtingen die op dit artikel worden geboekt..

Fries-Groningse kanalen

De hieraan gerelateerde uitgaven hebben betrekking op de Rijksbijdrage aan de provincies Groningen en Friesland ten behoeve van het onderhoud van de Fries-Groningse kanalen. De Rijksbijdrage voor het onderhoud van de Fries-Groningse kanalen is vastgelegd in een convenant dat gesloten is met de provincies Friesland en Groningen. De kanalen zijn eigendom van deze provincies en zij zijn in de huidige situatie primair verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud. Voor het beheer en onderhoud ontvangen beide provincies jaarlijkse rijksbijdragen in de vorm van een specifieke uitkering. In december 2010 is de Tweede Kamer geïnformeerd (32 500 A, 39) over de stand van zaken van de nadere invulling van de op 1 juli 2010 aangenomen motie van de heer De Rouwe c.s. (32 723 A, nr. 125). In het BO MIRT 2011 zijn afspraken gemaakt over de actualisatie van de afspraken voor het Beheer en Onderhoud van de Fries Groningse kanalen. De afspraken betreffen de uitgangspunten en invulling van de overdracht van de taken die gerelateerd zijn aan de jaarlijkse rijksbijdragen. Deze afspraken worden nu uitgewerkt ten behoeve van de definitieve besluitvorming.

Groot variabel onderhoud hoofdvaarwegen

Het groot variabel onderhoud is opgebouwd uit twee onderdelen. Het eerste onderdeel betreft het Plan van Aanpak Beheer en Onderhoud (Impuls). Het tweede onderdeel betreft het groot variabel onderhoud uit NOMO achterstallig onderhoud vaarwegen.

Plan van Aanpak Beheer en onderhoud (impuls)

De ontwikkeling van de budgetten voor beheer en onderhoud heeft in het verleden geen gelijke tred gehouden met de kosten van beheer en onderhoud. Ongewild leidde dit tot een geleidelijke overgang van preventief naar correctief onderhoud, waarbij geprioriteerd is naar vaarwegklasse. In het hoofdlijnenakkoord is daarom bij de begroting 2004 besloten tot het geven van een impuls aan het Beheer en Onderhoud van Rijkswaterwegen in de periode tot en met 2010. Destijds is € 700 mln. beschikbaar gesteld om een deel van het achterstallig onderhoud op de belangrijkste hoofdtransportassen in te lopen, de zogenoemde Impuls. Voor een aantal projecten kent de uitvoeringsperiode een uitloop tot in 2012 en in een enkel geval tot in 2016.

Projecten (plan van aanpak Beheer en Onderhoud)

Projecten

Uitvoeringsperiode

Amsterdam Rijnkanaal baggeren en renoveren sluizen en oevers

2005–2011

Amsterdam–Lemmer/Ijsselmeer (1

2004–2012

Baggeren Ijssel

2008–2011

Vervanging vaartuigen

2006–2010

Kanaal Gent–Terneuzen, baggeren en oevers (2

2004–2010/2012

Maas: baggeren en kunstwerken

2004–2010/2012

Rotterdam–België/Zeeland: renovatie o.a. Volkeraksluizen en baggeren (3

2005–2012

Rotterdam–Duitsland: baggeren en oevers

2005–2009

Wrakkenberging

2009–2011

Natte bruggen (4

2004–2011/2016

Toelichting:

  • 1. De baggerwerkzaamheden aan het Zwolse Diep zijn in 2010 afgerond. Het Groot Onderhoud aan de Houtribsluizen is gecombineerd met de werkzaamheden die voor de periode ná 2010 aan de Houtribsluizen waren gepland. Dit deel van het project zal daarom naar verwachting in 2012 worden opgeleverd.

  • 2. Het baggerwerk is in 2009 opgeleverd. De civiele onderdelen zijn in 2010 opgeleverd. Het deelproject «Bewegingswerken West- en Middensluis» zal naar verwachting pas in 2012 worden opgeleverd. Om dit project met zo min mogelijk hinder voor de scheepvaart uit te voeren, bleek een langere uitvoeringsduur noodzakelijk.

  • 3. De baggerwerkzaamheden zijn in 2009 opgeleverd. De gecombineerde renovatie van de Volkeraksluizen en de Haringvlietsluizen is in 2011 afgerond.Diverse werkzaamheden aan de sluizen in Zeeland (o.a. Hansweert) moeten in combinatie met de Modernisering ObjectBedieningZeeland (MOBZ) worden uitgevoerd. De oplevering van het totale pakket aan maatregelen staat hierdoor nu voor 2012 gepland.

  • 4. De meeste bruggen zijn inmiddels opgeleverd. De Sint-Servaasbrug zal als gevolg van de vertraging door de tegenvallende aanbesteding naar verwachting pas in 2011 worden opgeleverd. De gecombineerde aanbesteding voor de bruggen over het Amsterdam-Rijnkanaal is in het najaar 2009 gestart. Uitvoering start zomer 2011 In overleg met gemeenten is een plan opgesteld om het gehele pakket aan bruggen over het Amsterdam-Rijnkanaal gefaseerd aan te pakken. Volledige oplevering zal in 2016 plaatsvinden.

Nota Mobiliteit achterstallig onderhoud vaarwegen (NOMO AOV)

In de aanloop naar de begroting 2009 is gewerkt aan een programma van onderhoudsactiviteiten ten behoeve van het inlopen van het achterstallig onderhoud aan de vaarwegen in de periode vanaf 2010 waarvoor in het kader van de Nota Mobiliteit ca. € 900 mln. is gereserveerd. Dit programma is opgebouwd uit de onderstaande projecten. Deze projecten vallen voor een deel onder de noemer Groot Variabel onderhoud. De middelen voor dat deel zijn dan ook ondergebracht onder artikel 15.02.04. De overige projecten worden geraamd en verantwoord onder het reguliere beheer en onderhoudsbudget (15.02.01). Met de in de begroting 2009 opgenomen versnelling zullen deze projecten al in 2016 zijn afgerond, conform de wens van Tweede Kamer en de sector. De voorbereiding en uitvoering van geplande projecten worden inmiddels voortvarend ter hand genomen. In onderstaande twee tabellen zijn de afzonderlijke projecten opgenomen en de periode van de verwachte uitvoering. Ook is de verdeling van de beschikbare NOMO-middelen voor achterstallig onderhoud vaarwegen per project indicatief aangegeven.

NOMO – Groot Variabel Onderhoud

Projecten

Uitvoeringsperiode

Indicatief budget (mln €)

Onderhoud damwanden en vaarwegen Zeeland 1

2009–2016

66

Oevers Amsterdam-Rijnkanaal (damwanden en meerplaatsen) 2

2011–2016

178

Renovatie Havenhoofdden IJmuiden 3

2009–2015

60

Totaal

 

304

Toelichting

  • 1. Enkele baggerwerkzaamheden (Westbuitenhaven, Krabbekreek) uit dit project zijn versneld opgepakt in het kader van de investeringsimpuls uit het Aanvullend Beleidsakkoord.

  • 2. Als gevolg van de beperkte uitvoeringscapaciteit van Rijkswaterstaat is de start van dit project vertraagd naar 2011. Oplevering is nog wel voor uiterlijk 2016 gepland.

  • 3. Reeds in 2009 is gestart met de uitvoering van diverse kleine renovatiemaatregelen aan de havenhoofden. Totale oplevering van de werkzaamheden t.b.v. het wegwerken van het achterstallig onderhoud is voor 2015 gepland.

NOMO – Overig achterstalling onderhoud

Projecten

Uitvoeringsperiode

 

Indicatief budget (mln €)

Achterstallig basisonderhoud diverse regio’s

2007–2016

 

144

Onderhoud oevers en bodems Brabantse kanalen

2009–2015

 

47

Onderhoud Oevers en bodems vaarwegen Zuid Holland

2007–2016

1

79

Renovatie kunstwerken Limburg en IJsselmeergebied

2007–2016

 

88

Onderhoud Oevers en bodems Maasroute

2008–2016

 

70

Aanpassing bodembescherming, sluizen en bruggen en overige kunstwerken i.v.m. hogere belasting Noord-Holland

2011–2016

1

50

Onderhoud vaargeulen NederRijn, IJssel, Twentekanalen/Meppelerdiep en Zwarte Water

2009–2016

2

77

Renovatie sluizen en in- en aflaatwerken Twentekanalen Delden/Hengelo en Spooldersluis

2009–2013

2

0

Renovatie stalen boogbruggen Utrecht

2011–2016

 

62

Totaal

   

617

Toelichting

  • 1. De werkzaamheden in Noord- en Zuid-Holland lopen door tot in 2016 om de verkeershinder voor de scheepvaart te beperken.

  • 2. Beide projecten in Oost-Nederland zijn samengevoegd tot één totaalproject «Onderhoud vaargeulen, oevers en sluizen Oost-Nederland».

Meetbare gegevens Beheer en onderhoud hoofdvaarwegen

In de kabinetsreactie op het IBO Beleid en Onderhoud (Kamerstukken 2006–2007, 30 800 XII, nr. 57) is toegezegd om extracomptabele informatie te verstrekken over de wijze waarop de middelen voor beheer en onderhoud worden aangewend. Ter invulling daarvan is hieronder een verdeling gegeven van de beheer- en onderhoudskosten over oevers, bodems, kunstwerken en verkeersvoorzieningen. Deze percentages zijn gebaseerd op het meerjarig gemiddeld benodigde budget: van jaar tot jaar kan het actueel uitgegeven percentage fluctueren.

Ten aanzien van beheer en onderhoud is er het volgende areaal:

Omvang Areaal
 

Areaal

Eenheid

Omvang 2012

B&O

Vaarwegen

km

7 609

Toelichting

Het areaal bestaat enerzijds uit de hoofdtransportassen, hoofdvaarwegen en overige vaarwegen die ten behoeve van de binnenvaart in beheer zijn bij RWS, die in totaal 3 730 km meten en anderzijds het aantal km zeevaartweg van in totaal 3 879 km.

Voor het jaar 2012 geldt de volgende indicator:

Indicatoren
 

Indicator

Norm

realisatie 2010

Streefwaarde 2011

streefwaarde 2012

B&O

De vaarbak dient conform de norm uit het vaarwegplan qua vaarwegdiepte en -breedte, op basis van de vaarwegmarkering op orde te zijn. De eenheid waarop dit wordt weergegeven is het % van de tijd dat de vaarbak op orde is.

Hoofd-transportas

96%

85%

90%

           
   

Hoofd-vaarweg

83%

70%

75%

           
   

Overige vaarweg

84%

70%

70%

Toelichting

Deze indicator geeft een beeld van achterstanden bij het beheer en onderhoud van de vaarwegen. In de afgelopen jaren zijn de gerealiseerde scores mede opgelopen als gevolg van het programma om de achterstanden in te lopen. Als eerste worden de achterstanden op de hoofdtransportassen weggewerkt. Dit programma is in 2010 grotendeels afgerond. Het programma tot en met 2016 is erop gericht ook de achterstanden op de hoofd- en overige vaarwegen weg te werken.

15.03 Aanleg en planstudie na tracébesluit

Motivering

Onder dit programma vallen alle activiteiten die noodzakelijk zijn voor de aanleg- en planstudie activiteiten bij het hoofdvaarwegen netwerk nadat het tracébesluit genomen is.

Realisatieprogramma hoofdvaarwegen

Producten

In 2012 wordt naar verwachting het project Walradar Noordzeekanaal opgeleverd

Naar verwachting start in 2012 de realisatie van de volgende projecten:

  • Verdieping vaarweg Harlingen–Kornwerderzand (Boontjes).

  • Vaarweg Meppel–Ramspol (keersluis Zwartsluis).

  • Wilhelminakanaal Tilburg.

  • De Zaan (Wilhelminasluis).

  • Capaciteit Julianasluis Gouda.

  • Verbreding Maasgeul.

De belangrijkste (budgettaire) aanpassingen betreft de volgende projecten:

  • Het taakstellend budget voor het project Maasroute-fase 2 is met € 40 mln. verhoogd vanuit het budget voor Groot Variabel Onderhoud. Dit in verband met het meenemen van enkele geplande onderhoudswerkzaamheden in het aanleg contract van de Maasroute.

  • Het project vaarweg Meppel–Ramspol (keersluis Zwartsluis) is overgegaan naar de realisatiefase. Hieraan gekoppeld is de overheveling van € 39,3 mln. vanuit de planstudieruimte (na tracébesluit).

  • Het project Bouw 4e sluiskolk Ternaaien is overgegaan naar de realisatiefase en de uitvoering zal onder verantwoordelijkheid van België en naar verwachting eind 2011 starten.

  • Voor de spoorbrug Zuidhorn is medio 2011 een realisatiebesluit genomen. Dit project is overgaan naar de realisatiefase en is toegevoegd aan het project Vaarweg Lemmer–Delfzijl fase 1. De uitvoering gebeurt onder verantwoordelijkheid van de provincie Groningen en zal naar verwachting eind 2011 starten.

  • Daarnaast zijn de projectbudgetten geschoond voor de AGB bijdragen in verband met de nieuwe bekostigingswijze van Rijkswaterstaat.

Ten opzichte van de begroting 2011 is bij enkele projecten sprake van mutaties. Deze zijn per project opgenomen en toegelicht in het MIRT-projectenboek (www.mirtprojectenboek.nl).

Planstudieprogramma na tracébesluit

De belangrijkste (budgettaire) aanpassingen betreft de volgende projecten:

  • Het project vaarweg Meppel–Ramspol (keersluis Zwartsluis) is overgegaan naar de realisatiefase. Hieraan gekoppeld is de overheveling van € 39,3 mln. vanuit de planstudieruimte (na tracébesluit).

  • Het project verbreding Maasgeul is in 2011 van de verkenningsfase overgegaan naar de planstudiefase.

Impuls infrastructuur vaarwegen

Quick-wins binnenhavens

Het oorspronkelijk beschikbare budget voor quick win maatregelen op het gebied van binnenhavens en vaarwegen is in het kader van de subsidietaakstelling van het kabinet verlaagd met € 9,7 mln. Het nog resterende budget zal worden ingezet voor een derde tranche die zich zal richten op een beperkt aantal infrastructurele projecten ten behoeve van het faciliteren van containervervoer over water. Deze tranche zal in 2012 tot besluitvorming leiden. De uitvoering van deze projecten is voorzien in de periode tussen 2013 en eind 2015.

Dynamisch verkeersmanagement

Uit de enveloppe Infrastructuur en (vaar)wegen is een bedrag van € 102 mln. (prijspeil 2010 en inclusief 17 mln. agentschapsbijdrage) beschikbaar gesteld voor maatregelen op het gebied van dynamisch verkeersmanagement op vaarwegen. De middelen worden met name ingezet om de verbindingen vanuit de Maasvlakte naar het achterland beter te benutten.

De maatregelen zijn opgebouwd langs 3 sporen:

  • spoor 1 bevat maatregelen gericht op het vernieuwen en verbeteren van de efficiency van de dienstverlening door de vaarwegbeheerders;

  • spoor 2 gaat over het stroomlijnen van de informatie tussen het publieke en private domein (één loket voor vervoer over water);

  • spoor 3 heeft betrekking op kennisopbouw om ervoor te zorgen dat de totale logistieke keten goed functioneert.

Projectoverzicht behorende bij 15.03.01: Realisatieprogramma Hoofdvaarwegen

 

Totaal

Budget in € mln

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

                       

Projecten Nationaal

                       

Quick Wins Binnenhavens

103

112

31

21

15

12

13

6

5

 

2011/ 2013

2011/ 2013

Impuls Dynamisch verkeersmanagement

87

102

1

15

35

36

       

2013

2013

Projecten Noordwest-Nederland

                       

Verbeteren vaargeul IJsselmeer Amsterdam–Lemmer

15

16

12

3

           

na 2011

na 2011

Walradar Noordzeekanaal

26

28

12

9

4

         

2012

2012

De Zaan (Wilhelminasluis)

13

13

10

     

3

     

2014

2014

Projecten Utrecht

                       

Lekkanaal, verbreding kanaalzijde en uitbreiding ligplaatsen

17

19

8

     

2

2

2

2

na 2013

2013

Projecten Zuidvleugel

                       

Capaciteit Julianasluis Gouda

0

3

               

2013

2013

Projecten Brabant

                       

Zuid-Willemsvaart; renovatie middendeel klasse II

55

59

50

0

4

         

2008

2008

Zuid-Willemsvaart; omleggen en opwaarderen (Maas–Veghel)

417

470

60

25

70

125

70

56

10

 

2015

2015

Wilhelminakanaal Tilburg

74

84

0

1

2

15

15

20

22

 

2016

2015

Zuid-Willemsvaart; vervanging sluizen 4, 5 en 6

78

83

52

1

25

         

2011

2011

Projecten Limburg

                       

Maasroute, modernisering fase 2

601

613

119

108

111

94

95

74

   

na 2012

na 2012

Bouw 4e sluiskolk Ternaaien

9

9

0

9

           

2015

 

Projecten Oost-Nederland

                       

Vaarweg Meppel–Rampspol (keersluis Zwartsluis)

51

 

1

1

7

14

14

14

1

0

2012–

2015

 

Projecten Noord-Nederland

                       

Vaarweg Lemmer–Delfzijl fase 1

247

205

145

7

23

27

41

0

0

3

2014

2013

Verruiming vaarweg Eemshaven–Noordzee

35

41

2

2

26

4

       

2013

2012

Overige projecten

                       

Walradarsystemen

36

46

11

4

9

3

10

0

   

divers

2013

Kleine projecten

64

93

63

0

1

         

nvt

nvt

Ligplaatsvoorzieningen

4

4

3

0

           

2007

2007

Subsidieprogramma ZeehavenInnovatieProject voor duurzaamheid (ZIP)

5

5

0

2

2

1

1

     

2011/14

 

Afronding

     

2

1

       

1

   

Totaal categorie 0

1 937

 

580

210

335

331

264

172

40

6

   

Begroting (IF 15.03.01)

     

210

335

331

264

172

40

     

Projectoverzicht behorende bij 15.03.02/15.05.02: Planstudieprogramma voor- en na tracébesluit/projectbesluit

Bedrag in € mln.

Raming kosten

Budget

Planning

Uitvoering

Projectomschrijving

min.

max.

taakstellend

2011

2012

2013

2014

2015

2016

periode

CATEGORIE 1 (na tracébesluit/projectbesluit)

                   

Projecten Limburg

                   

Maasroute, modernisering fase 2 (verbreding Julianakanaal (aanvulling III))

   

65

uo

         

2011–2017

Projecten Zuidvleugel

                   

Verbreding Maasgeul

   

3

           

2012–2013

Totaal categorie 1 na tracébesluit/projectbesluit (IF 15.03.02)

   

68

             

CATEGORIE 1 (voor tracébesluit/projectbesluit)

                   

Projecten Noordwest-Nederland

                   

Amsterdam-Rijnkanaal, verwijderen keersluis Zeeburg

   

14

uo

         

2012–2015

Lichteren Buitenhaven IJmuiden

   

63

 

pn/pb

uo

     

2013–2015

Vaarweg IJsselmeer–Meppel

   

35

           

2021–2023

Capaciteitsuitbreiding ligplaatsen Amsterdam–Lemmer

   

6

           

2021–2023

Zeetoegang IJmond

   

pm1

 

pn

       

t/m 2016

Projecten Utrecht

                   

Lekkanaal/3e kolk Beatrixsluis

   

177

   

tb

 

uo

 

2015–2020

Projecten Zuidvleugel

                   

Capaciteitsuitbreiding overnachtingsplaatsen Merwedes

   

28

   

pn/pb

uo

   

2015–2017

Uitbreiding ligplaatscapaciteit Beneden Lek

   

3

   

uo

     

2014–2015

Verkeerssituatie Splitsing Hollandsch Diep–Dordtsche Kil

   

9

           

2021–2023

Projecten Oost-Nederland

                   

Bovenloop IJssel (IJsselkop tot Zutphen)

   

36

           

2021–2023

Capaciteitsuitbreiding ligplaatsen IJssel

   

27

   

pb

uo

   

2014–2016

Toekomstvisie Waal

   

142

           

2006–2023

Verruiming Twentekanalen (fase 2) en capaciteitsuitbreiding sluis Eefde

   

95

 

pn/pb

uo

     

2014–2017

Projecten Noord-Nederland

                   

Vaarweg Lemmer–Delfzijl fase 2

   

pm2

           

2014–2023

Verdieping vaarweg Harlingen-Kornwerderzand (Boontjes)

   

5

 

pb/uo

       

2012–2013

Totaal categorie 1 voor tracébesluit/ projectbesluit (IF 15.05.02)

   

640

             

Totaal categorie 1

   

708

             
1

Het betreft een nog te realiseren DBFM-contract. De rijksbijdrage in het convenant is € 541,5 mln (prijspeil 2007). Het totaal aan bijdragen bedraagt maximaal € 800,5 mln (prijspeil 2007), inclusief regiobijdrage.

2

Het taakstellend budget voor dit project is afhankelijk van de nog uit te werken alternatieven door de provincies.

15.04 Geïntegreerde contractvormen

Motivering

Bij infrastructuurprojecten waarbij sprake is van publiek-private samenwerking bestaat de betaling uit een geïntegreerd bedrag voor aanleg, onderhoud én financiering gedurende een langdurige periode. De meest toegepaste vorm is Design, Build, Finance, Maintain (DBFM) waarbij de overheid betaalt voor een dienst (beschikbaarheid) in plaats van een product. Deze contractvorm garandeert een efficiënte en effectieve beschikbaarheid van de noodzakelijke capaciteit om, rekening houdend met de aspecten van veiligheid en leefomgeving, een betrouwbaar netwerk te realiseren.

Op dit moment zijn er nog geen geïntegreerde projecten op het hoofdvaarwegennet afgerond zodat er op dit moment nog geen uitgaven hoeven te worden verantwoord. De PPC-meerwaardetoetsen voor de projecten Zeetoegang IJmond, Sluis Limmel, Kanaal Gent Terneuzen en Twentekanalen 2e fase en capaciteitsuitbreiding sluis Eefde zijn inmiddels afgerond. De keuze voor de contractvorm zal binnenkort worden genomen.

Geplande PPC’s (2011–2012):

  • Lichteren Buitenhaven IJmuiden;

  • Toekomstvisie Waal.

15.05 Verkenning en planstudie voor tracébesluit/projectbesluit

Motivering

Onder dit programma vallen alle activiteiten die noodzakelijk zijn voor de verkenning- en planstudie activiteiten bij het hoofdvaarwegen netwerk voordat het tracébesluit genomen is.

Verkenningen

Producten

De verkenningen Verbreding Maasgeul en capaciteitsuitbreiding ligplaatsen Amsterdam-Rijnkanaal zijn in 2011 naar de planstudiefase gegaan.

Voor de verkenning Volkeraksluizen wordt in 2012 een voorkeursbeslissing verwacht.

De Vlaams-Nederlandse verkenning maritieme toegankelijkheid kanaalzone Gent-Terneuzen is afgerond. Eind 2011 wordt een Vlaams-Nederlands akkoord verwacht over de voorkeursvariant en de start van de planstudie.

Planstudieprogramma vóór tracé-/projectbesluit

Over de voortgang van het planstudieprogramma voor tracébesluit is het volgende te melden:

  • Het project bouw 4e sluiskolk Ternaaien (verantwoordelijkheid van België) is in 2011 naar de realisatiefase gegaan.

  • Het deelproject spoorbrug Zuidhorn (onderdeel Lemmer–Delfzijl fase 2) is in 2011 naar de realisatiefase gegaan.

  • Naar verwachting zal het project Amsterdam-Rijnkanaal, verwijderen keersluis Zeeburg eind 2011 naar de realisatiefase gaan.

  • Naar verwachting zal het project Verdieping vaarweg Harlingen–Kornwerderzand (Boontjes) eind 2011 naar de realisatiefase gaan.

  • In 2012 wordt een voorkeursbeslissing verwacht voor het project Twentekanalen (fase 2) en capaciteitsuitbreiding sluis Eefde.

  • In 2012 wordt naar verwachting de planstudie voor de Zeetoegang IJmond opgeleverd;

  • In 2012 wordt een projectbeslissing verwacht voor Lichteren Buitenhaven IJmuiden.

  • Voor het project Lekkanaal/3e kolk Beatrixsluis wordt eind 2011 een voorkeursbeslissing verwacht.

Vanwege de prioritering uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte wordt een aantal projecten vertraagd en wordt de oplevering verwacht in de periode 2021–2023. Het gaat dan om de projecten Bovenloop–IJssel, Vaarweg IJsselmeer–Meppel, ligplaatsen Amsterdam–Lemmer, Waal (overnachtingshaven Weurt) een deel van Lemmer–Delfzijl fase 2, ligplaatsen Lemmer–Delfzijl en de Verkeerssituatie Hollandsch Diep-Dortsche Kil.

Het projectoverzicht van de planstudies vóór tracébesluit is opgenomen onder 15.03.

Projectoverzicht behorende bij 15.05 Lopende verkenningen

A. Lopende verklenningen

Locatie

Probleem

Referentiekader

Gereed

Zuidwestelijke Delta

     

Capaciteit Volkeraksluizen

Capaciteit en toegankelijkheid

Nota Mobiliteit

2012

Capaciteitsuitbreiding ligplaatsen Rijn–Scheldeverbinding

Capaciteit en toegankelijkheid

Nota Mobiliteit

2010

Grensoverschrijdende verkenning Gent–Terneuzen

Capaciteit en toegankelijkheid

3e Memorandum van Overeenstemming Vlaanderen en Nederland

2010

Noord-Nederland

     

Capaciteitsuitbreiding ligplaatsen Lemmer–Delfzijl

Capaciteit en veiligheid

Nota Mobiliteit

2011

15.06 Apparaatskosten RWS

Motivering

Op dit artikelonderdeel worden de aan het netwerk te relateren apparaatskosten van Rijkswaterstaat en de overige netwerkgebonden kosten geraamd. Dit artikelonderdeel is in de Voorjaarsnota 2011 ingesteld als gevolg van de herstructurering van de bekostiging van Rijkswaterstaat per 1 januari 2011. De Tweede kamer is op 10 januari 2011 en 3 maart 2011 over de herstructurering van de bekostiging nader geïnformeerd (Kamerstukken II, 30 119 nrs. 4 en 5).

3. HSA / HRN en taakstelling efficiency spoorsector

Op onderstaande operationele doelstellingen zijn mutaties opgenomen ten behoeve van de oplossing van de HSA-problematiek en de invulling van de efficiency-taakstelling voor de spoorsector.

Voor een uitvoerige toelichting op deze problematiek wil ik graag verwijzen naar mijn brief van 18 november 2011 aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal (Kamerstukken II, 2011–2012, 22 026, nr. 343).

Artikel

Omschrijving

2012

2013

2014

2015

2016

2017 e.v.

Totaal

Uitgaven

               

13.02

Onderhoud en vervanging

– 2 914

– 42 874

– 39 259

– 113 259

– 113 259

– 1 177 762

– 1 489 327

13.03

Aanleg

0

0

0

0

0

0

0

13.05

Verkenningen en planstudies

0

0

– 60 000

– 24 000

– 34 000

– 148 000

– 266 000

14.01

Grote regionale/lokale projecten

– 41 000

– 59 000

0

0

0

100 000

0

 

TOTAAL UITGAVEN

– 43 914

– 101 874

– 99 259

– 137 259

– 147 259

– 1 225 762

– 1 755 327

Ontvangsten

             

13.09

Ontvangsten spoorwegen

– 31 145

– 114 105

– 126 490

– 164 490

– 164 490

– 1 363 607

– 1 964 327

19.09

Ten laste van begroting van IenM

– 12 769

12 231

27 231

27 231

17 231

137 845

209 000

 

TOTAAL ONTVANGSTEN

– 43 914

– 101 874

– 99 259

– 137 259

– 147 259

– 1 225 762

– 1 755 327

 

Saldo uitgaven/ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Artikel 16 Megaprojecten niet-Verkeer en vervoer

Omschrijving van de samenhang in het beleid

In deze begroting is een onderscheid gemaakt tussen de Megaprojecten Verkeer en Vervoer en niet-Verkeer en Vervoer. Onder het artikel Megaprojecten niet-Verkeer en Vervoer vallen:

  • Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PMR);

  • Ruimte voor de Rivier;

  • Maaswerken;

  • 2e Hoogwaterbeschermingsprogramma

Het projectartikel is gerelateerd aan Beleidsartikel 35 Mainports en logistiek en aan artikel 31 Integraal Waterbeleid.

Tabel budgettaire gevolgen van de uitvoering

Overzicht budgettaire gevolgen van beleid (x € 1 000)

16 Megaprojecten niet- Verkeeren Vervoer

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Verplichtingen

189 945

503 270

674 428

575 507

522 703

283 282

574 262

Uitgaven

194 395

637 488

861 154

838 270

765 747

747 013

593 586

16.01 Project Mainportontwikkeling R'dam

14 206

463 492

437 934

50 644

18 616

5 344

3 777

16.01.01 Planstudie PMR

             

16.01.02 Realisatieprogramma PMR

14 206

463 492

437 934

50 644

18 616

5 344

3 777

16.02 Ruimte voor de Rivier

146 604

112 865

154 610

292 036

341 925

349 884

191 854

16.03 Maaswerken

33 585

46 315

34 769

39 614

30 402

29 323

26 075

16.04 Netwerkgebonden kosten Mega niet VenV

0

14 816

18 324

18 626

18 093

16 274

12 961

16.04.01 Apparaatskosten RWS

0

14 816

18 324

18 626

18 093

16 274

12 961

16.04.02 Overige netwerkgebonden kosten

             

16.05 Hoogwaterbeschermingsprogramma 2

0

0

215 517

437 350

356 711

346 188

358 919

Ontvangsten

2 607

0

80 193

88 039

139 589

195 411

155 850

16.09.01 PMR

   

1 193

3 000

     

16.09.02 Ruimte voor de Rivier

2 512

   

6 689

11 239

17 561

 

16.09.03 Maaswerken

95

           

16.09.04 Ontvangsten HWBP-2

 

 

79 000

78 350

128 350

177 850

155 850

Budgetflexibilteit

Deze tabel geeft voor het jaar 2012 per artikelonderdeel de programmamiddelen weer en maakt de mate van budgetflexibiliteit inzichtelijk door middel van vijf categorieën. De verhoudingen binnen de artikelonderdelen worden zowel procentueel als nominaal gepresenteerd.

Toelichting:

16.01 PMR

Het aan de Landaanwinning verbonden product Natuurcompensatie is juridisch verplicht op het budget voor planschade/nadeelcompensatie na, welke bestuurlijk gebonden is. Ook de bijdragen aan de Groene verbinding en de landaanwinning zijn juridisch verplicht. De kosten voor de Uitvoeringsorganisatie zijn complementair noodzakelijk.

16.02 Ruimte voor de rivier

Het totale programmabudget bedraagt € 2,268 miljard. Binnen het programma Ruimte voor de Rivier worden bestuurlijke verplichtingen gedurende het programma omgezet in juridische verplichtingen. De juridische verplichting bestaat uit verplichtingen voor uitgaven met betrekking tot planstudies die naar aanleiding van goedgekeurde plannen van aanpak zijn verplicht aan de decentrale initiatiefnemers en Rijkswaterstaat, en uit verplichtingen voor uitgaven door decentrale realisatoren en Rijkswaterstaat met betrekking tot de realisatie van de maatregelen, als uitvloeisel van door de staatssecretaris en/of de minister genomen projectbeslissingen.

16.03 Maaswerken

Buiten het deel van de Maaswerken waarvoor juridische verplichtingen zijn aangegaan, zoals deelprojecten voor rivierverruiming en de kaden, zijn er bestuurlijke verplichtingen voor de uitwerkingsovereenkomsten met de regio en het consortium.

16.05 Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP-2)

Het totale programmabudget HWBP-2 bedraagt bijna € 3,2 miljard en is op grond van de Waterwet en vaststelling van de HWBP2 lijst met 92 maatregelen wettelijk noodzakelijk. Het HWBP2 is door de Tweede Kamer aangewezen als Groot Project. Naar verwachting zal eind 2011 een eerste basisrapportage aan de Kamer worden aangeboden. Er wordt qua werkwijze en rapportageverplichting aangesloten bij die van Ruimte voor de Rivier.

16.01 Project Mainportontwikkeling Rotterdam

Motivering

Het Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PMR) heeft een tweeledige doelstelling:

  • het versterken van de positie van de mainport Rotterdam en

  • het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving in Rijnmond.

In drie deelprojecten wordt deze dubbele doelstelling verwezenlijkt. Dat zijn «Bestaand Rotterdams Gebied (BRG)» (uitgevoerd door de gemeente Rotterdam), «750 hectare natuur- en recreatiegebied» (uitgevoerd door de provincie Zuid-Holland) en «Landaanwinning» (uitgevoerd door Havenbedrijf Rotterdam NV (HbR)). In samenhang met de Landaanwinning dient voldoende natuurcompensatie te worden gerealiseerd.

IenM beschouwt PMR als een bijdrageproject, waarbij de verantwoordelijkheid en risico’s voor de uitvoering bij andere partijen zijn neergelegd. Uitzondering vormt de natuurcompensatie waarvan RWS is belast met de uitvoering. EL&I en IenM zijn het aan te spreken vakdepartement voor respectievelijk de 750ha en het Bestaand Rotterdams Gebied (BRG). IenM is het vakdepartement voor de landaanwinning.

IenM is in het kader van de Procedureregeling Grote Projecten (Kamerstukken II, 2006–2007, 30 351, nr. 3) aangewezen als coördinerend projectministerie. Als zodanig is de minister van IenM verantwoordelijk voor de overall-projectbeheersing. De projectbeheersing is zodanig ingericht dat zij adequaat kan rapporteren over de processen die leiden tot de realisatie van de deelprojecten en sturing kan geven aan de uitvoering van het deelproject Natuurcompensatie dat rechtstreeks onder haar verantwoordelijkheid valt.

Producten

In 2006 heeft het Parlement de herstelde planologische kernbeslissing PMR vastgesteld en ingestemd met het Bestuursakkoord (juni 2004) en de Uitwerkingsovereenkomsten van de afzonderlijke deelprojecten (september 2005). De PKB PMR (deel 4: de definitieve tekst na parlementaire instemming) is uitgebracht (Staatscourant nr. 247, 2006).

De deelprojecten landaanwinning, natuurcompensatie en BRG zijn in uitvoering. Voor het deelproject 750 ha lopen de bestemmingsplan-procedures.

De volgende producten worden onderscheiden:

  • Landaanwinning: dit betreft de vaste bijdrage van de Rijksoverheid in de kosten van de aanleg van de buitencontour.

  • BTW: dit betreft de niet-compensabele BTW over de buitencontour naar rato van de overheidsbijdrage en over de kosten van de Natuurcompensatie.

  • Onvoorzien: deze post dient ter dekking van die projectposten, waarvoor bij de bepaling van het budget nog onvoldoende mogelijkheden waren om een 100%-raming op te stellen (bijvoorbeeld in het geval dat de ramingen nog niet voldoende hard kunnen worden gemaakt). Daarnaast kan een beroep worden gedaan op de post Onvoorzien, indien er sprake is van een volledig nieuwe situatie (zgn. Onvoorzien onvoorzien). De post onvoorzien heeft betrekking op alle risico’s waarvoor het Rijk verantwoordelijk is (met name natuurcompensatie).

  • Aan- en ontsluitende infrastructuur: vanuit het project PMR is bij Miljoenennota 2010 het budget van € 345 mln. overgeheveld naar het project A15 Maasvlakte-Vaanplein (artikel 12 Hoofdwegennet).

  • Uitvoeringsorganisatie: dit betreft de kosten die samenhangen met de coördinatie van het project en de projectbeheersing.

  • 750 ha Natuur- en recreatiegebied: dit betreft de vaste bijdrage van het Rijk voor de omvorming van agrarisch gebied naar natuurgebied met recreatief medegebruik en tot openluchtrecreatiegebied met natuurwaarden. De deelbijdrage van IenM is in 2006 volledig betaald aan de Stichting Nationaal Groenfonds.

  • Groene Verbinding: dit betreft de kosten voor een verbinding tussen Midden-IJsselmonde en het stedelijk gebied van Rotterdam-Zuid. Dit is een IenM-bijdrage.

  • Bestaand Rotterdams Gebied: dit bevat een serie projecten om het bestaande havengebied beter te benutten en de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren. Dit budget is bij eerste Suppletore wet 2007 (Wet van 14 september 2007, Stb. 359) overgeboekt naar voormalig VROM als eerstverantwoordelijk departement.

  • Natuurcompensatie: dit betreft de instelling van een Bodembeschermingsgebied, de aanleg van de Duincompensatie Delfland en het Monitorings- en Evaluatieprogramma. Voorts wordt uit dit budget de Stimuleringsregelingen recreatie & toerisme en visserij en de eventuele planschade/nadeelcompensatie gefinancierd.

  • 2009 Procedures met betrekking tot landaanwinning en natuurcompensatie afgerond.

  • 2010 Uitvoering Duincompensatie Delfland gereed.

  • 2011 Eerste terreinuitgifte Maasvlakte II.

  • 2011 Afronding procedure bestemmingsplanprocedures 750 ha.

  • 2012 Bestemmingsplannen 750 ha onherroepelijk.

  • 2013 Landaanwinning eerste fase gereed; eerste overslag.

  • 2021 Deelprojecten 750 ha natuur- en recreatieterrein en BRG afgerond.

  • Voor 2040 Terreinen Tweede Maasvlakte volledig uitgegeven.

Meetbare gegevens

Projectoverzicht bij 16.01.02 PMR; realisatie

 

Totaal

Budget in € mln

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

                       

Project Mainportontwikkeling Rotterdam

                       

Uitvoeringsorganisatie1

25

24

16

4

2

2

1

     

pm

pm

750 ha

30

30

30

             

2021

2021

Groene verbinding

31

31

23

8

           

2011

2011

Bestaand Rotterdams Gebied (BRG)

0

0

0

             

2021

2021

Landaanwinning

                   

 

 

Monitoringsporgramma

2

2

2

             

2007

2007

Natuurcompensatie2

113

112

67

12

6

5

6

5

4

8

pm

pm

Landaanwinning

735

721

16

363

356

         

2013

2013

BTW Buitencontour

137

134

0

69

68

         

2013

2013

Onvoorzien3

69

111

0

8

6

44

12

     

pm

pm

Totaal categorie 0

1 142

 

154

464

438

51

19

5

4

8

   

Begroting (IF 16.01.02)

     

464

438

51

19

5

4

     
1

Als gevolg van een uitspraak van de Raad van State van 26 januari 2005 inzake de PKB+ heeft in 2005 en 2006 een hersteltraject gelopen. De kosten hiervan zijn opgenomen onder de uitvoeringsorganisatie.

2

Invulling van deze noot is afhankelijk van de definitieve cijfers over natuurcompensatie.

3

€ 69,1 mln. is gereserveerd op de begroting van IenM. Het verschil tussen het vorig en het huidig budget (€ 42,9 mln. minus de prijscompensatie over 2011) is de aanspraak die bestond op het FES; met het leegboeken van het FES is deze aanspraak komen te vervallen.

16.02 Ruimte voor de Rivier

Motivering

In 2005 heeft het kabinet deel 1 van de PKB Ruimte voor de Rivier vastgesteld en samen met de milieueffectrapportage ter inzage gelegd. Na de inspraakronde (deel 2) heeft het kabinet op 22 december 2005 in deel 3 een definitief standpunt ingenomen (PKB, Kamerstukken II, 2004–2006, 30 080, nrs. 16). In de zomer 2006 en december 2006 hebben de Tweede Kamer en Eerste Kamer de PKB unaniem aanvaard.

Met de PKB (deel 4) wil het kabinet twee doelstellingen bereiken:

  • 1. Het op het vereiste niveau brengen van de bescherming van het rivierengebied tegen overstromingen. Dit houdt in dat de veiligheid langs de Rijntakken en het benedenstroomse deel van de bedijkte Maas (vanaf Hedikhuizen) uiterlijk in 2015 in overeenstemming moet worden gebracht met de wettelijke vereiste norm.

  • 2. Een bijdrage leveren aan het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit van het rivierengebied. Daarmee wordt het rivierengebied economisch, ecologisch en landschappelijk versterkt.

Producten

De PKB deel 4 bevat een besluit over het uiterlijk eind 2015 uit te voeren basispakket van 39 maatregelen én de plaats waar ze getroffen moeten worden. In de PKB wordt bovendien een doorkijk gegeven naar de lange termijnopgave voor waterveiligheid. Om flexibiliteit in te bouwen is gekozen voor een programmatische aanpak. Het programmabudget bedraagt € 2,3 miljard. Conform de Regeling Grote Projecten ontvangt de Tweede Kamer ieder half jaar een voortgangsrapportrage: vóór 1 april 2012 VGR 19 en voor 1 oktober 2012 VGR 20. Voor de actuele stand van zaken wordt verwezen naar de laatste voortgangsrapportage.

De stand van zaken per 31 december 2012 is naar verwachting:

  • 5 van de 39 maatregelen zijn geschrapt: voor het bereiken van de waterveiligheidsdoelstelling bleken ze niet nodig;

  • Voor alle 34 maatregelen is de projectbeslissing genomen;

  • Alle 34 maatregelen zijn in uitvoering danwel worden uitgevoerd.

Ruimte voor de Rivier is onderdeel van het Deltaprogramma met behoud van eigen besturing, organisatie en financiering.

Belangrijkste budgettaire wijzigingen op dit project zijn de volgende:

  • In het kader van de kabinetstaakstelling met betrekking tot bovenwettelijke inpassing wordt het taakstellend budget met € 8 mln. verlaagd.

  • In het kader van de kabinetstaakstelling vereenvoudiging omgevingsrecht wordt het taakstellend budget met € 2,7 mln. verlaagd.

  • Het taakstellend budget wordt verlaagd met € 64 mln. als gevolg van een bijstelling van de verwachtte EU subsidiebijdrage.

  • Vanuit het Verbeterprogramma Waterkwaliteit Rijkswateren zijn de KRW-maatregelen Lent (€ 5 mln.), Nederrijn (€ 2,5 mln.) en Hengforderwaarden (€ 0,5 mln.) overgeheveld naar het project Ruimte voor de Rivier, vanwege de synergie tussen de waterveiligheid- en waterkwaliteitmaatregelen.

  • Daarnaast zijn de projectbudgetten geschoond voor de AGB bijdragen in verband met de nieuwe bekostigingswijze van Rijkswaterstaat. Deze bijdragen maken nu onderdeel uit van art. 16.04.01.

Ruimte voor de Rivier

Meetbare gegevens

Het vereiste veiligheidsniveau in het rivierengebied rond de Rijntakken moet uiterlijk in 2015 in overeenstemming zijn gebracht met een maatgevende afvoer van 16 000 m3/s bij Lobith. Alleen de 3 projectenmaatregelen hoogwatergeul Veessen-Wapenveld, dijkteruglegging Lent en dijkverleggingen Cortenoever en Voorsterklei zullen pas na 2015 gereed zijn omdat in deze gebieden relatief veel mensen wonen die moeten wijken. Dat vergt een zorgvuldige aanpak en kost tijd. Deze 3 projecten volgen snel na 2015.

Projectoverzicht bij 16.02 Ruimte voor de Rivier; realisatie

 

Totaal

Budget in € mln

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

       

Projecten Nationaal

                       

Projectbudget

2 158

2 335

530

113

155

292

342

350

192

185

2015

2015

Totaal categorie 0

2 158

 

530

113

155

292

342

350

192

185

   

Begroting (IF 16.02)

     

113

155

292

342

350

192

     
16.03 Maaswerken

Motivering

Op dit onderdeel worden de uitgaven van de deelprojecten Zandmaas en Grensmaas van het project Maaswerken verantwoord. Na de twee hoogwaters in de Rijn en de Maas, in december 1993 en januari 1995, is het Deltaplan Grote Rivieren tot stand gekomen. Voor de bestrijding van de wateroverlast langs de Maas is de Maaswerken opgestart. Belangrijkste doelstelling van de onderdelen Zandmaas en Grensmaas is het verbeteren van de bescherming van inwoners van Limburg en Noord-Brabant tegen hoog water van de Maas. Binnen de Maaswerken wordt ook uitvoering gegeven aan het project Maasroute. De Maasroute draagt bij aan een verbeterde bevaarbaarheid tussen Ternaaien en het Maas-Waalkanaal.

Producten

Het project Zandmaas kent de volgende doelstellingen:

  • Hoogwaterbescherming, op zodanige wijze dat de bevolking achter de kaden van de Zandmaas (die aangelegd zijn in het kader van het Deltaplan Grote Rivieren) een beschermingsniveau van 1:250 jaar in 2015 wordt geboden.

  • Het in de periode tot 2015 realiseren van beperkte natuurontwikkeling in de Zandmaas.

Het project Grensmaas kent de volgende doelstellingen:

  • Het door rivierverruiming verlagen van de hoogwaterstanden in de Maas met als maatstaf dat uiterlijk in 2017 de gebieden, die door de op basis van de Deltawet Grote Rivieren aangelegde kades zijn beschermd, een beschermingsniveau van 1:250 hebben.

  • Het tot ontwikkeling brengen van tenminste 1 000 ha natuur binnen het Grensmaasgebied in de periode tot 2018. Dit gekoppeld aan het ecologisch herstel van de rivier zoals vastgelegd in de intentieverklaring voor het Maasdal in Limburg van 26 november 1992.

  • Het winnen van tenminste 35 mln. ton grind voor de nationale behoefte.

Daarnaast wordt binnen de projecten Zandmaas en Grensmaas het maatregelenpakket van de prioritaire sluitstukkaden uitgevoerd. Deze moeten uiterlijk in het jaar 2020 gerealiseerd zijn. In de voortgangsrapportages over de Zandmaas en de Grensmaas is de Tweede Kamer hierover geinformeerd.

Voor de Zandmaas (oplevering 2015) ligt de focus in 2012 op continuering van de zomerbedverdieping Grave en Sambeek en tevens het opzetten van het peil, de aanleg van de hoogwatergeulen in Well Aijen en Lomm en het retentiegebied Lateraalkanaal-West. Voor de Grensmaas ligt de nadruk op rivierkundige maatregelen. Met de uitvoering van van de projecten Zandmaas en Grensmaas zou oorspronkelijk een hoogwaterbeschermingsniveau van een waterstand met een overschrijdingskans van 1/250e gerealiseerd moeten worden. Voortschrijdend inzicht heeft opgeleverd dat naast de projecten Zandmaas en Grensmaas aanvullende maatregelen nodig zijn om het beschermingsniveau van 1/250e per jaar te bereiken.

Verder zijn bij de uitvoering van het Grensmaasproject problemen ontstaan. Door de economische crisis is de vraag naar zand en grind afgenomen. Er vindt overleg plaats tussen Rijk, regio en het Consortium Grensmaas om tot een gezamenlijke oplossing te komen.

In het bestuurlijk overleg MIRT hebben Rijk en regio afgesproken het waterveiligheidsvraagstuk in het Maasdal integraal te benaderen. Dat geldt voor de aanpak van het grensmaasdossier als voor de aanvullende werkzaamheden die nodigh zijn om een wettelijk beschemringsniveau van 1/250 te bereiken (zie kamerstuk TK 18 106, nr. 204).

Conform de procedureregeling uitvoering grote projecten ontvangt de Tweede Kamer ieder jaar twee voortgangsrapportages Maaswerken is onderdeel van het Deltaprogramma met behoud van eigen besturing, organisatie en financiering.

Belangrijkste budgettaire wijzigingen op dit project zijn de volgende:

  • Ten behoeve van de uitvoering van het project Well- Aijen wordt € 15 mln. overgeheveld naar EL&I.

  • Daarnaast zijn de projectbudgetten geschoond voor de agentschapbijdragen in verband met de nieuwe bekostigingswijze van Rijkswaterstaat. Deze bijdragen maken nu onderdeel uit van artikel 16.04.01

Meetbare gegevens

Indicator

Zandmaas

Grensmaas

Hoogwaterbeschermingsprogramma1

70% in 2008/100% in 2015

100% in 2017

Natuurontwikkeling

556 ha (plus 60 ha compensatie)

ten minste 1 000 ha

Delfstoffen

ten minste 35 mln. ton

1

De hoogwaterdoelstellingen vergen aanvullende maatregelen naast de uitvoering van de Zandmaas en de Grensmaas.

Projectoverzicht bij 16.03 Maaswerken; realisatie

 

Totaal

Budget in € mln

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

       

Projecten Nationaal

                       

Zandmaas

397

539

198

37

32

37

27

26

23

17

2017/20201

2017

Grensmaas

72

140

24

9

3

3

3

3

3

25

2022

2022

Totaal categorie 0

469

 

222

46

35

40

30

29

26

42

   

Begroting (IF 16.03)

     

46

35

40

30

29

26

     
1

2020 betreft de oplevering van de sluitstukkades.

16.04 Netwerkgebonden kosten Mega niet Vervoer en Verkeer

Motivering

Op dit artikel worden alle apparaatskosten van Rijkswaterstaat geraamd en verantwoord die direct gerelateerd zijn aan de werkzaamheden binnen Artikel 16 Megaprojecten niet-Verkeer en Vervoer.

16.05 Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP-2)

Motivering

Onder dit programma vallen de verbetermaatregelen die zijn voortgekomen uit de periodieke toetsing conform de Waterwet. Uit de resultaten van de eerste (2001) en tweede (2006) toetsing op veiligheid van de primaire waterkeringen blijkt dat een deel van deze keringen niet voldoet aan de wettelijke norm (Kamerstuk II, 2007–2008, 27 625 en 18 106, nr. 103). Vanuit het 2e Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP2) worden subsidies verstrekt aan de waterschappen ten behoeve van de uitvoering van de vereiste verbetermaatregelen.

In juli 2010 heeft de toenmalige Minister van Verkeer en Waterstaat de Kamer geïnformeerd over de evaluatie en de voortgang van het HWBP (Kamerstuk 27 625, nr. 167).

In het kader van doelmatig waterbeheer leveren de waterschappen met ingang van 2011 jaarlijks een financiële bijdragen aan het Hoogwaterbeschermingsprogramma.

De procedureregeling grote projecten is op 22 maart 2011 op het HWBP2 van toepassing verklaard. Op basis van de uitgangspuntennotitie van de Kamer wordt een basisrapportage opgesteld.

Producten

Het HWBP-2 bestaat uit 92 versterkingsprojecten, inclusief de Zwakke Schakels.

Conform de Regeling Grote Projecten ontvangt de Tweede Kamer ieder half jaar een voortgangsrapportrage: vóór 1 april 2012 en voor 1 oktober 2012.

Het HWBP2 is onderdeel van het Deltaprogramma met behoud van eigen besturing, organisatie en financiering.

Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma

Meetbare gegevens

Het HWBP-2 bestaat uit 92 projecten. Eind 2010 voldeden 42 projecten aan de norm. Streven is conform brief 2 juli 2010 dat het programma eind 2017 gereed is. In de basisrapportage van het HWBP2 (Groot Project) zal de laatste actuele stand van zaken m.b.t. de planning van de projecten opgenomen worden.

Projectoverzicht bij 16.05 Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma; realisatie

 

Totaal

Budget in € mln

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

       

Projecten Nationaal

                       

Project HWBP-2

                   

2017

 

HWBP-2 Waterschapsprojecten

3 071

 

519

118

206

423

341

333

353

776

   

HWBP-2 Rijksprojecten

72

   

2

4

8

10

9

3

37

   

Overige projectkosten

43

 

5

4

6

6

6

4

4

11

   

Totaal categorie 0

3 187

2 811

524

124

216

437

357

346

359

824

   

Begroting (IF 11.03)

   

524

124

               

Begroting (IF 16.05)

       

216

437

357

346

359

     
16.09 Ontvangsten Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP-2)

Motivering

Met het sluiten van het Bestuursakkoord Water dragen de waterschappen conform de spoedwet vanaf 2011 € 81 miljoen per jaar bij aan het HWBP-2. Deze bijdrage van de waterschappen wordt conform het regeerakkoord aangevuld tot 131 miljoen euro in 2014 en vanaf 2015 181 miljoen euro per jaar. De middelen van de waterschappen kunnen worden ingezet voor zowel de maatregelen van HWBP-2 (artikel 16) als een volgend HWBP (artikel 11) voor zover het waterschapsprojecten betreft. De bijdragen aan het Bestuursakkoord Water van de waterschappen worden om deze reden deels op artikel 16.09 en deels op artikel 11.09 ontvangsten Hoofdwatersystemen verantwoord.

bedragen x € 1 000,–

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Ontvangsten Waterschappen HWBP-2 (art 16.09)

81 000

79 000

78 350

128 350

177 850

155 850

Ontvangsten Waterschappen HWBP-3 (art 11.09)

0

2 000

2 650

2 650

3 150

25 150

totaal

81 000

81 000

81 000

131 000

181 000

181 000

4. Overboeking Gemeentefonds

Het Rijk draagt met deze bijdrage aan het Gemeentefonds bij aan het behoud van het karakteristieke landschap van Midden Delfland. De bijdrage is bestemd voor de z.g. IODS kwaliteitsprojecten (Integrale Ontwikkeling Delf-Schiedam) «Sanering verspreid liggende glastuinbouw» en «Groen ondernemen, een nieuwe landbouw» (onderdeel «Grondinstrument»).

Deze bijdrage wordt verstrekt in vervolg op de gemaakte afspraken in de Bestuurlijke Overeenkomst IODS van 2 september 2010, die tot stand is gekomen in relatie met het tracébesluit van de A4 tussen Delft en Schiedam.

Artikel 17 Megaprojecten verkeer en vervoer

Omschrijving van de samenhang in het beleid

In deze begroting is een onderscheid gemaakt tussen de Megaprojecten Verkeer en Vervoer en niet-Verkeer en Vervoer. Onder het artikel Megaprojecten Verkeer en Vervoer vallen de Betuweroute en de Hogesnelheidslijn-zuid.

Het projectartikel is gerelateerd aan de beleidsartikelen 32 (Veiligheid in mobiliteit), 34 (Betrouwbare netwerken en acceptabele reistijden) en 35 (Mainports en logistiek).

Tabel budgettaire gevolgen van de uitvoering

Overzicht van de budgettaire gevolgen van beleid (x € 1 000)

17. Megaprojecten Verkeer en Vervoer

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Verplichtingen

41 807

171 371

         

Uitgaven

119 501

121 083

10 000

2 235

0

0

0

17.01 Westerscheldetunnel

435

5 147

0

0

0

0

0

17.02 Betuweroute

31 831

22 249

10 000

2 235

0

0

0

17.03 Hoge snelheidslijn

53 577

90 346

         

17.03.01 Realisatie HSL – Zuid

53 577

90 346

0

0

0

0

0

17.03.02 Realisatie HSL – Zuid spoorwegen

 

0

0

0

0

0

0

17.03.03 Realisatie HSL – Zuid hoofdwegen

 

0

0

0

0

0

0

17.04 Anders betalen voor mobiliteit

33 659

3 341

0

0

0

0

0

17.05 Zuiderzeelijn

0

0

0

0

0

0

0

17.09 Ontvangsten

5 286

2 500

0

0

0

0

0

Budgetflexibiliteit

Deze tabel geeft voor het jaar 2012 per artikelonderdeel de programmamiddelen weer en maakt de mate van budgetflexibiliteit inzichtelijk door middel van vijf categorieën. De verhoudingen binnen de artikelonderdelen worden zowel procentueel als nominaal gepresenteerd.

17.02 Betuweroute

Motivering

De Betuweroute is de 160 kilometer lange, tweesporige lijn, die exclusief bestemd is voor goederenvervoer, tussen de Rotterdamse haven en de Duitse grens bij Zevenaar–Emmerich.

De stroom containershuttles per spoor naar het Europese achterland groeit gestaag. Goederenvervoer per spoor is belangrijk voor de bereikbaarheid van de Nederlandse industrie en zeehavens.

Producten

Na oplevering van de Havenspoorlijn met ERTMS en 25 kV sinds 13 december 2009 is de Betuweroute als groot bouwproject klaar.

Wel worden nog enkele restpunten afgehandeld, deze zijn ondergebracht in het project Nazorg Betuweroute.

Financiering:

De eindstand komt gecorrigeerd voor mee- en tegenvallers op € 4 683 mln. Van de Europese Unie worden voor het project Betuweroute bijdragen (onder andere TEN-gelden) ontvangen. Deze bijdragen worden jaarlijks aangevraagd bij de Europese Unie en in fasen uitgekeerd. In de totale financiering van het project wordt thans uitgegaan van een bedrag van € 172,5 mln.

Tot en met 2007 is door de Europese Unie € 168 mln. betaald.

De op dit productartikel opgenomen bedragen zijn voor het totale project als volgt opgebouwd:

  • Reguliere SVV middelen.

  • Bijdrage uit het FES.

  • Bijdrage private financiering voorgefinancierd uit FES.

  • Bijdrage van de Europese Unie.

  • Bijdrage Gelderland.

  • Bijdrage vhVROM voor geluidmaatregelen Calandbrug.

  • Bijdrage ProRail.

Een evaluatie in het kader van de status Groot Project is ingediend.

Projectoverzicht 17.02 Betuweroute

Meetbare gegevens

 

Totaal

Budget in € mln

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

                       

Betuweroute

                   

2007

2007

Reguliere SVV-middelen

931

720

897

22

10

2

           

FES-middelen

2 826

2 826

2 826

                 

Privaat

843

843

843

                 

Financiering ProRail

97

97

97

                 

Bijdrage Gelderland

8

8

8

                 

Bijdrage voormalig VROM

14

14

14

                 

EU-ontvangsten

175

175

175

                 
                         

Totaal categorie 0

4 894

4 683

4 860

22

10

2

0

0

       

Begroting (IF 17.02.01)

   

22

10

2

0

0

       
17.03 Hogesnelheidslijn-zuid

Motivering

Met het vaststellen van de PKB HSL-Zuid is besloten tot aansluiting van Nederland op het Europese net van hogesnelheidslijnen. De HSL zuid bewerkstelligt een milieuvriendelijke verbinding tussen de Europese mainports en vormt daarmee een belangrijke schakel in het internationale en nationale lange afstandsverkeer.

Hogesnelheidslijn-zuid

Producten

De bouwwerkzaamheden aan het tracé HST-Zuid zijn inmiddels gereed.

De volgende activiteiten resteren nog tot het einde van het project:

  • Afwikkelen restpunten bouwfase.

  • Afronden ERTMS-migratie.

  • Uitvoeren testprogramma.

  • Faciliteren trein-/baanintegratie en proefbedrijf HSA.

  • Inregelen van het vervoerssysteem.

  • Faciliteren van de instroom van nieuw treinmaterieel.

Financiering:

De in dit productartikel opgenomen bedragen zijn als volgt opgebouwd:

  • Reguliere SVV-middelen.

  • Een bijdrage uit het FES.

  • De bijdrage uit private financiering.

  • Ontvangsten derden.

  • De bijdragen van de Europese Unie.

De ontvangsten van de HSA worden verantwoord op artikel 13 van deze begroting.

Meetbare gegevens

Vanaf begin 2002 wordt de risico-analyse per kwartaal geactualiseerd. In de reguliere voortgangsrapportages worden de belangrijkste risico’s nader toegelicht. Ook wordt daar aangegeven met welke maatregelen de risico’s zo veel als mogelijk worden beheerst. De aanleg van de HSL-Zuid is inmiddels afgerond. De ingangsdatum van het vervoer hangt nog van een aantal factoren af, waarvoor de vervoerder verantwoordelijk is. Hierbij is van belang de beschikbaarheid van het materieel, de resultaten van de verschillende testen en het oordeel van de vervoerder of er een betrouwbaar en kwalitatief product aan de reiziger kan worden aangeboden. Op dit moment is hiervoor nog geen concrete datum te noemen.

Projectoverzicht 17.03 HSL

 

Totaal

Budget in € mln

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

CATEGORIE 0

                       

HSL-Zuid (IF 17.03.01)

5 973

6 074

5 883

90

           

2008/

2009

2008/

2009

– Reguliere SVV middelen (incl. FES BOR)

2 505

2 643

2 452

53

               

– Fes regulier

1 710

1 710

1 710

                 

– Privaat

940

940

940

                 

– EU-ontvangsten

193

193

193

                 

– Ontvangsten derden

106

106

106

                 

– Risicoreservering

519

482

482

37

               

HSL-Zuid spoorwegen (17.03.02)

113

115

113

                 

HSL-Zuid hoofdwegen (17.03.03)

1 018

1 012

1 018

                 
                         

Totaal categorie 0 (excl. reeks Infraprovider)

7 104

7 201

7 014

90

0

0

0

0

0

     

Begroting (IF 17.03)

     

90

0

0

0

0

0

     

5. Overboeking BTW Compensatiefonds

Eind 2011 is een convenant getekend met de provincies Groningen en Friesland over de nieuwe beheersituatie op de Hoofdvaarweg Lemmer – Delfzijl. Als afronding van dit convenant wordt BTW aan het BTW Compensatiefonds (BCF) onttrokken en aan de IenM-begroting toegevoegd.

Artikel 18 Overige uitgaven

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Dit artikel bevat een aantal uiteenlopende onderwerpen.

Met de aan Railinfrabeheer BV (18.05) verstrekte lening werden middelen beschikbaar gesteld om de doelstellingen die betrekking hebben op het onderhoud (functiehandhaving en -wijziging) van het spoor, zoals beschreven in artikel 34 «Sterke netwerken en voorspelbare reistijden» van de beleidsbegroting HXII, uit te voeren.

De doelstellingen van het Intermodaal Vervoer zijn opgenomen in artikel 35 Mainports en Logistiek van de beleidsbegroting HXII.

Tabel budgettaire gevolgen van de uitvoering

Overzicht van de budgettaire gevolgen van beleid (x € 1 000)

18. Overige uitgaven

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Verplichtingen

37 159

323 438

403 504

270 696

255 511

249 488

241 036

Uitgaven

633 231

305 653

421 460

271 898

255 511

249 488

241 036

18.01 Saldo van de afgesloten rekeningen

           

18.03 Intermodaal vervoer

1 232

8 647

4 574

1 202

0

0

0

18.04 Gebiedsgerichte aanpak (UPR)

1 468

5 875

213

       

18.05 Railinfrabeheer

624 029

5 525

119 541

0

0

0

0

18.06 Externe veiligheid

0

127

13 382

0

0

0

0

18.07 Mobiliteitsonafhankelijke kennis en expertise

6 501

565

42

42

42

42

42

18.07.01 Nationale basisinform.voorz. en ov. uitgaven.

6 501

427

42

42

42

42

42

18.07.02 Subsidies algemeen

 

138

0

0

0

0

0

18.08 Netwerkoverstijgende kosten

0

284 914

283 708

270 654

255 469

249 446

240 994

18.08.01 Apparaatskosten RWS

 

222 124

224 545

215 737

203 482

197 535

189 182

18.08.02 Overige netwerkoverstijgende kosten

62 790

59 163

54 918

51 987

51 911

51 812

18.09 Ontvangsten

             

Ontvangsten

624 030

5 416

119 603

0

0

0

0

18.10 Ontvangsten

             

Voordelig saldo

372 259

354 756

         

Budgetflexibiliteit

Deze tabel geeft voor het jaar 2012 per artikelonderdeel de programmamiddelen weer en maakt de mate van budgetflexibiliteit inzichtelijk door middel van vijf categorieën. De verhoudingen binnen de artikelonderdelen worden zowel procentueel als nominaal gepresenteerd.

Toelichting:

18.03 Intermodaal vervoer

Het betreft de inzet van middelen tbv het beleidskader Spoor goederenknooppunten en de afronding van de subsidieregeling openbare inland terminals (SOIT).

18.05 Railinfrabeheer

Deze middelen zijn juridisch verplicht.

18.06 Externe veiligheid

Deze middelen zijn beleidsmatig gebonden.

18.07 Mobiliteitsonafhankelijke kennis en expertise

Deze middelen zijn bestuurlijk gebonden.

18.03 Intermodaal vervoer

Motivering

Realisatie van de doelen is in belangrijke mate afhankelijk van andere factoren, zoals het gedrag van verladers, vervoerders en consumenten en bestuurlijke afspraken ten aanzien van het ruimtelijk beleid. Het effect van deze beleidsdoelstelling is dat de bereikbaarheid van economisch belangrijke gebieden verbetert.

Beleid Spoorgoederenknooppunten

Producten

Uit het BCI-onderzoek Goederenvervoer per spoor, marktontwikkelingen en beleid (2009) komt naar voren dat spoorgoederenknooppunten in het achterland een belangrijke rol kunnen spelen voor het havennetwerk en voor binnenlandse verladers in het achterland. Als vervolg hierop is in 2010 een beleidskader spoorgoederenknooppunten ontwikkeld met een beleidsvisie op de ontwikkeling van spooraansluitingen, railterminals, openbare laad- en losplaatsen, greenports e.d.

In 2012–13 komt een stimuleringsprogramma voor railterminals tot uitvoering, waarvan de projecten in 2011 worden voorbereid.

Subsidieregeling Openbare Inland Terminals (SOIT)

De financiële afwikkeling van in het verleden gesubsidieerde projecten.

Projectoverzicht 18.03 Intermodaal vervoer

 

Totaal

Budget in € mln

Oplevering

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

later

huidig

vorig

Multi- en modaalvervoer

                       

SOIT

20

20

20

 

0

         

divers

divers

Container Transferium Alblasserdam

6

6

 

1

4

1

       

2013

Totaal categorie 0

26

 

20

1

5

1

0

0

0

     

Ruimte voor planstudies

     

8

               

Begroting (IF 18.03.01)

     

9

5

1

0

0

0

     
18.04 Gebiedsgerichte aanpak (Randstad Urgent/RRAAM)

Randstad Urgent

Motivering

In het Regeerakkoord is aangegeven dat de aanpak van Randstad Urgent wordt voortgezet en uitgebouwd. Deze voortzetting wordt gekoppeld aan het actualisatietraject van de Nota’s Mobiliteit en Ruimte in 2011 en de prioritering van projecten die hier uit voortkomt.

RRAAM

Het Rijk-Regioprogramma Amsterdam–Almere–Markermeer (RRAAM) is in februari 2010 door de Tweede Kamer is aangewezen als Groot Project. Het nieuwe kabinet heeft besloten RRAAM voort te zetten. Het ministerie van IenM is het coördinerende departement. Zie www.rijksoverheid.nl/rraam.

In 2011 ligt de nadruk op het optimaliseren van de plannen voor verstedelijking, natuur en bereikbaarheid ten behoeve van de groei van Almere.

In 2012 wordt een MKBA en planMER (inclusief Passende Beoordeling) opgesteld. De 2e helft van 2012 vindt besluitvorming plaats, resulterend in een concept-Rijksstructuurvisie.

Gedurende het traject vindt participatie plaats van maatschappelijke organisaties en burgers.

Producten

Randstad Urgent:

  • Het vervolg van de aanpak van Randstad Urgent vormt onderdeel van het Actualisatie/Decentralisatie-traject.

RRAAM:

  • 2011: Aankondiging planMER met publicatie Participatieplan, Basisrapportage Groot Project, Notitie Reikwijdte en Detailniveau, Optimalisatievoorstellen voor 3-voudige ambitie Almere, Notitie kansrijke oplossingsrichtingen.

  • 2012: MKBA, planMER, concept Rijksstructuurvisie

18.05 Railinfrabeheer

Motivering

De aandelen van Railinfrabeheer B.V. (als onderdeel van Rail Infra Trust (RIT)) zijn per 1 juli 2002 overgedragen aan de Staat der Nederlanden. Met ingang van 2005 opereert RIB met Railverkeerleiding en Railned onder de naam ProRail. ProRail kan met ingang van 1 januari 2001 niet meer voorzien in de financiering van de investeringen door het aantrekken van leningen op de kapitaalmarkt. Daarom was de mogelijkheid geschapen dat ProRail gebruik kon maken van zogenaamde schatkistleningen via een lening van het ministerie van Financiën aan vh VenW. Vanaf 2003 wordt rechtstreeks geleend bij het ministerie van Financiën. IenM staat garant voor die leningen.

Producten

Op dit onderdeel wordt de rente over en aflossing van deze schatkistleningen verantwoord die in de periode 2001/2002 zijn verstrekt aan ProRail. Het betreft hier de leningen die door het Ministerie van Financiën aan vh VenW beschikbaar zijn gesteld om vervolgens door vh VenW aan ProRail te worden uitgeleend. In totaal is op deze wijze € 806 mln. aan ProRail beschikbaar gesteld (€ 483 mln. in 2001 en € 323 mln. in 2002). Op deze leningen is € 97 mln. vervroegd afgelost in 2005 en 2006.

In 2010 is € 595 mln. vervroegd afgelost vanuit het beschikbaar gekomen superdividend van NS in 2009. In totaal is € 1,4 miljard aan dividend beschikbaar gekomen voor aflossing van de leningen van ProRail. Er is netto € 1,32 miljard afgelost; de resterende € 80 mln. heeft betrekking op de marktwaarde-correctie in verband met het vervroegd aflossen van de leningen. Van de € 1,32 miljard heeft € 595 mln. betrekking op leningen die via het voormalige ministerie van VenW zijn afgesloten. De resterende € 725 mln. heeft betrekking op leningen die rechtstreeks door ProRail bij Financiën zijn afgesloten en waarvoor IenM garant staat. Als gevolg van deze aflossingen ontstaat bij ProRail een jaarlijkse rentevrijval van € 77 mln. (incl. BTW), die leidt tot een verlaging van de uitgaven op artikel 13.02.03 (rentelasten) en vervolgens wordt ingezet ter financiering van PHS.

In 2011 is de resterende € 114 mln. vervroegd afgelost vanuit de beschikbaar gekomen verkoopopbrengst van Strukton (door NS). In totaal is € 154,6 mln. aan verkoopopbrengst beschikbaar gekomen voor aflossing van de leningen van ProRail. Er is netto € 149 miljoen afgelost; de resterende € 5,6 mln. heeft betrekking op de marktwaarde-correctie in verband met het vervroegd aflossen van leningen. Van de € 149 mln. heeft € 114 mln. betrekking op leningen die via IenM zijn afgesloten. De resterende € 35 mln. heeft betrekking op een lening die ProRail bij een bank heeft afgesloten en waarvoor IenM garant staat. Als gevolg van deze aflossingen ontstaat bij ProRail een jaarlijkse rentevrijval van € 8,6 mln. (incl. BTW), die leidt tot een verlaging van de uitgaven op artikel 13.02.03 (rentelasten) en vervolgens wordt ingezet ter financiering van PHS.

18.06 Externe veiligheid

Motivering

Het budget is bestemd voor het oplossen van externe veiligheidsknelpunten in het kader van de Nota Vervoer Gevaarlijke Stoffen (NVGS, Kamerstukken II, 2005–2006, 30 373, nr. 2).

Producten

Saneringsopgave voor Basisnet vervoer gevaarlijke stoffen (t/m 2035).

18.08 Apparaatskosten RWS

Motivering

Op dit artikelonderdeel worden de netwerkoverstijgende apparaatskosten van Rijkswaterstaat verantwoord. Het gaat hierbij om zowel de kosten die met de overhead van Rijkswaterstaat gemoeid zijn als bepaalde onderdelen van Landelijke taken die een netwerk overstijgend karakter kennen. Dit artikelonderdeel is in de Voorjaarsnota 2011 ingesteld als gevolg van de herstructurering van de bekostiging van Rijkswaterstaat per 1 januari 2011. De Tweede kamer is op 10 januari 2011 en 3 maart 2011 over de herstructurering van de bekostiging nader geïnformeerd (TK 30 119, nrs. 4 en 5).

6. DBFM A15 Maasvlakte – Vaanplein

Het beschikbare budget bij het project A15 Maasvlakte – Vaanplein wordt meerjarig omgezet naar het geïntegreerde contractartikel inclusief een DBFM reeks (Design Build Finance Maintain – ontwerp, bouw, financiering en onderhoud). In de Memorie van Toelichting bij de tweede begrotingswijziging over 2011 (Wijziging samenhangende met de Najaarsnota, Kamerstukken II, 201 102 012, 33 090 A, nr. 2, blz. 9 en 10) heb ik de Kamer hierover reeds geïnformeerd.

7. Diversen

Dit betreft een overboeking naar het Gemeentefonds in verband met de indexatie 2012 en 2013 in het kader van de Nota Ruimte (Scheveningen Boulevard).

Artikel 19 Bijdragen andere begrotingen Rijk

Omschrijving van de samenhang van beleid

Op dit artikel worden de ontvangen bijdragen verantwoord, die ten laste van de begroting van Infrastructuur en Milieu komen. De doelstellingen van het onderliggende beleid zijn terug te vinden in de beleidsbegroting 2012 (XII).

Het productartikel is gerelateerd aan artikel 39 Bijdragen aan het Infrastructuurfonds.

Budgettaire gevolgen van beleid

Overzicht van de budgettaire gevolgen van beleid (x € 1 000)

19. Bijdragen andere begrotingen Rijk

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Ontvangsten

7 790 588

7 554 671

7 376 313

7 552 230

7 875 414

6 718 707

7 355 672

19.09 T.l.v. begroting IenM

6 430 684

7 554 671

7 376 313

7 552 230

7 875 414

6 718 707

7 355 672

19.10 T.l.v. FES

1 359 904

           

Operationele doelstellingen

19.01 Ten laste van begroting IenM

Operationele doelstelling

Motivering

Dit begrotingsartikel is technisch van aard.

2.2 De productartikelen

Budgettaire gevolgen van beleid: Voorjaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

11 Hoofwatersystemen

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

 

(1)

(2)

(3)

(4)=(1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

Verplichtingen

588 136

0

– 24 460

563 676

23 359

34 201

12 720

– 10 258

Uitgaven

617 781

0

177 292

795 073

35 699

31 328

10 521

– 68 073

11.01 Watermanagement

13 114

0

0

13 114

0

0

0

0

11.01.01 Basispakket watermanagement

13 114

0

0

13 114

       

11.02 Beheer en Onderhoud

149 119

0

1 580

150 699

0

0

0

0

11.02.01 Basispakket B&O waterkeren

107 299

0

– 44 411

62 888

       

11.02.05 Basispakket B&O integraal waterbeheren

25 538

0

0

25 538

       

11.02.08 Groot variabel onderh.waterbeheer

16 282

0

45 991

62 273

       

11.03 Aanleg

194 271

0

171 250

365 521

36 488

34 504

13 121

– 12 055

11.03.01 Real.programma waterkeren

106 667

0

61 967

168 634

15 300

12 800

10 500

– 1 700

11.03.02 Real.programma waterbeheren

87 604

0

109 283

196 887

21 188

21 704

2 621

– 10 355

11.05 Verkenning en planstudie

28 669

0

3 637

32 306

– 789

– 3 176

– 2 600

– 56 018

11.05.01 Verkenn.progr.hoofdwatersystemen

22 094

0

3 454

25 548

       

11.05.02 Planstudieprogr.waterkeren

3 256

0

– 297

2 959

– 789

– 226

350

– 62 443

11.05.03 Planstudieprogr.waterbeheer

3 319

0

480

3 799

 

– 2 950

– 2 950

6 425

11.06 Staf Deltacommissaris

2 375

0

796

3 171

0

0

0

0

11.06.01 Staf Deltacommissaris

2 375

0

796

3 171

       

11.07 Netwerkgebonden kosten HWS

230 233

0

29

230 262

0

0

0

0

11.07.01 Apparaatskosten RWS

183 903

0

229

184 132

       

11.07.02 Overige netwerkgebonden kosten

46 330

0

– 200

46 130

       

11.09 Ontvangsten

16 632

0

88 028

104 660

       

11.02 Beheer en Onderhoud

De mutaties op deze operationele doelstelling hebben betrekking op de verwerking van het saldo over 2011 aan 2012.

De daling van het budget op het hoofdproduct Basispakket waterkeren van ca. € 44,4 mln. houdt verband met het in lijn brengen van het benodigde budget met de onderhoudsplanning voor 2011. In de Miljoenennota 2013 zal door middel van een kasschuif (uit latere jaren) het budget ten behoeve van beheer en onderhoud in 2012 op het gewenste kasritme worden aangepast.

De mutatie op het hoofdproduct Groot Variabel Onderhoud Waterbeheer wordt verklaard door:

  • Vertraging in 2011 als gevolg van een afgebroken aanbesteding op het project renovatie Stuwen in de Lek (€ 43,6 mln.). Om onaanvaardbaar risico op falen van de sluis- en stuwcomplexen te voorkomen is op basis van de evaluaties van de beëindigde aanbesteding een advies voor het vervolgtraject opgesteld. Dit heeft geleid tot een aantal hoofdactiviteiten, met name Levensduurverlengend Variabel onderhoud (LVO). Voorafgaand aan de renovatie wordt nu een aantal noodzakelijke maatregelen opgepakt om uitval te voorkomen en de veiligheid te waarborgen. Deze nieuwe situatie heeft voor dit project geleid tot een nieuwe kasreeks.

  • Op het project Haringvliet is de overgang naar de volgende fase vertraagd, waardoor ook de vorig jaar geraamde uitgaven (€ 5,6 mln.) in de tijd verschuiven. Anderzijds is in tegenstelling tot de verwachting op het project «Masterplan Haringvlietsluizen».

Niet in 2012 maar reeds medio december 2011 een vaststellingsovereenkomst gesloten met de opdrachtnemer ter verrekening van claims van RWS op de opdrachtnemer en vice versa. Het half december sluiten en deels betaalbaar stellen van de overeenkomst is er de oorzaak van dat hiervoor ca. € 3,2 mln. meer is uitgegeven dan verwacht. Per saldo resteert dan een voordelig saldo van ca. € 2,4 mln. dat wordt overgeboekt naar 2012.

11.03 Aanleg

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatieprojecten Waterkeren (11.03.01)

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

   
 

Uitgaven

107

0

62

169

15

13

11

– 2

   
 

Deltaplan grote rivieren

0

   

0

         

2011

1

Maatregelen i.r.t. rivierverruiming

9

 

19

28

           

2

Dijkversterking en Herstel steenbekleding

57

 

12

69

15

13

11

     
 

Hoogwaterbeschermingsprogramma 3

4

   

4

           

3

Deltares Deltafaciliteit

0

 

1

1

           
 

IJsselsprong Zutphen (smalle geul)

0

   

0

           
 

IJsseldelta Kampen (hoogwatergeul)

0

   

0

           

4

Pilot Zandmotor

10

 

6

16

         

2020

5

Overige onderzoeken en kleine projecten

26

 

23

49

     

– 2

   
 

Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma

0

   

0

           
 

Afronding

1

 

1

2

           
  • 1. Dit betreft de toevoeging van het voordelig saldo over 2011 aan 2012. De budgetreeks van de projecten NURG (Nadere uitwerking Rivierengebied) en Keent zal in de Miljoenennota 2013 door middel van een kasschuif (naar latere jaren) worden aangepast op basis van een door de aannemer (contract / uitvoeringsplanning) ander gewenst kasritme.

  • 2. De vorig jaar ontstane lagere uitgaven worden voornamelijk verklaard door een vertraging bij het project Steenbestortingen in Zeeland als gevolg van een aanpassing van de werkplanning door de aannemer.

    De aanpassing van de meerjarenreeks is een onderdeel van de mutaties die in het kader van de prioriteit Beter Benutten in dit wetsvoorstel zijn aangebracht (zie ook het algemeen deel van deze memorie van toelichting).

    De raming van het project Dijkversterking en Herstel steenbekleding sluit nu aan bij de actuele planning van dit programma.

  • 3. De kasreeks van dit project is aangepast aan de recente planning. Onderdeel daarvan is een saldomutatie van € 0,9 mln. ten laste van 2011.

  • 4. Het in 2011 niet bestede budget is overgeheveld naar 2012. Het gaat hierbij om nog gereserveerde middelen ten behoeve van de Delflandse kust en middelen voor de monitoring.

  • 5. In het voorgaande begrotingsjaar zijn met name op het project HHS Delfland inzake Versterking Delflandse Kust lagere uitgaven ontstaan als gevolg van een ander uitvoeringsritme van de aannemer. Het project zal in 2013 volgens planning worden opgeleverd.

De aanpassing van de raming in het jaar 2016 is een onderdeel van de mutaties die in het kader van de prioriteit Beter Benutten in dit wetsvoorstel zijn aangebracht (zie ook het algemeen deel van deze memorie van toelichting).

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatieprojecten Waterbeheren (11.03.02)

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

   
 

Uitgaven

88

0

109

197

21

21

2

–10

   

1

Subsidie baggeren bebouwd gebied (SUBBIED)

0

 

4

4

           

2

Verbeterprogramma Waterkwaliteit Rijkswateren

17

 

51

68

8

21

2

– 10

   

3

Tijdelijke regeling bestrijding regionale wateroverlast

0

 

31

31

           

4

Natte natuurprojecten IJsselmeergebied

0

 

11

11

         

2012

5

Natuurlijker Markermeer/IJmeer

8

 

7

15

           
 

Natuurcompensatie Perkpolder

9

   

9

           

6

Verruiming vaargeul Westerschelde

4

 

9

13

           

7

Integrale inrichting Veluwe randmeer (IIVR)

7

 

– 2

5

           

8

Innovatie KRW/WB

26

 

– 2

24

12

         

8

Synergie KRW/WB

16

   

16

1

         
 

Afronding

1

   

1

           
  • 1. Deze subsidieregeling loopt ten einde. Jaarlijks worden beschikte subsidiebedragen niet opgehaald. In verband met eventuele nabetalingen is het in 2011 ontstane kasoverschot door middel van een kasschuif uit 2011 vooralsnog doorgeschoven naar 2012.

  • 2. De reden voor deze mutatie is tweeledig. Enerzijds betreft het de verwerking van het voordelig saldo 2011. Anderzijds is de meerjarige uitvoeringsplanning geactualiseerd. Hierop is de kasreeks aangepast. Het gevolg is dat er voor ca. € 24 mln. aan bestedingen zijn verschoven naar latere jaren. Deze mutatie maakt deel uit van de mutaties die zijn verricht in het kader van het faciliteren van de kasschuif voor het programma beter benutten.

  • 3. De overboeking uit 2011 van het in dat jaar ontstane kasoverschot op de subsidieregeling Tijdelijke regeling bestrijding regionale wateroverlast wordt veroorzaakt doordat mede overheden minder of geen aanspraak meer maken op de toegekende c.q. beschikbare middelen.

  • 4. De mutatie heeft betrekking op de verwerking van het voordelig saldo over 2011 en is veroorzaakt doordat er voor het project Raam (ca. € 7 mln.) nog geen sluitende afspraken zijn gemaakt over de dekking van de onderhoudscomponent. Derhalve is het project nog niet gestart. Daarnaast is ca. € 3 mln. vanuit ICES toegevoegd voor KRW-projecten. Dit bedrag is vorig jaar niet tot betaling gekomen omdat de besluitvorming over de toedeling naar de afzonderlijke projecten nog niet rond was.

  • 5. In het voorgaande begrotingsjaar zijn minder uitgaven verricht dan verwacht in verband met een afwijkend kasritme ten opzichte van de begrotingsraming. In de Miljoenennota 2013 zullen de ramingen door middel van een kasschuif (naar latere jaren) worden aangepast op basis van een op de uitvoeringsplanning gebaseerd gewenst kasritme.

  • 6. De verruiming van de vaargeul is door Vlaanderen uitgevoerd, de wrakken zijn geborgen en het monitoringsprogramma draait op volle toeren. In de raming werd rekening gehouden met een zekere mate van herstelwerkzaamheden. Tot nu toe zijn uit de monitoring echter nog geen onvoorziene effecten van de verruiming geconstateerd in de Westerschelde, dus zijn ook nog geen herstelwerkzaamheden nodig geweest. Het in 2011 gereserveerde deel voor herstelwerkzaamheden is derhalve niet in 2011 tot betaling gekomen. Gezien de afspraak met Vlaanderen dat Nederland maximaal € 30 mln. bijdraagt is het wel van belang dat het totale budget beschikbaar blijft (tot definitieve afronding van het project heeft plaatsgevonden).

  • 7. Om een eenmalige betaling mogelijk te maken was in 2011 een hoger kasbudget noodzakelijk, waardoor een kasschuif uit 2012 is aangebracht.

  • 8. Door vertraging bij het publiceren van de 2e tender van de regeling Innovatie KRW/WB21 worden de subsidiemiddelen later gecommitteerd dan verwacht. Analoog daaraan schuiven de voorschotbetalingen door naar latere jaren. Hierdoor kan de aanpassing van de (meerjaren) ramingen op deze projecten een onderdeel vormen van de mutaties die in het kader van de prioriteit Beter Benutten in dit wetsvoorstel zijn aangebracht (zie ook het algemeen deel van deze memorie van toelichting).

11.05 Verkenningen en planstudies

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Projectenoverzicht behorende bij 11.05.02

Planstudieprogramma waterkeren

Projectomschrijving

Stand projectbudget MIRT 2012

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

Extra spuicapaciteit Afsluitdijk

203

   

203

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Projectenoverzicht behorende bij 11.05.03

Planstudieprogramma waterbeheren

Projectomschrijving

Stand projectbudget MIRT 2012

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

Volkerak Zoommeer

210

   

210

Het vorig jaar ontstane kasoverschot op dit artikelonderdeel van in totaal ruim € 14 mln., werd voornamelijk veroorzaakt doordat de uitvoering van het Toekomstbestendig Ecologisch Systeem (TBES) Markermeer naar verwachting vanaf 2016 plaats zou vinden en doordat de planning van het DP-Veiligheid vertraagd is als gevolg van de besluitvorming omtrent de consultatie van andere overhede. Tevens zijn ten aanzien van studiekosten waterkeren de eindrapportages van de deelprogramma's, op basis waarvan maatregelen in de uitvoering worden genomen, niet in 2011 opgeleverd.

Voorts zijn lagere uitgaven ontstaan bij de verkenning Toekomst Afsluitdijk en het deelprogramma Kust van het Deltaprogramma. Dit met name als gevolg van het niet benutten van de reservering voor de afkoop van het intellectueel eigendom van de visies van de marktpartijen en het niet benutten van de reservering voor extra inzet van de marktpartijen respectievelijk andere bestuurlijke/politieke keuzes en vertraging bij de realisatie van producten van het Deltaprogramma.

Anderzijds zijn de ramingen van met name de projecten Overige steenzettingen (Wieringermeer(dijk)/IJsselmeer) en (TBES) Markermeer geactualiseerd om de budgetten in de juiste kasjaren te krijgen. De daardoor ontstane verschuiving over de jaren is ingezet ten behoeve van de prioriteit Beter Benutten (zie ook het algemeen deel van deze memorie van toelichting).

11.09 Ontvangsten

Deze mutatie wordt met name verklaard doordat in de begroting geraamde ontvangsten in het kader van het hoogwaterbeschermingsprogramma en van de waterschappen niet in 2011 zijn gerealiseerd en derhalve door middel van de verwerking van het voordelig saldo doorschuiven naar 2012.

Overzicht mutaties vanaf de ontwerpbegroting

Overeenkomstig het gestelde in het algemeen deel van deze memorie van toelichting, is hieronder een gespecificeerd overzicht opgenomen van alle in dit wetsvoorstel aangebrachte mutaties op dit begrotingsartikel. In de kolom Toelichting van de tabel wordt, om herhalende toelichtingen te voorkomen, door middel van een nummer verwezen naar de toelichting op de betreffende mutaties onder 2.1. Overzicht uitgaven en ontvangsten mutaties.

Artikel 11 Hoofdwatersystemen

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.01

   

13 114

12 529

13 393

13 436

13 361

53 438

111 456

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

13 114

12 529

13 393

13 436

13 361

53 438

111 456

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.02

   

149 119

133 034

138 610

134 943

128 801

509 051

1 888 136

 

Saldo 2011

Intertemporeel

45 991

45 991

           

1

Saldo 2011

Intensivering/Extensivering

– 44 411

– 44 411

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

1 580

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

150 699

133 034

138 610

134 943

128 801

509 051

1 888 136

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.03

   

194 272

164 400

184 641

194 196

159 892

726 821

3 636 750

 

Saldo 2011

Intertemporeel

209 446

209 446

           

1

Verschuiving i.h.k.v. prioriteit Beter Benutten

Intensivering/Extensivering

20 033

– 38 196

36 488

34 504

13 121

– 12 055

– 13 829

 

2a

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

171 250

36 488

34 504

13 121

– 12 055

– 13 829

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

365 522

200 888

219 145

207 317

147 837

712 992

3 636 750

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.05

   

28 668

31 588

61 039

46 242

193 904

209 900

1 848 294

 

Saldo 2011

Intertemporeel

15 041

15 041

           

1

Verschuiving i.h.k.v. prioriteit Beter Benutten

Intensivering/Extensivering

– 94 600

– 11 404

– 789

– 3 176

– 2 600

– 56 018

– 20 613

 

2a

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

3 637

– 789

– 3 176

– 2 600

– 56 018

– 20 613

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

32 305

30 799

57 863

43 642

137 886

189 287

1 848 294

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.06

   

2 375

1 925

1 925

1 925

1 925

7 700

 

Saldo 2011

Intertemporeel

796

796

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

796

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

3 171

1 925

1 925

1 925

1 925

7 700

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.07

   

230 233

219 755

204 372

195 257

193 622

765 337

1 583 104

 

Saldo 2011

Intertemporeel

29

29

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

29

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

230 262

219 755

204 372

195 257

193 622

765 337

1 583 104

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012

   

795 073

598 930

635 308

596 520

623 432

2 237 805

9 067 740

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 11.09

   

16 632

5 150

2 650

3 150

25 150

243 472

1 448 000

 

Saldo 2011

Intertemporeel

88 028

88 028

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

88 028

0

0

0

0

0

0

 

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012

   

104 660

5 150

2 650

3 150

25 150

243 472

1 448 000

 
Budgettaire gevolgen van beleid: Voorjaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

12 Hoofdwegennet

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

 

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

Verplichtingen

2 451 568

– 4 750

– 9 665

2 437 153

– 5 707

0

111 398

13 602

Uitgaven

2 457 595

– 4 750

– 122 475

2 330 370

– 78 832

45 476

83 098

22 497

12.01 Verkeersmanagement

43 993

0

0

43 993

0

0

0

0

12.01.01 Basispakket verkeersmanagement

43 993

0

0

43 993

       

12.01.02 Servicepakket verkeersmanagement

0

0

0

0

       

12.02 Beheer en onderhoud

343 137

0

– 67 389

275 748

– 6 337

– 11 636

– 30 050

– 31 687

12.02.01 Basispakket B&O

267 409

0

– 58 437

208 972

– 6 337

– 11 636

– 30 050

– 31 687

12.02.02 Servicepakket B&O

59 194

0

99

59 293

       

12.02.04 Groot variabel onderhoud

16 534

0

– 9 051

7 483

       

12.03 Aanleg en planst.na tracébesluit

1 512 384

0

– 255 868

1 256 516

– 229 340

– 287 370

– 172 847

0

12.03.01 Realisatieprogramma

1 512 384

0

– 255 868

1 256 516

– 229 340

– 287 370

– 108 847

 

12.03.02 Planstudie na tracébesluit

0

0

0

0

   

– 64 000

 

12.04.01 GIV/PPS

354 075

0

21 596

375 671

56 352

344 482

363 949

54 184

12.05 Verk.en planst.voor tracébesluit

– 233 744

– 4 750

179 186

– 59 308

100 493

0

– 77 954

0

12.05.01 Verkenningen

13 661

0

10 406

24 067

       

12.05.02 Planstudie voor tracébesluit

2 595

– 4 750

85 498

83 343

100 493

 

– 77 954

 

Overprogrammering

– 250 000

0

83 282

– 166 718

       

12.06 Netwerkgebonden kosten HWN

437 750

0

0

437 750

0

0

0

0

12.06.01 Apparaatskosten RWS

381 498

0

0

381 498

       

12.06.02 Overige netwerkgebonden kosten

56 252

0

0

56 252

       

12.09 Ontvangsten

232 114

0

18 753

250 867

       

12.02 Beheer en onderhoud

De mutatie op het hoofdproduct Basispakket Beheer en Onderhoud betreft voor een groot deel de doorwerking uit 2011 van een versnelling van de onderhoudswerkzaamheden als gevolg van vorstschade alsmede het in lijn brengen van het benodigde budget met de onderhoudsplanning voor 2011. In de Miljoenennota 2013 zal door middel van een kasschuif (uit latere jaren) het budget ten behoeve van beheer en onderhoud in 2012 op het gewenste kasritme worden aangepast.

Voor een kleiner deel (ca. € 6,3 mln. in 2012 alsmede de in de bovenstaande tabel opgenomen meerjarige mutaties) is de verlaging van het budget het gevolg van de DBFM omzetting (Design Build Finance Maintain – ontwerp, bouw, financiering en onderhoud) van het project A15 Maasvlakte – Vaanplein (zie ook ad 6 onder het algemeen deel van de memorie van toelichting).

Ook de mutatie op het hoofdproduct Groot Variabel Onderhoud heeft betrekking op de doorwerking van de vorig jaar aangebrachte mutaties ten behoeve van:

  • de Vlaketunnelproblematiek (renovatie van de tunnel en vervanging van objecten);

  • de levensduurproblematiek van de stalen kunstwerken;

  • lagere kosten op het project A32 (deklaag) en voor stalen kunstwerken en renovatie betonnen bruggen. Dit als gevolg van capaciteitsproblemen bij de TU Delft en TNO waardoor het onderzoek betonnen bruggen is vertraagd;

  • een aantal in 2011 verwachte declaraties betreffende de stalen bruggen is niet in dat jaar ontvangen.

12.03 Aanleg en planstudie na tracébesluit

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatieprojecten hoofdwegennet (12.03.01)

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

   
 

Uitgaven

1 512

0

– 256

1 256

– 229

– 287

– 109

0

   

1

A10 Amsterdam praktijkproef FES

9

 

2

11

           

2

A9 Alkmaar Uitgeest

10

 

– 4

6

           
 

N9 Koedijk-De Stolpen

14

   

14

           

3

N50 Ramspol-Ens

31

 

– 26

5

           

4

A28 Utrecht-Amersfoort

53

 

29

82

           

5

A2 Holendrecht-Oudenrijn

59

 

– 25

34

           

6

A2 Oudenrijn-Everdingen

5

 

3

8

           
 

A4 Burgerveen-Leiden

81

 

– 4

77

         

2012

7

A4 Delft-Schiedam

120

 

– 13

107

         

2015

8

A15 Maasvlakte Vaanplein

239

 

– 239

0

– 229

– 287

– 109

     

9

A12 Zoetermeer-Zoetermeer Centrum

0

 

1

1

         

2015

10

N57 Veersedam-Middelburg

8

 

– 12

– 4

       

9,6

 

11

A2 Everdingen-Deil-Zaltbommel-Empel

21

 

– 3

18

       

– 10,0

 
 

N34 omleiding Ommen

3

 

– 1

2

       

– 2,6

 

12

N35 Zwolle-Almelo (traverse Nijverdal)

65

 

– 10

55

         

2014

 

N50 Viaduct Hanzelijn Toekomstvast

0

   

0

           

13

A50 Ewijk-Valburg

130

 

– 10

120

         

2014

14

A4 Dinteloord-Bergen op Zoom

40

 

– 6

34

         

2012

 

N2 Meerenakkerweg (A2 zone)

6

   

6

           

15

A2 Maasbracht-Geleen, 1e fase

61

 

– 16

45

           

16

A74 Venlo

22

 

– 23

– 1

         

2012

17

A2 Passage Maastricht

79

 

– 22

57

         

2016

18

A2/A76 Maatregelenpakket Limburg

0

 

52

52

           
 

N31 Leeuwarden (De Haak)

39

 

– 2

37

           

19

ZSM 1+2 (spoedwetwegverbreding)

258

 

– 41

217

           

20

Dynamisch verkeersmanagement

37

 

19

56

           

21

Kleine projecten / Afronding projecten

59

 

45

104

       

– 12,9

 
 

Programma aansluitingen

37

 

– 2

35

           
 

Quick Wins Wegen

15

 

2

17

           

22

Realisatieuitg.op IF 12.03.01 mbt planstudieuitg.

11

 

50

61

           
 

Afronding

0

   

0

           
  • 1. Het Doorstartplan Praktijkproef Amsterdam (DSP) is eind september 2011 goedgekeurd. De tijd die nodig was voor het opstellen en goedkeuren van dit plan heeft geleid tot vertraging in de start van de A10 Praktijkproef Amsterdam, waardoor een deel van het budget in 2011 niet is besteed. Dit deel is vooralsnog doorgeschoven naar 2012

  • 2. De uitvoering van het project verloopt voortvarend, waardoor werkzaamheden die gepland stonden na 2011, voor een groot gedeelte reeds in 2011 zijn uitgevoerd. De daarvoor benodigde extra kasbehoefte in 2011 is aangevuld vanuit 2012.

  • 3. De uitvoering van het project verloopt voortvarend, waardoor werkzaamheden die gepland stonden na 2011, voor een groot gedeelte reeds in 2011 zijn uitgevoerd en de kasraming in dat jaar naar boven is bijgesteld. Deze aanvulling is vooralsnog ten laste van 2012 gebracht.

  • 4. Het Wegaanpassingsbesluit (WAB) is vertraagd vanwege de tussenuitspraak van de Raad van State bij A1 ’t Gooi; vervolgens is recent vanwege het besluit 130 km verdere vertraging ontstaan vanwege de daarvoor benodigde herberekening van verkeerskundige onderzoeken. Een deel van het in 2011 geraamde budget is daardoor niet tot besteding gekomen en wordt vooralsnog doorgeschoven naar 2012.

  • 5. Door noodzakelijke extra werkzaamheden in 2011 zijn aanvullende afspraken met de aannemer gemaakt en was er meer kasbudget benodigd in 2011. Deze benodigde extra kasbehoefte in 2011 is vooralsnog aangevuld vanuit 2012.

  • 6. Een aantal in 2011 geplande uitgaven bleken in dat jaar niet haalbaar en zijn doorgeschoven naar 2012. Het daarmee samenhangende kasbudget is daarmee ook naar 2012 doorgeschoven.

  • 7. In verband met een voorspoedige afhandeling van de betalingen in 2011 is er vorig jaar meer gerealiseerd dan eerder was voorzien. Het daarmee gepaard gaande kasbudget is vooralsnog ten laste van 2012 gebracht. Naast deze mutatie wordt uit het budget bij dit project bijna € 10 mln. overgeboekt naar het Gemeentefonds als bijdrage aan het behoud van het karakteristieke landschap van Midden Delfland. De bijdrage is bestemd voor de z.g. IODS kwaliteitsprojecten (Integrale Ontwikkeling Delf-Schiedam) «Sanering verspreid liggende glastuinbouw» en «Groen ondernemen, een nieuwe landbouw» (onderdeel «Grondinstrument»).

    Deze bijdrage wordt verstrekt in vervolg op de gemaakte afspraken in de Bestuurlijke Overeenkomst IODS van 2 september 2010, die tot stand is gekomen in relatie met het tracébesluit van de A4 tussen Delft en Schiedam.

  • 8. Het beschikbare meerjarige budget bij dit project is omgezet naar het geïntegreerde contractartikel (12.04) inclusief een DBFM reeks (Design Build Finance Maintain – ontwerp, bouw, financiering en onderhoud). Zie ook ad 6 onder het algemeen deel van de memorie van toelichting.

  • 9. De mutatie betreft de overloop van het niet bestede budget uit 2011.

  • 10. Ten laste van dit project is vorig jaar meer gerealiseerd als gevolg van de afwikkeling van een claim van de aannemer. De totale projectkosten vallen hierdoor hoger uit.

  • 11. De uitvoering van het project verloopt voortvarend, waardoor werkzaamheden die na 2011 gepland stonden deels reeds in 2011 zijn uitgevoerd. Het daarmee gepaard gaande kasbudget is vooralsnog ten laste van 2012 gebracht.

  • 12. Als gevolg van extra kosten voor tunneltechnische installaties is in 2011 meer uitgegeven dan eerder was voorzien. Het daarmee gepaard gaande kasbudget is vooralsnog ten laste van 2012 gebracht.

  • 13. In verband met een voorspoedige afhandeling van de facturen en betalingen in 2011 is er in dat jaar meer gerealiseerd dan eerder was voorzien. De kasreeks is daarmee in overeenstemming gebracht.

  • 14. De uitvoering van dit project verloopt voorspoedig. Als gevolg daarvan was in 2011 dan ook meer kasbudget benodigd. Deze kasmutatie is vooralsnog ten laste gebracht van 2012.

  • 15. De kasraming is eind vorig jaar in lijn gebracht met de actuele betalingsafspraken met de aannemer die de spitsstrook Maasbracht-Geleen in 2011 versneld heeft gerealiseerd. Als gevolg daarvan was in 2011 meer kasbudget benodigd, compensatie hiervoor is vooralsnog gevonden in het kasbudget 2012.

  • 16. De uitvoering van dit project verloopt voorspoedig; mede hierdoor zijn in 2011 hogere kasbetalingen verricht bij het projectonderdeel Zuiderbrug.

    Voorts zijn in 2011 betalingen aan de provincie verricht in verband met mitigerende maatregelen die de provincie uitvoert in het effect- en plangebied van de A74 op basis van het convenant Bereikbaarheidsimpuls Limburg. Compensatie hiervoor is vooralsnog gevonden in het kasbudget 2012.

  • 17. In verband met voorspoedige grondverwerving zijn in 2011 extra kasuitgaven verricht. Voorts zijn in dat jaar uitgaven versneld in verband met een te verkrijgen TEN subsidie. Deze versnelde kasuitgaven worden vooralsnog aangevuld vanuit het budget voor 2012.

  • 18. Het budget van ruim € 50 mln. ten behoeve van de aansluiting Nuth is niet in 2011 betaald maar zal pas later worden betaald aan de provincie die de aansluiting zal uitvoeren (betaling volgt pas na onherroepelijk Provinciaal Inrichtingsplan). Vooralsnog is dit budget derhalve doorgeschoven naar 2012. De verwachting is dat dit in 2012 grotendeels zal worden betaald.

  • 19. Op basis van de geactualiseerde planningen van de onderliggende projecten bleek er in 2011 meer kasbudget benodigd. Dit heeft onder meer te maken met versnelde betalingen in dat jaar op de projecten Rw27 Lunetten-Rijnsweerd, Rw 12 Waterberg-Velperbroek en Rw4 Badhoevedorp-Amstel. Dit kasbudget is vooralsnog aangevuld vanuit 2012.

  • 20. Op basis van een bijgestelde meerjarenprognose, waarbij onder andere rekening is gehouden met enige vertraging in de uitvoering onder andere door het herformuleren van de scope en vanwege problemen bij de opdrachtnemer, is kasbudget doorgeschoven naar 2012.

  • 21. De in bovenstaande tabel opgenomen mutatie betreft de doorwerking van het in 2011 ontstane voordelig saldo op de volgende kleine/afgeronde projecten:

    • A7 Rondweg Sneek. Vanwege technische redenen kon de resterende bijdrage aan de provincie niet in 2011 plaatsvinden en schuift deze door naar 2012.

    • Na afronding van het project A37 Hoogeveen – Duitse grens resteert een meevaller van € 1,4 mln. Deze is vooralsnog doorgeschoven naar 2012;

    • Op het project Rw2 Rondweg Den Bosch en Tangenten Eindhoven is sprake van een meevaller van bijna € 15,3 mln. Dit kasoverschot is vooralsnog doorgeschoven naar 2012;

    • In het kader van de tunnelproblematiek is het taakstellend budget van het project Rw73 N68 en OTR +Koninginnelaan via de begroting 2012 verhoogd met € 15,5 mln., wat aan het jaar 2011 is toegevoegd. Op basis van de actuele kasplanning van de totale projectkosten is eerder voorgesteld het budget in 2011 met € 17,3 mln. te verlagen ten gunste van het jaar 2012;

    • Een meevaller bij Tangenten Eindhoven;

    • Een in 2011 nog niet bestede reservering bij rondweg Den Bosch voor de wegwerkzaamheden bij de omlegging Zuid Willemsvaart is vooralsnog doorgeschoven naar 2012 en

    • Een in 2011 nog niet bestede reservering voor de Rijksbijdrage aan het regionaal Lokaal project Joure is vooralsnog doorgeschoven naar 2012.

  • 22. Deze mutatie betreft voornamelijk het budget ten behoeve van het project A1/6/9 Schiphol/Amsterdam-Almere.

Voor het deel A10-Oost van dit project is de «schop in de grond» van het 3e kwartaal 2011 naar het 4e kwartaal 2011/1e kwartaal 2012 verschoven vanwege een verschuiving van het TB-onherroepelijk van 3e naar 4e kwartaal. Dit heeft uiteraard gevolgen voor het kasritme. Daarnaast is de planning voor de grondverwerving en het tempo van verwerving in overeenstemming gebracht met de projectfasering.

12.03.02 Planstudie na tracébesluit

De raming van het deelproject A10-oost is later in de tijd nodig dan in de meerjarenbegroting is geraamd. De voorgestelde verschuiving naar later (2021) kan hierdoor worden ingezet ten behoeve van de prioriteit Beter Benutten (zie ook het algemeen deel van deze memorie van toelichting).

12.04 GIV/PPS

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Geintegreerde contractvormen (12.04)

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

   
 

Uitgaven

354

0

22

376

56

344

364

0

   

1

Aflossing tunnels

52

 

4

56

           

2

A10 2e Coentunnel

160

 

– 56

104

         

2013

3

A12 Lunetten Veenendaal

122

 

– 13

109

           

4

A15 Maasvlakte Vaanplein

0

 

195

195

56

344

364

     

5

A59 Rosmalen-Geffen, PPS

14

 

– 107

– 93

           
 

N31 Leeuwarden-Drachten

6

 

– 1

5

           
 

Afronding

0

   

0

           
  • 1. De aflossing is gebaseerd op het aantal voertuigen dat door de tunnel rijd. In 2011 was dit aantal minder dan verwacht, waardoor de in dat jaar niet bestede gelden kunnen worden toegevoegd aan het budget voor 2012.

  • 2. Om stagnatie te voorkomen is de aannemer vorig jaar tijdelijk een eenmalige betaling ter beschikking gesteld vooruitlopend op te verrekenen meerkosten. Kasmatig is dit vooralsnog ten laste gebracht van het budget 2012.

  • 3. Het project is afgesplitst van het ZSM-programma en als DBFM-project (Design Build Finance Maintain – ontwerp, bouw, financiering en onderhoud) als zelfstandig MIRT-project in de Ontwerpbegroting 2012 opgenomen. Bij de conversie naar het geïntegreerde contractartikel is een te laag budget overgeboekt dat na verwerking van deze mutatie is gecorrigeerd.

  • 4. Het beschikbare budget bij dit project is met ingang van dit jaar meerjarig omgezet naar het geïntegreerde contractartikel inclusief een DBFM reeks (zie ook ad 6 onder het algemeen deel van de memorie van toelichting).

  • 5. Met de provincie Noord-Brabant is overeengekomen om de jaarlijkse betaling voor het PPS contract A59 versneld en in één bedrag in 2011 te betalen. Het gaat om een bedrag van ca. € 107 mln.

12.05 Verkenning en planstudie voor tracébesluit

Op het hoofdproduct Verkenningen zijn in 2011 minder kosten zijn gemaakt dan was voorzien, die met name zichtbaar zijn bij de projecten Ruit Rotterdam, Brabantstad ZOV en overige (kleine) verkenningen.

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Projectenoverzicht behorende bij 12.03.02 en 12.05.02:

Planstudie hoofdwegennet voor en na tracebesluit

Projectomschrijving

Stand project-budget MIRT 2012

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

 

A1/A6/A9 Schiphol-Amsterdam-Almere

4 094

   

4 094

 

N61 Hoek-Schoondijke

115

   

115

 

A9 Omlegging Badhoevedorp

318

   

318

 

A27/A1 Utrecht Noord-knooppunt Eemnes-Aansluiting Bunschoten

252

   

252

 

A12 Bypass Nootdorp

0

   

0

 

A1 Beekbergen – Apeldoorn Zuid

35

   

35

 

A12 Ede-Grijsoord

107

   

107

 

N18 Varsseveld-Enschede

303

1

 

303

 

N35 Zwolle-Wythmen

45

   

45

 

A6/A7 Knooppunt Joure

76

   

76

 

N31 Harlingen (traverse Harlingen)

143

   

143

 

N33 Assen-Zuidbroek

190

   

190

 

A10 Zuidas (hoofdweggedeelte)

301

   

301

 

A28/A1 Knooppunt Hoevelaken

676

   

676

 

A2/A12/A27 Ring Utrecht

1 065

   

1 065

 

A27 Utrecht-Lunetten-Hooipolder

0

   

0

 

A13/A16/A20 Rotterdam

0

   

0

 

A12/A15 Bereikbaarheid regio Arnhem-Nijmegen

800

   

800

1

A7 Zuidelijke Ringweg Groningen, fase 2

575

5

 

575

 

A2 Maasbracht-Geleen 2e fase

0

   

0

2

Benutting

 

79

 

79

3

Overprogrammering

– 250

83

 

– 167

  • 1. Deze mutatie betreft de doorwerking van het positieve saldo over 2011.

  • 2. Naast een toevoeging van € 5 mln. via de verwerking van het voordelig saldo 2011 aan 2012, wordt ca. € 74 mln. toegevoegd aan het budget voor 2012 (en ruim € 100 mln. aan 2013) die door middel van verschuivingen beschikbaar zijn gekomen ten behoeve van het programma Beter Benutten (zie ook algemeen deel van de memorie van toelichting).

    De mutaties in de latere jaren betreffen de A10 Zuidas en A10 Zuid (Knopen). Wat betreft de eerst genoemde is de realisatiefase van het project nu geprogrammeerd voor de jaren 2016–2022. Voor de periode 2013–2015 zijn de beschikbare middelen op de Zuidas ingezet voor Beter benutten. Deze middelen komen in de periode 2015–2022 weer ter beschikking van project Zuidas.

    Wat betreft de A10 Zuidas (Knopen) staat in 2015 € 61 mln. gereserveerd, maar in dat jaar zullen nog geen uitgaven worden verricht, waardoor deze gelden kunnen worden doorgeschoven naar de periode 2016–2020.

  • 3. Dit betreft de vorig jaar in de begroting geraamde overprogrammering, die in dat jaar niet is toegewezen aan projecten en thans via de verwerking van het voordelig saldo 2011 aan de begroting van 2012 wordt toegevoegd.

12.09 Ontvangsten

De mutatie op de ontvangstenraming heeft met name betrekken op:

  • A57 Veersedam – Middelburg. Een van de declaraties aan de Provincie Zeeland is niet in 2011 ontvangen. De ontvangst wordt thans voorzien in 2012;

  • A20 Aansluiting Moordrecht. In de uitvoeringsovereenkomst is afgesproken dat de provincie Zuid Holland 15% van de kosten voor de aansluiting bijdraagt. De ontvangst van deze bijdrage wordt pas gerealiseerd na uitvoering van de werkzaamheden. De ontvangst zal daardoor tussen 2012 en 2017 plaatsvinden;

  • A9 Badhoevedorp. In verband met een vertraging is er met de bestuurlijke partners overeengekomen dat de ontvangsten ook worden opgeschort. De eerst volgende ontvangst van de Gemeente Haarlemmermeer wordt daardoor in 2012 verwacht.

Verder zijn ontvangsten, die op overige aanleg ontvangsten in 2011 werden verwacht, doorgeschoven naar 2012.

Overzicht mutaties vanaf de ontwerpbegroting

Overeenkomstig het gestelde in het algemeen deel van deze memorie van toelichting, is hieronder een gespecificeerd overzicht opgenomen van alle in dit wetsvoorstel aangebrachte mutaties op dit begrotingsartikel. In de kolom Toelichting van de tabel wordt, om herhalende toelichtingen te voorkomen, door middel van een nummer verwezen naar de toelichting op de betreffende mutaties onder 2.1. Overzicht uitgaven en ontvangsten mutaties.

Artikel 12 Hoofdwegennet

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.01

   

43 993

27 340

23 304

23 273

23 228

92 897

205 656

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

43 993

27 340

23 304

23 273

23 228

92 897

205 656

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.02

   

343 137

549 955

471 666

331 765

419 595

2 142 823

3 235 576

 

Saldo 2011

Intertemporeel

28 040

28 040

           

1

Saldo 2011

Intensivering/Extensivering

– 89 092

– 89 092

           

1

DBFM A15 Maasvlakte Vaanplein

Neutraal

– 28 587

       

– 13 484

– 15 103

 

6

DBFM A15 Maasvlakte Vaanplein

Intensivering/Extensivering

– 184 208

– 6 337

– 6 337

– 11 636

– 30 050

– 18 203

– 111 645

 

6

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 67 389

– 6 337

– 11 636

– 30 050

– 31 687

– 126 748

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

275 748

543 618

460 030

301 715

387 908

2 016 075

3 235 576

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.03

   

1 512 384

1 189 519

938 479

542 239

145 746

18 230

0

 

Saldo 2011

Intertemporeel

– 7 053

– 7 053

           

1

Verschuiving i.h.k.v. prioriteit Beter Benutten

Intensivering/Extensivering

0

     

– 64 000

   

64 000

2c

Overboeking Gemeentefonds

Intensivering/Extensivering

– 9 665

– 9 665

           

4

DBFM A15 Maasvlakte Vaanplein

Neutraal

– 177 300

– 58 704

– 48 212

– 34 370

– 36 014

     

6

DBFM A15 Maasvlakte Vaanplein

Intensivering/Extensivering

– 687 407

– 180 446

– 181 128

– 253 000

– 72 833

     

6

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 255 868

– 229 340

– 287 370

– 172 847

0

0

64 000

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

1 256 516

960 179

651 109

369 392

145 746

18 230

64 000

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.04

   

354 075

384 106

171 962

145 777

147 252

564 632

908 172

 

Saldo 2011

Intertemporeel

62 352

62 352

           

1

Saldo 2011

Intensivering/Extensivering

– 107 600

– 107 600

           

1

DBFM A15 Maasvlakte Vaanplein

Neutraal

205 887

58 704

48 212

34 370

36 014

13 484

15 103

 

6

DBFM A15 Maasvlakte Vaanplein

Intensivering/Extensivering

857 827

8 140

8 140

310 112

327 935

40 700

162 800

 

6

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

21 596

56 352

344 482

363 949

54 184

177 903

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

375 671

440 458

516 444

509 726

201 436

742 535

908 172

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.05

   

– 233 743

122 507

1 203 572

753 818

2 328 262

8 514 667

3 996 765

 

Amendement 33 000 A, nr. 9

Intensivering/Extensivering

– 250

– 250

             

Amendement 33 000 A, nr. 10

Intensivering/Extensivering

– 4 500

– 4 500

             

Saldo 2011

Intertemporeel

104 725

104 725

           

1

Verschuiving i.h.k.v. prioriteit Beter Benutten

Intensivering/Extensivering

0

74 461

100 493

0

– 77 954

0

– 33 000

– 64 000

2b, c

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

174 436

100 493

0

– 77 954

0

– 33 000

– 64 000

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

– 59 307

223 000

1 203 572

675 864

2 328 262

8 481 667

3 932 765

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.06

   

437 750

418 861

391 966

378 394

375 060

1 481 297

3 007 912

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

437 750

418 861

391 966

378 394

375 060

1 481 297

3 007 912

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012

   

2 330 371

2 613 456

3 246 425

2 258 364

3 461 640

12 832 701

11 354 081

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 12.09

   

232 114

263 591

205 850

107 337

505 954

618 298

 

Saldo 2011

Intertemporeel

18 753

18 753

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

18 753

0

0

0

0

0

0

 

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012

   

250 867

263 591

205 850

107 337

505 954

618 298

0

 
Budgettaire gevolgen van beleid: Voorjaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

13 Spoorwegen

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

 

(1)

(2)

(3)

(4)=(1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

Verplichtingen

2 032 613

0

0

2 032 613

       

Uitgaven

2 445 684

0

27 367

2 473 051

– 42 874

– 99 259

– 137 259

– 147 259

13.02 Onderhoud en vervanging

1 510 623

0

– 1 023

1 509 600

– 42 874

– 39 259

– 113 259

– 113 259

13.02.01 Regulier onderhoud

671 520

0

9 584

681 104

– 2 874

– 3 259

– 113 259

– 113 259

13.02.02 Grote onderhoudsprojecten

455 699

0

– 51 099

404 600

       

13.02.03 Rentelasten

37 919

0

0

37 919

       

13.02.04 Betuweroute

55 600

0

– 1 451

54 149

       

13.02.05 Kleine infra en overige projecten

289 885

0

41 943

331 828

– 40 000

– 36 000

   

13.02.06 Aandeel ProRail in taakst. IenM

0

0

0

0

       

13.03 Aanleg

675 852

0

– 19 783

656 069

0

0

0

0

13.03.01 Real.progr.personenvervoer

630 772

0

– 19 091

611 681

       

13.03.02 Real.progr.goederenvervoer

45 080

0

– 692

44 388

       

13.03.03 Uitgaven leenfaciliteit versnelde aanleg

0

0

0

0

       

13.04 Geintegreerde contractvormen/PPS

151 489

0

11 365

162 854

       

13.05 Verkenningen en planstudies

107 720

0

36 808

144 528

0

– 60 000

– 24 000

– 34 000

13.05.01 Planstudieprogr. personenvervoer

73 572

0

30 369

103 941

 

– 60 000

– 24 000

5 000

13.05.02 Planstudieprogr. goederenvervoer

34 148

0

6 439

40 587

     

– 39 000

13.09 Ontvangsten

93 136

0

– 21 184

71 952

– 114 105

– 126 490

– 164 490

– 164 490

13.02 Onderhoud en vervanging

Het grootste deel van de mutaties in 2012 op deze operationele doelstelling houdt verband met de verwerking van het voordelig saldo 2011 naar 2012 en betreft onder andere het niet aanwenden van het budget Actieplan Groei op het Spoor en de afrekening over 2009 voor Beheer en Instandhouding (B&I).

Een klein deel van de mutatie in 2012 (bijna € 3 mln.) en de mutaties in de meerjarencijfers hebben betrekking op de kasschuiven ter oplossing van de HSA problematiek en de invulling van de efficiency-taakstelling voor de spoorsector (zie ook het algemeen deel van de memorie van toelichting).

13.03 Aanleg

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatieprojecten Personenvervoer (13.03.01)

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

   
 

Uitgaven

631

0

– 19

612

0

0

0

0

   

1

BB21 (ontw. Bev21, VPT+,VPT2)

0

 

3

3

           

2

ERTMS pilot Amsterdam-Utrecht en ERTMS exp.centr.

19

 

5

24

           

3

Geluidsanering Spoorwegen

7

 

5

12

           
 

Geluid (empl. en innovatieve ontwikkelingen)

0

   

0

           
 

Integrale spooruitbreiding Amsterdam – Utrecht

4

   

4

           
 

Vervanging Dieze brug Den Bosch

0

   

0

           

4

Kleine stations

9

 

3

12

           

5

Afdekking risico's spoorprogramma's

0

 

39

39

           
 

AKI-plan en veiligheidsknelpunten

23

 

1

24

           

6

Intensivering Spoor in steden (I)

10

 

10

20

           

7

Nazorg gereedgekomen lijnen/halten

5

 

4

9

           
 

Ontsnippering

14

 

1

15

           
 

OV SAAL korte termijn

49

 

– 3

46

           
 

Amsterdam Centraal spoor 10/15

0

   

0

           
 

Amsterdam Centraal Cuyperhal

13

 

2

15

           
 

Fietsenstalling Amsterdam Centraal

2

   

2

           

8

Regionet (inclusief verkeersmaatregelen Schiphol)

35

 

6

41

           

9

Vleuten – Geldermalsen 4/6 sp. (incl. RSS)

64

 

– 53

11

           

10

OV-terminal stationsgebied Utrecht (VINEX/NSP)

66

 

18

84

           

11

Spoorwegovergang Soestdijkseweg te Bilthoven

12

 

6

18

           

12

Den Haag Centraal (t.b.v. NSP)

34

 

– 6

28

           

13

Den Haag CS: terugbouwen sporen 11/12

9

 

3

12

           

14

Rotterdam Centraal (t.b.v. NSP)

48

 

– 21

27

           

15

Rijswijk – Schiedam incl. spoorcorridor Delft

48

 

– 20

28

           
 

Breda Centraal (t.b.v. NSP)

9

 

1

10

           

16

Arnhem Centraal (t.b.v. NSP)

21

 

– 4

17

           
 

Spoorzone Ede

0

   

0

           

17

Sporen in Arnhem

15

 

– 5

10

           
 

Traject Oost (perronverbredingen)

2

   

2

           
 

Traject Oost uitv. convenant DMB

11

 

1

12

           

18

Hanzelijn

81

 

– 15

66

           
 

Sporendriehoek Noord Nederland

21

 

1

22

           
 

Partiele spooruitbreiding spoor Groningen Leeuwarden

2

   

2

           
 

Afronding

– 2

 

– 1

– 3

           
  • 1. De verwachting was dat de BB21 activiteiten in 2010 afgerond zouden zijn. Vanwege de extra activiteiten die nodig waren voor de indienststelling van ERTMS Level 1 op de Havenspoorlijn en de extra benodigde activiteiten voor het oplossen van verbindingsproblemen op de Betuweroute bleek dit niet haalbaar en werd de geplande einddatum in 1e instantie verschoven van 2010 naar 2011. Toen daarnaast ook de (niet onder BB21 vallende) projecten Zevenaar, Kijfhoek en Betuweroute 2.3.0d upgrade werden opgestart ontstond een situatie dat er vier projecten tegelijkertijd op de Betuweroute aan het werk gingen en er tussen de projecten afspraken gemaakt moesten worden. Dit heeft er toe geleid dat de geplande uitgaven alsmede de oplevering uiteindelijk zijn verschoven naar 2012.

  • 2. De besluitvorming over een ingediend voorstel inclusief subsidieaanvraag voor de «ERTMS-pilot Amsterdam-Utrecht en ERTMS-expertisecentrum» zal in de loop van 2012 plaatsvinden. De kasuitgaven zullen daardoor ook pas vanaf 2012 kunnen worden verricht.

  • 3. Het wetsvoorstel Swung-1 is nog niet aangenomen door de Eerste Kamer en daardoor nog niet in werking getreden. Ook de onderliggende regelgeving is nog niet afgerond. Als gevolg van deze oorzaken kon het meerjarenprogramma geluidsanering nog niet formeel van start en werden de financiële middelen die gereserveerd waren voor 2011 niet allemaal besteed.

    In de jaren 2020 tot en met 2022 is het kasritme aangepast ten behoeve van de problematiek van de HSA en de invulling van de efficiency-taakstelling voor de spoorsector (zie ook het algemeen deel van de memorie van toelichting).

  • 4. Als gevolg van capaciteitsproblemen bij de aannemer is de start van de bouw (Groningen Europapark) verschoven waardoor ook de hierbij behorende uitgaven niet in 2011 konden worden gerealiseerd.

  • 5. Vorig jaar is geen beroep gedaan op de risicoreservering spoorprogramma, waardoor het in 2011 onbestede budget naar 2012 kan worden overgeboekt.

  • 6. Bij het realiseren van uitgaven op dit budget is IenM afhankelijk van hetgeen de betreffende gemeenten aan uitkeringen opvragen. Deze aanvragen zijn vorig jaar achter gebleven bij de oorspronkelijke verwachting waardoor het niet bestede budget kan worden overgeboekt naar 2012.

  • 7. De afhandeling is als gevolg van afhankelijkheid van derden lastig te prognosticeren. Het betreffen met name de afwikkeling van claims, grond-juridische zaken en geluidssanering.

  • 8. Het Regionetprogramma bestaat uit een groot aantal deelprojecten. Hieronder zijn de voornaamste oorzaken aangegeven die hebben geleid tot een lagere realisatie van de kasuitgaven in 2011:

    • Verkorte treinopvolging Zaanlijn

      Op dit deelproject is sprake van een positief aanbestedingsresultaat, waardoor er minder bouwkosten waren in 2011.

    • Maatregelen Beverwijk

      De fasering is herzien als gevolg van discussie over de scope (oplossing door middel van lange of korte tunnel) en daarmee verband houdende planologische besluiten. De planstudie duurt hierdoor langer dan vooraf aangenomen. De regio voorziet geen problemen als gevolg van deze vertraging.

    • Verbetering inhaling Wormerveer (realisatie)

      De uitvoering van het verleggen van kabels en leidingen loopt iets achter als gevolg van extra afstemming tussen verschillende partijen (gemeente, eigenaren etc.) doordat er sprake is van meerdere projecten op één locatie.

    • Station Halfweg/Zwanenburg

      Er is vertraging bij de start van de bouw opgetreden als gevolg van latere toekenning van Trein Vrije Perioden en noodzakelijk aanvullend onderzoek naar mogelijke explosieven. Hierdoor zijn uitgaven verschoven naar 2012. Daarnaast is minder uitgegeven als gevolg van een gunstig aanbestedingsresultaat.

  • 9. Het project Vleuten-Geldermalsen bestaat uit een groot aantal deelprojecten. Naast bijdragen vanuit IenM zijn er ook bijdragen van ondermeer de gemeente Utrecht en RWS aan de deelprojecten. Bij het opstellen van de kasprognose over 2011 is de benodigde bijdrage van IenM fors te laag ingeschat.

    In de jaren 2020 en 2021 is voorts het kasritme aangepast ten behoeve van de HSA problematiek (zie ook het algemeen deel van de memorie van toelichting).

  • 10. Vorig jaar is de realisatie van Utrecht CS gestart. Gedurende de eerste helft van 2011 werden de consequenties van de vertraging in het voortraject van dit project (overleg stakeholders, planologische procedures) op de planning duidelijk. De planning van de oplevering schuift door van 2015 naar 2016.

  • 11. Er is besloten om werkterreinen te huren in plaats van te kopen. Tevens is de verwerving van de voor het project benodigde gronden vertraagd als gevolg van het nog niet definitief zijn van de projectgrenzen. Deze beide ontwikkelingen hebben tot een lagere kasrealisatie in 2011 geleid.

  • 12. Binnen het project hebben diverse bijstellingen van deelplanningen plaatsgevonden, waarbij kan worden gedacht aan het uitvoeren van activiteiten in een andere volgorde. Deze bijstellingen hebben geen effect op de totaalplanning van het project maar hebben wel geleid tot een herziene kasstroom.

  • 13. De mogelijkheden worden bezien om het ontwerp te vereenvoudigen, met een betrouwbaardere dienstregeling als resultaat. Dit leidt tot een vertraging van de geprognosticeerde kasuitgaven.

  • 14. In het voorgaande begrotingsjaar zijn hogere uitgaven verricht die voornamelijk werden veroorzaakt door:

    • inzicht in de hoogte van stelposten voor onder andere installaties en afbouw, deze waren bij de totstandkoming van de planning (in december 2010) nog niet ingevuld;

    • een in samenspraak met de financiers aangepaste wijziging in de volgorde van verrekening van kosten;

    • een herziene bouwfasering met daaraan gekoppeld een actualisering van de bij IenM te declareren bedragen.

  • 15. De voortgang van het betonwerk van de tunnel verloopt voorspoediger dan gepland (einddatum project blijft gelijk). Daarnaast hebben vorig jaar afrekeningen meerwerk plaatsgevonden als gevolg van met name grondwaterproblematiek. Tijdelijke bouwconstructies (stempels) en tunnelwanden moesten extra worden versterkt als gevolg van hoge tegendruk van grondwater in de tunnel. Deze effecten hebben dat jaar tot hogere uitgaven geleid.

  • 16. Op dit project is in 2011 een deel van de forfaitaire aftrek geboekt. De aanbestedingsprocedure is vertraagd in verband met te hoge inschrijvingen. De hiermee gemoeide kasmatige vertraging is echter kleiner dan de eerder aangebrachte forfaitaire aftrek, waardoor er alsnog sprake is van hogere uitgaven in 2011 die in 2012 worden gecompenseerd.

  • 17. Gedurende de uitvoering van het project zijn, in de aanloop naar een grote buitendienststelling, wijzigingsvoorstellen (van zowel aannemer als ProRail) gedaan op het realisatiecontract. Deze voorstellen hebben onder meer betrekking op optimalisatie van de uitvoering en meerwerken. Dit heeft in 2011 geleid tot een geringe afwijking van de geraamde kasuitgaven.

  • 18. De voortgang van het project is voorspoedig. Contracten (zoals Nieuwe Land en Tunnel Drontermeer) worden eerder afgerond en financieel afgerekend dan waarmee rekening was gehouden. Deze trend heeft zich in de tweede helft van 2011 voortgezet voor de contracten Oude Land, Bypass IJssel, IJsselbrug en Ombouw Lelystad.

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatieprojecten Goederenvervoer (13.03.02)

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

   
 

Uitgaven

45

0

– 1

44

0

0

0

0

   

1

PAGE risico reductie

4

 

– 3

1

           
 

Geluidspilot Goederenvervoer

0

   

0

           
 

Optimalisering Goederencorridor Rotterdam-Genua

20

 

1

21

           
 

Uitv.progr.Goed.route Elst-Deventer-Twente (NaNov)

19

 

2

21

           
 

Sloelijn/geluidmaatregelen Zeeuwselijn

1

   

1

           
 

Kleine projecten

0

   

0

           

2

Nazorg gereedgekomen lijnen-halten

2

 

– 1

1

           
 

Afronding

– 1

   

– 1

           
  • 1. Deze mutatie betreft een kasschuif vanuit 2012 naar 2011 ten behoeve van een afrekening over het derde kwartaal en een voorschotbetaling over het vierde kwartaal 2011.

  • 2. De afhandeling is als gevolg van afhankelijkheid van derden lastig te prognosticeren. Het betreft hier met name de afwikkeling van claims, grond-juridische zaken en geluidssanering.

13.04 Geintegreerde contractvormen/PPS

De mutatie heeft betrekking op het contract met de infraprovider en wordt geheel veroorzaakt door de lage rentestand. In het contract is gerekend met een voorcalculatorische rentestand, die jaarlijks wordt aangepast aan de vigerende rentestand.

13.05 Verkenningen en planstudies

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Projectenoverzicht behorende bij 13.05.01

Spoorwegen personenvervoer; planstudie

Projectomschrijving

Stand project-budget MIRT 2012

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

1

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer

2 841

14

 

2 841

 

Amsterdam Zuidas: deel station (tbv NSP)

231

1

 

231

 

Amsterdam Zuidas WTC 4-sp + keersporen

95

3

 

95

2

OV Schiphol-Amsterdam-Almere-Lelystad

989

7

 

989

 

Quick-scan Decentraal Spoor Gelderland

31

1

 

31

 

Traject Oost

8

1

 

8

 

Grensoverschrijdend Spoorvervoer

43

   

43

 

Kleine projecten

5

1

 

5

 

Diversen

 

3

 

3

  • 1. De start van de planuitwerkingsfase PHS heeft meer tijd in beslag genomen dan verwacht. Vooralsnog is er geen sprake van een vertraagde oplevering van de projecten. Realisatie van PHS uiterlijk in 2020 blijft de doelstelling.

  • 2. Binnen het OV SAAL project lopen diverse planstudies. Twee planstudies zijn afgerond en goedkoper uitgevallen dan oorspronkelijk geraamd. Bij 3 andere planstudies is sprake van vertraging onder andere vanwege de koppeling aan de besluitvorming OV SAAL lange termijn en herdefiniëring vanwege «Kort Volgen».

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

Projectenoverzicht behorende bij 13.05.02

Spoorwegen goederenvervoer; planstudie

Projectomschrijving

Stand project- budget MIRT 2012

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

 

Aslasten Cluster III

38

   

38

 

Optimalisering Goederencorridor R'dam-Genua

28

2

 

28

1

ERTMS Amsterdamse haven-Betuweroute

3

1

 

3

1

ERTMS Rotterdam-Antwerpen

3

1

 

3

 

Spooraansluiting 2e Maasvlakte achterlandverb.

212

2

 

212

 

Goederenverbinding Antwerpen-Roergebied (IJzeren Rijn)

0

   

0

 

Goederenroute Elst-Deventer-Twente (NaNOV)

5

   

5

 

Kleine projecten/studies

5

1

 

5

  • 1. Het overleg met ProRail over de wijze waarop de planstudiefase ingericht zal worden neemt meer tijd in beslag dan vooraf aangenomen. Dit heeft er toe geleid dat de oorspronkelijk voor 2011 geplande werkzaamheden in 2012 zullen worden gerealiseerd, maar vormt geen bedreiging voor de geplande ingebruikname.

13.09 Ontvangsten

De mutatie op de ontvangstenraming heeft enerzijds betrekking op de doorwerking van in de begroting voor 2011 geraamde ontvangsten van lagere overheden die pas in 2012 zullen worden ontvangen en anderzijds een (meerjarige) aanpassing van de ramingen ten behoeve van de HSA-problematiek en de invulling van de efficiency-taakstelling voor de spoorsector (zie ook het algemeen deel van de memorie van toelichting).

Overzicht mutaties vanaf de ontwerpbegroting

Overeenkomstig het gestelde in het algemeen deel van deze memorie van toelichting, is hieronder een gespecificeerd overzicht opgenomen van alle in dit wetsvoorstel aangebrachte mutaties op dit begrotingsartikel. In de kolom Toelichting van de tabel wordt, om herhalende toelichtingen te voorkomen, door middel van een nummer verwezen naar de toelichting op de betreffende mutaties onder 2.1. Overzicht uitgaven en ontvangsten mutaties.

Artikel 13 Spoorwegen

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.02

   

1 510 623

1 567 862

1 360 564

1 472 331

1 271 147

5 187 545

11 463 248

 

Saldo 2011

Intertemporeel

1 891

1 891

           

1

HSA / HRN en taakstelling efficiency spoorsector

Intensivering/Extensivering

– 1 489 327

– 2 914

– 42 874

– 39 259

– 113 259

– 113 259

– 317 477

– 860 285

3

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 1 023

– 42 874

– 39 259

– 113 259

– 113 259

– 317 477

– 860 285

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

1 509 600

1 524 988

1 321 305

1 359 072

1 157 888

4 870 068

10 602 963

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.03

   

675 852

645 858

561 017

507 963

414 633

721 004

72 747

 

Saldo 2011

Intertemporeel

– 19 783

– 19 783

           

1

HSA / HRN en taakstelling efficiency spoorsector

Intertemporeel

– 1

0

0

0

0

0

– 15 000

14 999

3

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 19 783

0

0

0

0

– 15 000

14 999

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

656 069

645 858

561 017

507 963

414 633

706 004

87 746

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.04

   

151 489

143 776

145 040

146 099

147 580

612 144

1 294 257

 

Saldo 2011

Intertemporeel

11 365

11 365

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

11 365

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

162 854

143 776

145 040

146 099

147 580

612 144

1 294 257

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.05

   

107 720

211 006

325 314

449 299

566 454

3 300 504

959 816

 

Saldo 2011

Intertemporeel

36 808

36 808

           

1

HSA / HRN en taakstelling efficiency spoorsector

Intensivering/Extensivering

– 266 001

0

0

– 60 000

– 24 000

– 34 000

– 297 000

148 999

3

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

36 808

0

– 60 000

– 24 000

– 34 000

– 297 000

148 999

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

144 528

211 006

265 314

425 299

532 454

3 003 504

1 108 815

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012

   

2 473 051

2 525 628

2 292 676

2 438 433

2 252 555

9 191 720

13 093 781

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 13.09

   

93 136

174 105

186 489

346 489

346 489

1 385 956

2 307 126

 

Saldo 2011

Intertemporeel

9 961

9 961

           

1

HSA / HRN en taakstelling efficiency spoorsector

Intensivering/Extensivering

– 215 327

– 43 914

– 101 874

– 99 259

– 27 259

– 37 259

– 89 478

183 716

3

HSA / HRN en taakstelling efficiency spoorsector

Intertemporeel

– 1 540 000

0

0

0

– 110 000

– 110 000

– 440 000

– 880 000

3

Overboeking Hfdst XII

Intensivering/Extensivering

– 209 000

12 769

– 12 231

– 27 231

– 27 231

– 17 231

– 68 923

– 68 922

3

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 21 184

– 114 105

– 126 490

– 164 490

– 164 490

– 598 401

– 765 206

 

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012

   

71 952

60 000

59 999

181 999

181 999

787 555

1 541 920

 
Budgettaire gevolgen van beleid: Voorjaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

14 Regionaal/lokale infra.

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

 

(1)

(2)

(3)

(4)=(1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

Verplichtingen

215 471

0

0

215 471

Uitgaven

329 348

0

– 105 260

224 088

– 72 500

0

50 954

0

14.01 Grote regionaal/lokale projecten

187 266

0

49 230

236 496

– 72 500

0

50 954

0

14.01.01 Verkenningen

0

0

0

0

       

14.01.02 Planstudieprogr.reg./lok

888

0

7 509

8 397

– 42 493

 

50 954

 

14.01.03 Real.progr.reg./lok.

186 378

0

41 721

228 099

– 30 007

     

14.02 Regionale Mob. Fondsen

41 291

0

– 4 633

36 658

       

14.03 RSP – ZZL: Pakket Bereikbaarheid

100 791

0

– 149 857

– 49 066

0

0

0

0

14.03.01 RSP – ZZL: RB projecten

31 182

0

9 973

41 155

       

14.03.02 RSP – ZZL: RB mob.fondsen

51 968

0

– 160 000

– 108 032

       

14.03.03 RSP – ZZL: REP

17 641

0

170

17 811

       

14.09 Ontvangsten

0

0

0

0

 

 

 

 

14.01 Grote regionaal/lokale projecten

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)
 

14.01.02 Regionale/lokale infrastructuur; planstudie

Projectomschrijving

Stand project- budget MIRT 2012

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

 

Haaglanden/Den Haag, R'damsebaan

     

0

 

(vh. Trekvliettrace)

228

   

228

1

A12/A20 Parallelstructuur Gouweknoop

109

16

 

109

 

Rijn Gouwelijn West

46

   

46

 

Utrecht Tram-CS-De Uithof

110

   

110

2

Eindhoven Helmond, voltooiing verkeersruit (T-str.)

259

– 25

 

259

3

Overige projecten

var.

16

 

var.

  • 1. Omdat er in 2011 nog geen overeenkomst of beschikking was, zijn in dat jaar geen uitgaven ten laste van het project Parallelstructuur A12/Gouwe verricht en worden het niet bestede budget via de verwerking van het voordelig saldo doorgeboekt naar de begroting van 2012.

    Ten behoeve van de oplossing van de HSA-problematiek en de invulling van de efficiency-taakstelling voor de spoorsector is een kasritme wijziging aangebracht van € 29 mln. in 2013 naar 2017 en 2018 (zie ook het algemeen deel van de memorie van toelichting).

  • 2. Het project BOSE is onderdeel geworden van de T-structuur Eindhoven Helmond. Dit onderzoek loopt nog en er is in 2011 geen beschikking afgegeven. Hierdoor is bijna € 13 mln. aan budget doorgeboekt naar 2012.

    Voorts kan er als gevolg van vertraging van het project een kasritme-aanpassing naar 2015 worden aangebracht waardoor er in 2012 ruim € 37 mln. en in 2013 ruim € 13 mln. ten behoeve van het programma Beter Benutten beschikbaar komt (zie ook het algemeen deel van de memorie van toelichting).

  • 3. De in de begroting voor 2011 geraamde gelden ten behoeve van onder andere WROOV, Claim Stadsregio Rotterdam OV Chip en het fietsbeleid zijn dat jaar niet tot betaling gekomen.

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Real.progr.reg.lok. (14.01.03)

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

   
 

Uitgaven

186

0

42

228

– 30

0

0

0

   

1

Noord/Zuidlijn Noord-WTC

44

 

12

56

           

2

N201

18

 

14

32

           

3

Rijn Gouwelijn Oost

42

 

31

73

– 30

         

4

Scheveningen Boulevard

0

   

0

           

5

Randstadrail (incl. voorbereidingskosten

                   
 

en aanlanding)

52

 

– 18

34

           

6

Beneluxmetro (excl.Bodemsanering)

0

 

2

2

           
 

Tilburg Noordwesttangent

0

   

0

           
 

Nijmegen 2e stadsbrug

31

   

31

           
 

Afronding

– 1

 

1

0

           
  • 1. Door vertraging in de uitvoering konden de laatste betalingen over 2011 pas in 2012 worden verricht.

  • 2. Het subsidieproject is vertraagd doordat de Provinciale Staten de planning van de mijlpalen heeft aangepast omdat de uitvoering is vertraagd.

  • 3. Door gewijzigde plannen van de provincie Zuid-Holland kon er in 2011 geen beschikking worden afgegeven. De verwachting is dat er dit jaar omtrent de plannen meer duidelijkheid komt.

    Voorts is er op dit project een kasritme-aanpassing naar de jaren 2018 tot en met 2020 aangebracht waardoor er in 2012 € 41 mln. en in 2013 € 30 mln. beschikbaar komt ten behoeve van de HSA-problematiek en de invulling van de efficiency-taakstelling voor de spoorsector (zie ook het algemeen deel van de memorie van toelichting).

  • 4. Uit het resterende budget ten behoeve van het project Scheveningen boulevard wordt € 62 000 (in 2013 € 7 000) overgeboekt naar het Gemeentefonds in verband met de indexatie 2012 en 2013 (Nota Ruimte).

  • 5. In 2011 is één betaling voor de ZORO bus van bijna € 18 mln. verricht, die niet in de begroting voor dat jaar was geraamd.

  • 6. Het budget is bestemd voor de betaling van de subsidie-eindafrekening waarvoor reed een betalingsverplichting is vastgelegd. De concrete betaling heeft niet in 2011 plaats gevonden, waardoor het budget wordt doorgeschoven naar 2012.

14.02 Regionale mob.fondsen

De mutatie is het gevolg van een niet in de begroting voor 2011 geraamde betaling ten behoeve van het project Sluiskil.

14.03 RSP – ZZL: Pakket Bereikbaarheid

De mutaties op deze operationele doelstelling betreffen de verwerking van het voordelig saldo over 2011 aan 2012 en hebben voornamelijk betrekking op enerzijds in het jaar 2011 ontstane kasoverschotten doordat afrekeningen niet hebben plaatsgevonden en anderzijds door een hogere storting in de mobiliteitsfondsen conform de afgesproken verhouding in het RSP convenant.

Overzicht mutaties vanaf de ontwerpbegroting

Overeenkomstig het gestelde in het algemeen deel van deze memorie van toelichting, is hieronder een gespecificeerd overzicht opgenomen van alle in dit wetsvoorstel aangebrachte mutaties op dit begrotingsartikel. In de kolom Toelichting van de tabel wordt, om herhalende toelichtingen te voorkomen, door middel van een nummer verwezen naar de toelichting op de betreffende mutaties onder 2.1. Overzicht uitgaven en ontvangsten mutaties.

Artikel 14 Regionaal/lokale infra.

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.01

   

187 266

140 607

120 653

61 919

34 235

697 433

450 000

 

Saldo 2011

Intertemporeel

127 753

127 753

           

1

Verschuiving i.h.k.v. prioriteit Beter Benutten

Intensivering/Extensivering

0

– 37 461

– 13 493

0

50 954

     

2c

HSA / HRN en taakstelling efficiency spoorsector

Intensivering/Extensivering

0

– 41 000

– 59 000

     

100 000

 

3

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

49 292

– 72 493

0

50 954

0

100 000

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

236 558

68 114

120 653

112 873

34 235

797 433

450 000

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.02

   

41 291

30 257

12 749

         

Saldo 2011

Intertemporeel

– 4 633

– 4 633

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 4 633

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

36 658

30 257

12 749

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.03

   

100 791

97 434

196 544

107 624

214 367

461 414

0

 

Saldo 2011

Intertemporeel

143

143

           

1

Saldo 2011

Intensivering/Extensivering

– 150 000

– 150 000

           

1

Overboeking naar Gemeentefonds

Intensivering/Extensivering

– 69

– 62

– 7

         

7

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 149 919

– 7

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

– 49 128

97 427

196 544

107 624

214 367

461 414

0

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012

   

224 088

195 798

329 946

220 497

248 602

1 258 847

450 000

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 14.09

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 
Budgettaire gevolgen van beleid: Voorjaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

15 Hoofdvaarwegennet

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

 

(1)

(2)

(3)

(4)=(1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

Verplichtingen

1 015 926

4 750

54 645

1 075 321

       

Uitgaven

843 656

4 750

– 12 374

836 032

0

0

0

0

15.01 Verkeersmanagement

23 552

0

0

23 552

0

0

0

0

15.01.01 Basispakket verkeersmanagement

23 552

0

0

23 552

       

15.01.02 Servicepakket verkeersmanagement

0

0

0

0

       

15.02 Beheer en onderhoud

199 385

0

– 27 331

172 054

0

0

0

0

15.02.01 Basispakket B&O hoofdvaarwegen

125 947

0

– 1

125 946

       

15.02.02 Servicepakket B&O hoofdvaarwegen

23 176

0

– 27 598

– 4 422

       

15.02.04 Groot var.onderhoud hoofdvaarwegen

50 262

0

268

50 530

       

15.03 Aanleg en planstudie na tracébesluit

343 610

4 750

17 745

366 105

0

0

0

0

15.03.01 Realisatieprogr. hoofdvaarwegen

334 891

4 750

16 776

356 417

       

15.03.02 Planstudieprogr. na tracébesluit

8 719

0

969

9 688

       

15.05 Verk. en planstudies voor tracébesluit

21 287

0

– 2 788

18 499

0

0

0

0

15.05.01 Verkenningen

0

0

0

0

       

15.05.02 Planstudieprogramma voor tracébesluit

21 287

0

– 2 788

18 499

       

15.06 Netwerkgebonden kosten HVWN

255 822

0

0

255 822

0

0

0

0

15.06.01 Apparaatskosten RWS

243 456

0

0

243 456

       

15.06.02 Overige netwerkgebonden kosten

12 366

0

0

12 366

       

15.09 Ontvangsten

68 687

0

16 531

85 218

       

15.02 Beheer en onderhoud

Eind 2011 is met de provincies overeenstemming bereikt over de overdracht van het Harinxmakanaal en Winschoterdiep naar de provincies en het opnemen van de hoofdvaarweg Lemmer – Delfzijl binnen het hoofdvaarwegennet.

De intentie was om het hiermee gemoeide bedrag geheel in 2011 te betalen aan de Noordelijke provincies, maar was onder voorbehoud van goedkeuring van de Provinciale Staten. De Provinciale Staten van Friesland hebben de behandeling van het convenant echter doorgeschoven naar 2012 zodat dat deel pas tot betaling zal komen in 2012.

Anderzijds wordt als gevolg van de nieuwe beheerssituatie op de Hoofdvaarweg Lemmer – Delfzijl als afronding van het met de provincies gesloten convenant BTW aan het BTW Compensatiefonds (BCF) onttrokken en aan de IenM-begroting toegevoegd.

15.03 Aanleg en planstudie na tracébesluit

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatieprojecten hoofdvaarwegen (15.03.01)

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

Gevolgen MIRT

Budget

Oplevering

   

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

 
 

Uitgaven

335

4

17

356

0

0

0

0

   
 

Quick Wins binnenhavens

15

– 2

1

14

           

1

Impuls Dynamisch verkeersmanagement

35

 

8

43

           

2

Verbeteren vaargeul IJsselmeer (Amsterdam-Lemmer)

0

 

3

3

       

– 2,1

 

3

Walradar Noordzeekanaal

4

 

6

10

           
 

De Zaan (Wilhelminasluis)

0

   

0

           
 

Lekkanaal, verbreding kanaalzijde en uitbreiding ligpl.

0

   

0

           
 

Capaciteit Julianasluis Gouda

0

   

0

           
 

Zuid-Willemsvaart; renovatie middendeel klasse II

4

   

4

       

– 3,0

 

4

Zuid-Willemsvaart, oml. en opwaarderen (Maas-Veghel)

70

 

– 6

64

           
 

Wilhelminakaanl Tilburg

2

   

2

         

2016

 

Zuid-Willemsvaart; vervanging sluizen 4, 5 en 6

25

   

25

       

– 8,0

 
 

Maasroute, modernisering fase 2

111

   

111

         

na 2013

 

Bouw 4e sluiskolk Ternaaien

0

   

0

           
 

Vaarweg Meppel-Ramspol (keersluis Zwartsluis)

7

   

7

           
 

Vaarweg Lemmer-Delfzijl fase 1

23

 

1

24

         

2014

 

Verruiming vaarweg Eemshaven Noordzee

26

   

26

         

2013

 

Walradarsystemen

9

 

2

11

           
 

Kleine projecten

1

   

1

       

– 0,8

 
 

Ligplaatsvoorzieningen

0

   

0

       

– 0,2

 
 

Subsidieprogr.ZeehaveninnovatieProject voor

                   
 

duurzaamheid (ZIP)

2

   

2

           
 

Amendement ligplaatsen

 

6

 

6

           
 

Afronding

1

 

2

3

           
  • 1. Er bleek in 2011 meer tijd nodig voor het verkrijgen van draagvlak bij partners en de voorbereiding van de marktwerking. Het daardoor in 2011 onbesteed gebleven budget schuift vooralsnog door naar 2012.

  • 2. Binnen dit project is één deelproject in overleg met de opdrachtgever stopgezet. Het daarmee samenhangende budget wordt vooralsnog doorgeschoven naar 2012.

  • 3. Als gevolg van planningsproblemen bij de aannemer is de aanvang van het project vertraagd. Dit heeft tot gevolg dat ook een groot deel van het budget in 2011 niet besteed kon worden en vooralsnog naar 2012 is doorgeschoven.

  • 4. De bij Najaarsnota 2011 verwachte betalingsversnelling op basis van de planning van de aannemer is voor een deel gerealiseerd. Het uiteindelijk niet tot betaling gekomen deel van het budget wordt vooralsnog doorgeschoven naar 2012

15.05 Verkenningen en planstudies voor tracébesluit

Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

15.03.02/15.05.02 Planstudieprogramma voor- en na tracébesluit/projectbesluit

Projectomschrijving

Stand project-budget MIRT 2012

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Kasmutatie

Budgetwijziging

Maasroute, modern.fase 2, verbr.Julianakanaal (aanvulling III)

65

   

65

Verbreding Maasgeul

3

   

3

Amsterdam-Rijnkanaal, verwijderen keersluis Zeeburg

14

   

14

Lichteren Buitenhaven IJmuiden

63

   

63

Vaarweg IJsselmeer-Meppel

35

   

35

Capaciteitsuitbreiding ligplaatsen Amsterdam-Lemmer

6

   

6

Zeetoegang IJmond

0

   

0

Lekkanaal/3e kolk Beatrixsluis

177

   

177

Cap.uitbreiding overnachtingsplaatsen Merwedes

28

   

28

Uitbreiding ligplaatscapaciteit Beneden Lek

3

   

3

Verkeerssituatie Splitsing Hollandsch Diep-Dordtsche Kil

9

   

9

Bovenloop IJssel (IJsselkop tot Zutphen)

36

   

36

Capaciteitsuitbreiding ligplaatsen IJssel

27

   

27

Toekomstvisie Waal

142

   

142

Verruiming Twentekanalen (fase 2) en capaciteitsuitbreiding sluis Eefde

       

capaciteitsuitbreiding sluis Eefde

95

   

95

Vaarweg Lemmer-Delfzijl fase 2

0

   

0

Verdieping vaarweg Harlingen – Kornwerderzand (Boontjes)

5

   

5

Diversen

 

– 3

 

– 3

15.09 Ontvangsten

De bijstelling van de ontvangstenraming is het gevolg van de onderstaande voornaamste oorzaken:

  • De overige aanleg ontvangsten zijn nauwelijks te voorzien, waardoor de in de begroting opgenomen reeks dan ook geen werkelijke grondslag heeft. Deze raming van ca. € 12,7 mln. wordt doorgeschoven uit 2011 naar 2012, waarna uit een nadere analyse zal moeten blijken of deze reeks niet als tegenvaller moet worden afgeboekt;

  • Als gevolg van vertragingen in de start van het project Walradar Noordzeekanaal kanaal worden ook de ontvangsten later gerealiseerd (zie ook de toelichting bij ad 3 onder 15.03.01).

  • Minder ontvangsten op het VBS-tarief en

  • Versnelling van bijdragen door derden ten behoeve van de Maasroute, fase 2.

Overzicht mutaties vanaf de ontwerpbegroting

Overeenkomstig het gestelde in het algemeen deel van deze memorie van toelichting, is hieronder een gespecificeerd overzicht opgenomen van alle in dit wetsvoorstel aangebrachte mutaties op dit begrotingsartikel. In de kolom Toelichting van de tabel wordt, om herhalende toelichtingen te voorkomen, door middel van een nummer verwezen naar de toelichting op de betreffende mutaties onder 2.1. Overzicht uitgaven en ontvangsten mutaties.

Artikel 15 Hoofdvaarwegennet

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.01

   

23 552

14 856

12 495

12 487

12 464

49 852

104 296

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

23 552

14 856

12 495

12 487

12 464

49 852

104 296

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.02

   

199 385

268 584

261 747

252 622

344 678

993 454

636 744

 

Saldo 2011

Intertemporeel

2 117

2 117

           

1

Saldo 2011

Intensivering/Extensivering

– 84 093

– 84 093

           

1

Overboeking BTW Compensatiefonds

Intensivering/Extensivering

54 645

54 645

           

5

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 27 331

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

172 054

268 584

261 747

252 622

344 678

993 454

636 744

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.03

   

343 610

346 248

272 298

201 043

40 446

5 529

0

 

Amendement 33 000 A, nr. 9

Intensivering/Extensivering

250

250

             

Amendement 33 000 A, nr. 10

Intensivering/Extensivering

4 500

4 500

             

Saldo 2011

Intertemporeel

17 745

17 745

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

22 495

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

366 105

346 248

272 298

201 043

40 446

5 529

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.05

   

21 287

30 171

104 736

180 681

155 643

555 486

1 222 100

 

Saldo 2011

Intertemporeel

– 2 788

– 2 788

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 2 788

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

18 499

30 171

104 736

180 681

155 643

555 486

1 222 100

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.06

   

255 822

248 237

232 802

224 302

222 198

876 661

1 778 992

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

             

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

255 822

248 237

232 802

224 302

222 198

876 661

1 778 992

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012

   

836 032

908 096

884 078

871 135

775 429

2 480 982

3 742 132

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 15.09

   

68 687

29 703

22 155

3 042

 

Saldo 2011

Intertemporeel

16 531

16 531

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

16 531

0

0

0

0

0

0

 

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012

   

85 218

29 703

22 155

3 042

0

0

0

 
Budgettaire gevolgen van beleid: Voorjaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

16 Megaproj.niet Verkeer en Vervoer

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

 

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

Verplichtingen

674 428

0

74 567

748 995

       

Uitgaven

861 154

0

30 597

891 751

– 122 699

– 31 328

80 479

68 073

16.01 Project Mainportontwikkeling R'dam

437 934

0

17 657

455 591

0

0

0

0

16.01.01 Planstudie PMR

0

0

0

0

       

16.01.02 Realisatieprogramma PMR

437 934

0

17 657

455 591

       

16.02 Ruimte voor de Rivier

154 610

0

– 42 896

111 714

       

16.03 Maaswerken

34 769

0

33 162

67 931

700

3 195

9 195

12 670

16.04 Netwerkgebonden kosten

               

megaproj. niet VenV

18 324

0

0

18 324

0

0

0

0

16.04.01 Apparaatskosten RWS

18 324

0

0

18 324

       

16.04.02 Overige netwerkgebonden kosten

0

0

0

0

       

16.05 Hoogwaterbeschermingsprogramma 2

215 517

0

22 674

238 191

– 123 399

– 34 523

71 284

55 403

16.09 Ontvangsten

80 193

0

– 1 064

79 129

0

0

0

0

16.09.01 PMR

1 193

0

0

1 193

       

16.09.02 Ruimte voor de Rivier

0

0

– 944

– 944

       

16.09.03 Maaswerken

0

0

– 120

– 120

       

16.09.04 Ontvangsten HWBP 2

79 000

0

0

79 000

       
Voorjaarsnotamutaties (Bedragen x EUR 1 mln.)

Realisatie Megaprojecten niet VenV (16)

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

   

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

 

Uitgaven

862

0

30

892

– 122

– 32

80

68

 

Project Mainportontwikkeling Rotterdam

438

0

17

455

0

0

0

0

1

Uitvoeringsorganisatie

2

 

3

5

       
 

750 ha

0

   

0

       
 

Groene verbinding

0

   

0

       
 

Bestaand Rotterdams Gebied (BRG)

0

   

0

       

2

Natuurcompensatie

6

 

7

13

       
 

Landaanwinning

356

   

356

       
 

BTW Buitencontour

68

   

68

       

3

Onvoorzien

6

 

7

13

       

4

Ruimte voor de rivier

155

0

– 43

112

0

0

0

0

 

Projectbudget

155

 

– 43

112

       

5

Maaswerken

35

0

33

68

1

3

9

13

 

Zandmaas

32

 

– 2

30

 

– 8

– 7

– 3

 

Grensmaas

3

 

35

38

1

11

16

16

 

Apparaatskosten RWS

18

   

18

       

6

Hoogwaterbeschermingsprogramma 2

216

0

23

239

– 123

– 35

71

55

 

HWBP 2 Waterschapsprojecten

206

 

24

230

– 123

– 35

71

55

 

HWBP 2 Rijksprojecten

4

   

4

       
 

Overige projectkosten

6

 

– 1

5

       
  • 1. De mutatie is het gevolg van minder personele inzet en een kasreeks die niet in overeenstemming is met een reële planning.

    Verder is een in 2011 geraamde betaling aan de provincie Zeeland in het kader van de stimuleringsgelden Visserij Voordelta doorgeschoven naar 2012.

  • 2. Vorig jaar zijn lagere uitgaven op dit deelproject ontstaan die onder andere veroorzaakt werden doordat was voorzien in de betaling van ca. € 2 mln. aan nadeelcompensatie in 2011. Hierop is slechts door 3 partijen een beroep gedaan en twee van deze zaken zijn afgewezen.

    Verder zal overeenkomstig in 2011 gemaakte afspraken met de provincie Zuid-Holland de bijdrage van het Rijk aan het versneld Habitat-beheer pas in 2012 plaatsvinden.

    Een andere oorzaak is gelegen in het feit dat de in de begroting opgenomen kasreeks anders verloopt dan was voorzien.

  • 3. De reden van de vorig jaar ontstane onderuitputting is gelegen in het feit dat de voorziene risico’s zich op zeer beperkte mate hebben voorgedaan.

  • 4. Deze verschuiving van de uitgaven uit 2012 naar 2011 wordt veroorzaakt door een snellere realisatie van vastgoedaankopen bij de ontpoldering van de Noordwaard. Dit doordat het in tegenstelling tot de verwachting mogelijk is gebleken om een groter deel minnelijk te verwerven. Daarnaast hebben voorspoedige marktbenaderingen van Avelingen, Deventer en Zwolle geleid tot gunning aan de markt in 2011 in plaats van 2012.

  • 5. Naast de verwerking van het voordelig saldo van 2011 (onder andere door de verdieping van de stuwpand bij Grave en de restaanpak bij de retentiebekken Lateraal Kanaal Zuid), worden op beide projecten in het kader van het programma Beter Benutten kasschuiven aangebracht om aansluiting te krijgen met de reële kasplanning van beide projecten (zie ook het algemeen deel van de memorie van toelichting). Als gevolg van deze actualisatie wordt in het huidige uitvoeringsjaar tevens het verplichtingenbudget ten behoeve van de Grensmaas met ca. € 75 mln. aangepast.

  • 6. Ook op dit programma wordt, naast de verwerking van het voordelig saldo over 2011, in het kader van het programma Beter Benutten een kasschuif aangebracht om aansluiting te krijgen met de reële kasplanning van dit programma (zie ook het algemeen deel van de memorie van toelichting).

Overzicht mutaties vanaf de ontwerpbegroting

Overeenkomstig het gestelde in het algemeen deel van deze memorie van toelichting, is hieronder een gespecificeerd overzicht opgenomen van alle in dit wetsvoorstel aangebrachte mutaties op dit begrotingsartikel. In de kolom Toelichting van de tabel wordt, om herhalende toelichtingen te voorkomen, door middel van een nummer verwezen naar de toelichting op de betreffende mutaties onder 2.1. Overzicht uitgaven en ontvangsten mutaties.

Artikel 16 Megaproj. Niet Verkeer en Vervoer

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.01

   

437 934

50 644

18 616

5 344

3 777

– 2 470

10 608

 

Saldo 2011

Intertemporeel

17 657

17 657

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

17 657

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

455 591

50 644

18 616

5 344

3 777

– 2 470

10 608

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.02

   

154 610

292 036

341 925

349 884

191 854

184 788

0

 

Saldo 2011

Intertemporeel

– 15 896

– 15 896

           

1

Saldo 2011

Intensivering/Extensivering

– 27 000

– 27 000

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 42 896

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

111 714

292 036

341 925

349 884

191 854

184 788

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.03

   

34 769

39 614

30 402

29 323

26 075

35 092

6 639

 

Saldo 2011

Intertemporeel

19 095

19 095

           

1

Verschuiving i.h.k.v. prioriteit Beter Benutten

Intensivering/Extensivering

74 567

14 067

700

3 195

9 195

12 670

34 740

 

2a

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

33 162

700

3 195

9 195

12 670

34 740

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

67 931

40 314

33 597

38 518

38 745

69 832

6 639

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.04

   

18 324

18 626

18 093

16 274

12 961

70 800

145 320

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

18 324

18 626

18 093

16 274

12 961

70 800

145 320

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.05

   

215 517

437 350

356 711

346 188

358 919

823 369

0

 

Saldo 2011

Intertemporeel

24 141

24 141

           

1

Verschuiving i.h.k.v. prioriteit Beter Benutten

Intensivering/Extensivering

0

– 1 467

– 123 399

– 34 523

71 284

55 403

32 702

 

2a

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

22 674

– 123 399

– 34 523

71 284

55 403

32 702

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

238 191

313 951

322 188

417 472

414 322

856 071

0

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012

   

891 751

715 571

734 419

827 492

661 659

1 179 021

162 567

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 16.09

   

80 193

88 039

139 589

195 411

155 850

480 528

 

Saldo 2011

Intertemporeel

– 1 064

– 1 064

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 1 064

0

0

0

0

0

0

 

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012

   

79 129

88 039

139 589

195 411

155 850

480 528

0

 
Budgettaire gevolgen van beleid: Voorjaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

17 Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

 

(1)

(2)

(3)

(4) = (1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

Verplichtingen

0

0

0

0

       

Uitgaven

10 000

0

46 296

56 296

0

0

0

0

17.01 Westerscheldetunnel

0

0

5 094

5 094

       

17.02 Betuweroute

10 000

0

18 145

28 145

       

17.03 Hoge snelheidslijn

0

0

23 033

23 033

0

0

0

0

17.03.01 Realisatie HSL-zuid

0

0

23 033

23 033

       

17.03.02 Realisatie HSL-zuid spoorwegen

0

0

0

0

       

17.03.03 Realisatie HSL-zuid hoofdwegen

0

0

0

0

       

17.04 Anders betalen voor mobiliteit

0

0

24

24

       

17.05 Zuiderzeelijn

0

0

0

0

       

17.09 Ontvangsten

0

0

– 1 590

– 1 590

       

17.01 Westerscheldetunnel

Op de gelden bestemd voor de afhandeling van schadeclaims met betrekking tot de Westerscheldetunnel is vorig jaar slechts in beperkte mate een beroep gedaan.

17.02 Betuweroute

Deze mutatie is voornamelijk het gevolg van vertraging in o.a. de latere start van activiteiten in het kader van BB21 en de latere start van activiteiten voor plasverkleinende maatregelen (aanleg van kolken naast het spoor zodat plasvorming van (gevaarlijke) vloeistoffen zoveel mogelijk wordt voorkomen).

17.03 Hoge snelheidslijn

Voor de HSL-Zuid is in 2011 minder uitgegeven doordat de kasraming niet aansloot op de in dat jaar verrichte werkzaamheden. Deze niet bestede gelden schuiven vooralsnog door naar 2012.

17.09 Ontvangsten

De vorig jaar gerealiseerde ontvangst betreft niet geraamde ontvangsten uit werkzaamheden voor derden.

Overzicht mutaties vanaf de ontwerpbegroting

Overeenkomstig het gestelde in het algemeen deel van deze memorie van toelichting, is hieronder een gespecificeerd overzicht opgenomen van alle in dit wetsvoorstel aangebrachte mutaties op dit begrotingsartikel. In de kolom Toelichting van de tabel wordt, om herhalende toelichtingen te voorkomen, door middel van een nummer verwezen naar de toelichting op de betreffende mutaties onder 2.1. Overzicht uitgaven en ontvangsten mutaties.

Artikel 17 Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.01

   

0

0

           

Saldo 2011

Intertemporeel

5 094

5 094

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

5 094

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

5 094

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.02

   

10 000

2 235

           

Saldo 2011

Intertemporeel

18 145

18 145

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

18 145

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

28 145

2 235

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.03

   

0

             

Saldo 2011

Intertemporeel

23 033

23 033

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

23 033

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

23 033

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.04

   

0

             

Saldo 2011

Intertemporeel

24

24

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

24

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

24

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.05

   

0

             

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012

   

56 296

2 235

0

0

0

0

0

 

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 17.09

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2011

Intertemporeel

– 1 590

– 1 590

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 1 590

0

0

0

0

0

0

 

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012

   

– 1 590

0

0

0

0

0

0

 
Budgettaire gevolgen van beleid: Voorjaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

18 Overige uitgaven en ontvangsten

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

 

(1)

(2)

(3)

(4)=(1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

Verplichtingen

403 504

0

0

403 504

       

Uitgaven

421 460

0

14 539

435 999

0

0

0

0

18.01 Saldo van de afgesloten rekeningen

0

0

0

0

       

18.03 Intermodaal vervoer

4 574

0

8 525

13 099

       

18.04 Gebiedsgerichte aanpak (UPR)

213

0

5 279

5 492

       

18.05 Railinfrabeheer

119 541

0

0

119 541

       

18.06 Externe veiligheid

13 382

0

122

13 504

       

18.07 Mobiliteitsonafhankelijke kennis en expert.

42

0

565

607

0

0

0

0

18.07.01 Natl.basisinfo.voorziening en ov.uitgaven

42

0

427

469

       

18.07.02 Subsidies algemeen

0

0

138

138

       

18.08 Netwerkoverstijgende kosten

283 708

0

48

283 756

0

0

0

0

18.08.01 Apparaatskosten RWS

224 545

0

0

224 545

       

18.08.02 Overige netwerkoverstijgende kosten

59 163

0

48

59 211

       

18.09 Ontvangsten

119 603

0

– 107

119 496

       

18.10 Saldo van de afgesloten rekeningen

0

0

103 183

103 183

       

18.03 Intermodaal vervoer

Als gevolg van een discussie tussen de private exploitant en het Havenbedrijf Rotterdam is een in 2011 voorzien voorschot op de subsidie aan het Containertransferium Alblasserdam niet meer in dat jaar betaald. Verder is in 2011 door het Agentschap NL de uitvoering van de subsidieregeling Spoorgoederenknooppunten voorbereid, waardoor subsidieverlening en de daarmee samenhangende betalingen pas vanaf 2012 aan de orde zijn.

18.04 Gebiedsgerichte aanpak (UPR)

Het project UPR is in 2011 afgerond. Uit het budget voor het programma RRAAM (Rijk-Regioprogramma Amsterdam Almere Markermeer) is de voorgenomen overboeking naar het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) ten behoeve van de gemeente Almere niet doorgegaan. Die zal nu in 2012 plaats vinden. Eveneens is een kasoverschot ontstaan op de geplande uitgaven voor de Hollandse brug.

18.07 Mobiliteitsonafhankelijke kennis en expertise

Het hier opgenomen budget is bestemd voor incidentele opdrachten op het terrein van nationale basisinformatievoorziening en overige uitgaven. In 2011 zijn hiervoor geen opdrachten verstrekt zodat de niet bestede gelden kunnen worden doorgeboekt naar de begroting voor 2012.

18.10 Saldo van de afgesloten rekeningen

Zoals in het algemeen deel van deze memorie van toelichting reeds is aangegeven, bedraagt het voordelig saldo over het jaar 2011 ruim € 103 mln. Dit saldo wordt gevormd door de saldering van de in dat jaar gerealiseerde uitgaven en inkomsten en wordt in 2012 geheel toegevoegd aan de ontvangstenkant van artikel 18.10 Saldo van de afgesloten rekeningen.

Bij alle uitgaven- en ontvangstenartikelen zijn in dit wetsvoorstel mutaties opgenomen, die voortvloeien uit de verdeling van het voordelig saldo van de afgesloten rekeningen naar de juiste artikelen en producten.

De programmatische doorwerking van de projectvertragingen- en versnellingen wordt betrokken bij het opstellen van het nieuwe MIRT 2013.

Overzicht mutaties vanaf de ontwerpbegroting

Overeenkomstig het gestelde in het algemeen deel van deze memorie van toelichting, is hieronder een gespecificeerd overzicht opgenomen van alle in dit wetsvoorstel aangebrachte mutaties op dit begrotingsartikel. In de kolom Toelichting van de tabel wordt, om herhalende toelichtingen te voorkomen, door middel van een nummer verwezen naar de toelichting op de betreffende mutaties onder 2.1. Overzicht uitgaven en ontvangsten mutaties.

Artikel 18 Overige uitgaven en ontvangsten

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.01

                   

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.03

   

4 574

1 202

           

Saldo 2011

Intertemporeel

8 525

8 525

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

8 525

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

13 099

1 202

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.04

   

213

             

Saldo 2011

Intertemporeel

5 279

5 279

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

5 279

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

5 492

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.05

   

119 541

             

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

119 541

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.06

   

13 382

             

Saldo 2011

Intertemporeel

122

122

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

122

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

13 504

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.07

   

42

42

42

42

42

168

 

Saldo 2011

Intertemporeel

565

565

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

565

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

607

42

42

42

42

168

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.08

   

283 708

270 654

255 469

249 446

240 994

954 665

1 939 944

 

Saldo 2011

Intertemporeel

48

48

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

48

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

283 756

270 654

255 469

249 446

240 994

954 665

1 939 944

 
                     

Totaal uitgaven stand eerste suppletoire wet 2012

   

435 999

271 898

255 511

249 488

241 036

954 833

1 939 944

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.09

   

119 603

             

Saldo 2011

Intertemporeel

– 107

– 107

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 107

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

119 496

0

0

0

0

0

0

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 18.10

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Saldo 2011

Intertemporeel

103 183

103 183

           

1

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

103 183

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

103 183

0

0

0

0

0

0

 
                     

Totaal ontvangsten stand eerste suppletoire wet 2012

   

222 679

0

0

0

0

0

0

 
Budgettaire gevolgen van beleid: Voorjaarsnota 2012 (Bedragen in EUR 1 000)

19 Bijdragen andere begrotingen Rijk

Stand ontwerp begroting

Mutaties via NvW en amendement

Mutaties 1e suppletoire begroting

Stand 1e suppletoire begroting

Mutatie 2013

Mutatie 2014

Mutatie 2015

Mutatie 2016

 

(1)

(2)

(3)

(4)=(1) t/m (3)

(5)

(6)

(7)

(8)

Ontvangsten

7 376 313

0

– 146 568

7 229 745

– 167 101

72 707

252 283

39 728

19.09 Ten laste van begroting IenM

7 376 313

0

– 146 568

7 229 745

– 167 101

72 707

252 283

39 728

19.10 Ten laste van het FES

0

0

0

0

       

19.09 Ten laste van begroting IenM

De structurele bijstelling van de opgenomen inkomstenramingen betreffen voor een groot overboekingen naar het ministerie van Financiën voor de inpassing van het DBFM-contract A15 Maasvlakte – Vaanplein en de mutaties die voortvloeien uit de verrekening met het ministerie van Financiën van de rente en consessiefee HSA. Dit ten behoeve van de oplossing van de HSA-problematiek en de invulling van de efficiency-taakstelling voor de spoorsector

Voort zijn hierin opgenomen de overboekingen naar het Gemeentefonds ten behoeve van de z.g. IODS kwaliteitsprojecten (Integrale Ontwikkeling Delf-Schiedam) en de indexatie project Scheveningen Boulevard alsmede de overboeking uit het BTW Compensatiefonds in verband met de nieuwe beheersituatie op de Hoofdvaarweg Lemmer – Delfzijl.

Wat betreft deze (structurele) mutaties wordt voorts verwezen naar de toelichting onder het algemeen deel van de memorie van toelichting.

Overzicht mutaties vanaf de ontwerpbegroting

Overeenkomstig het gestelde in het algemeen deel van deze memorie van toelichting, is hieronder een gespecificeerd overzicht opgenomen van alle in dit wetsvoorstel aangebrachte mutaties op dit begrotingsartikel. In de kolom Toelichting van de tabel wordt, om herhalende toelichtingen te voorkomen, door middel van een nummer verwezen naar de toelichting op de betreffende mutaties onder 2.1. Overzicht uitgaven en ontvangsten mutaties.

Artikel 19 Bijdragen andere begrotingen Rijk

Categorie

Totaal mutatie

2012

2013

2014

2015

2016

2017–2020

2021–2028

Toelichting

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 19.09

   

7 376 313

7 552 230

7 875 414

6 718 707

7 355 672

27 885 977

55 039 096

 

Saldo 2011

Intertemporeel

– 74

– 74

           

1

Overboeking Hfdst XII (t.b.v.HSA / HRN en taakst. Eff.spoorsector)

Intensivering/Extensivering

209 000

– 12 769

12 231

27 231

27 231

17 231

68 923

68 922

3

Overboeking Gemeentefonds

Intensivering/Extensivering

– 9 665

– 9 665

           

4

Overboeking BTW Compensatiefonds

Intensivering/Extensivering

54 645

54 645

           

5

DBFM A15 Maasvlakte Vaanplein

Intensivering/Extensivering

– 13 788

– 178 643

– 179 325

45 476

225 052

22 497

51 155

 

6

Overboeking Gemeentefonds

Intensivering/Extensivering

– 69

– 62

– 7

         

7

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

– 146 568

– 167 101

72 707

252 283

39 728

120 078

68 922

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

7 229 745

7 385 129

7 948 121

6 970 990

7 395 400

28 006 055

55 108 018

 
                     

Ontwerpbegroting 2012 artikelonderdeel 19.10

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Mutaties voorjaarsnota 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

Stand eerste suppletoire wet 2012

   

0

0

0

0

0

0

0

 

4. DE BIJLAGEN

4.1 Overzichtsconstructie Kustwacht Nederland Nieuwe Stijl

De Kustwacht Nederland nieuwe stijl is sinds 1 januari 2007 actief. De minister van Infrastructuur en Milieu (IenM) is als coördinerend minister voor Noordzee-aangelegenheden verantwoordelijk voor het proces van totstandkoming van geïntegreerd beleid en het activiteitenplan en begroting voor de Noordzee. De minister van Defensie is beheerder van de Kustwacht, wat betekent dat deze verantwoordelijk is voor het opstellen van het activiteitenplan en begroting Kustwacht NL alsmede de uitvoering daarvan met inzet van eigen en toegewezen mensen en middelen. Alle bij de Kustwacht betrokken ministeries behouden hun eigen wettelijke verantwoordelijkheden. Het integrale beleid en daarvan afgeleide activiteitenplan en begroting waarover de ministerraad beslist worden zodanig concreet dat elke minister zich daarover in het parlement kan verantwoorden en vormen in feite een integraal contract tussen de verschillende departementen en de Kustwacht NL.

De overzichtsconstructie is gebaseerd op het door het ministerie van Defensie opgestelde activiteitenplan en begroting 2011 (APB-2011) en wordt door IenM gepubliceerd in de rol van coördinerend ministerie. In de overzichtsconstructie wordt een onderscheid gemaakt in de uitgaven van de Kustwacht zelf en de uitgaven die de deelnemende departementen ten behoeve van de Kustwacht verrichten.

Defensie/kustwacht

  • Betreft de uitgavenbudgetten in beheer van de Kustwacht NL.

  • Defensie is beheerder van het Kustwachtcentrum (KWC), nagenoeg de gehele personele bezetting is Defensiepersoneel. Het KWC is het informatiecentrum van de Noordzee, waar het actuele beeld van (scheeps-)activiteiten, (veiligheids-)incidenten en verontreinigingen op de Noordzee beschikbaar is.

  • De lagere realisatie 2010 wordt m.n. verklaard door minder vlieguren en vaardagen en een nog niet uitgevoerd investeringsplan (Walradar). In de begrotingsbedragen voor 2011 en 2012 is ruim € 1 mln. opgenomen i.v.m. het Walradarproject. Vanaf 2013 is structureel € 27,2 mln. beschikbaar.

Infrastructuur en Milieu

  • Het betreft de inzet vaarwegmarkering, loodsen, liaison en luchtwaarnemers.

Defensie

Het opgenomen bedrag heeft betrekking op:

  • de inzet van de Koninklijke Marechaussee;

  • de kosten van de vliegers ten behoeve van de Kustwachtvliegtuigen.

Financiën

  • De bijdrage van Financiën heeft betrekking op de inzet van schepen ten behoeve van de Douane.

Economische Zaken, Landbouw en Innovatie

  • Visserijtoezicht betreft de inzet van AID op het NCP en in internationaal verband. De inzet van het schip de Barend Biesheuvel is onderdeel geworden van het uitgavenbudget Kustwacht NL.

  • Activiteiten en bedragen zijn afkomstig uit de begroting van Staatstoezicht op mijninstallaties.

  • De inzet betreft gebruik van politiehelikopters voor mijnbouwcontroles, kosten inspecteurs en analyse watermonsters.

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

  • Activiteiten en bedragen zijn afkomstig uit de agentschapsbegroting van de KLPD.

  • De inzet van helikopters geschiedt op afroep voor luchtwaarneming of spoedeisende zoekvluchten.

  • De personele en materiële inzet betreft enerzijds de justitiële afwerking van geconstateerde strafbare feiten en strafrechtelijke onderzoeken alsmede de coördinatie en anderzijds de inzet bij calamiteiten van vijf zeevaartuigen, bomverkenners, duikers, Rampen Identificatie Team, speedboten, LOCC en mobiele communicatie-units.

Overzichtsconstructie Kustwacht Nieuwe Stijl (x € 1 000,–)

Departement

Begroting

Activiteit

Doel

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Defensie

X

Uitvoering kustwachttaken

Centrale coordinatie kustwachttaken

21 118

24 712

24 635

23 549

23 559

23 553

23 553

Defensie

X

Salarissen (Militair en Burgerpersoneel)

 

3 481

3 649

3 649

3 649

3 649

3 649

3 649

Subtotaal eigen uitgaven kustwacht

 

24 599

28 361

28 284

27 198

27 208

27 202

27 202

                     

IenM

IF

Inzet vaarwegmarkering, loodsen, liaison, luchtwaarnemers

Bijdragen aan veiligheid vaarwater, handhaving via luchtsurveillance

2 580

2 691

2 691

2 691

2 691

2 691

2 691

Defensie

X

Inzet Kmar-personeel voor grensbewaking, luchtwaarneming, liaison & HH-desk/inzet vliegers Dornier

Uitvoering grensbewaking/luchtsurveillance

3 813

3 414

3 414

3 414

3 414

3 414

3 414

Financien

IXB

Inzet Douane personeel

Fraudecontrole

1 472

1 525

1 525

1 525

1 525

1 525

1 525

ELenI

XIV

Inzet AID personeel

Visserijcontrole

885

920

920

920

920

920

920

BZK

VII

Inzet KLPD personeel & helikopter

Algemene handhaving/wetgeving scheepvaartverkeer/bemanningcontrole

1 053

1 461

1 461

1 461

1 461

1 461

1 461

Subtotaal andere departementen

 

9 803

10 011

10 011

10 011

10 011

10 011

10 011

                     

Totale uitgaven ten behoeve van de kustwacht

 

34 402

38 372

38 295

37 209

37 219

37 213

37 213

4.2 Begroting Beheer en Onderhoud

In het verleden was het budget voor Beheer en Onderhoud (BenO) van het Hoofdwegennet, Hoofdvaarwegennet en Hoofdwatersystemen structureel lager dan benodigd en werd het budget aangevuld vanuit de onderuitputting op andere budgetten. Hierbij werd geleend uit de toekomst. Dit is geen houdbare situatie. De vorige minister heeft daarom gevraagd om onafhankelijk onderzoek naar de onderhoudsprogrammering van RWS en mogelijke besparingen. Daarnaast heeft hij aangekondigd, naar aanleiding van de evaluatie batenlastendienst (TK 30 873, nr. 3), de bekostiging van RWS te herstructureren en voortaan bij aanlegbesluiten rekening te houden met toekomstige beheer- en onderhoudskosten: het zogenaamde life cycle cost management.

De onderzoeken hebben uitgewezen dat de onderhoudsaanpak van RWS en de wijze waarop het onderhoudspakket van hoofdwegen, hoofdvaarwegen en hoofdwatersystemen is opgezet, een economisch verstandige en goed onderbouwde aanpak is. Het onderzoek bevestigt ook dat de beschikbare middelen onvoldoende zijn om de noodzakelijke onderhoudsprogrammering uit te voeren. Dit betekent dat als er geen orde op zaken wordt gesteld en dit probleem vooruit wordt geschoven, er steeds grotere achterstanden zullen ontstaan. De prestaties van de netwerken in termen van veiligheid, bereikbaarheid en leefbaarheid zullen dan sterk verminderen en het onderhoud zal op termijn duurder worden of steeds vaker moeten gebeuren.

De totale niet gedekte onderhoudsproblematiek tot en met 2020 voor de drie netwerken tezamen is vastgesteld op ca € 4,8 miljard, waarvan € 3,8 miljard regulier onderhoud (inclusief areaalgroei) en € 1,0 miljard voor renovatie/vervangingen.

Omdat de precieze omvang van met name de renovatie/vervangingen vanaf 2015 nog onzeker is, vindt hierover pas besluitvorming plaats als er meer informatie is. Een bedrag van € 700 miljoen is als reservering meegenomen in het verlengde Infrastructuurfonds (na 2020). In het verlengde Infrastructuurfonds is voor het Beheer en Onderhoud van wegen, vaarwegen, spoor en water voor in de periode 2021–2028 een reservering getroffen van € 24,4 miljard (zie tevens TK 32 500 A,  32 660, nr. 83).

De in de begroting 2012 op te lossen problematiek tot en met 2020 bedraagt daarmee € 4,1 miljard.

Door de budgettaire situatie is het niet mogelijk de problematiek volledig op te lossen door het simpelweg ophogen van de budgetten voor beheer en onderhoud tot het gewenste niveau. Dit zou ten koste gaan van budgettaire ruimte die nodig is voor investeringen in verbetering van de bereikbaarheid.

Om ervoor te zorgen dat de betrouwbaarheid van de netwerken niet verder afneemt en op termijn weer kan verbeteren zijn drie keuzes gemaakt. In de eerste plaats wordt er budget toegevoegd voor beheer en onderhoud. Een deel van het aanlegbudget (omvang € 1,5 miljard) dat nog niet concreet belegd was met juridische, bestuurlijke of andere verplichtingen is hiervoor vrijgemaakt in de periode tot en met 2020. Op de tweede plaats zijn middelen met een omvang van € 1,6 miljard vooralsnog gereserveerd in de periode na 2020.

Tot slot zijn er extra versobering- en efficiencymaatregelen getroffen van in totaal € 1 miljard. De begrotingsproblematiek van € 4,1 miljard is daarmee opgelost. In de begroting van 2011 waren daarnaast reeds versobering- en efficiencymaatregelen aangekondigd van € 640 miljoen. In onderstaand overzicht is de verdeling van het totale pakket efficiency- en versoberingmaatregelen a € 1,64 miljard naar netwerk gepresenteerd, waarvan ongeveer de helft bestaat uit efficiency.

De efficiency, waarbij dezelfde kwaliteits- en serviceniveau’s worden geleverd tegen lagere kosten, wordt onder meer gerealiseerd door te standaardiseren en efficiënter te werken. Dat kan bijvoorbeeld door veel losse, korte contracten te vervangen door grotere contracten met een looptijd van meerdere jaren. Maar ook door het slim combineren van vast en variabel onderhoud in deze contracten. De versoberingmaatregelen zullen worden gerealiseerd door het kwaliteitsniveau van het beheer- en onderhoud voor alle netwerken vanaf 2012 aan te passen aan de intensiteit van het gebruik. Dit betekent dat bepaalde taken die RWS nu nog doet, niet meer, of minder intensief worden gedaan. Een voorwaarde bij die maatregelen is dat onze infrastructuur zoveel mogelijk beschikbaar, betrouwbaar en veilig blijft. Met het genoemde pakket aan maatregelen is het beheer en onderhoud van RWS in balans gebracht met onze investeringsambities. De komende jaren zal alles op alles worden gezet om binnen deze nieuwe kaders de beheer- en onderhoudsopgave te realiseren. Dit zal forse inspanningen vragen en het zal voor de gebruiker niet onopgemerkt blijven.

Overzicht maatregelen

1. Efficiencyverbetering

a. Hoofdwegennet:

  • Standaardisatie wegkantsystemen

Een grote kostenpost voor B&O is het verkeerssignalering. De komende jaren is een belangrijke component daarvan (het onderstation) aan vervanging toe. De standaardisering van deze component zal naar verwachting een aanzienlijke kostenbesparing opleveren.

  • Standaardisatie/optimalisatie strooiregime en contractering gladheid

Het strooimanagement kan worden geoptimaliseerd, door het verkleinen van de omvang van strooicontracten en meer kennisborging.

  • Tegengaan overbelading: handhaving

Overbelading van vrachtwagens zorgt voor relatief veel schade aan de wegen, waardoor er eerder sprake is van noodzaak tot het vervangen van de deklagen van wegen. Door scherpere handhaving wordt overbelading tegengegaan.

b. Hoofdwatersysteem:

  • Suppleren met eigen schip

Momenteel wordt een business case uitgewerkt voor het in eigen beheer uitvoeren van de zandsuppleties aan de kust.

c. Alle netwerken:

  • Vast onderhoud en variabel onderhoud meerjarig contracteren

Efficiency is voornamelijk mogelijk door grotere en langjarige contracten af te sluiten waarbinnen enerzijds verschillende soorten werkzaamheden gecombineerd worden en anderzijds de aannemer zekerheid wordt geboden over een langere periode.

2. Versoberingen en afstemmen onderhoud op intensiteit van het gebruik.

a. Hoofdwegennet:

  • Versoberen bermonderhoud

Het onderhoud aan de bermen (maaien, snoeien, onderhoud watergangen) wordt versoberd. De activiteiten voor natuurontwikkeling in bermen, boven op de Ecologische Hoofdstructuur, wordt conform kabinetsbeleid gestaakt.

  • Verlengen hersteltijden Dynamisch Verkeersmanagement (DVM)

De hersteltijden voor storingen in het DVM worden gedifferentieerd op basis van de intensiteit van het gebruik van de weg. Storingen worden sneller hersteld, naarmate de weg intensiever gebruikt wordt.

  • Uitzetten verlichting, afhankelijk van de intensiteit van het gebruik van de weg.

De hoeveelheid verlichting op de wegen en de plekken waar deze maatregel toegepast wordt, zal met het oog op de veiligheid kritisch bezien worden. De verlichting zal worden uitgezet op (die delen van) wegen waar de intensiteit van het gebruik van de weg dit toelaat. Dit levert een besparing op in de kosten van het beheer en onderhoud en op de energierekening, en levert een positieve bijdrage aan het reduceren van omgevingsverlichting.

  • Afstand vergroten tussen portalen met dynamische panelen (snelheden; kruizen/pijlen)

De onderlinge afstand tussen signaalgevers wordt, daar waar mogelijk vergroot van 750 tot 1 500 meter. Onderdelen die zijn uitgeschakeld worden niet gedemonteerd of verwijderd, tenzij de veiligheid in geding komt. Er worden wel borden geplaatst met de mededeling dat de signalering niet werkt.

  • Verminderen dynamische panelen, Drips, TDI’s en camera’s.

Met de toegenomen in car technologie en in de verwachting dat dit nog verder doorgroeit, zal gebaseerd op de intensiteit van het gebruik van het netwerk en de effectiviteit van de toepassing de hoeveelheid dynamische panelen, Drips, TDI’s en camera’s worden beperkt.

  • Permanent openstellen plusstroken aan linkerkant van de wegen

Zoals al eerder in het kader van Beter Benutten richting de Kamer aangegeven (IenM-BSK/2011–88715 ) wordt samen met de regionale overheden gekeken naar de mogelijkheden om plusstroken permanent open te stellen. Dit levert een besparing op de benodigde DVM apparatuur op.

  • Verminderen aantal wegkantsystemen

Voor twee oude wegkantsystemen (de onderstations van de verkeerssignalering) die worden vervangen komt er één wegkantsysteem terug dat een langer traject bestrijkt. Hierdoor is er bij eventuele uitval van een wegkantsysteem sprake van een langer traject dat tijdelijk niet bedienbaar is.

  • Oprekken werkbare uren en uitvoeren onderhoud overdag op grote delen van het netwerk.

In de afgelopen jaren is steeds meer onderhoud aan de weg verplaatst naar de nacht en het aantal uren dat er kan worden gewerkt, als gevolg van toenemende drukte, in de nacht is steeds korter geworden. Er zal weer meer werk overdag worden uitgevoerd, waarbij ook gekeken gaat worden naar de mogelijkheden om de werkbare uren te verruimen, zodat het werk efficiënter kan worden uitgevoerd. Ook hier wordt gekeken naar de intensiteit van het gebruik van de weg om de overlast voor de weggebruiker zoveel mogelijk te beperken.

  • Onderhoud kunstwerken in laatste adviesjaar, alleen curatief onderhoud

Door vaker te inspecteren en daardoor nog scherper te plannen kan het onderhoud naar het laatst mogelijke moment worden verschoven. Hierdoor wordt de kans op spoedreparaties groter.

  • Minder actieve gebruikersinformatie verschaffen aan weggebruikers

Met het toegenomen gebruiken van internet en de sociale media zal de actieve communicatie naar weggebruikers in de maanden voorafgaand aan de uitvoering van het onderhoud gevoerd worden via deze kanalen.

b. Hoofdvaarwegennet:

  • Minder maaien taluds vaarwegen

Het onderhoud aan de taluds wordt versoberd, waarbij het onderhoud zich primair richt op het waarborgen van de zichtlijnen en de veiligheid en waarbij het aanzien, het ecologisch beheer en de recreatieve toegankelijkheid van de taluds zal verminderen.

  • Verminderen walvoorzieningen schippers

De walvoorzieningen voor schippers, zoals ligplaatsen, steigers, afzetvoorzieningen, meerpalen en walstroom worden kritisch bezien en het onderhoud daarvan wordt op verschillende plekken versoberd. De faciliteiten gaan hierdoor terug naar een basisniveau.

  • Minder baggeren «hoeken» zeetoegangen.

De zeetoegangen zullen worden gebaggerd op een wijze die meer aansluit bij de natuurlijke vaargeul voor schepen in plaats van bij de exacte vormgeving van de zeetoegangen. De toegankelijkheid en veiligheid blijft gewaarborgd.

  • Beperken baggeren vaarwegen.

Gebaseerd op de intensiteit van het gebruik zal het baggeren van de vaarwegen worden beperkt op de minder prioritaire vaarwegen, zoals de vaargeulen en randmeren in het IJsselmeer, enkele Zeeuwse wateren (o.a. Haringvliet, Oosterschelde), de Hollandsche IJssel en de Brabantse en midden-Limburgse kanalen.

c. Bijstellen niveau van de Landelijke Taken

De landelijk geconcentreerde uitvoeringstaken van RWS worden in lijn gebracht met de afgesproken versoberingen en efficiënter georganiseerd.

IBO

Naast bovenstaande versoberingsmogelijkheden die binnen het wettelijk kader kunnen worden uitgevoerd, heeft het kabinet recentelijk besloten om een Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) beheer en onderhoud te starten naar mogelijkheden om besparingen of versoberingen te vinden door aanpassing van het vigerende wettelijke kader, en in het bijzonder eventuele nationale koppen op de Europese regelgeving. De resultaten hiervan worden begin 2012 verwacht.

4.3 Lijst met afkortingen

AAS

Amsterdam Airport Schiphol

ABM

Actief bodembeheer Maas

ABP

Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds

ABR

Actief bodembeheer Rijntakken

ABvM

Anders Betalen voor Mobiliteit

AGOR

Actuele grond- en oppervlaktewater regime

AIS

Automatic Identification System

AIVD

Algemene Inlichtingen en veiligheidsdienst

AKI

Automatische Knipperlichtinstallaties

AMvB

Algemene Maatregel van Bestuur

APK

Algemene periodieke keuring

ATB

Automatische treinbeïnvloeding

ATB-V

Arbeidstijdenbesluit Vervoer

AVV

Adviesdienst Verkeer en Vervoer

BBP

Bruto Binnenlands Produkt

BDU

Brede Doeluitkering

BES

Bonaire, St. Eustatius en Saba

BIBOB

(wet) bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur

BKL

Basiskustlijn

BKMW

Besluit Milieukwaliteitseisen en Monitoring Water

BLD

Baten-Lastendienst

BLS

Baten-Lastenstelsel

B&O

Beheer en Onderhoud

BuZa

Ministerie van Buitenlandse Zaken

BZK

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

CBR

Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen

CBS

Centraal Bureau voor de Statistiek

CBV

Comité voor Binnenvaartveiligheid

CCR

Centrale Commissie voor de Rijnvaart

CEMT

Conferentie van Europese Transportministers

CenD

Centrale Diensten

CO2

Kooldioxide

CPV

Collectief Personenvervoer Vergunningen

dB

Decibel

DBFM

Design-Build-Finance-Maintenance

DG

Directeur Generaal

EASA

European Aviation Safety Agency

EBIT

Energiebesparing in Transport

ECAC

European Civil Aviation Conference

EL&I

Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie

EPCIP

European Program for Critical Infrastructure Protection

EU

Europese Unie

ETCS

European Train Control System

ERTMS

European Rail Traffic Management System

EP

Europees Parlement

ECE

Economic Commission for Europe

ESA

European Space Agency

ETS

Emission Trading System

EUMESTAT

European Organisation for the Exploration Meteorological Satellites

FAA

Federal Aviation Administration

FABEC

Functional Airspace Block Europe Central

FES

Fonds Economische Structuurversterking

GGOR

Gewenste Grond- en Oppervlaktewater Regime

GIS

Geluidsisolatieproject Schiphol

GNB

Gemeenschappelijk Nautisch Beheer

GOV

Gratis Openbaar Vervoer

GVB

Gemeentelijke Vervoerbedrijven

GTI

Grote Technologische Instituten

GMES

Global Monitoring for Environment and Security

GWW

Grond- Weg en Waterbouwprojecten

HNS

Hazardous and Noxious Substances

HSL

Hogesnelheidslijn

HGIS

Homogene Groep Internationale Samenwerking

HOI

Havenontvangst Installatie

HOV

Havenontvangst voorzieningen

HNR

Het Nieuwe Rijden

HSA

High Speed Alliance

HWBP

Hoogwaterbeschermingsprogramma

HWN

Hoofd Wegennet

IBN

Integraal Beheersplan Noordzee

ICAO

International Civil Aviation Organization

ICES

Interdepartementale Commissie voor Economische Structuurversterking

ICT

Informatie en Communicatie Technologie

IDON

Interdepartementaal overleg beleid Noordzee

IF

Infrastructuur Fonds

ILO

International Labour Organization

IMO

International Maritime Organisation

IPCC

Intergovernmental Panel on Climate Change

IPG

Innovatieprogramma Geluid

IPK

Innovatieprogramma Klimaat

ISA

Intelligente SnelheidsAssistent

IT

Informatie Technologie

IVM

Integrale Verkeninningen Maas

IVW

Inspectie Verkeer en Waterstaat

JAA

Joint Aviation Administration

KDC

Knowledge Development Center

KIS

Kennisinfrastructuur

KNMI

Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut

KNRM

Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij

KpVV

Kennisplatform Verkeer en Vervoer

KRM

Kaderrichtlijn Mariene Strategie

KRW

(Europese) Kaderrichtlijn Water

Kton

Kiloton (miljoen kilo)

LCC

Life Cycle Costs

LIB

Luchthavenindelingbesluit

LNV

Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

LMCA

Landelijke Markt- en Capaciteitsanalyse

LVB

Luchthavenverkeerbesluit

LVNL

Luchtverkeersleiding Nederland

LRIT

Long Range Identification and Tracking

LRT

Landelijke Rapportage Toetsing

LZV

Langere, Zwaardere Vrachtwagens

LDen

Day-evening-night level

MAA

Maastricht Aachen Airport

MARIN

Stichting Maritiem Research Instituut Nederland

MER

Milieu Effect Rapportage

MIA

Milieu investeringsaftrek

MIT

Meerjarenprogramma Infrastructuur en Transport

MIRT

Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport

MJPO

Meerjarenprogramma Ontsnippering

MON

Mobiliteitsonderzoek Nederland

MOU

Memorandum of Understanding

Mton

Megaton (miljard kilo)

MTOW

Maximum take off weight

MTR

Maximaal Toelaatbaar Risico

MTR

Mid-term Review Beheer en Onderhoud

MUAC

Maastricht Upper Area Control Centre

NAVO

Noord-Atlantische Verdragsorganisatie

NBW

Nationaal Bestuursakkoord Water

NGO

Niet Gouvernementele Organisatie

NIWO

Stichting Nationale en Internationale Wegvervoerorganisatie

NLR

Nationaal Lucht- en Ruimtevaart Laboratorium

NMCA

Nationale Markt en capaciteitsanalyse

NML

Stichting Nederland Maritiem Land

NNI

Nederlands Normalisatie Instituut

NOMO

Nota Mobiliteit

NOx

Stikstofoxiden

NO2

Stikstofdioxide

NS

Nederlandse Spoorwegen

NSL

Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit

NSR

NS-Reizigers

NV

Naamloze vennootschap

NW4

Vierde nota Waterhuishouding

NWP

Nationaal Waterplan

OAG

Official Airline Guide

OEI

Overzichten Effecten Infrastructuur

OPC

Expertisecentrum Consumenteninspraak Regionaal Openbaar Vervoer

OSPAR

Oslo-Parijs

OV

Openbaar vervoer

OV SAAL

Openbaar Vervoer Schiphol-Amsterdam-Almere-Lelystad

OMI

Ozon Monitoring Instrument

PAGE

Plan van Aanpak Goederen Emplacementen

PKB

Planologische Kernbeslissing

PMR

Project Mainportontwikkeling Rotterdam

PPS

Publiek-private samenwerking

PSC

Port State Control

PVVP

Provinciaal Verkeers- en Vervoersplan

RDW

Rijksdienst voor het Wegverkeer

RHB

Rijkshoofdboekhouding

RIKZ

Rijkswaterstaat Rijksinstituut voor Kust en Zee

RIS

Rivier Informatie Systemen

RIVM

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

ROM

Ruimtelijke Ordening en Milieu

Ro/Ro

Roll-on/Roll-off

RRKL

Regeling Regionale en Kleine Luchthavens

RVS

Raad van State

RVVP

Regionaal Verkeers- en Vervoersplan

RWS

Rijkswaterstaat

RWT

Rechtspersoon met een wettelijke taak

SES

Single European Sky

SESAME

Single European Sky Implementation Program

SGBP’s

Stroomgebiedbeheersplannen

SMI

Subsidieregeling Maritieme Innovatie

SO2

Zwaveldioxide

SOLAS

Safety of Life at Sea – de internationale overeenkomst voor de veiligheid van leven op zee

SSO

Shared Services Organisatie

SSZ

Stil, schoon, zuinig

STCW

Standards of Training Certification Watchkeeping for Seafarers

STS

Stoptonend Sein

SVOV

Sociale Veiligheid Openbaar Vervoer

SVW

Scheepvaartverkeerswet

SWOV

Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid

SZW

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

TAF

Terminal Aerodrome Forecast

TCI

Tijdelijke Commissie Infrastructuurprojecten

TEN

Trans Europees Netwerk

TFMM

Taskforce Mobiliteitsmanagement

TK

Tweede Kamer

TNO

Nederlandse Organisatie voor Toegepast Natuurwetenschappelijk Onderwijs

TRG

Totaal Risicogewicht Grenswaarde

TSI SRT

Technical Specification for Interoperability Safety in Railway Tunnels

TVG

Totaal Volume Geluid

UWV

Uitkeringsinstituut Werknemers Verzekeringen

VNK

Veiligheid Nederland in kaart

VNSC

Vlaams-Nederlandse Scheldecommissie

VROM

Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

WHO

World Health Organisation

WMO

Wereld Meteorlogische Organisatie

ZBO

Zelfstandig Bestuursorgaan

Licence