Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

4. Integratie en burgerschap; woon- en leefomgeving

De uitgangspunten en oogmerken van het beleid voor zowel integratie en burgerschap als voor de woon- en leefomgeving zijn onlangs in een visie beschreven en aan de Tweede Kamer aangeboden. Mensen zijn zelf verantwoordelijk voor hun bestaan en het samenleven met anderen. De overheid schept mede de voorwaarden die mensen in staat stellen om die verantwoordelijkheid te dragen en daarbij samenwerking en steun te vinden bij anderen. Op die wijze verruimt de overheid het probleemoplossend en zelforganiserend vermogen in de samenleving. De voorwaarden om binnen de samenleving contact, betrokkenheid, samenwerking en burgerschap te vinden en te realiseren, zijn steeds minder vanzelfsprekend en duurzaam naarmate de samenleving meer opgaat in het internationaal maatschappelijk verkeer. Het herstellen en versterken van die algemene voorwaarden in de komende jaren verdienen voorrang boven beleid dat gericht is op bijzondere knelpunten, afzonderlijke bevolkingsgroepen of speciale wijken.

Integratiebeleid op basis van eigen verantwoordelijkheid

Een voorwaarde om binnen de samenleving aansluiting en samenwerking te vinden is kennis van de Nederlandse taal en gewoonten. Van mensen die zich hier mogen vestigen, mag die kennis dan ook worden verlangd. Zij zullen op eigen kosten het vereiste niveau moeten verwerven om het inburgeringexamen te halen. De bestaande bekostiging wordt overeenkomstig de oorspronkelijke opzet afgebouwd. Voor mensen die tijdelijk niet in staat zijn hun opleiding te betalen komt er een sociaal leenstelsel als vangnet.

Het Nederlanderschap is de bekroning van integratie. Hieraan worden extra eisen gesteld. Het Nederlanderschap kan bovendien pas definitief worden verkregen als afstand is gedaan van één of meer andere nationaliteiten waarvan afstand kan worden gedaan. Er komt een voorstel om personen die binnen vijf jaar na het verkrijgen van het Nederlanderschap zijn of worden veroordeeld voor een misdrijf waar twaalf jaar of meer gevangenisstraf op staat, het Nederlanderschap te ontnemen.

Het specifiek integratiebeleid, zoals de aanpak van Marokkaans-Nederlandse en Antilliaans-Nederlandse probleemjongeren, wordt beëindigd. De subsidies voor de samenwerkingsverbanden van minderheden worden geleidelijk afgebouwd. De Wet overleg minderheden wordt ingetrokken. Elke burger moet zelfstandig in staat zijn om een bestaan op te bouwen, zonodig met steun van familie of directe omgeving en door gebruik te maken van de reguliere voorzieningen. Dit betekent dat beleid en uitvoering geschikt moeten zijn om voor alle burgers maatschappelijke problemen effectief aan te pakken.

Sommige vrouwen die in het kader van gezinsvorming of -hereniging naar Nederland komen, komen in een zeer afhankelijke positie terecht. Ze kunnen te maken krijgen met eergerelateerd geweld, polygamie en huwelijksdwang. Deze uitwassen zijn ontoelaatbaar. Maatregelen worden getroffen om, onder meer, de strafbaarstelling van huwelijksdwang aan te scherpen en huwelijksdwang te voorkomen.

Onze samenleving wordt gekenmerkt door een maatschappelijk verkeer waarin men elkaar op herkenbare wijze tegemoet treedt, elkaar in het gezicht kan zien en open communicatie mogelijk is. Herkenbaar optreden en open communicatie zijn zowel fundament als voorwaarde voor een samenleving die berust op gelijkwaardigheid, vertrouwen en persoonlijke verantwoordelijkheid en is daarom van groot belang voor een samenleving als de Nederlandse. Het is fundamenteel strijdig met het karakter van dat maatschappelijk verkeer wanneer personen of groepen mensen zich stelselmatig daaraan onttrekken door hun gelaat te verhullen of onherkenbaar te maken, behoudens uitzonderingen. Het is nog minder goed verenigbaar met de maatschappelijke orde zoals wij die in ons land kennen wanneer in het bijzonder vrouwen zich op deze wijze verhullen als uiting van een eigen, niet gelijkwaardige positie in het openbare leven. De regering komt daarom met een wetsvoorstel voor een algemeen verbod op het dragen van gelaatsbedekkende kleding op openbare plaatsen, in voor publiek toegankelijke gebouwen, bij onderwijsinstellingen, bij zorginstellingen en in het openbaar vervoer.

Met gemeenten, maatschappelijke organisaties en burgers wordt een «agenda hedendaags burgerschap» gemaakt. De agenda moet ertoe leiden dat het zelforganiserende vermogen van burgers wordt vergroot. Bekeken wordt waar publieke taken en verantwoordelijkheden zijn om te vormen tot collectieve taken en verantwoordelijkheden van burgers onderling.

Verbeteren van de werking van de woningmarkt

In juli 2011 is de Woonvisie naar de Tweede Kamer gestuurd. Een heroriëntatie van het woonbeleid is nodig om te komen tot een doelmatiger verdeling van woonruimte, verbetering van de investeringscondities en versterking van het vertrouwen in de woningmarkt. Er is gekozen voor meer keuzevrijheid, zeggenschap en verantwoordelijkheid voor burgers, bedrijven en maatschappelijke instellingen en voor een gerichte en doelmatige inzet van overheidsbeleid. Het kabinet zet in op versterking van het vertrouwen op de koopmarkt, een betere werking van de huurmarkt en verbetering van investeringscondities in de woningbouw.

Het kabinet wil tegemoetkomen aan de toenemende wens tot eigenwoningbezit, ook om de maatschappelijke betrokkenheid van burgers en de stabiliteit van buurten te versterken. Vertrouwen op de koopwoningmarkt is nodig om de woningmarkt als geheel vlot te trekken. Tegen de achtergrond van de stagnerende woningmarkt is de overdrachtsbelasting tot 1 juli 2012 verlaagd van zes naar twee procent. Deze maatregel – in combinatie met de handhaving van de hypotheekrenteaftrek – zorgt voor een forse impuls die de woningmarkt goed kan gebruiken. Uit diverse studies blijkt dat een verlaging van de overdrachtsbelasting een belangrijk positief effect kan hebben op het aantal kooptransacties en de arbeidsmobiliteit. Verder krijgen huurders van een corporatiewoning het recht hun woning tegen een redelijke prijs te kopen.

Op de huurmarkt zal de relatie tussen huurprijs en gewildheid van woningen moeten verbeteren, zodat investeren in en ontwikkelen van huurwoningen (met name in het middensegment) meer gaan lonen en het woningaanbod beter aansluit op de vraag. De hervorming van de huurmarkt is één van de zeventien grote stelselwijzigingen van het kabinet. Daartoe krijgen hogere inkomens (vanaf 43 000 euro) in de gereguleerde huursector een extra huurverhoging van maximaal vijf procent per jaar en worden in het Woningwaarderingsstelsel de huurpunten voor woningen in schaarstegebieden met maximaal 25 punten verhoogd (afhankelijk van de WOZ-waarde). De huur wordt daarmee meer in overeenstemming gebracht met de gewildheid van de woning. Om meer aanbod en keuzevrijheid te realiseren, wordt een gelijk speelveld voor aanbieders op de huurmarkt bevorderd. De activiteiten van de woningcorporaties die niet tot de kerntaken horen, worden strikt gescheiden van hun staatssteunactiviteiten. Aan de groeiende vraag naar woningen in het middensegment kan worden voldaan door het verkopen van woningen aan bewoners of private verhuurders en door corporatiewoningen aan deze doelgroep zonder staatssteun te verhuren. Met corporaties worden daarover afspraken gemaakt. Door aanpassing van de Woningwet stimuleert het kabinet een betere benutting van het vermogen van corporaties en een compacte krachtige corporatiesector die goed samenwerkt met gemeenten. Er komt een beter toezicht op de volkshuisvestings- en financiële prestaties van corporaties.

Mensen wonen in een straat, een buurt, een omgeving. Deze woonomgeving wordt bepaald door de manier waarop mensen met elkaar omgaan. De woonomgeving is een zaak van bewoners zelf, samen met de gemeenten, woningbouwcorporaties, maatschappelijke instellingen en bedrijfsleven. BZK ondersteunt deze partijen met kennis en kunde.

Het stimuleren van de woningbouw en energiebesparing

De bouwsector is door de economische crisis zwaar geraakt. Door innovatie en kostenreductie kan de sector inspelen op veranderende investeringsopgaven en sterker uit de crisis komen. Hier ligt een belangrijke uitdaging voor de sector zelf. Het kabinet wil de sector stimuleren door de investeringscondities voor de bouw te verbeteren. Daarmee wordt ook een belangrijke bijdrage geleverd aan het verbeteren van het verdienvermogen van de Nederlandse economie. Gezamenlijk met de bouwsector, overheden, kennisinstellingen en andere betrokkenen zal een gezamenlijke investerings- en innovatieagenda worden opgesteld. De minister van BZK zet in samenwerking met andere departementen in op een programma om de investeringscondities voor de bouw te verbeteren en het opstellen van de investerings- en innovatieagenda voor de bouw. Er komt meer ruimte voor de woningbouw, in het bijzonder voor kleinschalige uitbreiding en particulier opdrachtgeverschap. BZK maakt afspraken over woningbouwprogramma’s in de gebieden Amsterdam c.a. en Rotterdam c.a.. Regels en procedures worden versneld en verbeterd. Op 1 januari 2012 wordt een nieuw Bouwbesluit ingevoerd. Daarna wordt begonnen met een fundamentele bezinning van de bouwregelgeving en worden de adviezen van de commissie-Dekker uitgevoerd.

Door energiebesparing krijgen mensen meer greep op hun woonlasten. De gebouwde omgeving is goed voor dertig procent van het totale energieverbruik. Dit biedt een groot besparingspotentieel. Energiebesparing levert tevens een belangrijke bijdrage aan het realiseren van de nationale klimaatdoelstellingen. Daarom stimuleert de overheid ook in 2012 energiebesparing.

Tabel 3: Maatregelen 2012 in het integratie- en woonbeleid

a. Het integratiebeleid op basis van eigen verantwoordelijkheid

• De inburgeraar gaat zelf betalen voor zijn inburgering.

• Er komen aanvullende eisen aan het verkrijgen en ontnemen van het Nederlanderschap. Het wordt mogelijk om – bij zware misdrijven – het Nederlanderschap te ontnemen.

• Afschaffen van specifieke integratiemaatregelen. Stopzetten van subsidies voor de samenwerkingsverbanden van minderheden. Intrekken van Wet overleg minderheden.

• Beschikbaar stellen en delen van kennis over integratie, methoden en interventies en de positie van diverse groepen in de samenleving. Benutten van kennis stimuleren.

• Maatregelen om strafbaarstelling huwelijksdwang aan te scherpen en huwelijksdwang te voorkomen.

• Maken van wetsvoorstel om gelaatsbedekkende kleding in de openbare ruimte te verbieden.

• Samen met gemeenten, maatschappelijke organisaties en burgers opstellen van een agenda voor hedendaags burgerschap.

• Aanscherpen van het Actieprogramma Bestrijding Discriminatie.

b. Het verbeteren van de werking van de woningmarkt

• Verlagen van de overdrachtsbelasting van 6 naar 2 procent tot 1 juli 2012.

• Uitwerken van het recht voor huurders om hun woning te kopen.

• Huurverhoging van maximaal 5 procent voor hogere inkomens in gereguleerde woningen.

• Verhogen van huurpunten (WWS) met maximaal 25 punten in schaarstegebieden

• Scheiden van de kerntaken en niet-kerntaken van woningbouwcorporaties.

• Verhuurders gaan door middel van een heffing vanaf 2014 bijdragen aan de huurtoeslag.

• Meer ruimte voor woningbouw, kleinschalige uitbreiding en particulier opdrachtgeverschap.

• IPO, VNG en Rijk stellen samen een visie op stedelijke vernieuwing op.

• Inzichten over effectieve aanpakken beschikbaar stellen in gebieden waar de leefbaarheid onder druk staat. Uitwerken van de adviezen van de commissie-Deetman.

• Start dialoog Rijk met provincies en anticipeerregio’s over regionale aanpak krimpproblematiek.

• Continueren van experimenten in topkrimp- en anticipeerregio’s en ondersteunen met kennis.

• Onderzoeken of bekostigingssystemen op krimpproblemen toegesneden zijn.

• Bevorderen van grensoverschrijdende samenwerking in krimp- en anticipeergebieden.

• Evalueren van preventieve aanpak Ortega-gemeenten («new towns») met experimenten en leertrajecten. Bekijken of deze werkwijze wordt gecontinueerd.

• Maatregelen op gebied van huisvesting van (arbeids-) migranten uit Midden- en Oost-Europa.

• Nationaal programma Rotterdam-Zuid.

c. Het stimuleren van de woningbouw en energiebesparing

• Meer ruimte voor woningbouw, kleinschalige uitbreiding en particulier opdrachtgeverschap.

• Invoeren van nieuw Bouwbesluit per 1 januari 2012.

• Fundamentele bezinning op de bouwregelgeving en uitvoeren van de adviezen van de commissie-Dekker.

• Verkennen van verdienmodellen/financieringsarrangementen woningbouw en maken van een investerings- en innovatieagenda (interdepartementaal programma Investeringscondities Bouw).

• Aanscherpen van de eisen voor duurzaamheid en energieverbruik.

• Herziene Europese richtlijn energieprestatie van gebouwen (EPBD) wordt omgezet in nationale wet- en regelgeving.

• Ontwikkelen van een aanpak van bestaande gebouwen («Blok voor Blok») met behulp van een experiment van vijf projecten.

• Invoeren van een energielabel voor nieuwbouw per 1 juli 2012.

• Evaluatie van energiebesparingsconvenanten.

• Bevorderen van innovatie door programma «Energiesprong».

• Verkennen van niet-fiscale prikkels energiebesparing.

• Green Deal voor de Gebouwde Omgeving.

Tabel 4: Beleidsdoorlichtingen

Agendering beleidsdoorlichtingen

Artikel/Operationele doelstelling

2010

(realisatie)

2011

2012

2013

2014

2015

2016

(planning)

1 Openbaar bestuur en democratie

             

1 Bestuurlijke en financiële verhoudingen

   

       

2 Participatie1

             

2 Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst

             

1 Apparaat

             

2 Geheim

             

3 Woningmarkt

             

1 Betaalbaarheid

         

 

2 Onderzoek en kennisoverdracht1

             

4 Woonomgeving en bouw

             

1 Energie en bouwkwaliteit

   

       

2 Woningbouwproductie

           

3 Kwaliteit woonomgeving

       

   

5 Integratie en maatschappelijke samenhang

   

       

1 Faciliteren Inburgering

             

2 Maatschappelijke en economische zelfredzaamheid

             

6 Dienstverlenende en innovatieve overheid

             

1 Verminderen regeldruk

2

       

 

2 Informatiebeleid en ontwikkeling e-overheidsvoorzieningen

2

       

 

3 Betrouwbare levering van e-overheidsvoorzieningen

2

       

 

4 Burgerschap

 

         

5 Reisdocumenten en basisadministratie personen

       

   

7 Arbeidszaken overheid

             

1 Overheid als werkgever

 

         

2 Pensioenen, uitkeringen en benoemingsregelingen1

             

8 Kwaliteit Rijksdienst

             

1 Kwaliteit Rijksdienst

       

   

9 Uitvoering Rijkshuisvesting

             

1 Een doelmatige uitvoeringspraktijk vd Rijkshuisvesting1

             

10 Vreemdelingen

       

   

1 Toegang, toelating en opvang vreemdelingen

             

2 Terugkeer en bewaring vreemdelingen

             
1

Deze onderdelen zullen niet in de vorm van een beleidsdoorlichting maar anderszins worden geëvalueerd. Voor artikel 9.1 staat reeds een evaluatieonderzoek gepland. Voor de artikelen 1.2, 3.2 en 7.2 zal een evaluatieonderzoek gepland worden.

2

De doorlichting op deze drie operationele doelstellingen is mei 2011 aangeboden aan de Tweede Kamer.

Licence