Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

2.1 Beleidsprioriteiten

Nederland en de wereld in 2022

In 2022 zullen de gevolgen van de COVID-19 pandemie nog volop merkbaar zijn. De wereld werkt hard om zich hieraan te ontworstelen. Door de pandemie heeft een aantal trends in het buitenlandbeleid zich het afgelopen jaar versneld of duidelijker gemanifesteerd. Deze situatie duurt voort zolang de vaccinatiegraad in delen van de wereld achterblijft. Ook in 2022 zal COVID-19 daarom een belangrijke context vormen voor de wereld waarin Nederland zich beweegt en zorgen voor schokken en ontwrichting in het buitenland. Ook de directe invloed van het buitenland op het binnenland is hiermee duidelijker dan ooit. De COVID-19 pandemie heeft naar verwachting een blijvende impact op de internationale verhoudingen.

Deze internationale verhoudingen zijn in toenemende mate complex geworden en de internationale rechtsorde staat steeds meer onder druk. De wereld lijkt op te schuiven naar een multipolair systeem van machtsblokken waarbij het recht van de sterkste steeds vaker zegeviert. Autocratische stemmen klinken luider op het wereldtoneel en kritische geluiden worden gesmoord door arrestaties van politieke figuren en onderdrukking van dissidenten. Hier moet een stevig democratisch geluid tegenover staan. Juist nu is effectieve internationale en multilaterale samenwerking van groot belang voor Nederland; voor internationaal herstel van de COVID-19 pandemie en de gevolgen ervan op gebied van vrede en veiligheid, maar ook op het gebied van democratie en mensenrechten. Het hernieuwde internationale engagement van de VS op het multilaterale toneel is hierbij een belangrijke steun in de rug. Deze ontwikkelingen tonen bovendien hoe belangrijk een brede en diplomatieke voetafdruk is gebleken en zal blijven voor een open samenleving en open economie die Nederland is. Het kabinet zet in op een fit for purpose multilateraal system, met goed functionerende en toekomstbestendige multilaterale organisaties. In lijn daarmee is het Ministerie van Buitenlandse Zaken met een nationale exercitie bezig om in kaart te brengen of en hoe het multilateralisme kan worden versterkt. Ook wordt een actieve bijdrage aan het VS-initiatief voor een Summit for Democracy voorbereid. Nederland blijft onverminderd inzetten op accountability en de versterking van het Internationaal Strafhof. Gerechtigheid voor slachtoffers van de meest ernstige misdrijven is essentieel voor duurzame stabiliteit, vrede en veiligheid. Daarom ondersteunt Nederland verschillende mechanismen die onderzoek doen naar mensenrechtenschendingen, zoals de bewijsgaringsmechanismes voor Syrië, Myanmar en Irak. Ook heeft Nederland Syrië aansprakelijk gesteld onder het anti-folterverdrag.  

De Europese Unie (EU) is essentieel voor onze welvaart en voor de Nederlandse invloed op het wereldtoneel. Uitgangspunt hierbij is een EU gebaseerd op sterke lidstaten en onafhankelijke instellingen. De Green Deal en de digitale strategie van de Europese Commissie vormen de basis voor de versterking van de concurrentie- en innovatiekracht van de Unie. De transitie naar een duurzame en digitale economie wordt ook versterkt doordat de Recovery and Resilience Facility (RRF) zich richt op de modernisering van de economieën van lidstaten door noodzakelijke hervormingen. De EU moet het geopolitieke handelingsvermogen vergroten, waarbij met name het economische EU-instrumentarium geopolitieker wordt ingezet en de EU zijn instrumenten op buitenland- en veiligheidsbeleid versterkt. Hoewel geen doel op zich, speelt in een wereld waar grote machtsblokken steeds meer strijd met elkaar voeren, open strategische autonomie een belangrijke rol. Het is een wijze waarop we, binnen het uitgangspunt van een open economie, een weerbare EU kunnen vormgeven die in staat is zijn eigen publieke belangen en veiligheid te borgen en zoveel mogelijk normstellend opereert. Ten slotte is de waarborging van de rechtsstaat de basis van het wederzijds vertrouwen tussen lidstaten en een randvoorwaarde voor effectieve samenwerking.

Rondom de EU groeit de onrust. Nederland blijft zich daarom inzetten voor vreedzame beslechting van de conflicten in de zuidelijke Kaukasus (Nagorno-Karabach, Zuid-Ossetië, Abchazië). Een belangrijk voorbeeld van de bemiddelingsrol die de EU kan spelen is te zien in Georgië. De gedwongen landing van vlucht FR 4978 betekende een nieuw dieptepunt van repressie in Belarus, waardoor nieuwe EU-sancties nodig waren en van kracht zullen blijven om een betekenisvolle dialoog tussen regime en oppositie te stimuleren. Ook de situatie in Oekraïne vergt onverminderde waakzaamheid. Rusland zet met hybride-conflictvoering aanhoudend druk op Oekraïne middels het steunen van separatisten in Oost-Oekraïne, de bezetting van de Krim, het verspreiden van desinformatie en intimidatietactieken. Nederland geeft politieke en praktische steun aan Oekraïne via de NAVO, de EU en bilateraal.

Ten zuiden van de EU zet het kabinet in op sterke en gebalanceerde relaties met de landen in Noord-Afrika. Hiermee kan onder meer de migratiesamenwerking verbeterd worden, evenals de samenwerking op het gebied van bredere uitdagingen zoals economische recessie, de gevolgen van COVID-19 en de veiligheidssituatie. In Libië speelt Nederland bijvoorbeeld een belangrijke rol op het terrein van accountability en internationaal humanitair recht in het Berlijnproces, dat onder leiding van de VN plaatsvindt. Verder blijft het strategisch belang van de Sahel, als instabiele regio aan de rand van Europa, onverminderd groot. Nederland levert een geïntegreerde bijdrage aan de brede internationale inspanningen in deze regio. Zo ondersteunt Nederland de VN-missie MINUSMA in Mali wederom met luchttransportcapaciteit om snel en veilig grote afstanden te kunnen overbruggen. Daarnaast gaat in 2022 extra aandacht uit naar de juridische follow-up van de speciale, door de Benelux gefinancierde, VN-onderzoekscommissie naar mensenrechtenschendingen in Mali. Want zonder de erkenning van diep onrecht is een stabiele toekomst moeilijk te bereiken. Vrede kan niet zonder verantwoording. Nederland is daarmee een verantwoordelijke partner op het wereldtoneel, met ondersteuning van partners waar mogelijk en door op te komen voor Nederlandse belangen in het buitenland.

Tegelijkertijd zien we een nieuwe geopolitieke orde ontstaan die gekenmerkt wordt door de opmars van China. De toekomst van die orde wordt in de Indische en de Stille Oceaan – de ‘Indo-Pacific’ bepaald.1 Om een strategisch sterke positie in te nemen – en de Nederlandse en Europese economische en politieke belangen in deze belangrijke groeiregio adequaat te behartigen - is een actievere inzet van Nederland en de EU in deze regio van belang. Nederland en de EU hebben immers grote belangen in deze belangrijkste groeiregio in de wereld, onder meer ten aanzien van maritieme veiligheid, economische veiligheid, waardeketens en wereldwijde uitdagingen zoals het klimaat en de implementatie van Sustainable Development Goals (SDG's). De EU-strategie voor de Indo-Pacific, die op voorspraak van Nederland, Duitsland en Frankrijk tot stand is gekomen en in 2022 verder zal worden uitgewerkt, richt zich daarom op het bouwen van coalities in deze regio voor behartiging van de EU-belangen op economisch, politiek en veiligheidsgebied.

Economie, politiek, (internationaal) recht en veiligheid raken meer en meer verweven. Het is een duidelijke verantwoordelijkheid van het Ministerie van Buitenlandse Zaken om daarin samenhang te zien. Binnen de EU is het eerder genoemde debat over open strategische autonomie in dat kader steeds prominenter, ook als gevolg van de COVID-pandemie en de (wederzijdse) afhankelijkheden en kwetsbaarheden die deze blootlegt. Hierbij is nauwe samenwerking met de VS en andere gelijkgezinde partners van groot belang. Deze uitdaging is ook aanleiding om opnieuw te bewijzen dat het democratisch model de beste route is naar welvaart, levenskwaliteit en vrijheid. Juist daarop moet Nederland, met gevoel van urgentie over wat hier op het spel staat, een offensieve agenda formuleren: voor een sterker, concurrerender, rechtsstatelijker en duurzamer Nederland, Europa en wereld. Met deze agenda wordt ook bijgedragen aan de grondwettelijke opdracht om de ontwikkeling van de internationale rechtsorde te bevorderen.

Met de rijke traditie op het gebied van het internationaal recht en als gastland van internationale hoven en tribunalen zet Nederland zich in voor een goed functionerende internationale rechtsorde (rules-based international order). Deze inzet richt zich niet alleen op de ontwikkeling van het internationaal recht, maar ook op het vergroten van het respect voor bestaande regels van internationaal recht (accountability).

Relaties met geopolitieke mogendheden

De Verenigde Staten is een onmisbare partner voor het behoud van de Nederlandse vrede, veiligheid en welvaart. De huidige mondiale uitdagingen kunnen we alleen succesvol aanpakken als de VS en de EU gezamenlijk optrekken. Het klimaat, duurzaam economisch herstel van de COVID-19 pandemie en de geopolitieke uitdagingen die landen als China, Rusland en Iran met zich meebrengen zijn daar voorbeelden van. Op basis van gedeelde normen en waarden en een intensieve handels- en investeringsrelatie werken Nederland en de VS samen aan die uitdagingen. Ook trekt Nederland met de VS op om het functioneren van de multilaterale orde te verbeteren. Nederland investeert in strategische dialogen met de VS over sensitieve technologie, cyber en ontwapening, wapenbeheersing en non-proliferatie. De NAVO blijft de hoeksteen van ons veiligheidsbeleid. Het kabinet staat voor een én-én-benadering. Een versterking van het Gemeenschappelijk Veiligheids- en Defensiebeleid (GVDB) van de EU draagt ook bij tot een sterkere NAVO.

De reikwijdte en complexiteit van het China-dossier nemen toe en zullen ook in 2022 en daarna invloed hebben op veel internationale en nationale dossiers. De in de China-notitie genoemde balans (samenwerken waar het kan, beschermen waar het moet) is aan het verschuiven. Er komt steeds meer nadruk op het beschermen van onze waarden en belangen, onze veiligheid en de statelijke dreigingsaspecten. Tegelijkertijd maakt onze open economie dat er voor ons land grote economische belangen zijn in relatie tot China. Daarnaast is samenwerking met China onmisbaar bij het aanpakken van grote mondiale uitdagingen, onder meer op het gebied van klimaat en duurzaamheid. Nederland is dan ook gebaat bij een geïntegreerde en gecoördineerde inzet op China, zowel nationaal als in EU-kader. Nederland zal bij China mensenrechtenvraagstukken blijven aankaarten, bij voorkeur in EU-kader. Ook baren de ontwikkelingen in Xinjiang zoals beperkingen van religieuze vrijheden, massasurveillance, dwangarbeid en gedwongen sterilisatie, en de implicaties van de Nationale Veiligheidswet voor de rechtsstaat en burgerlijke vrijheden in Hongkong ernstige zorgen. Nederland zal de impact van deze wet op de voet blijven volgen – inclusief rechtszaken tegen prodemocratische activisten en eventuele onwenselijke of onrechtmatige extraterritoriale consequenties voor EU-burgers en –belangen.

De relatie met Rusland blijft bijzonder ingewikkeld. In lijn met de Ruslandbrief van het kabinet zal Nederland Rusland, ook in EU- en NAVO-verband, blijven aanspreken waar het onze belangen aantast of internationale afspraken met voeten treedt. Een voorbeeld daarvan is het handhaven van EU-sancties tegen Rusland zolang er geen sprake is van implementatie van de Minsk-akkoorden over het conflict in het oosten van Oekraïne. Het blijft tegelijkertijd nodig om communicatiekanalen open te houden, vooral op terreinen waar functionele samenwerking met de Russische autoriteiten in ons belang is. Het kabinet blijft streven naar waarheidsvinding, gerechtigheid en rekenschap voor het neerhalen van vlucht MH17. Het indienen van de statenklacht tegen Rusland bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) was een belangrijke stap hierin. Het kabinet heeft altijd benadrukt dat het geen enkele juridische optie uitsluit.

NAVO-bondgenoot Turkije is een belangrijke partner voor Nederland en de EU, o.a. op het terrein van veiligheidssamenwerking en migratie. Goede implementatie van de EU-Turkije Verklaring is dan ook van belang. Nederland hecht belang aan een constructieve EU-Turkije relatie, waar aandacht voor rechtsstaat en mensenrechten een integraal onderdeel van zijn. Een effectieve bilaterale relatie biedt ruimte om samen te werken aan gezamenlijk uitdagingen en om elkaar aan te spreken over zaken waar we zorgen over hebben. Het kabinet wijst continu op het belang van een positieve opstelling van Turkije in de regio.

Regionale ontwikkelingen

De recente spanningen in Jeruzalem en de oplaaiing in het conflict tussen Israël en Hamas laat zien dat het Midden-Oosten om blijvende aandacht vraagt. Nederland zet zich actief in voor het behoud van de twee-statenoplossing. Dat doet het kabinet door verdere nederzettingenuitbreidingen en bijbehorend beleid door Israël dat leidt tot een één-staat-realiteit tegen te gaan, door Palestijns leiderschap aan te sporen de verdeeldheid op te lossen, door geweld en terrorisme te veroordelen en door gebruik te maken van de normalisatieakkoorden van Israël met Arabische landen.

Nederland zal zich inspannen om de zorgelijke aspecten van het gedrag van Iran middels verifieerbare afspraken op een duurzame manier te adresseren. Het kabinet maakt zich zorgen over het Iraanse nucleaire programma, de vaak destabiliserende rol van Iran in de regio, het ballistische raketprogramma van het land en de mensenrechtensituatie in het land. Om tot resultaten te komen, zal een combinatie van politieke en diplomatieke druk en dialoog worden ingezet. De rol van de EU in het JCPOA-proces is daarbij bemoedigend. Betrokken actoren in de regio zoals de Samenwerkingsraad van Arabische Golfstaten en Israël spelen daarnaast een belangrijke rol en worden actief betrokken bij het aangaan van dialoog.

In Irak blijft Nederland zich inzetten voor het bereiken van legitieme stabiliteit in het land. Het kabinet zoekt hierbij brede samenwerking met Irak op het gebeid van politiek, veiligheid, economie en ontwikkeling. De strijd tegen ISIS wordt voortgezet, met aanhoudende aandacht voor berechting van ISIS-strijders en de ondersteuning van ontheemden die nog altijd niet naar huis hebben kunnen terugkeren. Samen pakken we de grondoorzaken van instabiliteit aan. Het kabinet zet ook in 2022 in op een actieve rol van de EU in dit land, ook met oog op de mogelijk stabiliserende rol die Irak in de regio kan spelen. Voor Afghanistan roept Nederland op tot een inclusieve, politieke oplossing voor een duurzaam einde aan het conflict. Dit geeft de beste kans op stabiliteit en ontwikkeling in Afghanistan. De rechten van vrouwen en meisjes en de positie van maatschappelijk middenveld hebben daarbij onze specifieke aandacht. Het kabinet continueert de inspanningen om hen die niet konden worden geëvacueerd, alsnog in veiligheid te brengen. Daarnaast blijft het de inzet van het kabinet om de Afghaanse bevolking te steunen.

Door de strategische ligging van de Hoorn van Afrika aan de Rode Zee maakt dat gebeurtenissen in de Hoorn direct van invloed zijn op ons land. Instabiliteit in de Hoorn van Afrika is, met name vanwege de crisis in de Tigray-regio en de regionale impact daarvan, eerder toe- dan afgenomen. Nederland zal zich in EU- en multilateraal verband blijven inzetten voor conflictresolutie en -preventie in de Hoorn, en het doen slagen van transities richting democratie en duurzame vredes- en staatsopbouw.

Het Koninkrijk maakt tevens onderdeel uit van Latijns-Amerika. De politieke, economische en humanitaire crisis in Venezuela, het grootste buurland van het Koninkrijk, blijft ook dit jaar de volle aandacht vragen. Transnationale georganiseerde misdaad raakt de veiligheid en stabiliteit van ons Koninkrijk. Daarnaast blijft het nastreven van een stabiel en democratisch Venezuela het uitgangspunt. In EU-verband zal Nederland een voortrekkersrol blijven spelen en zich hardmaken voor uitbreiding van de sanctielijsten indien de situatie hierom vraagt.

Verdere bestendiging en vormgeving van een gelijkwaardige relatie met Suriname, die recht doet aan de historische band en de grote verwevenheid tussen beider maatschappijen, staat komend jaar centraal. Overheidssamenwerking via het Makandra-programma, besteding van de laatste verdragsmiddelen en voortzetting van de Twinning Faciliteit zijn hier pijlers van.

Los van de focus op de bredere Indo-Pacific blijft het kabinet met Indonesië investeren in een duurzame, gelijkwaardige en wederzijds betekenisvolle relatie. Naast het versterken van economische banden werken we ook steeds meer samen teneinde de internationale rechtsorde te borgen. Daarnaast blijft Nederland zich in Myanmar inzetten voor accountability en voor het herstel van de democratie na de militaire coup van 1 februari 2021.

Europese samenwerking

Bij veel van de vraagstukken waar Nederland de komende periode voor staat, speelt de EU een essentiële rol. Denk aan klimaatverandering, digitalisering, migratie, interne veiligheid en defensie. Deze vraagstukken blijven urgent, ook tijdens de COVID-19-crisis en de herstelfase. Het economisch en werkgelegenheidsherstel moet gepaard gaan met verduurzaming en digitalisering. Voor al deze uitdagingen geldt dat een handelingsbekwame Unie van groot belang is.

Sterke lidstaten vormen de basis van een sterke Unie. In 2022 zit het tijdelijke Next Generation EU herstelinstrument en specifiek de Recovery en Resilience Facility (RRF) in een volgende fase waarin lidstaten uitvoering zullen geven aan goedgekeurde herstelplannen. Voor Nederland blijft het belangrijk dat lidstaten de benodigde structurele hervormingen daadwerkelijk doorvoeren om zo economisch sterker en weerbaarder uit de crisis te komen.

Ook dienen de overeengekomen ambities in de Green Deal geïmplementeerd te worden. Dit geldt in de eerste plaats voor het aangescherpte EU-brede klimaatdoel van ten minste 55% broeikasgasreductie in 2030. Het kabinet zet hiertoe in op een ambitieuze, effectieve en kostenefficiënte uitwerking van de ondersteunende Europese wetgeving. De externe dimensie van de Green Deal zal in EU-verband de focus leggen op verdere implementatie van de afspraken uit de begin 2021 aangenomen Raadsconclusies klimaat- en energiediplomatie, inclusief de inzet op mondiale ambitieverhoging op klimaatgebied.

De Unie is sterk als de fundamenten van goed bestuur en de democratische rechtsstaat stevig zijn verankerd in de lidstaten en de instellingen, en lidstaten gemaakte afspraken nakomen. Ook in 2022 zal Nederland zich hier sterk voor blijven maken. Daarbij is het van belang dat de bestaande en nieuwe preventieve en handhavende EU-instrumenten goed en consequent ingezet worden. Zoals het rechtsstaatrapport van de Commissie en de dialoog daarover, evenals de rechtsstaatconditionaliteit in het kader van de EU-begroting en het coronaherstelfonds.

De Conferentie over de Toekomst van Europa, een initiatief van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie, is op 9 mei 2021 gestart en zal lopen tot voorjaar 2022 waarbij Europese burgers zelf hun mening kunnen geven over de toekomst van Europa via een reeks debatten en discussies. Het kabinet organiseert daarom nationale burgerconsultaties ten behoeve van de Nederlandse input in de Conferentie en heeft het SCP gevraagd een aanvulling te doen op het rapport «Wat willen Nederlanders van de Europese Unie» van 2019. Dit om de conferentie te steunen als manier om de Europese Unie dichter bij de Nederlanders te brengen.

Om een geloofwaardige geopolitieke rol te kunnen spelen, is het zaak dat de EU tijdig en adequaat op ontwikkelingen in de wereld reageert. Daarvoor is een effectieve inzet van het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid cruciaal. De Hoge Vertegenwoordiger wordt aangemoedigd proactief EU-standpunten uit te dragen en beleidsvoorstellen te doen. Ook verwelkomt het kabinet de groeiende rol van de Europese Raad bij het uitzetten van de strategische lijnen van het buitenlands beleid. Tevens blijft het kabinet zich hard maken voor frequenter gebruik binnen de verdragen van gekwalificeerde meerderheidsbesluitvorming bij sancties en mensenrechtenverklaringen in multilateraal verband.

Het kabinet is groot voorstander van effectieve inzet van het sanctie-instrument, maar tegelijkertijd met de waarschuwing dat sancties geen symboolpolitiek mogen worden of vervanging van een adequate strategie: sancties zijn een instrument om een bepaald beleid uit te voeren, en mogen geen doel op zich zijn. Naar verwachting zal dit instrument onverminderd belangrijk blijven in de geopolitieke gereedschapskist van de EU. Het EU-mensenrechtensanctieregime, dat mede door de inzet van het kabinet tot stand is gekomen, moet vanuit die gedachte bijdragen aan een effectief EU-mensenrechtenbeleid. Daarnaast blijft het kabinet inzetten op een versterking van het instrument door verbeterde handhaving en implementatie.

De grensoverschrijdende samenwerking met Duitsland en de Benelux-landen is als gevolg van de COVID-19 crisis geïntensiveerd met een verhoogde aandacht voor het wegnemen van grensknelpunten voor burgers en bedrijven. Nederland blijft hierop inzetten, mede door het hernieuwen van de bilaterale contacten na de verkiezingen in Duitsland. Nederland zal blijven zoeken naar samenwerking met Duitsland, Frankrijk en de Benelux om effectieve en tijdige beleidsbeïnvloeding te bewerkstelligen op Europees en internationaal vlak, waarbij Nederland op onderwerpen van strategisch belang, zoals veiligheid en defensie, zo veel mogelijk aansluiting zal zoeken bij de Frans-Duitse as. In het kader van tijdige beleidsbeïnvloeding is het daarom ook van belang om de bilaterale contacten met Frankrijk verder te versterken. Met de overige lidstaten zal zoveel mogelijk op specifieke thema’s, waarop we bijvoorbeeld belangen of standpunten delen, in coalitieverband worden samengewerkt.

De veiligheid, welvaart en stabiliteit van de grensregio’s van de EU is in het directe belang van Nederland. De hernieuwing van het partnerschap tussen de EU en het Zuidelijk Nabuurschap zal het komende jaar worden verdiept met versterkte politieke dialoog. Het Oostelijk Partnerschap staat de komende jaren in het teken van het versterken van de weerbaarheid van de oostelijke buren van de EU en blijft een belangrijk instrument om Europese waarden daar verder wortel te laten schieten. De Westelijke Balkan is van belang voor Nederland en de EU vanwege zijn geografische ligging gekoppeld aan bestrijding van georganiseerde criminaliteit, het migratiedossier, toenemende externe invloeden en (in delen van de regio) stabiliteit. Dit vereist blijvende actieve betrokkenheid in EU-verband, bilateraal en in samenwerking met de VS. Ten aanzien van het EU-uitbreidingsbeleid blijft het kabinet inzetten op een proces waarbij rechtsstaatshervormingen en fundamentele vrijheden centraal staan, conform de nieuwe uitbreidingsmethodologie.

Nu de Brexit-akkoorden (het Terugtrekkingsakkoord en de Handels- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de EU en het VK) formeel in werking zijn getreden, zal het kabinet zich in 2022 blijven inzetten voor volledige implementatie van de gemaakte afspraken. Het VK blijft ook na Brexit voor Nederland een belangrijke partner en bondgenoot, zowel bilateraal als multilateraal. De belangen voor Nederland in de relatie met het VK zijn groot. Op onder andere economisch gebied, op het gebied van buitenlands- en veiligheidsbeleid, maar ook consulair-maatschappelijk met een grote Nederlandse gemeenschap in het VK. Samen met bedrijven, kennisinstellingen en andere partners zullen we als overheid onze bilaterale relatie post-Brexit verder vormgeven. Daarbij blijft transparantie, consultatie en coördinatie in EU-kader van belang, gelet op de status van het VK als voormalig EU-lidstaat.

Migratie

Voor Nederland blijft het een prioriteit om binnen de Europese Unie tot een robuust, voorspelbaar, crisisbestendig en betrouwbaar migratiemanagementsysteem te komen. Het Europees asielsysteem moet waarborgen dat iedereen die daar recht op heeft, bescherming krijgt, en zij die dit recht niet blijken te hebben effectief terugkeren. Tevens zullen lidstaten zich meer moeten inspannen om secundaire migratiestromen binnen de EU tegen te gaan. Daarvoor is het nodig meer grip te krijgen op wie de Unie binnenkomt, met name door een verplichte grensprocedure voor migranten die asiel aanvragen. Dit komt ook het functioneren van Schengen ten goede.

Veiligheid en stabiliteit

De dertien doelstellingen zoals geformuleerd in de Geïntegreerde Buitenland- en Veiligheidsstrategie (GBVS) 2018-2022 blijven onverminderd relevant. De tussenrapportage laat zien dat de analyse en strategische keuzes nog steeds actueel zijn, maar dat het dreigingsbeeld verandert. De drie pijlers van deze strategie, ‘Voorkomen, Verdedigen en Versterken’, blijven leidend in de omgang met de gewijzigde en op sommige punten verslechterde veiligheidssituatie. Effectief kunnen omgaan met dit veranderd dreigingsbeeld vraagt om een integraal veiligheidsbeleid.

Onze interne nationale veiligheid is onlosmakelijk verbonden met de externe internationale veiligheid. Conflictvoering manifesteert zich niet alleen in wapens maar in toenemende mate ook in technologie, economische instrumenten, informatie en data. Het kabinet is daarom van mening dat bij een update van de verschillende veiligheidsstrategieën, waaronder de GBVS, de Nationale Veiligheid Strategie en de Internationale Cyberstrategie, de basis moet liggen in een geïntegreerde veiligheidsanalyse die zowel natuurlijke als de man-made dreigingen in een totaalbeeld meeneemt.

Voorkomen

Het kabinet blijft zich internationaal inspannen voor vervolging en berechting van Foreign Terrorist Fighters (FTFs) in de regio, conform de internationaal vastgestelde standaarden. Dit past binnen het gehanteerde uitgangspunt dat straffeloosheid moet worden voorkomen, en berechting daar moet plaatsvinden waar de misdaden zijn begaan en waar het bewijs en het overgrote deel van de slachtoffers zich bevinden.

Dat betekent dat het ministerie van Buitenlandse Zaken in geval van Nederlandse Syriëgangers die zich bij een Nederlandse diplomatieke vertegenwoordiging in de regio melden, samen met partners uit de Contra Terrorisme-keten (KMar en NCTV) aan gecontroleerde terugkeer werkt, om zo vervolging en berechting mogelijk te maken en straffeloosheid tegen te gaan.

Verdedigen

Naast de onverminderde inzet op het maken, verbeteren en afdwingen van internationale afspraken over nucleaire en andere massavernietigingswapens, gaat Nederland zich in multilateraal verband inzetten voor ruimteveiligheid. De ruimte is van groot belang voor onze hoogwaardige kenniseconomie en nationale veiligheid, maar raakt steeds voller en wordt betwist. Nederland neemt initiatieven om toezicht op- en naleving van afspraken over gedrag in de ruimte te verbeteren en om het bewustzijn over ruimteveiligheid te vergroten, zoals het aanleveren van een nationale visie op dit thema aan de VN. Daarbij wordt de verbinding gelegd met andere relevante beleidstrajecten met een ruimteveiligheidsdimensie zoals economische veiligheid.

Bij het tegengaan van de verspreiding van massavernietigingswapens handhaaft Nederland de voortrekkersrol naar het doel van een kernwapenvrije wereld gebaseerd op ontwapening en risicobeperking, alsook nucleaire afschrikking. Prioriteiten zijn het Non-proliferatieverdrag, strikte verificatie van het Iraanse nucleaire programma, accountability – waaronder voor het gebruik van chemische wapens in Syrië – en het bevorderen van het Biological and Toxin Weapons Convention (BTWC). Hiervoor zet Nederland zich in via ad hoc coalities, waaronder het Non-Proliferation and Disarmament Initiative, Friends of the CTBT, Creating an Environment for Nuclear Disarmament, Stockholm Stepping Stones Initiative for Disarmament, International Partnership for Nuclear Disarmament Verification en het Global Partnership against the spread of Weapons of Mass Destruction.

Toepassingen van nieuwe technologieën bieden mogelijkheden maar leiden ook tot belangrijke uitdagingen in het veiligheidsdomein. Conform de Motie Koopmans zal Nederland risico’s en dreigingen die voortvloeien uit productie, gebruik en handel van (nieuwe) wapensystemen internationaal aan de orde stellen. Hierop is inmiddels extra capaciteit gecreëerd.

Het Cyber Security Beeld Nederland 2021 die op 28 juni werd gepubliceerd schetst opnieuw een ernstig beeld van de nationale veiligheid op het gebied van cybersecurity: de digitale dreiging is voortdurend in ontwikkeling, terwijl de COVID-19 crisis onze afhankelijkheid van digitale processen heeft vergroot. Het toont ook de verwevenheid tussen interne nationale en externe internationale veiligheidsproblemen.

Daarom moet Nederland samen met internationale partners in de voorhoede van de internationale discussies over digitale veiligheid blijven opereren. Dit betekent dat Nederland actief blijft op de drie sporen van zijn internationale cyberbeleid: het bestendigen van de internationale rechtsorde, het formuleren van diplomatieke en politieke respons (onder andere attributie) tegen ongewenste statelijke operaties en het versterken van effectieve cyberpartnerschappen, ondersteund door capaciteitsopbouw. Gelet op de destabiliserende werking, het grote bereik en snelle verspreiding van online desinformatie blijft de aanpak van desinformatie van groot belang; rechtsstatelijke waarden en grondrechten als de vrijheid van meningsuiting zijn daarbij het uitgangspunt.

Versterken

Nederland en zijn bondgenoten zien zich steeds meer geconfronteerd met rivaliteit en instabiliteit in de internationale politiek-economische rechtsorde en veiligheid. Autocratische, centraal geleide staten zetten in toenemende mate in op het bereiken van strategische dominantie en het creëren van eenzijdige strategische afhankelijkheden op economisch en technologisch gebied.

Hierbij hanteren zij ook hybride vormen van conflictvoering met een breed pakket aan middelen, inclusief beïnvloeding, inmenging, desinformatie, en de inzet van economische instrumenten om geopolitieke doelen te behalen. Nederland moet zich tegen dergelijke nieuwe vormen van conflict verweren om zijn politieke en economische vrijheden te waarborgen. Samenwerking met Europese, trans-Atlantische en andere internationale bondgenoten is daarbij cruciaal. Het kabinet zet zich in 2022 in voor de verdere uitbouw van dergelijke samenwerkingsverbanden op het gebied van hybride dreigingen, inclusief economische veiligheid. Allereerst in EU- en NAVO-verband, om zo de collectieve weerbaarheid van onze directe bondgenoten te vergroten. Maar ook in ad hoc coalities, waar dit nodig is om de Nederlandse belangen beter te beschermen tegen buitenlandse statelijke ondermijning.

Het kabinet zal zijn inzet op de controle van onbemande luchtvaartuigen (bewapende drones), ofwel Unmanned Aerial Vehicles (UAVs) intensiveren. De grondslag daarvoor wordt uiteengezet in een nieuw beleidskader over de Nederlandse internationale inzet om, waar mogelijk, risico’s die gepaard gaan met de opmars van UAVs te beperken.

Nederland zal komend jaar een actieve en constructieve bijdrage leveren aan de totstandkoming van het Europese Strategisch Kompas, dat de komende 5 tot 10 jaar richting zal geven aan het Gemeenschappelijk Veiligheids-en Defensiebeleid (GVDB) van de EU. Dit instrument wordt in 2022 vastgesteld en het kabinet ziet de ontwikkeling ervan als een belangrijk instrument om de kloof tussen het ambitieniveau en het handelingsvermogen van de EU op GVDB-terrein stelselmatig te verkleinen. Ook zal het kompas ertoe bijdragen de weerbaarheid van de EU in de huidige veiligheidscontext te vergroten. Daarbij geldt voor Nederland dat de NAVO de hoeksteen is van het Nederlandse veiligheidsbeleid, en dat een Europese Unie die meer verantwoordelijkheid neemt voor de eigen veiligheid ook de NAVO en de trans-Atlantische relatie versterkt. Verder is het van belang dat het Strategisch Kompas in samenhang wordt bekeken met de herziening van het Strategisch Concept van de NAVO en het NAVO2030-proces. Ook blijft het kabinet zich inzetten om de rol van de NAVO en de EU als veiligheidsactoren te vergroten. Dit doet Nederland onder meer door capaciteitsopbouw in partnerlanden via NAVO trust funds en middels steunmaatregelen via de Europese Vredesfaciliteit.

Gezien de druk op de internationale rechtsorde en de instabiliteit in de regio’s rond Europa blijft Nederland in 2022 met militairen, politiefunctionarissen en civiele experts deelnemen aan (vredes)missies en operaties. Nederland neemt zijn internationale verantwoordelijkheid door in bondgenootschappelijk verband bij te dragen aan veiligheid en stabiliteit elders. Deze inzet blijft zich primair richten op de instabiele regio’s rondom Europa en vooral daar waar de Nederlandse veiligheid en belangen in het geding zijn, onder meer in Irak, de Sahel en aan de oostflank van Europa.

Ook in 2022 zal de inzet van de krijgsmacht waar mogelijk stoelen op een geïntegreerde benadering. Het voorkomen en duurzaam oplossen van conflicten vraagt naast militaire inzet bovenal een inclusieve politieke oplossing en de aanpak van grondoorzaken door middel van ontwikkelingssamenwerking.

Mensenrechtenbeleid

Het kabinet staat voor een pragmatische en effectieve manier om bij te dragen aan verbetering van de naleving van de rechten van de mens. Het kabinet spant zich in voor het behoud en versterking van de instellingen die de universele mensenrechten bevorderen conform de zes vastgestelde prioriteiten van het Nederlands mensenrechtenbeleid. De intensivering van het mensenrechtenbeleid die in 2017 is ingezet, richt zich ook in 2022 in het bijzonder op drie van die prioriteiten, te weten: vrijheid van meningsuiting, inclusief online en met speciale aandacht voor de versterking van de positie en veiligheid van journalisten, 2) vrijheid van religie en levensovertuiging, 3) gelijke rechten voor LHBTI’s.

Nederland is actief in verschillende samenwerkingsverbanden met gelijkgezinde landen zoals de Equal Rights Coalition, de Freedom Online Coalition, de Media Freedom Coalition en de International Religious Freedom Alliance. In 2022 zal Nederland als co-voorzitter van de Media Freedom Coalition aandacht vragen voor mediavrijheid en bescherming van journalisten. Ook directe steun aan internationale en lokale maatschappelijke organisaties, o.a. via het mensenrechtenfonds, blijft een belangrijk instrument voor de uitvoering van het Nederlandse mensenrechtenbeleid, zodat zij worden gesteund in hun onmisbare rol om mensenrechten te bevorderen, misstanden aan te kaarten en directe hulp te bieden aan mensenrechtenverdedigers in nood.

Vanaf 2020 tot en met 2022 is Nederland lid van de VN-Mensenrechtenraad, wat bij uitstek een relevant platform biedt voor internationale samenwerking en inhoudelijke resultaten op de zes beleidsprioriteiten. Binnen de bredere VN, maar ook binnen de verschillende ontwikkelingsbanken, pleit het kabinet voor institutionele verankering van de mensenrechtenbenadering, niet in de laatste plaats bij de implementatie van de duurzame ontwikkelingsdoelen en de veiligheidsagenda. Daartoe zet Nederland ook in op gedegen financiering van de mensenrechtenpijler van de VN.

Polair

Het smelten van het ijs op de poolcirkel heeft flinke geopolitieke en economische implicaties. In 2022 zal het kabinet uitvoering geven aan de nieuwe Nederlandse Polaire Strategie voor de periode 2021-2025 ‘Beslagen ten IJs’, die eind 2020 aan de Kamer is aangeboden. Hierin geeft het kabinet aan op welke wijze het zich in de komende periode wil inspannen voor het beschermen van natuur en milieu, het versterken van internationale samenwerking en het waarborgen van de duurzaamheid van economische activiteiten ten aanzien van de poolgebieden.

Nederlanders Wereldwijd & Consulair

De COVID-19 pandemie heeft het belang van goede en moderne consulaire dienstverlening verder onderstreept. In 2022 zullen de effecten van de pandemie nog steeds zichtbaar zijn in het consulaire domein. Zolang het coronavirus niet overal ter wereld onder controle is, zullen mogelijke reisrestricties en de gezondheidssituatie in een land ervoor zorgen dat de vraag naar reisadviezen hoog blijft. Daarnaast is de verwachting dat het aantal reisbewegingen niet direct zal herstellen naar het niveau van voor de pandemie. Dit betekent o.a. dat de aantallen visumaanvragen langzaam zullen herstellen, maar waarschijnlijk niet tot het niveau van 2019, met navenante gevolgen voor de visumopbrengsten.

Ook al is de pandemie nog niet beëindigd, het Ministerie werkt wel actief aan het toepassen van de geleerde lessen uit de eerdere fases. Zo worden in 2022 bestaande crisisprotocollen en evacuatiebeleid aangescherpt op basis van inzichten vanuit intern en extern uitgevoerde evaluaties en de aanbevelingen vanuit het verantwoordingsonderzoek 2020 van de Algemene Rekenkamer. Daarnaast zal het Ministerie verder gaan met een lopend project om de kwaliteit van de reisadviezen verder te verbeteren, n.a.v. een eerder onderzoek van de Algemene Rekenkamer maar ook aan de hand van ervaringen in 2021, een jaar waarin Nederlandse burgers en bedrijven opnieuw veel gebruik maakten van dit product.

Ondanks de pandemie gaan de moderniserings- en centraliseringsprojecten van de consulaire dienstverlening onverminderd door. Nederlanders in het buitenland worden in 2022 nog beter geholpen: het aantal locaties wordt uitgebreid waarbij Nederlanders bij een externe dienstverlener een paspoort kunnen aanvragen, zodat aanvragers minder ver hoeven te reizen voor een paspoortaanvraag. Een succesvolle pilot voor het aanvragen van een DigiD op afstand (zonder verschijningsplicht) wordt uitgebreid. Daarnaast kunnen zij, aan het eind van 2022, via het project Loket Buitenland bij zo’n 60 overheidsdiensten terecht via de website NederlandWereldwijd.nl. Daarmee is invulling gegeven aan de opdracht uit het Regeerakkoord Rutte III om voor Nederlanders in het buitenland de dienstverlening van de overheid op één plek toegankelijk te maken.

Daarnaast blijft het Ministerie werken aan de dienstverlening voor visumplichtige buitenlanders om de kwaliteit van het visumproces verder te verbeteren, aanvragen zo efficiënt mogelijk af te handelen en de aanbevelingen uit de Schengenevaluaties te implementeren. Hiertoe zullen in 2022 nieuwe ICT-applicaties geïmplementeerd worden waarmee het Schengenvisumproces volledig gedigitaliseerd kan worden uitgevoerd, en wordt de centralisatie in Den Haag van de afhandeling van visumaanvragen in 2022 bij de Consulaire Service Organisatie (CSO) ook voltooid. Tenslotte werkt het Ministerie samen met partners om de buitengrenzen van zowel de EU als van het Koninkrijk der Nederlanden te versterken. In dat kader wordt in 2022 de aansluiting op het Europese Entry and Exit systeem (EES) gerealiseerd, en zal het ministerie in nauwe samenwerking met de autoriteiten van de Caribische Koninkrijksdelen en andere departementen invulling geven aan de aanbevelingen van het in 2021 afgeronde onderzoek naar visumverlening in de Caribische Koninkrijksdelen.

Cultuur 

Kunst en cultuur geven betekenis en vorm aan onze relaties; ook wanneer deze moeizaam zijn. Ze zorgen voor onderlinge verbondenheid en kweken goodwill omdat je elkaar door cultuur leert kennen, begrip voor elkaar krijgt en expertise uit kan wisselen. Met het vierjarig kader internationaal cultuurbeleid (ICB 2021-2024) wordt dat met name gezocht in de relaties met Europese landen, grensoverschrijdende samenwerking en een aantal voor Nederland belangrijke landen in de rest van de wereld. Culturele samenwerking ondersteunt daarnaast andere prioriteiten van buitenlandbeleid en speelt onder meer een belangrijke rol in de dialoog met landen als Rusland, China en Marokko. In 2022 wordt daarnaast gestuurd op intensievere culturele samenwerking met Indonesië (d.m.v. de vernieuwing van een aflopend MoU) en Suriname. De impact van de COVID-crisis op bestaande netwerken en samenwerkingscapaciteit in het buitenland vormt voor het ICB de komende periode een speciale uitdaging.

Publieksdiplomatie

De strategische inzet van Publieksdiplomatie door het postennetwerk en BZ versterkt de reputatie van Nederland bij een buitenlands publiek en daarmee de politieke- en economische positie. In 2022 wordt actief verder samengewerkt met publieke en private partners uit binnen en buitenland om de Nederlandse belangen te waarborgen en ons waardenstelsel uit te dragen. Dit ook in landen waarmee we van mening verschillen, of die onze concurrenten zijn. De internationale positioneringsstrategie van Nederland onder regie van BZ, levert hiervoor eenduidige boodschappen en instrumenten. Deze worden ingezet voor activiteiten op internationaal erkende dagen zoals mensenrechtendag, IDAHOT en dag van de persvrijheid en strategische momenten zoals grote conferenties.

Postennet

Het belang van een sterk postennetwerk voor Nederland is onverminderd groot. Dat wordt zichtbaar bij hulp en repatriëring van Nederlanders, het verstrekken van informatie aan Nederlandse bedrijven inclusief het organiseren van (online) handelsmissies en bijeenkomsten, de intensieve contacten die nodig zijn om het EU-beleid op diverse terreinen vorm te geven en op het terrein van ontwikkelingssamenwerking en opkomen voor mensenrechten. Door globalisering zijn kansen en mogelijkheden voor burgers en bedrijven gecreëerd, maar is tegelijkertijd de ongelijkheid tussen en binnen landen toegenomen. De vertegenwoordigingen van Nederland spelen hierop in. Het netwerk van ambassades, permanente vertegenwoordigingen, consulaten-generaal, ambassadekantoren, Netherlands Business Support Offices (NBSO), Netherlands Foreign Investment Agencies (NFIA) en honoraire consulaten is voor Nederland belangrijk om onze slagkracht in het buitenland te behouden. In tijden van oplopende spanningen en uitdagingen op onder meer het terrein van mensenrechten, (irreguliere) migratie en (cyber)veiligheid is meer en meer behoefte aan creatieve coalitievorming en zijn antennes ter plaatse onontbeerlijk.

Diplomatie is ingewikkeld mensenwerk, vaak op het scherpst van de snede en met een stevige impact op het dagelijks leven in Nederland. Individuele diplomaten maken op belangrijke momenten het verschil. Omdat ze de juiste mensen kennen, lokale gewoontes begrijpen, creatieve compromissen bedenken en altijd oog houden voor Nederlandse belangen en waarden. Dat doet Nederland wereldwijd, meestal achter de schermen, niet zelden onder hele moeilijke omstandigheden en daarbij moeten we soms scherpe keuzes maken over hoe we de beschikbare capaciteit zo effectief mogelijk inzetten. Onze diplomatieke posten, die worden bemenst vanuit alle departementen, zijn Rijksbrede dienstverleners; voor het hele Koninkrijk en voor alle ministeries.

Overzicht coronamaatregelen

2020 en 2021 zijn voor een belangrijk deel getekend door de coronacrisis. Het kabinet heeft diverse (nood)maatregelen genomen om de crisis het hoofd te bieden. Deze paragraaf geeft een overzicht van de maatregelen die op de begroting van Buitenlandse Zaken zijn genomen. Een uitgebreid overzicht is te vinden op https://www.rijksfinancien.nl/corona-visual. In dit overzicht zijn alleen EMU-relevante corona-uitgaven opgenomen. De niet EMU-relevante corona-uitgaven zijn terug te vinden onder de belangrijkste beleidsmatige mutaties en de toelichting op de financiële instrumenten.

Tabel 1 Coronamaatregelen op de Buitenlandse Zaken-begroting (bedragen x € 1 mln.)

Art.

Omschrijving maatregel

Realisatie 2020

2021

2022

2023

2024

2025

2026

Vindplaats

4.1

Bijzondere bijstand buitenland

7

      

Incidentele suppletoire begroting

7.10

Gedeeltelijke compensatie tegenvallende consulaire ontvangsten

 

19

     

Kamerstuk 35 850 V nr.2

 

Totaal1

7

19

      
1

Deze bedragen zijn afgerond op hele miljoenen, de werkelijke bedragen zijn EUR 6,6 miljoen en EUR 18,2 miljoen

1

De Indo-Pacific is de belangrijkste groeiregio ter wereld en strekt zich uit van Pakistan tot de eilanden in de Pacific en omvat geografisch ten minste de landen rond de Indische en Stille Oceanen, waaronder de Zuid-Chinese en Oost-Chinese Zeeën (de ‘achtertuin’ van China).

Licence