Art. | Uitgaven 2025 | |
|---|---|---|
Vastgestelde begroting 2025 | 5.074.528 | |
Stand 1e suppletoire begroting 2025 | 5.438.255 | |
Stand suppletoire begroting september 2025 | 5.392.971 | |
Belangrijkste suppletoire mutaties | ||
1) Subsidie Oorlogsgravenstichting | 1 | 1.900 |
2) Groeiopgave Almere | 1 | ‒ 10.134 |
3) Verrekening bedrijfsvoeringskosten AIVD | 2 | 18.366 |
4) Bijdrage FMH | 11 | 8.560 |
5) Hogere uitgaven dienstverlening BLA's en SSO's | 11 | 14.742 |
6) Minder uitgaven RIS | 11 | ‒ 10.128 |
7) Hogere uitgaven DVA's | 11 | 9.000 |
8) Kwijtschelden publieke schulden | 12 | ‒ 30.000 |
9) Regionale uitvoeringskosten Nij Begun | 15 | ‒ 36.315 |
10) Middelen Economische Agenda Groningen | 15 | ‒ 41.951 |
11) Bijstelling duurzaam herstel | 15 | ‒ 129.788 |
12) Bijstelling bijdrage RVO uitvoeringskosten | 15 | ‒ 31.000 |
13) Bijstelling vergoeding fysieke schade | 15 | ‒ 118.433 |
14) Bijstelling vergoeding immateriele schade | 15 | 14.512 |
15) Bijstelling vergoeding waardedaling | 15 | ‒ 87.396 |
16) Bijstelling verduurzaming bij versterken | 15 | ‒ 12.500 |
17) Bijstelling versterkingsoperatie | 15 | ‒ 38.500 |
18) Diverse mutaties | div | ‒ 11.300 |
Stand 2e suppletoire begroting 2025 | 4.902.606 |
Toelichting
1) Subsidie Oorlogsgravenstichting
Er wordt € 1,9 mln. extra beschikbaar gesteld voor de subsidie van de kerntaken van de Oorlogsgravenstichting en incidenteel het onderhoud en de renovatie van de erevelden in Loenen.
2) Groeiopgave Almere
Dit betreft de overheveling van middelen naar het gemeentefonds vanwege de omzetting van de specifieke uitkering Groeiopgave Almere naar de decentralisatie-uitkering Almere. De gemeente Almere ontving sinds 2021 jaarlijks een specifieke uitkering voor de Groeiopgave Almere. Het doel van de uitkering is om de gemeente Almere in staat te stellen de overeengekomen bijdrage aan de gemaakte groeiafspraken te leveren.
3) Verrekening bedrijfsvoeringskosten AIVD
Dit betreft de verrekening tussen het ministerie van BZK en het ministerie van Defensie voor de jaarlijkse bedrijfsvoeringskosten van de diensten AIVD en MIVD. Voor 2025 ontvangt de AIVD € 18,4 mln. vanuit het ministerie van Defensie.
4) Bijdrage FMH
Van diverse departementen is de vergoeding voor FMH ontvangen, in totaal € 8,6 mln.
5) Hogere uitgaven dienstverlening BLA's en SSO's
Er zijn hogere uitgaven (€ 14,7 mln.) dan eerder geraamd voor de dienstverlening aan de baten-lastenagentschappen en SSO's die via het kerndepartement lopen voor het informatiepunt personeel, de HRM adviseurs en andere P&O dienstverlening. De uitgaven worden doorbelast aan de gebruikers. Dit leidt tot hogere ontvangsten. Deze worden gedesaldeerd waardoor het uitgavenbudget met hetzelfde bedrag wordt verhoogd.
6) Minder uitgaven RIS
Er zijn minder ontvangsten (€ 10,1 mln.) dan eerder geraamd voor de Rijksinkoopsamenwerking (RIS) door onder andere verminderde aanbestedingsactiviteiten als gevolg van de taakstelling van het kabinet Schoof. Hierdoor worden minder uitgaven doorbelast aan de gebruikers. Dit leidt tot lagere ontvangsten. Deze worden gedesaldeerd waardoor het uitgavenbudget met hetzelfde bedrag wordt verlaagd.
7) Hogere uitgaven DVA's
Er zijn hogere uitgaven (€ 9,0 mln.) dan eerder geraamd voor de dienstverlening aan de baten-lastenagentschappen die via het kerndepartement lopen voor de dienstverleningsovereenkomsten (DVA's). De uitgaven worden doorbelast aan de gebruikers. Dit leidt tot hogere ontvangsten. Deze worden gedesaldeerd waardoor het uitgavenbudget met hetzelfde bedrag wordt verhoogd.
8) Kwijtschelden publieke schulden
De verwachte realisatie van het kwijtschelden van publieke schulden valt lager uit dan aan het begin van 2025 werd verwacht. In het kader van realistisch ramen wordt € 30 mln. afgeboekt.
9) Regionale uitvoeringskosten Nij Begun
Dit betreft de overboeking naar het gemeentefonds van € 29,1 mln. en naar het provinciefonds van € 7,2 mln. In het kader van de uitvoering van ‘Nij Begun’ maken een deel van de gemeenten in Groningen en Noord-Drenthe en de provincie Groningen uitvoeringskosten voor het verder uitwerken van de maatregelen.
10) Middelen Economische Agenda Groningen
Om projecten te kunnen financieren in het kader van het startkapitaal van de Economische Agenda Groningen (EAG) is de provincie Groningen aan zet (in samenwerking met Samenwerkingsverband Noord Nederland SNN en investerings- en ontwikkelingsmaatschappij Noord Nederland NOM) om middelen uit te geven. Van het startkapitaal is in 2025 nog € 42 mln. beschikbaar. Dit bedrag wordt via een decentralisatie-uitkering overgeheveld aan de provincie Groningen.
11) Bijstelling duurzaam herstel
De maatregel Duurzaam herstel is erop gericht om de kans op terugkerende schade te verkleinen door de constructie van een woning te verbeteren of herstellen. In 2025 worden minder woningen duurzaam hersteld dan eerder verwacht en daarom wordt dit budget met € 129,8 mln. naar beneden bijgesteld. De totale verwachte kosten van duurzaam herstel zijn gelijk gebleven.
12) Bijstelling bijdrage RVO uitvoeringskosten
Op basis van de realisatiegegevens van het IMG worden de uitvoeringskosten van RVO naar beneden worden bijgesteld met € 31,0 mln. De uitvoeringskosten vallen lager uit omdat er minder aanvragen zijn ingediend en er in totaal minder beleidsgeld is uitgekeerd. Aangezien de uitvoeringskosten rechtstreeks samenhangen met het aantal aanvragen en uitbetalingen, leidt deze afname tot een bijstelling naar beneden.
13) Bijstelling vergoeding fysieke schade
Op basis van de realisatiegegevens van het IMG wordt het budget voor de regeling fysieke schade naar beneden bijgesteld met € 118,4 mln. Dit wordt onder andere veroorzaakt door gedragseffecten in de keuze voor schadeafhandeling door de bewoners. Dit zit hem met name in lagere aanvragen voor zowel de Vaste Eenmalige Schadevergoeding als de Aanvullende vaste vergoeding.
14) Bijstelling vergoeding immateriële schade
Het IMG is bezig de laatste wijzigingen van maatregel 8 uit PEGA te implementeren. Doordat sinds september niet-eigenaren gelijkgesteld worden aan eigenaren, wordt er meer gebruik gemaakt van de regeling dan voorheen gedacht. De prognose valt daardoor € 14,5 mln. hoger uit.
15) Bijstelling vergoeding waardedaling
Op basis van de realisatiegegevens van het IMG wordt het budget voor de regeling waardedaling naar beneden bijgesteld met € 87,4 mln. Dit wordt onder andere veroorzaakt door gedragseffecten in de keuze voor schadeafhandeling door de bewoners.
16) Bijstelling verduurzaming bij versterken
In 2025 hoeven er minder woningen zwaar versterkt te worden waardoor de verwachte uitgaven in 2025 voor verduurzaming bij zware versterking (Maatregel 28) ook lager zijn. Het budget wordt daarom met € 12,5 mln. naar beneden bijgesteld.
17) Bijstelling versterkingsoperatie
De verwachte uitgaven van de reguliere versterkingsoperatie zijn met € 38,5 mln. naar beneden bijgesteld. Dit komt omdat een deel van de woningen in de versterkingsoperatie lichter versterkt hoeven te worden dan eerder begroot (€ 10,0 mln.). Daarnaast vinden de uitgaven voor de zogenoemde Big Five projecten buiten de reguliere versterkingsoperatie later plaats dan eerder verwacht (€ 21,0 mln.). Verder vinden de uitgaven van de regeling maatwerk in de versterkingsoperatie plaats in latere jaren (€ 7,5 mln.).
Art. | Ontvangsten 2025 | |
|---|---|---|
Vastgestelde begroting 2025 | 1.771.618 | |
Stand 1e suppletoire begroting 2025 | 1.756.983 | |
Stand suppletoire begroting september 2025 | 1.869.204 | |
Belangrijkste suppletoire mutaties | ||
1) Meerontvangsten veiligheidsonderzoeken | 2 | 2.000 |
2) Hogere uitgaven dienstverlening BLA's en SSO's | 11 | 14.742 |
3) Minder uitgaven RIS | 11 | ‒ 10.128 |
4) Hogere uitgaven DVA's | 11 | 9.000 |
5) Diverse mutaties | div | 6.381 |
Stand 2e suppletoire begroting 2025 | 1.891.199 |
Toelichting
1) Meerontvangsten veiligheidsonderzoeken
De realisatie tot en met de maand september 2025 op ontvangsten van veiligheidsonderzoeken loopt voor op de planning. Om beter aan te sluiten bij de realisatie worden de ontvangsten met € 2,0 mln. verhoogd. Deze worden gedesaldeerd waardoor het uitgavenbudget met hetzelfde bedrag wordt verhoogd.
2) Hogere uitgaven dienstverlening BLA's en SSO's
Er zijn hogere uitgaven (€ 14,7 mln.) dan eerder geraamd voor de dienstverlening aan de baten-lastenagentschappen en SSO's die via het kerndepartement lopen voor het informatiepunt personeel, de HRM adviseurs en andere P&O dienstverlening. De uitgaven worden doorbelast aan de gebruikers. Dit leidt tot hogere ontvangsten. Deze worden gedesaldeerd waardoor het uitgavenbudget met hetzelfde bedrag wordt verhoogd.
3) Minder uitgaven RIS
Er zijn minder ontvangsten (€ 10,1 mln.) dan eerder geraamd voor de Rijksinkoopsamenwerking (RIS) door onder andere verminderde aanbestedingsactiviteiten als gevolg van de taakstelling van het kabinet Schoof. De uitgaven worden doorbelast aan de gebruikers. Dit leidt tot lagere ontvangsten. Deze worden gedesaldeerd waardoor het uitgavenbudget met hetzelfde bedrag wordt verlaagd.
4) Hogere uitgaven DVA's
Er zijn hogere uitgaven (€ 9,0 mln.) dan eerder geraamd voor de dienstverlening aan de baten-lastenagentschappen die via het kerndepartement lopen voor de dienstverleningsovereenkomsten (DVA's). De uitgaven worden doorbelast aan de gebruikers. Dit leidt tot hogere ontvangsten. Deze worden gedesaldeerd waardoor het uitgavenbudget met hetzelfde bedrag wordt verhoogd.