Tabel 17 geeft op hoofdlijnen de ontwikkeling van de netto zorguitgaven Zvw, Wlz, Wmo beschermd wonen en de AP ten opzichte van de Ontwerpbegroting 2025.
2025 | ||
|---|---|---|
1 | Netto zorguitgaven ontwerpbegroting 2025 | 102.427 |
2 | Bijstellingen t/m ontwerpbegroting 2026 | ‒ 2.125 |
Zorgverzekeringswet | ‒ 973 | |
Wet langdurige zorg | ‒ 1.239 | |
Wmo beschermd wonen | 87 | |
Aanvullende post (AP) | 0 | |
3 | Netto zorguitgaven stand ontwerpbegroting 2026 (= 1+2) | 100.302 |
4 | Bijstellingen 2e suppletoire begroting 2025 | ‒ 47 |
Zorgverzekeringswet | ‒ 23 | |
Wet langdurige zorg | ‒ 24 | |
Wmo beschermd wonen | 0 | |
Aanvullende post (AP) | 0 | |
5 | Netto zorguitgaven stand 2e suppletoire begroting 2025 (= 3+4) | 100.255 |
Toelichting
In de ontwerpbegroting 2026 zijn de premiegefinancierde netto zorguitgaven 2025 ten opzichte van de stand ontwerpbegroting 2025 met € 2,1 miljard neerwaarts bijgesteld.
Dit was het gevolg van de neerwaartse bijstelling van de Zvw-uitgaven met € 1,0 miljard (voornamelijk door de onderschrijding bij de wijkverpleging conform het AZWA) en de Wlz-uitgaven met € 1,2 miljard, met name door de verwachte lagere uitgaven binnen het Wlz-kader op basis van de februari- en julibrief van de NZa. Deze bijstellingen zijn opgenomen en toegelicht in de ontwerpbegroting 2026 (TK 36800 XVI, nr. 2).
In deze tweede suppletoire begroting zijn de zorguitgaven ten opzichte van de ontwerpbegroting 2026 neerwaarts bijgesteld met € 47 miljoen. Dit is het gevolg van de Zvw-uitgaven met € 23 miljoen en de Wlz-uitgaven met € 24 miljoen.