Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

1.3.1 Ontwikkelingen EU en eurozone

De Europese economie trok in 2016 verder aan. Het bbp groeide in de eurozone met 1,7 procent en in de EU met 1,9 procent, zoals figuur 1.3.1 laat zien. Het groeitempo in de eurozone lag iets onder dat van 2015, maar dat is het gevolg van een statistische bijstelling van de Ierse nationale rekeningen: als Ierland buiten beschouwing wordt gelaten zou het bbp iets sterker zijn gegroeid dan in 2015. Ook in Europa werd de groei breed gedragen: de consumptie, investeringen en de export groeiden allemaal. Het economische herstel werd ondersteund door de lage rente, de lage inflatie en het herstel op de arbeidsmarkt. De werkloosheid daalde in de eurozone van 10,9 procent naar 10 procent van de beroepsbevolking. De werkloosheid is daarmee nog steeds hoog, maar lag weer op het niveau van mei 2009. Er waren onderling flinke groeiverschillen, maar in vrijwel alle lidstaten groeide het bbp.

Figuur 1.3.1 en 1.3.2. Reële bbp-groei (procent per jaar) en EMU-saldo eurozone (procent van het bbp)

Figuur 1.3.1 en 1.3.2. Reële bbp-groei (procent per jaar) en EMU-saldo eurozone (procent van het bbp)

Bron: Europese Commissie (Winterraming 2017), AMECO

De Europese overheidsfinanciën verbeterden. De eurozone en EU hadden gemiddeld nog steeds een begrotingstekort, maar de trend van afnemende tekorten zette in 2016 door. Het EMU-saldo kwam in de eurozone uit op – 1,5 procent van het bbp en in de EU op – 1,7 procent, zoals figuur 1.3.2 laat zien. Als het EMU-saldo wordt gecorrigeerd voor de conjunctuur en incidentele uitgaven, zoals gebeurt met het structurele EMU-saldo, was er in de eurozone sprake van een kleine verslechtering. Het structurele saldo kwam voor de eurozone uit op – 1,1 procent van het bbp. De EMU-schuld is in de eurozone nog steeds hoog, maar daalde in 2016 van 92,6 procent tot 91,5 procent van het bbp.

De Europese Raad besloot op 17 juni om Cyprus, Ierland en Slovenië te ontslaan uit de buitensporigtekortprocedure. Deze lidstaten hebben hun te hoge tekorten voldoende gecorrigeerd. Hierdoor zitten er nog 6 landen in een buitensporigtekortprocedure.

Er waren aanhoudende zorgen over de situatie rondom een aantal Europese banken. Zo kampten verschillende banken met een hoog aantal slechte leningen. Meerdere Europese banken hebben orde op zaken gesteld, bijvoorbeeld door te zoeken naar nieuw privaat kapitaal en hun balansen op te schonen. In een aantal lidstaten hebben overheden maatregelen genomen. Zo heeft de Italiaanse overheid onder andere haar insolventieraamwerk versterkt en geprobeerd om de markt voor slechte leningen te vergroten.2

Licence