Base description which applies to whole site

Tweede incidentele suppletoire begroting inzake tegemoetkoming musea na directe lockdown december 2021 | 27-12-2021

A ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

A ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 tot en met 3

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2022 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Aangezien diverse besluiten in deze vierde Incidentele Suppletoire Begroting, bijvoorbeeld het overhevelen van de middelen voor zelftesten of het uitvoeren van de tegemoetkomingsregeling voor studenten in verband met covid-19, niet kunnen wachten tot de reguliere Eerste Suppletoire Begroting worden de middelen die benodigd zijn nu toegevoegd aan de OCW-begroting. De middelen worden nu overgeboekt zodat zo spoedig mogelijk verplichtingen kunnen worden aangegaan voor de regelingen met betrekking tot zeftesten of in het geval van de tegemoetkomingsregeling zo spoedig mogelijk toekenningen kunnen worden gedaan aan studenten.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. De uitvoering van de maatregelen die in deze vierde Incidentele Suppletoire Begroting zijn opgenomen kunnen echter niet wachten omdat er moet worden overgegaan tot het verplichten van bedragen voor de regelingen omtrent bijvoorbeeld zelftesten en zo snel mogelijk toekenningen kunnen worden gedaan in de tegemoetkomingsregeling aan studenten. Daarom zal het kabinet de uitvoering van de maatregelen starten. Met het voorgaande wordt gehandeld conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet. Voor de indiening van deze Incidentele Suppletoire Begroting is uw Kamer vooraf geïnformeerd per brief van 13 december 2021 over Budgettaire mutaties van de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) sinds de tweede suppletoire begroting 2021 (Kamerstukken II 2021/22, 35 925, nr. 142).

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Wetsartikel 2

De vaststelling van de begrotingsstaat geschiedt in duizenden euro's.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van deze wet.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, R.H. Dijkgraaf

De Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs, A.D. Wiersma

A ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 tot en met 3

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2022 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Aangezien het besluit in deze tweede Incidentele Suppletoire Begroting, namelijk het tegemoetkomen van musea na de directe lockdown in december 2021, niet kan wachten tot de reguliere Eerste Suppletoire Begroting worden de middelen die benodigd zijn nu toegevoegd aan de OCW-begroting. De middelen worden nu overgeboekt zodat zo spoedig mogelijk verplichtingen kunnen worden aangegaan.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. De uitvoering van de maatregel die in deze tweede Incidentele Suppletoire Begroting is opgenomen kan echter niet wachten omdat er moet worden overgegaan op het verplichten van bedragen richting het Mondriaan Fonds. Daarom zal het kabinet de uitvoering van de maatregel starten. Voor de indiening van deze Incidentele Suppletoire Begroting is uw Kamer vooraf geïnformeerd per brief van 21 december 2021 over «Aanpassing steunmaatregelen».

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Wetsartikel 2

De vaststelling van de begrotingsstaat geschiedt in duizenden euro's.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van deze wet.

Mede namens de Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media,

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, I.K. van Engelshoven

A ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

A ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 tot en met 3

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2022 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Aangezien beide besluiten in deze derde Incidentele Suppletoire Begroting, namelijk aanpassingen aan eindexamens en een steunpakket voor de culturele en creatieve sector wegens de lockdown, niet kunnen wachten tot de reguliere Eerste Suppletoire Begroting worden de middelen die benodigd zijn nu toegevoegd aan de OCW-begroting. De middelen worden nu overgeboekt zodat zo spoedig mogelijk verplichtingen kunnen worden aangegaan.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. De uitvoering van de maatregelen die in deze derde Incidentele Suppletoire Begroting zijn opgenomen kunnen echter niet wachten omdat er moet worden overgegaan tot het verplichten en uitgeven van bedragen richting scholen en uitvoeringsinstanties zodat zij aan de slag kunnen met betrekking tot de eindexamens en richting diverse culturele fondsen met betrekking tot het steunpakket voor de culturele en creatieve sector. Daarom zal het kabinet de uitvoering van de maatregelen starten. Met het voorgaande wordt gehandeld conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet. Voor de indiening van deze Incidentele Suppletoire Begroting is uw Kamer vooraf geïnformeerd per brief van 17 december 2021 over Besluit eindexamens voortgezet onderwijs 2022(Kamerstukken II 2021/22, 31 289, nr. 506). Ook over het steunpakket voor de culturele en creatieve sector is uw Kamer op 14 december 2021 geïnformeerd per brief Steunpakket in het eerste kwartaal van 2022 (Kamerstukken II 2021/22,..., nr...).

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Wetsartikel 2

De vaststelling van de begrotingsstaat geschiedt in duizenden euro's.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van deze wet.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, R.H. Dijkgraaf

De Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs, A.D. Wiersma

A Artikelgewijze toelichting bij het wetsvoorstel

Wetsartikelen 1 tot en met 3

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2022 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

De behandeling van de OCW-begroting in de Tweede Kamer der Staten-Generaal heeft plaatsgevonden en is bij stemming op 7 december 2021 aangenomen. Vanwege de snelle opeenvolging van begrotingswetsvoorstellen, om het budgetrecht van de Staten Generaal te waarborgen, bevat de kolom «Vastgestelde begroting» zowel de vastgestelde stand bij ontwerpbegroting als de aangenomen amendementen en de ingediende Nota's van Wijziging op de OCW-begroting 2022.

Aangezien het besluit in deze Incidentele Suppletoire Begroting, namelijk het verwerven van een kunststuk, niet kan wachten tot de reguliere Eerste Suppletoire Begroting worden de middelen die benodigd zijn nu toegevoegd aan de OCW-begroting. De middelen worden nu overgeboekt om tot een snelle afhandeling van de verwerving richting de eigenaar/verkoper over te gaan. De aankoop zal daadwerkelijk plaatsvinden nadat de Staten-Generaal deze begrotingswet heeft geautoriseerd. Voor de indiening van deze Incidentele Suppletoire Begroting is uw Kamer vooraf geïnformeerd per brief van 8 december 2021 over «Voorstel tot aankoop schilderij Rembrandt door Nederlandse Staat».

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Wetsartikel 2

De vaststelling van de begrotingsstaat geschiedt in duizenden euro's.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van deze wet.

Mede namens de Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media,

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, I.K. van Engelshoven

A ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 tot en met 3

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2022 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Aangezien alle besluiten in deze zesde Incidentele Suppletoire Begroting niet kunnen wachten tot de reguliere Eerste Suppletoire Begroting worden de middelen die benodigd zijn nu toegevoegd aan de OCW-begroting. De middelen worden nu overgeboekt zodat deze zo spoedig mogelijk kunnen worden uitgegeven voor bijvoorbeeld de suppletieregeling cultuur. Maar ook zodat richting de scholen kan worden gecommuniceerd wat de bedragen zijn waar zij op kunnen rekenen voor het schooljaar 2022/2023 in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. De uitvoering van de maatregelen die in deze zesde Incidentele Suppletoire Begroting zijn opgenomen kunnen echter niet wachten. Dit komt doordat er moet worden overgegaan tot het verplichten en uitgeven van bedragen en doordat scholen moeten weten waar zij aan toe zijn. Daarom zal het kabinet de uitvoering van de maatregelen starten. Met het voorgaande wordt gehandeld conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet. Voor de indiening van deze Incidentele Suppletoire Begroting is uw Kamer vooraf geïnformeerd per brief van 25 februari 2022 over Bijsturing NP Onderwijs: verdeling middelen en verlenging van de bestedingstermijn (Kamerstukken II, 2021/22, 35925, nr 155). De suppletieregeling is ook in eerdere brieven aan bod gekomen. De laatste brief die over de verlenging van de suppletieregeling ging is op 31 januari 2022 verstuurd aan de Tweede Kamer over Vijfde specifieke steunpakket voor de culturele en creatieve sector (Kamerstukken II, 2021/22, 32820 nr 458). Tot slot is uw Kamer ook vooraf geïnformeerd per brief van 3 februari 2022 over Uitwerking aanpak verbetering ventilatie in scholen (Kamerstukken II, 2021/22, 31293, nr 609).

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Wetsartikel 2

De vaststelling van de begrotingsstaat geschiedt in duizenden euro's.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van deze wet.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,RobbertDijkgraaf

De Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs,Dennis Wiersma

Wetsartikelen 1 tot en met 3

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2022 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Aangezien alle besluiten in deze zevende Incidentele Suppletoire Begroting niet kunnen wachten tot de Tweede Suppletoire Begroting van 2022 worden de middelen die benodigd zijn nu toegevoegd aan de OCW-begroting. De middelen worden overgeboekt zodat zo spoedig mogelijk verplichtingen en uitgaven kunnen worden aangegaan voor de regelingen met betrekking tot Werk aan Uitvoering (WAU), voor regelingen met betrekking tot Oekraïense vluchtelingen en voor de organisatie van het herdenkingsjaar slavernijverleden.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. Echter, deze zevende Incidentele Suppletoire Begroting bevat middelen om toelatingsexamens voor het hoger onderwijs te faciliteren voor Oekraïense ontheemden. Hierover bent u geïnformeerd in de Verzamelbrief opvang Oekraïne (Kamerstukken II, 2021/22, 19637 VI, nr. 2899). Het aangaan van verplichtingen en uitgaven hiervoor kan niet wachten tot autorisatie. Daarom zal het kabinet nu al starten met de uitvoering van deze maatregelen. Met het voorgaande wordt gehandeld conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet.

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Wetsartikel 2

De vaststelling van de begrotingsstaat geschiedt in duizenden euro's.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van deze wet.

Mede namens de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,RobbertDijkgraaf

De Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs,Dennis Wiersma

Wetsartikelen 1 tot en met 3

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2022 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Aangezien alle besluiten in deze vijfde Incidentele Suppletoire Begroting niet kunnen wachten tot de reguliere Eerste Suppletoire Begroting worden de middelen die benodigd zijn nu toegevoegd aan de OCW-begroting. De middelen worden nu overgeboekt zodat zo spoedig mogelijk verplichtingen kunnen worden aangegaan voor de regelingen met betrekking tot maatschappelijke diensttijd en het steunpakket voor de culturele en creatieve sector. Daarnaast zal DUO zo spoedig mogelijk door gaan met het kwijtschelden van DUO-schulden van gedupeerden in de kinderopvangtoeslagaffaire.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. De uitvoering van de maatregelen die in deze vijfde Incidentele Suppletoire Begroting zijn opgenomen kunnen echter niet wachten. Dit komt doordat er moet worden overgegaan tot het verplichten van bedragen voor de regeling omtrent maatschappelijke diensttijd, richting diverse culturele fondsen met betrekking tot het steunpakket voor de culturele en creatieve sector en er moet worden overgegaan tot uitgaven richting gedupeerden in de kinderopvangtoeslagaffaire. Daarom zal het kabinet de uitvoering van de maatregelen starten. Met het voorgaande wordt gehandeld conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet. Voor de indiening van deze Incidentele Suppletoire Begroting is uw Kamer vooraf geïnformeerd over het gedeelte van de kinderopvangtoeslagaffaire per brief van 13 december 2021 over Budgettaire mutaties van de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) sinds de tweede suppletoire begroting 2021 (Kamerstukken II, 2021/22, 35925, nr. 142) en over het steunpakket voor de culturele en creatieve sector per brief van 31 januari 2022 over Vijfde specifieke steunpakket voor de culturele en creatieve sector (Kamerstukken II, 2021/22, ..., nr ...).

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Wetsartikel 2

De vaststelling van de begrotingsstaat geschiedt in duizenden euro's.

Wetsartikel 3

Dit artikel regelt de inwerkingtreding van deze wet.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,RobbertDijkgraaf

De Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs,Dennis Wiersma

B Begrotingstoelichting

B BEGROTINGSTOELICHTING

B BEGROTINGSTOELICHTING

B BEGROTINGSTOELICHTING

B BEGROTINGSTOELICHTING

B BEGROTINGSTOELICHTING

B BEGROTINGSTOELICHTING

1. Inhoudelijke toelichting

Dit onderdeel van de memorie van toelichting bestaat uit een inhoudelijk deel en een artikelsgewijs deel. Per beleidsartikel wordt een overzicht van de wijzigingen gegeven, inclusief toelichting. Daarbij worden mutaties groter of gelijk aan onderstaande staffel toegelicht:

Omvang begrotingsartikel

Beleidsmatige mutaties

Technische mutaties

(stand ontwerpbegroting in € miljoen)

(ondergrens in € miljoen)

(ondergrens in € miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1000

5

10

=> 1000

10

20

Suppletieregeling cultuur

Met het samenstellen van de steunpakketten voor de culturele en creatieve sector is een suppletieregeling opgezet. Deze regeling biedt een compensatie voor producenten en organisatoren van concerten en/of voorstellingen die te maken kregen met geleden verlies door covid-19-maatregelen bij concerten en voorstellingen. Binnen deze regeling is voor professionele podiumkunst activiteiten een compensatie voorzien tot 85% van verloren kaartverkoop inkomsten minus de wel ontvangen kaartverkoop. Op deze regeling is overtekend, waardoor er extra middelen benodigd zijn om iedereen te kunnen compenseren. Het betreft € 41,7 miljoen. Deze middelen worden via deze Incidentele Suppletoire Begroting toegevoegd aan de OCW-begroting.

Ventilatie in scholen

Voor optimale leerprestaties is het belangrijk dat scholen zo verantwoordelijk mogelijk fysiek onderwijs kunnen blijven organiseren. Goede luchtkwaliteit maakt hier onderdeel van uit, om het risico op covid-19 besmettingen te verkleinen. Daarnaast dient onderwijspersoneel les te geven onder goede arbeidsomstandigheden, goede luchtkwaliteit is hierbij van groot belang. Via de begroting van BZK liep reeds de specifieke uitkering ventilatie in scholen voor gemeenten (SUViS-regeling), waarmee het Rijk een bijdrage levert om de ventilatie op orde te krijgen. Deze specifieke uitkering is bedoeld om het binnenklimaat en daarmee de ventilatie van bestaande schoolgebouwen te verbeteren en loopt tot en met 30 april 2022. Momenteel wordt een nieuwe maatwerkoplossing uitgewerkt. Via deze Incidentele Suppletoire Begroting wordt in totaal € 140,0 miljoen overgeheveld van de Aanvullende Post naar de OCW-begroting ten behoeve van de maatwerkoplossing.

Nationaal Programma Onderwijs

Het Nationaal Programma Onderwijs (NP Onderwijs) beoogt via een tijdelijke investering in het onderwijs corona-gerelateerde leervertragingen, zowel cognitief als sociaal-emotioneel, aan te pakken. Via deze Incidentele Suppletoire Begroting wordt het tweede deel, wat nog op de Aanvullende Post stond voor het NP Onderwijs, overgeheveld naar de OCW-begroting. Het betreft in totaal ruim € 700,0 miljoen. Daarnaast wordt de in totaal € 1,2 miljard die op Artikel 91 (nog onverdeeld) stond op de juiste plekken in de OCW-begroting gezet. In totaal wordt er ongeveer € 1,9 miljard toegevoegd aan (hoofdzakelijk) de aanvullende bekostiging op Artikel 1 (primair onderwijs) en Artikel 3 (voortgezet onderwijs). Bij de start van het NP Onderwijs is aangegeven dat het de bedoeling is dat scholen de extra middelen besteden in de schooljaren 2021/2022 en 2022/2023. Per brief van 25 februari 2022 over Bijsturing NP Onderwijs: verdeling middelen en verlenging van de bestedingstermijn (Kamerstukken 2021/2022, 35925, nr 155) is aangegeven dat scholen de middelen die zij ontvangen voor schooljaar 2022/2023 ook in schooljaar 2023/2024 en in schooljaar 2024/2025 kunnen besteden aan de interventies van de menukaart. Daarom zijn er middelen naar 2023 tot en met 2025 geschoven, zodat de ondersteuning aan scholen en de monitoring gedurende de gehele looptijd van het NP Onderwijs in stand kan worden gehouden.

1. Inhoudelijke toelichting

Dit onderdeel van de memorie van toelichting bestaat uit een inhoudelijk deel en een artikelsgewijs deel. Per beleidsartikel wordt een overzicht van de wijzigingen gegeven, inclusief toelichting. Daarbij worden mutaties groter of gelijk aan onderstaande staffel toegelicht:

Omvang begrotingsartikel

Beleidsmatige mutaties

Technische mutaties

(stand ontwerpbegroting in € miljoen)

(ondergrens in € miljoen)

(ondergrens in € miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1000

5

10

=> 1000

10

20

Werk aan Uitvoering

In het coalitieakkoord heeft het kabinet aangekondigd het programma Werk aan Uitvoering (WAU) voort te zetten. Minister Schouten is voornemens om u voor het zomerreces te berichten over de stand van zaken van het programma Werk aan Uitvoering. Voor OCW wordt vanuit het coalitieakkoord in totaal € 538,8 miljoen incidenteel beschikbaar gesteld voor de periode 2022 ‒ 2031. Om hier uitvoering aan te kunnen geven worden deze middelen middels de zevende Incidentele Suppletoire Begroting toegevoegd aan de OCW-begroting. De middelen beschikbaar in 2022 worden ook in deze ISB doorverdeeld naar de juiste artikelen. Bij Miljoenennota 2023 vindt de doorverdeling van de middelen van 2023 en verder plaats. Tevens zal een deel van de middelen van OCW (in totaal circa € 9,7 mln) worden ingezet op het terrein van inburgering, waarvoor geldt dat DUO uitvoerder is. Dit geschiedt vanuit de begroting van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Oekraïne

Door de voortdurende oorlog in Oekraïne is aan de gemeenten in Nederland en de veiligheidsregio's verzocht om hun inspanning nog verder op te voeren. Daartoe heeft de Oekraïense ambassade in Nederland en het Oekraïense ministerie van Onderwijs en Wetenschap een verzoek ingediend om toelatingsexamens voor het hoger onderwijs te faciliteren. Het bedrag dat hiervoor beschikbaar wordt gesteld bedraagt € 0,3 miljoen. Deze toelatingsexamens vinden eind juli en in augustus plaats. In de brief van 10 juni 2022 over Verzamelbrief opvang Oekraïne (Kamerstukken II 2021/22, 19637 VI, nr. 2899) bent u hierover geïnformeerd. In de Eerste Suppletoire Begroting (Kamerstukken II 2021/22, 36120 VIII, nr. 2) bent u geïnformeerd over de middelen die beschikbaar zijn gesteld voor de nieuwkomersregeling, het leerlingenvervoer en de onderwijshuisvesting. Deze regelingen hadden een budgettair beslag tot 16 juli 2022 (einde schooljaar). Gezien de huidige situatie worden deze regelingen verlengd tot en met december 2022. Hierover wordt u per brief geïnformeerd begin juli. Aan de regeling voor nieuwkomers uit Oekraïne die in aanmerking komen voor de nieuwkomersbekostiging wordt € 119,0 miljoen toegevoegd. Er wordt € 249,9 miljoen beschikbaar gesteld aan gemeenten voor het regelen van extra onderwijshuisvesting in gevallen waar de bestaande onderwijshuisvesting niet toereikend is om de Oekraïense leerlingen op te vangen. Tot slot wordt er € 12,8 miljoen beschikbaar gesteld aan gemeenten voor het organiseren van leerlingenvervoer voor nieuwkomersonderwijs. In totaal wordt middels deze Incidentele Suppletoire Begroting € 382,0 miljoen toegevoegd voor Oekraïense vluchtelingen aan de OCW-begroting.

Herdenkingsjaar, 150 jaar afschaffing slavernij

Tijdens het herdenkingsjaar, 150 jaar afschaffing van de slavernij, staat het hele koninkrijk een jaar lang stil bij het slavernijverleden en de doorwerking daarvan in het heden. Het herdenkingsjaar zal plaatsvinden van juni 2023 tot en met 1 juli 2024. De organisatie van het herdenkingsjaar is een kabinetsverantwoordelijkheid waarbij OCW de organisatie coördineert. Er wordt een openings- en sluitingsevenement gefaciliteerd en twee subsidieregelingen, waarmee betrokken gemeenschappen en organisaties zelf (culturele en/of educatieve) activiteiten kunnen organiseren. Hierover bent u reeds geïnformeerd in de Voorjaarsnota 2022 (Kamerstukken II 2021/22, 36120, nr. 1) en in de Eerste Suppletoire Begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Kamerstukken II 2021/22, 36120 XV, nr. 2). Hiertoe wordt middels de zevende Incidentele Suppletoire Begroting € 7,0 miljoen aan de OCW-begroting toegevoegd. Het betreft hier middelen voor bestaand beleid, die momenteel op de begroting van SZW staan. SZW verwerkt de afboeking van deze middelen binnen het reguliere begrotingsproces bij Najaarsnota.

1. Inhoudelijke toelichting

Dit onderdeel van de memorie van toelichting bestaat uit een inhoudelijk deel en een artikelsgewijs deel. Per beleidsartikel wordt een overzicht van de wijzigingen gegeven, inclusief toelichting. Daarbij worden mutaties groter of gelijk aan onderstaande staffel toegelicht:

Omvang begrotingsartikel

Beleidsmatige mutaties

Technische mutaties

(stand ontwerpbegroting in € miljoen)

(ondergrens in € miljoen)

(ondergrens in € miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1000

5

10

=> 1000

10

20

Maatschappelijke diensttijd

In het coalitieakkoord wordt aangegeven dat het programma Maatschappelijke diensttijd (MDT) wordt overgeheveld van de begroting van VWS naar de begroting van OCW. In deze Incidentele Suppletoire Begroting wordt alleen het programmageld wat hiervoor op de begroting van VWS staat overgeheveld naar OCW. Het betreft € 94,7 miljoen structureel. De uitvoeringskosten en apparaatskosten die hiervoor op de VWS-begroting staan volgen later bij Eerste Suppletoire Begroting in het voorjaar. In onderstaande was-wordt tabel is te zien wat de situatie was op Artikel 4 (Middelbaar beroepsonderwijs) en wat de nieuwe situatie is na de herverkaveling van dit programma. De middelen voor MDT worden onder Artikel 4 zichtbaar en meer specifiek onder Subsidies (regelingen).

Was

Wordt

Toelichting wijziging

Artikel begroting 2022

Detail

Artikel begroting 2022

Detail

 

Uitgaven

 

Uitgaven

 

Artikel 4

 

Artikel 4

  
 

Subsidies (regelingen)

 

Subsidies (regelingen)

 
   

Maatschappelijke diensttijd

Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 4 van VWS.

Steunpakket culturele en creatieve sector

Met de nieuwe maatregelen per 26 januari gaan de deuren voor de culturele en creatieve sector weer open, maar onder voorwaarden. Nog steeds gelden er strenge beperkingen voor het aantal personen in een zaal en een verplichte sluitingstijd van 22 uur. Deze beperkingen maken aanvullende ondersteuning voor de sector noodzakelijk. Het kabinet heeft daarom besloten € 56,5 miljoen beschikbaar te stellen voor specifieke steun voor de sector van 1 februari tot en met 8 maart, onder de voorwaarde dat op het weegmoment van 15 februari niet tot versoepeling wordt besloten. Hiervan komt € 16,5 miljoen beschikbaar voor de BIS- en Erfgoedwetinstellingen, overige OCW-instellingen en de meerjarig gefinancierde instellingen bij de Rijkscultuurfondsen. € 40 miljoen zal worden toegevoegd aan het budget voor de suppletieregelingen. In de brief van 31 januari 2022 over Vijfde specifieke steunpakket voor de culturele en creatieve sector (Kamerstukken II 2021/22,..., nr...) bent u hierover geïnformeerd.

Kwijtschelding publieke schulden toeslagengedupeerden

Voor gedupeerde ouders van de kinderopvangtoeslagaffaire geldt dat DUO-schulden worden kwijtgescholden. In 2021 heeft DUO hiervoor circa € 206 miljoen kwijtgescholden. Omdat een deel nog in 2022 zal worden kwijtgescholden, wordt er via deze Incidentele Suppletoire Begroting een bedrag van € 82,1 miljoen beschikbaar gesteld. In de brief van 13 december 2022 over Budgettaire mutaties van de begroting van het ministerie van OCW (VIII) sinds de tweede suppletoire begroting 2021 (Kamerstukken II 2021/22, 35925, nr. 142) wordt tevens melding gemaakt van het feit dat er in 2022 nog schulden moeten worden kwijtgescholden.

1. Inhoudelijke toelichting

Dit onderdeel van de memorie van toelichting bestaat uit een inhoudelijk deel en een artikelsgewijs deel. Per beleidsartikel wordt een overzicht van de wijzigingen gegeven, inclusief toelichting. Daarbij worden mutaties groter of gelijk aan onderstaande staffel toegelicht:

Omvang begrotingsartikel

Beleidsmatige mutaties

Technische mutaties

(stand ontwerpbegroting in € miljoen)

(ondergrens in € miljoen)

(ondergrens in € miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1.000

5

10

=> 1.000

10

20

Ventilatie

In de brief van 3 februari 2022 over «Verbetering ventilatie op scholen» (Kamerstukken II 2021/22,..., nr...) is gemeld dat OCW € 20,0 miljoen gaat inzetten voor de verbetering van ventilatie op scholen. Deze middelen komen van de Aanvullende Post, waar € 160,0 miljoen staat gereserveerd voor ventilatie op scholen. Van de € 20,0 miljoen wordt € 17,3 miljoen ingezet voor de aanschaf van continue CO2-meters in elk klaslokaal in het funderdend onderwijs. Daarnaast zal € 2,7 miljoen worden ingezet voor een aanjaagteam. Dit zijn experts die op scholen een analyse uitvoeren op de ventilatiesituatie, het onderwijspersoneel instrueren, een behandelplan opstellen en een uniforme rapportage van de ventilatiesituatie opstellen.

Verlagen Nationaal Programma Onderwijs (NPO) reeks

In het Coalitieakkoord wordt aangegeven dat het budget voor het NPO in 2023 met € 230 miljoen euro wordt verlaagd. Deze middelen worden van Artikel 91 afgeboekt, waar een deel van de NPO reeks stond die nog niet was toebedeeld naar de verschillende artikelen.

Zelftesten

Met betrekking tot het onderwerp zelftesten zijn er op verschillende momenten in 2021 middelen aan de OCW-begroting toegevoegd. Deze middelen staan verspreid op de begroting op Artikel 1, 3, 4, 6 en 7. In 2021 blijft budget over op de verschillende sectoren. Ook in 2022 zal OCW doorgaan met het inzetten van zelftesten in het onderwijs. Daarom worden alle niet uitgeputte middelen op het gebied van zelftesten op de OCW-begroting van 2021 via deze Incidentele Suppletoire Begroting bijgeboekt in 2022. Het gaat om circa € 185 miljoen. Hierdoor ontstaat er voldoende budget in 2022 om het beleid voor zelftesten voort te zetten. Dit is tevens gemeld in de brief van 13 december 2022 over Budgettaire mutaties van de begroting van het ministerie van OCW (VIII) sinds de tweede suppletoire begroting 2021 (Kamerstukken II 2021/22, 35 925, nr. 142).

Nationaal Programma Onderwijs (NPO)

In de brief van 13 december 2022 over Budgettaire mutaties van de begroting van het ministerie van OCW (VIII) sinds de tweede suppletoire begroting 2021 (Kamerstukken II 2021/22, 35 925, nr. 142) wordt tevens melding gemaakt van diverse mutaties omtrent het NPO. Via de vierde ISB worden deze mutaties verwerkt in 2022. Het betreft hier bijvoorbeeld een overlopende verplichting in het primair onderwijs (Artikel 1) om het juiste betaalritme voor schooljaar 2021/2022 te bewerkstelligen op de middelen voor de aanvullende bekostiging. Het gaat er dan om dat € 38,7 miljoen wordt uitbetaald in 2022 in plaats van in 2021. Daarnaast geldt ook voor de middelen ter ondersteuning van nieuwkomers dat € 14,5 miljoen in 2022 wordt uitbetaald in plaats van in 2021. Deze middelen worden beschikbaar gesteld op basis van de teldatum 1/11/2021. Hierdoor kon de uitbetaling niet eerder dan in 2022 plaatsvinden.

De grootste overlopende verplichting in het voortgezet onderwijs (Artikel 3) betreft de middelen voor de effectmeting van het hele NPO ter hoogte van € 7,0 miljoen. Als gevolg van een aanpassing in de planning van de effectmeting, moet ook het betaalritme worden aangepast. Dit resulteert in een overlopende verplichting van 2021 naar 2023 op Artikel 3.

In het middelbaar beroepsonderwijs (Artikel 4) gaat het om een overlopende verplichting op het gebied van onderzoek, monitoring en uitvoering bij DUO ter hoogte van € 2,8 miljoen.

Tot slot worden de reeksen voor de specifieke uitkering van het NPO aangepast. De specifieke uitkering NPO is een regeling voor twee schooljaren. Met deze mutatie worden enkel het betaalritme en de bijbehorende verplichtingen goed gezet. Het totale budget blijft hetzelfde.

Examens

Op Artikel 3 is bij de middelen voor de Examens onder het instrument Bekostiging sprake van een overlopende verplichting naar 2022. Drie scholen hadden op 1 juli 2021 de definitieve telling nog niet aangeleverd bij DUO. Conform regeling hebben zij in het najaar 2021 een aanvraag voor aanvullende bekostiging gedaan, nadat de telling ook voor deze scholen is vastgesteld. DUO kan deze pas begin 2022 uitvoeren. Hierdoor wordt € 0,1 miljoen toegevoegd aan de middelen van 2022. Dit is tevens gemeld in de brief van 13 december 2021 Budgettaire mutaties van de begroting van het ministerie van OCW (VIII) sinds de tweede suppletoire begroting 2021 (Kamerstukken II 2021/22, 35 925, nr. 142).

Studiefinanciering

In 2020 zijn ondersteuningsmaatregelen genomen om studenten ook tegemoet te komen in verband met covid-19, bestaande uit een tegemoetkoming voor studenten die uit hun beursrecht lopen (het beursrecht deel) en een tegemoetkoming voor studenten die hun diploma vertraagd behalen (het diplomadeel). Studenten die hun diploma haalden voor 1 september 2021 konden oorspronkelijk tot eind december nog tegemoetkoming hiervoor ontvangen, maar een deel van de studenten zal pas in 2022 tegemoetkoming ontvangen vanwege een reparatie van de regeling. Hierdoor zijn er ook nog betaaldata in 2022. Daarom worden de niet bestede middelen ter hoogte van € 40,6 miljoen van 2021 doorgeschoven naar 2022.

Dit is tevens gemeld in de brief van 13 december 2021 Budgettaire mutaties van de begroting van het ministerie van OCW (VIII) sinds de tweede suppletoire begroting 2021 (Kamerstukken II 2021/22, 35 925, nr. 142).

1. Inhoudelijke toelichting

Dit onderdeel van de memorie van toelichting bestaat uit een inhoudelijk deel en een artikelsgewijs deel. Per beleidsartikel wordt een overzicht van de wijzigingen gegeven, inclusief toelichting. Daarbij worden mutaties groter of gelijk aan onderstaande staffel toegelicht:

Omvang begrotingsartikel

(stand ontwerpbegroting in € miljoen)

Beleidsmatige mutaties

(ondergrens in € miljoen)

Technische mutaties

(ondergrens in € miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1.000

5

10

=> 1.000

10

20

Het kabinet heeft op 18 december 2021 een stevigere lockdown aangekondigd vanwege de onzekerheid rondom de nieuwe variant van het coronavirus. Door de aangekondigde maatregelen gaat ook het laatste deel van de culturele sector dicht: musea sluiten hun deuren. Het kabinet maakt aanvullend € 5,6 miljoen vrij voor de periode van de verplichte sluiting (19 december – 14 januari) ter ondersteuning van musea via het Mondriaan Fonds.

1. Inhoudelijke toelichting

Dit onderdeel van de memorie van toelichting bestaat uit een inhoudelijk deel en een artikelsgewijs deel. Per beleidsartikel wordt een overzicht van de wijzigingen gegeven, inclusief toelichting. Daarbij worden mutaties groter of gelijk aan onderstaande staffel toegelicht:

Omvang begrotingsartikel

(stand ontwerpbegroting in € miljoen)

Beleidsmatige mutaties

(ondergrens in € miljoen)

Technische mutaties

(ondergrens in € miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1000

5

10

=> 1000

10

20

Het budget van Artikel 14 (Cultuur) wordt voor het jaar 2022 verhoogd met € 175,0 miljoen. Doel van de verhoging is het mede mogelijk maken dat het schilderij De Vaandeldrager, geschilderd door Rembrandt van Rijn, in het Nederlandse publieke domein komt. Daartoe reserveert deze begrotingswet middelen waarmee de Minister van OCW namens de Staat der Nederlanden het schilderij kan verwerven en in eigendom nemen. Van de € 175,0 miljoen komt € 19,0 miljoen van het Museaal Aankoopfonds, € 15,0 miljoen wordt door de Vereniging Rembrandt bekostigd en € 10,0 miljoen door het Rijksmuseum. Voor in totaal € 44,0 miljoen zal er een desaldering plaatsvinden op zowel de uitgaven als de ontvangsten. De overige € 131,0 miljoen wordt generaal op de OCW-begroting bijgeboekt.

2. Budgettaire consequenties beleidsartikelen

Beleidsartikel 1

Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 1 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

13.093.371

81.456

13.174.827

2.500

0

0

0

Totale uitgaven

13.932.868

77.423

14.010.291

25.743

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,89%

           
               

Bekostiging

13.107.396

46.517

13.153.913

14.500

0

0

0

Bekostiging po-instellingen

11.978.647

9.900

11.988.547

14.500

     

Bekostiging Caribisch Nederland

22.346

 

22.346

       

Prestatiebox

0

 

0

       

Aanvullende bekostiging

155.536

 

155.536

       

Aanpak lerarentekort G5

30.696

 

30.696

       

Aanvullende bekostiging NP Onderwijs

920.171

36.617

956.788

       

Subsidies (regelingen)

114.585

170

114.755

0

0

0

0

Onderwijsvoorziening jonggehandicapten

23.724

 

23.724

       

Nederlands onderwijs buitenland

13.319

170

13.489

       

Humanistisch vormend en godsdienstonderwijs

15.008

 

15.008

       

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

 

0

       

Extra hulp voor de klas

0

 

0

       

Overige subsidies

62.534

 

62.534

       

Opdrachten

28.692

34.769

63.461

2.500

0

0

0

Opdrachten

28.692

5.526

34.218

2.500

     

Zelftesten1

0

29.243

29.243

       

Bijdrage aan agentschappen

32.246

0

32.246

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

32.246

 

32.246

       

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

7.260

0

7.260

0

0

0

0

Stichting Vervangingsfonds en Particpatiefonds

4.702

 

4.702

       

UWV

2.558

 

2.558

       

Bijdrage aan medeoverheden

642.536

– 4.033

638.503

8.743

0

0

0

Gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid

521.212

 

521.212

       

Caribisch Nederland

20.394

 

20.394

       

Scholenprogramma Groningen

3.000

 

3.000

       

Nationaal Programma Onderwijs

97.930

– 4.033

93.897

8.743

     

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

153

0

153

0

0

0

0

Brede scholen

0

 

0

       

BES(t)4kids

153

 

153

       

Ontvangsten

9.308

0

9.308

0

0

0

0

1

De term sneltesten is bij nader inzien aangepast naar zelftesten. Er worden zelftesten geleverd aan instellingen. Er bestaan ook sneltesten die geen zelftest zijn.

Toelichting

Het financieel instrument bekostiging wordt in 2022 incidenteel verhoogd met € 46,5 miljoen. Dit betreft de middelen voor de aanvullende bekostiging voor het Nationaal Programma Onderwijs. In 2021 is dit bedrag afgeboekt en in 2022 weer opgeboekt om het juiste betaalritme te bewerkstelligen. Daarnaast zit hier voor € 9,9 miljoen aan ventilatie middelen die aan po-instellingen worden verstrekt.

Het financieel instrument opdrachten wordt in 2022 verhoogd met € 36,0 miljoen en in 2023 met € 2,5 miljoen. De incidentele stijging in 2022 heeft te maken met de middelen voor zelftesten. De middelen zijn in 2021 niet uitgeput en worden middels deze Incidentele Suppletoire Begroting opgeboekt in 2022 zodat het beleid kan worden voortgezet. Daarnaast wordt in 2022 een deel van de ventilatie middelen hier opgeboekt.

Het financieel instrument bijdrage aan medeoverheden wordt in 2022 verlaagd met € 4,0 miljoen. In 2023 wordt op ditzelfde instrument € 8,7 miljoen toegevoegd. Dit betreft een boeking om het betaalritme te corrigeren voor de specifieke uitkering op het beleid van het Nationaal Programma Onderwijs.

Beleidsartikel 3

Tabel 2 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 3 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

9.143.909

100.339

9.244.248

6.500

0

0

0

Totale uitgaven

9.717.271

97.760

9.815.031

12.090

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,0%

           
               

Bekostiging

9.307.829

7.474

9.315.303

0

0

0

0

Bekostiging vo-instellingen

8.888.003

7.474

8.895.477

       

Resultaatafhankelijke bekostiging vsv aan vo-instellingen

18.057

 

18.057

       

Bekostiging Caribisch Nederland

17.336

 

17.336

       

Prestatiebox

0

 

0

       

Aanvullende regeling strategisch personeelsbeleid, begeleiding starters en thuiszitters

109.931

 

109.931

       

Aanvullende regelingen leerlingendaling1

4.540

 

4.540

       

Aanvullende bekostiging Nationaal Programma Onderwijs

269.962

 

269.962

       

Subsidies (regelingen)

210.679

0

210.679

0

0

0

0

Stichting Kennisnet (basissubsidie) po, vo, mbo

19.755

 

19.755

       

Pilots lente- en zomerscholen vo

9.000

 

9.000

       

Nieuwe leerweg

9.825

 

9.825

       

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

 

0

       

Extra hulp voor de klas

0

 

0

       

Regeling brede brugklas

102.000

 

102.000

       

Overige subsidies

70.099

 

70.099

       

Opdrachten

23.080

92.865

115.945

6.500

0

0

0

Opdrachten

23.080

– 1.000

22.080

6.500

     

Zelftesten

0

93.865

93.865

       

Bijdrage aan agentschappen

65.086

0

65.086

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

65.086

 

65.086

       

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

47.700

0

47.700

0

0

0

0

College voor Toetsen en Examens

4.767

 

4.767

       

SLOA: onderwijs ondersteunende instellingen

42.933

 

42.933

       

Bijdrage aan medeoverheden

62.611

– 2.579

60.032

5.590

0

0

0

Nationaal Programma Onderwijs

62.611

– 2.579

60.032

5.590

     

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

286

0

286

0

0

0

0

GRAZ (ECML) en PISA

286

 

286

       

Ontvangsten

7.391

0

7.391

0

0

0

0

1

Dit budget is in 2020 ook beschikbaar en maakt onderdeel uit van de regel: «bekostiging vo-instellingen»

Toelichting

Het financieel instrument bekostiging wordt in 2022 verhoogd met € 7,4 miljoen. Dit betreft de ventilatie middelen die aan vo-instellingen worden verstrekt.

Het financieel instrument opdrachten wordt in 2022 verhoogd met € 92,9 miljoen en in 2023 met € 6,5 miljoen. De incidentele stijging in 2022 heeft te maken met de middelen voor zelftesten. De middelen zijn in 2021 niet uitgeput en worden middels deze Incidentele Suppletoire Begroting opgeboekt in 2022 zodat het beleid kan worden voortgezet.

Het financieel instrument bijdrage aan medeoverheden wordt in 2022 verlaagd met € 2,6 miljoen. In 2023 wordt op ditzelfde instrument € 5,6 miljoen toegevoegd. Dit betreft een boeking om het betaalritme te corrigeren voor de specifieke uitkering op het beleid van het Nationaal Programma Onderwijs.

Beleidsartikel 4

Tabel 3 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 4 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

4.936.743

18.194

4.954.937

0

0

0

0

Totale uitgaven

5.065.998

22.694

5.088.692

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,6%

           
               

Bekostiging

4.477.645

0

4.477.645

0

0

0

0

Bekostiging mbo-instellingen

4.030.302

 

4.030.302

       

Bekostiging Caribisch Nederland

8.616

 

8.616

       

Bekostiging vavo

69.883

 

69.883

       

Kwaliteitsafspraken investeringsbudget

252.785

 

252.785

       

Kwaliteitsafspraken resultaatafhankelijk budget

0

 

0

       

Regionaal Investeringsfonds

22.345

 

22.345

       

Salarismix Randstadregio's

52.664

 

52.664

       

Tegemoetkoming schoolkosten mbo

0

 

0

       

Regionaal Programma

30.550

 

30.550

       

Begeleidingsgesprekken jeugdwerkloosheid

10.500

 

10.500

       

Subsidies (regelingen)

349.947

3.364

353.311

0

0

0

0

Praktijkleren

295.358

 

295.358

       

Leven Lang Ontwikkelen

6.782

 

6.782

       

Actieplan Laaggeletterdheid/Tel mee met Taal

15.283

 

15.283

       

Loopbaanoriëntatie

1.809

 

1.809

       

Vakwedstrijden mbo

4.191

 

4.191

       

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

 

0

       

Extra hulp voor de klas

0

 

0

       

Zelftesten

0

3.364

3.364

       

Overige subsidies

26.524

 

26.524

       

Opdrachten

19.016

19.330

38.346

0

0

0

0

Opdrachten

19.016

2.800

21.816

       

Zelftesten

0

16.530

16.530

       

Bijdrage aan agentschappen

20.989

0

20.989

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

17.439

 

17.439

       

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

3.550

 

3.550

       

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

72.938

0

72.938

0

0

0

0

College voor Toetsen en Examens

9.638

 

9.638

       

Wet SLOA

1.127

 

1.127

       

SBB

62.173

 

62.173

       

Bijdrage aan medeoverheden

125.463

0

125.463

0

0

0

0

RMC's

42.703

 

42.703

       

Educatie

63.560

 

63.560

       

Caribisch Nederland

0

 

0

       

Regionaal Programma

19.200

 

19.200

       

Ontvangsten

4.000

0

4.000

0

0

0

0

Toelichting

Het financieel instrument opdrachten wordt in 2022 incidenteel verhoogd met € 19,3 miljoen. Voor subsidies (regelingen) geldt een incidentele verhoging van € 3,4 miljoen. Dit betreft beide voor het overgrote deel de middelen voor zelftesten. De middelen zijn in 2021 niet uitgeput en worden middels deze Incidentele Suppletoire Begroting opgeboekt in 2022 zodat het beleid kan worden voortgezet.

Beleidsartikel 6

Tabel 4 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 6 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

4.068.668

2.899

4.071.567

0

0

0

0

Totale uitgaven

4.479.775

2.899

4.482.674

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

100,00%

           
               

Bekostiging

4.447.971

0

4.447.971

0

0

0

0

Bekostiging onderwijsdeel1

4.036.677

 

4.036.677

       

Bekostiging ontwerp en ontwikkeling

89.904

 

89.904

       

Studievoorschot kwaliteitsafspraken2

314.840

 

314.840

       

Studievoorschotvouchers

1.228

 

1.228

       

Bekostiging flexibel hoger onderwijs voor volwassenen

5.322

 

5.322

       

Subsidies (regelingen)

3.340

2.899

6.239

0

0

0

0

Tegemoetkoming 2e lerarenopleiding

2.556

 

2.556

       

Zelftesten3

0

2.899

2.899

       

Overige subsidies

784

 

784

       

Bijdrage aan agentschappen

13.443

0

13.443

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

13.443

 

13.443

       

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

15.021

0

15.021

0

0

0

0

NWO: Praktijkgericht onderzoek4

0

 

0

       

NWO: Promotiebeurs voor leraren

10.371

 

10.371

       

Nederland-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO)

4.650

 

4.650

       

Ontvangsten

1.213

0

1.213

0

0

0

0

1

Inclusief de studievoorschotmiddelen voor specifieke stimulering van landelijke prioriteiten (10% van de studievoorschotmiddelen).

2

90% van de studievoorschotmiddelen die gekoppeld zijn aan de kwaliteitsafspraken.

3

De term sneltesten is bij nader inzien aangepast naar zelftesten. Er worden zelftesten geleverd aan instellingen. Er bestaan ook sneltesten die geen zelftest zijn.

4

Vanaf 2022 ondergebracht bij artikel 16 (Onderzoek- en wetenschapsbeleid).

Toelichting

Het financieel instrument subsidies (regelingen) wordt in 2022 incidenteel verhoogd met € 2,9 miljoen. Dit betreft de middelen voor zelftesten. De middelen zijn in 2021 niet uitgeput en worden middels deze Incidentele Suppletoire Begroting opgeboekt in 2022 zodat het beleid kan worden voortgezet.

Beleidsartikel 7

Tabel 5 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 7 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

5.993.862

36.705

6.030.567

0

0

0

0

Totale uitgaven

6.271.242

39.104

6.310.346

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,96%

           
               

Bekostiging

6.240.270

0

6.240.270

0

0

0

0

Bekostiging onderwijsdeel1

3.006.191

 

3.006.191

       

Bekostiging onderzoeksdeel

2.284.607

 

2.284.607

       

Bekostiging ondersteuning geneeskunde onderwijs en onderzoek

757.944

 

757.944

       

Studievoorschot kwaliteitsafspraken2

191.511

 

191.511

       

Studievoorschotvouchers

17

 

17

       

Profilering en zwaartepuntvorming3

0

 

0

       

Subsidies (regelingen)

24.928

1.531

26.459

0

0

0

0

Nuffic4

14.507

 

14.507

       

Studiekeuze1234

2.616

 

2.616

       

Vluchteling Studenten UAF4

2.511

 

2.511

       

Studentenwelzijn (Ecio)4

794

 

794

       

Interstedelijk Studentenoverleg (ISO)4

271

 

271

       

Landelijke Studenten Vakbond (LSVb) 4

255

 

255

       

Open en online onderwijs

2.008

 

2.008

       

Zelftesten5

0

1.531

1.531

       

Overige subsidies

1.966

 

1.966

       

Opdrachten

3.153

37.573

40.726

0

0

0

0

Opdrachten

3.153

 

3.153

       

Zelftesten5

0

37.573

37.573

       

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

2.891

0

2.891

0

0

0

0

Europees Universitair Instituut Florence (EUI)

1.859

 

1.859

       

United Nations University (UNU)

1.032

 

1.032

       

Nuffic, SK123, UAF, H&S, ISO en LSVb4

0

 

0

       

Ontvangsten

16

0

16

0

0

0

0

1

Inclusief de studievoorschotmiddelen voor specifieke stimulering van landelijke prioriteiten (10% van de studievoorschotmiddelen

2

90% van de studievoorschotmiddelen die gekoppeld zijn aan de kwaliteitsafspraken.

3

De 2%-middelen profilering en zwaartepuntvorming die conform de kwaliteitsafspraken tot en met 2022 zijn overgeheveld naar het onderwijsdeel van de hoofdbekostiging.

4

Tot en met 2020 opgenomen onder bijdragen aan (inter)nationale organisaties, vanaf 2021 ondergebracht bij het instrument subsidies omdat dit de basis is op grond waarvan de instellingen worden bekostigd.

5

De term sneltesten is bij nader inzien aangepast naar zelftesten. Er worden zelftes-ten geleverd aan instellingen. Er bestaan ook sneltesten die geen zelftest zijn.

Toelichting

Op Artikel 7 wordt op het instrument subsidies (regelingen) en op het instrument opdrachten incidenteel totaal € 39,1 miljoen toegevoegd in 2022. Dit betreft de middelen voor zelftesten. De middelen zijn in 2021 niet uitgeput en worden middels deze Incidentele Suppletoire Begroting opgeboekt in 2022 zodat het beleid kan worden voortgezet.

Beleidsartikel 11

Tabel 6 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 11 (bedragen x € 1.000)
   

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

4.836.822

40.617

4.877.439

0

0

0

0

Totale uitgaven

4.836.822

40.617

4.877.439

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

100%

           
                 

Inkomensoverdracht

1.328.826

40.517

1.369.343

0

0

0

0

Basisbeurs gift (R)

423.616

 

423.616

       

Aanvullende beurs gift (R)

769.726

 

769.726

       

Reisvoorziening gift (R)

– 42.705

 

– 42.705

       

Caribisch Nederland gift (R)

2.894

 

2.894

       

Overige uitgaven (R)

175.295

40.517

215.812

       

Leningen

3.367.673

0

3.367.673

0

0

0

0

Basisbeurs prestatiebeurs (NR)

– 193.415

 

– 193.415

       

Aanvullende beurs prestatiebeurs (NR)

120.024

 

120.024

       

Reisvoorziening (NR)

160.180

 

160.180

       

Rentedragende lening (NR)

2.972.723

 

2.972.723

       

Collegegeldkrediet (NR)

254.231

 

254.231

       

Leven lang leren krediet (NR)

25.834

 

25.834

       

Overige uitgaven (NR)

28.096

 

28.096

       

Bijdrage aan agentschappen

140.323

100

140.423

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

140.323

100

140.423

       

Ontvangsten

1.211.951

0

1.211.951

0

0

0

0

Ontvangsten (R)

73.432

0

73.432

0

0

0

0

 

Ontvangen rente (R)

52.280

 

52.280

       
 

Overige ontvangsten (R)

20.932

 

20.932

       
 

Ontvangsten Caribisch Nederland (R)

220

 

220

       

Ontvangsten (NR)

1.138.519

0

1.138.519

0

0

0

0

 

Terugontvangen lening (NR)

1.138.519

 

1.138.519

       

Toelichting

Het financieel instrument inkomensoverdracht wordt incidenteel met € 40,5 miljoen verhoogd. Het betreft hier de middelen voor de tegemoetkomingsregeling voor studenten in verband met covid-19. Deze middelen zijn in 2021 niet geheel uitgeput en worden in 2022 gebruikt om de overige betalingen aan studenten uit te keren.

Niet-beleidsartikel 91

Tabel 7 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 91 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

585.126

0

585.126

– 230.000

0

0

0

Uitgaven

585.126

0

585.126

– 230.000

0

0

0

               

Loonbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

waarvan programma

0

0

0

0

0

0

0

waarvan apparaat

0

0

0

0

0

0

0

Prijsbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

waarvan programma

0

0

0

0

0

0

0

waarvan apparaat

0

0

0

0

0

0

0

Onvoorzien

585.126

0

585.126

– 230.000

0

0

0

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Het budget onvoorzien wordt in 2023 incidenteel verlaagd met € 230,0 miljoen. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan de maatregel uit het Coalitieakkoord.

Niet-beleidsartikel 95

Tabel 8 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 95 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 4e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

276.492

1.750

278.242

500

0

0

0

Uitgaven

276.492

1.750

278.242

500

0

0

0

               

Personele uitgaven

216.309

1.750

218.059

500

0

0

0

waarvan eigen personeel

206.028

1.750

207.778

500

     

waarvan externe inhuur

6.029

 

6.029

       

waarvan overige personele uitgaven

4.252

 

4.252

       

Materiële uitgaven

60.183

0

60.183

0

0

0

0

waarvan ICT

10.170

 

10.170

       

waarvan bijdrage aan SSO's

21.155

 

21.155

       

waarvan overige materiële uitgaven

28.858

 

28.858

       

Begrotingsreserve schatkistbankieren

0

0

0

0

0

0

0

Ontvangsten

567

0

567

0

0

0

0

Toelichting

De personele uitgaven worden incidenteel verhoogd met € 1,8 miljoen in 2022 en € 0,5 miljoen in 2023. Het betreft hier de uitvoeringskosten voor het Nationaal Programma Onderwijs en de coördinatie van het beleid op de zelftesten in het onderwijs.

2. Budgettaire consequenties beleidsartikelen

Beleidsartikel 4

Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 4 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 5e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 5e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

4.954.937

94.677

5.049.614

95.102

95.409

95.412

95.413

Totale uitgaven

5.088.692

94.677

5.183.369

95.102

95.409

95.412

95.413

waarvan juridisch verplicht (%)

99,6%

      
        

Bekostiging

4.477.645

0

4.477.645

0

0

0

0

Bekostiging mbo-instellingen

4.030.302

 

4.030.302

    

Bekostiging Caribisch Nederland

8.616

 

8.616

    

Bekostiging vavo

69.883

 

69.883

    

Kwaliteitsafspraken investeringsbudget

252.785

 

252.785

    

Kwaliteitsafspraken resultaatafhankelijk budget

0

 

0

    

Regionaal Investeringsfonds

22.345

 

22.345

    

Salarismix Randstadregio's

52.664

 

52.664

    

Tegemoetkoming schoolkosten mbo

0

 

0

    

Regionaal Programma

30.550

 

30.550

    

Begeleidingsgesprekken jeugdwerkloosheid

10.500

 

10.500

    

Subsidies (regelingen)

353.311

94.677

447.988

95.102

95.409

95.412

95.413

Praktijkleren

295.358

 

295.358

    

Leven Lang Ontwikkelen

6.782

 

6.782

    

Actieplan Laaggeletterdheid/Tel mee met Taal

15.283

 

15.283

    

Loopbaanoriëntatie

1.809

 

1.809

    

Vakwedstrijden mbo

4.191

 

4.191

    

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

 

0

    

Extra hulp voor de klas

0

 

0

    

Zelftesten

3.364

 

3.364

    

Maatschappelijke diensttijd

0

94.677

94.677

95.102

95.409

95.412

95.413

Overige subsidies

26.524

 

26.524

    

Opdrachten

38.346

0

38.346

0

0

0

0

Opdrachten

21.816

 

21.816

    

Zelftesten

16.530

 

16.530

    

Bijdrage aan agentschappen

20.989

0

20.989

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

17.439

 

17.439

    

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

3.550

 

3.550

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

72.938

0

72.938

0

0

0

0

College voor Toetsen en Examens

9.638

 

9.638

    

Wet SLOA

1.127

 

1.127

    

SBB

62.173

 

62.173

    

Bijdrage aan medeoverheden

125.463

0

125.463

0

0

0

0

RMC's

42.703

 

42.703

    

Educatie

63.560

 

63.560

    

Caribisch Nederland

0

 

0

    

Regionaal Programma

19.200

 

19.200

    

Ontvangsten

4.000

0

4.000

0

0

0

0

Toelichting

Het financieel instrument subsidies (regelingen) wordt in 2022 verhoogd met € 94,7 miljoen en in de jaren daarna met circa € 95 miljoen. Deze stijging wordt veroorzaakt door de herverkaveling die is aangekondigd in het coalitieakkoord voor de Maatschappelijke diensttijd.

Beleidsartikel 11

Tabel 2 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 11 (bedragen x € 1.000)
  

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 5e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 5e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

4.877.439

91.000

4.968.439

‒ 1.780

‒ 1.780

‒ 1.780

‒ 1.780

Totale uitgaven

4.877.439

91.000

4.968.439

‒ 1.780

‒ 1.780

‒ 1.780

‒ 1.780

waarvan juridisch verplicht (%)

100%

      
         

Inkomensoverdracht

1.369.343

89.000

1.458.343

‒ 1.780

‒ 1.780

‒ 1.780

‒ 1.780

Basisbeurs gift (R)

423.616

 

423.616

    

Aanvullende beurs gift (R)

769.726

 

769.726

    

Reisvoorziening gift (R)

‒ 42.705

 

‒ 42.705

    

Caribisch Nederland gift (R)

2.894

 

2.894

    

Overige uitgaven (R)

215.812

89.000

304.812

‒ 1.780

‒ 1.780

‒ 1.780

‒ 1.780

Leningen

3.367.673

0

3.367.673

0

0

0

0

Basisbeurs prestatiebeurs (NR)

‒ 193.415

 

‒ 193.415

    

Aanvullende beurs prestatiebeurs (NR)

120.024

 

120.024

    

Reisvoorziening (NR)

160.180

 

160.180

    

Rentedragende lening (NR)

2.972.723

 

2.972.723

    

Collegegeldkrediet (NR)

254.231

 

254.231

    

Leven lang leren krediet (NR)

25.834

 

25.834

    

Overige uitgaven (NR)

28.096

 

28.096

    

Bijdrage aan agentschappen

140.423

2.000

142.423

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

140.423

2.000

142.423

    

Ontvangsten

1.211.951

0

1.211.951

0

0

0

0

Ontvangsten (R)

73.432

0

73.432

0

0

0

0

 

Ontvangen rente (R)

52.280

 

52.280

    
 

Overige ontvangsten (R)

20.932

 

20.932

    
 

Ontvangsten Caribisch Nederland (R )

220

 

220

    

Ontvangsten (NR)

1.138.519

0

1.138.519

0

0

0

0

 

Terugontvangen lening (NR)

1.138.519

 

1.138.519

    

Toelichting

Het financieel instrument inkomensoverdracht wordt in 2022 incidenteel verhoogd met € 89,0 miljoen. Deze middelen zijn bestemd voor de geraamde kwijtscheldingen van studieschulden die het gevolg zijn van de kinderopvangtoeslagaffaire. De reguliere kwijtscheldingen zijn daarop over 2023 tot en met 2027 jaarlijks met € 1,8 miljoen (in totaal € 8,9 miljoen) naar beneden bijgesteld. Naar verwachting vinden er in toekomst minder kwijtscheldingen plaats door de kwijtscheldingsactie van de kinderopvangtoeslagaffaire.

Het budget voor de Dienst Uitvoering Onderwijs wordt incidenteel verhoogd met € 2,0 miljoen voor de geraamde uitvoeringskosten bij DUO voor het uitvoeren van de kwijtscheldingen en alles wat daarmee samenhangt als gevolg van de kinderopvangtoeslagaffaire.

Beleidsartikel 14

Tabel 3 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 14 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 5e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 5e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

686.666

56.500

743.166

0

0

0

0

Totale uitgaven

1.353.337

56.500

1.409.837

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

82,7%

      
        

Bekostiging

986.548

15.775

1.002.323

0

0

0

0

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse instellingen

237.467

5.500

242.967

    

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen

268.998

3.703

272.701

    

Museale instellingen met een wettelijke taak

241.039

6.572

247.611

    

Stelseltaken openbare bibliotheekvoorzieningen

24.092

 

24.092

    

Digitale openbare bibliotheek

18.368

 

18.368

    

Bibliotheekvoorziening leesgehandicapten

12.537

 

12.537

    

Monumentenzorg

148.583

 

148.583

    

Archieven incl. Regionale Historische Centra

29.650

 

29.650

    

Flankerend beleid huisvesting

5.813

 

5.813

    

Cultuureducatie met Kwaliteit

1

 

1

    

Subsidies (regelingen)

124.978

40.725

165.703

0

0

0

0

Verbreden inzet cultuur

9.331

 

9.331

    

Internationaal cultuurbeleid (incl. HGIS)

8.356

 

8.356

    

Programma leesbevordering

3.967

 

3.967

    

Creatieve Industrie

1.728

 

1.728

    

Specifiek cultuurbeleid

99.184

40.725

139.909

    

Subsidies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

2.412

 

2.412

    

Opdrachten

194.416

0

194.416

0

0

0

0

Beleidsonderzoek, evaluaties en kennisbasis

2.068

 

2.068

    

Monumentenzorg

0

 

0

    

Archeologie

0

 

0

    

Erfgoed en fysieke leefomgeving

0

 

0

    

Opdrachten Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

10.024

 

10.024

    

Overige opdrachten

182.324

 

182.324

    

Bijdragen aan agentschappen

44.438

0

44.438

0

0

0

0

Nationaal Archief

44.438

 

44.438

    

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

2.957

0

2.957

0

0

0

0

Ontvangsten

47.043

0

47.043

0

0

0

0

Toelichting

Het financieel instrument bekostiging wordt in 2022 incidenteel verhoogd met € 15,8 miljoen. Deze middelen zijn bestemd voor de BIS- en Erfgoedwetinstellingen en de meerjarig gefinancierde instellingen bij de Rijkscultuurfondsen.

Het financieel instrument Subsidies(regelingen) wordt in 2022 incidenteel met € 40,7 verhoogd. Dit bedrag bestaat voor € 40 miljoen uit het voortzetten van de suppletieregeling. Daarnaast wordt € 0,7 miljoen besteed aan overige OCW instellingen die niet onder de BIS vallen en ook niet worden gefinancierd door de Rijkscultuurfondsen.

2. Budgettaire consequenties beleidsartikelen

Beleidsartikel 1

Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 1 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 6e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 6e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

13.097.404

1.068.429

14.165.833

30.000

4.535

3.905

0

Totale uitgaven

14.010.291

447.430

14.457.721

650.999

4.535

3.905

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,89%

      
        

Bekostiging

13.153.913

349.617

13.503.530

617.493

0

0

0

Bekostiging po-instellingen

11.988.547

 

11.988.547

    

Bekostiging Caribisch Nederland

22.346

3.151

25.497

    

Prestatiebox

0

 

0

    

Aanvullende bekostiging

155.536

 

155.536

    

Aanpak lerarentekort G5

30.696

 

30.696

    

Aanvullende bekostiging NP Onderwijs

956.788

346.466

1.303.254

617.493

   

Subsidies (regelingen)

114.755

0

114.755

3.506

0

0

0

Onderwijsvoorziening jonggehandicapten

23.724

 

23.724

    

Nederlands onderwijs buitenland

13.489

 

13.489

    

Humanistisch vormend en godsdienstonderwijs

15.008

 

15.008

    

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

 

0

    

Extra hulp voor de klas

0

 

0

    

Overige subsidies

62.534

 

62.534

3.506

   

Opdrachten

63.461

‒ 12.187

51.274

0

4.535

3.905

0

Opdrachten

34.218

‒ 12.187

22.031

 

4.535

3.905

 

Zelftesten

29.243

 

29.243

    

Bijdrage aan agentschappen

32.246

0

32.246

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

32.246

 

32.246

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

7.260

0

7.260

0

0

0

0

Stichting Vervangingsfonds en Particpatiefonds

4.702

 

4.702

    

UWV

2.558

 

2.558

    

Bijdrage aan medeoverheden

638.503

110.000

748.503

30.000

0

0

0

Gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid

521.212

 

521.212

    

Caribisch Nederland

20.394

 

20.394

    

Scholenprogramma Groningen

3.000

 

3.000

    

Nationaal Programma Onderwijs

93.897

 

93.897

    

Ventilatie in scholen

0

110.000

110.000

30.000

   

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

153

0

153

0

0

0

0

Brede scholen

0

 

0

    

BES(t)4kids

153

 

153

    

Ontvangsten

9.308

0

9.308

0

0

0

0

Toelichting

Het financieel instrument bekostiging wordt in 2022 verhoogd met € 349,6 miljoen en in 2023 met € 617,5 miljoen. Het betreft hier de middelen voor de aanvullende bekostiging op het NP Onderwijs. Het instrument bijdrage aan medeoverheden wordt in 2022 verhoogd met € 110,0 miljoen en in 2023 met € 30,0 miljoen. Dit betreft de middelen voor de specifieke uitkering ventilatie in scholen. Op het instrument opdrachten worden middelen doorgeschoven naar latere jaren, zodat de ondersteuning aan scholen en de monitoring gedurende de gehele looptijd van het NP Onderwijs in stand kan worden gehouden.

Beleidsartikel 3

Tabel 2 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 3 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 6e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 6e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

9.244.248

928.129

10.172.377

0

2.438

2.769

0

Totale uitgaven

9.815.031

349.921

10.164.952

578.208

2.438

2.769

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,0%

      
        

Bekostiging

9.315.303

352.981

9.668.284

578.208

0

0

0

Bekostiging vo-instellingen

8.895.477

 

8.895.477

    

Resultaatafhankelijke bekostiging vsv aan vo-instellingen

18.057

 

18.057

    

Bekostiging Caribisch Nederland

17.336

3.975

21.311

    

Prestatiebox

0

 

0

    

Aanvullende regeling strategisch personeelsbeleid, begeleiding starters en thuiszitters

109.931

 

109.931

    

Aanvullende regelingen leerlingendaling

4.540

 

4.540

    

Aanvullende bekostiging Nationaal Programma Onderwijs

269.962

349.006

618.968

578.208

   

Subsidies (regelingen)

210.679

0

210.679

0

0

0

0

Stichting Kennisnet (basissubsidie) po, vo, mbo

19.755

 

19.755

    

Pilots lente- en zomerscholen vo

9.000

 

9.000

    

Nieuwe leerweg

9.825

 

9.825

    

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

 

0

    

Extra hulp voor de klas

0

 

0

    

Regeling brede brugklas

102.000

 

102.000

    

Overige subsidies

70.099

 

70.099

    

Opdrachten

115.945

‒ 3.060

112.885

0

2.438

2.769

0

Opdrachten

22.080

‒ 3.060

19.020

 

2.438

2.769

 

Zelftesten

93865

 

93.865

    

Bijdrage aan agentschappen

65.086

0

65.086

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

65.086

 

65.086

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

47.700

0

47.700

0

0

0

0

College voor Toetsen en Examens

4.767

 

4.767

    

SLOA: onderwijs ondersteunende instellingen

42.933

 

42.933

    

Bijdrage aan medeoverheden

60.032

0

60.032

0

0

0

0

Nationaal Programma Onderwijs

60.032

 

60.032

    

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

286

0

286

0

0

0

0

GRAZ (ECML) en PISA

286

 

286

    

Ontvangsten

7.391

0

7.391

0

0

0

0

Toelichting

Het financieel instrument bekostiging wordt in 2022 verhoogd met € 353,0 miljoen en in 2023 met ruim € 578,2 miljoen. Het betreft hier de middelen voor de aanvullende bekostiging op het Nationaal Programma Onderwijs. Op het instrument opdrachten worden middelen doorgeschoven naar latere jaren, zodat de ondersteuning aan scholen en de monitoring gedurende de gehele looptijd van het NP Onderwijs in stand kan worden gehouden.

Beleidsartikel 14

Tabel 3 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 14 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 6e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 6e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

743.166

41.742

784.908

0

0

0

0

Totale uitgaven

1.409.837

41.742

1.451.579

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

82,7%

      
        

Bekostiging

1.002.323

0

1.002.323

0

0

0

0

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse instellingen

242.967

 

242.967

    

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen

272.701

 

272.701

    

Museale instellingen met een wettelijke taak

247.611

 

247.611

    

Stelseltaken openbare bibliotheekvoorzieningen

24.092

 

24.092

    

Digitale openbare bibliotheek

18.368

 

18.368

    

Bibliotheekvoorziening leesgehandicapten

12.537

 

12.537

    

Monumentenzorg

148.583

 

148.583

    

Archieven incl. Regionale Historische Centra

29.650

 

29.650

    

Flankerend beleid huisvesting

5.813

 

5.813

    

Cultuureducatie met Kwaliteit

1

 

1

    

Subsidies (regelingen)

165.703

41.742

207.445

0

0

0

0

Verbreden inzet cultuur

9.331

 

9.331

    

Internationaal cultuurbeleid (incl. HGIS)

8.356

 

8.356

    

Programma leesbevordering

3.967

 

3.967

    

Creatieve Industrie

1.728

 

1.728

    

Specifiek cultuurbeleid

139.909

41.742

181.651

    

Subsidies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

2.412

 

2.412

    

Opdrachten

194.416

0

194.416

0

0

0

0

Beleidsonderzoek, evaluaties en kennisbasis

2.068

 

2.068

    

Monumentenzorg

0

 

0

    

Archeologie

0

 

0

    

Erfgoed en fysieke leefomgeving

0

 

0

    

Opdrachten Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

10.024

 

10.024

    

Overige opdrachten

182.324

 

182.324

    

Bijdragen aan agentschappen

44.438

0

44.438

0

0

0

0

Nationaal Archief

44.438

 

44.438

    

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

2.957

0

2.957

0

0

0

0

Ontvangsten

47.043

0

47.043

0

0

0

0

Toelichting

Het financieel instrument Subsidies(regelingen) wordt in 2022 incidenteel met € 41,7 miljoen verhoogd. Dit betreft de middelen voor de suppletieregeling.

Artikel 91

Tabel 4 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 91 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 6e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 6e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

585.126

‒ 585.126

0

‒ 614.383

0

0

0

Uitgaven

585.126

‒ 585.126

0

‒ 614.383

0

0

0

        

Loonbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

waarvan programma

0

0

0

0

0

0

0

waarvan apparaat

0

0

0

0

0

0

0

Prijsbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

waarvan programma

0

0

0

0

0

0

0

waarvan apparaat

0

0

0

0

0

0

0

Onvoorzien

585.126

‒ 585.126

0

‒ 614.383

0

0

0

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

De middelen die op de post onvoorzien stonden gereserveerd voor het NP Onderwijs worden voor zowel 2022 als 2023 geheel afgeboekt. Deze zijn overgeheveld naar Artikel 1 en 3.

Artikel 95

Tabel 5 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 95 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 6e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 6e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

276.492

‒ 400

276.092

0

1.000

1.000

0

Uitgaven

278.242

‒ 400

277.842

0

1.000

1.000

0

        

Personele uitgaven

218.059

‒ 400

217.659

0

1.000

1.000

0

waarvan eigen personeel

207.778

‒ 400

207.378

 

1.000

1.000

 

waarvan externe inhuur

6.029

 

6.029

    

waarvan overige personele uitgaven

4.252

 

4.252

    

Materiële uitgaven

60.183

0

60.183

0

0

0

0

waarvan ICT

10.170

 

10.170

    

waarvan bijdrage aan SSO's

21.155

 

21.155

    

waarvan overige materiële uitgaven

28.858

 

28.858

    

Begrotingsreserve schatkistbankieren

0

0

0

0

0

0

0

Ontvangsten

567

0

567

0

0

0

0

2. Budgettaire consequenties beleidsartikelen

Beleidsartikel 14

Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 14 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 2e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 2e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

593.566

5.600

599.166

0

0

0

0

Totale uitgaven

1.260.237

5.600

1.265.837

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

82,7%

 

82,7%

       
               

Bekostiging

965.924

5.600

971.524

0

0

0

0

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse instellingen

234.040

0

234.040

       

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen

255.726

5.600

261.326

       

Museale instellingen met een wettelijke taak

238.614

0

238.614

       

Stelseltaken openbare bibliotheekvoorzieningen

24.092

0

24.092

       

Digitale openbare bibliotheek

16.868

0

16.868

       

Bibliotheekvoorziening leesgehandicapten

12.537

0

12.537

       

Monumentenzorg

148.583

0

148.583

       

Archieven incl. Regionale Historische Centra

29.650

0

29.650

       

Flankerend beleid huisvesting

5.813

0

5.813

       

Cultuureducatie met Kwaliteit

1

0

1

       

Subsidies (regelingen)

52.502

0

52.502

0

0

0

0

Verbreden inzet cultuur

9.331

0

9.331

       

Internationaal cultuurbeleid (incl. HGIS)

8.356

0

8.356

       

Programma leesbevordering

3.967

0

3.967

       

Creatieve Industrie

1.728

0

1.728

       

Specifiek cultuurbeleid

26.708

0

26.708

       

Subsidies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

2.412

0

2.412

       

Opdrachten

194.416

0

194.416

0

0

0

0

Beleidsonderzoek, evaluaties en kennisbasis

2.068

0

2.068

       

Monumentenzorg

0

0

0

       

Archeologie

0

0

0

       

Erfgoed en fysieke leefomgeving

0

0

0

       

Opdrachten Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

10.024

0

10.024

       

Overige opdrachten

182.324

0

182.324

       

Bijdragen aan agentschappen

44.438

0

44.438

0

0

0

0

Nationaal Archief

44.438

0

44.438

       

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

2.957

0

2.957

0

0

0

0

Ontvangsten

47.043

0

47.043

0

0

0

0

Toelichting

Het financieel instrument Bekostiging wordt in 2022 incidenteel verhoogd met € 5,6 miljoen.

2. Budgettaire consequenties beleidsartikelen

Beleidsartikel 14. Cultuur

Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 14 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW en amendementen)

Mutaties 1e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 1e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

418.566

175.000

593.566

0

0

0

0

Totale uitgaven

1.085.237

175.000

1.260.237

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

97,0%

 

82,7%

       
               

Bekostiging

965.924

0

965.924

0

0

0

0

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse instellingen

234.040

0

234.040

       

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen

255.726

0

255.726

       

Museale instellingen met een wettelijke taak

238.614

0

238.614

       

Stelseltaken openbare bibliotheekvoorzieningen

24.092

0

24.092

       

Digitale openbare bibliotheek

16.868

0

16.868

       

Bibliotheekvoorziening leesgehandicapten

12.537

0

12.537

       

Monumentenzorg

148.583

0

148.583

       

Archieven incl. Regionale Historische Centra

29.650

0

29.650

       

Flankerend beleid huisvesting

5.813

0

5.813

       

Cultuureducatie met Kwaliteit

1

0

1

       

Subsidies (regelingen)

52.502

0

52.502

0

0

0

0

Verbreden inzet cultuur

9.331

0

9.331

       

Internationaal cultuurbeleid (incl. HGIS)

8.356

0

8.356

       

Programma leesbevordering

3.967

0

3.967

       

Creatieve Industrie

1.728

0

1.728

       

Specifiek cultuurbeleid

26.708

0

26.708

       

Subsidies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

2.412

0

2.412

       

Opdrachten

19.416

175.000

194.416

0

0

0

0

Beleidsonderzoek, evaluaties en kennisbasis

2.068

0

2.068

       

Monumentenzorg

0

0

0

       

Archeologie

0

0

0

       

Erfgoed en fysieke leefomgeving

0

0

0

       

Opdrachten Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

10.024

0

10.024

       

Overige opdrachten

7.324

175.000

182.324

       

Bijdragen aan agentschappen

44.438

0

44.438

0

0

0

0

Nationaal Archief

44.438

0

44.438

       

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

2.957

0

2.957

0

0

0

0

Ontvangsten

3.043

44.000

47.043

0

0

0

0

Toelichting

Het artikelonderdeel Opdrachten op Artikel 14 wordt voor het jaar 2022 verhoogd met € 175,0 miljoen, waarvan € 44,0 miljoen een desaldering betreft. De ontvangsten op Artikel 14 worden ook verhoogd met € 44,0 miljoen. Dit betreft dezelfde desaldering.

2. Budgettaire consequenties beleidsartikelen

Beleidsartikel 1

Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 1 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

15.903.456

215.996

16.119.452

0

0

0

0

Totale uitgaven

15.698.209

215.996

15.914.205

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,89%

      
        

Bekostiging

14.478.324

87.050

14.565.374

0

0

0

0

Bekostiging po-instellingen

12.952.265

87.050

13.039.315

    

Bekostiging Caribisch Nederland

28.557

 

28.557

    

Prestatiebox

0

 

0

    

Aanvullende bekostiging

160.319

 

160.319

    

Aanpak lerarentekort G5

31.605

 

31.605

    

Aanvullende bekostiging NP Onderwijs

1.305.578

 

1.305.578

    

Subsidies (regelingen)

326.735

0

326.735

0

0

0

0

Onderwijsvoorziening jonggehandicapten

24.473

 

24.473

    

Nederlands onderwijs buitenland

13.909

 

13.909

    

Humanistisch vormend en godsdienstonderwijs

15.981

 

15.981

    

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

 

0

    

Extra hulp voor de klas

0

 

0

    

Rijke schooldag

34.000

 

34.000

    

Basisvaardigheden

168.726

 

168.726

    

Nationaal Groeifonds

0

 

0

    

Overige subsidies

69.646

 

69.646

    

Opdrachten

54.275

0

54.275

0

0

0

0

Opdrachten

25.032

 

25.032

    

Zelftesten

29.243

 

29.243

    

Bijdrage aan agentschappen

40.746

196

40.942

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

40.746

196

40.942

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

7.346

3.800

11.146

0

0

0

0

Stichting Vervangingsfonds en Particpatiefonds

4.702

3.800

8.502

    

UWV

2.644

 

2.644

    

Bijdrage aan medeoverheden

790.625

124.950

915.575

0

0

0

0

Gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid

536.337

 

536.337

    

Caribisch Nederland

17.353

 

17.353

    

Scholenprogramma Groningen

3.089

 

3.089

    

Nationaal Programma Onderwijs

93.897

 

93.897

    

Ventilatie in scholen

110.000

 

110.000

    

SPUK huisvesting noodlocaties PO

29.949

124.950

154.899

    

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

158

0

158

0

0

0

0

Brede scholen

0

 

0

    

BES(t)4kids

158

 

158

    

Ontvangsten

14.808

0

14.808

0

0

0

0

Toelichting

Het financieel instrument bekostiging wordt in 2022 verhoogd met € 87,1 miljoen. Het betreft hier middelen voor de nieuwkomersregeling en leerlingenvervoer voor de vluchtelingen vanuit Oekraïne. Het instrument bijdrage aan medeoverheden wordt verhoogd met € 125,0 miljoen. Dit betreft de middelen voor gemeenten om extra onderwijshuisvesting te regelen in gevallen waar de bestaande onderwijshuisvesting niet toereikend is om de Oekraïense leerlingen op te vangen.

Beleidsartikel 3

Tabel 2 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 3 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

11.722.667

171.653

11.894.320

0

0

0

0

Totale uitgaven

11.124.146

171.653

11.295.799

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,0%

      
        

Bekostiging

10.359.898

44.706

10.404.604

0

0

0

0

Bekostiging vo-instellingen

9.579.260

44.706

9.623.966

    

Resultaatafhankelijke bekostiging vsv aan vo-instellingen

18.057

 

18.057

    

Bekostiging Caribisch Nederland

24.512

 

24.512

    

Prestatiebox

535

 

535

    

Aanvullende regeling strategisch personeelsbeleid, begeleiding starters en thuiszitters

109.931

 

109.931

    

Aanvullende regelingen leerlingendaling

7.930

 

7.930

    

Aanvullende bekostiging Nationaal Programma Onderwijs

619.673

 

619.673

    

Subsidies (regelingen)

341.777

0

341.777

0

0

0

0

Stichting Kennisnet (basissubsidie) po, vo, mbo

22.474

 

22.474

    

Pilots lente- en zomerscholen vo

13.039

 

13.039

    

Nieuwe leerweg

9.519

 

9.519

    

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

 

0

    

Extra hulp voor de klas

0

 

0

    

Regeling brede brugklas

101.799

 

101.799

    

Basisvaardigheden

107.874

 

107.874

    

Nationaal Groeifonds

310

 

310

    

Overige subsidies

86.762

 

86.762

    

Opdrachten

126.195

315

126.510

0

0

0

0

Opdrachten

32.441

315

32.756

    

Zelftesten

93754

 

93.754

    

Bijdrage aan agentschappen

69.951

332

70.283

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

69.951

332

70.283

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

59.668

1.350

61.018

0

0

0

0

College voor Toetsen en Examens

15.109

1.350

16.459

    

SLOA: onderwijs ondersteunende instellingen

44.559

 

44.559

    

Bijdrage aan medeoverheden

166.361

124.950

291.311

0

0

0

0

Nationaal Programma Onderwijs

60.032

 

60.032

    

SPUK huisvesting noodlocaties VO

106.329

124.950

231.279

    

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

296

0

296

0

0

0

0

GRAZ (ECML) en PISA

296

 

296

    

Ontvangsten

7.391

0

7.391

0

0

0

0

Toelichting

Het financieel instrument bekostiging wordt in 2022 verhoogd met € 44,7 miljoen. Het betreft hier middelen voor de nieuwkomersregeling voor de vluchtelingen vanuit Oekraïne. Het instrument bijdrage aan medeoverheden wordt verhoogd met € 125,0 miljoen. Dit betreft de middelen voor gemeenten om extra onderwijshuisvesting te regelen in gevallen waar de bestaande onderwijshuisvesting niet toereikend is om de Oekraïense leerlingen op te vangen.

Beleidsartikel 4

Tabel 3 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 4 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

5.640.940

282

5.641.222

0

0

0

0

Totale uitgaven

5.572.463

282

5.572.745

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,6%

      
        

Bekostiging

4.719.830

0

4.719.830

0

0

0

0

Bekostiging mbo-instellingen

4.177.875

 

4.177.875

    

Bekostiging Caribisch Nederland

10.707

 

10.707

    

Bekostiging vavo

72.161

 

72.161

    

Kwaliteitsafspraken investeringsbudget

341.147

 

341.147

    

Kwaliteitsafspraken resultaatafhankelijk budget

0

 

0

    

Regionaal Investeringsfonds

22.484

 

22.484

    

Salarismix Randstadregio's

54.406

 

54.406

    

Regionaal Programma

30.550

 

30.550

    

Begeleidingsgesprekken jeugdwerkloosheid

10.500

 

10.500

    

Tegemoetkoming schoolkosten MBO

0

 

0

    

Subsidies (regelingen)

580.558

0

580.558

0

0

0

0

Praktijkleren

317.797

 

317.797

    

Leven Lang Ontwikkelen

7.091

 

7.091

    

Actieplan Laaggeletterdheid/Tel mee met Taal

13.844

 

13.844

    

Loopbaanoriëntatie

1.267

 

1.267

    

Vakwedstrijden mbo

4.327

 

4.327

    

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

 

0

    

Extra hulp voor de klas

0

 

0

    

Zelftesten

3.364

 

3.364

    

Maatschappelijke diensttijd

199.677

 

199.677

    

Doorstroom beroepskolom

8.000

 

8.000

    

NGF Laaggeletterdheid

0

 

0

    

Overige subsidies

25.191

 

25.191

    

Opdrachten

45.640

0

45.640

0

0

0

0

Opdrachten

28.999

 

28.999

    

Zelftesten

16.641

 

16.641

    

Bijdrage aan agentschappen

23.753

91

23.844

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

20.084

91

20.175

    

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

3.669

 

3.669

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

68.194

191

68.385

0

0

0

0

College voor Toetsen en Examens

503

 

503

    

Wet SLOA

264

 

264

    

SBB

67.427

191

67.618

    

Bijdrage aan medeoverheden

134.488

0

134.488

0

0

0

0

RMC's

44.666

 

44.666

    

Educatie

70.622

 

70.622

    

Caribisch Nederland

0

 

0

    

Regionaal Programma

19.200

 

19.200

    

Ontvangsten

4.000

0

4.000

0

0

0

0

Beleidsartikel 6

Tabel 4 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 6 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

4.331.640

76

4.331.716

0

0

0

0

Totale uitgaven

4.708.844

76

4.708.920

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

100,00%

      
        

Bekostiging

4.672.140

0

4.672.140

0

0

0

0

Bekostiging onderwijsdeel1

4.166.960

 

4.166.960

    

Bekostiging ontwerp en ontwikkeling

122.854

 

122.854

    

Studievoorschot kwaliteitsafspraken2

325.170

 

325.170

    

Studievoorschotvouchers

1.663

 

1.663

    

Bekostiging flexibel hoger onderwijs voor volwassenen

5.493

 

5.493

    

NGF Katalysator

40.000

 

40.000

    

NGF Digitale impuls

10.000

 

10.000

    

Fonds onderzoek en wetenschap

0

 

0

    

Subsidies (regelingen)

7.076

0

7.076

0

0

0

0

Tegemoetkoming 2e lerarenopleiding

610

 

610

    

Zelftesten3

2.899

 

2.899

    

Overige subsidies

3.567

 

3.567

    

Bijdrage aan agentschappen

13.883

76

13.959

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

13.883

76

13.959

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

15.745

0

15.745

0

0

0

0

NWO: Praktijkgericht onderzoek4

0

 

0

    

NWO: Promotiebeurs voor leraren

10.705

 

10.705

    

Nederland-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO)

5.040

 

5.040

    

Ontvangsten

1.213

0

1.213

0

0

0

0

1

Inclusief de studievoorschotmiddelen voor specifieke stimulering van landelijke prioriteiten (10% van de studievoorschotmiddelen).

2

90% van de studievoorschotmiddelen die gekoppeld zijn aan de kwaliteitsafspraken.

3

De term sneltesten is bij nader inzien aangepast naar zelftesten. Er worden zelftesten geleverd aan instellingen. Er bestaan ook sneltesten die geen zelftest zijn.

4

Vanaf 2022 ondergebracht bij artikel 16 (Onderzoek- en wetenschapsbeleid).

Beleidsartikel 9

Tabel 5 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 9 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

216.161

15

216.176

0

0

0

0

        

Totale uitgaven

211.161

15

211.176

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

       
        

Bekostiging

50.360

0

50.360

0

0

0

0

Tegemoetkoming kosten opleidingsscholen

50.360

 

50.360

    

Subsidies (regelingen)

154.231

0

154.231

0

0

0

0

Lerarenbeurs

78.881

 

78.881

    

Zij-instroom

50.924

 

50.924

    

Wet Beroep leraar en Lerarenregister

2.197

 

2.197

    

Aanpak lerarentekort

20.019

 

20.019

    

Overige subsidies

2.210

 

2.210

    

Opdrachten

3.395

 

3.395

0

0

0

0

Bijdragen aan agentschappen

3.175

15

3.190

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

3.175

15

3.190

    
        

Ontvangsten

6.500

0

6.500

0

0

0

0

Beleidsartikel 11

Tabel 6 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 11 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

4.834.081

4.750

4.838.831

0

0

0

0

Totale uitgaven

4.834.081

4.750

4.838.831

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

100%

      
         

Inkomensoverdracht

1.557.046

0

1.557.046

0

0

0

0

Basisbeurs gift (R)

504.233

 

504.233

    

Aanvullende beurs gift (R)

746.940

 

746.940

    

Reisvoorziening gift (R)

‒ 43.163

 

‒ 43.163

    

Caribisch Nederland gift (R)

2.971

 

2.971

    

Overige uitgaven (R)

346.065

 

346.065

    

Leningen

3.122.320

0

3.122.320

0

0

0

0

Basisbeurs prestatiebeurs (NR)

‒ 256.026

 

‒ 256.026

    

Aanvullende beurs prestatiebeurs (NR)

140.175

 

140.175

    

Reisvoorziening (NR)

176.199

 

176.199

    

Rentedragende lening (NR)

2.742.662

 

2.742.662

    

Collegegeldkrediet (NR)

240.095

 

240.095

    

Leven lang leren krediet (NR)

27.383

 

27.383

    

Overige uitgaven (NR)

51.832

 

51.832

    

Bijdrage aan agentschappen

154.715

4.750

159.465

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

154.715

4.750

159.465

    

Ontvangsten

1.182.316

0

1.182.316

0

0

0

0

Ontvangsten (R)

67.148

0

67.148

0

0

0

0

 

Ontvangen rente (R)

47.181

 

47.181

    
 

Overige ontvangsten (R)

19.642

 

19.642

    
 

Ontvangsten Caribisch Nederland (R )

325

 

325

    

Ontvangsten (NR)

1.115.168

0

1.115.168

0

0

0

0

 

Terugontvangen lening (NR)

1.115.168

 

1.115.168

    

Beleidsartikel 12

Tabel 7 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 12 (bedragen x € 1.000)1
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

70.706

15

70.721

0

0

0

0

        

Totale uitgaven

70.706

15

70.721

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

       
        

Inkomensoverdracht

68.086

0

68.086

0

0

0

0

Minderjarige deelnemers bol (R )

0

 

0

    

Tegemoetkoming lerarenopleiding (tlo) (R)

3.985

 

3.985

    

Deeltijd vo (R)

1.836

 

1.836

    

Volwassenenonderwijs (vavo) (R)

5.756

 

5.756

    

Meerderjarige scholieren vo (R)

52.746

 

52.746

    

Meerderjarige scholieren vso (R)

3.763

 

3.763

    

Leningen

14

0

14

0

0

0

0

STOEB/ALR (NR)

14

 

14

    

Bijdrage aan agentschappen

2.606

15

2.621

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

2.606

15

2.621

    
        

Ontvangsten

1.997

0

1.997

0

0

0

0

Minderjarige deelnemers bol (R)

0

 

0

    

Tegemoetkoming lerarenopleiding en deeltijd vo (R)

189

 

189

    

Meerderjarige scholieren v(s)o en vavo (R)

1.808

 

1.808

    
1

Toelichting: R = relevant, NR = niet-relevant

Beleidsartikel 13

Tabel 8 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 13 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

14.716

91

14.807

0

0

0

0

        

Totale uitgaven

14.716

91

14.807

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

       
        

Bijdrage aan agentschappen

14.716

91

14.807

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

14.716

91

14.807

    
        

Ontvangsten

196.346

0

196.346

0

0

0

0

Beleidsartikel 14

Tabel 9 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 14 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

1.207.116

8.499

1.215.615

2.135

695

0

0

Totale uitgaven

1.663.238

8.499

1.671.737

2.135

695

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

82,7%

      
        

Bekostiging

1.039.797

3.630

1.043.427

0

0

0

0

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse instellingen

250.542

 

250.542

    

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen

282.768

3.630

286.398

    

Museale instellingen met een wettelijke taak

258.138

 

258.138

    

Stelseltaken openbare bibliotheekvoorzieningen

25.031

 

25.031

    

Digitale openbare bibliotheek

22.026

 

22.026

    

Bibliotheekvoorziening leesgehandicapten

13.026

 

13.026

    

Monumentenzorg

151.993

 

151.993

    

Archieven incl. Regionale Historische Centra

30.155

 

30.155

    

Flankerend beleid huisvesting

6.117

 

6.117

    

Cultuureducatie met Kwaliteit

1

 

1

    

Subsidies (regelingen)

351.900

4.220

356.120

2.135

695

0

0

Verbreden inzet cultuur

14.238

 

14.238

    

Internationaal cultuurbeleid (incl. HGIS)

9.445

 

9.445

    

Programma leesbevordering

17.008

 

17.008

    

Creatieve Industrie

1.853

50

1.903

    

Specifiek cultuurbeleid

304.064

4.170

308.234

2.135

695

0

0

Subsidies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

5.292

 

5.292

    

Opdrachten

201.030

0

201.030

0

0

0

0

Beleidsonderzoek, evaluaties en kennisbasis

1.719

 

1.719

    

Monumentenzorg

0

 

0

    

Archeologie

0

 

0

    

Erfgoed en fysieke leefomgeving

0

 

0

    

Opdrachten Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

13.395

 

13.395

    

Overige opdrachten

185.916

 

185.916

    

Bijdragen aan agentschappen

50.489

649

51.138

0

0

0

0

Nationaal Archief

50.489

649

51.138

    

Bijdragen aan medeoverheden

18.100

0

18.100

0

0

0

0

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

1.922

0

1.922

0

0

0

0

Ontvangsten

56.628

0

56.628

0

0

0

0

Beleidsartikel 15

Tabel 10 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 15 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

1.174.593

3.817

1.178.410

0

0

0

0

        

Totale uitgaven

1.136.058

3.817

1.139.875

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

       
        

Bekostiging

1.107.574

0

1.107.574

0

0

0

0

Landelijke publieke omroep

851.640

 

851.640

    

Regionale omroep

162.870

 

162.870

    

Stichting Omroep Muziek

18.251

 

18.251

    

Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid (NIBG)

25.577

 

25.577

    

Stimuleringsfonds voor de Journalistiek

2.394

 

2.394

    

Filmfonds van de omroep en Telefilm (CoBO)

2.524

 

2.524

    

Mediawijsheid Expertisecentrum (Bewust mediagebruik)

1.704

 

1.704

    

Stichting Nederlandse Lokale Publieke Omroepen (NLPO)

1.760

 

1.760

    

Dotatie/onttrekking Algemene Mediareserve

39.762

 

39.762

    

Overige bekostiging media

1.092

 

1.092

    

Subsidies (regelingen)

17.736

3.817

21.553

0

0

0

0

Subsidies (regelingen)

17.736

 

17.736

    

Steunfonds Lokale Informatievoorziening

0

 

0

    

Werk aan uitvoering

0

3.817

3.817

    

Opdrachten

5.523

0

5.523

0

0

0

0

Bijdragen aan ZBO's/RWT's

5.158

0

5.158

0

0

0

0

Commissariaat voor de Media

5.158

 

5.158

    

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

67

0

67

0

0

0

0

European Audiovisual Observatory

67

 

67

    
        

Ontvangsten

168.150

0

168.150

0

0

0

0

Beleidsartikel 16

Tabel 11 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 16 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

1.577.330

466

1.577.796

0

0

0

0

        

Totale uitgaven

1.545.637

466

1.546.103

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,6%

      
        

Bekostiging

1.299.241

466

1.299.707

0

0

0

0

NWO

533.207

 

533.207

    

KNAW

98.378

466

98.844

    

KB

52.631

0

52.631

    

NWO Talentenontwikkeling

165.885

 

165.885

    

NWO TTW

8.000

 

8.000

    

NWO Grootschalige researchinfrastructuur

55.380

 

55.380

    

NWO Praktijkgericht Onderzoek

58.728

 

58.728

    

Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek

39.021

 

39.021

    

Poolonderzoek

3.147

 

3.147

    

Caribisch Nederland

2.500

 

2.500

    

NWO NWA

133.364

 

133.364

    

NWO Fonds Onderzoek en Wetenschap

134.000

 

134.000

    

NWO Praktijkgericht onderzoek Fonds Onderzoek en Wetenschap

15.000

 

15.000

    

Subsidies (regelingen)

129.527

0

129.527

0

0

0

0

Stichting NLBIF

0

 

0

    

Naturalis Biodiversity Center

7.489

 

7.489

    

BPRC

11.310

 

11.310

    

NCWT/NEMO

3.661

 

3.661

    

STT

239

 

239

    

Stichting AAP

1.124

 

1.124

    

Nationale coördinatie

4.564

 

4.564

    

Subsidie Fonds Onderzoek en Wetenschap

100.000

 

100.000

    

Nationaal Groeifonds

1.140

 

1.140

    

Opdrachten

1.543

0

1.543

0

0

0

0

Opdrachten

751

 

751

    

Opdrachten Fonds Onderzoek en Wetenschap

792

 

792

    

Bijdrage aan agentschappen

962

0

962

0

0

0

0

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

962

 

962

    

RVO Fonds Onderzoek en Wetenschap

0

 

0

    

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

114.364

0

114.364

0

0

0

0

EMBC

1316

 

1.316

    

EMBL

5.747

 

5.747

    

ESA

34.752

 

34.752

    

CERN

55.919

 

55.919

    

ESO

16.518

 

16.518

    

NTU/INL

112

 

112

    
        

Ontvangsten

101

0

101

0

0

0

0

Beleidsartikel 91

Tabel 12 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 91 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

0

0

0

47.454

56.154

56.155

56.155

Uitgaven

0

0

0

47.454

56.154

56.155

56.155

        

Loonbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

waarvan programma

0

0

0

0

0

0

0

waarvan apparaat

0

0

0

0

0

0

0

Prijsbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

waarvan programma

0

0

0

0

0

0

0

waarvan apparaat

0

0

0

0

0

0

0

Onvoorzien

0

0

0

47.454

56.154

56.155

56.155

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Middels deze zevende Incidentele Suppletoire Begroting worden de middelen voor de WAU aan de OCW-begroting toegevoegd. De middelen beschikbaar gesteld in 2022 (€ 23,2 miljoen) worden ook middels deze ISB toebedeeld aan de betreffende artikelen. De middelen voor de jaren 2023 tot en met 2026 worden doorverdeeld bij Miljoenennota 2023.

Beleidsartikel 95

Tabel 13 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 95 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 7e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

350.419

3.721

354.140

0

0

0

0

Uitgaven

350.419

3.721

354.140

0

0

0

0

        

Personele uitgaven

284.093

2.719

286.812

0

0

0

0

waarvan eigen personeel

272.846

2.404

275.250

0

0

0

0

waarvan externe inhuur

6.869

315

7.184

0

0

0

0

waarvan overige personele uitgaven

4.378

 

4.378

    

Materiële uitgaven

66.326

1.002

67.328

0

0

0

0

waarvan ICT

13.481

702

14.183

0

0

0

0

waarvan bijdrage aan SSO's

22.016

200

22.216

0

0

0

0

waarvan overige materiële uitgaven

30.829

100

30.929

0

0

0

0

Begrotingsreserve schatkistbankieren

0

0

0

0

0

0

0

Ontvangsten

567

0

567

0

0

0

0

1. Inhoudelijke toelichting

Dit onderdeel van de memorie van toelichting bestaat uit een inhoudelijk deel en een artikelsgewijs deel. Per beleidsartikel wordt een overzicht van de wijzigingen gegeven, inclusief toelichting. Daarbij worden mutaties groter of gelijk aan onderstaande staffel toegelicht:

Omvang begrotingsartikel

Beleidsmatige mutaties

Technische mutaties

(stand ontwerpbegroting in € miljoen)

(ondergrens in € miljoen)

(ondergrens in € miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1.000

5

10

=> 1.000

10

20

Examens

In de brief van 17 december over Besluit eindexamen voortgezet onderwijs 2022 (Kamerstukken II 2021/22, 31 289, nr. 506) is toegelicht dat er voor 2022 wederom aanpassingen worden gedaan aan het eindexamen. De maatregelen die in deze brief zijn aangekondigd hebben financiële consequenties. De totale kosten van het maatregelenpakket bedragen € 51,4 miljoen. Allereerst zijn er additionele uitvoeringskosten voor de examenketen, die onder meer een extra tijdvak en daarmee ook extra examens moeten construeren, produceren en distribueren. Verder moeten scholen en personeel gecompenseerd worden, vanwege de extra werkzaamheden die ontstaan door de uitbreiding van het examenrooster en de extra herkansing voor leerlingen.

Steunpakket cultuur

Het kabinet heeft in december 2021 de toen al geldende maatregelen voor culturele instellingen verlengd vanwege de onzekerheid rondom de nieuwe variant van het coronavirus. Door de verlenging van de beperkende maatregelen wordt de culturele en creatieve sector wederom hard geraakt. Het kabinet maakt € 59,5 miljoen vrij voor een specifiek steunpakket om de culturele sector ook in de maand januari te ondersteunen. Ook verlengt het kabinet de leenfaciliteit bij Cultuur+Ondernemen tot en met het tweede kwartaal van 2022 en maakt hiervoor aanvullend € 25,0 miljoen vrij, in lijn met de motie van de leden De Jong, Wuite, Aartsen, Amhaouch en Grinwis (Kamerstuk II 35 420, nr. 434). In totaal komt het beschikbare budget van dit steunpakket daarmee op € 84,5 miljoen, conform de brief van 14 december 2021 Steunpakket in het eerste kwartaal van 2022. Daarnaast is tijdens de persconferentie van 14 januari 2022 aangekondigd om de musea nog langer gesloten te houden. Hiervoor is aanvullend € 3,0 miljoen uitgetrokken ter compensatie van de musea.

2. Budgettaire consequenties beleidsartikelen

Beleidsartikel 3

Tabel 1 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 3 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 3e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 3e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

9.092.460

51.449

9.143.909

0

0

0

0

Totale uitgaven

9.665.822

51.449

9.717.271

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

99,0%

           
               

Bekostiging

9.265.929

41.900

9.307.829

0

0

0

0

Bekostiging vo-instellingen

8.846.103

41.900

8.888.003

       

Resultaatafhankelijke bekostiging vsv aan vo-instellingen

18.057

 

18.057

       

Bekostiging Caribisch Nederland

17.336

 

17.336

       

Prestatiebox

0

 

0

       

Aanvullende regeling strategisch personeelsbeleid, begeleiding starters en thuiszitters

109.931

 

109.931

       

Aanvullende regelingen leerlingendaling1

4.540

 

4.540

       

Aanvullende bekostiging Nationaal Programma Onderwijs

269.962

 

269.962

       

Subsidies (regelingen)

210.679

0

210.679

0

0

0

0

Stichting Kennisnet (basissubsidie) po, vo, mbo

19.755

 

19.755

       

Pilots lente- en zomerscholen vo

9.000

 

9.000

       

Nieuwe leerweg

9.825

 

9.825

       

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

 

0

       

Extra hulp voor de klas

0

 

0

       

Regeling brede brugklas

102.000

 

102.000

       

Overige subsidies

70.099

 

70.099

       

Opdrachten

23.080

0

23.080

0

0

0

0

Opdrachten

23.080

 

23.080

       

Zelftesten2

0

 

0

       

Bijdrage aan agentschappen

56.086

9.000

65.086

0

0

0

0

Dienst Uitvoering Onderwijs

56.086

9.000

65.086

       

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

47.151

549

47.700

0

0

0

0

College voor Toetsen en Examens

4.478

289

4.767

       

SLOA: onderwijs ondersteunende instellingen

42.673

260

42.933

       

Bijdrage aan medeoverheden

62.611

0

62.611

0

0

0

0

Nationaal Programma Onderwijs

62.611

 

62.611

       

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

286

0

286

0

0

0

0

GRAZ (ECML) en PISA

286

 

286

       

Ontvangsten

7.391

0

7.391

0

0

0

0

1

Dit budget is in 2020 ook beschikbaar en maakt onderdeel uit van de regel: «bekostiging vo-instellingen»

2

De term sneltesten is bij nader inzien aangepast naar zelftesten. Er worden zelftesten geleverd aan instellingen. Er bestaan ook sneltesten die geen zelftest zijn.

Toelichting

Het financieel instrument bekostiging wordt in 2022 incidenteel verhoogd met € 41,9 miljoen. Dit betreft de compensatie aan de scholen vanwege de extra werkzaamheden die ontstaan door de uitbreiding van het examenrooster en de extra herkansing voor leerlingen. Het instrument bijdrage aan agentschappen wordt in 2022 incidenteel verhoogd met € 9,0 miljoen. Dit betreft de additionele uitvoeringskosten voor DUO. De bijdrage aan ZBO's/RWT's gaat incidenteel met € 0,5 miljoen omhoog. Dit betreft de uitvoeringskosten van het Centraal Instituut voor Toets en Ontwikkeling (CITO) en het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Er moeten extra examens worden geconstrueerd, geproduceerd en gedistrubueerd.

Beleidsartikel 14

Tabel 2 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 14 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2022 (incl. NvW, amendementen en ISB)

Mutaties 3e Incidentele Suppletoire Begroting

Stand na 3e Incidentele Suppletoire Begroting

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Mutatie 2026

Verplichtingen

599.166

87.500

686.666

0

0

0

0

Totale uitgaven

1.265.837

87.500

1.353.337

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht (%)

82,7%

           
               

Bekostiging

971.524

15.024

986.548

0

0

0

0

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse instellingen

234.040

3.427

237.467

       

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen

261.326

7.672

268.998

       

Museale instellingen met een wettelijke taak

238.614

2.425

241.039

       

Stelseltaken openbare bibliotheekvoorzieningen

24.092

0

24.092

       

Digitale openbare bibliotheek

16.868

1.500

18.368

       

Bibliotheekvoorziening leesgehandicapten

12.537

0

12.537

       

Monumentenzorg

148.583

0

148.583

       

Archieven incl. Regionale Historische Centra

29.650

0

29.650

       

Flankerend beleid huisvesting

5.813

0

5.813

       

Cultuureducatie met Kwaliteit

1

0

1

       

Subsidies (regelingen)

52.502

72.476

124.978

0

0

0

0

Verbreden inzet cultuur

9.331

0

9.331

       

Internationaal cultuurbeleid (incl. HGIS)

8.356

0

8.356

       

Programma leesbevordering

3.967

0

3.967

       

Creatieve Industrie

1.728

0

1.728

       

Specifiek cultuurbeleid

26.708

72.476

99.184

       

Subsidies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

2.412

0

2.412

       

Opdrachten

194.416

0

194.416

0

0

0

0

Beleidsonderzoek, evaluaties en kennisbasis

2.068

0

2.068

       

Monumentenzorg

0

0

0

       

Archeologie

0

0

0

       

Erfgoed en fysieke leefomgeving

0

0

0

       

Opdrachten Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

10.024

0

10.024

       

Overige opdrachten

182.324

0

182.324

       

Bijdragen aan agentschappen

44.438

0

44.438

0

0

0

0

Nationaal Archief

44.438

0

44.438

       

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

2.957

0

2.957

0

0

0

0

Ontvangsten

47.043

0

47.043

0

0

0

0

Toelichting

Het financieel instrument bekostiging wordt in 2022 incidenteel verhoogd met € 15,0 miljoen. Dit betreft extra middelen die zijn vrijgemaakt voor onder andere regelingen voor makers en musea bij de Rijkscultuurfondsen. Ook gaan er middelen naar de Koninklijke Bibliotheek om via het inkopen van rechten van e-books extra ondersteuning aan auteurs te geven.

Het financieel instrument Subsidies(regelingen) wordt in 2022 incidenteel met € 72,5 verhoogd. Dit bedrag bestaat voor € 37,5 miljoen uit het voortzetten van de suppletieregeling. Ook verlengt het kabinet de leenfaciliteit bij Cultuur+Ondernemen tot en met het tweede kwartaal van 2022 en maakt hiervoor aanvullend € 25,0 miljoen vrij. De overige middelen zijn vrijgemaakt voor makers via het Steunfonds Rechtensector en het Abraham Tuschinskifonds.

Licence