Base description which applies to whole site

IX Financiën en Nationale Schuld

A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 en 2

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2026 wijzigingen aan te brengen in:

  • 1. de departementale begrotingsstaat van het ministerie van Financiën (IXB);

  • 2. de begrotingsstaat inzake de Nationale Schuld (IXA).

De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zogenaamde begrotingstoelichting).

De minister van Financiën,E. Heinen

B. BEGROTINGSTOELICHTING

1 Leeswijzer

De voorliggende suppletoire begroting bevat de voorgestelde wijzigingen ten opzichte van de eerste suppletoire begroting 2026 van het ministerie van Financiën (IXB) en Nationale Schuld (IXA).

Hoofdstuk 2 en hoofdstuk 3 bevatten per beleidsartikel een budgettaire tabel. Conform de Rijksbegrotingsvoorschriften worden per artikel de mutaties die groter of gelijk zijn aan de ondergrenzen in de onderstaande (tabel 1) toegelicht. Vanwege de staffel kan de som van de toegelichte mutaties afwijken van de totale mutaties op het artikel.

Tabel 1 Ondergrenzen conform RBV

Omvang begrotingsartikel (stand ontwerpbegroting) in € miljoen

Beleidsmatige mutaties (ondergrens in € miljoen)

Technische mutaties (ondergrens in € miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 en < 1000

5

10

=> 1000

10

20

De toelichting op de mutatie van de belastingontvangsten is in de Miljoenennota opgenomen.

2 Beleidsartikelen ministerie van Financiën (IXB)

Artikel 1 Belastingen

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 2 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 1 Belastingen (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

4.120.329

334.088

4.454.417

    

Uitgaven (1) + (2)

4.136.849

‒ 26.355

4.110.494

    

Apparaatsuitgaven (1)

3.770.478

18.178

3.788.656

    

Personele uitgaven

3.221.662

86.719

3.308.381

Eigen personeel

2.812.068

64.078

2.876.146

Inhuur externen

375.611

19.641

395.252

Overig personeel

33.983

3.000

36.983

    

Materiële uitgaven

548.816

‒ 68.541

480.275

ICT

41.703

‒ 21.473

20.230

Bijdrage aan SSO's

374.787

‒ 16.973

357.814

Overig materieel

132.326

‒ 30.095

102.231

    

Programma-uitgaven (2)

366.371

‒ 44.533

321.838

    

Garanties

181

‒ 105

76

Garantie procesrisico's

181

‒ 105

76

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

15.477

1.029

16.506

Waarderingskamer

2.489

896

3.385

Kadaster

2.933

417

3.350

Kamer van Koophandel

341

‒ 196

145

Overige bijdrage ZBO's/RWT's

9.714

‒ 88

9.626

    

Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties

3.387

‒ 422

2.965

Internationale Douaneraad

0

0

0

Overige internationale organisaties

3.387

‒ 422

2.965

    

Opdrachten

526.001

‒ 2.012

523.989

ICT opdrachten

444.321

‒ 3.794

440.527

Overige opdrachten

81.680

1.782

83.462

    

Bijdrage aan agentschappen

10.377

450

10.827

Bijdrage Logius

1.775

‒ 176

1.599

Bijdrage overige agentschappen

8.602

626

9.228

    

(Schade)vergoeding

15.950

0

15.950

(Schade)vergoedingen

12.558

0

12.558

Vergoeding proceskosten

3.392

0

3.392

    

Rente

281.205

‒ 43.473

237.732

Belasting- en invorderingsrente

281.205

‒ 43.473

237.732

    

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

‒ 486.207

0

‒ 486.207

Toerekening uitgaven aan Douane

‒ 229.108

0

‒ 229.108

Toerekening uitgaven aan Toeslagen

‒ 257.099

0

‒ 257.099

    

Ontvangsten (3) + (4)

224.236.073

‒ 230.170

224.005.903

    

Programma-ontvangsten (3)

224.095.875

‒ 241.546

223.854.329

    

waarvan: Belastingontvangsten

222.579.080

‒ 330.569

222.248.511

    

Bekostiging

247.263

0

247.263

Doorbelasten kosten vervolging

247.263

0

247.263

    

Rente

963.661

89.023

1.052.684

Belasting- en invorderingsrente

963.661

89.023

1.052.684

    

Boetes en schikkingen

305.871

0

305.871

Ontvangsten boetes en schikkingen

305.871

0

305.871

    

Apparaatsontvangsten (4)

140.198

11.376

151.574

Tabel 3 Uitsplitsing verplichtingen (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

4.120.329

334.088

4.454.417

waarvan garantieverplichtingen

336

‒ 105

231

waarvan overige verplichtingen

4.119.993

334.193

4.454.186

Toelichting

Verplichtingen

De verplichtingen vallen naar verwachting € 334 mln. hoger uit ten opzichte van de vastgestelde begroting. De hogere verplichtingen worden met name verklaard door het aangaan van meerjarige overeenkomsten onder Opdrachten waaronder papier en porti van € 250 mln. Daarnaast zijn er ook meer verplichtingen door het inleggen van diverse meerjarige ICT-contracten voor hard- en software.

Uitgaven

Personele uitgaven

De personele uitgaven van de Belastingdienst worden € 86,7 mln. hoger geraamd. Dit is grotendeels het gevolg van de stijgende loonkosten door de nieuwe cao (circa € 50 mln.). Dit wordt deels opgevangen door de loonbijstelling die de departementen ontvangen en deels door lagere materiële uitgaven (zie toelichting onder materiële uitgaven). Er worden ook hogere uitgaven aan externe inhuur verwacht (circa € 25 mln.) voor met name werkzaamheden in het kader van Herstel Toeslagen. Tevens worden hogere uitgaven omtrent ziekteverzuim, transitievergoeding en wachtgelden verwacht, waarvoor de Belastingdienst gecompenseerd wordt door het UWV (circa € 10 mln.). Verder ontvangt de Belastingdienst € 7,8 mln. van Herstel Toeslagen ten behoeve van het project Individuele Schade Behandeling. Tot slot heeft per 1 januari 2026 de overdracht van het Bureau Toezicht Wwft (BTWwft) en het Bureau Economische Handhaving (BEH), welke onderdeel waren van de Belastingdienst, naar de onafhankelijke toezichthouder Dienst Financieel-Economische Integriteit (DFEI) onder het ministerie van Financiën plaatsgevonden. De Belastingdienst hevelt het budget van circa € 14 mln. over naar dit organisatieonderdeel (onderdeel artikel 8 apparaat van de begroting van Financiën).

Materiële uitgaven

De materiële uitgaven worden € 68,5 mln. lager geraamd. Er worden lagere overheadkosten, zoals huisvesting, energie- en telefoniekosten verwacht en een deel van de overheadkosten worden verwacht onder personele uitgaven, zoals licenties en reiskosten (circa € 55 mln.). Daarnaast heeft de aanbesteding voor het nieuwe rijksbrede werkplekcontract vertraging opgelopen, waardoor de uitgaven van 2026 naar 2027 schuiven.

Rente

De raming van de belasting- en invorderingsrente wordt geactualiseerd naar aanleiding van de nieuwe raming van de korte rente uit de Macro Economische Verkenning (MEV) van het Centraal Planbureau (CPB) en de realisaties tot en met juni.

Ontvangsten

Rente

De raming van de belasting- en invorderingsrente wordt geactualiseerd naar aanleiding van de nieuwe raming van de korte rente uit de MEV van het CPB en de realisaties tot en met juni.

Apparaatsontvangsten

De apparaatsontvangsten worden € 11,4 mln. hoger geraamd. Dit heeft met name te maken met hoger dan geraamde ontvangsten van het UWV voor ziekteverzuim en transitievergoedingen (circa € 10 mln.). Daarnaast ontvangt de Belastingdienst middelen voor onder andere detacheringen aan andere departementen en voor dienstverlening aan andere Bijzondere Opsporingsdiensten.

Belastingontvangsten

In de Miljoenennota 2027 worden de mutaties van de belastingontvangsten in het lopende begrotingsjaar 2026 toegelicht (zie hoofdstuk 2.6 - Horizontale ontwikkeling inkomsten en lasten en bijlage 3 - De belasting- en premieontvangsten. De aansluiting met de Miljoenennota en de bedragen in de begrotingstoelichting (artikel 1 Belastingen, tabel budgettaire gevolgen van beleid) ziet er als volgt uit.

Tabel 4 Belastingontvangsten (bedragen x 1.000)
 

Vastgestelde begroting (incl. suppletoire begrotingen, NvW) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

Totaal belastingontvangsten

298.387.623

444.104

298.831.727

– /– Afdracht Gemeentefonds

47.955.927

360.085

48.316.012

– /– Afdracht Provinciefonds

3.970.192

329.024

4.299.216

– /– Afdracht BES-fonds

94.645

1.718

96.363

– /– Belastingontvangsten artikel 6 Btw-compensatiefonds

4.492.443

537.489

5.029.932

– /– Belastingontvangsten artikel 9 Douane

19.295.336

‒ 453.643

18.841.693

Belastingontvangsten artikel 1 Belastingen

222.579.080

‒ 330.569

222.248.511

Artikel 2 Financiële markten

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 5 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 2 Financiële markten (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

70.417

‒ 3.493

66.924

    

Uitgaven

40.417

‒ 3.493

36.924

    

Bekostiging

7.979

155

8.134

Accountantskamer

1.481

51

1.532

Muntcirculatie

5.176

88

5.264

Overig

1.322

16

1.338

    

Opdrachten

19.117

‒ 6.165

12.952

Wijzer in geldzaken

1.637

272

1.909

Vakbekwaamheid

5.296

26

5.322

Schadeloosstelling SRH

2.300

0

2.300

Overig

9.884

‒ 6.463

3.421

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

12.090

2.675

14.765

Bijdrage AFM BES-toezicht

769

27

796

Bijdrage DNB toezicht en DGS BES

2.202

78

2.280

Bijdrage toezicht en handhaving MIF

183

5

188

Bijdrage PSD II

428

6

434

Bijdrage FEC

4.766

183

4.949

Bijdrage UBO

3.742

2.376

6.118

    

Storting/onttrekking begrotingsreserve

625

‒ 175

450

Dotatie begrotingsreserve NHT

625

‒ 175

450

    

Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties

606

17

623

IASB

357

9

366

(Caribean) Financial Action Task Force

249

8

257

    

Ontvangsten

67.681

‒ 264

67.417

    

Bekostiging

2.000

0

2.000

Ontvangsten muntwezen

2.000

0

2.000

Toename munten in circulatie

0

0

0

    

Opdrachten

1.455

0

1.455

Wijzer in geldzaken

1.455

0

1.455

    

Storting/onttrekking begrotingsreserve

6.000

0

6.000

Dotatie begrotingsreserve DGS BES

6.000

0

6.000

    

Ontvangsten

58.226

‒ 264

57.962

Overig

58.226

‒ 264

57.962

Tabel 6 Uitsplitsing verplichtingen (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

70.417

‒ 3.493

66.924

waarvan garantieverplichtingen

30.000

0

30.000

waarvan overige verplichtingen

40.417

‒ 3.493

36.924

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Opdrachten

Overig

De post opdrachten overig wordt in 2026 met circa € 6,5 mln. naar beneden bijgesteld. Deze gelden zijn overgeboekt naar de Kamer van Koophandel (KvK) en de Dienst Financieel-Economische Integriteit (DFEI) voor uitvoering van de Europese regelgeving voor witwassen.

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

Bijdrage UBO

De post Bijdrage Ultimate Beneficial Owner (UBO) wordt in 2026 met circa € 2,4 mln. verhoogd. Deze gelden zijn gereserveerd voor de uitvoeringskosten van de Kamer van Koophandel voor de implementatie van de Europese regelgeving (AMLD6 en AMLR).

Artikel 3 Financieringsactiviteiten publiek-private sector

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 7 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 3 Financieringsactiviteiten publiek-private sector (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

9.232.939

‒ 820

9.232.119

    

Uitgaven

11.689.259

‒ 11.000.820

688.439

    

Garanties

20

0

20

Regeling Bijzondere Financieringen

20

0

20

    

Leningen

11.000.000

‒ 11.000.000

0

Lening TenneT

11.000.000

‒ 11.000.000

0

    

Opdrachten

4.285

‒ 883

3.402

Uitvoeringskosten staatsdeelnemingen

4.285

‒ 883

3.402

    

Vermogensverschaffing/-onttrekking

680.000

0

680.000

Afdrachten Staatsloterij

100.000

0

100.000

Kapitaalinjectie Invest-NL

330.000

0

330.000

Kapitaalinjectie Invest International

250.000

0

250.000

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

4.954

63

5.017

NLFI

4.954

63

5.017

    

Ontvangsten

5.361.224

1.481.961

6.843.185

    

Garanties

13.953

1.000

14.953

Premieontvangsten garantie TenneT

12.953

1.000

13.953

Premieontvangsten garantie FMO

1.000

0

1.000

    

Leningen

4.260.152

‒ 159.000

4.101.152

Renteontvangsten lening TenneT

960.152

‒ 120.000

840.152

Aflossing lening TenneT

3.300.000

‒ 39.000

3.261.000

    

Vermogensverschaffing/-onttrekking

1.082.619

1.639.961

2.722.580

Aan-/verkoop vermogenstitels

182.619

1.654.961

1.837.580

Afdrachten Staatsloterij

100.000

0

100.000

Dividenden staatsdeelnemingen

800.000

‒ 15.000

785.000

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

4.500

0

4.500

NLFI

4.500

0

4.500

Tabel 8 Uitsplitsing verplichtingen (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

9.232.939

‒ 820

9.232.119

waarvan garantieverplichtingen

8.736.558

0

8.736.558

waarvan overige verplichtingen

496.381

‒ 820

495.561

Uitgaven

Leningen

De Nederlandse Staat heeft een aandeelhouderslening van € 25 mld. aan TenneT verstrekt voor 2024 en 2025 die verspreid over beide jaren in zijn geheel is getrokken door TenneT.

Voor 2026 zal TenneT de geraamde lening van € 11 mld. niet trekken als gevolg van het invullen van de kapitaalbehoefte van TenneT Nederland door de implementatie van de staatsgarantie en van TenneT Duitsland door de afronding van de transactie met de private investeerders en de Duitse staat. Dit bedrag wordt dan ook afgeboekt.

Ontvangsten

Leningen

Renteontvangsten lening TenneT

De raming van de rente-ontvangsten op de TenneT-lening wordt naar beneden bijgesteld aan de hand van de meest recente inzichten. Doordat de lening in 2026 € 11 mld. lager is dan begroot, worden de geraamde renteontvangsten daarop bijgesteld.

Aflossing lening TenneT met verkoopopbrengsten TenneT Duitsland

Door de deelname van de Duitse staat in TenneT Duitsland ontvangt TenneT een opbrengst in 2026. TenneT gebruikt deze opbrengst om de aandeelhouderslening die de Nederlandse staat aan TenneT heeft verstrekt gedeeltelijk af te lossen. Dit bedrag was bij de eerste suppletoire begroting 2026 geraamd op € 3,3 mld. en wordt nu met € 39 mln. naar beneden bijgesteld tot € 3,261 mld.

Vermogensverschaffing/ -onttrekking

Aan-/-verkoop vermogenstitels

De ontvangsten worden in 2026 met circa € 1,7 mld. naar boven bijgesteld als gevolg van de verkoopopbrengst van aandelen ABN AMRO door het verkoopprogramma van de Staat. Dit betreffen de verkoopopbrengsten tot en met 1 augustus 2026.

Dividenden staatsdeelnemingen

De dividendraming wordt in 2026 met € 15 mln. naar beneden bijgesteld aan de hand van de meest recente informatie over het daadwerkelijk ontvangen dividend, ten opzichte van hetgeen geraamd was.

Artikel 4 Internationale financiële betrekkingen

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 9 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 4 Internationale financiële betrekkingen (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

7.863.692

‒ 3.678.198

4.185.494

    

Uitgaven

74.251

60.153

134.404

    

Garanties

26.720

0

26.720

EIB - kredietverlening in ACP en OCT

0

0

0

EIB pan-Europees garantiefonds

26.720

0

26.720

    

Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties

45.015

60.000

105.015

Multilaterale ontwikkelingsbanken en fondsen

19

15.000

15.019

Wereldbank

3.560

45.000

48.560

Kapitaalinleg ESM

0

0

0

Bijdrage EU voor rente Oekraïne

41.436

0

41.436

    

Opdrachten

2.516

153

2.669

Technische assistentie

2.341

70

2.411

Overige opdrachten

175

83

258

    

Ontvangsten

45.285

410.853

456.138

    

Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties

4.269

0

4.269

Ontvangsten IFI's

4.269

0

4.269

    

Leningen

41.016

410.853

451.869

Aflossing lening Griekenland

0

419.787

419.787

Renteontvangsten lening Griekenland

41.016

‒ 8.934

32.082

Aflossing lening Oekraïne

0

0

0

Renteontvangsten lening Oekraïne

0

0

0

Tabel 10 Uitsplitsing verplichtingen (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

7.863.692

‒ 3.678.198

4.185.494

waarvan garantieverplichtingen

7.850.496

‒ 3.738.351

4.112.145

waarvan overige verplichtingen

13.196

60.153

73.349

Toelichting

Verplichtingen

De verplichtingen, met name garantieverplichtingen, zijn met in totaal € 3,7 mld. naar beneden bijgesteld. De positieve garantiebijstelling van circa € 2 mld. die hoort bij een nieuwe ESM-kapitaalsleutel verschuift naar het einde van de begrotingshorizon (2031), omdat nog niet duidelijk is wanneer deze nieuwe inleg verwacht wordt. Voor een aantal garantieverplichtingen geldt dat de hoogte van de garantie afhankelijk is van het Nederlandse aandeel in het Europese Bruto Nationaal Inkomen (BNI). De garanties kredieten EU-betalingsbalanssteun, EFSM, NGEU, MFA+, MFB-ULCM, de Oekraïne faciliteit, SAFE en de MFB headroomgarantie 2026 worden negatief bijgesteld (totaal € 0,7 mld.) als gevolg van een actualisatie van het BNI-aandeel op basis van de cijfers van de Europese Commissie. NextGenerationEU wordt daarnaast ook bijgesteld naar aanleiding van de (verwachte) renteontwikkeling, met een totale neerwaartse bijstelling van € 1,1 mld. De bijstelling op de overige verplichtingen is gelijk aan de bijstelling op de uitgaven.

Uitgaven

Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties

In de Nota van Wijziging op de begroting van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota) zijn in 2026 extra middelen beschikbaar gesteld middels kasschuiven uit latere jaren voor niet-militaire steun aan Oekraïne.1Een deel van deze middelen, € 60 mln., wordt overgeheveld naar de begroting van Financiën voor steun via de Wereldbank (€ 45 mln.) en de European Investment Bank (EIB, € 15 mln.). De bijdrage aan de Wereldbank wordt overgeboekt aan Special Program for Ukraine Recovery (SPUR) 2.0 programma onder de IDA Crisis Facility 2.0., een speciale crisisfaciliteit voor Oekraïne. De Wereldbank voert onder meer steunprogramma’s uit die Oekraïne helpen bij het leveren van basisdiensten, herstellen van infrastructuur en implementeren van hervormingen. De bijdrage aan de EIB wordt overgeboekt aan het EU 4 Ukraine Fund (EU4U). EU4U financiert infrastructuurprojecten en helpt Oekraïense bedrijven toegang te krijgen tot kapitaal om de economie draaiende te houden. Hierover is de Kamer op 2 juli jl. geïnformeerd.2

Ontvangsten

Leningen

Betreft een vervroegde aflossing van de lening aan Griekenland en een update van de renteontvangsten. Voor Nederland gaat het om een vervroegde aflossing van circa € 420 mln. Dit is het vijfde jaar op rij dat Griekenland vervroegd aflost.

Artikel 5 Exportkredietverzekeringen, -garanties en investeringsverzekeringen

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 11 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 5 Exportkredietverzekeringen, -garanties en investeringsverzekeringen (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

10.100.487

260

10.100.747

    

Uitgaven

216.487

260

216.747

    

Opdrachten

23.353

260

23.613

Kostenvergoeding uitvoerder ekv

22.900

260

23.160

Uitvoeringskosten herverzekering leverancierskredieten

350

0

350

Overige uitgaven

103

0

103

    

Garanties

120.250

0

120.250

Schade-uitkering ekv

116.000

0

116.000

Schade-uitkering herverzekering leverancierskredieten

1.850

0

1.850

Herverzekerde schades ekv - premies

2.000

0

2.000

Herverzekerde schades ekv - restituties na 2019

200

0

200

Herverzekerde schades ekv - restituties 1999-2019

100

0

100

Herverzekerde schades ekv - restituties voor 1999

100

0

100

    

Storting/onttrekking begrotingsreserve

72.884

0

72.884

Mutatie begrotingsreserve ekv

72.884

0

72.884

    

Ontvangsten

136.292

260

136.552

    

Garanties

106.292

0

106.292

Premies ekv

72.244

0

72.244

Premies herverzekering leverancierskredieten

1.200

0

1.200

Schaderestituties ekv voor 1999

19.781

0

19.781

Schaderestituties ekv vanaf 1999 tot 2019

640

0

640

Schaderestituties ekv na 2019

3.927

0

3.927

Schaderestituties herverzekering leverancierskredieten

1.000

0

1.000

Herverzekerde schades ekv - schadeuitkeringen

7.500

0

7.500

    

Storting/onttrekking begrotingsreserve

30.000

260

30.260

Mutatie begrotingsreserve ekv

30.000

260

30.260

Tabel 12 Uitsplitsing verplichtingen (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

10.100.487

260

10.100.747

waarvan garantieverplichtingen

10.000.000

0

10.000.000

waarvan overige verplichtingen

100.487

260

100.747

Toelichting

De mutaties op het niveau van de financiële instrumenten komen niet boven de ondergrenzen uit binnen de staffel (conform de RBV). Toelichting van deze mutaties blijft daarom achterwege.

Artikel 6 Btw-compensatiefonds

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 13 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 6 Btw-compensatiefonds (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

4.492.443

537.489

5.029.932

    

Uitgaven

4.492.443

537.489

5.029.932

    

Bijdrage aan medeoverheden

4.492.443

537.489

5.029.932

Bijdragen aan gemeenten

4.045.078

510.811

4.555.889

Bijdragen aan provincies

447.365

26.678

474.043

    

Ontvangsten

4.492.443

537.489

5.029.932

Toelichting

Verplichtingen, uitgaven en ontvangsten

Bijdrage aan medeoverheden

Wanneer ministeries geld overdragen aan gemeenten of provincies voor de uitvoering van taken, wordt de geschatte compensabele btw in het btw-compensatiefonds (BCF) gestort. Gemeenten en provincies kunnen de compensabele btw via het BCF terugvragen. Dit wordt gedekt vanuit de belastingontvangsten. Jaarlijks vindt er een bijstelling van de raming van het BCF plaats op basis van de beschikking van het afgelopen jaar, betalingen van het vierde kwartaal van het afgelopen jaar en driemaal het voorschot van het eerste kwartaal uit het lopende jaar.

Artikel 9 Douane

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 14 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 9 Douane (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

909.908

18.939

928.847

    

Uitgaven (1) + (2)

909.908

18.939

928.847

    

Apparaatsuitgaven (1)

593.175

11.667

604.842

    

Personele uitgaven

585.881

11.974

597.855

Eigen personeel

557.207

11.968

569.175

Inhuur externen

23.187

0

23.187

Overig personeel

5.487

6

5.493

    

Materiële uitgaven

7.294

‒ 307

6.987

ICT

952

‒ 137

815

Bijdrage aan SSO's

1.003

‒ 277

726

Overig materieel

5.339

107

5.446

    

Programma-uitgaven (2)

316.733

7.272

324.005

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

2.475

13

2.488

Overige bijdrage ZBO's/RWT's

2.475

13

2.488

    

Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties

245

6.653

6.898

Wereld Douane Organisatie

245

5

250

Bijdragen vertragingsrente EU

0

6.648

6.648

Bijdrage aan overige (inter)nationale organisaties

0

0

0

    

Opdrachten

72.961

505

73.466

ICT opdrachten

21.445

‒ 13

21.432

Overige opdrachten

51.516

518

52.034

    

Bijdrage aan agentschappen

5.858

99

5.957

Bijdrage overige agentschappen

5.858

99

5.957

    

Rente

6.000

0

6.000

Belasting- en invorderingsrente

6.000

0

6.000

    

(Schade)vergoeding

86

2

88

(Schade)vergoedingen

0

0

0

Vergoeding proceskosten

86

2

88

    

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

229.108

0

229.108

Toegerekende uitgaven van Belastingen

229.108

0

229.108

    

Ontvangsten (3) + (4)

19.548.832

‒ 681.815

18.867.017

    

Programmaontvangsten (3)

19.531.227

‒ 664.815

18.866.412

    

waarvan: Belastingontvangsten

19.295.336

‒ 453.643

18.841.693

    

Ontvangsten CBAM

211.172

‒ 211.172

0

    

Bekostiging

500

0

500

Doorbelasten kosten vervolging

500

0

500

    

Rente

20.000

0

20.000

Belasting- en invorderingsrente

20.000

0

20.000

    

Boetes en schikkingen

4.219

0

4.219

Ontvangsten boetes en schikkingen

4.219

0

4.219

    

Handling Fee

0

0

0

Handling Fee

0

0

0

    

Apparaatontvangsten (4)

17.605

‒ 17.000

605

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Personele uitgaven

De belangrijkste mutaties ten opzichte van de vastgestelde begroting zijn:

  • De tranche 2026 van de loon- en prijsbijstelling is bij de eerste suppletoire begroting toegevoegd aan de begroting (artikel 10). Deze is nu naar rato doorgezet naar de begroting van Douane (€ 5,2 mln.).

  • Vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is € 4,1 mln. toegevoegd aan het budget voor eigen personeel, ten behoeve van de versterking van het grenstoezicht.

  • Voor de transitie van taken van de Belastingdienst naar Douane zijn diverse voorbereidingskosten gemaakt van € 2 mln. Deze zijn nodig om de taken zorgvuldig te kunnen overnemen.

Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties

Aan de Europese Commissie is in de eerste helft van 2026 voor € 6,6 mln. vertragingsrente betaald over nabetalingen op de Traditionele Eigen Middelen (TEM). Bij het niet tijdig beschikbaar stellen van TEM kan er sprake zijn van vertragingsrente. De Nederlandse douaneautoriteiten heeft op een aantal dossiers de aansprakelijkheid ten aanzien van de vertragingsrente geaccepteerd.

Ontvangsten

Belastingontvangsten

Op artikel 9 Douane worden de belastingontvangsten begroot die geheven en geïnd worden via de Douanesystemen. Het gaat om invoerrechten, accijnzen, verbruiksbelasting, een deel van de omzetbelasting.

In de Miljoenennota 2027 worden de mutaties van de belastingontvangsten in het lopende begrotingsjaar 2026 toegelicht (zie hoofdstuk 2.6 - Horizontale ontwikkeling inkomsten en lasten en bijlage 3 - De belasting- en premieontvangsten). De aansluiting met de Miljoenennota en de bedragen in de begrotingstoelichting (artikel 1 Belastingen, tabel budgettaire gevolgen van beleid) ziet er als volgt uit.

Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM)

Het kasritme van het CBAM wijkt af van de eerder aangenomen systematiek, waardoor de huidige raming moet worden aangepast. Momenteel staat voor 2026 een ontvangst geraamd van € 211,1 mln. Toegelaten CBAM-aangevers dienen uiterlijk voor 1 oktober 2027 de CBAM-aangifte in te dienen voor het jaar 2026. CBAM-certificaten worden vanaf 1 februari 2027 verkocht. Hierdoor vindt er in 2026 feitelijk geen kasontvangst plaats.

Apparaatsontvangsten

De EU verstrekt subsidie voor de vervanging van scan- en detectieapparatuur via drie rondes, elk bestaande uit twee betalingsmomenten. De eerste uitbetaling van de derde ronde, ter hoogte van € 17 mln., vindt niet in 2026 maar in 2027 plaats.

Artikel 13 Toeslagen

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 15 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 13 Toeslagen (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

2.344.743

‒ 62.582

2.282.161

    

Uitgaven (1) + (2)

2.387.060

‒ 62.582

2.324.478

    

Apparaatsuitgaven (1)

528.052

‒ 32.250

495.802

    

Personele uitgaven

494.652

‒ 18.490

476.162

Eigen personeel

389.098

‒ 83.881

305.217

Inhuur externen

104.339

65.079

169.418

Overig personeel

1.215

312

1.527

    

Materiële uitgaven

33.400

‒ 13.760

19.640

ICT

1.324

‒ 1.151

173

Bijdrage aan SSO's

1.000

0

1.000

Overige materiële uitgaven

31.076

‒ 12.609

18.467

    

Programma-uitgaven (2)

1.859.008

‒ 30.332

1.828.676

    

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

108

3

111

Bijdrage overige ZBO's/RWT's

108

3

111

    

Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties

4.630

‒ 125

4.505

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

4.630

‒ 125

4.505

    

Opdrachten

149.409

13.393

162.802

ICT opdrachten

27

1

28

Overige opdrachten

149.382

13.392

162.774

    

Bijdrage aan agentschappen

0

0

0

Bijdrage overige agentschappen

0

0

0

    

Bijdrage aan medeoverheden

216.000

0

216.000

Bijdrage aan medeoverheden

216.000

0

216.000

    

(Schade)vergoeding

1.229.762

‒ 43.603

1.186.159

Compensatie toeslagengedupeerden

157.158

‒ 61.589

95.569

Kwijtschelden private schulden

28.308

0

28.308

Herstelprogramma voor kinderen

31.916

0

31.916

Herstelregeling voor ex-partners

4.000

0

4.000

Herstelregeling voor gedupeerden andere toeslagen

33.660

‒ 8.000

25.660

Aanvullende schade

891.493

‒ 30.000

861.493

Overige (schade)vergoedingen

83.227

55.986

139.213

    

Subsidies

2.000

0

2.000

Subsidie toeslagen herstel

2.000

0

2.000

    

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

257.099

0

257.099

Toegerekende uitgaven van Belastingen

257.099

0

257.099

    

Ontvangsten

0

165

165

Apparaatsontvangsten

0

165

165

Programma-ontvangsten

0

0

0

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Personele uitgaven

De personele uitgaven worden € 18,5 mln. lager geraamd. Hoofdzakelijk vanwege het doorschuiven van activiteiten van Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen van 2026 naar 2027 (€ 15 mln.). Het betreft met name de bezwaarafhandeling van integrale beoordeling en het uitkeren van wettelijke rente. Daarnaast vindt er een technische herschikking plaats van eigen personeel naar externe inhuur, omdat het totale budget bij de eerste suppletoire begroting was gereserveerd op eigen personeel.

Materiële uitgaven

De materiële uitgaven worden € 13,8 mln. lager geraamd. Er zijn handmatige controles nodig om de toekenning van de Kinderopvang toeslagen definitief te maken. Een deel van dit werk wordt uitbesteed maar de aanbesteding daarvan is vertraagd. Daarom wordt € 7 mln. doorgeschoven naar 2027. Daarnaast wordt binnen de budgetten van de stafdirecties van Dienst Toeslagen € 3,5 mln. herschikt van materiële uitgaven naar personele uitgaven. Tot slot vinden er enkele kleinere mutaties plaats.

Opdrachten

Het budget voor Opdrachten wordt per saldo € 13,4 mln. hoger geraamd. Voor emotioneel en maatschappelijk herstel vindt een technische herschikking plaats tussen de instrumenten Opdrachten en Schadevergoedingen, omdat betalingen gedaan worden vanaf Opdrachten (€ 21,6 mln.). Daarnaast wordt voor de uitvoering van MijnHerstel en de individuele schadeberekening € 7,8 mln. overgeheveld naar artikel 1 Belastingen, de uitvoering van de regelingen wordt gedaan door directie Buitengewone Zaken Blauw van de Belastingdienst.

(Schade)vergoeding

Het budget voor (Schade)vergoeding wordt € 43,6 mln. lager geraamd. De belangrijkste mutaties zijn:

  • Loon- en prijsbijstelling (+ € 20,9 mln.): Voor de loon- en prijsgevoelige regelingen binnen de hersteloperatie wordt € 20,9 mln. toegevoegd aan de begroting overige (schade)vergoedingen.

  • Compensatie toeslagen gedupeerden - Emotioneel en maatschappelijk herstel (- € 21,6 mln.): Er vindt een technische herschikking plaats van Compensatie toeslagengedupeerden naar Opdrachten, zie de toelichting onder Opdrachten.

  • Compensatie toeslagengedupeerden - Wettelijke rente (- € 40 mln.): De uitbetalingen van wettelijke rente vinden in latere jaren plaats in verband met het minder kunnen afdoen in 2026 via het massale geautomatiseerde proces en meer handmatige werkzaamheden dan eerder verwacht.

  • Daarnaast vindt er nog een technische herschikking van € 30 mln. plaats van Aanvullende schade naar Overige schade(vergoedingen).

3 Beleidsartikelen Nationale Schuld (IXA)

Artikel 11 Financiering staatsschuld

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 16 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 11 Financiering staatsschuld (bedragen x € 1 mln.)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

37.812

‒ 329

37.482

    

Uitgaven

37.812

‒ 329

37.482

    

Opdrachten

26

1

26

Overige kosten

26

1

26

    

Rente

8.731

‒ 665

8.066

Rente vaste schuld

7.237

‒ 395

6.842

Rente vlottende schuld

1.494

‒ 270

1.224

    

Leningen

29.055

335

29.390

Aflossing vaste schuld

29.055

335

29.390

    

Ontvangsten

78.516

‒ 15.022

63.494

    

Rente

20

0

20

Rente vlottende schuld

20

0

20

    

Leningen

78.496

‒ 15.022

63.474

Uitgifte vaste schuld

50.000

0

50.000

Mutatie vlottende schuld

28.496

‒ 15.022

13.474

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Rente

Rente vaste schuld

De raming van de rentelasten vaste schuld neemt in 2026 af met € 395 mln. ten opzichte van de eerste suppletoire begroting 2026. Het ministerie van Financiën houdt op basis van de MEV-raming van het Centraal Planbureau (CPB) rekening met een hogere rente op de kapitaalmarkt in 2026. Echter, doordat een groter deel van de geraamde schulduitgifte op de kapitaalmarkt op een later moment in het jaar plaatsvindt dan eerder verwacht, nemen de verwachte rentelasten per saldo af.

Rente vlottende schuld

De raming van de rentelasten vlottende schuld in 2026 is met € 270 mln. naar beneden bijgesteld. Het ministerie van Financiën houdt rekening met een hogere rente op de geldmarkt op basis van de MEV-raming van het CPB. Desondanks nemen de rentelasten af door een afname van de omvang van de kortlopende schuld.

Leningen

Aflossing vaste schuld

De geraamde aflossing van de vaste schuld neemt in 2026 toe met € 335 mln., als gevolg van de vervroegde aflossing van vaste schuld.

Ontvangsten

Leningen

Mutatie vlottende schuld

De mutatie vlottende schuld betreft de toe- of afname van de uitstaande schuld op de geldmarkt. De geraamde mutatie van de vlottende schuld in 2026 is naar beneden bijgesteld met € 15,0 mld. Dit is het gevolg van een lagere financieringsbehoefte doordat de raming van het kastekort voor het lopende begrotingsjaar is afgenomen. Schommelingen in de financieringsbehoefte in een lopend begrotingsjaar worden zoveel mogelijk opgevangen op de geldmarkt.

Artikel 12 Kasbeheer

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 17 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 12 Kasbeheer (bedragen x € 1 mln.)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

5.283

343

5.627

    

Uitgaven

5.283

343

5.627

    

Rente

2.583

343

2.927

Rente kasbeheer

2.583

343

2.926

Uitgaven bij voortijdige beëindiging (hoofdsom)

0

1

1

    

Leningen

2.700

0

2.700

Verstrekte leningen

2.700

0

2.700

    

Ontvangsten

15.836

‒ 1.368

14.468

    

Rente

203

17

220

Rente kasbeheer

203

17

219

Voortijdige beëindiging binnen kasbeheer

0

0

0

    

Leningen

1.424

43

1.468

Ontvangen aflossingen

1.424

43

1.468

    

Mutaties in rekening-courant en deposito's

14.209

‒ 1.428

12.781

Mutaties in rekening courant en deposito

14.209

‒ 1.428

12.781

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Rente

Rente kasbeheer

De raming van de rentelasten uit hoofde van het kasbeheer neemt in 2026 toe met € 343 mln. ten opzichte van de eerste suppletoire begroting 2026. Dit is het gevolg van het bijwerken van de realisaties. Ook zijn de nieuwe (hogere) rentestanden die volgen uit de MEV-raming van het Centraal Planbureau (CPB) verwerkt.

Ontvangsten

Rente

Rente kasbeheer

De raming van de rentebaten uit hoofde van het kasbeheer is € 17 mln. hoger dan bij de eerste suppletoire begroting 2026. Dit is het gevolg van het bijwerken van de realisaties en de nieuwe (hogere) rentestanden die volgen uit de MEV-raming van het Centraal Planbureau (CPB).

Leningen

Ontvangen aflossingen

Binnen het kader van schatkistbankieren kunnen agentschappen, rechtspersonen met een wettelijke taak (RWT's) en derden een lening afsluiten. Op basis van de actuele inzichten is het de verwachting dat de aflossingen op de leningen met € 43 mln. hoger uitvallen dan eerder geraamd.

Mutaties in rekening-courant en deposito’s

Mutaties in rekening-courant en deposito

De raming van de mutaties van de standen van de rekeningen-courant en deposito’s van de deelnemers van schatkistbankieren is naar beneden bijgesteld met € 1,4 mld. Dit is het gevolg van een nieuwe raming van deze mutaties voor de sociale fondsen. Mutaties in rekeningen-courant en deposito’s worden veroorzaakt door de uitgaven en ontvangsten van de deelnemers van het schatkistbankieren.

4 Niet-beleidsartikelen

Artikel 8 Apparaat

Tabel 18 Apparaatsuitgaven (Bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

463.666

34.326

497.992

    

Uitgaven

463.666

34.326

497.992

    

Personele uitgaven

296.040

19.328

315.368

Eigen personeel

275.174

17.415

292.589

Inhuur externen

19.666

2.002

21.668

Overig personeel

1.200

‒ 89

1.111

    

Materiële uitgaven

167.626

14.998

182.624

ICT

27.146

1.377

28.523

Bijdrage aan SSO's

61.463

4.416

65.879

Overig materieel

79.017

9.205

88.222

    

Ontvangsten

63.376

10.616

73.992

Apparaatsontvangsten

63.376

10.616

73.992

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Personele uitgaven

De mutatie op personele uitgaven van € 19,3 mln. zijn met name het resultaat van:

  • De Dienst Financieel-Economische Integriteit (DFEI):

    • De Belastingdienst is niet-fiscale taken aan het overhevelen. De DFEI is daarom ondergebracht bij het kerndepartement (€ 14,2 mln.).

    • Extra middelen vanuit het ministerie van Justitie & Veiligheid en het ministerie van Financiën voor DFEI voor het uitvoeren van de gewijzigde toezichtstaak en de daarbij horende IV ontwikkeling (€ 3,9 mln.).

    • Kasschuif IV-middelen EU Anti Money Laundering pakket naar 2029 door vertraging (- € 2 mln.).

  • Er is € 2,5 mln. loonbijstelling ontvangen ter dekking van de CAO 2026.

  • Er is € 1 mln. bijdrage ontvangen van de Belastingdienst voor de mobiliteitskaart.

Materiële uitgaven

De mutatie op materiële uitgaven zijn € 15 mln. Hieronder worden de belangrijkste mutaties toegelicht:

  • Er is prijsbijstelling (€ 3,2 mln.) toegevoegd aan de begroting.

  • Er is een meevaller in ontvangsten bij Domeinen Roerende Zaken. Dit is als uitgavenbudget toegevoegd voor het dekken van diverse SSO-kosten (€ 3 mln.).

  • Er zijn budgetten herschikt bij ADR vanuit personele uitgaven naar materiële uitgaven (€ 2,5 mln.).

  • Extra middelen voor DFEI voor uitvoeren gewijzigde toezichtstaak en daarbij horende IV ontwikkeling (€ 1,7 mln., waarvan € 0,8 mln is kasgeschoven).

  • Diverse budgetoverhevelingen vanuit andere departementen voor verrekening van inkoop vakliteratuur (€ 8,6 mln.).

  • Budgetoverheveling naar de Belastingdienst voor het compenseren van de effecten van een nieuw landelijk kantoortarief van het Rijksvastgoedbedrijf (- € 4,6 mln.).

Ontvangsten

Apparaatsontvangsten

  • Er zijn extra ontvangsten met name door tariefstelling voor opdrachtgevers bij Domeinen Roerende Zaken (€ 5,8 mln.).

  • Extra ontvangsten vanuit de eindafrekening 2025 door uitvoering van Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) (€ 4,8 mln.).

Artikel 10 Nog onverdeeld

Tabel 19 Nog onderdeeld (Bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Vastgestelde begroting(incl. suppletoire begrotingen) (1)

Mutaties suppletoire begroting september (2)

Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

105.577

‒ 88.071

17.506

    

Uitgaven

105.577

‒ 88.071

17.506

    

Nog te verdelen

105.577

‒ 88.071

17.506

Loonbijstelling

25.787

‒ 25.787

0

Prijsbijstelling

58.407

‒ 58.407

0

Nog te verdelen

21.383

‒ 3.877

17.506

    

Ontvangsten

0

0

0

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Nog te verdelen

Het budget is met € 88,1 mln. verlaagd ten opzichte van de laatst vastgestelde begroting. De loon- en prijsbijstelling, die bij de eerste suppletoire begroting is ontvangen, is naar rato doorverdeeld over de beleidsartikelen en het apparaatsartikel. Dit artikel bevat tevens twee reserveringen: voor fiscale uitvoeringskosten en informatiehuishouding. Er is een teruggave gedaan aan de reservering voor fiscale uitvoeringskosten en de niet bestede middelen in 2026 op deze reserveringen worden doorgeschoven naar latere jaren wanneer deze wel nodig zijn.

Licence