Base description which applies to whole site

L Nationaal Groeifonds

GERAAMDE UITGAVEN EN ONTVANGSTEN

Figuur 1 Geraamde uitgaven van het Nationaal Groeifonds m.b.t. 2027 (bedragen x € 1 mln). Totaal € 229,7 mln.

De in 2027 geraamde ontvangsten zijn nihil.

A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET BEGROTINGSWETSVOORSTEL

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij de wet vastgesteld.

Het wetsvoorstel strekt ertoe om de onderhavige begrotingsstaat voor het aangegeven jaar vast te stellen.

Alle voor dit jaar vastgestelde begrotingswetten tezamen vormen de Rijksbegroting voor dat jaar. Een toelichting bij de Rijksbegroting als geheel is opgenomen in de Miljoenennota.

Met de vaststelling van dit wetsartikel worden de uitgaven, verplichtingen en de ontvangsten vastgesteld. De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zogenoemde begrotingstoelichting).

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, H.G.Herbert

B. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ DE BEGROTINGSARTIKELEN

De Minister van Economische Zaken en Klimaat heeft twee begrotingen:

  • 1. de beleidsbegroting (Hoofdstuk XIII van de Rijksbegroting) en

  • 2. de fondsbegroting van het Nationaal Groeifonds (NGF) (Hoofdstuk L van de Rijksbe­groting).

Voor u ligt de begroting van het Nationaal Groeifonds.

1. Leeswijzer

Deze leeswijzer bevat de volgende onderwerpen:

  • 1. Begrotingsstructuur;

  • 2. Groeiparagraaf;

1. Begrotingsstructuur

Beleidsagenda

Dit onderdeel bevat onder «beleidsprioriteiten» het doel van het Nationaal Groeifonds (hierna: NGF) en de belangrijkste prioriteiten voor 2027. Vervolgens worden de belangrijkste beleidsmatige mutaties beschreven. Tot slot wordt de Strategische Evaluatie Agenda uiteengezet.

Beleidsartikelen

In de beleidsartikelen worden de twee pijlers van het NGF beschreven: Kennisontwikkeling (artikel 1) en Onderzoek, ontwikkeling en innovatie (artikel 2).

Per pijler worden de doelstellingen, de verantwoordelijkheden van de Minister(s) en beleidswijzigingen beschreven. Daarnaast is er de huidige financiële stand van de twee artikelen te vinden, voorzien van een toelichting.

De apparaatsuitgaven/-ontvangsten voor de uitvoering van het fonds zijn opgenomen bij het moederdepartement (EZK).

Bijlagen

Tot slot bevat dit begrotingshoofdstuk één bijlage. Het «totaaloverzicht NGF-projecten» (bijlage 1) bevat kasreeksen en een overzicht van de verdeling tussen de verschillende modaliteiten (toekenningen, voorwaardelijke toekenningen en reserveringen) voor alle NGF-projecten.

2. Groeiparagraaf

Ten opzichte van de Ontwerpbegroting 2026 zijn geen wijzigingen voorzien.

2. Beleidsagenda

Beleidsprioriteiten

Het doel van het Nationaal Groeifonds

Het doel van het Nationaal Groeifonds is het beschikbaar stellen van financiële middelen voor extra investeringen om het duurzaam verdienvermogen van Nederland te vergroten. Met «duurzaam verdienvermogen» wordt bedoeld: het bruto binnenlands product (de totale toegevoegde waarde van alle in een land geproduceerde goederen en diensten) dat Nederland op de lange termijn op structurele basis kan genereren, met oog voor een economische, sociale en milieuvriendelijke duurzame toekomst voor de aarde en voor huidige en toekomstige generaties. Daarbij wordt uitgegaan van een tijdshorizon van twintig tot dertig jaar. De investeringen moeten betrekking hebben op (1) kennisontwikkeling of (2) onderzoek, ontwikkeling en innovatie.

Het Nationaal Groeifonds investeert in 50 grootschalige projecten die bijdragen aan het duurzaam verdienvermogen van Nederland. Het betreft onder meer projecten op het gebied van groene waterstof, de verduurzaming van de landbouw, het bestrijden van laaggeletterdheid en sleuteltechnologieën als quantum en kunstmatige intelligentie. Daarmee is een bedrag van € 10,7 mld gemoeid.

De huidige verdeling van de middelen van het Nationaal Groeifonds is weergegeven inI tabel 1.

Tabel 1 Verdeling NGF-budget (bedragen x € 1 mln)

Initieel budget

20.000

  

Departementale route

 

Toegekend

‒ 7.621,1

Voorwaardelijk toegekend

‒ 1.928,5

Gereserveerd

‒ 1.004,0

  

Subsidieroute

 

Toegekend

‒ 143,4

  

Uitvoeringskosten1

‒ 106,4

Overige mutaties

 

Loon- en prijsbijstelling 2022

697,1

Loon- en prijsbijstelling 2023

908,7

Loon- en prijsbijstelling 2024

890,6

Loon- en prijsbijstelling 2025

21,8

Loon- en prijsbijstelling 20262

34,0

Terugboeking naar NGF 2024

1,6

Verlaging Voorjaarsnota 2022

‒ 660,0

Verlaging APB 2023

‒ 381,0

Verlaging Voorjaarsnota 2023

‒ 451,4

Verlaging Miljoenennota 2024

‒ 115,0

Verlaging amendement Belastingplan 2024

‒ 1.212,0

Verlaging Voorjaarsnota 2024

‒ 1.279,0

Verlaging Hoofdlijnenakkoord 2025

‒ 6.829,9

Overheveling project Rail Gent-Terneuzen naar Mobiliteitsfonds

‒ 103,3

Overheveling/afboeking NGF ACS/BES

‒ 130,0

Overheveling IPCEI AST

‒ 200,0

Openstelling Strategisch Industriebeleid

‒ 388,9

Nog beschikbaar

0,0

1

Voorheen werd in deze tabel de benaming ‘Apparaatskosten’ gehanteerd. Omdat de kosten die samenhangen met de uitvoering van het NGF breder zijn dan uitsluitend apparaatskosten, is deze benaming aangepast om de aard van de betreffende kosten beter te weerspiegelen.

2

In de eerste suppletoire begroting 2026 is abusievelijk een onjuist bedrag opgenomen voor de loon- en prijsbijstelling 2026. Dit overzicht bevat het gecorrigeerde bedrag.

Er heeft een aantal wijzigingen plaatsgevonden in deze verdeling ten opzichte van de 1e suppletoire begroting 2026. Zo zijn twee omzettingen verwerkt die volgen uit de Kamerbrief over aanvullende advisering over zes projecten uit de tweede en derde indieningsronde (Kamerstuk 36 800-L, nr. 11). Daarnaast heeft er een overheveling plaatsgevonden naar het Ministerie van EZK voor de uitvoeringskosten met betrekking tot het NGF. Ten slotte zijn er door (eerdere) bijstellingen in projecten middelen vrijgevallen binnen het fonds. Het Kabinet zal deze middelen gebruiken voor een nieuwe openstelling van het Nationaal Groeifonds gericht op het strategisch industriebeleid.

Uitvoering projecten eerste, tweede en derde ronde

Er is in totaal over 50 projecten positief besloten in de drie indieningsrondes van het fonds. Het betreft grote, meerjarige programma’s met een gemiddelde looptijd van 5 tot 10 jaar. Het beheer van deze NGF-projecten staat centraal in 2027. Vanuit fondsbeheer zal er waar nodig, op basis van advies van de Adviescommissie Nationaal Groeifonds, aanvullende besluitvorming over deze projecten plaatsvinden in 2027. Daarnaast zullen projecten ondersteund worden met kennis en expertise ten behoeve van een optimale uitvoering.

Belangrijkste beleidsmatige mutaties

Totaaloverzicht belangrijkste beleidsmatige mutaties t.o.v. vorig jaar

Tabel 2 Belangrijkste beleidsmatige uitgavenmutaties t.o.v. vorig jaar (bedragen x € 1.000)
 

Art.

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032-2034

Stand ontwerpbegroting 2026 (inclusief NvW en amendementen)

 

150.192

599.295

1.126.118

335.399

684.848

641.711

201.804

Belangrijkste mutaties

        

Totaal mutaties eerste suppletoire begroting 2026

 

‒ 150.192

‒ 235.080

‒ 231.300

247.274

83.544

18.442

65.252

NGF - project Impuls Open Leermateriaal bijdrage OCW

1

‒ 3.862

‒ 11.906

‒ 11.443

‒ 6.491

‒ 4.303

  

NGF - project Opschaling publiek private samenwerking in het beroepsonderwijs bijdrage EZK

1

‒ 11.320

‒ 15.820

‒ 13.820

‒ 16.440

   

NGF - project 6G Future Network Services bijdrage EZK

2

‒ 23.000

‒ 43.000

‒ 35.000

‒ 29.000

‒ 11.750

‒ 250

 

Kasschuiven1

1 + 2

‒ 115.566

‒ 169.089

‒ 176.632

295.473

92.156

11.754

61.904

Overige mutaties

2

3.556

4.735

5.595

3.732

7.441

6.938

3.348

Totaal mutaties ontwerpbegroting 2027

 

0

‒ 134.554

‒ 225.923

8.400

56.798

116.423

39

NGF - project Nationale LLO katalysator bijdrage OCW

1

  

‒ 95.000

‒ 48.800

   

NGF - project Toekomstbestendige leefomgeving bijdrage BZK

2

 

‒ 15.000

‒ 16.300

    

Vrijgevallen middelen afboeking

2

 

‒ 60.803

‒ 61.669

‒ 85.061

‒ 63.048

‒ 62.277

‒ 56.010

Vrijgevallen middelen opboeking

2

 

60.803

61.669

85.061

63.048

62.277

56.010

Kasschuiven

2

 

‒ 113.686

‒ 116.525

57.157

56.712

116.342

 

Overige mutaties

2

 

‒ 5.868

1.902

43

86

81

39

Stand ontwerpbegroting 2027

 

0

229.661

668.895

591.073

825.190

776.576

267.095

1

per abuis zijn bij de 1e suppletoire begroting enkele kasschuiven niet opgenomen.

Toelichting

Eerste suppletoire begroting

Omzettingen 1e suppletoire begroting

Drie omzettingen zijn door middel van de 1e suppletoire begroting verwerkt:

  • de omzetting voor het project Impuls Open Leermateriaal werd geadviseerd in de Kamerbrief over aanvullende beslutivorming over Nationaal Groeifonds project Impuls Open Leermateriaal (Kamerstuk 36 800-L, nr. 8);

  • de omzettingen voor de projecten Opschaling publiek private samenwerking in het Beroepsonderwijs en 6G Future Network Services werden geadviseerd in de Kamerbrief over aanvullende advisering Nationaal Groeifondsprojecten voorjaar 2026 (Kamerstuk 36 600-L, nr. 9).

Project Impuls Open Leermateriaal (OCW)

Voor dit project uit de tweede ronde is de resterende voorwaardelijke toekenning van € 38 mln omgezet in een definitieve toekenning. Alle middelen voor dit project, in totaal € 78 mln, zijn nu definitief toegekend.

Project Opschaling publiek private samenwerking in het beroepsonderwijs (EZK)

Voor dit project uit de tweede ronde is de voorwaardelijke toekenning van € 57,4 mln omgezet in een definitieve toekenning. Alle middelen voor dit project, in totaal € 210 mln, zijn nu definitief toegekend.

Project 6G Future Network Services (EZK)

Voor dit project uit de derde ronde is € 142 mln aan gereserveerde middelen omgezet in een definitieve toekenning. Alle middelen voor dit project, in totaal € 203 mln, zijn nu definitief toegekend.

Kasschuiven

Op basis van een herziening van de momenten waarop omzettingen van voorwaardelijke toekenningen en reserveringen worden verwacht zijn sommige middelen hiervoor verschoven naar andere jaren. Dat resulteert in deze som van kasschuiven.

Overige mutaties

Hieronder valt onder meer de tranche 2026 van de loon- en prijsbijstelling welke is toegevoegd aan de begroting van het Nationaal Groeifonds.

Mutaties Ontwerpbegroting 2027

Omzettingen

Twee omzettingen worden in deze begroting verwerkt. Deze volgen uit de Kamerbrief over aanvullende advisering over zeven projecten uit de tweede en derde indieningsronde (Kamerstuk 36 800-L, nr. 11).

LLO Katalysator (OCW)

Dit project uit de tweede ronde had een voorwaardelijke toekenning van € 225,0 mln. Deze wordt gedeeltelijk omgezet in een toekenning van € 143,8 mln. Het restant blijft voorwaardelijk toegekend. In totaal is nu € 310,8 mln aan dit project toegekend. De voorwaardelijk toegekende middelen bedragen nu € 81,2 mln.

Toekomstbestendig Leefomgeving (BZK)

Dit project uit de tweede ronde had een voorwaardelijke toekenning van € 40 mln. Deze wordt gedeeltelijk omgezet in een toekenning van € 31,3 mln. Het restant blijft voorwaardelijk toegekend. In totaal is nu € 71,3 mln toegekend aan dit project. De voorwaardelijk toegekende middelen bedragen nu € 8,7 mln.

Vrijgevallen middelen

Door (eerdere) bijstellingen in projecten zijn voorheen middelen vrijgevallen binnen het fonds. Het kabinet zal deze middelen gebruiken voor een nieuwe openstelling van het Nationaal Groeifonds gericht op het strategisch industriebeleid.

Kasschuiven

Op basis van een herziening van de momenten waarop omzettingen van reserveringen worden verwacht zijn de middelen naar andere jaren. Dat resulteert in deze som van kasschuiven.

Overige mutaties

Dit betreft onder andere de overheveling naar de begroting van het Ministerie van EZK voor de uitvoeringskosten met betrekking tot het Nationaal Groeifonds.

Strategische Evaluatie Agenda

In tabel 3 staan de evaluaties van het Nationaal Groeifonds weergegeven. De geplande evaluaties van individuele projecten staan vermeld in de Strategische Evaluatie Agenda (SEA) van de departementen die deze projecten uitvoeren.

Tabel 3 Strategische Evaluatie Agenda

Thema

Type onderzoek

Afronding

Status

Toelichting onderzoek

Begrotingshoofdstuk

Vindplaats

Nationaal Groeifonds

periodieke rapportage

2031

te starten

Dit is de eerste periodieke rapportage van het Nationaal Groeifonds als geheel. Input hiervoor zijn onder andere de eerdere evaluaties van de governance en van het uitoefenen van de taken van de adviescommissie en de evaluatierapportages van toegekende (afgeronde) projecten. De geplande evaluaties van de toegekende projecten staan op de SEA's/evaluatieplanningen van de verantwoordelijk departementen.

L

 

Nationaal Groeifonds

synthese/ex-durante

2026

lopend

Dit is de eerste evaluatie van het Nationaal Groeifonds als geheel. Input hiervoor zijn onder andere de eerdere evaluaties van de governance en van het uitoefenen van de taken van de adviescommissie en de monitorings- en evaluatierapportages van toegekende projecten. De geplande evaluaties van de toegekende projecten staan op de SEA's/evaluatieplanningen van de verantwoordelijk departementen. Er is geen toegekend project met een einddatum in of voor 2026. Daarom zal de eerste evaluatie gebruik maken van jaarlijkse projectmonitoringsrapportages en de informatie die daarbij uitgevraagd wordt.

L

 

Nationaal Groeifonds

ex-durante

2024

afgerond

Dit evaluatieonderzoek is een vereiste vanuit de Europese Commissie in verband met staatssteun . In dit onderzoek is inzicht gegeven in de subsidieverleningen die vanuit het NGF zijn verstrekt (welke activiteiten, hoogte subsidiebedrag, begunstigden, verplichtingen etc.) en uitspraak gedaan over mogelijke kansrijke technieken voor vervolgevaluaties. Het betreft geen onderzoek naar doelmatigheid en doeltreffendheid van de verstrekte subsidies.

L

Kamerstuk 36 600 L, nr. B

Nationaal Groeifonds

ex-durante

2023

afgerond

In de Kamerbrief Nationaal Groeifonds van 7 september 2020 is toegezegd dat na twee jaar een tussentijdse evaluatie zal plaatsvinden met bijzondere aandacht voor de governance van het NGF.

L

Kamerstuk 35 300, nr. 83

Uitoefening van taken van de commissie

ex-durante

2023

afgerond

In het Instellingsbesluit, artikel 10 is toegezegd dat de adviescommissie binnen drie jaar na haar instelling een evaluatieverslag over de uitoefening van haar taken aan de ministers stuurt.

L

Kamerstuk 36 410 L, nr. 7

3. Beleidsartikelen

Beleidsartikel 1 Kennisontwikkeling

De pijler kennisontwikkeling gaat over kansen voor het investeren in onderwijs en het leren van vaardigheden. Het doel van deze pijler is het verdienvermogen van Nederland versterken door middel van investeringen in kennisontwikkeling. Investeren in menselijk kapitaal leidt tot economische groei. Daarnaast vormen investeringen in kennisontwikkeling, oftewel menselijk kapitaal, een voorbereiding op een toekomst die zich nog lastig laat voorspellen.

Deze investeringen versterken het verdienvermogen via verschillende wegen. Ten eerste zal het beschikken over relevante kennis en vaardigheden de arbeidsproductiviteit in Nederland direct verhogen. Personeel dat beschikt over de juiste kennis en vaardigheden zal de kwaliteit van werk vergroten. Daarnaast is er een dynamisch effect. Menselijk kapitaal vergroot het aanpassingsvermogen van een economie. Hierdoor kan flexibel worden ingespeeld op de economie van morgen en de vaardigheden die de economie dan van ons vraagt. Dat begint bij bouwen aan ijzersterk primair, voortgezet, middelbaar en hoger onderwijs. Daar wordt een sterke en bestendige basis voor Nederland gelegd. Belangrijk is bovendien dat we ook na de schoolcarrière en collegebanken blijven leren. Scholing en omscholing tijdens de loopbaan moet veel gebruikelijker worden dan ze nu zijn. Met een investeringsimpuls in menselijk kapitaal kan op deze terreinen een sprong worden gemaakt. Dit betreft éénmalige investeringsprojecten die bijdragen aan het verdienvermogen op de lange termijn, en dus geen reguliere of structurele uitgaven.

Investeringen in menselijk kapitaal leveren tevens een bijdrage aan onze brede welvaart, bijvoorbeeld aan de dimensies gezondheid en sociale participatie. Andersom geldt hetzelfde: investeren in het verminderen van de kansenongelijkheid in het onderwijs levert een bijdrage aan de opbouw van menselijk kapitaal en de arbeidsproductiviteit.

De Minister van Economische Zaken en Klimaat is verantwoordelijk voor de begroting van het Nationaal Groeifonds. De Minister van Financiën en de Minister van Economische Zaken en Klimaat treden gezamenlijk op als fondsbeheerders van het Nationaal Groeifonds. De nadruk voor de fondsbeheerders ligt op het beheer van de portefeuille van de 50 NGF-projecten.

De adviescommissie brengt advies uit over onder meer de eventuele omzetting van resterende voorwaardelijke toekenningen en reserveringen of significante wijzigingen binnen lopende projecten.

De adviescommissie brengt dan advies uit aan de fondsbeheerders. Na ontvangst van het advies zal door hen al dan niet worden overgegaan tot toekenning van middelen. Vervolgens vindt in de Ministerraad, naar aanleiding van het advies van de adviescommissie, besluitvorming plaats over de benodigde budgetoverhevelingen. De Minister van Economische Zaken en Klimaat draagt er vervolgens zorg voor dat de financiële middelen vanuit het fonds via een overboeking naar de betreffende departementale begroting beschikbaar komen. De verantwoordelijke bewindspersoon van het ontvangende departement neemt de regie over de uitvoering binnen het daarvoor beschikbaar gestelde budget.

Adviezen van de adviescommissie worden openbaar gemaakt.

Er zijn geen beleidswijzigingen doorgevoerd.

Tabel 4 Budgettaire gevolgen van beleid beleidsartikel 1 (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2031

Verplichtingen

0

0

613.047

539.115

33.000

45.000

45.000

        

Uitgaven

0

0

182.125

278.066

257.540

298.854

230.053

        

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

0

0

182.125

278.066

257.540

298.854

230.053

NGF - project Digitaliseringsimpuls onderwijs Nl bijdrage OCW

   

20.100

70.400

51.700

33.100

NGF - project Ontwikkelkracht bijdrage OCW

    

33.000

45.000

45.000

NGF - project Nationale LLO Katalysator bijdrage OCW

    

16.200

65.000

 

NGF - project Nationale Aanpak Professionalisering van Leraren bijdrage OCW

   

20.000

20.000

19.000

18.000

NGF - project DUTCH bijdrage VWS

  

29.000

21.000

   

NGF - project Meer Uren Werkt! bijdrage SZW

   

45.000

   

NGF - project Innovatieprogramma Onderwijshuisvesting OCW

   

17.975

111.443

107.850

122.230

NGF - project Creative Industries Immersive Impact Coalition (CIIIC) bijdrage OCW

  

49.600

48.100

   

NGF - project Tech kwadraat OCW

  

102.891

102.900

   

NGF - project Nationaal Onderwijs Lab bijdrage EZK

  

634

2.991

6.497

10.304

11.723

        

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Geschatte budgetflexibiliteit

Tabel 5 Geschatte budgetflexibiliteit
 

2027

juridisch verplicht

100%

bestuurlijk gebonden

0%

beleidsmatig gereserveerd

0%

nog niet ingevuld/vrij te besteden

0%

De kasmiddelen voor voorwaardelijk toegekende projecten zijn in tabel 4 weergegeven onder 'bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken'. In totaal is in 2027 € 182,2 mln geraamd voor vier projecten. Deze middelen zijn juridisch verplicht. Dit is 100% van het uitgavenbudget in 2027.

Meerjarenoverzicht Kennisontwikkeling

Tabel 6 Meerjarenoverzicht Kennisontwikkeling (bedragen x € 1.000)
 

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032-2034

Totaal

Verplichtingen Kennisontwikkeling

0

0

613.047

539.115

33.000

45.000

45.000

26.188

1.301.350

Uitgaven Kennisontwikkeling

0

0

182.125

278.066

257.540

298.854

230.053

54.712

1.301.350

Verplichtingen

Er is in 2027 verplichtingenruimte voor voorwaardelijke toekenningen en eventuele omzettingen van reserveringen.

Uitgaven

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

Hier staat het kasbudget weergegeven voor voorwaardelijke toekenningen voor projecten.

Npuls (OCW)

Aan het project Npuls uit de tweede ronde is € 175,3 mln voorwaardelijk toegekend. Eerder werd al € 384,7 mln toegekend.

Npuls (ingediend als Digitaliseringsimpuls NL) is het samenwerkingsprogramma van het (publieke) mbo-, hbo- en wo-onderwijs in Nederland, kennisinstellingen en de IT-coöperatie SURF. Het programma richt zich op effectievere inzet en gebruik van digitalisering in het onderwijs en op een wendbaar georganiseerd onderwijssysteem waarin lerenden zelf regie over hun leerroute hebben. Dit leidt tot:

  • het verbeteren van de kwaliteit van het onderwijs;

  • het vergroten van de wendbaarheid en toegankelijkheid van het onderwijs(aanbod); en

  • het verbeteren van de digitale vaardigheden van lerenden en docenten.

Ontwikkelkracht (OCW)

Aan het project Ontwikkelkracht uit de tweede ronde is € 149,2 mln voorwaardelijk toegekend. Eerder werd al € 183,2 mln toegekend.

Het programma Ontwikkelkracht investeert in het lerend vermogen van het onderwijs. Onderwijsprofessionals en wetenschappers zorgen samen voor meer evidence-informed werken en een onderzoeks- en verbetercultuur in het onderwijs en geven daarmee een impuls aan de onderwijskwaliteit in het funderend onderwijs.

Daartoe zet het project in op een viertal sporen: 

  • 1. het stimuleren van een leer- en verbetercultuur bij scholen via verandertrajecten bij scholen, waarbij een schoolteam leert om systematisch te werken aan het verbeteren van het onderwijs;

  • 2. het bevorderen dat scholen hun expertise met andere scholen delen, door ze op te leiden tot expertiseschool;

  • 3. via co-creatielabs nieuwe inzichten opbouwen van wat wanneer werkt om goed onderwijs te geven;

  • 4. Het toegankelijk en beschikbaar maken van bruikbare, evidence-informed kennis voor onderwijsprofessionals.

Nationale LLO Katalysator (OCW)

Aan het project Nationale Leven Lang Ontwikkelen (LLO) Katalysator uit de tweede ronde is € 81,2 mln voorwaardelijk toegekend. Eerder werd al € 310,8 mln toegekend.

LLO Katalysator jaagt leven lang ontwikkelinitiatieven aan. Samen met werkgevers, publieke en private onderwijsinstellingen, en de arbeidsmarktinfrastructuur bouwt LLO Katalysator aan krachtige allianties in de regio op het gebied van leven lang ontwikkelen (LLO). Deze samenwerkingsverbanden hebben zicht op de behoefte en vraag naar kennis en vaardigheden (skills), vertalen dit snel in een passend scholingsaanbod (werkplekleren, modules en trainingen) voor werkenden en werkzoekenden en investeren doorlopend in de leercultuur op de werkvloer. Hierdoor sluiten organisaties én professionals continu aan op een snel veranderende samenleving en (regionale) arbeidsmarkt.

Nationale Aanpak Professionalisering Leraren (OCW)

Aan dit project is € 73,1 mln toegekend. Daarnaast is € 86,5 mln voorwaardelijk toegekend.

Het voorstel wil de professionele ontwikkeling van leraren verbeteren na hun initiële opleiding. Daarmee wordt beoogd om de onderwijskwaliteit van leraren en daarmee de kwaliteit van het onderwijs te verhogen. Daarnaast kan het bijdragen aan de aantrekkelijkheid van het beroep en daarmee aan het bestrijden van lerarentekorten.

DUTCH (VWS)

Aan dit project is inmiddels € 82,0 mln toegekend. Daarnaast is € 50,0 mln voorwaardelijk toegekend.

Doordat de zorgvraag stijgt en de personeelskrapte steeds verder toeneemt, wordt er in 2030 een tekort aan (peri)operatieve capaciteit van 20% verwacht. Er is voldoende animo om aan een opleiding te beginnen, maar er is te weinig capaciteit om personeel op te leiden. DUTCH ontwikkelt oplossingen om een deel van de huidige praktijkuren in de opleidingen tot operatieassistent, anesthesiemedewerker en radiodiagnostisch laborant aan te bieden in de vorm van fysieke en virtuele simulatie. Zo kan er effectiever en met grotere capaciteit worden opgeleid en bijgeschoold. Het zorgt daarmee voor een hogere opleidingscapaciteit, een lagere opleidingsdruk van OK-professionals en radiodiagnostisch laboranten en voor voldoende operatieve en radiologische capaciteit in Nederland. Het verhogen van de opleidingscapaciteit, het realiseren van kortere opleidingen door verhoogde efficiëntie en het faciliteren van bij- en omscholing, zullen de personele tekorten in de zorg verminderen en het behoud van zorgprofessionals verhogen.

Meer uren werkt! (SZW)

Aan dit project is € 30,0 mln toegekend. Daarnaast is er € 45,0 mln voorwaardelijk toegekend.

Het grote aantal mensen dat in deeltijd werkt is een van de oorzaken van de arbeidsmarktkrapte. Een deel van de deeltijders zou echter graag meer uren willen werken, maar wordt hierin door verschillende factoren belemmerd.

Meer Uren Werkt! test op grote schaal zeven interventies gericht op zowel werkgevers als werknemers:

  • 1. alternatieve roostering;

  • 2. herstructurering van taken;

  • 3. speciaal ontworpen gesprekken met deeltijders;

  • 4. het faciliteren van combinatiebanen;

  • 5. het mantelzorgvriendelijk maken van de organisaties met betrekking tot het combineren van werk en mantelzorg;

  • 6. het oudervriendelijk maken van organisaties met betrekking tot de combinatie zorg en werk;

  • 7. het vergroten van financieel inzicht met betrekking tot meer uren werken.

Het einddoel van Meer Uren Werkt! is een nieuwe deeltijdcultuur waarin deeltijders die dat willen gemiddeld 2,7 uur per week meer gaan werken.

Innovatieprogramma onderwijshuisvesting (OCW)

Aan dit project is € 124,2 mln toegekend. Daarnaast is er € 359,5 mln voorwaardelijk toegekend.

Het project Innovatieprogramma Onderwijshuisvesting richt zich op het verbeteren van de kwaliteit van onderwijshuisvesting in het primair en voortgezet onderwijs. Dit doet het programma door nieuwe, gestandaardiseerde producten, werkprocessen en procedures te ontwikkelen die toepasbaar zijn bij nieuwbouw of renovatie in het gehele funderend onderwijs. Deze nieuwe manier van bouwen zorgt voor hoogwaardige schoolgebouwen tegen lagere kosten en dit draagt blijvend bij aan de kwaliteit van onderwijs. 

De ambitie van het programma is dat in 2050 alle schoolgebouwen in Nederland een gezond binnenklimaat hebben en geschikt zijn voor modern en inclusief onderwijs door circulair en modulair te bouwen. Daarbij moet het bouwproces minstens energieneutraal en betaalbaar zijn in de exploitatiefase.

Het project geeft invulling aan deze innovatieve aanpak met drie leerlabs die elk inzetten op het verkennen en implementeren van een thema; i) parametrisch bouwen, ii) processen en procedures en iii) inclusieve scholen.

Creative Industries Immersive Impact Coalition (CIIIC) (OCW)

Aan dit project is € 102,3 mln toegekend. Daarnaast is € 97,7 mln voorwaardelijk toegekend.

CIIIC versnelt de ontwikkeling van content voor en toepassingen van immersieve technologieën (IX) zoals virtual en augmented reality door makers, bedrijven en kennisinstellingen te laten samenwerken. Het programma richt zich op het ontwikkelen van talent, het uitvoeren van praktijkgerichte projecten en het opbouwen van gedeelde faciliteiten en kennis over immersieve technologieën. Daarmee wil CIIIC zorgen dat Nederland deze technologieën sneller en breder inzet in sectoren zoals media en entertainment, zorg en de maakindustrie.

Techkwadraat (OCW)

Aan dit project is € 145,8 mln toegekend. Daarnaast is € 205,8 mln voorwaardelijk toegekend.

Om volwaardig deel te kunnen nemen aan de maatschappij en de arbeidsmarkt zijn technologische en digitale vaardigheden in toenemende mate van cruciaal belang. Door kinderen hier al op jonge leeftijd kennis mee te laten maken, verruimt dit hun beeld van de mogelijkheden op dit vlak. Ook draagt dit bij aan gelijke kansen voor het ontwikkelen van talent. 

Het programma Techkwadraat voert haar activiteiten uit binnen vijf kompaspunten:

  • 1. ontwikkeling van sterke regionale samenwerkingsverbanden tussen onderwijs, bedrijfsleven en buitenschoolse leeromgevingen (onder andere musea en bibliotheken);

  • 2. ontwikkeling van onderwijspersoneel;

  • 3. curriculumontwikkeling door middel van integratie van technologie in andere vakken en up-to-date onderwijsfaciliteiten;

  • 4. versterken van een positief imago en beeldvorming van (béta)technologie;

  • 5. vergroten van lerend vermogen door middel van kennisontwikkeling en –deling tussen regio's en samenwerkingsverbanden.

Het einddoel van het project bestaat uit een aantal elementen die met elkaar samenhangen. Het eerste doel is de verbetering van praktische (technologische en digitale) vaardigheden van alle leerlingen en leraren in het primair en voortgezet onderwijs. Afgeleid hiervan een verhoogd aantal leerlingen dat voor een natuur- of technisch profiel kiest en/of voor een technische vervolgopleiding. Dit leidt uiteindelijk tot minder knelpunten in de arbeidsmarkt voor technische beroepen en een versnelling van de transities door vergroting van het aantal werknemers met relevante technologische en digitale vaardigheden.

Nationaal Onderwijslab AI (EZK)

Aan dit project is € 91,5 mln toegekend. Daarnaast is € 51,1 mln voorwaardelijk toegekend.

Kunstmatige intelligentie (AI) kan het leren van leerlingen en het lesgeven van leraren ondersteunen en versterken, mits deze technologie zorgvuldig en verantwoord wordt ingezet. Als nationaal onderwijslab ontwikkelt NOLAI in co-creatie met scholen, wetenschappers en bedrijven educatieve AI-toepassingen voor het funderend onderwijs. Door praktijkgerichte projecten te verbinden met wetenschappelijk onderzoek, en door te bouwen aan een breed lerend ecosysteem, ondersteunt NOLAI het funderend onderwijs bij het duurzaam en verantwoord inzetten van AI.

Beleidsartikel 2 Onderzoek, ontwikkeling en innovatie

De pijler onderzoek, ontwikkeling en innovatie draait om de kansen voor het duurzame verdienvermogen. Het doel is om te investeren in onderzoek, ontwikkeling en innovatie met het oog op productiviteitsgroei. Denk hierbij aan fundamenteel onderzoek en doorontwikkeling van nieuwe technologieën of ideeën. Het Nationaal Groeifonds kan deze kansen samen met initiatiefnemers verzilveren.

Het fonds zet hiermee in op het versterken van de Nederlandse positie binnen onderzoek, ontwikkeling en innovatie als aanjager van productiviteitsgroei. De verwachting is dat investeringen op dit terrein het meeste opleveren bij samenwerking van overheid, bedrijfsleven en wetenschap. Nederland is daar al sterk in. Dit blijkt uit de Nederlandse koppositie op het gebied van landbouw, voedselinnovatie en water. Het Nationaal Groeifonds bouwt deze kracht verder uit door bestaande onderzoeks- en innovatie-ecosystemen te versterken en nieuwe veelbelovende ecosystemen op te bouwen.

Dit betekent dat tegelijkertijd wordt ingezet op onderzoek en ontwikkeling en onderzoeksinfrastructuren als op startups en scale-ups, regelgeving en menselijk kapitaal. Investeringen in de economie van de toekomst, bijvoorbeeld op het gebied van kunstmatige intelligentie, robotica en duurzaamheidstechnologie, kunnen een sleutel zijn voor toekomstige innovatie. Ook fundamenteel onderzoek valt binnen deze pijler.

Investeringen in onderzoek, ontwikkeling en innovatie dragen niet alleen bij aan productiviteitsgroei, maar leveren tevens een bijdrage aan onze brede welvaart. Onderzoek, ontwikkeling en innovatie op gebieden zoals duurzaamheid en gezondheidszorg verbeteren de kwaliteit van leven, zowel voor huidige als toekomstige generaties.

De rol en verantwoordelijkheid van de Minister is beschreven in beleidsartikel 1 van het Nationaal Groeifonds en is ook van toepassing op beleidsartikel 2.

Door (eerdere) bijstellingen in projecten zijn voorheen middelen vrijgevallen binnen het fonds. Het kabinet zal deze middelen gebruiken voor een nieuwe openstelling van het Nationaal Groeifonds gericht op het strategisch industriebeleid.

Tabel 7 Budgettaire gevolgen van beleid beleidsartikel 2 (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2031

Verplichtingen

0

0

894.984

1.046.450

57.775

15.527

15.019

        

Uitgaven

0

0

47.536

390.829

333.533

526.336

546.523

        

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

0

0

47.536

390.829

333.533

526.336

546.523

NGF - project Circulair Plastics NL bijdrage KGG

  

1.000

5.000

18.500

16.250

5.250

NGF - project PhotonDelta bijdrage EZK

  

15.000

30.000

4.969

  

NGF - project CropXR bijdrage LVVN

  

4.236

4.172

4.465

4.395

4.263

NGF - project Oncode-PACT bijdrage EZK

    

21.000

20.000

 

NGF - project GroenvermogenII bijdrage KGG

    

19.200

76.800

76.800

NGF - project Luchtvaart in Transitie bijdrage I&W

  

2.300

3.400

3.400

2.300

 

NGF - project NL2120 bijdrage I&W

     

8.000

8.000

NGF - project Toekomstbestendige leefomgeving bijdrage BZK

   

8.700

   

NGF - project Holomicrobioom LVVN

   

140.028

   

NGF - project CPBT LVVN

   

69.529

   

O&O&I onverdeeld departementale route

  

25.000

130.000

261.999

398.591

452.210

        

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Geschatte budgetflexibiliteit

Tabel 8 Geschatte budgetflexibiliteit
 

2027

juridisch verplicht

47%

bestuurlijk gebonden

0%

beleidsmatig gereserveerd

53%

nog niet ingevuld/vrij te besteden

0%

De kasmiddelen voor voorwaardelijk toegekende projecten zijn in tabel 7 weergegeven onder 'bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken'. In totaal is in 2027 € 22,5 mln geraamd voor vier projecten. Deze middelen zijn juridisch verplicht. Dit is 47% van het uitgavenbudget in 2027.

De onverdeelde middelen (€ 25,0 mln; 53%) van het uitgavenbudget voor 2027) zijn beleidsmatig gereserveerd. Ze zijn bestemd voor de eventuele omzetting van de nog resterende reserveringen en uitvoeringskosten.

Meerjarenoverzicht Ontwikkeling, Onderzoek en Innovatie

Tabel 9 Meerjarenoverzicht Onderzoek, Ontwikkeling en Innovatie (bedragen x € 1.000)
 

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032-2034

Totaal

Verplichtingen O&O&I

0

0

894.984

1.046.450

57.775

15.527

15.019

27.387

2.057.142

Uitgaven O&O&I

0

0

47.536

390.829

333.533

526.336

546.523

212.383

2.057.140

Verplichtingen

Er is in 2027 verplichtingenruimte voor voorwaardelijke toekenningen en eventuele omzettingen van reserveringen.

Uitgaven

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

Hier staat het kasbudget weergegeven voor voorwaardelijke toekenningen voor projecten. Onderaan dit onderdeel van tabel 7 is het kasbudget weergegeven voor de eventuele omzetting van de nog resterende reserveringen ('Onderzoek, ontwikkeling en innovatie onverdeeld departementale route').

Circular Plastics NL (EZK)

Aan dit project is € 167,0 mln toegekend. Daarnaast is € 53,0 mln voorwaardelijke toegekend.

Circular Plastics NL (CPNL) werkt samen met meer dan 100 partijen met als doel om de Nederlandse kunststofketens circulair te maken. CPNL wil met subsidies de transitie versnellen en investeren in kennis, technologie, samenwerking en opschaling. Zo draagt CPNL bij aan het verminderen van de milieu-impact van plastics en het versterken van het verdienvermogen van Nederland.

CPNL versnelt deze overgang door subsidies te geven aan innovatieve projecten die zich richten op de vijf meest voorkomende soorten plastic. CPNL investeert over de hele route: van het ontwerpen van producten die makkelijker uit elkaar te halen zijn, tot slimmere processen en nieuwe technieken om plastic meer en hoogwaardiger te recyclen. Daarnaast bouwt CPNL aan een sterk netwerk van bedrijven en onderzoekers en investeert het project in open infrastructuur, zoals test- en opschalingsinstallaties en locaties waar innovaties sneller kunnen worden opgeschaald.

PhotonDelta (EZK)

Aan het project PhotonDelta is € 50,0 mln voorwaardelijk toegekend. Eerder werd al € 421,2 mln toegekend.

PhotonDelta is het nationale ecosysteem voor geïntegreerde fotonische chiptechnologie. Het NGF-programma PhotonDelta ondersteunt de ontwikkeling van een complete waardeketen, van fundamenteel onderzoek en ontwerp tot aan grootschalige productie van Photonic Integrated Circuits (PIC's).

De uitvoering van dit programma leidt op de middellange termijn tot een volwassen ecosysteem waarin talent, infrastructuur en kapitaal samenkomen. Door de realisatie van gespecialiseerde productielijnen (foundries) en design-bibliotheken wordt de drempel voor bedrijven in sectoren zoals telecom, automotive en medische technologie verlaagd om fotonische innovaties te implementeren.

CropXR (LVVN)

Aan het project CropXR is € 21,5 mln voorwaardelijk toegekend. Eerder werd al € 20,8 mln toegekend.

CropXR ontwikkelt innovatieve veredelingsmethoden door plantenbiologie te combineren met data, modellen en kunstmatige intelligentie (AI). Het doel van het project is het voorspellen van weerbaarheidseigenschappen. Hierdoor kunnen gewassen sneller en efficiënter worden aangepast aan de veranderende klimaatomstandigheden en wordt de afhankelijkheid van gewasbeschermingsmiddelen verminderd. CropXR pakt dit aan door fundamentele kennis over gewasweerbaarheid, opgedaan via het modelorganisme Arabidopsis, te vertalen naar praktische veredelingstoepassingen voor gewassen.

Het project doet funderend onderzoek naar smart-data veredelingsconcepten en voert grootschalige experimenten uit om te bestuderen hoe planten reageren op stressfactoren als droogte en tekort aan voedingsstoffen. Machine learning-technieken worden ingezet om experimentele data te analyseren en AI-gestuurde functionele plantenmodellen te bouwen. Deze modellen voorspellen welke combinaties van genetische eigenschappen planten helpen om met meerdere stressfactoren om te gaan. Daarnaast is het publiek-private instituut CropXR opgericht, dat het ecosysteem ondersteunt en innovatie stimuleert.

Oncode Accelerator (EZK)

Aan het project Oncode-PACT is € 41,0 mln voorwaardelijk toegekend. Eerder werd al € 284,0 mln toegekend.

Oncode Accelerator richt zich op het versnellen en verbeteren van de ontwikkeling van kankermedicatie, door innovatieve preklinische modellen en methoden beschikbaar te maken voor onderzoekers en bedrijven. Door een nationale infrastructuur op te bouwen voor doelgerichte medicijnontwikkeling, helpt het programma om veelbelovende onderzoeksresultaten sneller om te zetten in effectieve behandelingen voor specifieke patiëntgroepen

GroenvermogenNL (EZK)

Aan het project GroenvermogenNL is € 192,0 mln voorwaardelijk toegekend. Eerder werd al € 646,0 mln toegekend

GroenvermogenNL richt zich op de versnelling van een goed werkende markt voor industrieel gebruik van groene waterstof en de totstandkoming van een waterstofmaakindustrie in Nederland. Met als doel het versterken van het ecosysteem van bedrijven en kennisinstellingen rond groene waterstof. Door innovatie en kostenvermindering kunnen toepassingen van groene waterstof bij de chemie, transport en zware industrie versneld worden gerealiseerd.

Luchtvaart in Transitie (I&W)

Aan het project Luchtvaart in Transitie is € 371,5 mln toegekend en € 11,4 mln voorwaardelijk toegekend.

Luchtvaart in Transitie (LiT) is gericht op het versneld verduurzamen van de mondiale luchtvaart met als einddoel  een klimaatneutrale luchtvaart in 2050. Het project ontwikkelt innovatieve technologische oplossingen, waaronder waterstof-aandrijflijnen, elektrische en thermische systemen en nieuwe materialen en productietechnieken. Via het lange termijn kennisontwikkeling (SK – Sustainable Knowledge), het onderzoeks-, innovatie-- en implementatiepad (ST- Sustainable Technology) en het ecosysteemontwikkelingspad (SE – Sustainable Ecosystem) worden deze innovaties doorontwikkeld en toegepast in vliegtuigen in Nederland.

NL2120 (I&W)

Aan het project NL2120 is € 40,0 mln voorwaardelijk toegekend. Eerder werd al € 70,0 mln toegekend.

NL2120 investeert in onderzoek naar nature-based solutions (NbS) om klimaateffecten op te vangen, biodiversiteit te herstellen en tegelijkertijd het productievermogen en de brede welvaart te versterken.

Dit doet het project door een nationaal kennisprogramma met praktijkervaring te combineren in vijf landschapstypen: kustgebied, rivierengebied, veengebied, zandgronden en steden. Het doel is dat natuurlijke oplossingen enerzijds worden opgenomen in regelgeving en aanbestedingsbeleid, en anderzijds door het bedrijfsleven worden geadopteerd en geëxploiteerd in nieuwe producten en diensten. Zo ontwikkelt NL2120 onder andere onderbouwde toekomstbeelden en transitiepaden voor elk landschapstype, worden vijf tot tien exploitabele NbS ontwikkeld en wordt een innovatief agrarisch verdienmodel uitgewerkt voor de landbouw in veenweidegebied. 

Toekomstbestendige Leefomgeving (BZK)

Aan het project Toekomstbestendige Leefomgeving is € 8,7 mln voorwaardelijk toegekend. Eerder werd al € 91,3 mln toegekend.

Toekomstbestendige Leefomgeving richt zich op het toekomstbestendig maken van de gebouwde omgeving door innovatie en samenwerking in de bouw- en infrasector te versnellen. In brede consortia wordt samengewerkt aan circulaire, biobased en datagedreven oplossingen die in de praktijk worden getest en opgeschaald. 

Het programma Toekomstbestendige Leefomgeving (TBL) richt zich op het ontwikkelen en vermarkten van innovaties en op het doorbreken van deze sectorbrede barrières. Binnen drie consortia (gebouwen, infra en ecosysteem) werken marktpartijen, kennis- en onderwijsinstellingen en overheden aan onder meer industriële bouwconcepten, datagedreven beheer van infrastructuur en circulaire en biobased toepassingen. Tegelijkertijd wordt ingezet op nieuwe samenwerkingsvormen, talentontwikkeling en het versterken van het innovatie-ecosysteem. Zo worden in het acceleratieprogramma van Toekomstbestendige Leefomgeving startups en scaleups uit de bouwsector begeleid en praktisch ondersteund om hun innovaties sneller en effectiever op te schalen.

Holomicrobioom (LVVN)

Aan dit project is € 60,0 mln toegekend. Daarnaast is € 140,0 mln voorwaardelijk toegekend.

Het Holomicrobioom Instituut bundelt microbioom-onderzoek in Nederland, om onze kennis over de samenstelling, werking en invloed van microbiomen te vergroten. De aanpak richt zich op het gehele ‘holomicrobioom’, het bundelt de kennis over microbiomen in het Nederlandse voedselsysteem, die van consumenten en patiënten. Het doel van Holomicrobioom is om sneller innovatieve, effectieve en veilige microbioom-producten en toepassingen aan te jagen. 

Het Holomicrobioom Instituut bundelt de krachten van kennisinstellingen, innovatieve bedrijven en maatschappelijke organisaties die zich bezighouden met microbioom-onderzoek. Hiermee wil het Instituut onze kennis over microbiomen vergroten en de ontwikkeling van toepassingen stimuleren. Dat doet het instituut allereerst door via kennisinstellingen onderzoek te doen en een domeinoverstijgende databank te bouwen met data over microbiomen, die door bedrijven en onderzoekers gebruikt kan worden. De vergaarde kennis en data wordt ook gebruikt om voorspellende computermodellen van microbiomen te bouwen, wat het mogelijk maakt om kansrijke producten en diensten gericht op microbiomen te identificeren, testen en valideren.

Centrum voor Proefdiervrije Biomedische Translatie (CPBT) (LVVN)

Aan dit project is € 55,0 mln toegekend. Daarnaast is € 69,5 mln voorwaardelijk toegekend.

Ombion is het nationale centrum voor de valorisatie en verspreiding van proefdiervrije innovaties en expertise. Het centrum richt zich op biomedische translatie: het proces waarbij inzichten uit fundamenteel onderzoek worden omgezet in toepassingen zoals geneesmiddelen, therapieën en medische technologie.

Ombion werkt aan een fundamenteel andere aanpak waarin de preklinische stap in biomedische translatie verschuift van diermodellen naar mensgerichte modellen.  

Mensgerichte modellen zijn een combinatie van methoden die het menselijk systeem beter benaderen dan diermodellen. Binnen vier transitieprojecten demonstreert Ombion de voordelen van deze aanpak in actuele medische vraagstukken: ALS, taaislijmziekte, osteoartritis en reumatoïde artritis, en astma en COPD. In deze projecten worden nieuwe biomedische productconcepten ontwikkeld en getest in mensgerichte modellen, met als doel ze succesvol door de preklinische fase richting klinische toepassing te brengen. Daarnaast leveren de projecten nieuwe kennis, tools en methoden op voor betere biomedische translatie.

Naast deze inhoudelijke ontwikkeling zet Ombion in op adoptie en opschaling van proefdiervrije translatie. Het centrum biedt onderwijs, training en advies, en werkt aan draagvlak bij regulatoire organisaties in Nederland en Europa.

4. Bijlagen

Bijlage 1: Totaaloverzicht NGF-projecten

Toekenningen en voorwaardelijke toekenningen

Tabel 10 biedt een overzicht van alle geraamde jaarlijkse kasuitgaven per NGF-project. Er is een onderscheid gemaakt tussen definitieve toekenningen en voorwaardelijke toekenningen. Het overzicht toont ook de kasritme van de onverdeelde middelen.

Tabel 10 Geraamde jaarlijkse kasuitgaven per NGF-project (bedragen x € 1 mln)

Artikel

Ronde

Project

Departement

Totaal

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

                   

Definitieve toekenningen

  

1

1

Leeroverzicht & Skills

OCW

28,5

 

3,4

6,1

7,0

6,6

5,4

        
   

SZW

16,2

 

2,7

3,9

3,7

4,8

1

        

1

1

Nationaal Onderwijslab

EZK

91,5

 

5,5

6,5

0,0

7,7

10,6

6,6

7,7

14,6

32,3

    

1

2

Collectief laagopgeleiden en laaggeletterden

OCW

50,5

 

0,2

1,5

3,3

2,0

25,7

17,2

0,6

      

1

2

Digitaal Onderwijs Goed Geregeld

OCW

34,3

 

0,0

2,5

4,4

6,8

4,5

3,4

3,0

3,2

3,2

3,2

   

1

2

Npuls

OCW

384,7

 

1,4

14,9

48,7

46,1

95,2

103,0

66,3

9,0

     

1

2

Impuls Open Leermateriaal

OCW

78,0

 

1,6

6,2

8,0

11,1

12,7

15,7

11,9

6,5

4,3

    

1

2

Nationale LLO Katalysator

OCW

310,8

 

0,9

3,8

35,4

47,9

34,5

39,6

99,0

49,7

     

1

2

Ontwikkelkracht

OCW

183,2

 

0,2

7,8

22,6

29,3

38,5

46,8

38,0

      

1

2

Opschaling publiek private samenwerking in het beroepsonderwijs

EZK

210,0

  

39,9

33,4

33,4

34,9

23,5

16,5

19,1

7,4

2,4

   

1

3

Creative Industries Immersive Impact Coalition (CIIIC)

OCW

102,3

   

0,7

10,1

33,7

50,4

4,4

2,7

0,1

0,2

   

1

3

DUTCH

VWS

82,0

   

7,3

8,5

38,9

21,9

2,7

2,7

     

1

3

Innovatieprogramma Onderwijshuisvesting

OCW

124,2

   

1,2

6,9

26,4

25,3

64,4

      

1

3

Techkwadraat

OCW

145,8

   

1,7

44,0

50,8

49,3

       

1

3

Meer Uren Werkt!

SZW

30,0

   

0,9

3,8

7,0

5,2

5,5

7,7

     

1

3

Nationale Aanpak Professionalisering Leraren

OCW

73,1

   

1,5

2,6

20,5

42,5

6

      

2

1

AiNed

EZK

189,0

 

5,7

10,5

17,0

17,5

23,3

37,2

30,0

27,9

16,1

3,4

   

2

1

Health-RI

EZK

69,0

 

10,0

12,0

11,6

11,0

11,0

8,4

5,0

      

2

1

QuantumDeltaNL

EZK

614,9

 

45,9

82,5

83,8

54,8

70,0

70,4

60,0

30,0

43,0

74,5

   

2

1

RegMed XB

EZK

56,3

9,4

15,5

12,1

6,3

6,0

2,3

0,8

1,7

2,2

     

2

2

Biotech Booster

OCW

246,0

 

1,1

1,7

15,8

17,5

23,1

33,0

33,1

32,4

45,7

36,9

3,7

2

 

2

2

Cellulaire agricultuur

LVVN

60,0

  

1,9

12,0

18,7

9,5

7,9

5,5

1,4

0,8

2,2

   

2

2

Circular Plastics NL

EZK

167,0

  

9,8

28,9

13,6

23,0

28,3

26,2

15,4

11,5

10,5

   

2

2

CropXR

LVVN

20,8

 

0,7

2,7

2,7

4,8

5,3

2,4

2,2

      

2

2

De revolutie van zelfdenkende moleculaire systemen

OCW

96,9

  

4,5

14,9

14,8

15,7

17,4

11,9

10,8

6,9

    

2

2

Digitale Infrastructuur en Logistiek

I&W

51,1

 

0,6

8,2

12,5

8,6

9,9

11,3

       

2

2

Dutch Metropolitan Innovations

I&W

78,3

  

1,9

10,6

13,2

13,4

19,7

16,4

3,1

     
   

BZK

6,7

  

0,6

1,4

1,7

1,5

1,1

0,5

      

2

2

Einstein Telescope

OCW

42,0

  

18,8

23,0

0,2

         

2

2

Groeiplan Watertechnologie

I&W

135,0

   

5,7

8,3

29,8

15,3

8,7

18,9

10,2

9,8

10,4

8,5

8,3

2

1 en 2

GroenvermogenNL

EZK

646,0

 

11,9

32,6

50,0

56,5

80,0

67,5

72,5

72,5

91,2

111,3

   

2

2

Luchtvaart in Transitie

I&W

371,5

  

39,3

46,6

31,2

69,5

88,3

46,9

25,1

24,6

    

2

2

Nieuwe Warmte Nu!

EZK

200,0

  

10,9

17,5

2,5

41,1

42,5

41,2

13,2

30,5

    

2

2

NL2120, het groene verdienvermogen van Nederland

I&W | LVVN

70,0

   

11,1

12,4

15,0

13,0

10,8

4,1

0,3

    

2

2

NXTGEN HIGHTECH

EZK

450,0

  

135,2

47,0

66,5

83,4

47,5

9,0

5,4

56,1

    

2

2

Oncode Accelerator

EZK

284,0

 

3,9

45,1

53,3

58,6

32,0

31,0

31,0

29,1

     

2

2

PharmaNL

VWS

79,0

  

4,5

9,3

4,2

25,9

21,3

6,9

3,0

3,9

0,2

   

2

2

Photondelta

EZK

421,2

  

105,3

35,7

48,5

115,7

50,0

35,7

10,0

10,0

10,3

   

2

2

Toekomstbestendige leefomgeving

BZK

91,3

  

9,8

22,3

12,5

15,2

18,9

10,0

2,4

     

2

2

Werklandschappen van de toekomst

BZK

26,2

  

2,0

3,9

6,9

7,0

5,4

1

      

2

2

Zero-emissie binnenvaart batterij-elektrisch

I&W

50,2

 

9,5

9,9

19,7

0,6

4,2

6,3

       

2

3

6G Future Network Services

EZK

203,0

   

24,1

24,9

35,0

9,0

68,0

29,6

11,9

0,4

   

2

3

BioBased Circular

EZK

102,0

   

3,0

11,6

34,9

22,5

15,5

10,0

4,5

    

2

3

SolarNL

EZK

135,0

   

20,9

15,2

28,7

18,4

15,2

9,0

27,3

    

2

3

CPBT

LVVN

55,0

   

0,2

10,8

11,1

12,1

12,3

8,4

     

2

3

Holomicrobioom

LVVN

60,0

   

0,1

1,9

3,4

9,1

9,1

9,1

7,5

19,8

   

2

3

Maritiem Masterplan

I&W

210,0

   

1,5

22,5

32,1

38,2

30,5

27,4

18,3

39,5

   

2

3

Material Independence & Circular Batteries

EZK

157,9

    

17,1

45,9

32,2

36,9

16,9

8,8

    

2

3

POLARIS

DEF

101,7

    

4,4

16,9

14,8

18,1

14,1

14,1

11,6

7,7

  

2

3

Re-Ge-NL

LVVN

129,0

   

3,5

18,6

17,8

17,4

16,8

10,2

44,7

    
  

Totaal1

 

7.621,1

              
                   

Voorwaardelijke toekenningen

  

1

1

Nationaal Onderwijslab

EZK

51,1

      

0,6

3,0

6,5

10,3

11,7

9,0

5,5

4,4

1

2

Npuls

OCW

175,3

       

20,1

70,4

51,7

33,1

   

1

2

Nationale LLO Katalysator

OCW

81,2

        

16,2

65,0

    

1

2

Ontwikkelkracht

OCW

149,2

        

33,0

45,0

45,0

26,2

  

1

3

Creative Industries Immersive Impact Coalition (CIIIC)

OCW

97,7

      

49,6

48,1

      

1

3

DUTCH

VWS

50,0

      

29,0

21,0

      

1

3

Innovatieprogramma Onderwijshuisvesting

OCW

359,5

       

18,0

111,4

107,9

122,2

   

1

3

Techkwadraat

OCW

205,8

      

102,9

102,9

      

1

3

Meer Uren Werkt!

SZW

45,0

       

45,0

      

1

3

Nationale Aanpak Professionalisering Leraren

OCW

86,5

       

20,0

20,0

19,0

18,0

6,0

3,5

 

2

2

Circular Plastics NL

EZK

53,0

      

1,0

5,0

18,5

16,3

5,3

3,5

3,499

 

2

2

CropXR

LVVN

21,5

      

4,2

4,2

4,5

4,4

4,3

   

2

1 en 2

GroenvermogenNL

EZK

192,0

        

19,2

76,8

76,8

19,2

  

2

2

Luchtvaart in Transitie

I&W

11,4

      

2,3

3,4

3,4

2,3

    

2

2

NL2120, het groene verdienvermogen van Nederland

I&W | LVVN

40,0

         

8,0

8,0

8,0

8,0

8,0

2

2

Oncode Accelerator

EZK

41,0

        

21,0

20,0

    

2

2

Photondelta

EZK

50,0

      

15,0

30,0

5

     

2

2

Toekomstbestendige leefomgeving

BZK

8,7

       

8,7

      

2

3

CPBT

LVVN

69,5

       

69,5

      

2

3

Holomicrobioom

LVVN

140,0

       

140,0

      
  

Totaal

 

1.928,5

              
                   

Onverdeelde middelen

  

2

 

Onverdeelde middelen

        

25,0

130,0

262,0

398,6

452,2

162,2

  
1

Het in de eerste suppletoire begroting 2026 opgenomen overzicht bevatte abusievelijk verouderde cijfers. In deze ontwerpbegroting zijn deze gegevens geactualiseerd en is de actuele stand van zaken weergegeven.

Verhouding modaliteiten per NGF-project

In tabel 11 staat weergegeven wat de verhouding van modaliteiten per NGF-project is, ofwel hoeveel per project gereserveerd, voorwaardelijk toegekend en definitief toegekend is.

Tabel 11 Verhouding modaliteiten per NGF-project (bedragen x € 1 mln)

Artikel

Ronde

Project

Departement

Gereserveerd

Voorw. toegekend

Toegekend

1

1

Leeroverzicht & Skills

OCW

  

28,5

   

SZW

  

16,2

1

1

Nationaal Onderwijslab AI

EZK

 

51,1

91,5

1

2

Collectief laagopgeleiden en laaggeletterden

OCW

  

50,5

1

2

Digitaal Onderwijs Goed Geregeld

OCW

  

34,3

1

2

Impuls Open Leermateriaal

OCW

  

78,0

1

2

Nationale LLO Katalysator

OCW

 

81,2

310,8

1

2

Npuls

OCW

 

175,3

384,7

1

2

Ontwikkelkracht

OCW

 

149,2

183,2

1

2

Opschaling publiek private samenwerking in het beroepsonderwijs

EZK

  

210,0

1

3

Creative Industries Immersive Impact Coalition (CIIIC)

OCW

 

97,7

102,3

1

3

DUTCH

VWS

 

50,0

82,0

1

3

Innovatieprogramma Onderwijshuisvesting

OCW

 

359,5

124,2

1

3

Techkwadraat

OCW

 

205,8

145,8

1

3

Meer Uren Werkt!

SZW

 

45,0

30,0

1

3

Nationale Aanpak Professionalisering Leraren

OCW

 

86,5

73,1

2

1

AiNed

EZK

  

189,0

2

1

Health-RI

EZK

  

69,0

2

1

QuantumDeltaNL

EZK

  

614,9

2

1

RegMed XB

EZK

  

56,3

2

2

Biotech Booster

OCW

  

246,0

2

2

Cellulaire agricultuur

LVVN

  

60,0

2

2

Circular Plastics NL

EZK

 

53,0

167,0

2

2

CropXR

LVVN

 

21,5

20,8

2

2

De revolutie van zelfdenkende moleculaire systemen

OCW

  

96,9

2

2

Digitale Infrastructuur en Logistiek

I&W

  

51,1

2

2

Dutch Metropolitan Innovations

I&W

  

78,3

   

BZK

  

6,7

2

2

Einstein Telescope

OCW

870,0

 

42,0

2

2

Groeiplan Watertechnologie

I&W

  

135,0

2

1 en 2

GroenvermogenNL

EZK

 

192,0

646,0

2

2

Luchtvaart in Transitie

I&W

 

11,4

371,5

2

2

Nieuwe Warmte Nu!

EZK

  

200,0

2

2

NL2120, het groene verdienvermogen van Nederland

I&W

 

40,0

70,0

2

2

NXTGEN HIGHTECH

EZK

  

450,0

2

2

Oncode Accelerator

EZK

 

41,0

284,0

2

2

PharmaNL

VWS

  

79,0

2

2

PhotonDelta

EZK

 

50,0

421,2

2

2

Toekomstbestendige leefomgeving

VRO

 

8,7

91,3

2

2

Werklandschappen van de toekomst

VRO

  

26,2

2

2

Zero-emissie binnenvaart batterij-elektrisch

I&W

  

50,2

2

3

6G Future Network Services

EZK

  

203,0

2

3

Biobased Circular

EZK

  

102,0

2

3

SolarNL

EZK

  

135,0

2

3

CPBT

LVVN

 

69,5

55,0

2

3

Holomicrobioom

LVVN

 

140,0

60,0

2

3

Maritiem Masterplan

I&W

  

210,0

2

3

Material Independence & Circular Batteries

EZK

134,0

 

157,9

2

3

POLARIS

DEF

  

101,7

2

3

Re-Ge-NL

LVVN

  

129,0

  

Totaal1

 

1.004,0

1.928,5

7.621,1

1

Het in de eerste suppletoire begroting 2026 opgenomen overzicht bevatte abusievelijk verouderde cijfers. In deze ontwerpbegroting zijn deze gegevens geactualiseerd en is de actuele stand van zaken weergegeven.

Licence