Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

B. BELEIDSVERSLAG

Kinderen en jongeren groeien gezond en veilig op, ontplooien zich en doen mee. De ondersteuning en zorg voor jeugd en gezin moet beter aansluiten bij de eigen kracht van kinderen, jongeren en hun ouders. Hiermee wordt voorkomen dat normale opvoedvragen dure zorgvragen worden én kunnen we het groeiend beroep op jeugdzorg terugdringen. Deze ambitie ligt ten grondslag aan het Jeugd- en Gezinsbeleid. Dit beleidsverslag beschrijft de in 2010 behaalde resultaten.

Stelselherziening zorg voor jeugd

Het is van belang dat de zorg voor jeugd laagdrempeliger, integraler en efficiënter wordt. Om de werking van het stelsel van jeugdzorg te verbeteren, is in het Regeerakkoord van oktober 2010 vastgelegd dat gemeenten verantwoordelijk worden voor de uitvoering van alle jeugdzorg die nu onder het Rijk, de provincies, de gemeenten, de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) en de Zorgverzekeringswet (Zvw) valt. Gemeenten krijgen hierdoor meer ruimte om lichtere hulp aan gezinnen te geven en om daardoor het beroep op zwaardere en dure vormen van jeugdzorg terug te dringen. Dit is van belang voor jeugd, gezin en de betaalbaarheid van de zorg. Ouders moeten met hun opvoedvragen kunnen aankloppen bij familie, vrienden of buren en als dat niet kan bij Centra voor Jeugd en Gezin (CJG). Zo voorkomen we dat normale opvoedvragen ook meteen zorgvragen worden.

Het werk in de jeugdzorg moet aantrekkelijker worden. Dit kan door te investeren in de kwaliteit van de zorg voor jeugd en door te voorkomen dat jeugdprofessionals onnodig worden belast met bureaucratische handelingen. De eerste verantwoordelijkheid voor een samenhangend en ontwikkelingsgericht jeugdbeleid ligt bij gemeenten. Gemeenten hebben opdracht om het Centrum voor Jeugd en Gezin te ontwikkelen tot de plek waar ouders en jeugdigen met al hun vragen over opvoeden en opgroeien terechtkunnen. Het wetsvoorstel invoering Centra voor Jeugd en Gezin en regievoering gemeenten wordt voorjaar 2011 plenair behandeld in de Tweede Kamer. De kabinetsplannen sluiten aan bij de analyse en voorstellen van de parlementaire werkgroep Toekomstverkenning Jeugdzorg van 18 mei 2010 én die van de voormalig Minister voor Jeugd en Gezin in zijn brief van 9 april 2010 (TK 32 296, nr. 7).

Samenhangend Jeugdbeleid

Met het nieuwe kabinet is in oktober 2010 de verantwoordelijkheid voor een samenhangend jeugdbeleid overgegaan van de voormalig Minister voor Jeugd en Gezin naar de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Beleidsverantwoordelijkheden die voor de totstandkoming van Jeugd en Gezin behoorden tot de verantwoordelijkheid van andere ministeries dan VWS – zoals het beleid rond kinderbescherming én rond inkomensondersteuning van gezinnen – zijn weer terug naar de ministeries van Veiligheid en Justitie (VenJ) respectievelijk Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Verschillende maatregelen in het Regeerakkoord beïnvloeden de positie van kwetsbare jongeren, zoals de stelselherziening jeugdzorg, de bijstelling passend onderwijs en de regeling werken naar vermogen. Om die reden heeft de staatssecretaris van VWS met haar collega’s van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), SZW en VenJ afgesproken de genoemde maatregelen uit het Regeerakkoord in nauwe afstemming uit te werken. Het nieuwe kabinet zet op deze wijze de gecoördineerde aanpak van het jeugdbeleid van de voormalig Minister voor Jeugd en Gezin voort.

Licence