Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

Saldibalans

De saldibalans 2010 van Wonen, Wijken en Integratie (x € 1 000)
  

31-12-2010

31-12-2009

   

31-12-2010

31-12-2009

1.

Uitgaven ten laste van de begroting

   

2.

Ontvangsten ten gunste van de begroting

  
 

– Begroting 2009

 

5 061 505

  

– Begroting 2009

 

996 827

 

– Begroting 2010

3 832 858

   

– Begroting 2010

560 610

 
         

3.

Liquide middelen

0

0

 

4a.

Rekening-courant RHB

3 271 270

4 063 321

         

5.

Uitgaven buiten begrotingsverband

– 978

– 1 357

 

6.

Ontvangsten buiten begrotingsverband

0

0

         

7.

Openstaande rechten

0

0

 

7a.

Tegenrekening openstaande rechten

0

0

         

8.

Extra-comptabele vorderingen

35 951

31 008

 

8a.

Tegenrekening extra-comptabele vorderingen

35 951

31 008

         

9a.

Tegenrekening extra-comptabele schulden

2

83

 

9.

Extra-comptabele schulden

2

83

         

10.

Voorschotten

5 277 915

7 140 790

 

10a.

Tegenrekening voorschotten

5 277 915

7 140 790

         

11a.

Tegenrekening garantieverplichtingen

0

30 543

 

11.

Garantieverplichtingen

0

30 543

         

12a.

Tegenrekening openstaande verplichtingen

1 561 819

812 849

 

12.

Openstaande verplichtingen

1 561 819

812 849

         

13.

Deelnemingen

0

0

 

13a.

Tegenrekening deelnemingen

0

0

 

Totaal-generaal

10 707 567

13 075 421

  

Totaal-generaal

10 707 567

13 075 421

Toelichting op de saldibalans (x 1 000)

Ad 1 en 2. Uitgaven en ontvangsten resp. € 3 832 858 en € 560 610

Bij de begrotingsuitgaven en -ontvangsten zijn de gerealiseerde uitgaven en ontvangsten opgenomen met betrekking tot het jaar waarvoor de Rijksrekening nog niet door de Staten-Generaal is goedgekeurd.

Ad 3. Liquide middelen € 0

Geen nadere toelichting.

Ad.4. Rekening-courant RHB € 3 271 270

Op de rekening-courant met de Rijkshoofdboekhouding (RHB) is de financiële verhouding met de Rijksschatkist geadministreerd. Opgenomen is het bedrag overeenkomstig het laatste verstuurde saldobiljet van de RHB.

Ad 5. Uitgaven buiten begrotingsverband € – 978

Het bedrag van € 978 aan uitgaven buiten begrotingsverband is als volgt opgebouwd:

Opbouw van de uitgaven buiten begrotingsverband (x € 1 000)

A

Te verrekenen met andere departementen

– 948

B

Te verrekenen met lagere overheden/overige derden

– 30

 

Totaal

– 978

De uitgaven buiten begrotingsverband betreffen met name de nog te verrekenen uitgaven met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in verband met de Tijdelijke woonzorgstimuleringsregeling.

Ad 6. Ontvangsten buiten begrotingsverband € 0

Geen nadere toelichting.

Ad 8. Extra-comptabele vorderingen € 35 951

Ad 8a. Tegenrekening Extra-comptabele vorderingen

Het saldo per 31 december 2010 wordt hieronder gespecificeerd:

Verloop van de vorderingen in 2010 (x € 1 000)

Stand vorderingen per 31-12-2009

 

31 008

Bij: In 2010 ontstane vorderingen

 

108 130

Af:

Ontvangen/verrekend

98 870

 
 

Ingetrokken

2 666

 
 

Definitief buiten invorderingstelling c.q. kwijtschelding

1 652

– 103 188

Stand vorderingen per 31-12-2010

 

35 951

Vorderingen op artikelniveau en ouderdom per 31-12-2010 in € x 1 000

Artikel

Omschrijving

vóór 2009

2009

2010

Totaal

01

Stimuleren krachtige steden, vitale wijken en voldoende woningbouw

0

0

8 554

8 554

02

Stimuleren van duurzame kwaliteit van woningen, gebouwen en bouwwerken

139

0

0

139

03

Garanderen van keuzemogelijkheden en betaalbaarheid op de woningmarkt

19 332

16

29

19 377

04

Integratie niet-westerse migranten

8

1 327

6 391

7 726

05

Kennis en Ordening Wonen, Wijken en Integratie

0

0

0

0

06

Rijkshuisvesting

0

0

0

0

95

Algemeen

147

6

2

155

Totaal

19 626

1 349

14 976

35 951

BBV

 

0

0

Totaal generaal

19 626

1 349

14 976

35 951

Toelichting op de omvangrijke vorderingen

Ten opzichte van ultimo 2009 is het vorderingensaldo met 15 % (€ 4,9 mln) gestegen.

Artikel 1

In verband met niet (tijdig) gestarte projecten is voor een totaal bedrag van € 8,6 mln aan verstrekte subsidies in het kader van de Tijdelijke stimuleringsregeling woningbouwprojecten bij gemeenten teruggevorderd.

Artikel 3

In het kader van het project Afbouw Huursubsidie is de incasso van de overige vorderingen met betrekking tot de oude huursubsidie medio 2007 opgedragen aan het Centraal Justitieel Incasso Bureau (CJIB). Het CJIB draagt zorg voor de verdere inning van deze vorderingen. Eind 2010 was de stand aan openstaande vorderingen € 19,3 mln. Het betreffen met name openstaande vorderingen uit 2006 of eerder (€ 18,8 mln).

Artikel 4

De omvang van het vorderingensaldo betreft met name vorderingen op gemeenten in verband met minder inburgeringstrajecten die zijn aangeboden (€ 1,8 mln), vorderingen op derden in verband met het inburgeringtraject allochtone vrouwen (€ 2,1 mln) en vorderingen in het kader van de Brede Doel Uitkering SIV.

Ad 9. Extra-comptabele schulden € 2

Ad 9a. Tegenrekening extra-comptabele schulden

Het saldo is bepaald aan de hand van de openstaande facturen met een factuurdatum tot en met 31 december 2010 en geregistreerd tot en met 14 januari 2011 waarvoor het «verplichtingen = kas beginsel» geldt. Hierop zijn de nog niet verrekende creditnota’s die betrekking hebben op facturen uit deze categorie in mindering gebracht.

Ad 10. Voorschotten € 5 277 915

Ad 10a. Tegenrekening Voorschotten

Op deze rekening staat het saldo gebaseerd op de Regeling Departementale Begrotingsadministratie (voorschotten, vooruitbetalingen en voorlopige betalingen). Voorschotten zijn betalingen aan derden vooruitlopend op een later definitief vast te stellen c.q. af te rekenen bedrag. Deze vaststelling c.q. afrekening gebeurt indien de prestatie is geleverd en indien aan alle financiële voorwaarden is voldaan.

Voorschotten verloop (x € 1 000) per 31 december 2010

Stand voorschotten per 31-12-2009

7 140 790

Bij: Overgedragen voorschotten van begrotingshoofdstuk XI

131

Stand voorschotten per 01-01-2010

7 140 921

Bij: In 2010 verleende voorschotten

1 064 050

Af: Afgerekende voorschotten

– 2 927 056

Stand voorschotten per 31-12-2010

5 277 915

Voorschotten op artikelniveau en organisatieonderdeel gerubriceerd naar ouderdom per 31-12-2010 in EUR x 1 000

Artikel

Omschrijving

vóór 2009

2009

2010

Totaal

01

Stimuleren krachtige steden, vitale wijken en voldoende woningbouw

2 247 936

868 141

363 524

3 479 601

02

Stimuleren van duurzame kwaliteit van woningen, gebouwen en bouwwerken

31 517

8 051

59 692

99 260

03

Garanderen van keuzemogelijkheden en betaalbaarheid op de woningmarkt

256

300

26 136

26 692

04

Integratie niet-westerse migranten

671 530

315 380

383 309

1 370 219

05

Kennis en Ordening Wonen, Wijken en Integratie

46 466

3 267

5 913

55 646

06

Rijkshuisvesting

0

0

20 695

20 695

95

Algemeen

180 687

15 152

29 630

225 469

Totaal binnen begrotingsverband

3 178 392

1 210 291

888 899

5 277 582

Departementen

88

0

240

328

Derden

 

0

0

5

5

Totaal buiten begrotingsverband

88

0

245

333

Totaal-generaal

3 178 480

1 210 291

891 214

5 277 915

Toelichting

Omvangrijke voorschotten

Artikel 1

De openstaande voorschotten hebben met name betrekking op de volgende twee instrumenten:

  • Investeringsbudget Stedelijke vernieuwing (ISV1, 2 en 3);

    In het kader van het ISV 1 en 2 is de rijksbijdrage de afgelopen jaren als voorschot aan de gemeenten overgemaakt. In totaal staat nog € 105,7 mln aan voorschotten open. Op basis van de gemaakte afspraken is het beschikbare budget ISV3 in 2010 in zijn geheel beschikt en is € 246,5 mln aan voorschotten toegekend. Deze voorschotten worden naar verwachting in 2011 afgewikkeld;

  • Sociaal, Integratie en Veiligheid 2005–2100, dat onderdeel is van het Grote Steden Beleid (GSB). In de periode 2005–2009 is in totaal € 2 524,0 mln voorschotten verstrekt.

Daarnaast wordt de stand van de openstaande voorschotten verklaard door nog niet afgewikkelde voorschotten in het kader van Sociale herovering van € 24,3 mln, Brede Doel Uitkering «Sociaal, Integratie en Veiligheid veiligheidsmiddelen» van € 355,0 mln, Budget Locatiegebonden Subsidies (BLS) 2005–2010 van € 10,0 mln en de Tijdelijke stimuleringsregeling woningbouwprojecten van € 256,5 mln.

Artikel 2

Het grootste deel van de nog openstaande voorschottenstand bestaat uit nog niet afgerekende subsidies energie in het kader van de Subsidies energiebesparing (€ 62,1 mln). Het betreffen de regelingen Energiebesparing (CO2-reductie) gebouwde omgeving, Tijdelijke regeling maatwerkadviezen woningen, Tijdelijke regeling glasisolatie en de projecten Meer met Minder.

Daarnaast staan in het kader van de bijdragen stimulering woningproductie (o.a. gemeente Almere en Knelpunten VINEX) en het Programma Energiebudgetten respectievelijk € 7,1 mln en € 25,6 mln aan voorschotten open.

Artikel 3

De openstaande voorschottenstand heeft met name betrekking op de bekostiging van de Dienst van de Huurcommissie (DHC). De uitgaven die ten laste van dit artikel aan de DHC worden overgemaakt worden als voorschot geregistreerd. Over 2010 betreft dit een bedrag van € 22,0 mln. Daarnaast is in het kader van de Subsidieregeling Bevordering Eigen Woningbezit plus voor in totaal € 3,6 mln aan voorschotten verleend, die nog niet zijn afgerekend.

De voorschotten met betrekking tot de Huurtoeslag, die door het ministerie van Financiën (de Belastingdienst) ten behoeve van Wonen, Wijken en Integratie wordt uitgevoerd, worden verwerkt in de saldibalans van het ministerie van Financiën.

Artikel 4

De belangrijkste oorzaak van de voorschotstand is gelegen in de systematiek rond de «Facilitering Inburgering» met als voorschot een bedrag van € 1 314,1 mln. Voor de G31 wordt in het kader van de BDU-SIV vijf jaar lang bevoorschot. De afrekening vindt plaats na afloop van deze periode. Voor de NG31 wordt eveneens jaarlijks een voorschot verstrekt en grotendeels achteraf afgerekend.

Voor het programma Overige Instrumenten bedraagt het saldo openstaande voorschotten € 27,5 mln. In dit programma is een aantal regelingen opgenomen, waaronder de regeling Ruimte voor Contact en subsidies aan maatschappelijke organisaties. Voor het programma Facilitering remigratie is in 2010 aan de Sociale Verzekeringsbank voor de uitvoering van de Remigratiewet € 32,3 mln als voorschot uitgekeerd.

Dit voorschot wordt op basis van het jaarverslag van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) afgerekend.

Artikel 5

Het grootste deel van de voorschotten bestaat uit de bijdrage aan het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten (Stichting SVn ) van € 40 mln voor de startersleningen. In de afgelopen 3,5 jaar zijn er bijna 9 000 starterleningen versterkt, waarmee het budget is uitgeput. In 2011 zal na ontvangst van een accountantsverklaring het voorschot worden afgewikkeld.

Daarnaast is aan de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV), om het ingezette innovatie- en experimentenbeleid beter aan te laten sluiten op maatschappelijke- en marktontwikkelingen, een voorschot van € 7,6 mln versterkt.

Artikel 6

Op dit artikel staat een bedrag van € 20,7 mln open, dat te maken heeft met inputfinanciering van de Rijksgebouwendienst (RGD). Het voorschotsaldo is ontstaan door de nog openstaande voorschotten 2009 en het nieuwe voorschot voor het jaar 2010.

Artikel 95

De voorschottenstand heeft met name betrekking op de Subsidie Grote Bouwlocaties (SGB). Hierop staat een nog niet afgerekend voorschot van € 30,6 mln open. Doel van deze subsidie is om de werkgelegenheid in crisistijd te stimuleren. Daarnaast staat in het kader van de Tijdelijke Woonzorgstimuleringregeling jaren 2000–2004 een bedrag van € 2,6 mln aan voorschotten open.

Tenslotte wordt de stand van de voorschotten verklaard door de nog niet afgerekende voorschotbetalingen in het kader van de Verzameluitkering (€ 188,9 mln). Hierin is een aantal subsidieregelingen en budgetten opgenomen die aan het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zijn overgedragen.

Ad 11. Garantieverplichtingen € 0

Ad 11a. Tegenrekening garantieverplichtingen

Dit betreft de garantieverplichtingen die door WWI zijn aangegaan.

De per 31 december 2010 nog lopende garanties (x € 1 000)

Artikel

Omschrijving soort regeling

Maximaal garantiebedrag

Stand per

31-12-2010

A.

100 % deelname van het Rijk

  

95

Huurwoningen

Leningsovereenkomst

0

B.

Specifieke garanties

  

95

St. Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW)

Achtervangfunctie

0

95

St. Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW)

Achtervangfunctie

0

Totaal

   

Toelichting:

Specifieke garanties

Stichting Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW)

Het Rijk en de gemeenten staan borg voor de stichting Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). Voor het WSW geldt dat indien het fondsvermogen na gebruikmaking van de zekerheidsstructuur een zeker minimum heeft bereikt, zoals vastgelegd in de achtervangovereenkomst, het WSW een beroep kan doen op de achtervangers. Dit beroep is, in beginsel, ongelimiteerd. Het Rijk en de deelnemende gemeenten verstrekken in geval van eventuele liquiditeitsproblemen bij het WSW ieder voor 50% een renteloze lening aan het WSW.

Deze borgstelling vormt de tertiaire zekerheid van het fonds. De primaire zekerheid wordt gevormd door het eigen vermogen van de aangesloten corporaties. Indien de financiële positie van de corporatie, naar de eisen van kredietwaardigheid van het WSW, onvoldoende is, kan onder bepaalde voorwaarden saneringssteun worden verleend door het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV). De secundaire zekerheid wordt gevormd door het vermogen van het WSW. Dit vermogen is opgebouwd uit een borgstellingreserve en een obligo op corporaties. Ultimo 2009 bedroeg de borgstellingreserve € 476,0 mln en het totaalbedrag aan obligo’s € 2 918 mln. De kans dat de tertiaire zekerheid wordt aangesproken is nagenoeg nihil.

In onderstaande tabel wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van de vermogenspositie van de stichting WSW.

Kengetallen stichting WSW (x € 1 mln)
 

Jaar 2010

jaar 2009

jaar 2008

jaar 2007

jaar 2006

Gegarandeerde leningen

85 300

75 800

71 700

64 900

59 700

Eigen vermogen WSW

482

476

452

423

407

Obligoverplichtingen

3 200

2 918

2 760

2 498

2 236

Garantievermogen

3 682

3 394

3 212

2 921

2 643

Totaal aan schadebetalingen

0

0

0

0

0

Bron: jaarrekening WSW 2009/2008/2007/2006

Cijfers over 2010 betreffen voorlopige cijfers

Het WSW heeft tot op heden uit hoofde van haar borgstellingsfunctie nooit schadebetalingen gedaan. Belangrijke reden hiervan is dat het CFV in de praktijk aan financieel noodlijdende corporaties saneringssteun geeft voordat ze niet meer kunnen voldoen aan hun betalingsverplichtingen en de borgstelling van het WSW zou kunnen worden aangesproken.

Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW)

Het Rijk en de gemeenten staan borg voor de stichting Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW). Voor het WEW geldt dat indien het fondsvermogen een zeker minimum heeft bereikt, zoals vastgelegd in de achtervangovereenkomst, het WEW een beroep kan doen op de achtervangers. Dit beroep is, in beginsel, ongelimiteerd. Het Rijk en de deelnemende gemeenten verstrekken in geval van eventuele liquiditeitsproblemen bij het WEW ieder voor 50% een renteloze lening aan het WEW.

De huidige vermogenspositie van het WEW is goed te noemen. Jaarlijks wordt een aanzienlijk bedrag toegevoegd aan het garantievermogen. In 2010 is het aantal schadegevallen, en daarmee ook de schadebetalingen iets opgelopen ten opzichte van 2009. In 2009 is er € 22 mln uitgekeerd, in 2010 is dit opgelopen naar ongeveer € 38 mln.

Bij de bepaling van de premie voor 2010 is rekening gehouden met de economische vooruitzichten op korte termijn en de stijging van het aantal verliesdeclaraties. De premie is daarom in 2010 verhoogd van 0,45 % naar 0,55 %.

Het garantievermogen van de stichting is gegroeid naar € 610 mln ultimo 2009 en is ook in 2010 verder gegroeid naar € 637 mln. De verwachting is dat hiermee de financiële buffer bij het WEW ook de komende periode toereikend zal zijn en de kans dat het WEW een beroep moet doen op de achtervangers wordt klein geacht.

In de onderstaande tabel wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van de vermogenspositie van het WEW.

Kengetallen stichting WEW (x € 1 mln)
 

Jaar 2010

jaar 2009

jaar 2008

jaar 2007

jaar 2006

Gegarandeerd vermogen NHG

128 158

108 879

98 255

95 681

90 878

Garantievermogen

637

610

529

473

425

Totaal aan schadebetalingen

38,1

22,0

19,2

25,5

20,7

Bron: jaarrekening WEW 2009/2008/2007/2006

Cijfers over 2010 betreffen voorlopige cijfers

Ad 12. Openstaande verplichtingen € 1 561 819

Ad 12a. Tegenrekening openstaande verplichtingen

Verloop van de verplichtingen binnen en buiten begrotingsverband in 2010 (x € 1 000)

Stand verplichtingen per 31-12-2009

  

812 849

Bij: Aangegane verplichtingen/verhogingen

  

4 673 704

Af:

Betalingen

 

3 833 239

 
 

Verlagingen/intrekkingen voorgaande jaren

 

91 496

– 3 924 734

Stand verplichtingen binnen en buiten begrotingsverband per 31-12-2010

 

1 561 819

Verplichtingen binnen en buiten begrotingsverband op artikelniveau gerubriceerd naar ouderdom 31-12-2010 in EUR x 1 000

Artikel

Omschrijving

vóór 2009

2009

2010

Totaal

01

Stimuleren krachtige steden, vitale wijken en voldoende woningbouw

1 427

793

902 456

904 676

02

Stimuleren van duurzame kwaliteit van woningen, gebouwen en bouwwerken

8 461

34 502

24 067

67 030

03

Garanderen van keuzemogelijkheden en betaalbaarheid op de woningmarkt

145 201

207 084

93 823

446 108

04

Integratie niet-westerse migranten

31 153

26 849

11 584

69 586

05

Kennis en Ordening Wonen, Wijken en Integratie

3 291

5 219

3 017

11 527

06

Rijkshuisvesting

0

0

0

0

95

Algemeen

61 407

0

0

61 407

Totaal binnen begrotingsverband

250 940

274 447

1 034 947

1 560 334

Departementen

0

0

1 485

1 485

Derden

 

0

0

0

0

Totaal buiten begrotingsverband

0

0

1 485

1 485

Totaal generaal

250 940

274 447

1 036 432

1 561 819

Toelichting verlaging/intrekkingen voorgaande jaren

De negatieve bijstellingen (intrekkingen) hebben met name betrekking op vrijgevallen verplichtingenruimte in verband met afgeronde subsidies. Een belangrijk deel van de intrekkingen heeft betrekking op de regelingen die door Agentschap NL worden uitgevoerd. Het betreffen onder andere de regelingen:

  • Besluit Locatiegebonden Subsidies € 58,1 mln;

  • CO2-reductie in de gebouwde omgeving € 13,1 mln;

  • Wet bevordering eigen woning bezit-plus € 9,2 mln;

  • Geldelijke steun eigen woningen 1984 € 1,3 mln.

Licence