Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

4.3 Financieringsactiviteiten publiek-private sector

A. Algemene doelstelling

Optimaal financieel resultaat bij de realisatie van publieke doelen. In het bijzonder bij het investeren in en verwerven, afstoten en beheren van de financiële en materiële activa van de Staat.

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Financiën stimuleert en regisseert een verantwoorde en doelmatige besteding van overheidsmiddelen. Bedrijfseconomische expertise wordt ingezet bij staatsdeelnemingen, politiek belangrijke investeringsprojecten en transacties van de rijksoverheid en publiek-private investeringen in Nederland. De Minister van Financiën is verantwoordelijk voor:

  • een optimaal financieel resultaat bij het beheren, aangaan en afstoten van staatsdeelnemingen met inachtneming van de betrokken publieke belangen;

  • het toetsen en adviseren op bedrijfseconomische doelmatigheid bij het realiseren van grote publieke investeringsprojecten, zodat vakdepartementen hun projecten binnen het budget, op tijd en met de gewenste kwaliteit kunnen realiseren. Voorbeelden van deze projecten zijn DBFM(O)-projecten, bedrijfsvoerings- en duurzaamheidsprojecten, en veilingen waarbij exclusieve rechten in de markt worden gezet;

  • het overkoepelende DBFM(O)-beleid en de regie van het systeem dat ervoor moet zorgen dat DBFM(O) in Nederland structureel goed verankerd is en toegepast wordt;

  • het beheren en afwikkelen van de tijdelijke overheidsinvesteringen in de gesteunde financiële instellingen. In dit kader is de Minister van Financiën verantwoordelijk voor zwaarwegende en/of principiële beslissingen (onder andere de exitstrategie en het beloningsbeleid) van, alsmede het houden van toezicht op NLFI;

De Minister beoogt jaarlijks de effecten van zijn aandeelhouderschap in de reguliere staatsdeelnemingen te meten. Daartoe waren in de begroting twee meetbare indicatoren/streefwaarden opgenomen. In de onderstaande tabel is de realisatie van 2016 afgezet tegen de streefwaarde zoals deze in de begroting van 2016 is opgenomen.

Realisatie meetbare gegevens

Kengetal1 (in %)

Realisatie 2015

Streefwaarde 2016

Realisatie 2016

1.

% deelnemingen waarvan nieuwe statuten en investeringsdrempel zijn vastgesteld

71

(n=7)

100

71

(n=7)

2.

% deelnemingen waar een specifieke minimum rendementseis is vastgesteld

81

(n=16)

100

81

(n=16)

1

Deelnemingen waarop de Staat als aandeelhouder beperkte invloed heeft (minderheidsbelang) of de statuten reeds voldoende waarborgen kende, zijn bij de indicator buiten beschouwing gelaten (kengetal 1) of meegeteld als voldaan (kengetal 2).

De Staat heeft een algemene standaard ontwikkeld voor de statuten van staatsdeelnemingen welke in de afgelopen jaren is doorgevoerd bij de deelnemingen. Deze standaard geeft de aandeelhouder de bevoegdheden die nodig zijn om zijn doelstellingen te bereiken, zoals die zijn vastgelegd in de nota deelnemingenbeleid. Met alle deelnemingen waar aanpassing van de statuten nodig dan wel mogelijk was, is inmiddels overeenstemming bereikt over de wijzigingen die nodig zijn om te voldoen aan de algemene standaard. Bij Holland Casino (in afwachting van de transformatie naar een kapitaalvennootschap) en Schiphol (in afwachting van een beoordeling van een bestendiging van het predicaat «Koninklijk») moeten die gewijzigde statuten alleen nog worden vastgesteld. In 2017 wordt dus een 100%-score verwacht.

Om de financiële waarde van staatsdeelnemingen voor de toekomst te behouden beoordeelt de Staat actief het rendement dat iedere staatsdeelneming maakt. Daartoe is in 2014 gestart om voor elke staatsdeelneming individueel een rendementseis vast te stellen. Dat is een rendementseis die gegeven het risicoprofiel van die deelneming nodig is voor financieel waardebehoud en continuïteit van de onderneming. De voortgang van de implementatie hiervan wordt met kengetal 2 gemeten. De streefwaarde is niet gehaald omdat bij de Staatsloterij eerst de fusie afgerond moest zijn en Holland Casino en Urenco (mogelijk) verkocht zouden worden.

C. Beleidsconclusies

Deelnemingen

In oktober 2013 heeft de Minister van Financiën zijn Nota deelnemingenbeleid Rijksoverheid 2013 gepresenteerd. In 2016 is er verder gewerkt aan het afronden van de implementatie van dit beleid, waaronder het vaststellen van statuten en een rendementseis. Er zijn daarnaast in totaal vierentwintig investeringsvoorstellen beoordeeld aan de hand van het opgestelde investeringskader, waarvan er slechts één geen goedkeuring van de aandeelhouder heeft ontvangen. Verder heeft de Staat in 2016 ingestemd met de benoeming van twaalf commissarissen en acht bestuurders bij staatsdeelnemingen. Per eind 2016 voldoet 83% van de raden van commissarissen van staatdeelnemingen aan het streven naar 30% vrouwen, waar dit eind 2015 nog 77% was. Daarnaast is in 2016 het bezoldigingsbeleid van BNG Bank, FMO (Nederlandse FinancieringsMaatschappij voor Ontwikkelingslanden), SENS (Stichting Exploitatie Nederlandse Staatsloterij), UCN (Ultra-Centrifuge Nederland) en COVRA (Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval) herzien. Deze herzieningen hebben als gevolg dat er vanaf 2017 geen enkele bestuurder meer is die meer dan 20% variabele beloning ontvangt.

Door invulling te geven aan al deze onderdelen van het deelnemingenbeleid heeft de Staat als aandeelhouder een goede bijdrage geleverd aan de borging van publieke belangen op korte en lange termijn. De inspanningen van de Staat dragen ook bij aan goed ondernemingsbestuur bij de ondernemingen. Wij kijken terug op een succesvol jaar waarin het staatsdeelnemingenbeleid verder is verdiept en zichtbare resultaten zijn geboekt op de doelstellingen. In het Jaarverslag beheer staatsdeelnemingen 2016 rapporteert de Staat uitgebreid over de prestaties van de staatsdeelnemingen.

Naast de implementatie van de Nota deelnemingenbeleid heeft er in 2016 een aantal wijzigingen plaatsgevonden in de deelnemingenportefeuille. Ten eerste is op 1 april 2016 de Nederlandse Loterij ontstaan uit een fusie van Staatsloterij met De Lotto. Dit nieuwe fusiebedrijf is nu de grootste aanbieder van loterijen in Nederland. Daarnaast is in november de KNM verkocht aan Groep Heylen. Onder deze nieuwe eigenaar kan KNM weer werken aan een financieel gezonde toekomst. Tot slot is ook de portefeuille financiële deelnemingen fors gereduceerd. Dit past in het beleid dat is gericht op een afgewogen, zakelijk verantwoorde exit uit de financiële deelnemingen en op de ondernemingsstrategie die deze exit mogelijk moet maken. In 2016 is a.s.r. naar de beurs gebracht, Propertize verkocht, een 2e tranche van ABN Amro verkocht en heeft het kabinet een toekomstvisie op SNS gepresenteerd.

Publiek-private investeringen

Uit de beleidsdoorlichting voor de periode 2010–2015 blijkt dat Financiën succesvol is geweest bij het bevorderen van een efficiënte overheid. Ook in 2016 heeft de Minister van Financiën ingezet op het bevorderen van een efficiënte overheid. Het SGO-project «Governance en sourcing» is afgerond en heeft geleid tot een verbeterde aansturing van de generieke bedrijfsvoering en meer grip op kosten en kwaliteit. Ook is er toezicht gehouden op en expertise geleverd bij diverse financieringsvraagstukken, waaronder het voorstel voor de oprichting van de investeringsinstelling Invest-NL, de financiële zekerheidstelling voor de ontmanteling van kerncentrales, Delta/EPZ (ElektriciteitsProduktiemaatschappij Zuid-Nederland) en de scenario’s voor het uitfaseren van de kolencentrales in Nederland. Ten derde is er een seminar gehouden met als thema «Succesvolle overheidsprojecten» waarbij opdrachtgevers en uitvoerders van grote overheidsprojecten kennis en ervaringen gedeeld hebben. Verder heeft Financiën op het gebied van DBFM(O) samen met vakdepartementen en concerndienstverleners het contractmanagement verder ingevuld en betere sturing van op de kwaliteit mogelijk gemaakt.

D. Tabel budgettaire gevolgen van beleid

Beleidsartikel 3 Financieringsactiviteiten publiek-private sector (bedragen x € 1.000)
 

2012

2013

2014

2015

Realisatie 2016

Vastgestelde begroting 2016

Verschil 2016

Verplichtingen

68.581

13.595.835

– 1.435.070

1.760.839

223.513

19.401

204.112

Waarvan betalingsverplichting:

       

3.400.941

0

3.400.941

Kapitaalinjectie Tennet

       

780.000

0

780.000

               

Waarvan garantieverplichting:

       

– 3.177.428

0

– 3.177.428

Regeling BF

– 1.600

– 387

0

0

0

0

0

Garantie Counter indemnity

0

0

– 950.000

0

0

0

0

Garanties en vrijwaringen staatsdeelnemingen

– 13.000

– 13.025

– 2.010

0

– 554.328

0

– 554.328

Garantie DNB-winstafdracht

 

5.700.000

0

0

0

0

0

Garantie SNS Propertize

 

4.166.410

– 566.410

– 976.900

– 2.623.100

0

– 2.623.100

               

Uitgaven

2.993.758

8.674.220

2.805.899

1.137.790

2.615.449

19.401

2.596.048

               

Vermogensverschaffing

300.000

2.700.000

0

0

15.900

0

15.900

Kapitaalstorting Tennet

300.000

0

0

0

0

0

0

Kapitaalinjectie SNS REAAL

 

2.200.000

0

0

0

0

0

Kapitaalinjectie Propertize

 

500.000

0

0

0

0

0

Conversie schuld KNM

       

15.900

0

15.900

               

Bijdrage aan RWT

5.250

5.250

17.100

17.920

24.729

10.000

14.729

NLFI (voorheen STAK)

5.250

5.250

17.100

17.920

24.729

10.000

14.729

               

Garantie

4.800

5.381

4.806

4.836

4.824

4.900

– 76

Regeling BF

0

6

6

0

24

100

– 76

Dotatie begrotingsreserve TenneT

4.800

4.800

4.800

4.800

4.800

4.800

0

Uitbetalingen garanties en vrijwaringen

 

575

0

0

0

0

0

Overig

     

36

0

0

0

               

Lening

2.677.577

5.953.378

2.778.719

0

2.386.461

0

2.386.461

Overgenomen schuld Propertize

       

2.386.461

0

2.386.461

Management fee IABF

33.206

26.457

272

0

0

0

0

Funding fee IABF

2.644.371

4.807.961

2.778.201

0

0

0

0

Incidentele uitgaven IABF

 

18.960

246

0

0

0

0

Overbruggingskrediet SNS

 

1.100.000

0

0

0

0

0

               

Acquisitie

     

1.101.950

0

0

0

Aankoop SNS Bank

     

1.101.950

0

0

0

               

Opdrachten

6.131

10.211

5.274

13.084

5.716

4.501

1.215

Uitvoeringskosten staatsdeelnemingen

6.131

10.211

5.274

13.084

5.716

4.501

1.215

               

Vermogensonttrekking

       

177.819

0

177.819

Afdrachten Staatsloterij

       

177.819

0

177.819

               

Ontvangsten

5.131.796

9.603.301

8.858.957

7.518.712

7.921.995

1.881.850

6.040.145

               

Vermogensonttrekking

1.295.785

3.580.406

2.311.287

6.375.036

5.531.581

1.860.000

3.671.581

Opbrengst verkoop vermogenstitels

38

131.965

4.111

3.838.194

3.264.213

0

3.264.213

Dividend en afdrachten staatsdeelnemingen

533.812

1.178.186

1.188.537

1.633.590

1.915.857

1.195.000

720.857

Afdrachten Staatsloterij

       

177.819

0

177.819

Winstuitkering DNB

749.494

1.974.773

1.118.639

903.252

173.692

665.000

– 491.308

waarvan Griekse inkomsten ANFA

 

43.882

27.427

35.000

46.899

44.000

2.899

waarvan Griekse inkomsten SMP

 

163.852

134.897

98.000

70.402

67.000

3.402

Opbrengst onttrekking vermogenstitels

12.441

0

0

0

0

0

0

Rijksbijdrage landwinning Havenbedrijf Rotterdam

0

295.482

0

0

0

0

0

               

Bijdrage aan RWT

2.419

4.134

15.417

16.276

20.902

9.250

11.652

NLFI

2.419

4.134

15.417

16.276

20.902

9.250

11.652

               

Leningen

3.802.577

5.985.276

6.503.836

1.111.533

2.355.822

0

2.355.822

Overgenomen schuld Propertize

       

2.355.822

0

2.355.822

Verwachte portefeuille ontvangsten IABF

2.433.653

4.275.292

4.231.221

0

0

0

0

Garantie Fee IABF

73.054

58.205

0

0

0

0

0

Additionele fee IABF

46.350

35.319

1.229

0

0

0

0

Additionele garantie fee IABF

109.713

87.413

163

0

0

0

0

Verhandelbaarheidsfee

14.807

17.659

615

0

0

0

0

Incidentele ontvangst IABF

 

379.490

0

0

0

0

0

Overbruggingskrediet SNS

     

1.100.000

0

0

0

Rente SNS krediet

 

6.898

20.608

11.533

0

0

0

Aflossing kapitaalverstrekkingen ING, Aegon en SNS Reaal

750.000

750.000

1.500.000

0

0

0

0

Couponbetaling en/of boetebetaling kapitaalversterking ING, Aegon en SNS Reaal

375.000

375.000

750.000

0

0

0

0

               

Garantie

30.565

30.633

20.129

15.365

13.515

12.600

915

Garantie overig

210

278

916

924

915

0

915

Premie-ontvangsten garantie TenneT

4.800

4.800

4.800

4.800

4.800

4.800

0

Premie-inkomsten Counter indemnity

25.555

25.555

12.493

0

0

0

0

Garantie fee Propertize

   

1.920

9.641

7.800

7.800

0

               

Opdrachten

450

2.852

8.288

502

175

0

175

Terug te vorderen uitvoeringskosten staatsdeelnemingen

450

2.852

8.288

502

175

0

175

Bij het opstellen van dit jaarverslag kon nog geen gebruik worden gemaakt van de definitieve, van een accountantsverklaring voorziene, jaarrekeningen van NIBC.

E. Toelichting op de instrumenten

Verplichtingen (+ € 204,1 miljoen)

Kapitaalinjectie TenneT (+ € 780 miljoen)

Op 25 november 2016 is de kapitaaluitbreiding TenneT in een contract geformaliseerd. Dit leidt tot een betalingsverplichting van de volledige kapitaaluitbreiding in 2016.

Garanties en vrijwaringen staatsdeelnemingen (– € 554,3 miljoen)

De garantie aan Eurofima is in 2016 fors afgenomen (– € 389,5 miljoen) als gevolg van aanzienlijke aflossingen door de NS op de leningen. Daarnaast is de garantie aan de provincie Zeeland in het kader van de Westerscheldetunnel (– € 167,4 miljoen) komen te vervallen. Tot slot is er bij de verkoop van KNM een garantie van maximaal € 2,7 miljoen afgegeven aan de kopende partij.

Garantie SNS Propertize (– € 2,6 miljard)

Als gevolg van de verkoop van SNS Propertize is de garantie komen te vervallen.

Uitgaven (+ € 2,6 miljard)

Conversie schuld KNM (+ € 15,9 miljoen)

Door twee forse verliesjaren bij KNM (2014 en 2015) is een negatieve vermogenspositie ontstaan. De conversie van € 15,9 miljoen op de vordering van de lening bij het Ministerie van Financiën was onvermijdelijk en gaf een betere uitgangspositie voor de verkoop van KNM. KNM is in november 2016 verkocht, waaruit het resterende deel van de vordering is afgelost.

NLFI (+ € 14,7 miljoen)

De kosten zijn hoger uitgevallen door de verkoop van SNS Propertize, de beursgang van a.s.r. en de vervolgplaatsing van aandelen ABN AMRO. Omdat deze kosten grotendeels worden doorberekend aan de financiële deelnemingen zijn ook de ontvangsten hoger dan geraamd.

Overgenomen schuld Propertize (+ € 2,4 miljard)

Bij de verkoop van Propertize heeft de Staat de staatsgegarandeerde schuld van € 2,36 miljard van Propertize overgenomen. De netto contante waarde van deze schuld bedroeg op de dag van de verkoop € 2,39 miljard en dit bedrag is daarom overgedragen aan het Agentschap voor verdere afhandeling.

Uitvoeringskosten staatsdeelnemingen (+ € 1,2 miljoen)

Vanwege de kosten die samenhangen met procedures rondom de onteigening van SNS Reaal vallen de uitvoeringskosten in 2016 hoger uit dan begroot.

Afdrachten Staatsloterij (+ € 177,8 miljoen)

Om te voldoen aan de Wet op de kansspelen wordt in de begroting en verantwoording een technische post opgenomen bij zowel de uitgaven als de ontvangsten (beide € 101,5 miljoen) ter hoogte van de afdrachten van de Staatsloterij. Daarnaast is er eveneens bij zowel uitgaven als ontvangsten een niet-geldelijke post opgenomen van € 76,4 miljoen in verband met de overdracht van eigen vermogen van de Staatsloterij naar de nieuwe fusieorganisatie Nederlandse Loterij.

Ontvangsten (+ € 6,0 miljard)

Opbrengst verkoop vermogenstitels (+ € 3,3 miljard)

Deze post betreft met name de opbrengsten van de verkoop van Propertize (€ 873 miljoen), de beursgang van a.s.r. (€ 1,07 miljard) en de vervolgplaatsing van aandelen ABN AMRO (€ 1,33 miljard). Daarnaast zijn er ook nog kleinere bedragen ontvangen rondom de verkoop van KNM (€ 0,7 miljoen) en de afhandeling van Kliq (€ 0,1 miljoen).

Dividenden en afdrachten staatsdeelnemingen (+ € 720,9 miljoen)

De realisatie is hoger dan geraamd vanwege meevallers in de resultaten van met name TenneT, Gasunie en de financiële deelnemingen. Daarnaast hebben ingecalculeerde risico’s zich niet voorgedaan, wat ook leidt tot een hogere dividendrealisatie.

Afdrachten Staatsloterij (+ € 177,8 miljoen)

Zie de post Uitgaven: afdrachten staatsloterij.

Winstuitkering DNB (– € 491,3 miljoen)

Vanwege de voorziening die DNB opbouwt in reactie op de toegenomen financiële risico’s als gevolg van QE (Quantitative Easing), is de winstafdracht in 2016 fors lager dan geraamd15.

NLFI (+ € 11,7 miljoen)

Zie de post uitgaven: NLFI.

Overgenomen schuld Propertize (+ € 2,4 miljard)

Zie de post Uitgaven: overgenomen schuld Propertize.

15

Kamerstukken II, 2015–2016, 32 013, nr. 124.

Licence