Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

96. Apparaatsuitgaven kerndepartement

Artikel

Op dit artikel worden alle personele en materiële uitgaven en ontvangsten van het ministerie opgenomen. In beleidsartikel 11 zijn de bijdragen aan ZBO’s verder toegelicht. Voor een uitgebreide toelichting op het Agentschap SZW wordt verwezen naar hoofdstuk 9 van dit jaarverslag.

Budgettaire gevolgen

Tabel 5.96.1 Apparaatsuitgaven kerndepartement budgettaire uitgaven (x € 1.000)

Artikelonderdeel

Realisatie 2012

Realisatie 2013

Realisatie 2014

Realisatie 2015

Realisatie 2016

Begroting 2016

Verschil

2016

Verplichtingen

250.629

256.278

288.815

252.321

261.914

– 9.593

Uitgaven

242.137

251.182

250.857

291.218

255.510

262.254

– 6.744

                 

Personele uitgaven

164.702

180.005

179.912

186.049

197.625

195.845

1.780

 

• waarvan eigen personeel

159.054

174.308

173.719

177.265

189.394

190.743

– 1.349

 

• waarvan externe inhuur

3.040

3.269

3.470

6.427

5.846

2.369

3.477

 

• waarvan overige personele uitgaven

2.608

2.428

2.723

2.357

2.385

2.733

– 348

                 

Materiële uitgaven

77.435

71.177

70.945

105.169

57.885

66.409

– 8.524

 

• waarvan ICT

13.385

14.084

13.004

10.400

6.013

11.831

– 5.818

 

• waarvan bijdrage aan SSO's

38.614

44.592

46.394

81.784

38.607

41.121

– 2.514

 

• waarvan overige materiële uitgaven

25.436

12.501

11.547

12.985

13.265

13.457

– 192

                 

Ontvangsten

12.542

9.744

4.761

4.569

13.563

17.996

– 4.433

A. Personele en materiële uitgaven

Kerndepartement inclusief RSO

A1. Eigen personeel

De gerealiseerde uitgaven voor eigen personeel zijn € 1,3 miljoen lager dan de in de begroting opgenomen uitgaven. Dit wordt met name verklaard door vertraging in het aansluittempo van departementen op de rijksschoonmaakorganisatie (RSO). De loonbijstelling vanwege de nieuwe cao zorgt daarentegen voor hogere personele uitgaven.

A2. Externe inhuur

De gerealiseerde uitgaven voor externe inhuur komen € 3,5 miljoen hoger uit dan begroot. Dit wordt verklaard doordat bij het opstellen van de begroting nog niet bekend was hoeveel externe inhuur er plaats zou vinden en hoeveel budget hiervoor benodigd was. In de loop van het jaar is dit budget naar behoefte aangevuld vanuit andere onderdelen van de begroting. Daarnaast heeft externe inhuur plaatsgevonden voor werkzaamheden om de Ministeries van BZK en OCW te laten aansluiten op de gezamenlijke financiële administratie van de Ministeries van VWS, Financiën en SZW.

A3. Overige personele uitgaven

De uitgaven voor post-actieven zijn € 0,35 miljoen lager uitgevallen dan begroot vanwege enerzijds een lager dan verwachte instroom in de WW en anderzijds het effect van de inzet van re-integratieactiviteiten.

A4. ICT

Er is € 5,8 miljoen minder voor ICT uitgegeven dan begroot. Dit heeft voor een deel betrekking op vertraging in projecten, voor een deel op lagere contractkosten dan voorzien en daarnaast op in 2016 geleverde producten en diensten waarvan de betaling in 2017 zal plaatsvinden.

A5. Bijdrage aan SSO’s

In verband met de centrale bekostiging van FM Haaglanden heeft SZW het bijbehorende budget overgeboekt naar het Ministerie van BZK. Hier tegenover staat het ontvangen surplus van de Rijksgebouwendienst en FM Haaglanden over eerdere jaren. Per saldo zijn de uitgaven € 2,5 miljoen lager dan begroot.

A6. Overige materiële uitgaven

De gerealiseerde uitgaven komen nagenoeg overeen met de begrote uitgaven.

B. Ontvangsten

De ontvangsten zijn € 4,4 miljoen lager dan begroot. Dit heeft onder andere te maken met een ander aansluittempo van departementen op de RSO, waardoor er € 2,9 miljoen minder schoonmaakkosten bij deze departementen in rekening zijn gebracht dan waarvan bij de begroting werd uitgegaan. Daarnaast is de beoogde maatregel van doorbelasting van toezichtkosten aan BRZO-bedrijven, die moest zorgen voor extra ontvangsten op artikel 96, niet doorgegaan.

Rijksschoonmaakorganisatie (RSO)

In tabel 5.96.1 zijn mede de uitgaven en ontvangsten ten behoeve van de RSO opgenomen. In tabel 5.96.2 worden de bedragen voor de RSO en het kerndepartement exclusief RSO afzonderlijk weergegeven.

De RSO is in 2016 gestart met het uitvoeren van de schoonmaakactiviteiten. De uitgaven die daarvoor worden gedaan komen ten laste van de begroting van SZW. De schoonmakers zijn in dienst van het Rijk. De opbouw van de organisatie zal in de komende jaren geleidelijk plaatsvinden. In 2016 zijn de eerste organisaties aangesloten, waarvan de grootste zijn de Belastingdienst en het Ministerie van EZ.

Tabel 5.96.2 Extracomptabele tabel apparaatsuitgaven kerndepartement en apparaatsuitgaven RSO (x € 1.000)

Artikelonderdeel

Realisatie 2012

Realisatie 2013

Realisatie 2014

Realisatie 2015

Realisatie 2016

Begroting 2016

Verschil

2016

Kerndepartement exclusief RSO

             

Uitgaven

242.137

251.182

249.897

288.976

245.314

245.291

23

Ontvangsten

12.542

9.744

4.761

4.569

3.576

5.068

– 1.492

               

Rijksschoonmaakorganisatie

             

Uitgaven

0

0

960

2.242

10.196

16.963

– 6.767

Ontvangsten

0

0

0

0

9.987

12.928

– 2.941

Totaaloverzicht

Onderstaande tabel bevat een totaaloverzicht van alle apparaatsuitgaven van het departement en alle apparaatskosten van de agentschappen en de ZBO’s/RWT’s die onder de verantwoordelijkheid van het Ministerie van SZW vallen. De toelichting op de ontwikkeling bij het kerndepartement is te vinden bij tabel 5.96.1. Zie beleidsartikel 11 en bijlage 4 voor een toelichting op de ZBO’s/RWT’s en hoofdstuk 9 voor de agentschappen.

Tabel 5.96.3 Totaaloverzicht apparaatsuitgaven/kosten inclusief agentschappen en ZBO’s/RWT’s (x € 1.000)

Artikelonderdeel

Realisatie

2012

Realisatie

2013

Realisatie

2014

Realisatie

2015

Realisatie

2016

Begroting

20161

Verschil

2016

Totaal apparaatsuitgaven Ministerie

242.137

251.182

250.857

291.218

255.510

262.254

– 6.744

               

Totaal apparaatskosten agentschap

31.350

19.509

19.091

15.997

16.106

14.000

2.106

Agentschap SZW

21.741

19.509

19.091

15.997

16.106

14.000

2.106

Inspectie werk en inkomen

9.609

0

0

0

0

0

0

               

Totaal apparaatskosten ZBO’s2 en RWT’s

2.013.484

2.006.852

2.134.164

2.035.028

1.943.346

1.940.106

3.240

UWV

1.767.835

1.769.181

1.908.187

1.807.067

1.726.331

1.718.396

7.935

SVB

239.173

229.890

219.405

221.590

210.012

215.985

– 5.973

IB

6.476

7.781

6.572

6.371

7.003

5.725

1.278

1

In de premiegefinancierde uitvoeringskosten van het UWV en de SVB is het deel nominaal niet meegenomen vanwege de vergelijkbaarheid met de begrotingsgefinancierde uitvoeringskosten waar dit ook niet gebeurt.

2

Dit betreft zowel begrotingsgefinancierde als premiegefinancierde kosten. De ontvangsten artikel 11 zijn in mindering gebracht op de uitgaven.

Bezetting

De bezetting van het kerndepartement exclusief RSO ultimo 2016 is afgenomen ten opzichte van 2015. In deze afname zijn de effecten van de taakstelling zichtbaar.

Tabel 5.96.4 Bezettingsoverzicht (fte)
 

Realisatie

2012

Realisatie 2013

Realisatie 2014

Realisatie 2015

Realisatie 2016

Kerndepartement exclusief RSO

2.153

2.184

2.254

2.265

2.226

RSO

0

0

0

12

260

Bezetting totaal ultimo

2.153

2.184

2.254

2.277

2.486

Invulling taakstelling

De taakstelling is voor het kerndepartement SZW onder meer ingevuld door een verdere versobering van de bedrijfsvoering. Voorts zijn de processen rond het beroep en bezwaar van de Wet Arbeid Vreemdelingen vereenvoudigd en gestroomlijnd. Tevens is door deregulering per 1 januari 2016 gestopt met het organisatie- en systeemtoezicht op het UWV en de SVB. De taakstelling van het kerndepartement is verhoogd om extra formatieplaatsen te kunnen creëren voor medewerkers uit de doelgroep kwetsbare groepen.

De taakstelling van het UWV en de SVB wordt ingevuld door besparingsmogelijkheden als gevolg van een meer doelmatige uitvoering, vereenvoudiging van wet- en regelgeving en versobering van taken en dienstverlening. Het UWV en de SVB hebben de invulling van de taakstelling in 2016 opgenomen in hun jaarplannen die zijn aangeboden aan de Tweede Kamer.

Tabel 5.96.5 Extracomptabele tabel invulling taakstelling (x € 1.000)
 

2016

2017

2018

Structureel

Departementale taakstelling (totaal)

23.354

52.803

64.978

64.978

         

Kerndepartement

3.354

7.703

9.378

9.378

         

Agentschappen totaal

0

0

0

0

Agentschap SZW

0

0

0

0

         

ZBO’s totaal

20.000

45.100

55.600

55.600

UWV (inclusief BKWI)

17.700

39.700

48.900

48.900

SVB

2.300

5.400

6.700

6.700

Licence