Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

17. Saldibalans

Tabel 98 Saldibalans per 31 december 2020 van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (HVII) (bedragen x € 1.000)

Activa

31-12-2020

 

31-12-2019

 

Passiva

31-12-2020

 

31-12-2019

          

Intra-comptabele posten

   

Intra-comptabele posten

   

1

Uitgaven ten laste van de begroting

6.961.305

 

5.616.794

2

Ontvangsten ten gunste van de begroting

922.242

 

753.124

3

Liquide middelen

1.353

 

6.456

     

4

Rekening-courant RHB1

0

 

0

4a

Rekening-courant RHB

5.971.991

 

4.860.256

5

Rekening-courant RHB Begrotingsreserve

281.133

 

248.378

5a

Begrotingsreserves

281.133

 

248.378

6

Vorderingen buiten begrotingsverband

35.076

 

33.189

7

Schulden buiten begrotingsverband

103.501

 

43.059

8

Kas-transverschillen

        
          

Subtotaal intra-comptabel

7.278.867

 

5.904.817

Subtotaal intra-comptabel

7.278.867

 

5.904.817

          

Extra-comptabele posten

   

Extra-comptabele posten

   

9

Openstaande rechten

0

 

0

9a

Tegenrekening openstaande rechten

0

 

0

10

Vorderingen

747.024

 

406.964

10a

Tegenrekening vorderingen

747.024

 

406.964

11a

Tegenrekening schulden

0

 

0

11

Schulden

0

 

0

12

Voorschotten

6.584.853

 

5.402.844

12a

Tegenrekening voorschotten

6.584.853

 

5.402.844

13a

Tegenrekening garantieverplichtingen

27.569

 

27.671

13

Garantieverplichtingen

27.569

 

27.671

14a

Tegenrekening andere verplichtingen

1.015.482

 

641.663

14

Andere verplichtingen

1.015.482

 

641.663

15

Deelnemingen

0

 

0

15a

Tegenrekening deelnemingen

0

 

0

          

Subtotaal extra-comptabel

8.374.928

 

6.479.142

Subtotaal extra-comptabel

8.374.928

 

6.479.142

          

Totaal

15.653.795

 

12.383.959

Totaal

15.653.795

 

12.383.959

1

Rijkshoofdboekhouding

Toelichting op de saldibalans per 31 december 2020 HVII

Waardesprong cijfers Hoofdstuk VII per 1-1-2020

Met ingang van het verantwoordingsjaar 2020 is vanwege politieke besluitvorming van het kabinet, de administratie van de Nationaal Coördinator Gaswinning (NCG) vanuit het Ministerie van Economische Zaken overgekomen naar BZK. Deze invlechting heeft ertoe geleid dat de balansstanden per 1-1-2020 (aanzienlijk) afwijken van de eindstanden 2019. Dit betreft de navolgende balansposten met de navolgende bedragen.

Tabel 99 Afwijking balansstanden per 1-1-2020 (bedragen x € 1.000)

Nr.

Balanspost

Bedrag

BP 10

Vorderingen

350.000

BP 12

Voorschotten

221.156

BP 14

Andere verplichtingen

22.431

Ad 1. en 2. Uitgaven en ontvangsten

Bij de begrotingsuitgaven en -ontvangsten zijn de gerealiseerde uitgaven en ontvangsten opgenomen met betrekking tot het jaar 2020 waarvoor de Rijksrekening nog niet door de Tweede Kamer is goedgekeurd.

Ad 3. Liquide middelen

De post liquide middelen is onder andere opgebouwd uit het saldo bij de banken en de contante gelden aanwezig in de kluis van de kasbeheerders.

Tabel 100 Overzicht liquide middelen (bedragen in €)

Liquide middelen

Saldo

a) Kasbeheerders Rijksdiensten

1.350.121

b) Houders Kleine Kas

2.428

c) Overige liquide middelen

0

  

Totaal

1.352.549

Ad a) Kasbeheerders Rijksdiensten

Deze post is gebaseerd op de verantwoording van de kasbeheerder. Deze post bestaat uit het banksaldo van de kasbeheerder AIVD.

Ad b) Houders Kleine Kas

Het bedrag bestaat uit voorschotverstrekkingen aan houders van een kleine kas en is gebaseerd op saldoverklaringen.

Ad 4a. Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding

Op de Rekening‑courant met de Rijkshoofdboekhouding (RHB) is de financiële verhouding met het Ministerie van Financiën weergegeven. Opgenomen zijn de bedragen conform Rekening-courant afschriften en het saldobiljet van genoemd departement.

Tabel 101 Overzicht Rekening-courant Rijkshoofdboeking (bedragen in €)

Rekening-courant

Saldo

a) Rekening-courant FIN/RHB

5.971.990.324

  

Totaal

5.971.990.324

Het saldo vertegenwoordigt de reguliere mutaties met betrekking tot Hoofdstuk VII.

Ad 5. Rekening-courant RHB Begrotingsreserves

Tabel 102 Overzicht Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding begrotingsreserves (bedragen in €)

Rekening-courant

Saldo

a) Rekening-courant FIN/RHB NHG

201.184.751

b) Rekening-courant FIN/RHB WOCO

79.947.846

Totaal

281.132.597

Het saldo vertegenwoordigt de middelen van de risicovoorzieningen Nationale Hypotheekgarantie (NHG) en Sanerings- en projectsteun woningcorporaties.

Ad 5a. Begrotingsreserves

De post begrotingsreserves is als volgt opgebouwd:

Tabel 103 Overzicht begrotingsreserves (bedragen in €)

Begrotingsreserves

Saldo

a) Risicovoorziening NHG

201.184.751

b) Risicovoorziening Sanering- en Projectsteun Woningcorporaties

79.947.846

Totaal

281.132.597

Tabel 104 Overzicht verloop Sanering- en Projectsteun Woningcorporaties (bedragen x € 1 mln.)

Begrotingsreserves

Saldo 1.1.2020

Toevoegingen

Onttrekkingen

Saldo 31.12.2020

Artikel

Nationale Hypotheekgarantie

167,4

33,8

 

201,2

3

Saneringssteun Woningcorporaties

74,3

 

1,1

73,2

3

Projectsteun Woningcorporaties

6,7

  

6,7

3

 

248,4

33,8

1,1

281,1

 

Ad a) Nationale Hypotheekgarantie

Voor de achtervangfunctie van het Rijk bij de Nationale Hypotheekgarantie (NHG) draagt het Waarborgfonds Eigenwoning (WEW) een achtervangvergoeding af aan het Rijk. In 2019 bedroeg deze afdracht 0,15% van iedere nieuwe afgegeven hypotheekgarantie. Deze afdracht wordt doorberekend aan de consument. In 2020 heeft het Rijk de afdrachten over het boekjaar 2019, ter grootte van afgerond € 33,9 mln., ontvangen. Dit bedrag is in de daartoe bestemde risicovoorziening gestort. Eind 2020 bedroeg de risicovoorziening cumulatief € 201,2 mln.

Ad b) en c) Saneringssteun en projectsteun Woningcorporaties

Woningcorporaties kunnen als zij in financiële problemen zitten, op grond van de Woningwet (art. 57 BTIV) saneringssubsidie aanvragen. De taak voor sanering en reguliere projectsteun aan woningcorporaties is gemandateerd aan het waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). De hiervoor beschikbare middelen worden aangehouden in de risicovoorziening bij het Rijk. Er is in 2020 geen saneringssubsidie verstrekt.

Bij de sanering van Vestia is destijds tussen het Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting (CFV) en Vestia afgesproken dat 40% van de kosten die worden gemaakt voor het onderzoek naar de aansprakelijkheid van banken wordt vergoed uit de risicovoorziening. In 2020 heeft Vestia hiervoor een bijdrage van afgerond € 1,0 mln. ontvangen. Tevens worden elk jaar kosten gemaakt voor de uitvoering van de saneringstaak, deze bedroegen in 2020 circa € 0,1 mln. Deze bijdragen zijn onttrokken aan de risicovoorziening.

Eind 2020 bedraagt de voorziening in totaal € 79,9 mln. waarvan € 73,2 voor sanering en € 6,7 mln. voor projectsteun.

Ad 6. Vorderingen buiten begrotingsverband

Het bedrag aan vorderingen buiten begrotingsverband is als volgt opgebouwd:

Tabel 105 Overzicht vorderingen buiten begrotingsverband (bedragen in €)

Type vorderingen

Saldo

a) Vorderingen Kasbeheerders Rijksdiensten

521.393

b) Te vorderen van ministeries en derden

31.380.124

c) Intra-comptabele voorschotten

2.902.100

d) Intra-comptabele debiteuren

272.245

  

Totaal

35.075.862

Ad a) Vorderingen Kasbeheerders Rijksdiensten

Dit bedrag is gebaseerd op de verantwoording van de kasbeheerder en bestaat uit de vorderingen van de AIVD voor een bedrag van € 0,5 mln.

Ad b) Te vorderen van ministeries en derden

In dit bedrag zijn aan diverse departementen door te berekenen posten betreffende uitgevoerde dienstverleningsafspraken opgenomen.

Ad c) Intra-comptabele voorschotten

Dit bedrag bestaat voornamelijk uit voorschotten aan personeel in verband met salaris en vergoedingen studiekosten (€ 2,8 mln.).

Ad d) Intra-comptabele debiteuren

Dit bedrag heeft betrekking op nog te verrekenen bedragen van de maand december 2020 inzake APG (€ 0,2 mln) en de BTW vorderingen (0,1 mln.).

Ad 7. Schulden buiten begrotingsverband

Het bedrag aan schulden buiten begrotingsverband is als volgt opgebouwd:

Tabel 106 Overzicht schulden buiten begrotingsverband (bedragen in €)

Schulden

Saldo

a) Schulden Kasbeheerders Rijksdiensten

13.544.570

b) Nog af te dragen loonheffing en Sociale premies

57.099.270

c) Overige intra-comptabele schulden

3.877.260

d) Ontvangst subsidie gemeente Appingedam

28.979.800

  

Totaal

103.500.900

Ad a) Schulden Kasbeheerders Rijksdiensten

Dit bedrag is gebaseerd op de verantwoording van de kasbeheerder. Het gaat om het saldo bij de kasbeheerder RVO over de maand december 2020 voor een bedrag van € 13,5 mln.

Ad b) Nog af te dragen loonheffing en Sociale premies

Het gehele bedrag betreft nog af te dragen loonheffing en sociale premies over de maand december 2020 die in januari 2021 door het ministerie aan de betreffende instanties zijn afgedragen.

Ad c) Overige intra-comptabele schulden

Dit bedrag heeft onder andere betrekking op nog te verrekenen bedragen van de agentschappen (€ 2,0 mln) en eigen risicodragerschap/ WIA (€ 3,4 mln).

Ad d) Ontvangst subsidie gemeente Appingedam

Van de gemeente Appingedam heeft NCG € 28,9 mln. ontvangen in het kader van de versterkingsoperatie t.b.v. het slopen en nieuwbouwen en aardgasvrij bouwen van 165 vliesgevel en 69 gemetselde woningen in de wijk Opwierde-Zuid in de gemeente Appingedam; € 25 mln. is voor slopen en nieuwbouwen en € 3,9 mln. is voor meerkosten als gevolg van aardgasvrij bouwen. Deze middelen worden in de komende jaren gerealiseerd.

Ad 9. Openstaande rechten

Ad 9a. Tegenrekening openstaande rechten

Balanspost 9 is opgenomen onder balanspost 10 openstaande vorderingen (zie RBV 2021).

Ad 10. Vorderingen

Ad 10a. Tegenrekening vorderingen

Het saldo per 31 december 2020 kan als volgt worden gespecificeerd:

Tabel 107 Overzicht vorderingen naar ontstaansjaar (bedragen in €)

Ontstaansjaar vorderingen

    

Stand per 31-12-2020

t/m 2016

    

0

2017

    

127.763

2018

    

685.223

2019

    

275.153.243

2020

    

99.314.063

      

Totaal excl. toeslagen

    

375.280.292

      

Toeslagen

    

Stand per 31-12-2020

Toeslagjaar vóór 2014

    

28.609.812

Toeslagjaar 2014

    

17.533.626

Toeslagjaar 2015

    

22.855.971

Toeslagjaar 2016

    

26.766.517

Toeslagjaar 2017

    

37.494.372

Toeslagjaar 2018

    

74.501.209

Toeslagjaar 2019

    

125.668.776

Toeslagjaar 2020

    

38.313.415

Toeslagjaar diverse1

    

0

Totaal toeslagen

    

371.743.697

      
     

Stand per 31-12-2020

TOTAAL

    

747.023.989

1

Toeslagjaar "diverse": deze bedragen waren op 1-1-2020 nog niet te specificeren per toeslagjaar.

Tabel 108 Overzicht tegenrekening vorderingen per artikel per 31 december 2020 (bedragen in €)

Art.

Omschrijving

Saldo

1

Openbaar bestuur en democratie

78.068

2

Nationale veiligheid

1.207.863

3

Woningmarkt

371.743.697

4

Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit

2.870.687

5

Ruimtelijke ordening en Omgevingswet

69.479

6

Overheidsdienstverlening en informatiesamenleving

61.416

7

Werkgevers- en bedrijfsvoeringbeleid

243.560

9

Uitvoering Rijksvastgoedbeleid

0

10

Groningen versterken en perspectief

354.227.845

11

Centraal apparaat

16.521.374

12

Algemeen

0

   

Totaal

 

747.023.989

Naar mate van opeisbaarheid

Alle vorderingen zijn direct opeisbaar.

Toelichting

Artikel 1: Openbaar bestuur en democratieDit betreffen enkele vorderingen (€ 0,07 mln.) in het kader van de referendumcommissie en een vordering (€ 0,01 mln.) met betrekking tot de bijdrage van de Provincie Zuid-Holland voor de opdracht burgerparticipatie.

Artikel 2: Nationale VeiligheidHet betreft hier vorderingen met betrekking tot pensioenpremies voor medewerkers welke gedetacheerd zijn bij Internationale Volkenrechtelijke organisaties (€ 0,08 mln.), openstaande vorderingen van veiligheidsonderzoeken (€ 0,7 mln.) en openstaande vorderingen van detacheringen (€ 0,4 mln.).

Artikel 3: WoningmarktHet saldo betreft voornamelijk de door Belastingdienst ingestelde terugvorderingen (€ 371,7 mln.) van verstrekte huurtoeslagen.

Artikel 4: Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteitHet betreft vorderingen (€ 2,9 mln.) welke in beheer zijn bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl).

Artikel 5: Ruimtelijke ordening en OmgevingswetDit betreft het terugbetalen restant van voorschot (€ 0,04 mln.) na afrekening werkzaamheden omgevingswet 2019. Verder is sprake van een verrekening in het kader van het project Central Innovation District Den Haag (€ 0,02 mln.).

Artikel 6: Overheidsdienstverlening en informatiesamenlevingHet gaat hier om afrekeningen (decharge/vaststellingen) van een bijdrage aan Logius voor Diginetwerk 2017 (€ 0,05 mln.) en van een bijdrage aan de gemeente Den Haag voor Persoonskaarten digitaliseren (€ 0,01 mln.).

Artikel 7: Werkgevers- en bedrijfsvoeringsbeleidDit betreft onder andere het terugbetalen van het restant voorschot (€ 0,17 mln.) van de bijdrage 2019 voor UBR voor arbeidsmarktcommunicatie en het terugvorderen van het restant voorschot voor wervingsaanpak HRM inkoop (€ 0,05 mln.).

Artikel 10: Groningen versterken en perspectiefEr staat een vordering open op de NAM in verband met NPG gelden van € 275 mln. en een vordering op de NAM van € 76 mln. voor uitvoering en versterking derde kwartaal 2020.

Artikel 11: Centraal apparaatHet overgrote deel van de openstaande vorderingen op dit artikel betreft een vordering bij NCG van € 11,8 mln. op de NAM voor uitvoering en versterking in het derde kwartaal van 2020. Ook staan nog vorderingen open in verband met nog van diverse ministeries en baten-lastenagentschappen te ontvangen bedragen op basis van dienstverleningsafspraken aangaande geleverde plusdiensten of maatwerk (€ 0,4 mln.). Daarnaast staan er nog vorderingen open met betrekking tot uit-detacheringen (€ 0,4 mln.) en bij Doc-Direct betreffende restwerkzaamheden (€ 0,6 mln.).

Ad 12. Voorschotten

Ad 12a. Tegenrekening voorschotten

De saldi van de per 30 september openstaande voorschotten en van de in 2020 afgerekende voorschotten worden hieronder per ontstaansjaar gespecificeerd:

Tabel 109 Overzicht voorschotten naar ontstaansjaar (excl. toeslagen) (bedragen in €)

Ontstaansjaar

Stand 01-01-2020

Invlechting conversie NCG

Correctie beginstand AIVD

Gecorrigeerde stand1-1-2020

Verstrekt 2020

Afgerekend 2020

Stand 31-12-2020

t/m 2016

420.441.806

363.084

‒ 11.952

420.792.938

 

140.600.703

280.192.235

2017

80.925.300

1.362.982

0

82.288.282

 

38.967.123

43.321.159

2018

146.277.889

8.933.669

0

155.211.558

 

33.983.890

121.227.668

2019

492.964.293

210.496.610

1.560.200

705.021.104

 

279.857.909

425.163.195

2020

0

0

  

1.284.748.173

15.067.403

1.269.680.770

Totaal (excl. toeslagen)

1.140.609.288

221.156.345

1.548.248

1.363.313.882

1.284.748.173

508.477.028

2.139.585.027

        

Toeslagen

Stand per 01-01-2020

  

Stand per 01-01-2020

Verstrekt 2020

Afgerekend 2020

Stand per 31-12-2020

Toeslagjaar vóór 2014

   

254.808

0

20.460

234.348

Toeslagjaar 2014

   

2.399.715

0

970.194

1.429.521

Toeslagjaar 2015

   

3.331.378

0

1.639.334

1.692.044

Toeslagjaar 2016

   

22.129.164

0

19.635.998

2.493.166

Toeslagjaar 2017

   

261.981.642

0

236.934.622

25.047.020

Toeslagjaar 2018

   

3.637.704.060

39.642.623

3.467.359.151

209.987.532

Toeslagjaar 2019

   

334.433.301

3.525.684.198

0

3.860.117.498

Toeslagjaar 2020

   

0

344.266.439

0

344.266.439

Totaal Toeslagen

   

4.262.234.068

3.909.593.259

3.726.559.759

4.445.267.568

        
 

Stand per 01-01-2020

  

Stand per 01-01-2020

Verstrekt 2020

Afgerekend 2020

Stand per 31-12-2020

TOTAAL

1.140.609.288

221.156.345

1.548.248

5.625.547.950

5.194.341.432

4.235.036.787

6.584.852.595

Tabel 110 Overzicht openstaande voorschotten per artikel (bedragen in €)

Art.

Omschrijving artikel

Saldo

1

Openbaar bestuur en democratie

63.717.500

2

Nationale veiligheid

4.982.248

3

Woningmarkt

4.811.236.067

4

Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit

518.276.695

5

Ruimtelijke ordening en omgevingswet

374.758.620

6

Overheidsdienstverlening en informatiesamenleving

279.027.403

7

Werkgevers- en bedrijfsvoeringsbeleid

44.004.056

9

Uitvoering Rijksvastgoedbeleid

79.983.000

10

Groningen versterken en perspectief

391.179.447

11

Centraal apparaat

16.022.159

12

Algemeen

1.665.400

   
 

Totaal openstaande voorschotten

6.584.852.595

Artikel 1: Openbaar bestuur en democratieHet openstaande saldo bestaat uit de bevoorschotting van politieke partijen (€ 20,4 mln.) op grond van de Wet Financiering politieke partijen en aan de Oorlogsgravenstichting verstrekte voorschotten (€ 3,5 mln.). Er staat € 7,9 mln. open aan specifieke uitkeringen aan de provincies. Dit is bestemd voor verstrekking van subsidies en bijdragen aan culturele instellingen ter dekking van extra uitgaven of gederfde inkomsten als gevolg van Covid-19, die niet uit hoofde van andere regelingen of bijdragen worden gedekt. Verantwoording vindt plaats in 2022.

ProDemos heeft een voorschot ontvangen van € 7,3 mln. Vaststelling van de subsidie vindt plaats in april 2021. Er is een bijdrage verstrekt aan Dienst Publiek en Communicatie (DPC) voor de campagne van de Tweede Kamer verkiezingen, die in 2021 wordt verantwoord. Er staan diverse voorschotten open aan de VNG (totaal € 3,3 mln.) voor onder andere Democratie in actie 2020-2021 (€ 2 mln.), kosten die gemaakt worden om in alle regio’s een stabiele keten van zorg, veiligheid en het sociale domein te realiseren (€ 0,4 mln.), het opzetten van een ondersteuningsstructuur voor de gemeenten in de transitiefase Covid-19 (€ 0,3 mln.) en activiteiten gericht op de aanpak van tekorten in het sociaal domein (€ 0,3 mln.).

Met betrekking tot het programma interbestuurlijke betrekkingen zijn bijdragen verstrekt aan de Unie van Waterschappen (€ 1,8 mln.), die worden verantwoord in 2022. Daarnaast staat er nog een voorschot open (€ 2,7 mln.) aan ICTU ten behoeve van bijdragen aan verschillende City Deals. Met betrekking tot overige subsidies voor ondersteuning City Deals en de doorontwikkeling Agenda Stad staat voor € 0,9 mln. aan voorschotten open.

Ook staan voorschotten open (€ 0,7 mln.) aan de Universiteit van Amsterdam voor een subsidie aan het adolescentenpanel (verantwoording in 2024) en aan de Nederlandse Genootschap van Burgemeesters (€ 0,75 mln.) voor het professionaliseringsfonds burgers. Daarnaast staat er nog een voorschot (€ 1,4 mln.) open betreffende een subsidie aan Woonstichting Thuis voor nieuwbouw en renovatie sociale woningen Caribisch Nederland.

Artikel 2: Nationale veiligheidDe openstaande voorschotten op dit artikel hebben met name betrekking op de bevoorschotting van Loyalis over de jaren 2017 (€ 0,9 mln.), 2018 (€ 1,0 mln.), 2019 (€ 1 mln.) en 2020 (€ 0,6 mln). Daarnaast staat een voorschot open van € 1,6 mln. voor KMAR beveiliging 2020.

Artikel 3: WoningmarktDit saldo betreft voornamelijk openstaande voorschotten (€ 4.445 mln.) die betrekking hebben op huurtoeslagen waarvoor nog geen definitieve toekenning van het toeslagrecht door de Belastingdienst heeft plaats gevonden. Daarnaast is er een subsidie toegekend aan de Stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting van totaal € 38 mln. voor de binnenstedelijke transformatie, waarvan een deel in 2018 en een deel in 2019 is betaald. Verder zijn er voorschotten verstrekt aan onder andere DIenst van de Huurcommissie (DHC) (€ 7,9 mln.) en aan het waarborgfonds sociale woningbouw (€ 7 mln.).

Artikel 4: Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteitAan de Stichting Nationaal Warmtefonds (voorheen Energiebespaarfonds) is de afgelopen jaren een voorschot verleend van € 194 mln. ten behoeve van de financiering van het treffen van energiebesparende maatregelen door particulieren. Verder is in het kader van energiebesparing een subsidie van € 20 mln. aan de Stichting Fonds Duurzaam Funderingsherstel verleend als eigen vermogen voor het fonds en kent een doorlooptijd tot in 2035. Via een specifieke uitkering aan gemeenten is voor € 77,6 mln. aan voorschotten uitgekeerd voor proeftuinen aardgasvrije wijken. Verantwoording vindt plaats in 2029. Eveneens via een specifieke uitkering aan gemeenten is voor € 97,9 mln. aan voorschotten verstrekt voor de regeling reductie energieverbruik. Aan provincies is via een specifieke uitkering voor € 8 mln. bevoorschot voor het ontzorgingsprogramma. Verantwoording is in 2024. Ook staan op dit artikel voor € 17,6 mln. aan voorschotten open voor de vergoeding van mensuren en projectmiddelen aan RVO.nl.

Artikel 5: Ruimtelijke ordening en OmgevingswetEr staat voor ongeveer € 187 mln. aan voorschotten open voor projecten ruimtelijke kwaliteit (BIRK). Het betreft o.a. Delft (€ 78,1 mln.), Nijmegen Waalfront (€ 25 mln.), Den Haag NSP (€ 34 mln.), Rotterdam (12,8 mln.), Breda NSP (€ 24 mln.) en Venlo (€ 10,4 mln.). Daarnaast heeft het Kadaster voorschotten ontvangen (€ 96,8 mln.) voor beheer van de geo-basisregistraties en voor de Tactische Beheer Organisatie (TBO). Er staan diverse voorschotten open aan Rijkswaterstaat onder andere voor het Informatiepunt (€ 8,7 mln.), de afbouw DSO (€ 4,5 mln.), Operationeel Beheer (€ 2,8 mln.) en voor het maken toepasbare regels, zodat de regelgeving van de Omgevingswet zichtbaar wordt in het DSO (€ 3,3 mln.). Voor de afbouw DSO staan verder nog voorschotten open aan KOOP (UBR) voor € 4,6 mln. en aan Stichting Geonovum voor € 1,7 mln. Voor de stimuleringsregeling Omgevingswet staat nog € 10 mln. aan voorschot open als bijdrage aan de VNG. Het Rijksvastgoedbedrijf heeft een voorschot ontvangen (€ 4,8 mln.) voor het uitvoeren van gebiedsprojecten.

Artikel 6: Overheidsdienstverlening en informatiesamenlevingVoor onder andere programma EID, DigiD hoog, programma Machtigen, Routeringsvoorziening, e-procurement, doorontwikkeling SBR, diginetwerk, MijnOverheid, eIDAS, stelsel eTD/eHerkenning en ontwikkeling platform services heeft Logius voor een totaal van € 112,3 mln. aan voorschotten gekregen. Deze worden in 2021 en 2022 afgehandeld. Met betrekking tot bijdrage aan Agentschap Telecom staan er voor toezichtstaken nog voorschotten (€ 3,4 mln.) open uit de jaren 2018, 2019 en 2020. Door samenvoeging van projecten is de verantwoording opgeschoven. Een deel van de verantwoording wordt in 2021 afgehandeld. Ook de Kamer van Koophandel heeft voorschotten (€ 6,3 mln.) ontvangen onder andere voor Digitaal Ondernemersplein. Verantwoording vindt deels in 2021 en deels in 2022 plaats. Voor het project PLOOI heeft KOOP (UBR) voorschotten ontvangen (€ 2,7 mln.). Deze worden in 2021 na verantwoording afgehandeld. RDW heeft voorschotten ontvangen voor onder andere bijdrage aan eID-applet (€ 9,6 mln.) en voor het project ondersteuning kwetsbare burgers (€ 4,7 mln.). Met betrekking tot de RvIG staat een totaal van € 60 mln. aan voorschotten open. Deze hebben onder andere betrekking op eIDAS, BRP, Transitie en continuiteit van Landelijk Aanpak Adreskwaliteit (LAA). Afwikkeling wordt in 2021 en 2022 verwacht. Ook staan er voorschotten (€ 11,3 mln.) open voor Rijksdienst voor Ondernemend Nederland voor o.a. Digitale Overheid voor Ondernemers en Helpdesk e-factureren voor overheden en ondernemers. Daarnaast staan er voorschotten (€ 14,2 mln.) ten behoeve van subsidies aan de VNG open voor onder andere project Haal centraal, Notificatieservice, Data beleid en Common ground. Afrekening volgt na verantwoording medio 2021 t/m 2023. Ook staan voorschotten (€ 22,5 mln.) open aan ICTU inzake onder andere Gebruiker Centraal, Bedrijven in regie op hun gegevens en Leer- en expertisecentrum Datagedreven en aan DPC voor Aanpak Levensgebeurtenissen (€ 2,3 mln.).

Artikel 7: Werkgevers- en bedrijfsvoeringsbeleidHet openstaande saldo bestaat grotendeels uit de bevoorschotting van de stichting Administratie Indonesisch Pensioenen (€ 7,7 mln.), ten behoeve van de pensioenen van gepensioneerd personeel uit de voormalige overzeese gebieden. Daarnaast zijn aan ICTU voorschotten (€ 8,9 mln.) verstrekt in de jaren 2017 tot en met 2020 inzake Internetspiegel en Vensters. Na ontvangst van dechargeverzoeken en/of verantwoordingsstukken worden deze voorschotten vastgesteld. Ook zijn voorschotten (€ 1,6 mln.) verstrekt aan de stichting Centrum voor Arbeidsverhouding Overheidspersoneel (CAOP) en staat er nog een voorschot open (€ 3,4 mln.) aan Stichting A+O Fonds Rijk op basis van een jaarlijkse subsidieregeling arbeidsmarktmiddelen. Daarnaast zijn er nog voorschotten opgenomen voor UBR voor de versterking HR ICT rijksdienst 2019 en 2020 (€ 7 mln.) en voor diverse projecten en opdrachten voor het programma arbeidsmarktcommunicatie 2020 (€ 6,8 mln.). De afwikkeling van de voorschotten vindt in 2021 plaats na ontvangst van de verantwoording.

Artikel 9: Uitvoering rijksvastgoedbeleidHet openstaande saldo betreft grotendeels een voorschot aan het RVB van € 77 mln. voor de zakelijke lasten en voor het uitvoeren van het rijkshuisvestingsbeleid met betrekking tot de beheer en onderhoudkosten, beheer monumenten, energiebesparing, ondersteuning en stimulering architectonische kwaliteit. Na ontvangst en beoordeling van de verantwoordingsinformatie zal dit voorschot in de loop van 2021 worden afgewikkeld.

Artikel 10: Groningen versterken en perspectiefEr zijn voorschotten verstrekt (€ 66,7 mln.) aan de provincie Groningen ter financiering van een aantal projecten die goedgekeurd zijn door het NPG bestuur. Er zijn voorschotten door NCG verstrekt (€ 77,6 mln.) als depots via notarissen. Afboeking vindt plaats op het moment van definitieve vaststelling van de subsidie. Verder staan er voorschotten open naar aanleiding van het convenant dat in 2019 is getekend door de ministeries van EZK en BZK met een aantal gemeenten in Groningen om de woningen in batch 1588 te versterken. Het gaat hierbij onder andere om Appingedam (€ 76,6 mln.), Delfzijl (€ 28 mln.) en Groningen (€ 7 mln.). Daarnaast zijn voorschotten via een specifieke uitkering aan diverse gemeenten verstrekt ter financiering van projecten die goedgekeurd zijn door het NPG bestuur. Het gaat onder andere om de gemeenten Groningen (€ 17,1 mln.), Hogeland (€ 15 mln.), Delfzijl (€ 10,5 mln) en Loppersum (€ 15,3 mln.). Verder staat € 10 mln. als lening in de vorm van een subsidie open om huizen te kopen in het aardbevingsgebied als de huizen te lang in de verkoop staan. Verantwoording vindt plaats na de consolidatiedatum tot en met 2026.

Artikel 11: Centraal apparaatDe openstaande voorschotten op dit artikel betreffen voornamelijk de bevoorschotting van Loyalis over de afgelopen jaren (€ 16 mln.). De voorschotten Loyalis zullen na ontvangst en beoordeling van de verantwoordingsinformatie in 2021 en volgende jaren worden afgewikkeld.

Artikel 12: AlgemeenDe openstaande voorschotten bestaan onder andere uit de bevoorschotting van het programma NSOB intelligent bestuur (€ 0,3 mln.) en voor een meerjarige samenwerkingsband ten behoeve van Kennisbank Openbaar Bestuur (€ 0,2 mln.). Daarnaast zijn er een subsidies verstrekt aan het centrum voor parlementaire Geschiedenis inzake staatscommissie (€ 0,2 mln.) en Stichting Montesquieu (€ 0,1 mln.) ten behoeve van kennisdeling en -verspreiding, waarbij op basis van jaarlijkse verantwoording wordt afgerekend. Ook is er een voorschot opgenomen voor de Technische Universiteit Delft ten behoeve van het AIVD expert– en onderzoeksprogramma (€ 0,5 mln.).

Ad 13. Garantieverplichtingen

Ad 13a. Tegenrekening Garantieverplichtingen

De stand openstaande verplichtingen is als volgt opgebouwd:

Tabel 111 Overzicht stand garantieverplichtingen (bedragen in €)

Verplichtingen per 1/1

27.670.168

 

Aangegane verplichtingen in het verslagjaar

0

+/+

 

27.670.168

 

Tot betaling gekomen in 2020

0

-/-

Negatieve bijstellingen verplichtingen uit eerdere begrotingsjaren

102.101

-/-

   

Totaal

27.568.067

 

De negatieve bijstelling van de verplichting uit eerdere jaren betreft het verlagen van de Rijkshypotheekgaranties. Een deel van de garantie houdt op te bestaan omdat de betreffende hypotheek is afgelost.

Niet in balans opgenomen garantieverplichtingen

De niet in de balans opgenomen garantieverplichtingen Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW), Nationale Hypotheekgarantie (NHG) en de Rijkshypotheekgaranties worden toegelicht in het «Overzicht van risicoregelingen» in het beleidsverslag.

Garantie Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf

Bij de overkomst van het Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf van het Ministerie van Financiën naar Wonen en Rijksdienst per 1-1-2013 heeft Wonen en Rijksdienst een door het Ministerie van Financiën verleende garantie overgenomen. Inmiddels heeft het Ministerie van BZK zich garant gesteld voor de eventuele verliezen op gebiedsontwikkelingsprojecten van het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) nu Wonen en Rijksdienst is opgeheven. De garantie is gemaximeerd tot een bedrag van € 201,5 mln. (het vorderingenplafond). Indien de directe opbrengst van het grondexploitatieprojecten lager zijn dan de verwachte geactiveerde kosten, staat het Ministerie van Financiën via het Ministerie van BZK garant voor in totaal € 201,5 mln.

Mocht een gebiedsontwikkelingsproject echter later toch leiden tot een betaling van Ministerie van BZK aan het RVB wordt dit budgettair gedekt uit het generale beeld (via het Ministerie van Financiën).

Ad 14. Andere verplichtingen

Ad 14a. Tegenrekening andere verplichtingen

Tabel 112 Overzicht verplichtingen (bedragen in €)

Verplichtingen per 1/1

641.661.239

 

Waardesprong per 01-01-2020 NCG

22.430.521

+/+

Verplichtingen per 1/1

664.091.760

 

Aangegane verplichtingen in het verslagjaar

7.387.117.143

+/+

 

8.051.208.903

 

Tot betaling gekomen in 2020

6.961.305.000

-/-

Negatieve bijstellingen verplichtingen uit eerdere begrotingsjaren

74.422.143

-/-

   

Totaal

1.015.481.760

 

Toelichting

De toelichting heeft betrekking op de negatieve bijstellingen die per saldo een omvang hebben van meer dan 10% en of meer dan € 0,1 mln. ten opzichte van de verplichtingenstand per 31-12-2019.

Artikel 1: Openbaar bestuur en democratieDe verplichting aan ICTU voor het Interbestuurlijk Programma (IBP) is op basis van de verantwoording met € 0,7 mln. verlaagd doordat de personele en materiële kosten lager zijn uitgevallen dan oorspronkelijk begroot. Bij de afrekening bleek dat DPC voor bijdrage verkiezingen 2019 minder kosten heeft gemaakt dan het maximaal toegekende bedrag. Hiervoor is de verplichting met € 0,1 mln. neerwaarts bijgesteld. De subsidie 2019 voor Forum voor Democratie is lager vastgesteld, waardoor de verplichting neerwaarts is bijgesteld met € 0,1 mln.

Artikel 3: WoningmarktIn verband met het vrijvallen van een oude BEW subsidieregeling zijn diverse verplichtingen van RVO negatief bijgesteld (€ 15 mln.). Op basis van de eindafrekening blijkt dat de uitvoeringskosten WSW 2020 lager zijn dan verwacht, waardoor de verplichting met € 0,4 mln. is verlaagd.

Artikel 4: Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteitConform afspraak is naar aanleiding van de definitieve begroting van de VNG de subsidie voor Kennis en Leerprogramma Aardgasvrije wijken naar beneden bijgesteld (€ 0,3 mln.). Doordat een deel van de werkzaamheden is doorgeschoven naar de lopende subsidie 2020 kon de verplichting NEN neerwaarts bijgesteld worden (€ 0,1 mln.). De verplichting voor UvW voor NP RES is naar beneden bijgesteld (€ 0,1 mln.) vanwege lagere kosten doordat het tekenen van het klimaatakkoord langer duurde dan gepland waardoor het NP RES later van start ging. De subsidie voor het programma Bouwagenda 2019 valt lager uit dan oorspronkelijk begroot, waardoor de verplichting is verlaagd (€ 0,1 mln.). Daarnaast is de verplichting voor de jaaropdracht van RVO 2019 naar beneden bijgesteld (€ 0,5 mln.) omdat de realisatie lager is dan het toegestane budget.

Artikel 5: Ruimtelijke ordening en omgevingswetEindafrekeningen in het kader van projecten BIRK hebben ervoor gezorgd dat twee verplichtingen naar beneden bijgesteld moesten worden. Het betreft de gemeente Rotterdam voor Stadshavens (€ 1,3 mln.) en de Provincie Zuid-Holland (€ 0,2 mln). Een verplichting aan ICTU voor monitor 2019 is naar beneden bijgesteld (€ 0,1 mln.) doordat deze te hoog was omdat er een bedrag was meegenomen uit 2018. De kosten van het IPO voor Aan de slag 2019 zijn lager uitgevallen dan verwacht, waardoor de verplichting met € 0,1 mln. is verlaagd.

Artikel 6: Overheidsdienstverlening en informatiesamenlevingOp basis van de decharge is de bijdrage voor het project Transitie en continuïteit van LAA door RvIG verlaagd en is de verplichting afgeboekt (€ 8,6 mln.). Het project Health Check BRP door RvIG is versneld beïndigd per 1 oktober 2020. Daarmee vervalt de verplichting van € 6,4 mln. De bijdrage aan RvIG voor het project APG pilot is verlaagd, waardoor de verplichting ook is verlaagd (€ 0,3 mln.).

Artikel 7: Werkgevers- en bedrijfsvoeringsbeleidOmdat er voor herijking rijksinkoopstelsel 2020 door UBR uiteindelijk minder werkzaamheden uitgevoerd zouden worden dan voorzien is de verplichting naar beneden bijgesteld (€ 0,1 mln.). Door vertraging van de werkzaamheden voor het programma versterking HR ICT Rijksdienst 2020 als gevolg van Covid-19 is de verplichting aan UBR naar beneden bijgesteld (€ 0,5 mln.).

Artikel 11: Centraal apparaatOp het personele vlak hebben diverse negatieve bijstelling plaatsgevonden doordat er minder uren zijn ingehuurd dan maximaal in het contract waren opgenomen (€ 2,9 mln.). Verder zijn er neerwaarste bijstellingen geweest in detacheringscontracten door wijzigingen in de contracten of eerder uit dienst treden (€ 1,1 mln.). Een verplichting voor inbesteding aan het Kadaster was opgenomen op de verkeerde plek en is daarom afgeboekt (€ 0,3 mln.). Bij Doc-Direkt zijn diverse verplichtingen afgeboekt doordat projecten vanwege andere prioriteiten geen doorgang konden vinden (€ 1,6 mln.).

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

Op 19 november 2019 is door het Rijk met de NAM een Overeenkomst tot overname Contracten versterkingsoperatie getekend. Een aantal van de overgenomen contracten betreft de huur van tijdelijke huisvesting en diverse ontwikkelovereenkomsten. Deze huurcontracten en ontwikkelovereenkomsten lopen normaliter 5-7 jaar. In de overgenomen contracten is eveneens een afroepverplichting opgenomen. Deze afroep vindt de komende jaren plaats. De totale voorzienbare verplichting voor toekomstige jaren uit hoofde van deze contracten bedraagt per ultimo 2020 € 160 mln. Deze verplichting is nog niet aan de leverancier verstrekt.

Licence