Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

Bijlage 4: Focusonderwerp 2020, naleving CW 3.1

Inleiding: CW 3.1. als focusonderwerp 2020

In Artikel 3.1. van de Comptabiliteitswet (CW 3.1) is opgenomen dat voorstellen, voornemens en toezeggingen een toelichting moeten bevatten waarin wordt ingegaan op:

a. de doelstellingen, de doeltreffendheid en de doelmatigheid die worden nagestreefd;

b. de beleidsinstrumenten die worden ingezet;

c. de financiële gevolgen voor het Rijk en, waar mogelijk, de financiële gevolgen voor maatschappelijke sectoren.

Bij voorstellen die tot een substantiële beleidswijziging leiden dient ook een evaluatieparagraaf opgenomen te worden (aangenomen motie Weyenberg en Dijkgraaf: Kamerstuk 34 725, nr. 8). Vakministers zijn verantwoordelijk voor de naleving. Deze elementen behoren terug te komen in kamerbrieven waarin beleidsvoorstellen met financiële impact worden toegelicht.

In de verantwoording over 2020 is artikel 3.1 van de Comptabiliteitswet (CW3.1) het focusonderwerp. Ten behoeve van dit focusonderwerp is deze bijlage ingericht.

Pilot bijlage evaluatie en onderbouwing (CW 3.1.)

De Tweede Kamer is via de derde Voortgangsrapportage van de Operatie Inzicht in Kwaliteit (Kamerstuk 31865, nr. 168)) geïnformeerd over de start van een rijksbrede pilot waar bij sommige kamerbrieven een aparte bijlage Evaluatie en onderbouwing meegestuurd dient te worden. De bijlage was verplicht bij alle Kamerbrieven die voorstellen, voornemens of toezeggingen bevatten voor nieuw of te wijzigen beleid met significante financiele gevolgen voor de begroting. De pilot is gestart vanuit de Rijksbrede Operatie Inzicht in Kwaliteit die is vastgelegd in het regeerakkoord. Doel van de Operatie is om meer inzicht te krijgen in de resultaten van beleid om vervolgens de maatschappelijke toegevoegde waarde ervan te vergroten. In deze verplichte bijlagen werd expliciet ingegaan op de verschillende vereisten van Artikel 3.1. uit de Comptabiliteitswet. Bovenstaande tabel toont de bijlagen bij Kamerbrieven die LNV aan de Tweede Kamer heeft verstuurd vanaf de start van de pilot in juni 2020.

De pilotperiode voor het opstellen van deze separate bijlagen was in de periode van juni 2020 - februari 2021. Voor de start van deze pilotperiode gold al de situatie dat departementen zogenaamde bestedingsplannen indienen bij het Ministerie van Financien om financiële middelen toe te kunnen voegen aan de departementale begroting. Tot die tijd staan de middelen op de aanvullende post2. In deze bestedingsplannen zijn de vereisten uit CW 3.1. ook opgenomen. Daarnaast worden bij LNV en EZK nieuwe beleidsvoorstellen intern getoetst via een Monitorcommissie. Ook bij deze commissie komen CW 3.1. vereisten aan bod. De pilot heeft bijgedragen aan extra aandacht voor het zichtbaar opnemen in Kamerstukken van deze vereisten. Immers, door de separate bijlage worden dez expliciet en losstaand aan de Tweede Kamer verstuurd, daar waar ze voor de start van de pilot (meestal) onderdeel uitmaakten van de Kamerbrieven zelf. Daarnaast heeft de pilot eraan bijgedragen dat er in betreffende Kamerbrieven vaker expliciet wordt ingegaan op de evaluatie van de genoemde (beleids)voorstellen.

Evaluatie Coronamaatregelen

In de bijlage Overzicht Coronasteunmaatregelen van dit jaarverslag is zichtbaar welke Corona-maatregelen er in 2020 vanuit de LNV-begroting zijn gefinancierd. Ondanks de onzekerheden rondom het virus en de benodigde looptijd van sommige maatregelen, is het van belang is om na te denken over hoe deze maatregelen geëvalueerd gaan worden en welke voorbereidingen we daar nu al voor kunnen treffen. Hieronder per maatregel een korte toelichting:

Borgstelling MKB-Landbouw: Deze coronamodule zal geëvalueerd worden als ook de reguliere BL geëvalueerd gaat worden (integrale evaluatie). De reguliere BL-evaluatie staat voor 2024 ingepland. Tegen die tijd zullen ook de daadwerkelijke effecten van de corona garantstelling beter in beeld gebracht kunnen worden.

Regeling tegemoetkoming dierentuinen: De regeling zal na de zomer van 2021 worden geëvalueerd. Direct bij de opzet van de regeling wordt een monitoringschema opgesteld waar zowel kwantitatieve als kwalitatieve indicatoren meegenomen worden. (Zie ook Kamerstuk 35420, nr. 229).

Regeling tegemoetkoming land- en tuinbouwondernemers: Deze regeling zal in 2022 worden geëvalueerd, waarbij de eerste voorbereidingen hiertoe al in 2021 zullen starten.

Wijziging wet verbod pelsdierhouderij/nadeelcompensatie: Het is denkbaar dat de wet deel zal uitmaken van een bredere evaluatie van maatregelen getroffen door de rijksoverheid naar aanleiding van de Covid-19 crisis. LNV zal mede gelet op rijksbrede afspraken over evaluatie van maatregelen na aanleiding van de Corona-uitbraak bezien welke evaluatie passend is. Daarnaast wordt overwogen een procesevaluatie uit te voeren. Deze evaluatie kan dan vooral ingestoken worden om leerpunten te verzamelen. Deze evaluatie moet nog nader vormgegeven worden. (Zie ook Kamerstuk 35633, nr. 6).

Nertsenhouderijen: ruimingskosten: De algemene Rekenkamer doet in het ‘Verantwoordingsonderzoek 2020 Begrotingshoofdstuk XIV LNV en F Diergezondheidsfonds Onderdeel Coronamaatregelen’ onderzoek naar de bestrijding van SARS-CoV-2 op besmette nertsenhouderijen. Daarbij zullen zij onderzoek doen naar de gronden waarop de ruimingen van besmette nertsenhouderijen hebben plaatsgevonden en de kosten die gemaakt zijn voor deze ruimingen. Hierbij wordt gekeken naar waar de dekking van die kosten op gebaseerd is en welke voorwaarden er aan de ruimingen zijn verbonden. Ook de Audit Dienst Rijk heeft een onderzoek uitgevoerd. De ADR heeft in dit geval gekeken naar de juistheid, volledigheid en rechtmatigheid van de uitgaven als onderdeel van de reguliere controles bij het jaarwerk.

Evaluatie zoönosestructuur / bestrijding SARS-CoV-2 in de nertsenhouderij

Naar verwachting wordt in het tweede kwartaal van 2021 een opdracht gegeven aan een externe partij om de crisisbestrijding van SARS-CoV-2 in de nertsenhouderij, en het gebruik van de zoönosestructuur daarin te evalueren.

2

De Aanvullende Post is in de rijksbegroting een apart begrotingshoofdstuk naast de departementale begrotingen, waarop tijdelijk middelen gereserveerd staan die op een later moment worden overgeboekt naar andere begrotingshoofdstukken.

Licence