Base description which applies to whole site

16. Jaarverantwoording agentschap De Huurcommissie (DHC) per 31 december 2021

Inleiding

De Huurcommissie is een onpartijdige organisatie gericht op het oplossen van geschillen tussen huurder en verhuurder. Het werkterrein wordt vooral gevormd door het gereguleerde deel van de huurmarkt voor woonruimte. Als huurders en verhuurders er onderling niet uitkomen, doet de Huurcommissie op verzoek uitspraken in het geschil omtrent voornamelijk de hoogte van huurprijzen, het onderhoud en de servicekosten.

Duidelijke informatie over de huurprijswetgeving kan verschillen van mening tussen huurders en verhuurders in een vroeg stadium oplossen en zo procedures bij de Huurcommissie voorkomen. Via verzoekformulieren, de internetsite, de daarop te vinden huurprijscheck en de telefonische helpdesk, heeft de Huurcommissie die informatie in 2021 verschaft.

De organisatie is opgebouwd uit een zelfstandig bestuursorgaan (ZBO) de Huurcommissie en een agentschap, de Dienst van de Huurcommissie. De Dienst ondersteunt het ZBO. In deze jaarverantwoording van de Dienst zijn ook de uitgaven van het ZBO opgenomen. Jaarlijks verstrekt het ministerie van BZK een opdracht aan de Huurcommissie voor de uitvoering van de huurgeschillenbeslechting- en overige werkzaamheden op basis van een uitgebrachte offerte. Naast deze bijdrage vanuit het moederdepartement wordt een bijdrage van de verhuurders ontvangen via de verhuurderbijdrage en worden voor huurder en verhuurder gedifferentieerde leges geheven.

Het jaar 2021 stond in het teken van het ‘Actieplan Aanpak Achterstanden’ met als doel de opgelopen werkvoorraad terug te dringen. Dit werd bewerkstelligd door het vaker toepassen van kennelijke voorzittersuitspraken, het verbeteren van het intakeproces en een verdere vereenvoudiging van procedures. De resultaten zijn ernaar. De werkvoorraad is met ruim 6.000 zaken gedaald van 9.408 aan het begin van het jaar naar 3.386 aan het einde. Hiermee wordt een goede startpositie voor het nieuwe jaar geschapen waarin de focus gelegd kan worden op het behalen van de wettelijke doorlooptijden.

Staat van baten en lasten

Tabel 85 Staat van baten en lasten van het baten-lastenagentschap DHC 2021 (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting (1)

Realisatie (2)

Verschil (3) = (2) - (1)

Realisatie 2020 (4)

Baten

       

- Omzet

12.829

17.170

4.341

11.510

waarvan omzet moederdepartement

6.875

9.697

2.822

5.768

waarvan omzet overige departementen

0

0

0

0

waarvan omzet derden

5.954

7.473

1.519

5.742

Rentebaten

0

0

0

0

Vrijval voorzieningen

0

768

768

450

Bijzondere baten

0

8

8

5

         

Totaal baten

12.829

17.946

5.117

11.965

         

Lasten

       

Apparaatskosten

12.811

17.713

4.902

11.405

- Personele kosten

8.978

14.401

5.423

8.831

waarvan eigen personeel

5.760

7.864

2.104

5.559

waarvan inhuur externen

2.551

6.152

3.601

2.899

waarvan overige personele kosten

667

385

‒ 282

373

- Materiële kosten

3.833

3.312

‒ 521

2.574

waarvan apparaat ICT

1.127

1.139

12

918

waarvan bijdrage aan SSO's

0

0

0

0

waarvan overige materiële kosten

2.706

2.173

‒ 533

1.656

Rentelasten

0

0

0

0

Afschrijvingskosten

18

62

44

18

- Materieel

18

62

44

18

waarvan apparaat ICT

18

54

36

15

waarvan overige materiële afschrijvingskosten

0

8

8

3

- Immaterieel

0

0

0

0

Overige lasten

1.456

871

‒ 585

2.303

waarvan dotaties voorzieningen

0

46

46

882

waarvan bijzondere lasten

1456

825

‒ 631

1.421

         

Totaal lasten

14.285

18.646

4.361

13.726

         

Saldo van baten en lasten gewone bedrijfsuitoefening

‒ 1.456

‒ 700

756

‒ 1.761

Agentschapsdeel Vpb-lasten

0

0

0

0

Saldo van baten en lasten

‒ 1.456

‒ 700

756

‒ 1.761

Toelichting

Baten

Omzet

Omzet moederdepartement

De omzet moederdepartement bestaat uit de vergoeding van de opdrachtgevende beleidsdirectie Wonen onderdeel van het DG Bestuur, Ruimte en Wonen. Deze bijdrage is hoger vastgesteld door de activiteiten ondernomen in het kader van het Actieplan.

Omzet derden

De omzet derden bestaat uit de verhuurderbijdrage die aan de verhuurders in rekening is gebracht en uit de ontvangen leges. De in rekening gebrachte verhuurderbijdrage is jaarlijks gelijk en bedraagt € 5,5 mln. De gerealiseerde legesontvangsten zijn hoger dan geraamd door de hogere productie en verkleining van de werkvoorraad. Waar in de begroting uitgegaan was van € 0,4 mln. is € 2,0 mln. gerealiseerd.

Vrijval voorzieningen

In de loop van 2021 heeft een medewerker die aan het Van Werk Naar Werk traject deelnam een nieuwe functie gevonden en twee medewerkers die ook aan dit traject deelnamen hebben een overeenkomst gesloten met de Huurcommissie. Hierdoor is een groot deel van de voorziening Reorganisatie 2018 vrijgevallen.

Bijzondere baten

De bijzondere baten bestaan uit aanmaningsvergoedingen die ontvangen zijn via het CJIB.

Lasten

Personele kosten

Eigen personeel

De kosten voor eigen personeel zijn hoger uitgevallen door voornoemd Actieplan. Daarnaast zijn daar waar mogelijk externe inhuurkrachten verambtelijkt.

Inhuur externen

In 2021 is tijdelijk extra personeel aangetrokken voor de hogere productiedoelstelling en de aandacht voor het uitvoeringsbeleid in het kader van het Actieplan. De krappe arbeidsmarkt heeft ertoe geleid dat sterk geleund moest worden op externen. Dit zal nog zijn doorwerking kennen naar de eerste helft van het jaar 2022.

Overige personele kosten

De overige personele kosten zoals reis-, verblijf- en studiekosten zijn mede door de gevolgen van het coronavirus lager uitgevallen dan was ingeschat.

Overige materiële kosten

De overige materiële kosten zijn lager uitgevallen dan begroot. De kosten voor huisvesting waren € 0,4 mln. lager dan begroot en ook de kosten voor uitbesteding van specifieke werkzaamheden zijn € 0,1 mln. achtergebleven bij de begroting.

Afschrijvingskosten

De afschrijvingskosten zijn door investeringen in laptops, telefoons, en apparatuur voor het houden van videozittingen hoger dan oorspronkelijk begroot door hogere investeringen in de deze hardware door dat er meer werknemers werkzaam zijn en door investeringen in de door de pandemie noodzakelijke videoverbindingen.

Overige lasten

Dotaties voorzieningen

Zie de toelichting op de balanspost 'Voorzieningen'. De dotatie was niet begroot.

Bijzondere lasten

Hieronder zijn de diverse kosten met betrekking tot projecten tot verbeteringen in de werkprocessen van de Huurcommissie uitgesplitst. Ten opzichte van de begroting zijn in de offerte voor 2021 de geschatte bedragen voor de werkzaamheden verlaagd naar € 0,8 miljoen. Met name de uitgaven voor het nieuwe zaaksysteem waren in het jaar 2021 lager dan initieel begroot. De projecten kwaliteit aan de poort en eenvoudig naar gezag zijn in de loop van 2021 opgenomen in het reguliere uitvoeringsproces. In 2021 is tenslotte met drie medewerkers van de Dienst van de Huurcommissie een overeenkomst aangegaan om gebruik te maken van de stimuleringspremie bij ontslag op eigen verzoek. Hier is in 2021 € 0,3 mln voor vrijgemaakt.

Saldo van baten en lasten

Over 2021 heeft de Dienst van de Huurcommissie een negatief exploitatieresultaat behaald van € 0,7 mln. De primaire focus in 2021 was het terugdringen van de opgelopen werkvoorraad en het verbeteren van de werkprocessen in het kader van het Actieplan. Om dit doel te bereiken is in 2021 meer extra ambtelijk en extern personeel aangetrokken dan was ingeschat. Daartegenover stonden hogere legesinkomsten en een vrijval van een reorganisatievoorziening. Per saldo resulteert een negatief resultaat van circa € 0,7 mln.

In tegenstelling tot voorgaande jaren is bijdrage voor bijzondere lasten van het moederdepartement ontvangen geclassificeerd als reguliere bedrijfsvoering en daarom worden deze bijdragen meegenomen in de omzet moederdepartement.

Balans

Tabel 86 Balans per 31 december 2021 (bedragen x € 1.000)
 

Balans 2021

Balans 2020

Activa

   

Vaste activa

180

85

Immateriële vaste activa

0

0

Materiële vaste activa

180

85

waarvan grond en gebouwen

 

0

waarvan installaties en inventarissen

15

28

waarvan projecten in uitvoering

 

0

waarvan overige materiële vaste activa

165

57

Vlottende activa

3.973

5.999

Voorraden en onderhanden projecten

 

0

Debiteuren

1.414

679

Overige vorderingen en overlopende activa

55

1.997

Liquide middelen

2.504

3.323

     

Totaal activa

4.153

6.084

     

Passiva

   

Eigen Vermogen

‒ 159

974

Exploitatiereserve

541

2.735

Onverdeeld resultaat

‒ 700

‒ 1.761

Voorzieningen

445

1.482

Langlopende schulden

0

0

Leningen bij het Ministerie van Financiën

0

0

Kortlopende schulden

3.867

3.628

Crediteuren

1.535

1.007

Belastingen en premies sociale lasten

0

0

Kortlopend deel leningen bij het Ministerie van Financiën

0

0

Overige schulden en overlopende passiva

2332

2.621

     

Totaal passiva

4.153

6.084

Toelichting

Activa

Vaste activa

Materiële vaste activa

Installaties en inventarissen

De materiële activa bestaan uit hardware en installaties. De Dienst van de Huurcommissie huurt zijn kantoorruimten, deze panden staan daarom niet op de balans. In 2021 zijn investeringen gedaan in laptops, telefoons, en apparatuur voor het houden van videozittingen. Deze zijn opgenomen bij de overige materiele activa.

Vlottende activa

Debiteuren

In november 2021 is de verhuurdersbijdrage in rekening gebracht waarvan het merendeel eind 2021 is ontvangen. De vordering per 31 december 2021 op verhuurders bedraagt nog € 0,8 mln. Gezien de hogere productie in 2021 is de debiteurenpost voor de leges ook navenant hoger. De nog te ontvangen in rekening gebrachte legesveroordelingen over 2021 bedragen in totaal € 0,6 mln.

Overige vorderingen en overlopende activa

Deze post betreft vooruitbetaalde kosten aan derden in 2021 voor het jaar 2022 en betaalde waarborgsommen. Het grote verschil met het voorgaand jaar is de afwikkeling van de vordering op het moederdepartement van € 1,9 mln.

Liquide middelen

De post liquide middelen betreft het saldo van de rekening courant RHB ten bedrage van € 2,5 mln. zoals overeenkomt met het saldobiljet per 31 december 2021.

Passiva

Eigen vermogen

Exploitatiereserve

In 2021 is het verloop van het eigen vermogen als volgt:

Tabel 87 Omschrijving exploitatiereserve (bedragen x € 1.000)

Omschrijving (bedragen x € 1.000)

Exploitatie-reserve

Onverdeeld resultaat

Totaal eigen vermogen

       

Stand 1 januari 2021

2.735

‒ 1.761

974

Verwerking onverdeeld resultaat 2020

‒ 1.761

1.761

0

Afroming eigen vermogen

‒ 433

 

‒ 433

Resultaat 2021

 

‒ 700

‒ 700

Stand 31 december 2021

541

‒ 700

‒ 159

Het eigen vermogen wordt gevormd door enerzijds de exploitatiereserve en anderzijds het onverdeeld negatieve resultaat over 2021. De exploitatiereserve is in 2021 gemuteerd door verwerking van het onverdeeld resultaat 2020. In 2021 heeft een afroming van het eigen vermogen plaatsgevonden.

Onverdeeld resultaat

Het negatieve exploitatieresultaat over 2021 wordt ten laste gebracht van het eigen vermogen waardoor dit eigen vermogen € 159.000 negatief wordt. Conform de regeling agentschappen draagt de eigenaar zorg voor aanvulling tot het minimumniveau van 0. Dit zal plaatsvinden bij de 1e suppletoire wet 2022 waarin ook de effecten van de overeengekomen offerte voor het jaar 2022 worden verwerkt.

Voorzieningen

De voorzieningen die op de balans staan betreffen kosten in verband met de reorganisaties van de Dienst van de Huurcommissie in 2009, 2012 en 2018. Deze post is gedaald door de reguliere onttrekkingen, een kleine dotatie en een grote vrijval van 0,7 mln zoals bij de baten toegelicht.

Kortlopende schulden

Crediteuren

Dit betreft in 2021 ontvangen maar per ultimo 2021 nog niet betaalde facturen voor gemaakte kosten die betrekking hebben op 2021. Het verschil ten opzichte van het voorgaand jaar is met name gelegen in de factuur voor de huur over heel 2021 die laat in het jaar is ontvangen.

Overige schulden en overlopende passiva

De overlopende passiva bestaan met name uit de nog te ontvangen facturen, de reservering van de vakantie uren van het personeel en enkele vooruit ontvangen bedragen. Deze post is licht gedaald ten opzichte van eind 2020.

Kasstroomoverzicht

Tabel 88 Kasstroomoverzicht over 2021 (bedragen x € 1.000)
   

Vastgestelde begroting (1)

Realisatie (2)

Verschil (3) = (2) - (1)

1.

Rekening courant RHB 1 januari +  depositorekeningen

1.925

3.323

1.398

 

totaal ontvangsten operationele kasstroom (+)

12.829

18.389

5.560

 

totaal uitgaven operationele kasstroom (-/-)

‒ 14.267

‒ 18.618

‒ 4.351

2.

Totaal operationele kasstroom

‒ 1.438

‒ 229

1.209

 

totaal investeringen (-/-)

0

‒ 157

‒ 157

 

totaal boekwaarde desinvesteringen (+)

0

0

0

3.

Totaal investeringskasstroom

0

‒ 157

‒ 157

 

eenmalige uitkering aan moederdepartement (-/-)

‒ 1.600

‒ 433

1.167

 

eenmalige storting door moederdepartement (+)

1.456

0

‒ 1.456

 

aflossingen op leningen (-/-)

0

0

0

 

beroep op leenfaciliteit (+)

0

0

0

4.

Totaal financieringskasstroom

‒ 144

‒ 433

‒ 289

5.

Rekening courant RHB 31 december + stand  depositorekeningen (=1+2+3+4)

343

2.504

2.161

Toelichting

Operationele Kasstroom

Het actieplan heeft geleid tot hogere operationele kasstroom. Doordat nu ook de ontvangsten voor de bijzondere uitgaven worden meegenomen in de staat van baten en lasten is de totale operationele kasstroom minder negatief. De afname van de kortlopende vorderingen en de toename van de debiteuren hebben daarnaast zijn invloed gehad op de operationele kasstroom.

Investeringskasstroom

In 2021 zijn investeringen gedaan in onder andere laptops, telefoons, en apparatuur voor het houden van videozittingen voor € 0,2 mln.

Financieringskasstroom

In 2021 heeft het moederdepartement het eigen vermogen van de Dienst van de Huurcommissie afgeroomd met € 0,4 mln. Van de leenfaciliteit wordt geen gebruik gemaakt.

Doelmatigheidsindicatoren

Tabel 89 Overzicht doelmatigheidsindicatoren per 31 december 2021
 

Realisatie

Vastgestelde begroting

 

2018

2019

2020

2021

2021

Omschrijving Generiek Deel

         

Gemiddeld integraal tarief/uur

n.b.

n.b.

n.b.

n.b.

127

Fte-totaal (excl. externe inhuur)

50

60

76

91

76

Saldo van baten en lasten (%)

‒ 47%

‒ 3%

‒ 15%

‒ 4%

‒ 11%

           

Productie per geschilsoort

         

Huurprijsgeschillen

3.937

4.614

3.177

7.770

5.908

Servicekostengeschillen

1.819

1.611

1.490

5.030

2.420

Huurverhogingsgeschillen

935

3.083

3.220

491

6.253

Klachten huurders jegens verhuurders

0

195

390

426

500

Wet overleg huurders verhuurders

1

14

19

24

15

Advies geliberaliseerde huurprijs

0

0

0

0

5

Eenmalige huurverlaging bij laag inkomen

0

0

0

83

0

Verzet

152

275

278

2.792

0

           

Totaal

6.844

9.792

8.574

16.616

15.101

           

Omschrijving Specifiek Deel

         

% Huurpijsgeschillen afgerond binnen 4 maanden

60%

45%

59%

30%

90%

% Servicekostengeschillen afgerond binnen 4 maanden (5 mnd in 2018 en 2019)

61%

49%

50%

21%

90%

% Huurverhogingsgeschillen afgerond binnen 4 maanden

98%

94%

99%

29%

90%

% Wohv-geschillen afgerond binnen 8 weken (n.b. is niet beschikbaar)

n.b.

n.b.

74%

79%

90%

% ADR-geschillen afgerond binnen 90 dagen

90%

86%

80%

59%

>90%

Gemiddeld integraal tarief/uur

Er worden geen uren geschreven binnen de Huurcommissie. Dit maakt dat een gemiddeld integraal tarief per uur niet te geven is. De gemiddelde kosten per geschil zijn wel inzichtelijk. Deze bedragen € 1.115 per geschil. Dit is duidelijk lager dan het voorgaand jaar (€ 1.600 per geschil) ondanks het nagenoeg ontbreken van relatief eenvoudig te behandelen huurverhogingszaken als gevolg van de huurbevriezing.

Fte-totaal

Gezien de hoge productie en de wens tot verambtelijking is het aantal fte’s in dienst van de Huurcommissie gestegen.

Saldo van baten en lasten

Het saldo van baten en lasten is ‒ 4%. Dit hangt nauw samen met de hogere personeelslasten als gevolg van het actieplan.

Productie

Het jaar 2021 stond in het teken van het wegwerken van de ontstane werkvoorraad. In totaal zijn bijna dubbel zoveel zaken afgehandeld als het voorgaand jaar. Dit zijn met name de huurprijs- en servicekostengeschillen. Door de huurbevriezing zijn nagenoeg geen huurverhogingsgeschillen binnengekomen. In onderstaande tabel is deze voorraadontwikkeling in het uitvoeringsjaar geschetst waaruit is op te maken dat de werkvoorraad gedaald is met ruim 6.000 zaken.

Tabel 90 Voorraadontwikkeling 2021

Voorraadontwikkeling

1-jan-21

instroom

productie

31-dec-21

Huurprijsgeschillen

5.016

4.193

7.770

1.439

Servicekosten

3.485

2.798

5.030

1.253

Huurverhoging

387

129

491

25

Wet overleg huurders verhuurders

7

30

24

13

Klachten huurders jegens verhuurders

249

229

426

52

Eenmalige huurverlaging laag inkomen

0

86

83

3

Subtotaal

9.144

7.465

13.824

2.785

Verzet

264

3.129

2.792

601

Totaal:

9.408

10.594

16.616

3.386

De hoge productie is mede tot stand gekomen door het hoger aantal voorzittersuitspraken. Eenvoudige zaken komen met een dergelijke uitspraak niet meer op zitting zodat zittingscommissies zich kunnen richten op de meer complexe zaken. Tegen een voorzittersuitspraak kan verzet worden aangetekend, het aantal verzetzaken is dan ook navenant gestegen.

Specifiek deel

Het actieplan is gericht op het wegwerken van de opgelopen (en daarmee verouderde) werkvoorraad en mede daarmee het behalen van de wettelijke doorlooptijden. Een groot deel van de aanwezige voorraad had zijn oorsprong in het jaar 2020. Door de pandemie was het niet mogelijk deze in dat jaar af te doen. Dit drukt nu het percentage afwikkelingen binnen de in de begroting gestelde termijnen sterk over de gehele linie. Van de 16.616 afgewikkelde zaken is bij 9.023 zaken de oorsprong uit 2020 of eerdere jaren.

Het gewogen gemiddelde afwikkelingspercentage binnen gestelde termijn van de zaken die zijn binnengekomen in 2021 is 65%, van de zaken die zijn binnengekomen in 2020 en eerdere jaren is dit percentage slechts 8%. In totaliteit is 34% van de zaken binnen gestelde termijn afgewikkeld. Nu de werkvoorraad op een acceptabel niveau is gebracht kan de focus gelegd worden op het behalen van de wettelijke doorlooptijden, het achterliggend doel van het actieplan.

Licence