Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

5.9 Baten-lastendienst Dienst van de Huurcommissie (DHC)

Inleiding

Het werkterrein van de Huurcommissie wordt gevormd door het geregulariseerde deel van de markt voor huurwoonruimte. Als huurders en verhuurders er onderling niet uitkomen, doet de Huurcommissie op verzoek uitspraken in geschillen tussen huurders en verhuurders omtrent de hoogte van huurprijzen en servicekosten.

Vanaf 1 april 2010 functioneert het Zelfstandig Bestuursorgaan (ZBO) Huurcommissie als een landelijke huurcommissie. Het ZBO (zonder eigen rechtspersoonlijkheid) wordt ondersteund door de Dienst van de Huurcommissie (DHC). Voor de huurders en verhuurders presenteert de Huurcommissie zich als één landelijk opererende, onpartijdige en toegankelijke organisatie.

De Huurcommissie streeft naar een zakelijke aansturing op resultaat en doelmatigheid. Daarom hanteert zij met ingang van 1 januari 2010 een baten-lastenadministratie, die het verbeteren van de doelmatigheid ondersteunt, door het verband te leggen tussen de kostprijs enerzijds en de kwantiteit en kwaliteit van de diensten anderzijds. In de begroting zijn ook de kosten van het ZBO verwerkt.

De belangrijkste ambitie ten aanzien van de kwaliteit van de dienstverlening is te komen tot een snelle beslechting van geschillen binnen de wettelijke doorlooptijd. Om dit te kunnen realiseren, is geïnvesteerd in het herontwerp van het proces van geschilbeslechting en de ICT-ondersteuning.

In deze begroting zijn de lasten en baten verwerkt die samenhangen met een wijziging van het aantal geschillen als gevolg van de aangekondigde aanpassingen in het huurbeleid (25 basispunten, 5% extra huurverhoging voor huishoudens met een inkomen vanaf € 43 000).

Begroting van baten en lasten voor het jaar 2012 en meerjarenraming

Tabel 1: Begroting van baten en lasten (Bedragen x € 1 000)
 

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Baten

             

Opbrengst moederdepartement

17 008

17 504

18 426

11 989

9 770

9 008

8 847

Opbrengst derden

322

1 353

1 353

1 353

1 853

2 353

2 353

Rentebaten

0

0

0

0

0

0

0

Vrijval voorzieningen

1 185

0

0

0

0

0

0

Bijzondere baten

4 122

2 632

453

0

0

0

0

               

Totaal baten

22 637

21 489

20 232

13 342

11 623

11 361

11 200

               

Lasten

             

Apparaatskosten:

             

– Personele kosten

11 119

11 211

12 406

8 566

7 366

6 916

6 516

– Waarvan eigen personeel

-

5 875

7 766

6 666

6 316

5 916

5 516

– Waarvan externe inhuur

-

3 981

4 640

1 900

1 000

1 000

1 000

– Materiële kosten

5 389

7 503

8 453

7 653

7 453

7 353

7 253

-Waarvan ICT

-

3 037

3 192

2 892

2 892

2 892

2 892

Rentelasten

31

126

126

126

126

126

126

Afschrijvingskosten:

             

– materieel

532

569

569

569

569

569

569

– immaterieel

198

803

803

803

803

803

803

Dotaties voorzieningen

603

0

0

0

0

0

0

Bijzondere lasten

5 368

2 632

453

0

0

0

0

Nog op te lossen problematiek

0

0

– 2 578

0

0

0

0

Totaal lasten

23 231

21 489

20 232

17 717

16 317

15 767

15 267

               

Saldo van baten en lasten

– 594

0

0

– 4 375

– 4 694

– 4 406

– 4 067

De apparaatskosten zijn met ingang van 2012 enerzijds verhoogd in verband met verwachte extra geschillen als gevolg van de extra huurverhoging met maximaal 5% voor huishoudens met een inkomen van meer dan € 43 000. De bijdrage van het moederdepartement is navenant verhoogd. Anderzijds is in de apparaatskosten vanaf 2012 rekening gehouden met de rijksbrede doelmatigheidskorting van 1,5% per jaar, oplopend tot 6% in 2015. De additionele taakstelling is wel verwerkt aan de batenkant van deze begroting door een verlaagde opbrengst van het moederdepartement, maar niet aan de lastenkant omdat de wettelijke taken en procedures van de Huurcommissie niet zijn verminderd. Op het moment van aanbieden van deze ontwerpbegroting is er sprake van een meerjarig tekort. Voor het begrotingsjaar 2012 is dit zichtbaar gemaakt op de regel «Nog op te lossen problematiek». Bezien wordt welke maatregelen getroffen moeten worden om de begroting meerjarig sluitend te krijgen.

Toelichting bij de opbouw van de baten

Opbrengst moederdepartement

Het totaal van de Opbrengst moederdepartement en de Bijzondere baten komt overeen met de geraamde bedragen voor bekostiging Huurcommissie, zoals opgenomen op artikel 3, Woningmarkt en betaalbaarheid op de ontwerpbegroting BZK 2012. De definitieve opbrengst uit productie ten laste van de Begroting BZK wordt gebaseerd op de opdracht van de desbetreffende beleidsdirectie aan de Huurcommissie. Deze wordt bepaald door het gerealiseerde aantal dat in 2012 wordt afgewikkeld en de daarbij behorende tarieven, die de goedkeuring behoeven van de eigenaar van de Dienst van de Huurcommissie, in casu de directeur-generaal Wonen, Wijken en Integratie.

Tabel 2: Aantal zaken in 2012
 

Aantal zaken

Beslechting van huurprijsgeschillen

11 250

Beslechting van servicekostengeschillen

4 000

Verstrekking van verklaringen omtrent de redelijkheid van de huurprijs

750

Totaal

16 000

Opbrengst derden

Deze opbrengst betreft de legesontvangsten die gebaseerd zijn op de veroordeling door de Huurcommissie van geschilpartijen tot vergoeding aan de Staat. Deze vergoeding is verschuldigd door de partij die naar het oordeel van de Huurcommissie geheel of voor het grootste deel de in het ongelijk gestelde partij is. Indien de Huurcommissie van oordeel is dat beide partijen in ongeveer gelijke mate in het ongelijk worden gesteld, kan zij gemotiveerd uitspreken dat elke partij de helft van de voor hem geldende vergoeding aan de Staat verschuldigd is. De hoogte van deze vergoeding bedraagt € 25 voor natuurlijke personen en € 450 voor rechtspersonen.

Vanaf 2014 wordt een verhoging van de legesopbrengsten verwacht als gevolg van een wijziging van de regelgeving, waarbij het onderscheid tussen natuurlijke personen en rechtspersonen vervangen wordt door huurders en verhuurders.

Renteopbrengsten

De renteopbrengsten zijn vooralsnog geraamd op nihil. Uitgangspunt daarbij is dat de bevoorschotting ten laste van de begroting BZK ritme gelijk opgaat met de uitgaven van de Huurcommissie, rekening houdend met de inkomsten voor leges. Daardoor zullen er per saldo nauwelijks rentebaten zijn.

Bijzondere baten

Deze baten hebben betrekking op de bijdrage ten laste van de BZK-begroting ter dekking van de bijzondere lasten.

Toelichting bij de opbouw van de lasten

Apparaatskosten

De apparaatskosten betreffen zowel de Dienst van de Huurcommissie als de salarissen en vergoedingen van voorzitter, plaatsvervangend voorzitter, zittingsvoorzitters en zittingsleden van de Huurcommissie.

Personele kosten

De personele kosten vinden hun basis in het O&F-rapport voor de gereorganiseerde Dienst van de Huurcommissie. In 2012 wordt, in afnemende mate, nog rekening gehouden met aanloopkosten die samenhangen met de inschakeling van meer externe medewerkers dan is verondersteld in genoemd O&F-rapport.

Materiële kosten

De belangrijkste posten zijn huisvesting, bureaukosten, communicatie en ICT.

Afschrijvingskosten

De afschrijvingskosten zijn conform de door de Minister van Financiën voorgeschreven afschrijvingstermijnen. Er is rekening gehouden met regelmatige vervangingsinvesteringen.

Rentelasten

De hoogte van de rentelasten is berekend over de gemiddelde boekwaarde van de activa tegen een rentepercentage van 3,5. Deze is gefinancierd door middel van een (initiële) lening bij het Ministerie van Financiën.

Bijzondere lasten

De bijzondere lasten hebben in 2012 betrekking op de kosten van herplaatsingen als gevolg van de in 2 009 afgeronde reorganisatie.

Kasstroomoverzicht

Tabel 3: Kasstroomoverzicht
 

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

1. Rekening-courant RHB 1 januari

 

3 340

3 340

3 340

– 1 035

– 5 729

– 10 135

               

2. Totaal operationele kasstroom

– 2 304

1 372

1 372

– 3 003

– 3 322

– 3 034

– 2 695

               

Totaal investeringen

– 2 201

– 1 372

– 1 372

– 1 372

– 1 372

– 1 372

– 1 372

Totaal boekwaarde desinvesteringen

0

0

0

0

0

0

0

3. Totaal investeringskasstroom

– 2 201

– 1 372

– 1 372

– 1 372

– 1 372

– 1 372

– 1 372

               

Eenmalige uitkering aan moederdepartement

0

0

0

0

0

0

0

Eenmalige storting door BZKI

7 845

0

0

0

0

0

0

Aflossingen op leningen

0

– 1 372

– 1 372

– 1 372

– 1 372

– 1 372

– 1 372

Beroep op leenfaciliteit

0

1 372

1 372

1 372

1 372

1 372

1 372

5. Totaal financieringskasstroom

7 845

0

0

0

0

0

0

               

6. Rekening-courant RHB 31 december

3 340

3 340

3 340

– 1 035

– 5 729

– 10 135

– 14 202

Toelichting bij het kasstroomoverzicht

Voor 2012 en volgende jaren is het uitgangspunt dat het investeringsniveau gelijk blijft aan dat van 2011. De aflossingen op de leenfaciliteit lopen gelijk op met de afschrijvingen, het beroep op de leenfaciliteit met de investeringen. Voor de komende jaren is het uitgangspunt dat het beroep op de leenfaciliteit gelijk blijft.

Informatie over de doelmatigheid van de Huurcommissie

Tabel 4: Overzicht prestatie-indicatoren

Indicator

Begroting 2011

Begroting 2012

Doorlooptijden

   

% Huurprijsgeschillen afgerond binnen 6 maanden

80%

 

% Huurprijsgeschillen afgerond binnen 5 maanden

 

80%

% Servicekostengeschillen afgerond binnen 7 maanden

80%

 

% Servicekostengeschillen afgerond binnen 5 maanden

 

80%

Toelichting op de doelmatigheidsindicatoren

Ingroeimodel

De batenlastenadministratie ondersteunt de zakelijke aansturing en de doelmatige uitvoering van de wettelijke taak. Het uitvoeringsjaar 2010 is het eerste jaar waarin ervaring is opgedaan met het kostprijsmodel van DHC en meting van de doelmatigheid. Voor de Begroting 2013 zal bezien worden welke doelmatigheidsindicatoren toegevoegd kunnen worden, rekening houdend met het bijzondere karakter van de werkzaamheden van de Huurcommissie.

Doorlooptijden

Voor de doorlooptijden van geschilbeslechting staat in de Uitvoeringswet Huurprijzen woonruimte een termijn van vier maanden. Zoals eerder aangegeven, is het streven van de Huurcommissie om deze termijn binnen een aantal jaren te realiseren en wordt daartoe, ook in 2011 nog, geïnvesteerd. Voor het jaar 2012 worden de hierboven vermelde aangescherpte doorlooptijden nagestreefd.

Licence