Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

5.1 Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG)

Inleiding

RvIG beheert de stelsels van de identiteitsgegevens en zorgt daarmee voor een betrouwbare levering van persoonsgegevens en reisdocumenten.

RvIG is verantwoordelijk voor de volgende stelsels:

  • de Basisregistratie Persoonsgegevens (BRP);

  • de beheervoorziening burgerservicenummer (BV-BSN);

  • het systeem van aanvraag, productie en distributie van reisdocumenten;

  • de persoonsinformatievoorziening van het Caribisch gebied (PIVA).

Verder beheert RvIG de volgende registers:

  • het register Paspoortsignalering (RPS);

  • het Basisregister Reisdocumenten (BRR);

  • het Verificatieregister Reisdocumenten (VR).

Begin 2014 is een geheel vernieuwde technische infrastructuur in gebruik genomen bij het Rijksdatacenter (Overheidsdatacenter Noord). Dit heeft als doel te komen tot een generieke infrastructuur waarbij housing, hosting en technisch beheer voor alle stelselsystemen op eenduidige wijze ingericht wordt. Met deze vernieuwde infrastructuur is RvIG ook in de toekomst in staat op een zeer hoog niveau van informatiebeveiliging, performance en schaalbaarheid diensten te leveren. In 2016 worden nieuwe investeringen en implementaties gedaan, gerelateerd aan nieuwe ontwikkelingen binnen het takenpakket van RvIG. In het kader van de gekozen sourcingsstrategie zal er gebruik worden gemaakt van dienstverlening binnen de Rijksoverheid.

Basisregistratie Personen

Op 6 januari 2014 is de Wet Basisregistratie Personen (Wet BRP) in werking getreden. De Wet BRP heeft de Wet Gemeentelijke Basisadministratie (Wet GBA) vervangen, waardoor het GBA-stelsel opgevolgd wordt door het BRP-stelsel. Deze overgang betekent niet dat alle onderdelen van het GBA-stelsel vanaf dat moment vervangen zijn. De invoering vindt gefaseerd op dit moment plaats. Direct met de inwerkingtreding van de Wet BRP zijn de loketten van de Registratie niet-ingezetenen (RNI) geopend.

Onderstaand de speerpunten van RvIG werkzaamheden in het kader van de BRP.

  • RvIG participeert met kennis en expertise en levert ondersteuning bij de voorbereiding op de implementatie en integratie van het Programma Operatie BRP. Met de komst van de Operatie BRP vinden er aanpassingen plaats binnen het systeemlandschap waaronder het uitfaseren van bestaande systemen. Ook moeten er voorbereidingen getroffen worden voor de overname van de beheertaken. Door de opdrachtgever (Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) is RvIG aangewezen als beoogd beheerder van de BRP.

  • De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoordelijk voor de Registratie niet-ingezetenen. Het beheer van de RNI is in 2014 ondergebracht bij RvIG. De registratie van niet-ingezetenen is één van de basisregistraties en vormt samen met de registratie van ingezetenen de Basis Registratie Personen (BRP) en is daarmee een kernproduct uit de RvIG productportfolio.

  • In 2016 voorziet RvIG een transitie van verschillende applicaties en zal gestart worden met werkzaamheden aan de aanpalende systemen. Met «aanpalende systemen» worden de systemen aangeduid die afhankelijk zijn van GBA-V of het GBA-berichtenverkeer. Gedurende de migratie van GBA naar BRP zal eerst GBA-V uitgefaseerd worden, op een later moment gevolgd door het gehele GBA-stelsel. De aanpalende systemen worden hierdoor dus geraakt.

  • In 2014 is de Kwaliteitsmonitor BRP in gebruik genomen. Dit is een jaarlijkse kwaliteitsmeting die deels uit een zelfevaluatie en deels uit een bestandscontrole bestaat. Ook in 2016 dienen alle gemeenten deze kwaliteitsmeting onder toezicht van RvIG uit te voeren. In 2016 zal de Kwaliteitsmonitor worden aangevuld en geactualiseerd om fraude bij Burgerzaken van de gemeenten in kaart te brengen.

Reisdocumenten

In 2016 werkt RvIG verder aan een toekomstbestendig reisdocumentenstelsel dat zowel robuust als flexibel is. Hiervoor gaat RvIG verscheidene wensen van paspoort uitgevende instanties in het aanvraag- en uitgifteproces in pilots beproeven – door de ideeën uit te werken en te testen.

Het reisdocumentenstelsel omvat de volgende drie onderdelen:

  • de productie van paspoorten en Nederlandse identiteitskaarten (NIK);

  • het toezicht op het aanvraag- en uitgifte proces van paspoorten en NIK’s bij uitgevende instanties;

  • het beheer van drie registers.

Onderstaand de speerpunten van de RvIG werkzaamheden in het kader van de Reisdocumenten.

  • In 2015 is de aanbesteding gestart van de biometrische aanvraagstations en is een begin gemaakt met de nieuwe infrastructuur voor reisdocumenten. Deze werkzaamheden worden in 2016 voortgezet.

  • Gemeenten zijn verplicht een jaarlijkse kwaliteitsmeting over hun reisdocumententaak uit te voeren. Daar waar gemeenten beneden de gestelde norm scoren oefent RvIG een verscherpt toezicht uit.

  • Het inspelen op innovaties binnen het reisdocumentendomein en de strategische visie hierop.

  • Het voeden van de egalisatierekening ter opbouw van een reserve voor de jaren waarin de aanvragen reisdocumenten sterk zullen teruglopen, vanwege de 10 jaar geldigheid van de documenten.

Caribisch gebied

In 2015 is een nieuwe strategische Visie op de ID infrastructuur binnen het Caribisch gebied opgesteld, waar ook een uitvoeringsagenda deel van uitmaakt. Ter voorbereiding op de beoogde overgang in het Caribisch gebied van PIVA naar BRP wordt een kwaliteitsverbeteringsprogramma uitgevoerd. Er wordt aandacht geschonken aan de bestuurlijke verankering, organisatorische-, technische- en kwalitatieve verbeteringen. Tevens wordt in 2016 gezamenlijk met het Caribisch gebied en opdrachtgever gewerkt aan de verdere kwaliteitsverbetering van de bevolkingsadministratie. Doel is om meer Rijksdiensten op PIVA-V aan te sluiten.

Centraal Meldpunt Identiteitsfraude (CMI)

Het CMI begeleidt slachtoffers van identiteitsfraude. Tevens begeleidt het CMI burgers met fouten in hun persoonsgegevens. Het aantal meldingen neemt jaarlijks gestaag toe. Er is een plan opgesteld voor doorontwikkeling van het Meldpunt. In 2015 zal een keuze gemaakt worden over de toekomst, vanaf 2016 van het Meldpunt. Het CMI is tot eind 2016 bij RvIG ondergebracht.

RvIG vervult een belangrijke rol in de strategische Digitale agenda Rijkdienst (Digitaal 2017 e.d.) Hierbij wordt samengewerkt met betrokken overheidsinstanties en koepelorganisaties. Daarnaast functioneert RvIG als de uitvraag organisatie voor de identiteitsinfrastructuur.

Staat baten en lasten

Begroting van baten-lastenagentschap RvIG voor het jaar 2016 (Bedragen x € 1.000)
 

2014 Stand Slotwet

2015 1e suppletoire begroting

2016

2017

2018

2019

2020

Baten

             

Omzet moederdepartement

25.272

26.220

27.673

19.591

19.574

18.574

18.574

Omzet overige departementen

             

Omzet derden

113.921

104.381

129.487

144.135

125.328

56.019

27.656

Rentebaten

62

50

         

Vrijval voorzieningen

             

Bijzondere baten

             

Totaal baten

139.255

130.651

157.160

163.726

144.902

74.593

46.230

               

Lasten

             

Apparaatskosten

109.604

105.937

135.144

138.393

121.807

76.889

46.948

– personele kosten

12.293

12.493

12.291

12.526

12.765

13.009

13.258

– waarvan eigen personeel

7.939

9.273

8.074

8.223

8.375

8.530

8.688

– waarvan externe inhuur

4.354

3.220

4.217

4.303

4.390

4.479

4.570

– waarvan overige personele kosten

             

– materiële kosten

97.311

93.444

122.853

125.867

109.042

63.880

33.690

– waarvan apparaat ICT

359

150

150

150

150

150

150

– waarvan bijdrage aan SSO’s

137

150

150

150

150

150

150

– waarvan overige materiele kosten

96.815

93.144

122.553

125.567

108.742

63.580

33.390

Rentelasten

77

376

264

270

300

300

300

Afschrijvingskosten

2.629

2.800

2.400

3.000

3.700

4.400

4.400

– materieel

2.629

2.800

2.400

3.000

3.700

4.400

4.400

– waarvan apparaat ICT

             

– immaterieel

             

Overige kosten

21.538

21.538

19.352

22.063

19.095

– 6.996

– 5.418

– dotaties voorzieningen

21.538

21.538

19.352

22.063

19.095

– 6.996

– 5.418

– bijzondere lasten

             

Totaal lasten

133.848

130.651

157.160

163.726

144.902

74.593

46.230

               

Saldo van baten en lasten

5.407

0

0

0

0

0

0

De kosten voor het beheren van de BRP worden doorberekend aan de gebruikers met een kostendekkend tarief in de vorm van een abonnementsprijs. In het kader van financiering basisregistraties 2016 zal deze financieringsmethodiek mogelijk worden aangepast. Hierbij wordt ook gekeken naar de mogelijkheid van Rijksbrede financiering van alle basisregistraties.

De kosten voor het beheren van de reisdocumentenketen, innovatie, investering en de kosten van de productie en distributie worden in de huidige systematiek gedekt uit het tarief dat RvIG in rekening brengt bij de uitgevende instanties. De overige opdrachten worden betaald door de opdrachtgever, namelijk het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Toelichting op baten en lasten

Uitgangspunt voor de begroting van baten en lasten van RvIG is een kostendekkende exploitatie.

Voor het jaar 2016 zijn de lasten van de voorzieningen die in beheer zijn gelijk aan de beschikbare begroting. Als gevolg hiervan is eerder een rem gezet op zowel het beheer en de doorontwikkeling van de huidige voorzieningen (RNI, CNL), als nieuwe ontwikkelingen.

De baten en lasten bedragen in 2016 € 157 mln. Het grootste gedeelte van de lasten betreft de kosten die worden gemaakt voor de productie en distributie van de reisdocumenten, het in stand houden van het BRP-netwerk, het beheer van de centrale verstrekkingvoorziening van de BRP (GBA-V en RNI) en de beheervoorziening BSN, CMI, PIVA-V en Sedula. De personele lasten bedragen circa € 12 mln. in 2016. Hierin is rekening gehouden met de rijksbrede doelmatigheidskorting van 1,5%, de additionele taakstelling van € 0,1 mln. De taakstelling Rutte-II zal door de opdrachtgevers worden ingevuld en is meegenomen in de cijfers. Voor de uitvoering van de taken maakt RvIG gebruik van geautomatiseerde systemen die werken op een technische infrastructuur. De technische infrastructuur en het beheer daarvan zijn vervangen en uitgebreid. Hiermee sluit RvIG aan op de doelstellingen van de compacte rijksdienst en de informatiestrategie (I-strategie). Op de materiële activa wordt in 2016 € 2,4 mln. afgeschreven. Dit betreft de afschrijving op de investering van de vernieuwde RvIG-infrastructuur.

De omzet van het moederdepartement (€ 27,7 mln.) bestaat uit:

  • de abonnementen voor het gebruik van de BRP door de afnemers die met ingang van 1 januari 2008 onder de budgetfinanciering vallen (€ 15 mln.);

  • de bijdrage in de kosten van de BV-BSN (€ 2,6 mln.);

  • de bijdrage in de kosten voor de voorziening PIVA-V en Sedula (€ 0,9 mln.);

  • de bijdrage CMI (€ 0,6 mln.);

  • de bijdrage IBN BRP (€ 4,8 mln.).

De omzet van derden (€ 129 mln in 2016) bestaat voornamelijk uit:

  • de opbrengsten van de afnemers van de BRP die niet onder budgetfinanciering vallen (€ 11 mln.);

  • de leges voor de reisdocumenten die de uitgevende instanties aan RvIG afdragen (€ 112 mln.).

Om te voorkomen dat er grote fluctuaties in de kostprijs van reisdocumenten ontstaan als gevolg van de invoering van de 10-jarige geldigheid, maakt RvIG gebruik van een egalisatierekening. Dit maakt realisatie van kostendekkendheid over 10 jaar mogelijk. Het vullen van deze rekening vindt plaats in de jaren voor 2019. Hierdoor kunnen vanaf 2019 de baten vanuit de egalisatierekening worden aangevuld.

Kasstroomoverzicht

Kasstroomoverzicht van baten-lastenagentschap RvIG voor het jaar 2016 (Bedragen x € 1.000)
   

2014 Stand Slotwet

2015 1e suppletoire begroting

2016

2017

2018

2019

2020

1.

Rekening courant RHB 1 januari 2016 + depositorekeningen

43.392

51.590

51.590

51.590

51.590

51.590

51.590

2.

Totaal operationele kasstroom

14.706

2.800

6.911

1.100

500

– 200

– 900

 

– /– totaal investeringen

– 4.008

– 3.000

– 8.605

– 3.500

– 3.500

– 3.500

– 3.500

 

+/+ totaal boekwaarde desinvesteringen

             

3.

Totaal investeringskasstroom

– 4.008

– 3.000

– 8.605

– 3.500

– 3.500

– 3.500

– 3.500

 

– /– eenmalige uitkering aan moederdepartement

             
 

+/+ eenmalige storting door het moederdepartement

             
 

– /– aflossingen op leningen

– 2.500

– 2.800

1.694

2.400

3.000

3.700

4.400

 

+/+ beroep op leenfaciliteit

 

8.000

         

4.

Totaal financieringskasstroom

– 2.500

200

1.694

2.400

3.000

3.700

4.400

5.

Rekening courant RHB 31 december 2016 + stand depositorekeningen (=1+2+3+4) (noot: maximale roodstand 0,5 miljoen euro)

51.590

51.590

51.590

51.590

51.590

51.590

51.590

Toelichting bij het kasstroomoverzicht

Operationele kasstroom

Het operationele kasstroomoverzicht toont de meerjarige ontwikkeling van de rekening courant. De kasstroom wordt bepaald door het jaarlijkse bedrijfsresultaat, de investeringen, aflossingen op leningen en overige financiële transacties.

Investeringskasstroom

Voor 2016 wordt de omvang van de investeringen geraamd op € 3,5 mln. Het grootste deel van de investeringen betreft investeringen ten behoeve van de technische infrastructuur. Desinvesteringen worden niet verwacht. Omvang van de investeringen aan de technische infrastructuur zullen ook afhankelijk zijn van de keuzes die we moeten maken ten aanzien van dienstverlening van andere organisaties binnen het Rijk, bijvoorbeeld DICTU Cloud services.

Aflossingen op leningen

Deze bedragen betreffen de aflossingen van de aangegane leningen om investeringen te financieren.

Beroep op leenfaciliteit

Het beroep op leenfaciliteit omvat de door RvIG bij het Ministerie van Financiën geleende bedragen. Het beroep op de leenfaciliteit wordt gedaan ter financiering van investeringen.

Indicatoren

Begroting van baten-lastenagentschap RvIG voor het jaar 2016 (Bedragen x € 1.000)
 

2014 Slotwet

2015 Vastgestelde begroting

2016

2017

2018

2019

2020

Omschrijving Generiek Deel

             

Kostprijzen per product:

             

*Abonnementsstructuur (B) in €

1.100

1.100

1.100

1.100

1.100

1.100

1.100

*Reisdocumenten: Paspoort 5 jaar (in €)

21,20

21,20

21,20

21,56

21,93

22,30

22,68

*Reisdocumenten: Paspoort 10 jaar (in €)

37,11

37,11

34,44

35,03

35,62

36,23

36,85

Identiteitskaart (in €) 5 jaar

5,30

5,30

5,30

5,39

5,48

5,57

5,67

Identiteitskaart (in €) 10 jaar

29,89

29,89

27,22

27,69

28,16

28,63

29,12

               

Omzet per productgroep:

             

*BRP

20.732

18.500

25.995

25.995

25.995

25.995

25.995

*Reisdocumenten

84.702

75.448

118.537

133.185

114.378

45.069

16.706

               

FTE-totaal (excl. externe inhuur)

108

109

109

109

109

109

109

               

Saldo van baten en lasten (%)

0%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

Omschrijving Specifiek Deel

             

ICT diensten

             

Kwaliteitsindicatoren

2014

           

Beschikbaarheid GBA netwerk

100%

100%

100%

100%

100%

100%

100%

Beschikbaarheid GBA -V

100%

99,9%

99,9%

99,9%

99,9%

99,9%

99,9%

Responstijd GBA-V

<3 sec

<3 sec

<3 sec

<3 sec

<3 sec

<3 sec

<3 sec

Beschikbaarheid Basisregister

100%

99,9%

99,9%

99,9%

99,9%

99,9%

99,9%

Beschikbaarheid Verificatieregister

100%

99,9%

99,9%

99,9%

99,9%

99,9%

99,9%

Beschikbaarheid BSN

100%

99,9

99,9

99,9

99,9

99,9

99,9

Klanttevredenheid

7,4

7,4

Nvt

7,4

Nvt

7,4

Nvt0

Doorlichting uitgevoerd cq. gepland in:

 

2014

         

Toelichting op de doelmatigheidsindicatoren

De doelmatigheid van RvIG wordt inzichtelijk gemaakt door het opnemen van de tarieven voor de reisdocumenten en de BRP en indicatoren met betrekking tot de kwaliteit van deze producten.

Kostprijs per product

De hoogte van de leges die RvIG in rekening brengt bij de uitgevende instanties, zoals de gemeenten, de buitenlandse posten en de Caribische gemeenten (Bonaire, Eustatius en Saba), is gelijk aan de kostprijs van de documenten. De gepresenteerde kostprijs is exclusief de gemeentelijke leges en eventuele spoedtoeslagen. In de stijgingen van de kosten voor de komende jaren is rekening gehouden met een prijsindexcijfer.

Het BRP-tarief is onder andere door doelmatigheidsresultaten uit efficiëntere inkoop en aanbesteding stabiel. Het maximale tarief opgenomen in de abonnementen voor 2016 is € 0,17 per bericht. Gebruik binnen de bandbreedte van het abonnement leidt tot een lagere prijs per bericht (staffel). De bandbreedte van het meest gebruikte abonnement B bedraagt 10.000 – 100.000 berichten (maximale tarief).

FTE-totaal

De verwachting voor het aantal fte vanaf 2016 is in een addendum op het huidige O&F rapport inzichtelijk gemaakt en is op dit moment onderwerp van gesprek met eigenaar. De impact van het in beheer nemen van de BRP en andere opdrachten kan leiden tot een aanpassing van de benodigde fte de komende jaren.

Beschikbaarheid

De doelstelling in 2016 voor de beschikbaarheid van de netwerken is het halen van de gestelde normen.

Klanttevredenheid

Tweejaarlijks vindt er een klanttevredenheidsonderzoek plaats, deze staan gepland voor 2015 en 2017.

Licence