Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

2.3 De niet-beleidsartikelen

Niet-beleidsartikel 97: Algemeen departement

Algemene Doelstelling

Op dit artikel worden de IenM brede programma uitgaven verantwoord.

Budgettaire gevolgen van beleid

97 Algemeen departement (x € 1.000)
   

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Verplichtingen

63.614

52.663

44.730

36.909

35.978

42.771

42.499

Uitgaven:

55.677

51.510

45.733

43.797

44.364

43.542

43.248

97.01

IenM-brede programmamiddelen

55.677

51.510

45.733

43.797

44.364

43.542

43.248

97.01.01

Opdrachten

30.159

32.440

26.662

24.725

25.292

24.720

24.326

 

– Onderzoeken ANVS

0

4.032

4.032

4.032

4.032

4.032

4.032

 

– Overige opdrachten

30.159

28.408

22.630

20.693

21.260

20.688

20.294

97.01.02

Subsidies

1.119

1.250

1.250

1.250

1.250

1.000

1.100

97.01.03

Bijdrage aan agentschappen

19.022

12.593

12.594

12.595

12.595

12.595

12.595

 

– waarvan bijdrage aan KNMI

2.400

0

0

0

0

0

0

 

– waarvan bijdrage aan ILT

16.000

11.986

11.985

11.986

11.986

11.986

11.986

 

– waarvan bijdrage aan RWS

622

607

609

609

609

609

609

97.01.06

Bijdrage aan ZBO's en RWT's

5.377

5.227

5.227

5.227

5.227

5.227

5.227

 

– StAB

5.377

5.227

5.227

5.227

5.227

5.227

5.227

Ontvangsten

18.503

3.382

1.994

1.994

1.994

1.994

1.994

97.01 IenM-brede programmamiddelen

Toelichting op de financiële instrumenten

97.01.01 Opdrachten

Onderzoeken ANVS

Het betreft uitgaven voor opdrachten van technische ondersteuning, advisering en onderzoek op terreinen van nucleaire veiligheid en stralingsbescherming, alsmede beveiliging en safeguards. Daarnaast worden de uitgaven die verband houden met de samenwerking met internationale overheden en instanties inzake voornoemde terreinen ook onder dit artikel verantwoord.

Overige opdrachten

Regeringsvliegtuig

Dit betreft de uitgaven van IenM voor het onderhoud en de exploitatie van het Regeringsvliegtuig.

Onderzoeken PBL

Betreft uitgaven ten behoeve van onderzoeksactiviteiten van PBL, zoals aanschaf van databestanden, ontwikkeling van modellen, uitbesteding van onderzoek en vervaardiging van (web)publicaties. Een deel van deze uitgaven wordt door externe opdrachtgevers vergoed. Voor nieuws en publicaties van het PBL zie de website van het PBL28.

Departementaal Coördinatiecentrum Crisisbeheersing (DCC)

Het beleid op het gebied van Crisisbeheersing is het laatste decennium flink in ontwikkeling. Dit is vooral veroorzaakt door andere vormen van crisis (terreuraanslagen, extreme weersomstandigheden en infectieziekten) en door de internationale dimensies van crisis. DCC is verantwoordelijk voor een effectief crisisbeheersingsbeleid en een professionele aanpak van crisis. De hoofdtaak van het DCC is het voorbereiden van het Ministerie van IenM op het beheersen van crises.

Overig

Dit betreft voornamelijk de uitgaven die worden gedaan inzake corporate- en beleidscommunicatie, grote publiekscampagnes als van A naar Beter29, alsmede artikeloverstijgende onderzoeksopdrachten van bijvoorbeeld het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid30, op het gebied van Kennis, Innovatie en Strategie alsmede Bestuurlijke en Juridische Zaken.

97.01.02 Subsidies

Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO)

Deze uitgaven hangen samen met subsidies die IenM, in samenwerking met andere departementen, verstrekt aan de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek31. Het betreft onder andere voor het programma SURF (Smart Urban Regions in the Future) en het programma Duurzame Logistiek.

97.01.03 Bijdragen aan agentschappen

ILT

De bijdrage aan ILT is bestemd voor de kosten van vergunningverlening die niet geheel gedekt worden door de inkomsten die de ILT verkrijgt vanuit de tariefheffing. Dit wordt veroorzaakt door tarieven, waarvan het bij ministeriële regeling vastgestelde bedrag lager is dan de werkelijke kosten van de vergunningverlening en door vergunningverlenende activiteiten van ILT waarvoor geen tarief is vastgesteld, waardoor de betreffende aanvragers van vergunningen de kosten van de aanvraag niet aan ILT hoeven te vergoeden. De vastgestelde tarieven worden in de Staatscourant gepubliceerd.

RWS

Dit betreft de bijdrage aan RWS voor de capaciteitsinzet in het kader van beleidsondersteuning en advies.

97.01.06 Bijdrage aan ZBO en RWT’s

Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (StAB)

Deze uitgaven hangen samen met de subsidie die IenM verstrekt aan de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak32. De StAB adviseert, door middel van deskundigenberichten, op verzoek van de Raad van State en de rechtbanken over geschillen op het terrein van de fysieke leefomgeving zoals milieu, ruimtelijke ordening, water, bouw en schade.

97.02 Ontvangsten

Op dit artikel worden de ontvangsten geraamd die IenM onder andere ontvangt voor het Regeringsvliegtuig en voor onderzoeken van het PBL.

Niet-beleidsartikel 98: Apparaatsuitgaven kerndepartement

Algemene Doelstelling

Op dit artikel staan alle personele en materiële uitgaven en ontvangsten van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu met uitzondering van de agentschappen Inspectie Leefomgeving en Transport, Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut, Nederlandse Emissieautoriteit en Rijkswaterstaat. Het omvat de verplichtingen en uitgaven voor ambtelijk personeel, inhuur externen en materieel voor het kerndepartement.

Budgettaire gevolgen van beleid

art. 98 Apparaatsuitgaven kerndepartement (x € 1.000)
 

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Verplichtingen

292.085

327.185

332.770

285.534

286.870

286.873

283.151

Uitgaven:

303.576

331.919

340.148

284.943

286.536

286.861

283.139

Personele uitgaven

207.098

226.023

218.672

202.113

194.275

194.271

190.214

– waarvan eigen personeel

186.627

198.723

192.130

182.638

175.438

175.434

171.377

– waarvan externe inhuur

9.699

16.022

15.929

9.458

8.821

8.821

8.821

– waarvan overige personele uitgaven

10.772

11.278

10.613

10.017

10.016

10.016

10.016

Materiele uitgaven

96.478

105.896

121.476

82.830

92.261

92.590

92.925

– waarvan ICT

29.383

27.228

23.248

22.949

22.321

22.321

22.321

– waarvan bijdrage aan SSO's

37.950

33.726

51.024

32.577

28.898

28.727

28.519

– waarvan overige materiële uitgaven

29.145

44.942

47.204

27.304

41.042

41.542

42.085

Ontvangsten

14.203

19.651

3.530

3.530

3.530

3.530

3.530

Personele uitgaven

Dit betreft alle uitgaven van het eigen personeel, de externe inhuur en postactieven voor het kerndepartement.

Eigen personeel

Onder uitgaven eigen personeel vallen de loonkosten en de uitgaven voor de personele exploitatie.

  • Onder loonkosten wordt verstaan alle uit de rechtspositiebepalingen en aanverwante (wettelijke) regelingen voortvloeiende uitgaven aan en ten behoeve van de werknemers, zoals salaris, vakantie- en eindejaarsuitkering, vergoedingen voor inbesteding van personeel, toelagen, toeslagen en vergoedingen, gratificaties, onkostenvergoedingen waaronder woon-werkverkeer (ook collectieve inkoop openbaar vervoerskaarten), sociale lasten en de bijdrage aan de zorgverzekeringswet, pensioenpremies en de eindheffing loonbelasting.

  • Onder personele exploitatie worden andere personele uitgaven verstaan zoals verhuiskosten, hotels in het kader van dienstreizen, werving en selectie, keuringen, assesments, outplacement, loopbaanbegeleiding en re-integratie, arbeidsgezondheidskundige begeleiding, werkplekaanpassing, uitbesteding arbo-dienstverlening, bedrijfshulpverlening, representatie voor eigen personeel, opleiding, coaching, training, bezoek van symposia en congressen, personeelsevenementen, bijeenkomsten en recepties, noodzakelijke contributies van personeel, uitgaven sociaal flankerend beleid en dergelijke.

Externe inhuur

Dit betreft de uitgaven voor de externe inhuur.

Overige personele uitgaven

De overige personele uitgaven bestaan uit de uitgaven aan postactieven. Onder postactieven wordt verstaan uitgaven aan en ten behoeve van voormalig personeel, voor zover niet ten laste komend van derden (pensioen- of uitkeringsfonds) zoals Functioneel leeftijdsontslag (FLO), werkloosheidsuitkeringen, wachtgelden en de daarmee samenhangende uitvoeringskosten van derden.

Materiële uitgaven

Dit betreft materiële uitgaven van het kerndepartement waarvoor geldt dat deze betrekking hebben op uitgaven die bedoeld zijn voor activiteiten ter ondersteuning van het primaire proces. ICT bevat zowel de uitgaven voor projecten als structurele uitgaven zoals onderhoud en licenties. De bijdrage aan de Shared Service Organisaties betreft onder andere P-Direkt (Salarisbedrijf van het Rijk), FM Haaglanden en de Rijksvastgoedbedrijf. De hogere uitgaven bijdragen aan SSO’s in 2016 worden veroorzaakt door een eenmalige bijdrage van het Ministerie van Financiën aan het Ministerie van IenM als gevolg van gemaakte afspraken in het kader van het Masterplan kantoorhuisvesting Den Haag. Deze bijdrage is reeds bij voorjaarsnota 2012 verwerkt.

Apparaatsuitgaven per dienstonderdeel van de Bestuurskern
Budgettaire gevolgen (x € 1.000)

Totaal apparaat Betuurskern

340.148

   

Directoraat-Generaal Bereikbaarheid

46.292

Directoraat-Generaal Milieu en Internationaal

32.820

Directoraat-Generaal Ruimte en Water

26.661

Beleids- en Bestuursondersteuning

35.181

Financiën en Bedrijfsvoering

153.809

– waarvan IenM-brede apparaatsuitgaven

109.668

Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming

22.976

Planbureau voor de Leefomgeving

22.409

Deze tabel splitst de apparaatsuitgaven van het kerndepartement per integratieonderdeel uit voor het jaar 2016.

Extracomptabele verwijzingen

Apparaatskosten Staf Deltacommissaris (x € 1.000)
 

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Totaal apparaatskosten Staf Deltacommissaris

1.812

2.066

1.826

1.775

1.725

1.725

1.725

De apparaatskosten van de Staf Deltacommissaris worden in lijn met de Waterwet op het Deltafonds begroot en verantwoord (zie artikel 5 Netwerkgebonden kosten en overige uitgaven van het Deltafonds).

Apparaatskosten agentschappen (x € 1.000)
 

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Totaal apparaatskosten agentschappen

1.246.644

1.196.776

1.175.079

1.120.418

1.103.696

1.092.106

1.089.033

ILT

147.499

141.141

144.014

136.338

134.101

135.634

135.640

KNMI

47.368

52.132

50.788

49.237

49.217

49.217

49.217

NEA

5.730

7.271

6.491

6.480

6.559

6.566

6.608

RWS

1.046.047

996.232

973.786

928.363

913.819

900.689

897.568

Vier agentschappen vallen onder IenM: Rijkswaterstaat (RWS), de Inspectie voor de Leefomgeving en Transport (ILT), het Koninklijk Nederlands Metereologisch Instituut (KNMI) en de Nederlandse Emissieautoriteit (Nea). Bovenstaand zijn de begrote apparaatskosten van deze agentschappen opgenomen. IenM draagt hier deels aan bij. Voor nadere toelichting wordt verwezen naar de agentschapsparagrafen.

Apparaatskosten ZBO's en RWT's (x € 1.000)
 

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

\Totaal apparaatskosten ZBO's en RWT's

671.377

618.227

606.227

432.227

431.227

431.227

431.227

ProRail

499.000

453.000

436.000

427.000

426.000

426.000

426.000

Kadaster

167.000

160.000

165.000

       

StAB

5.377

5.227

5.227

5.227

5.227

5.227

5.227

IenM verstrekt bijdragen aan drie begrotingsgefinancierde ZBO’s en RWT’s: Prorail, Kadaster en StAB. Voor meer informatie over ZBO’s en RWT’s van IenM zie de bijlage ZBO’s en RWT’s van deze begroting.

Taakstelling Rutte II

Conform de Regeling Rijksbegrotingsvoorschriften wordt hieronder aangegeven hoe de taakstelling Rutte II binnen IenM is verdeeld naar alle verschillende onderdelen van het ministerie (inclusief agentschappen en ZBO’s).

Tabel verdeling taakstelling Rutte II 2016–2018 (x € 1.000)
   

2016

2017

2018

Structureel

Kerndepartement

– 15.138

– 40.807

– 37.320

– 37.320

Agentschappen

       
 

RWS

– 18.289

– 37.972

– 53.100

– 53.100

 

ILT

– 1.726

– 3.430

– 5.135

– 5.135

 

KNMI

– 261

– 519

– 777

– 777

 

NEa

– 90

– 180

– 269

– 269

ZBO's

         
 

Kadaster

– 310

– 618

– 924

– 924

Overig

         
 

RIVM

– 361

– 824

– 1.000

– 1.000

 

Prorail

– 6.825

– 13.650

– 20.475

– 20.475

Totale taakstelling

– 43.000

– 98.000

– 119.000

– 119.000

Toelichting

Bij het Kerndepartement zijn maatregelen om de taakstelling Rutte II (2016 en volgende) in te vullen voor het grootste deel gevonden in:

  • Versobering van de bedrijfsvoering; verlaging van de centrale budgetten op het gebied van materiële uitgaven (o.a. door efficiency, productiviteitsverbeteringen en verdergaande digitalisering);

  • Verbeterde inzet op integrale programma-aanpak, standaardisering, uniformering en vereenvoudiging van processen, vakmanschap en flexibele inzet over de grenzen van de organisatieonderdelen.

  • Maatregelen met personele gevolgen worden in overleg met de medezeggenschap opgepakt. Omdat de grens van het haalbare steeds dichterbij komt wordt getracht om de personele krimp zoveel mogelijk te beperken.

Bij de agentschappen wordt het grootste deel van de financiële taakstelling ten laste van de personele budgetten gebracht. Invulling geschiedt middels het nemen van efficiencymaatregelen en indien nodig taakversobering. Dit betekent dat bepaalde taken dan niet meer of minder intensief zullen worden uitgevoerd. Voor een nadere toelichting zie het onderdeel 3. Agentschappen van deze begroting.

Niet-beleidsartikel 99: Nominaal en onvoorzien

Dit artikel is een administratief begrotingstechnisch artikel. Dit betekent dat er geen daadwerkelijke uitgaven ten laste van artikel 99 worden gedaan. Het artikel dient hoofdzakelijk als tussenstation voor de overboeking van middelen naar de andere artikelen op de IenM begroting, zoals loon- en prijsbijstelling. Ook taakstellingen die nog niet direct kunnen worden doorgeboekt worden op dit artikel geadministreerd.

Budgettaire gevolgen van beleid

art. 99 Nominaal en onvoorzien (x € 1.000)
 

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Verplichtingen

0

0

25

0

2.698

697

4.542

Uitgaven:

0

0

25

0

1.949

698

4.543

Loonbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

Prijsbijstelling

0

0

0

0

307

401

401

Onvoorzien

0

0

25

0

1.642

297

4.142

Licence