Base description which applies to whole site

3.3 Artikel 23 Kennis en innovatie

De Minister van LNV streeft naar een goed functionerende kennis-, innovatie- en onderzoeksinfrastructuur op het terrein van landbouw, voedsel en natuur en landelijk gebied die bijdraagt aan een duurzaam, concurrerend en ecologisch houdbaar landbouw- en voedselsysteem met maximale benutting van circulariteit en bijdraagt aan maatschappelijke opgaven op het terrein van klimaat, biodiversiteit, energie en water.

De Minister is (mede)verantwoordelijk voor:

Stimuleren

  • Het bevorderen van kennisontwikkeling, kennisbenutting en kennisverspreiding, nieuwe technologieën (ICT) en educatie voor de bijdrage aan de maatschappelijke opgaven op het terrein van verduurzaming landbouw en visserij, voedsel, behoud en versterking biodiversiteit en natuur, klimaat, water en de economische concurrentiekracht van de Nederlandse agro- en tuinbouwsector.

  • Het bevorderen van publiek-private samenwerking gericht op het opstellen en (laten) uitvoeren van meerjarige missiegedreven innovatieprogramma’s voor Landbouw, Water en Voedsel.

  • Het bevorderen van de inzet van kennis en innovatie binnen het domein van Landbouw, Water en Voedsel, in het bijzonder in de topsectoren Agri&Food en Tuinbouw & Uitgangsmaterialen op basis van een meerjarige kennis- en innovatieagenda (KIA) en een kennis- en innovatieconvenant (KIC).

  • Het bevorderen van educatie en kennisverspreiding over voedsel richting scholen.

  • Het bevorderen van educatie en kennisverspreiding naar agrarische ondernemers.

  • Het stimuleren van internationale samenwerkingsprogramma’s voor onderzoek gericht op de maatschappelijke opgaven op het terrein van landbouw, voedsel, water, milieu en klimaat.

  • Het stimuleren van het ontwikkelen van praktijkkennis voor structureel natuurherstel en -beheer via het kennisnetwerk Ontwikkeling en Beheer Natuurkwaliteit (OBN).

  • Het stimuleren van startups bij het ontwikkelen van innovatieve manieren van werken bij het oplossen van maatschappelijke opgaven op het terrein van landbouw, voedsel, natuur, biodiversiteit, water, klimaat en landelijk gebied.

Financieren

  • Het financieren van de kennisbasis van Wageningen Research, op basis van de Subsidieregeling instituten voor toegepast onderzoek.

Regisseren

  • Regievoering op de subsidieverlening aan Wageningen Research en de opdrachtverlening RIVM voor het groene domein.

  • Het regisseren van meerjarige missiegedreven programmering van kennis en innovatie met stakeholders ten behoeve van de maatschappelijke opgaven op het terrein van landbouw, voedsel, natuur, biodiversiteit en klimaat.

Uitvoeren

  • Het uitvoering geven aan het Groenpact, samen met het groene onderwijs en het bedrijfsleven.

  • De uitvoering van wettelijke onderzoekstaken door Wageningen Research gericht op genetische bronnen, voedselveiligheid, besmettelijke dierziekten, economische informatievoorziening, natuur en milieu en visserij.

In 2024 zijn er geen beleidswijzigingen voorzien.

Tabel 20 Budgettaire gevolgen van beleid Artikel 23 (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

Verplichtingen

449.055

399.061

328.288

205.779

208.960

207.410

227.958

        

Uitgaven

253.210

382.205

379.608

277.067

259.154

240.938

240.071

        

Subsidies (regelingen)

       

Beleidsondersteunend onderzoek

50.725

49.932

35.653

28.768

25.597

20.302

20.301

Missiegedreven topsectoren- en innovatiebeleid

58.579

67.524

67.641

67.372

67.215

67.140

67.140

Kennisverspreiding en groen onderwijs

23.703

118.339

140.977

47.764

35.637

23.817

22.703

Opdrachten

       

Kennisontwikkeling en innovatie

12.296

15.966

10.297

10.773

9.911

9.060

9.182

Bijdrage aan agentschappen

       

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

11.697

15.758

10.408

8.268

6.534

5.757

5.883

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

       

Wageningen Research

96.210

114.624

114.137

113.471

113.180

112.619

112.619

ZonMw

0

62

495

651

1.080

2.243

2.243

        

Ontvangsten

11.643

7.474

7.543

7.474

7.474

7.474

7.474

        

Ontvangsten

       

Kennisontwikkeling en innovatie

11.643

7.474

7.543

7.474

7.474

7.474

7.474

Budgetflexibiliteit

Het budget voor 2024 is voor circa € 289 mln. (76%) juridisch verplicht en voor circa € 0,9 mln. (0,2 %) bestuurlijk gebonden. Daarnaast is er nog nog € 89,7 mln. (24%) beleidsmatig gereserveerd. Dit komt door de verplichtingen die rusten op de onderdelen van dit artikel. Zo is er onder subsidies een groot deel van het budget juridisch verplicht en is de bijdrage aan Wageningen Research ook juridisch verplicht.

Tabel 21 Geschatte budgetflexibiliteit
 

2024

juridisch verplicht

76%

bestuurlijk gebonden

0,2%

beleidsmatig gereserveerd

24%

nog niet ingevuld/vrij te besteden

0%

Subsidies

Beleidsondersteunend onderzoek

Om onderbouwd beleid mogelijk te maken en om knelpunten in de beleidsuitvoering op te lossen, wordt kennis ontwikkeld op een groot aantal thema’s. Het gaat hier veelal om middellange termijn en om politiek urgente dossiers. Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar aanleiding van onder meer beleidsbrieven, internationale verplichtingen en bestuurlijke afspraken. Voorbeelden van dergelijke meerjarige dossiers zijn onder andere biodiversiteit, transitie landelijk gebied, duurzame en gezonde voedselkeuze, klimaatneutrale en -adaptieve land- en tuinbouw, verbeteren emissiefactoren, verbeteren waterkwaliteit, eiwittransitie, klimaatslim bosbeheer en duurzame visserij. In 2024 is hiervoor € 35,7 mln. beschikbaar. De middelen worden ingezet als subsidie aan Wageningen Research.

Missiegedreven topsectoren- en innovatiebeleid

Voor publiek-private samenwerking is in 2024 € 67,7 mln. beschikbaar. In deze programma’s werken kennisinstellingen, private partijen uit de topsectoren Agri&Food, Tuinbouw & Uitgangsmaterialen en Water & Maritiem, maatschappelijke partijen en overheden samen aan kennis- en innovatie, internationalisering, human capital en kennis voor het MKB. Vanaf 2024 wordt gewerkt met een hernieuwde kennis- en innovatieagenda Landbouw, Water en Voedsel (KIA LWV). Deze beslaat het hele LNV domein en relevante onderwerpen van de ministeries IenW en VWS. De nieuwe KIA-LWV zal bijdragen aan oplossingen voor de vele maatschappelijke uitdagingen waar we voor staan en is gericht op 6 missies getiteld:

  • Veerkrachtige natuur en vitale bodem

  • Duurzame land- en tuinbouw

  • Vitaal landelijk gebied in een klimaatbestendig Nederland

  • Duurzaam en gewaardeerd voedsel, dat gezond, toegankelijk en veilig is

  • Duurzaam en veilig gebruik van de Noordzee en andere grote wateren

  • Veilige en weerbare delta

De missies krijgen ondersteuning van een sleuteltechnologieprogramma. Daarnaast wordt ingezet op cross-over onderwerpen met andere topsectoren. Dit gaat in ieder geval over de onderwerpen ‘voeding, gezondheid en leefomgeving’, logistiek en hernieuwbare energie.

Kennisverspreiding en groen onderwijs

Het budget van € 141,0 mln. is bestemd voor diverse gesubsidieerde activiteiten op het terrein van kennisverspreiding en groen onderwijs. Het overgrote deel gaat naar de volgende programma’s:

  • Voor het dichterbij brengen van de doelen in de gebiedsprogramma’s wordt in 2024 een aantal activiteiten uitgevoerd, gericht op de transitie in de landbouw en het landelijk gebied. De subsidies richten zich op innovatie en op een versnelling van de verspreiding en implementatie (valorisatie) van kennis:

    • In 2024 wordt € 26,9 mln. beschikbaar gesteld voor gebiedsgerichte fieldlabs. Voor de toepassing van nieuwe inzichten en innovaties uit onderzoek is specifieke kennis uit de gebieden (zoals regionale verschillen in grondsoorten, teelten, ketens, structuur en cultuur agrarische sector) essentieel om draagvlak en bruikbaarheid in verschillende omgevingen te vergroten. Op deze fieldlabs worden regio-specifieke experimenten uitgevoerd. Input voor de experimenten zijn innovatieve oplossingen die zowel vanuit onderzoek als vanuit de praktijk worden aangereikt. De oplossingen dragen bij aan een verbeterd perspectief voor ondernemerschap en verdienvermogen en aan een toekomstbestendige inrichting van de gebieden. In 2024 verwacht LNV het ontwerp en de verdere ontwikkeling van de eerste fieldlabs te subsidiëren. Tevens wordt een nationaal platform ingesteld voor de bovenregionale coördinatiefunctie voor het bewaken van de effectieve en efficiënte inzet van middelen.

    • Sociaaleconomische advisering. We zetten in op een systeem op waarmee alle agrarisch ondernemers in Nederland de gelegenheid krijgen om meerjarig bijgestaan te worden in het maken én realiseren van keuzes voor het toekomstige bedrijf in de gebiedsgerichte aanpak. Hiervoor € 26,5 mln. beschikbaar in 2024.

    • Digitale hulpmiddelen bieden grote kansen voor de transitie naar een duurzame landbouw. Daarvoor is het niet alleen nodig dat partijen in de land- en tuinbouw, ketenpartijen en andere datagebruikers en -leveranciers hierin investeren. Ook zullen de nodige randvoorwaarden op orde moeten komen om deze kansen te verzilveren. Het gaat hierbij onder andere over het opzetten van een geschikte data-infrastructuur waarin afspraken worden gemaakt over datadelen en -standaarden, het beschikbaar stellen van open (satelliet) data, zorgen voor voldoende digitale competenties bij de gebruikers, de zorg voor cybersecurity en waar nodig het ontwikkelen van nieuwe kennis of het faciliteren van investeringen. Hiervoor is € 24,9 mln. beschikbaar in 2024.

    • Voor het programma ‘Innovatie op het boerenerf’ is in 2024 € 12,6 mln. beschikbaar. Het gaat hierbij om nationale en Europese middelen. In 2024 stelt LNV opnieuw vouchers beschikbaar waarmee agrariërs onafhankelijke bedrijfsadviseurs kunnen inschakelen en agrariërs en adviseurs kunnen deelnemen aan cursussen over stikstof, natuurinclusief ondernemen of precisielandbouw van de groene hogeronderwijsinstellingen. Ook verstrekt LNV subsidie aan samenwerkingsverbanden (praktijkleernetwerken) en demobedrijven gericht op verschillende verduurzamingsthema’s waarin agrariërs met, en van elkaar, leren. Vanaf 2023 is de Sabe-regeling onderdeel van het nieuwe Nationaal Strategisch Plan in het kader van het GLB. Dat betekent dat er in de nieuwe GLB-periode (2023-2027) ook Europese middelen beschikbaar zijn voor de kennisoverdracht naar het boerenerf.

    • Het programma Meten op Bedrijfsniveau koppelt lopende kennisprojecten en praktijkprojecten aan elkaar. Meer meten is voor de langere termijn een optie voor het bepalen van met name stal­emissies op bedrijfsniveau, door meer of anders meten kan de agrarisch ondernemer op termijn perspectief worden geboden om naar doelvoorschriften te gaan in plaats van de huidige middelvoorschriften. De ambitie voor 2024 is om een standaard gereed te hebben voor het gebruik van bedrijfsspecifieke metingen in een beloningssystematiek. Hiervoor is in 2024 € 9 mln. beschikbaar.

    • Voor integrale verduurzaming op bedrijfsniveau is verdere ontwikkeling en uitrol van de KPI’s kringlooplandbouw nodig. Op deze manier kunnen duurzaamheidsprestaties van boeren inzichtelijk gemaakt worden en vormen op termijn de basis voor certificering van duurzame landbouwproductie, doelsturing en het belonen vanuit markt en overheid. In 2024 is hiervoor € 2 mln. beschikbaar.

  • In Groenpact werkt LNV samen met bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties, werknemersorganisaties en de onderwijsinstellingen in het groene domein aan de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt, vernieuwing van het onderwijs en innovaties in de praktijk. Hiervoor is in 2024 € 4,5 mln. beschikbaar. De maatschappelijke opgaven zijn leidend bij de keuze in welke delen van het onderwijs en in welke thema’s voor praktijkgericht onderzoek geïnvesteerd wordt. LNV ondersteunt het MBO Centrum voor Innovatief Vakmanschap Groen en het HBO Centre of Expertise Groen in het groene domein.

  • Voor de meerjarige kennis- en innovatieprogramma’s Duurzaam Door (DD) en Jong Leren Eten (JLE) is in 2024 een budget van € 3,7 mln. beschikbaar. Beide programma’s werken in 2024 aan versterking van maatschappelijke (innovatieve) initiatieven op het gebied van duurzaamheid en vergroting van de kennis en bewustwording over duurzaam, gezond voedsel bij kinderen en jongeren. Voor DuurzaamDoor liggen de accenten in 2024 op kennisdoorwerking bij transitieopgaven, verbinding met de interdepartementale werkgroep Duurzame School en internationale uitwerking van het concept Whole School Approach. Het thema Natuurinclusieve samenleving krijgt extra inhoud door implementatie van de resultaten van de participatietafel Groen en de doorwerking van de invulling van het domein Onderwijs in de Agenda Natuurinclusief 2.0. Jong Leren Eten focust op borging van voedseleducatie o.a. door versterking van de platformen voor boerderijeducatie, schooltuinen en kooklessen. Naast de stimulering van voedseleducatie in kinderopvang en het primaire onderwijs, versterkt Jong Leren Eten de inzet  voor het speciaal onderwijs, vo, mbo en hbo, zowel in het generieke als vakspecifieke onderwijs, bijvoorbeeld door ondersteuning van de ontwikkeling van lesmateriaal.

  • Voor het lopende, reguliere programma van het Kennisnetwerk Ontwikkeling en Beheer Natuurkwaliteit (OBN) (2019–2024) is in 2024 € 1,9 mln. beschikbaar. Het kennisnetwerk genereert op een onafhankelijke manier kennis voor structureel herstel en beheer van natuurkwaliteit. Er is extra aandacht voor natuurherstelmaatregelen in het kader van de stikstofproblematiek. Ook andere thema’s komen aan de orde, zoals de waterhuishouding in de natuur, invasieve exoten en insectensterfte.

  • Met de subsidiemodule ‘Samenwerken aan innovatie (EIP)’ worden in 2024 Europese middelen uit het NSP-GLB ingezet voor het ondersteunen van innovatieve bottom-up projecten waarmee technische en sociale innovaties ontwikkeld en uitgetest worden in de praktijk. Projecten moeten bijdragen aan de doelen van het GLB en het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG), waarmee de projecten bijdragen aan de transitie in de landbouw en in het landelijk gebied. De kennis die wordt opgedaan in de projecten wordt gedeeld en verspreid in Europese en nationale kennisnetwerken

Nationaal Groeifonds

  • In 2023 zijn voor twee Nationaal Groeifonds projecten middelen toegevoegd aan de LNV begroting. Het betreft de volgende projecten:

    • Kweekvlees is een groeiend domein, waarin flinke ontwikkelingen plaatsvinden. Er wordt gewerkt aan een integraal programma samen met bedrijven als Mosa Meat en Meatable en kennisinstellingen als TU Delft, Wageningen UR en Maastricht University. Doel is om voldoende gekwalificeerd CA-personeel op te leiden, fundamentele en toegepaste CA-kennis te ontwikkelen en opschalingsfaciliteiten beschikbaar te maken voor CA-bedrijven. In 2024 wordt hiervoor € 17,6 mln. ingezet.

    • Het door het Nationaal groeifonds gefinancierde programma CROP-XR behelst fundamenteel onderzoek op het snijvlak van plantenwetenschappen, datawetenschappen en kunstmatige intelligentie om te komen tot nieuwe ‘smart data’-methoden voor plantenveredeling. Daarnaast wordt ingezet op kennisverspreiding en een snelle vertaling van de ontwikkelde kennis naar commercialiseerbare gewassen. Ook is er aandacht voor kennisontwikkeling en onderwijs. In 2024 wordt hiervoor € 2,7 mln. ingezet.

Doelsturing

  • Tijdens de onderhandelingen over het landbouwakkoord is gebleken dat de agrarische sector graag meer grip wil hebben op de eigen emissies en op het behalen van de doelstellingen. Daarnaast is aan de Tweede Kamer toegezegd dat gestart zal worden met een (afrekenbare) stoffenbalans. Het kabinet wil daarom een begin maken met de omslag naar doelsturing. Op het agrarische erf wordt zo de middelsturing langzamerhand vervangen door doelsturing. De boer komt op die manier zelf aan het stuur. Hiervoor heeft het kabinet extra middelen vrijgemaakt, in 2024 komt € 9,0 mln. beschikbaar.

  • Voor integrale verduurzaming op bedrijfsniveau is verdere ontwikkeling en uitrol van de KPI’s kringlooplandbouw (stoffenbalans) nodig. Op deze manier kunnen duurzaamheidsprestaties van boeren inzichtelijk gemaakt worden en vormen op termijn de basis voor certificering van duurzame landbouwproductie, doelsturing en het belonen vanuit markt en overheid. In 2024 is hiervoor € 5,0 mln. beschikbaar.

Opdrachten

Kennisontwikkeling en innovatie

Voor de ontwikkeling van kennis en praktijkgerichte innovaties worden opdrachten uitgezet bij kennisinstellingen, anders dan Wageningen Research, die ook bijdragen aan de missies van het thema Landbouw, Water en Voedsel. Het gaat hier om projecten bedoeld om nieuw beleid te onderbouwen, knelpunten in de beleidsuitvoering op te lossen en perspectiefvolle oplossingsrichtingen aan te dragen. Het budget voor 2024 bedraagt € 10,3 mln. Hierna volgen enkele voorbeelden van projecten die in 2024 starten.

  • Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) voert beleidsondersteunend onderzoek uit dat bijdraagt aan maatschappelijke doelen en verplichtingen, die onder andere voortkomen uit (Europese) wet- en regelgeving, zoals bijvoorbeeld door monitoring. LNV is coördinerend opdrachtgever RIVM voor LNV, EZK en BZK. Hiervoor is in 2024 € 5,3 mln. programmabudget beschikbaar. Dit wordt ingezet voor de volgende thema’s:

    • Veilig, gezond en duurzaam voedsel & Alternatieven voor dierproeven

    • Plantaardige Agro, Milieu en Gezondheid met daarin o.a. het monitoringprogramma Landelijk meetnet effecten mestbeleid en de opdracht gewasbeschermingsmiddelen en gezondheid omwonenden en agrariërs;

    • Stikstof en Natuur, met daarin onder andere het onderzoek naar verbetering van de modellen om stikstofemissie en -depositie te berekenen, het onderhoud van het stikstofmeetnet, AERIUS, monitoring en evaluatie stikstofvermindering en natuurverbetering en natuuropdrachten zoals Atlas Natuurlijk Kapitaal en het kennisplatform processierups;

    • Klimaat, Energie en Economie: opdrachten vanuit het ministerie van EZK over onder andere emissieregistratie, Kennisplatform Elektromagnetische Velden en Expertisepunt windenergie en gezondheid;

    • Milieu SodM: RIVM-opdrachten vanuit Staatstoezicht op de Mijnen;

    • RIVM-opdrachten vanuit het ministerie van BZK.

  • LNV draagt € 3,1 mln. bij aan de basisfinanciering van enkele planbureaus en adviesraden die beleidsadviezen leveren. Het gaat voornamelijk om de generieke bijdrage van LNV aan het Ministerie van IenW voor het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en de generieke bijdrage aan het Ministerie van VWS voor de Gezondheidsraad.

  • Voor het ontwikkelen van kennis ten behoeve van beleidsontwikkeling is in 2024 € 1,9 mln. beschikbaar. Het budget wordt besteed aan projecten die bijdragen aan zowel urgente beleidsdossiers als aan de missies. Ze worden uitgevoerd door een diversiteit van opdrachtnemers, zoals stichtingen, universiteiten en adviesbureaus.

Bijdrage aan Agentschappen

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

De bijdrage apparaatsbudget aan het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) voor 2024 van € 10,4 mln. betreft het apparaatsbudget ingezet voor de hierboven beschreven thema’s van het RIVM beleidsondersteunend onderzoek van LNV.

Bijdrage aan ZBO/RWT

Wageningen Research

Een goed functionerend kennissysteem levert een belangrijke bijdrage aan de oplossing van maatschappelijke vraagstukken, in het domein van natuur, agro, voedsel en landelijk gebied, zoals verwoord in de missies. De bijdrage aan Wageningen Research (WR) betreft € 114,1 mln. en bestaat uit drie onderdelen:

  • Wettelijke taken (€ 78,4 mln.): de wettelijke onderzoekstaken (WOT) op de terreinen van Besmettelijke Dierziekten (BD), Voedselveiligheid (VV), Genetische Bronnen (GB), Natuur en Milieu (N&M), Visserijonderzoek (VO) en Economische Informatievoorziening (EI) zijn ondergebracht in WOT programma's. Deze programma's voorzien de overheid van kennis, expertise, methoden, analyses en faciliteiten, die nodig zijn om te voldoen aan haar verplichtingen voor de uitvoering van (inter)nationale wet- en regelgeving en andere overheidstaken van nationaal en/of algemeen belang. De programma’s zijn meerjarig en worden elke 5 jaar geëvalueerd. In 2024 zijn geen evaluaties voorzien.

  • Kennisbasis (KB) (€ 27,1 mln.): de kennisbasis van Wageningen Research vormt samen met fundamenteel onderzoek van Wageningen University en andere kennisinstellingen (bijv. RIVM, PBL) de strategische kennisbasis voor het agro- en natuurdomein. Daarmee is het een langetermijnpijler onder het LNV-beleid. Voor het meerjarig kennisbasisonderzoek vormt het strategisch plan Wageningen UR 2019–2022 de basis. De minister van LNV heeft in 2022 akkoord gegeven op een verlenging met twee jaar, zodat de looptijd 2019-2024 is geworden.

  • Autonome bijdrage (€ 4,8 mln.): dit is een lumpsum financiering aan Wageningen Research (WR) en houdt verband met de privatisering van de toenmalige Dienst Landbouwkundig Onderzoek (DLO, nu WR) eind jaren negentig van de vorige eeuw. Met deze bijdrage kan WR een aantal leningen (vorderingen van LNV op DLO/WR) terugbetalen. Dit betreft een bestuurlijke afspraak.

  • HGIS beleidsondersteunend onderzoek (€ 3,8 mln.): het instrument HGIS betreft onderzoekprogrammering met focus op internationale voedselzekerheid.

Zon/Mw (Alternatieven voor dierproeven)

De bijdrage aan ZonMw van circa € 0,5 mln. in 2024 betreft budget voor het meerjarige programma «Meer kennis met minder dieren, MKMD». Dit programma heeft tot doel de ontwikkeling van nieuwe proefdiervrije innovaties en de toepassing van bestaande proefdiervrije innovaties te stimuleren. Het gereserveerde budget wordt via een meerjaarlijkse bijdrage aan ZonMw uitgegeven en loopt via het Ministerie van VWS. Het budget wordt door ZonMw ingezet voor verschillende subsidierondes en activiteiten, die voortkomen uit de al eerder goedgekeurde MKMD programmatekst.

Ontvangsten

Kennisontwikkeling en innovatie

De ontvangsten van € 7,5 mln. in 2024 bestaan voornamelijk uit een taakstellende ontvangst van een jaarlijkse betaling van WR aan LNV voor rente en aflossing op de leningen die bij de verzelfstandiging van de toenmalige Dienst Landbouwkundig Onderzoek (DLO en nu WR) eind jaren negentig werden aangegaan.

Licence