Base description which applies to whole site

Artikel 11 Financiering staatsschuld

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 22 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 11 Financiering staatsschuld (bedragen x € 1 mln.)

Omschrijving

Vastgestelde begroting (incl. suppletoire begrotingen, NvW) (1)

Mutaties 2e suppletoire begroting (2)

Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)

    

Verplichtingen

26.687

‒ 248

26.439

    

Uitgaven

26.687

‒ 248

26.439

    

Opdrachten

22

2

24

Overige kosten

22

2

24

    

Rente

6.716

‒ 250

6.466

Rente vaste schuld

5.793

‒ 65

5.728

Rente vlottende schuld

923

‒ 185

738

Voortijdige beëindiging schuld

0

0

0

Rente derivaten lang

0

0

0

Rente derivaten kort

0

0

0

Voortijdige beëindiging derivaten

0

0

0

    

Leningen

19.949

0

19.949

Aflossing vaste schuld

19.949

0

19.949

Mutatie vlottende schuld

0

0

0

    

Ontvangsten

60.893

‒ 8.674

52.219

    

Rente

30

0

30

Rente vlottende schuld

30

0

30

Voortijdige beëindiging schuld

0

0

0

Rente derivaten lang

0

0

0

Voortijdige beëindiging derivaten

0

0

0

    

Leningen

60.863

‒ 8.674

52.189

Uitgifte vaste schuld

40.000

0

40.000

Mutatie vlottende schuld

20.863

‒ 8.674

12.189

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Opdrachten

De overige kosten vallen in 2025 circa € 2 mln. hoger uit met name als gevolg van hogere ICT kosten in verband met de vernieuwing van het treasury management systeem.

Rente

Rente vaste schuld

De raming van de rentelasten vaste schuld valt naar verwachting € 65,0 mln. lager uit doordat de uitgifte van staatsobligaties op een later moment in het jaar heeft plaatsgevonden dan waarmee in de raming rekening was gehouden. Hierdoor wordt er minder rente toegerekend aan het lopende jaar.

Rente vlottende schuld

De raming van de rentelasten vlottende schuld valt naar verwachting € 185,0 mln. lager uit als gevolg van de realisaties op de geldmarkt.

Ontvangsten

Leningen

Mutatie vlottende schuld

De mutatie vlottende schuld is in 2025 lager als gevolg van een lagere financieringsbehoefte doordat de raming van het kastekort voor het lopende begrotingsjaar is afgenomen. Schommelingen in de financieringsbehoefte in een lopend begrotingsjaar worden zo veel mogelijk opgevangen op de geldmarkt.

Licence