In de onderstaande worden de belangrijkste mutaties van deze suppletoire begroting toegelicht.
Vastgestelde begroting 2025 | 1.723,0 | |
|---|---|---|
Stand 1e suppletoire begroting 2025 | 1.744,7 | |
Stand Suppletoire Begroting September 2025 | 1.792,0 | |
Belangrijkste suppletoire mutaties | ||
Relevante kadermutaties: | ||
1) Nadelig saldo 2025 | 105,5 | |
2) Diverse overboekingen ministeries | diversen | ‒ 1,0 |
3) Diverse overboekingen naar begroting IenW | diversen | 1,1 |
4) Desalderingen | 1 | 0,1 |
Stand 2e suppletoire begroting 2025 | 1.897,6 |
Vastgestelde begroting 2025 | 1.723,0 | |
|---|---|---|
Stand 1e suppletoire begroting 2025 | 1.744,7 | |
Stand Suppletoire Begroting September 2025 | 1.792,0 | |
Belangrijkste suppletoire mutaties | ||
Relevante kadermutaties: | ||
1) Nadelig saldo 2025 | 5,5 | |
2) Diverse overboekingen ministeries | diversen | ‒ 1,0 |
3) Diverse overboekingen naar begroting IenW | diversen | 1,1 |
4) Desalderingen | 1 | 0,1 |
Stand 2e suppletoire begroting 2025 | 1.797,6 |
Toelichting
1. Nadelig saldo 2025Het saldo 2025 bestaat uit € 105,5 miljoen hogere uitgaven en € 5,5 miljoen hogere ontvangsten. Per saldo wordt er een nadelig saldo 2025 van € 100,0 miljoen verwacht. Zowel de saldomutaties op de uitgaven als de ontvangsten worden in 2026, conform de Comptabiliteitswet 2016, artikel 2.11 lid 4, geboekt ten laste van de begroting van het daarop volgende jaar (in dit geval 2026). Hierdoor blijft de omvang van de budgetten meerjarig ongewijzigd. Voor een nadere toelichting hoe het saldo is verwerkt op de artikelen wordt verwezen naar de artikelsgewijze toelichting (hoofdstuk 3). De verwerking in 2026 zal plaats vinden bij de 1e suppletoire begroting (Voorjaarsnota) 2026.
2. Diverse overboekingen ministeries
3. Diverse overboekingen naar begroting IenW
4. DesalderingenDe wijzigingen, posten 2 t/m 4, zijn kleiner dan de gehanteerde norm en worden daarom niet uiteengezet (zie de leeswijzer).