De Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) is de uitvoeringsorganisatie van de Rijksoverheid voor het onderwijs. DUO levert producten en diensten op het terrein van bekostiging van instellingen, financiering van studenten, examens, informatievoorziening, alsmede diensten gericht op de verbetering van de verbinding tussen beleid en uitvoering, waarbij de burger en instellingen centraal worden gesteld. Daarnaast verricht DUO werkzaamheden voor overige departementen en derden. Onderdeel van DUO is de Shared Service Organisatie Noord (SSO-Noord), waarbinnen het Inkoop Uitvoeringscentrum en het Overheidsdatacenter zijn ondergebracht, die dienstverlening verricht voor het concern OCW, haar dienstonderdelen en andere overheidsorganen.
(1) Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire Begrotingen, NvW en amendementen) | (2) Mutaties 2e suppletoire begroting | Totaal geraamd (3) = (1) + (2) | |
|---|---|---|---|
Baten | |||
- Omzet | 537.703 | 61.466 | 599.169 |
waarvan omzet moederdepartement | 431.478 | 36.868 | 468.346 |
waarvan omzet overige departementen | 99.538 | 21.745 | 121.283 |
waarvan omzet derden | 6.687 | 2.853 | 9.540 |
Rentebaten | 1.000 | 400 | 1.400 |
Vrijval voorzieningen | 0 | 0 | 0 |
Bijzondere baten | 0 | 0 | 0 |
Totaal baten | 538.703 | 61.866 | 600.569 |
Lasten | |||
Apparaatskosten | 488.318 | 40.829 | 529.147 |
- Personele kosten | 357.886 | 20.867 | 378.753 |
waarvan eigen personeel | 265.074 | 12.820 | 277.894 |
waarvan inhuur externen | 80.704 | 1.313 | 82.017 |
waarvan overige personele kosten | 12.107 | 6.735 | 18.842 |
- Materiële kosten | 130.432 | 19.962 | 150.394 |
waarvan apparaat ICT | 39.631 | 19.373 | 59.004 |
waarvan bijdrage aan SSO's | 29.052 | 165 | 29.217 |
waarvan overige materiële kosten | 61.749 | 424 | 62.173 |
Rentelasten | 2.831 | 0 | 2.831 |
Afschrijvingskosten | 45.354 | 6.779 | 52.133 |
- Materieel | 13.000 | 3.964 | 16.964 |
waarvan apparaat ICT | 12.500 | 3.964 | 16.464 |
waarvan overige materiële afschrijvingskosten | 500 | 0 | 500 |
- Immaterieel | 32.354 | 2.815 | 35.169 |
Overige lasten | 2.100 | ‒ 600 | 1.500 |
waarvan dotaties voorzieningen | 2.100 | ‒ 600 | 1.500 |
waarvan bijzondere lasten | 0 | 0 | 0 |
Totaal lasten | 538.603 | 47.008 | 585.611 |
Saldo van baten en lasten gewone bedrijfsuitoefening | 100 | 14.858 | 14.958 |
Agentschapsdeel Vpb-lasten | 100 | 0 | 100 |
Saldo van baten en lasten | 0 | 14.858 | 14.858 |
Toelichting
De baten in de 2e suppletoire begroting stijgen met € 61,9 miljoen ten opzichte van de 1e suppletoire begroting. De lasten in de 2e suppletoire begroting stijgen met € 47,0 miljoen. Voor 2025 wordt een positief resultaat verwacht van € 14,9 miljoen.
In de budgettaire bijlage van het hoofdlijnenakkoord is opgenomen dat er bezuinigd moet worden op het apparaat van de Rijksoverheid. Voor DUO betreft dit een oplopende reeks naar € 10,8 miljoen in 2030. Daarnaast geldt dat een structurele additionele taakstelling is opgelegd van € 3,8 miljoen per 2025 via het inhouden van de loon- en prijsbijstelling voor externe inhuur.
Baten
Omzet moederdepartementDe omzet moederdepartement is € 36,9 miljoen hoger dan in de 1e suppletoire begroting. In de basisdienstverlening is sprake van een hogere omzet van € 8,1 miljoen, de omzet uit hoofde van overige opdrachten stijgt met € 23,9 miljoen en de omzet uit hoofde van SSO-Noord stijgt met € 4,9 miljoen. De stijging in de basisdienstverlening aan OCW hangt samen met additionele werkzaamheden ten behoeve van examens (€ 9,0 miljoen) en additionele overige taken (€ 5,1 miljoen). Daarnaast is er sprake van een daling van de overige werkzaamheden in het basiscontract (- € 3,0 miljoen) en lagere omzet uit Werken aan Uitvoering (- € 3,0 miljoen). De stijging in de overige opdrachten voor OCW hangt samen met de werkplekdienstverlening (€ 15,8 miljoen), het uitvoeren van additionele beleidsopdrachten (€ 4,8 miljoen) en overige opdrachten (€ 3,3 miljoen). Ten slotte is sprake van additionele omzet door het SSO-Noord (€ 4,9 miljoen) ten behoeve van OCW en dienstonderdelen van OCW, te weten: de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, het Nationaal Archief en de Onderwijsinspectie.
De additionele omzet wordt voor € 32,0 miljoen gedekt door middelen die reeds beschikbaar zijn vanuit de begroting van het moederdepartement. Daarnaast wordt de additionele dienstverlening van € 4,9 miljoen door het SSO-Noord direct in rekening gebracht bij de dienstonderdelen van OCW.
Omzet overige departementen en derden
De omzet overige departementen en derden stijgt met € 24,6 miljoen ten opzichte van de 1e suppletoire begroting waarvan € 23,6 miljoen betrekking heeft op dienstverlening door het SSO-Noord en € 1,0 miljoen op DUO. Deze stijging is het gevolg van een toename van de verwachte omzet uit hoofde van de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (€ 10,8 miljoen), Veiligheid en Justitie (€ 8,9 miljoen), Economische Zaken (€ 3,9 miljoen), Infrastructuur en Waterstaat (€ 1,5 miljoen) en Financiën (€ 0,3 miljoen). Daarnaast is sprake van een daling van de omzet voor de ministeries Volksgezondheid, Welzijn en Sport (- € 0,8 miljoen), Sociale Zaken en Werkgelegenheid (- € 2,7 miljoen) en overige opdrachtgevers (- € 0,2 miljoen). Voorts is de verwachte omzet uit hoofde van derden toegenomen met € 2,9 miljoen.
Rentebaten
De rentebaten stijgen met € 0,4 miljoen ten opzichte van de 1e suppletoire begroting. Dit betreft een inschatting van de rentebaten uit hoofde van het positieve saldo op de rekening courant met het ministerie van Financiën.
Nieuwe Regeling Agentschappen
Per 1 januari 2025 is de nieuwe Regeling Agentschappen ingegaan. De nieuwe regeling geeft de mogelijkheid voor bekostiging op basis van output en/of input. Voor de uitvoering van het jaar 2025 wordt daarom naast het exploitatieoverzicht, in onderstaande tabel, inzicht gegeven in de nieuwe categorisering van de baten.
(1) Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire Begrotingen, NvW en amendementen) | (2) Mutaties 2e suppletoire begroting | Totaal geraamd (3) = (1) + (2) | waarvan omzet moederdepartement | waarvan omzet overige departementen | waarvan omzet derden | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Baten | |||||||
- Baten als tegenprestatie voor de levering van producten en/of diensten | 48.866 | 31.726 | 80.592 | 5.161 | 65.893 | 9.540 | 80.594 |
Examendiensten | 3.410 | 2.766 | 6.176 | 0 | 0 | 6.176 | 6.176 |
ICT-Diensten | 42.050 | 24.951 | 67.001 | 1.532 | 63.266 | 1.889 | 66.687 |
Inkoopdiensten | 971 | 3.521 | 4.492 | 3.340 | 1.467 | 0 | 4.807 |
Overige dienstverlening | 2.435 | 489 | 2.924 | 289 | 1.160 | 1.475 | 2.924 |
- Baten als tegenprestatie voor levering van input | 488.837 | 29.742 | 518.577 | 463.185 | 55.390 | 0 | 518.575 |
Hoofdproduct Bekostiging | 71.556 | 6.380 | 77.936 | 77.936 | 0 | 0 | 77.936 |
Hoofdproduct Studiefinanciering | 181.667 | 18.538 | 200.205 | 200.205 | 0 | 0 | 200.205 |
Hoofdproduct Examendiensten | 81.846 | 4.816 | 86.663 | 86.663 | 0 | 0 | 86.663 |
Hoofdproduct Onderwijsregisters | 63.366 | 2.865 | 66.231 | 66.231 | 0 | 0 | 66.231 |
Hoofdproduct Informatiediensten | 18.639 | ‒ 4.205 | 14.434 | 14.434 | 0 | 0 | 14.434 |
Inburgering | 40.574 | 550 | 41.124 | 0 | 41.124 | 0 | 41.124 |
ICT-Diensten | 14.404 | 3.313 | 17.717 | 17.717 | 0 | 0 | 17.717 |
Diverse registers | 12.130 | ‒ 2.669 | 9.459 | 0 | 9.457 | 0 | 9.457 |
Overige dienstverlening | 4.655 | 154 | 4.809 | 0 | 4.809 | 0 | 4.809 |
Rentebaten | 1.000 | 400 | 1.400 | 1.400 | 0 | 0 | 1.400 |
Vrijval voorzieningen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
Bijzondere baten | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
Totaal baten | 538.703 | 61.868 | 600.569 | 469.746 | 121.283 | 9.540 | 600.569 |
Baten als tegenprestatie voor de levering van producten en/of diensten
De totale verwachte baten als tegenprestatie voor de levering van diensten bedragen € 80,6 miljoen. Het gaat hier om dienstverlening op het gebied van Examen-, ICT- en Inkoopdiensten aangeboden door SSO-Noord en overige dienstverlening waaronder vergoedingen voor detacheringen.
Baten als tegenprestatie voor de levering van input
De totale verwachte baten als tegenprestatie voor het leveren input bedragen € 518,6 miljoen. Deze baten vloeien voort uit het uitvoeren van de vijf hoofdproducten en werkplekdienstverlening in opdracht van OCW. Tevens zijn hier de baten opgenomen in verband met het uitvoeren van de inburgeringstaken in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Voorts zijn baten opgenomen in verband met het voeren van diverse registers en overige dienstverlening, met name het Landelijk Register Kinderopvang.
Lasten
ApparaatskostenDe totale apparaatskosten stijgen met € 40,8 miljoen. De personele kosten stijgen met € 20,8 miljoen en de materiële kosten met € 20,0 miljoen ten opzichte van de 1e suppletoire begroting. Deze stijgingen hangen samen met de bovengenoemde uitbreidingen van de basisdienstverlening aan zowel het moederdepartement als aan overige ministeries.
Rentelasten
De rentelasten zijn geschat op basis van de werkelijke rentepercentages van de afgesloten leningen. De rentelasten zijn gelijk gebleven ten opzichte van de 1e suppletoire begroting.
Afschrijvingskosten
De afschrijvingskosten stijgen met € 6,8 miljoen. Dit is primair het gevolg van gestegen afschrijvingen van zowel materiële als immateriële vaste activa gerelateerd aan het ICT-domein.
Overige lasten
Ten slotte dalen de verwachte dotaties aan de voorzieningen met € 0,6 miljoen. De daling is het gevolg van het bijstellen van de parameters die ten grondslag liggen aan de voorzieningen op basis van de laatste ontwikkelingen.
Kasstroomoverzicht
(1) Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire Begrotingen, NvW en amendementen) | (2) Mutaties 2e suppletoire begroting | Totaal geraamd (3) = (1) + (2) | ||
|---|---|---|---|---|
1. | Rekening courant RHB 1 januari + depositorekeningen | 20.231 | 20.231 | |
Totaal ontvangsten operationele kasstroom (+) | 538.703 | 61.866 | 600.569 | |
Totaal uitgaven operationele kasstroom (-/-) | ‒ 493.349 | ‒ 40.829 | ‒ 534.178 | |
2. | Totaal operationele kasstroom | 45.354 | 21.037 | 66.391 |
Totaal investeringen (-/-) | ‒ 106.500 | ‒ | ‒ 106.500 | |
Totaal boekwaarde desinvesteringen (+) | ‒ | ‒ | ‒ | |
3. | Totaal investeringskasstroom | ‒ 106.500 | ‒ | ‒ 106.500 |
Eenmalige uitkering aan moederdepartement (-/-) | ‒ | ‒ | ‒ | |
Eenmalige storting door moederdepartement (+) | ‒ | ‒ | ‒ | |
Aflossingen op leningen (-/-) | ‒ 39.712 | ‒ | ‒ 39.712 | |
Beroep op leenfaciliteit (+) | 106.500 | ‒ | 106.500 | |
4. | Totaal financieringskasstroom | 66.788 | ‒ | 66.788 |
5. | Rekening courant RHB 31 december (=1+2+3+4) | 25.873 | 21.037 | 46.910 |
Toelichting
Het kasstroomoverzicht is aangepast op basis van de nu voorziene additionele ontvangsten en uitgaven. De verwachte investeringen in de materiële en immateriële vaste activa zijn ongewijzigd ten opzichte van de eerste suppletoire begroting. Het beroep op de leenfaciliteit is derhalve gelijk gebleven.