Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

Infrastructuurfonds

A INFRASTRUCTUURFONDS: UITGAVEN
     

2017

Stand Miljoenennota 2018 (excl. IS)

5.779,2

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Saldo 2017 hoofdwegennet

– 25,8

   

Saldo 2017 megaprojecten verkeer en vervoer

– 46,3

   

Saldo 2017 overige uitgaven en ontvangsten

– 59

   

Saldo 2017 regionaal, lokale infrastructuur

93,3

   

Saldo 2017 spoorwegen

16,5

   

Diversen

2,1

     

– 19,2

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Regiospecifiek pakket zuiderzeelijn

– 45

   

Diversen

– 19,4

     

– 64,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2018

– 83,6

       

Stand Najaarsnota 2017 (subtotaal)

5.695,6

Totaal Internationale samenwerking

0

Stand Najaarsnota 2017

5.695,6

A INFRASTRUCTUURFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
     

2017

Stand Miljoenennota 2018 (excl. IS)

5.779,2

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 16,4

     

– 16,4

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Regiospecifiek pakket zuiderzeelijn

– 45

   

Diversen

– 19,4

     

– 64,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2018

– 80,8

       

Stand Najaarsnota 2017 (subtotaal)

5.698,4

Totaal Internationale samenwerking

0

Stand Najaarsnota 2017

5.698,4

Saldo 2017 Hoofdwegennet

Er is minder uitgegeven dan verwacht op het artikel Hoofdwegennet. Dit bedrag bestaat uit drie componenten:

  • Op het budget voor beheer en onderhoud wordt – 10,3 mln. minder uitgegeven dan begroot omdat de contractvoorbereiding voor de renovatie van de Suurhoffbrug meer tijd vraagt.

  • Het budgettaire gevolg van verschillende programma vertragingen is dat in 2017 per saldo – 18,5 mln. minder is uitgegeven dan begroot. Dit komt door lagere uitgaven op onder andere de volgende projecten; het programma Beter Benutten (– 21,8 mln.); A7 Zuidelijke Ringweg Groningen (– 15,6 mln.); Bereikbaarheid Lelystad Airport (– 13,0 mln.) en A1/A6/A9 Schiphol-Amsterdam-Almere (– 9,5 mln.). Daartegenover staan hogere kasuitgaven op onder meer de projecten A4 Delft-Schiedam (15,5 mln.) en A2 Passage Maastricht (12,7 mln.).

  • Op het artikelonderdeel Geïntegreerde contractvormen is per saldo sprake van 3 mln. overschrijding. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door een snellere realisatie van het project A1/A6/A9 Schiphol-Amsterdam-Almere (16,3 mln.) en een onvoorziene betaling voor het project N18 Varsseveld-Enschede (12,3 mln.). Daartegenover staan lagere uitgaven op het project A15 Maasvlakte-Vaanplein door een opgelegde boete aan de aannemer (– 24,9 mln.).

Saldo 2017 Megaprojecten verkeer en vervoer

Per saldo is op het artikel Megaprojecten verkeer en vervoer sprake van een onderschrijding. Dit bedrag bestaat uit de volgende componenten:

  • De verwachting is dat ProRail – 2,2 mln. minder middelen nodig heeft voor de nazorg van de Betuweroute.

  • Er is sprake van – 3,7 mln. onderschrijding op het budget voor de HSL-Zuid voornamelijk omdat het onderzoek naar zettingsproblematiek nog niet is afgerond waardoor de maatregelen vertraagd zijn.

  • Op het project Mainport ontwikkeling Rotterdam is – 0,4 mln. minder uitgegeven dan begroot.

  • Op het budget voor ERTMS wordt – 24,2 mln. minder uitgegeven dan begroot hoofdzakelijk omdat een deel van de werkzaamheden is uitgesteld doordat de programmabeslissing van ERTMS later wordt genomen.

  • Naar aanleiding van de gunning van het contract voor het project ZuidasDok is de kasreeks geactualiseerd, wat leidt tot een verlaging van – 15,8 mln.

Saldo 2017 Overige uitgaven en ontvangsten

Per saldo is op het artikel overige uitgaven en ontvangsten minder uitgegeven dan begroot. Dit wordt hoofdzakelijk veroorzaakt doordat er minder budget (– 22,7 mln.) in 2017 nodig is ten behoeve van het programma Eenvoudig Beter, onder meer omdat het wetgevingstraject vertraagt (Kamerstuk 34 775 A, nr.1). Daarnaast is het surplus aan eigen vermogen (– 32,5 mln.) bij Rijkswaterstaat afgeroomd bij Voorjaarsnota 2017, conform de Regeling agentschappen. Deze middelen worden dit jaar niet aangewend. Tot slot is op het programma Externe Veiligheid in 2017 sprake van een overschot (3,7 mln.).

Saldo 2017 Regionaal, lokale infrastructuur

Op dit artikel is sprake van een overschrijding. Dit komt hoofdzakelijk omdat met de Provincies Drenthe, Flevoland, Friesland en Groningen is overeengekomen een aantal betalingen voor het Regiospecifiek Pakket Zuiderzeelijn (RSP-ZZL) reeds in 2017 te doen.

Saldo 2017 Spoorwegen

Per saldo wordt op het artikel spoorwegen meer uitgegeven dat begroot. Dit bedrag bestaat voornamelijk uit de volgende componenten:

  • Vaststelling van de subsidie 2016 aan ProRail voor beheer- en onderhoudwerkzaamheden in 2016 leidt tot een overschrijding van 70,1 mln. ProRail heeft een aantal werkzaamheden eerder uitgevoerd.

  • Op het aanlegbudget wordt per saldo – 22,7 mln. minder uitgegeven dan begroot. De lagere uitgaven doen zich met name voor op project OV SAAL Korte termijn en Programma Hoogfrequent Spoor Doorstroom Station Utrecht. Daartegenover is er sprake van overschrijding (7 mln.) op project Traject Oost.

  • Op het artikelonderdeel Investeringsruimte zijn in 2017 geen uitgaven meer, waardoor de middelen van per saldo – 17,4 mln. doorschuiven naar 2018.

  • Op het artikelonderdeel Geïntegreerde contractvormen is – 13,5 mln. minder uitgegeven dan begroot door het doorschuiven van de afrekening met het consortium Infraspeed naar 2018.

Regiospecifiek pakket Zuiderzeelijn

In het kader van het Regiospecifiek pakket Zuiderzeelijn ontvangen de provincies Drenthe, Flevoland, Friesland en Groningen een bijdrage van in totaal 45 mln. Deze middelen worden door middel van een desaldering vanuit het Infrastructuurfonds via de IenM-begroting (XII) toegevoegd aan het Provinciefonds. De provincies gebruiken deze middelen voor versterking van de regionale economie.

Diversen – technische mutaties uitgaven en niet-belastingontvangsten

Deze post bestaat uit verschillende elementen:

  • Diverse overboekingen waarmee in totaal – 40,6 mln. uit het Infrastructuurfonds via de IenM-begroting (HXII) wordt overgeheveld naar andere departementale begrotingen, het Provinciefonds, Gemeentefonds en BTW-compensatiefonds. De grootste overboekingen zijn een bijdrage aan de provincie Limburg ten behoeve van het project Logistiek Multimodaal Knooppunt Venlo (– 21,2 mln.), een bijdrage voor provincie Zuid-Holland voor de BTW afdracht van de weginfrastructuurprojecten Rotterdamsebaan en Parallelstructuur Gouwe (– 13,1 mln.), een bijdrage aan diverse gemeenten en provincies voor projecten binnen het programma Beter Benutten (– 9,1 mln.).

  • Diverse overhevelingen tussen het Infrastructuurfonds en de IenM-begroting (HXII) waardoor per saldo 11,3 mln. wordt toegevoegd aan het Infrastructuurfonds. De grootste mutatie omvat middelen omdat er minder beroep is gedaan op de subsidieregeling GSM-R dan verwacht.

  • Diverse desalderingen binnen het Infrastructuurfonds van totaal 9,9 mln.

Diversen – beleidsmatige mutaties niet-belastingontvangsten

Deze post bestaat voornamelijk de per saldo lagere ontvangsten op het artikel spoorwegen (– 8,2 mln.). Dit wordt veroorzaakt doordat de afrekening van HSL-heffing nog niet vastgesteld kan worden en de afrekening hiervoor doorschuift naar 2018. Dit geldt ook voor een bijdrage van provincies aan diverse (aanleg)projecten. De compensatie van NS voor de treindiensten naar Antwerpen in 2016 kan nog niet worden vastgesteld, waardoor de concessievergoeding in 2017 hoger uitvalt. Ook is er sprake van lagere ontvangsten op het artikel hoofdwegennet (– 6,7 mln.). Dit wordt onder meer veroorzaakt doordat de bijdragen van de Provincie Zuid-Holland voor de projecten A15-N3 en A16-N3 vertragen. Op het project A9 Badhoevedorp vindt eerder een verrekening plaats van een aanbestedingsvoordeel. Daartegenover zijn ontvangsten van de gemeente Amsterdam voor het project A1/A6/A9 Schiphol – Almere eerder ontvangen.

Licence