Base description which applies to whole site

Bijlagen bij Financieel jaarverslag

1 RIJKSREKENING VAN UITGAVEN EN ONTVANGSTEN

Op grond van artikel 2.35, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016, neemt de Minister van Financiën in het Financieel Jaarverslag van het Rijk de rekening van uitgaven en ontvangsten van het Rijk op. Deze rekening, de Rijksrekening genoemd, is het overzicht op het totaalniveau van de rijksbe-groting van alle uitgaven en ontvangsten van de rijksdienst in een jaar die binnen begrotingsverband zijn gerealiseerd. Voor de departementale en niet-departementale begrotingen zijn in tabellen 1.1, 1.2 en 1.3 de verplichtingen, kasuitgaven en kasontvangsten opgenomen. In aanvulling op de gegevens onder de begroting voor Nationale schuld vermelden de tabellen 1.4 en 1.5 de voor 2025 onder de begroting van Nationale schuld oorspronkelijk geraamde en de gerealiseerde rentelasten onderscheidenlijk rentebaten. Deze gegevens zijn opgesteld in overeenstemming met het hier toepasselijke transactiestelsel. De tabellen 1.6 tot en met 1.9 hebben betrekking op baten-lastenagentschappen die, zoals het woord, aangeeft het batenlastenstelsel als begrotingsstelsel hanteren. Tabel 1.10 blijft leeg vanwege het in 2025 niet voorkomen van verplichtingen-kasagentschappen.

In de onderstaande tabellen worden de verschillen in de verschillenkolom niet toegelicht. Voor die toelichtingen wordt verwezen naar de betrokken jaarverslagen. Let op! Door afrondingen kunnen er verschillen ontstaan met de cijfers op de Rijkssaldibalans.

Tabel 1.1 Verplichtingen 2025 van de departementale en niet departementale begrotingen ( x € 1000)
 

Onderdeel

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil

I

Koning

58.896

60.740

1.844

IIA

Staten-Generaal

266.739

282.379

15.640

IIB

Overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten

191.017

212.073

21.056

III

Algemene Zaken

100.604

121.904

21.300

IV

Koninkrijksrelaties

233.839

254.104

20.265

V

Buitenlandse Zaken

11.947.738

13.121.982

1.174.244

VI

Justitie en Veiligheid

18.342.143

19.308.985

966.842

VII

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

4.850.695

4.696.075

‒ 154.620

VIII

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

56.225.003

61.874.250

5.649.247

IXA

Nationale Schuld1

22.670.377

22.731.477

61.100

IXB

Financiën

44.416.869

94.530.088

50.113.219

X

Defensie

13.346.313

25.236.278

11.889.965

XII

Infrastructuur en Waterstaat

13.831.189

14.167.055

335.866

XIII

Economische Zaken

4.089.396

3.772.806

‒ 316.590

XIV

Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur

2.740.771

2.776.568

35.797

XV

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

59.721.792

60.882.098

1.160.306

XVI

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

35.529.046

40.443.825

4.914.779

XVII

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp

3.686.027

2.143.896

‒ 1.542.131

XX

Asiel en Migratie

9.490.898

7.665.217

‒ 1.825.681

XXII

Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

9.774.330

9.887.211

112.881

XXIII

Klimaat en Groene Groei

20.665.342

33.720.099

13.054.757

A

Mobiliteitsfonds

10.228.540

12.548.702

2.320.162

B

Gemeentefonds

44.896.000

47.701.991

2.805.991

C

Provinciefonds

3.552.438

4.118.279

565.841

F

Diergezondheidsfonds

36.389

50.442

14.053

H

BES-fonds

88.642

90.959

2.317

J

Deltafonds

2.471.123

2.459.221

‒ 11.902

K

Defensiematerieelbegrotingsfonds

10.537.742

19.201.838

8.664.096

L

Nationaal Groeifonds

2.691.095

0

‒ 2.691.095

M

Klimaatfonds

760.998

0

‒ 760.998

 

Totalen

407.441.991

504.060.542

96.618.551

1

Van de Nationale schuld zijn in dit overzicht de verplichtingen opgenomen, exclusief de renteverplichtingen. Voor de renteuitgaven, die op transactiebasis worden verantwoord, zie tabel 1.4.

Tabel 1.2 Kasuitgaven 2025 van de departementale en niet departementale begrotingen ( x € 1000)
 

Onderdeel

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil

I

Koning

58.896

60.740

1.844

IIA

Staten-Generaal

266.739

278.502

11.763

IIB

Overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten

191.980

202.254

10.274

III

Algemene Zaken

100.604

118.473

17.869

IV

Koninkrijksrelaties

263.150

232.248

‒ 30.902

V

Buitenlandse Zaken

12.254.727

13.215.391

960.664

VI

Justitie en Veiligheid

18.405.866

18.871.912

466.046

VII

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

5.074.528

4.437.533

‒ 636.995

VIII

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

57.761.491

59.531.879

1.770.388

IXA

Nationale Schuld1

22.670.377

22.731.477

61.100

IXB

Financiën

27.626.425

25.490.363

‒ 2.136.062

X

Defensie

12.994.137

15.669.893

2.675.756

XII

Infrastructuur en Waterstaat

14.091.734

13.905.428

‒ 186.306

XIII

Economische Zaken

3.274.362

3.117.482

‒ 156.880

XIV

Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur

4.774.112

3.756.876

‒ 1.017.236

XV

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

59.962.659

60.927.099

964.440

XVI

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

36.498.950

34.830.356

‒ 1.668.594

XVII

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp

3.597.261

3.790.318

193.057

XX

Asiel en Migratie

9.480.898

7.610.774

‒ 1.870.124

XXII

Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

9.395.732

8.779.502

‒ 616.230

XXIII

Klimaat en Groene Groei

4.496.332

6.071.319

1.574.987

A

Mobiliteitsfonds

9.429.121

9.848.690

419.569

B

Gemeentefonds

44.896.000

47.701.568

2.805.568

C

Provinciefonds

3.552.438

4.101.755

549.317

F

Diergezondheidsfonds

36.389

42.953

6.564

H

BES-fonds

88.642

93.799

5.157

J

Deltafonds

1.722.968

1.942.678

219.710

K

Defensiematerieelbegrotingsfonds

9.775.495

10.169.192

393.697

L

Nationaal Groeifonds

393.158

0

‒ 393.158

M

Klimaatfonds

757.823

0

‒ 757.823

 

Totalen

373.892.994

377.530.454

3.637.460

1

Van de Nationale schuld zijn in dit overzicht de kasuitgaven opgenomen, exclusief de renteuitgaven. Voor de renteuitgaven, die op transactiebasis worden verantwoord, zie tabel 1.4.

Tabel 1.3 Kasontvangsten 2025 van de departementale en niet departementale begrotingen ( x € 1000)
 

Onderdeel

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil

I

Koning

345

346

1

IIA

Staten-Generaal

3.865

17.158

13.293

IIB

Overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten

6.040

11.930

5.890

III

Algemene Zaken

8.678

13.827

5.149

IV

Koninkrijksrelaties

205.344

201.426

‒ 3.918

V

Buitenlandse Zaken

3.653.619

2.569.809

‒ 1.083.810

VI

Justitie en Veiligheid

1.687.690

1.862.160

174.470

VII

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

1.771.618

1.707.134

‒ 64.484

VIII

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

2.274.012

3.368.378

1.094.366

IXA

Nationale Schuld1

84.084.400

61.155.433

‒ 22.928.967

IXB

Financiën

228.956.031

243.628.139

14.672.108

X

Defensie

245.411

527.009

281.598

XII

Infrastructuur en Waterstaat

41.090

117.112

76.022

XIII

Economische Zaken

497.336

573.800

76.464

XIV

Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur

74.297

272.881

198.584

XV

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

2.501.533

2.589.340

87.807

XVI

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

296.247

1.309.173

1.012.926

XVII

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp

53.225

65.890

12.665

XX

Asiel en Migratie

12.826

463.356

450.530

XXII

Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

483.899

800.690

316.791

XXIII

Klimaat en Groene Groei

2.418.140

4.161.305

1.743.165

A

Mobiliteitsfonds

9.429.121

9.446.049

16.928

B

Gemeentefonds

44.896.000

47.701.568

2.805.568

C

Provinciefonds

3.552.438

4.101.755

549.317

F

Diergezondheidsfonds

54.437

57.543

3.106

H

BES-fonds

88.642

93.799

5.157

J

Deltafonds

1.722.968

1.755.279

32.311

K

Defensiematerieelbegrotingsfonds

96.583

212.787

116.204

L

Nationaal Groeifonds

0

0

0

M

Klimaatfonds

0

0

0

 

Totalen

389.115.835

388.785.076

‒ 330.759

1

Van de Nationale schuld zijn in dit overzicht de ontvangsten opgenomen, exclusief de rentebaten. Voor de rentebaten, die op transactiebasis worden verantwoord, zie tabel 1.5.

Het gerealiseerde saldo van de kasuitgaven en de kasontvangsten over 2025, zoals dat uit de tabellen 1.2 en 1.3 blijkt – het verschil tussen 377,5 miljard euro en 388,8 miljard euro, zijnde een verschil van 11,3 miljard euro – heeft geen directe relatie met het EMU-saldo 2025 van het Rijk. De saldoberekeningen van beide opstellingen verschillen daartoe te veel van elkaar. Een belangrijk verschil vormen de uitgaven en ontvangsten van Nationale Schuld (IXA) die betrekking hebben op de financieringstrans-acties (de aflossingen en de aangetrokken leningen in verband met de tekortfinanciering en herfinanciering). Deze zijn wel in de tabellen 1.2 en 1.3 meegenomen, maar tellen niet mee in de berekening van het EMU-saldo. Ook wordt het EMU-saldo opgesteld op transactiebasis, terwijl hier de gepresenteerde opstelling op kasbasis is. Het Europees Stelsel van Rekeningen (ESR) 2010 schrijft voor welke uitgaven en ontvangsten als relevant voor het EMU-saldo worden aangemerkt.

Tabel 1.4 Rentekosten 2025 (op transactie basis) van de begroting Nationale Schuld ( x € 1000)
 

Onderdeel

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil

IXA

Nationale Schuld

10.611.324

8.996.807

‒ 1.614.517

 

Totalen

10.611.324

8.996.807

‒ 1.614.517

Tabel 1.5 Rentebaten 2025 (op transactiebasis) van de begroting Nationale schuld ( x € 1000)
 

Onderdeel

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil

IXA

Nationale Schuld

223.169

293.880

70.711

 

Totalen

223.169

293.880

70.711

Tabel 1.6 Lasten 2025 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)
 

Onderdeel

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil

AZ

Dienst Publiek en Communicatie

147.553

52.603

‒ 94.950

BZK

Rijksdienst voor Identiteitsgegevens

214.765

224.755

9.990

BZK

Logius

380.145

378.269

‒ 1.876

BZK

Organisatie en Personeel Rijk

362.385

316.217

‒ 46.168

BZK

Rijksorganisatie Beveiliging en Logistiek

161.690

171.132

9.442

BZK

FM Haaglanden

206.486

192.777

‒ 13.709

BZK

SSC-ICT Haaglanden

437.978

424.493

‒ 13.485

BZK

Rijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie

115.015

105.401

‒ 9.614

JenV

Centraal Justitieel Incassobureau

237.198

254.865

17.667

JenV

Dienst Justitiële Inrichtingen

3.412.961

3.670.919

257.958

JenV

Justis

64.817

72.918

8.101

JenV

De Justitiële ICT Organisatie

190.905

189.156

‒ 1.749

JenV

Justitiële Informatiedienst (Justid)

82.345

94.664

12.319

JenV

Nederlands Forensisch Instituut (NFI)

127.519

142.256

14.737

OCW

Dienst Uitvoering Onderwijs

508.617

581.636

73.019

OCW

Nationaal Archief

64.400

80.038

15.638

DEF

Paresto

106.331

112.429

6.098

IenW

Rijkswaterstaat

3.940.484

4.528.267

587.783

IenW

Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut

122.048

122.824

776

EZ

Rijksdienst voor ondernemend Nederland

1.282.185

1.280.433

‒ 1.752

EZ

Rijksinspectie Digitale Infrastructuur

103.840

98.854

‒ 4.986

EZ

Dienst ICT Uitvoering

396.933

404.160

7.227

LVVN

Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit

678.652

644.580

‒ 34.072

VWS

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

852.100

798.955

‒ 53.145

VWS

Centrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg

120.885

133.641

12.756

VWS

College ter Beoordeling Geneesmiddelen

86.826

84.284

‒ 2.542

AenM

Immigratie- en naturalisatiedienst

926.372

1.160.752

234.380

VRO

Rijksvastgoedbedrijf

1.702.084

1.727.791

25.707

VRO

Dienst Huurcommissie

40.660

38.517

‒ 2.143

KGG

Nederlandse Emissieautoriteit

31.595

27.921

‒ 3.674

 

Totalen

17.105.774

18.115.507

1.009.733

Tabel 1.7 Baten 2025 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)
 

Onderdeel

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil

AZ

Dienst Publiek en Communicatie

147.553

52.986

‒ 94.567

BZK

Rijksdienst voor Identiteitsgegevens

236.033

259.868

23.835

BZK

Logius

380.145

377.635

‒ 2.510

BZK

Organisatie en Personeel Rijk

362.385

315.728

‒ 46.657

BZK

Rijksorganisatie Beveiliging en Logistiek

161.690

176.696

15.006

BZK

FM Haaglanden

206.486

192.261

‒ 14.225

BZK

SSC-ICT Haaglanden

432.478

432.514

36

BZK

Rijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie

115.015

103.680

‒ 11.335

JenV

Centraal Justitieel Incassobureau

237.198

241.579

4.381

JenV

Dienst Justitiële Inrichtingen

3.412.961

3.610.510

197.549

JenV

Justis

64.817

74.718

9.901

JenV

De Justitiële ICT Organisatie

190.905

200.546

9.641

JenV

Justitiële Informatiedienst (Justid)

82.345

94.714

12.369

JenV

Nederlands Forensisch Instituut (NFI)

127.519

143.862

16.343

OCW

Dienst Uitvoering Onderwijs

508.617

599.901

91.284

OCW

Nationaal Archief

64.400

83.313

18.913

DEF

Paresto

106.331

111.641

5.310

IenW

Rijkswaterstaat

3.944.092

4.515.983

571.891

IenW

Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut

122.048

121.399

‒ 649

EZ

Rijksdienst voor ondernemend Nederland

1.282.185

1.328.097

45.912

EZ

Rijksinspectie Digitale Infrastructuur

103.840

102.451

‒ 1.389

EZ

Dienst ICT Uitvoering

396.933

418.488

21.555

LVVN

Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit

678.652

674.029

‒ 4.623

VWS

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

852.100

800.570

‒ 51.530

VWS

Centrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg

120.885

131.199

10.314

VWS

College ter Beoordeling Geneesmiddelen

86.826

83.765

‒ 3.061

AenM

Immigratie- en naturalisatiedienst

926.372

1.111.893

185.521

VRO

Rijksvastgoedbedrijf

1.702.084

1.735.816

33.732

VRO

Dienst Huurcommissie

40.660

43.900

3.240

KGG

Nederlandse Emissieautoriteit

31.595

27.921

‒ 3.674

 

Totalen

17.125.150

18.167.663

1.042.513

Tabel 1.8 Kapitaaluitgaven 2025 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)
 

Onderdeel

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil

AZ

Dienst Publiek en Communicatie

0

0

0

BZK

Rijksdienst voor Identiteitsgegevens

3.100

7.093

3.993

BZK

Logius

0

0

0

BZK

Organisatie en Personeel Rijk

2.053

4.568

2.515

BZK

Rijksorganisatie Beveiliging en Logistiek

150

9

‒ 141

BZK

FM Haaglanden

15.389

9.895

‒ 5.494

BZK

SSC-ICT Haaglanden

145.725

‒ 102.773

‒ 248.498

BZK

Rijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie

0

84

84

JenV

Centraal Justitieel Incassobureau

6.017

6.066

49

JenV

Dienst Justitiële Inrichtingen

12.000

35.357

23.357

JenV

Justis

0

‒ 7.609

‒ 7.609

JenV

De Justitiële ICT Organisatie

50.735

37.493

‒ 13.242

JenV

Justitiële Informatiedienst (Justid)

7.690

4.419

‒ 3.271

JenV

Nederlands Forensisch Instituut (NFI)

13.051

11.604

‒ 1.447

OCW

Dienst Uitvoering Onderwijs

139.654

128.707

‒ 10.947

OCW

Nationaal Archief

2.300

2.996

696

DEF

Paresto

0

788

788

IenW

Rijkswaterstaat

59.463

58.950

‒ 513

IenW

Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut

5.371

3.673

‒ 1.698

EZ

Rijksdienst voor ondernemend Nederland

35.480

54.764

19.284

EZ

Rijksinspectie Digitale Infrastructuur

12.727

16.235

3.508

EZ

Dienst ICT Uitvoering

39.910

37.265

‒ 2.645

LVVN

Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit

19.583

24.189

4.606

VWS

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

15.000

21.217

6.217

VWS

Centrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg

5.031

13.093

8.062

VWS

College ter Beoordeling Geneesmiddelen

650

1.314

664

AenM

Immigratie- en naturalisatiedienst

7.660

7.149

‒ 511

VRO

Rijksvastgoedbedrijf

1.505.585

1.566.380

60.795

VRO

Dienst Huurcommissie

300

4

‒ 296

KGG

Nederlandse Emissieautoriteit

4.045

3.695

‒ 350

 

Totalen

2.108.669

1.946.625

‒ 162.044

Tabel 1.9 Kapitaalontvangsten 2025 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)
 

Onderdeel

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil

AZ

Dienst Publiek en Communicatie

0

0

0

BZK

Rijksdienst voor Identiteitsgegevens

0

0

0

BZK

Logius

0

0

0

BZK

Organisatie en Personeel Rijk

0

0

0

BZK

Rijksorganisatie Beveiliging en Logistiek

0

19

19

BZK

FM Haaglanden

10.200

5.107

‒ 5.093

BZK

SSC-ICT Haaglanden

112.102

55.002

‒ 57.100

BZK

Rijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie

0

3.248

3.248

JenV

Centraal Justitieel Incassobureau

2.520

17.457

14.937

JenV

Dienst Justitiële Inrichtingen

1.000

41.157

40.157

JenV

Justis

0

0

0

JenV

De Justitiële ICT Organisatie

31.844

12.000

‒ 19.844

JenV

Justitiële Informatiedienst (Justid)

4.075

1.700

‒ 2.375

JenV

Nederlands Forensisch Instituut (NFI)

13.051

7.647

‒ 5.404

OCW

Dienst Uitvoering Onderwijs

94.300

75.130

‒ 19.170

OCW

Nationaal Archief

1.200

0

‒ 1.200

DEF

Paresto

0

0

0

IenW

Rijkswaterstaat

40.018

35.504

‒ 4.514

IenW

Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut

3.090

1.551

‒ 1.539

EZ

Rijksdienst voor ondernemend Nederland

15.000

23.966

8.966

EZ

Rijksinspectie Digitale Infrastructuur

14.031

1.394

‒ 12.637

EZ

Dienst ICT Uitvoering

25.000

15.025

‒ 9.975

LVVN

Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit

11.750

1.631

‒ 10.119

VWS

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

0

0

0

VWS

Centrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg

5.031

1.925

‒ 3.106

VWS

College ter Beoordeling Geneesmiddelen

0

0

0

AenM

Immigratie- en naturalisatiedienst

0

58

58

VRO

Rijksvastgoedbedrijf

1.037.000

1.199.359

162.359

VRO

Dienst Huurcommissie

0

0

0

KGG

Nederlandse Emissieautoriteit

2.836

0

‒ 2.836

 

Totalen

1.424.048

1.498.880

74.832

Tabel 1.10 Verplichtingen, kasuitgaven en kasontvangsten 2025 van de verplichtingen- kasagentschappen ( x € 1000)
 

Onderdeel

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil

In 2025 waren er geen verplichtingen-kasagentschappen.

2 SALDIBALANS VAN HET RIJK PER 31 DECEMBER 2025

Tabel 2.1 Saldibalans van het Rijk 31 december 2025
 

DEBET

31-12-2025

31-12-2024

 

CREDIT

31-12-2025

31-12-2024

 

OMSCHRIJVING

€ mln.

€ mln.

 

OMSCHRIJVING

€ mln.

€ mln.

1

Uitgaven ten laste van de begroting

386.527

394.205

12

Ontvangsten ten gunste van de begroting

389.079

392.290

2

Vorderingen buiten begrotingsverband

9.670

12.618

13

Schulden buiten begrotingsverband

10.909

11.644

 

(intra-comptabele vorderingen)

   

(intra-comptabele schulden)

  

14

Saldi begrotingsfondsen

  

14

Saldi begrotingsfondsen

290

1.358

3

Liquide Middelen

2.869

2.996

    

4

Saldo geldelijk beheer van het Rijk

7.483

3.651

4

Saldo geldelijk beheer van het Rijk

0

0

    

15

Saldi begrotingsreserves

6.272

8.178

 

Totaal intra-comptabele posten

406.550

413.469

 

Totaal intra-comptabele posten

406.550

413.469

5

Openstaande rechten

48.570

53.276

16

Tegenrekening openstaande rechten

48.570

53.276

6

Vorderingen

110.935

91.771

17

Tegenrekening vorderingen

110.935

91.771

7

Tegenrekening schulden

562.399

517.516

18

Schulden

562.399

517.516

8

Voorschotten

376.726

335.137

19

Tegenrekening voorschotten

376.726

335.137

9

Tegenrekening andere verplichtingen

298.450

256.546

20

Andere verplichtingen

298.450

256.546

10

Deelnemingen

42.379

44.089

21

Tegenrekening deelnemingen

42.379

44.089

11

Tegenrekening garantieverplichtingen

289.857

229.177

22

Garantieverplichtingen

289.857

229.177

 

Totaal extra-comptabele posten

1.729.316

1.527.513

 

Totaal extra-comptabele posten

1.729.316

1.527.513

 

TOTAAL-GENERAAL

2.135.866

1.940.982

 

TOTAAL-GENERAAL

2.135.866

1.940.982

Toelichting op de saldibalans van het RijkDe saldibalans van het Rijk is een optelling van de goedgekeurde saldibalansen van de afzonderlijke begrotingshoofdstukken, die geconsolideerd wordt met de saldibalans van de centrale administratie van de Schatkist van het Rijk.

Voor een nadere toelichting op de cijfers wordt verwezen naar de jaarverslagen van de ministeries of begrotingsfondsen. Let op! Door afrondingsverschillen kunnen de sommen van bepaalde onderdelen afwijken van andere tabellen.

Ad 1) Uitgaven ten laste van de begrotingOnder de post uitgaven ten laste van de begroting worden de gerealiseerde uitgaven van het betreffende begrotingsjaar opgenomen van alle ministeries en begrotingsfondsen. Ook hierin meegenomen zijn de rentelasten zoals opgenomen in tabel 1.4 van de rijksrekening.

Ad 2) Vorderingen buiten begrotingsverband (intra-comptabele vorderingen)Onder de post vorderingen buiten begrotingsverband worden de uitgaven opgenomen die in een later jaar met een ander onderdeel van het Rijk dan wel met een derde worden verrekend. Onder deze post staan alleen de vorderingen waarvan wordt verwacht dat binnen een afzienbare termijn verrekening zal plaatsvinden. Het totaal van deze post is 9.671 miljoen euro, waarvan 8.408 miljoen euro uit kas-transverschillen bestaat. Voor de toelichting van de kas-transverschillen verwijzen wij u naar toelichting Saldibalans Nationale Schuld IXA.

Ad 3) Liquide middelenOnder de post liquide middelen worden de saldi bij de banken en de contante gelden opgenomen.

Ad 4) Saldo geldelijk beheer van het RijkOnder de post saldo geldelijk beheer van het Rijk wordt opgenomen: de door het ministerie van Financiën overgenomen uitgaven en ontvangsten binnen begrotingsverband van afgesloten begrotingsjaren. De definitieve afsluiting van een begrotingsjaar vindt plaats nadat de Staten-Generaal de Slotwetten hebben aangenomen, waarna de eindbedragen voor de uitgaven en ontvangsten die betrekking hebben op het afgesloten begrotingsjaar worden overgeboekt op de post saldo geldelijk beheer van het Rijk. Het saldo geldelijk beheer is hiermee een meerjarige optelling (cumulatie) van alle door het parlement goedgekeurde uitgaven en ontvangsten van het Rijk tot en met het laatst afgesloten boekjaar.

Ad 5 en 16) Openstaande rechtenRechten zijn een voorfase van de ontvangsten. Onder de post openstaande rechten worden opgenomen: vorderingen die niet voortvloeien uit met derden te verrekenen begrotingsuitgaven, maar op andere wijze ontstaan. Rechten kunnen ontstaan doordat conform wettelijke regelingen vastgestelde aanslagen aan derden worden opgelegd (bijvoorbeeld belastingen, college- en schoolgelden) of op grond van doorberekening van de kosten van verleende diensten of geleverde goederen.

Ad 6 en 17) Vorderingen (extra-comptabel)Onder de post extra-comptabele vorderingen worden de vorderingen opgenomen, die zijn voortgevloeid uit uitgaven ten laste van de begroting. Het gaat dan om reeds verrichte uitgaven, die binnen begrotingsverband zijn geboekt en waarvoor op termijn nog een verrekening met derden dan wel met een ander onderdeel van het Rijk zal plaatsvinden. Tevens zijn hierin de uitgaven opgenomen, die in eerste instantie op derdenrekeningen zijn geboekt, maar waarvan de verrekening met derden dan wel een ander onderdeel van het Rijk niet binnen een redelijke termijn heeft plaatsgevonden, terwijl verrekening wel mogelijk is.

Ad 7 en 18) Schulden (extra-comptabel)Onder de post schulden worden schulden opgenomen die zijn voortgevloeid uit ontvangsten ten gunste van de begroting. Net als bij extra-comptabele vorderingen gaat het om reeds ontvangen bedragen welke geboekt zijn binnen begrotingsverband en waarvoor nog op termijn een verrekening plaats zal vinden. Ook uitgegeven leningen worden onder de post schulden opgenomen.

Ad 8 en 19) VoorschottenOnder de post voorschotten worden de bedragen opgenomen die aan derden zijn betaald vooruitlopend op een later definitief vast te stellen c.q. af te rekenen bedrag.

Ad 9 en 20) Andere verplichtingenOnder de post andere verplichtingen wordt het saldo opgenomen van aangegane verplichtingen en hierop verrichte betalingen. Het saldo heeft zowel betrekking op de binnen als buiten begrotingsverband geboekte verplichtingen.

Ad 10 en 21) DeelnemingenOnder de post deelnemingen worden alle deelnemingen in besloten en naamloze vennootschappen en internationale instellingen opgenomen. De waardering van de deelnemingen geschiedt op basis van de oorspronkelijke aankoopprijs. In enkele gevallen geschiedt de waardering tegen de nominale waarde van het aandeel in het gestort en opgevraagd kapitaal.

Ad 11 en 22) GarantieverplichtingenOnder de post garantieverplichtingen worden de bedragen opgenomen die de hoofdsommen vormen van afgegeven garanties aan derden en garanties van ministeries aan het ministerie van Financiën. Een afgegeven garantie wordt gezien als een verplichting en moet ook op dezelfde manier in de administratie worden verwerkt. Er is dus geen verschil in de registratie van garantieverplichtingen en andersoortige verplichtingen. Een verschil tussen een garantieverplichting en een andere verplichting is wel dat de hoofdsom van een garantieverplichting veelal niet of slechts gedeeltelijk tot uitbetaling zal leiden.

Ad 12) Ontvangsten ten gunste van de begrotingOnder de post ontvangsten ten gunste van de begroting worden de gerealiseerde ontvangsten van het betreffende begrotingsjaar opgenomen van alle ministeries en begrotingsfondsen. Ook hierin meegenomen zijn de rentebaten zoals opgenomen in tabel 1.5 van de rijksrekening.

Ad 13) Schulden buiten begrotingsverband (intra-comptabel)Onder de post schulden buiten begrotingsverband worden de ontvangsten geboekt die in een later jaar met een ander onderdeel van het Rijk dan wel met een derde worden verrekend.

Ad 14) Saldi begrotingsfondsenOnder de post saldi begrotingsfondsen worden saldi van het voorgaande begrotingsjaar opgenomen. Het betreft hier de saldi van het Diergezond-heidsfonds, het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds. In 2024 en 2025 betreft het een positieve saldo. Het Defensiematerieelbegrotingsfonds en het Nationaal Groeifonds zijn met ingang van 2025 reguliere begrotingshoofdstukken, ze zijn nog wel opgenomen in het saldo van 2024.

Ad 15) Saldi begrotingsreservesOnder de post saldi begrotingsreserves worden de interne reserves van de ministeries opgenomen. Het gaat hier om de volgende reserves:

  • FOM, DGGF, DRIVE en DTIF (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp);

  • Garantie Ondernemersfinanciering,Borgstelling MKB-kredieten (BBMKB),Borgstelling MKB-kredieten Groen, Groeifaciliteit, Garantie MKB-financiering, Klein Krediet Corona, Maatwerkgarantie (IHC) (EZ);

  • Aardwarmte, Duurzame energie, ECN verstrekte leningen (KGG);

  • Exportkredietverzekeringen, Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschades en Garantstelling DGS BES eilanden (Financiën);

  • Forensische Zorg (J&V);

  • Asiel (A&M);

  • Landbouw, Visserij, Risicovoorziening jonge boeren, Apurement Borgstellingsfaciliteit, Garantstelling Groenfonds (LVVN);

  • Museaal Aankoopfonds, Risicopremie garantstelling onderwijsinstel-lingen, Achterborgregelingen (OCW);

  • Waarborgfonds voor de Zorgsector, Stimuleringsregeling wonen en zorg, Pallas (VWS);

  • Woningcorporaties, NHG en FHG (VRO).

3 DE BELASTING- EN PREMIEONTVANGSTEN IN 2025

Tabel 3.1 De belasting- en premieontvangsten in 2025 op EMU-basis (in miljoenen euro)
 

Miljoenennota 2025

Realisatie 2025

Verschil

Indirecte belastingen

121.619

123.140

1.522

Invoerrechten

4.101

4.746

644

Omzetbelasting

82.237

83.291

1.054

Belasting op personenauto's en motorrijwielen

1.987

1.331

‒ 656

Accijnzen

12.339

11.455

‒ 884

- Accijns van lichte olie

4.547

4.540

‒ 8

- Accijns van minerale oliën, anders dan lichte olie

3.201

3.210

9

- Tabaksaccijns

3.380

2.549

‒ 830

- Alcoholaccijns

400

388

‒ 12

- Bieraccijns

460

438

‒ 22

- Wijnaccijns

351

330

‒ 21

Overdrachtsbelasting

3.938

4.690

752

Assurantiebelasting

4.098

4.164

66

Motorrijtuigenbelasting

5.047

5.205

159

Belastingen op een milieugrondslag

6.379

6.804

424

- Afvalstoffenbelasting

267

291

23

- Energiebelasting

4.932

5.323

390

- Waterbelasting

340

364

24

- Brandstoffenheffingen

0

1

0

- Vliegbelasting

784

769

‒ 15

- CO2-heffing glastuinbouw

56

56

0

Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.

676

633

‒ 43

Belasting op zware motorrijtuigen

208

204

‒ 4

Bankenbelasting

608

617

9

    

Directe belastingen

155.380

162.550

7.170

Inkomstenbelasting

11.750

12.532

782

Loonbelasting

85.568

88.731

3.162

Dividendbelasting

6.577

6.725

148

Kansspelbelasting

1.267

1.011

‒ 256

Vennootschapsbelasting

46.582

49.356

2.773

Bronbelasting op rente en royalty's

55

95

40

Schenk- en erfbelasting

3.580

4.100

519

    

Overige belastingontvangsten

355

230

‒ 124

- Belasting- en premieontvangsten Caribisch Nederland

260

222

‒ 38

    

Totaal belastingen

277.353

285.920

8.567

    

Premies volksverzekeringen

46.842

45.446

‒ 1.396

Premies werknemersverzekeringen

100.861

101.163

302

waarvan zorgpremies

59.998

61.015

1.016

    

Totaal belasting- en premieontvangsten

425.055

432.529

7.474

Tabel 3.2 De belasting- en premieontvangsten in 2025 op kasbasis (in miljoenen euro)
 

Miljoenennota 2025

Realisatie 2025

Verschil

Indirecte belastingen

121.236

123.056

1.820

Invoerrechten

4.087

4.709

623

Omzetbelasting

81.896

82.977

1.081

Belasting op personenauto's en motorrijwielen

1.874

1.379

‒ 495

Accijnzen

12.369

11.467

‒ 902

- Accijns van lichte olie

4.564

4.544

‒ 20

- Accijns van minerale oliën, anders dan lichte olie

3.215

3.222

7

- Tabaksaccijns

3.378

2.576

‒ 803

- Alcoholaccijns

399

372

‒ 28

- Bieraccijns

462

433

‒ 30

- Wijnaccijns

351

321

‒ 29

Overdrachtsbelasting

3.901

4.703

803

Assurantiebelasting

4.084

4.155

71

Motorrijtuigenbelasting

5.002

5.213

211

Belastingen op een milieugrondslag

6.353

6.784

431

- Afvalstoffenbelasting

269

293

24

- Energiebelasting

4.965

5.366

400

- Waterbelasting

339

363

25

- Brandstoffenheffingen

0

1

0

- Vliegbelasting

780

760

‒ 19

- CO2-heffing glastuinbouw

0

0

0

Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.

676

630

‒ 45

Belasting op zware motorrijtuigen

208

210

2

Bankenbelasting

608

617

9

Inframarginale heffing

179

212

33

    

Directe belastingen en premies volksverzekeringen

152.243

165.870

13.627

Inkomstenbelasting

8.673

16.405

7.732

Loonbelasting

85.616

88.468

2.853

Dividendbelasting

6.354

6.636

282

Kansspelbelasting

1.266

1.073

‒ 193

Vennootschapsbelasting

46.693

49.095

2.402

Bronbelasting op rente en royalty's

61

93

32

Schenk- en erfbelasting

3.580

4.100

519

Solidariteitsbijdrage

0

0

0

    

Overige belastingontvangsten

355

230

‒ 125

waarvan Belasting- en premieontvangsten Caribisch Nederland

260

222

‒ 38

    

Totaal belastingen op kasbasis

273.834

289.156

15.322

    

Premies volksverzekeringen

47.030

44.062

‒ 2.968

Premies werknemersverzekeringen

101.281

101.087

‒ 193

    

Aansluiten naar EMU (KTV)

2.910

‒ 1.776

‒ 4.687

    

Totaal belasting- en premieontvangsten op EMU-basis

425.055

432.529

7.474

4 UITGAVEN EN NIET- BELASTINGONTVANGSTEN

Deze bijlage biedt een overzicht van de verschillende manieren waarop de uitgaven en de niet-belastingontvangsten van de overheid worden weergegeven. Er wordt een vergelijking gemaakt tussen de begroting van 2025 zoals gepresenteerd in de Miljoenennota 2025 en de realisatie van dat jaar in het voorliggende Financieel Jaarverslag van het Rijk 2025. De overheidsuitgaven kunnen op kasbasis, maar ook op transactiebasis worden geregistreerd. In het eerste geval worden transacties geboekt in de periode waarin betaling plaatsvindt, in het tweede geval in de periode waarin rechten en verplichtingen zijn ontstaan. Op de departementale begrotingen worden de uitgaven op kasbasis geregistreerd: welke bedragen worden daadwerkelijk van de bankrekeningen van het Rijk afgeschreven. Bij het saldo van de overheid (EMU-saldo) wordt niet uitgegaan van de uitgaven op kasbasis, maar op transactiebasis: de uitgaven worden geboekt in de periode waarin rechten en verplichtingen zijn ontstaan. Bij de tabellen hieronder worden de gebruikte begrippen verder toegelicht.

Tabel 4.1 bevat alle netto-uitgaven van de Rijksoverheid: de optelsom van de uitgaven minus de niet-belastingontvangsten. Om de uitgaven te beheersen is er een uitgavenkader. De uitgaven binnen het uitgavenkader mogen het uitgavenkader niet overschrijden. De uitgangsregel is dat alle uitgaven die relevant zijn voor het EMU-saldo ook onder het uitgavenkader vallen, tenzij hier een uitzondering voor gemaakt is. De uitgaven en ontvangsten die niet binnen het kader vallen worden in tabel 4.6 nader uitgesplitst.

In tabel 4.1 zijn de uitgaven uitgesplitst in de begrotingsgefinancierde en de premiegefinancierde uitgaven. De begrotingsgefinancierde uitgaven worden betaald uit belastingen en zijn de optelling van alle uitgaven en niet-belastingontvangsten op de departementale begrotingen. Dit zijn de uitgaven waarvoor het parlement autorisatie verleent door de begrotingswetten aan te nemen. Naast de begrotingsgefinancierde uitgaven zijn er ook premiegefinancierde uitgaven. De uitgaven aan zorg en sociale zekerheid worden voornamelijk gefinancierd uit de premies. Samen vormen de begrotingsgefinancierde en premiegefinancierde netto-uitgaven de totale netto-uitgaven.

Tabel 4.1 Netto-uitgaven naar type (in miljoenen euro)
 

MN 2025

FJR 2025

Verschil

Bron

Begrotingsgefinancierde netto-uitgaven

    

Netto-uitgaven onder het uitgavenkader

243.475

242.275

‒ 1.200

Tabel 4.5

Netto-uitgaven buiten het uitgavenkader

79.035

71.014

‒ 8.021

Tabel 4.6

Totaal begrotingsgefinancierde netto-uitgaven

322.509

313.289

‒ 9.221

Tabel 4.4

     

Premiegefinancierde netto-uitgaven

    

Netto-uitgaven onder het uitgavenkader

183.543

181.974

‒ 1.570

Tabel 4.5

Netto-uitgaven buiten het uitgavenkader

0

4.302

4.302

Tabel 4.6

Totaal premiegefinancierde netto-uitgaven

183.543

186.276

2.732

 
     

Totaal netto-uitgaven

506.053

499.565

‒ 6.488

 

Tabel 4.2 geeft alle uitgaven zoals die vermeld zijn in de individuele begrotingshoofdstukken van de Rijksbegroting. In die hoofdstukken zelf zijn de uitgaven verdeeld over verschillende beleids- en niet-beleidsartikelen, maar in de tabel wordt alleen het totaal per begrotingshoofdstuk weergegeven. Het betreft hier de kasuitgaven van de begrotingshoofdstukken. Alleen voor het begrotingshoofdstuk van Nationale Schuld zijn de bedragen op transactiebasis.

Tabel 4.2 Uitgaven begrotingen (in miljoenen euro)
  

MN 2025

FJR 2025

Verschil

1

De Koning

59

61

2

2A

Staten-Generaal

267

279

12

2B

Overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad

192

202

10

3

Algemene Zaken

101

118

17

4

Koninkrijksrelaties

263

232

‒ 31

5

Buitenlandse Zaken

12.262

13.215

953

6

Justitie en Veiligheid

18.325

18.872

546

7

Binnenlandse Zaken

5.084

4.438

‒ 646

8

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

57.597

59.532

1.935

9A

Nationale Schuld (Transactiebasis)

13.333

11.738

‒ 1.595

9B

Financiën

27.662

25.490

‒ 2.172

10

Defensie

12.244

15.670

3.426

12

Infrastructuur en Waterstaat

14.111

13.905

‒ 206

13

Economische Zaken en Klimaat

3.252

3.117

‒ 134

14

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

4.731

3.757

‒ 975

15

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

59.997

60.927

930

16

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

36.502

34.830

‒ 1.672

17

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

3.598

3.790

192

20

Asiel en Migratie

9.481

7.611

‒ 1.870

22

Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

9.387

8.780

‒ 608

23

Klimaat en Groene Groei

4.509

6.071

1.562

50

Gemeentefonds

44.896

47.702

2.806

51

Provinciefonds

3.552

4.102

549

55

Mobiliteitsfonds

9.429

9.849

420

58

Diergezondheidsfonds

36

43

7

60

Accres Gemeentefonds

608

0

‒ 608

61

Accres Provinciefonds

116

0

‒ 116

64

BES-fonds

89

94

5

65

Deltafonds

1.723

1.943

220

66

Defensiematerieelbegrotingsfonds

9.776

10.169

394

70

Nationaal Groeifonds

393

0

‒ 393

71

Klimaatfonds

758

0

‒ 758

AP

Aanvullende Posten

4.550

0

‒ 4.550

90

Consolidatie1

‒ 10.473

‒ 10.524

‒ 51

HGIS

Internationale Samenwerking2

(10.724)

(12.822)

‒ 2.098

 

Totaal

358.411

356.013

‒ 2.398

1) Dit betreft een correctie voor dubbeltellingen die ontstaan door het «bruto-boeken» van bijdragen. Het bruto-boeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het gaat onder andere om bijdragen via de begroting van Infrastructuur en Waterstaat aan het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds en van de begroting van Defensie aan het Defensiematerieelbegrotingsfonds.

2) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.

Tabel 4.3 bevat alle niet-belastingontvangsten op de verschillende begrotingshoofdstukken van de Rijksbegroting. Dit betreft alle ontvangsten die geen belasting- of premie-ontvangst zijn. Denk bijvoorbeeld aan het dividend dat uitgekeerd wordt door staatsdeelnemingen, het terugbetalen van studieschulden of de opbrengst van boetes en schikkingen. Ook hier geldt dat alle bedragen op kasbasis zijn, behalve bedragen op de begroting van Nationale Schuld die deels op transactiebasis is opgesteld. Omdat hier inzicht wordt gegeven in de niet-belastingontvangsten worden de ontvangsten vanuit het uitgeven van nieuwe staatschuld niet meegeteld. Deze ontvangsten komen in bijlage 5 aan bod bij de bepaling van het EMU-saldo.

Tabel 4.3 Niet-belastingontvangsten begrotingen (in miljoenen euro)
  

MN 2025

FJR 2025

Verschil

1

De Koning

0

0

0

2A

Staten-Generaal

4

17

13

2B

Overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad

6

12

6

3

Algemene Zaken

9

14

5

4

Koninkrijksrelaties

205

201

‒ 4

5

Buitenlandse Zaken

3.654

2.570

‒ 1.084

6

Justitie en Veiligheid

1.650

1.862

212

7

Binnenlandse Zaken

1.772

1.707

‒ 64

8

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

2.274

3.368

1.094

9A

Nationale Schuld (Transactiebasis)

15.224

14.773

‒ 450

9B

Financiën

3.658

6.370

2.712

10

Defensie

245

527

282

12

Infrastructuur en Waterstaat

41

117

76

13

Economische Zaken

497

574

76

14

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

74

273

199

15

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

2.502

2.589

88

16

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

285

1.309

1.024

17

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

53

66

13

20

Asiel en Migratie

13

463

451

22

Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

484

801

317

23

Klimaat en Groene Groei

2.418

4.161

1.743

50

Gemeentefonds

0

0

0

51

Provinciefonds

0

0

0

55

Mobiliteitsfonds

9.429

9.446

17

58

Diergezondheidsfonds

54

58

3

65

Deltafonds

1.723

1.755

32

66

Defensiematerieelbegrotingsfonds

97

213

116

70

Nationaal Groeifonds

0

0

0

AP

Aanvullende Posten

4

0

‒ 4

90

Consolidatie1

‒ 10.473

‒ 10.524

‒ 51

HGIS

Internationale Samenwerking2

(425)

(414)

11

 

Totaal

35.902

42.724

6.822

1) Dit betreft een correctie voor dubbeltellingen die ontstaan door het «bruto-boeken» van bijdragen. Het bruto-boeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het gaat onder andere om bijdragen via de begroting van Infrastructuur en Waterstaat aan het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds en van de begroting van Defensie aan het Defensiematerieelbegrotingsfonds.

2) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.

Tabel 4.4 geeft per begrotingshoofdstuk de netto-uitgaven weer, oftewel de uitgaven (tabel 4.2) minus de niet-belastingontvangsten (tabel 4.3).

Tabel 4.4 Netto-uitgaven begrotingen (in miljoenen euro)
  

MN 2025

FJR 2025

Verschil

1

De Koning

59

60

2

2A

Staten-Generaal

263

261

‒ 2

2B

Overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad

186

190

4

3

Algemene Zaken

93

105

12

4

Koninkrijksrelaties

58

31

‒ 27

5

Buitenlandse Zaken

8.609

10.646

2.037

6

Justitie en Veiligheid

16.676

17.010

334

7

Binnenlandse Zaken

3.312

2.730

‒ 582

8

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

55.323

56.163

841

9A

Nationale Schuld (Transactiebasis)

‒ 1.891

‒ 3.036

‒ 1.145

9B

Financiën

24.004

19.120

‒ 4.884

10

Defensie

11.999

15.143

3.144

12

Infrastructuur en Waterstaat

14.070

13.788

‒ 282

13

Economische Zaken en Klimaat

2.754

2.544

‒ 211

14

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

4.657

3.484

‒ 1.173

15

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

57.495

58.338

842

16

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

36.218

33.521

‒ 2.697

17

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

3.545

3.724

180

20

Asiel en Migratie

9.468

7.147

‒ 2.321

22

Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

8.903

7.979

‒ 924

23

Klimaat en Groene Groei

2.091

1.910

‒ 181

50

Gemeentefonds

44.896

47.702

2.806

51

Provinciefonds

3.552

4.102

549

55

Mobiliteitsfonds

0

403

403

58

Diergezondheidsfonds

‒ 18

‒ 15

3

60

Accres Gemeentefonds

608

0

‒ 608

61

Accres Provinciefonds

116

0

‒ 116

64

BES-fonds

89

94

5

65

Deltafonds

0

187

187

66

Defensiematerieelbegrotingsfonds

9.679

9.956

277

70

Nationaal Groeifonds

393

0

‒ 393

71

Klimaatfonds

758

0

‒ 758

AP

Aanvullende Posten

4.545

0

‒ 4.545

HGIS

Internationale Samenwerking1

(10.300)

(12.409)

‒ 2.109

 

Totaal

322.509

313.289

‒ 9.221

Tabel 4.5 geeft per begrotingshoofdstuk de netto-uitgaven weer die binnen het uitgavenkader vallen. Tabel 4.6 geeft vervolgens per begrotingshoofdstuk de uitgaven weer die buiten het uitgavenkader vallen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om uitgaven die niet meetellen in het begrotingstekort (het EMU-saldo), zoals het verstrekken van (studie)leningen, de bijdrage van het Rijk aan de sociale fondsen of de opbrengst van het verkopen van staatsdeelnemingen. Daarnaast zijn er uitgaven die wel EMU-saldorelevant zijn, maar buiten het uitgavenkader zijn geplaatst, zoals de uitgaven aan de zorgtoeslag.

Evenals bij voorgaande tabellen geldt dat de genoemde bedragen in tabel 4.5 en 4.6 op kasbasis zijn, behalve het begrotingshoofdstuk van Nationale Schuld dat deels op transactiebasis wordt opgesteld. De uitgaven aan het aflossen van en de ontvangsten uit het uitgeven van de staatsschuld zijn niet in deze tabel opgenomen, maar worden in bijlage 5 afzonderlijk toegelicht.

Tabel 4.5 Netto-uitgaven binnen het uitgavenkader (in miljoenen euro)
  

MN 2025

FJR 2025

Verschil

 

Begrotingsgefinancierd

   

1

De Koning

59

60

2

2A

Staten-Generaal

263

261

‒ 2

2B

Overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad

186

190

4

3

Algemene Zaken

93

105

12

4

Koninkrijksrelaties

208

45

‒ 163

5

Buitenlandse Zaken

3.934

5.653

1.719

6

Justitie en Veiligheid

16.649

17.010

360

7

Binnenlandse Zaken

3.312

2.730

‒ 582

8

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

53.405

56.337

2.931

9A

Nationale Schuld (Transactiebasis)

21

24

2

9B

Financiën

11.336

11.088

‒ 247

10

Defensie

10.276

10.436

160

12

Infrastructuur en Waterstaat

14.070

13.788

‒ 282

13

Economische Zaken en Klimaat

2.772

2.780

9

14

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

4.657

3.484

‒ 1.173

15

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

30.724

31.012

288

16

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

6.903

6.200

‒ 703

17

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

3.323

3.496

173

20

Asiel en Migratie

5.621

5.010

‒ 611

22

Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

8.936

8.002

‒ 934

23

Klimaat en Groene Groei

2.813

2.898

85

50

Gemeentefonds

44.896

47.669

2.773

51

Provinciefonds

3.552

4.102

549

55

Mobiliteitsfonds

0

403

403

60

Accres Gemeentefonds

608

0

‒ 608

61

Accres Provinciefonds

116

0

‒ 116

64

BES-fonds

89

94

5

65

Deltafonds

0

187

187

66

Defensiematerieelbegrotingsfonds

9.145

9.210

65

70

Nationaal Groeifonds

393

0

‒ 393

71

Klimaatfonds

758

0

‒ 758

AP

Aanvullende Posten

4.356

0

‒ 4.356

90

Consolidatie1

0

0

0

HGIS

Internationale Samenwerking2

(8.246)

(8.026)

220

 

Begrotingsgefinancierde netto-uitgaven

243.475

242.275

‒ 1.200

     
 

Premiegefinancierd

   

40

Sociale Verzekeringen

82.862

83.637

775

41

Zorg

100.681

98.337

‒ 2.344

 

Premiegefinancierde netto-uitgaven

183.543

181.974

‒ 1.570

 

Totaal

427.018

424.248

‒ 2.770

1) Dit betreft een correctie voor dubbeltellingen die ontstaan door het «bruto-boeken» van bijdragen. Het bruto-boeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het gaat voornamelijk om bijdragen via de begroting van Infrastructuur en Waterstaat aan het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds.

2) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.

Tabel 4.6 Netto-uitgaven buiten het uitgavenkader (in miljoenen euro)
  

MN 2025

FJR 2025

Verschil

4

Koninkrijksrelaties

‒ 150

‒ 14

136

5

Buitenlandse zaken

4.674

4.992

318

6

Justitie en Veiligheid

26

0

‒ 26

7

Binnenlandse Zaken

0

0

0

8

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

1.917

‒ 173

‒ 2.090

9A

Nationale Schuld (Transactiebasis)

‒ 1.912

‒ 3.059

‒ 1.147

9B

Financiën

12.668

8.032

‒ 4.637

10

Defensie

1.722

4.707

2.985

12

Infrastructuur en Waterstaat

0

0

0

13

Economische Zaken en Klimaat

‒ 17

‒ 237

‒ 219

15

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

26.771

27.326

554

16

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

29.315

27.322

‒ 1.993

17

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

221

228

7

20

Asiel en Migratie

3.847

2.137

‒ 1.710

22

Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

‒ 33

‒ 23

10

23

Klimaat en Groene Groei

‒ 721

‒ 988

‒ 267

40

Sociale verzekeringen

0

4.302

4.302

50

Gemeentefonds

0

33

33

58

Diergezondheidsfonds

‒ 18

‒ 15

3

66

Defensiematerieelbegrotingsfonds

534

746

212

70

Nationaal Groeifonds

0

0

0

AP

Aanvullende posten

189

0

‒ 189

HGIS

Internationale Samenwerking1

(2.054)

(4.383)

‒ 2.329

 

Begrotingsgefinancieerde netto-uitgaven buiten het kader

79.035

71.014

‒ 8.021

     
 

Premiegefinancierd

   

40

Sociale verzekeringen

0

4.302

4.302

 

Premiegefinancierde netto-uitgaven buiten het kader

0

4.302

4.302

 

Totaal netto-uitgaven buiten het kader

79.035

75.316

‒ 3.719

1) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.

Tabel 4.7 geeft de totale netto-uitgaven aan Internationale Samenwerking (HGIS) aan per begrotingshoofdstuk. Deze uitgaven aan internationale samenwerking worden gecoördineerd door het ministerie van Buitenlandse Zaken, maar worden verantwoord op de individuele begrotingen. In bovenstaande tabellen zijn deze middelen onderdeel van de totalen per begroting. Onderaan deze tabellen staat het totaal aan HGIS-uitgaven over alle begrotingen.

Tabel 4.7 Netto HGIS-uitgaven begrotingen (in miljoenen euro)
  

MN 2025

FJR 2025

Verschil

5

Buitenlandse Zaken

2.223

2.462

239

6

Justitie en Veiligheid

64

53

‒ 11

7

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

0

0

0

8

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

115

119

4

9B

Financiën

326

689

363

10

Defensie

231

172

‒ 59

12

Infrastructuur en Waterstaat

38

44

6

13

Economische Zaken en Klimaat

30

28

‒ 2

14

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

39

44

5

15

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

1

1

0

16

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

8

8

0

17

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

3.323

3.496

173

20

Asiel en Migratie

1.833

906

‒ 927

23

Klimaat en Groene Groei

2

3

1

AP

Aanvullende posten

12

0

‒ 12

 

Totaal kaderrelevante netto-uitgaven HGIS

8.246

8.026

‒ 220

     

5

Buitenlandse Zaken

55

113

58

6

Justitie en Veiligheid

13

0

‒ 13

8

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

0

0

0

9B

Financiën

42

34

‒ 8

10

Defensie

1.722

4.007

2.285

12

Infrastructuur en Waterstaat

0

0

0

13

Economische Zaken en Klimaat

0

228

228

17

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

221

0

‒ 221

 

Totaal niet kaderrelevante netto-uitgaven HGIS

2.054

4.383

2.329

 

Totaal netto-uitgaven HGIS

10.300

12.409

2.109

Tabel 4.8 Aansluiting visuele samenvatting (in miljarden euro)
 

2024

Bron

Netto-uitgaven visuele samenvatting

414,1

Visualisatie

Sociale Zekerheid

107,5

 

Sociale Zaken en Werkgelegenheid kaderrelevant

31,3

Tabel 4.5

Sociale verzekeringen premiegefinancierd

77,9

Tabel 4.5

Werkgeversbijdrage kinderopvang niet kader- wel saldorelevant

‒ 1,7

H15 artikel 7

Zorg

106,2

 

Volksgezondheid, Welzijn en Sport kaderrelevant

6,5

Tabel 4.5

Zorg premiegefinancierd

93,2

Tabel 4.5

Zorgtoeslag en TSZ niet kader- wel saldorelevant

6,5

H16 artikel 8

Oekraïnemiddelen VWS niet kader- wel saldorelevant

0,0

Tabel 10.1

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

52,7

 

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap kaderrelevant

52,6

Tabel 4.5

Overig OCW niet kader- wel saldorelevant

0,1

H8

Gemeenten en provincies

52,2

 

Gemeentefonds en accres Gemeentefonds kaderrelevant

43,8

Tabel 4.5

Provinciefonds en accres Provinciefonds kaderrelevant

4,0

Tabel 4.5

Btw-compensatiefonds

4,4

H9 artikel 6

Gemeentefonds niet kader-, wel saldorelevant

0,0

H50

Justitie en Veiligheid

23,6

 

Justitie en Veiligheid kaderrelevant

20,9

Tabel 4.5

Oekraïnemiddelen JenV niet kader- wel saldorelevant

2,7

Tabel 10.1

Defensie

19,6

 

Defensie kaderrelevant

9,8

Tabel 4.5

Defensiematerieelbegrotingsfonds kaderrelevant

7,3

Tabel 4.5

Oekraïnemiddelen DEF niet kader- wel saldorelevant

2,4

Tabel 10.1

Oekraïnemiddelen DMF niet kader- wel saldorelevant

0,1

Tabel 10.1

Infrastructuur en Waterstaat

14,2

 

Infrastructuur en Waterstaat kaderrelevant

13,9

Tabel 4.5

Mobiliteitsfonds kaderrelevant

0,2

Tabel 4.5

Deltafonds kaderrelevant

0,2

Tabel 4.5

Overig IenW niet kader- wel saldorelevant

0,0

H12

Buitenlandse Zaken

11,5

 

Buitenlandse Zaken kaderrelevant

3,0

Tabel 4.5

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking kaderrelevant

3,7

Tabel 4.5

EU-afdrachten Invoerrechten niet kader- wel saldorelevant

4,2

H5 artikel 3

Oekraïnemiddelen BZ niet kader- wel saldorelevant

0,4

Tabel 10.1

Oekraïnemiddelen BHOS niet kader- wel saldorelevant

0,2

Tabel 10.1

Financiën en Nationale Schuld

11,3

 

Financiën kaderrelevant

10,0

Tabel 4.5

Rentelasten staatsschuld niet kader- wel saldorelevant

5,8

H9A artikel 11

Rentelasten schatkistbankieren niet kader- wel saldorelevant

1,7

H9A artikel 12

Oekraïnemiddelen FIN niet kader- wel saldorelevant

0,2

H9B

BIR en overig niet kader-, wel saldorelevant

‒ 1,9

H9B

af: Btw-compensatiefonds

‒ 4,4

H9B artikel 6

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

9,9

 

Binnenlandse Zaken kaderrelevant

9,8

Tabel 4.5

Koninkrijksrelaties kaderrelevant

0,0

Tabel 4.5

BES-fonds kaderrelevant

0,1

Tabel 4.5

Overig BZK niet kader- wel saldorelevant

0,0

H7 artikel 12

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

3,8

 

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit kaderrelevant

3,8

Tabel 4.5

Diergezondheidsfonds niet kader- wel saldorelevant

0,0

Tabel 4.4

Economische Zaken en Klimaat

3,3

 

Economische Zaken en Klimaat kaderrelevant

4,4

Tabel 4.5

Nationaal Groeifonds kaderrelevant

0,0

Tabel 4.5

ETS en overig EZK niet kader-, wel saldorelevant (incl. NGF)

‒ 1,1

H13 en H70

Overig

‒ 1,8

 

Kas-transverschillen en overige posten

‒ 2,4

Tabel 5.4

Overige begrotingen

0,6

Tabel 4.5

Totale netto-uitgaven relevant voor het EMU-saldo centrale overheid

414,1

Tabel 5.1

5 EMU-SALDO EN EMU-SCHULD

Tabel 5.1 betreft een overzicht van de inkomsten, de uitgaven, het EMU-saldo en de EMU-schuld (de budgettaire kerngegevens). Het betreft de inkomsten en uitgaven van het Rijk die relevant zijn voor het EMU-saldo. Om van het EMU-saldo Rijk tot het saldo van de gehele collectieve sector te komen, wordt het EMU-saldo van de decentrale overheden meegeteld. De EMU-schuld wordt hier voor de gehele collectieve sector weergeven.

Tabel 5.1 Budgettaire kerngegevens (in miljarden euro, + = overschot)

(in miljarden euro, + = overschot)

MN 2025

FJR 2025

Verschil

Inkomsten (belastingen en sociale premies)

425,1

432,5

7,5

    

Netto-uitgaven binnen het uitgavenkader

427,0

424,2

‒ 2,8

Overige netto-uitgaven en correcties voor het EMU-saldo

29,9

22,9

‒ 7,1

Totale netto-uitgaven en correcties voor het EMU-saldo

457,0

447,1

‒ 9,9

    

EMU-saldo centrale overheid

‒ 31,9

‒ 14,6

17,3

EMU-saldo decentrale overheden

‒ 0,7

‒ 4,2

‒ 3,5

    

EMU-saldo collectieve sector

‒ 32,6

‒ 18,7

13,8

EMU-saldo collectieve sector (in procenten bbp)

‒ 2,8%

‒ 1,6%

1,2%

    

EMU-schuld collectieve sector

548,4

523,5

‒ 24,9

EMU-schuld collectieve sector (in procenten bbp)

46,6%

44,4%

‒ 2,2%

    

Bruto binnenlands product (bbp)

1.176,3

1.179,7

3,3

Tabel 5.2 geeft de opbouw van het EMU-saldo van de collectieve sector weer. Dit EMU-saldo, ook wel het overheidssaldo genoemd, is de optelsom van alle inkomsten en uitgaven van de Rijksoverheid en de decentrale overheden. De inkomsten en uitgaven van de Rijksoverheid zijn in meer detail te vinden in bijlage 3 en 4. Om tot het EMU-saldo te komen worden enkele correcties toegepast: sommige uitgaven tellen namelijk niet mee voor het EMU-saldo (deze zijn uitgesplitst in tabel 5.3) en voor sommige posten telt een ander bedrag mee voor het EMU-saldo (op transactiebasis) dan op kasbasis in de Rijksbegroting is opgenomen (deze zijn uitgesplitst in tabel 5.4).

Tabel 5.2 EMU-saldo (in miljoenen euro, + is overschot)
  

MN 2025

FJR 2025

Verschil

1

Belasting- en premieontvangsten

425.056

432.529

7.473

2

Totale netto-uitgaven

506.053

499.565

‒ 6.488

3

Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven

‒ 56.946

‒ 48.711

8.235

4

Bij: Kas-transverschillen en overige posten

‒ 7.857

3.748

11.605

5

Bij: EMU-saldo decentrale overheden

‒ 650

‒ 4.160

‒ 3.510

6

EMU-saldo collectieve sector (1-2-3+4+5)

‒ 32.558

‒ 18.736

13.822

De uitgaven die wel op de Rijksbegroting staan, maar die niet meetellen voor het EMU-saldo, staan vermeld in tabel 5.3. Wat er wel en niet meetelt voor het EMU-saldo is vastgesteld door het Europese statistiekbureau Eurostat in de Manual on Government Deficit and Debt.

Tabel 5.3 Uitgaven niet-relevant voor het EMU-saldo (in miljoenen euro, + is uitgave)
 

MN 2025

FJR 2025

Verschil

Verstrekking studieleningen

3.415

2.369

‒ 1.046

Aflossing studieleningen

‒ 1.507

‒ 2.533

‒ 1.025

Aan- en verkoop staatsdeelnemingen

474

‒ 1.584

‒ 2.058

Voortijdige beeindiging derivaten

0

0

0

Rente-ontvangsten derivaten

0

0

0

Uitgaven gerelateerd aan Oekraïne

0

0

0

Rijksbijdragen aan sociale fondsen (incl. rente)

52.589

50.904

‒ 1.685

Kasbeheer

‒ 12.300

‒ 11.762

538

Lening TenneT

14.200

11.900

‒ 2.300

Overig

76

‒ 583

‒ 659

Totaal

56.946

48.711

‒ 8.235

Tabel 5.4 geeft de posten weer die wel meetellen voor het EMU-saldo, maar die niet, of niet op dezelfde manier, in de Rijksbegroting staan. Voor een deel ervan geldt dat voor het EMU-saldo wordt gerekend met de uitgaven en ontvangsten op transactiebasis, terwijl de Rijkbegroting de uitgaven op kasbasis bijhoudt. Om tot het EMU-saldo te komen moet daarom bovenop het bedrag dat daadwerkelijk de kas heeft verlaten nog een zogenoemd kas-transverschil worden meegeteld. Daarnaast is er een aantal posten die niet op de Rijkbegroting staan, zoals het positieve of negatieve saldo van agentschappen en de kosten van zorgverzekeraars. Deze posten zijn ook meegenomen in tabel 5.4, omdat deze ook meetellen voor het EMU-saldo.

In tabel 1.2.1.1 in de hoofdtekst van dit Financieel Jaarverslag is in de verticale toelichting van het EMU-saldo een overige post van 3.297 miljoen euro opgenomen. Dit bedrag kan uit tabel 5.4 worden berekend door het Totaal Rijk en sociale fondsen (8.363 miljoen euro) te verminderen met de KTV rijksbijdragen aan decentrale overheden (4.798 miljoen euro) en de Mutatie begrotingsreserves (267 miljoen euro).

Tabel 5.4 Kas-transverschillen en overige posten (in miljoenen euro, + is saldoverbeterend)
 

MN 2025

FJR 2025

Verschil

KTV EU-afdrachten

0

‒ 86

‒ 86

KTV Publiek private samenwerking (DBFM-contracten)

73

‒ 10

‒ 83

KTV OV-studentenkaart

‒ 1.000

‒ 30

970

KTV NOW (corona)

10

77

67

KTV TvL (corona)

0

‒ 73

‒ 73

KTV OV-beschikbaarheidsvergoeding (corona)

0

‒ 41

‒ 41

KTV Veilingopbrengsten (UMTS, 4G, 5G)

284

307

23

KTV IDA/Wereldbank

0

‒ 279

‒ 279

KTV Gasbaten

‒ 1.001

‒ 313

688

KTV LIV/LKV

0

147

147

KTV Defensie

0

1.372

1.372

KTV Prestatiebeurzen

‒ 1.224

‒ 826

398

KTV Overig

0

658

658

KTV Rijksbijdragen aan decentrale overheden

0

4.334

4.334

Mutatie begrotingsreserves

‒ 95

‒ 1.906

‒ 1.810

Saldo agentschappen en rest centrale overheid

0

736

736

Overig

0

1.140

1.140

Subtotaal Rijk

‒ 2.953

5.207

8.160

    

Eigenrisicodragers WGA/ZW

519

573

54

Zorgbemiddeldingskosten

‒ 1.059

‒ 2.137

‒ 1.078

Correctie aansluiting premiegefinancierde uitgaven en ontvangsten1

‒ 4.364

105

4.469

Overige correcties

0

0

0

Subtotaal sociale fondsen

‒ 4.904

‒ 1.459

3.445

Totaal Rijk en sociale fondsen

‒ 7.857

3.748

11.605

1 Het stelsel van macro-economische statistieken zoals het CBS deze bijhoudt wordt de nationale rekeningen genoemd. Deze nationale rekeningen (NR) zijn afgelopen zomer gereviseerd. De wettelijke sociale premies die socialezekerheidsfondsen betalen op de uitkeringen werden voorheen gesaldeerd met de uitkeringen. Vanaf de NR-revisie worden de uitkeringen en de bijbehorende wettelijk sociale premies bruto geregistreerd: bijvoorbeeld de Zvw-premie die afgedragen wordt bij een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Dit leidt tot zowel hogere uitgaven als hogere premie-inkomsten die per saldo tegen elkaar wegstrepen. De raming van premie-inkomsten is gebaseerd op data van CPB en CBS. Daarom is hierbij uitgegaan van de bruto registratiewijze. Voor de premiegefinancierde uitgaven op de rijksbegroting wordt gewerkt volgens de gesaldeerde registratiewijze. Om te voorkomen dat deze twee verschillende registratiewijzen tot een onbedoeld technisch effect op het EMU-saldo leiden, is een correctie toegepast.

Tabel 5.5 geeft de verdeling van het EMU-saldo over de verschillende onderdelen van de collectieve sector weer. In tabel 5.6 wordt het EMU-saldo van het Rijk verder uitgesplitst.

Tabel 5.5 Opbouw EMU-saldo collectieve sector (in miljoenen euro, - is tekort)
 

MN 2025

FJR 2025

Verschil

EMU-saldo centrale overheid

‒ 43.753

‒ 24.355

19.398

EMU-saldo sociale fondsen

11.845

9.779

‒ 2.066

EMU-saldo decentrale overheden

‒ 650

‒ 4.160

‒ 3.510

EMU-saldo collectieve sector

‒ 32.558

‒ 18.736

13.822

EMU-saldo collectieve sector (in procenten bbp)

‒ 2,8%

‒ 1,6%

1,2%

Tabel 5.6 EMU-saldo Rijk (in miljoenen euro, - is uitgave / tekort)
 

MN 2025

FJR 2025

Verschil

Belastingontvangsten

277.353

285.920

8.567

Netto begrotingsgefinancierde uitgaven

‒ 322.509

‒ 313.289

9.221

Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven

56.946

48.711

‒ 8.235

Betaalde rijksbijdrage en rente aan sociale fondsen

‒ 52.589

‒ 50.904

1.685

Kas-transverschillen en overige posten Rijk

‒ 2.953

5.207

8.160

EMU-saldo Rijk (centrale overheid)

‒ 43.753

‒ 24.355

19.398

Tabel 5.7 geeft het financieringstekort van het Rijk weer. Het financieringstekort is het bedrag dat het Rijk op kasbasis in een jaar tekort komt of over heeft. Het financieringstekort is daarmee dus ook het bedrag dat in een jaar extra moet worden geleend of, bij een overschot, waarmee schulden kunnen worden afgelost. Waar het EMU-saldo een begrip op transactiebasis is, is het financieringstekort een begrip op kasbasis. Om te komen tot het financieringstekort moeten naast de belastingontvangsten en de uitgaven op de begrotingen nog een aantal correcties worden toegepast. Ten eerste zijn de belastingen, zoals die meetellen voor het EMU-saldo, berekend op transactiebasis. Om tot de belastingen op kasbasis te komen moet het kas-transverschil hier vanaf worden getrokken. Hetzelfde geldt voor posten op de Rijksbegroting die niet op kasbasis zijn. Allereerst is dat de rente op de staatsschuld. Deze staat in de Rijksbegroting op transactiebasis, terwijl voor het financieringstekort alleen de kasuitgaven meetellen. Daarnaast wordt geld storten in (of opnemen uit) een begrotingsreserve op de begroting gezet als uitgave of ontvangst, terwijl het geld de schatkist in dat geval niet daadwerkelijk verlaat of binnenkomt. Daarom wordt voor dit type uitgaven ook gecorrigeerd om tot het financieringssaldo te komen.

Tabel 5.7 Financieringssaldo Rijksoverheid (in miljoenen euro, - is uitgave / tekort)
 

MN 2025

FJR 2025

Verschil

Belastinginkomsten (kasbasis)

273.834

289.156

15.322

Netto begrotingsgefinancierde uitgaven

‒ 322.509

‒ 313.289

9.221

Af: kas-transverschil rentelasten

‒ 210

‒ 8

202

Mutatie begrotingsreserves

‒ 95

‒ 1.906

‒ 1.810

Mutaties derdenrekeningen inclusief Fortis lening

0

1.123

1.123

Financieringssaldo Rijksoverheid

‒ 48.981

‒ 24.924

24.057

Het financieringssaldo werkt één op één door in de staatsschuld. Voor een financieringstekort moet immers geleend worden op de financiële markten, terwijl een overschot gebruikt kan worden om schulden af te lossen. Tabel 5.8 geeft de ontwikkeling van de EMU-schuld weer gedurende het jaar 2024, in de eerste kolom zoals verwacht werd bij Miljoenennota 2024 en in de tweede kolom zoals daadwerkelijk gerealiseerd. De EMU-schuld betreft de hele collectieve sector, dus ook het tekort van decentrale overheden en agentschappen heeft invloed op de EMU-schuld.

Tabel 5.8 Opbouw EMU-schuld collectieve sector (in miljoenen euro, - is overschot)
 

MN 2025

FJR 2025

Verschil

EMU-schuld begin jaar

498.801

491.585

‒ 7.216

Financieringssaldo Rijksoverheid

48.981

24.924

‒ 24.057

EMU-saldo decentrale overheden

650

4.160

3.510

EMU-saldo rest centrale overheid

0

0

0

Schatkistbankieren decentrale overheden

0

0

0

Overig

0

2.872

2.872

EMU-schuld einde jaar

548.432

523.541

‒ 24.891

EMU-schuldquote (in procenten bbp)

46,6%

44,4%

‒ 2,2%

Tabel 5.9 bevat de ontwikkeling van de EMU-schuldquote (de EMU-schuld in verhouding tot het bbp). Behalve het begrotingstekort of -overschot heeft ook de ontwikkeling van het bbp zelf invloed op de schuldquote. Dit is weergegeven als het noemereffect.

Tabel 5.9 Opbouw EMU-schuldquote (in procenten bbp)
 

MN 2025

FJR 2025

Verschil

EMU-schuldquote begin jaar

44,2%

43,3%

‒ 0,9%

Noemereffect bbp

‒ 1,8%

‒ 1,7%

0,1%

Financieringssaldo Rijksoverheid

4,2%

2,1%

‒ 2,1%

EMU-saldo decentrale overheden

0,1%

0,4%

0,3%

EMU-saldo rest centrale overheid

0,0%

0,0%

0,0%

Schatkistbankieren decentrale overheden

0,0%

0,0%

0,0%

Overig

0,0%

0,2%

0,2%

EMU-schuldquote einde jaar

46,6%

44,4%

‒ 2,2%

De tabellen 5.10 en tabel 5.11 geven een historisch overzicht van het EMU-saldo en de EMU-schuld in de afgelopen tien jaar, zowel in euro's als in procenten van het bbp.

Tabel 5.10 Historisch overzicht EMU-saldo (in miljarden euro, - is tekort)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

EMU-saldo

1,6

10,2

11,8

15,8

‒ 30,3

‒ 20,1

0,0

‒ 3,9

‒ 8,3

‒ 18,7

bbp

720,2

750,9

787,3

829,8

816,5

891,6

993,8

1.050,1

1.121,5

1.179,5

EMU-saldo (in procenten bbp)

0,2%

1,4%

1,5%

1,9%

‒ 3,7%

‒ 2,3%

0,0%

‒ 0,4%

‒ 0,7%

‒ 1,6%

           
           
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

EMU-saldo

1,6

10,2

11,8

15,8

‒ 30,3

‒ 20,1

0,0

‒ 3,9

‒ 8,3

‒ 18,7

bbp

720,2

750,9

787,3

829,8

816,5

891,6

993,8

1050,1

1121,5

1179,5

EMU-saldo (in procenten bbp)

0,2%

1,4%

1,5%

1,9%

‒ 3,7%

‒ 2,3%

0,0%

‒ 0,4%

‒ 0,7%

‒ 1,6%

Tabel 5.11 Historisch overzicht EMU-schuld (in miljarden euro)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

EMU-schuld

438,4

420,3

405,9

395,4

436,1

450,2

481,1

481,5

491,1

523,5

bbp

720,2

750,9

787,3

829,8

816,5

891,6

993,8

1.050,1

1.121,5

1.179,5

EMU-schuld (in procenten bbp)

60,9%

56,0%

51,6%

47,7%

53,4%

50,5%

48,4%

45,8%

43,8%

44,4%

Tabel 5.12 en tabel 5.13 geven een aansluiting tussen de cijfers zoals deze zijn gepresenteerd in bijlage 1 Rijksrekening en bijlage 5 EMU-saldo en EMU-schuld.

Tabel 5.12 Aansluiting uitgaven Rijksrekening en budgettaire kerngegevens (in miljarden euro)
 

FJR 2025

Bron

Totaal kasuitgaven begrotingen

377,5

Tabel 1.2

Rentelasten

9,0

Tabel 1.4

Totaal kasuitgaven begrotingen en rentelasten

386,5

 
   

Af: uitgaven aflossing vaste schuld

20,0

H9A artikel 11

Af: uitgaven aflossing vlottende schuld

0,0

H9A artikel 11

Af: consolidatie

10,5

Tabel 4.2

Totaal uitgaven begrotingen

356,0

Tabel 4.2

   

Af: niet-belastingontvangsten begrotingen

42,7

Tabel 4.3

Totaal netto-uitgaven begrotingen

313,3

Tabel 4.4

   

Totaal premiegefinancierde netto-uitgaven

186,3

Tabel 4.5

w.v. Sociale Verzekeringen

87,9

Tabel 4.5

w.v. Zorg

98,3

Tabel 4.5

   

Totaal netto-uitgaven (begrotingen en premies)

499,6

Tabel 5.1

w.v. Netto-uitgaven binnen het uitgavenkader

424,2

Tabel 4.5

w.v. Netto-uitgaven buiten het uitgavenkader

75,3

Tabel 4.6

   

Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven

48,7

Tabel 5.2

Bij: kas-transverschillen en overige posten

‒ 3,7

Tabel 5.2

   

Totaal netto-uitgaven relevant voor EMU-saldo

447,1

Tabel 5.1

Tabel 5.13 Aansluiting ontvangsten Rijksrekening en budgettaire kerngegevens (in miljarden euro)
 

FJR 2025

Bron

Totaal kasontvangsten begrotingen

388,8

Tabel 1.3

Rentebaten

0,3

Tabel 1.5

Totaal kasontvangsten begrotingen en rentebaten

389,1

 
   

Af: uitgifte vaste schuld

40,7

H9A artikel 11

Af: uitgifte vlottende schuld

5,9

H9A artikel 11

Af: (Dis)agio bij inkoop schuld

0,0

H9A artikel 11

Af: consolidatie

10,5

Tabel 4.3

Af: niet-belastingontvangsten

42,7

Tabel 4.3

   

Totaal belastingen op kasbasis

289,2

Tabel 3.2

   

Premie-inkomsten op kasbasis

145,2

 

w.v. volksverzekeringen

44,1

Tabel 3.2

w.v. werknemersverzekeringen (EMU-basis)

101,1

Tabel 3.2

   

Totale inkomsten op kasbasis

434,3

 
   

Kas-transverschillen inkomsten

1,8

 

w.v. kas-transverschillen belastingen

3,2

Tabel 3.2

w.v. kas-transverschillen premies volksverzekeringen

‒ 1,4

Tabel 3.2

w.v. kas-transverschillen premies werknemersverzekeringen

‒ 0,1

Tabel 3.2

   

Totaal belastingen en premies op EMU-basis

432,5

Tabel 5.1

6 FISCALE REGELINGEN

Sinds 2002 wordt budgettaire informatie over fiscale regelingen opgenomen in de Miljoenennota en het Financieel Jaarverslag van het Rijk. In de Miljoenennota worden onder andere het beleidsverantwoordelijk departement en de afgeronde en geplande evaluaties vermeld. Meer beleidsmatige informatie over fiscale regelingen wordt opgenomen in de begrotingen en jaarverslagen van de verschillende vakdepartementen.

In het Financieel Jaarverslag van het Rijk wordt de realisatie weergegeven van fiscale regelingen die gebudgetteerd zijn of die zien op afdrachtvermindering. Dit betreft de afdrachtverminderingen voor speur- en ontwikkelingswerk (WBSO) en de drietal investeringsfaciliteiten in de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting, te weten de energie-investeringsaftrek (EIA), milieu-investeringsaftrek (MIA) en willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). De investeringsregelingen en de afdrachtvermindering speur- en ontwikkelingswerk zijn gebudgetteerde regelingen met een systematiek van meerjarige budgetegalisatie.

De voorlopige realisaties van deze regelingen worden hier vermeld. Definitieve realisaties worden pas in de loop van 2026 bekend en worden opgenomen in de Miljoenennota 2027. Voor de fiscale regelingen die niet in deze bijlage zijn opgenomen geldt dat hun ramingen voor 2025 worden geactualiseerd in de Miljoenennota 2027. Een uitgebreidere beschrijving van de in deze bijlage genoemde fiscale regelingen en de ramingsmethodiek is te vinden in de bijlagen bij de Miljoenennota 2026.1

6.1 Voorlopige realisaties en budgetreserves fiscale regelingen

Tabel 6.1 laat de voorlopige (geschatte) realisaties van de betreffende afdrachtverminderingen over 2025 zien, inclusief de huidige stand van de budget reserve. De realisaties zijn gebaseerd op geaggregeerde informatie vanuit de loonaangiften voor de WBSO en de aangiften inkomsten- en vennootschapsbelasting voor de EIA, MIA en de Vamil.

Tabel 6.1 Gegevens gebudgeteerde fiscale regelingen over 2025 (in mln. euro)12
 

Raming 2025 (MN 2026)

Voorlopige realisatie 2025

Verschil voorlopige realisatie 2025 met raming 2025 (MN2026)

Stand budgetreserve eind 2025 voor 2026

Energie-investeringsaftrek (EIA)

431

289

‒ 142

70

Milieu-investeringsaftrek (MIA)

189

140

‒ 49

58

Versnelde afschrijving milieu-investeringen (Vamil)

20

18

‒ 2

3

Speur- en ontwikkelingswerk (WBSO)

1.682

1.447

‒ 235

1163

1

De voorlopige realisatie 2025 betreft de stand zoals bekend eind april 2026. In juli 2026 wordt de stand definitief vastgesteld op basis van de realisaties tot en met juni 2025. De daadwerkelijke realisatie kan daardoor nog afwijken en wordt met Prinsjesdag openbaar gemaakt.

2

Een negatief verschil tussen de voorlopige realisatie en de raming 2025 (MN2026) geeft aan dat sprake is van een uitputting ten opzichte van het beschikbare budget. Een positief verschil betekend dat sprake is van een uitputting ten opzichte van het beschikbare budget.

3

De WBSO kent een budgetsystematiek waarbij overuitputting en onderuitputting twee jaar later aan het budget wordt toegevoegd. Dit zorgt ervoor dat er twee budgetreserves zijn. In 2024 was sprake van een onderuitputting van 116 miljoen euro waardoor in 2026 dat bedrag is toegevoegd aan het beschikbare budget. De budgetreserve voor even jaren bedraagt dus 116 miljoen euro. De onderuitputting in 2025 van 235 miljoen zorgt ervoor dat in 2027 het budget verhoogd wordt met 235 miljoen euro en is daarmee de budgetreserve voor oneven jaren.

Tabel 6.1 laat zien dat voor alle vier de gebudgetteerde regelingen sprake is van onderuitputting. Ook is sprake van positieve budgetreserves voor alle gebudgetteerde regelingen.

Voor de EIA was in 2025 een budget beschikbaar van 431 miljoen waarvan in 2025 circa 289 miljoen euro is gebruikt. Hierdoor bedraagt de onderuitputting 142 miljoen euro wat ongeveer 33% van het budget is. Een eerder ontstaan tekort op de budgetreserve van de EIA is ongedaan gemaakt en eind 2025 staat de budgetreserve op 70 miljoen euro. De onderuitputting komt voornamelijk doordat het budget recentelijk sterk is toegenomen met 172 miljoen euro tussen 2024 en 2025. In het maatregelenpakket Acties Weerbaarheid Energieschock is aangekondigd om het aftrekpercentage van de EIA komend jaar te verhogen van 40% naar 45,5%. Hierdoor zal de budgetuitputting toenemen doordat naar verwachting nieuwe aanvragen worden aangetrokken en het voordeel per aanvraag toeneemt. Het is hierdoor niet de verwachting dat de onderuitputting structureel is.

Voor de MIA was in 2025 een budget beschikbaar van 189 miljoen euro waarvan in 2025 circa 140 miljoen euro is gebruikt. Net als voor de EIA geldt voor de MIA dat er een onderuitputting van ongeveer 25% van het budget is wat overeenkomt met een onderuitputting van 49 miljoen euro. Door de onderuitputting neemt het overschot op de budgetreserve van de MIA toe van 9 miljoen euro eind 2024 naar 58 miljoen euro eind 2025. Deze onderuitputting volgt op jaren van overuitputting en een daling in het budget van de regeling. Als gevolg van de overuitputting is de milieumiddelenlijst meermaals aangescherpt. Het is de verwachting dat gegeven een verdere voorgenomen daling van het budget in 2026 de onderuitputting eveneens niet structureel van aard is.

Voor de Vamil was in 2025 een budget beschikbaar van 20 miljoen euro waarvan in 2025 circa 18 miljoen euro is gebruikt. Hierdoor bedraagt de onderuitputting 2 miljoen euro, oftewel bijna 10% van het budget. De surplus op de budgetreserve van 1 miljoen euro eind 2024 is hierdoor toegenomen tot een surplus op de budgetreserve van 3 miljoen euro.

Voor de WBSO was in 2025 een budget beschikbaar van 1.682 miljoen euro waarvan in 2025 circa 1.447 miljoen euro is gebruikt. Hiermee bedraagt de onderuitputting op de WBSO 235 miljoen euro wat ongeveer 14% van het budget is. De voorlopige budgetreserve voor 2027 is dan ook 235 miljoen euro. Dit bestaat uit enerzijds 68 miljoen euro aan budgetreserve die beschikbaar was voor 2025 (onderuitputting in 2023) en anderzijds uit 167 miljoen euro aan onderuitputting ten opzichte van het basisbudget van de WBSO. Dat de onderuitputting op de WBSO in 2025 is toegenomen is met name het resultant van de recente uitbreidingen van haar budget. Zoals aangekondigd in de kabinetsreactie op de evaluatie van de WBSO zal het kabinet op Prinsjesdag komen met een uitgebreide brief waarin onder andere gekeken zal worden naar hoe de middelen optimaal binnen de regeling kunnen worden ingezet. Daarmee is het de verwachting dat de onderuitputting eveneens niet structureel van aard is.

1

Zie in specifiek bijlage 4, paragraaf 7, pagina('s): 74 (EIA), 74-75 (MIA), 75 (Vamil), en 76 (WBSO).

7 BELEIDSMATIGE MUTATIES NA DE NAJAARSNOTA

Deze bijlage bevat een overzicht van beleidsmatige mutaties na de Najaarsnota die groter zijn dan 2 miljoen euro én leiden tot een artikeloverschrijding t.o.v. stand Najaarsnota. Departementen rapporteren in hun Kamerstukken over de oorzaak van deze overschrijding. In de laatste twee kolommen wordt zichtbaar of de mutatie een uitgave (U) en / of verplichting (V) betreft.

Tabel 7.1 Beleidsmatige mutaties na de Najaarsnota (in miljoenen euro)

Begrotingshoofdstuk

Artikel

Omschrijving

Bedrag

Kamerstuk

U

V

Justitie en Veiligheid

Art. 32 Rechtspleging en rechtsbijstand

Ophoging Verplichting Autoriteit Persoonsgegevens (AP)

4,1

Kamerstuk 36800-VI-29

 

X

Justitie en Veiligheid

Art. 32 Rechtspleging en rechtsbijstand

Ophoging Verplichting Juridisch Loket

24,7

Kamerstuk 36800-VI-29

 

X

Justitie en Veiligheid

Art. 32 Rechtspleging en rechtsbijstand

Ophoging Verplichting Raad voor Rechtsbijstand

2,2

Kamerstuk 36800-VI-29

 

X

Justitie en Veiligheid

Art. 32 Rechtspleging en rechtsbijstand

Ophoging Verplichting Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (STAB)

6,1

Kamerstuk 36800-VI-29

 

X

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Art. 14 Cultuur

Desaldering Museaal Aankoopfonds (MAF) n.a.v. kunstroof Drents museum

5,7

Kamerstuk 36800-VIII-37

X

 

Defensie

Art. 1 Inzet

Invulling motie Klaver voor extra militaire steun aan Oekraïne

700,0

Kamerstuk 36045, nr. 261

X

X

Defensie

Art. 3 Koninklijke Landmacht

Hogere uitgaven oefeningen binnen- en buitenland, en buitenlandse dienstreizen

30,0

Kamerstuk 36800-X-19

X

 

Defensie

Art. 4 Koninklijke Luchtmacht

Hogere verplichtingen door meer oefeningen, en nood aan flexibele personele capaciteit

45,0

Kamerstuk 36800-X-19

 

X

Defensie

Art. 5 Koninklijke Marechaussee

Hogere verplichtingen personele en materiële exploitatie

22,4

Kamerstuk 36800-X-19

 

X

Defensie

Art. 8 Defensie Ondersteuningscommando

Hogere verplichtingen door eerder aangaan van nieuwe contracten

25,0

Kamerstuk 36800-X-19

 

X

Defensie

Art. 10 Apparaat kerndepartement

Hogere verplichtingen programmatisch verbeterplan beveiliging militaire objecten

9,0

Kamerstuk 36800-X-19

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 25 Brede doeluitkering

Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Guisweg

3,5

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 25 Brede doeluitkering

Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Metronet

8,3

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 25 Brede doeluitkering

Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering OV-verbinding Amsterdam Haarlemmermeer

14,3

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 25 Brede doeluitkering

Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Spreiden en Mijden Samen Bouwen aan Bereikbaarheid

2,0

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 25 Brede doeluitkering

Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Trekvlietbrug

3,4

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 25 Brede doeluitkering

Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Vlietlijn Planning en Studiefast 2024-2026

13,7

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 25 Brede doeluitkering

Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Vlietlijn Partieel Uitvoeringsbesluit

4,5

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 25 Brede doeluitkering

Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Zuid-Holland Bereikbaar

4,3

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 25 Brede doeluitkering

Verplichtingenschuif vastleggen Brede Doeluitkering 2026

90,6

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 26 Bijdrage investeringsfondsen

Mobiliteitsfonds: saldo terugsluis Vrachtwagenheffing 2025

19,6

Kamerstuk 36200-A-129

X

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 26 Bijdrage investeringsfondsen

Correctie van verplichtingen

2,9

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Infrastructuur en Waterstaat

Art. 97 Algemeen departement

Eenzijdige verplichtingenophoging tbv regeringsvliegtuig

58,1

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Art. 3 Langdurige zorg en ondersteuning

Verplichtingenschuif instellingssubsidie langdurige zorg

10,0

Kamerstuk 36800-XVI-22

 

X

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Art. 3 Langdurige zorg en ondersteuning

Verplichtingenschuif zorggeschikte woningen

70,0

Kamerstuk 36800-XVI-22

 

X

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Art. 3 Langdurige zorg en ondersteuning

Verplichtingenschuif financiële bijdrage overname zorginstelling De Trans

25,8

Kamerstuk 36800-XVI-22

 

X

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Art. 4 Zorgbreed beleid

Verplichtingenschuif dienstverleningsafspraken CIBG

13,3

Kamerstuk 36800-XVI-22

 

X

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Art. 4 Zorgbreed beleid

Verplichtingenschuif activiteiten Nictiz voor gegevensuitwisseling

11,0

Kamerstuk 36800-XVI-22

 

X

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Art. 4 Zorgbreed beleid

Verplichtingenschuif persoonlijke gezondheidsomgevingen

16,5

Kamerstuk 36800-XVI-22

 

X

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Art. 4 Zorgbreed beleid

Verplichtingenschuif subsidies Stichting Project

2,6

Kamerstuk 36800-XVI-22

 

X

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Art. 4 Zorgbreed beleid

Verplichtingenschuif aangaan voorschotcontracten zorg Caribisch Nederland

111,7

Kamerstuk 36800-XVI-22

 

X

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Art. 5 Jeugd

Verplichtingenschuif SPUK transformatie gesloten jeugdhulp

31,0

Kamerstuk 36800-XVI-22

 

X

Provinciefonds

Art. 1 Provinciefonds

Ophoging verplichtingenbudget decentralisatie-uitkering Decentraal spoor

7,0

Kamerstuk 36800-VII-17

 

X

Mobiliteitsfonds

Art. 12 Hoofdwegennet

Mobiliteitsfonds: saldo terugsluis Vrachtwagenheffing 2025

19,6

Kamerstuk 36200-A-129

X

 

Mobiliteitsfonds

Art. 14 Regionale infrastructuur en bereikbaarheidsprogramma's

Hogere verplichtingen Woningbouw en Mobiliteit

25,4

Kamerstuk 36200-A-129

 

X

Mobiliteitsfonds

Art. 15 Hoofdvaarwegennet

Aanvullende ontvangsten vanuit Vlaanderen in 2025

15,0

Kamerstuk 36200-A-129

X

 

Defensiematerieelbegrotingsfonds

Art. 4 Lucht Materieel

Hogere realisatie op instandhouding F-35 en diverse projecten voor wapensystemen

200,0

Kamerstuk 36800-K-8

X

 

Financiën

Art. 6 BTW-Compensatiefonds

Afdracht BTW-Compensatiefonds specifieke uitkering gebiedsbudget

2,1

Kamerstuk 36800-IX-39

X

X

Financiën

Art. 6 BTW-Compensatiefonds

Afdracht BTW-Compensatiefonds Regiodeals

9,8

Kamerstuk 36800-IX-39

X

X

Financiën

Art. 6 BTW-Compensatiefonds

Afdracht BTW-compensatiefonds WMRE

2,6

Kamerstuk 36800-IX-39

X

X

8 RISICOREGELINGEN VAN HET RIJK 2025

In tabellen 8.1 tot en met 8.4 wordt een totaaloverzicht van verschillende soorten risico-regelingen van het Rijk weergegeven. Voor details over onderstaande garantieregelin-gen, achterborgstellingen en leningen wordt verwezen naar begrotingen en jaarversla-gen van de betreffende vakdepartementen.

Garanties

Een garantie is een voorwaardelijke, financiële verplichting van het Rijk aan een derde buiten het Rijk. Hiermee staat de overheid garant voor bepaalde (inter)nationale financi-ele verplichtingen, en neemt het deze verplichtingen over als de partij waaraan de ga-rantie is verleend deze niet langer kan nakomen. Garantieregelingen worden als ver-plichting opgenomen in de begroting van het betreffende vakdepartement.

Onderstaande tabel 8.1 bevat de garantieregelingen van het Rijk. Alle regelingen met een uitstaand risico kleiner dan 100 miljoen euro zijn samengevat in de post ‘overig’. Het overzicht bevat alle garanties met de stand ultimo 2025. Ontwikkelingen daarna zijn niet in het overzicht opgenomen, omdat die buiten de reikwijdte van het Financieel Jaarver-slag van het Rijk 2025 vallen. Deze worden meegenomen in het overzicht van risicore-gelingen van het Rijk bij de Miljoenennota 2027.

In het overzicht worden achtereenvolgens de begroting (b), het begrotingsartikel (a) en de omschrijving van de garantie weergegeven. Daarachter staat allereerst het totaalbe-drag aan uitstaande garantie per eind 2024. Dit bedrag is een optelsom van alle eerdere verleende en vervallen garanties. Vervolgens worden de in 2025 verleende en vervallen garanties in aparte kolommen weergegeven. Samen tellen deze drie kolommen op tot de eindstand aan uitstaande garanties eind 2025. In de laatste twee kolommen worden tot slot de jaar- en totaalplafonds weergegeven.

Een garantieregeling van het Rijk kent in principe altijd een maximum, het garantiepla-fond. Dit plafond kan een jaarlijks plafond zijn (per jaar mag een maximaal bedrag aan garanties worden verleend) of een totaalplafond (er mogen nooit meer garanties ver-leend worden dan het plafond). In tabel 8.1 is onderscheid gemaakt tussen beide soor-ten plafonds. Bij internationale organisaties is gekozen het garantieplafond gelijk te stellen aan de uitstaande garanties. Hiervan is sprake bij de Europese garanties (EFSF, EFSM en ESM en NGEU) en de garanties van een aantal internationale financiële instel-lingen (IMF en Wereldbank). Ook bij andere regelingen waar geen plafond is afgespro-ken, is het totaalplafond gelijkgesteld aan de uitstaande garanties.

Uit tabel 8.1 blijkt dat het totaalbedrag aan uitstaande garanties van het Rijk in 2025 279,8 miljard euro bedraagt. In 2024 was dit bedrag 219,7 miljard euro, wat betekent dat gedurende het jaar per saldo voor 60,1 miljard euro aan extra garanties zijn aangegaan. De stijging komt met name door de nieuwe garantie aan TenneT van 51,6 miljard euro2 en de Europese regeling Security Action for Europe (SAFE) van 15,3 miljard euro. Afname van het uitstaande risico komt vooral door de garanties op de exportkredietverzekering (per saldo ‒ 2,9 miljard euro), de deelneming in het kapitaal van het IMF (-2 miljard euro) en de garantie op de Financieringsmaatschappij voor ontwikkelingslanden (FMO) (-1,8 miljard euro).

Om de risico’s voor de overheidsfinanciën te beheersen, en een goede afweging tussen verschillende beleidsinstrumenten te bevorderen, wordt een ‘nee-tenzij’-beleid gevoerd ten aanzien van risicoregelingen. Dit beleid is vastgelegd in de begrotingsregels en houdt in dat er terughoudend wordt omgegaan met het aangaan van nieuwe risico's en verruimingen van bestaande regelingen. In sommige gevallen kan het verstandig zijn om nieuwe risico’s aan te gaan, bijvoorbeeld tijdens een acute crisis. Hiervoor is een goede onderbouwing noodzakelijk. Deze controle aan de poort heeft concreet vorm gekregen in het Toetsingskader Risicoregelingen, dat eveneens is vastgelegd in de begrotingsregels. Dit toetsingskader zorgt ervoor dat er ook in onzekere tijden een degelijke afweging gemaakt wordt. Bij consequente toepassing in de toekomst zullen de uitstaande risico’s na een crisis naar verwachting weer afnemen.

Het resterende uitstaande risico van de nationale coronagerelateerde risicoregelingen wordt apart weergegeven in de regel «Nationale garanties coronacrisis». Hieruit blijkt dat in 2025 34,5 miljoen euro is vervallen, een afname van 74%. Er staat nog 12,1 miljoen euro aan nationale coronagerelateerde garanties uit.

Tabel 8.1 Garantieregelingen van het Rijk (in miljoenen euro)
   

Uitstaande garanties

Verleende garanties

Vervallen garanties

Uitstaande garanties

Jaarplafond

Totaalplafond

b

a

Omschrijving

2024

2025

2025

2025

2025

 

V

3

Raad van Europa

287,4

  

287,4

 

287,4

VI

34

Garantieregeling forensische zorg

     

300,0

VIII

14

Indemniteitsregeling

132,1

452,0

252,2

331,9

 

450,0

IXB

2

Wet aansprakelijkheid kernongevallen (WAKO)

9.200,0

  

9.200,0

 

9.200,0

IXB

3

Financieringsmaatschappij voor ontwikkelingslanden (FMO)

15.401,6

 

1.784,6

13.617,0

 

13.617,0

IXB

3

Garantie TenneT

 

51.600,0

 

51.600,0

 

51.600,0

IXB

4

Security Action for Europe (SAFE)

 

15.286,8

 

15.286,8

 

15.286,8

IXB

4

Oekraïne Faciliteit

1.999,3

102,6

 

2.101,9

 

2.101,9

IXB

4

Macro-Financiële Bijstand - Ukraine Loan Cooperation Mechanism (MFB-ULCM)

3.416,0

78,0

1.649,4

1.844,6

 

1.844,6

IXB

4

Kredieten EU-betalingsbalanssteun (BoP-faciliteit)

3.870,1

204,0

 

4.074,1

 

4.074,1

IXB

4

Headroomgarantie macro-financiële bijstand (MFB)

1.089,2

57,3

 

1.146,5

 

1.146,5

IXB

4

Garantie Wereldbank - IBRD garantie kapitaal

5.825,7

 

674,8

5.150,9

 

5.150,9

IXB

4

Garantie Wereldbank - IBRD garantie Oekraïne

100,0

  

100,0

 

100,0

IXB

4

European Stability Mechanism (ESM)

35.338,9

  

35.338,9

 

35.338,9

IXB

4

European Investment Bank (EIB)

11.796,0

  

11.796,0

 

11.796,0

IXB

4

European Financial Stability Facility (EFSF)

34.154,2

  

34.154,2

 

34.154,2

IXB

4

European Financial Stabilisation Mechnism (EFSM)

2.690,6

118,9

161,8

2.647,7

 

2.647,7

IXB

4

European Bank for Reconstruction and Development (EBRD)

589,1

  

589,1

 

589,1

IXB

4

EIB - pan Europees Garantiefonds

953,5

 

28,5

925,0

 

925,0

IXB

4

DNB - deelneming in kapitaal IMF

34.454,2

 

2.034,5

32.419,7

 

32.419,7

IXB

4

Asian Infrastructure Investment Bank (AIIB)

794,1

 

92,0

702,1

 

702,1

IXB

4

Bilaterale garantie Macro-financiële bijstand (MFB)

215,4

  

215,4

 

215,4

IXB

4

Next Generation EU (NGEU)

27.176,2

3.703,5

1.572,5

29.307,2

 

29.307,2

IXB

4

Support to mitigate Unemployment Risks in an Emergency (SURE)

5.983,9

 

18,9

5.965,1

 

5.965,1

IXB

5

Exportkredietverzekering

17.540,6

3.370,9

6.225,4

14.686,1

10.000,0

 

XIII

2

Borgstelling MKB kredieten (BMKB)

1.166,5

291,1

365,8

1.091,8

758,9

 

XIII

2

Garantie Ondernemingsfinanciering (GO)

198,9

18,6

76,0

141,5

200,0

 

XIV

21

Borgstelling MKB-Landbouwkredieten

231,3

13,3

45,2

199,5

120,0

 

XIV

22

Garantie voor natuurgebieden en landschappen

223,1

 

18,7

204,4

 

204,4

XVI

2&3

Instellingen voor de gezondheidszorg

125,3

2,4

21,1

106,5

 

106,5

XVII

1

Garantie Dutch Good Growth Fund (DGGF)

108,2

8,4

9,6

106,9

 

675,0

XVII

5

Garanties Inter American Development Bank (IDB)

291,4

 

11,4

280,1

 

280,1

XVII

5

Garanties African Development Bank (AfDB)

2.354,9

 

77,8

2.277,1

 

2.277,1

XVII

5

Garanties Asian Development Bank (AsDB)

1.251,6

 

41,4

1.210,2

 

1.210,2

XXII

1

Herplaatsingsgarantie

24,3

82,6

 

106,9

 

783,0

  

Nationale garanties coronacrisis

46,6

 

34,5

12,1

 

3.087,5

  

Overig

674,9

103,2

165,0

613,0

85,3

1.073,1

  

Totaal

219.705,1

75.493,5

15.360,9

279.837,7

11.164,2

268.916,6

Tabel 8.2 bevat de uitgaven en ontvangsten behorende bij de door het Rijk verstrekte garanties in 2024 en 2025. Alleen garanties waarbij daadwerkelijke uitgaven en ontvangsten zijn gedaan, worden weergegeven in de tabel. De in de tabel getoonde uitgaven betreffen de schade-uitkeringen op afgegeven garanties. De in de tabel getoonde ontvangsten betreffen zowel ontvangen uit premies, provisies en dergelijke als op derden verhaalde (schade-)uitkeringen.

Tabel 8.2 Uitgaven en ontvangsten op de door het Rijk verstrekte garanties (in duizenden euro)
   

Uitgaven

Ontvangsten

Uitgaven

Ontvangsten

b

a

Omschrijving

2024

2024

2025

2025

VI

33

Garantiestelling Faillissementscuratoren dienst JUSTIS

2.216,0

 

2.523,0

 

IXB

1

Garantie procesrisico's

182,0

 

18,0

 

IXB

2

Terrorismeschades (NHT)

 

536,0

 

535,0

IXB

2

Wet aansprakelijkheid kernongevallen (WAKO)

 

108,0

 

1.726,0

IXB

3

Financieringsmaatschappij voor ontwikkelingslanden (FMO)

 

1.000,0

 

1.000,0

IXB

4

EIB - pan Europees Garantiefonds

17.941,0

 

28.493,0

 

IXB

4

EIB - kredietverlening in ACP en OCT

  

4.375,0

 

IXB

5

Exportkredietverzekering

128.838,0

131.159,0

109.035,0

180.963,0

IXB

5

Herverzekering leverancierskredieten

882,0

45,0

10.846,0

13.168,0

XIII

2

Klein Krediet Corona

1.182,0

85,0

392,0

53,0

XIII

2

Borgstelling MKB kredieten (BMKB)

16.830,0

16.950,0

13.078,0

18.083,0

XIII

2

Garantie Ondernemingsfinanciering (GO)

 

4.421,0

 

6.080,0

XIII

2

GO-Corona

 

1.012,0

 

123,0

XIII

2

Groeifaciliteit

8.615,0

2.067,0

2.481,0

1.724,0

XIII

2

BMKB-Corona

2.180,0

209,0

933,0

187,0

XIII

2

MKB-financiering

 

455,0

325,0

291,0

XIII

2

Microkredieten

 

337,0

 

282,0

XIV

21

Borgstelling MKB-Landbouwkredieten

210,0

737,0

 

616,0

XIV

22

Klimaatfonds groenfonds garantie

 

199,0

 

274,0

XVII

1

Garantie Dutch Good Growth Fund (DGGF)

 

13.997,0

 

18.559,0

XVII

1

Garantie Development Related Infrastructure Investment Vehicle (DRIVE)

   

711,0

XVII

1

Garantie Dutch Trade and Investment Fund (DTIF)

 

14.248,0

 

8.058,0

XVII

5

Garanties IS-NIO

 

1.581,0

 

1.117,0

XXII

1

Herplaatsingsgarantie

 

393.000,0

  
  

Totaal

179.076,0

582.146,0

172.499,0

253.550,0

Achterborgstellingen

Naast het risico uit garantieregelingen staat het Rijk ook indirect bloot aan risico’s uit achterborgstellingen. In die gevallen wordt de daadwerkelijke garantieverplichting niet afgegeven door het Rijk, maar door een daarvoor aangewezen tussenpersoon in de vorm van een stichting. In de begroting van het betreffende vakdepartement worden achterborgstellingen daarom niet als verplichting opgenomen. Het Rijk wordt pas aangesproken zodra de tussenpersoon niet aan haar verplichtingen kan voldoen. De achterborgstellingen zijn opgenomen in tabel 8.3.

Het risico uit de achterborgstellingen (in tabel 8.3) is niet één op één te vergelijken met het risico uit de garantieregelingen (in tabel 8.1), aangezien het risico over meerdere partijen wordt gespreid. Per achterborgstelling zijn er verschillende mogelijkheden om eventuele schade te dekken. Het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) beschikt over een fondsvermogen en kan daarnaast indien nodig obligo ophalen bij deelnemende woningcorporaties. Op het gecommitteerd obligo doet het WSW alleen een beroep wanneer dat noodzakelijk is om middelen in liquide vorm beschikbaar te hebben voortvloeiend uit het risicovermogen in relatie tot geborgde verplichtingen. Ook kunnen woningcorporaties in financiële problemen onder bepaalde voorwaarden een aanvraag doen voor saneringssteun. Saneringssteun wordt bekostigd via een heffing aan corporaties en deze middelen lopen via een risicovoorziening op de begroting van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Alle woningcorporaties zijn op basis van de wet verplicht om deze heffing te betalen. Financiële problemen bij corporaties worden in eerste instantie dus betaald door de corporatiesector zelf via het fondsvermogen WSW, obligo en de saneringsheffing. Pas daarna komen het Rijk en gemeenten in beeld via de achtervang. De achtervang is nog niet eerder aangesproken.

De Stichting Waarborgfonds Zorg (WFZ) kent een soortgelijke regeling. Ook hier wordt eerst het bufferkapitaal van de stichting aangesproken om schade te dekken. Daarna moeten de zorginstellingen met een door het WFZ geborgde lening een percentage (maximaal 3 procent van de uitstaande garanties van de deelnemende zorginstelling) van het leningenbedrag afdragen (obligo). Mocht dit onvoldoende zijn om de verplichtingen van het WFZ na te komen, dan kan het WFZ een beroep doen op het Rijk. Bij het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) geldt geen obligoverplichting. Hier dienen huizen van particulieren als onderpand, waardoor de schade zich beperkt tot eventuele restschulden na gedwongen verkoop. Het WEW teert bij verlies direct in op het bufferkapitaal. Het Nationaal Restauratiefonds (NRF) kent eveneens geen obligoverplichting. Het NRF doet pas een beroep op het Rijk wanneer het eigen vermogen is uitgeput. Dit is over de gehele looptijd nog nooit voorgekomen.

Daarnaast worden bij twee achterborgstellingen de risico’s gedeeld met gemeenten. Zo worden de verplichtingen die het WEW voor 1 januari 2011 is aangegaan voor 50 procent gedekt door gemeenten en voor 50 procent door het Rijk. Verplichtingen aangegaan na deze datum worden volledig door het Rijk gedekt. Bij het WSW wordt de gehele positie evenredig met gemeenten gedeeld.

Tabel 8.3 Achterborgstellingen van het Rijk (in miljoenen euro)
   

Geborgd vermogen

Verleend

Vervallen

Geborgd vermogen

Buffer kapitaal

Obligo

b

a

Omschrijving

2024

2025

2025

2025

2025

2025

VIII

14

Nationaal Restauratie Fonds (NRF)

408,8

59,0

56,8

411,0

82,0

N.v.t.

XVI

2

Waarborgfonds voor de Zorgsector (WFZ)

5.779,4

 

140,7

5.638,7

302,0

170,3

XXII

1

Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW)

213.517,0

37.519,0

19.564,0

231.472,0

1.810,0

N.v.t.

XXII

1

Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW)

94.937,0

9.582,0

3.755,0

100.765,0

631,0

2.615,0

  

Totaal

314.642,2

47.160,0

23.516,5

338.286,7

2.825,0

2.785,3

Leningen

We spreken van een lening als het Rijk middelen verstrekt aan een derde buiten het Rijk met een afgesproken aflossingsschema en rente. Is aan een van beide voorwaarden niet voldaan, dan is sprake van een uitgave. Ook leningen vormen een risico voor de Rijksbegroting, namelijk als de ontvanger van die lening niet in staat blijkt de lening (in zijn geheel) af te lossen of de rentevergoeding te betalen. In dat geval derft het Rijk inkomsten (niet-belastingontvangsten die geraamd zijn). Die derving belast het uitgavenkader. Bij leningen die zijn afgegeven in andere valuta is er ook een wisselkoersrisico voor het Rijk.

In tabel 8.4 staan de door het Rijk verstrekte leningen die classificeren als risicoregeling. Het bedrag aan uitstaande leningen is in 2025 met 20,5 miljard euro gedaald ten opzichte van 2024. Dit is bijna volledig toe te schrijven aan de daling van de lening aan TenneT met 19,4 miljard euro.

Tabel 8.4 Door het Rijk verstrekte leningen (in miljoenen euro)
  

Uitstaand risico

Uitstaand risico

Looptijd

b

Omschrijving

2024

2025

 

IV

Liquiditeitssteun Aruba

442,2

397,2

2043

IV

Liquiditeitssteun Curaçao

448,3

414,3

2043

IV

Liquiditeitssteun Sint-Maarten

155,3

140,4

2053

IXB

Lening Griekenland

2.391,1

1.579,6

2040

IXB

Lening TenneT

44.400,0

25.000,0

2042

IXB

Lening Oekraïne

200,0

200,0

2032

IXB

Lening Wereldbank IBRD

 

62,5

onbepaalde tijd

XIII

Invest-NL Capital N.V. SIF

64,8

 

2029

XIII

Corona overbruggingslening (COL-faciliteit) voor start-ups en scale-ups

230,8

103,7

2026

XIII

Lening Stichting Garantiefonds Reisgelden

138,7

77,1

2028

XIII

Steun aan IHC (voorheen Royal IHC)

5,0

5,0

onbepaalde tijd

 

Totaal

48.476,2

27.979,8

 
2

Voor de garantie aan TenneT is het Rijk in 2025 een voorwaardelijke verplichting aangegaan voor 51,6 miljard euro, gelijk aan het totaalplafond van de garantie. TenneT had ultimo 2025 15 miljard aan schulden uitstaan die onder deze garantie vielen.

9 VERTICALE TOELICHTING

De verticale toelichting toont voor ieder begrotinghoofdstuk de budgettaire veranderingen die zich hebben voorgedaan sinds de Miljoenennota 2025. De mutaties van de Miljoenennota tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

De verticale toelichting bestaat per begroting uit twee tabellen: uitgaven en ontvangsten. De tabellen kunnen de volgende posten bevatten:

  • 1. Meevallers

  • 2. Tegenvallers

  • 3. Intensiveringen

  • 4. Ombuigingen

  • 5. Generaal dossier

  • 6. Kasschuiven

  • 7. Overboekingen met andere begrotingen

  • 8. Kadercorrecties

  • 9. Technisch

  • 10. Niet-kaderrelevant

Algemene Zaken en De Koning

De Koning

I De Koning: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

59

Mutaties t/m Najaarsnota

2

  

Stand Najaarsnota

61

  

Meevallers

0

Meevallers

0

  

Tegenvallers

0

Tegenvallers

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

61

I De Koning: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

0

Mutaties t/m Najaarsnota

 
  

Stand Najaarsnota

0

  

Meevallers

0

Meevallers

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

0

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Deze mutatie betreft de realisatie van de doorbelaste uitgaven van het Kabinet van de Koning en de Rijksvoorlichtingsdienst (153 duizend euro), die iets lager uitvalt dan de raming in de ontwerpbegroting. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.

Tegenvallers

Conform de Wet financieel statuut Koninklijk Huis (WFSKH) is op basis van de CPI-ontwikkeling het materiële gedeelte van de B-component van de grondwettelijke uitkering van de leden van het Koninklijk Huis naar boven bijgesteld (30 duizend euro). In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Deze post betreft de terugstorting van de A-component van de grondwettelijke uitkering (inkomen) van de vermoedelijke troonopvolger (de Prinses van Oranje) die hoger uitvalt door afronding naar boven (duizend euro) in de eindafrekening. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.

Algemene zaken

III Algemene Zaken: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

101

Mutaties t/m Najaarsnota

17

  

Stand Najaarsnota

118

  

Meevallers

‒ 1

Rijksvoorlichtingsdienst (RVD)

0

Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten

‒ 1

Overige meevallers

0

  

Tegenvallers

2

Overschrijding apparaatsuitgaven

2

Overige tegenvallers

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

118

III Algemene Zaken: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

9

Mutaties t/m Najaarsnota

5

  

Stand Najaarsnota

13

  

Meevallers

1

Aanvullende meevaller Rijksvastgoedbedrijf

1

Overige meevallers

0

  

Technisch

0

Technisch

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

14

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Rijksvoorlichtingsdienst (RVD)

Bij de RVD is sprake van 296 duizend euro aan onderuitputting door projecten (bijvoorbeeld uit het werkprogramma van de Voorlichtingsraad (VoRa)) die achterlopen in de verwachte realisatie. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.

De Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten

Door vertraging bij het werven van personeel en lagere kosten dan verwacht voor tijdelijke extra huisvesting is sprake van aanvullende onderuitputting ten opzichte van de Najaarsnota 2025 van 542 duizend euro.

Overige meevallers

Dit betreft het saldo van overige meevallers. Bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) is sprake van circa 131 duizend euro onderuitputting doordat hier onder andere door wisselende bezetting geen organisatiebrede projecten zijn opgepakt. Daarnaast is sprake van een meevaller bij het Kabinet van de Koning van 93 duizend euro door vertraging bij het invullen van vacatures en een meevaller van 80 duizend euro bij de Toetsingscommissie Inzet Bevoegdheden (TIB) door wisselende bezetting. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.

Tegenvallers

Overschrijding apparaatsuitgaven

Op het apparaatsbudget is sprake van een overschrijding van circa 1,6 miljoen euro door noodzakelijke ICT investeringen ter vervanging van hardware.

Overige tegenvallers

De overige tegenvaller betreft een correctie van een afrondingsverschil. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Aanvullende meevaller Rijksvastgoedbedrijf

Op de ontvangsten is sprake van een aanvullende meevaller van 629 duizend euro. Dit komt door een hogere ontvangst van het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) dan geraamd bij Najaarsnota 2025 voor werkzaamheden aan een datacenter.

Technisch

Deze ontvangsten houden verband met doorbelastingen van de uitgaven van de Rijksvoorlichtingsdienst (RVD) aan Hoofdstuk I De Koning voor de uitgaven voor het Koninklijk Huis en het Kabinet van de Koning. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.

Buitenlandse Zaken (inclusief BHO)

Buitenlandse Zaken

V Buitenlandse zaken: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

12.262

Mutaties t/m Najaarsnota

948

  

Stand Najaarsnota

13.210

  

Meevallers

‒ 50

Meevallers

‒ 50

  

Tegenvallers

36

Apparaat

30

Overige tegenvallers

7

  

Generaal dossier

58

EU-afdrachten

58

  

Kadercorrecties

‒ 6

Kadercorrectie

‒ 6

  

Niet-kaderrelevant

‒ 32

Invoerrechten

188

Niet-militaire Oekraïnesteun

6

Oekraïnefaciliteit EU

‒ 60

Europese Vredesfaciliteit

‒ 167

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

13.215

V Buitenlandse zaken: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

3.654

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 1.116

  

Stand Najaarsnota

2.537

  

Meevallers

8

Meevallers

8

  

Tegenvallers

‒ 34

Tegenvallers

‒ 34

  

Generaal dossier

59

Perceptiekostenvergoeding

59

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

2.570

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Meevallers

Dit betreft een saldo van verschillende meevallers, waaronder 30,6 miljoen euro aan onderuitputting op de Europese Vredesfaciliteit (EPF). Het gaat hierbij om onderuitputting die is opgetreden in het kaderrelevante deel van het EPF. Daarnaast heeft er circa 3,3 miljoen euro aan onderuitputting opgetreden op de Nederlandse contributie aan VN-crisisbeheersingsoperaties.

Tegenvallers

Apparaat

De realisatie op het apparaatsbudget (artikel 7) valt 29,5 miljoen hoger uit dan eerder geraamd. Tegenvallers op het apparaatsbudget zijn het gevolg van de loonontwikkeling die voortvloeit uit de afspraken in het CAO Rijk en hogere uitgaven voor de informatiesystemen van de consulaire dienstverlening. Hierdoor kost het meer tijd om tegelijkertijd de ombuigingen op het apparaatsbudget te realiseren. Dit is ook gemeld in de Decemberbrief van BZ.

Overige tegenvallers

Dit betreft het saldo van verschillende tegenvallers onder andere op de consulaire dienstverlening aan Nederlanders in het buitenland.

Generaal dossier

EU-afdrachten

Het netto-effect op de EU-afdrachten betreft een onderuitputting van 1,9 miljoen euro. Een deel van deze middelen zijn echter niet-kaderrelevant, omdat dit de realisatie van de Oekraïnefaciliteit EU betreffen. In de verwerking leidt deze splitsing tot een hogere bni-afdracht van 57,6 miljoen euro dan waar rekening mee werd gehouden bij de 2e suppletoire begroting en een lagere niet-kaderrelevante EU-afdracht van 59,5 miljoen euro (zie Niet-kaderrelevant).

Kadercorrectie

Kadercorrectie

Een deel van de middelen uit het Mensenrechtenfonds, Stabiliteitsfonds en MATRA is ingezet voor Oekraïne. Om die reden zijn deze middelen omgelabeld als niet-kaderrelevant en is het kader hiervoor gecorrigeerd.

Niet-kaderrelevant

Invoerrechten

Dit betreft de realisatie van de invoerrechten. De realisatie op de invoerrechten valt 188,3 miljoen euro hoger uit dan ten tijde van de 2e suppletoire begroting werd geraamd.

Niet-militaire Oekraïnesteun

Een deel van de middelen uit het Mensenrechtenfonds, Stabiliteitsfonds en MATRA is ingezet voor Oekraïne. Zie ook de toelichting onder Kadercorrectie.

Oekraïnefaciliteit EU

Het netto-effect op de EU-afdrachten betreft een onderuitputting van 1,9 miljoen euro. Een deel van deze middelen zijn echter niet-kaderrelevant, omdat dit de realisatie van de Oekraïnefaciliteit EU betreffen. In de verwerking leidt deze splitsing tot een hogere bni-afdracht van 57,6 miljoen euro dan waar rekening mee werd gehouden bij de 2e suppletoire begroting en een lagere niet-kaderrelevante EU-afdracht van 59,5 miljoen euro (zie Niet-kaderrelevant).

Europese Vredesfaciliteit

Aanvullend op de 30,6 miljoen euro onderuitputting voor het kaderrelevante deel van de Europese Vredesfaciliteit (zie Meevallers), heeft er 167,1 miljoen euro onderuitputting op het niet-kaderrelevante deel plaatsgevonden. De reden hiervoor is de aanhoudende veto van Hongarije op deze middelen.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Meevallers

Dit betreft een saldo van verschillende meevallers. De hogere ontvangsten komen door hogere teruggave van programmamiddelen, zoals van het ANA Trust Fund van de NAVO.

Tegenvallers

Tegenvallers

Dit betreft een saldo van verschillende tegenvallers, dit komt voornamelijk door lagere verkoopopbrengsten op het huisvestingsbudget.

Generaal dossier

Perceptiekostenvergoeding

Dit betreft de realisatie van de perceptiekostenvergoeding. Deze vallen 58,5 miljoen euro hoger uit dan ten tijde van de 2e suppletoire begroting werd geraamd.

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp

XVII Buitenlandse handel en ontwikkelingshulp: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

3.598

Mutaties t/m Najaarsnota

141

  

Stand Najaarsnota

3.739

  

Meevallers

‒ 103

Realisatie BHO

‒ 103

  

Tegenvallers

144

Realisatie BHO

144

  

Niet-kaderrelevant

10

Oekraïne

10

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

3.790

XVII Buitenlandse handel en ontwikkelingshulp: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

53

Mutaties t/m Najaarsnota

14

  

Stand Najaarsnota

67

  

Meevallers

5

Realisatie BHO

5

  

Tegenvallers

‒ 7

Realisatie BHO

‒ 7

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

66

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Mee- en tegenvallers

Realisatie BHO

Er is per saldo een overschrijding op de begroting van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp (BHO). BHO plant elk jaar meer programma's of bijdragen dan waarvoor budget beschikbaar is, om te anticiperen op mogelijke vertragingen. Dit leidt in de praktijk tot een overschrijding van het budget. De overschrijding zal binnen de budgettaire systematiek van de HGIS gedekt worden. T.o.v. de Najaarsnota is er met name overuitputting op artikel 1.3, «Handel en economie voor ontwikkeling,» door hogere uitgaven dan verwacht voor infrastructuur subsidies en hogere financiële sector garanties en bijdragen; en op artikel 2.2, «Water.» Daarnaast houdt BHO een buffer aan op verdeelartikel 5.4 voor mutaties volgend uit macro-economische bijstellingen, asieltoerekening en overige fluctuaties binnen het ODA-budget. De stand in 2025 van artikel 5.4 wordt bij Slotwet afgeboekt.

Niet-kaderrelevant

Oekraïne

Er is op de begroting van BHO 10 miljoen euro meer uitgegeven ten behoeve van steun aan Oekraïne dan begroot. Dit betreft o.a. 5,7 miljoen euro aan uitgaven volgend uit het Ukraïne Partnership Facility (UPF). Daarnaast is er vanuit het budget voor water (artikel 2.2) 1 miljoen euro steun geleverd aan drinkwaterbedrijven in Oekraïne.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Mee- en tegenvallers

Realisatie BHO

Dit betreft een saldo van alle ontvangstenrealisaties. Er is onder andere een meevaller op de ontvangsten van het Dutch Good Growth Fund (DGGF) en een tegenvaller van 3,6 miljoen euro op ontvangsten van leningen vanwege lagere aflossingen dan begroot. Deze aflossingen zullen op een later moment volgen.

Ontvangsten NIO

Dit betreft de realisatie van de ontvangsten aan leningen uit de portefeuille van de Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden (NIO).

Justitie en Veiligheid

VI Justitie en Veiligheid: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

18.325

Mutaties t/m Najaarsnota

633

  

Stand Najaarsnota

18.958

  

Meevallers

‒ 172

Afrekeningen ketenpartners

‒ 2

Waarschuwings- en alarmeringspalen

‒ 3

Vertraging toegang tot het recht

‒ 3

Niet tot betaling komen diverse subsidies

‒ 3

Vertraging projecten en subsidieaanvragen

‒ 4

Realisatie flitspalen

‒ 4

Schadeloosstellingen

‒ 5

Toevoegingen rechtsbijstand

‒ 6

Externe inhuur

‒ 8

Politie

‒ 9

Vertraging aanpak ICT

‒ 9

Huisvestingskosten

‒ 14

Inburgering

‒ 17

Geoormerkte middelen politie en defensie

‒ 18

Vertraging aanname eigen personeel

‒ 20

Overige meevallers

‒ 48

  

Tegenvallers

97

Apparaatsuitgaven overig personeel

19

Personeel en versterking bedrijfsvoering

12

Verrekening Rijksdienst Caribisch Nederland

3

ICT Openbaar Ministerie

2

Tekort Justid

2

Hogere kosten Shared Service organisaties

2

Meer uitkeringen

2

Overige tegenvallers

54

  

Generaal dossier

‒ 3

Meevaller bewaken en beveiligen

‒ 3

Overig generaal dossier

0

  

Overboekingen met andere begrotingen

0

Overboekingen met andere begrotingen

0

  

Technisch

4

Desaldering inburgering

4

Overig technisch

0

  

Niet-kaderrelevant

‒ 13

Meevaller Internationaal Strafhof Oekraïne

‒ 13

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

18.872

VI Justitie en Veiligheid: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

1.650

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 42

  

Stand Najaarsnota

1.608

  

Meevallers

73

Inburgering

27

Teruggaven CJIB, RIECs en KvK

7

Meer aanvragen VOG en naamwijzigingen

5

Ontvangsten detachering

3

Overige meevallers

31

  

Tegenvallers

‒ 18

Griffierechtenontvangsten

‒ 2

Inruil motorvoertuigen

‒ 3

Overige tegenvallers

‒ 12

  

Generaal dossier

195

Meevaller strafbeschikkingen

115

Meevaller afpakraming

91

Tegenvaller boeteontvangsten

‒ 13

Overig generaal dossier

2

  

Technisch

4

Desaldering inburgering

4

Overig technisch

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

1.862

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers        

Afrekeningen ketenpartners     

De meevaller van 2,4 miljoen euro bestaat uit diverse mutaties. Het betreft onder meer de afrekening van het Duurzaam Digitaal Stelsel (DDS) met ketenpartners zoals het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB), de Hoge Raad (HR), Rechtspraak en de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI). Daarnaast is in dit bedrag de betaling van de eindfactuur voor het Netwerk Datakwaliteit opgenomen.

Waarschuwings- en alarmeringspalen toegang

Bij Najaarsnota 2025 is het budget voor de instandhouding van het Waarschuwings- en alarmeringspalen (WAS) verhoogd vanwege de verwachting dat dit jaar een extra bijdrage voor de instandhouding nodig zou zijn. In overleg met het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) is uiteindelijk besloten om deze bijdrage in 2026 te doen. Hierdoor is zowel op het uitgaven- als op het verplichtingenbudget onderuitputting van circa 2,8 miljoen euro.

Vertraging toegang tot het recht

Bij het regeerprogramma van het kabinet-Schoof zijn middelen beschikbaar gesteld voor het verbeteren van de toegang tot het recht. Dit bedrag was bestemd voor diverse activiteiten en subsidies. Door vertraging bij de voorbereiding en uitvoering hiervan is sprake van circa 2,8 miljoen euro aan onderuitputting.

Niet tot betaling komen diverse subsidies          

In 2025 is 2,9 miljoen euro minder tot betaling gekomen op subsidies zoals Nader Onderzoek DoodsOorzaak Volwassenen (NODOV) en Borging Forensische Geneeskunde, onder andere omdat de afrekening pas in 2027 en 2028 plaatsvindt.

Vertraging projecten en subsidieaanvragen

De meevaller van circa 3,6 miljoen euro wordt voornamelijk veroorzaakt door vertragingen en lagere kosten bij diverse projecten en subsidieaanvragen, onder andere op het gebied van rechtsbescherming, huiselijk geweld en kindermishandeling. Veel subsidietoekenningen zijn pas eind 2025 toegekend, waardoor in dat jaar slechts een beperkt voorschot is uitbetaald.

Realisatie flitspalen       

De meevaller van circa 3,7 miljoen euro komt doordat de realisatie van werkzaamheden aan de focusflitspalen later plaatsvindt dan oorspronkelijk gepland. Hierdoor wordt een deel van de facturatie verschoven naar 2026.

Schadeloosstellingen    

Bij Najaarsnota 2025 werd op het budget van schadeloosstellingen een tegenvaller van 32 miljoen euro geraamd. Uiteindelijk is deze tegenvaller 4,8 miljoen euro lager uitgevallen dan destijds geraamd.

Toevoegingen rechtsbijstand    

Bij Najaarsnota 2025 werd op het budget van toevoegingen rechtsbijstand een meevaller van 56 miljoen euro verwacht. Uiteindelijk is deze meevaller 6,3 miljoen euro hoger uitgevallen dan geraamd doordat minder toevoegingen zijn afgegeven op het terrein van asiel en civiel dan was geraamd.

Externe inhuur

De meevaller op het budget van apparaatsuitgaven van circa 7,7 miljoen euro voor externe inhuur bestaat uit meevallers bij diverse budgethouders. Dit wordt voornamelijk verklaard doordat er meer eigen personeel dan externe inhuur wordt ingezet of omdat de inhuur later is gestart dan verwacht.

Politie  

Bij de politie is per saldo sprake van een meevaller van circa 8,7 miljoen euro. Dit betreft middelen die niet meer tot betaling zijn gekomen bij de bijdragen voor de handhaving van het lachgasverbod opiumwet, voor de aanpak van drugscriminaliteit, voor buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA’s) en Meldpunt 144.

Vertraging aanpak ICT

Op het budget apparaatsuitgaven materieel ICT is sprake van circa 8,8 miljoen euro aan onderuitputting door vertraging in de aanschaf van software. De middelen die hiervoor gereserveerd waren in 2025 zijn hierdoor niet tot besteding gekomen.

Huisvestingskosten       

Door huisvestingskosten bij het Openbaar Ministerie (OM) die over de jaargrens heen vallen is sprake van een meevaller van circa 14,2 miljoen euro.

Inburgering       

Op het budget van inburgering is sprake van een meevaller van circa 17,2 miljoen euro door onder andere vertraging van inburgeringstrajecten, minder verstrekte leningen door DUO en lagere uitgaven door het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) voor taallessen en meedoenbalies.

Geoormerkte middelen politie en defensie        

Op het budget overige bijdrage aan medeoverheden is in 2025 sprake van onderuitputting van circa 17,8 miljoen euro. Dit houdt verband met het terugboeken van niet-bestede geoormerkte NAVO-middelen en van de politie en Defensie ontvangen middelen.

Vertraging aanname eigen personeel   

Het saldo op de apparaatsuitgaven voor eigen personeel laat een meevaller van circa 19,7 miljoen euro zien. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door vertragingen bij de aanstelling van eigen personeel en een aanhoudend tekort aan medewerkers.

Overige meevallers       

Dit betreft overige meevallers van ieder kleiner dan 2 miljoen euro. Een voorbeeld hiervan is een meevaller van 1,6 miljoen euro doordat het aantal definitief oninbare voorschotten dat aan slachtoffers is uitgekeerd lager is dan verwacht.

Tegenvallers     

Apparaatsuitgaven overig personeel

De tegenvaller op het budget van apparaatsuitgaven overig personeel wordt veroorzaakt door de uitvoeringskosten eigenrisicodrager voor de Ziektewet (ERD ZW) en Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA). Het totaal telt op tot circa 18,5 miljoen euro.

Personeel en versterking bedrijfsvoering            

Door meer verambtelijking van externe inhuur dan verwacht is er sprake van een tegenvaller van circa 12,1 miljoen euro. Daarnaast is er uitbreiding van capaciteit geweest voor de noodzakelijke versterking van de bedrijfsvoering.

Verrekening Rijksdienst Caribisch Nederland    

Vanwege de verrekening van de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) is er een tegenvaller van circa 3,2 miljoen euro.

ICT Openbaar Ministerie             

Er is sprake van een tegenvaller van circa 2,4 miljoen euro als gevolg van de ICT inbreuk bij het Openbaar Ministerie (OM). Er waren extra uitgaven benodigd om het beheer op niveau te houden en noodzakelijke vernieuwingen door te voeren. 

Tekort Justid     

Bij Najaarsnota 2025 is 0,8 miljoen euro als meevaller op dit budget geboekt, omdat werd verwacht dat het budget voor TRACK informatieverstrekking (TIV) en de Wet Open Overheid (WOO) niet volledig zou worden benut. Uiteindelijk zijn beide programma’s volledig uitgeput, waardoor nu een tekort van 2,3 miljoen euro op het budget voor Justid is.

Hogere kosten Shared Service organisaties        

De kosten van de Shared Service organisaties (SSO’s) vallen als gevolg van stijgende kosten hoger uit dan verwacht. Dit resulteert in een tegenvaller van 2,1 miljoen euro.

Meer uitkeringen

Door meer verstrekte uitkeringen bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven dan geraamd is een tegenvaller ontstaan van circa 2 miljoen euro.

Overige tegenvallers     

Dit betreft overige tegenvallers van ieder kleiner dan 2 miljoen euro. Een voorbeeld hiervan is een tegenvaller van circa 1,8 miljoen euro bij DJI vanwege een hoger aantal penitentiaire programma’s dan geraamd.

Generaal dossier            

Meevaller bewaken en beveiligen   

Er is sprake van een meevaller van circa 3 miljoen euro op het budget van Bewaken en Beveiligen.

Technisch          

Desaldering inburgering              

Bij de bijdrage aan medeoverheden was een overschrijding van 4,2 miljoen euro bij zowel uitgaven als verplichtingen. Bij de ontvangsten is sprake van een meerontvangst van ruim 8 miljoen euro. Bij de toekenning van de Specifieke Uitkering voor 2025 is rekening gehouden met een deel van deze ontvangsten. Deze ontvangsten zijn bij Najaarsnota 2025abusievelijk niet gedesaldeerd.

Niet-kaderrelevant        

Meevaller Internationaal Strafhof Oekraïne       

De middelen voor extra beveiliging van het Internationaal Strafhof Oekraïne zijn in 2025 niet volledig tot besteding gekomen. Daarnaast wordt de factuur over 2025 pas begin 2026 ontvangen. Hierdoor vallen deze kosten niet in 2025, maar in 2026. Dit leidt in 2025 tot een meevaller van 13,1 miljoen euro.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Inburgering       

Op het ontvangstenbudget van inburgering is sprake van een meevaller van circa 26,7 miljoen euro. Dit is het gevolg van terugbetalingen door gemeenten omdat minder trajecten zijn gestart dan verwacht. Ook zijn meer leningen terugbetaald en was er een niet geraamde afrekening over 2024 van activiteiten van COA voor voorinburgering.

Teruggaven CJIB, RIECs en KvK  

Als gevolg van een teruggave van 4,1 miljoen euro van het CJIB, een teruggave van 3,6 miljoen euro van de Regionale Informatie- en Expertisecentra (RIEC’s) en een ontvangst van 0,8 miljoen euro van de Kamer van Koophandel (afrekening van eerder verstrekte voorschotten) is sprake van een totale meevaller van circa 7,4 miljoen euro.

Meer aanvragen VOG en naamwijzigingen         

Door het hogere aantal aanvragen voor Verklaringen Omtrent het Gedrag (VOG) en naamwijzigingen zijn er meer leges ontvangen dan geraamd. Hierdoor is er sprake van een meevaller van 5,2 miljoen euro.

Ontvangsten detachering

Er zijn meer ontvangsten rondom gedetacheerd personeel dan begroot. Hierdoor is een meevaller van circa 2,7 miljoen euro.

Overige meevallers

Dit betreft overige meevallers van minder dan 2 miljoen euro. Een voorbeeld hiervan is een meevaller van 1,6 miljoen euro omdat het aantal definitief oninbare voorschotten dat aan slachtoffers is uitgekeerd lager is dan verwacht.

Tegenvallers

Griffierechtenontvangsten

De ontvangsten uit griffierechten zijn enigszins achtergebleven ten opzichte van de in 2025 herijkte raming. Dit komt met name door een lagere instroom van zaken waarvoor griffierechten verschuldigd zijn. Hierdoor is er een tegenvaller ontstaan van 2,4 miljoen euro.

Inruil motorvoertuigen

Bij het Openbaar Ministerie (OM) is sprake van een tegenvaller van 3,3 miljoen euro door lagere ontvangsten bij de inruil van motorvoertuigen omdat nu sprake is van een verplichte lease van dienstauto’s.

Overige tegenvallers

Dit betreft overige meevallers van veelal kleiner dan 2 miljoen euro. Het gaat bijvoorbeeld om een tegenvaller op diverse apparaatsontvangsten voor overig materieel, waarbij de mutaties optellen tot een bedrag van minder dan 2 miljoen euro.

Generaal dossier

Meevaller strafbeschikkingen

Deze meevaller van 115,2 miljoen euro komt voor uit ontvangsten die voortvloeien uit strafbeschikkingen wegens dividendbelastingontduiking.

Meevaller afpakraming

Bij Najaarsnota 2025 is de raming fors verlaagd door het op dat moment uitblijven van een of meerdere grote schikkingen. In december is een eenmalige grote buitengerechtelijke afdoening van circa 81 miljoen euro gerealiseerd. Daarom is sprake van een realisatie die circa 90,7 miljoen euro hoger is dan bij Najaarsnota 2025 werd verwacht.

Tegenvaller boeteontvangsten

De ontvangsten bij boetes en transacties zijn circa 13,1 miljoen euro lager uitgevallen doordat het aantal boetes lager is dan ingeschat.

Overig generaal dossier

Dit betreft overige diverse kleine boekingen op het generaal dossier.

Technisch

Desaldering inburgering              

Zie de gelijknamige post bij uitgaven.

Asiel en Migratie

XX Asiel en Migratie: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

9.481

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 1.808

  

Stand Najaarsnota

7.673

  

Meevallers

‒ 6

SPUK overlast

‒ 2

Overige meevallers

‒ 4

  

Tegenvallers

6

Verrekening HTL vervoer en beveiliging

3

Overige tegenvallers

3

  

Generaal dossier

‒ 46

Tegenvaller ICT AMIF project

4

Tegenvaller overschrijding SPUK

3

Meevaller Identificatie en Registratie Vreemdelingen

‒ 4

Meevaller Spreidingswetbonussen

‒ 5

Meevaller minder externe inhuur

‒ 6

Meevaller opvangkosten COA

‒ 8

Meevaller grenstoezicht

‒ 8

Meevaller Immigratie- en Naturalisatiedienst

‒ 21

Overig generaal dossier

0

  

Technisch

0

Technisch

0

  

Niet-kaderrelevant

‒ 16

Tegenvaller eindafrekeningen

3

Meevaller eindafrekeningen subsidies

‒ 5

Meevaller RMO

‒ 12

Overig niet-kaderrelevant

‒ 2

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

7.611

XX Asiel en Migratie: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

13

Mutaties t/m Najaarsnota

438

  

Stand Najaarsnota

451

  

Meevallers

1

Meevallers

1

  

Tegenvallers

‒ 2

ETIAS verordening

‒ 2

  

Generaal dossier

2

Meevaller afboeking ERRIN programma

2

Overig generaal dossier

0

  

Technisch

0

Technisch

0

  

Niet-kaderrelevant

11

Meevaller ontvangsten voorschot gemeenten

11

Overig niet-kaderrelevant

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

463

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

SPUK overlast  

Per saldo is een meevaller ontstaan van circa 2,3 miljoen euro bij de versterking van de vreemdelingenketen. Dit wordt veroorzaakt door lagere uitgaven dan verwacht bij de aanpak van overlastgevende asielzoekers en daarnaast doordat niet tijdig verrekening heeft plaatsgevonden met andere budgetten.

Overige meevallers       

Dit betreft het saldo van overige meevallers van iedere kleiner dan 1 miljoen euro. Zo is onder andere sprake van een aantal kleine meevallers op de voorschotten van subsidies aan onder andere VluchtelingenWerk Nederland (600 duizend euro) en de International Organization for Migration (200 duizend euro).

Tegenvallers     

Verrekening HTL vervoer en beveiliging

Als gevolg van een verrekening van de Handhaving Toezicht Locaties (HTL) vervoer en beveiliging is er sprake van een tegenvaller van circa 2,9 miljoen euro.

Overige tegenvallers

Dit betreft overige tegenvallers van iedere kleiner dan 1 miljoen. Een van de tegenvallers (600 duizend euro) is ontstaan op het budget voor Ketenvoorzieningen doordat een aantal verrekeningen abusievelijk niet hebben plaatsgevonden, hierdoor is een beperkte onderuitputting ontstaan op een aantal andere budgetten.

Generaal dossier            

Tegenvaller ICT AMIF project

Doordat de renovatie van een nieuw ICT-systeem is vertraagd, is het niet mogelijk gebleken om het project te kunnen financieren vanuit EU-gelden. Om de kans op een subsidie uit het Europese Asiel-, Migratie- en Integratiefonds (AMIF) te vergroten wordt de subsidieaanvraag voor het renoveren van het ICT-systeem in 2026 aangevraagd. Dit leidt tot een tegenvaller van circa 3,8 miljoen euro in 2025, dit wordt onder andere veroorzaakt vanwege het doorlopen van de onderhoudskosten van het oude ICT-systeem.

Tegenvaller overschrijding SPUK

Dit betreft een tegenvaller van circa 3,4 miljoen euro doordat op verschil-lende specifieke uitkeringen (o.a. doorstroomlocaties en overlast) omdat gemeenten meer kosten hebben gemaakt dan begroot en een deel van de kosten niet tijdig verrekend zijn met andere budgetten.

Meevaller Identificatie en Registratie Vreemdelingen   

Dit betreft een meevaller van circa 4 miljoen euro doordat de instroom lager is dan begroot. Hierdoor zijn minder taken met betrekking tot identificatie en registratie van vreemdelingen verricht.

Meevaller Spreidingswetbonussen        

Doordat in 2025 minder spreidingswetbonussen zijn uitgekeerd dan begroot is een meevaller ontstaan van circa 5,2 miljoen euro.

Meevaller minder externe inhuur         

Er is een meevaller van circa 6,1 miljoen euro ontstaan op externe inhuur doordat meer eigen personeel is ingezet.

Meevaller opvangkosten COA  

Dit betreft een meevaller van circa 8 miljoen euro, doordat de opvangkosten voor het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) lager zijn uitgevallen dan begroot.

Meevaller grenstoezicht

De middelen voor het Entry Exit System (EES) konden niet tijdig worden beschikt, waardoor een meevaller van circa 8,3 miljoen euro is ontstaan.

Meevaller Immigratie- en Naturalisatiedienst   

Door een lagere productie bij de IND dan begroot is de bijdrage aan de IND hierop aangepast. Dit leidt tot een meevaller van circa 21,4 miljoen euro.

Niet-kaderrelevant        

Tegenvaller eindafrekeningen

Na interne controles blijkt de afrekening van gemeenten voor de opvang van ontheemden anders uit te vallen dan bij Najaarsnota werd verwacht. Hierdoor ontstaat een tegenvaller van 2,5 miljoen euro.

Meevaller eindafrekeningen subsidies

Wegens latere eindafrekeningen is sprake van een meevaller van circa 5,2 miljoen euro. Dit komt onder andere door een latere afrekening van de subsidie aan VluchtelingenWerk (VWN) Nederland (circa 2 miljoen euro).

Meevaller RMO

Dit betreft een meevaller op de Regeling Medische zorg ontheemden uit Oekraïne (RMO) van circa 11,7 miljoen euro, vanwege lagere zorgkosten dan begroot, met name in de laatste maanden van 2025. Daarnaast viel de afrekening met externe partijen voor coördinatie en informatievoorziening lager uit dan begroot.

Overig niet-kaderrelevant          

Dit betreft het saldo van diverse mee- en tegenvallers. Zo is bijvoorbeeld sprake van onderbesteding op de externe inhuur van circa 1,1 miljoen euro.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Dit betreft een aantal meevallers van ieder kleiner dan 2 miljoen euro. Zo is onder andere sprake van een meevaller door een terugvordering als gevolg van een lagere vaststelling (circa 600 duizend) van de subsidie aan de International Organization for Migration (IOM).

Tegenvallers

ETIAS verordening

Er is sprake van een tegenvaller van circa 1,9 miljoen euro vanwege ingeboekte inkomsten voor verordening van het Europees reisinformatie- en -autorisatiesysteem (ETIAS). De ingangsdatum is uitgesteld waardoor er geen inkomsten zijn.

Generaal dossier

Meevaller afboeking ERRIN programma

Door afronding van een subsidieproject dat viel onder het European Regions Research and Innovation Network (ERRIN) is een meevaller van circa 2,4 miljoen euro.

Overig generaal dossier

Dit betreft kleine boekingen op het generaal dossier zoals een tegenvaller (circa 340 duizend euro) omdat de ramingsbijstelling op de ontvangsten niet volledig tot realisatie is gekomen.

Niet-kaderrelevant        

Meevaller ontvangsten voorschot gemeenten  

Dit betreft een meevaller van circa 10,8 miljoen euro doordat sommige gemeenten in 2024 een hoger voorschot hebben ontvangen dan de uiteindelijk verantwoorde kosten voor de opvang van ontheemden. Deze gemeenten hebben het teveel ontvangen voorschot in 2025 terugbetaald.

Overig niet-kaderrrelevant

Dit betreffen enkele kleine ontvangsten op het apparaat en de terugvordering van een subsidie waarvoor een te hoog voorschot was verstrekt.

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (inclusief Staten-Generaal, Hoge Colleges van Staat, Koninkrijksrelaties en BES-fonds)

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

VII Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

5.084

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 181

  

Stand Najaarsnota

4.903

  

Meevallers

‒ 483

Materiële uitgaven (apparaat)

‒ 13

Eigen personeel (apparaat)

‒ 17

Kwijtschelding publieke schulden herstel Toeslagen

‒ 17

Externe inhuur (apparaat)

‒ 22

Groningen

‒ 367

Overige meevallers

‒ 46

  

Tegenvallers

19

Tegenvallers

19

  

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 1

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 1

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

4.438

VII Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

1.772

Mutaties t/m Najaarsnota

120

  

Stand Najaarsnota

1.891

  

Meevallers

11

Meevallers

11

  

Tegenvallers

‒ 195

Rijksorganisatie voor Informatiehuishouding

‒ 22

Ontvangsten NAM NPG

‒ 25

Ontvangsten NAM

‒ 148

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

1.707

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025. Onderstaand zijn de posten met meer dan 10 miljoen over- en onderschrijding toegelicht.

Meevallers

Materiële uitgaven (apparaat)

De uitgaven aan ICT zijn ten opzichte van de 2e suppletoire begroting 2025 13 miljoen euro lager uitgevallen. De onderschrijding wordt voornamelijk veroorzaakt door lagere uitgaven voor de ICT van de Rijksorganisatie voor Informatiehuishouding (RvIHH).

Eigen personeel (apparaat)

De uitgaven aan eigen personeel zijn ten opzichte van de 2e suppletoire begroting 2025 17 miljoen euro lager uitgevallen. De onderuitputting wordt veroorzaakt doordat niet alle openstaande vacatures ingevuld konden worden.

Kwijtschelding publieke schulden herstel Toeslagen

Waterschappen en gemeenten schelden (belasting)schulden van gedupeerden van de Kinderopvangtoeslagaffaire kwijt. Het Rijk compenseert deze kwijtschelding. Compensatie vindt plaats op basis van nacalculatie (werkelijke kosten). Er is sprake van onderuitputting van 17 miljoen euro doordat de uitgaven en de inkomstenderving als gevolg van de kwijtschelding bij gemeenten en waterschappen lager uitvielen dan begroot.

Externe inhuur (apparaat)

De onderschrijding bij de uitgaven aan externe inhuur van 22 miljoen euro is voornamelijk toe te schrijven aan de NCG. Er is in 2025 minder ingehuurd dan bij de 1e suppletoire begroting 2025 verwacht.

Groningen

Op het begrotingsartikel Een veilig Groningen met perspectief is in totaal 367 miljoen euro minder uitgegeven dan begroot bij de Najaarsnota. Dit ziet met name op de schadeafhandeling en de versterkingsoperatie. Het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) heeft 35 miljoen euro minder uitgegeven aan vergoedingen voor fysieke schade dan begroot. Er zijn meer aanvragen afgehandeld dan geraamd, maar de gemiddelde schadevergoeding is lager dan vooraf ingeschat. De uitgaven voor de versterkingsoperatie zijn moeilijk te voorspellen, waardoor het budget lastig te plannen is. Er zijn minder reguliere versterkingsuitgaven gedaan waardoor de realisatie voor de versterkingsopdrachten circa 100 miljoen euro lager uitvalt dan eerder begroot. Ook bij diverse andere regelingen is minder uitgegeven dan eerder geraamd, zoals bij duurzaam herstel (37 miljoen euro) en de Meerjarige regeling‘leefbaarheid en wijkontwikkeling’ en ‘clustering en gebiedsfonds’ (27 miljoen euro).

Overige meevallers

Dit betreffen diverse kleinere meevallers van minder dan 10 miljoen euro. De grootste posten betreffen lagere bijdragen aan Logius vanwege het ontbreken van verantwoordingen en minder uitgaven aan de doorontwikkeling Rijksbrede ICT-voorziening.

Tegenvallers

Overige tegenvallers

Dit betreffen diverse kleinere tegenvallers van minder dan 10 miljoen euro. Hierin zit onder andere een overschrijding van bijdragen aan ICTU.

Overboekingen met andere begrotingen

Dit betreft twee overboekingen waarvan de grootste een overheveling naar het BTW-compensatiefonds is.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Overige meevallers

Dit betreffen diverse kleinere meevallers. De grootste posten hebben betrekking op het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) en veiligheidsonderzoeken.

Tegenvallers

Rijksorganisatie voor informatiehuishouding

Zowel de ontvangsten als de uitgaven van de Rijksorganisatie voor informatiehuishouding (RvIHH) waren lager dan begroot.

Ontvangsten NAM NPG

De NAM heeft aangegeven de bijdrage aan het Nationaal programma Groningen niet meer te voldoen. Hierdoor zijn er minder ontvangsten binnengekomen op de bijdrage NAM Nationaal Programma Groningen dan eerder begroot.

Ontvangsten NAM

De gerealiseerde ontvangsten van de NAM voor schade en versterken worden bij slotwet bijgesteld op basis van de realisatiegegevens van de uitvoerders IMG en NCG. Er zijn minder ontvangsten voor schade en versterken, omdat er minder uitgaven tegenover hebben gestaan.

Staten-Generaal

IIA Staten-Generaal: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

267

Mutaties t/m Najaarsnota

25

  

Stand Najaarsnota

291

  

Meevallers

‒ 14

Apparaat Tweede Kamer

‒ 11

Overige meevallers

‒ 3

  

Tegenvallers

1

Tegenvallers

1

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

279

IIA Staten-Generaal: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

4

Mutaties t/m Najaarsnota

11

  

Stand Najaarsnota

15

  

Meevallers

2

Meevallers

2

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

17

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Apparaat Tweede Kamer

Deze onderbesteding van 11 miljoen euro is grotendeels het gevolg van vertragingen in de uitvoering van diverse investerings- en aanbestedingstrajecten. Bij de Dienst Automatisering is een aantal investeringsprojecten doorgeschoven naar 2026, omdat het binnen de beschikbare capaciteit en de geldende aanbestedingsprocedures niet mogelijk bleek om deze projecten eerder te starten. Ook de geplande investering in scanstraten is, als gevolg van aanbestedingsgerelateerde knelpunten, doorgeschoven naar 2026. 

Overige meevallers

Dit betreft de som van diverse kleinere meevallers van minder dan 1 miljoen euro.

Tegenvallers

Dit betreft de som van diverse kleinere tegenvallers van minder dan 1 miljoen euro.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Dit betreft de som van diverse kleinere meevallers van minder dan 1 miljoen euro.

Overige Hoge Colleges van Staat

IIB Overige Hoge Colleges van Staat: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

192

Mutaties t/m Najaarsnota

17

  

Stand Najaarsnota

209

  

Meevallers

‒ 20

De Nationale Ombudsman

‒ 4

Bestuursrechtspraak Raad van State

‒ 5

Kiesraad

‒ 5

Overige meevallers

‒ 7

  

Tegenvallers

14

Tegenvallers

14

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

202

IIB Overige Hoge Colleges van Staat: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

6

Mutaties t/m Najaarsnota

1

  

Stand Najaarsnota

7

  

Meevallers

5

Kiesraad

3

Overige meevallers

2

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

12

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Bestuursrechtspraak Raad van State

De Raad van State heeft zich in 2025 ingespannen om meer juristen te werven. Desondanks heeft dit in 2025 niet tot volledige uitputting van het budget geleid.

Overige meevallers

Dit betreft de som van diverse kleinere meevallers van minder dan 1 miljoen euro.

Tegenvallers

Dit betreft de som van diverse kleinere tegenvallers van minder dan 1 miljoen euro.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Kiesraad

Zoals in de veegbrief van 15 december 2025 (Kamerstuk 36.800-VII, nr. 17) vermeld heeft de rechtbank in september 2025 uitspraak gedaan in de bodemprocedure die de Kiesraad aanhangig had gemaakt. De Kiesraad wordt in de uitspraak van de rechtbank in het gelijkgesteld. Tevens blijkt uit dit vonnis dat de leverancier het vooruitbetaalde voorschot dient terug te storten. Hierdoor heeft de Kiesraad circa 3 miljoen euro meer aan ontvangsten dan geraamd.

Overige meevallers

Dit betreft de som van diverse kleinere meevallers van minder dan 1 miljoen euro.

Koninkrijksrelaties

IV Koninkrijksrelaties: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

263

Mutaties t/m Najaarsnota

8

  

Stand Najaarsnota

271

  

Meevallers

‒ 18

BMKB middelen

‒ 1

Niet aangekocht pand Vertegenwoordiging op Curaçao (VNACS)

‒ 2

Materiële uitgaven uitvoeringsorganisaties SSO CN

‒ 3

Opdrachten Caribisch Nederland

‒ 4

Overige meevallers

‒ 8

  

Tegenvallers

5

Tegenvallers

5

  

Generaal dossier

‒ 9

Wisselkoers

‒ 9

  

Niet-kaderrelevant

‒ 16

Lopende inschrijving en leningen Curaçao en Sint Maarten

‒ 17

Overig niet-kaderrelevant

1

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

232

IV Koninkrijksrelaties: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

205

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 94

  

Stand Najaarsnota

111

  

Meevallers

54

Rente op lening Sint Maarten en Aruba

54

  

Tegenvallers

‒ 2

SSO CN

‒ 3

Overige tegenvallers

0

  

Niet-kaderrelevant

38

Renteontvangsten Curacao

110

Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen

‒ 72

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

201

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

BMKB middelen

De risicoreserve voor de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) is per abuis niet in de begrotingsreserve gestort. Dit betreft 1 miljoen euro.

Niet aangekocht pand Vertegenwoordiging op Curaçao (VNACS)

Deze onderuitputting van 2 miljoen euro is ontstaan doordat het pand waarin de Vertegenwoordiging op Curaçao (VNACS) is gehuisvest, niet in 2025 is aangekocht.

Materiële uitgaven uitvoeringsorganisaties SSO CN

De onderuitputting van 3 miljoen euro wordt deels veroorzaakt doordat personele kosten en materiële kosten in de laatste maanden van het jaar verder uit elkaar liepen dan geraamd. Daarnaast hebben er enkele trajecten vertraging opgelopen.

Opdrachten Caribisch Nederland

Er zijn minder opdrachten, subsidies en bijdragen verstrekt dan verwacht in 2025. Het gaat om een bedrag van 4 miljoen euro. Dit komt omdat enkele trajecten vertraging hebben opgelopen.

Overige meevallers

Dit betreft de som van enkele mutaties met een beperkte omvang, zoals vertraging in de uitvoering van opdrachten en subsidies bij de Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) en de lagere kosten van uitzendingen naar het Caribisch gebied ter versterking van de rechterlijke macht bij de openbaar ministeries en het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.

Tegenvallers

Dit betreft de som van enkele mutaties met een beperkte omvang, zoals hoger uitgevallen bijdragen aan Caribisch nederland en een hogere afdracht aan de Koninklijke Marechaussee.

Generaal dossier

Wisselkoers

Dit betreft een meevaller op de wisselkoers van 9 miljoen euro.

Niet-kaderrelevant

Lopende inschrijving en leningen Curaçao en Sint Maarten

De lening die Nederland heeft verstrekt aan Curaçao, op basis van de in de Rijkswet financieel toezicht opgenomen zogenaamde lopende inschrijving, ter financiering van investeringen, is lager uitgevallen dan bij 2e suppletoire begroting 2025 werd verwacht. De bijstelling betreft 17 miljoen euro.

Overig niet-kaderrelevant

Dit betreft de som van enkele mutaties met een beperkte omvang.

Ontvangsten

Meevallers

Rente op lening Sint Maarten en Aruba

Per abuis zijn de renteontvangsten van Sint Maarten en Aruba niet juist geraamd. Dit leidt tot een meevaller van 54 miljoen euro.

Tegenvallers

SSO CN

De ontvangsten van SSO CN zijn 3 miljoen euro lager dan initieel geraamd doordat enkele ontvangsten niet in 2025 gerealiseerd zijn.

Overige tegenvallers

De ontvangsten zijn 0,3 miljoen euro lager gerealiseerd dan begroot.

Niet-kaderrelevant

Renteontvangsten Curacao

Per abuis zijn de renteontvangsten van Curaçao niet juist geraamd. Daarnaast heeft Curaçao incidenteel extra afgelost op de leningen. Om deze reden worden de ontvangsten in 2025 met circa 110 miljoen euro verhoogd.

Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen

De daadwerkelijk gerealiseerde ontvangsten bedragen in totaal 72 miljoen euro.

BES-fonds

BES-fonds: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

89

Mutaties t/m Najaarsnota

10

  

Stand Najaarsnota

99

  

Meevallers

‒ 5

Wisselkoers

‒ 5

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

94

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Wisselkoers

De onderschrijding op de uitgaven wordt veroorzaakt door een meevaller op de wisselkoers van circa 5 miljoen euro. 

Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

XXII Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

9.387

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 222

  

Stand Najaarsnota

9.165

  

Meevallers

‒ 377

Ouderenhuisvesting

‒ 9

Opschalen woningbouw

‒ 10

Stimuleringsregeling Flex- en Transformatiewoningen (SFT)

‒ 10

Grootschalige Rijksprojecten

‒ 12

Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH)

‒ 22

Woningbouwimpuls

‒ 64

Huurtoeslag

‒ 123

Overige meevallers

‒ 127

  

Tegenvallers

8

Tegenvallers

8

  

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 17

Afdrachten BTW-compensatiefonds

‒ 17

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

8.780

XXII Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

484

Mutaties t/m Najaarsnota

315

  

Stand Najaarsnota

798

  

Meevallers

42

Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit

23

Woningmarkt (flexwoningen)

19

  

Tegenvallers

‒ 40

Vertraagde plaatsing flexwoningen

‒ 5

Afrekening Rijksvastgoedbedrijf

‒ 33

Overige tegenvallers

‒ 1

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

801

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

De onderstaande meevallers geven substantiële onderuitputting (circa 10 miljoen euro of meer) op de verschillende begrotingsreeksen weer. De tabel is exclusief onderuitputting die al bij de Najaarsnota 2025 is afgeboekt.

Ouderenhuisvesting

De Stimuleringsregeling ontmoetingsruimten in ouderenhuisvesting (SOO) heeft circa 9 miljoen euro aan onderuitputting omdat het aantal omgevingsvergunningen lager is dan vooraf ingeschat. Dit komt doordat het lastig blijkt voor de aanvragers om vergunningen tijdig te regelen vanwege aangescherpte wet- en regelgeving en lokaal draagvlak. De betaling van het voorschot vindt plaats nadat de omgevingsvergunning of een tweezijdig ondertekende overeenkomst wordt aangeleverd.

Opschalen woningbouw

Er zijn minder subsidies aangevraagd en toegekend op het gebied van industrieel bouwen of innovatie in de bouw dan vooraf was ingeschat (circa 10 miljoen euro).

Stimuleringsregeling Flex- en Transformatiewoningen (SFT)

Er is 10 miljoen euro minder uitgegeven aan de SFT doordat het aantal aanvragen en plaatsingen van deze woningen achter bleef bij het beschikbare budget. De vraag bleef achter omdat het lastig blijkt voor gemeenten om de businesscase voor met name flexwoningen rond te krijgen en door gebrek aan lokaal draagvlak.

Grootschalige Rijksprojecten

Het Rijksvastgoedbedrijf is in 2024 gestart met Fase 1 van het grootschalige woningbouwproject Zuiderhage in Lelystad. Door vertraging binnen het project, is er in 2025 circa 12 miljoen euro minder aan uitgaven gerealiseerd dan geraamd.

Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH)

RVO heeft de nieuwe openstelling eind november niet op tijd kunnen afhandelen en toekennen (circa 18 miljoen euro). Daarnaast is 3,2 miljoen euro aan eerdere aanvragen niet meer vastgesteld. Deze zijn uitgesteld en worden volgend jaar vastgesteld en betaald.

Woningbouwimpuls (WBI)

Voor de regeling Woningbouwimpuls (WBI) zijn er voor ca. 64 miljoen euro minder middelen aangevraagd dan er eerder is geraamd. Dit komt onder andere omdat er tegelijkertijd andere regelingen konden worden aangevraagd (bijvoorbeeld de Woningbouw op Korte Termijn regeling) en de opening van het WBI loket in het zomerreces viel. Bij het debat over de Najaarsnota 2025 is amendement Flach (36 850 XXII, nr. 8) aangenomen dat verzoekt om de onderuitputting op de woningbouwimpuls (57 miljoen euro) beschikbaar te houden voor de WBI in 2026.

Huurtoeslag

De onderuitputting op de uitgaven aan de huurtoeslag (123 miljoen euro) komt voornamelijk doordat de inkomensontwikkeling voor bovenminimale inkomens hoger was dan verwacht.

Overige meevallers

Dit betreffen diverse posten met onderuitputting van minder dan 10 miljoen euro, waaronder minder uitgaven aan het Nationale Isolatie Programma (Lokale aanpak woningisolatie, circa 8 miljoen euro), het gebiedsbudget regio Eindhoven (circa 6 miljoen euro) en aan de Renovatieversneller (circa 6 miljoen euro).

Tegenvallers

Dit betreffen verschillende tegenvallers op de uitgaven van minder dan 10 miljoen euro.

Overboekingen met andere begrotingen

Diverse afdrachten BTW-compensatiefonds

Aan het einde van 2025 heeft VRO verschillende afdrachten aan het BTW-compensatiefonds gedaan (in totaal 17 miljoen euro). De grootste afdracht is voor Regiodeals (9,8 miljoen euro).

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Energietransitie gebouwde omgeving

Vanuit diverse regelingen is er totaal €23,3 mln. meer ontvangen dan geraamd. Dit zijn voornamelijk ontvangsten als gevolg van lagere subsidievaststellingen.

Woningmarkt (flexwoningen)

Deze post betreft een betaling vanuit het Rijksvastgoedbedrijf voor de verrekening van de opbrengst van de verkochte flexwoningen in 2025 (circa 19 miljoen euro).

Tegenvallers

Vertraagde plaatsing flexwoningen

Er zijn voor circa 5 miljoen euro minder aan ontvangsten gerealiseerd dan in de tweede suppletoire begroting is geprognosticeerd. Dit komt door de vertraagde plaatsing van de door het Rijksvastgoedbedrijf ingekochte flexwoningen.

Afrekening Rijksvastgoedbedrijf

Een deel van de ontvangsten van de definitieve afrekening van 2024 van de bevoorschotting aan het RVB, die bij de eerste suppletoire begroting 2025 zijn opgeboekt, is niet ontvangen. Deze ontvangsten vinden plaats in 2026 (circa 33 miljoen euro).

Overige tegenvallers

Dit betreffen verschillende tegenvallers op de ontvangsten van minder dan 10 miljoen euro.

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

VIII Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

57.597

Mutaties t/m Najaarsnota

2.212

  

Stand Najaarsnota

59.808

  

Meevallers

‒ 306

Subsidies arbeidsmarkt en personeelsbeleid

‒ 8

Opdrachten funderend onderwijs

‒ 8

Apparaat

‒ 15

Onderwijshuisvesting Caribisch Nederland (CN)

‒ 15

Subsidies Funderend Onderwijs

‒ 18

Regionaal Programma mbo

‒ 31

Nationaal Groeifonds (NGF)

‒ 32

Maatschappelijke diensttijd

‒ 33

Studiefinanciering

‒ 45

Bekostiging primair onderwijs

‒ 64

Overige meevallers

‒ 37

  

Tegenvallers

12

Bekostiging voortgezet onderwijs

8

Overige tegenvallers

5

  

Technisch

7

Technisch

7

  

Niet-kaderrelevant

10

Studiefinanciering niet-kaderrelevant

20

Studiefinanciering niet-saldorelevant

‒ 10

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

59.532

VIII Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

2.274

Mutaties t/m Najaarsnota

1.084

  

Stand Najaarsnota

3.358

  

Meevallers

35

Samenwerkingsverbanden primair onderwijs

16

COVID-middelen

6

Subsidies arbeidsmarkt en personeelsbeleid

6

Overige meevallers

8

  

Tegenvallers

‒ 21

Lesgeld

‒ 8

Subsidieregeling Instandhouding Monumenten

‒ 11

Overige tegenvallers

‒ 2

  

Generaal dossier

9

Rente studieleningen

9

  

Technisch

7

Technisch

7

  

Niet-kaderrelevant

‒ 20

Studiefinanciering niet-saldorelevant

‒ 20

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

3.368

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Subsidies arbeidsmarkt en personeelsbeleid

De meevaller op Subsidies arbeidsmarkt en personeelsbeleid wordt veroorzaakt doordat bij de zij-instroom (4,5 miljoen euro) en lerarenbeurs (3,4 miljoen euro) minder aanvragen zijn gedaan dan begroot.

Opdrachten funderend onderwijs

De meevaller op opdrachten funderend onderwijs wordt voornamelijk veroorzaakt door vertraagde trajecten, onder andere bij het verbeteren van basisvaardigheden en het verminderen van schoolverzuim. De meevaller bestaat uit 3,7 miljoen euro in het primair onderwijs en 4,4 miljoen euro in het voortgezet onderwijs.

Apparaat

De meevaller op apparaat van 15,1 miljoen euro is een optelsom van met name overschotten bij verschillende directies en dienstonderdelen. Deze overschotten worden deels veroorzaakt doordat vacatures (met name op het terrein van de expertisegebieden, zoals inspecteurs, veiligheid en ICT) moeilijk of niet te vervullen zijn of niet worden ingevuld vanwege de taakstelling op de apparaatsbudgetten van het kabinet Schoof.

Onderwijshuisvesting Caribisch Nederland (CN)

Door vertraging in de renovatie van onderwijshuisvesting in CN komt 14,6 miljoen euro niet tot besteding in 2025. Deze vertraging is het gevolg van onder andere prijsstijgingen en beschikbaarheid van bouwmaterialen.

Subsidies Funderend Onderwijs

De meevaller van 17,7 miljoen euro wordt gedeeltelijk verklaard door minder benodigde subsidie voor Kennisnet en de stichting Nederlands Onderwijs in het Buitenland. Daarnaast was er vertraging van trajecten zoals de invoering van een nieuw curriculum en het wetsvoorstel Onderwijs aan Zieke Leerlingen. De vertraging van de invoering van het nieuwe curriculum is het gevolg van de motie Soepboer C.S. om het aantal kerndoelen terug te brengen.

Regionaal Programma mbo

Door uitstel van het wetsvoorstel School naar Duurzaam werk zijn 30,6 miljoen euro voor het Regionaal Programma voor mbo-scholen in 2025 niet besteed.

Nationaal Groeifonds (NGF)

Op verschillende NGF-projecten is in totaal 32 miljoen euro van het subsidie-budget in 2025 niet besteed. Het gaat onder andere om 14,8 miljoen euro bij NGF-project LLO Katalysator, 4,2 miljoen euro bij NGF-project Digitale Impuls (Npuls), 3,9 miljoen euro bij NGF-project Techkwadraat en 3,2 miljoen euro bij NGF-project Ontwikkelkracht.  Voor de projecten onder Npuls en LLO Katalysator geldt dat de subsidieaanvragen later dan verwacht zijn ontvangen.

Maatschappelijke diensttijd

Op de Maatschappelijke Diensttijd is in totaal 32,9 miljoen euro onderuitputting. Dit komt voor 20,7 miljoen euro doordat enkele betalingen niet meer voor het einde van het jaar konden worden afgerond en voor 11,9 miljoen euro doordat niet alle subsidieaanvragen voldeden aan de voorwaarden. Bij de Najaarsnota 2025 is eerder een tegenvaller van 5 miljoen euro gemeld omdat een aantal aanvragen, na bezwaar, alsnog moest worden toegekend.

Studiefinanciering

Er zijn verschillende bijstellingen gedaan in het budget studiefinanciering die optellen tot een meevaller van 45,1 miljoen euro. Zo is het budget voor de basisbeurs gift met 21,5 miljoen euro verlaagd. Dit is een gevolg van lager dan verwachte realisaties. Ook is het budget voor de aanvullende beurs gift met 4,1 miljoen euro naar beneden bijgesteld. Dit komt door lagere realisaties dan verwacht. Daarnaast is er meer tijd nodig geweest voor DUO om de organisatie op te zetten voor de hersteloperatie uitwonendenbeurs. Hierdoor wordt er 8,3 miljoen euro minder uitgegeven dan geraamd. Tot slot is er onderuitputting op de compensatie kinderopvangtoeslag van 11,3 miljoen euro. De uitvoering van de hersteloperatie duurt langer dan gedacht, waardoor de kwijtschelding van DUO-schulden bij gedupeerden later in de tijd plaatsvindt.

Bekostiging primair onderwijs

Op de bekostiging van het primair onderwijs treedt een meevaller op van in totaal 64 miljoen euro. Deze meevaller wordt allereerst veroorzaakt door een lager dan geraamde prijsontwikkeling (31,1 miljoen euro). Daarnaast zijn er minder leerlingen dan verwacht. Dit resulteert in een verlaging van 14,7 miljoen euro op de aanvullende bekostiging voor nieuwkomers en een verlaging van 24,3 miljoen euro op bekostiging voor zware ondersteuning. Tot slot leidt een hoger aantal nieuwe scholen dan begroot tot een tegenvaller van 9,2 miljoen euro.

Overige meevallers

De overige 37,4 miljoen euro aan meevallers bestaat uit een groot aantal kleinere posten, waaronder de bijdrage aan het College voor Toetsen en Examens (4,0 miljoen euro), de subsidieregeling Nationale Coördinatie (3,0 miljoen euro) en de bekostiging voor archieven (2,0 miljoen euro).

Tegenvallers

Bekostiging voortgezet onderwijs

Op de bekostiging voor het voortgezet onderwijs treedt per saldo een tegenvaller van 8 miljoen euro op. Oorzaken zijn hogere kosten voor startende scholen (10,5 miljoen euro), meer nieuwkomers (5,5 miljoen euro) en extra uitgaven op de bekostiging voor geïsoleerde vestigingen en vestigingen met een breed onderwijsaanbod. Deze tegenvaller wordt deels gecompenseerd door een meevaller van 15 miljoen euro door minder reguliere leerlingen dan verwacht.

Overige tegenvallers

De overige 4,6 miljoen euro aan tegenvallers bestaat uit een groot aantal kleinere posten, waaronder de subsidie aan de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (1,7 miljoen euro) en de opdrachten onder het Fonds onderzoek en wetenschap (1,1 miljoen euro).

Technisch

Technisch

Op basis van de Indemniteitsregeling moet OCW schade vergoeden die is ontstaan door de kunstroof uit het Drents Museum. Voor deze schadevergoeding van 5,7 miljoen euro wordt de begrotingsreserve voor de indemniteit aangesproken. Deze reserve is onderdeel van het Museaal Aankoopfonds. De overige 1,1 miljoen euro aan technische mutaties bestaat uit een desaldering van een terugbetaalde subsidie op het NGF-project LLO-Katalysator (1,0 miljoen euro) en een desaldering ten behoeve van de begrotingsreserve achterborgstelling Nationaal Restauratiefonds (NRF) (0,1 miljoen euro).

Niet-kaderrelevant

Studiefinanciering niet-kaderrelevant

Op de budgetten voor de studiefinanciering hebben zich verschillende niet-kaderrelevante ontwikkelingen voorgedaan die optellen tot  een tegenvaller van 20,3 miljoen euro. Een tegenvaller van 48,5 miljoen euro wordt veroorzaakt doordat er meer uitgaven voor de basisbeurs prestatiebeurs zijn gerealiseerd dan geraamd (32 miljoen euro) en minder naar gift is omgezet dan geraamd (18,5 miljoen euro). Tegelijkertijd is er een meevaller van 28,5 miljoen euro, door een neerwaartse bijstelling op de uitgaven aan de aanvullende beurs prestatiebeurs en niet relevante reisvoorziening.

Studiefinanciering niet-saldorelevant

De niet-saldorelevante uitgaven zijn met 9,9 miljoen euro naar beneden bijgesteld. Dit komt voornamelijk doordat de niet-saldorelevante overige uitgaven met 6,7 miljoen euro naar beneden zijn bijgesteld en de niet-relevante uitgaven op het collegegeldkrediet met 2,3 miljoen euro naar beneden zijn bijgesteld. De reden hiervoor is onder andere dat er in 2024 minder is geleend dan geraamd.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Samenwerkingsverbanden primair onderwijs

Door een gerechtelijke uitspraak is een eerdere generieke korting op de samenwerkingsverbanden teruggedraaid. Hierdoor is ook de bijbehorende compensatie van 15,8 miljoen euro die aan de samenwerkingsverbanden was uitgekeerd teruggedraaid. Omdat deze in een eerder begrotingsjaar was uitgekeerd, komt deze als ontvangst binnen op de begroting.

COVID-middelen

Er is in totaal een meevaller op de COVID-ontvangsten 6 miljoen euro als gevolg van het terugvorderen van niet gebruikte middelen. Dit gaat o.a. om middelen die bestemd waren voor het Mondriaanfonds (2,8 miljoen euro) en voor het Filmfonds (1,6 miljoen euro).

Subsidies arbeidsmarkt en personeelsbeleid

De extra ontvangen middelen zijn het gevolg van drie posten: 1,8 miljoen euro uit de inmiddels beëindigde promotiebeurs voor leraren, 1,8 miljoen euro uit de regeling onderwijsregio’s na een uitgebreide controle en 1,7 miljoen euro uit terugvorderingen op de regeling Subsidieregeling onderwijspersoneel opleiding tot leraar (SOOL).

Overige meevallers

De overige 7,8 miljoen euro aan meevallers bestaat uit een groot aantal kleinere posten, waaronder hogere ontvangsten doordat scholen minder hebben aangevraagd bij het programma schoolmaaltijden dan geraamd (2,1 miljoen euro) en terugvorderingen op een aantal subsidies onder het onderzoek en wetenschapsbeleid (2,5 miljoen euro).

Tegenvallers

Lesgeld

Er is minder lesgeld (8,3 miljoen euro) ontvangen dan verwacht. Dit komt door minder bol-studenten en door een lager inningspercentage.

Subsidieregeling Instandhouding Monumenten

Het ontvangstenbudget voor artikel 14 Cultuur is eerder verhoogd met 10,8 miljoen euro voor de Subsidieregeling Instandhouding Monumenten. Deze ontvangst is in 2025 abusievelijk niet gerealiseerd.

Overige tegenvallers

De overige 2,2 miljoen euro aan tegenvallers bestaat uit een groot aantal kleinere posten, waaronder een aantal terugvorderingen (1,5 miljoen euro) van de subsidieregeling Tel mee met Taal.

Generaal dossier

Rente studieleningen

Uit realisatiegegevens van DUO blijkt dat de renteontvangsten 9,0 miljoen euro hoger zijn dan geraamd.

Technisch

Technisch

Op basis van de Indemniteitsregeling moet OCW schade vergoeden die is ontstaan door de kunstroof uit het Drents Museum. Voor deze schadevergoeding van 5,7 miljoen euro wordt de begrotingsreserve voor de indemniteit aangesproken. Deze reserve is onderdeel van het Museaal Aankoopfonds. De overige 1,1 miljoen euro aan technische mutaties bestaat uit een desaldering van een terugbetaalde subsidie op het NGF-project LLO-Katalysator (1,0 miljoen euro) en een desaldering ten behoeve van de begrotingsreserve achterborgstelling (0,1 miljoen euro).

Niet-kaderrelevant

Studiefinanciering niet-saldorelevant

De niet-saldorelevante ontvangsten op de studiefinanciering zijn met 19,9 miljoen euro naar beneden bijgesteld, doordat studenten minder hebben afgelost op hun leningen dan vooraf geraamd.

Financiën (incl. Nationale Schuld)

Financiën

IXB Financiën: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

27.662

Mutaties t/m Najaarsnota

1.614

  

Stand Najaarsnota

29.276

  

Meevallers

‒ 142

Meevaller apparaat Toeslagen

‒ 6

Meevaller apparaat

‒ 9

EIB pan-Europees garantiefonds

‒ 13

Meevaller apparaat Toeslagen Herstel

‒ 18

Meevaller Belastingdienst

‒ 19

Programmamiddelen Toeslagen Herstel

‒ 70

Overige meevallers

‒ 7

  

Tegenvallers

224

Btw-compensatiefonds

198

Afdrachten Staatsloterij

22

Tegenvaller Douane

4

Overige tegenvallers

0

  

Overboekingen met andere begrotingen

18

Overboekingen BCF

18

  

Technisch

21

Technisch

21

  

Niet-kaderrelevant

‒ 3.907

Belasting- en invorderingsrente

13

Schade-uitkering ekv

‒ 16

Lening TenneT

‒ 900

Kapitaalinjectie TenneT

‒ 3.000

Overig niet-kaderrelevant

‒ 3

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

25.490

IXB Financiën: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

3.658

Mutaties t/m Najaarsnota

1.974

  

Stand Najaarsnota

5.632

  

Meevallers

109

Meevaller niet-belastingontvangsten

40

Afdrachten Staatsloterij

22

Dividenden staatsdeelnemingen

14

Schaderestituties EKV

9

Meevaller apparaatsontvangsten

7

Overige meevallers

17

  

Tegenvallers

‒ 18

Tegenvaller apparaatsontvangsten Belastingdienst

‒ 10

Overige tegenvallers

‒ 8

  

Technisch

21

Technisch

21

  

Niet-kaderrelevant

627

Verkoop aandelen ABN AMRO

544

Meevaller belasting- en invorderingsrente

55

Toename munten in omloop

20

Renteontvangsten lening TenneT

4

Overig niet-kaderrelevant

3

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

6.370

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Meevaller apparaat toeslagen

De apparaatsuitgaven van toeslagen vallen 6 miljoen euro lager uit dan eerder voorzien. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door lagere uitgaven aan externe inhuur door verambtelijking.

Meevaller apparaat

De apparaatsuitgaven van het kerndepartement vallen 9 miljoen euro lager uit dan eerder voorzien. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door arbeidsmarktkrapte die effect heeft op het vervullen van eigen vacatures.

EIB pan-Europees garantiefonds

De netto-verliezen voor Nederland van het EIB pan-Europees garantiefonds zijn 13 miljoen euro lager uitgevallen dan verwacht.

Meevaller apparaat Toeslagen Herstel

De apparaatsuitgaven van Toeslagen Herstel vallen 18 miljoen euro lager uit door verambtelijking van externe inhuur en vertraging in de uitvoering van de programma’s Herstel Toeslagen.

Meevaller Belastingdienst

De uitgaven van de Belastingdienst vallen per saldo 19 miljoen euro lager uit dan eerder voorzien. Dit zit voornamelijk op ICT-opdrachten. Een aantal betalingen valt over de jaargrens heen.

Programmamiddelen Toeslagen Herstel

Er is sprake van aanvullende onderuitputting van 70 miljoen euro op programmamiddelen van Toeslagen Herstel. Dit komt met name door minder aanmeldingen en een lagere productie van de aanvullende schaderoutes in 2025 (42 miljoen euro). Daarnaast waren er aan het einde van het jaar met name minder declaraties door gemeenten bij de SPUK brede ondersteuning dan begroot bij de Najaarsnota (22 miljoen euro).

Overige meevallers

Dit betreffen enkele beperkte meevallers waaronder circa 2 miljoen euro minder uitgaven dan begroot. Dit is voornamelijk te wijden aan de schadeloosstellingsprocedure tegen de Nederlandse staat aangespannen door Conservatrix Groep S.a.r.l..

Tegenvaller

Btw-compensatiefonds

De bijdrage aan provincies en gemeenten is 198 miljoen euro hoger uitgevallen, omdat er meer btw is gedeclareerd dan geraamd. Het is op voorhand niet exact vast te stellen hoe veel btw provincies en gemeenten declareren. Overschotten op dit artikel worden bij de Voorjaarsnota verrekend met het Gemeente- en Provinciefonds.

Afdrachten Staatsloterij

De post afdrachten Staatsloterij is met 22 miljoen euro bijgesteld, omdat de afdrachten uit de Staatsloterij hoger waren dan begroot. Om te voldoen aan de Wet op de kansspelen wordt in de begroting en verantwoording een technische post voor afdrachten Staatsloterij opgenomen bij zowel de uitgaven, betalingsverplichtingen als de ontvangsten ter hoogte van de afdrachten van de Staatsloterij.

Tegenvallers Douane

Bij Douane leiden onder andere hogere apparaatsuitgaven per saldo tot een overschrijding van circa 4 miljoen euro. Deze hogere uitgaven zijn met name een gevolg van een hoger dan verwachte personeelsinstroom en daarmee een hogere bezettingsgraad.

Overige tegenvallers

Dit betreft een enkele beperkte tegenvallers waaronder een overschrijding van 3 miljoen euro op externe inhuur voor het kerndepartement.

Overboekingen met andere begrotingen

Overboekingen met BCF

Dit betreffen verschillende overboekingen van andere begrotingen naar het Btw-compensatiefonds (BCF).

Technisch

Technisch

Dit betreft een totaal van meerdere desalderingen en daarnaast enkele technische mutaties die per saldo op nul sluiten

Niet-kaderrelevant

Schade-uitkering ekv

Er is 16 miljoen euro minder schade uitgekeerd dan begroot. Bij de exportkredietverzekering (ekv) zijn schades moeilijk te ramen vanwege het onvoorspelbare karakter van de ekv-portefeuille. Het al dan niet materialiseren van één schadezaak kan een grote impact hebben op de realisatie ten opzichte van het begrote bedrag. In de laatste maanden hebben zich minder schades gematerialiseerd dan begroot.

Lening TenneT

TenneT heeft niet het volledige bedrag van de lening getrokken in 2025. Het betreft een bedrag van 900 miljoen euro minder dan eerder geraamd.

Kapitaalinjectie TenneT

De reservering voor de kapitaalinjectie in TenneT Duitsland valt vrij omdat de kapitaalbehoefte van TenneT Duitsland is ingevuld via het aantrekken van private investeerders.3 

Overig niet-kaderrelevant

Dit betreft meerdere niet-kaderrelevante uitgaven waaronder een tegenvaller van 13 miljoen euro op de uitvoeringskosten (apparaat en ICT) van de belasting- en invorderingsrente.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Meevaller niet-belastingontvangsten

Dit betret een meevaller op de niet-belastingontvangsten van de Belastingdienst bij zowel doorbelasten kosten vervolging (17 miljoen euro) als boetes en schikkingen (23 miljoen euro).

Afdrachten Staatsloterij

De post afdrachten Staatsloterij is met 22 miljoen euro bijgesteld, omdat de afdrachten uit de Staatsloterij hoger waren dan begroot. Om te voldoen aan de Wet op de kansspelen wordt in de begroting en verantwoording een technische post voor afdrachten Staatsloterij opgenomen bij zowel de uitgaven, betalingsverplichtingen als de ontvangsten ter hoogte van de afdrachten van de Staatsloterij.

Dividenden staatsdeelnemingen

De dividendraming wordt met 14 miljoen euro naar boven bijgesteld op basis van de gerealiseerde dividenduitkeringen en de in 2025 ingehouden dividendbelasting.

Schaderestituties EKV

De gerealiseerde schaderestituties ekv zijn 9 miljoen euro hoger dan begroot. Op basis van daadwerkelijk opgelopen (niet-­definitieve) schades en de inzet op het verhalen van de schade bij tegenpartijen kan de uiteindelijke stand van de recuperaties afwijken van de ramingen.

Meevaller apparaatsontvangsten

De ontvangsten voor apparaat zijn 7 miljoen euro hoger dan begroot door hogere ontvangsten voor compensatie van zieke medewerkers, hogere verkoopontvangsten van Domeinen Roerende Zaken en hogere ontvangsten voor huisvesting.

Overige meevallers

Dit betreft enkele beperkte meevallers, waaronder circa 2 miljoen euro hogere boeteontvangsten van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en De Nederlandse Bank (DNB) dan begroot.

Tegenvallers

Tegenvaller apparaatsontvangsten Belastingdienst

De apparaatsontvangsten van de Belastingdienst zijn 10 miljoen euro lager uitgevallen dan begroot. Het verschil wordt met name veroorzaakt vanwege lagere verwachte ontvangsten vanuit het UWV gerelateerd aan de Ziektewet en transitievergoedingen.

Overige tegenvallers

Dit betreft enkele beperkte tegenvallers waaronder 4 miljoen euro minder ontvangsten van NL Financial Investments dan begroot.

Technisch

Technisch

Dit betreft een totaal van meerdere desalderingen en daarnaast enkele technische mutaties die per saldo op nul sluiten

Niet-kaderrelevant

Verkoop aandelen ABN AMRO

De Staat bouwt, via NL Financial Investments, haar belang in ABN AMRO af. De verwachte ontvangsten nemen met 544 miljoen euro toe als gevolg van de verkoop van aandelen ABN AMRO door de Staat en de inkoop van deze aandelen door ABN AMRO.

Meevaller belasting- en invorderingsrente

De ontvangsten aan belasting- en invorderingsrente bij de Belastingdienst en de Douane zijn 55 miljoen euro hoger uitgevallen dan eerder geraamd.

Toename munten in omloop

In 2025 zijn er via DNB meer munten in omloop gebracht dan dat er uit omloop zijn teruggekomen. Als gevolg daarvan heeft DNB het afgelopen jaar per saldo een bedrag van 20 miljoen euro aan nominale waarde van in de markt uitgezette munten aan de schatkist toegevoegd.

Renteontvangsten lening TenneT

De renteontvangsten van de lening aan TenneT zijn 4 miljoen euro meer dan begroot.

Overig niet-kaderrelevant

Meerdere niet-kaderrelevante ontvangsten waaronder 5 miljoen euro aan uitkeringen van herverzekerde schades van de ekv.

3

Kamerstukken II 2025-2026, 28 165, nr. 466

Nationale Schuld

IXA Nationale schuld: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

33.282

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 1.808

  

Stand Najaarsnota

31.474

  

Meevallers

0

Overige kosten schulduitgifte en skb

0

  

Niet-kaderrelevant

255

Rentelasten kasbeheer

164

Rente vlottende schuld

49

Aflossing vaste schuld

41

Verstrekte leningen

17

Uitgaven bij voortijdige beëindiging

0

Mutatie in rekening courant en deposito

0

Rente vaste schuld

‒ 16

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

31.728

IXA Nationale schuld: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

84.308

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 23.201

  

Stand Najaarsnota

61.106

  

Meevallers

0

Overige kosten schulduitgifte en skb

0

  

Niet-kaderrelevant

343

Mutatie in rekening courant en deposito

5.752

Uitgifte vaste schuld

728

Rente vlottende schuld

84

Ontvangen aflossingen

16

Rentebaten kasbeheer

4

Ontvangsten bij voortijdige beëindiging

0

Mutatie vlottende schuld

‒ 6.241

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

61.449

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Overige kosten schulduitgifte en skb

Deze post bestaat uit diverse mutaties die onder de ondergrens vallen.

Niet-kaderrelevant

Rentelasten kasbeheer

De rentelasten op het kasbeheer zijn 164 miljoen euro hoger uitgevallen, met name doordat er meer middelen door de deelnemers van schatkistbankieren werden aangehouden op de rekeningen-courant en in deposito’s.

Rente vlottende schuld

De rentelasten op de vlottende schuld zijn 49 miljoen euro hoger uitgevallen als gevolg van een hoger dan geraamd rentepercentage.

Aflossing vaste schuld

Eind 2025 is er één staatsobligatie gedeeltelijk vervroegd afgelost. Ook is er sprake van een wisselkoerseffect waardoor er minder is afgelost op de vaste schuld in Amerikaanse dollars. Hierdoor is er per saldo 41 miljoen euro meer afgelost op de vaste schuld.

Verstrekte leningen

Het bedrag aan verstrekte leningen is in totaal 17 miljoen euro hoger dan bij de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Dit komt voornamelijk door een toename in de hoeveelheid middelen die is geleend door agentschappen.

Uitgaven bij voortijdige beëindiging

Deze post bestaat uit diverse mutaties die onder de ondergrens vallen.

Rente vaste schuld

De rentelasten op de vaste schuld zijn 16 miljoen euro lager uitgevallen. Dit is met name het gevolg van het wisselkoersresultaat op de vaste schuld in Amerikaanse dollars.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Overige kosten schulduitgifte en skb

Deze post bestaat uit diverse mutaties die onder de ondergrens vallen.

Niet-kader relevant

Mutatie in rekening courant en deposito

Deelnemers aan schatkistbankieren hebben meer geld aangehouden op hun rekeningen-courant en in deposito’s dan bij de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Hierdoor is het saldo van de deze deelnemers met 5,8 miljard euro meer toegenomen dan begroot.

Uitgifte vaste schuld

Van de totale financiering op de kapitaalmarkt wordt aan het begin van het jaar slechts een indicatie gegeven. Afhankelijk van de verwachte financieringsbehoefte in komende jaren, marktomstandigheden en andere exogene factoren wordt aan het einde van het jaar de definitieve financieringsomvang op de kapitaalmarkt bepaald. Uiteindelijk is er 728 miljoen euro meer vaste schuld uitgegeven dan begroot.

Rente vlottende schuld

De rentebaten op vlottende schuld zijn 84 miljoen euro hoger uitgevallen, met name doordat er meer middelen in de geldmarkt zijn uitgezet dan waarmee rekening werd gehouden in de tweede suppletoire begroting.

Ontvangen aflossingen

Sinds de tweede suppletoire begroting is er 16 miljoen euro meer aan leningen afgelost dan werd geraamd. Deelnemers aan schatkistbankieren hebben de mogelijkheid om hun leningen (deels) vervroegd af te lossen, bijvoorbeeld bij verkoop van de activa waarvoor was geleend.

Rentebaten kasbeheer

De rentebaten op het kasbeheer zijn 4 miljoen euro hoger uitgevallen, met name doordat er meer leningen zijn verstrekt aan agentschappen en RWT’s dan geraamd.

Ontvangsten bij voortijdige beëindiging

Deze post bestaat uit diverse mutaties die onder de ondergrens vallen.

Mutatie vlottende schuld

Vanwege een kleiner dan geraamde financieringsbehoefte is er een kleiner beroep gedaan op de geldmarkt. Hierdoor is de mutatie van de vlottende schuld 6,2 miljard euro lager dan geraamd bij de tweede suppletoire begroting.

Defensie (inclusief Defensiematerieelbegrotingsfonds)

Defensie

X Defensie: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

12.244

Mutaties t/m Najaarsnota

2.768

  

Stand Najaarsnota

15.013

  

Meevallers

‒ 247

Meevallers

‒ 247

  

Tegenvallers

154

Tegenvallers

154

  

Intensiveringen

30

Veegbriefmutaties

30

  

Niet-kaderrelevant

721

Extra militaire steun aan Oekraïne

700

Oekraïne

21

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

15.670

X Defensie: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

245

Mutaties t/m Najaarsnota

186

  

Stand Najaarsnota

432

  

Meevallers

94

Meevallers

94

  

Tegenvallers

‒ 4

Tegenvallers

‒ 4

  

Intensiveringen

‒ 9

Veegbriefmutaties

‒ 9

  

Niet-kaderrelevant

14

Oekraïne

14

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

527

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Dit betreft de onderuitputting die zich na de Najaarsnota heeft voorgedaan. Het grootste deel van de onderuitputting vindt plaats op de personele uitgaven, in totaal voor circa 137 miljoen euro in 2025. De grootste post hiervan betreft het eigen personeel (circa 70 miljoen euro), gevolgd door externe inhuur (circa 27 miljoen euro). Daarnaast is er circa 31 miljoen euro aan onderuitputting ingeboekt op het Budget Internationale Veiligheid (BIV). Het BIV is een voorziening die het mogelijk maakt om op internationale ontwikkelingen te reageren, deze voorziening is in 2025 niet volledig besteed. Ten slotte is er voor circa 25 miljoen euro aan onderuitputting op het Nationaal Fonds Ereschuld, dit komt doordat er minder gebruik van is gemaakt dan bij Najaarsnota is geraamd. Bij Najaarsnota was er enkel al eerder onderuitputting geboekt op het BIV, pas bij Slotwet is de resterende onderuitputting geboekt.

Tegenvallers

Dit betreft overrealisatie die zich na de Najaarsnota heeft voorgedaan. De grootste post betreft een overrealisatie van 83 miljoen euro in 2025 op het begrotingsartikel voor kerndepartement voor de afrekening van pensioenafdrachten aan het ABP. Tegenover deze uitgaven staat een belastingteruggave van dezelfde grootte die Defensie in 2025 heeft ontvangen (zie ook ‘Ontvangsten’). Deze belastingteruggave is verwerkt op het begrotingsartikel van het Defensieondersteuningcommando (DOSCO), waardoor de uitgaven op het begrotingsartikel voor kerndepartement - waar de afrekening heeft plaatsgevonden - hoger uitvallen. Verder vallen de uitgaven voor materiële exploitatie bij DOSCO met circa 14 miljoen euro hoger uit in 2025 als gevolg van hogere uitgaven voor extra activiteiten in verband met de situatie in Oekraïne. Hierdoor worden meer geneeskundige goederen verbruikt. Ook de uitgaven bij COMMIT voor materiële exploitatie vallen met circa 10 miljoen euro hoger uit in 2025 door uitgaven omtrent technologie ontwikkeling en een verzameling van overige materiële uitgaven. Verder vallen de bijdragen aan internationale samenwerking onder inzet van de krijgsmacht met circa 8 miljoen euro hoger uit. Dit komt door minder bijdrages aan partner landen en fondsen dan in 2025 verwacht.

Intensiveringen

Veegbriefmutaties

Dit betreft de mutaties die in de Veegbrief voor de Defensiebegroting zijn opgenomen en die tot een overschrijding op het betreffende artikel hebben geleid ten opzichte van de stand bij Najaarsnota. Het betreft hier hogere uitgaven als gevolg van de toename van oefeningen in binnen- en buitenland (20 miljoen euro in 2025) en hogere uitgaven voor buitenlandse dienstreizen (10 miljoen euro in 2025).

Niet-kaderrelevant

Extra militaire steun aan Oekraïne

Dit betreft 700 miljoen euro aan militaire Oekraïnesteun die via een Nota van Wijziging op de tweede suppletoire begroting van Defensie beschikbaar is gesteld. Het betreffen middelen voor de levering van kritiek materieel voor Oekraïne, zoals drones.

Oekraïne

Dit betreft de realisatie van Oekraïnemiddelen. Er is in 2025 voor circa 21 miljoen euro meer opgeleverd aan militair materieel voor Oekraïne dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Dit betreft hogere ontvangsten dan bij Najaarsnota geraamd. Dit betreft voornamelijk hogere ontvangsten van circa 83 miljoen euro in 2025 voor DOSCO als gevolg van een belastingteruggave met betrekking tot voorgaande jaren aan het Nationaal Fonds Ereschuld (NFE) omdat hier geen belasting over verschuldigd was vanuit de Regeling Volledige Schadevergoeding (RVS). Daarnaast zijn er ook hogere vergoedingen afkomstig uit gebruik van Nederlands materieel of diensten door bondgenoten bij internationale samenwerkingen.

Tegenvallers

Dit betreft lagere ontvangsten dan bij Najaarsnota geraamd, zoals ontvangsten vanuit internationale organisaties.

Intensiveringen

Veegbriefmutaties

Dit betreft een mutatie die in de Veegbrief voor de Defensiebegroting is opgenomen en die tot een overschrijding op het betreffende artikel hebben geleid ten opzichte van de stand bij Najaarsnota. Het betreft hier lagere ontvangsten bij het Commando Materieel en IT doordat er minder brandstof door derden is afgenomen dan eerder geraamd (9 miljoen euro in 2025).

Niet-kaderrelevant

Oekraïne

Defensie ontvangt vergoedingen vanuit de European Peace Facility (EPF) van de EU voor geleverde steun aan Oekraïne. Hierbij kan het kasritme van de toezeggingen en de daadwerkelijke ontvangsten van elkaar afwijken. Er is in 2025 circa 14 miljoen euro meer ontvangen aan vergoedingen vanuit het EPF dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd.

Defensiematerieelbegrotingsfonds

Defensiematerieelbegrotingsfonds: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

9.775

Mutaties t/m Najaarsnota

967

  

Stand Najaarsnota

10.743

  

Meevallers

‒ 634

Meevallers

‒ 634

  

Tegenvallers

127

Tegenvallers

127

  

Intensiveringen

200

Veegbriefmutaties

200

  

Kadercorrecties

‒ 266

Valutakoersontwikkeling

‒ 266

  

Technisch

0

Technisch

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

10.169

Defensiematerieelbegrotingsfonds: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

97

Mutaties t/m Najaarsnota

116

  

Stand Najaarsnota

212

  

Meevallers

9

Meevallers

9

  

Tegenvallers

‒ 16

Tegenvallers

‒ 16

  

Ombuigingen

8

Veegbriefmutaties

8

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

213

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Dit betreft de onderuitputting die zich na de Najaarsnota heeft voorgedaan. Deze onderuitputting werd pas geboekt bij Slotwet, bij Najaarsnota was er namelijk nog geen onderuitputting geboekt. De onderuitputting in 2025 vindt voornamelijk plaats bij de verwerving van nieuw en vervangend defensiematerieel (circa 429 miljoen euro) en instandhouding (circa 44 miljoen). Dit komt onder andere door krapte op de arbeidsmarkt en de beperkte opschalingsmogelijkheden binnen de defensie-industrie. Deze vertragingen in de investeringen doen zich voor op alle investeringsartikelen van het DMF. Ook vindt er voor circa 35 miljoen euro aan onderuitputting plaats op de budgetten voor kennis en innovatie, dit heeft als oorzaak vertraging in het ontvangen van facturen voor kennisopbouw. Deze worden begin 2026 verwacht.

Tegenvallers

Dit betreft de overrealisatie die zich na de Najaarsnota heeft voorgedaan, dit speelde bijvoorbeeld bij de instandhouding van materieel en IT. Ook bij een aantal investeringsprojecten op het gebied van IT viel de realisatie hoger uit. Dt is het gevolg van uitgaven die ten tijde van de Najaarsnota nog werden voorzien voor 2026, maar uiteindelijk in 2025 nog zijn gedaan.

Intensiveringen

Veegbriefmutaties

Dit betreft de mutaties die in de Veegbrief voor het Defensiematerieelfonds zijn opgenomen en die tot een overschrijding op het betreffende artikel hebben geleid ten opzichte van de stand bij Najaarsnota. Het betreft hier hogere uitgaven voor het materieel voor de luchtmacht (200 miljoen in 2025). Dit komt doordat enkele projecten al in 2025 zijn gerealiseerd, terwijl deze oorspronkelijk in 2026 stonden gepland. Dit betreft onder andere de instandhouding van de F-35 en diverse projecten voor wapensystemen waaronder de Apache, NH-90, C-130, en MQ-9.

Kadercorrecties

Valutakoersontwikkeling

Dit betreft een meevaller van circa 266 miljoen euro op de begrotingsreserve voor valutaschommelingen. Op basis van CEP werden de verwachte effecten van de wisselkoersmutaties verwerkt op het Defensiematerieelbegrotingsfonds. Bij Slotwet worden de gerealiseerde standen verwerkt. Ontwikkelingen in de wisselkoersen van vreemde valuta hebben geleid tot lagere uitgaven uitgedrukt in andere valuta, dit komt voornamelijk door de gunstigere wisselkoers voor euro - dollar. Defensie is met name gevoelig voor schommelingen in wisselkoersen bij aanschaf en in mindere mate bij instandhouding van materieel.

Technisch

Dit betreft herschikkingen om middelen te alloceren naar de budgetpositie waar de realisatie zich daadwerkelijk heeft voorgedaan. Dit is budgettair neutraal op artikelniveau.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Dit betreft hogere ontvangsten dan bij Najaarsnota geraamd, dit komt door meer ontvangsten voor mijnenbestrijdingscapaciteiten.

Tegenvallers

Dit betreft lagere ontvangsten dan bij Najaarsnota geraamd, dit komt onder andere door lagere verkoopopbrengsten op een aantal verschillende posten, zoals vastgoedontvangsten, luchtmaterieel en Defensiebreedmaterieel.

Ombuigingen

Veegbriefmutaties

Dit betreft een mutatie die in de Veegbrief voor het Defensiematerieelfonds is opgenomen en die tot een overschrijding op het betreffende artikel hebben geleid ten opzichte van de stand bij Najaarsnota. Het betreft hier hogere ontvangsten als gevolg van hogere verkoopopbrengsten door de verkoop van Fort aan de Winkel te Abcoude en de Seeligkazerne te Breda (8 miljoen euro in 2025).

Infrastructuur en Waterstaat (inclusief Mobiliteitsfonds en Deltafonds)

Infrastructuur en Waterstaat

XII Infrastructuur en Waterstaat: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

14.111

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 92

  

Stand Najaarsnota

14.019

  

Meevallers

‒ 118

Meevaller TVOV

‒ 5

Meevaller NGF-Project Zero-emissie binnenvaart batterij-elektrisch

‒ 7

Meevallers externe inhuur

‒ 7

Meevaller NGF-project Luchtvaart in Transitie (LiT)

‒ 8

Meevaller Bronmaatregelen Stikstof

‒ 11

Meevaller NGF-project Dutch Metropolitan Innovations (DMI)

‒ 11

Overige meevallers

‒ 68

  

Tegenvallers

52

Tegenvaller Duurzame Mobiliteit

22

Tegenvaller Verduurzaming Logistiek

5

Overige tegenvallers

26

  

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 7

Overboeking Provinciefonds t.b.v. Decentraal Spoor Provincie

‒ 7

  

Technisch

‒ 41

Verrekening NS

‒ 50

Overig technisch

9

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

13.905

XII Infrastructuur en Waterstaat: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

41

Mutaties t/m Najaarsnota

145

  

Stand Najaarsnota

186

  

Tegenvallers

‒ 23

Tegenvaller BVOV

‒ 23

  

Technisch

‒ 45

Verrekening NS

‒ 50

Overig technisch

5

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

117

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Meevaller TVOV

Er is een meevaller van 5 miljoen euro op de Transitie Vergoeding voor regionale OV-concessies (TVOV). Dit betreft onder andere een administratieve correctie van 3,4 miljoen euro. Daarnaast is op de kas een incidentele meevaller van 1,2 miljoen euro door vertraging vanwege een lopende rechtszaak over de hoogte van het bedrag.

Meevaller NGF Project - Zero-emissie binnenvaart batterij-elektrisch

Op NGF-project Zero-emissie binnenvaart batterij-elektrisch zijn minder aanvragen binnengekomen dan verwacht, waardoor 6,8 miljoen euro van de subsidiemiddelen niet is gebruikt.

Meevaller NGF-project Luchtvaart in transitie

Voor het NGF-project Luchtvaart in Transitie (LiT) voldeden niet alle subsidieontvangers aan alle voorwaarden, waardoor voor 8,3 miljoen euro aan voorschotten niet is uitgekeerd.

Meevallers externe inhuur

Er zijn enkele meevallers op externe inhuur vanwege krapte op de arbeidsmarkt die samen optellen tot 8 miljoen euro. Dit betreft onder andere een meevaller van 2,6 miljoen euro op de budgetten voor externe inhuur van de DG Mobiliteit. Extern ingehuurde medewerkers startten later in het jaar dan initieel voorzien. Daarnaast was er onder andere minder externe inhuur nodig dan voorzien en hebben opdrachtnemers minder facturen ingediend dan geraamd.

Meevaller Bronmaatregelen Stikstof

Op de subsidieregeling Bronmaatregelen Stikstof is een meevaller van 11,2 miljoen euro. Deze subsidieregeling wordt grotendeels door de RVO uitgevoerd. Er is een meevaller doordat er minder subsidieaanvragen zijn binnengekomen dan door de RVO geraamd.

Meevaller NGF-project Dutch Metropolitan Innovations (DMI)

Daarnaast is er onderuitputting van 11,4 miljoen euro op het project Dutch Metropolitan Innovations (DMI). Vanwege de lange termijn van het project is er vertraging bij de ontwikkeling van de innovatievoorstellen. De implementatie van het project vertraagt hierdoor ook.

Overige meevallers

Onder overige meevallers valt onder andere het NGF-project Maritiem Masterplan dat vertraging heeft opgelopen voor 4,2 miljoen euro. Daarnaast is er op de bedrijvenregeling een meevaller van 3,4 miljoen euro doordat er vertraging is ontstaan in de afhandeling van vaststellings- en verleningsverzoeken. Daarnaast is er een meevaller van 3,2 miljoen euro op de Beschikbaarheidsvergoeding OV (BVOV) en zijn nog niet alle zaken voor testen voor reizen voor COVID-19 afgerond, die samen optellen tot een meevaller van 3,1 miljoen euro. Het restant is een optelling van veel kleine meevallers waardoor het totaal uitkomt op 68 miljoen euro.

Tegenvallers

Tegenvaller Duurzame Mobiliteit

Op Duurzame Mobiliteit is per saldo een tegenvaller van 22 miljoen euro. Dit betreft de SPUK-regelingen die door de RVO worden uitgevoerd en is veroorzaakt door een hogere kasuitputting op de SPUK Schoon en Emissieloos Bouwen en bijdragen aan de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) regio's. Ook zijn de subsidies Laadinfra Wegvervoer overschreden doordat er meer bevoorschotting is aangevraagd dan was begroot. Daarnaast is er besloten om de bevoorschotting op de SPUK zero-emissie bussen te verhogen, waardoor hogere kasuitputting is ontstaan.

Tegenvaller Verduurzaming Logistiek

Er is een tegenvaller van 4,7 miljoen euro bij Verduurzaming Logistiek. Een aantal opdrachten is eerder voltooid en tot betaling gekomen dan initieel begroot. Daarnaast zijn de opdrachten RVO overschreden doordat de Direct Uitvoering Gebonden kosten hoger zijn uitgevallen dan gepland.

Overige tegenvallers

Dit zijn kleine tegenvallers die samen optellen tot 26 miljoen euro. Dit betreft onder andere een tegenvaller op de personele uitgaven van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), doordat de budgetplaatsstructuur is vereenvoudigend. Hierdoor zijn enkele mee- en tegenvallers zijn op het artikel voor de personele uitgaven. Per saldo is sprake van een tegenvaller van 3,4 miljoen euro door onvoorziene ontwikkelingen en meerkosten ICT. Daarnaast was er onder andere vertraging bij het aangaan van opdrachten voor Verduurzaming Logistiek voor 3,1 miljoen euro.

Overboekingen met andere begrotingen

Overboeking Provinciefonds t.b.v. Decentraal Spoor Provincie

Er is een overboeking gedaan naar het Provinciefonds van 7 miljoen euro voor een Decentralisatie Uitkering (DU) ten behoeve van het decentraal spoor in de provincie Limburg. Deze middelen zijn bestemd voor 2 gedecentraliseerde stoptreindiensten. De provincies Utrecht, Limburg, Overijssel en Drenthe ontvangen een decentralisatie uitkering ten behoeve van de dekking van het exploitatie- of beheertekort van de betreffende decentrale spoor- en tramdiensten.

Technisch

Verrekening NS

Dit betreft een desaldering met de NS van 50 miljoen euro. IenW en NS stelden tot en met 2024 de vergoeding voor de door IenW gestelde railschade op de HSL-infrastructuur vast op een bedrag van 50 miljoen euro. De vastlegging in de begroting heeft plaatsgevonden in de September suppletoire begroting 2025 via een desaldering. Inmiddels is de vaststellingsovereenkomst voor afhandeling van de financiële punten vorige concessieperiode ondertekend door de NS en IenW en met deze desaldering wordt de verrekening ook administratief afgerond.

Overig technisch

Onder overig technisch vallen onder andere het saldo van de terugsluis van de Vrachtwagenheffing (VWH) van 4 miljoen euro en enkele mutaties met het Mobiliteitsfonds. Daarnaast zijn er enkele correcties gedaan. Samen telt dit op tot een totaal van 9 miljoen euro.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Tegenvallers

Tegenvaller BVOV

De ontvangsten op de BVOV zijn 23,5 miljoen euro lager dan initieel begroot. Deze ontvangsten stonden initieel in 2024 begroot en zijn toen niet binnengekomen. Verwacht werd dat deze alsnog in 2025 zouden binnenkomen. Echter bleek dat er een ramingsfout is gemaakt.

Technisch

Verrekening NS

Dit betreft een desaldering met de NS van 50 miljoen euro. IenW en NS stelden tot en met 2024 de vergoeding voor de door IenW gestelde spoorstaafschade op de HSL-infrastructuur vast op een bedrag van 50 miljoen euro. De vastlegging in de begroting heeft plaatsgevonden in de September suppletoire begroting 2025 via een desaldering. Inmiddels is de vaststellingsovereenkomst voor afhandeling van de financiële punten vorige concessieperiode ondertekend door de NS en IenW en met deze desaldering wordt de verrekening ook administratief afgerond.

Overig technisch

Enkele overige technische verrekeningen tellen samen op tot 5 miljoen euro. Dit betreft onder andere het saldo op de terugsluis van de Vrachtwagenheffing (VWH) van 4 miljoen euro en een aantal desalderingen.

Mobiliteitsfonds

Mobiliteitsfonds: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

9.429

Mutaties t/m Najaarsnota

377

  

Stand Najaarsnota

9.806

  

Meevallers

‒ 22

Saldo Mobiliteitsfonds

‒ 22

  

Tegenvallers

0

Tegenvallers

0

  

Technisch

64

Afrekening Prorail 2024 EOV

35

Terugboeking overschotten Vrachtwagenheffing (VWH)

21

Ontvangsten nieuwe sluis Terneuzen

15

Hogere verplichtingen bereikbaarheidsprogramma's WoMo

‒ 2

DU Decentraal Spoor Provincie Limburg

‒ 7

Overig technisch

3

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

9.849

Mobiliteitsfonds: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

9.429

Mutaties t/m Najaarsnota

188

  

Stand Najaarsnota

9.617

  

Meevallers

1

Saldo Mobiliteitsfonds

1

  

Technisch

66

Afrekening Prorail 2024 EOV

35

Terugboeking overschotten Vrachtwagenheffing (VWH)

21

Ontvangsten nieuwe sluis Terneuzen

15

Mutaties met Infrastructuur en Waterstaat

‒ 7

Overig technisch

3

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

9.685

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Saldo Mobiliteitsfonds

Aan de uitgavenkant van het Mobiliteitsfonds is er sprake van een voordelig saldo van 22 miljoen euro. In totaal (uitgaven en ontvangsten) is er sprake van overschrijding (nadelig saldo) van per saldo 164 miljoen euro. In de afgelopen jaren was er vaak sprake van onderuitputting: er werd minder uitgegeven dan vooraf geraamd. Vanuit de wens om de begroting realistischer te maken, is er kasbudget naar latere jaren geschoven, zonder projecten te stoppen of te vertragen: de zogenaamde overprogrammering op de fondsen is zo verhoogd. Hiermee nam de kans op uitputting toe, maar ook de kans op een nadelig saldo (overuitputting). Dat doet zich nu voor: in 2025 is er voor het eerst in lange tijd meer van het oorspronkelijke programma uitgevoerd dan vooraf verwacht. Hierdoor blijkt er voor het jaar 2025 nu meer kasbudget nodig te zijn dan eerder geraamd.

Technisch

Afrekening ProRail EOV

Dit betreft de afrekening 2024 van 34,6 miljoen euro. De afrekening was eind december definitief en administratief verwerkt. De comptabiliteitswet vereist dat een afrekening niet wordt gesaldeerd op lopende uitgaven, maar dat deze als ontvangst wordt opgeboekt en toegevoegd aan het uitgavenbudget (desaldering).

Terugboeking overschotten VWH

Voor het programma Vrachtwagenheffing zijn op het Mobiliteitsfonds middelen vrijgemaakt. In de huidige systematiek vindt de verantwoording van bepaalde uitgaven voor de uitvoering van dit programma plaats op de begroting Hoofdstuk XII Infrastructuur en Waterstaat (HXII). Deze budgetten worden overgeheveld naar HXII. Op deze budgetten doen zich in 2025 mogelijk lagere uitgaven voor dan van tevoren gepland, door niet uitgevoerde werkzaamheden of vertragingen. Voor deze posten geldt dat de dit jaar niet-bestede middelen nu (tijdelijk) worden teruggeboekt naar het Mobiliteitsfonds. In 2025 betreft dit een terugboeking van 21 miljoen euro die wordt toegevoegd aan het uitgavenbudget.

Ontvangsten nieuwe sluis Terneuzen

In 2025 heeft Vlaanderen een aanvullende bijdrage gedaan van 15 miljoen euro ten behoeve van het project Nieuwe Sluis Terneuzen. Deze bijdrage is bedoeld om de hogere uitvoeringskosten te dekken. Zo zijn er tijdens het project onder andere meerkosten gemaakt door onvoorziene bodemvondsten en verontreinigingen. Deze ontvangst was ten tijde van de najaarsnota niet voorzien en wordt toegevoegd aan het uitgavenbudget.

Hogere verplichting bereikbaarheidsprogramma’s WoMo

Dit betreft een saldo overschot van 1,9 miljoen euro op de woningbouwmiddelen. Het overschot wordt met name veroorzaakt door Mobiliteitspakketten (1,7 miljoen euro), waarbij er niet genoeg verplichtingenruimte beschikbaar was om dit budget uit te geven. De bijbehorende uitgaven waarvoor het budget gereserveerd was betreffen een bijdragen aan het BTW Compensatiefonds en deze zullen aan het BTW Compensatiefonds (bijdrage 2026) worden toegevoegd.

DU Decentraal Spoor Provincie Limburg

Dit betreft een storting van 7 miljoen euro in het Provinciefonds voor de Decentralisatie Uitkering (DU) ten behoeve voor Decentraal Spoor Provincie Limburg. Dit geld is bestemd voor 2 gedecentraliseerde stoptreindiensten. De definitieve afspraak voor deze toekenning van 7 miljoen euro volgt uit bestuurlijke overleggen.

Overig Technisch

Deze post bevat overige herschikkingen.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Saldo mobiliteitsfonds

Aan de ontvangstenkant van het Mobiliteitsfonds is er sprake van een voordelig saldo van 1 miljoen euro. In totaal (uitgaven en ontvangsten) is er sprake van overschrijding (nadelig saldo) van per saldo 164 miljoen euro. Verdere toelichting bevindt zich bij: Uitgaven - Saldo Mobiliteitsfonds.

Technisch

Afrekening ProRail 2024 EOV

Dit betreft de afrekening 2024 van 34,6 miljoen euro. De afrekening was eind december definitief en administratief verwerkt. De comptabiliteitswet vereist dat een afrekening niet wordt gesaldeerd op lopende uitgaven, maar dat deze als ontvangst wordt opgeboekt en toegevoegd aan het uitgavenbudget (desaldering).

Terugboeking overschotten VWH

Voor het programma Vrachtwagenheffing zijn op het Mobiliteitsfonds middelen vrijgemaakt. In de huidige systematiek vindt de verantwoording van bepaalde uitgaven voor de uitvoering van dit programma plaats op de begroting Hoofdstuk XII Infrastructuur en Waterstaat (HXII). Deze budgetten worden overgeheveld naar HXII. Op deze budgetten doen zich in 2025 mogelijk lagere uitgaven voor dan van tevoren gepland, door niet uitgevoerde werkzaamheden of vertragingen. Voor deze posten geldt dat de dit jaar niet-bestede middelen nu (tijdelijk) worden teruggeboekt naar het Mobiliteitsfonds. In 2025 betreft dit een terugboeking van 21 miljoen euro die wordt toegevoegd aan het uitgavenbudget.

Ontvangsten nieuwe sluis Terneuzen

In 2025 heeft Vlaanderen een aanvullende bijdrage gedaan van 15 miljoen euro ten behoeve van het project Nieuwe Sluis Terneuzen. Deze bijdrage is bedoeld om de hogere uitvoeringskosten te dekken. Zo zijn er tijdens het project onder andere meerkosten gemaakt door onvoorziene bodemvondsten en verontreinigingen. Deze ontvangst was ten tijde van de najaarsnota niet voorzien en wordt toegevoegd aan het uitgavenbudget.

Mutaties met Infrastructuur en Waterstaat

Hieronder vallen de uitgaven die via het voedingsartikel van IenW op het Mobiliteitsfonds landen.

Overig Technisch

Deze post bevat overige herschikkingen.

Deltafonds

Deltafonds: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

1.723

Mutaties t/m Najaarsnota

175

  

Stand Najaarsnota

1.898

  

Meevallers

0

Meevallers

0

  

Tegenvallers

45

Saldo Deltafonds

45

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

1.943

Deltafonds: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

1.723

Mutaties t/m Najaarsnota

75

  

Stand Najaarsnota

1.798

  

Meevallers

0

Meevallers

0

  

Tegenvallers

‒ 14

Saldo Deltafonds

‒ 14

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

1.783

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Tegenvallers

Saldo Deltafonds

Aan de uitgavenkant van het Deltafonds is er sprake van een nadelig saldo van 45 miljoen euro. Bij Najaarsnota en Slotwet is er sprake van een totale (uitgaven en ontvangsten) overschrijding (nadelig saldo) van per saldo 160 miljoen euro. In de afgelopen jaren was er vaak sprake van onderuitputting: er werd minder uitgegeven dan vooraf geraamd. Vanuit de wens om de begroting realistischer te maken, is er kasbudget naar latere jaren geschoven, zonder projecten te stoppen of te vertragen: de zogenaamde overprogrammering op de fondsen is zo verhoogd. Hiermee nam de kans op uitputting toe, maar ook de kans op een nadelig saldo (overuitputting). Dat doet zich nu voor: in 2025 is er voor het eerst in lange tijd meer van het oorspronkelijke programma uitgevoerd dan vooraf verwacht. Hierdoor blijkt er voor het jaar 2025 nu meer kasbudget nodig te zijn dan eerder geraamd.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Tegenvallers

Saldo Deltafonds

Aan de ontvangstenkant van het Deltafonds is er sprake van een nadelig saldo van 14 miljoen euro. Verdere toelichting bevindt zich bij: Uitgaven - Saldo Deltafonds.

Economische Zaken (inclusief Nationaal Groeifonds)

Economische Zaken

XIII Economische Zaken: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

3.252

Mutaties t/m Najaarsnota

69

  

Stand Najaarsnota

3.320

  

Meevallers

‒ 263

BMKB

‒ 27

Onderuitputting NGF

‒ 72

Overige meevallers

‒ 164

  

Tegenvallers

64

Tegenvallers

64

  

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 4

Overboekingen met andere begrotingen

‒ 4

  

Technisch

0

Technisch

0

  

Niet-kaderrelevant

0

Niet-kaderrelevant

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

3.117

XIII Economische Zaken: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

497

Mutaties t/m Najaarsnota

89

  

Stand Najaarsnota

587

  

Meevallers

33

Meevallers

33

  

Tegenvallers

‒ 65

BMKB

‒ 15

Ontvangsten High Trust

‒ 19

Overige tegenvallers

‒ 31

  

Technisch

0

Technisch

0

  

Niet-kaderrelevant

19

Niet-kaderrelevant

19

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

574

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

BMKB

Voor de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) hebben bedrijven minder aanvragen gedaan dan het garantieplafond toelaat. Doordat er dit jaar en voorgaande jaren minder aanvragen zijn gedaan dan geraamd zijn er minder schadeclaims uitbetaald dan geraamd (27 miljoen euro). Deze trend was in eerdere jaren al zichtbaar en zet zich dit jaar voort. Het saldo van deze meevaller en de tegenvaller op de ontvangsten wordt afgestort aan de begrotingsreserve BMKB.

Onderuitputting NGF

Op verschillende NGF-projecten (Nationaal Groeifonds) op de EZK-begroting heeft onderuitputting plaatsgevonden. Dit komt door vertraging bij uitfinanciering van de NGF-projecten NXTGEN HIGH TECH (20 miljoen) en PhotonDelta (20 miljoen euro).

Overige meevallers

Op verschillende dossiers is minder uitgegeven dan geraamd. Zo is er minder uitgegeven aan de ruimte voor de economie-middelen (Groningen), op diverse coronaregelingen (18 miljoen euro), en zijn er minder betalingen gedaan op de Garantie Ondernemingsfinanciering (12 miljoen euro).

Tegenvallers

Tegenvallers

Op verschillende dossiers zijn er kleine tegenvallers. Dit gaat bijvoorbeeld om de terugbetaling van boetes die het ACM heeft opgelegd (2,5 miljoen euro), cofinanciering EFRO (1,7 miljoen euro), en hogere kosten voor het RVO (1,6 miljoen euro).

Overboekingen met andere begrotingen

Overboekingen met andere begrotingen

De niet-uitgegeven budgetten voor de opdrachten die het RVO uitvoert voor generieke NGF-werkzaamheden (4 miljoen euro) worden van de EZ-begroting teruggeboekt naar de NGF-fondsbegroting.

Technisch        

Technisch        

Deze post bestaat uit afrondingsverschillen om te zorgen dat de uitgaven op artikelniveau in de begroting gelijk zijn aan de verwerkte uitgaven in de financiële administratie.        

Niet-kaderrelevant       

Niet-kaderrelevant  

Op de Dutch Tech Fundregeling is 1000 euro minder uitgegeven dan geraamd.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Meevallers

Op verschillende dossiers is meer ontvangen dan geraamd bij Najaarsnota 2025, dit gaat bijvoorbeeld om de Tegemoetkoming Energiekosten (8,1 miljoen euro), de SEED (6,1 miljoen euro), en de Tegemoetkoming Vaste Lasten (4,6 miljoen euro).

Tegenvallers

BMKB

Voor de BMKB hebben bedrijven minder aanvragen gedaan dan het garantieplafond toelaat. Door het lagere aantal aanvragen zijn de ontvangsten ook proportioneel lager (-15 miljoen euro).

Ontvangsten High Trust

De High Trust boete-opbrengsten van de ACM vallen 19 miljoen euro lager uit dan bij Najaarsnota geraamd. Deze ontvangsten fluctueren sterk van jaar tot jaar. Dit komt onder andere door het aantal en de hoogte van door de ACM opgelegde boetes. De ACM is hierin volledig onafhankelijk.

Overige tegenvallers

Op verschillende dossiers zijn er kleine tegenvallers. Dit gaat bijvoorbeeld om lagere ontvangsten op de Garantie Ondernemingsfinanciering (6,9 miljoen euro), de Groeifaciliteit (6,3 miljoen euro), en de Innovatiekredieten (2,3 miljoen euro)

Technisch

Technisch

Deze post bestaat uit afrondingsverschillen om te zorgen dat de ontvangsten op artikelniveau in de begroting gelijk zijn aan de verwerkte ontvangsten in de financiële administratie.        

Niet-kaderrelevant

Niet-kaderrelevant

Onder deze post zijn geen mutaties verwerkt.

Nationaal Groeifonds

Nationaal Groeifonds: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

393

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 393

  

Stand Najaarsnota

0

  

Meevallers

‒ 4

Meevallers

‒ 4

  

Overboekingen met andere begrotingen

4

Overboekingen met andere begrotingen

4

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

0

Nationaal Groeifonds: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

 

Mutaties t/m Najaarsnota

 
  

Stand Najaarsnota

 
  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

 

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Meevallers

Dit betreft de niet-uitgegeven budgetten voor de opdrachten die het RVO uitvoert voor generieke NGF-werkzaamheden.

Overboekingen met andere begrotingen

Overboekingen met andere begrotingen

De niet-uitgegeven budgetten voor de opdrachten die het RVO uitvoert voor generieke NGF-werkzaamheden (-4 miljoen) worden van de EZ-begroting teruggeboekt naar de NGF-fondsbegroting.

Ontvangsten

Er zijn geen ontvangsten op de begroting van het Nationaal Groeifonds.

Klimaat en Groene Groei (inclusief Klimaatfonds)

Klimaat en Groene Groei

XXIII Klimaat en Groene Groei: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

4.509

Mutaties t/m Najaarsnota

1.990

  

Stand Najaarsnota

6.500

  

Meevallers

‒ 1.161

Tijdelijk prijsplafond energie kleinverbruikers 2023

‒ 60

Projecten Nationaal Groeifonds

‒ 138

SDE-regelingen

‒ 251

Overige regelingen SDE-domein

‒ 569

Overige meevallers

‒ 143

  

Tegenvallers

18

Tegenvallers

18

  

Technisch

815

Storting begrotingsreserve Duurzame energie en klimaattransitie

815

  

Niet-kaderrelevant

‒ 100

Niet-kaderrelevant

‒ 100

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

6.071

XXIII Klimaat en Groene Groei: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

2.418

Mutaties t/m Najaarsnota

1.819

  

Stand Najaarsnota

4.237

  

Meevallers

65

Terugontvangsten Tijdelijk prijsplafond kleinverbruikers 2023

32

Terugontvangsten SDE-regelingen

6

Overige meevallers

27

  

Tegenvallers

‒ 1

Tegenvallers

‒ 1

  

Generaal dossier

‒ 215

Gasbaten

‒ 215

Overig generaal dossier

0

  

Niet-kaderrelevant

75

ETS-ontvangsten

83

Lening EBN vulmaatregelen gas 2026-2027

35

COVA-heffing

5

CO2-heffing

‒ 48

Overig niet-kaderrelevant

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

4.161

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Tijdelijk prijsplafond energie kleinverbruikers 2023

Door een vertraging bij het indienen van de vaststellingsverzoeken voor de subsidie Tijdelijk prijsplafond energiekleinverbruikers 2023 is er in 2025 minder uitgegeven dan geraamd.

Projecten Nationaal Groeifonds

Op diverse projecten uit het Nationaal Groeifonds (NGF) is in totaal 138 miljoen euro aan onderuitputting afgeboekt. Dit wordt onder andere veroorzaakt door vertraging in de uitwerking, openstelling en uitvoering van deze NGF-regelingen. Bij het NGF-project GroenvermogenNL is er vertraging ontstaan vanwege onzekerheid rondom de invoering van de Wet collectieve warmte.

SDE-regelingen

Op de Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE) is minder subsidie uitbetaald dan bij de Najaarsnota geraamd, onder andere vanwege teruggetrokken beschikkingen.

Overige regelingen SDE-domein

De nadeelcompensatie kolenmaatregelen (497 miljoen euro) is niet uitbetaald. De goedkeuring voor deze compensatie ligt nog ter beoordeling bij de Europese Commissie. Daarnaast zijn er lagere uitgaven op het flankerend beleid voor onder andere Wind op Zee vanwege een aantal vertraagde onderzoeken.

Overige meevallers

In totaal is er 154 miljoen euro aan resterende onderuitputting op de KGG-begroting. Dit gaat onder andere om 39 miljoen euro onderuitputting op subsidies voor de productie van waterstof, 24 miljoen euro op subsidies en leningen voor de verduurzaming van de industrie en 18 miljoen euro op de Demonstratieregeling Energie- en Klimaatinnovatie (DEI+).

Tegenvallers

Op een aantal regelingen is in totaal voor 18 miljoen euro meer gerealiseerd dan bij Najaarsnota ingeschat. Dit betreft onder andere 5 miljoen euro op de doorsluis van de heffing aan de stichting Centraal Orgaan Voorraadvorming Aardolieproducten (COVA) en 3 miljoen euro op het Klimaatfondsdeel van de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE).

Technisch

Storting in begrotingsreserve Duurzame energie en klimaattransitie

Er wordt 815 miljoen euro in de begrotingsreserve Duurzame energie en klimaattransitie gestort, dit zijn de meevallers onder ‘SDE-regelingen’, ‘Overige meevallers SDE-domein’ en ‘Terugontvangsten SDE-regelingen’ (zie ontvangsten).

Niet-kaderrelevant

Voor de vultaak van Energie Beheer Nederland (EBN) voor het gasopslagjaar 2026-2027 is een leenfaciliteit beschikbaar. Hiervan is een deel (100 miljoen euro) in 2025 begroot, omdat EBN mogelijk vanaf december 2025 handelsposities in zou nemen. EBN heeft hier geen gebruik van gemaakt.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Terugontvangsten Tijdelijk prijsplafond kleinverbruikers 2023

In 2023 is door leveranciers van elektriciteit en gas maandelijks een subsidievoorschot aangevraagd voor het prijsplafond. Medio 2023 zijn leveranciers gestart met het corrigeren van de ontvangen voorschotten aan de hand van de definitieve toepassing van het prijsplafond op basis van de definitieve meterstanden. Na de voorschot- en correctiefase hebben de leveranciers uiterlijk in juni 2025 een vaststellingsverzoek ingediend. Op grond van de vaststellingsverzoeken is er meer aan terugbetaalde voorschotten ontvangen dan geraamd.

Terugontvangsten SDE-regelingen

Er zijn meer subsidievoorschotten voor de SDE terugontvangen dan geraamd.

Overige meevallers

Op diverse posten is er een meevaller, waaronder een niet-geraamde terugbetaling van 27 miljoen van de lening aan de Nuclear Research Group.

Tegenvallers

Op diverse posten is er een kleine tegenvaller.

Generaal dossier

Gasbaten

De lagere realisatie op de gasbaten komt met name doordat geraamde ontvangsten op basis van de Mijnbouwwet al eerder waren afgedragen. Voor het overige deel is er sprake van een meevaller als gevolg van veranderde gasprijzen en winningsvolumes.

Overig generaal dossier

Er is een kleine meevaller op de ontvangsten zoutwinning en een kleine tegenvaller op de dividenduitkering van GasTerra.

Niet-kaderrelevant

ETS-ontvangsten

De ETS-prijs bleek in de tweede helft van 2025 hoger dan geraamd, hierdoor is er een meevaller van 83 miljoen euro op de ETS-ontvangsten.

Overig niet-kaderrelevant

De CO2-heffing over 2025 wordt pas in 2026 ontvangen door de Belastingdienst. Dit leidt tot lagere ontvangsten in 2025. Daarnaast heeft KGG 35 miljoen euro ontvangen van EBN voor de kosten van de leenfaciliteit voor de vultaak van de gasopslagen. Ook is er een meevaller van 5 miljoen op de heffing voor de stichting Centraal Orgaan Voorraadvorming Aardolieproducten (COVA).

Klimaatfonds

Klimaatfonds: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

758

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 748

  

Stand Najaarsnota

9

  

Meevallers

‒ 9

Meevallers

‒ 9

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

0

Klimaatfonds: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

 

Mutaties t/m Najaarsnota

 
  

Stand Najaarsnota

 
  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

 

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevaller

Een reservering in het Klimaatfonds is niet uiteindelijk niet overgeheveld, waardoor er onderuitputting optreedt op deze middelen.

Ontvangsten

Er hebben geen ontvangstenmutaties plaatsgevonden op de begroting van het Klimaatfonds.

Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (inclusief Diergezondheidsfonds)

Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur

XIV Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

4.731

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 485

  

Stand Najaarsnota

4.246

  

Meevallers

‒ 585

Warmte-infrastructuur glastuinbouw

‒ 6

Lbv-regelingen

‒ 510

Overige meevallers

‒ 69

  

Tegenvallers

68

Lbv-regelingen

27

In beslag genomen goederen

11

Overige tegenvallers

30

  

Technisch

28

Apurement

20

Begrotingsreserve visserij

12

Materiële uitgaven

‒ 7

Overig technisch

3

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

3.757

XIV Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

74

Mutaties t/m Najaarsnota

155

  

Stand Najaarsnota

230

  

Meevallers

40

Terugontvangen subsidievoorschotten

20

Bijdragen derden onderzoek

4

Overige meevallers

16

  

Tegenvallers

‒ 14

MGA-regeling

‒ 11

Overige tegenvallers

‒ 3

  

Technisch

18

Internationale ontvangsten visserij

16

Overig technisch

2

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

273

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Lbv-regelingen

De onderuitputting op de Landelijke beëindigingsregelingen veehouderij (Lbv-regelingen) wordt bijna volledig veroorzaakt doordat veehouders zich uit de regeling terugtrekken. Omdat veel veehouders zich in november en december terugtrokken (voor veel deelnemers stond in deze maanden een deadline), was deze onderuitputting nog niet eerder in beeld. Van de 510 miljoen euro onderuitputting is 496 miljoen euro onderuitputting op de Lbv-plus en 14 miljoen euro op de Lbv-kleine sectoren.

Warmte-infrastructuur glastuinbouw

Bij deze regeling is vertraging ontstaan door deelnemers die niet op tijd aan alle voorwaarden voldeden. Deze verplichtingen en betalingen worden in 2026 alsnog gedaan.

Overige meevallers

Dit is een opsomming van een groot aantal meevallers van minder dan 5 miljoen euro, waaronder op de verplaatsingsregeling (3,8 miljoen euro) en het vrijvallen van nog onverdeelde middelen (3,1 miljoen euro).

Tegenvallers

Lbv-regelingen

Op de reguliere Lbv-regeling heeft overuitputting opgetreden van 26,6 miljoen euro. Per saldo valt dit weg met de meevallers op de Lbv-plus en Lbv-kleine sectoren.

In beslag genomen goederen

Dit betreft een tegenvaller van 11 miljoen euro op de kosten voor opvang en onderhoud van door de RVO in beslag genomen goederen wegens niet voldoen aan wet- en regelgeving.

Overige tegenvallers

Deze post is een opsomming van meerdere tegenvallers van minder dan 5 miljoen euro, waaronder niet-meer inbare vorderingen bij de EU (4,2 miljoen euro), meer compensatie pelsdierhouderijen in 2025 dan verwacht (2,3 miljoen euro) en overschrijding op EMFAF-subsidieregelingen (4,8 miljoen euro).

Technisch

Apurement

De begrotingsreserve Apurement is bedoeld om financiële correcties volgend uit conformiteitsprocedures vanuit de Europese Commissie te betalen. Er wordt 20,1 miljoen euro aan de reserve toegevoegd om de reserve op peil te houden.

Begrotingsreserve visserij

Er wordt 12,3 miljoen euro toegevoegd aan de begrotingsreserve visserij. LVVN ontvangt middelen vanuit het European Maritime Fisheries and Aquaculture Fund (EMFAF), evenredig aan hoe lang het EMFAF loopt. Uitgaven zijn vooraf niet concreet per jaar te ramen waardoor de uitgaven in de praktijk altijd afwijken van begrotingsstanden. De uitgaven zijn in eerdere jaren lager dan beschikbaar budget, met deze storting in de begrotingsreserve visserij wordt dit verschil toegevoegd aan de begrotingsreserve om eventuele hogere uitgaven dan er aan budget voor het EMFAF op de begroting staat op te vangen.

Materiële uitgaven

Door technische redenen is onderuitputting ontstaan op het budget voor materiële uitgaven doordat de uitgaven vanuit een ander budget zijn gedaan.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Terugontvangen subsidievoorschotten

Deze terugontvangsten ontstaan door deelnemers aan subsidieregelingen die na hun eerste deelbetaling (voorschot) zich alsnog terugtrekken. Het merendeel van het bedrag wordt verklaard door ontvangsten op de Lbv-regelingen (16,6 miljoen euro), de rest door diverse overige regelingen.

Bijdragen derden onderzoek

Het gaat om de sectorbijdrage aan de High Containment Unit en een bijdrage vanuit de EU aan het LEAP-AGRI project, een project van de EU en Afrika voor duurzame landbouw.

Overige meevallers

Dit is een verzamelpost van een aantal meevallers, waaronder diverse meerontvangsten uit RVO-regelingen (6,4 miljoen euro), hoger uitgevallen ontvangsten op het apparaatsartikel omdat deze ontvangsten van EZ/KGG onterecht naar LVVN gealloceerd zijn (1,3 miljoen euro) en afdracht van surplus eigen vermogen NVWA (1,7 miljoen euro).

Tegenvallers

MGA-regeling

Van de middelen die aan provincies zijn voorgeschoten voor de regeling Maatwerk Gerichte Aankoop en beëindiging veehouderijbedrijven is minder aan LVVN terugbetaald in 2025 dan geraamd. Dit leidt tot een tegenvaller van 11 miljoen euro. Provincies hebben tot 2027 om de middelen terug te betalen.

Overige tegenvallers

Dit betreft een verzamelpost van diverse tegenvallers op de ontvangsten, waaronder lagere ontvangsten uit leges en verhuur van mosselpercelen (1,2 miljoen euro) en lagere boetes op mestbeleid dan geraamd (0,8 miljoen euro).

Technisch

Internationale ontvangsten visserij

Dit betreffen ontvangsten die gerelateerd zijn aan het EMFAF. Specifiek gaat het hier om ontvangsten van de datacollectie die LVVN uitvoert op zee. De ontvangsten worden toegevoegd aan de Begrotingsreserve visserij.

Diergezondheidsfonds

Diergezondheidsfonds: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

36

Mutaties t/m Najaarsnota

0

  

Stand Najaarsnota

36

  

Niet-kaderrelevant

7

Niet-kaderrelevant

7

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

43

Diergezondheidsfonds: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

54

Mutaties t/m Najaarsnota

23

  

Stand Najaarsnota

78

  

Niet-kaderrelevant

3

Niet-kaderrelevant

3

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

81

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Niet-kaderrelevant

De uitgaven vallen 6,6 miljoen euro hoger uit dan geraamd, de voornaamste reden hiervoor is dat de uitgaven voor bestrijding van vogelgriep (HPAI) hoger uitvielen.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Niet-kaderrelevant

De ontvangsten vallen 3,1 miljoen euro hoger uit dan geraamd. Dit is het saldo van extra middelen die vanuit de EU zijn ontvangen voor de bestrijding van vogelgriep (13,9 miljoen euro) en een tegenvaller op de geraamde ontvangsten vanwege het later ontvangen van heffingen vanuit de sector (10,8 miljoen euro).

Sociale Zekerheid

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

XV Sociale Zaken en Werkgelegenheid: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

59.997

Mutaties t/m Najaarsnota

1.088

  

Stand Najaarsnota

61.085

  

Meevallers

‒ 167

Wajong

‒ 5

Onderuitputting opdrachtenbudget arbeidsmarkt

‒ 13

Wet op het Kindgebonden Budget

‒ 19

Onderuitputting SLIM

‒ 23

Kinderopvangtoeslag

‒ 46

Onderuitputting

‒ 53

Overige meevallers

‒ 8

  

Tegenvallers

11

Tegenvallers

11

  

Niet-kaderrelevant

‒ 2

Niet-kaderrelevant

‒ 2

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

60.927

XV Sociale Zaken en Werkgelegenheid: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

2.502

Mutaties t/m Najaarsnota

95

  

Stand Najaarsnota

2.597

  

Meevallers

24

Onderuitputting

15

Tozo terugontvangsten

9

Overige meevallers

0

  

Tegenvallers

‒ 38

Terugontvangsten Kindgebonden Budget

‒ 31

Overige tegenvallers

‒ 7

  

Niet-kaderrelevant

6

Niet-kaderrelevant

6

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

2.589

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Wajong           

De uitgaven aan de Wajong vallen lager uit dan geraamd. Dit is vooral het gevolg van een beperkte daling van het aantal aanvragen en toekenningen in de Wajong2015.

Onderuitputting opdrachtenbudget arbeidsmarkt     

De onderuitputting op het opdrachtenbudget van begrotingsartikel 1, arbeidsmarkt, heeft verschillende oorzaken. Zo is een communicatiecampagne uitgesteld omdat de behandeling en inwerkingtredingsdatum van het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar) naar achteren is geschoven. Ook was er minder budget nodig voor opdrachten aan het RIVM omdat het aantal aanvragen voor de regeling Tegemoetkoming Stoffengererlateerde Beroepsziekten (TSB) lager was dan verwacht.

Wet op het Kindgebonden Budget       

De uitgaven aan het kindgebonden budget vallen lager uit. Dit komt doordat de nabetalingen over toeslagjaar 2023 circa € 36 miljoen lager uitvallen dan eerder geraamd. Daarentegen vallen de nabetalingen over toeslagjaar 2024 juist € 15 miljoen hoger uit dan eerder geraamd.

Onderuitputting SLIM 

De lagere uitgaven aan de subsidie Stimuleringsregeling leren en ontwikkelen (SLIM) worden veroorzaakt doordat de beoordelingen van de aanvragen bij het laatste aanvraagtijdvak vertraging op heeft gelopen.

Kinderopvangtoeslag 

De uitgaven aan kinderopvangtoeslag zijn lager uitgekomen dan bij Najaarsnota was verwacht. De voorschotten in de laatste maanden van 2025 kwamen lager uit, met name doordat het gebruik van kinderopvang iets lager uitkwam. Daarnaast zijn er in de laatste maanden van 2025 iets minder nabetalingen uitgekeerd.

Onderuitputting            

Onder deze post valt de onderuitputting op verschillende budgetten. Er is 6 miljoen euro onderuitputting op de subsidieregeling Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid en Eerder Uittreden (MDIEU). De beoordeling van aanvragen voor deze regeling heeft vertraging opgelopen. Daarnaast waren de voorschotten voor deze regeling lager dan verwacht. Verder is er 2 miljoen euro onderuitputting op het opdrachtenbudget van begrotingsartikel 2: Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet. Deze onderuitputting is hoofdzakelijk het gevolg van een aantal opdrachten die later zijn gestart dan oorspronkelijk was gepland. Tot slot is er sprake van 15 miljoen euro onderuitputting op het apparaatsbudget. Deze onderuitputting doet zich voor op verschillende personeelsbudgetten, waarvan salarisbudget het grootste is.

Overige meevallers

Deze post bevat meevallers met een beperkte budgettaire omvang. De grootste meevaller van circa 3,5 miljoen komt doordat de uitvoeringskosten van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) lager uitvallen dan verwacht. Ook is er een meevaller van 3 miljoen euro op de Algemene ouderdomsverzekering (AOV) Caribisch Nederland. Een verklaring hiervoor is de koersdaling van de dollar gedurende het jaar, omdat de regeling wordt uitbetaald in dollars en begroot wordt in euro’s.

Tegenvallers   

Tegenvallers  

Deze post bevat tegenvallers met een beperkte budgettaire omvang. Het gaat bijvoorbeeld om een tegenvaller van circa 4 miljoen euro op de regeling Ziekteverzekering (ZV) Caribisch Nederland. Dit wordt veroorzaakt door een hogere gemiddelde uitkering als gevolg van de stijging van het minimumloon die ook doorwerkt naar hogere loonschalen. Daarnaast zijn de ZV-uitkeringen van november en december 2024 begin 2025 geboekt en fluctueert het aantal ziektedagen jaarlijks. Ook is er circa 1 miljoen euro meer uitgegeven aan subsidies voor geldzorgen, armoede en schulden.

Niet-kaderrelevant      

Niet-kaderrelevant

Dit betreft realisaties op de rijksbijdragen aan sociale fondsen. Zo is de rijksbijdrage voor de regeling Zelfstandige en Zwanger (ZEZ) lager uitgevallen dan verwacht.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers      

Onderuitputting            

Onder deze post vallen verschillende gerealiseerde ontvangsten. De grootste meevaller doet zich voor op het ontvangstenbudget van begrotingsartikel 1, Arbeidsmarkt. Hier zijn circa 6 miljoen euro meer ontvangsten door terugbetalingen van diverse subsidies zoals STAP, SLIM, SPDI en MDIEU. Daarnaast vallen de gerealiseerde ontvangsten op begrotingsartikel 4, Jonggehandicapten, circa 4 miljoen hoger uit. UWV ontvangt middelen vanuit het Europees Sociaal Fonds (ESF) voor re-integratiedienstverlening. Deze middelen zijn meegenomen in de eindafrekening 2024 en zorgen voor een terugontvangst op dit budget in 2025.

Tozo terugontvangsten            

De terugontvangsten voor de beëindigde Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo), vallen 9 miljoen euro hoger uit dan verwacht.

Overige meevallers     

Deze post bevat meevallers met een beperkte (afgerond 0) budgettaire omvang.

Tegenvallers   

Terugontvangsten Kindgebonden Budget      

De terugontvangsten van de WKB zijn lager dan eerder begroot. De belangrijkste oorzaak hiervan is dat er minder terugvorderingen zijn. Dit houdt grotendeels verband met het feit dat Dienst Toeslagen de afgelopen jaren bij het vaststellen van de voorschotten gemiddeld genomen (bewust) van een hogere loonstijging voor de WKB-gerechtigden is uitgegaan, zodat er minder (en lagere) terugvorderingen nodig zijn.

Overige tegenvallers  

Deze post bevat een tegenvaller van 7 miljoen euro op het ontvangstenbudget van de kinderopvangtoeslag. Dit komt vooral door lagere terugontvangsten over uitbetaalde toeslagen in eerdere jaren.

Niet-kaderrelevant      

Niet-kaderrelevant

Deze post bevat de realisaties op de niet-kaderrelevante ontvangsten. Hieronder valt de realisatie op de werkgeversbijdrage kinderopvang. De gerealiseerde uitgaven zijn daar circa 5 miljoen euro hoger uitgevallen dan verwacht.

Sociale Verzekeringen

Sociale Verzekeringen: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

  

Stand Najaarsnota

88.132

  

Meevallers

‒ 61

Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen

‒ 13

CRTV langdurige arbeidsongeschiktheid

‒ 19

Uitvoeringskosten UWV

‒ 23

Overige meevallers

‒ 6

  

Tegenvallers

111

Ziektewet

44

Verlofregelingen

39

Uitvoeringskosten SVB

13

Overige tegenvallers

15

  

Kadercorrecties

84

Werkloosheidswet

84

Overige kadercorrecties

1

  

Niet-kaderrelevant

‒ 63

Sociale lasten

‒ 63

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

88.203

Sociale verzekeringen: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

245

Mutaties t/m Najaarsnota

24

  

Stand Najaarsnota

269

  

Kadercorrecties

‒ 5

Kadercorrecties

‒ 5

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

264

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers      

Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen

De uitgaven aan de WIA-uitkeringen zijn lager uitgevallen dan eerder geraamd. Ten opzichte van de najaarsnotaraming valt het aantal WGA-uitkeringen hoger uit en het aantal IVA-uitkeringen lager. Daarnaast valt de gemiddelde uitkeringshoogte lager uit, zowel bij de WGA als de IVA.

CRTV langdurige arbeidsongeschiktheid        

De uitgaven aan de compensatieregeling transitievergoeding langdurige arbeidsongeschiktheid (CRTV-LAO) vallen lager uit dan verwacht. Dit komt vooral door een lager aantal aanvragen voor de regeling dan eerder verwacht.

Uitvoeringskosten UWV

De uitvoeringskosten van het UWV vallen op basis van het definitieve jaarverslag lager uit dan verwacht.

Overige meevallers     

Deze post bevat meevallers van beperkte budgettaire omvang. Hiervan wordt 2 miljoen euro veroorzaakt door lagere gerealiseerde uitgaven aan scholing binnen de WW, door het UWV.

Tegenvallers   

Ziektewet        

De realisatie van de uitkeringslasten voor de Ziektewet zijn hoger uitgevallen dan eerder geraamd. Deze toename komt met name doordat zwangere mensen vaker een ZW-uitkering ontvangen.

Verlofregelingen            

Deze post bevat hoger gerealiseerde uitgaven aan de verlofregelingen. Hiervan wordt 28 miljoen euro verklaard door hogere uitgaven aan aan het zwangerschaps- en bevallingsverlof voor werknemers, zowel door een hogere gemiddelde jaaruitkering als een hoger aantal toekenningen dan eerder geraamd. De overige 11 miljoen euro betreft hogere uitgaven bij de regelingen Zelfstandig en Zwanger (ZEZ) en het aanvullend geboorteverlof voor partners (WIEG). Dit is het gevolg van een hoger aantal aanvragen voor de WIEG dan verwacht en een nabetaling over 2024 aan UWV voor de ZEZ.

Uitvoeringskosten SVB

De uitvoeringskosten van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) vallen op basis van het definitieve jaarverslag hoger uit dan verwacht.

Overige tegenvallers  

Deze post bevat tegenvallers van beperkte budgettaire omvang. De grootste tegenvaller betreft een opwaartse bijstelling van de AOW-uitgaven van circa 7 miljoen euro als gevolg van een hoger aantal gerechtigden dan eerder geraamd, met name door minder sterfgevallen in het buitenland dan geraamd.

Kadercorrecties           

Werkloosheidswet      

Op basis van uitvoeringsinformatie van UWV is de raming van de Werkloosheidswet (WW) bijgesteld. Uit de realisatiecijfers over 2025 bleek dat de gemiddelde uitkeringshoogte iets hoger was dan eerder verwacht. Het volume is door een gewijzigde samenstelling hoger dan eerder geraamd. Deze bijstellingen zorgen voor een opwaarts effect van de WW-uitkeringslasten.

Overige kadercorrecties          

Dit gaat om een kadercorrectie op de uitgaven aan de Ziektewet, vanwege een daling van het aandeel eigenrisicodragers (ERD).           

Niet-kaderrelevant      

Sociale lasten

Deze post betreft niet-kaderrelevante uitgaven en omvat de bijstelling van over uitkeringen betaalde werkgeverpremies. Deze betalingen zijn bijgesteld op basis van de realisaties over de verschillende inkomensregelingen, zoals de Wet arbeid en zorg-uitkeringen (WAZO) en de Werkloosheidswet (WW).

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Kadercorrecties      

Kadercorrecties      

Er vindt een kadercorrectie plaats voor gerealiseerde ontvangsten aan het Uitvoeringsfonds voor de overheid (Ufo) ontvangsten binnen de Werkloosheidswet (WW). Dit komt door lagere WW-uitgaven bij overheidswerkgevers die eigenrisicodrager zijn, waardoor de bijbehorende ontvangsten lager uitvallen.

Koppeling Uitkeringen

Koppeling Uitkeringen: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

1.311

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 1.311

  

Stand Najaarsnota

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

0

Koppeling Uitkeringen: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

4

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 4

  

Stand Najaarsnota

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

0

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Stand Najaarsnota

Er zijn geen wijzigingen geweest op het hoofdstuk Koppeling Uitkeringen na de Najaarsnota.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Stand Najaarsnota

Er zijn geen wijzigingen geweest op het hoofdstuk Koppeling Uitkeringen na de Najaarsnota.

Zorg

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Volksgezondheid, Welzijn en Sport: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

36.502

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 1.488

  

Stand Najaarsnota

35.014

  

Meevallers

‒ 215

Covid

‒ 5

Informatiebeleid

‒ 13

NGF-project DUTCH

‒ 16

Eigenaarsbijdrage RIVM

‒ 21

NGF-project PharmaNL

‒ 21

Realisatie apparaat

‒ 54

Overige meevallers

‒ 85

  

Tegenvallers

42

Realisatie apparaat

17

Overige tegenvallers

25

  

Overboekingen met andere begrotingen

0

Overboekingen met andere begrotingen

0

  

Technisch

0

Technisch

0

  

Niet-kaderrelevant

‒ 10

Tegemoetkoming specifieke zorgkosten

7

Zorgtoeslag

‒ 17

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

34.830

Volksgezondheid, Welzijn en Sport: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

285

Mutaties t/m Najaarsnota

1.040

  

Stand Najaarsnota

1.325

  

Meevallers

58

Zorgbreed beleid

35

Sport en bewegen

15

Overige meevallers

7

  

Tegenvallers

‒ 69

Regeling betalingsachterstand zorgpremie

‒ 5

Covid

‒ 61

Overige tegenvallers

‒ 3

  

Niet-kaderrelevant

‒ 4

Zorgtoeslag

‒ 4

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

1.309

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Covid

Op de budgetten voor Covid-19 treedt per saldo circa 5 miljoen euro aan onderuitputting op. Dit komt voornamelijk door een lagere aanschaf van Covid-19-vaccins door het RIVM (4 miljoen euro).

Informatiebeleid

Enkele activiteiten op het gebied van gegevensuitwisseling (generieke functies, persoonlijke gezondheidsomgeving en het landelijk dekkend netwerk) hebben vertraging opgelopen, waardoor er 13 miljoen euro vrijvalt.

NGF-project DUTCH

Door vertraging in de uitvoering van het programma Digital United Training Concepts for Healthcare (DUTCH) is het beschikbare budget voor 2025 niet volledig benut (16 miljoen euro). Deze middelen uit het Nationaal Groeifonds blijven voor Dutch beschikbaar.

Eigenaarsbijdrage RIVM

Er stonden middelen gereserveerd in 2025 voor de verhuizing van het RIVM. Doordat de verhuizing in 2025 niet is doorgegaan, valt er 21 miljoen euro vrij.

NGF-project PharmaNL

De lagere uitgaven aan bijdragen ZBOs/RWTs worden veroorzaakt doordat er ruim 21 miljoen euro minder nodig was bij ZonMw voor uitvoering van het project PharmaNL. Deze middelen uit het Nationaal Groeifonds blijven beschikbaar.

Realisatie apparaat

Per saldo is de onderuitputting op het apparaatsartikel 37 miljoen euro. De lagere uitgaven op het apparaatsartikel zijn voor een groot deel veroorzaakt door een onderbesteding van 23 miljoen euro op externe inhuur. Dit komt met name door te late facturering in de maand december bij de directie DICIO en de lagere behoefte aan externe inhuur van (WOO-)juristen. Daarnaast is er voor 10 miljoen euro minder aan eigen personeel uitgegeven.

Overige meevallers

Er zijn diverse kleinere meevallers op de VWS-begroting die optellen tot 85 miljoen euro. Er is onder andere voor 5 miljoen euro vrijgevallen aan middelen voor het opleiden van artsen maatschappij en gezondheid. Dit is het gevolg van een lagere instroom en een hogere uitval dan verwacht. Daarnaast is 4 miljoen euro minder toegekend aan NRG Pallas vanwege onvoldoende onderbouwing bij het laatste trekkingsrecht.

Tegenvallers

Realisatie apparaat

De tegenvallers binnen de apparaatsuitgaven tellen op tot 17 miljoen euro. Deze tegenvallers zijn voornamelijk het gevolg van verschillen in budgetrapportages/indelingen van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Per saldo is de onderuitputting op het apparaatsartikel 37 miljoen euro.

Overige tegenvallers

Er zijn diverse kleine en grote tegenvallers op de VWS-begroting die optellen tot 25 miljoen euro. De grootste tegenvallers worden hier toegelicht. De bijdrage aan het RIVM voor ziektepreventie viel 5 miljoen euro hoger uit dan geraamd. De bijdrage aan ZBO’s valt 2 miljoen euro hoger uit dan verwacht. Daarnaast is er 2 miljoen euro vrijgevallen voor opdrachten omtrent uitkomstgerichte zorg.

Overboekingen met andere begrotingen

Voor het digitaliseren van de departementale archieven (Public Value Case) is een incidentele bijdrage van 0,5 miljoen euro overgeheveld naar de BZK-begroting.

Technisch

Er zijn diverse technische mutaties uitgevoerd op de uitgavenbudgetten.

Niet-kaderrelevant

Tegemoetkoming specifieke zorgkosten

Op basis van gegevens van de Belastingdienst zijn de uitgaven in het kader van de tegemoetkoming specifieke zorgkosten 7 miljoen euro hoger dan eerder geraamd.

Zorgtoeslag

Op basis van gegevens van de Dienst Toeslagen zijn de uitgaven Zorgtoeslag 17 miljoen euro lager dan eerder geraamd.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Zorgbreed beleid

De ontvangsten vallen 35 miljoen euro hoger uit dan geraamd doordat een aantal subsidies van o.a. Sectorplanplus uiteindelijk lager is vastgesteld dan aanvankelijk geraamd.

Sport en bewegen

Door vaststellingen en afrekeningen op diverse subsidies en regelingen hebben in 2025 incidenteel hogere ontvangsten plaatsgevonden ter hoogte van 15 miljoen euro.

Overige meevallers

Op het ontvangstenbudget van de VWS-begroting staan diverse kleine meevallers die optellen tot 7 miljoen euro. Op het artikel jeugd is er 4 miljoen euro meer ontvangen dan begroot door niet volledig uitgeputte subsidies en specifieke uitkeringen.

Tegenvallers

Regeling betalingsachterstand zorgpremie

De ontvangsten van de Regeling betalingsachterstand zorgpremie (BAZ) zijn 5 miljoen euro lager dan geraamd.

Covid

De ontvangsten op Covid-19-budgetten vielen 61 miljoen euro lager uit dan verwacht. Bepaalde Covid-gerelateerde uitgaven uit eerdere jaren, zouden aanvankelijk in 2025 afgerekend worden. Echter, hebben de afrekeningen niet in 2025 plaatsgevonden. De teruggave van deze ontvangsten zal pas in 2026 worden gerealiseerd.

Overige tegenvallers

De overige tegenvallers op het ontvangstenbudget tellen op tot 3 miljoen euro.

Niet-kaderrelevant

Zorgtoeslag

Op basis van gegevens van de Dienst Toeslagen zijn de ontvangsten van de zorgtoeslag 4 miljoen euro lager dan geraamd.

Zorg

Zorg: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

106.611

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 2.230

  

Stand Najaarsnota

104.381

  

Meevallers

‒ 147

Actualisatie Zvw-uitgaven

‒ 133

Overige meevallers

‒ 14

  

Tegenvallers

68

Actualisatie Zvw-uitgaven

59

Actualisatie Wlz buiten kader

10

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

104.302

Zorg: Ontvangsten

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

5.930

Mutaties t/m Najaarsnota

29

  

Stand Najaarsnota

5.959

  

Meevallers

6

Actualisatie eigen bijdragen Wlz

6

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

5.965

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Actualisatie Zvw-uitgaven

De geraamde uitgaven binnen de Zorgverzekeringswet (Zvw) zijn geactualiseerd op basis van de meest recente informatie van het Zorginstituut en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Deze bijstellingen resulteren in een totale meevaller van 133,4 miljoen euro ten opzichte van de Najaarsnota 2025. De voornaamste onderschrijding zat op de sectoren medisch-specialistische zorg (-51,7 miljoen euro), de grensoverschrijdende zorg met het buitenland niet in het macroprestatiebedrag (-24,9 miljoen euro) en de uitgaven voor opleidingen (-14,0 miljoen euro). Per saldo worden de uitgaven binnen de Zvw met 74,7 miljoen euro naar beneden bijgesteld.

Overige meevallers

Op het artikel nominaal en onverdeeld is 14,0 miljoen euro niet tot besteding gekomen. De vrijval zit bij de Zvw op Pandemische paraatheid (-4,3 miljoen euro miljoen euro) en Voorwaardelijke toelating geneesmiddelen (-3,7 miljoen euro) en bij de Wlz op Scheiden wonen zorg (-6,0 miljoen euro).

Tegenvallers

Actualisatie Zvw-uitgaven

De geraamde uitgaven binnen de Zorgverzekeringswet (Zvw) zijn geactualiseerd op basis van de meest recente informatie van het Zorginstituut en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Deze bijstellingen resulteren in een totale tegenvaller van 58,7 miljoen euro ten opzichte van de Najaarsnota 2025. De voornaamste overschrijding zat op de sectoren overige curatieve zorg (14,0 miljoen euro), de huisartsenzorg (13,0 miljoen euro) en ambulancevervoer (12,9 miljoen euro). Per saldo worden de uitgaven binnen de Zvw met 74,7 miljoen euro naar beneden bijgesteld.

Actualisatie Wlz buiten kader

De geraamde uitgaven voor onderdelen van de Wlz die buiten het vastgestelde kader vallen, zijn geactualiseerd op basis van recente gegevens van het Zorginstituut en de NZa. De uitgaven zijn met 9,7 miljoen euro verhoogd.

Ontvangsten

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Actualisatie eigen bijdragen Wlz

De geraamde eigen bijdragen Wlz zijn op basis van de meest recente informatie van het Zorginstituut geactualiseerd. Dit leidt tot een meevaller van 6,2 miljoen euro bij de eigen bijdragen binnen de Wlz ten opzichte van de Najaarsnota 2025.

Gemeentefonds en provinciefonds (inclusief accres)

Gemeentefonds

Gemeentefonds: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

44.896

Mutaties t/m Najaarsnota

2.942

  

Stand Najaarsnota

47.838

  

Meevallers

‒ 137

Wijziging betalingsverloop algemene uitkering 2025

‒ 134

Overige meevallers

‒ 2

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

47.702

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Wijziging betalingsverloop algemene uitkering 2025

Op de algemene uitkering is in 2025 in totaal 134 miljoen euro minder uitbetaald dan het beschikbare budget. Op de decentralisatie-uitkeringen is 0,3 miljoen euro minder uitbetaald dan begroot. Dit betreft de wijziging betalingsverloop waarmee betalingen worden doorgeschoven naar het volgende begrotingsjaar. Bij het gemeentefonds is op de verschillende uitkeringen per definitie geen sprake van onderuitputting en zijn verplichtingen leidend. Dit betekent dat verplichtingen altijd volledig tot uitbetaling zullen komen. Kasmiddelen die in het betreffende begrotingsjaar niet tot uitbetaling zijn gekomen, zullen in een volgend begrotingsjaar alsnog tot uitbetaling komen.

Overige meevallers

In 2025 is sprake van een meevaller van 2 miljoen euro. Dit bestaat uit niet ingezette onderzoeksgelden die bestemd zijn voor onderzoek naar en onderhoud van de verdeelsystematiek van het gemeentefonds.

Accres Gemeentefonds

Accress Gemeentefonds: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

608

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 608

  

Stand Najaarsnota

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

0

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Provinciefonds

Provinciefonds: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

3.552

Mutaties t/m Najaarsnota

559

  

Stand Najaarsnota

4.111

  

Meevallers

‒ 17

Decentralisatie-uitkeringen

‒ 17

Overige meevallers

0

  

Overboekingen met andere begrotingen

7

Decentraal spoor

7

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

4.102

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Meevallers

Decentralisatie uitkeringen

Op de decentralisatie-uitkering is in 2025 in totaal 17 miljoen euro minder uitbetaald dan het beschikbare budget. Dit betreft de wijziging betalingsverloop waarmee betalingen worden doorgeschoven naar het volgende begrotingsjaar. Bij het provinciefonds is op de verschillende uitkeringen per definitie geen sprake van onderuitputting en zijn verplichtingen leidend. Dit betekent dat verplichtingen altijd volledig tot uitbetaling zullen komen. Kasmiddelen die in het betreffende begrotingsjaar niet tot uitbetaling zijn gekomen, zullen in een volgend begrotingsjaar alsnog tot uitbetaling komen.

Overige meevallers

In 2025 is er sprake van een meevaller van 0,1 miljoen euro door niet ingezette onderzoeksgelden die bestemd zijn voor onderzoek naar en onderhoud van de verdeelsystematiek van het provinciefonds. De middelen kunnen tot een maximum van 0,1 miljoen euro meegenomen worden naar het volgende begrotingsjaar.

Overboekingen met andere begrotingen

Decentraal spoor

Vanuit het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat is er voor het uitkeringsjaar 2025 een bijdrage gedaan van 7 miljoen euro aan de provincie Limburg middels een decentralisatie-uitkering via het provinciefonds, dekking van exploitatie- en beheerskosten. Met de provincie is begin november, na het opstellen van de najaarsnota, overeenstemming bereikt over de definitieve afspraken. Deze wijziging is gemeld in de Veegbrief van 15 december 2025 (Kamerstuk 36.800-VII, nr. 17) .

Accres Provinciefonds

Accres PROVINCIEFONDS: UITGAVEN

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

116

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 116

  

Stand Najaarsnota

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

0

Uitgaven

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Prijsbijstelling

Prijsbijstelling: uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

1.502

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 1.502

  

Stand Najaarsnota

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

0

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Arbeidsvoorwaarden

Arbeidsvoorwaarden: Uitgaven

In miljoenen euro

2025

Stand Miljoenennota

4.018

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 4.018

  

Stand Najaarsnota

0

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

0

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

Aanvullende Post

Aanvullende Post

In miljoenen euro

2025

  

Stand Basisstand Miljoenennota

‒ 2.283

Mutaties t/m Najaarsnota

‒ 2.280

  

Stand Najaarsnota

‒ 4.562

  

In=uittaakstelling en aanvullende onderuitputting

3.189

Invulling in=uittaakstelling

1.612

Invulling aanvullende onderuitputting

1.577

  

Tegenvallers

1.373

Niet ingevulde aanvullende onderuitputting

1.373

  

Stand Financieel Jaarverslag Rijk

0

Mutaties t/m Najaarsnota 2025

De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.

In=uittaakstelling en aanvullende onderuitputting

Invulling in=uittaakstelling

Bij het Financieel Jaarverslag Rijk is de in=uittaakstelling met circa 1,6 miljard euro ingevuld. De in=uittaakstelling is daarmee volledig ingevuld.

Invulling aanvullende onderuitputting

Bij het Financieel Jaarverslag Rijk is de aanvullende onderuitputting met circa 1,6 miljard euro ingevuld.

Tegenvallers

Niet ingevulde aanvullende onderuitputting

De aanvullende onderuitputting is niet volledig ingevuld. Het restant van circa 1,4 miljard euro leidt tot een verslechtering van het EMU-saldo.

Licence