Base description which applies to whole site

10.1 DIENST JUSTITIËLE INRICHTINGEN (DJI)

Toelichting exploitatie 2011

Baten

Omzet Moederdepartement

De bijdrage 2011 van het Moederdepartement is gedurende het jaar per saldo met € 97,1 miljoen opwaarts bijgesteld in verband met beleidsmatige mutaties (€ 23,0 miljoen), compensatie hogere kosten verlofregeling substantieel bezwarende functies (SBF) en regeling 2e carrière (€ 40,1 miljoen), loonbijstelling 2011 en doorwerking prijsbijstelling 2010 (€ 29,3 miljoen), (inter)departementale overboekingen (€ 6,4 miljoen), kortingen en taakstellingen (-€ 7,6 miljoen) en technische bijstellingen (€ 5,9 miljoen).

Het bedrag van de beleidsmatige mutaties (in- en extensiveringen) heeft betrekking op:

  • de autonome groei van de forensische zorg in het strafrechtelijk kader (€ 5,0 miljoen);

  • inkoop van Justitiële verslavingszorg (€ 8,0 miljoen);

  • activeren reservecapaciteit Gevangeniswezen in verband met oplopende bezetting (€ 5,7 miljoen);

  • terugkeeractiviteiten in het kader van het programma Modernisering Gevangeniswezen (€ 4,3 miljoen).

De bijdrage van het Moederdepartement wordt verstrekt op kasbasis. De Dienst Justitiële Inrichtingen is een baten-lastendienst. Als gevolg van de verschillende stelsels wijkt de stand van de definitieve kasbijdrage 2011 circa € 47,4 miljoen af van de omzet Moederdepartement in de gespecificeerde staat van baten en lasten 2011. Dit bedrag is het saldo van onder andere de terug te betalen bijdrage in het kader van outputfinanciering, de terug te betalen projectbijdragen en de in de balans opgenomen vooruitontvangen en nog te ontvangen bijdragen.

Omzet derden

De gerealiseerde opbrengsten van derden zijn ten opzichte van de oorspronkelijke begroting € 18,1 miljoen hoger uitgekomen. In het kader van het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België zijn in 2011 extra plaatsen ingezet ten behoeve van de tenuitvoerlegging van bij Belgische veroordelingen opgelegde vrijheidsstraffen. Hierdoor is een hogere opbrengst ad € 8,6 miljoen gerealiseerd. Daarnaast zijn hogere opbrengsten gerealiseerd als gevolg van subsidie- en inkoopvaststellingen over voorgaande jaren. Met name als gevolg van het definitief vaststellen van de inkoop forensische zorg 2010 is een incidentele meevaller ontstaan.

Rentebaten

Door gebruik te maken van de depositofaciliteit van het Ministerie van Financiën is in 2011 ruim € 0,5 miljoen aan rentebaten gerealiseerd.

Bijzondere baten

De bijzondere baten zijn het gevolg van vrijval uit de balanspost voorzieningen. Verderop in dit hoofdstuk worden de mutaties van de voorzieningen afzonderlijk toegelicht.

Met de bijdrage van het Moederdepartement en de overige opbrengsten dient DJI de kosten af te dekken die worden gemaakt om de afgesproken productietaakstelling en de opdrachten voor derden te realiseren. De gerealiseerde productie is opgenomen en nader toegelicht bij de betrokken operationele doelstellingen.

Lasten

Apparaatskosten

De apparaatskosten zijn circa € 49,7 miljoen (circa 2,4%) hoger uitgekomen dan de oorspronkelijk vastgestelde begroting. De uitvoering van de voornoemde beleidsintensiveringen en het beschikbaar stellen van extra capaciteit aan derden heeft geleid tot hogere kosten. Voorts heeft de prijsontwikkeling in 2011 geleid tot een stijging van de kosten. Hier staat tegenover dat de kosten die samenhangen met het afbouwen van de capaciteit van de Justitiële Jeugdinrichtingen (JJI’s) lager zijn uitgekomen dan oorspronkelijk geraamd. Het inrichten van lokale mobiliteitsbureaus is hierbij een succesvolle aanpak gebleken.

Rentelasten

De rentelasten hebben betrekking op de leningen van het Ministerie van Financiën. Omdat de afgelopen jaren voor een lager bedrag aan nieuwe leningen is afgesloten dan oorspronkelijk geraamd, zijn de totale rentekosten lager uitgekomen.

Afschrijvingskosten

Per saldo zijn de gerealiseerde afschrijvingskosten € 2,1 miljoen (4%) lager uitgekomen dan begroot. Dit is onder meer het gevolg van de krimp van de capaciteit in de rijkssector van DJI, waardoor minder investeringen hebben plaatsgevonden dan geraamd.

Voorzieningen
Bedragen x € 1 000

 Omschrijving

Stand per 31-12-2010

Vrijval in

2011

Dotatie in 2011

Onttrekking in 2011

Stand per 31-12-2011

Functioneel leeftijdsontslag

42 493

0

1 509

– 19 600

24 402

Substantieel bezwarende functies

21 093

– 1 295

34 658

– 14 374

40 082

FPU-plus

17 305

0

620

– 8 190

9 735

Wachtgelden

2 113

– 271

0

– 565

1 277

Afkoop boekwaarde gebouwen

18 327

– 3 102

41 588

– 8 066

48 747

Reorganisatie

14 926

– 2 152

16 760

– 6 400

23 306

Verzelfstandiging Mesdagkliniek

13 231

0

0

– 520

12 711

Verlieslatende contracten

977

– 631

0

– 346

0

Totaal

130 465

– 7 451

95 135

– 58 061

160 088

Functioneel leeftijdsontslag (FLO)

De omvang van de voorziening is gebaseerd op de bestaande verplichting aan personeelsleden die op 31 december 2011 nog gebruik maakten van de FLO-regeling. De in 2011 betaalde FLO-uitkeringen ter grootte van € 19,6 miljoen zijn aan de voorziening onttrokken.

Substantieel bezwarende functies (SBF)

De dotatie aan de voorziening SBF houdt verband met de nieuwe instroom in de SBF. De werkgever is wettelijk verplicht de kosten per werknemer voor de gehele looptijd van de regeling (circa 3 jaar) in één keer te doteren aan de voorziening. De in 2011 betaalde verlofuitkeringen ad € 14,4 miljoen zijn aan de voorziening onttrokken.

FPU-plus

In 2004 is een voorziening gevormd in verband het gebruikmaken van het FPU-plus arrangement door DJI-medewerkers. De betalingen ad € 8,2 miljoen aan de ex-medewerkers, die van dit arrangement gebruikmaken, zijn aan de voorziening onttrokken.

Wachtgelden

Met ingang van 2007 is een voorziening wachtgelden gevormd voor ex-DJI-medewerkers die op deze datum onder de wachtgeldregeling vallen. De omvang van de voorziening is berekend op basis van het aantal deelnemers en de verwachte einddatum van de uitkering.

Afkoop boekwaarde gebouwen

DJI heeft ten aanzien van een aantal van de RGD gehuurde panden de beslissing genomen deze af te stoten. Aan deze beslissingen zijn veelal kosten verbonden, zoals nog resterende huren, kosten wederoplevering en sloopkosten. Per 7 maart 2013 verlopen de planologische vergunningen voor een tweetal drijvende detentieplatforms in de gemeente Zaandam. Besloten is deze detentiecapaciteit voor vreemdelingenbewaring te vervangen door permanente capaciteit. De kosten die samenhangen met het afstoten van de detentieplatforms (€ 41,2 miljoen) zijn in 2011 gedoteerd aan de voorziening. Hierin zijn de kosten van sloop inbegrepen.

Reorganisatie

In verband met de verplichtingen die voortvloeien uit (voorgenomen) reorganisaties zijn reorganisatie-voorzieningen gevormd. De dotaties in 2011 vloeien voornamelijk voort uit reorganisaties die verband houden met de capacitaire krimp (het sluiten van delen van inrichtingen en het buitengebruikstellen van plaatsen).

Verzelfstandiging Mesdagkliniek

Per 1 januari 2008 is de Van Mesdagkliniek verzelfstandigd in de vorm van een private stichting. Dit heeft tot gevolg dat de medewerkers van de Van Mesdagkliniek zijn overgegaan naar een ander pensioenfonds. In verband met de kosten die hiermee samenhangen is een voorziening gevormd.

Verlieslatende contracten

In verband met diverse contracten waarvoor door een handeling van door DJI veroorzaakt verlies, een vergoeding aan een leverancier dient te worden betaald, is een voorziening gevormd. In 2011 is een bedrag van € 0,3 miljoen onttrokken. Het restant van de voorziening is vrijgevallen.

Bijzondere lasten

Omdat in 2011 de subsidierelatie met de Justitiële jeugdinrichting Avenier ‘t Anker is beëindigd, is een vergoeding van de afbouwkosten ad € 14,1 miljoen toegekend. Voorts is in samenwerking met het Ministerie van VWS bereikt dat twee buiten gebruik gestelde (delen van) Justitiële jeugdinrichtingen per 2012 in gebruik worden genomen als gesloten jeugdzorgvoorziening. Om dit mogelijk te maken wordt een tweetal bestaande gesloten jeugdzorg-voorzieningen gesloten. DJI heeft in 2011 in totaal € 24 miljoen bijgedragen aan de transitiekosten van deze operatie. Hier staat tegenover dat DJI de komende jaren circa € 7 miljoen per jaar bespaart op de leegstandskosten van de betreffende inrichtingen.

Saldo Baten en Lasten

Over 2011 is een negatief exploitatieresultaat ad € 55,3 miljoen gerealiseerd. Dit komt overeen met circa 2,4% van de totale omzet in 2011. Dit saldo is het resultaat van de consolidatie van de administraties van de onder de DJI ressorterende inrichtingen en diensten.

In overeenstemming met de Regeling baten- en lastendiensten 2011 wordt voorgesteld het negatieve exploitatieresultaat ten laste te brengen van de exploitatiereserve. De omvang van de exploitatiereserve bedraagt voor resultaatsverdeling € 49,8 miljoen. Na het volledig inzetten van de exploitatiereserve resteert nog een negatief resultaat van € 5,5 miljoen. Conform artikel 17, lid 4c, van de Regeling baten-lastendiensten 2011 mag het eigen vermogen van een baten-lastendienst per ultimo het jaar niet minder bedragen dan nul. Volgens artikel 19, lid 2, dient bij een overschrijding van de in artikel 17, lid 4 genoemde grens bij eerst volgende suppletoire wet te worden aangegeven hoe dit wordt hersteld binnen het lopende begrotingsjaar. Hiervoor zijn reeds afspraken vastgelegd in het door de Minister van Financiën goedgekeurde meerjarenplan DJI.

Doelmatigheid

Doelmatigheid 2011
       

Realisatie

Begroting

Verschil

Omschrijving

2008

2009

2010

2011

2011

 

DJI-totaal:

           

FTE-totaal

18 175

17 221

16 698

16 2851

15 865

420

Saldo van baten en lasten in %

– 3,7%

2,1%

– 0,6%

– 2,4%

0%

– 2,4%

             

Productiviteitsindicatoren

           

1. gemiddeld aantal tbs-passanten

120

76

32

22

– 

– 

2a. gemiddeld aantal personen in PP’s (equivalentplaatsen)

442

466

450

407

– 

– 

2b. verhouding equivalentplaatsen/gemiddelde bezetting

3,9

4,2

4,2

3,9

– 

– 

1

exclusief SBF-verlof

FTE-totaal

Het gerealiseerde aantal fte in 2011 is hoger dan in de oorspronkelijke begroting geraamd. De hogere realisatie is voornamelijk te verklaren door de hogere productie in het gevangeniswezen en de extra capaciteit die is geleverd aan het Koninkrijk België.

Toelichting productiviteitsindicatoren

  • 1. Tbs-passanten verblijven in het gevangeniswezen in afwachting van plaatsing in een forensisch psychiatrisch centrum (FPC). Het gemiddeld aantal Tbs-passanten geeft een indicatie van de mate van druk op de capaciteit van FPC’s weer. Als gevolg van de afname van het aantal opleggingen Tbs met bevel tot verpleging is het gemiddeld aantal Tbs-passanten de afgelopen jaren gestaag gedaald.

  • 2. Als gevolg van de inzet van penitentiaire programma’s (PP’s) heeft DJI in 2011 407 intramurale plaatsen «bespaard». In 2011 is de verhouding tussen de gemiddelde bezetting GW-strafrechtelijk verblijvenden en het aandeel PP’s uitgekomen op een niveau van 3,9. Met andere woorden: bijna 4 per 100 bezette GW-plaatsen.

Doelmatigheid per operationele doelstelling

In de onderstaande tabellen worden doelmatigheidsgegevens gepresenteerd. De verschillen bij de omzet (PxQ) kunnen zowel het gevolg zijn van volumeverschillen als van prijsverschillen ten opzichte van de oorspronkelijke begroting.

Operationele doelstelling 13.4

Sanctiecapaciteit volwassenen
       

Realisatie

Begroting

verschil

 Gemiddelde prijs ( x € 1)

2008

2009

2010

2011

 2011

 

Operationele intramurale sanctiecap. per plaats per dag

208

216

229

232

231

1

Reservecapaciteit per plaats per dag

   

133

121

130

– 9

Omzet operationele en res.capaciteit (p*q * € 1 miljoen)

1 126,7

1 089,7

1 004,7

1 010,3

964,7

45,6

Bezettingsgraad operationele intramurale capaciteit (%)

77,3

90,4

90,9

91,1

91,3

– 0,2

             

Extramurale sanctiecapaciteit per plaats per dag

60

85

51

34

43

– 9

Omzet extramurale sanctiecapaciteit (p*q * € 1 miljoen)

12,8

19,1

9,6

5,1

7,8

– 2,7

             

Operationel Tbs-capaciteit per plaats per dag

455

478

480

479

483

– 4

Reservecapaciteit per plaats per dag

     

221

282

– 61

Omzet operationele en res.capaciteit (p*q * € 1 miljoen)

322,8

363,6

377,6

360,6

386,6

– 26,0

Bezettingsgraad Tbs-klinieken (%)

96,8

94,6

91,9

92,0

91,3

0,7

             

Gemiddelde prijs per dag per plaats intramurale inkoopplaats forensische zorg in gevangeniswezen

 

328

367

360

362

– 2

Omzet (p*q * € 1 miljoen)

 

23,2

93,8

92,1

92,6

– 0,5

             

Gemiddelde prijs per dag per plaats intramurale inkoop-plaats strafrechtelijke forensische zorg in GGz en Ghz

 

283

285

294

290

4

Omzet (p*q* € 1 miljoen)

 

107,0

129,4

146,7

158,4

– 11,7

In verband met de hogere behoefte aan capaciteit zijn in het Gevangeniswezen 556 operationele intramurale sanctieplaatsen meer gerealiseerd dan in de oorspronkelijke begroting waren geraamd. In 2011 is de capaciteitsvraag enigszins toegenomen waardoor het noodzakelijk is geweest reservecapaciteit te activeren. Dit verklaart in belangrijke mate het verschil in de omzet van de operationele- en reservecapaciteit.

In 2011 zijn slechts vijf Tbs-reserveplaatsen gerealiseerd terwijl er oorspronkelijk 73 plaatsen waren begroot. De gemiddelde prijs van de gerealiseerde plaatsen is lager uitgekomen dan begroot. Vanwege het lage aantal gerealiseerde plaatsen mag deze prijs niet als representatieve prijs voor de reservecapaciteit in de komende jaren worden gezien. Omdat zowel de productie van de operationele capaciteit als de reservecapaciteit lager zijn uitgekomen dan oorspronkelijk begroot en vanwege de lagere gerealiseerde prijzen, is de omzet van de Tbs-capaciteit € 26 miljoen lager uitgekomen.

Het aantal inkoopplaatsen voor forensische zorg voor gedetineerden in de GGz is in 2011 123 plaatsen lager uitgekomen dan oorspronkelijk begroot. Voornamelijk hierdoor is de omzet van dit product € 11,7 miljoen lager uitgekomen.

Volume- en prestatiegegevens

Sanctiecapaciteit
         

Realisatie

Begroting

Verschil

 

2007

2008

2009

2010

2011

2011

 

Intramurale capaciteit verdeeld naar:

14 818

14 840

13 822

12 167

12 152

11 727

425

Strafrechtelijke sanctiecapaciteit

14 705

14 730

12 578

11 657

11 519

10 963

556

In stand te houden capaciteit

   

799

       

Reservecapaciteit

   

285

350

479

580

– 101

In bewaringgestelden op politiebureaus

17

14

64

64

58

70

– 12

VN-cellen

84

84

84

84

84

84

0

Internationaal Strafhof

12

12

12

12

12

30

– 18

Bezettingsgraad direct inzetbare capaciteit (%)

83,3

77,3

90,4

90,9

91,1

91,3

– 0,2

               

Extramurale capaciteit verdeeld naar:

685

584

615

517

407

498

– 91

(Bijzonder) penitentiaire programma’s met of zonder elektronisch toezicht

524

442

466

450

407

498

– 91

Elektronische Detentie

161

142

149

67

0

0

0

               

Capaciteit FPC’s / forensische zorg verdeeld naar:

1 836

1944

2 084

2 156

2 067

2 223

– 156

Rijks Tbs-klinieken

578

411

427

427

427

427

0

Particuliere Tbs-klinieken

1 064

1 271

1 383

1 456

1 379

1 467

– 88

Tbs-contractplaatsen in GGz- en GHZ-instellingen

194

262

274

273

256

256

0

Reservecapaciteit

       

5

73

– 68

Bezettingsgraad Justitiële Tbs-klinieken (%)

96,2

96,8

94,6

91,9

92,0

91,3

0,7

               

Intramurale inkoopplaatsen forensische zorg in GW

   

194

700

700

700

0

               

Inkoopplaatsen for. zorg in GGz/GHz verdeeld naar:

 

834

1 036

1 244

1 369

1 494

– 125

Inkoop forensische zorg in het strafrechtelijk kader

 

770

925

1 052

1 172

1 174

– 2

Inkoop forensische zorg voor gedetineerden

 

64

111

192

197

320

– 123

Toelichting kengetallen

In verband met de hogere behoefte aan intramurale sanctiecapaciteit zijn in het Gevangeniswezen per saldo 425 plaatsen meer gerealiseerd dan oorspronkelijk begroot.

De capacitaire taakstelling 2011 van de extramurale sanctiecapaciteit is bij 1e suppletoire begroting 2011 met 48 plaatsen neerwaarts bijgesteld tot 450 plaatsen. Door een lagere instroom zijn uiteindelijk 407 plaatsen gerealiseerd.

In verband met de lagere instroom is de taakstelling voor de tbs-capaciteit 2011 bij 1e suppletoire begroting 2011 met 88 plaatsen neerwaarts bijgesteld tot 2 062 plaatsen. De bijgestelde taakstelling is volledig gerealiseerd. Omdat het enige tijd heeft geduurd om met het tbs-veld overeenstemming te bereiken over het realiseren van reservecapaciteit, is de gemiddelde productie uiteindelijk uitgekomen op slechts 5 plaatsen.

Bij 1e suppletoire begroting 2011 is de capacitaire taakstelling voor de inkoop van forensische zorgplaatsen voor gedetineerden in de GGz met 72 plaatsen neerwaarts bijgesteld tot 248 plaatsen. Ten opzichte van de bijgestelde taakstelling is de daadwerkelijke gemiddelde productie 51 plaatsen lager uitgekomen.

Naast de inkoop van intramurale plaatsen is voor bijna € 52,5 mln. van ambulante forensische zorg ingekocht.

Operationele doelstelling 13.7
       

Realisatie

Begroting

Verschil

 

2008

2009

2010

2011

2011 

 

Vreemdelingenbewaring

           

Gemiddelde prijs operationele cap. p.p.p.d. (x € 1)

159

170

193

195

197

– 2

Gemiddelde prijs reservecapaciteit p.p.p.d. (x € 1)

   

134

75

132

– 57

Gem.prijs aan te houden cap. kort p.p.p.d. (x € 1)

   

79

38

76

– 38

Gem.prijs aan te houden cap. lang p.p.p.d. (x € 1)

   

23

5

17

– 12

Omzet (p*q* € 1 miljoen)

125,8

135,6

132,9

114,5

122,1

– 7,6

Bezettingsgraad operationele capaciteit. (%)

64,6

72,6

70,9

71,8

91,3

– 19,5

             

Uitzetcentra

           

Gemiddelde prijs operationele cap. p.p.p.d. (x € 1)

159

170

193

195

197

– 2

Gemiddelde prijs reservecapaciteit p.p.p.d. (x € 1)

   

134

75

132

– 57

Gemiddelde prijs aan te houden cap. p.p.p.d. (x € 1)

   

79

38

76

– 38

Omzet (p*q* € 1 miljoen)

34,8

37,0

38,1

32,8

35,7

– 2,9

Omdat de niet-operationele capaciteit in 2011 voornamelijk in het detentiecentrum Alphen a/d Rijn is gerealiseerd, is de prijs van deze capaciteit lager uitgekomen dan oorspronkelijk begroot. In verband met de gebouwelijke problemen bij dit detentiecentrum is door de Rijksgebouwendienst in 2011 geen gebruiksvergoeding in rekening gebracht.

Volume- en prestatiegegevens

Capaciteit vreemdelingenbewaring
         

Realisatie

Begroting

Verschil

 

2007

2008

2009

2010

2011

2011

 

Capaciteit vreemdelingenbewaring

3 063

2 168

2 185

2 181

2 181

2 181

0

Verdeeld naar:

             

Vrijheidsbeneming (art. 6 Vw)

218

223

96

195

108

168

– 60

Vreemdelingenbewaring (art. 59 Vw)

2 833

1937

1 648

1 568

1 421

1 357

64

In bewaring gestelden op politiebureau’s

12

8

25

2

1

5

– 4

Reservecapaciteit

   

102

102

102

102

0

In stand te houden capaciteit korte termijn

   

314

314

179

179

0

In stand te houden capaciteit lange termijn

       

370

370

0

Bezettingsgraad (%) direct inzetbare capaciteit

63,9

64,6

72,6

70,9

71,8

91,3

– 19,5

Capaciteit uitzetcentra
         

Realisatie

Begroting

Verschil

 

2007

2008

2009

2010

2011

2011

 

Capaciteit uitzetcentra

744

599

596

600

600

600

0

Verdeeld naar:

             

Direct inzetbare capaciteit

744

599

482

486

421

421

0

Reservecapaciteit

   

28

28

28

28

0

In stand te houden capaciteit

   

86

86

151

151

0

Toelichting kengetallen

De capacitaire taakstellingen van beide categorieën capaciteit zijn in 2011 gerealiseerd. Als gevolg van het lagere aanbod voor vreemdelingenbewaring is de bezetting van de capaciteit lager uitgekomen dan begroot.

Operationele doelstelling 14.2

Justitiële Jeugdinrichtingen
       

Realisatie

Begroting

Verschil

 

2008

2009

2010

2011

2011 

 

Gemiddelde prijs operationele capaciteit p.p.p.d. (x € 1)

398

436

510

543

515

28

Gemiddelde prijs reserve capaciteit p.p.p.d. (x € 1)

   

153

143

144

– 1

Gemiddelde prijs aan te houden cap. p.p.p.d. (x € 1)

     

92

144

– 52

Omzet (p*q * € 1 mln.)

320,6

299,7

246,1

186,2

219,9

– 33,7

Bezettingsgraad operationele capaciteit (%)

81,5

67,4

52,8

72,3

90,0

– 17,7

In verband met de afnemende behoefte aan strafrechtelijke capaciteit voor jeugdigen is in 2010 het Capaciteitsplan Justitiële Jeugdinrichtingen opgesteld. Dit Capaciteitsplan is bij brief van 16 november 2010 door de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie aangeboden aan de TK (24 587, nr. 403). Op grond van het Capaciteitsplan is de capacitaire taakstelling 2011 bijgesteld tot 838 operationele plaatsen (oorspronkelijk 1052), 150 reserveplaatsen (oorspronkelijk 300) en 363 aan te houden plaatsen (oorspronkelijk 123). Voornamelijk als gevolg van kleinschaligheidseffecten en loon- en prijsbijstelling is de prijs van de operationele capaciteit hoger uitgekomen dan oorspronkelijk begroot. Door de vertraagde oplevering van de nieuwbouw Teylingereind is de gerealiseerde prijs van de aan te houden capaciteit lager uitgekomen dan begroot.

Volume- en prestatiegegevens
         

Realisatie

Begroting

Verschil

 

2007

2008

2009

2010

2011

2011

 

Capaciteit JJI verdeeld naar:

2 768

2 207

1 883

1 331

1 351

1 475

– 124

Rijks Jeugdinrichtingen

1 235

1 232

990

688

454

523

– 69

Particuliere Jeugdinrichtingen

1 445

887

865

630

384

529

– 145

Inkoopplaatsen (niet justitieel)

88

88

28

0

0

0

0

Reservecapaciteit

       

150

300

– 150

In stand te houden capaciteit

     

13

363

123

250

Bezettingsgraad intramurale capaciteit (%)

87,8

81,5

67,4

52,8

72,3

90,0

– 17,7

Toelichting kengetallen

In verband met de afnemende behoefte aan strafrechtelijke capaciteit voor jeugdigen is in 2010 het Capaciteitsplan Justitiële Jeugdinrichtingen opgesteld. Dit Capaciteitsplan is bij brief van 16 november 2010 door de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie aangeboden aan de Tweede Kamer (TK 24 587, nr. 403). Op grond van het Capaciteitsplan is de capacitaire taakstelling 2011 bijgesteld tot 838 operationele plaatsen, 150 reserveplaatsen en 363 aan te houden plaatsen. De bijgestelde capacitaire taakstelling is volledig gerealiseerd. Door het lagere aanbod van strafrechtelijke jeugdigen bedroeg de gemiddelde bezetting van de capaciteit in 2011 72,3%.

Balans per 31 december 2011 x € 1 000
 

2011

2010

Activa

   

Immateriële activa

7 333

7 455

Materiële activa

   

– grond en gebouwen

 

– 

– installaties en inventarissen

145 536

163 021

– overige materiële vaste activa

9 722

12 121

Voorraden

2 460

3 515

Debiteuren

18 690

9 495

Nog te ontvangen

92 840

102 450

Liquide middelen

162 189

149 416

Totaal activa

438 770

447 473

     

Passiva

   

Eigen Vermogen

   

– exploitatiereserve

49 798

62 805

– verplichte reserves

– 

– 

– onverdeeld resultaat

– 55 316

– 13 007

Leningen bij het Ministerie van Financiën

72 860

81 100

Voorzieningen

166 088

130 465

Crediteuren

6 020

9 254

Nog te betalen

205 320

176 856

Totaal passiva

438 770

447 473

Gespecificeerde staat van baten en lasten 2011 Bedragen X € 1 000
 

-1

-2

(3)=(2) – (1)

 
 

 Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie 2011

Verschil realisatie en oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie 2010

Baten

       

Omzet moederdepartement 

2 088 923

2 138 654

49 731

2 127 317

Omzet overige departementen 

   

Omzet derden 

114 500

132 628

18 128

133 990

Rentebaten 

250

527

277

285

Bijzondere baten 

7 451

7 451

– 

Totaal baten

2 203 673

2 279 260

75 587

2 272 279

         

Lasten

       

Apparaatskosten

       

– personele kosten

905 100

1 030 264

125 1641

1 031 344

– materiële kosten

1 178 492

1 110 975

– 67 5171

1 122 772

Rentelasten

3 147

2 702

– 445

2 397

Afschrijvingskosten

       

– materieel

57 964

51 492

-6 472

52 024

– immaterieel

5 909

5 909

4 268

Overige lasten

       

– dotaties voorzieningen

58 971

95 135

36 164

46 726

– bijzondere lasten

 

38 100

38 100

25 756

Totaal lasten

2 203 673

2 334 576

130 903

2 285 286

         

Saldo van baten en lasten

0

– 55 316

– 55 316

– 13 007

1

In de oorspronkelijke begroting 2011 zijn de kosten van het inkopen van forensische zorg in het Gevangeniswezen ten onrechte volledig geraamd onder de materiële kosten. In de uitvoering is de personele component die verband houdt met deze plaatsen onder de personele kosten verantwoord. Dit verklaart een verschil van circa € 50 miljoen tussen de geraamde en gerealiseerde personele- en materiële kosten.

X € 1 000
 

Kasstroomoverzicht per 31 december 2011

(1)

(2)

(3) = (2)-(1)

   

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Realisatie

Verschil realisatie en oorspronkelijk vastgestelde begroting

1

Rekening Courant RHB 1 januari 2011 + stand depositorekeningen

91 487

147 473

55 986

         

2

Totaal operationele kasstroom

26 300

58 573

32 273

         
 

Totaal investeringen

– 57 000

– 47 199

9 801

 

Totaal boekwaarde desinvesteringen

– 

9 804

9 804

3

Totaal investeringskasstroom

– 57 000

– 37 395

19 605

         
 

Eenmalige uitkering aan moederdepartement

– 

– 

– 

 

Eenmalige storting door moederdepartement

– 

– 

– 

 

Aflossing op leningen

– 18 241

– 18 241

0

 

Beroep op leenfaciliteit

40 000

10 000

– 30 000

4

Totaal financieringskasstroom

21 759

– 8 241

– 30 000

         

5

Rekening Courant RHB 31 december 2011

82 546

160 410

77 864

 

+ stand depositorekeningen (=1+2+3+4)

     
Toelichting op kasstroomoverzicht
De operationele kasstroom is als volgt te specificeren (x € 1 000,-):

saldo van baten en lasten

– 55 316

afschrijvingen (incl. afschr. interne overboekingen)

57 401

mutaties voorzieningen

29 623

mutaties werkkapitaal

26 865

Totaal operationele kasstroom

58 573

De mutaties in het werkkapitaal is voornamelijk het gevolg van de toename van de post kortlopende schulden (€ 15,1 miljoen) en de afname van de post kortlopende vorderingen (€ 2,8 miljoen).

Omdat een hoger bedrag aan langlopende voorzieningen beschikbaar is voor de financiering van vaste activa, is het beroep op de leenfaciliteit lager uitgekomen dan oorspronkelijk geraamd.

De desinvesteringen komen voort uit correcties binnen de activa-administratie van DJI. Evenals in voorgaande jaren zijn activa verschoven tussen de verschillende activaklassen en de verschillende bedrijven van DJI. Het grootste deel van de betreffende desinvesteringen is weer opgevoerd onder de investeringen.

Licence