Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

4. DE SALDIBALANS

Saldibalans per 31 december 2014. Wonen en Rijksdienst XVIII

(bedragen x € 1.000)

Activa

31–12-’14

31–12-’13

 

Passiva

31–12-’14

31–12-’13

1)

Uitgaven ten laste van de begroting

3.687.093

3.146.159

 

2)

Ontvangsten ten gunste van de begroting

653.994

580.356

                 

3)

Liquide middelen

1

0

         
                 

4)

Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding

0

50.000

 

4a)

Rekening-courant Rijkshoofdboekhouding

3.016.352

2.555.343

                 

5)

Rekening-courant RHB Begrotingsreserve

50.000

0

 

5a)

Begrotingsreserves

50.000

50.000

                 
                 

6)

Uitgaven buitenbegrotingsverband

3.765

3.790

 

7)

Ontvangsten buiten begrotingsverband

20.513

14.250

 

(intra-comptabele vorderingen)

       

(intra-comptabele schulden)

   
                 

8)

Kas-transverschillen

0

0

         
                 
 

Subtotaal

3.740.859

3.199.949

     

3.740.859

3.199.949

                 

9)

Openstaande rechten

17.318

15.960

 

9a)

Tegenrekening

17.318

15.960

           

openstaande rechten

   
                 

10)

Extra-comptabele vorderingen

2.026

648

 

10a)

Tegenrekening extra-comptabele vorderingen

2.026

648

                 

11a)

Tegenrekening extra-comptabele schulden

210

0

 

11)

Extra-comptabele schulden

210

0

                 

12)

Voorschotten

288.920

313.630

 

12a)

Tegenrekening voorschotten

288.920

313.630

                 

13a)

Tegenrekening garantieverplichtingen

356

356

 

13)

Garantieverplichtingen

356

356

                 

14a)

Tegenrekening openstaande verplichtingen

330.351

408.714

 

14)

Openstaande verplichtingen

330.351

408.714

                 

15)

Deelnemingen

0

0

 

15a)

Tegenrekening deelnemingen

0

0

                 
 

TOTAAL

4.380.040

3.939.257

   

TOTAAL

4.380.040

3.939.257

TOELICHTING OP DE SALDIBALANS per 31 december 2014 HXVIII

Ad 1 en 2. Uitgaven en ontvangsten 2014

Bij de begrotingsuitgaven en -ontvangsten zijn de gerealiseerde uitgaven en ontvangsten opgenomen met betrekking tot het jaar waarvoor de Rijksrekening nog niet door de Tweede Kamer is goedgekeurd.

Ad 3. Liquide middelen

De post liquide middelen is opgebouwd uit de contante gelden aanwezig bij de kasbeheerder.

 

(Bedragen in €)

a) Kasbeheerders

109

Totaal

109

De post liquide middelen is opgebouwd uit de contante gelden aanwezig in de kluis van de kasbeheerder Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf (RVOB).

Op de Rekening-courant met de Rijkshoofdboekhouding (RHB) is de financiële verhouding met het Ministerie van Financiën weergegeven. Opgenomen zijn de bedragen conform Rekening-courant afschriften. De volgende Rekening-courantverhouding is opgenomen in de balans:

   

(Bedragen in €)

a)

Rekening-courant FIN/RHB

3.016.351.212

Totaal

3.016.351.212

Het saldo vertegenwoordigt de reguliere mutaties met betrekking tot Hoofdstuk XVIII.

Ad 5. en 5a. Begrotingsreserves

Dit betreft het saldo van de Nationale Hypotheekgarantie.

   

(Bedragen in €)

a)

Nationale Hypotheekgarantie

50.000.000

Totaal

50.000.000

In 2011 is de begrotingsreserve Nationale Hypotheekgarantie (NHG) gevormd. Het doel hiervan is een reservering van middelen ter partiële dekking van een eventuele aanspraak op de achtervang functie van het Rijk door het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW).

Ad 6. Uitgaven buiten begrotingsverband (intra-comptabele vorderingen)

Het bedrag aan uitgaven buiten begrotingsverband is als volgt opgebouwd:

(Bedragen in €)

a)

Vorderingen Kasbeheerder Rijksdiensten

3.602.202

b)

Te vorderen van ministeries en derden

162.341

Totaal

3.764.543

Ad a) Vorderingen Kasbeheerder Rijksdiensten

Het bedrag betreft de RVOB en voornamelijk uit over te boeken bedragen (2,9 mln.), interdepartementale verrekeningen (0,3 mln.) en te vorderen OZB belasting op benzinemaatschappijen (0,2 mln.).

Ad b) Te vorderen van ministeries en derden

Het bedrag bestaat uit kruisposten met begrotingshoofdstuk VII.

Ad 7. Ontvangsten buiten begrotingsverband (intra-comptabele schulden)

Het bedrag aan ontvangsten buiten begrotingsverband is als volgt opgebouwd:

(Bedragen in €)

a)

Schulden Kasbeheerder Rijksdiensten

20.508.752

b)

Te betalen aan ministeries en derden

3.274

Totaal

20.512.026

Ad a) Schulden Kasbeheerder Rijksdiensten

Dit bedrag is gebaseerd op de verantwoordingen tot en met 31 december 2014 van de RVOB. Dit saldo bestaat voornamelijk uit nog te verwerken betalingsopdrachten (€ 16,7 mln.), onbeheerde nalatenschappen (€ 1,7 mln.), vooruit ontvangen bedragen (€ 1,2 mln.) en af te dragen omzetbelasting (€ 0,5 mln.).

Ad b) Te betalen aan ministeries en derden

Het bedrag bestaat uit schulden waarvan de betalingen onderweg zijn aan een derde.

Ad 9. Openstaande rechten

Ad 9a. Tegenrekening openstaande rechten

Het saldo per 31 december 2014 wordt hieronder per ontstaansjaar gespecificeerd:

(Bedragen in €)

Ontstaansjaar

 

t/m 2010

954.617

2011

84.190

2012

328.081

2013

5.056.543

2014

10.893.774

Totaal

17.317.205

Het saldo bestaat voornamelijk uit verkopen en debiteuren met betrekking tot de ingebruikgeving aan diverse ministeries van het RVOB.

Ad 10. Extra-comptabele vorderingen

Ad 10a. Tegenrekening extra-comptabele vorderingen

Het saldo per 31 december 2014 wordt hieronder per ontstaansjaar en artikel gespecificeerd:

(Bedragen in €)

Ontstaansjaar

 

2012

147.690

2013

49.600

2014

1.828.119

Totaal

2.025.409

(Bedragen in €)

Artikel

Omschrijving

 

1

Woningmarkt

454.819

2

Woonomgeving en bouw

69.364

3

Kwaliteit Rijksdienst

101.226

6

Uitvoering Rijksdienst

1.400.000

Totaal

2.025.409

Toelichting:

Artikel 1: Woningmarkt

Het openstaand saldo betreft vorderingen over de periode 1992 tot en met 2012 in het kader van de Eigen Woningregelingen (EW) en de Wet Bevordering Eigenwoningbezit (BEW, € 0,3 mln.). Deze vorderingen ontstaan als, op grond van wijziging van de berekeningsgegevens, uitbetaalde bijdragen achteraf worden verlaagd. Het beheer van deze vorderingen wordt uitgevoerd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl). Daarnaast staat er naar aanleiding van de vaststelling van een subsidie een vordering open op Stichting Ymere (€ 0,1 mln.).

Artikel 2: Woonomgeving en bouw

De openstaande vorderingen bestaan met name uit vorderingen ontstaan als gevolg van afrekeningen van subsidies aan derden. Het beheer van deze vorderingen wordt uitgevoerd door RVO.nl (€ 0,07 mln.).

Artikel 3: Kwaliteit Rijksdienst

Dit bestaat voornamelijk uit vorderingen van het Bureau Algemene Bestuursdienst vanwege Inter Collegiale Consultatie (€ 0,02 mln.). Daarnaast staan er 3 vorderingen open op ministeries wegens gezamenlijk uitgevoerde onderzoeken (€ 0,08 mln.).

Artikel 6: Uitvoering Rijksdienst

Het bedrag bestaat uit een vordering (nog te ontvangen OZB) op het baten-lastenagentschap van de RGD.

Ad 11. Extra-comptabele schulden

Ad 11a. Tegenrekening Extra-comptabele schulden

(Bedragen in €)

a) Kasbeheerder RVOB

209.459

Totaal

209.459

Dit betreft een aantal voorwaardelijke ontvangsten van koopsommen met betrekking tot de toekomstige verkopen van een aantal panden (€ 0,2 mln.).

Ad 12. Extra-comptabele voorschotten

Ad 12a. Tegenrekening extra-comptabele voorschotten

De saldi van de per 31 december 2014 openstaande voorschotten en van de in 2014 afgerekende voorschotten worden hieronder per jaar gespecificeerd:

(Bedragen in €)

Ontstaansjaar

Stand per

1-1-2014

Bevoorschot

in 2014

Afgerekend

in 2014

Stand per

31-12-2014

t/m 2010

50.526.355

0

– 5.806.433

44.719.922

2011

22.667.972

0

– 12.102.769

10.565.203

2012

108.602.660

0

– 57.908.866

50.693.794

2013

131.833.277

0

– 57.919.253

73.914.024

2014

0

131.643.391

– 22.616.547

109.026.844

Totaal

313.630.264

131.643.391

– 156.353.868

288.919.787

De saldi van de per 31 december 2014 openstaande voorschotten worden hieronder per artikel gespecificeerd:

(Bedragen in €)

Artikel

Omschrijving

 

1

Woningmarkt

129.576.961

2

Woonomgeving en bouw

128.762.148

3

Kwaliteit Rijksdienst

9.362.277

6

Uitvoering Rijkshuisvesting

21.218.400

Totaal

288.919.787

Toelichting:

Artikel 1: Woningmarkt

In het regeerakkoord van 2012 is door het rijk € 20 mln. uitgetrokken om gemeenten en provincies financieel te ondersteunen bij het verstrekken van startersleningen. Deze bijdrage is verstrekt aan het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten (SVN). In aanvulling op het voorschot 2012, is in 2013 een voorschot van € 30 mln. verstrekt. Daarmee komt het totaal aan openstaande voorschotten aan SVN op € 50 mln., die in 2017 zullen worden afgerekend.

Daarnaast is in voorgaande jaren een voorschot verstrekt van € 30,6 mln. aan RVO.nl ten behoeve van de bouwlocatie Kop van Zuid. Dit voorschot zal in 2015 worden afgerekend.

Voor de afhandeling van de huurprijsonderzoeken ontvangt de Huurcommissie jaarlijks een budget van de directie Woningmarkt dat in de vorm van een voorschot wordt verstrekt. Voor 2014 bedroeg het saldo circa € 14,8 mln.

Verder zijn in 2014 en eerder aan Platform 31 en haar voorgangers (o.a. NICIS) diverse voorschotten verleend voor ruim € 23 mln. Aan overige kennisinstellingen (o.a. NWO, NIDI, EUKN) zijn voorschotten verleend voor circa € 4,7 mln. De voorschotten zijn verleend voor het uitvoeren van hun werkprogramma’s en het doen van meerjarig onderzoek op het terrein van wonen.

Artikel 2: Woonomgeving en bouw

Op dit artikel staan voor € 18 mln. voorschotten open voor de vergoeding van mensuren en projectmiddelen aan RVO.nl voor de jaren 2011 tot en met 2014. Daarnaast staat een voorschot van circa € 13 mln. open ten behoeve van het Nationaal Restauratiefonds, dat in 2015 zal worden afgerekend.

Aan de Stichting Nationaal Energiebespaarfonds (NEF) is een voorschot verleend van € 50 mln. ten behoeve van de financiering van het treffen van energiebesparende maatregelen door particulieren. Voorts is in het kader van energiebesparing in de gebouwde omgeving een voorschot van € 5,0 mln. verleend aan de VNG. Daarnaast zijn er voorschotten ad € 16 mln. verstrekt voor het uitvoeren van het meerjarige programma Energiesprong. Na ontvangst en beoordeling van de verantwoordingsinformatie zullen de voorschotten in de loop van 2015 worden afgewikkeld.

Het merendeel van de overige voorschotten op het gebied van energiebesparing, bouwkwaliteit en woningbouw zijn in 2013 en eerdere jaren verstrekt aan gesubsidieerde projecten (waaronder aan CENCO € 1,5 mln. voor de uitvoeringsagenda bouw) en onderzoeksopdrachten. Verder zijn voorschotten verstrekt tot € 0,9 mln. voor het bevorderen van de woonomgeving op de BES-eilanden. Deze programma’s lopen meerjarig en zullen in de periode 2015–2017 worden verantwoord en afgewikkeld.

Artikel 3: Kwaliteit Rijksdienst

De openstaande voorschotten hebben betrekking op voorschotten verstrekt aan de Stichting A&O Fonds ten behoeve van arbeidsmarktprojecten (€ 3,4 mln.). Daarnaast is aan Logius een tweetal voorschotten verstrekt voor de uitvoering van projecten (€ 3,7 mln.). Verder zijn aan de Stichting ICTU voorschotten verstrekt ten behoeve van verschillende projecten (0,9 mln.). Na ontvangst en beoordeling van de verantwoordingsinformatie zullen deze voorschotten worden afgewikkeld.

Artikel 6: Uitvoering Rijkshuisvesting

Het openstaand saldo betreft een voorschot aan het RVOB ad € 21,2 mln. voor het uitvoeren van Rijkshuisvestingsbeleid. Na ontvangst en beoordeling van de verantwoordingsinformatie zal dit voorschot worden afgewikkeld.

Ad 13. Garantieverplichtingen

Ad 13a. Tegenrekening garantieverplichtingen

Het bedrag aan garantieverplichtingen is als volgt opgebouwd:

(Bedragen in €)
       

Garantieverplichtingen per 1 januari 2014

 

355.667

 

Aangegane verplichtingen in 2014

 

0

+/+

   

355.667

 

Tot betaling gekomen in 2014

0

   

Negatieve bijstellingen verplichtingen uit eerdere begrotingsjaren

0

   
   

0

– /-

Totaal

 

355.667

 

De garanties betreffen Hypotheekgaranties. Bij beschikking van 23 augustus 1974, nr. AB74/U1271, van de Minister van Binnenlandse Zaken, is de mogelijkheid geschapen om onder bepaalde voorwaarden een hypotheekgarantie te verlenen voor tijdige betaling van rente en aflossing op een hypothecaire geldlening, die in verband met de aankoop van een woning is afgesloten. Er zijn ultimo 2014 nog 5 garanties geldig. Het theoretische risico bedraagt € 0,1 mln. Het maximale garantieplafond per 31 december 2014 bedraagt € 0,3 mln.

Niet in de balans opgenomen garantieverplichtingen

Stichting Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW)

Het Rijk en de gemeenten staan borg voor de stichting Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). Voor het WSW geldt dat indien het fondsvermogen na gebruikmaking van de zekerheidsstructuur een zeker minimum heeft bereikt, zoals vastgelegd in de achtervangovereenkomst, het WSW een beroep kan doen op de achtervangers. Dit beroep is in beginsel ongelimiteerd. Het Rijk en de deelnemende gemeenten verstrekken in geval van eventuele liquiditeitsproblemen bij het WSW ieder voor 50% een renteloze lening aan het WSW.

Deze borgstelling vormt de tertiaire zekerheid van het fonds. De primaire zekerheid wordt gevormd door het eigen vermogen van de aangesloten corporaties. Indien de financiële positie van de corporatie, naar de eisen van kredietwaardigheid van het WSW, onvoldoende is, kan onder bepaalde voorwaarden saneringssteun worden verleend door het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV). De secundaire zekerheid wordt gevormd door het vermogen van het WSW. Dit vermogen is opgebouwd uit een borgstellingreserve en een obligo op corporaties. Het totaal-bedrag aan obligo’s is € 3,2 miljard. De kans dat de tertiaire zekerheid wordt aangesproken is nagenoeg nihil.

In onderstaande tabel wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van de vermogenspositie van de stichting WSW:

Kengetallen stichting WSW (x € 1 mln.)

jaar 2014

jaar 2013

jaar 2012

jaar 2011

Jaar 2010

Gegarandeerde leningen

85.500

86.200

87.400

86.300

85.300

Eigen vermogen WSW

509

496

489

477

482

Obligoverplichtingen

3.230

3.200

3.300

3.200

3.200

Garantievermogen

3.739

3.696

3.789

3.697

3.682

Totaal aan schadebetalingen

0

0

0

0

0

Bron: jaarrekening WSW 2013/2012/2011/2010. De cijfers over 2014 betreffen voorlopige cijfers.

Het WSW heeft tot op heden uit hoofde van haar borgstellingsfunctie nooit schadebetalingen gedaan. Belangrijke reden hiervan is dat het CFV in de praktijk aan financieel noodlijdende corporaties saneringssteun geeft voordat ze niet meer kunnen voldoen aan hun betalingsverplichtingen en de borgstelling van het WSW zou kunnen worden aangesproken.

Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW)

De Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) is de uitvoerder van de Nationale Hypotheek garantie (NHG). Het Rijk is de achtervanger bij het WEW. Dit betekent dat, zodra het WEW onvoldoende risicovermogen heeft om aanspraken op de garantstelling te kunnen betalen, het Rijk zich verplicht heeft gesteld om achtergestelde renteloze leningen te verschaffen. Tot 2011 was het Rijk samen met de gemeenten achtervanger. Vanaf 1 januari 2011 is alleen het Rijk achtervanger, voor de oude gevallen blijven de gemeenten verantwoordelijk voor 50% van de achtervang.

In 2014 hebben in totaal 4.792 huishoudens een beroep gedaan op de NHG vanwege een noodzakelijke verkoop van de woning met verlies. Dit betreft een lichte stijging van 6% ten opzichte van 2013 (4.521). Het garantievermogen van de stichting ultimo 2014 € 804 mln. In de liquiditeitsprognose van het WEW voor de periode 2014–2019 wordt geen aanspraak op de achtervang van de overheid voorzien.

In de onderstaande tabel wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van de vermogenspositie van het WEW:

Kengetallen stichting WEW (x € 1 mln.)

jaar 2014

jaar 2013

jaar 2012

jaar 2011

jaar 2010

Totaal aan gegarandeerde leningen

176.000

163.800

154.000

136.207

126.422

Garantievermogen

804

778

786

729

643

Totaal aan schadebetalingen

157,4

158,8

112,0

60,9

38,1

Bron: jaarrekening WEW 2013/2012/2011/2010 en 4e kwartaalbericht 2014. De cijfers over 2014 betreffen voorlopige cijfers.

Garantie Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf

Bij de overkomst van het Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf van het Ministerie van Financiën naar Wonen en Rijksdienst per 1-1-2013 heeft Wonen en Rijksdienst een door het Ministerie van Financiën verleende garantie overgenomen. Vanaf die datum heeft Wonen en Rijksdienst zich garant gesteld voor de eventuele verliezen op gebiedsontwikkelingsprojecten van het Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf. Deze is gemaximeerd tot een bedrag van € 207 miljoen (het vorderingenplafond). Ultimo 2014 heeft Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf na herwaardering van de post Onderhanden Werk in verband met de verwachte verliezen op deze projecten een vordering van € 81,5 miljoen op het moederdepartement opgenomen.

Als dit daadwerkelijk leidt tot een betaling van Wonen en Rijksdienst aan het Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf wordt dit budgettair gedekt uit het generale beeld (via het Ministerie van Financiën).

Ad 14. Openstaande verplichtingen

Ad 14a. Tegenrekening openstaande verplichtingen

Het bedrag aan openstaande verplichtingen is als volgt opgebouwd:

   

Bedragen x € 1

 

Verplichtingen per 1/1

 

408.713.755

 

Aangegane verplichtingen in 2014

 

3.696.277.185

+/+

   

4.104.990.940

 
       

Tot betaling gekomen in 2014

3.687.092.578

   

Negatieve bijstellingen verplichtingen uit eerdere begrotingsjaren

87.548.043

   
   

3.774.640.621

– /-

Balanspost verplichtingen excl. Garanties:

 

330.350.319

 
Licence