Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

5.7 Baten-lastendienst Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND)

Inleiding

De Immigratie- en Naturalisatiedienst is dé toelatingsorganisatie van Nederland die als uitvoeringsorganisatie het immigratie- en asielbeleid effectief en efficiënt uitvoert in samenwerking met de partners in de keten. Dit houdt in dat de IND de aanvragen beoordeelt van vreemdelingen die in Nederland willen verblijven of Nederlander willen worden.

Exploitatie

5.7.1 Begroting van baten en lasten voor het jaar 2013 (x € 1000)
Baten-lastendienst Immigratie- en Naturalisatiedienst
 

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

Baten

             

Omzet moederdepartement

307 291

295 125

264 751

264 016

241 617

240 988

240 366

Omzet overige departementen

0

0

0

0

0

0

0

Omzet derden

68 033

69 284

75 253

74 499

83 860

83 860

83 860

Rentebaten

0

0

0

0

0

0

0

Vrijval voorzieningen

0

0

0

0

0

0

0

Bijzondere baten

8 000

0

0

0

0

0

0

Totaal baten

383 324

364 409

340 004

338 515

325 477

324 848

324 226

               

Lasten

             

Apparaatskosten

327 091

346 108

318 541

316 828

305 436

304 942

304 480

– personele kosten

197 874

193 284

180 578

180 589

173 187

173 187

173 187

– waarvan eigen personeel

182 015

179 284

167 578

168 589

163 187

163 187

163 187

– waarvan externe inhuur

15 859

14 000

13 000

12 000

10 000

10 000

10 000

– materiele kosten

129 217

152 824

137 963

136 239

132 249

131 755

131 293

– waarvan apparaat ICT

35 172

35 000

35 000

35 000

35 000

35 000

35 000

– waarvan bijdrage aan SSO's

42 000

42 000

42 000

42 000

42 000

42 000

42 000

Afschrijvingskosten

15 342

17 000

19 500

20 000

18 500

18 500

18 500

– materieel

9 542

9 500

9 500

9 000

8 500

8 500

8 500

– waarvan apparaat ICT

6 863

7 000

7 000

7 000

6 500

6 500

6 500

– immaterieel

5 800

7 500

10 000

11 000

10 000

10 000

10 000

Overige kosten

14 659

1 299

1 963

1 687

1 541

1 406

1 246

– dotaties voorzieningen

12 992

0

0

0

0

0

0

– rentelasten

1 667

1 299

1 963

1 687

1 541

1 406

1 246

– bijzondere lasten

0

0

0

0

0

0

0

Totaal lasten

357 092

364 409

340 004

338 515

325 477

324 848

324 226

Saldo van baten en lasten

26 232

0

0

0

0

0

0

Toelichting

De totale omzet is gebaseerd op de vastgestelde kostprijzen (p) en de instroomaantallen (q). De bekostiging vindt plaats door de bijdrage van het moederdepartement en opbrengsten derden. De opbrengsten derden bestaan uit leges die vreemdelingen betalen voor het behandelen van aanvragen voor verblijfsvergunning regulier of verzoeken tot naturalisatie. De daling van de moederbijdrage vanaf 2015 wordt met name veroorzaakt doordat de legestaakstelling uit het Regeerakkoord (RA) hierin is verwerkt. In het RA is namelijk afgesproken dat de opbrengsten uit de leges gefaseerd worden verhoogd tot een bedrag oplopend tot € 85 mln. structureel, door een verhoging van de legestarieven. Onlangs is een uitspraak geweest van het Europees Hof over de hoogte van de legestarieven. Indien aanpassing van het legeshuis noodzakelijk blijkt te zijn naar aanleiding van deze uitspraak, zal dit leiden tot een substantiële legesderving. Daarnaast zijn in de jaren 2012–2015 de legesopbrengsten hoger door een stijging van de aanvragen naturalisatieverzoeken als gevolg van de Regeling Afwikkeling Nalatenschap Oude Vreemdelingenwet (RANOV).

In het RA zijn eveneens taakstellingen op het apparaat afgesproken, die consequenties hebben voor de IND. De taakstellingen leiden tot lagere personele en materiële lasten en komen tot uitdrukking in een lagere bijdrage van het moederdepartement.

De personele lasten worden bepaald door de benodigde capaciteit die is gerelateerd aan de te leveren prestaties en de gemiddelde loonsom. De benodigde capaciteit is daarbij opgebouwd uit ambtelijke medewerkers en inhuur externen. De inhuur externen is mede benodigd om flexibel te kunnen inspelen op wisselingen (zowel dalingen als stijgingen) in de instroom.

De materiële kosten bestaan uit processpecifieke kosten en apparaatskosten. De processpecifieke kosten hebben een directe relatie met de uitvoering van te leveren prestaties (onder andere tolken, proceskosten en kosten voor documenten). De apparaatskosten houden verband met de bedrijfsvoering van de IND en betreffen onder andere huisvesting en automatisering.

De meerjarige begroting voor bijdrage SSO is gebaseerd op de realisaties 2011. Het grootste gedeelte van de bijdrage is voor Rgd en in mindere mate voor Ivent.

De stijging van de afschrijvingskosten de komende jaren naar een structureel bedrag van € 19 mln. hangt onder andere samen met de invoering van het nieuwe informatiesysteem INDIGO.

De rentelasten hangen samen met het beroep op de leenfaciliteit. Over de aangegane leningen voor de financiering van de investeringen in de (im)materiële vaste activa wordt rente betaald.

Kasstroomoverzicht

5.7.2 Kasstroomoverzicht voor het jaar 2013 (x € 1 000)
Baten-lastendienst Immigratie- en Naturalisatiedienst
   

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

1.

Rekening-courant RHB 1 januari (incl. deposito)

14 096

44 747

40 366

35 481

36 417

37 663

40 511

2.

Totale operationele kasstroom

40 512

17 000

19 500

20 000

18 500

18 500

18 500

3a.

Totaal investeringen (–/–)

– 16 321

– 30 709

– 10 200

– 10 200

– 10 200

– 10 200

– 10 200

3b.

Totaal boekwaarde desinvesteringen (+)

101

0

         

3.

Totaal investeringkasstroom

– 16 220

– 30 709

– 10 200

– 10 200

– 10 200

– 10 200

– 10 200

4a.

Eenmalige uitkering aan moederdepartement (–/–)

0

0

         

4b.

Eenmalige storting door het moederdepartement(+)

12 062

0

         

4c.

Aflossingen op leningen (–/–)

– 19 228

– 21 380

– 24 385

– 19 064

– 17 254

– 15 652

– 12 166

4d.

Beroep op leenfaciliteit (+)

13 525

30 709

10 200

10 200

10 200

10 200

10 200

4.

Totaal financieringskasstroom

6 359

9 329

– 14 185

– 8 864

– 7 054

– 5 452

– 1 966

5.

Rekening-courant RHB 31 december (=1+2+3+4)

44 747

40 366

35 481

36 417

37 663

40 511

46 845

Toelichting

De investeringen hebben betrekking op gebouwen, verbouwingen, inventarissen en installaties, hard- en software en het nieuwe informatiesysteem INDIGO.

Doelmatigheid

5.7.3 Doelmatigheidsindicatoren 2013
Baten-lastendienst Immigratie- en Naturalisatiedienst
 

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

Omschrijving generiek deel

             

IND totaal:

             

Fte-totaal (excl. externe inhuur)

2 924

2 835

2 641

2 675

2 589

2 589

2 589

Saldo van baten en lasten (% van de baten)

6,8%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

               

Asiel

             

Doorlooptijd (wettelijke termijn) in %

88%

85%

86%

88%

89%

90%

90%

Standhouden van beslissingen in %

77%

85%

85%

85%

85%

85%

85%

Aantal gegronde klachten in %

1,5%

< 2,0%

< 2,0%

< 2,0%

< 2,0%

< 2,0%

< 2,0%

Gemiddelde kostprijs (x € 1)

5 001

5 051

4 863

4 740

5 082

5 070

5 070

Omzet (p * q) (x € 1 000)

159

157

150

149

138

137

137

               

Regulier

             

Doorlooptijd (wettelijke termijn) in %

88%

100%

100%

100%

100%

100%

100%

Standhouden van beslissingen in %

79%

80%

80%

80%

80%

80%

80%

Aantal gegronde klachten in %

1,2%

< 2,0%

< 2,0%

< 2,0%

< 2,0%

< 2,0%

< 2,0%

Gemiddelde kostprijs (x € 1)

645

693

863

862

848

847

847

Omzet (p * q) (x € 1 000)

167

180

173

172

172

171

171

               

Naturalisatie

             

Doorlooptijd (wettelijke termijn) in %

86%

100%

100%

100%

100%

100%

100%

Aantal gegronde klachten in %

0,1%

< 0,5%

< 0,5%

< 0,5%

< 0,5%

< 0,5%

< 0,5%

Gemiddelde kostprijs (x € 1)

485

353

332

338

360

359

359

Omzet (p * q) (x € 1 000)

18

20

20

20

19

19

19

Toelichting

Kostprijs per productgroep

De integrale kostprijzen zijn gebaseerd op de in 2010 vastgestelde kostprijzen. De komende jaren bevatten zowel kostprijsverhogende intensiveringen als ook kostprijsverlagende taakstellingen. Netto dalen de kosten.

Vanaf 2011 is de IND gestart met het uitvoeren van een groot aantal intensiveringen zoals zijn opgenomen in het regeerakkoord. De activiteiten die hiermee samenhangen hebben o.a. betrekking op het versnellen van de asielprocedure, dubbele check op inwilligingen verblijfsaanvragen, het verkorten van procedures in geval van fraude en bedrog, intensieve controle op criminaliteit en het afschaffen van de «Europa-route». Structureel stijgen de kosten van de IND met € 19 mln. Dit heeft tot gevolg dat de IND kostprijzen structureel toenemen.

Daarnaast is sprake van een daling van de kostprijzen als gevolg van de generieke en de additionele taakstellingen. Voor de IND lopen deze taakstellingen op tot een bedrag van circa € 17 mln. structureel. Voor 2013 bedraagt de taakstelling € 6 mln.; de maatregelen zijn vooral gericht op het bereiken van efficiency binnen de IND.

De stijging van de gemiddelde kostprijs regulier in 2013 wordt verklaard door een groot aantal (5-jaarlijkse) VerblijfsVergunningRegulier (VVR) omwisselingen in 2011–2012 in het kader van de Vreemdelingenwet. Deze omwisselingen hebben een lage kostprijs waardoor het gemiddelde in 2011 en 2012 lager is dan de jaren waarin de omwisselingen niet plaatsvinden.

De daling van de gemiddelde kostprijs asiel in de jaren 2013 en 2014 hangt samen met de wijzigingen in de opbouw van de verschillende onderliggende producten. In genoemde jaren neemt het aantal verzoeken voor een VerblijfsVergunningAsiel (VVA) (on)bepaalde tijd toe. Dit product heeft een relatief lage kostprijs waardoor de gemiddelde kostprijs asiel daalt. Vanaf 2015 daalt het relatieve aandeel van deze producten, omdat er in 2010 minder inwilligingen zijn geweest. Hierdoor stijgt de kostprijs weer.

Omzet per productgroep

Vanaf 2011 wordt de IND afgerekend op basis van output. De omzet per productgroep wordt gebaseerd op de integrale kostprijs en de verwachte instroom aantallen per productgroep. Voor asiel wordt daarbij uitgegaan van een instroom van 15 000. De instroom van reguliere aanvragen bedraagt 200 000 (exclusief bezwaarzaken). Bij naturalisatie wordt uitgegaan van een structurele instroom van 26 500 verzoeken. Daarnaast is voor de jaren 2012–2015 rekening gehouden met de effecten van de RANOV regeling. Totaal gaat het daarbij om 21 500 naturalisatieverzoeken (2013 = 9 000 verzoeken). Dit verklaart de daling van de omzet naturalisatie vanaf 2015.

Gemiddelde fte (exclusief inhuur externen)

Voor de komende jaren is sprake van een daling van de ambtelijke capaciteit. De besparingen uit het programma IND bij de Tijd zijn structureel verwerkt vanaf 2012. De verdere daling houdt verband met de effecten van de generieke en additionele taakstellingen uit het regeerakkoord. Daarnaast is sprake van een stijging van de capaciteit als gevolg van het uitvoeren van de intensivering uit het regeerakkoord.

Doorlooptijd

De doorlooptijd voor het afhandelen van de aanvragen regulier en naturalisatie binnen de wettelijke termijn is op 100% gesteld. De wettelijke opschortingen zijn daarbij binnen de wettelijke termijn opgenomen. Gezien de realisatie in voorgaande jaren is voor asiel een percentage van 86% realistisch.

Standhouden beslissing

Deze indicator geeft aan in hoeveel procent van de gevallen de beslissingen van de IND standhouden voor de rechter. Dit is een (gedeeltelijke) indicatie van de kwaliteit van beslissingen die de IND neemt in vreemdelingenzaken (asiel en regulier). In de tijd tussen een beslissing en een beroep kunnen zich echter ook nieuwe feiten voordoen die van invloed zijn op de beslissing.

Licence