Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

6. Agentschapsparagraaf NVWA

Begroting agentschap 2019 (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

(1)

(2)

(3)

(4)=(1)+(2)+(3)

Vastgestelde begroting

Mutaties 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Totaal geraamd

Baten

       

Omzet moederdepartement

171.728

 

28.173

199.901

Omzet overige departementen

90.786

 

1.534

92.320

Omzet derden

103.418

 

– 4.846

98.572

Rentebaten

 

0

0

Vrijval voorzieningen

 

0

0

Bijzondere baten

 

0

0

Totaal baten

365.932

 

24.861

390.794

         

Lasten

       

Apparaatskosten

345.581

 

36.953

382.534

– Personele kosten

205.270

 

29.148

234.417

– Waarvan eigen personeel

171.390

 

24.483

195.872

– Waarvan externe inhuur

20.581

 

7.462

28.043

– Waarvan overige personele kosten

13.299

 

– 2.797

10.502

– Materiële kosten

140.311

 

7.805

148.117

– Waarvan Bijdrage aan SSO's

47.166

 

10.342

57.509

– Waarvan overige materiële kosten

93.145

 

– 2.537

90.608

Rentelasten

98

 

0

98

Afschrijvingskosten

19.753

 

– 4.044

15.709

– Materieel

5.489

 

– 1.463

4.027

– Waarvan apparaat ICT

 

0

0

– Immaterieel

14.264

 

– 2.581

11.682

Overige lasten

500

 

0

500

– Dotaties voorzieningen

500

 

0

500

– Bijzondere lasten

 

0

0

Totaal lasten

365.932

 

32.909

398.841

         

Saldo van baten en lasten

0

 

– 8.048

– 8.048

Toelichting op de baten

Omzet moederdepartement

In de loop van het jaar heeft de NVWA voor € 28,1 mln. aan aanvullende opdrachten ontvangen, waaronder een hogere bijdrage voor problematiek reistijd=werktijd (€ 7,6 mln.) en voor de derving van inkomsten, omdat de initiële opleidingskosten dierenartsen van NVWA en KDS niet meer mogen worden geretribueerd volgens uitspraak van het College voor Beroep van het Bedrijfsleven (€ 4,4 mln.), voor de herbezinning als gevolg van het stopzetten van Inspect (€ 3 mln.), voor juridische taken overgedragen door de Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland (€ 2,1 mln.), het 6e actieprogramma nitraatrichtlijn (€ 2,1 mln.), voor verbetermaatregelen na aanleiding van het 2-Solve-rapport (€ 1,6 mln.), voor indexering van de retributietarieven (€ 1,3 mln.), voor verlaging van de retributietarieven in verband met het nieuwe lab Food Safety Researchcenter (WFSR) (€ 1 mln.), voor Brexit (€ 1 mln.), voor de nieuwe Controleverordening (€ 1,0 mln.), voor de kosten van vervoersdocumenten export dierlijke mest uit e-CertNL (€ 0,7 mln.), voor controles in het kader van de Basis Betalingsregelingen (€ 0,6 mln.), voor digitale postverwerking (€ 0,5 mln.) en diverse andere activiteiten (€ 1,2 mln.).

Omzet overige departementen

Van het Ministerie van VWS is per saldo € 0,6 mln. extra aan middelen ontvangen. Dit komt door extra activiteiten in verband met exotische muggen, alcohol en tabak en productveiligheid enerzijds en door een lagere lab-bijdrage vanwege opgelopen vertraging van de fusie van het lab voedselveiligheid (WFSR) anderzijds. Daarnaast wordt meerwerk verricht in opdracht van de provincies van € 0,9 mln. (Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer).

Omzet derden

De retributie-activiteiten vallen tegen, waardoor de inkomsten ca. € 4,8 mln. lager uitkomen.

Toelichting op de lasten

Tegenover de hogere baten staan ook hogere lasten. Vooral de extra werkzaamheden voor LNV en VWS hebben geleid tot een toename van de salariskosten, van de overige personele kosten, maar ook de kosten van autoleasing en de ICT (werkplekservices). De stijging van de leasekosten is het gevolg van een stijging van het aantal dienstauto’s en van duurdere (bijv. elektrische) auto’s. Hier staat een beperkte daling tegenover van de afschrijvingskosten van auto’s (eigen aanschaf).

De vertraging van de fusie labs (WFSR) heeft geleid tot een stijging bij enkele kostensoorten (personeel, huisvesting en ICT), maar een daling van andere kostensoorten (met name van de specifieke kosten).

Toelichting op het resultaat

Omdat de kosten sterker toenemen dan de baten, ontstaat een verwacht resultaat van ca. € –8,0 mln. Dit komt door de tegenvallende retributie-opbrengsten enerzijds en hogere personeelskosten anderzijds.

Kasstroomoverzicht over het jaar 2019 (bedragen x € 1.000)

 

(1)

(2)

(3)

(4)=(1)+(2)+(3)

 

Vastgestelde begroting

Mutaties 1e suppletoire begroting

Mutaties 2e suppletoire begroting

Totaal geraamd

Rekening courant RHB 1 januari (incl. deposito)

66.831

 

0

66.831

+/+ totaal ontvangsten operationele kasstroom

365.932

 

24.861

390.794

–/– totaal uitgaven operationele kasstroom

– 346.179

 

– 36.953

– 383.132

Totaal operationele kasstroom

19.753

 

– 12.091

7.662

–/– totaal investeringen

– 15.315

 

9.215

– 6.100

+/+totaal boekwaarde desinvesteringen

3.408

 

0

3.408

Totaal investeringskasstroom

– 11.907

 

9.215

– 2.692

–/– eenmalige uitkering aan moederdepartement

0

 

0

0

+/+ eenmalige storting door moederdepartement

0

 

0

0

–/– aflossingen op leningen

– 16.446

 

1.727

– 14.719

+/+ beroep op leenfaciliteit

15.315

 

– 9.215

6.100

Totaal financieringskasstroom

– 1.131

 

– 7.488

– 8.619

Rekening courant RHB 31 december (incl. deposito) (=1+2+3+4)

73.545

 

– 10.364

63.182

De totale kasstroom is € 10,4 mln. lager. Het verschil kan als volgt worden gespecificeerd:

Operationele kasstroom

De operationele kasstroom 2019 is € 12,1 mln. lager. Dit bestaat uit de som van het saldo van baten en lasten (€ 8,1 mln. lager) en afschrijvingskosten (€ 4,0 mln. lager)

Investeringskasstroom

De investeringskasstroom 2019 is € 9,2 mln. minder hoog dan begroot, omdat de ontwikkeling van Inspect is gestopt en een herbezinningsperiode is ingelast.

Financieringskasstroom

De totale financieringskasstroom 2019 is € 7,5 mln. lager dan begroot. Dit komt vooral omdat het beroep op de leenfaciliteit € –9,2 mln. minder groot was. Door de daling van de investeringen, hoeft immers ook minder te worden geleend. De uitgaven in verband met aflossingen op leningen vallen € 1,7 mln. lager uit, omdat in 2018 uiteindelijk minder is geleend dan begroot.

Overzicht doelmatigheidsindicatoren

 

2019

Vastgestelde begroting

2019

Stand 2e suppletoire begroting

Gemiddelde kostprijs (€/uur)

104,29

104,29

Tarieven

   

Index 2012 = € 94,07 = 100

110,86

110,86

Omzet per productgroep (in € mln.)

   

Handhaven

188,4

204,2

Keuren certificering op afstand

6,6

7,0

Keuren import

11,8

12,5

Keuren export, slachthuizen en overige activiteiten

57,7

61,1

FTE

   

Aantal FTE (excl. Externe inhuur)1

2.159

2.447

Verhouding FTE direct/indirect (exclusief externe inhuur)

1.689/470

1914/533

Salariskosten per fte

79.399

79.399

Saldo van baten en lasten

   

Saldo van baten en lasten als % van de totale baten

0%

– 2%

Kwaliteit

   

Afhandelsnelheid informatieverzoeken, klachten en meldingen

90%

90%

Tijdig betaalde facturen (< 30 dagen)

95%

95%

1

De gerealiseerde gemiddelde bezetting is niet alleen exclusief herplaatsingskandidaten, maar ook exclusief VanWerkNaarWerk-kandidaten.

Licence