Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

3.6 Artikel 6 Sport en bewegen

Een sportieve samenleving waarbij plezier in sport en bewegen belangrijk is, waarin voor iedereen passende en veilige sport- en beweegmogelijkheden aanwezig zijn en topsport mensen inspireert en samenbrengt.

De minister is verantwoordelijk voor het landelijke sportbeleid. Aan dit sportbeleid ligt vooral de maatschappelijke betekenis van sport ten grondslag. Sport en bewegen dragen in belangrijke mate bij aan een betere gezondheid, aan het verbeteren van leefbaarheid en veiligheid, sociale samenhang en integratie, aan het verbeteren van de schoolprestaties en het verminderen van schooluitval. Daarnaast erkent de minister de intrinsieke waarde van sport en het belang van sportevenementen. Vanuit die verantwoordelijkheid vervult de minister de volgende rollen:

Stimuleren: van samenwerking tussen relevante partijen om op lokaal niveau sportmogelijkheden te bewerkstelligen, van bevorderen van innovatie, kennisontwikkeling en kennisdeling.

Financieren: van programma’s die bijdragen aan voor iedereen passende en veilige sport- en beweeginfrastructuur, van internationaal aansprekende sportevenementen, van de ambitie om te behoren tot de beste tien sportlanden ter wereld, van innovatie, kennisontwikkeling en kennisdeling.

Regisseren: het bijeenbrengen van gemeenten, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en provincies om tot een gezamenlijke beleidsagenda te komen.

In de vorige kabinetsperiode is overal in Nederland gewerkt aan de totstandkoming van lokale sportakkoorden. Lokale coalities zijn ontstaan, waarin gewerkt wordt om mensen aan het sporten en bewegen te krijgen. Met het sport- en beweeglandschap in Nederland en de basis die het Nationaal Sportakkoord heeft gelegd, maar ook de extra inzet die mogelijk is door de middelen die in het kader van sport- en beweegstimulering door het kabinet aanvullend zijn vrijgemaakt, ligt er een stevig fundament waarop we de komende jaren kunnen bouwen.

We willen dat sporten en bewegen in 2040 een vanzelfsprekend onderdeel is van het leven van iedere Nederlander. Dat is noodzakelijk voor een gezonde en vitale samenleving, waar burgers elkaar ontmoeten en prettig samenleven. Dat gunnen wij iedere Nederlander, niet alleen de Nederlanders die nu al sporten en bewegen.

Met de brieven ‘(Top)sportbeleid 2022 en verder’ (Kamerstuk 30234, nr. 304) en «Beweegbrief» (Kamerstuk 30234, nr. 302) is aangegeven op welke ambities we de komende jaren willen inzetten. Deze zijn bedoeld als stip op de horizon en om onze partners binnen en buiten de sport uit te nodigen en uit te dagen samen te werken om deze ambities te bereiken. Het gaat hierbij om:

  • een vitale sport- en beweegsector; waarbij het onze ambitie is om de kwaliteit, toegankelijkheid en veiligheid van de sport- en beweegsector zo te versterken dat de sport- en beweegsector voor zoveel mogelijk mensen een waardevolle rol in hun leven kan spelen.

  • kansengelijkheid in sport en bewegen; waarbij het onze ambitie is de kansengelijkheid om mee te doen aan sport- en beweegactiviteiten te vergroten.

  • bewegen in het dagelijks leven; waarbij het onze ambitie is dat in 2040 75% van de Nederlanders aan de beweegrichtlijnen voldoet.

De ambities sluiten aan op het Nationaal Sportakkoord en de deelakkoorden die zijn gesloten. In 2023 bouwen we voort op het Sportakkoord en het versterken van de lokale sportakkoorden omdat deze essentieel zijn om meer mensen aan het sporten en bewegen te krijgen. Daarnaast starten we met nieuwe actielijnen, passend bij de ambities. Ook wordt ingezet op verdere aansluiting bij de ontwikkeling rond bewegen en preventie, waarbij ten aanzien van het onderwerp ‘bewegen’ we breed kijken naar de relatie van het Sportakkoord met de inzet op preventie en de daarbij behorende Preventieakkoorden. Samen met de strategische partners van het Sportakkoord en de maatschappelijke partners maken we de vertaling van onze ambities naar sport- en beweegstimuleringsbeleid.

Daarnaast wordt met de brief ‘(Top)sportbeleid 2022 en verder' de uitgangspunten van het toekomstige topsportbeleid toegelicht. Topsport is in de loop der jaren veranderd en steeds verder geprofessionaliseerd. Dit heeft zich afgespeeld tegen de achtergrond van een veranderende maatschappij. Met de partners NOC*NSF en de VNG/VSG van het Nationaal Sportakkoord is in Deelakkoord 6 ‘Topsport inspireert’ de ambitie vastgelegd om te werken aan het vergroten van de maatschappelijke waarde van topsport. We willen de topsport blijven verrijken, de topsport toekomstbestendig maken en zoveel mogelijk mensen inspireren met topsport. Daarbij komen drie elementen van maatschappelijke waarde van topsport centraal te staan:

  • de waarde van topsportprestaties, die over meer gaan dan alleen het resultaat of het niveau waarop dat resultaat wordt behaald.

  • het fundament van de topsport, waarbij we meer aandacht hebben voor het organiseren van topsport op een maatschappelijk verantwoorde manier.

  • de platformfunctie van topsport, een inspirerende topsport kan een prachtig platform bieden waarbij topsport als middel kan worden ingezet om bij te dragen aan een maatschappelijk vraagstuk.

Langs deze drie lijnen wordt het strategische kader topsport uitgewerkt. Dit kader wordt naar verwachting in 2023 gepubliceerd. Hierbij wordt ingezet op:

  • beter inzicht in de maatschappelijke rijkdom van topsportprestaties;

  • aandacht voor een maatschappelijk verantwoorde topsport;

  • veiligheid en integriteit als fundament;

  • paralympische topsport;

  • topsportevenementen als integraal onderdeel van het topsportbeleid;

  • verbindingen tussen het landelijke, regionale en lokale topsportbeleid;

  • topsport en de rol van media.

Tabel 21 Tabel Budgettaire gevolgen van beleid artikel 6 (bedragen x € 1.000)
 

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

Verplichtingen

678.620

496.738

513.868

520.795

517.369

495.619

481.872

        

Uitgaven

685.680

590.208

524.177

520.795

517.369

495.619

481.872

        

1. Passend sport- en beweegaanbod

338

0

0

0

0

0

0

Subsidies (regelingen)

338

0

0

0

0

0

0

Passend sport- en beweegaanbod

338

0

0

0

0

0

0

        

2. Uitblinken in sport

0

0

0

0

0

0

0

Subsidies (regelingen)

0

0

0

0

0

0

0

Uitblinken in sport

0

0

0

0

0

0

0

        

4. Sport verenigt Nederland

685.342

590.208

524.177

520.795

517.369

495.619

481.872

Subsidies (regelingen)

235.001

273.537

221.220

218.838

219.504

197.737

197.737

Sportakkoord

161.763

181.810

120.359

118.331

119.031

99.916

99.916

Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties

63.136

79.020

79.013

78.758

78.728

78.730

78.730

Kennis en innovatie

10.102

12.707

21.848

21.749

21.745

19.091

19.091

Inkomensoverdrachten

15.850

15.760

15.045

15.045

15.039

15.041

15.041

Financiële voorziening topsporters

15.850

15.760

15.045

15.045

15.039

15.041

15.041

Opdrachten

1.391

6.228

5.750

4.749

749

749

749

Sportakkoord

1.046

5.529

5.523

4.522

522

522

522

Kennis en innovatie

228

293

227

227

227

227

227

Overige

117

406

0

0

0

0

0

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

2.928

3.047

3.049

3.050

3.043

3.050

3.050

Dopingautoriteit

2.928

3.047

3.049

3.050

3.043

3.050

3.050

Bijdrage aan medeoverheden

430.110

286.882

189.535

189.536

189.475

189.483

189.484

Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties

187.072

193.256

189.535

189.536

189.475

189.483

189.484

Sportakkoord

243.038

93.626

0

0

0

0

0

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

0

4.660

3.525

3.525

3.525

3.525

3.525

Dopingbestrijding

0

660

325

325

325

325

325

Organisaties in de Sport

0

4.000

3.200

3.200

3.200

3.200

3.200

Bijdrage aan andere begrotingshoofdstukken

62

94

86.053

86.052

86.034

86.034

72.286

Sportakkoord

62

94

86.053

86.052

86.034

86.034

72.286

        

Ontvangsten

64.869

60.740

38.740

27.740

15.740

15.740

15.740

Overige

64.869

60.740

38.740

27.740

15.740

15.740

15.740

Extracomptabele fiscale regelingen

Naast de in dit begrotingsartikel genoemde instrumenten, is er een fiscale regeling die betrekking heeft op dit beleidsterrein. Het betreft de Btw-vrijstelling voor sportclubs. De Minister van Financiën is hoofdverantwoordelijk voor de wetgeving en uitvoering van deze regeling en voor de budgettaire middelen. Voor een beschrijving van de regeling, de doelstelling, de ramingsgrond, een verwijzing naar de laatst uitgevoerde evaluatie en het beoogde jaar van afronding van de volgende evaluatie, wordt verwezen naar de bijlage bij de Miljoenennota ‘Toelichting op de Fiscale regelingen’.

Budgetflexibiliteit

Subsidies

Van het beschikbare budget voor 2023 van € 221,2 miljoen is 81,7% juridisch verplicht of bestuurlijk gebonden in verband met de aangegane verplichtingen voor instellingssubsidies en (meerjarige) projectsubsidies. Het betreft onder meer de instellingssubsidies aan NOC*NSF, het Instituut Sportrechtspraak, het Kenniscentrum sport en Mulier Instituut. Bij de projectsubsidies betreft het onder meer de subsidieregeling stimulering bouw en onderhoud sportaccommodaties, topsportevenementen, de uitwerking van de deelakkoorden van het Sportakkoord en de beweegalliantie.

Opdrachten

Van het beschikbare budget voor 2023 van € 5,8 miljoen is 94,8% juridisch verplicht. Het betreft de ontzorgingstrajecten en de vervoersregeling voor sporters met een beperking.

Inkomensoverdrachten

Van het beschikbare budget voor 2023 van € 15,0 miljoen is 100% juridisch verplicht in verband met de Stipendiumregeling en kostenvergoeding voor topsporters.

Bijdragen aan ZBO’s en RWT’s

Van het beschikbare budget voor 2023 van € 3,0 miljoen is 100% juridisch verplicht in verband met de bijdrage aan de Dopingautoriteit.

Bijdragen aan medeoverheden

Van het beschikbare budget voor 2023 van € 189,5 miljoen is 100% juridisch verplicht in verband met de Regeling specifieke uitkering stimulering sport en de Regeling specifieke uitkering voor lokale Sportakkoorden.

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

Van het beschikbare budget voor 2023 van € 3,5 miljoen is 100% bestuurlijk gebonden in verband met een bijdrage aan de World Anti-Doping Agency (WADA) en Stichting Kansspelbelangen (STAK).

Bijdragen aan andere begrotingshoofdstukken

Van het beschikbare budget voor 2023 van € 86,1 miljoen is 100% juridisch verplicht in verband met de bijdrage voor de Buurtsportcoachregeling (inclusief middelen OCW) en een bijdrage voortvloeiend uit de European Partial Agreement in Sports (EPAS).

Tabel 22 Geschatte budgetflexibiliteit
 

2023

juridisch verplicht

91%

bestuurlijk gebonden

1%

beleidsmatig gereserveerd

8%

nog niet ingevuld/vrij te besteden

0%

4. Sport verenigt Nederland

Bijna de helft (47%) van de Nederlandse bevolking (4 jaar en ouder) voldoet aan de beweegrichtlijnen om zowel (matig) intensieve inspanning als spier- en botversterkende activiteiten te verrichten. Met name op het gebied van matig tot zwaar intensieve inspanningen wordt maar door een beperkt deel (52%) van de bevolking aan de normen voldaan. Voor spier- en botversterkende activiteiten is dit een stuk meer (84%). Over de tijd is er een licht stijgende trend te zien voor zowel het voldoen aan de matig tot zwaar intensieve activiteiten als spier- en botversterkende activiteiten.

De Nederlandse topsport is een groot goed en mondiaal wordt goed gepresteerd. De internationale medaillespiegel is een kernindicator om te monitoren hoe Nederland zich verhoudt ten opzichte van de beste topsportlanden ter wereld. Deze cijfers worden gepresenteerd voor Olympische- en Paralympische sporten. In de komend jaren komen er meer indicatoren die de maatschappelijke waarde van topsport in bredere zin laten zien.

Subsidies en opdrachten

Sport- en beweegstimuleringIn 2023 zetten we in op onze ambities om de sport- en beweegsector te versterken, de kansengelijkheid om mee te doen met sport te vergroten en daarnaast het bewegen in het dagelijks leven te bevorderen. Deze ambities sluiten aan op het Nationaal Sportakkoord en de deelakkoorden die zijn gesloten. Om deze ambities te realiseren en recht te doen aan het Regeerakkoord zetten we de beschikbare middelen voor 2023 (€ 120,9 miljoen) in op de volgende uitvoeringslijnen:

Voortzetten en door ontwikkelen Nationaal SportakkoordHet Sportakkoord wordt in 2023 doorgezet. Inzet op lokale coalities om de sport dichtbij mensen te organiseren, waarbij het aansluit bij de vraag en behoeften. Lokale uitvoering van het Sportakkoord bestaat uit het sluiten van lokale Sportakkoorden, het creëren van lokale coalities (dit zijn partijen uit verschillende domeinen zoals de sportverenigingen, scholen, welzijnsinstellingen, gemeente), en het organiseren van activiteiten om sport dichtbij mensen te organiseren. In 347 gemeenten (peildatum november 2021) wordt met een lokaal sportakkoord gewerkt. Gemeenten kunnen voor het uitvoeren van het sportakkoord aanspraak maken op uitvoeringsbudget.

Het Ministerie van VWS werkt toe naar één lokale regeling voor gemeenten waarin een aantal programma’s gebundeld wordt op het gebied van sport- en beweegstimulering, gezondheidsbevordering en het bevorderen van cultuurparticipatie.

Nationale programma's en projecten op professionalisering, (financiële) toegankelijkheid en veilige en integere sport Een sterke en professionele sport- en beweegsector is een belangrijke voorwaarde om doelgroepen die niet of te weinig sporten en bewegen te activeren en om sportuitval te voorkomen. Hierbij richten we ons op ondersteuning voor kleine sportaanbieders, het versterken van het menselijk kapitaal en de koepelorganisaties waaronder de sportbonden.

Toegankelijk sporten en bewegen betekent dat er voor iedereen passend aanbod en begeleiding is. De sport- en beweegsector wordt nu door een grote groep mensen als niet toegankelijk ervaren. De rol van sport- en beweegaanbieders, aandacht voor de ontwikkeling van motorische vaardigheden bij kinderen, (sport)accommodaties en duurzaamheid zijn hierbij belangrijk. Er wordt ingezet op verschillende projecten via subsidie, challenge of opdracht die erop gericht zijn om de ervaren belemmeringen van mensen weg te nemen en kansengelijkheid te bevorderen. Hierbij gaat het om financiële en praktische belemmeringen. Om dit te bereiken wordt samengewerkt met onder andere de partijen uit de alliantie Sporten en bewegen voor iedereen, fondsen, gemeenten en de sport- en beweegsector.

Een veilige en integere sport is een sport waar iedereen die dat wil zich thuis voelt en met plezier, veilig, eerlijk en zorgeloos kan sporten. Het creëren van een positieve sportcultuur en het zo veel als mogelijk voorkomen en aanpakken van grensoverschrijdend gedrag vraagt om aandacht van iedereen. Daar hoort ondersteuning van bestuurders, sportclubs, trainers, ouders, arbitrage en verzorgers bij. Dit alles met als doel het plezier in sport te vergroten en iedereen langer aan de sport te binden en de kans te vergroten dat mensen ook op latere leeftijd actief blijven binnen een sportvereniging als sporter en als vrijwilliger. Zo wordt er bijvoorbeeld ingezet op een goede basisinfrastructuur via organisaties als ISR, Centrum Veilige Sport en HALT.

Topsport die inspireert

Topsport kan vele Nederlanders op veel manieren inspireren. Topsport en topsportprestaties hebben maatschappelijke waarde en deze waarde wordt in het landelijke topsportbeleid het centrale uitgangspunt. Met de sport, gemeenten, overheid, media en bedrijfsleven wordt vanuit een gezamenlijke aanpak gewerkt aan het zichtbaar maken en vergroten van de maatschappelijke waarde van topsport. VWS stelt in 2023 middelen beschikbaar voor een optimaal topsportklimaat in Nederland, waarin we oog hebben voor het verantwoord organiseren van topsport, waardering voor het brede scala aan Nederlandse topsportprestaties en de maatschappelijke waarde van topsport.

De rijksoverheid wil meer maatschappelijke waarde uit topsportevenementen halen door onder meer het bereik te vergroten en de evenementen verantwoord te organiseren (Kamerstukken II 2020/21, 30234 nr. 257). Daarvoor werken we nauw samen met sportbonden, provincies en gemeenten. We zetten daarbij een aantal concrete beleidsinstrumenten in: het Coördinatie- en Informatiepunt Topsportevenementen, de ontwikkeling van een onderzoeks- en innovatieprogramma, de ontwikkeling van een Maatschappelijk activatieprogramma en een subsidieregeling voor de organisatie van topsportevenementen.

Beweegalliantie

Het bevorderen van bewegen vraagt om een brede aanpak. Dat kunnen we als Ministerie van VWS niet alleen. Daarom starten we onder de vlag van het Preventieakkoord een ‘Beweegalliantie’. Via de Beweegalliantie brengen we organisaties met verschillende kennis en expertise samen om zo verbindingen te kunnen leggen en gezamenlijk tot gedeelde ambities en concrete acties en maatregelen te komen om meer Nederlanders aan de beweegrichtlijnen te laten voldoen. We zetten in op een brede samenstelling van de alliantie: organisaties vanuit de zorg en het maatschappelijk en sociaal domein, onderwijs, sport, bedrijfsleven, kennisinstellingen, gemeenten en andere departementen.

Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties

Het rijk zet zich met gemeenten in om sportaccommodaties te verduurzamen en beter toegankelijk te maken. De subsidieregeling Stimulering bouw en onderhoud sportaccommodaties loopt door. Sportaanbieders (sportverenigingen, stichtingen en andere niet-winstbeogende investeerders in sportaccommodaties) kunnen een subsidie aanvragen van 20% voor de bouw of het onderhoud van sportaccommodaties of voor de aanschaf of het onderhoud van sportmaterialen. Hierbij is er een mogelijkheid tot een aanvullende subsidie van 10% voor investeringen in energiebesparing, veiligheid, circulariteit en klimaatadaptie van sportaccommodaties.

Daarnaast zetten we in op het toegankelijk maken van verduurzaming. Via de ontzorgingstrajecten krijgen eigenaren van sportaccommodaties de mogelijkheid voor begeleiding om kennis- en capaciteitsdrempels weg te nemen.

Ook investeren we in topsportaccommodaties. De maatschappelijke betekenis van topsport gaat veranderen door de prestaties van topsporters vaker en dichter bij de burgers te brengen. Daarmee wordt de zichtbaarheid en inspirerende waarde van de topsporters vergroot. Daarvoor kunnen moderne sportaccommodaties beter worden benut die door alle sporters (amateur en top) kunnen worden gebruikt.

In 2023 is via subsidies en opdrachten in totaal € 84,0 miljoen beschikbaar.

Kennis en innovatie sportbeleid

VWS investeert in ‘missie gedreven onderzoek en innovatie in sport en bewegen’. De VWS middelen worden ingezet in partnerschap met ZonMw en NOC*NSF. In 2023 gaan de samenwerkingsverbanden van overheid, wetenschap, bedrijven en maatschappij/sport van start.

Ook investeren we in het bevorderen van sportinnovatie via het programma Sportinnovator. Inmiddels is er een sterk ecosysteem van innovatie in Nederland. In de komende jaren is de ambitie om innovatie verder te stimuleren en te versnellen.

Daarnaast wordt ingezet op het valideren van kansrijke sport- en beweeg interventies en op het borgen en verspreiden van beschikbare kennis via het Kenniscentrum en Kennisportal sport.

Het Mulier Instituut, het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) krijgen subsidie om de monitoring van indicatoren in de sport uit te voeren. Het Mulier Instituut, het RIVM, het Kenniscentrum Sport en Bewegen, NOC*NSF en VSG zijn vertegenwoordigd in een consortium dat de monitoring van het sportakkoord verzorgt.

In totaal is voor kennissubsidies en -opdrachten € 22,1 miljoen beschikbaar in 2023.

Inkomensoverdrachten

Financiële voorziening topsporters

Het Fonds voor de Topsporter verzorgt het uitkeren van een stipendium aan A- en High Potential topsporters die financieel gezien niet - via zijn/haar sport, dan wel op een andere manier - in zijn/haar levensonderhoud kunnen voorzien. Zo kunnen zij zich volledig richten op hun sportcarrière. Het Fonds voor de Topsporter zorgt daarnaast voor het uitkeren van kostenvergoedingen aan topsporters. VWS stelt hiervoor in totaal € 15,0 miljoen beschikbaar.

Bijdragen aan ZBO’s en RWT’s

Dopingautoriteit

Voor het tegengaan van dopinggebruik wordt aan de Dopingautoriteit een bijdrage beschikbaar gesteld. Hiervoor is € 3,0 miljoen beschikbaar.

Bijdragen aan medeoverheden

Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties

Onder voorwaarden konden gemeenten, sportverenigingen en

sportstichtingen tot 2019 de BTW die aan hen in rekening werd gebracht bij investeringen in sportaccommodaties en sportmaterialen in aftrek brengen. Door een uitspraak van het Europese Hof van Justitie is bovenstaande mogelijkheid tot aftrek aangepast. De ‘Regeling specifieke uitkering stimulering sport’ beoogt daarom de ontwikkeling en instandhouding van sportaccommodaties en de aanschaf van sportmaterialen door gemeenten te stimuleren, daar waar de mogelijkheid tot btw-aftrek is vervallen. De regeling is gestoeld op de uitgangswaarden van de mogelijkheden die er tot 1 januari 2019 waren om de btw af te trekken. In totaal is in 2023 hiervoor € 189,5 miljoen beschikbaar.

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

Jaarlijks wordt een bijdrage beschikbaar gesteld voor de kosten die de World Anti Doping Agency (WADA) aan de deelnemende landen doorberekend. Daarnaast vindt als gevolg van een wijziging van de Wet op de Kansspelen een compensatie richting de Stichting Kansspelbelangen (STAK) plaats. In totaal is € 3,5 miljoen beschikbaar.

Bijdragen aan andere hoofdstukken

Gemeenten stellen professionals aan als buurtsportcoaches en buurtcultuurcoaches. Zij leggen verbindingen tussen sport en sectoren als onderwijs, cultuur, zorg, welzijn en buitenschoolse opvang. Per fte ontvangen de deelnemende gemeenten een rijksbijdrage. De gemeenten zijn verantwoordelijk voor cofinanciering per fte. Vanuit VWS (inclusief de bijdrage vanuit het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) wordt in 2023 € 86,0 miljoen beschikbaar gesteld aan de gemeenten. De Brede regeling Combinatiefuncties wordt in 2023 doorgezet en zal worden herzien.

Het Ministerie van VWS werkt toe naar één lokale regeling voor gemeenten waarin een aantal programma’s gebundeld wordt op het gebied van sport- en beweegstimulering, gezondheidsbevordering en het bevorderen van cultuurparticipatie.

Ontvangsten

De ontvangsten in 2023 betreffen voornamelijk terugbetalingen door gemeenten als gevolg van de vaststellingen op de ‘Regeling specifieke uitkering stimulering sport’ 2021. Daarnaast worden ontvangsten verwacht van niet volledig uitgeputte subsidies. In totaal worden de ontvangsten geraamd op € 38,7 miljoen.

Licence