Omschrijving | (1) Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire Begrotingen, NvW en amendementen) | (2) Mutaties 2e suppletoire begroting | Totaal geraamd(3) = (1) + (2) |
|---|---|---|---|
Baten | |||
Omzet | 4.641.471 | 59.318 | 4.700.789 |
waarvan omzet moederdepartement | 3.892.265 | 50.590 | 3.942.855 |
waarvan omzet overige departementen | 111.741 | ‒ 9.660 | 102.081 |
waarvan omzet derden | 254.706 | 31.453 | 286.159 |
waarvan Saldo Op Ontvangen Bijdragen voor exploitatie en onderhoud | 267.676 | 27.082 | 294.758 |
waarvan Saldo Op Ontvangen Bijdragen voor te verlenen diensten | 115.083 | ‒ 40.147 | 74.936 |
Rentebaten | 32.867 | ‒ 1.805 | 31.062 |
Vrijval voorzieningen | 0 | 0 | 0 |
Bijzondere baten | 1.500 | 0 | 1.500 |
Totaal baten | 4.675.838 | 57.513 | 4.733.351 |
Lasten | |||
Apparaatskosten | 1.714.380 | 33.972 | 1.748.352 |
- Personele kosten | 1.369.632 | 6.650 | 1.376.282 |
waarvan eigen personeel | 1.219.216 | 20.726 | 1.239.942 |
waarvan inhuur externen | 94.206 | ‒ 12.406 | 81.800 |
waarvan overige personele kosten | 56.210 | ‒ 1.670 | 54.540 |
- Materiele kosten | 344.748 | 27.322 | 372.070 |
waarvan apparaat ICT | 58.952 | 4.672 | 63.624 |
waarvan bijdrage aan SSO's | 76.534 | 6.065 | 82.600 |
waarvan overige materiele kosten | 209.262 | 16.584 | 225.846 |
Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten | 2.987.963 | 13.188 | 3.001.151 |
Rentelasten | 2.568 | ‒ 178 | 2.390 |
Afschrijvingskosten | 18.994 | ‒ 378 | 18.616 |
- Materieel | 18.962 | ‒ 378 | 18.584 |
waarvan apparaat ICT | 4.774 | 70 | 4.844 |
waarvan overige materiele afschrijvingskosten | 14.188 | ‒ 448 | 13.740 |
- Immaterieel | 32 | 0 | 32 |
Overige lasten | 8.000 | 2.935 | 10.935 |
waarvan dotaties voorzieningen | 8.000 | 2.435 | 10.435 |
waarvan bijzondere lasten | 0 | 500 | 500 |
Totaal lasten | 4.731.905 | 49.539 | 4.781.444 |
Saldo van baten en lasten gewone bedrijfsuitoefening | ‒ 56.067 | 7.974 | ‒ 48.093 |
Agentschapsdeel Vpb-lasten | 1.300 | ‒ 1.838 | ‒ 538 |
Saldo van baten en lasten | ‒ 57.367 | 9.812 | ‒ 47.555 |
Dotatie/onttrekking aan reserve Rijksrederij | 2.435 | ‒ 2.435 | 0 |
Te verdelen resultaat | ‒ 59.802 | 12.247 | ‒ 47.555 |
Toelichting
Baten
Omzet
Omzet moederdepartement
De hoger omzet moederdepartement ten opzichte van de suppletoire begroting september (SBS) 2025 ad. € 50,6 miljoen wordt met name veroorzaakt door:
– Bijdrage ter dekking van de dotatie aan de verlofreservering, die als gevolg van de invoering van het IKB-spaarverlof en de verruiming van het aantal IKB-uren aanzienlijk is gestegen (€ 20 miljoen);
– middelen van het ministerie van Klimaat en Groene Groei voor Exploitatie en Onderhoud van sensors voor Maritiem InformatieVoorzieningen Servicepunt I (MIVSP-1) (6,8 miljoen);
– compensatie voor ongeplande kosten die voortkomen uit maatregelen die nodig zijn door de ingestelde grenscontroles in Duitsland (€ 5 miljoen);
– middelen ter dekking van uitgaven op het Asfaltdossier in het kader van Klimaatneutrale en Circulaire Infrastructuur (KCI) (€ 4,3 miljoen);
– middelen in het kader van de Banenafspraak Arbeidsbeperkten (€ 3,1 miljoen);
– aanvullende programmamiddelen voor het uitvoeren van het onderzoeksprogramma 2025 voor de water en bodemopgaven. Dit onderzoeksprogramma wordt uitgevoerd onder de Subsidieregeling Instituten voor Toegepast Onderzoek (SITO-regeling) (€ 2,4 miljoen);
– middelen voor Nationaal Dataportaal Wegverkeer (NDW) ten behoeve van het Nationaal Toegangspunt Mobiliteitsdata (NTM) programmaplan (€ 2,4 miljoen);
– bijdrage voor Beheer en onderhoud van het modelinstrumentarium van Deltares (€ 2 miljoen);
– middelen van het ministerie van Klimaat en Groene Groei voor MISVP-2, deelproject AI beeldherkenning vogels (€ 2 miljoen);
– het restant betreft verschillende mutaties kleiner dan € 1,0 miljoen (€ 2,6 miljoen).
Omzet overige departementen
De lagere omzet overige departementen ten opzichte van de suppletoire begroting september 2025 ad. € -9,7 miljoen wordt met name veroorzaakt doordat de Rijksrederij lagere tarieven bij de opdrachtgevers in rekening brengt. De lagere tarieven zijn het gevolg van lagere brandstofprijzen dan begroot en het verschuiven van de inhuur van het extra handhavingsvaartuig naar 2026.
Omzet derden
Ten opzichte van de suppletoire begroting september 2025 neemt de omzet derden naar verwachting toe met € 31,5 miljoen. Dit wordt met name veroorzaakt door hogere verwachte energieopbrengst, omdat vanaf 2025 de opbrengsten voor het windmolenpark Maasvlakte II niet meer gesaldeerd worden (€ 27,5 miljoen). Daarnaast nemen naar verwachting de opbrengsten op Ingebruikgeving van vastgoed toe als gevolg van indexering van de tarieven (€ 5,1 miljoen). Het restant betreft mutaties kleiner van € 1 miljoen (€ -1,1 miljoen).
Saldo Op Ontvangen Bijdragen voor exploitatie en onderhoud
Onder dit saldo vallen de ontvangsten en uitgaven die samenhangen met afspraken over het Basis Kwaliteitsniveau (BKN). De huidige prognose geeft het beeld dat RWS meer opdrachten in de markt zal zetten dan het aan opbrengsten ontvangt. Op basis daarvan is het de verwachting dat het saldo met € 294,8 miljoen zal afnemen, waar dit bij suppletoire begroting september nog een verwachte afname van € 267,7 miljoen was.
Saldo Op Ontvangen Bijdragen voor te verlenen diensten
Onder dit saldo vallen de ontvangsten en uitgaven in het kader van planstudies, Caribisch Nederland, werken voor en met partners, aanvullende opdrachten van het moederdepartement die niet tot BKN behoren en overige opdrachten. De huidige prognose geeft het beeld dat RWS minder opdrachten kan uitvoeren dan werd verwacht bij het opstellen van de suppletoire begroting september 2025, waardoor de uitvoering in 2025 lager uitkomt dan verwacht bij suppletoire begroting september. Als gevolg hiervan is het de verwachting dat het saldo € 40,1 miljoen minder zal afnemen ten opzichte van de suppletoire begroting september. Over heel 2025 wordt per saldo wel een afname van het Saldo Op Ontvangen Bijdragen voor te verlenen diensten verwacht van € 74,9 miljoen.
Rentebaten
Voor 2025 zijn de verwachte rentebaten lager dan waarvan bij suppletoire begroting september 2025 is uitgegaan (€ -1,8 miljoen). Dit is het gevolg van verdere daling van de rentepercentages in combinatie met een lagere rekening-courant stand bij het ministerie van Financiën.
Nieuwe Regeling Agentschappen
Per 1 januari 2025 is de nieuwe Regeling Agentschappen ingegaan. In verband met het overgangsjaar naar de nieuwe regeling is voor het uitvoeringsjaar 2025 het exploitatieoverzicht conform de begroting 2025 opgesteld. De nieuwe regeling geeft de mogelijkheid voor bekostiging op basis van output en/of input. Voor de uitvoering van het jaar 2025 wordt daarom naast het exploitatieoverzicht inzicht gegeven in de nieuwe categorieën van baten.
De bekostiging van RWS vindt plaats door middel van input-bekostiging. Dit houdt in dat er afspraken zijn gemaakt tussen de eindverantwoordelijke binnen een agentschap, de continuïteitsverantwoordelijke en tenminste één beleidsverantwoordelijke over een bijdrage voor de ingezette middelen of arbeidskrachten. Hierbij bestaat een relatie tussen de bekostiging en de ingezette middelen, in plaats van de uiteindelijke realisatie van de diensten of producten. Deze bekostigingsvorm is dus gebaseerd op het leveren van een inspanning.
Omschrijving | (1) Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire Begrotingen, NvW en amendementen) | (2) Mutaties 2e suppletoire begroting | Totaal geraamd(3) = (1) + (2) |
|---|---|---|---|
Baten als tegenprestatie voor levering van input | 4.258.712 | 72.383 | 4.331.095 |
waarvan bijdrage aan apparaat (interne kosten) | 1.679.218 | 44.718 | 1.723.936 |
waarvan bijdrage aan exploitatie en onderhoud | 2.462.876 | 19.497 | 2.482.373 |
waarvan bijdrage aan te verlenen diensten | 116.618 | 8.168 | 124.786 |
Baten uit reeds ontvangen bijdragen voor levering van input | 382.759 | ‒ 13.065 | 369.694 |
waarvan Saldo Op Ontvangen Bijdragen voor exploitatie en onderhoud | 267.676 | 27.082 | 294.758 |
waarvan Saldo Op Ontvangen Bijdragen voor te verlenen diensten | 115.083 | ‒ 40.147 | 74.936 |
Rentebaten | 32.867 | ‒ 1.805 | 31.062 |
Vrijval voorzieningen | 0 | 0 | 0 |
Bijzondere baten | 1.500 | 0 | 1.500 |
Totaal baten | 4.675.838 | 57.513 | 4.733.351 |
Toelichting
Baten als tegenpresentatie voor levering van input
Bijdrage aan apparaat
De bijdrage aan apparaat dient ter dekking van de interne kosten van RWS (apparaatskosten inclusief rente- en afschrijvingskosten) die verband houden met exploitatie, onderhoud en vernieuwing, ontwikkeling en beleidsondersteuning en –advisering.
De hogere bijdrage aan apparaat ten opzichte van de suppletoire begroting september 2025 ad. € 44,7 miljoen is met name veroorzaakt door:
– Hogere energie opbrengsten, omdat vanaf 2025 de opbrengsten voor het windmolenpark Maasvlakte II niet meer gesaldeerd worden (€ 21,1 miljoen);
– bijdrage ter dekking van de dotatie aan de verlofreservering, die als gevolg van de invoering van het IKB-spaarverlof en de verruiming van het aantal IKB-uren aanzienlijk is gestegen (€ 20 miljoen);
– een hogere verwachte opbrengt op Ingebruikgeving van gebouwen door indexatie van de tarieven (€ 5,2 miljoen);
– middelen in het kader van de Banenafspraak Arbeidsbeperkten (€ 3,1 miljoen);
– middelen van het ministerie van Klimaat en Groene Groei voor Exploitatie en Onderhoud van sensors voor Maritiem Informatievoorzieningen Servicepunt I (MIVSP-1) (2,8 miljoen);
– middelen voor Nationaal Toegangspunt Mobiliteitsdata (NTM) programmaplan (€ 2,4 miljoen);
– lagere tarieven vanuit de Rijksrederij aan opdrachtgevers als gevolg van lagere brandstofprijzen dan begroot en het verschuiven van de inhuur van het extra handhavingsvaartuig naar 2026. (€ -8,7 miljoen);
– het saldo van mutaties < € 1 miljoen (€ -1,2 miljoen).
Bijdrage aan exploitatie en onderhoud
De bijdrage aan exploitatie en onderhoud dient ter dekking van de externe kosten die samenhangen met afspraken over het basiskwaliteitsniveau (BKN) voor exploitatie en onderhoud.
De hogere bijdrage aan exploitatie en onderhoud ten opzichte van de suppletoire begroting september 2025 ad. € 19,5 miljoen is met name veroorzaakt door:
– Hogere verwachte energieopbrengst, omdat vanaf 2025 de opbrengsten voor het windmolenpark Maasvlakte II niet meer gesaldeerd worden (€ 6,4 miljoen);
– compensatie voor ongeplande kosten die voortkomen uit maatregelen die nodig zijn door de ingestelde grenscontroles in Duitsland (€ 5 miljoen);
– middelen ter dekking van uitgaven op het Asfaltdossier in het kader van Klimaatneutrale en Circulaire Infrastructuur (KCI) (€ 4,3 miljoen);
– bijdrage voor beheer en onderhoud van het modelinstrumentarium van Deltares (€ 2 miljoen);
– het restant betreft verschillende mutaties kleiner dan € 1,0 miljoen (€ 1,8 miljoen).
Bijdrage aan te verlenen diensten
De bijdragen aan te verlenen diensten dient ter dekking van de externe kosten in het kader van planning en studies, Caribisch Nederland, Werken voor en met Partners, aanvullende opdrachten van het moederdepartement die niet tot BKN behoren en overige opdrachten.
De hogere bijdrage aan te verlenen diensten ten opzichte van de suppletoire begroting september 2025 (€ 8,2 miljoen) is met name het gevolg van:
– Middelen van het ministerie van Klimaat en Groene Groei voor Exploitatie en Onderhoud van sensors voor Maritiem Informatievoorzieningen Servicepunt I (MIVSP-1) (€ 4,0 miljoen);
– aanvullende programmamiddelen voor het uitvoeren van het onderzoeksprogramma 2025 voor de water en bodemopgaven. Dit onderzoeksprogramma wordt uitgevoerd onder de Subsidieregeling Instituten voor Toegepast Onderzoek (SITO-regeling) (€ 2,4 miljoen);
– middelen van het ministerie van Klimaat en Groene Groei voor MISVP-2, deelproject AI beeldherkenning vogels (€ 2 miljoen);
– het restant betreft verschillende mutaties kleiner dan € 1,0 miljoen (€ -0,2 miljoen).
In onderstaand overzicht is weergegeven hoe de huidige omzetcategorieen, stand Tweede suppletoire begroting 2025, uiteenvallen in de nieuwe specificatie van baten.
Omschrijving | Bijdrage aan apparaat (interne kosten) | Bijdrage aan exploitatie en onderhoud | Bijdrage aan te verlenen diensten | Totaal omzet |
|---|---|---|---|---|
Omzet moederdepartement | 1.538.316 | 2.304.264 | 100.275 | 3.942.855 |
Omzet overige departementen | 83.923 | 18.158 | 102.081 | |
Omzet derden | 101.697 | 178.109 | 6.353 | 286.159 |
Totaal baten als tegenpresentatie voor levering van input | 1.723.936 | 2.482.373 | 124.786 | 4.331.095 |
Lasten
Apparaatskosten
Personele kosten
De personele kosten bestaan uit de kosten van het eigen personeel en de kosten van de ingehuurde capaciteit voor de uitvoering van kerntaken.
Eigen personeel
De verdere toename van de kosten eigen personeel ten opzichte van de suppletoire begroting september ad. € 20,7 miljoen zijn met name het gevolg van Verambtelijking in het kader van de taakstelling Kabinet Schoof en de wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA). Daarnaast leidt ook de toekenning van tijdelijke opdrachten vanuit IenW en overige departementen tot verwachte extra personeelskosten. Tot slot is uitstroom lager dan de afgelopen jaren. Eén van de HeRA maatregelen (Herstelplan RWS Agentschap) is het vertragen van vervanging bij uitstroom. Deze maatregel levert minder besparing op dan verwacht.
Inhuur externen
De lagere verwachte inhuur dan ingeschat bij suppletoire begroting september (€ -12,4 miljoen) zijn met name het gevolg van Verambtelijking in het kader van de taakstelling Kabinet Schoof en de wet DBA. Daarnaast is de lagere verwachte inhuur ook het gevolg van het beperken van inhuur vanuit HeRA.
Materiële kosten
De materiële kosten bestaan uit de kosten voor apparaat gebonden ICT-middelen, de bijdrage aan SSO’s die bedrijfsvoeringsdiensten leveren en overige materiële kosten.
De verwachte materiële kosten zijn hoger dan bij suppletoire begroting september (€ 27,3 miljoen), door verwachte toename van de apparaat gebonden ICT (€ 4,7 miljoen). In 2025 worden alle laptops overgezet naar Windows 11. Dit zorgt voor extra kosten bij de servicedesk. Daarnaast zijn de licentiekosten voor applicaties toegenomen door prijsstijgingen.
Daarnaast verwacht RWS een hogere bijdrage aan SSO’s, die voornamelijk wordt veroorzaakt door stijging van de huren (€ 6,1 miljoen).
Tenslotte verwacht RWS een verdere toename van de realisatie van overige materiële kosten ten opzichte van de suppletoire begroting september (€ 16,6 miljoen). De oorzaak hiervan is dat vanaf 2025 de kosten voor het windmolenpark Maasvlakte II nier meer gesaldeerd worden. Hierdoor stijgen zowel de opbrengsten als de kosten met € 21,1 miljoen. Zonder deze wijziging zouden de kosten dalen conform de verwachting van de HeRA maatregelen op materiële kosten en de lagere brandstofkosten bij de Rijksrederij.
Overige lasten
Dotaties voorzieningen
De toename van de dotaties is met name het gevolg van een dotatie aan de voorziening groot onderhoud vaartuigen (€ 2,4 miljoen). De verwachte dotatie aan de voorziening groot onderhoud vaartuigen stijgt hiermee van € 8,0 miljoen naar € 10,4 miljoen.
Agentschapsdeel Vpb lasten
In de suppletoire begroting september is rekening gehouden met een Vennootschapsbelasting last als gevolg van opbrengsten van het windmolenpark Maasvlakte II. Het grootste deel van deze opbrengsten komt ten gunste van Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten. Daar wordt nu ook de Vpb last voor dat deel van de opbrengst verantwoord.
Dotatie/onttrekking aan reserve Rijksrederij
Het verschil tussen de afschrijvingskosten en rentekosten op basis van historische kostprijs en de afschrijvingskosten en rentekosten op basis van vervangingswaarde bedraagt dit jaar naar verwachting € 10,4 miljoen. Dit bedrag wordt volledig gedoteerd aan de voorziening groot onderhoud vaartuigen voor de investeringen die worden gevraagd om de bestaande vloot varende te houden. Dit heeft te maken met wijzigingen in de planning en omvang van het levensduur verlengend onderhoud.
Te verdelen resultaat
In vergelijking met de suppletoire begroting september valt het resultaat minder negatief uit (€ -12,2 miljoen). Dit is met name het gevolg van de ontvangen bijdrage ter dekking van de dotatie aan de verlofreservering en uitwerking van genomen HeRA maatregelen.
Omschrijving | (1) Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire Begrotingen, NvW en amendementen) | (2) Mutaties 2e suppletoire begroting | Totaal geraamd(3) = (1) + (2) | |
|---|---|---|---|---|
1. | Rekening courant RHB 1 januari 2025 | 1.433.699 | 1.433.699 | |
Totaal ontvangsten operationele kasstroom (+) | 4.293.079 | 70.578 | 4.363.657 | |
Totaal uitgaven operationele kasstroom (-/-) | ‒ 4.706.211 | ‒ 45.644 | ‒ 4.751.855 | |
2. | Totaal operationele kasstroom | ‒ 413.132 | 24.934 | ‒ 388.198 |
Totaal investeringen (-/-) | ‒ 57.498 | 21.317 | ‒ 36.181 | |
Totaal boekwaarde desinvesteringen (+) | 0 | |||
3. | Totaal investeringskasstroom | ‒ 57.498 | 21.317 | ‒ 36.181 |
Eenmalige uitkering aan moederdepartement (-/-) | 0 | 0 | 0 | |
Eenmalige storting door het moederdepartement (+) | 0 | 0 | 0 | |
Aflossingen op leningen (-/-) | ‒ 15.887 | 359 | ‒ 15.528 | |
Beroep op leenfaciliteit (+) | 54.623 | ‒ 21.136 | 33.487 | |
4. | Totaal financieringskasstroom | 38.736 | ‒ 20.777 | 17.959 |
5. | Rekening courant RHB 31 december 2025 (=1+2+3+4) | 1.001.805 | 25.474 | 1.027.279 |
Toelichting
Operationele kasstroom
Hieronder vallen de ontvangsten en uitgaven uit de reguliere bedrijfsvoering.
De hogere ontvangsten operationele kasstroom ten opzichte van de suppletoire begroting september (€ 70,6 miljoen) worden met name veroorzaakt door hogere ontvangsten van het moederdepartement en derden. Zie hiervoor ook de toelichting onder «Omzet moederdepartement» en «Omzet derden».
De hogere uitgaven operationele kasstroom ten opzichte van de suppletoire begroting september ad. € 45,6 miljoen worden met name veroorzaakt door de hogere personele en materiële kosten en kosten uitbesteed werken andere externe kosten. Voor meer toelichting wordt verwezen naar hetgeen is opgenomen onder de posten personele en materiële kosten.
Investeringskasstroom
Hieronder vallen de investeringen in nieuwe en bestaande activa en de boekwaarden, boekwinsten en boekverliezen van de verschrootte en verkochte vaste activa.
De lagere investeringen ten opzichte van de suppletoire begroting september ad. € 21,3 miljoen bestaat uit meerdere delen:
– Lagere investering voor in totaal € -22,2 miljoen. Dit wordt met name veroorzaakt door de investeringsstop naar aanleiding van HeRA voor 2025;
– investeringen waarvoor geen aanvraag op de leenfaciliteit meer mogelijk is, omdat het investeringsplafond was bereikt (€ 0,9 miljoen). Dit betreft met name investeringen in kantoorautomatisering (€ 0,8 miljoen) en Strooiers (€ 0,1 miljoen). De investeringen voor kantoorautomatisering betreft de investering in nieuwe laptops. Dit is in jaren naar voren gehaald, omdat Windows 11 niet werkt op de vorige laptops.
Financieringskasstroom
Hieronder vallen alle geldstromen die te relateren zijn aan de financiering van RWS.
Het lagere beroep op de leenfaciliteit ten opzichte van de suppletoire begroting september ad. € 21,1 miljoen is met name het gevolg van de hierboven genoemde lagere investeringen.