I De Koning
A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL
Wetsartikelen 1 tot en met 3
De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2026 wijzigingen aan te brengen in de begroting van de Koning.
De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).
De Minister-President, Minister van Algemene ZakenR.A.A.Jetten
B. BEGROTINGSTOELICHTING
1 Leeswijzer
In navolgende paragraaf 2 worden de voorgestelde mutaties toegelicht.
2 Niet-beleidsartikelen
2.1 Artikel 1 Grondwettelijke uitkering aan leden van het Koninklijk Huis
Budgettaire gevolgen van beleid
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1) | Mutaties suppletoire begroting september (2) | Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2) | ||
|---|---|---|---|---|
Art. | Verplichtingen | 12.571 | 0 | 12.571 |
Uitgaven | 12.571 | 0 | 12.571 | |
1.0 | Grondwettelijke uitkering aan de leden van het Koninklijk Huis | 12.571 | 0 | 12.571 |
Institutionele inrichting | 12.571 | 0 | 12.571 | |
Institutionele inrichting | 12.571 | 0 | 12.571 | |
Ontvangsten | 345 | 0 | 345 | |
Toelichting
Er zijn geen mutaties voor artikel 1.
2.2 Artikel 2 Functionele uitgaven van de Koning
Budgettaire gevolgen van beleid
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1) | Mutaties suppletoire begroting september (2) | Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2) | ||
|---|---|---|---|---|
Art. | Verplichtingen | 40.371 | 71 | 40.442 |
Uitgaven | 40.371 | 71 | 40.442 | |
2.0 | Functionele uitgaven van de Koning | 40.371 | 71 | 40.442 |
Institutionele inrichting | 40.371 | 71 | 40.442 | |
Institutionele inrichting | 40.371 | 71 | 40.442 | |
Ontvangsten | 0 | 0 | 0 | |
Toelichting
Er is een extra tranche loonbijstelling van 0,3% uitgekeerd.
2.3 Artikel 3 Doorbelaste uitgaven van andere begrotingen
Budgettaire gevolgen van beleid
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1) | Mutaties suppletoire begroting september (2) | Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2) | ||
|---|---|---|---|---|
Art. | Verplichtingen | 8.529 | 484 | 9.013 |
Uitgaven | 8.529 | 484 | 9.013 | |
3.0 | Doorbelaste uitgaven van andere begrotingen | 8.529 | 484 | 9.013 |
Doorbelaste uitgaven van andere begrotingen | 8.529 | 484 | 9.013 | |
Doorbelaste uitgaven van andere begrotingen | 8.529 | 484 | 9.013 | |
Ontvangsten | 0 | 0 | 0 | |
Toelichting
Dit betreft de eindafrekening van het in 2025 verstrekte voorschot aan het Ministerie van Defensie voor het Militaire Huis (€ 230 duizend). De afrekening van het voorschot aan het Militair Huis voor 2025 is gepresenteerd in het Jaarverslag 2025 en wordt verrekend bij deze suppletoire begroting september 2026. Daarnaast heeft er een doorbelasting plaatsgevonden vanuit de begroting van het ministerie van Algemene Zaken in verband met de uitbreiding van de formatie van het team van de rijksvoorlichtingsdienst die zich bezig houdt met de communicatie van het Koninklijk Huis (€ 234 duizend).
Tevens betreft dit de doorbelasting van de in de begroting van het ministerie van AZ opgenomen extra tranche loonbijstelling van 0,3% ten behoeve van de nieuwe CAO Rijk voor het Kabinet van de Koning en Communicatie Koninklijk Huis (€ 14 duizend). Ook is de doorbelasting van de extra loonbijstelling voor het Militair Huis verwerkt (€ 6 duizend).