Base description which applies to whole site

Agentschap Inspectie Leefomgeving en Transport

Introductie

Het Ministerie van IenM kent een scheiding tussen beleid, uitvoering en toezicht. Het formuleren van beleid en wet- en regelgeving is primair belegd bij de beleidsdirectoraten-generaal. De toezichthoudende taken zijn bij IenM belegd bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT).

Producten en diensten

De producten en diensten van de ILT betreffen de toelating op de markt (vergunningen) en vervolgens de handhaving van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving.

1. Vergunningverlening

Nieuwe toetreders tot een markt moeten aantonen dat ze aan de wettelijke eisen voldoen. Wordt daar aan voldaan, dan verleent de ILT één of meer vergunning(en) of certificaten. De wetgever verbindt door die keuze veiligheidseisen aan marktordeningsprincipes: zonder vergunning mag het bedrijf niet handelen.

2. Handhaving

Het handhaven van wet- en regelgeving geschiedt door middel van dienstverlening, toezicht en opsporing. Het zwaartepunt van de inspectieactiviteiten ligt op het terrein van het toezicht. De ILT kent de volgende toezichtsvormen:

  • objectinspecties;

  • administratiecontroles;

  • audits;

  • convenanten;

  • digitale inspecties.

Toezicht wordt gehouden vanuit het beginsel «vertrouwen, tenzij». Basis daarvoor vormt een nog verder uit te werken risicoselectiesysteem. Bij correcte naleving krijgt de onder toezichtstaande minder toezicht en kunnen handhavingsconvenanten worden gesloten (horizontaal toezicht). Fysieke inspecties (objecten, producten en personen), audits, administratiecontroles, steekproefcontroles en acties (landelijk, regionaal of themagericht) vormen het verdere instrumentarium.

3. Incident- en ongevalsonderzoek

Ongevallenonderzoek is bij ernstige ongevallen opgedragen aan de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV). In voorkomende gevallen levert de ILT expertise en deskundigen en soms (zoals bij scheepvaart en railvervoer) heeft de ILT een eigen taak bij het onderzoeken van ongevallen. Ongevallenonderzoek kan aanleiding zijn om de dienstverlening te vergroten en/of het toezicht te versterken. In ernstige gevallen van falen kan uit het onderzoek een toezichtmaatregel voortvloeien.

Incidenten en ongevallen vragen om een snelle respons en een gecoördineerde aanpak. Ondanks dat crisismanagement geen toezichtstaak is, is de (systeem)verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de crisisbeheersingstaak belegd bij de Inspecteur-generaal. Het betreft de preparatie, respons en (deels) nazorg van incidenten.

De begroting van baten en lasten voor het jaar 2017 (bedragen x € 1.000)
 

realisatie 2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Baten

             

Omzet IenM

132.694

131.192

121.749

118.950

118.982

118.984

118.997

Omzet overige departementen

460

723

375

375

375

375

375

Omzet derden

13.602

22.070

23.566

21.792

22.139

22.186

22.186

Rentebaten

60

50

50

50

50

50

50

Vrijval uit voorzieningen

247

0

0

0

0

0

0

Bijzondere baten

552

0

0

0

0

0

0

               

Totaal baten

147.615

154.035

145.740

141.167

141.546

141.595

141.608

               

Lasten

             

Apparaatskosten

141.572

150.921

143.541

139.478

140.307

140.806

141.269

Personele kosten

104.190

107.042

100.525

99.121

98.984

98.944

98.944

waarvan eigen personeel

96.023

100.396

96.825

95.819

95.682

95.642

95.642

waarvan externe inhuur

8.167

6.446

3.500

3.102

3.102

3.102

3.102

waarvan overige personele kosten

0

200

200

200

200

200

200

Materiële kosten

37.382

43.879

43.016

40.357

41.323

41.862

42.325

waarvan apparaat. ICT

4.828

100

200

200

200

200

200

waarvan bijdrage aan SSO’s

13.891

15.900

12.666

12.660

12.560

12.560

12.560

waarvan overige materiële kosten

18.663

27.879

30.150

27.497

28.563

29.102

29.565

               

Afschrijvingskosten

2.620

2.200

2.099

1.589

1.139

689

239

Materieel

2.620

2.200

2.099

1.589

1.139

689

239

waarvan apparaat ICT

0

0

0

0

0

0

0

Immaterieel

0

0

0

0

0

0

0

               

Overige kosten

1.897

914

100

100

100

100

100

Dotaties voorzieningen

1.455

914

100

100

100

100

100

Rentelasten

0

0

0

0

0

0

0

Bijzondere lasten

442

0

0

0

0

0

0

               

Totaal kosten

146.089

154.035

145.740

141.167

141.546

141.595

141.608

               

Saldo van baten en lasten

1.526

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Baten

Omzet IenM

De omzet IenM is een vergoeding voor de productgroepen vergunningverlening en handhaving (toezicht, incidentmelding en onderzoek).

Specificatie omzet IenM (bedragen x € 1.000)

Hoofdstuk XII

2016

2017

2018

2019

2020

2021

artikel 24 Handhaving en Toezicht

118.983

109.561

106.755

106.783

106.785

106.801

artikel 97 Algemeen departement

12.209

12.188

12.195

12.199

12.199

12.196

Totaal

131.192

121.749

118.950

118.982

118.984

118.997

Van totale omzet IenM

           

– apparaats-en afschrijvingskosten en rentelasten

131.192

121.749

118.950

118.982

118.984

118.997

– programma

0

0

0

0

0

0

Als gevolg van de tegenvallende ruilvoetontwikkeling heeft het Kabinet besloten tot ramingsbijstellingen op de departementale begrotingen. Voor de IenM begrotingen gaat het om een ramingsbijstelling van € 106 miljoen per jaar. De ramingbijstelling is naar rato van de begrotingsomvang in 2017 verdeeld over Hoofdstuk XII (€ 12 miljoen per jaar), het Infrastructuurfonds (€ 81 miljoen per jaar) en het Deltafonds (€ 13 miljoen per jaar). Het aandeel van de ILT in deze ramingsbijstelling bedraagt € 0,4 miljoen voor de jaren 2017 en verder.

Ramingsbijstelling 2017–2021 (bedragen x € 1.000)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Totale ramingsbijstelling ILT

0

– 386

– 386

– 386

– 386

– 386

ILT streeft ernaar de taakstelling in te vullen door efficiencybesparing op huisvesting en ICT.

Omzet overige departementen

De omzet afkomstig van andere departementen betreft de middelen voor het toezicht op naleving van de Wet normering topinkomens in opdracht van de Minister voor Wonen en Rijksdienst.

Omzet derden

De opbrengsten derden betreffen de doorberekende kosten aan de afnemers van de vergunningen en overige externe opdrachten. Het toezicht op de woningcorporaties wordt doorbelast aan de sector en is ook opgenomen onder omzet derden. De heffing wordt voor 2017 geraamd op € 15,5 miljoen.

Lasten

Personele kosten

Vanaf 2017 zal de omvang van de ILT beperkt dalen door pensionering van een groot aantal medewerkers en gedeeltelijke vervanging van medewerkers. Eerder heeft anticiperende werving plaatsgevonden zodat vertrekkende medewerkers tijdig vervangen konden worden door goed opgeleide, nieuwe medewerkers.

Personele kosten
 

Realisatie 2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Aantal fte’s

1.152

1.138

1.121

1.113

1.113

1.113

1.113

Eigen personeelskosten (x € 1.000)

96.023

100.396

96.825

95.819

95.682

95.642

95.642

Externe inhuur (x € 1.000)

8.167

6.446

3.500

3.102

3.102

3.102

3.102

In 2017 daalt het personeelsbestand met 17 fte ten opzichte van 2016 en daalt daarna door tot 1.113 fte. De externe inhuur betreft voornamelijk inhuur op ICT-terrein.

Materiële kosten

De materiële kosten omvatten onder andere ICT, huisvesting, opleidingen en overige kosten voor middelen ten behoeve van de uitvoering van de inspectietaken. Vanwege continuerende ICT-investeringen en beperkte kostenontwikkeling op huisvestingsgebied blijven de materiële kosten constant.

Kasstroomoverzicht over het jaar 2017 (bedragen x € 1.000)
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

1. Rekening courant RHB 1 januari + stand depositorekeningen

39.749

40.672

31.374

25.374

21.374

18.374

15.374

2a totaal ontvangsten operationele kasstroom (+)

4.905

2.000

2.000

2.000

2.000

2.000

2.000

2b totaal uitgaven operationele kasstroom (-/-)

– 3.220

– 8.000

– 6.000

– 4.000

– 3.000

– 3.000

– 3.000

2. Totaal operationele kasstroom

1.685

– 6.000

– 4.000

– 2.000

– 1.000

– 1.000

– 1.000

3a. totaal investeringen (-/-)

– 432

– 200

– 200

– 200

– 200

– 200

– 200

3b. totaal boekwaarde desinvesteringen (+/+)

161

– 

– 

– 

– 

– 

– 

3. Totaal investeringskasstroom

– 271

– 200

– 200

– 200

– 200

– 200

– 200

4a. eenmalige uitkering aan moederdepartement (-/-)

– 491

– 1.689

4b. eenmalige storting door het moederdepartement (+/+)

4c. aflossingen op leningen (-/-)

4d. beroep op leenfaciliteit(+/+)

4. Totaal financieringskasstroom

– 491

– 1.689

0

0

0

0

0

               

5. Rekening courant RHB 31 december + stand depositorekening (=1+2+3+4)

40.672

32.783

27.174

23.174

20.174

17.174

14.174

(Maximale roodstand € 0,5 miljoen)

             

Toelichting

Operationele kasstroom

De resterende middelen voor het project Boordcomputertaxi komen in 2016 tot definitieve uitbetaling, waarna de operationele kasstroom zal afvlakken.

Investeringskasstroom

De investeringenkasstroom is naar verwachting beperkt. Gelet op de beschikbare liquiditeiten is het doelmatig om investeringen te financieren met eigen kasmiddelen.

Financieringskasstroom

De eenmalige uitkering aan het moederdepartement betreft het, op basis van de Regeling agentschappen, uitkeren van het surplus van het eigen vermogen aan de eigenaar.

Overzicht doelmatigheidsindicatoren

Omschrijving Generiek Deel

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

1. Kostprijzen per produktgroep (x € 1.000)

             

– Handhaving

126.080

134.242

125.968

121.388

121.763

121.815

121.828

– Vergunningverlening

19.750

19.793

19.772

19.779

19.783

19.783

19.780

2. Tarieven/uur (x € 1)

             

– Handhaving

129,7

140,9

139,8

137

137

137

137

– Vergunningverlening

132,5

124,9

123,6

120,5

120,5

120,5

120,5

3. Omzet per produktgroep (x € 1.000)

             

– Handhaving

133.145

134.242

125.968

121.388

121.763

121.815

121.828

– Vergunningverlening

6.881

7.584

7.584

7.584

7.584

7.584

7.584

4. Fte-totaal (gemiddeld excl. externe inhuur)

1.135

1.138

1.121

1.113

1.113

1.113

1.113

               

5. Saldo van baten en lasten

1,02%

0,00%

0,00%

0,00%

0,00%

0,00%

0,00%

               

6. Kwaliteitsindicator 1: Doorlooptijd vergunningen binnen norm

90%

95%

95%

95%

95%

95%

95%

7. Kwaliteitsindicator 2: wachttijden informatiecentrum

21 seconden

<20sec.

<20sec.

<20sec.

<20sec.

<20sec.

<20sec.

               

Omschrijving Specifiek Deel Inspectiediensten

             

8. Kwaliteit Handhaving:

             

Klachten (bezwaar en beroep)

1.448

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

Waarvan gegrond

48%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

Toelichting

Het aantal fte in de organisatie is gebaseerd op de geraamde formatie passend binnen de randen van de begroting.

De daling van kosten en tarieven in de komende jaren zijn het gevolg van de bezuinigingen die in eerste instantie gerealiseerd worden op de ondersteunende functies.

De kwaliteitsindicatoren (6, 7 en 8) betreffen de kwaliteit van vergunningverlening, dienstverlening en handhaving. Aangezien «gegronde klachten» in het inspectieproces niet bestaan, cq. van de klachten niet formeel wordt vastgesteld of deze wel of niet gegrond zijn, is deze vervangen door «bezwaar- en beroepszaken». De ILT streeft naar 0% gegrond verklaarde bezwaren en beroepen.

Licence