Budgettaire gevolgen van uitvoering
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire Begrotingen, NvW en amendementen) (1) | Mutaties 2e suppletoire begroting (2) | Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2) | |
|---|---|---|---|
Verplichtingen | 1.445.019 | ‒ 107.254 | 1.337.765 |
Uitgaven | 1.412.371 | 15.552 | 1.427.923 |
Waarvan juridisch verplicht | 99% | ||
15.01 Exploitatie | 8.902 | 0 | 8.902 |
- Waarvan bijdrage aan RWS | 8.902 | 0 | 8.902 |
15.02 Onderhoud en vernieuwing | 751.306 | 3.424 | 754.730 |
15.02.01 Onderhoud | 557.264 | 1.576 | 558.840 |
- Waarvan bijdrage aan RWS | 552.095 | 6.099 | 558.194 |
15.02.04 Vernieuwing | 194.042 | 1.848 | 195.890 |
15.03 Ontwikkeling | 145.041 | 7.211 | 152.252 |
15.03.01 Aanleg | 132.072 | 8.426 | 140.498 |
15.03.02 Planning en studies | 7.772 | 377 | 8.149 |
- Waarvan bijdrage aan RWS | 2.257 | 0 | 2.257 |
15.03.03 Optimalisering gebruik | 5.197 | ‒ 1.592 | 3.605 |
15.04 Geïntegreerde contractvormen/PPS | 70.530 | ‒ 2.548 | 67.982 |
15.06 Netwerkgebonden kosten | 436.592 | 7.465 | 444.057 |
15.06.01 Apparaatkosten RWS | 401.882 | 7.465 | 409.347 |
- Waarvan bijdrage aan RWS | 401.882 | 7.465 | 409.347 |
15.06.02 Overige netwerkgebonden kosten | 34.710 | 0 | 34.710 |
- Waarvan bijdrage aan RWS | 34.710 | 0 | 34.710 |
Ontvangsten | 24.248 | 4.800 | 29.048 |
15.09 Ontvangsten | 24.248 | 4.800 | 29.048 |
Toelichting
Verplichtingen
Het verplichtingenbudget wordt bij de tweede suppletoire begroting per saldo met € 107,3 miljoen verlaagd. Dit wordt met name veroorzaakt door de volgende mutaties:
– Verplichtingensaldo 2025 Onderhoud en vernieuwing (- € 76,4 miljoen): Er wordt € 76,4 miljoen aan verplichtingenbudget naar 2026 verschoven. dit wordt met name veroorzaakt door de volgende projecten:
• Renovatie Krammersluizen (- € 8,2 miljoen): Door vertraging in de ontwerpfase en beperkte capaciteit bij opdrachtnemer verschuiven werkpakketten naar 2026. Daarnaast zijn de uitgaven in 2025 lager doordat de staalindexatie lager is dan verwacht.
• Vernieuwing Hoofdvaarweg Lemmer-Delfzijl (- € 19,2 miljoen): Een voordelig onderhandelingsresultaat zorgt voor lagere uitgaven. Daarentegenover staat dat de uitvoering is vertraagd door kwaliteitsproblemen en latere start van kabel- en leidingverleggingen.
• Brabantse Kan (TB3) (- € 34,0 miljoen): Door vertraging in de besluitvorming en het beoordelen van de offertes wordt € 34,0 miljoen naar 2026 geschoven.
• VTS Amsterdam-Rijnkanaal (- € 8,5 miljoen): Door aanpassingen in het Netwerk en de overgang naar een andere aannemer is vertraging ontstaan waardoor er € 8,5 miljoen naar 2026 schuift.
• Brug Urmond (€ 11,1 miljoen): Er vindt een versnelling plaats waardoor € 11,1 miljoen verplichtingenbudget naar voren gehaald wordt.
• Kleinere mutaties (- € 17,6 miljoen) wordt veroorzaakt door diverse kleine mutaties
– Verplichtingensaldo 2025 ontwikkeling (- € 39,3 miljoen): op het hoofdproduct ontwikkeling wordt voor € 39,3 miljoen aan verplichtingenbudget afgeboekt of via het saldo naar latere jaren geschoven. Dit wordt met name veroorzaakt door de volgende projecten
• Maasroute fase 2 (- € 22,0 miljoen): Er is in totaal € 22,0 miljoen van het initiële contract niet nodig, hierom worden de vast te leggen verplichtingen verlaagd.
• Lemmer Delfzijl fase 1 (- € 8,6 miljoen): Het budget wordt overgeboekt naar het budget voor Lemmer Delfzijl fase 2. Omdat het budget op Lemmer Delfzijl 2 ook nog niet nodig is in 2025 wordt het budget eerst doorgeschoven naar 2026.
• Wilhelminasluis II (- € 6,2 miljoen): Door vertraging in de aanbesteding en minder benodigde verplichtingenruimte voor inhuur schuift het verplichtingenbudget via het saldo door naar 2026.
• Toekomst Visie Waal (- € 4,4 miljoen). In 2025 is er een bedrag van € 3,7 miljoen ontvangen aan CEF subsidies t.b.v. Overnachtingshaven Spijk. Het budget is echter pas nodig in 2026 e.v. waardoor de ontvangst samen met het saldo (- € 0,7 miljoen) doorschuift naar 2026.
• Nieuwe Sluis Terneuzen (€ 17,8 miljoen): Er is verplichtingenbudget nodig voor het vast kunnen leggen van een vaststellingsovereenkomst met de aannemer. In de vaststellingsovereenkomst worden o.a. afspraken vastgelegd over kosten m.b.t. areaalgegevens en het afvoeren van vervuilde grond.
• Reservering staalprijzen NST (- € 20 miljoen): Het gereserveerde verplichtingenbudget voor NST staalprijzen is niet nodig in 2025 en schuift daarom door naar 2026.
• Verschil van (€ 4,1 miljoen) wordt veroorzaakt door diverse kleinere mutaties.
– Het restant wordt verklaard door diverse kleine mutaties (€ 8,4 miljoen).
Sommige verplichtingenmutaties hangen samen met uitgavenmutaties die hieronder verder worden toegelicht.
Uitgaven
Het totaal van de mutaties tweede suppletoire begroting bedraagt een verhoging van per saldo € 15,6 miljoen. De belangrijkste mutaties worden hieronder per artikelonderdeel toegelicht.
15.02 Onderhoud en Vernieuwing
Het budget is op artikelonderdeel 15.02 bij de tweede suppletoire begroting verhoogd met € 3,4 miljoen. Dit wordt met name veroorzaakt door het saldo 2025.
Saldo 2025
Op dit artikelonderdeel is sprake van lagere programma-uitgaven van circa € 15,7 miljoen. Er wordt € 17,6 miljoen overprogrammering ingezet in 2025, waardoor dit leidt tot hogere uitgaven van (€ 1,8 miljoen).
Het overige verschil wordt verklaard door diverse kleine mutaties (€ 1,6 miljoen).
15.03 Ontwikkeling
Het budget is op artikelonderdeel 15.03 bij de tweede suppletoire begroting verhoogd met € 7,2 miljoen. Dit wordt met name veroorzaakt door:
Saldo 2025
Op dit artikelonderdeel is sprake van lagere programma-uitgaven van circa € 22,7 miljoen. Er wordt € 24,1 miljoen overprgorammering ingezet in 2025, waardoor dit leidt tot hogere uitgaven van (€ 1,4 miljoen). De hogere programma-uitgaven worden voornamelijk veroorzaakt door het saldo over 2025 van de volgende projecten in de aanlegfase, in de planning- en studiefase en bij optimalisering gebruik.
Aanleg (€ 4,8 miljoen)
– Maasroute 2e fase (€ 9,3 miljoen): er wordt geld van 2026 naar 2025 geschoven wegens versnelling van werkzaamheden (€ 7,7 miljoen). Zo kan bijvoorbeeld voorhaven bij Born sneller ontgraven worden. Daarnaast wordt er € 1,6 miljoen naar voren gehaald om prijsindexatie te compenseren.
– Lemmer-Delfzijl (- € 8,6 miljoen): Dit budget is aangehouden voor de BTW claim door de provincie Groningen. Inmiddels is de openstaande claim van de provincie Groningen over het verrekenen van de BTW is komen te vervallen. Het budget wordt overgeboekt naar de budgetplaats Lemmer Delfzijl fase 2. Omdat het budget op Lemmer Delfzijl 2 ook nog niet nodig is in 2025 wordt het budget eerst doorgeschoven naar 2026 en vervolgens overgeboekt.
– Nieuwe Sluis Terneuzen (- € 6,6 miljoen): Er lopen nog gesprekken met Vlaanderen over de afwikkeling van het project. Deze zijn nog niet afgerond waardoor er € 7,5 miljoen naar 2026 schuift. Daarnaat wordt € 0,9 miljoen naar voren gehaald om prijsindexatie te compenseren.
– Het restant wordt verklaard door diverse kleine mutaties (€ 10,7 miljoen)
Planning en studies (- € 1,8 miljoen)
De lagere realisatie wordt met name veroorzaakt door ontvangsten van het VBS tarief (- € 2,2 miljoen) welke worden doorgeschoven naar 2026 op de reservering walradersystemen.
Optimalisering gebruik (- € 1,6 miljoen):
De lagere realisatie vindt plaats bij Modal Shift van weg naar water door door vertraging bij bargedienstlijnen waardoor € 1,6 miljoen doorschuift naar 2026.
Het saldo wordt in 2025 aan dit artikelonderdeel toegevoegd, zodat de omvang van de budgetten meerjarig ongewijzigd blijft.
Bijdragen Derden Vaarwegen
Er zijn extra ontvangsten binnengekomen vanuit de douane voor het VBS-tarief (€ 2,2 miljoen) en bij het project Toekomstvisie Waal (€ 3,6 miljoen).
15.04 Geïntegreerde Contractvormen/PPS
De mutaties op geïntegreerde contractvormen/PPS in de tweede suppletoire begroting zijn kleiner dan de gehanteerde norm en worden daarom niet toegelicht (zie leeswijzer).
15.06 Netwerkgebonden Kosten
Het budget is op artikelonderdeel 15.06 bij de tweede suppletoire begroting verhoogd met € 7,5 miljoen. Dit wordt met name veroorzaakt door de volgende mutaties:
KGG: MIVSP-1
Voor het leveren van sensordiensten binnen het programma Wind op Zee wordt geld ontvangen van KGG (€ 2,8 miljoen). Het betreft het Maritiem Informatie Voorzieningen Servicepunt-1
Overboeking Apparaatskosten RWS
Er wordt € 4,4 miljoen vanuit artikel 11 overgeboekt voor de apparaatskosten van RWS, om de dotatie van RWS aan de verlofreservering in 2025 volledig te dekken.
15.09 Ontvangsten
De mutaties op ontvangsten in de tweede suppletoire begroting zijn kleiner dan de gehanteerde norm en worden daarom niet toegelicht (zie leeswijzer).