Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

Artikel 13 Spoorwegen

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Op dit artikel worden de producten op het gebied van Spoorwegen verantwoord.

Het productartikel Spoorwegen is gerelateerd aan de beleidsdoelstellingen en beleidsinstrumenten zoals beschreven in de begroting 2010 van Infrastructuur en Milieu (XII) bij beleidsartikelen:

  • artikel 32: Het bereiken van een optimale veiligheid in of als gevolg van mobiliteit;

  • artikel 34: Robuust mobiliteitssysteem van sterke netwerken, sterke modaliteiten, voorspelbare reistijden en goede bereikbaarheid;

  • artikel 35: Mainports en logistiek

artikel 36: Bewaken, waarborgen en verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving, gegeven de toename van mobiliteit.

Tabel budgettaire gevolgen van de uitvoering

Overzicht van budgettaire gevolgen van uitvoering (x € 1 000)

13. Spoorwegen

Realisatie

Begroting

Verschil

 

Slotwetmutaties

 

2006

2007

2008

2009

2010

2010

2010

 

2010 *

Verplichtingen

2 597 494

1 813 743

1 765 610

771 360

2 538 710

2 823 197

– 284 487

1

147 115

Uitgaven

2 069 357

2 026 541

1 835 464

2 077 325

2 645 273

2 975 622

– 330 349

 

3 052

13.01 Railverkeersleiding

93 251

0

0

0

0

0

0

 

0

13.02 Onderhoud en vervanging

1 547 391

1 367 359

1 174 475

1 410 334

1 689 994

1 837 395

– 147 401

2

– 21 119

13.02.01 Regulier onderhoud

710 634

616 531

332 986

818 987

894 536

772 786

121 750

 

– 9 100

13.02.02 Grote onderhoudsprojecten

625 493

412 750

488 178

383 168

490 667

600 886

– 110 219

 

– 23 496

13.02.03 Rentelasten

188 654

119 336

121 733

124 150

70 210

123 981

– 53 771

 

– 50

13.02.04 Betuweroute

22 610

27 846

20 624

39 068

77 565

64 255

13 310

 

27 512

13.02.05 Kleine infra en overige proj.

 

190 896

210 954

44 961

157 016

275 487

– 118 471

 

– 15 985

13.03 Aanleg

372 286

507 215

512 914

516 059

794 285

859 451

– 65 166

3

19 640

13.03.01 Realisatie programma personenvervoer

315 090

470 440

479 183

490 627

772 352

842 409

– 70 057

 

17 592

13.03.02 Realisatieprogramma goederenvervoer

30 750

36 775

33 731

25 432

21 933

17 042

4 891

 

2 048

13.03.03 Uitg.leenfaciliteit versnelde aanleg

26 446

0

0

0

0

0

0

 

0

13.04 Geintegreerde contractvormen/PPS

47 524

145 896

145 172

133 760

121 510

139 271

– 17 761

4

– 3 954

13.05 Verkenningen en planstudies

8 905

6 071

2 903

17 172

39 484

139 505

– 100 021

 

8 485

13.05.01 Planstudieprogramma personenvervoer

5 274

5 469

2 805

16 424

28 462

98 214

– 69 752

5

4 873

13.05.02 Planstudieprogramma goederenvervoer

1 131

602

98

748

11 022

41 291

– 30 269

6

3 612

13.05.03 Verkenningenprogramma

2 500

0

0

0

0

0

0

 

0

Van totale uitgaven:

         

– Apparaatsuitgaven

 

2 090

1 740

2 651

2 408

500

1 908

 

 

– ApparaatskostenProRail aanleg

 

79 185

    

0

  

– Restant

 

1 945 265

1 833 724

2 074 674

2 642 865

2 975 122

– 332 257

 

 

13.09 Ontvangsten

0

0

24 869

184 255

15 848

125 000

– 109 152

 

– 1 927

– HSA

 

0

0

0

0

0

0

 

0

– Overig

1 047

30 666

24 869

184 255

5 848

0

5 848

7

– 1 927

– Mandje spoor

   

0

10 000

125 000

– 115 000

8

0

*

Conform het gestelde in de leeswijzer bij dit jaarverslag, wordt voor toelichtingen op de verschillen in de bovenstaande kolom Slotwetmutaties 2010, verwezen naar de slotwet IF welke gelijktijdig met het jaarverslag aan de Kamer is aangeboden.

1

De projecten LMCA/PHS en OV-SAAL verkeren nog in de opstartfase. Vooruitlopend op een concrete invulling van het programma is een pragmatische verdeling gemaakt van de verplichtingen over de periode t/m 2020. De uiteindelijke realisatie 2010 blijkt hiervan af te wijken. Dit verklaart met name het nu ontstane overschot op de verplichtingenruimte.

2

De totale besteding in 2010 is € 147 miljoen lager dan in de ontwerpbegroting voor 2010 was begroot. Dit wordt voor het belangrijkste deel veroorzaakt door de verwerking van het zgn. mandje spoor binnen beheer en onderhoud (zie punt 8.). Daarnaast is geld overgeheveld naar hoofdstuk XII (actieplan groei op het spoor, grensoverschrijdend vervoer).

3

Voor een toelichting op de lagere uitgaven bij Aanleg wordt verwezen naar de toelichting zoals opgenomen bij de projectoverzichten : tabel 13.03.01/02.

4

Omdat de marktrente lager is dan de rekenrente zijn lagere uitgaven in 2010 gerealiseerd.

5

De lagere realisatie op 13.05.01 wordt voornamelijk veroorzaakt door lagere uitgaven op de projecten OV-SAAL en Zuidas dan gepland. De op dit artikelonderdeel geplande uitgaven voor het project OV-SAAL zijn voor een groot deel overgeboekt naar realisatie op 13.03 in verband met de afgifte van een realisatiebeschikking , op dit onderdeel zijn ook de uitgaven verantwoord. Bij het project Zuidas is sprake van een lagere realisatie als gevolg van het in januari 2010 (tijdens het bestuurlijk overleg tussen de bij de Zuidas betrokken partijen) overeengekomen proces. Gezamenlijk wordt gewerkt aan een voorkeursbeslissing die moet leiden tot een gedragen en haalbare Zuidasvariant.

6

De lagere realisatie is voornamelijk veroorzaakt doordat er geen realisatiebeschikking is afgegeven voor het project Rotterdam–Genua als gevolg van de vertraging in de oplevering van ERMTS

7

Het gaat hier om de verantwoording van bijdragen van derden in spoorprojecten en om de afrekening van verstrekte voorschotbetalingen.

8

Eind 2009 is definitief overeenstemming bereikt tussen de Nederlandse Spoorwegen (NS) en de Staat over de uitkering van een superdividend van € 1,4 mlrd. aan de Staat. Met dit akkoord is de financiering van het Programma Hoogfrequent Spoor (PHS) rond. De Kamer is hierover schriftelijk geïnformeerd (Kamerstukken II, 2009–2010, 28 165, nr. 105). Het gaat om een omvangrijk pakket van € 2 mlrd, dat uit diverse onderdelen bestaat en waarbij onder andere schuldaflossing van ProRail aan de orde is. In 2010 heeft de juiste verwerking plaatsgevonden van de € 2 mlrd aan de uitgaven- en ontvangstenkant. Eerder was deze € 2 mlrd in de begroting 2009 onder de noemer «Mandje spoor» kasmatig ingeschat en technisch geheel verwerkt onder de ontvangstenraming. Dit in afwachting van de uitkomst van de gesprekken tussen de aandeelhouder en de NS. Alleen het element van de concessievergoeding NS blijft nu onder de ontvangsten spoor geraamd. De overige onderdelen van het pakket (schuldreductie/rentevrijval, leenfaciliteit) zijn verwerkt aan de uitgavenkant; de ontvangstenkant wordt hiervoor nu gecorrigeerd.

13.01 Railverkeersleiding

Met ingang van het jaar 2007 worden de uitgaven voor de spoorverkeersleiding verantwoord onder 13.02, omdat het beheerplan van ProRail deze uitgaven niet meer apart inzichtelijk maakt.

13.02 Onderhoud en vervanging

Op dit artikelonderdeel zijn de uitgaven verantwoord voor beheer en onderhoud spoorwegen. Op grond van richtlijn nr. 91 /440/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschap van 29 juli 1991 wordt de taakorganisatie ProRail belast met beheer en onderhoud van de landelijke railinfrastructuur.

De subsidie aan ProRail wordt jaarlijks vastgesteld met een beschikking overeenkomstig het bepaalde in de Wet en Besluit Infrastructuurfonds. De subsidie wordt door ProRail aangewend voor het in goede gebruikstoestand houden van de landelijke infrastructuur. Een deel van de kapitaallasten betreft de rentekosten en aflossingen van de leningen van ProRail voor uitbreidingsinvesteringen.

Per 1 januari 2008 wordt ProRail aangestuurd op output. Dat betekent dat de minister van IenM afspraken maakt met ProRail over de te realiseren prestaties op basis van een resultaatsverplichting. Die prestaties worden jaarlijks opgenomen in het beheerplan van ProRail. De minister van IenM moet jaarlijks instemmen met onderdelen van het beheerplan, waaronder de prestaties, en bespreekt het beheerplan jaarlijks met de Tweede Kamer. In 2010 zijn de werkzaamheden uitgevoerd zoals opgenomen in het beheerplan 2010. Het gaat daarbij onder andere om: railverkeersleiding, capaciteitsmanagement, groot en klein onderhoud, bovenbouwvernieuwingen, maatregelen in het kader van STS en UPGE, kleine infrastructuurwijzigingen, oplossen capaciteitsknelpunten i.h.k.v. herstelplan spoor, onderdelen van het programma actieplan groei op het spoor, programma’s ruimte voor de fiets en reistijdverbetering.

13.03 Aanleg spoorwegen

13.03.01 en 13.03.02 Realisatieprogramma personen- en goederenvervoer

Dit onderdeel bevat de uitgaven voor aanlegprojecten en verbeteringen van railinfrastructuur

Projectoverzichten

Realisatieprogramma Railwegen (Personenvervoer) (13.03.01)

Project

uitgaven 2010 in EUR mln.

Gereed

 

Beschrijving

Begroting

Realisatie

Verschil

Begroting 2010

Realisatie 2010

 

Projecten nationaal

      

BB21(ontw. Bev21, VPT+, 25KV, ontw +

5

0

5

  

1

implement. GSM-R)

   

divers

divers

 

Geluid (emplacementen en innov. ontwikkeling)

0

0

0

divers

divers

 

Geluidssanering spoorwegen

21

17

– 4

  

2

Kleine projecten

5

5

0

divers

divers

 

HSA claim

0

17

17

divers

divers

3

A'dam–Utrecht–Maastricht/Heerlen

      

Integrale spooruitbreiding Amsterdam–Utrecht

9

10

1

2006/2007

2006/2007

 

Stations en stationsaanpassingen

      

Kleine stations

6

6

0

divers

divers

 

Overige projecten/lijndelen enz.

      

Afdekking risico's spoorprogramma's

0

0

0

   

AKI-plan en veiligheidsknelpunten

38

24

– 14

divers

divers

4

Intensivering Spoor in steden I

15

6

– 9

divers

divers

5

Intensivering Spoor in steden II

27

0

– 27

divers

divers

6

Nazorg gereedgekomen lijnen/halten

6

2

– 4

divers

divers

7

OV SAAL korte termijn

0

7

7

  

8

Ontsnippering

8

2

– 6

divers

divers

9

Traject Oost (perronverbredingen)

0

0

0

2004/2008

2004/2011

 

Traject Oost Uitv Convenant DMB

10

0

– 10

2013/2017

2012/2019

10

Projecten landsdeel Oost

      

Arnhem sporen in Arnhem

60

116

56

2007/2010

2007/2011

11

Arnhem Centraal (t.b.v. NSP)

25

14

– 11

2011/pm

2010/2013

12

Spoorzone Oost Ede

 

0

0

   

Projecten landsdeel Randstad

      

Rotterdam/Den Haag–Utrecht

      

Woerden–Harmelen: 4-sporig fase 2

      

Amsterdam–Utrecht–Maastrich/Heerlen

      

Vleuten–Geldermalsen 4/6 sp. incl. Randstadspoor

80

98

18

2005 EV

2005 EV

13

Stations en stationsaanpassingen

      

A'dam CS spoor 10/15

1

1

0

2004/2010

2004/2010

 

A'dam Zuidas; deel stationsstalling (t.b.v. NSP)

      

Amsterdam Cuypershal

18

0

– 18

2011

 

14

Den Haag Centraal (t.b.v. NSP)

10

19

9

2008/2011

2013

15

Den Haag emplacement

0

0

0

2006

2006

 

Den Haag CS; terugbouwen sporen 11/12

5

2

– 3

2013

2012/2015

16

Fietsenstalling Amsterdam CS

1

0

– 1

2009/2015

2008/2015

17

Rotterdam Centraal (t.b.v. NSP)

50

52

2

2011/2012

2011/2012

 

OV-terminal stationsgebied Utrecht (VINEX/NSP)

57

26

– 31

2009/2014

2014

18

Overige projecten/lijndelen enz.

      

Regionet (incl. verkeersmaatregelen Schiphol)

38

16

– 22

divers

divers

19

Rijswijk–Schiedam incl spoorcorridor Delft

86

71

– 15

2013

2013

20

Spoorwegovg Soestdijkseweg te Bilthoven

10

5

– 5

  

21

Projecte landsdeel west overig

      

Amsterda/Schiphol–Den Helder/Hoorn

      

Haarlemmermeer–Almere

      

Extra perroncapaciteit Amsterdam Zuid 2e eilandperron

0

0

0

2006

2006

 

Overige projecten/lijndelen enz.

      

Hanzelijn

239

258

19

2013

2012

22

Projecten landsdeel Zuid

      

Stations en stationsaanpassingen

      

Breda Centraal (tbv NSP)

11

1

– 10

2011

2013

23

Totaal realisatieprogramma

842

772

– 70

   
1

BB21

De in 2010 geplande uitgaven zijn doorgeschoven omdat de leverancier (Bombardier) niet aan zijn verplichtingen heeft voldaan. Tevens is de in 2011 geplande bijdrage van derden in 2010 binnengekomen waardoor in 2010 minder «IenM geld» nodig bleek.

2

Geluidssanering spoorwegen

Op het deelproject Geluidsanering Pre-Nomo is sprake van een positief aanbestedingsresultaat wat van invloed is geweest op de kasrealisatie 2010.

3

HSA claim

De uitgaven komen voort uit de afgeronde onderhandelingen met HSA omtrent de definitieve vaststelling van de hoogte van de aan HSA te verlenen vergoeding voor het tijdelijk rijden van 1 april 2007 tot 1 juli 2009 in verband met uitstel aanvangsdatum. Bij een definitief akkoord in 2010 (oorspronkelijk geraamd voor 2009) kon algehele uitbetaling plaats vinden, onder verrekening van het reeds verleende voorschot.

4

AKI-plan en Veiligheidsknooppunten

Als gevolg van herziene besluitvorming over te verbeteren locaties met bijbehorende oplossingsrichtingen zijn de uitgaven lager dan gepland.

5

Intensivering spoor in steden I

Omdat op voorhand niet precies is in te schatten op welk moment betreffende gemeentes een factuur indienen is in de begroting een stelpost opgenomen van 10 mln. De daadwerkelijke realisatie 2010 is hierbij achtergebleven.

6

Intensivering Spoor in Steden II

Gelden zijn overgeboekt naar BZK, derhalve geen realisatie op artikel 13.

7

Intensivering Spoor in Steden II

Gelden zijn overgeboekt naar BZK, derhalve geen realisatie op artikel 13.

8

OV-SAAL korte termijn

In de begroting 2010 was de uitgavenplanning met betrekking tot dit project geraamd op artikel IF 13.05. Gedurende de uitvoering is een deel van de gelden overgeboekt.

9

Ontsnippering

Als gevolg van afstemmingen met meerdere partijen (provincies, gemeenten, waterschappen etc.) op veel verschillende locaties staat de planning onder druk en heeft dit effect gehad op de realisatie 2010.

10

Traject Oost Convenant DMB

De besluitvorming over de te kiezen oplossingsrichting duurt langer dan vooraf aangenomen waardoor in 2010 niet alle realisatiebeschikkingen en geplande uitgaven zijn gerealiseerd.

11

Arnhem sporen in Arnhem

De betalingstermijnen richting de aannemer zijn aangepast naar de goedgekeurde herziene planning. Tevens is een deel van de kosten welke waren voorzien in 2011 (levering Prefab onderdelen) reeds in 2010 gerealiseerd

12

Arnhem Centraal (tbv NSP)

Het project is enigszins vertraagd, met name het onderdeel afbouw van de tunnel (o.a. als gevolg van het niet geheel opleveren van de ruwbouw volgens de specificaties). Daarnaast is er ook nog geen besluit genomen over de businesscase van de OVT fase 2.

13

Vleuten Geldermalsen 4/6 sporig incl Randstadspoor

De werkzaamheden verlopen in zijn algemeenheid voorspoediger dan bij aanvang ingeschat. Het onderbouw- en bovenbouwcontract voor het onderdeel Houten–Houten Castellum is beter op elkaar aangesloten waardoor in de planning een snellere opvolging mogelijk is qua werkzaamheden en de uitgaven sneller gerealiseerd worden.

14

Amsterdam Cuypershal

Besluitvorming met gemeente Amsterdam kost meer tijd dan vooraf aangenomen waardoor de beschikkingsaanvraag later dan gepland zal worden ingediend.

15

Den Haag Centraal (tbv NSP)

De uitgavenprognose voor dit project is door IenM te laag ingeschat.

16

Den Haag CS (terugbouwen sporen 11/12)

Door een wijziging in het ontwerp zal de oplevering van de projectnota integraal ontwerp/aanvraag realisatiebeschikking in 2011 plaatsvinden waardoor de daarvoor geplande uitgaven ook doorschuiven.

17

Fietsenstalling Amsterdam CS

Als gevolg van de zeer complexe omgevingsfactoren ( bestuurlijk, inpassing, meerdere aanrakende projecten etc.) heeft de planstudie meer tijd in beslag genomen dan gepland. De planning van het gehele project is gerelateerd aan planningen van met name de Noord-Zuidlijn en enkele andere gemeentelijke projecten in het projectgebied. Hierdoor verschuift de indienststelling en blijven geplande uitgaven achter.

18

Terminal stationsgebied Utrecht (VINEX/NSP)

De gunning van het hoofdcontract is later dan gepland geëffectueerd. Hierdoor is start bouw en datum indienststelling verschoven en is de kasstroom voor 2010 lager uitgekomen.

19

Regionet

Het project Regionet bestaat uit een groot aantal deelprojecten. Binnen een aantal van deze projecten bleek sprake van een aanbestedingsmeevaller. Verder heeft besluitvorming meer tijd gevergd dan voorzien waardoor een aantal projecten later beschikt is dan vooraf aangenomen. Als gevolg hiervan is de realisatie 2010 achtergebleven bij de verwachting.

20

Rijswijk-Schiedam (Spoortunnel Delft)

Bij dit project is sprake van een aantal tegenvallers in de uitvoering van een aantal kritische conditionerende activiteiten zoals kabels en leidingen en vergunningen. Ook heeft een aantal wijzigingen vanuit de omgeving (zoals de grondwaterstandproblematiek) het ontwerpproces van de aannemer op het kritieke pad vertraagd. Deze vertragingen hebben geleid tot lagere uitgaven in 2010 dan gepland.

21

Spoorwegoverg Soestdijkseweg Bilthoven

Vertraging in de uitvoering wordt met name veroorzaakt door een moeizaam verlopend proces rondom de grondverwerving.

22

Hanzelijn

De werkzaamheden met betrekking tot het contract «Bovenbouw Greenfield» en de brug bij Hattum, zijn voorspoedig verlopen en hebben voor een hogere kasstroom gezorgd.

23

Breda Centraal NSP

De besteksfase, gepland te zijn afgerond vóór 2010, is door bestuurlijk overleg pas eind 2010 afgesloten met een definitief bestek. Hierdoor is het aanbestedingsproces niet tijdig gestart waardoor de geplande kasstroom niet is gehaald en de indienstelling van het project is verschoven

Realisatieprogramma Railwegen (goederenvervoer) (13.03.02)

Project

uitgaven 2010 in EUR mln.

 

 

Gereed

Beschrijving

Begroting

Realisatie

Verschil

 

Begroting 2010

Realisatie 2010

Projecten (inter)nationaal

      

Aslasten Cluster II

1

0

– 1

1

Div/2010

Div/2010

PAGE risicoreductie

4

1

– 3

2

Div/2009

Div/2009

Geluidspilot Goederenvervoer

0

1

1

 

Div/2009

2010

Projecten Landsdeel Oost

      

Uitv progr goederenroute Elst–Deventer–Twente (NaNov)

7

11

4

3

 

divers

Projecten landsdeel West – Overig

      

Electr. Maasvlakte West en passeerspoor Botlek

3

1

– 2

4

  

Projecten landsdeel Zuid

      

Sloelijn/Geluidmaatregelen Zeeuwse lijn

2

3

1

5

2009/2010

 

Overige projecten

      

Kleine projecten

1

5

4

6

  

Nazorg gereedgekomen lijnen/halten

0

0

0

   

Totaal realisatieprogramma*

17

22

5

   
1

D4 Aslasten Cluster II

De planuitwerking duurt langer dan vooraf aangenomen waardoor indienen van de beschikkingsaanvraag is vertraagd en geen realisatie in 2010 mogelijk bleek.

2

Page risico reductie

Als gevolg van het niet kunnen beschikken over de oorspronkelijk gedachte bouwgronden in Sas van Gent en het niet tijdig verkrijgen van vergunningen in Roosendaal, loopt het programma uit en is de realisatie 2010 achtergebleven.

3

Uitvoeringsprogramma Goederenroute Elst–Deventer–Twente (NaNov)

De uitvoering van de werkzaamheden verlopen in zijn algemeenheid voorspoediger dan gedacht. Het opheffen van een overweg is ondermeer versneld uitgevoerd.

4

Electrificatie emplacement Maasvlakte West en passeerspoor Botlek

De onderuitputting wordt voornamelijk veroorzaakt als gevolg van lagere materiaal- en loonkosten dan gepland.

5

Sloelijn/geluidmaatregelen Zeeuwselijn

De afhandeling van meer- en minderwerk en nadeelcompensatie me betrekking tot de bouw van de Sloelijn heeft eerder dan gepland plaatsgevonden.

6

Kleine projecten

De hogere realisatie wordt veroorzaakt door de bijdrage aan de uitkoop van discotheek Blue Lagoon naast rangeeremplacement Kijfhoek.

13.04. Geïntegreerde contractvormen PPS

Op dit onderdeel worden de uitgaven verantwoord met betrekking tot de terugbetaling van kapitaallasten vanwege de voorfinanciering van de aanleg van de bovenbouw van de HSL-Zuid en de onderhoudskosten van de HSL-Zuid.

Realisatieprogramma Railwegen (Geintegreerde contractvormen spoor) (art 13.04)

Project

uitgaven 2010 in EUR mln.

 

Gereed

Beschrijving

Begroting

Realisatie

Verschil

 

Begroting 2010

Realisatie 2010

Reeks infraprovider (IP) beschikbaarheidsvergoeding

139

122

– 17

1

2007

2007

Reeks infraprovider IP onderhoud (13.02)

      

Totaal categorie 0

      

Totaal realisatieprogramma

139

122

    
1

Zie toelichting bij Financiële Toelichting.

13.05 Verkenningen en planstudies

Op dit onderdeel zijn de uitgaven verantwoord van een aantal door ProRail uitgevoerde verkenningen en planstudies alsmede van een aantal spoorgerelateerde projecten.

Projectoverzicht bij 13.05.01 Spoorwegen personenvervoer; planstudie
 

Begroting 2010

Realisatie 2010

Bedrag in € mln

 

Projectomschrijving

  

CATEGORIE 1

  

Project nationaal

  

Traject Oost

  

Programma Hoogfrequent Spoor

Pb 2010/ uo 2013

Pb 2010/ uo 2013

Projecten landsdeel Randstad

  

Amsterdam Zuidas-WTC/4sporig + keersporen 1)

Tb 2011

Tb 2011

OV Schiphol–Amsterdam–Almere–Lelystad

Tb/uo 2010

Tb/uo 2010

NB: Voor de kostenraming en het taakstellend budget wordt verwezen naar het projectoverzicht zoals opgenomen in de begroting 2010.

Legenda

Pb projectbesluit

Tb tracebesluit

Uo uitvoeringsopdracht

Projectoverzicht bij 13.05.02 Spoorwegen goederenvervoer; planstudie
 

Begroting 2010

Realisatie 2010

 

Bedrag in € mln

  

Projectomschrijving

   

CATEGORIE 1

   

Project nationaal

   

Goederenroute R’dam–Noord Nederland (GoeNoord)

Uo 2010

Uo 2010

 

Aslasten cluster III

Uo 2010

Uo 2010

 

Optimalisering Goederencorridor R’dam–Genua

Uo 2010

Uo 2010

 

Projecten landsdeel Randstad

   

Goederenroute Elst–Deventer–Twente (NANOV)

Uo 2010

Uo 2010

1

NB: Voor de kostenraming en het taakstellend budget wordt verwezen naar het projectoverzicht zoals opgenomen in de begroting 2010.

Legenda

Pb projectbesluit

Tb tracebesluit

Uo uitvoeringsopdracht

1

De planstudie van het project GoeNoord is nog niet opgestart.

Projectoverzicht bij 13.05.03 Verkenningen programma spoorwegen goederenvervoer

Locatie

Probleem

Referentiekader

Gereed

Landsdeel Randstad

   

Spooraansluiting 2e Maasvlakte achterlandverbinding

Capaciteitstekort/Ontsluiting Europese spoorwegennet

PKB Tweede maasvlakte

 
Licence