Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

Artikel 32. Rechtsbijstand en rechtspleging

Algemene doelstelling

Een doeltreffend en doelmatig rechtsbestel.

Rol en verantwoordelijkheid

Als stelselverantwoordelijke schept de Minister van Veiligheid en Justitie optimale voorwaarden voor het in stand houden en verbeteren van een goed en toegankelijk rechtsbestel. De Minister heeft:

  • Een financierende rol voor de rechtspraak. De Minister houdt toezicht op het beheer en is de werkgever voor de rechterlijke macht16;

  • Een financierende rol voor de Raad voor Rechtsbijstand, het Bureau Financieel Toezicht en het Register beëdigde tolken en vertalers17. Hij is verantwoordelijk voor het wettelijk kader waar binnen tolken, vertalers, advocaten, notarissen en andere zelfstandige professionals binnen het justitiële domein opereren;

  • Een stimulerende rol voor alternatieve geschillenbeslechting en schuldsanering. Ten aanzien van de schuldsanering is hij verantwoordelijk voor het wettelijke traject van de schuldsaneringsregeling, de faillissementsrechters en de bewindvoerders.18

Kwaliteit en innovatie van/in de rechtspraak

Beleidswijzigingen

De wettelijke evaluatie van de Wet herziening gerechtelijke kaart (HGK) is in 2016 gestart. De commissie heeft tot taak het doen van onderzoek naar de doeltreffendheid en de effecten van de Wet HGK in de praktijk en het uitbrengen van aanbevelingen. Daarbij is de commissie gevraagd in ieder geval aandacht te besteden aan de kwaliteit en toegankelijkheid van het primaire proces (de rechtspraak), en mede in de sleutel daarvan: 1) de kwaliteit van bestuur, 2) de kwaliteit van de bedrijfsvoering, en 3) de geografische congruentie tussen ketenpartijen (eerstelijnsrechtspraak, Openbaar Ministerie, politie). De commissie onder voorzitterschap van professor H.R.B.M. Kummeling heeft op 31 maart 2016 het deelverslag over de arrondissementen Gelderland en Overijssel uitgebracht. Dit deelverslag is naar de Tweede Kamer gezonden. Het zwaartepunt van het verdere onderzoek ligt in 2017. Voor 1 januari 2018, vijf jaar na inwerkingtreding van de wet, moet de commissie haar eindrapport hebben uitgebracht.

Een van de kernthema’s in het beleid is de «Bestendiging en Versterking Rechtstaat». Momenteel wordt gewerkt aan onderhoud, modernisering en versterking van de rechtsstaat, zodat deze beter kan voldoen aan de hoge eisen die de samenleving stelt. Dit krijgt onder meer gestalte in het programma Kwaliteit en Innovatie Rechtspraak (KEI). Onder verantwoordelijkheid van de Rechtspraak wordt bijvoorbeeld digitaal procederen mogelijk en voor professionele partijen verplicht. Partijen kunnen dan digitaal communiceren met de griffie van het gerecht en digitaal procedures starten. De wetsvoorstellen die dit mogelijk maken zijn in 2016 door de Eerste Kamer aangenomen en treden begin 2017 (eerste fase) in werking. De inwerkingtreding vindt gefaseerd plaats. De Tweede Kamer wordt halfjaarlijks over de voortgang geïnformeerd.

Rechtsbijstand

De commissie-Wolfsen heeft eind 2015 haar rapport «Herijking rechtsbijstand – Naar een duurzaam stelsel voor de gesubsidieerde rechtsbijstand» opgeleverd. In de kabinetsreactie hierop, van mei 2016, zijn maatregelen gepresenteerd die het stelsel van de gesubsidieerde rechtsbijstand in de komende jaren beheersbaar en toekomstbestendig maken19.

Deze maatregelen zien op onder andere de verbreding en versterking van de eerste lijn en de dienstverlening door het juridisch loket. Voor een goed en toekomstbestendig stelsel en het welslagen van alle verbeteringsmaatregelen is het nodig dat één organisatie het totaalbeeld heeft over het stelsel en daarover regie voert. Er worden maatregelen getroffen waarmee deze rol wordt neergelegd bij de raad voor rechtsbijstand. Met deze veranderingen blijft de toegang tot de gesubsidieerde rechtsbijstand en daarmee tot het recht voor min- en onvermogenden ook in de toekomst gegarandeerd.

In het najaar van 2016 wordt het nodige wetstraject voor deze maatregelen gestart dat in 2017 zal doorlopen. Daarnaast zullen in 2017 verschillende voorbereidingen voor de implementatie van de maatregelen worden getroffen. Verder zal in 2017 de evaluatie van de forfaitaire puntentoekenning worden afgerond.

Vermindering druk bestuursrechtelijke keten door een minder bureaucratische bezwaarschriftprocedure

In het project Prettig Contact met de Overheid (PCMO) verkent het Ministerie van BZK informele interventies naar aanleiding van aanvragen, zienswijzen, klachten en bezwaren. Deze «informele aanpak» leidt tot kwalitatief betere besluiten, minder procedures, kortere doorlooptijden, lagere kosten, groter vertrouwen in de overheid en hogere tevredenheid van burgers en ambtenaren. Naar aanleiding van de derde evaluatie van de Awb heeft BZK in dit project een minder bureaucratische bezwaarschriftprocedure ontwikkeld en in de praktijk ondersteund. Omdat de burger de bezwaarprocedure als te formalistisch zag, wordt in de nieuwe procedure laagdrempelig en proactief met de burger gecommuniceerd (bijvoorbeeld door direct telefonisch contact na binnenkomst van een bezwaarschrift). Zo kan een procedure vaak sneller, met minder kosten en tot grotere tevredenheid van de burger worden afgerond.

De informele aanpak kan nog worden geïntensiveerd en daardoor leiden tot minder gerechtelijke procedures. Bovenal is een minder bureaucratische bezwaarschriftprocedure van groot belang vanuit het oogpunt van de responsieve rechtsstaat.

Houdbaar (administratief) beroep WAHV-zaken

Het beoordelen en behandelen van administratief bezwaar bij de officier van justitie en (hoger) beroep bij de kantonrechter en het Hof van WAHV-zaken kost veel capaciteit van zowel het OM als de rechtspraak. Om de belasting van deze justitiële keten te verminderen en de vitaliteit te behouden, is het wenselijk te onderzoeken of een heffing moet worden ingevoerd voor bezwaar en (hoger) beroep in WAHV-zaken. Die heffing dient de afweging van de kansrijkheid daarvan te bevorderen.

Het betreft een heffing op het instellen van administratief bezwaar bij de officier van justitie en invoering van griffierecht voor (hoger) beroep bij de kantonrechter en bij het Hof. Deze heffing komt naast de huidige zekerheidsstelling (de opgelegde boete incl. administratiekosten) die nu wordt gevraagd bij instellen van bezwaar of beroep. Indien de rechtszoekende in (hoger) beroep in het gelijk wordt gesteld, ontvangt hij de zekerheidstelling en de heffing retour.

Slagvaardige moderne civiele rechtspleging

In de civiele rechtspleging worden juridische procedures efficiënter gemaakt en gemoderniseerd, waardoor het beslag op deze keten wordt verminderd. Het procesrecht kan daartoe worden heringericht en de rechtsplegingsketen kan korter worden. Dat maakt de rechtspleging voor burgers en bedrijven efficiënter, toegankelijker en transparanter, hetgeen wezenlijke elementen van de rechtsstaat zijn. Daartoe is een moderniseringsprogramma voorzien dat in de komende jaren in nauwe samenspraak met betrokken partijen zal worden vormgegeven. Daarnaast komen er ook de nodige flankerende en operationele maatregelen ter verbetering van de geschilafdoening. Daarbij zal worden bezien hoe met maatregelen ter versterking van het geschiloplossend vermogen van partijen zelf, zoals met behulp van mediation en online tools, de modernisering van het civiele procesrecht kan worden bevorderd.

Houdbaar toezicht door de rechterlijke macht

De rechterlijke macht houdt in een aanzienlijk aantal zaken jaarlijks toezicht. Om dit systeem ook in de toekomst vitaal te houden, wordt onderzocht of de invoering van een heffing daaraan kan bijdragen. De heffing wordt gevraagd van personen op wie toezicht wordt gehouden in het kader van bewindvoering en onder curatelestelling. De bijdrage dient beperkt te blijven. Gedacht wordt aan een gemiddelde bijdrage, in hoogte beperkt, per maand per onder toezicht gestelde.

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 32.1 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 32 (x € 1.000)
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Verplichtingen

1.469.308

1.614.223

1.469.910

1.418.230

1.395.380

1.387.649

1.386.528

                 

32.1 Apparaatsuitgaven Hoge Raad

             
 

Personeel

22.403

23.046

24.955

24.939

24.939

25.042

25.042

 

waarvan eigen personeel

21.455

22.258

24.172

24.156

24.156

24.259

24.259

 

waarvan externe inhuur

948

764

761

761

761

761

761

 

waarvan overig personeel

0

24

22

22

22

22

22

 

Materieel

4.872

3.447

1.587

2.506

2.509

2.509

2.551

 

waarvan ICT

2.282

1.000

1.000

1.100

1.390

1.390

1.390

 

waarvan SSO's

83

52

61

61

61

61

61

 

waarvan overig materieel

2.507

2.395

526

1.345

1.058

1.058

1.100

                 

Programma-uitgaven

1.439.560

1.587.730

1.443.368

1.390.785

1.367.932

1.360.098

1.358.935

Waarvan juridisch verplicht

   

100%

       

32.2 Adequate toegang tot het rechtsbestel

             
 

Bijdrage ZBO/RWT

             
 

Raad voor Rechtsbijstand

47.251

48.992

47.590

46.196

45.196

44.596

44.196

 

Bureau Financieel Toezicht

6.316

3.968

2.389

2.247

2.247

2.247

2.247

 

Subsidies

             
 

Stichting Geschillencommissies Consumentenzaken

1.382

1.343

572

354

0

0

0

 

Overig Adequate toegang tot het rechtsbestel

254

167

300

189

468

468

468

 

Opdrachten

             
 

Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen

12.870

13.841

13.850

13.849

13.849

13.849

13.849

 

Toevoegingen rechtsbijstand

390.346

411.763

419.483

399.539

382.518

372.815

363.215

 

Overig Adequate toegang tot het rechtsbestel

493

1.543

630

560

560

560

510

                 

32.3 Optimale randvoorwaarden voor een doelmatig en doeltreffend rechtsbestel

             
                 
 

Bijdrage aan de Raad voor de rechtspraak

962.086

1.083.846

938.495

908.038

903.284

905.857

914.744

                 
 

Bijdrage ZBO/RWT

             
 

College Bescherming Persoonsgegevens

8.358

8.151

7.833

7.710

7.707

7.703

7.703

 

College voor de Rechten van de Mens

6.247

7.175

6.445

6.322

6.322

6.222

6.222

 

Centraal Administratie Kantoor

792

3.462

2.760

2.760

2.760

2.760

2.760

 

Overig Optimale randvoorwaarden voor een doelmatig en doeltreffend rechtsbestel

549

711

709

709

709

709

709

 

Bijdrage medeoverheden

             
 

Bijdragen Rechtspleging

0

89

88

88

88

88

88

 

Subsidies

             
 

Subsidies Rechtspleging

793

939

555

555

555

555

555

 

Subsidies Wetgeving

1.770

1.459

1.459

1.459

1.459

1.459

1.459

 

Opdrachten

             
 

Opdrachten en onderzoeken rechtspleging

53

161

125

125

125

125

125

 

Overig Optimale randvoorwaarden voor een doelmatig en doeltreffend rechtsbestel

0

120

85

85

85

85

85

                 

Ontvangsten

201.948

231.900

291.721

274.898

284.646

294.819

294.819

 

waarvan griffierechten

198.293

224.642

217.283

225.078

233.946

244.119

244.119

Budgetflexibiliteit

Juridisch verplicht zijn de bijdragen aan ZBO’s en RWT’s. Dat geldt ook voor de bijdrage voor de kosten voor de rechtsbijstand in de vorm van toevoegingen en piketten (opdrachten) en de bijdrage aan Raad voor de rechtspraak. Ook de opdrachten in het kader van de WSNP zijn volledig juridisch verplicht. Daarmee is 100% van de uitgaven die in de vorm van opdrachten worden gedaan juridisch verplicht. De subsidies die op dit artikel worden verantwoord zijn vrijwel geheel juridisch verplicht. Dit heeft in hoofdzaak betrekking op de subsidierelaties met de Stichting Geschillencommissies voor Consumentenzaken (SGC) en de Academie voor Overheidsjuristen en de Academie voor Wetgeving.

32.1 Apparaatsuitgaven Hoge Raad

Toelichting op de instrumenten

Hoge Raad (HR)

De Hoge Raad der Nederlanden is het hoogste rechtscollege in Nederland op het gebied van het civiele-, straf- en fiscale recht. Voor het civiele- en strafrecht is hij dat tevens voor Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Saba en Sint Eustatius. De HR voert de cassatieprocedure uit. De procedure verzekert en bevordert de rechtseenheid, rechtsontwikkeling en rechtsbescherming doordat de HR als cassatierechter toetst of het gerechtshof – en in voorkomende gevallen: de rechtbank – in zijn uitspraak het recht juist heeft toegepast en of de gegeven motivering begrijpelijk is.

32.2 Adequate toegang tot het rechtsbestel

Bijdragen aan ZBO’s en RWT’s

Raad voor Rechtsbijstand (RvR)

Het betreft hier de financiering voor apparaatsuitgaven van de RvR en het Juridisch Loket, een advies- en doorverwijsinstelling voor eerstelijns rechtshulp. De RvR is belast met de uitvoering van de Wet op de rechtsbijstand, die er voor zorgt dat on- en mindervermogenden verzekerd zijn van toegang tot het rechtsbestel.

Bureau Financieel Toezicht (BFT)

Het Bureau Financieel Toezicht houdt integraal toezicht op zo’n 3.000 personen die zijn verbonden aan 800 notariskantoren en 380 gerechtsdeurwaarders, verbonden aan 175 gerechtsdeurwaarderskantoren. Ook is het belast met het toezicht op de naleving van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (WWFT).

Subsidies

Stichting Geschillencommissies voor Consumentenzaken (SGC)

De SGC beoordeelt consumentenklachten. De SGC heeft op dit moment 54 geschillencommissies die klachten over verschillende onderwerpen behandelen. De SGC ontvangt voor de kosten van de koepelorganisatie een subsidie van het Ministerie van VenJ, omdat afhandeling van klachten door het SGC zorgt voor minder instroom aan (duurdere) zaken binnen het rechtsbestel.

Overig Adequate toegang tot het recht

Subsidiebudget voor subsidies aan diverse organisaties, waaronder aan de Stichting Letselschaderaad. Deze subsidie vindt zijn grondslag in de begroting.

Opdrachten

Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP)

Het Bureau WSNP coördineert de uitvoering van de Wet schuldsanering en reguleert de kwaliteit van de bewindvoering, onder andere door het register WSNP en een helpdesk. Via het bureau WSNP wordt een bijdrage verstrekt aan de bewindvoerder die een schuldsaneringsprocedure naar behoren afwikkelt. Gespecialiseerde insolventierechters houden toezicht op de goede afwikkeling van de circa 12.000 nieuwe schuldsaneringen per jaar. De gemiddelde subsidie voor een schuldsaneringstraject bedraagt circa € 1.100 over een periode van gemiddeld 3 jaar.

Toevoegingen Raad voor Rechtsbijstand

De Raad voor Rechtsbijstand verstrekt toevoegingen aan een advocaat of mediator voor de verlening van rechtsbijstand aan rechtzoekenden met een laag inkomen en vermogen. De eigen bijdrage van de cliënt wordt verrekend met de vergoeding van de advocaat. De financiering van de Raad voor Rechtsbijstand vindt plaats aan de hand van het aantal afgegeven toevoegingen over de periode 1 september tot en met 31 augustus.

In tabel 32.2 is een uitsplitsing in uitgaven en in aantallen weergegeven van de productiegegevens van de Raad over de verschillende onderdelen binnen de rechtsbijstand.

De begrotingsraming is gebaseerd op de verwachte uitgaven na invoering van het maatregelenpakket uit de kabinetsreactie op het rapport «Herijking rechtsbijstand – Naar een duurzaam stelsel voor de gesubsidieerde rechtsbijstand» (Commissie-Wolfsen). Het maatregelenpakket beoogt mede de bestendigheid van het rechtsbijstandsstelsel uit financieel oogpunt te versterken. De financiering van de gesubsidieerde rechtsbijstand is, en blijft, noodzakelijkerwijs een zogenoemde open-einde-regeling vanwege de grondwettelijke en verdragsrechtelijke aanspraken die rechtzoekenden hebben en de niet met zekerheid te voorspellen maatschappelijke ontwikkelingen die hun effect hebben op het beroep op rechtsbijstand.

Tabel 32.2 Productiegegevens Raad voor Rechtsbijstand
 

Realisatie

Prognoses

         
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Strafzaken (ambtshalve)

             

Aantal afgegeven toevoegingen

44.164

45.191

45.127

41.850

38.558

36.333

34.770

Uitgaven (mln.)

€ 73,3

€ 79,6

€ 79,0

€ 71,5

€ 63,8

€ 59,6

€ 56,6

Strafzaken (regulier)

             

Aantal afgegeven toevoegingen

78.576

79.177

79.147

80.305

81.451

82.180

82.670

Uitgaven (mln.)

€ 55,0

€ 55,9

€ 55,3

€ 54,1

€ 55,4

€ 56,0

€ 56,4

Civiele zaken

             

Aantal afgegeven toevoegingen

191.391

184.262

188.649

168.076

138.053

121.045

108.803

Uitgaven (mln.)

€ 127,8

€ 123,3

€ 124,9

€ 108,3

€ 90,9

€ 80,4

€ 72,7

Bestuur

             

Aantal afgegeven toevoegingen

81.090

68.381

69.027

59.874

47.540

42.273

37.882

Uitgaven (mln.)

€ 53,2

€ 45,5

€ 45,4

€ 37,5

€ 29,8

€ 26,3

€ 23,5

Piketten

             

Aantal toevoegingen

118.279

125.646

142.000

141.693

158.960

158.732

158.438

Uitgaven (mln.)

€ 27,3

€ 37,7

€ 50,9

€ 50,2

€ 53,6

€ 53,5

€ 53,4

Lichte adviestoevoeging

             

Aantal afgegeven toevoegingen

9.899

10.732

11.100

11.480

11.873

12.279

12.700

Uitgaven (mln.)

€ 1,8

€ 2,1

€ 2,1

€ 2,2

€ 2,3

€ 2,3

€ 2,4

Asiel

             

Instroom asielzoekers (eerste, tweede en opvolgende aan vragen en inreis van nareizigers)1

58.880

58.000

58.000

22.500

22.500

22.500

22.500

Aantal afgegeven toevoegingen

29.618

44.327

36.057

27.228

27.228

27.228

26.809

Uitgaven (mln.)

€ 48,5

€ 64,2

€ 52,1

€ 42,3

€ 42,4

€ 42,3

€ 41,9

Het Juridisch Loket

             

Aantal klantencontacten

681.993

681.993

681.993

681.993

681.993

681.993

681.993

Uitgaven (mln.)

€ 23,6

€ 24,0

€ 24,0

€ 24,0

€ 24,0

€ 24,0

€ 24,0

Brede eerste lijn (eenvoudige behandeling)

             

Aantal afgegeven toevoegingen

     

37.662

75.324

100.431

118.007

Uitgaven (mln.)

     

€ 15,7

€ 28,8

€ 36,7

€ 40,8

Overige (rogatoire commissie, inning en restitutie, investeringen/implementatiekosten maatregelen)

             

Raad voor Rechtsbijstand

€ – 1,1

€ – 1,2

€ 4,8

€ 12,8

€ 10,8

€ 10,8

€ 10,8

               

Uitvoeringslasten Rechtsbijstand

             

Raad voor Rechtsbijstand

€ 23,9

€ 25,2

€ 23,9

€ 22,5

€ 21,5

€ 20,9

€ 20,5

               

Totaal uitgaven (x € 1 mln.)

€ 433,3

€ 456,3

€ 462,3

€ 441,2

€ 423,2

€ 412,9

€ 402,9

Bronnen: Raad voor Rechtsbijstand, Prognosemodel Justitiële Ketens 2017, Kabinetsreactie rapport «Herijking rechtsbijstand – Naar een duurzaam stelsel voor de gesubsidieerde rechtsbijstand»

1

De aantallen zijn afgerond op tientallen.

32.3 Optimale randvoorwaarden voor een doelmatig en doeltreffend rechtsbestel

Bijdrage aan Raad voor de rechtspraak (Rvdr)

De Minister van Veiligheid en Justitie bekostigt de rechtspraak via de Raad voor de rechtspraak. De Raad voor de rechtspraak is het overkoepelende bestuur van de Rechtspraak, die verder bestaat uit de rechtbanken, de gerechtshoven, de Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het Bedrijfsleven. De Raad bevordert de kwaliteit en eenheid van de rechtspraak, verzorgt de financiën, houdt toezicht en ondersteunt de bedrijfsvoering bij de gerechten. De Raad spreekt zelf geen recht. In dit artikelonderdeel wordt de totstandkoming van de bijdrage van de Minister van Veiligheid en Justitie aan de Raad voor de rechtspraak toegelicht.

Prijsafspraken

In het besluit Financiering Rechtspraak 2005 is bepaald dat de prijzen voor de Rechtspraak voor een periode van drie jaar worden vastgesteld en opgenomen in de begroting van het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Recent is met de Raad voor de rechtspraak overeenstemming bereikt over de prijzen voor de periode 2017–2019. Voor de bijdrage aan de Raad betekent dit prijsakkoord een structurele verhoging van € 35 mln. vanaf 2017. Het kabinet stelt deze extra middelen beschikbaar om de structurele werklast te verminderen. De Rechtspraak zal deze middelen benutten om professionele standaarden binnen de organisatie in te voeren. Omdat de professionele standaarden nog in ontwikkeling zijn zal de Raad in de aanloopfase een deel van het bedrag inzetten voor de transitieperiode van met name het programma Kwaliteit en innovatie (KEI). Dit geld komt bovenop de extra bijdrage van structureel € 25 mln. die reeds eerder bij de begrotingsvaststelling 2016 voor KEI aan de Rechtspraak is toegekend.

Instroom, financiering en productie

Conform de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Raad voor de rechtspraak zijn begrotingsvoorstel ingediend bij de Minister van Veiligheid en Justitie op basis van de in- en uitstroomramingen uit onder andere het Prognosemodel Justitiële ketens; daarbij meenemend het recente prijsakkoord 2017–2019. Hieruit volgt dat de instroom neerwaarts is bijgesteld ten opzichte van de instroomprognose in de vorige begroting. Wel is er volgens de prognose nog steeds sprake van een licht stijgende instroom van 2016 naar 2021.

Tabel 32.3 Instroomontwikkeling rechtspraak
 

Realisatie

Prognoses

         
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Instroom totaal aantal (x € 1.000)

1.673

1.753

1.688

1.720

1.761

1.806

1.855

Jaarlijkse mutatie

– 5%

5%

– 4%

2%

2%

3%

3%

Tabel 32.4 Financiële bijdrage Raad voor de rechtspraak
 

Realisatie

Prognoses

         
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Begroting 2016 (x € 1.000)

 

956.541

897.787

887.310

891.739

901.459

901.459

Mutatie (x € 1.000)

 

50.174

52.200

30.275

4.202

6.385

13.285

Begroting 2017 (x € 1.000)

962.086

1.006.715

949.987

917.585

895.941

907.844

914.744

De bijdrage is op basis van met de Raad voor de rechtspraak gemaakte productieafspraak.

Tabel 32.5 Productieafspraak rechtspraak
 

Realisatie

Prognoses

         
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Productie totaal aantal (x € 1.000)

1.697

1.789

1.666

1.651

1.660

1.692

1.739

Jaarlijkse mutatie

– 3%

5%

– 7%

– 1%

1%

2%

3%

In 2016 zal naar de meest recente inzichten de gerealiseerde productie iets achterblijven bij de gemaakte productieafspraak. De verwachting is dan ook dat de egalisatiereserve (voor volume verschillen) van de Rechtspraak zal toenemen. In 2017 is het omgekeerde het geval en ligt de productieafspraak onder het niveau van de geraamde instroom. Voor een belangrijk deel heeft dit een begrotingstechnische achtergrond, omdat vanaf 2017 in de bijdrage nog geen extra middelen voor het prijseffect van de procedurerichtlijn Asiel zijn meegenomen in afwachting van de uitkomsten van een evaluatie. Voor latere jaren geldt dat met name de ontwikkelingen op het terrrein van vreemdelingen uiterst moeilijk voorspelbaar zijn, waardoor de productieafspraak op een lager niveau is dan de instroomraming.

Bijdragen aan ZBO’s en RWT’s

College bescherming persoonsgegevens (Cpb)

Het College bescherming persoonsgegevens staat voor het grondrecht op bescherming van persoonsgegevens. Daartoe is zij belast met een aantal wettelijke taken, zoals het houden van toezicht op de naleving van de wettelijke regels voor bescherming van persoonsgegevens en het adviseren over nieuwe wet- en regelgeving en over doorgifte van persoonsgegevens naar derde landen.

College voor de Rechten van de Mens (CRM)

Het CRM vervult zijn wettelijke taak als waakhond op het gebied van mensenrechten in Nederland. In dat verband doet het onder meer gevraagd en ongevraagd onderzoek naar verboden onderscheid. Dat kan zijn op basis van individuele klachten of naar aanleiding van concrete verzoeken over hoe gelijke behandelingswetgeving toe te passen. Ook heeft het CRM een rol bij normontwikkeling en periodieke evaluatie van de effectiviteit van wetgeving voor gelijke behandeling.

Centraal Administratie Kantoor (CAK)

Door het CAK (een ZBO onder het Ministerie van VWS) worden de eigen bijdragen voor de kosten van het strafproces en slachtofferzorg en voor de kosten van verblijf in een justitiële inrichting geïnd. Het wetsvoorstel dat deze bijdrage regelt ligt momenteel bij de Eerste Kamer ter behandeling.

De kosten die hiermee gemoeid zijn, zijn op de begroting van VenJ als een bijdrage aan het CAK opgenomen.

Subsidies

Subsidie Rechtspleging

De subsidie Rechtspleging betreft met name een subsidie aan de Nederlandse Vereniging voor de Rechtspraak (NVvR).

Subsidie Wetgeving

De subsidie Wetgeving betreft een subsidie aan de Stichting Recht en Overheid en aan het Nederlandse Juristencomité voor de mensenrechten voor de bescherming van mensenrechten.

Ontvangsten

Griffierechten

Het Ministerie van VenJ ontvangt griffierechten van burgers, overheden, bedrijven en andere rechtspersonen die civiele of bestuursrechtelijke procedures starten. Deze ontvangsten stijgen vanwege de jaarlijkse indexering van de tarieven.

16

Bron: Wet op de rechterlijke organisatie en Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren

17

Bron: Wet op de rechtsbijstand, Wet op het notarisambt, Wet beëdigde tolken en vertalers

18

Bron: Wet op de schuldsanering natuurlijke personen

Licence