Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

Beleidsartikel 3 Toekomstfonds

Versterken van de innovatieve kracht van Nederland door het beschikbaar stellen van financiering voor het innovatief en snelgroeiend mkb en voor fundamenteel en toegepast onderzoek en het behouden van vermogen voor toekomstige generaties.

De Minister van Economische Zaken en Klimaat is rijksbreed verantwoordelijk voor versterking van het innovatievermogen, in het bijzonder gericht op het bedrijfsleven en verantwoordelijk voor het scheppen van randvoorwaarden voor een excellent ondernemingsklimaat.

De Minister van EZK en de bewindslieden van OCW coördineren en borgen de publieke kennisinfrastructuur voor toegepast en fundamenteel onderzoek.

Vanuit deze verantwoordelijkheden heeft de minister een financierende en faciliterende rol, samenhangend met de stimulerende, regisserende en faciliterende rollen zoals vermeld in artikel 2 van deze begroting:

Financieren/faciliteren

  • Het mede-financieren van investeringen in R&D en innovatie;

  • Het faciliteren van toegang tot en financieren van (risico)kapitaal voor bedrijven;

  • Het mede-financieren van Europese en internationale samenwerking op het gebied van onderzoek en innovatie.

Om – aanvullend op de begroting – de Kamer te informeren over voortgang en effecten van beleid treft u op de website https://www.bedrijvenbeleidinbeeld.nl informatie aan over de indicatoren en kengetallen. Deze website is te zien als een digitale bijlage van de EZK-begroting.

In de Kamerbrief van 15 november 2019 (Kamerstuk 32 637, nr. 389) is aangekondigd dat vanuit het deel fundamenteel en toegepast onderzoek van het Toekomstfonds, middelen beschikbaar zullen worden gesteld voor een tweede tender van de op 1 februari 2019 gepubliceerde Thematische Technology Transfer regeling. De tweede tender zal in 2020 worden geopend en de daaruit voortvloeiende verplichtingen zullen in 2021 worden aangegaan.

Daarnaast wordt € 15 mln van de middelen uit het Toekomstfonds ter beschikking gesteld aan het recent opgerichte publiek-private financieringsfonds van RegMedXB in de vorm van een revolverende lening. Dit fonds richt zich op de financiering van projecten gericht op nieuwe innovaties en bedrijvigheid en kostenbeheersing door nieuwe medische oplossingen. Met deze € 15 mln worden de door het Ministerie van VWS voor dit financieringsfonds gereserveerde subsidiemiddelen gematcht. VWS zal deze middelen overhevelen naar de EZK-begroting (Toekomstfonds).

De voorziene voeding voor het deel fundamenteel en toegepast onderzoek van het Toekomstfonds, voortvloeiend uit meevallers uit de gasbaten voor zover die boven de daarvoor bepaalde ijklijn uit zouden komen, heeft zich tot op heden niet voorgedaan. Daarnaast is het vanwege het terugbrengen van de gaswinning in Groningen niet realistisch te veronderstellen dat er - gegeven de systematiek - in de toekomst een substantiële voeding zal kunnen plaatsvinden. De betreffende ijklijn is daarom in de begroting geschrapt.

Naar aanleiding van de evaluatie van de regeling Vroegefasefinanciering (VFF) (Kamerstuk 32 637, nr. 344) werken het Ministerie van EZK, de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, de provincies en de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen samen aan de ontwikkeling van een nieuwe regeling, die verder geïntegreerd zal worden bij het bestaande vroege fase ecosysteem. Hiervoor wordt in de jaren 2021 t/m 2023 € 10 mln per jaar beschikbaar gesteld.

Het co-investment venture capital instrument is in februari volledig conform Machtigingswet oprichting Invest-NL ondergebracht bij Invest-NL. Tijdens de behandeling van deze wet in de Tweede Kamer op 15 mei 2020 is toegezegd om onderzoek te doen naar de haalbaarheid en de marktappreciatie van het in de markt zetten van het Dutch Venture Initiative (DVI) (Handelingen II 2018/19, nr. 82, item 16). Op 20 december 2019 is de Tweede Kamer geïnformeerd (Kamerstuk 32 637, nr. 400) over de eerste inzichten in de verkoopmogelijkheden, de meest bepalende voorwaarden en structuren waaronder een verkoop haalbaar kan worden geacht en het vervolgtraject

In 2020 heeft EZK samen met lokale stakeholders voor de regio Utrecht een regionale ontwikkelingsmaatschappij (ROM) opgericht op initiatief van regio Utrecht. Voor Flevoland zal naar verwachting in het najaar van 2020 een ROM worden opgericht. De ingezette middelen hebben tot doel de economische krachten in de regio te versterken middels participatie in innovatieve mkb bedrijven en waar mogelijk samen met marktpartijen. Verder beogen zij sectorale initiatieven vanuit het topsectorenbeleid en ander generiek beleid te ondersteunen middels subsidies. Tenslotte beogen zij de samenwerking tussen het (innovatieve) mkb en kennisinstellingen in de regio te bevorderen.

Tot slot zijn in het voorjaar van 2020 overbruggingsleningen beschikbaar gekomen via de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen voor ondernemers die als gevolg van de Coronacrisis liquiditeitsproblemen hebben en overwegend met (extern) eigen vermogen gefinancierd zijn. Het totaalbudget voor deze leningen betreft € 300 mln voor rekening en risico van de Staat. Deze middelen zijn beschikbaar voor aanvragen in de periode tot en met september 2020. De overbruggingskredieten hebben een looptijd van maximaal 5 jaar tot ultimo 2025. Daarnaast is in twee tranches van € 75 mln in 2020 en 2021 in totaal € 150 mln beschikbaar gesteld voor de versterking van het fondsvermogen van de ROM's. Met de Corona-Overbruggingslening heeft het kabinet via de ROM’s straks circa 800 mkb-ondernemingen met overbruggingskredieten geholpen. Door het fondsvermogen van ROM’s te versterken, kunnen de ROM’s in nieuwe financieringsrondes ook het eigen vermogen van deze veelal innovatieve mkb-ondernemingen versterken. Daarmee wordt de solvabiliteitspositie van deze bedrijven verstevigd.

De geraamde middelen voor start-ups/mkb worden ingezet voor het MKB-actieplan (Kamerstuk 32 637, nr. 316).

Tabel 21 Tabel Budgettaire gevolgen van beleid artikel 3 (bedragen x € 1.000)
 

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen

132.206

625.150

250.348

163.163

154.957

146.233

162.033

Waarvan garantieverplichtingen

0

0

0

0

0

0

0

Waarvan overige verplichtingen

132.205

625.150

250.348

163.163

154.957

146.233

162.033

        

Uitgaven

124.308

639.387

265.316

192.024

173.569

159.353

157.602

Waarvan juridisch verplicht

  

53%

    
        

Subsidies (regelingen)

1.050

3.353

4.264

3.100

3.074

2.916

2.348

Smart Industry

254

718

183

184

158

0

0

Haalbaarheidsstudies NWO-TTW

796

812

800

0

0

0

0

Thematische Technology Transfer

0

1.823

3.281

2.916

2.916

2.916

2.348

        

Leningen

114.532

626.948

247.144

180.366

161.937

147.879

146.696

Startups / MKB financiering

       

Volledig revolverend

       

Fund to Fund

28.000

37.676

31.592

27.292

11.266

13.101

25.800

ROM's

0

405.905

85.000

12.000

4.000

0

0

Co-investment venture capital instrument / EIF

5.000

0

0

0

0

0

0

Deels revolverend

       

Innovatiekrediet

40.954

55.465

48.682

56.999

56.933

58.689

57.689

Risicokapitaal Seed Capital

27.617

76.630

33.620

49.559

57.257

53.253

44.086

Vroegefasefinanciering / informal investors

10.736

14.125

21.260

21.514

21.497

14.597

14.597

Startups / MKB

0

12.872

4.995

392

359

825

492

Investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek

       

Met vermogensbehoud

       

Fundamenteel en toegepast onderzoek

1.732

5.445

10.952

2.500

0

0

2.500

Onco research

0

4.196

3.031

2.431

1.170

630

360

Smart Industry

493

382

239

315

0

0

0

Thematische Technology Transfer

0

4.252

7.773

7.364

6.955

4.284

1.172

Regmed

0

10.000

0

0

2.500

2.500

0

        

Bijdrage aan agentschappen

8.724

9.086

13.908

8.558

8.558

8.558

8.558

Bijdrage RVO.nl

8.724

9.086

13.908

8.558

8.558

8.558

8.558

        

Ontvangsten

33.448

62.305

44.000

75.300

80.200

80.300

262.100

ROM's

0

8.905

0

30.000

30.000

30.000

210.000

Fund to Fund

0

11.850

17.900

17.900

17.900

15.000

13.800

DVI II

0

150

800

1.100

2.000

5.000

8.000

Investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek

5.981

0

0

0

0

0

0

Co-investment venture capital instrument / EIF

0

15.000

0

0

0

0

0

Innovatiekrediet

10.585

17.000

15.000

16.000

20.000

20.000

20.000

Seed Capital

14.156

9.400

10.300

10.300

10.300

10.300

10.300

Vroegefasefinanciering / informal investors

2.725

0

0

0

0

0

0

Budgetflexibiliteit

Leningen: Het budget in 2021 is voor 50% juridisch verplicht. Dit betreft een groot deel van het budget voor Innovatiekredieten, de Seed Capital regeling, Vroegefasefinanciering, de investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek en de regeling Thematische Technology Transfer. Het budget voor DVI/Fund of funds, Smart Industry en Oncode Institute is volledig juridisch verplicht.

Subsidies: Het budget in 2021 is voor 57% juridisch verplicht. Dit betreft de uitfinanciering van de verplichtingen aan NWO-TTW in het kader van de haalbaarheidssubsidies, de regeling Smart Industry en de regeling Thematische Technology Transfer (TTT). De 2e tender van de TTT-regeling is al wel opengesteld in 2020, maar de committeringen zullen in 2021 plaatsvinden. Als gevolg daarvan zal dan in 2021 het budget volledig juridisch verplicht zijn.

Bijdrage aan agentschappen: Het budget betreft de financiering van het opdrachtenpakket 2020 aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) en is 100% juridisch verplicht.

Revolverendheid

Opbrengsten van succesvolle innovaties vloeien terug in het Toekomstfonds, zodat ze weer opnieuw kunnen worden ingezet. Het fonds is daarmee additioneel aan de markt: de overheid neemt het grootste risico, waardoor private investeerders kunnen mee-investeren in innovatieve ondernemingen. De overheid deelt mee in de opbrengsten van geslaagde innovaties, waardoor deze middelen opnieuw kunnen worden ingezet voor het vergroten van het beschikbare risicokapitaal voor innovatieve bedrijven.

Figuur 4 Instrumenten Volledig revolverend (x € 1 mln)

Figuur 5 Instrumenten Gedeeltelijk revolverend (x € 1 mln)

Figuur 6 Instrumenten Fundamenteel en toegepast onderzoek (x € 1 mln)

Toelichting: In bovenstaande grafieken is voor de verschillende onderdelen van het Toekomstfonds weergegeven wat de verhouding is tussen de (geraamde) uitgaven van de diverse regelingen en de (geraamde) terug-ontvangsten op verstrekte kredieten. Ontvangsten op de geïnvesteerde bedragen worden eerst na verloop van een aantal jaar gerealiseerd. Bij instrumenten die relatief kort bestaan (bijvoorbeeld investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek) zijn hierdoor nog geen of nauwelijks ontvangsten gerealiseerd. Dit is het geval bij MKB-financiering volledig revolverend (DVI sinds ultimo 2012 en het Co-investeringsfonds sinds 2017) en de investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek (sinds 2016). De instrumenten in het onderdeel MKB-financiering gedeeltelijk revolverend, zoals de Seed Capital regeling en het Innovatiekrediet, bestaan al langer en kennen hierdoor al een substantiële ontvangstenrealisatie. Naar verwachting vloeit 60% tot 80% van deze investeringen terug naar het fonds.

Het Toekomstfonds heeft een startkapitaal van € 200 mln. De middelen worden met behoud van vermogen ingezet voor de financiering van innovatieve en snelgroeiende mkb-bedrijven en voor fundamenteel en toepassingsgericht onderzoek. Ook de begrotingsmiddelen voor het Innovatiefonds MKB+ en de participatie van het Rijk in de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s) zijn in het Toekomstfonds ondergebracht.

Leningen

Binnen de structuur van het in 2014 gevormde Toekomstfonds (Kamerstuk 34 000 XIII, nr. 5), bestaat het Innovatiefonds MKB+ uit volledig revolverende instrumenten (het Dutch Venture Initiative (DVI) en de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen en gedeeltelijk revolverende instrumenten (Innovatiekrediet, de Seed Capital regeling (risicokapitaal), en de regeling Vroegefasefinanciering)

MKB-financiering: volledig revolverend

Dutch Venture Initiative

DVI is bedoeld om snel groeiende innovatieve bedrijven betere toegang tot investeringskapitaal te geven en andere private investeerders aan te trekken. Het bestaat uit twee DVI fund-of-funds waaronder een specifiek fonds voor business angels.

DVI heeft een vliegwieleffect voor de risicokapitaalmarkt omdat het in fondsen investeert waarin private investeerders tussen de minimaal 50|% en 90% meefinancieren. Dit effect wordt versterkt door het feit dat bedrijven met dit risicokapitaal makkelijker nieuw vreemd vermogen kunnen aantrekken. Met ondersteuning van DVI-fund-of-funds is sinds 2014 in totaal al voor meer dan € 3,8 mld aan risicokapitaal beschikbaar gekomen. De venture capital fondsen verkrijgen tussen € 5 mln en € 20 mln uit DVI. Al meer dan 269 ondernemingen hebben financiering uit DVI-fondsen verkregen.

Het eerste DVI fonds van € 202,5 mln (EZK-bijdrage € 130 mln, EIF-bijdrage € 67,5 mln en BOM-bijdrage € 5 mln) is opgericht in 2013 en is inmiddels volledig gecommitteerd in 14 venture capital fondsen, waaronder een specifiek fonds voor business angels van € 45 mln. Het tweede DVI fund-of-funds van € 200 mln (EZK-bijdrage € 100 mln, EIF-bijdrage € 100 mln) is opgericht in 2016 en er zijn inmiddels 13 fondsen operationeel.

Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen

De eventuele participaties in de ROM’s worden onder de revolverende investeringen verantwoord. In 2020 en 2021 is onder meer in twee tranches van € 75 mln in totaal € 150 mln geraamd voor de versterking van het fondsvermogen van de ROM's.

Figuur 7 Participaties Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen ultimo 2019 (x € 1 mln)

Co-investment venture capital instrument/EIF

Het Co-investment venture capital instrument/EIF is overeenkomstig de Machtigingswet Invest-NL per 15 februari 2020 overgedragen aan Invest-NL.

MKB-financiering: gedeeltelijk revolverend

Innovatiekrediet

Het innovatiekrediet biedt toegang tot financiering voor met name het innovatieve mkb en start-ups en helpt bij het aantrekken van risicokapitaal. In een fase waarin bancaire financiering niet of nauwelijks beschikbaar is, maakt het Innovatiekrediet onder voorwaarde van 50-75% eigen middelen innovatieprojecten mogelijk met een maximale ondersteuning van € 10 mln voor technische ontwikkelingsprojecten en € 5 mln voor klinische projecten.

Seed Capital regeling

De Seed Capital regeling (risicokapitaal) ondersteunt starters in high tech en creatieve sectoren bij het verwerven van risicokapitaal.

Vroegefasefinanciering

De regeling Vroegefasefinanciering biedt financiering - in de vorm van een geldlening - voor academische, hbo en TO2 starters, voor innovatieve starters en kleine bedrijven in een vroege ontwikkelingsfase: van validatie en onderbouwing van een business case, van idee naar concept. Hierdoor wordt ook de toegang tot vervolgfinanciering gefaciliteerd. Dit initiatief wordt door RVO.nl en door NWO-TTW uitgevoerd.

Startups/mkb

Dit betreft de middelen die worden ingezet voor het MKB-actieplan (Kamerstuk 32 637, nr. 316).

Bovengenoemde instrumenten versterken en stimuleren private vermogensverschaffers om innovatieprojecten van bedrijven te financieren en voorzien in de behoefte van bedrijven voor een betere toegang tot risicokapitaal voor innovatie.

Figuur 8 Gebruik regelingen Toekomstfonds

Tabel 22 Kengetallen

Kengetallen

2014

2015

2016

2017

2018

2019

Bron

Innovatiekrediet

      

RVO.nl

Aantal bedrijven dat Innovatiekrediet gebruikt

40

33

32

29

31

29

 

Omvang private R&D-uitgaven ondersteund met een Innovatiekrediet (x € 1 mln)

123

119

136

159

173

139

 

Seed Capital en Fund of funds

      

RVO.nl/EIF

Aantal participaties via Seed Capital en Fund of Funds

32

50

81

95

125

146

 

Omvang gestimuleerd risicokapitaal voor innovatieve bedrijven door Seed Capital en Dutch Venture Initiative/Fund of Funds (x € 1 mln)

257

553

744

182

1.606

351

 

Vroegefasefinanciering

      

RVO.nl

Aantal ondernemers dat Vroege Fase Financiering gebruikt

 

40

37

41

40

33

 

Met ingang van 2020 zal voor de TTT-regeling worden gerapporteerd over een tweetal kengetallen, namelijk 1) Het aantal nieuwe participaties van TTT-fondsen in het afgelopen kalenderjaar en 2) Aantal startende bedrijven als resultaar van de valorisatieactiviteiten door een TTT-samenwerkingsverband.

Investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek (met vermogensbehoud)

Vanuit het onderzoeksdeel van het Toekomstfonds wordt geïnvesteerd in nieuwe onderzoeksfaciliteiten, upgrading van bestaande faciliteiten en kennisbenutting.

De € 100 mln startkapitaal wordt geïnvesteerd in fundamenteel en toepassingsgericht onderzoek en kennisbenutting. Dit wordt ingezet voor de regeling Toekomstfondskrediet voor Onderzoeksfaciliteiten (TOF), Thematische Technology Transfer (TTT), Smart Industry (SI), Proof of Concept (PoC) en RegMed XB.

Fundamenteel en Toegepast onderzoek

De middelen zijn nodig voor de uitfinanciering van de regeling Toekomstfonds Onderzoeksfaciliteiten (TOF), waarmee van 2015 tot en met 2017 investeringen in hoogwaardige onderzoeksfaciliteiten zijn ondersteund.

Ook betreft dit de over meerdere jaren beschikbare buffer voor de niet volledig revolverende investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek.

Oncode Institute

Oncode Institute wordt mede gefinancierd uit het onderzoeksdeel van het Toekomstfonds, gericht op Thematische Technology Transfer. Oncode Institute is een pilot die zich richt op de toepassing van wetenschappelijk oncologisch onderzoek voor betaalbare oplossingen voor de patiënt.

Smart Industry

Dit betreft de uitfinanciering van het leningendeel van de regeling Smart Industry Fieldlabs die in 2017 is gepubliceerd en eenmalig is opengesteld. De regeling heeft als doel om de digitalisering van de industrie te versnellen door de slimme inzet van nieuwe productietechnologieën (bijvoorbeeld 3D-printers, robots, drones en sensoren) in combinatie met ICT. De verstrekte subsidie bestaat voor tweederde uit een renteloze lening.

Thematische Technology Transfer

De TTT-regeling heeft als doel het vergroten van de beschikbaarheid van risicofinanciering voor kennisstarters. Dit wordt gedaan door middel van TTT-fondsen in de periode 2019 tot en met 2025. De investeringen van de fondsen revolveren en hebben een looptijd van maximaal 9 jaar.

RegMed XB

Voor een publiek privaat ondernemerschapsfonds voor regeneratieve geneeskunde RegMed XB wordt verspreid over enkele jaren in totaal € 15 mln beschikbaar gesteld in de vorm van een revolverende lening. Dit fonds richt zich op de financiering van innovaties, bedrijvigheid en kostenbeheersing door nieuwe medische oplossingen.

Subsidies

Smart Industry

Dit betreft de uitfinanciering van het subsidiedeel van de regeling Smart Industry (zie toelichting onder investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek met vermogensbehoud). Daarnaast is er € 3,5 mln beschikbaar gesteld voor de uitvoering van de Implementatie-agenda Smart Industry 2018-2021, waaronder de regionale Smart Industry Hubs.

Haalbaarheidsstudies

Via Proof of Concept, onderdeel van de investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek (met vermogensbehoud), is verspreid over de jaren 2017-2021 € 4 mln beschikbaar gesteld voor haalbaarheidsstudies voor innovatieve TO2 starters. Met een haalbaarheidsstudie kan de innovatieve TO2 starter het proof of principle aantonen, evenals het commercieel perspectief van het beoogde product of proces of de beoogde dienst.

Thematische Technology Transfer

Dit betreft subsidies voor de genoemde activiteiten van de thematische samenwerkingsverbanden gericht op kennisoverdrachtsactiviteiten op een bepaald thema met als doel het helpen oprichten van kennisstarters in de periode 2019-2025. Tevens is er een beperkt budget voor managementkosten van de TTT-fondsen

Bijdragen aan agentschappen

Dit betreft de bijdrage aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland voor de uitvoering van de diverse regelingen van het Toekomstfonds, zoals het Innovatiekrediet, de Seed Capital regeling, Vroegefasefinanciering, Toekomstfondskrediet onderzoeksfaciliteiten, de TTT-regeling en de regeling Smart Industry.

Toelichting op de ontvangsten

De ontvangsten van het Toekomstfonds betreffen de op de EZK-begroting geraamde terugbetalingen van kredieten (hoofdsom en rente) in het kader van het Innovatiekrediet en Vroegefasefinanciering. Daarnaast worden de terugontvangsten van het Dutch Venture Initiative (DVI) en de Seed Capital regelingen verantwoord. Deze ontvangsten bestaan uit de opbrengsten van rente, dividend en de verkoopwaarde van ondernemingen op het moment dat een fonds haar belangen daarin verkoopt.

Ook worden de ontvangsten in het kader van de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen in het Toekomstfonds verantwoord. Dit betreft eventuele dividenden of in voorkomende gevallen de opbrengst van aandelenverkopen. Ook hebben de ontvangsten betrekking op de terugontvangst van de middelen die aan de ROM's ter beschikking zijn gesteld voor het verstrekken van de Coronaoverbruggingsleningen aan bedrijven.

Licence