Base description which applies to whole site

Tweede incidentele suppletoire begroting inzake kwijtschelding publieke schulden toeslagengedupeerden en diverse corona gerelateerde maatregelen | 12-04-2021

A ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 tot en met 3

De begrotingsstaat die onderdeel is van de Rijksbegroting, wordt op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2021 wijzigingen aan te brengen in:

De departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Normaliter wordt nieuw beleid in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. Aangezien de uitvoering van de spoedeisende maatregelen uit deze 3e incidentele suppletoire begroting niet kan wachten tot formele autorisatie van beide Kamers der Staten-Generaal, zal het kabinet de uitvoering van de maatregelen starten. Hiermee wordt gehandeld conform lid 2van artikel 2.27 van de Comptabiliteitswet 2016. Voor de indiening van deze 3e incidentele suppletoire begroting is uw Kamer vooraf genformeerd via de brief het steun- en herstelpakket vanaf het vierde kwartaal van 2021.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, W. Koolmees

A Artikelgewijze toelichting bij het wetsvoorstel

Wetsartikelen 1 tot en met 3

De begrotingsstaat die onderdeel is van de Rijksbegroting, wordt op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2021 wijzigingen aan te brengen in:

de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Nieuw beleid wordt pas in uitvoering genomen nadat het parlement de Ontwerpbegrotingswet 2021 heeft geautoriseerd. De spoedeisende maatregelen in deze incidentele suppletoire begroting 2021 gaan in vanaf 1januari 2021 en kunnen vanaf dat moment tot betalingen leiden. Indien de formele autorisatie van beide Kamers op dat moment niet is afgerond zal het kabinet de uitvoering van de voorgenomen maatregelen in het belang van het Rijk conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016 starten. Voor de indiening van deze Incidentele suppletoire begroting is uw Kamer vooraf genformeerd via de brief Aanpassingen in het economische steun -en herstelpakket als gevolg van de ontwikkeling in de bestrijding van het coronavirus.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, W. Koolmees

A Artikelgewijze toelichting bij het wetsvoorstel

Wetsartikelen 1 tot en met 3

De begrotingsstaat die onderdeel is van de Rijksbegroting, wordt op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2021 wijzigingen aan te brengen in:

de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

De in de begrotingsstaat opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht.

Normaliter wordt nieuw beleid pas in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. Omdat het kabinet, als onderdeel van de Toeslagenherstelactie, de publieke schulden van de gedupeerden zo snel mogelijk wil kwijtschelden, zodat gedupeerden met een schone lei verder kunnen, acht de regering het wenselijk en in het belang van het Rijk om vooruitlopend op formele autorisatie door beide Kamers uitvoering te geven aan de in deze 2eincidentele suppletoire begroting opgenomen maatregelen. Dit geldt ook voor spoedeisende corona gerelateerde maatregelen in deze incidentele suppletoire begroting. Over de beleidsmatige inhoud van het onderdeel kwijtschelden publieke schulden zijn de Staten-Generaal eerder genformeerd per de Kamerbrief Budgettaire aspecten kwijtschelden van publieke schulden van 8april 2021. Met het voorgaande wordt gehandeld conform artikel 2.27, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016.

Deze wet treedt in werking met ingang van 8april 2021. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven op of na de datum van 8april, dan treedt zij inwerking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van dat Staatsblad en werkt zij terug tot en met 8april 2021.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, W. Koolmees

B Artikelgewijze toelichting bij de begrotingsartikelen

B ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ DE BEGROTINGSARTIKELEN

B Artikelgewijze toelichting bij de begrotingsartikelen

1. Leeswijzer

1. Leeswijzer

1. Leeswijzer

1.1 De departementale begroting

In deze tweede Incidentele suppletoire begroting (ISB) van 2021 wordt de begroting voor het jaar 2021 van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) gecorrigeerd in verband met de maatregelen voor het kwijtschelden van publieke schulden van toeslagengedupeerden en in verband met diverse wijzigingen in corona gerelateerde maatregelen. Onderstaande bedragen hebben betrekking op 2021, de mutaties in overige jaren worden onder 2. Beleidsartikelen toegelicht.

Uitgaven en verplichtingen

  • De uitgaven van beleidsartikel 1 Arbeidsmarkt worden voor NL leert door in 2021 door een kasschuif verlaagd met 34,6 miljoen en verhoogd met 5,0 miljoen in verband met de budgettaire verwerking van de motie Weyenberg/Smeulders over vitaal thuiswerken.

  • De uitgaven van beleidsartikel 5 Werkloosheid worden voor 2021 verlaagd met per saldo 1,8 miljoen. Deze verlaging komt voornamelijk door een overboeking naar artikel 11 Uitvoering premiegefinancierd voor uitvoeringskosten van het UWV in het kader van crisisdienstverlening.

  • De uitgaven van beleidsartikel 7 Kinderopvang worden voor 2021 met 74,0 miljoen verhoogd voor de tegemoetkoming van ouders in de eigen bijdrage voor kinderopvang in verband met de gesloten buitenschoolse opvang.

  • De uitgaven van artikel 96 Apparaat kerndepartement worden in 2021 verlaagd met 1,5 miljoen. Deze verlaging komt voornamelijk door een kasschuif in de uitvoeringskosten NOW van 2021 naar latere jaren.

  • De uitgaven van artikel 98 Algemeen worden voor 2021 verhoogd met 0,2 miljoen voor de uitvoeringskosten NOW.

  • Op artikel 99 Nog te verdelen worden de uitgaven voor 2021 met per saldo 102,8 miljoen verhoogd. Dit komt door de intensivering Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (TONK; 130,0 miljoen), een intensivering in eilandelijk beleid Caribisch Nederland (1,0 miljoen), een reservering in het kader van het pakket sociaal welzijn (5,0 miljoen), een reservering in het kader van kwijtschelding schulden (1,0 miljoen) en een kasschuif (/13,7 miljoen) voor de uitvoeringskosten van de NOW. Verder is er sprake van een kasschuif naar latere jaren voor uitvoeringskosten van het UWV in het kader van crisisdienstverlening (/10,3 miljoen) en tot slot zijn er diverse overboekingen van artikel 99 naar andere artikelen op de SZW-begroting ( /10,2 miljoen), al dan niet nadat deze middelen uit 2021 naar 2022 of 2023 zijn geschoven.

Ontvangsten

  • Voor de derving van terugontvangsten van de KOT door kwijtschelding is er in 2021 op artikel 7 Kinderopvang 11,7 miljoen minder ontvangsten begroot.

  • Voor de derving van terugontvangsten van de WKB door kwijtschelding is er in 2021 op artikel 10 Tegemoetkoming ouders 5,7 miljoen minder ontvangsten begroot.

Uitgaven premiegefinancierd

  • Op artikel 11 Uitvoering premiegefinancierd zijn de uitgaven in 2021 met 2,4 miljoen verhoogd voor de crisisdienstverlening door het UWV.

Waar van toepassing lopen de uitgaven voor de noodmaatregelen door in verdere jaren.

Omvang begrotingsartikel (stand ontwerpbegroting) in miljoen

Beleidsmatige mutaties (ondergrens in miljoen)

Technische mutaties (ondergrens in miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1000

5

10

=> 1000

10

20

1.1 De departementale begroting

In deze eerste Incidentele suppletoire begroting (ISB) van 2021 wordt de begroting voor het jaar 2021 van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) gecorrigeerd in verband met de aanvullende maatregelen die genomen zijn ten aanzien van het coronavirus.

Uitgaven en verplichtingen

  • De uitgaven van beleidsartikel 1 Arbeidsmarkt worden voor de bijstelling en intensivering van de tijdelijke regeling NOW voor 2021 verhoogd met 2,3 miljard.

  • Op artikel 1 worden de uitgaven 2021 verhoogd met 10,2 miljoen voor de kasschuif NL leert door.

  • Daarnaast wordt op artikel 1 de uitgaven aan de tijdelijke subsidie loonkosten en inkomensverlies Caribisch Nederland met 0,950 miljoen verhoogd in 2021.

  • Op artikel 2 bijstand, participatiewet en toeslagenwet wordt voor de bijstelling van de Tozo de uitgaven met 102,4 miljoen verhoogd in 2021.

  • Op artikel 99 Nog te verdelen worden de uitgaven voor 2021 met 131,0 miljoen verhoogd voor de tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten en aanvullend eilandelijk beleid op Caribisch Nederland.

Waar van toepassing lopen de uitgaven voor alle noodmaatregelen door in verdere jaren.

Omvang begrotingsartikel (stand ontwerpbegroting) in miljoen

Beleidsmatige mutaties (ondergrens in miljoen)

Technische mutaties (ondergrens in miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1000

5

10

=> 1000

10

20

1.1 De departementale begroting

In deze derde Incidentele suppletoire begroting (ISB) van 2021 wordt de begroting voor het jaar 2021 van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) gecorrigeerd in verband met het Steun- en herstelpakket vanaf het vierde kwartaal. Onderstaande bedragen hebben betrekking op 2021.

Uitgaven en verplichtingen

  • De uitgaven van beleidsartikel 2 Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet worden in 2021 per saldo verlaagd met 1,4 miljoen. Voor de tijdelijke transitie Bbz worden de uitgaven verlaagd met 7,4 miljoen. Verder worden de uitgaven vehoogd met 6,0 miljoen voor de bodemstorting waarborgfonds.

  • Op artikel 99 Nog te verdelen worden de uitgaven voor 2021 met per saldo 36,0 miljoen verhoogd. Voor middelen eilandelijk beleid Caribisch Nederland worden de uitgaven met 1,0 miljoen verhoogd. Verder worden de uitgaven voor de tegemoetkoming Sociale Werkvoorzieningsbedrijven (SW) met 35,0 miljoen verhoogd.

Omvang begrotingsartikel (stand ontwerpbegroting) in miljoen

Beleidsmatige mutaties (ondergrens in miljoen)

Technische mutaties (ondergrens in miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1.000

5

10

=> 1.000

10

20

1.2 Beleid

1.2.1 Overzicht belangrijkste uitgaven mutaties.
Tabel 1 Overzicht belangrijkste uitgaven mutaties 3e ISB (bedragen x 1.000)

uitgaven 2021

artikel nr

Stand begroting 2021 na 1e suppl begroting

59.208.292

alle

Belangrijkste suppletoire mutaties:

Tijdelijke transitie Bbz

7.405

2

Bodemstorting waarborgfonds

6.000

2

Middelen eilandelijk beleid CN

1.000

99

Tegemoetkoming SW-bedrijven

35.000

99

Stand begroting 2021 na 3e ISB

59.242.887

1.2 Beleid

1.2.1 Overzicht belangrijkste uitgaven mutaties.
Tabel 1 Overzicht belangrijkste uitgaven mutaties ISB (bedragen x 1.000)

uitgaven 2021

artikel nr

Stand begroting 2021 incl NvW en amendementen1

53.723.417

alle

Belangrijkste suppletoire mutaties:

Bijstelling en intensivering NOW

2.272.322

1

Subsidie NL leert door

10.200

1

Tijdelijke subsreg loonkosten en inkomensverlies CN

950

1

Bijstelling Tozo

102.400

2

Aanvullend eilandelijk beleid

1.000

99

Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten

130.000

99

Stand begroting 2021 na 1e ISB

56.240.289

1

Enkel de bij de begrotingsbehandeling van SZW ingediende en aangenomen amendementen zijn hierin meegenomen. Overige amendementen worden bij Voorjaarsnota / 1e suppletoire begroting budgettair verwerkt.

1.2 Beleid

1.2.1 Overzicht belangrijkste uitgaven mutaties.
Tabel 1 Overzicht belangrijkste uitgaven mutaties 2e ISB (bedragen x1.000)

uitgaven 2021

artikel nr

Stand begroting 2021 incl NvW, amendementen en ISB

58.409.239

alle

Belangrijkste suppletoire mutaties:

Kasschuif subsidie NL leert door

34.600

1

Motie vitaal thuiswerken

5.000

1

Crisisdienstverlening

1.825

5

Compensatie eigen bijdrage kinderopvang

74.000

7

Uitvoeringskosten NOW

1.473

96

Uitvoeringskosten NOW

248

98

Kasschuif uitvoeringskosten NOW

13.657

99

Middelen sociaal welzijn

5.000

99

Aanvullend eilandelijk beleid

1.000

99

Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (TONK)

130.000

99

Kwijtschelden schulden

1.000

99

Overboeking naar andere artikelen binnen SZW (begrotingsgefinancierd)

10.236

99

Kasschuif uitvoeringskosten UWV crisisdienstverlening

10.262

99

Stand begroting 2021 na 2e ISB

58.553.434

Tabel 2 Overzicht belangrijkste ontvangsten mutaties 2e ISB (bedragen x1.000)

ontvangsten 2021

artikel nr

Stand begroting 2021 incl NvW, amendementen en ISB

1.831.107

alle

Belangrijkste suppletoire mutaties:

Derving ontvangsten KOT ivm kwijtschelden

11.654

7

Derving ontvangsten WKB ivm kwijtschelden

5.695

10

Stand begroting 2021 na 2e ISB

1.813.758

2. Beleidsartikelen

2. Beleidsartikelen

2. Beleidsartikelen

2.1 Artikel 2

Tabel 2 Budgettaire gevolgen van beleid 2e Incidentele suppletoire begroting 2021 artikel 2 Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet (bedragen x 1.000)

Stand ontwerpbegroting 2021 incl. NvW en amendementen

Stand na suppletoire begroting (inclusief ISB's)

Mutaties 3e ISB

Stand 3e ISB

Verplichtingen:

8.243.719

8.559.212

1.405

8.557.807

Uitgaven:

8.261.204

8.574.872

1.405

8.573.467

waarvan juridisch verplicht

99,60%

Inkomensoverdrachten

8.190.148

8.493.693

7.405

8.486.288

Macrobudget participatiewet uitkeringen

6.845.226

6.463.382

7.405

6.455.977

en intertemporele tegemoetkoming

Bijstand zelfstandigen bedrijfskrediet en Tozo

475.029

1.194.542

1.194.542

AIO

365.962

351.687

0

351.687

Toeslagenwet

496.673

479.107

0

479.107

Bijstand overig

960

960

0

960

Onderstand en re-integratie (Caribisch Nederland)

6.298

4.015

0

4.015

Subsidies

26.489

35.615

6.000

41.615

Europees fonds meestbehoeftigen

100

100

0

100

SBCM

2.800

2800

0

2.800

Nibud

314

314

0

314

Overige subsidies algemeen

8.704

17500

0

17.500

Armoedeschulden

1.140

1280

0

1.280

Alle kinderen doen mee

13.431

13.431

0

13.431

Regionale kansen kinderen

0

190

0

190

Waarborgfonds Saneringskredieten

0

0

6.000

6.000

Opdrachten

33.089

34.086

0

34.086

Bekostiging

1.297

1.297

0

1.297

ZonMw

1.297

1.297

0

1.297

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

172

172

0

172

ZonMw

172

172

0

172

Bijdrage B&S fondsen

10.000

10.000

0

10.000

Pensioenfonds PRWI

10.000

10.000

0

10.000

Bijdrage aan internationale organisaties

9

9

0

9

Contributie CASS

9

9

0

9

Ontvangsten

4.415

962.709

0

962.709

Toelichting

Tijdelijke transitie BBZ

Gemeenten worden gefinancierd voor de uitkeringslasten van het Bbz 2004 via het Macrobudget Participatiewetuitkeringen. Eerder is een effect op het deelbudget Bbz van het Macrobudget ingeboekt onder de veronderstelling dat de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) per 1juli 2021 stopgezet zou worden. Het stopzetten van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) zorgt naar verwachting voor een verhoogde instroom in de reguliere bijstand voor zelfstandigen (het besluit bijstandverlening zelfstandigen, Bbz). De uitkeringslasten van het Bbz zullen toenemen. Voor de periode 1juli 31december 2021 werd toen 92 miljoen geraamd. Nu de Tozo per 1oktober 2021 wordt stopgezet, wordt het eerdere effect van 92 miljoen uitgeboekt en overschreven met een nieuwe raming, die in samenhang is gemaakt met tijdelijke beleidsmatige aanpassingen van het Bbz voor het vierde kwartaal van 2021.

Om de overgang van de Tozo naar het Bbz voor de uitvoering bij de gemeenten behapbaar te maken heeft het kabinet besloten het Bbz gedurende het vierde kwartaal van 2021 tijdelijk te vereenvoudigen (zoals vermeld in de Kamerbrief over het steun- en herstelpakket vanaf het vierde kwartaal van 2021). Door het stopzetten van de Tozo en de tijdelijke wijzigingen van het Bbz neemt het aantal zelfstandigen met recht op een Bbz-uitkering toe. De budgettaire gevolgen voor het vierde kwartaal van 2021 worden geraamd op 22 miljoen voor het overstappen op de maandsystematiek en op 63 miljoen voor de verwachte hogere instroom in het tijdelijk vereenvoudigde Bbz. Het totale effect van voorgaande mutaties bedraagt -/- 7 miljoen (som van 92 + 22 + 63 miljoen).

Met ingang van 1januari 2022 zal het Bbz weer zonder wijzigingen worden uitgevoerd. Een deel van de zelfstandigen zal ook dan nog gebruik maken van het Bbz 2004. Voorlopige inschatting is dat de Bbz-uitgaven in 2022 daardoor met 125 miljoen toenemen. Deze mutatie wordt budgettair verwerkt via de SZW-begroting 2022, omdat dit een mutatie voor begrotingsjaar 2022 betreft.

Bodemstorting waarborgfonds

De motie Segers (Kamerstukken II 2020/21, 35570 nr. 24) verzoekt het kabinet om te komen tot een Waarborgfonds dat garant staat voor saneringskredieten. Het kabinet heeft hiervoor 30 miljoen euro beschikbaar gesteld. Voor een periode van maximaal vijf jaar wordt er via een subsidie een bodemstorting van maximaal 6 miljoen per jaar gedaan aan de Stichting Toegang Bemiddeling Beheer Gelden van de NVVK. Deze stichting zal het Waarborgfonds beheren. De eerste bodemstorting wordt gedaan in 2021. In een Kamerbrief wordt binnenkort de vormgeving van het fonds verder toegelicht.

2.1 Artikel 1

Tabel 3 Budgettaire gevolgen van beleid 2eIncidentele suppletoire begroting (ISB) artikel 1 Arbeidsmarkt (bedragen x1.000)

Stand ontwerp-begroting

Mutaties 2eISB

Stand 2eISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW, amendementen en ISB

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

11.342.271

29.600

11.312.671

34.600

0

0

0

Uitgaven:

11.372.602

29.600

11.343.002

34.600

0

0

0

waarvan juridisch verplicht

99,80%

99,80%

Inkomensoverdrachten

578.672

0

578.672

0

0

0

0

Lage-inkomensvoordeel

391.198

0

391.198

0

0

0

0

Minimumjeugdloonvoordeel

18.767

0

18.767

0

0

0

0

Loonkostenvoordelen

168.707

0

168.707

0

0

0

0

Subsidies

10.770.872

34.600

10.736.272

34.600

0

0

0

Overige subsidies algemeen

2.893

0

2.893

0

0

0

0

Duurzame inzetbaarheid en leven lang ontwikkelen

9.870

0

9.870

0

0

0

0

Stimuleringsregeling LLO in MKB

28.356

0

28.356

0

0

0

0

Stimulering Arbeidsmarkt Positie

0

0

0

0

0

0

0

Tijd. noodmaatregel overbrugging werkbehoud

10.186.000

0

10.186.000

0

0

0

0

Compensatie loonkosten en inkomstenverlies CN

18.900

0

18.900

0

0

0

0

NL leert door

174.853

34.600

140.253

34.600

0

0

0

Tofa

0

0

0

0

0

0

0

Duurzame Inzetbaarheid en Eerder Uittreden

350.000

0

350.000

0

0

0

0

Opdrachten

17.532

5.000

22.532

0

0

0

0

Bekostiging

550

0

550

0

0

0

0

Bijdrage aan andere begrotingen

792

0

792

0

0

0

0

Ministerie van VWS

692

0

692

0

0

0

0

Ministerie van EZK

100

0

100

0

0

0

0

Bijdrage agentschappen

4.184

0

4.184

0

0

0

0

RIVM

4.017

0

4.017

0

0

0

0

CJIB

167

0

167

0

0

0

0

Ontvangsten

24.975

0

24.975

0

0

0

0

Toelichting

Kasschuif NL leert door

De middelen voor NL leert door worden in een nieuw kasritme geplaatst om beter aan te sluiten bij het jaar waarin de subsidieregeling tot betalingen leidt. Dit heeft te maken met het feit dat er een voorschot bij de start van een subsidiebeschikking wordt gegeven en de eindafrekening plaatsvindt na afloop van de subsidieperiode. De mutatie is de som van de kasschuif NL leert door met inzet van scholing 2020 (13,6 miljoen), NL leert door met inzet van scholing 2021 (3 miljoen) en NL leert door sectoraal maatwerk (18 miljoen).

Motie vitaal thuis werken

Op 2februari jl. is de motie van Weyenberg/Smeulders (Tweede Kamer, 35669, nr.36) over vitaal thuiswerken aangenomen door de Tweede Kamer. Deze motie verzoekt initiatieven om vitaal thuis te werken in overleg met sociale partners te stimuleren en te ondersteunen, en hiervoor 5 miljoen vrij te maken.

2.1 Artikel 1

Tabel 2 Budgettaire gevolgen van beleid incidentele suppletoire begroting (ISB) artikel 1 Arbeidsmarkt (bedragen x 1.000)

Stand ontwerpbegroting

Mutaties ISB

Stand ISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW en amendementen

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

7.207.349

2.283.472

9.490.821

0

0

0

0

Uitgaven:

7.237.680

2.283.472

9.521.152

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht

99,80%

Inkomensoverdrachten

578.672

0

578.672

0

0

0

0

Lage-inkomensvoordeel

391.198

0

391.198

0

0

0

0

Minimumjeugdloonvoordeel

18.767

0

18.767

0

0

0

0

Loonkostenvoordelen

168.707

0

168.707

0

0

0

0

Subsidies

6.635.950

2.283.472

8.919.422

0

0

0

0

Overige subsidies algemeen

2.893

0

2.893

0

0

0

0

Duurzame inzetbaarheid en leven lang ontwikkelen

9.870

0

9.870

0

0

0

0

Stimuleringsregeling LLO in MKB

28.356

0

28.356

0

0

0

0

Stimulering Arbeidsmarkt Positie

0

0

0

0

0

0

0

Tijd. noodmaatregel overbrugging werkbehoud

6.063.678

2.272.322

8.336.000

0

0

0

0

Compensatie loonkosten en inkomstenverlies CN

16.500

950

17.450

0

0

0

0

NL leert door

164.653

10.200

174.853

0

0

0

0

Tofa

0

0

0

0

0

0

0

Duurzame Inzetbaarheid en Eerder Uittreden

350.000

0

350.000

0

0

0

0

Opdrachten

17.532

0

17.532

0

0

0

0

Bekostiging

550

0

550

0

0

0

0

Bijdrage aan andere begrotingen

792

0

792

0

0

0

0

Ministerie van VWS

692

0

692

0

0

0

0

Ministerie van EZK

100

0

100

0

0

0

0

Bijdrage agentschappen

4.184

0

4.184

0

0

0

0

RIVM

4.017

0

4.017

0

0

0

0

CJIB

167

0

167

0

0

0

0

Ontvangsten

24.975

0

24.975

0

0

0

0

Toelichting

Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkbehoud (NOW)

Op basis van de eerste realisatiecijfers van de NOW 3 en doorwerking van de nieuwe macro-economische prognose van het CPB nemen de uitgaven aan de NOW 3 toe met 1,8 miljard voor de totale subsidieduur van 9 maanden. Hiervan slaat 1,5 miljard in 2021 neer. Het effect van de 2e golf op het gebruik op de NOW is hierin verwerkt. Het niet-afbouwen van de NOW in het eerste kwartaal van 2021 leidt aanvullend tot 0,8 miljard aan meerkosten. De totale uitgaven voor NOW 3 nemen daarmee toe met 2,6 miljard ten opzichte van de stand bij ontwerpbegroting. Hiervan slaat 2,3 miljard in 2021 neer, de rest in 2020 (dit wordt budgettair verwerkt bij Slotwet 2020). In totaliteit komen de uitgaven aan NOW 3 uit op ca. 8 miljard voor de hele periode van negen maanden.

Compensatie loonkosten en inkomstenverlies CN

De gekozen lijn voor Europees Nederland wordt doorgetrokken naar Caribisch Nederland (CN), rekening houdend met de lokale situatie. Het besluit om het afbouwen van de subsidie voor Europees Nederland uit te stellen, kan onverkort worden toegepast op Caribisch Nederland. Het subsidiepercentage in de Tijdelijke subsidieregeling loonkosten en inkomensverlies CN blijft daarmee voor een periode gelijk aan die in de NOW, gehandhaafd op 80%. De hiermee gepaard gaande kosten bedragen naar verwachting ca. 1 mln. in 2021.

Kasschuif NL leert door

Een kasschuif is nodig omdat het niet lukt om voor 2020 alle aanvragen van samenwerkingsverbanden (ingediend tussen 2 en 16november) voor de regeling NL leert door met inzet van scholing te beoordelen. Uit de eerste analyse door UVB blijkt dat niet alle aanvragen volledig zijn. De corresponderende afboeking in het jaar 2020 vindt plaats bij Slotwet 2020. Het gaat om 10,2 miljoen.

2.2 Artikel 5

Tabel 4 Budgettaire gevolgen van beleid 2eIncidentele suppletoire begroting 2021 artikel 5 Werkloosheid (bedragen x1.000)

Stand ontwerp-begroting

Mutaties 2eISB

Stand 2eISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW, amendementen en ISB

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

253.616

5.460

259.076

0

0

0

0

Uitgaven:

255.146

1.825

253.321

4.724

2.562

0

0

Waarvan juridisch verplicht

100,00%

100,00%

Inkomensoverdrachten

114.839

0

114.839

0

0

0

0

IOW

114.418

0

114.418

0

0

0

0

Cessantiawet (Caribisch Nederland)

107

0

107

0

0

0

0

Werknemers Westhaven

314

0

314

0

0

0

0

Subsidies

8.030

775

8.805

4.724

2.562

0

0

Overige subsidies algemeen

1.530

0

1.530

0

0

0

0

Coordinatie crisisdienstverlening

6.500

775

7.275

4.724

2.562

0

0

Bijdrage aan zbo's en rwt's

132.277

2.600

129.677

0

0

0

0

Scholing WW

26.000

0

26.000

0

0

0

0

Crisisdienstverlening

106.277

2.600

103.677

0

0

0

0

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Coordinatie crisisdienstverlening: Projectsubsidies

Er is voor 0,8 miljoen in 2021, 4,7 miljoen in 2022 en voor 2,6 miljoen in 2023 aan subsidies op artikel 5 toegevoegd voor projectsubsidies in het kader van de crisisdienstverlening. In 2021 was reeds 6,5 miljoen beschikbaar voor projectsubsidies op artikel 5. Het gaat om subsidies aan diverse partijen zoals FNV, CNV, VNO-NCW en VCP. De middelen zijn afkomstig van de reservering voor crisisdienstverlening op artikel 99.

Crisisdienstverlening

Er wordt /3,5 miljoen van het ontschot budget voor MBO praktijkleren overgeboekt naar artikel 11 Uitvoering premiegefinancierd voor uitvoeringskosten van het UWV in het kader van crisisdienstverlening. Daarnaast wordt 0,9 miljoen van artikel 99 overgeboekt om de beschikbare middelen op artikel 5 in lijn te brengen met de afspraken die gemaakt zijn met sociale partners (per saldo /2,6 miljoen).

2.2 Artikel 2

Tabel 3 Budgettaire gevolgen van beleid incidentele suppletoire begroting (ISB) artikel 2 Bijstand, Participatie en Toeslagenwet (bedragen x 1.000)

Stand ontwerpbegroting

Mutaties ISB

Stand ISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW en amendementen

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

8.243.719

102.400

8.346.119

0

0

0

0

Uitgaven:

8.261.204

102.400

8.363.604

0

0

0

0

waarvan juridisch verplicht

99,60%

Inkomensoverdrachten

8.190.148

102.400

8.292.548

0

0

0

0

Macrobudget participatiewet uitkeringen

6.845.226

0

6.845.226

0

0

0

0

en intertemporele tegemoetkoming

Bijstand zelfstandigen bedrijfskrediet en Tozo

475.029

102.400

577.429

0

0

0

0

AIO

365.962

0

365.962

0

0

0

0

Toeslagenwet

496.673

0

496.673

0

0

0

0

Bijstand overig

960

0

960

0

0

0

0

Onderstand en re-integratie (Caribisch Nederland)

6.298

0

6.298

0

0

0

0

Subsidies

26.489

0

26.489

0

0

0

0

Europees fonds meestbehoeftigen

100

0

100

0

0

0

0

SBCM

2.800

0

2.800

0

0

0

0

Nibud

314

0

314

0

0

0

0

Overige subsidies algemeen

8.704

0

8.704

0

0

0

0

Armoedeschulden

1.140

0

1.140

0

0

0

0

Alle kinderen doen mee

13.431

0

13.431

0

0

0

0

Opdrachten

33.089

0

33.089

0

0

0

0

0

Bekostiging

1.297

0

1.297

0

0

0

0

ZonMw

1.297

0

1.297

0

0

0

0

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

172

0

172

0

0

0

0

ZonMw

172

0

172

0

0

0

0

Bijdrage B&S fondsen

10.000

0

10.000

0

0

0

0

Pensioenfonds PRWI

10.000

0

10.000

0

0

0

0

Bijdrage aan internationale organisaties

9

0

9

0

0

0

0

Contributie CASS

9

0

9

0

0

0

0

Ontvangsten

4.415

0

4.415

0

0

0

0

Toelichting

Tijdelijke overbruggingsregeling voor zelfstandige ondernemers (Tozo)

Als gevolg van het hogere beroep op Tozo-3 in 2020 is de verwachting dat het Tozo-gebruik in 2021 ook hoger zal liggen. De raming voor de uitgaven van de Tozo in 2021 is hierop aangepast. De verwachte uitgaven in 2021 voor de Tozo komen uit op 575 miljoen, ongeveer 100 miljoen meer dan eerder geraamd. De werkelijke uitgaven zullen sterk afhangen van het verdere verloop van de maatregelen in het kader van corona.

2.2 Artikel 99

Tabel 3 Budgettaire gevolgen van beleid 3e Incidentele suppletoire begroting (ISB) artikel 99 Nog te verdelen (bedragen x 1.000)

Stand ontwerpbegroting 2021 incl. NvW en amendementen

Stand na suppletoire begroting (inclusief ISB's)

Mutaties 3e ISB

Stand 3e ISB

Verplichtingen:

271.724

384.208

36.000

420.208

Uitgaven:

271.724

392.268

36.000

428.268

Overige beleidsuitgaven

271.724

392.268

36.000

428.268

Loonbijstelling

0

0

0

0

Prijsbijstelling

0

0

0

0

Onvoorzien

271.724

392.268

36.000

428.268

Ontvangsten

0

0

0

0

Toelichting

Middelen eilandelijk beleid CN

De Tijdelijke subsidieregeling loonkosten en inkomstenverlies CN en de subsidieregeling Tegemoetkoming Vaste Lasten BES worden in het 4e kwartaal niet verlengd. Om de overgang naar een situatie zonder subsidie van rijkswege soepel te laten verlopen, continueert en verhoogt het kabinet de tijdelijke middelen voor aanvullend eilandelijk beleid via de vrije uitkering. De openbare lichamen zijn op eilandelijk niveau het beste in staat om te bepalen welk maatwerk in deze overgangssituatie nodig is. Voor het vierde kwartaal is incidenteel een bedrag van 1 miljoen beschikbaar. Het bedrag wordt gereserveerd op artikel 99 en zal bij de eerste mogelijkheid worden toegevoegd aan het BES-fonds.

Tegemoetkoming SW-bedrijven

Omdat SW-bedrijven geen aanspraak kunnen maken op NOW-steun, is in 2020 besloten tot een tegemoetkoming aan gemeenten voor de loonkosten van SW-personeel. Ook in 2021 is er naar verwachting nog sprake van omzetverlies bij SW-bedrijven als gevolg van de coronamaatregelen. Het kabinet heeft daarom besloten om 35 miljoen beschikbaar te stellen voor de periode 1januari tot 1juli 2021. Het bedrag zal bij de decembercirculaire worden toegevoegd aan de integratie-uitkering Participatie van het gemeente Fonds via een verhoging van de Rijksbijdrage Wsw in 2021.

2.3 Artikel 7

Tabel 5 Budgettaire gevolgen van beleid 2eIncidentele suppletoire begroting 2021 artikel 7 Kinderopvang (bedragen x1.000)

Stand ontwerp-begroting

Mutaties 2eISB

Stand 2eISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW, amendementen en ISB

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

3.771.509

74.000

3.845.509

0

0

0

0

Uitgaven:

3.771.509

74.000

3.845.509

0

0

0

0

Waarvan juridisch verplicht

99,80%

99,80%

Inkomensoverdrachten

3.736.795

74.000

3.810.795

0

0

0

0

Kinderopvangtoeslag

3.513.295

0

3.513.295

0

0

0

0

Vergoeding eigen bijdrage KO

223.500

74.000

297.500

0

0

0

0

Subsidies

2.050

0

2.050

0

0

0

0

Kinderopvang

1.850

0

1.850

0

0

0

0

Subsidies Caribisch Nederland

200

0

200

0

0

0

0

Opdrachten

22.803

0

22.803

0

0

0

0

Overige opdrachten

4.576

0

4.576

0

0

0

0

Opdrachten Caribisch Nederland

18.227

0

18.227

0

0

0

0

Bijdrage aan agentschappen

9.861

0

9.861

0

0

0

0

DUO

9.861

0

9.861

0

0

0

0

Bijdrage medeoverheden

0

0

0

0

0

0

0

Versterking Kinderopv. Samenwerk. BES(t) 4 kids CN

0

0

0

0

0

0

0

Handhaving VNG

0

0

0

0

0

0

0

Ontvangsten

1.543.876

11.654

1.532.222

19.650

19.650

19.650

10.424

Werkgeversbijdrage kinderopvang

1.279.633

0

1.279.633

0

0

0

0

Ontvangsten overig

264.243

11.654

252.589

19.650

19.650

19.650

10.424

Toelichting

Vergoeding eigen bijdrage KO

Het bedrag van 74 miljoen heeft betrekking op de tegemoetkoming voor de eigen bijdrage die ouders betalen voor de buitenschoolse opvang voor de periode van 8februari t/m 18april. Waar de dagopvang en gastouderopvang sinds 8februari 2021 weer open is, blijft de buitenschoolse opvang vooralsnog gesloten. De tegemoetkoming van de eigen bijdrage voor kinderopvang volgt uit de Kamerbrieven Stand van zakenbrief COVID-19. Bij een verlenging van de sluitingsperiode, zal de tegemoetkoming opnieuw worden herijkt.

Het bedrag van 74 miljoen bestaat grotendeels uit de tegemoetkoming van de eigen bijdrage voor ouders met kinderopvangtoeslag en een tegemoetkoming voor personen die facturen van de kinderopvang betalen zonder aanvullende overheidsbijdrage.

Ontvangsten overig

Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) scheldt, als onderdeel van het kwijtschelden van publieke schulden, de openstaande Kinderopvangtoeslagschulden van KOT-gedupeerden en hun huidige partner kwijt. Dit leidt in de jaren 20212025 tot in totaal 81 miljoen minder ontvangsten uit terugvorderingen Kinderopvangtoeslag.

De eerder beschikbaar gestelde middelen voor de Toeslagenhersteloperatie bevatten reeds cumulatief 58 mln. ter dekking van derving op openstaande terugvorderingen kinderopvangtoeslag. Deze middelen worden nu overgeboekt van de begroting van FIN en worden met een kasschuif in het verwachte ritme van ontvangstenderving over de jaren verdeeld. Voor het deel van ontvangstenderving door kwijtschelden dat boven de reeds beschikbaar gestelde middelen uitgaat (23 miljoen), zijn additionele middelen door het Kabinet beschikbaar gesteld. Deze middelen worden met een kasschuif in het juiste ritme over de jaren verdeeld.

2.3 Artikel 99

Tabel 4 Budgettaire gevolgen van beleid Incidentele suppletoire begroting (ISB) artikel 99 Nog te verdelen (bedragen x 1.000)

Stand ontwerpbegroting

Mutaties ISB

Stand ISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW en amendementen

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

271.724

131.000

402.724

0

0

0

0

Uitgaven:

271.724

131.000

402.724

0

0

0

0

Overige beleidsuitgaven

271.724

131.000

402.724

0

0

0

0

Loonbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

Prijsbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

Onvoorzien

271.724

131.000

402.724

0

0

0

0

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK)

Om mensen die in de knel komen met onvermijdelijke kosten toch te kunnen bereiken, heeft het kabinet besloten om extra ondersteuning te bieden via de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK). Er is een diverse groep huishoudens die door de contact beperkende maatregelen te maken hebben met een onvoorzienbare, onvermijdelijke en plotselinge terugval in het huishoudinkomen. Zij kunnen daardoor in problemen komen met de betaling van vaste lasten. Met gemeenten worden afspraken gemaakt hoe deze groep beter en eenvoudiger door gemeenten kan worden bereikt via de bijzondere bijstand. In totaal is een bedrag van maximaal 130 miljoen gereserveerd voor het eerste halfjaar van 2021. Voor het eerste kwartaal komt 65 miljoen beschikbaar. Aan het einde van het eerste kwartaal van 2021 zal op basis van de dan geldende situatie rondom de maatregelen tegen het coronavirus de inzet voor het tweede kwartaal van 2021 worden gewogen. De middelen worden op een later moment van artikel 99 overgeboekt naar het Gemeentefonds.

Aanvullend eilandelijk beleid

Aansluitend aan het besluit om in Europees Nederland extra middelen toe te kennen aan gemeenten voor de TONK, worden voor Caribisch Nederland extra middelen vrijgemaakt voor aanvullend eilandelijk beleid. De hoogte van deze middelen voor aanvullend eilandelijk beleid, waarvan de omvang in de huidige tranche ten opzichte van de voorgaande periode was verlaagd van 1 miljoen per kwartaal naar 0,5 miljoen per kwartaal, wordt voor het eerste kwartaal van 2021 weer op het oorspronkelijke niveau gebracht. Net als bij TONK wordt voor de extra middelen voor aanvullend eilandelijk beleid, na Q1 een weegmoment toegepast en zal op basis van de dan geldende situatie rondom de maatregelen tegen het coronavirus de inzet voor het tweede kwartaal van 2021 worden gewogen. In totaal wordt dus 1 miljoen gereserveerd voor de eerste jaarhelft van 2021. De middelen worden op een later moment van artikel 99 overgeboekt naar het BES-fonds.

2.4 Artikel 10

Tabel 6 Budgettaire gevolgen van beleid 2eIncidentele suppletoire begroting 2021 artikel 10 Tegemoetkoming ouders (bedragen x1.000)

Stand ontwerp-begroting

Mutaties 2eISB

Stand 2eISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW, amendementen en ISB

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

6.521.835

0

6.521.835

0

0

0

0

Uitgaven:

6.521.835

0

6.521.835

0

0

0

0

Waarvan juridisch verplicht

100,00%

100,00%

Inkomensoverdrachten

6.521.835

0

6.521.835

0

0

0

0

AKW

3.638.806

0

3.638.806

0

0

0

0

Kinderbijslagvoorziening BES

4.373

0

4.373

0

0

0

0

WKB

2.878.656

0

2.878.656

0

0

0

0

Ontvangsten

198.080

5.695

192.385

4.926

2.741

1.922

0

Toelichting

Ontvangsten WKB

Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid scheldt, als onderdeel van het kwijtschelden van publieke schulden, de openstaande Kindgebondenbudgetschulden van KOT-gedupeerden en hun huidige partner kwijt. Dit leidt in de jaren 20212024 tot in totaal 15 miljoen minder ontvangsten uit terugvorderingen kindgebonden budget.

2.5 Artikel 96

Tabel 7 Budgettaire gevolgen van beleid 2eIncidentele suppletoire begroting 2021 artikel 96 Apparaat kerndepartement (bedragen x1.000)

Stand ontwerp-begroting

Mutaties 2eISB

Stand 2eISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW, amendementen en ISB

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

372.070

1.473

370.597

8.700

5.673

0

0

Uitgaven:

407.222

1.473

405.749

8.700

5.673

0

0

Personele uitgaven

327.135

1.353

325.782

7.890

5.199

0

0

waarvan eigen personeel

317.862

1.403

316.459

7.840

5.174

0

0

waarvan externe inhuur

6.403

50

6.453

50

25

0

0

waarvan overige personele uitgaven

2.870

0

2.870

0

0

0

0

Materile uitgaven

80.087

120

79.967

810

474

0

0

waarvan ICT

15.018

0

15.018

0

0

0

0

waarvan bijdrage aan SSO's

48.132

120

48.012

810

474

0

0

waarvan overige Materile uitgaven

16.937

0

16.937

0

0

0

0

Ontvangsten

58.761

0

58.761

0

0

0

0

Toelichting

Uitvoeringkosten NOW

De uitvoeringskosten NOW van het kerndepartement SZW vallen hoger uit dan in eerste instantie geraamd, wegens een hoger beroep op de regeling dan waar in de eerdere raming rekening mee is gehouden. De eerder gereserveerde middelen worden in het juiste kasritme geplaatst door een kasschuif van 1,0 miljoen van 2021 naar 2022. Verder worden de beschikbare middelen verhoogd met in totaal 8,7 miljoen. Dit wordt gedekt uit een bestaande reservering voor uitvoeringskosten van de NOW op artikel 99.

2.6 Artikel 98

Tabel 8 Budgettaire gevolgen van beleid 2eIncidentele suppletoire begroting 2021 (ISB) artikel 98 Algemeen (bedragen x1.000)

Stand ontwerp-begroting

Mutaties 2eISB

Stand 2eISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW, amendementen en ISB

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

25.997

248

26.245

264

20

0

0

Uitgaven:

27.851

248

28.099

264

20

0

0

Subsidies

2.000

0

2.000

0

0

0

0

Artikel 98

2.000

0

2.000

0

0

0

0

Opdrachten

16.380

248

16.628

264

20

0

0

Handhaving

3.178

0

3.178

0

0

0

0

Opdrachten overig

13.202

248

13.450

264

20

0

0

Bekostiging

7.442

0

7.442

0

0

0

0

Uitvoeringskosten Caribisch Nederland

7.442

0

7.442

0

0

0

0

Bijdrage aan agentschappen

329

0

329

0

0

0

0

RVO

329

0

329

0

0

0

0

Bijdrage aan andere begrotingen

1.700

0

1.700

0

0

0

0

Ministerie van Financin

1.700

0

1.700

0

0

0

0

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Uitvoeringskosten NOW

Dit betreft de uiteindelijke toedeling aan artikel 98 van de eerder op artikel 96 gereserveerde middelen voor de uitvoeringskosten NOW van het kerndepartement SZW. Het betreft hier beleidsondersteunend budget voor ICT en onderzoek dat op artikel 98 wordt verantwoord.

2.7 Artikel 99

Tabel 9 Budgettaire gevolgen van beleid 2eIncidentele suppletoire begroting (ISB) artikel 99 Nog te verdelen (bedragen x1.000)

Stand ontwerp-begroting

Mutaties 2eISB

Stand 2eISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW, amendementen en ISB

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

335.224

94.785

430.009

1.000

1.000

0

0

Uitgaven:

335.224

102.845

438.069

1.000

1.000

0

0

Overige beleidsuitgaven

335.224

102.845

438.069

1.000

1.000

0

0

Loonbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

Prijsbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

Onvoorzien

335.224

102.845

438.069

1.000

1.000

0

0

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK)

De Tijdelijke Ondersteuning voor Noodzakelijke Kosten (TONK) beoogt dat gemeenten huishoudens tegemoet kunnen komen die door de coronacrisis een sterke terugval in inkomsten hebben en daardoor hun noodzakelijke (woon)kosten niet meer kunnen betalen. Inmiddels is gebleken dat het oorspronkelijk beschikbare bedrag van 130 miljoen door veel gemeenten als ontoereikend wordt beschouwd. De Minister van SZW heeft dit ook met bestuurders van VNG en Divosa besproken. Dat heeft ertoe geleid dat het kabinet het beschikbare bedrag voor de TONK verdubbelt. Er is nu 260 miljoen beschikbaar voor het eerste halfjaar van 2021. De eerder afgesproken 65 miljoen voor de eerste tranche blijft beschikbaar volgens de afgesproken verdeelsleutel. In de tweede tranche wordt het resterende budget van 195 miljoen over gemeenten verdeeld, deze middelen worden op een later moment van artikel 99 overgeboekt naar het Gemeentefonds.

Aanvullend eilandelijk beleid

Aansluitend aan het besluit om in Europees Nederland middelen toe te kennen aan gemeenten voor de TONK, zijn eerder voor Caribisch Nederland extra middelen vrijgemaakt voor aanvullend eilandelijk beleid. Deze extra middelen worden nu verdubbeld, waarmee de eilandelijke middelen voor de eerste helft 2021 in totaal op 3 mln. uitkomen. Deze middelen worden overgemaakt naar het BES-fonds en toegevoegd aan de vrije uitkering Caribisch Nederland.

Middelen sociaal welzijn

In het kader van het steunpakket sociaal en mentaal welzijn is 5,0 miljoen budget beschikbaar gesteld op de begroting van SZW (naast middelen voor o.a. gemeenten en VWS) voor activiteiten om de mentale weerbaarheid van werkenden te stimuleren (Kamerbrief Steunpakket sociaal en mentaal welzijn en leefstijl van 12februari 2021). Dit bedrag zal zodra de uitwerking voldoende compleet is naar het juiste beleidsartikel worden overgeboekt.

Kasschuif uitvoeringskosten NOW

Om beter aan te sluiten bij het kasritme van de uitvoeringskosten NOW van het kerndepartement SZW wordt een kasschuif gedaan van 2021 (/13,7 miljoen) naar 2022 (8,0 miljoen) en 2023 (5,7 miljoen). Daarnaast worden de naar 2022 en 2023 geschoven middelen direct overgeboekt naar artikel 96.

Herstelactie Kinderopvangtoeslag

In het kader van de herstelactie kinderopvangtoeslag is besloten tot het kwijtschelden van publieke schulden bij direct gedupeerden en hun huidige partner. Naar inschatting leidt dit bij SZW-regelingen van UWV, SVB en DUO in totaal (cumulatief) tot 3 miljoen minder ontvangsten uit openstaande terugvorderingen over de jaren 20212023. Bij nadere uitwerking wordt dit nader verdeeld over de betreffende regelingen.

Diverse kasschuiven en overboekingen: crisisdienstverlening

Er is sprake van verschillende kasschuiven en budgettair neutrale herschikkingen in het kader van crisisdienstverlening op artikel 99. Voor het ontschot budget van de sociale partners wordt aanvullend 0,9 miljoen overgeboekt naar artikel 5. Voor de projectsubsidies in het kader van crisisdienstverlening worden middelen uit 2021 (/7,3 miljoen) geschoven naar 2022 (4,7 miljoen) en 2023 (2,6 miljoen). De naar 2022 en 2023 geschoven middelen worden direct overgeboekt naar subsidies op artikel 5. Ook wordt in 2021 0,8 miljoen overgeboekt van artikel 99 naar artikel 5 voor dit doeleinde.

Daarnaast worden voor uitvoeringskosten van het UWV in het kader van crisisdienstverlening middelen uit 2021 geschoven (/10,3 miljoen) naar 2022 (8,3 miljoen), 2023 (1,4 miljoen) en 2024 (0,5 miljoen). Tot slot wordt voor de Leerwerkloketten 1,5 miljoen geschoven van 2021 naar 2022. Voornoemde middelen worden direct overgeboekt naar artikel 11 Uitvoering (premiegefinancierd).

2.8 Premie gefinancierd artikel 11

Tabel 10 Budgettaire gevolgen van beleid 2eIncidentele suppletoire begroting premie gefinancierd artikel 11 Uitvoering (bedragen x1.000)

Stand ontwerp-begroting

Mutaties 2eISB

Stand 2eISB

Mutatie

Mutatie

Mutatie

Mutatie

2021 incl. NvW, amendementen en ISB

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen:

1.946.194

2.394

1.948.588

10.968

1.400

500

0

Uitgaven:

1.946.194

2.394

1.948.588

10.968

1.400

500

0

Bijdrage aan zbo's en rwt's

1.946.194

2.394

1.948.588

10.968

1.400

500

0

Uitvoeringskosten UWV

1.778.367

2.394

1.780.761

10.968

1.400

500

0

Uitvoeringskosten SVB

135.407

0

135.407

0

0

0

0

Uitvoeringskosten UWV nominaal

30.122

0

30.122

0

0

0

0

Uitvoeringskosten SVB nominaal

2.298

0

2.298

0

0

0

0

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Uitvoeringskosten crisisdienstverlening

Voor de uitvoeringskosten van crisisdienstverlening door het UWV wordt er in 2021 3,5 miljoen, voor 2022 8,4 miljoen, voor 2023 1,4 en voor 2024 0,5 miljoen aan budget overgeboekt. Er is in 2021 reeds 9,3 miljoen beschikbaar op artikel 11 voor dit doeleinde. Daarnaast wordt 1,5 mln. in 2022 beschikbaar gesteld voor de leerwerkloketten (onderdeel van de crisisdienstverlening). Er is in 2021 reeds 1,5 miljoen beschikbaar op artikel 11 voor dit doeleinde.

De 3,5 miljoen in 2021 is afkomstig van artikel 5, de overige overboekingen zijn afkomstig van de reservering voor crisisdienstverlening op artikel 99.

Crisisdienstverlening kasschuiven

Om aan te sluiten bij het kasritme voor de uitvoeringskosten crisisdienstverlening is er een kasschuif van 2021 (/1,1 miljoen) naar 2022.

Licence