Base description which applies to whole site

4.6 Artikel 6 Sport en bewegen

Een sportieve samenleving waarbij plezier in sport en bewegen belangrijk is, waarin voor iedereen passende en veilige sport- en beweegmogelijkheden aanwezig zijn en topsport mensen inspireert en samenbrengt.

De minister is verantwoordelijk voor het landelijke sportbeleid. Aan dit sportbeleid ligt vooral de maatschappelijke betekenis van sport ten grondslag. Sport en bewegen dragen in belangrijke mate bij aan een betere gezondheid, aan het verbeteren van leefbaarheid en veiligheid, sociale samenhang en integratie, aan het verbeteren van de schoolprestaties en het verminderen van schooluitval. Daarnaast erkent de minister de intrinsieke waarde van sport en het belang van sportevenementen. Vanuit die verantwoordelijkheid vervult de minister de volgende rollen: Stimuleren: van samenwerking tussen relevante partijen om op lokaal niveau sportmogelijkheden te bewerkstelligen, van innovatie, kennisontwikkeling en kennisdeling. Financieren: van programma’s die bijdragen aan voor iedereen passende en veilige sport- en beweeginfrastructuur, van internationaal aansprekende sportevenementen, van de ambitie om te behoren tot de beste tien sportlanden ter wereld, van innovatie, kennisontwikkeling en kennisdeling. Regisseren: het bijeenbrengen van gemeenten, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en provincies binnen het Sportakkoord om tot een gezamenlijke beleidsagenda te komen.

Het jaar 2022 stond voor Sport en Bewegen in het teken van een aantal belangrijke gebeurtenissen en ontwikkelingen. De voorgenomen beleidswijzigingen uit de begroting 2022 zijn volgens planning uitgevoerd of in gang gezet. Daarnaast zijn, voornamelijk als gevolg van de coronacrisis en de noodzakelijke steunmaatregelen voor sportverenigingen, aanvullende beleidswijzigingen uitgevoerd. Het beleidsverslag gaat inhoudelijk op de belangrijkste conclusies in.

Hierbij speelt ook het vraagstuk rondom de herijking relatie overheid en sport in het huidige (top)sportlandschap. Dit wordt verder uitgewerkt samen met de sportsector, VSG, NOS*NSF, POS en experts in het traject ‘verdiepingsslag’. De Tweede Kamer heeft via de motie Van der Laan verzocht om de reikwijdte en effecten van een Sportwet in kaart te brengen. Met als onderliggend doel dat iedereen in Nederland de kans moet hebben om te kunnen sporten en bewegen in een veilige en toegankelijke omgeving en daarmee Nederland fitter, gezonder en weerbaarder te maken. Om dat te bereiken worden verbeteringen in de organisatie van de sport op het gebied van kwaliteit, veiligheid en toegankelijkheid uitgewerkt. De verdiepingsslag geeft de richting voor de route naar een toekomstbestendig sportstelsel.

Door corona is de ‘kloof’ verscherpt tussen degenen die actief zijn en degenen die te weinig sporten en bewegen. Het kabinet heeft in het coalitieakkoord middelen vrijgemaakt voor de doelen onder het Nationaal Preventieakkoord (NPA). Een van deze doelen is dat 75% van de Nederlanders in 2040 aan de beweegrichtlijnen voldoet. Nu is dat nog niet de helft. Sinds 2022 loopt bewegen mee als zelfstandig thema binnen het NPA. Om een impuls te geven aan bewegen en recht te doen aan het belang van bewegen voor de gezondheid van iedereen, is in 2022 een Beweegalliantie ingericht. De beweegalliantie is een netwerkorganisatie en beoogt landelijke aandacht voor bewegen te genereren. Zo faciliteert de alliantie kennisdeling om obstakels weg te nemen in het systeem, ondersteunt de alliantie succesvolle initiatieven en brengt deze verder en draagt de alliantie waar wenselijk bij aan de ontwikkeling van (nieuwe) programma’s en initiatieven om moeilijk te bereiken doelgroepen in beweging te krijgen. Daarbij heeft de alliantie ook aandacht voor initiatieven die op lokaal niveau worden ontwikkeld.

Het jaar 2022 was daarnaast het jaar waar de impact van de coronapandemie op de sportsector grotendeels is afgewikkeld. De steunregelingen TASO, TVS en SPUK IJZ zijn in 2022 voor het laatst benut voor compensatie van financiële schade in de perioden Q4 2021 en Q1 2022. Daarnaast was in 2022 voorzien dat ook de STIK-regeling zou worden uitgevoerd om de gemiste ticketinkomsten van topsportcompetities en -evenementen te compenseren. De notificatieprocedure bij de Europese Commissie loopt echter nog, waardoor de uitvoering van deze regeling is doorgeschoven naar 2023. De sectorpartijen hebben hun ervaring met het coronavirus gebruikt om een sectorplan en maatregelenladder te ontwikkelen voor een eventuele opleving van het virus. Voor zwaardere scenario’s, waarin de overheid zich genoodzaakt ziet te moeten ingrijpen, geldt een grote prioriteit voor het beschikbaar houden van normale sportbeoefening en sportlocaties. In 2023 zijn de sectorale plannen leidend wanneer dit nodig is.

Tot slot is de sportsector in 2022 geraakt door de energiecrisis. Om die reden is besloten tot het inrichten van een specifieke steunmaatregel voor openbare zwembaden en een noodvoorziening voor amateursportverenigingen. Deze regelingen wordt in 2023 met terugwerkende kracht opengesteld.

Tabel 11 Budgettaire gevolgen van beleidsartikel 6 (bedragen x € 1.000)
 

Realisatie1

Vastgestelde begroting2

Verschil

 

2018

2019

2020

2021

2022

20223

2022

Verplichtingen

90.689

364.819

439.953

678.620

438.868

413.244

25.624

        

Uitgaven

86.241

324.146

433.872

685.680

469.573

429.823

39.750

        

1. Passend sport- en beweegaanbod

16.238

2.114

1.457

338

0

0

0

Subsidies

13.349

1.955

1.457

338

0

0

0

Passend sport- en beweegaanbod

13.349

1.955

1.457

338

0

0

0

Bekostiging

2.500

0

0

0

0

0

0

Overige

2.500

0

0

0

0

0

0

Opdrachten

389

159

0

0

0

0

0

Overige

389

159

0

0

0

0

0

        

2. Uitblinken in sport

60.061

3.663

1.252

0

0

0

0

Subsidies

48.186

3.663

1.252

0

0

0

0

Topsportevenementen

48.186

3.663

1.252

0

0

0

0

Inkomensoverdrachten

11.620

0

0

0

0

0

0

Overige

11.620

0

0

0

0

0

0

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

255

0

0

0

0

0

0

Overige

255

0

0

0

0

0

0

        

3. Borgen van innovatie en kennis

6.811

129

0

0

0

0

0

Subsidies

6.587

0

0

0

0

0

0

Overige

6.587

0

0

0

0

0

0

Opdrachten

169

129

0

0

0

0

0

Overige

169

129

0

0

0

0

0

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

0

0

0

0

0

0

0

Overige

0

0

0

0

0

0

0

Bijdragen aan andere begrotingshoofdstukken

55

0

0

0

0

0

0

Overige

55

0

0

0

0

0

0

        

4. Sport verenigt Nederland

3.131

318.240

431.163

685.342

469.573

429.823

39.750

Subsidies

3.131

113.985

185.631

235.001

190.003

207.805

‒ 17.802

Sportakkoord

3.131

61.918

119.669

161.763

114.645

120.502

‒ 5.857

Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties

0

43.436

56.755

63.136

64.146

75.794

‒ 11.648

Kennis en innovatie

0

8.631

9.207

10.102

11.212

11.509

‒ 297

Inkomensoverdrachten

0

13.212

13.762

15.850

15.732

15.266

466

Financiële voorziening topsporters

0

13.212

13.762

15.850

15.732

15.266

466

Opdrachten

0

3.119

1.304

1.391

1.197

4.738

‒ 3.541

Sportakkoord

0

2.891

1.046

1.046

571

4.465

‒ 3.894

Kennis en innovatie

0

167

145

228

413

223

190

Overige

0

61

113

117

213

50

163

Bijdragen aan ZBO's/RWT's

0

2.568

2.645

2.928

3.043

2.975

68

Dopingautoriteit

0

2.568

2.645

2.928

3.043

2.975

68

Bijdragen aan medeoverheden

0

184.943

227.479

430.110

259.204

195.422

63.782

Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties

0

184.943

188.529

187.072

192.170

185.259

6.911

Sportakkoord

0

0

38.950

243.038

67.034

10.163

56.871

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

0

356

283

0

332

3.525

‒ 3.193

Dopingbestrijding

0

356

283

0

332

325

7

Organisaties in de Sport

0

0

0

0

0

3.200

‒ 3.200

Bijdragen aan andere begrotingshoofdstukken

0

57

59

62

62

92

‒ 30

Sportakkoord

0

57

59

62

62

92

‒ 30

        

Ontvangsten

726

657

20.001

64.869

75.054

15.740

59.314

Overige

726

657

20.001

64.869

75.054

15.740

59.314

1

Door afronding kan de som van de delen afwijken van het totaal.

2

Stand inclusief amendementen, moties en NvW

3

NB de stand zoals gepresenteerd onder de stand vastgestelde begroting wijkt af van de stand vastgestelde begroting bij de eerste suppletoire begroting, tweede suppletoire begroting, incidentele suppletoire begroting(en) en de slotwet. De reden hiervoor is dat in het jaarverslag de ISB(s) die zijn ingediend tussen de vaststelling van de ontwerpbegroting en de vaststelling van de eerste suppletoire begroting zijn opgeteld bij realisatie.

4. Sport verenigt Nederland

Voor de mutaties geldt dat deze reeds zijn toegelicht bij de eerste en/of tweede suppletoire begrotingen en de incidentele suppletoire begrotingen.

Subsidies

Sportakkoord

Vanuit de verschillende deelthema’s van het Sportakkoord is in 2022 via subsidies ingezet op: Inclusief sporten, Vaardig in bewegen, Vitale sport aanbieders, Topsportevenementen, het Topsportprogramma en een Positieve sportcultuur. Het betreft een voortzetting van bestaande activiteiten aangevuld met activiteiten voortkomend uit de coalitieakkoordmiddelen. Hiertoe is boven op de oorspronkelijke raming van € 76,9 miljoen in 2022 een aantal mutaties (€ 20,5 miljoen) uitgevoerd. In totaal is een bedrag van € 92,4 miljoen uitgegeven en is € 5,0 miljoen niet tot besteding gekomen, o.a. doordat een deel van de uitvoering administratief niet meer in 2022 afgerond kon worden of is doorgeschoven naar 2023.

Tegemoetkoming COVID-19 In 2022 is voor sportverenigingen met een accommodatie in (gedeeltelijk) eigendom de Tegemoetkomingsregeling amateursportorganisaties (TASO) verlengd. Ruim 1100 sportverenigingen hebben hier gebruik van gemaakt. Particuliere verhuurders van sportaccommodaties en sportorganisaties die de huur aan sportverenigingen wilden kwijtschelden, konden in 2022 een beroep doen op de Tegemoetkoming Verhuurders Sportaccommodaties (TVS). Hiermee is de huur aan circa 800 organisaties kwijtgescholden. Voor de tegemoetkomingsregelingen is in 2022 € 83,1 miljoen beschikbaar gesteld. Hiervan is na beoordeling van de aanvragen TASO en TVS een bedrag van € 22,3 miljoen benodigd gebleken en aan sportverenigingen en verhuurders toegekend. Ook is een bedrag van € 3,5 miljoen aan uitvoeringskosten gemuteerd. Tevens is € 21,3 miljoen in de Najaarsbesluitvorming als onderbesteding aangemeld omdat dit deel van het tegemoetkomingsbudget niet nodig bleek.

In 2022 was voorzien dat ook de STIK-regeling zou worden uitgevoerd om de gemiste ticketinkomsten van topsportcompetities en -evenementen te compenseren. De notificatieprocedure bij de Europese Commissie loopt echter nog, waardoor de uitvoering van deze regeling is doorgeschoven naar 2023. Hierdoor is een bedrag van € 36 miljoen niet tot besteding gekomen.

Duurzame en toegankelijke sportaccommodatiesMet de subsidieregeling stimulering bouw en onderhoud sportaccommodaties is van de oorspronkelijke raming van € 75,8 miljoen in 2022 € 71,0 miljoen besteed voor de bouw of het onderhoud van sportaccommodaties en voor de aanschaf of het onderhoud van sportmaterialen. Dit is inclusief een budgettaire mutatie van € 6,9 miljoen voor bestedingen in Caribisch Nederland. Daarnaast heeft een beperkt aantal budgettaire mutaties plaatsgevonden van € 1,1 miljoen. Uiteindelijk is een bedrag van € 5,8 miljoen niet tot besteding gekomen doordat aanvragen uit de laatste periode van 2022 pas in 2023 tot betalingsverplichtingen leiden.

Opdrachten

Sportakkoord Vanuit de verschillende deelthema’s van het Sportakkoord is in 2022 via opdrachten ingezet op: Duurzame en toegankelijke accommodaties, Inclusief sporten, Vitale sportaanbieders en Topsport. In totaal is aan diverse opdrachten via betalingen € 0,6 miljoen uitgeven. Een bedrag van € 3,9 miljoen is niet tot besteding gekomen, hoofdzakelijk doordat het inregelen van ontzorgingstrajecten met betrekking tot adviezen in duurzaamheid meer tijd in beslag nam.

Bijdragen aan medeoverheden

Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties In 2022 is via de ‘specifieke uitkering stimulering sport’ € 192,2 miljoen ingezet voor de ontwikkeling en instandhouding van sportaccommodaties en de aanschaf van sportmaterialen door gemeenten. Hiertoe heeft bovenop de oorspronkelijke raming van € 185,3 miljoen een bedrag van € 8 miljoen via een technische mutatie (desaldering) in verband met afrekeningen regelingjaar 2021, een mutatie met betrekking tot de loonbijstelling (€ 4,2 miljoen) en een aantal budgettaire bijstellingen (minus € 5,3 miljoen) plaatsgevonden, waaronder een mutatie in het kader van de bijdrage aan het European Para Championship 2023 .

Sportakkoord In 2022 is aan de oorspronkelijke raming van € 10,2 miljoen via een aantal budgetmutaties, waarvan de belangrijkste de coalitieakkoordmiddelen, een bedrag van € 8,9 miljoen toegevoegd. Daarnaast heeft een kleine mutatie (minus € 0,1 miljoen) plaatsgevonden. De middelen zijn ingezet voor het uitvoeren van lokale en/of regionale sportakkoorden. Deze sportakkoorden zijn het aangewezen instrument om de ambities uit het Nationaal Sportakkoord vorm te geven. Zo werken 347 gemeenten met een lokaal/regionaal akkoord. Hiervoor is door gemeenten voor een bedrag van € 19,0 miljoen aanspraak gemaakt op uitvoeringsbudget, welke vrij kan worden besteed aan een of meer thema’s van het sportakkoord.

Tegemoetkoming COVID-19 Gemeentelijke verhuurders van sportaccommodaties die de huur aan sport verenigingen wilden kwijtschelden, konden een beroep doen op de Tegemoetkoming Verhuurders Sportaccommodaties (TVS). Vanuit de TVS is de huur aan circa 800 organisaties kwijtgescholden. Daarnaast is de Specifieke uitkering IJsbanen en Zwembaden (SPUK IJZ) uitgevoerd om de exploitatietekorten van zwembaden en ijsbanen in gemeentelijk beheer te dekken. In 2022 is op beide regelingen in totaal een bedrag van € 48,0 miljoen toegekend. Een bedrag van € 5,1 miljoen is niet tot besteding gekomen omdat dit deel van het tegemoetkomingsbudget niet nodig bleek.

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

Organisaties in de sportHet beschikbare budget van € 3,2 miljoen ter compensatie als gevolg van een wijziging op de wet kansspelen is via een budget neutrale mutatie binnen de sportbegroting toegevoegd aan de instellingsubsidie Topsport (vallend binnen de subsidie Sportakkoord).

Ontvangsten De hogere ontvangsten hebben hoofdzakelijk betrekking op de afrekeningen van de regeling specifieke uitkering stimulering sport 2020 (SPUK Sport), welke eind 2021 zijn vastgesteld en waarvan de terugontvangsten in 2022 hebben plaatsgevonden.

Licence