Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

3.8 Artikel 8 Defensie Ondersteuningscommando

Het Defensie Ondersteuningscommando (DOSCO) voorziet in een doelmatige en doeltreffende ondersteuning van de krijgsmacht. Het DOSCO draagt zorg voor de levering van ondersteunende diensten aan de krijgsmacht. Een groot deel van de ondersteuning levert het DOSCO zelf, een deel van de ondersteuning wordt geleverd door organisaties buiten het Ministerie van Defensie. Het DOSCO is daarbij de verbindende schakel tussen vraag en aanbod.

De Minister is verantwoordelijk voor een doeltreffende en doelmatige ondersteuning van de krijgsmacht.

Ten opzichte van de begroting 2020 zijn de gerelateerde uitgaven aan instandhouding infrastructuur verplaatst naar het Defensie Materieelbegrotingsfonds. Er wordt met het strategisch vastgoedplan verder ingezet op het weer op orde krijgen van de vastgoedportefeuille in samenwerking met het Rijksvastgoedbedrijf. Met de validatie van het strategisch vastgoedplan is gebleken dat de ramingen van het benodigde investeringsbudget en het instandhoudingsbudget nog altijd ruim boven het beschikbare budget blijven (Kamerstuk 34 919, nr. 64). Er wordt onderzocht welke handelingsperspectieven er zijn om de mismatch tussen de geraamde en beschikbare budgetten te verkleinen. Daarbij wordt kritisch gekeken naar ander en zo optimaal mogelijk gebruik van het vastgoed en naar de mogelijkheden om de footprint te verkleinen (Kamerstuk 34 919, nr. 55). Verder zijn er geen significante wijzigingen ten opzichte van de begroting van 2020.

Tabel 26 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 8 Defensie Ondersteuningscommando (bedragen x € 1.000)
 

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen

1.401.191

1.534.301

1.150.195

1.157.559

1.139.040

1.138.665

1.138.448

        

Uitgaven

1.393.756

1.538.640

1.150.195

1.157.559

1.139.040

1.138.665

1.138.448

Waarvan juridisch verplicht

  

67%

    
        

Opdrachten

133

8.800

     

- gereedstelling

133

      

- instandhouding materieel

 

8.800

     

Inkomensoverdrachten

34.444

50.422

60.769

65.635

48.528

48.593

47.099

- waarvan Nationaal Fonds Ereschuld

34.444

50.222

57.069

58.435

44.828

44.893

43.399

- waarvan reservering schadevergoedingen chroom 6 Defensie

 

200

3.700

7.200

3.700

3.700

3.700

        

Personele uitgaven

771.503

794.119

808.400

801.028

804.250

803.969

804.729

- waarvan eigen personeel

581.098

602.190

637.108

631.350

637.875

637.795

637.915

- waarvan externe inhuur

26.031

26.823

2.865

2.840

2.840

2.840

2.840

- waarvan overige personele exploitatie

150.599

152.071

154.732

153.143

149.020

150.299

150.939

- waarvan attachés

13.774

13.035

13.695

13.695

14.515

13.035

13.035

Materiële uitgaven

587.676

685.299

281.026

290.896

286.262

286.103

286.620

- waarvan instandhouding infrastructuur

413.376

410.276

     

- waarvan overige materiële exploitatie

168.563

265.803

273.742

283.612

278.978

278.821

279.338

- waarvan attachés

5.737

9.220

7.284

7.284

7.284

7.282

7.282

        

Apparaatsontvangsten

89.784

87.355

68.478

68.478

68.478

68.478

68.478

Met de huidige budgetten voor instandhouding en de vele benodigde (nood)reparaties is het moeilijk het noodzakelijk onderhoud te blijven plegen: er is al lange tijd sprake van een ongezonde balans tussen niet-planbaar en planbaar onderhoud. Hierdoor gaat de kwaliteit van het vastgoed verder achteruit. Daarom wordt een deel van het vrijgemaakte investeringsbudget besteed aan instandhoudingsmaatregelen op korte termijn (Kamerstuk 34 919, nr. 55). Daarnaast zal het IBO Vastgoed Defensie in 2021 voltooid worden. In het IBO Vastgoed zal onderzocht worden welke beleidsopties en vormgeving van het vastgoedmanagement helpen, parallel aan de objectgerichte revitalisering, om de komende 5 tot 10 jaar, een doelmatige, toekomstvaste, duurzame en compliant vastgoedportefeuille te realiseren en te houden.

Budgetflexibiliteit

Het aandeel «juridisch verplicht» heeft betrekking op de leveringen van goederen en/of diensten, waarvan overeenkomsten zijn aangegaan voor de financiële instrumenten «opdrachten, personele en materiële uitgaven». Bij de personele uitgaven wordt ervan uitgegaan dat het budget voor salarissen voor 2021 en bij inkomensoverdrachten, het Nationaal Fonds Ereschuld volledig verplicht zijn. Voor 2021 is 67% juridisch verplicht t.o.v. het totaal beschikbare budget.

Personele uitgaven

Personele uitgaven bestaan hoofdzakelijk uit salarissen, sociale lasten en uitgaven voor toelagen, woon-werkverkeer en inhuur van het personeel. De overige personele exploitatie bestaat uit opleidingen, werving, dienstreizen, internationale verhuizingen en overige personeelsgebonden uitgaven. De salarissen van het attaché personeel worden afzonderlijk gepresenteerd omdat deze uitgaven onder de internationale inzet (BIV) uitgaven vallen.

Materiële uitgaven

Onder materiële uitgaven worden de geraamde uitgaven voor overige materiële exploitatie en de attachés weergegeven. De uitgaven voor de overige materiële exploitatie bestaan onder andere uit catering, facilitaire dienstverlening, mediadienstverlening, gezondheidszorg, beveiliging, energie en water, schoonmaak en wereldwijd transport van personen en goederen.

Inkomensoverdracht

De uitgaven voor het Nationaal Fonds Ereschuld worden verantwoord bij het DOSCO onder het financieel instrument inkomensoverdrachten. Dit fonds is ingesteld voor militairen die een handicap, trauma of andere aandoening hebben opgelopen tijdens missies naar het buitenland. Hierin zijn de budgetten voor schadevergoedingen en regelingen voor schadevergoedingen voor veteranen ondergebracht.

Licence